32

Je moet (zoals gezegd) van rechts naar links in het Hebreeuws lezen: • God is de Alef, daar begon het mee. • En dan krijg je: Hij, die Zijn schepping ontwerpt en bouwt. • En uiteindelijk woont Hij ook daadwerkelijk in Zijn schepping. Hij was vóór de schepping alles in Zichzelf. En aan het eind van het verhaal – aan het eind van de tijdperken of aeonen van de hele historie – is Hij alles in allen. Dus dan heeft Hij de hele familie – dat wat Hij voortgebracht heeft in de oude én in de nieuwe schepping – tot een goed einde gebracht! Dat is ‘Abba’. God, die wij zo mogen noemen, staat garant voor de goede afloop van heel de schepping. In de liefde drukt God uit wie Hij ís, namelijk een Vader voor heel Zijn schepping. Dat is feitelijk het kloppende hart. En hier staat in het Hebreeuws, voor degenen die niet elke dag Hebreeuws lezen, het woord ‘ahav’. Dat is het woord voor liefde. In de hele historie van de aeonen, waarin goed en kwaad allemaal een rol speelt, is Hij de Beschikker, Hij beschikt alles. We begrijpen er soms – of heel vaak, of meestal, of bijna altijd – niets van, maar Hij maakt geen fouten want Hij is GOD.

33 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication