225

Ons, die Hij tevoren gekend heeft, heeft Hij ook tevoren bestemd tot gelijkvormigheid aan het beeld van Zijn Zoon. Vanzelfsprekend willen wij allemaal wel gelijkvormig worden aan het beeld van Zijn Zoon in Heerlijkheid, Romeinen 8:29, maar voorlopig vraagt Vader ons eerst gelijkvormig te worden aan het beeld van Zijn Zoon in het lijden. Paulus zegt het in Filippenzen 2:5 zo: Laat die gezindheid in u zijn, welke ook in Christus Jezus was. Wij weten toch dat ons niet alleen de genade is verleend Christus te geloven, maar ook voor Hem te lijden, Filippenzen 1:29. Heel de schepping lijdt, wat wij dagelijks kunnen zien op de televisie. Niet vrijwillig, maar omdat God, Theos, de Plaatser, de schepping hieraan onderschikt heeft. Meer dan 20 miljoen mensen zijn elke dag op de vlucht en die niet kunnen vluchten worden genadeloos afgeslacht. Hele volken gaan gebukt onder aids, wat weer overdraagbaar is op hun nageslacht. Als wij naar het lijden van deze verworden wereld kijken, dan is ons lijden waar wij onze mond van vol hebben slechts een peuleschil en toch heeft God, de Vader, nu juist ons bestemd tot de stand van zoon. Weliswaar wordt de hele schepping Heerlijkheid beloofd, doch zij weet nog van niets en kijkt alleen maar naar wat voor ogen is en dat is hopeloos! Wij zijn niet hopeloos, want wij hebben een levende verwachting, omdat wij wachten op het zoonschap, de vrijkoping van ons lichaam, zoals Paulus dit omschrijft in Romeinen 8:23, om te delen in Zijn Verheerlijking. Lijden en Heerlijkheid zijn beiden genadegaven! Waarbij het tegenwoordige lijden absoluut niet opweegt tegen de Heerlijkheid, die op het punt staat over ons geopenbaard te worden. In de brieven van Paulus wordt 77 maal over Heerlijkheid gesproken. Dit is toch wel een aanwijzing, dat God, onze Vader, wil, dat wij hierop onze aandacht vestigen, zodat wij kunnen leven tot eer en verheerlijking van Hem! Efeziërs 5:1 Wordt dan nabootsers van God, als geliefde kinderen. 224

226 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication