23

PLANTEN Plantgaten Planten die je in een tuincentrum of bij een kwekerij koopt, zijn vaak gekweekt in potgrond. Potgrond bevat veen en heeft zo’n andere structuur dan klei dat de wortels vaak moeite hebben om in de omringende kleigrond te groeien. Ook trekt potgrond het water uit de klei naar zich toe, waardoor het plantgat een badkuip wordt. Dit kun je voorkomen door de zijkanten van het plantgat goed los te maken en de uitgegraven klei eventueel te mengen met wat bemeste tuinaarde of potgrond. Als je het plantgat weer dichtgooit met dat mengsel, is de overgang voor de plantenwortels wat geleidelijker. Voor lichte kleigrond, die redelijk gemakkelijk te bewerken is, is het vinden van geschikte planten niet moeilijk. Heel veel soorten doen het daar goed op, behalve soorten die echt op arm zand of veen thuishoren, zoals heidetuinsoorten (bijvoorbeeld Pieris, Gaultheria en andere Ericaceae). Voor zware klei is het lastiger. Zware klei is zodanig ‘kleverig’ dat je ermee kunt kleien: als je er een worstje van rolt, valt het niet uit elkaar. Omdat spitten en verplanten op zware klei lastig is, hebben meerjarige, langlevende planten (bomen, heesters, rozen, klimplanten en vaste planten) de voorkeur. Het vroege najaar is een uitstekend moment om deze te planten. Wil je bloembollen, kies dan bij voorkeur soorten waar ‘geschikt voor verwildering’ bij staat. Deze hoeven niet jaarlijks uit de grond gehaald te worden. Voor een gazon op klei is het aan te raden om er stapstenen in te verwerken. Dan hoef je er niet op te lopen als het geregend heeft. u Margareth Hop Margareth Hop is professioneel veredelaar van bomen, heesters en vaste planten. Ze is altijd op zoek naar bijzondere eigenschappen die planten extra waardevol maken. Welke soorten kunnen op de moeilijkste plekken groeien? En welke planten doen wat extra’s voor onze leefomgeving? G R O E I&BL O E I–APR I L–2019 67

24 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication