142

Noch het kneedbare materiaal, noch de klei heeft ook maar iets in de melk te brokkelen, veronderstel, dat het materiaal het voor het zeggen had, dan zou het allemaal wel tot eervol gebruik willen dienen. De boetseerder en de pottenbakker beslissen echter zelf wat zij van hun materiaal willen maken en dat kan tot eervol of tot oneervol gebruik zijn. Bij God is het niet anders. Hij maakt instrumenten (NBG voorwerpen) van toorn toebereid tot destructie/vernietiging, die Hij met veel geduld draagt (NBG verdraagt), en Hij maakt instrumenten van barmhartigheid, welke Hij van tevoren gereedmaakt tot Heerlijkheid en dan komt Paulus tot de ongelooflijke uitspraak: En dat zijn wij! Degenen, die zich ervan bewust zijn een instrument in Gods hand te zijn en dit ook aanvaard hebben, zullen totaal geen moeite hebben, want zij hebben enig inzicht gekregen in Gods raadsbesluiten boulêma, zijn niet geopenbaarde wil en zullen zich uitstrekken om naar Zijn geopenbaarde wil thelêma te leven. Voor degenen, die door God tot instrument van toorn gemaakt zijn tot destructie ligt het anders. Zij hebben er geen flauw benul van wat God aan het doen is, het maakt ze ook niet uit, want ze willen niets met Hem te maken hebben. Zij zijn ongelovig en zullen dit dan ook niet als onrechtvaardig ervaren. Bij alles wat op onze weg komt zou een gelovige zich het beste kunnen afvragen wat Gods geopenbaarde wil thelêma hierover zegt. Is er niets over geschreven, dan is het zo, dat je toch vanuit wat je van God aan kennis ontvangen hebt een bepaalde conclusie kunt trekken of je iets wèl of beter niet kunt doen. Over al onze te nemen beslissingen kunnen wij praten met God en zijn woord raadplegen, zodat Hij ons de intelligentie (NBG inzicht) kan geven, die Hij in 2 Timótheüs 2:7 belooft. Mochten wij achteraf naar ons idee toch de verkeerde beslissing genomen hebben, dan mogen wij ervan overtuigd zijn, dat dit toch naar Gods bedoelen boulomai geweest is en zal samenwerken ten goede, omdat wij God liefhebben, omdat wij naar zijn voornemen, Grieks prothêsis, geroepenen zijn, Romeinen 8:28. 141

143 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication