162

God, de Vader, laat ons bewust kwaad overkomen omdat Hij dat nodig vindt, bijvoorbeeld om ons te richten op onze toekomst in Heerlijkheid en niet langer gericht te zijn op de tegenwoordige boze eon. Wij laten ons zomaar door ieder willekeurig mens die iets over ons zegt, in de luren leggen en hebben helemaal niet in de gaten, dat alle mensen beheerst worden door de geest van de tegenstander, zoals wij besproken hebben. Dit laatste betekent, dat wij niet met ons vlees of bloed moeten reageren op mensen, maar geestelijk stand kunnen houden voor degene, die achter die mens schuil gaat. Het is een gelovige onwaardig om welk mens dan ook, hetzij gelovig, hetzij ongelovig, ergens op aan te zien. Bovendien moeten wij niet vergeten, dat geen enkel mens noch enige volmacht ons iets kan aandoen dan door de macht van God, die het nodig vindt, dat wij door de tegenwerker beproefd worden. Niet voor Zijn plezier, maar om ons weerbaar te maken, zodat wij door middel van onze hele wapenrusting van God in vrede en rust kunnen leven. Ook kunnen wij niet zomaar een oordeel vellen over broeders en zusters, waarvan wij denken, dat ze iets wel of niet gedaan zouden hebben. Wij kunnen geen beschuldigingen uiten en als voorbeeld werd dan wel eens gezegd, dat als je met één vinger naar iemand wijst, er dan drie naar jezelf wijzen. Maar veel erger is, dat je ingaat tegen Gods geopenbaarde wil. In Romeinen 8:33,34 staat: Wie dan ook zal uitverkorenen Gods omlaag aanklagen? God is het, die rechtvaardigt; wie dan ook zal veroordelen? Al is je beschuldiging nog zo klein, je gaat ermee wel in tegen Gods geopenbaarde wil, het is God zelf die rechtvaardigt. Onze veroordelingen en beschuldigingen zijn onrechtvaardig. De wapenrusting van God dient dus tot ons eigen voordeel, zodat het onbegrijpelijk is, dat wij de helft in de kast laten hangen, temeer omdat de tegenstander gebruik maakt van soevereiniteiten, gevolmachtigden, namens hem, wereldmachten van deze duisternis en geestelijke machten van de boosheid. Iedere gelovige kan wel begrijpen, dat tegen deze vier machtige organisaties van de tegenstander zonder de hele wapenrusting aan te trekken niets valt te verdedigen. 161

163 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication