19

8 (want Hij, die in Petrus inwerkt tot apostelschap van de besnijdenis, werkt ook in, in mij, tot dat voor de natiën) 9 en wanneer zij de genade weten, die aan mij gegeven wordt, geven Jakobus, Kefas en Johannes, die steunpilaren schijnen te zijn, aan mij en Barnabas de rechterhand van gemeenschap: opdat wij tot de natiën, en zij tot de besnijdenis [zouden gaan]. Rechtstreeks van Christus Dat de Twaalf in aanzien waren, omdat zij met de Heer op aarde hadden gewandeld, was menselijkerwijze gezien logisch. Ook zaken als dat Jakobus “de broeder des Heeren” was (1:19), droegen hier aan bij. Maar voor Paulus waren die dingen niet van belang. Het stelde hun apostelschap niet boven dat van hem. Ook hadden zij niets aan hem voorgelegd. Zijn bediening kwam rechtstreeks van Christus Jezus. Harmonie En daar is overeenstemming over met de Twaalf. Jakobus, Kefas (>Petrus) en Johannes bevestigen deze bediening van Paulus door hem de broederhand te schudden: de rechterhand van gemeenschap. De Twaalf zouden zich tot het Joodse volk wenden met het evangelie van de besnijdenis. Let op dat het hier niet gaat om een beperking door landsgrenzen (Israël), maar door godsdienst (>besnijdenis). Ook toen woonden er al vele Joden in het buitenland. Maar de bediening van Paulus is onbeperkt. Niet gehinderd door welke begrenzing dan ook. Paulus zou tot de natiën gaan, alle natiën, zonder onderscheid. De bediening van Paulus is all inclusive, net als zijn evangelie! 17

20 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication