25

Verzoeken, Grieks aiteõ is verzoeken (4 maal) Is al behandeld en werpt geen nieuw licht op ons onderwerp, zie bladzijde 9. Vragen, Grieks erõtaõ is guts verzoeken (4 maal) Als je deze vier vindplaatsen erop naleest blijkt dat Paulus geen vragen aan God stelt maar aan de broeders. 1 Thessalonicenzen 5:12 Wij vragen u broeders, hen, die onder u zich moeite getroosten, die u leiding geven in de Here en u vermanen, dienstbetoon, te erkennen, en hen zeer hoog te schatten in liefde, om hun werk. 2 Thessalonicenzen 2:1 Wij vragen u, broeders, met betrekking tot de komst van onze Here Jezus Christus en onze vereniging met Hem, dat gij niet spoedig uw bezinning verliest of in onrust verkeert. Paulus vraagt niet voor zichzelf aan de broeders om voorbede, gebed, smeekbeden of verzoeken aan God, de Vader, te richten om zijn lijden te verzachten of om niet nog eens de veertig min één slagen te moeten ondergaan. Ook niet voor een betere nachtrust, eten, kleding, hem te bevrijden uit gevangenschap of om niet weer schipbreuk te moeten lijden, enz. Paulus begeerde geen aardse zegen, maar zag uit naar de geestelijke zegeningen temidden der hemelingen en was ervan verzekerd dat er niets buiten God om kon gebeuren, alles onder Zijn controle was en dat het lijden behoorde tot zijn hoge roeping, de stand van zoon! Bovendien wist hij maar al te goed, dat zelfs Gods eigen Zoon gehoorzaamheid heeft geleerd door wat Hij heeft geleden, hierdoor werd de Zoon namelijk volkomen gemaakt, Hebreeën 5:8,9. Er was en er is geen andere weg om volkomen gemaakt te worden dan door lijden heen en daarom hoeven wij niet aan God, onze Vader, te vragen lijden weg te nemen, maar Hem te danken dat Hij ons waardig acht te mogen lijden! Aanroepen, Grieks epi kaleõ is op roepen (6 maal) Romeinen 10:12-14 Immers, één en dezelfde is Heer over allen, rijk voor allen, die Hem aanroepen; want: al wie de naam des Heren aanroept, zal gered worden. 24

26 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication