155

In vers 20 schrijft Paulus: Jullie echter niet, jullie is de Christus geleerd, jullie hebben van Hem gehoord en zijn in Hem onderwezen, zoals waarheid is in Jezus. Het zou toch wel heel erg zijn, indien wij ondanks alles wat wij weten, toch zouden blijven steken bij een wandel, zoals ook de naties wandelen, hoe kan een ongelovige dan nog zien of horen, dat wij van Hem zijn? Indien wij tot de ontdekking komen hoe genadig God zich aan ons heeft betoond, dan is het toch vanzelfsprekend, dat onze wandel hierdoor een volledige omwenteling ondergaat, mede omdat onze denkzin door de geest verjongd wordt. Romeinen 13:12 De nacht schrijdt voort, de dag echter nadert, leg dan de werken der duisternis weg, doe echter de werktuigen van het licht aan. Ook hier staat duisternis tegenover licht. Wegleggen is in het Grieks vanaf plaatsen, dus plaats je vanaf de werken der duisternis, blijf er van weg. Aandoen is in-slippen, dus de werktuigen des lichts er in laten slippen, alsof het de gewoonste zaak van de wereld is, een vanzelfsprekendheid. 1 Thessalonicenzen 5:4-6 Maar jullie, broeders, zijn niet in de duisternis, zodat die dag jullie als een dief zou overvallen, want jullie zijn zonen van het licht en zonen van de dag. Wij behoren niet aan nacht en duisternis toe. Om Zijn plannen uit te voeren heeft God mensen nodig, die aan het licht toebehoren en mensen, die tot de duisternis behoren. De laatsten zijn zich gelukkig niet van hun situatie bewust en leven gewoon hun eigen leven en zullen later merken, dat ook zij door het bloed van Gods Zoon vrijgekocht zijn, en dat hun werken Gods doel dienden, nu willen ze hier echter nog niets over horen. Wij weten wèl dat wij geroepen zijn vanuit dezelfde duisternis en overgeplaatst zijn, zonder enige verdienste van onze kant, naar het koninkrijk van het licht, dan is het eigenlijk een logisch gevolg, dat wij gaan letten op wat wij doen en ons niet laten beïnvloeden door degenen, die in duisternis leven. Het is niet de bedoeling, dat wij ongelovige mensen hierop aanzien, ons past slechts hen lief te hebben, wetend, dat God de tegenwerker volmacht heeft gegeven deze mensen voor een bepaalde tijd onder zijn controle te mogen houden. 154

156 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication