260

Vrede begint dus met je te verheugen en eindigt met danken en dan zit daar nog het een en ander tussen, maar met die twee kom je al een heel stuk dichter bij de vrede van God. Niet te geloven joh, die vrede is superieur aan heel onze denkzin, vers 7. Hij is echt nabij en je hoeft je geen zorgen te maken, ga kijken wat Hij allemaal al in je leven heeft gedaan. Hij wil jou door alle ellende heen gereed maken tot dienstbetoon. Zou je dat niet graag willen? En zo ja, dan zal Hij je hart en je gedachten verzekerd bewaren in Christus Jezus! Indien Paulus, net als wij, buiten zijn dienstbetoon om ook van alles voor zichzelf zou vragen dan zou zijn waslijst behoorlijk lang zijn geweest in de noodlijdende situatie waarin hij verkeerde, 2 Corinthiërs 11:23-29. Over voedsel heeft Paulus trouwens ook nog iets geschreven en wel in: 1 Timótheüs 4:3-5 Want alles wat God geschapen heeft is goed en niets daarvan is verwerpelijk als het met dank genomen wordt, want het wordt geheiligd door het woord van God en voorbede. Wij hoeven niet te vragen of ons voedsel mag dienen tot versterking van ons lichaam, omdat voedsel hiertoe normaal gesproken dient en dank aan Hem het enige is wat wij kunnen uitspreken. Paulus is dan ook ons voorbeeld in Handelingen 27:35, waar hij brood nam, dankte, het brak en begon te eten. Zo ook de Here Jezus in 1 Corinthiërs 11:24, echter dan met de toevoeging dat het Zijn lichaam betrof dat voor ons gebroken werd. Door het overmatige gebruik zou je haast gaan denken dat voedsel tegenwoordig veelal niet meer tot versterking van ons lichaam, doch tot verzwakking hiervan dient en wij daardoor ook veel meer ziektes oplopen dan vroeger bij het volk Israël het geval was. God heeft dan ook in verschillende situaties, zoals bij de tocht door de woestijn bijvoorbeeld, bepaalde rantsoenen voorgeschreven. De Israëlieten begonnen te morren en wilden liever terug naar de vleespotten van Egypte waar ook voldoende brood was. 259

261 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication