27

TUINIEREN Een goed aangelegde tuin vliegt je niet naar de keel Naam: Herma Labberton (86), voormalig tuinontwerpster en eigenaar adviesbureau voor tuin en landschap. Lid Groei & Bloei: 66 jaar. Ze bekleedde meerdere bestuursfuncties, zowel lokaal als landelijk. ‘Een hobbelig grasveld, brandnetels, een berenklauw ... Hier luistert het allemaal niet zo nauw. Ik bewoon een klein landgoed met 7 hectare bos en water. Maar niet alleen, hoor. Op de natuurlijke vijver heb ik onderhuurders: wilde ganzen, die daar in het voorjaar een huwelijksmarkt houden. Ook is het een thuis voor vogels, padden - en een heleboel muggen. En die gaten in het gras? Die graaft vriendje das, uit de dassenburcht verderop, op zoek naar voedsel. In een kleine tuin is natuurlijk elke millimeter van belang; dat weet ik als voormalig tuinontwerpster. Maar groot of klein, mijn advies was bij elke tuin hetzelfde: leg ’m goed aan, dan vliegt hij je later niet naar de keel. Richt je op de omstandigheden en de grond, en pas je plan aan als dat nodig is. Nadat ik een reetje onze rode tulpenbloemen zag opsmikkelen, plantten mijn man Dick en ik narcissenbolletjes. Die lusten ze niet. Bovendien verwilderen de bolletjes en hoeven na de bloei niet te worden opgegraven.’ Zet de juiste plant op de juiste plek ‘Doen je planten het niet? Probeer te achterhalen waarom ze het niet naar hun zin hebben. Zo gedijen heideplanten niet op klei en zijn grote groepen hosta’s in trek bij slakken. Gebruik je verstand en zeker geen gif. Zet je heide dan in een pot en kies als hostafan voor een soort die de slakken niet als liefhebberij beschouwen. Je hoeft dat niet alleen uit te vogelen. Win raad in over de juiste planten, de goede plek en gewenste zorg. Betrek er een professional bij of volg een groencursus bij Groei & Bloei. Kom je terecht in een bestaande tuin, zie het dan een jaartje aan. Waar komt de tocht vandaan, waar staat de zon en hoelang? En zoek dan pas planten uit. Als je planten naast elkaar zet die een mooi geheel vormen, opeenvolgend bloeien of in het najaar prachtige herfstkleuren geven, is er altijd wat te beleven in je tuin.’ Heb geduld en incasseer ‘Zijn er kleine kinderen, ga dan niet voor een vijver of vogeldrinkbak. Plant ook niets giftigs, zoals het peperboompje. Waarom mogen ze de mooie rode besjes ervan niet eten en die even felgekleurde uit de moestuin wel? Met een eigen groentetuintje geef je ze ruimte om bijvoorbeeld hun naam in sterrenkers te zaaien en te leren dat een wortel niet verder groeit als je hem steeds uit de grond pakt om te kijken hoe ver die al is. Geduld is immers voor iedere tuinier, jong of oud, essentieel. En incasseringsvermogen, hoe moeilijk ook! Op mijn dagelijkse boswandelingen raakt mij elke door de wind afgerukte tak. Die ruim ik meteen op. Nog altijd hou ik van hard werken in de tuin, ook al moet ik dat de volgende dag met spierpijn bezuren. Mij wordt dan weleens voorzichtig gevraagd of ik op mijn 86ste niet beter achter de geraniums kan gaan zitten. Oóit misschien. Maar dan wel achter zelfgekweekte.’ u G R O E I&BL O E I– OK T OB E R –2018 65

28 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication