21

REPORTAGE Het terras is opgetrokken uit arduin, een kalksteen die afkomstig is uit de Belgische Ardennen. De grote hazelaar van de buren draagt bij aan het volwassen gevoel. n Belgische steden zie je dit soort enge tuinen heel vaak”, weet de Vlaamse architect uit ervaring te vertellen. “Meestal worden ze omsloten door betonmuren, dat was hier ook het geval. Deze tuin is niet alleen 4,30 meter breed, maar ook nog eens 40 meter lang. Die markante vorm maakte dat ik het heel anders dan anders wilde aanpakken.” Na elke 6 meter zorgen blokken van haagbeuk (Carpinus betulus) dat de tuin deels wordt afgesloten. Het middenpad vormt de lange zichtlijn naar achteren toe. “Door de opdeling in compartimenten oogt deze tuin veel minder lang en smal. De repetitie zorgt dat er na elk segment een verrassing volgt. De grote vaste planten zorgen steeds voor beleving en attractie in de afzonderlijke segmenten. Vanaf het terras dat aansluit bij de woning, hebben de eigenaren een waanzinnig zicht naar achteren toe.” Vanaf het huis volgt een lange, aangename wandeling naar achteren. Een wandeling die deze mensen geregeld moeten maken om de achterpoort of vuilnisbakken te bereiken. Karaktervol & dominant Van tuinieren hadden de tuineigenaren geen kaas gegeten, daarom kreeg Chris in de beplanting de vrije hand. “Omdat we 46 G R O E I&BL O E I–JU LI/A U G USTUS–2018 I het moesten doen met weinig meters, heb ik geprobeerd om planten te kiezen die per vierkante meter een gigantisch effect geven. Macleaya (pluimpapaver) is zo’n karaktervolle vaste plant. Hij heeft mooi, grillig blad en wordt wel 2 à 3 meter hoog. Daar heb ik bij het uitkiezen het meest op gelet: dat er voldoende afwisseling zat in het blad. Dat de grassen, groot blad en klein blad elkaar steeds afwisselen. Geranium en Astrantia zal ik nooit naast elkaar zetten; de bladeren lijken te veel op elkaar.” Macleaya woekert een klein beetje, maar dat ziet de tuinarchitect eerder als een voordeel dan als een nadeel. Sterker nog, de meeste planten zijn uitgekozen op hun dominante karakter. “De planten die hier groeien komen elk jaar betrouwbaar terug, neem maar een Persicaria of een Geranium. Ik heb liever dat ze na een jaar of vier een keer gesplitst moeten worden dan dat ze steeds vervangen moeten worden.” De tuineigenaren krijgen van de architect altijd een plantenlijst mee met daarop een omschrijving van hoogte, bloeitijd en kleur, maar ook de verzorging. Hierop staat bijvoorbeeld vermeld dat de planten elke drie à vier jaar gescheurd moeten worden. “Begrijp me niet verkeerd, er staan geen woekeraars in deze tuin. Aster ageratoides ‘Harry Schmidt’ bijvoorbeeld vind ik prachtig, maar ik heb deze bewust niet

22 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication