0

REGIONALE AGENDA 2023-2024 & BEGROTING 2023-2026 06-07-2022

In het kort ONZE GEZAMENLIJKE VISIE OP DE GROENE METROPOOLREGIO ARNHEM-NIJMEGEN Horizon ONZE GEZAMENLIJKE AMBITIE: • we positioneren ons als dé groene metropoolregio van Nederland • we profileren ons als dé (inter)nationale circulaire topregio 2050 • we werken samen aan dé ontspannen groeiregio in balans Hiervoor werken we als regio samen: Fundament WE WERKEN SAMEN AAN HET BEHOUD VAN DE IDENTITEIT VAN DE REGIO: • we zetten ons in voor een gevarieerd cultuurlandschap • we houden de regio bereikbaar voor alle vervoersmiddelen • we ontwikkelen de culturele netwerken in de regio Heden WE WERKEN SAMEN AAN DE ONTWIKKELING VAN DE REGIO: • we ontwikkelen de regio als compleet stedelijk netwerk • we ontwikkelen Energy, Food, Health en Hightech als topsectoren • we benutten talent en het menselijk kapitaal in de regio Perspectief WE WERKEN SAMEN AAN DE KOERS VAN DE REGIO: • we maken onze regio veerkrachtig voor klimaat en energie • we zetten breed in op de circulariteit van onze economie • we werken aan een vitale en ontspannen leefomgeving 2

INHOUDSOPGAVE VOORWOORD 1. INLEIDING 2. GEBIEDSGERICHT WERKEN EN MAJEURE OPGAVEN 3. SAMENWERKING Bestuursakkoord en Investeringsagenda Verstedelijkingsstrategie Arnhem Nijmegen Foodvalley Samenwerking met Rijk, EU, Duitsland: Public Affairs vanuit de opgaven Samenwerking binnen de opgaven 4. VERBONDEN REGIO Speerpunt 1: Gebiedsgerichte corridors Speerpunt 2: Fiets Speerpunt 3: Hubs en knooppunten 5 6 8 10 10 10 10 11 12 14 17 19 Speerpunt 4: Gedrag en duurzame mobiliteit 21 Speerpunt 5: Verkeersveiligheid 5. PRODUCTIEVE REGIO Speerpunt 1: Stimuleren Ondernemerschap MKB Speerpunt 2: Human Capital Speerpunt 3: Doorontwikkeling Health & Hightech en Energy tot (inter)nationale clusters Speerpunt 4: Toekomstbestendige werklocaties 6. CIRCULAIRE REGIO Speerpunt 1: Circulaire bouw en infrastructuur Speerpunt 2: Circulaire economie: grondstoffen en ketens Speerpunt 3: Water en klimaatadaptatie 23 26 29 30 32 34 Bijlage 1: Kerngegevens 36 38 40 41 Speerpunt 4: Transitie naar duurzame energie 43 Bijlage 2: Deelnemende gemeenten GMR – The Economic Board – Circulaire regio 82 Bijlage 3: Inwoneraantallen per gemeente Bijlage 4: Volledig overzicht van gemeenten en hun bijdragen 2023 83 84 81 7. ONTSPANNEN REGIO Speerpunt 1: Duurzaam toerisme Speerpunt 2: Bruisende binnensteden, krachtige kernen Speerpunt 3: Groen-blauw raamwerk Speerpunt 4: Cultuur en erfgoed 8. GROENE GROEIREGIO Speerpunt 1: Wonen in Balans: Versnellen van de woningbouw Speerpunt 2: Leefomgeving: Verbinden van de ruimtelijke opgaven 9. BEDRAG HEFFING VENNOOTSCHAPSBELASTING 10. PARAGRAFEN 10.1 Paragraaf 1: Risico’s en weerstandsvermogen 10.2 Paragraaf 2: Financiering 10.3 Paragraaf 3: Bedrijfsvoering 10.4 Paragraaf 4: Verbonden partijen 11. BEGROTING GROENE METROPOOLREGIO ARNHEM-NIJMEGEN 2023-2026 11.1 Het regiobureau 11.2 De vijf opgaven 11.3 Totaaloverzicht baten en lasten begroting per taakveld 11.4 Geprognotiseerde balans 11.5 De ontwikkeling van het EMU saldo 65 66 66 67 67 68 69 70 72 78 79 80 46 49 51 52 53 56 59 61 3

4

VOORWOORD Voor u ligt de regionale agenda 2023-2024 en begroting 2023-2026. Vorig jaar is de regionale agenda voor 2022, samen met de éénjarige begroting, vastgesteld. Wij presenteren nu de eerste meerjarige agenda. Hiermee komen wij tegemoet aan de wens om de uitvoering van de gezamenlijke ambities vast te leggen in een meerjarige agenda. Onze regionale samenwerking is een opgavegerichte samenwerking. De agenda is opgebouwd uit de vijf opgaven, aangevuld met de regio-organisatie (bedrijfsvoering). De financiële vertaling van de ambities is in de meerjarenbegroting 2023-2026 opgenomen. De meerjarige agenda loopt samen met de eerste jaren van de nieuwe bestuursperiode. De nieuwgekozen achttien gemeenteraden hebben gebruik gemaakt van de uitnodiging om een zienswijze in te dienen. Dit heeft er mede voor gezorgd dat de concept-regionale agenda is aangescherpt en een looptijd heeft gekregen van twee jaren. De nieuwe energie en de overtuiging van de meerwaarde van onze regionale samenwerking, die in periode 2019-2022 is ontstaan, wordt met deze ambitieuze meerjarige agenda versterkt. Met vriendelijke groet, namens het algemeen bestuur van de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen, Hubert Bruls Voorzitter 6 juli 2022 5

1. INLEIDING In de regionale agenda voor 2023-2024 geven wij aan wat de doelen zijn die we met regionale samenwerking in deze periode willen bereiken en wat de bijdrage van de Groene Metropoolregio is om dit te realiseren. Onze ambitie blijft ongewijzigd: we zijn een bloeiend stedelijk netwerk, zonder de overdruk van de Randstad. Dat willen we zo houden. We verwachten dat onze regio nog verder zal groeien; in inwoners, in werkgelegenheid en in mobiliteit. We hebben een forse woningbehoefte van circa 35.000 extra woningen tot 2030. We zetten in op blijvend werk en huisvesting voor onze inwoners. We zien ook dat onze gekoesterde leefkwaliteit bedreigd wordt als we niet gezamenlijk sturen op de groei die op ons afkomt. We willen daarom op regionaal niveau samenwerken, met de deelnemende gemeenten en onze partners: hoe leiden we de groei gezamenlijk in goede banen, zodat de balans tussen stedelijke ontwikkeling en ontspannen leefkwaliteit in de regio behouden blijft? Daarom: groene groei! Het opgavegericht samenwerken blijft uitgangspunt van onze samenwerking. In vijf opgaven werken we aan onze ambities. Met een integrale aanpak in samenwerking met diverse overheden én met onze private en maatschappelijke partners. Onze opgavegerichte samenwerking ondersteunt deze beweging naar samenwerking in allianties. De opgaven van de Groene Metropoolregio bieden focus op concrete speerpunten vanuit een integrale blik. De Verbonden regio, de Productieve regio, de Circulaire regio en de Ontspannen regio combineren ieder een aantal beleidssectoren en domeinen met elkaar. De Groene groeiregio zet juist de integrale samenwerking en integrale afweging van ruimteclaims in de leefomgeving centraal, en adresseert zo de kernambitie van de visie. De Groene groeiregio is daarmee integrerend van karakter. We pakken de opgaven in samenhang op. Dat is de kracht van onze werkwijze: vanuit verschillende invalshoeken werken we aan de maatschappelijke opgaven en versterken we elkaars acties. AGGLOMERATIEKRACHT EN LOBBY Door samen integraal aan onze opgaven te werken, versterken we onze agglomeratiekracht: over vijf jaar is de Groene Metropoolregio zichtbaar als (inter-)nationaal toonaangevende regio op het gebied van circulaire verstedelijking en landschap. Het beter benutten van onze agglomeratiekracht stelt ons in staat steun voor onze regionale ontwikkeling te organiseren. Naast de positionering van onze regio als dé groene metropoolregio van Nederland vormen profilering en lobby de dragers van de Public Affairs-strategie. We richten onze inzet op Brussel, Den Haag en Nordrhein-Westfalen. Richting Europa zetten we onverminderd in op de EU-relevante thema’s Energy, Mobility, Circular en Health & Hightech. Met initiatieven en stakeholders uit deze regionale agenda werken we aan Europese profilering, partnerschappen en projecten. De regio zoekt samenwerking met Europese regio’s, Europese Commissie en het Europees Parlement om kennis op te halen, dicht op Europese ontwikkelingen te zitten en om aanspraak op middelen te maken. Voor het Rijk wordt ingezet op het vergroten van de zichtbaarheid en lobby. Veel regionale speerpunten kunnen alleen gerealiseerd worden met actieve steun van het Rijk. Er zijn voor Den Haag daarom 6 lobbydoelen opgesteld die rechtstreeks uit de opgaven komen: 1. Betaalbaar wonen in een groene omgeving (Verstedelijkingsakkoord). 2. Meer woningen vraagt meer landschap. 3. Circulair bouwen op grote schaal. 4. 100.000 nieuwe inwoners vraagt om slimmere mobiliteit (spoorcorridor en hubs). 6

5. Energy: decentrale energiesystemen en innovatievermogen (Connectr). 6. Health & Hightech: campus- en clusterfaciliteiten voor innovatievermogen gezondheid en Artificial Intelligence. Daarnaast worden landelijke ontwikkelingen gevolgd voor de andere speerpunten. In samenwerking met Duitse stakeholders wordt gewerkt aan (euregionale) projecten en partnerschappen. Met andere metropoolregio’s en partners over de grens werken we aan een internationaal spoor/euregionaal mobiliteitsplan en de ontwikkeling van samenwerking op energie, circulariteit en een grensoverschrijdend groenblauw raamwerk. OPGAVEN: DOELEN OVER VIJF JAAR, SPEERPUNTEN EN BIJDRAGE VAN DE REGIO In deze agenda hebben we voor elk van de vijf opgaven beschreven wat we over vijf jaar willen bereiken en wat we als regio daarvoor doen om deze doelen te realiseren. Als regio hebben we verschillende rollen. We zien onze rol vooral als verbindende schakel tussen verschillende partijen, netwerken en initiatieven. We signaleren waar de energie, initiatieven en activiteiten in de regio zitten, die onze gezamenlijke doelen dichterbij brengen. We scheppen de randvoorwaarden om deze tot bloei te laten komen en organiseren dat wat kansrijk is, ook gerealiseerd kan worden door en met onze partners. We zorgen dat we weten waar op provinciaal, nationaal of Europees niveau middelen beschikbaar zijn om onze doelen te realiseren. En we organiseren dat we die middelen daar ook voor kunnen aanboren. We helpen gezamenlijke kaders tot stand te brengen, zodat gemeenten hun eigen activiteiten beter en gerichter kunnen realiseren. Denk daarbij aan het verstedelijkingsconcept, het Regionale Programma Werklocaties (RPW), de Regionale Energie Strategie (RES) en het groen-blauw raamwerk. 7 Een dergelijke rol brengt ook uitdagingen met zich mee. Zo is het belangrijk dat er bij gemeenten voldoende kwantitatieve en kwalitatieve capaciteit is om wat op regionaal niveau wordt ontwikkeld, op gemeentelijk niveau te vertalen. Ook daar helpen we bij met bijvoorbeeld de flexpool vanuit de Woondeal. Wij zien dat daar ook bij andere opgaven, zoals de Verbonden regio, vraag naar is. Willen we in deze behoefte voorzien en wat betekent dit dan voor de regionale samenwerking en het regiobureau? Hierin moeten we de komende jaren afwegingen maken. INTEKENEN OP OPGAVEN DOOR GEMEENTEN Als een gemeente besluit mee te doen aan een opgave, dan tekent het college, na het besluit van de gemeenteraad, hiertoe een opgaveovereenkomst. Hiermee zegt de gemeente toe de benodigde middelen ter beschikking te stellen voor de komende twee jaar. De basis voor deze overeenkomst ligt in artikel 27 van de Gemeenschappelijke Regeling. In de overeenkomst staan doel van de samenwerking, de bijdrage van de regio, de gemeentelijke bijdrage in financiën en de duur van de overeenkomst: 2 jaar. Voor elke opgave wordt in september een uitgewerkt bestedingsplan voorgelegd. Hierin staan de activiteiten en resultaten en waaraan de middelen worden besteed. Vervolgens wordt deze regionale agenda elk voorjaar geactualiseerd. Als de actualiteit aanleiding geeft tot het aanpassen van de opgave-overeenkomst, dan nemen wij dit op in de geactualiseerde regionale agenda in het voorjaar. De gemeenten krijgen dan ook opnieuw de gelegenheid om in te tekenen voor (dat deel van) de opgave.

2. GEBIEDSGERICHT WERKEN EN MAJEURE OPGAVEN Gebiedsgericht werken heeft de aankomende jaren zoveel impact op de regionale samenwerking dat we hier in dit hoofdstuk apart aandacht aan besteden. GEBIEDSUITWERKINGEN EN VERSTEDELIJKINGSAKKOORD In 2021 is het Verstedelijkingsconcept (het eerste deel van de Verstedelijkingsstrategie Arnhem Nijmegen Foodvalley (ANF)) door alle gemeenteraden vastgesteld. Het motto hiervan is “meer landschap, meer stad”. Vervolgens zijn wij in onze regio in zes deelgebieden aan de slag gegaan met gebiedsuitwerkingen. Dit is de komende jaren een doorlopend proces, waarbij we met de integrale gebiedsuitwerkingen ervoor zorgen dat we de juiste keuzes voor de toekomst maken. We hebben een bijzondere regio met enerzijds een grote woningbouwopgave en anderzijds bevat onze regio het grootste areaal Natura 2000gebieden van ons land. Dit is precies waarom onze regio zo aantrekkelijk is. Grootstedelijke kenmerken gecombineerd met prachtige natuur. Die natuur staat onder druk. Om alle ambities in de regio te realiseren moeten ruimtelijke opgaven als integraal woningbouw, energieproductie en energieopslag, infrastructuur, ruimte voor bedrijvigheid en de versterking van natuur gewogen worden. In de uitwerking van de gebieden wordt de ruimtelijke opgave slim gecombineerd of worden keuzes gemaakt. De druk op de ruimte is zo groot, dat gebiedsgerichte samenwerking noodzakelijk is voor toekomstbestendige ontwikkeling van de regio. Het is belangrijk om met elkaar gebiedsgericht integrale keuzes te maken over waar gebouwd kan worden. En waar dat echt een slecht idee is gezien de bodemgesteldheid, de wateropgave of het gebrek aan goede (OV-)ontsluiting. Dit vereist een verregaande vorm van samenwerking op alle niveaus. In de gebiedsuitwerkingen 8 zijn zowel het Rijk, de provincie, de waterschappen, de gemeenten als de woningbouwcorporaties en het bedrijfsleven betrokken. Het regiobureau heeft hierin een organiserende en coördinerende rol. Bovendien is het de taak van het regiobureau om de samenhang tussen de gebieden te bewaken, zodat de gebiedsuitwerkingen onderling ook goed op elkaar zijn afgestemd. De gemeente, als eerste overheid, heeft de zorg voor het betrekken van de inwoners bij de gebiedsuitwerkingen. Het gebiedsgericht werken komt terug in de beschrijving van alle opgaven. Er is samenhang met de RES, het RPW, de woonopgave, het groen-blauw raamwerk en infrastructuur. In de gebiedsuitwerkingen komen deze programma’s, strategieën en opgaven samen. In de uitwerking per gebied ramen we de benodigde investeringen. De investeringslijsten die zo ontstaan, brengen wij in het Verstedelijkingsakkoord met het Rijk of proberen we in nationale of Europese programma’s onder te brengen. Zo zijn investeringen in de A12 of voor de versnelling van de ICE bij uitstek geschikt voor de Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport (MIRT)-agenda. Onze regio kent twee sleutelgebieden: Arnhem-Oost en Nijmegen-West. Vanwege de relatie met nationale programma’s vindt rechtstreeks afstemming plaats tussen beide steden en het Rijk over stadsvernieuwing en woningbouw. In het Verstedelijkingsakkoord dat de regio met het Rijk sluit, staan wederkerige afspraken over deelname aan nationale programma’s, bijdragen van de stakeholders om de investeringen te financieren en de organisatie van het geheel. GEBIEDS- EN REGIOOVERSTIJGENDE OPGAVEN Onze regio kent diverse opgaven die regio-overstijgend zijn. De rol van het regiobureau is dat wij daarin de belangen van de gemeenten in onze regio behartigen en daarvoor samenwerken met betrokken partijen.

Regio-overstijgende opgaven kennen we vooral op het gebied van mobiliteit en goederenvervoer. Neem de problematiek van de A12, zowel het spoor als de verbreding van de A12 en de inmiddels in gang gezette ontwikkeling van de A50-corridor. Ook het goederenvervoer, zowel over spoor, weg als water is een regio-overstijgend dossier waarin wij als regio moeten participeren om onze belangen goed te behartigen. Naast mobiliteit liggen er grote opgaven als het gaat over het verminderen van stikstofdepositie, klimaatadaptatie en natuurherstel. De aanpak van deze problematiek heeft grote invloed op de ontwikkeling van het landelijk gebied en de agrarische sector. In de gebiedsuitwerkingen komt de transitie van het landelijk gebied en de landbouw nadrukkelijk aan de orde. Deze transitie is belangrijk binnen de opgave Groene groeiregio, maar ook binnen andere opgaven. Zo zien we binnen de Circulaire regio mogelijkheden om energietransitie te verbinden met de transitie van de landbouw. Ook circulaire voedselproductie- en ketens zijn hier van belang. In de opgave Ontspannen regio bekijken we de transitie naar meer natuur-inclusieve landbouw voor natuurontwikkeling en -herstel. Voorbeeld gebiedsuitwerking regionale middengebied. De gebiedsuitwerkingen vormen met de lokale Omgevingsvisies een cyclus. Hoe werkt dat? Ambities uit lokale Omgevingsvisie zijn leidend voor de gebiedsuitwerkingen. In de gebiedsuitwerking worden de ambities uit de Omgevingsvisies van de gemeenten in kaart gebracht en met elkaar geconfronteerd (als er geen Omgevingsvisie is, ambities uit diverse gemeentelijke beleidsstukken). Ruimte is schaars dus dit leidt vaak tot dilemma’s of keuzes die voorgelegd worden aan de bestuurders van het gebied (voorbereid door de eigen beleidsmedewerkers). Regionale keuzes kunnen leiden tot aanpassing van de lokale Omgevingsvisies. Omgekeerd kan het ook zijn dat een geactualiseerde Omgevingsvisie leidt tot nieuwe inzichten en gesprekken en daarmee een aangepaste gebiedsuitwerking. Op deze manier blijven gemeenten (in een ruimtelijk samenhangend gebied) in gesprek over de gewenste gezamenlijke ruimtelijke ontwikkeling. Ruimtelijke keuzes van de één hebben gevolgen voor de ander en gedeelde ambities leiden tot een ‘groenere groei’ dan individuele keuzes en zetten de ambities ook meer kracht bij. 9

3. SAMENWERKING BESTUURSAKKOORD EN INVESTERINGSAGENDA De Groene Metropoolregio, de provincie Gelderland en The Economic Board (TEB) willen samen de potentie van de regio Arnhem-Nijmegen ten volle benutten en hiervoor hun krachten bundelen. Om de samenwerking te verankeren en concreet vorm te geven, is op 3 februari 2022 een Bestuursakkoord afgesloten. Dit Bestuursakkoord heeft een looptijd van tien jaar en bevat afspraken over de samenwerking in zijn algemeenheid. Daarnaast is een gezamenlijke Investeringsagenda opgesteld. In deze Investeringsagenda staat opgenomen hoe de Groene Metropoolregio, de provincie en The Economic Board van plan zijn om bij te dragen aan de uitvoering van de gezamenlijke ambitie voor de regio. Deze Investeringsagenda vervangt de Investeringsagenda die de gemeente Arnhem, de gemeente Nijmegen en de provincie Gelderland in 2017 hebben ondertekend. VERSTEDELIJKINGSSTRATEGIE ARNHEM NIJMEGEN FOODVALLEY De Verstedelijkingsstrategie richt zich op de langetermijnplanning van toekomstige woon- en werklocaties tot 2040. Deze strategie laat zien hoe de Groene Metropoolregio ArnhemNijmegen de groei van landschap, wonen, economie en mobiliteit goed vormgeeft. Ook helpt de strategie de daarvoor benodigde investeringen te vinden. Partners die hierbij betrokken zijn, zijn de Rijksoverheid (ministeries van BZK en IW, LNV en EZK), de provincie Gelderland, Groene Metropoolregio, Regio Foodvalley en de 26 gemeenten in de beide regio’s. SAMENWERKING MET RIJK, EU, DUITSLAND: PUBLIC AFFAIRS VANUIT DE OPGAVEN Bekendheid van de Groene Metropoolregio is van groot belang voor het bereiken van onze doelen. We organiseren daarom activiteiten op profilering, positionering en lobby, samen Public 10 Affairs genoemd. Dit doen we door communicatie, opbouwen van netwerken en door werkbezoeken en bijeenkomsten te organiseren. We organiseren connecties in Den Haag, in BO-MIRT (Bestuurlijke Overleggen Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport), Woondeal, G40 en zoeken en vinden aansluiting bij andere metropoolregio’s. We zijn actief in EU-netwerken zoals Polis (mobiliteit), ERRIN (innovatie), CORAL (health), Hydrogen Valleys (energy) ACR+ (circulair) en ICLEI (wereldwijd duurzame steden en regio’s netwerk). Voor de regio relevante onderwerpen brengen we onder de aandacht. Denk bijvoorbeeld aan het sturen van een kabinetsbrief over de A12 spoorcorridor, vragen stellen aan de Europese Commissie of het pleiten voor een oplossing in contacten met Kamerleden. Richting Brussel hebben we geen beleidslobby, maar werken we aan EU-projecten. Dit doen we samen met de opgaven, gemeenten en andere stakeholders vanuit de regio. Voor doelen uit de opgaven organiseren we de volgende Public Affairs-activiteiten: Rijk - Profilering: we coördineren en organiseren contacten bij ministeries en Tweede Kamer. - Positionering: we monitoren en haken aan bij ontwikkelingen en overlegstructuren van het Rijk. - Lobby: we bieden aan, dragen uit en vragen steun voor zogenoemde proposities zoals de Regio Deal en het Verstedelijkingsakkoord. EU - Profilering: jaarlijks organiseren we een inhoudelijk programma en deelname aan de European Week of Regions and Cities, EU Sustainable Energy Week en bijeenkomsten van EU-netwerken. - Positionering: we geven invulling aan de samenwerking met EU-regio’s door kennisdeling, bijeenkomsten, projectontwikkeling. Hiervoor heeft de regio een kantoor in Brussel.

- Projecten: we creëren mogelijkheden, verkennen en ontwikkelen EU-(subsidie)projecten uit de regio. De regio is hier afhankelijk van input van regionale stakeholders. Duitsland - Profilering: we zijn als grensregio actief tijdens de jaarlijkse Grenslandconferentie NL-NRW, organiseren gesprekken met o.a. de Landesgesellschaft NRW, Energy4Climate en de Industrie- und Handelskammer en investeren in de relatie met gesprekspartners in Duitse steden en ministeries in Nordrhein-Westfalen. - Positie: we zetten in op een structurele relatie met de metropoolregio Ruhr, de Euregio RijnWaal en het 100.000+ stedenverband, maar positioneren ons ook aan Nederlandse zijde meer als grensregio, bijvoorbeeld richting het ministerie van BZK. - Projecten: we vertalen de regionale opgaven naar concrete samenwerkingsprojecten met Duitse partners, waarbij we gebruik maken van de (financierings)kansen van INTERREG. SAMENWERKING BINNEN DE OPGAVEN Bij de totstandkoming van de Groene Metropoolregio is er nadrukkelijk voor gekozen om de uitvoering bij gemeenten of andere partners te laten. De Groene Metropoolregio kan mede daarom ook geen subsidies verlenen (m.u.v. The Economic Board). In de praktijk leidt dit in sommige gevallen tot ingewikkelde constructies, zoals bijvoorbeeld bij het Transformatievoorstel Cultuur. Hierover werken we op korte termijn varianten uit, om te bespreken en over te besluiten. Bij het bereiken van onze doelen is samenwerking van groot belang. Naast de bovengenoemde partijen en de deelnemende gemeenten werken wij vanuit de opgaven samen met diverse organisaties van binnen en buiten de regio. De belangrijkste zetten we hieronder op een rij. VERBONDEN REGIO Het Regionaal verkeersmanagementteam Arnhem Nijmegen (RVMT), de Vervoersorganisatie Regio Arnhem Nijmegen, het Gemeentelijk Netwerk voor Mobiliteit en Infrastructuur (GNMI) en de omliggende regio’s. Mobiliteitsaanbieders (NS, vervoerders en deelmobiliteit-aanbieders). 11 PRODUCTIEVE REGIO Innovatie-supportorganisaties zoals KIEMT en Health Valley, Logistics Valley, Ministerie EZK, Euregio/INTERREG, Liemerse Ambassade, kennisinstellingen, ondernemersverenigingen, Oost NL, VNO/NCW Midden, MKB Nederland, RvN@, NEXTgarden, Arbeidsmarktregio’s, Werkbedrijfregio’s, Techniekpact, Gelders Vakmanschap, UWV, Banken, Kamer van Koophandel, onderwijsinstellingen MBO/HBO/WO en ondernemerskringen en -platformen. CIRCULAIRE REGIO Waterschappen, Natuur- en landschapsorganisaties zoals Staatsbosbeheer, Geldersch Landschap & Kasteelen, Natuurmonumenten, Kennisinstellingen, Partners in de bouw, bedrijven in afvalverwerking en energiecorporaties. ONTSPANNEN REGIO Toerisme Veluwe Arnhem Nijmegen (TVAN), de Veluwe-alliantie, waterschappen, Rijkswaterstaat, natuur- en terrein-beherende organisaties en culturele partners. GROENE GROEIREGIO Woningcorporaties, (bouw)ontwikkelaars, kennisinstellingen, maatschappelijke organisaties, NEPROM, Bouwend Nederland, IVBN, Woonkr8, NS, het Rijk en Werken in Gelderland. SAMENHANG EN SAMENWERKING TUSSEN DE OPGAVEN Er zijn veel onderwerpen die we integraal oppakken. We hebben bij de omschrijving van de opgaven die onderwerpen waarop we samenhang zien en samenwerken, beschreven. Eén voorbeeld dat we hier willen uitlichten, is logistiek. Samen met de HAN hebben we gewerkt aan een regionale visie, een gezamenlijke koers op logistiek. Deze is met input van provincie, VNO/ NCW en Logistics Valley tot stand gekomen. Belangrijke constatering is dat logistiek een breed begrip is. De voorgestelde acties landen bij maar liefst drie opgaven: Circulaire, Verbonden en Productieve regio. Een kwartiermaker logistiek gaat deze acties tot uitvoering brengen en de integraliteit waarborgen.

4. VERBONDEN REGIO (PROGRAMMA) OVER VIJF JAAR: is de bereikbaarheid van de regio sterk verbeterd en kan iedereen snel, comfortabel, veilig, schoon en betrouwbaar reizen. We bieden duurzame oplossingen voor een robuust en veilig wegennet, betrouwbaar spoor, (H)OV voor iedereen en een aantrekkelijk fietsnetwerk. 12

De opgave van de Verbonden regio komt voor het overgrote deel overeen met de koers die in 2019 is ingezet met het ambitiedocument ‘Duurzame mobiliteit en bereikbaarheid’. In 2021 en 2022 zijn een groot aantal activiteiten opgestart die in 2023 e.v. doorlopen. Veel processen hebben een langdurige doorlooptijd. Samen met de provincie Gelderland is in 2022 een nieuw regionaal multimodaal verkeersmodel gemaakt. Gemeenten kunnen hiervan gebruik maken en bij potentiële ontwikkelingen de mobiliteitsconsequenties beter in beeld brengen. De regio zet in 2023 e.v. sterk in op een aantal majeure gebiedsprocessen/projecten rondom de A50, A12, A325/N325 en de spoorcorridor Randstad-Arnhem-Ruhrgebied. De knelpunten die voor de coronacrisis aanwezig waren, zijn nu weer terug. Daarbij gaat het niet alleen om de files op de A50/A326 voor knooppunt Bankhoef en de fileproblematiek aan de oostzijde van Arnhem. Ook op het provinciale en stedelijke netwerk zijn regelmatig problemen. Het Verstedelijkingsakkoord heeft grote mobiliteitsconsequenties. In samenwerking met onze partners willen wij mede zorgen voor duurzame mobiliteitsoplossingen die bijdragen aan onze bereikbaarheids- en klimaatdoelen. We maken afspraken om het gebied, regio Arnhem-Nijmegen en Foodvalley, verder te ontwikkelen. We hebben te maken met een dubbele aanpak, namelijk én de autonome mobiliteitsgroei opvangen én tegelijkertijd de extra mobiliteit, veroorzaakt door extra woningen, goed inpassen. Dit vraagt om een mobiliteitsstrategie waarbij de partners in het gebied mobiliteitsmaatregelen met elkaar afstemmen en samenwerken. Als de woningbouwambities vanuit de Verstedelijkingsstrategie voor 2040 worden gerealiseerd, betekent dit dat de groei van de mobiliteit waarschijnlijk groter is dan waar van uit wordt gegaan in de hoge bandbreedte van het WLO-scenario (Toekomstverkenning Welvaart en Leefomgeving, IMA, 2021). Vooruitkijkend naar 2040 krijgen sommige delen in de regio zelfs te maken met 30% aan extra autoverkeer. Omdat het mobiliteitsnetwerk pre-corona op sommige delen in de regio al overbelast was, hebben we een behoorlijke uitdaging. 13 Een integrale gebiedsaanpak voor mobiliteit is nodig om onze ambities op het gebied van verstedelijking, duurzaamheid en leefbaarheid een kans van slagen te geven. Dit is een proces van lange adem, waarbij we gebiedsgerichte maatregelen adviseren. Deze vormen de basis voor uitwerking in concrete maatregelen in de komende jaren. Ruimtelijke sturing vanuit de verstedelijkingsopgave is daarbij een belangrijke sleutel. Maar er is veel meer nodig. De nieuwe verstedelijkingsopgave moet ook maximaal bijdragen aan het oplossen van de mobiliteitsvraagstukken van de bestaande inwoners. Het autobezit en -gebruik moeten we reduceren, omdat we dit simpelweg niet kwijt kunnen. Niet rijdend, maar ook niet stilstaand. Een schaalsprong in fiets, OV en deelmobiliteit om onze regio ook daadwerkelijk groen, duurzaam en leefbaar te houden. Een reductie van emissies door mobiliteit draagt bij aan verschillende klimaat- en duurzaamheidsdoelen. Hoewel er geen doelstellingen in het Klimaatakkoord zijn opgenomen, moet de mobiliteitssector, evenals andere sectoren, bijdragen aan de reductie van CO2-emissie. De regio ondersteunt deze ambitie. Ook op de korte termijn is er een aantal uitdagingen om op te pakken. Denk aan de verkeersveiligheid, het realiseren van de klimaatdoelstellingen en het vervolg op de begin 2022 opgeleverde position paper Logistiek. Daarin ondersteunen en stimuleren we schone en slimme logistiek, de kansrijke ligging van de regio aan weg, spoor en water, bouwlogistiek, stadsdistributie, logistieke hubs en infrastructuur. Daarom zetten wij in deze regionale agenda in op het verder verminderen, veranderen, verslimmen en vergroenen van de mobiliteit. De stap van verkenning naar planvoorbereiding en implementatie vraagt ook middelen en menskracht van de deelnemende gemeenten. Wij onderzoeken of de opgave ondersteuning kan bieden om de vraag aan de gemeenten te beperken.

SPEERPUNT 1 GEBIEDSGERICHTE CORRIDORS • WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: realiseren we samen gebiedsgerichte projecten in corridors van weg, rail en water. • hebben we goede (OV-) verbindingen naar Utrecht, Eindhoven, Zwolle, Achterhoek én Duitsland (ICE). • • wordt de capaciteit van het regionale infrastructuurnetwerk beter benut. is de capaciteit en doorstroming van het regionale mobiliteitsnetwerk vergroot en dragen wij met projecten bij aan het verbeteren van de leefomgeving. 14

Dit speerpunt richt zich op de ontwikkeling van de (infrastructuur)corridors in de regio vanuit een gebiedsgerichte aanpak. Hierbij gaat het om de verbindingen met drukbezochte (werk)locaties in de regio en externe verbindingen met onze buurregio’s zoals Utrecht, Eindhoven en Zwolle. Op internationaal niveau staat de verbinding met Duitsland, de ICE en de verkenning van euregionale verbindingen met het Europese achterland op de agenda. Wij willen de interne en externe verbindingen over weg, rail en water vanuit een integrale blik op de leefomgeving verbeteren. Dit vraagt een zorgvuldige afweging tussen het goederenvervoer en het toenemend reizigersvervoer. Ook moet rekening worden gehouden met de ontwikkeling van de verstedelijking en de leefbaarheid in de kernen, waaronder het OV. Wij spelen een adviserende rol bij de nieuwe provinciale aanbesteding van het openbaar vervoer in onze regio. Wij richten daar waar mogelijk onze lobbystrategie hierop in. WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO Spoor Naast deelname aan de ambtelijke en bestuurlijke spoortafels geven wij opdracht voor onderzoeken en analyse voor: • A12 spoorcorridor. Het versterken van de spoorcorridor Randstad-Arnhem-RheinRuhr. Wij werken toe naar een gericht investeringspakket en heldere afspraken over de realisatie en planning. • Goederenroutering Noordoost Europa (GNOE). De in 2022 opgepakte eerste analyse wordt vertaald naar nut en noodzaak en een verkenning van de consequenties met de daarbij behorende voor- en nadelen van de 5 mogelijke routes. Wij komen op voor de belangen van de regio in deze goederenroutering. • Goederencorridor Overbetuwe (A15, Waal, RTG) multimodaal versterken. Wij sluiten hierbij aan bij het proces van de provincie om o.a. de aanen afvoer van het RTG duurzaam te organiseren. • Regionaal spoor. Het belang van goede regionale spoorlijnen voor onze regio brengen wij in kaart. • Gelijkvloerse overwegen. In 2022 heeft analyse uitgewezen dat een gerichte aanpak wenselijk is. Wij werken dit voor 2 corridors (Arnhem-Duitse grens en Arnhem-Dieren) uit. (H)OV In 2022 is op initiatief van de provincie een start gemaakt om te komen tot een nieuw pakket (H)OV 2.0 voor de periode 2023-2025. De regio heeft hierin een adviserende rol en ondersteunt de gemeenten met capaciteit. Ook adviseren wij bij de nieuwe OV-aanbesteding. Weg In 2030 wordt betalen naar gebruik/rekening rijden ingevoerd. De komende periode brengen wij de consequenties voor het onderliggend wegennet in beeld. Ook de nog in te voeren vrachtwagenheffing wordt hierbij betrokken. De belangrijkste processen binnen de regio zijn: • Wij werken voor de A12 toe naar alliantie met Rijkswaterstaat, provincie Gelderland, regio Achterhoek en de direct betrokken gemeenten. 15

Hiervoor wordt een governancestructuur uitgewerkt, een verkenning wordt uitgevoerd naar de bereikbaarheid en ontsluiting van het Gelders Eiland. Er ligt een duidelijke relatie met de A12 gedragsaanpak. • Naast een adviserende rol werken wij ook concreet aan een aantal processen die passen binnen de kaders van de korte termijnaanpak A50. De in 2022 opgepakte verkenning wordt in 2023 e.v. geconcretiseerd. • De in 2022 gestarte verkenning integrale aanpak A50 Noord (Arnhem-Apeldoorn-Zwolle) leidt tot een gerichte aanpak aan de noordkant van de regio. Besluitvorming hierover volgt in 2023. • Truckparking. Rijk en provincie pakken dit op vanuit de logistieke corridors. Dit is van belang voor o.a. een goede doorstroming. Wij haken aan, ondersteunen en adviseren waar nodig. • Wij hebben een actieve rol bij de verschillende gebiedsverkenningen. In 2023 e.v. werken wij toe naar een gericht maatregelenpakket voor de 3 gebiedsaanpakken, waarbij een directe koppeling met de gebiedsuitwerkingen uit de Verstedelijkingsstrategie wordt gelegd: o A325 corridor o gebiedsaanpak Zuid- en Westflank Nijmegen o gebiedsaanpak Oostflank Arnhem (A12-alliantie) • Contractbeheer Multimodaal Model. In 2022 is het multimodaal model opgeleverd. Vanuit de regio is een voorstel gemaakt voor contractbeheer namens alle gemeenten. Water • Vervoer over water. Wij werken toe naar duurzaam transport. In samenwerking met kennisinstellingen onderzoeken wij het ontwikkelpotentieel van binnenhavens en RTG (Railterminal Gelderland) om een verschuiving van transport over de weg naar spoor en water te ondersteunen. Dit vraagt om een heldere visie op de (toekomstige) rol van regionale terminals (water en spoor). • Daarnaast streven we naar schonere scheepvaart, waarbij we samenwerken met andere havensteden langs de Waal, zowel in Nederland als Duitsland. Het stimuleren van elektriciteit via accu’s of waterstof op schepen speelt hierbij een belangrijke rol. 16

SPEERPUNT 2 FIETS WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: • • gebruiken inwoners, werknemers en bezoekers steeds vaker de fiets. hebben we het (veel) makkelijker gemaakt om te kiezen voor de fiets. We zetten vol in op de fiets! De fiets en e-bike wordt steeds populairder. Wij stimuleren en faciliteren deze groeiende populariteit. De fietsinfrastructuur moet meegroeien. Wij willen een sterke toename van het fietsgebruik met positieve gevolgen voor gezondheid, bereikbaarheid, luchtkwaliteit en leefomgeving. Het doel is het vergroten van fietsgebruik naar 35% in 2030. Dat is een stevige opgave. Wij zien het met vertrouwen tegemoet, door fietsvriendelijk beleid, goede plannen en samenwerking met onze partners. Investeren in nieuwe fietsroutes is bittere noodzaak. Het netwerk van snelle fietsroutes is niet af. Kwaliteit van fietsinfrastuctuur moet mensen verleiden de fiets te nemen. Comfort levert een bijdrage aan bereikbaarheid, in samenhang met verkeersveiligheid en de fietsreistijd naar hubs en knooppunten. In 2022 hebben we onze meerjarige regionale agenda van (geprioriteerde) fietsprojecten up-todate gemaakt. Deze lijst gebruiken we om projecten te realiseren vanuit de Investeringsagenda en gemeentes werk uit handen te nemen. De fiets is een duurzaam vervoermiddel en heeft een nadrukkelijke relatie met klimaatbeleid. We gebruiken onze plannen uit het Nationaal Toekomstbeeld Fiets (NTF) als bijdrage aan het klimaatbeleid. Onze visie (NTF regio) is actueel en aansprekend. Waar mogelijk gebruiken we de NTF-plannen voor subsidiemogelijkheden bij het Rijk voor (nieuwe) snelfietsroutes, stadsfietsroutes, fietsparkeren en fietsstimulering. 17 • fietsen meer fietsers gemiddeld langere afstanden op meer aantrekkelijke en verkeersveilige routes in de (gezonde, ontspannen) regio met betere aansluitingen op het lokale fietsnetwerk.

De fiets vervult een sleutelrol als mobiliteitsoplossing in de verstedelijkingsopgave. Want 70% van de dagelijkse verplaatsingen is kort en op fietsafstand. In 2022 zijn effectieve fietsoplossingen opgenomen in de gebiedsuitwerkingen/woningbouwplannen. Basis daarvoor is de Bicycle Oriented Development (BOD)-methode. Deze methode is het transformeren en organiseren van de omgeving met de fiets als uitgangspunt. No-regretmaatregelen zijn daarmee onherroepelijk onderdeel geworden van gebiedsontwikkeling en besluitvorming. Het moet in de regio makkelijker worden om naar een snelle fietsroute te fietsen, of naar een hub of knooppunt, zoals een station. Daarnaast willen wij het functionele en recreatieve fietsnetwerk beter aan elkaar koppelen en kansen voor investeringen verder uitwerken. Samen met de Ontspannen regio pakken we dit op. Om ketenmobiliteit te stimuleren, is het van belang dat de overstap comfortabel en gemakkelijk is. De overstap tussen fiets en openbaar vervoer optimaliseren we daarom verder. De Groene Metropoolregio is een bijzondere fietsregio. Voor onze ambities zijn we, vanuit onze Legacy Velocity 2017, landelijk actief en internationaal zichtbaar. WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN – BIJDRAGE VAN DE REGIO • Doorontwikkeling regionale NTF-agenda. De regio maakt met haar partners concrete afspraken over een breed investeringspakket. • Doorontwikkeling snelle fietsroutes: o Arnhem-Huissen o Oss-Wijchen o Om de Noord o Doetinchem-Zevenaar-Emmerich (i.h.k.v. uitwerking Euregionaal Mobiliteitsplan). De regio levert een verkenning op om te komen tot een eventuele investeringsbeslissing. • Uitwerking breed stedelijk netwerk (i.h.k.v. Verstedelijkingsakkoord). Op basis van de BOD-methode komen we tot een gerichte fietsaanpak. • Legacy Velocity en Tour de Force. Naast onze activiteiten in de regio, zijn kennis en contacten uit ons netwerk, nationaal en internationaal, essentieel voor een goede oplading van onze opgave. Belangrijke bronnen zoals Tour de Force/Fietsberaad en Dutch Cycling Embassy (DCE) gebruiken we voor het versterken van ons verhaal en aanpak. • Digitalisering van ons regionale fietsnetwerk. 18

SPEERPUNT 3 HUBS EN KNOOPPUNTEN • WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: zijn er met partners (nieuwe) mobiliteitshubs en knooppunten in stad en regio gerealiseerd waar we een betere koppeling maken tussen het regionale en stedelijke infrastructuurnetwerk. • • De ambitie is om uiterlijk in 2025 minimaal twaalf mobiliteitshubs te ontwikkelen en op de langere termijn nog meer. Op een hub kunnen reizigers overstappen naar een actief en/of duurzaam vervoermiddel, zoals een e-bike, bus, trein of e-auto. Zo verminderen we de filedruk in de regio én stimuleren we duurzaam vervoer. In het eerste kwartaal van 2021 publiceerden we onze strategische agenda ‘Mobiliteitshubs in de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen. Naar een regionaal netwerk van hubs’. Daarin hebben we ons plan voor de korte termijn gepresenteerd. Dit zijn locaties in onder andere Arnhem, Beek/ Ooij, Druten en Nijmegen. Daarnaast wordt er met de locatie Zevenaar-Oost alvast naar de langere termijn gekeken. Wij kijken samen met de gemeenten naar de benodigde processen en capaciteit voor de implementatie. De hubs verschillen qua type, grootte, voorzieningenniveau en het aanbod aan vervoermiddelen. Welk type hub waar komt, hangt af van de ligging, de aansluiting op weg en spoor en de doelgroep. De hubs zijn nodig omdat de regio Arnhem-Nijmegen snel groeit. Tot 2025 komen er 20.000 woningen bij en op de lange termijn zelfs 50.000 tot 60.000. Daarom willen wij de toenemende druk op het wegennetwerk afzwakken en actief en schoon vervoer stimuleren. Dit doen we op allerlei manieren, waaronder de (door)ont19 organiseren wij nieuwe vormen van duurzame mobiliteit aan (deelvervoer, elektrisch, MaaS). zorgen wij voor ‘mobiliteit op maat’ als onderdeel van het vraagafhankelijk vervoer in de regio.

wikkeling van mobiliteitshubs. Dankzij zo’n hub worden verkeersstromen slim gebundeld van en naar drukbezochte plekken in de regio, zoals een stadscentrum en werklocaties. De provincie Gelderland start in april 2022 met HaltetaxiRRReis. Wij sluiten hierop aan met een uitgekiend netwerk van vraagafhankelijk vervoer in de regio. Dit netwerk wordt gekoppeld aan de lokale haltes, (e)hubs en knooppunten en de huidige kaders van het aanvullend vervoer voor mensen die o.a. gebruik maken van Wmo (AVAN). WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO Voortbordurend op 2022 gaan we verder met het verkennen van mobiliteitshubs die opgenomen zijn in de strategische agenda hubs en knooppunten. Hierbij ligt de focus zowel op korte- als lange termijnmaatregelen, waarbij we nadrukkelijk naar verbanden zoeken met de overige regionale opgaven en het HOV-actieplan. Daarnaast onderzoeken we hoe we de vervolgstap van afgeronde verkenning naar realisatie gaan vormgeven. • Meerjarige investeringsagenda. Samen met de betrokken partijen werken wij aan daadwerkelijke realisatie van kansrijke stadrandhubs. • Hubs en de toeristische overstappunten. Wij onderzoeken de koppelkansen tussen de hubs en de toeristische overstappunten. Dit doen wij in samenhang met de Ontspannen regio. • Overige hubs. Afhankelijk van het Verstedelijkingsakkoord verkennen wij mogelijke ontwikkellocaties. • Hub-ontwikkelingen. Onze hubaanpak gaan we koppelen aan het HOV-actieplan en OV-haltes. • HaltetaxiRRReis. Het uitwerken van een vraagafhankelijk netwerk in relatie met HaltetaxiRRReis. Wij werken toe naar pilots die haltetaxiRRReis versterken en een bijdrage leveren aan de leefbaarheid/bereikbaarheid van onze kleine kernen en in die gebieden waar niet of nauwelijks OV is. 20

SPEERPUNT 4 GEDRAG EN DUURZAME MOBILITEIT WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: • maken meer inwoners, werknemers en bezoekers gebruik van duurzame vormen van mobiliteit en hebben we invulling gegeven aan het klimaatakkoord. Dit speerpunt richt zich op gedragsbeïnvloeding van de verkeersdeelnemers. Doel is het beter benutten van het mobiliteitsnetwerk door ons nadrukkelijk te richten op de beïnvloeding van mobiliteitsgedrag en vervoermiddelkeuzen. Wij werken hierin o.a. samen met het Rijk, provincie en het bedrijfsleven in een programma Slim & Schoon Onderweg 2023-2026. Slim & Schoon Onderweg heeft in de afgelopen jaren hard gewerkt aan het stimuleren van duurzame mobiliteit en het beïnvloeden van het gedrag. We gaan naar een meer gebiedsgerichte aanpak, zoals we nu met A12 doen. Gedragsaanpak passen we ook toe op de andere corridors. De regio heeft een grote verstedelijkingsopgave. We gaan intensief afstemmen en samenwerken. Op het gebied van parkeernormen bij nieuwbouw, reservering van ruimte voor deelmobiliteit en verdichting rond (OV )knopen. Maar ook het afstemmen van de vraag, opwekking en transport van duurzame energie, de afweging van economische en leefbaarheidsbelangen. De relatie tussen gedragsmaatregelen en grote wegwerkzaamheden gaan we verder versterken. We gaan intensiever samenwerken met de stakeholders in de regio: bedrijven, onderwijsinstellingen, diverse overheidslagen en de gemeenten binnen de regio. Dat betekent: samen plannen maken en samen uitvoeren. Daarmee verhogen we de betrokkenheid en het besef van gezamenlijke verantwoordelijkheid. WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • Bewonersaanpak. In 2023 starten we met een bewonersaanpak, met name gericht op mensen 21

die verhuizen en nieuw gewoontegedrag moeten gaan ontwikkelen. • Deelmobiliteit en mobiliteitshubs zijn een belangrijk onderdeel van het mobiliteitssysteem. We zetten in op de uitrol van deelmobiliteitshubs in de regio en het stimuleren van het gebruik ervan. We gaan van kleinschalige pilots naar een opschaling. • Last mile providers. Samen met kennisinstellingen en gemeenten houden we een overzicht bij van last mile providers in de regio, met de locaties en stromen waar ze zich op richten en dit communiceren we binnen het netwerk. Hierbij werken we samen met de gemeenten, omdat er zowel stadsrandhubs als regionale hubs gewenst zijn, die een samenhangend netwerk vormen. • We werken toe naar een goed netwerk voor laadinfrastructuur in 2025, zowel regulier laden als snelladen en heavy duty-laden voor grote voertuigen. Er is ruimte nodig voor deze laadinfrastructuur maar ook voor logistieke hubs en personenvervoerhubs. De ontwikkeling van de netcapaciteit en de opwekking van groene stroom is essentieel. Samen met de provincie Gelderland werken we de Regionale Aanpak Laadinfrastructuur (RAL) verder uit. Met de vervoersorganisatie Doelgroepenvervoer Regio Arnhem Nijmegen (BVO DRAN) werken wij toe naar een zero emissie doelgroepenvervoer. De BVO DRAN werkt de komende jaren toe naar een zero emissie situatie voor AVAN doelgroepenvervoer op uiterlijk 1 januari 2028. Aan betrokken vervoerders de opdracht om daartoe voor 1 januari 2023 een infaseringsplan op te stellen. De regio wil in 2023 een implementatieplan maken. • Voor heavy duty-laadinfrastructuur verzorgen wij de coördinatie en aansturing. Voor het ontwikkelen van de laadinfrastructuur en opschalen voor vrachtwagens en bestelwagens in woonwijken, op bedrijventerreinen en bij distributiecentra, bij mobiliteitshubs en snellaadcapaciteit op corridors heeft de provincie een leidende rol. Een deel van de locaties voor laadinfrastructuur valt samen met Clean Energy Hubs, die onder de Circulaire regio vallen. • We streven naar schonere kilometers (schonere voertuigen) en minder kilometers (efficiënter beladen, bundeling via logistieke bedrijven en hubs). De afgelopen jaren merken we dat bedrijven interesse hebben in schonere voertuigen en daarin willen investeren. De logistiek makelaars blijven een belangrijke rol spelen. 22

SPEERPUNT 5 VERKEERSVEILIGHEID • is de verkeersveiligheid in de hele regio verbeterd. • De verkeersveiligheid in Nederland heeft een impuls nodig. De daling van het aantal verkeersdoden stagneert, terwijl het aantal verkeersgewonden toeneemt. Dit veroorzaakt veel persoonlijk leed voor de slachtoffers en hun naaste omgeving. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft op 5 december 2018 een Strategisch Plan Verkeersveiligheid (SPV) 2030 aan de Kamer aangeboden. Hoofdlijn van het plan: alles uit de kast halen om de verkeersveiligheid te verbeteren, risicogestuurd en uitgewerkt op regionaal niveau. Daarnaast heeft de nieuwe coalitie in haar Coalitieakkoord ‘Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst’, beschreven dat samen met gemeenten wordt bezien waar binnen de bebouwde kom de maximumsnelheid zinvol verlaagd kan worden naar 30 km/uur. Logistiek is noodzakelijk voor onze maatschappij, maar zorgt ook voor overlast en onveilige situaties. In de binnensteden gaat het bijvoorbeeld om een ophoping van bevoorradend verkeer, pakketpost en flitsbezorgers. Op andere routes gaat het om verkeersveiligheid, bijvoorbeeld wanneer een route samenvalt met een schoolroute. De gemeenten in de regio Arnhem-Nijmegen hebben ieder hun eigen verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van haar (verkeersveiligheids) beleid. De regio speelt een stimulerende en ondersteunende rol, door samen met de provincie Gelderland een integraal en uniform verkeersveiligheidsbeleid uit te werken. Wij slaan de handen ineen om een zo groot mogelijk effect op de verkeersveiligheid te bereiken. De in 2019 23 WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: is er ten opzichte van 2021 een dalende lijn in het aantal doden en gewonden in alle regionale gemeenten. vastgestelde position paper Verkeersveiligheid vormt de leidraad voor onze aanpak, met als kern een meer gerichte, risicogestuurde en proactieve aanpak. WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • Meerjaren uitvoeringsagenda als basis voor subsidiëring door derden. We maken een jaarlijkse update van geprioriteerde potentiële projecten die bijdragen aan onze verkeersveiligheidsdoelen. • Ondersteuning in gebruik publieke data/ contractbeheer Viastat voor alle gemeenten ten behoeve van risicogestuurd werken. • De regio maakt samen met de provincie Gelderland jaarlijks een programma verkeerseducatie en gedragscampagnes. • Het initiëren en coördineren van regionale studies/pilots die bijdragen aan de kaders van het SPV.

WAT MAG HET KOSTEN realisatie begroting begroting 2021 2022 (bedragen x € 1.000) Verbonden regio Lasten Baten Saldo baten en lasten Toevoeging aan reserve Onttrekking aan reserve Saldo na reserves 2023 2024 meerjarenraming 2025 2026 95 95 - - - - 1.022 1.022 - - - - 1.182 1.182 - - - - 1.196 1.196 - - - - 1.168 1.168 - - - - De realisatie 2021 betreft de baten en lasten zoals deze in de administratie van de Groene Metropoolregio zijn verantwoord. Details van dit overzicht zijn opgenomen in de begroting. 1.168 1.168 - - - - 24

25

5. PRODUCTIEVE REGIO (PROGRAMMA) OVER VIJF JAAR: is het MKB de COVID-19 crisis te boven. Het innovatief vermogen en positie van bedrijven is versterkt en de productiviteit van bedrijven is toegenomen. De werkgelegenheid is gestegen. Er is een toekomstbestendige arbeidsmarkt en externe gelden zijn binnengehaald om te investeren in onze economie. 26

Onze regio kent veel innovatiekracht en de vestigingskwaliteit van onze werklocaties scoort boven het landelijk gemiddelde. We willen de kwaliteiten van onze regio steviger profileren en de economische potenties beter benutten. We versterken onze inzet op innovatiekracht in de clusters Health, Hightech & Energy, met de crossover naar Food. Dit legt de basis voor een sterke (inter)nationale positie en een goede productiviteit van toonaangevende bedrijven. Een sterk economisch profiel maakt onze regio interessant voor talenten. We versterken de economische basis, zodat bedrijven zich willen vestigen en kunnen groeien, met banengroei tot gevolg. Voor de langere termijn zetten we in op behoud en aantrekken van (nieuwe) bedrijvigheid in de regio. Op verschillende niveaus: van zelfstandigen en startups tot het MKB en internationale bedrijven. We versterken de kwaliteiten van de werklocaties. We verbinden lokale bedrijven, instellingen en activiteiten aan de topsectoren en bieden synergievoordelen en ondersteuning bij het uitwerken van ideeën tot concrete projecten. We versterken de samenwerking met het onderwijs, gericht op een betere aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt, passend bij de vraag van ondernemers en de skills van werknemers en werkzoekenden. In de regionale agenda 2022 zijn we gestart met inzet op bovenstaande ambities. Daar bouwen we de komende jaren op voort. • We zetten onverminderd in op de relatie en samenwerking met The Economic Board. Belangrijk daarbij is het verbinden van initiatieven voor Health, Hightech & Energy met de gehele regio en de zichtbaarheid van de kansrijke sectoren vergroten. We organiseren daarvoor o.a. de Dag van de Clusters. In 2023 e.v. bouwen we deze samenwerkingsrelatie verder uit. • We ondersteunen het MKB in de coronacrisis, deze heeft veel impact op het MKB maar ook op onze binnensteden en kernen. De komende jaren zijn de effecten daarvan nog zichtbaar. 27 De situatie in Oekraïne heeft ook effect op de wereldeconomie. Waar mogelijk en nodig zetten wij ons in om het MKB ook daarin te ondersteunen. Samen met de Ontspannen regio blijven we inzetten op bruisende binnensteden en krachtige kernen. • We zetten in op meer starters, scale-ups en het toekomstbestendig houden van bestaand MKB. Dit blijven we de komende jaren doen. Met het programma Toekomstbestendig Ondernemen screenen we 75 ondernemers op toekomstbestendigheid en waar nodig verwijzen we ze door naar het passende vervolgloket. De komende jaren breiden we dit programma verder uit. • We brengen samen met onze partners de financiële mogelijkheden voor het MKB in beeld. We maken dit zichtbaar door actieve communicatie. Dit blijven we structureel doen. • We blijven ons inzetten om externe gelden naar de regio te halen om te investeren in onze economie. • We ondersteunen de MKB-deal Sm@rt Together en dragen dit waar mogelijk uit. We blijven dit doen totdat de derde en laatste pijler van de MKB-deal is afgerond. • We maken in 2022 een Economische Monitor. Provincie, Arnhem en Nijmegen dragen hier ook aan bij met kennis en capaciteit. Daarmee creëren we een ijkpunt; waar staan we met onze economie? We leggen een basis en bouwen dit de komende jaren uit tot een uitgebreide monitor/dashboard. We gaan jaarlijks monitoren om te kunnen bijsturen en als input voor toekomstige beleidskeuzes. • We ronden in 2022 het onderzoek ‘Economie van de Toekomst’ af, een visie op onze economie voor de langere termijn. Dit vormt een belangrijk kader voor de meerjarige keuzes in deze opgave. De vertaling van onze toekomstige economie naar ruimtebehoefte nemen we daarin mee als input voor de Verstedelijkingsstrategie en in het Regionaal Programma Werklocaties. • De position paper Logistiek is afgerond. Deze is gemaakt door de HAN, in samenwerking met de provincie, VNO/NCW, Logistics Valley en gemeenten. Dit advies is verwerkt in de regionale agenda 2023-2024. Binnen de Productieve Regio blijven wij inzetten op inventarisatie en kennisdeling van bestaande initiatieven voor

verduurzaming van brandstoffen in de logistiek. Onze focus ligt daarbij op projecten waar we als regio meerwaarde kunnen bieden. Waar mogelijk verbinden wij initiatieven en zoeken we naar mogelijkheden voor opschaling. Daarnaast kijken we waar kansen liggen voor externe financiering om nieuwe gelden naar de regio te halen. • In 2022 maken we samen met veel stakeholders een Human Capital Agenda en een Human Capital Akkoord. Daarmee bundelen we krachten en focussen we ons op de meest resultaatgerichte instrumenten. In het akkoord staat wie wat bijdraagt. Met de enorme krapte op de arbeidsmarkt en de kwantitatieve en kwalitatieve mismatch blijft inzet hierop voor alle opgaven van groot belang. Bijvoorbeeld door initiatieven en netwerken te verbinden en samenwerking met andere partijen op te zoeken. Met de agenda en het akkoord als basis, zetten we hier de komende jaren verder op in. Samen met de stakeholders die hierbij betrokken zijn. • In 2022 starten we met een actie om onze werklocaties te vergroenen. Er vindt een inventarisatie plaats en op basis daarvan werken we samen met de provincie een plan hiervoor uit. Met de behoefte aan meer circulair, duurzaam en klimaatbestendig blijven wij ons de komende jaren hiervoor inzetten. Samen met de opgaven Ontspannen regio, Groene groeiregio en Circulaire regio verkennen we hoe we onze regionale rol in de transitie van de landbouw zien en vormgeven. 28

SPEERPUNT 1 STIMULEREN ONDERNEMERSCHAP MKB • WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: hebben we in de regio meer start-ups, scale-ups en nieuwe bedrijven in het MKB. • • stimuleren we ondernemerschap via (lokale) broedplaatsen. zijn ondernemers verbonden aan kennis- en investeringsnetwerken in regionaal en nationaal verband. Wij stimuleren nieuw en innovatief ondernemerschap en ondersteunen het MKB om toekomstbestendig te worden. Dit doen we door het vergroten van kennis, kunde, slagkracht, productiviteit en creativiteit van MKB’ers. Op deze manier kan worden ingespeeld op nieuwe technologieën en verdienmodellen. Het MKB heeft een grote rol in de leefbaarheid van centra van de steden en kernen. Daarom zetten wij samen met de Ontspannen regio in op kennis delen, elkaar informeren en inspireren. Tot slot zetten we in op digitalisering, waarvan de COVID-19 crisis onomstotelijk de urgentie en noodzaak heeft bewezen. We houden constant de vinger aan de pols bij het Rijk voor nieuwe kansen. Bijvoorbeeld door de MKB Toekomstagenda 2023 en het regeerakkoord inzet herstel COVID-19 MKB. WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • In 2022 krijgen we inzicht in de mogelijkheden voor financiële steun tot 1 miljoen euro. Dit wordt structureel ontsloten door communicatiecampagnes. Om ondernemers hier optimaal gebruik van te laten maken, bouwen we aan landelijke en regionale kennis- en investeringsnetwerken die makkelijk toegankelijk zijn voor onze ondernemers. Dit doen we samen met onze partners zoals VNO/NCW, Oost NL en The Economic Board. • We organiseren samen met onze partners ontmoetingsmomenten voor ondernemers gericht op netwerken, innovatie en kennisdeling. 29 • We scheppen voorwaarden voor MKB’ers om een stap te maken in verdere digitalisering en toekomstbestendigheid. Dat doen we allereerst door de voortzetting van het programma ‘Toekomstgericht Ondernemen’ uit 2022 waarin we ondernemers screenen op toekomstbestendigheid. Afhankelijk van de uitkomst van de screening wordt een vervolgroute gekozen. Daarnaast doen we dat door de MKB-deal Sm@rt-Together voor digitalisering. We dragen deze verder uit en verbinden deze waar nodig met het bedrijfsleven. In de laatste pijler van de MKB-deal (publiek-private samenwerking voor bruisende binnensteden en krachtige kernen) leggen wij verbinding met de Ontspannen regio. We bouwen de samenwerking rond bruisende binnensteden en krachtige kernen verder uit en trekken samen met de Ontspannen regio op in de kennisdeling richting ondernemers. • We ontwikkelen samen met onze partners een ecosysteem dat bijdraagt aan meer start-ups en nieuwe bedrijven in het MKB. Hierbij ligt de focus op het stimuleren van nieuwe (lokale) broedplaatsen. We halen bij het MKB op waar de behoefte ligt, we inventariseren wat er al is en zorgen voor een betere toegankelijkheid voor ondernemers. Dit alles in samenwerking met onze partners. De resultaten hiervan nemen we mee in het RPW. • We verbinden lokale projecten met projecten op de investeringsagenda en het MKB: wat speelt er in de regio en waar kunnen ondernemers bij aanhaken? • • heeft het MKB een slag gemaakt in digitalisering. is het MKB meer toekomstbestendig door meer kennis, kunde en slagkracht van MKB’ers.

SPEERPUNT 2 HUMAN CAPITAL WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: • • is er in Health, Hightech & Energy en Food voldoende en goed gekwalificeerd personeel beschikbaar en kunnen we deze behouden in de regio. profileren we ons als aantrekkelijke regio voor (internationaal) talent. • • • Er is sprake van een enorme krapte op de arbeidsmarkt in diverse sectoren. Hiervoor is het noodzakelijk om de krachten te bundelen. Human Capital is een randvoorwaarde om de doelen te kunnen bereiken in de andere speerpunten binnen de Productieve regio. Maar ook voor voortgang in de andere opgaven. Samenwerking op regionaal niveau en commitment tussen overheden, kennisinstellingen en bedrijven is cruciaal om de urgente vraagstukken op de arbeidsmarkt te kunnen oplossen. We gaan aan de slag om de regionale arbeidsmarkt te versterken. We starten in 2022 met de uitvoering van de Human Capital Agenda en maken een Human Capital Akkoord. Met de Human Capital Agenda brengen we focus aan en bepalen we de koers. We leggen de focus op de kansrijke sectoren Health, Hightech & Energy en Food. Het thema logistiek maakt hier onderdeel van uit. In het Human Capital Akkoord 2022-2025 maken we afspraken over wat betrokken partijen bijdragen, de resultaten en wie welke rol daarin heeft. De gezamenlijke ambitie is om te komen tot een regio waar bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheden zich aan verbinden. We willen de krachten bundelen en focus aanbrengen voor de verschillende projecten en initiatieven binnen de triple helix. 30 hebben we vraag en aanbod op de arbeidsmarkt bij elkaar gebracht en initiatieven versterkt voor werkenden, studenten en werkzoekenden. hebben we de samenhang verbeterd via kennisdeling van projecten en samenwerking tussen partners duurzaam geborgd. hebben we externe middelen binnengehaald om de arbeidsmarkt te versterken. In 2023 geven we samen met The Economic Board, de provincie en andere stakeholders verder invulling en uitvoering aan de resultaatgerichte instrumenten uit de Human Capital Agenda en het Human Capital Akkoord. Hierbij betrekken we ook onze sociale partners. De doelstellingen uit het Human Capital Akkoord borgen we in 2023. Dit doen we door een verbindende rol te spelen en te zorgen voor kennisdeling. Hierbij leren we ook van de ervaringen van andere (grensoverschrijdende) regio’s. Verder leggen we verbindingen tussen projecten en de investeringsagenda en zoeken we actief naar voldoende financiële middelen om een vervolg te kunnen geven aan (lopende) projecten die nodig zijn om tot een evenwichtige arbeidsmarkt te komen. We werken in samenspraak met de andere opgaven verder aan een regio die aantrekkelijk is om te studeren, wonen en werken.

WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • Structureel borgen van de afspraken uit de Human Capital Agenda en het Human Capital Akkoord, waardoor de vraag naar en aanbod van personeel dichter bij elkaar wordt gebracht. • Zorgen voor verbindingen tussen behoefte MKB en aanbod en zorgen voor kennisdeling. Bijvoorbeeld door het organiseren van werktafels. • Integraal met andere opgaven zorgen voor een aantrekkelijke regio om talent te behouden. Aantoonbaar het verschil gaan maken als regio met het accent op communicatie en zichtbaarheid van de regio voor het behouden van talent. • Inzicht geven in financieringsbronnen en deze inzetten voor alle projecten die nodig zijn om tot een evenwichtige arbeidsmarkt te komen. • Leggen van verbinding tussen lokale en regionale projecten en de investeringsagenda: wat speelt er, waar kan je versterken, waar kun je op aanhaken en waar kun je aan bijdragen. 31 • Samenwerkingspartner van The Economic Board en provincie om samen met andere stakeholders tot een goede evenwichtige arbeidsmarkt te komen.

SPEERPUNT 3 DOORONTWIKKELING HEALTH & HIGHTECH EN ENERGY TOT (INTER)NATIONALE CLUSTERS WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: • • is het innovatieve vermogen van bedrijven in deze clusters versterkt en betaalt dit zich uit in verdienvermogen, in werkgelegenheid en in de kennispositie van de regio. wordt het innovatief vermogen van de bedrijven ingezet voor andere maatschappelijke opgaven zoals energietransitie, de woonopgave en de circulaire economie. De kansrijke clusters zetten we in voor de maatschappelijke opgaven zoals energietransitie, groei van banen op alle niveaus en crossovers met Food. We worden met Lifeport voor bedrijven en instellingen ‘the place to be’ in Nederland en Europa. We zetten krachtig in op lobby en benutten de samenwerkingsmogelijkheden met Foodvalley in lijn met kansen die in de Kracht van Oost worden benoemd. The Economic Board heeft de lead bij dit speerpunt. De werkzaamheden zijn belegd bij de civic entrepreneurs van het projectbureau van The Economic Board. HEALTH & HIGHTECH Het benutten van economische kansen gaat hand in hand met het werken aan maatschappelijke gezondheidsthema’s en nieuwe sleuteltechnologieën. Hightech levert daarbij de basis voor het realiseren van baanbrekende innovaties. De focus ligt de komende jaren op de ontwikkeling van belangrijke sleuteltechnologieën zoals digital health en artificial intelligence (AI). Briskr is hiervoor de uitvoeringsorganisatie. 32 • • zijn we zichtbaar in onze directe omgeving en daarbuiten als (inter)nationaal toonaangevende regio voor innovaties en sleuteltechnologieën op het gebied van Health & Hightech en Energy. werken we met Regio Foodvalley aan crossovers tussen Health en Food. ENERGY In dit cluster ligt de focus op doorontwikkeling van Connectr en smart energy hubs (SEH). Connectr draagt bij aan de energietransitie, de regionale economie en de Human Capital Agenda. SEH’s zijn locaties waar opwek van duurzame energie, uitwisseling van warmte- en reststromen en de realisatie van decentrale energiesystemen bij elkaar komen. Voor onze regio zijn dat Innofase (Duiven) en Engie (Nijmegen). Hier liggen ook kansen voor emissieloos transport voor logistiek en scheepvaart. Op deze locaties kan technologie toegepast worden die door partijen in de regio, op IPKW of binnen Connectr, ontwikkeld wordt. The Economic Board heeft de lead bij dit speerpunt en werkt samen met de Groene Metropoolregio en provincie. Voor de verdere ontwikkeling van het cluster is voldoende en goed opgeleid personeel van groot belang, zowel op MBO- als op HBO+-niveau. Hier ligt dan ook nadrukkelijk een koppeling met de regionale Human Capital Agenda.

BIJDRAGE THE ECONOMIC BOARD Clustervorming • Vast aanspreekpunt voor de clusters op inhoud. • Inventariseren en benutten structuurversterkende projectkansen. • Inbrengen projectkansen bij de Investeringsagenda. • Samenwerking rondom initiatieven uit de startblokken laten komen. • Het leggen van verbindingen tussen maatschappelijke thema’s en sleuteltechnologieën. • Doorontwikkeling van de campussen en samenwerking tussen bedrijven en instellingen uitbreiden. • De smart energy hub aanpak (door)ontwikkelen op Innofase (Duiven) en Engie (Nijmegen) en de aanpak en leerervaringen delen met andere bedrijventerreinen. • Zoeken naar externe financieringsbronnen. • Waar mogelijk het koppelen van de regio (bedrijven, gemeenten) aan projecten en initiatieven. Lobby en profilering • Met lobby en profilering bijdragen aan de (inter)nationale zichtbaarheid van onze regio op het gebied van Health, Hightech & Energy. • Op programmaniveau samenwerken met Foodvalley om innovatieve kansen tussen food en Health te kunnen benutten. WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • Deelnemen aan regionale, nationale en Europese netwerken. • Met lobby en profilering bijdragen aan de (inter-)nationale zichtbaarheid. • Input uit de Economische Monitor leveren, zodat The Economic Board zicht heeft op kansen voor de doorontwikkeling van de clusters en verdere netwerk- en clustervorming in de regio. • Toegang geven tot ons netwerk in de regio. • Investeren in belangenbehartiging voor projecten en initiatieven van bovenregionaal belang. 33 Belangenbehartiging betekent: ervoor ‘gaan lopen’, lobbyen en zoeken naar financiering. • Inbrengen projectkansen in de samenwerking met The Economic Board en de Investeringsagenda. Daarnaast werken we samen met het Rijk, Europa en Duitsland in de clusters en de crossovers met duurzame logistiek. We zijn de proeftuin op het gebied van decentrale energiesystemen, groeien door naar een internationaal Health & Hightech topcluster en maken onze auto’s, vrachtwagens en binnenvaartschepen schoner door toepassing van alternatieve brandstoffen.

SPEERPUNT 4 TOEKOMSTBESTENDIGE WERKLOCATIES • WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: is de kwalitatieve en kwantitatieve vraag en aanbod van werklocaties in evenwicht. • bieden we passende ruimte voor bedrijven die bijdragen aan onze economische groei en profiel. • • Toekomstbestendige werklocaties gaat over bestaande en nieuwe werklocaties met het Regionaal Programma Werklocaties (RPW) als basis. Dit gaat over bedrijventerreinen, kantoorlocaties en locaties voor perifere detailhandel. In het RPW vindt afstemming plaats tussen vraag en aanbod van werklocaties. Het RPW gaat vooral over nieuwe ontwikkelingen op de juiste plek. Daarbij nemen we ontwikkelingen (zoals energieopwekking, clean energyhubs, laadinfrastructuur en stadsdistributie) en de gewenste ruimtebehoefte daarvan in de eerstvolgende herziening van het RPW (of na monitoring) mee. Verder zijn duurzaamheid en de landschappelijke inpassing hierbij belangrijke thema’s. We onderzoeken waar nieuwe regionale werklocaties moeten landen in de regio en hoe om te gaan met lokale ontwikkelingen. Vanaf 2022 zetten we ook in op het vergroenen van werklocaties in samenwerking met de provincie. De Economische Visie 2040 uit 2022 vormt mede de basis voor de monitoring en de herziening van het RPW. Dit geldt eveneens voor de Verstedelijkingsstrategie, waarin de ruimtebehoefte van alle opgaven samenkomen. Het RPW is verankerd in de omgevingsverordening van de provincie. Minimaal één keer in de vier jaar moet er een nieuw RPW worden vastgesteld. In mei 2021 is het gewijzigde RPW vastgesteld door Gedeputeerde Staten, in 2025 komt er een nieuw RPW. Tweejaarlijks vindt er een 34 dragen we met werklocaties bij aan de groene en duurzame ambitie van de Groene Metropoolregio. hebben we inzicht in welke ruimtebehoefte voor werklocaties er is tot 2040, inclusief energietransitie, logistiek en duurzaamheid. monitoring plaats, om indien nodig tussentijds te kunnen bijsturen. De besluitvorming over het RPW ligt bij de gemeenteraden. Het RPW is een verplicht onderdeel voor alle gemeenten. De Groene Metropoolregio faciliteert zowel ambtelijk als bestuurlijk de voorbereiding en afstemming over het RPW. WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • In 2023 brengen we advies uit over de verdeling van nog beschikbare ontwikkelruimte voor bedrijventerreinen in de regio. • We starten de onderzoeken, verzamelen de informatie per 2024 en leveren in 2025 een nieuw RPW op met een horizon tot 2040. • Wij zetten in op het kwalitatief verbeteren van het RPW en nemen de ruimtebehoefte van werklocaties mee waar het gaat om de thema’s Health, Hightech & Energy, de circulariteitsopgaven, de energietransitie, logistiek, vergroening en landschappelijke inpassing. We leggen daarvoor verbinding met de Regionale Energiestrategie (RES), de Regionale Adaptatiestrategie (RAS) en de Regionale Agenda Laadinfrastructuur (RAL). In het RPW nemen we, naast de ruimtebehoefte, ook de aanvullende eisen mee die hieraan worden gesteld. • De transformatie van werklocaties naar woningbouw (o.a. in Arnhem en Nijmegen) leiden tot een verplaatsingsvraagstuk van bedrijven. Dit is

een nieuw vraagstuk waar extra aandacht aan moet worden besteed in het RPW. • We onderzoeken wat de mogelijkheden voor (her)ontwikkeling van brownfields zijn en pakken dit samen met de provincie op. Onder brownfields worden verstaan: structureel onderbenutte of verwaarloosde gronden met opstallen (bijvoorbeeld bedrijventerreinen), die voor herinrichting c.q. transformatie in aanmerking komen. • Voor bestaande werklocaties kijken we samen met de provincie waar en onder welke voorwaarden al dan niet mogelijkheden liggen voor reguliere logistiek op gemengde terreinen. XXL logistiek kan alleen geclusterd op de daarvoor aangewezen locaties in het RPW. WAT MAG HET KOSTEN? realisatie begroting begroting 2021 2022 (bedragen x € 1.000) Productieve regio Lasten Baten Saldo baten en lasten Toevoeging aan reserve Onttrekking aan reserve Saldo na reserves 2023 2024 meerjarenraming 2025 2026 • De opkomst van ‘dark stores’ is nieuw. Een ‘dark store’ is een distributielocatie/depot/hub dichtbij consumenten, om binnen enkele minuten goederen te kunnen leveren. Deze liggen vaak in woonwijken en winkelgebieden. In het RPW moeten we bepalen hoe hier mee om te gaan. • Uitvoering Plan van Aanpak vergroening van bestaande werklocaties. In 2021 is een plan van aanpak voor de vergroening van bestaande werklocaties gemaakt, afgestemd met de provincie. In het tweede kwartaal 2022 wordt er een voorstel aangeboden hoe we dit verder gaan uitwerken. De resultaten hiervan worden verwerkt in de monitoring van 2022 en het RPW van 2025. - - - - - - 575 575 - - - - 748 748 - - - - 768 768 - - - - 789 789 - - - - De realisatie 2021 betreft de baten en lasten zoals deze in de administratie van de Groene Metropoolregio zijn verantwoord. Details van dit overzicht zijn opgenomen in de begroting. 789 789 - - - - 35

6. CIRCULAIRE REGIO (PROGRAMMA) OVER VIJF JAAR: hebben we onze positie als circulaire topregio versterkt en zijn we internationaal zichtbaar. We hebben een instrumentarium ontwikkeld om zuiniger en slimmer om te gaan met energie, grondstoffen en producten. 36

We werken op regionale schaal al een aantal jaren samen op het gebied van duurzaamheid. De Routekaart Energietransitie vormde hiervoor de basis. Uit deze samenwerking zijn diverse projecten voortgekomen, die deels nog lopen of in 2021 een impuls hebben gekregen. Enkele voorbeelden: • 16 gemeenten hebben in 2021 de Regionale Energiestrategie 1.0 (RES) vastgesteld. De projectorganisatie is vernieuwd met het oog op de volgende fase RES 2.0. Hiervoor is een Uitvoeringsplan opgesteld en zijn voorwaarden geschapen voor het uitvoeren van zogenaamd PlanMER. • de gezamenlijke inkoop van duurzame energie (gas en elektriciteit) is voorbereid, zodat in 2022 de contracten voor de komende jaren kunnen worden aanbesteed c.q. verlengd. Voor een zo duurzaam mogelijke inkoop van gas is een strategie opgesteld. • het project Circulaire Grond-, Weg- en Waterbouw is voortgezet met de organisatie van enkele kennisevents, een communicatiestrategie en de voorbereiding van proeftuinen en pilotprojecten. • we hebben in samenwerking met de opgave Groene groei een circulaire impactladder ontwikkeld. Die biedt een maatstaf om de circulariteit van nieuwbouwwoningen te kunnen beoordelen. In 2022 gaat de implementatie van start binnen gemeenten en gaat de regionale bouwsector hiermee werken. • we hebben een interactieve sessie georganiseerd over klimaatadaptatie voor medewerkers van gemeenten, provincie en waterschappen. • we hebben een startnotitie geschreven die de basis legt voor de verdere ontwikkeling en aanpak van circulaire grondstoffen en ketens. Het verhaal van een aantrekkelijke circulaire transitie is nog lang niet uitgekristalliseerd en blijft zich verder ontwikkelen en concretiseren. De aandacht voor de samenhang met andere duurzaamheidstransities neemt toe (denk aan voedsel en mobiliteit). Dat is nodig om het 37 maatschappelijk draagvlak en de maatschappelijke inzet voor deze transities te versterken. De gezamenlijke overheden vervullen hierin een voortrekkersrol. Zo leveren we op initiatief van de opgave Ontspannen regio een bijdrage aan een verkenning hoe we onze rol in de transitie van de landbouw zien en vormgeven. (Inter-)nationale en regionale klimaatambities en doelstellingen voor 2030 en 2050 zijn vastgesteld en worden eerder aangescherpt dan getemperd. De overtuiging dat versnelling en verbreding nodig is, groeit bij steeds meer actoren en stakeholders. Bij de ontwikkeling van het Uitvoeringsplan RES 2.0 merken we dat het Rijk tot nu toe onvoldoende middelen heeft verstrekt voor deze vervolgfase. Dat legt een forse claim op het projectteam, dat aanzienlijk is verkleind ten opzichte van de fase RES 1.0. De complexiteit bij het ontwikkelen van duurzame energie is echter alleen maar toegenomen, omdat er in 2021 diverse signalen zijn afgegeven dat nieuwe grotere projecten niet meer aangesloten kunnen worden vanwege netcongestie. Daarbij komt dat de vraag naar elektriciteit de komende jaren nog toeneemt. Onder andere doordat we elektrisch gaan rijden en veel meer woningen gaan bouwen.

SPEERPUNT 1 CIRCULAIRE BOUW EN INFRASTRUCTUUR WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: • • besteden we alle projecten in de Grond-, Weg en Waterbouw (GWW)-sector circulair aan. wordt minstens 25% van de woningen circulair gebouwd. Besparen en hergebruik van grondstoffen en producten is in vele sectoren van onze samenleving van belang. De sector bouw en infrastructuur neemt ongeveer 40% van de Gelderse grond- en afvalstoffenstromen voor zijn rekening. De Groene Metropoolregio zet samen met bedrijven en onderzoeksinstellingen stevig in op het besparen van grondstoffen en hergebruik van afvalstoffen in de bouw- en infrastructuur en vermijdt daarmee zoveel mogelijk CO2-emissies. In de Woondeal Arnhem-Nijmegen is het streven vastgelegd dat na verloop van tijd een steeds groter aandeel circulair gebouwd wordt: in bestaande plannen minimaal 10%, vanaf 2025 25%, vanaf 2030 50% en vanaf 2050 100%. De regio heeft hiervoor een maatstaf ontwikkeld: de circulaire impactladder. Het Kenniscentrum Circulaire Bouw in Nijmegen is een mooi voorbeeld waar kennis en kunde over circulaire bouw wordt samengebracht. Mogelijk gaat dit centrum deel uitmaken van VIA-t, centrum voor innovatie, duurzaamheid en vakmanschap in de bouw. Ook willen we leren van proeftuinen en experimentlocaties, bijvoorbeeld in het Lifeport Circular Lab. Deze initiatieven dragen bij aan het verminderen van het tekort aan kundige vaklieden voor circulair bouwen. De bouwsector kampt nu al met een tekort aan personeel en circulaire bouw vergt voor een deel andere kennis, kunde en vaardigheden. • hebben wij met partners een regionaal ecosysteem ontwikkeld, waarbij het hergebruik van bouwmaterialen en grondstoffen gebruikelijk is en de bouwlogistiek duurzaam functioneert. Het in 2020 gestarte Uitvoeringsprogramma Circulaire Grond-, Weg- en Waterbouw zetten we voort en wordt in 2022 geëvalueerd. Er komt een voorstel voor het vervolg. Het project bestaat uit het delen van kennis, het ontwikkelen van een aanpak waarbij circulaire principes worden meegenomen in onze overheidsrol als opdrachtgever en het ontwikkelen van een maatstaf voor de mate van circulariteit in de infrasector. 38

WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • Om circulair aanbesteden in de GWW-sector algemeen geaccepteerd en breed toegepast te krijgen, moet kennis van en ervaring met deze manier van aanbesteden snel groeien bij alle opdrachtgevers, budgethouders, inkopers, projectleiders en uitvoerders in de regio. We ondersteunen en versnellen deze leercurve door het opbouwen en uitwisselen van kennis en informatie te organiseren en door de (directe en indirecte) meerwaarde van circulair aanbesteden inzichtelijk te maken. • Voor het beoordelen van de circulariteit van bouw hebben we een methode ontwikkeld: de circulaire impactladder. Om deze methode in 2025 in de hele regio toe te kunnen passen op alle bouwprojecten, organiseren we een leertraject om de implementatie soepel te laten verlopen. We faciliteren het uitwisselen van kennis, informatie en ervaringen rondom het beoordelen van de circulariteit van bouw en ondersteunen de inzet van een projectmanager conceptueel en circulair bouwen. • In zowel de bouw als de GWW-sector wordt op grote schaal gebruik gemaakt van ‘virgin materials’ waar bovendien ook vaak nog geen goede duurzame alternatieven voor zijn. Denk bijvoorbeeld aan cement, staal en glas. Hergebruik van bouwmateriaal dat al in omloop is, is een belangrijk circulair principe om de negatieve impact van het gebruik van bouwmateriaal te verkleinen. In het bijzonder voor die materialen waar (nog) geen goede duurzame alternatieven voor zijn. Wij versterken de praktijk van hergebruik van materialen en grondstoffen door partijen te verbinden, kennis en ervaringen te delen en gezamenlijke initiatieven te ondersteunen. • Circulair bouwen en circulair aanleggen van infrastructuur vergt ook duurzame bouwlogistiek. We ondersteunen verduurzaming daarvan door uitwisseling van kennis, informatie en ervaringen te faciliteren bij alle spelers in de bouwketen. 39

SPEERPUNT 2 CIRCULAIRE ECONOMIE: GRONDSTOFFEN EN KETENS WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: • • hebben we 6 productieketens/ reststromen circulair gemaakt. kopen alle gemeenten in de regio circulair in. Circulaire economie is een transitievraagstuk waar de hele samenleving in dit decennium mee te maken krijgt, in overheidsbeleid en -eisen en vragen van bedrijven. Voor een individuele gemeente is het lastig hierop in te spelen. Partijen willen verspilling voorkomen, producten anders ontwerpen, productlevensduur verlengen en producten leasen, hergebruiken en recyclen. Dit is hard nodig, want er raken nog veel grondstoffen verloren omdat ze bijvoorbeeld nog onnodig worden verbrand. De Groene Metropoolregio wil voorsorteren op de toekomst waarin schaarste aan materialen en grondstoffen wordt verwacht en anticiperen op Rijks- en overheidsbeleid. Circulariteit, klimaat en energie worden in landelijk en Europees beleid steeds meer geïntegreerd benaderd, o.a. omdat circulariteit nodig is om klimaatdoelen te halen. Maar ook omdat het verstandig is om de energietransitie zo circulair mogelijk te laten verlopen, omdat materialen en grondstoffen schaarser worden (bijvoorbeeld in Fit for 55 (EU) en in het nieuwe Coalitieakkoord). Mede door de COVID-19 crisis en geopolitieke spanningen is er een trend richting deglobalisering en kortere ketens. De aanvoer stokt o.a. in de hightech, maakindustrie en food sectoren. De circulaire economie kan helpen nieuwe verdienmodellen op te zetten in een Europese, landelijke of zelfs regionale markt. Daar spelen we graag op in. WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • We versterken ons inzicht in de regionale 40 • functioneert een regionaal ecosysteem waarin hergebruik van grondstoffen en materialen fors is toegenomen. grondstoffen- en afvalstromen, vooral om focus aan te brengen in waar we als gezamenlijke overheden het meest kunnen bijdragen aan het circulair maken van onze regio. • We stimuleren de ontwikkeling van een zestal grondstoffenhubs en dragen bij aan een goede, evenwichtige ruimtelijke inpassing. Mogelijke grondstoffenhubs betreffen zonnepanelen, zorgafval, textiel en voedsel. • We helpen samen met provincie en omgevingsdiensten bij het wegnemen van juridische belemmeringen bij de ontwikkeling van nieuwe recyclingketens, bijvoorbeeld in de landbouw waar nog veel kansen liggen. • We ondersteunen gemeenten bij het circulair inkopen van producten en diensten en zorgen voor een stimulerend platform voor uitwisseling van kennis en ervaring. • We signaleren kansen voor nieuwe banen voor praktisch en technisch geschoolden, afgestemd met de brede Human Capital Agenda in de opgave Productieve regio. • Landelijke of projectgebonden programma’s voor gedragsbeïnvloeding delen we met gemeenten om verspilling bij consumenten en producenten tegen te gaan. • Als circulaire topregio zoeken we expliciet naar kansen voor funding en cofinanciering voor versnelling van onze aanpak. De lobbykracht versterken we in samenhang met de provincie en The Economic Board.

SPEERPUNT 3 WATER EN KLIMAATADAPTATIE • WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: zijn we steeds beter geworden in het opvangen, vasthouden en hergebruiken van water. • hebben we maatregelen genomen om goed om te gaan met wateroverlast, droogte of hittestress. Water en klimaatadaptatie is een belangrijk thema. Voor de regio willen we water beter opvangen, vasthouden en hergebruiken en willen we overlast en onveilige situaties voorkomen. Steden, dorpskernen en werklocaties kunnen we nog verder vergroenen, waarmee we beter zijn voorbereid op extreme regenval, hitte en droogte. We bevorderen tegelijk de biodiversiteit. De gemeenten in de regio zijn betrokken bij verschillende Regionale Adaptatiestrategieën (RAS) die samen met waterschappen en andere partijen worden ontwikkeld. Hierbij heeft de Groene Metropoolregio geen rol gespeeld. De RASsen zijn gereed en/of in een afrondend stadium. Daarna volgt de uitwerkingsfase waarbij we als regio kunnen leren van goede voorbeelden over hoe om te gaan met extreme wateroverlast, hitte en droogte. Ook living labs en klimaatproeftuinen dragen daaraan bij. Bovendien hebben we als regio een forse bouwopgave waarbij we de groene kwaliteiten van de regio willen versterken. Dat levert de uitdaging op om klimaatbestendig, natuurinclusief en biodivers te bouwen. WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • Kennis delen: 1) Regionale Adaptatiestrategieën (RAS). Binnen de regio wordt op verschillende plekken gewerkt aan een water- en klimaatadaptieve regio. Als Groene Metropoolregio tillen we het kennisniveau van de hele regio naar een hoger 41 • • hebben we het bebouwd gebied in stad en dorp verder vergroend. bouwen we klimaatbestendig. niveau. Versnipperde kennis brengen wij bijeen en delen we met elkaar. We brengen wetenschappelijke én praktijkkennis van buiten onze regio naar onze regio toe. 2) Klimaatbestendig bouwen. Versterken kennis, kunde en profiel op het gebied van klimaatbestendig, natuurinclusief en biodivers bouwen. Ontwikkelen uniforme aanpak voor water- en klimaatbestendige bouwprojecten. Verwerven Europese/nationale cofinanciering voor vooruitstrevende projecten. 3) Klimaatproeftuinen en vergroeningsprojecten. Ontwikkelen van een lerende en inspirerende omgeving waarin kennis en praktijkervaringen over klimaatproeftuinen en aanpak van grote en kleinere vergroeningsprojecten op regionale schaal worden gedeeld. Daarbij halen we zo nodig ook inspiratie van buiten onze regio om nog meer stappen vooruit te zetten. • Ondersteuning Lifeport Circular Lab. Het Lifeport Circulair Lab ontwikkelt in triple helix-verband kleinschalige regionale initiatieven op het gebied van circulariteit door naar reguliere werkwijzen, zoals circulair bouwen, het inrichten van grondstoffenhubs en klimaatadaptieve maatregelen. Als Groene Metropoolregio zijn wij een verbindende schakel naar lokale overheden. • Profilering met projecten landschapsontwikkeling.

Grote landschapsontwikkelingsprojecten zijn van belang om als regio water- en klimaatbestendig te worden. Het groene karakter geeft onze regio een herkenbaar gezicht en maakt het een aantrekkelijke plek om te wonen en te recreëren. Als Groene Metropoolregio zetten wij ons in voor de partnerships en cofinanciering van landschapsontwikkeling waarbij klimaatadaptatie een rol speelt. 42

SPEERPUNT 4 TRANSITIE NAAR DUURZAME ENERGIE WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: • • gebruiken bedrijven, inwoners en gemeenten minder (fossiele) energie. is het aandeel duurzame, hernieuwbare energie dat we in de regio gebruiken groter dan landelijk gemiddeld. Met de plannen van de Europese Unie (Fit for 55) en het regeerakkoord zijn de doelen voor de energietransitie naar boven bijgesteld. Daarnaast dringt het bewustzijn door dat we niet alleen een opgave hebben op het gebied van verduurzaming van de energie, maar dat ook leveringszekerheid een cruciaal thema wordt. Voor de gemeenten die aan het thema energietransitie werken hebben deze ontwikkelingen een aantal gevolgen. • Doordat de RES in een verdere fase komt en door de hogere ambities van EU en Rijk moeten gemeenten een omslag maken van het maken van visies naar het versneld faciliteren van de uitvoering. • Er zal naast de blijvende focus op elektriciteit en warmte ook steeds meer aandacht besteed moeten worden aan opslagmogelijkheden van energie, zoals de toepassing van waterstof. • Door ontwikkelingen op de arbeidsmarkt is het voor gemeenten lastig om kwantitatief en kwalitatief voldoende personeel te krijgen voor de opgave. Met de Regionale Energiestrategie werken we samen aan de opwek van duurzame hernieuwbare elektriciteit en warmte en de bijbehorende infrastructuur, samen met Rijk, provincie en waterschappen. Daarmee dragen we bij aan de opgave om in 2030 55% minder CO2 uit te stoten en aan een CO2 neutrale energievoorziening. In de 43 RES 1.0 hebben we afgesproken 1,62 TWh duurzame elektriciteit op te wekken en te streven naar een betere verhouding in wind- en zonne-energie. WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • We faciliteren een nieuw bod RES 2.0 en ondersteunen de borging van afspraken die in de RES 1.0 zijn vastgelegd. Hiertoe maken we onder andere een regionaal PlanMER. We onderzoeken samen met onze partners of we de afspraken kunnen borgen in een gezamenlijk regionaal omgevingsprogramma. We werken tevens samen aan een regionale warmtestructuur met bronnenstrategie, in samenhang met de gemeentelijke transitievisies warmte. • We stimuleren de ontwikkeling van smart energy hubs en nieuwe duurzame energiedragers zoals waterstof en accu’s. Connectr speelt een belangrijke rol in dit speelveld. • We zorgen namens gemeenten voor de contracten voor gezamenlijke inkoop van energie. • We organiseren en delen kennis op het gebied van o.a. aardgasvrije wijken, expertisecentra en energieloketten. • We zorgen voor monitoring van onze inspanningen voor CO2-reductie, waarbij we zoveel mogelijk gebruik maken van bestaande data. • is onze regio volop in staat innovaties in opwekking, opslag en transport tot stand te brengen.

WAT MAG HET KOSTEN? realisatie begroting begroting 2021 2022 (bedragen x € 1.000) Circulaire regio Lasten Baten Saldo baten en lasten Toevoeging aan reserve Onttrekking aan reserve Saldo na reserves 2023 2024 meerjarenraming 2025 2026 198 198 - 638 638 - 686 686 - 704 704 - 722 722 - 722 722 - - - - - - - - - - - - - - - - - - - De realisatie 2021 betreft de baten en lasten zoals deze in de administratie van de Groene Metropoolregio zijn verantwoord. Details van dit overzicht zijn opgenomen in de begroting. 44

45

7. ONTSPANNEN REGIO (PROGRAMMA) OVER VIJF JAAR: hebben we een goede balans tussen groei en kwaliteit van leven door onze inzet op duurzaam toerisme, goede voorzieningen in centra voor inwoners en bezoekers, een sterke culturele infrastructuur en versterking van natuur, landschap en erfgoed. 46

We groeien als regio. In inwoneraantal, in woningen, wegen, fietspaden, werkgelegenheid en nog veel meer. We willen alles wat het leven in deze regio zo prettig maakt, onze kwaliteit van leven, mee laten groeien. Daar gaat deze opgave over. We willen dat inwoners en bezoekers in hun vrije tijd nog meer kunnen genieten van de mooie plekken in onze regio. Door bijvoorbeeld het fiets- en wandelroutenetwerk te verbeteren, willen we er aan bijdragen dat iedereen die in de regio woont of de regio bezoekt, gezond kan bewegen, sporten en leven. We willen dat de kernen van onze steden en dorpen levendig en leefbaar zijn. We vinden het belangrijk dat we het landschap, de natuur, het water, het (groene) erfgoed en de cultuur in onze regio nog beter en sterker maken. En soms moeten we ook herstellen wat (deels) verloren is gegaan. Denk aan natuurgebieden waar zoveel bezoekers komen, dat de natuur verstoord is geraakt. Het versterken en herstellen van landschap, natuur, water, erfgoed en cultuur doen we deels om de groei in inwoners en woningen op te vangen: als er meer mensen wonen, hebben we ook meer aantrekkelijke plekken en voorzieningen nodig. Maar we doen het ook omdat landschap, natuur, water, erfgoed en cultuur een belangrijke waarde van zichzelf hebben, die we graag willen behouden en versterken. Om te zorgen dat de kwaliteit van leven op peil blijft en beter wordt, blijven we ook in de jaren 2023-2025 werken aan vier speerpunten: ‘duurzaam toerisme’, ‘bruisende binnensteden, krachtige kernen’, ‘groen-blauw raamwerk’ en ‘cultuur’. Deze vier speerpunten hebben veel met elkaar en met de andere opgaven te maken. Een paar voorbeelden: • meer woningen en wegen vragen om aantrekkelijke recreatieve voorzieningen in stadscentra en dorpskernen. Toeristische bezienswaardig47 heden, een goed en gevarieerd winkelaanbod, bezoekers in de centra en culturele activiteiten, helpen om binnensteden en kernen levendig en leefbaar te houden. De speerpunten ‘bruisende binnensteden, krachtige kernen’, ‘duurzaam toerisme’ en ‘cultuur’, hebben veel met elkaar te maken. Voor de ondernemers en de regionale economie is een levendig centrum en een prettig vestigingsklimaat in zijn algemeenheid erg belangrijk. Daarom werken we hier samen met de Productieve regio aan. • het ‘groen’ en het ‘blauw’ zijn belangrijk voor inwoners en bezoekers. Tegelijkertijd willen we de drukte die dat met zich mee brengt goed over de regio spreiden. Want minder drukte is prettiger voor de bezoeker, voor de mensen die rondom het recreatiegebied wonen en beter voor de natuur. Met onze acties binnen het speerpunt ‘duurzaam toerisme’ zorgen we dat er meer aantrekkelijke plekken zijn om te bezoeken. En dat die plekken goed bekend zijn bij iedereen. Tegelijkertijd denken we in het groen-blauw raamwerk goed na welke plekken juist niet bezocht moeten worden, omdat de natuur rust nodig heeft. En we kijken of we slimme combinaties kunnen maken met oplossingen voor andere problemen. Bijvoorbeeld een combinatie tussen nieuwe natuur en het opvangen van water of het opwekken van duurzame energie. Dat laatste doen we samen met de Circulaire regio. De Ontspannen regio was bij de start in 2021 een relatief nieuwe opgave in regionaal verband. We zijn begonnen met het maken van een toeristisch profiel, het groen-blauw raamwerk en een analyse en toekomstbeeld voor bruisende binnensteden, krachtige kernen. Ook hebben we gekeken wat nodig is om ons fiets- en wandelroutenetwerk beter te maken. De wethouders van Cultuurregio 025 hebben afspraken gemaakt over de uitvoering van het Transformatievoorstel cultuurregio 025. Hiervoor krijgen we van de provincie 1,3 miljoen euro.

We gebruiken 2022 om concreter te maken wat we als regio gaan doen. We maken af waar we in 2021 mee begonnen zijn, doen een vitaliteitsonderzoek en starten met de uitvoering van het Transformatievoorstel cultuurregio 025. Met onze aanpak sluiten we goed aan op wat de provincie, het Rijk en Europa belangrijk vinden en maken we gebruik van de middelen die daar beschikbaar zijn. In de periode 2023-2025 zorgen we dat de plannen die we in 2022 maken, uitgevoerd worden. Met samenwerkingspartners regelen we middelen en beleggen we de uitvoering bij wie dat het beste kan. Veel van wat wij willen, wil de provincie ook. We werken samen binnen alle speerpunten. In het Verstedelijkingsakkoord met het Rijk verwachten we afspraken te kunnen maken over versterking van landschap, natuur en erfgoed en over binnensteden en kernen. Waterschappen, Rijkswaterstaat, natuur- en terreinbeherende organisaties, zoals Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten, zijn onze partners om het groen-blauw raamwerk te realiseren. We doen dat samen met de opgave Groene groeiregio. De gebiedsuitwerkingen binnen die opgave zijn een belangrijk uitgangspunt. Met Visit Arnhem Nijmegen (VAN) en andere partners werken we verder aan duurzaam toerisme. We leren van de VeluweAlliantie en trekken samen op waar dat helpt. Dat geldt ook voor de andere regio’s, die naast onze regio liggen of daarmee deels overlappen: de Achterhoek, Noord-Limburg, Noord-Oost-Brabant, het Land van Maas en Waal en de Euregio Rijn-Waal. De cultuur- en erfgoedsector betrekken we in 2022 bij de uitvoering van het Transformatievoorstel Cultuur, zodat die mede-uitvoerder van het Transformatievoorstel Cultuurregio 025 wordt. 48

SPEERPUNT 1 DUURZAAM TOERISME • hebben we in de regio een vitale sector voor recreatie, die - aansluit bij de vraag en - bijdraagt aan de (basis)voorzieningen en leefbaarheid in de kernen. Het toeristisch toekomstperspectief ArnhemNijmegen vormt de basis voor dit speerpunt. In 2022 maken we een toeristisch profiel op basis van verhaallijnen, ook wel belevingsgebieden genoemd, zoals ‘Romeinen’, ‘Water’ of ‘Vrijheid’. Dit doen wij in samenwerking met het speerpunt Cultuur. Daarnaast doen we een vitaliteitsonderzoek: welke (soorten) toeristische bedrijven zijn er in de regio en wat zijn de sterke en minder sterke punten van de sector? En we werken aan een verbetering van ons fiets- en wandelroutenetwerk. Met de Verbonden regio proberen we de kansen die er zijn voor verbetering van het functionele fietsroutenetwerk, voor bijvoorbeeld woon-werkverkeer, te koppelen aan kansen om het recreatieve fietsroutenetwerk te verbeteren. Het toeristisch profiel en het vitaliteitsonderzoek zijn de basis voor onze samenwerking op dit speerpunt in 2023-2025. We werken de belevingsgebieden verder uit en werken aan de promotie daarvan. We ondersteunen ondernemers in toerisme om een vitaal en levensvatbaar bedrijf te hebben en te houden. Zo komen er meer aantrekkelijke plekken om te bezoeken, wat helpt om bezoekers meer over de regio en de seizoenen te spreiden. We gaan in de periode 2023-2025 door met het verbeteren van ons fiets- en wandelroutenetwerk. Ook dat helpt om bezoekers over de regio te spreiden. In het groen-blauwe raamwerk besteden we ook aandacht aan recreatie en toerisme. Door na te denken over de vraag: waar creëren we ruimte in 49 • • WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: kiezen bezoekers steeds vaker voor een verblijf van meer dagen in de regio. is de drukte door bezoekers beter verspreid over de regio en over de seizoenen. natuur en landschappen om te recreëren en waar is het juist belangrijk om natuur en landschap met rust te laten? In de periode 2023-2025 leggen we meer nadruk op klimaat- en milieubewust ondernemen in de toeristische sector. En op het bereiken van zoveel mogelijk verschillende groepen mensen om in deze regio te komen recreëren en ontspannen. WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • Samen met VAN stemmen we de subregionale marketingvisies op elkaar af en komen we tot een geheel dat past bij het toeristisch profiel op basis van belevingsgebieden. • We scheppen de voorwaarden (financieringsmogelijkheden, organisatie) om de belevingsgebieden verder te ontwikkelen en bewaken de samenhang daarin. • We vertalen het vitaliteitsonderzoek verder in een plan van aanpak om de vitaliteit van de toeristische sector te verbeteren en meerdaags verblijf te bevorderen. • We scheppen de voorwaarden om de vitaliteitsaanpak uit te voeren (o.a. financieringsmogelijkheden en organisatie). • We ondersteunen de professionalisering van het opdrachtgeverschap tussen gemeenten en VAN. We zoeken naar de gezamenlijke belangen en organiseren gesprekken om te komen tot prestatieafspraken. • Op basis van het plan van aanpak voor fiets- en wandelroutenetwerken, maken we een meerjarige uitvoeringsagenda voor recreatieve

routenetwerken, afgestemd met de meerjaren agenda Fiets (Verbonden regio). We actualiseren deze agenda jaarlijks. en onderhoud van het fiets- en wandelroutenetwerk en stimuleren de doorontwikkeling van de organisatie hiervan. • Samen met de Verbonden regio scheppen we de voorwaarden om de agenda voor het recreatieve wandel- en fietsroutenetwerk uit te voeren (o.a. financieringsmogelijkheden en organisatie). Het aanleggen van de routes gebeurt op gemeentelijk niveau. • We inventariseren wat nodig is voor het beheer 50

SPEERPUNT 2 BRUISENDE BINNENSTEDEN, KRACHTIGE KERNEN WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: • hebben we een sterk en complementair aanbod van voorzieningen in onze binnensteden en centra van kernen (kortweg: centra). Binnensteden en kernen worden steeds minder een plek om alleen spullen te kopen en steeds meer een plek om elkaar te ontmoeten en te ontspannen. En we wonen ook steeds meer in de binnensteden en kernen. De gevolgen van de COVID-19 crisis maken het extra belangrijk om te blijven werken aan sterke binnensteden en krachtige kernen. Gemeenten en ondernemers zijn hier volop mee bezig, op eigen kracht en met steun van provincie en de Rijksoverheid. De vraag is wat wij hier op regionaal niveau aan kunnen toevoegen. We weten dat binnensteden en kernen in onze regio van elkaar afhankelijk zijn en elkaar aanvullen. Maar hoe zijn die binnensteden precies aanvullend aan elkaar en waar is er overlap of zijn er nog witte vlekken En waar liggen kansen om elkaar te versterken? Om dat te bepalen, gebruiken we de analyse en het toekomstbeeld ‘brui• • hebben we leegstand in onze centra aangepakt en beperkt. houden we de centra leefbaar voor bewoners, bezoekers en ondernemers. sende binnensteden, krachtige kernen’. Op basis van de uitkomsten hiervan, besluiten we in 2023 of en zo ja hoe we dit speerpunt in regionaal verband oppakken. Totdat we daar duidelijkheid over hebben, begroten we voor dit speerpunt geen middelen, behalve een deel van de middelen, beschikbaar voor de opgave als geheel. BIJDRAGE VAN DE REGIO • We hebben op basis van analyse en toekomstbeeld een overzicht van de kansen voor versterking van het regionale netwerk van voorzieningen in centra. • Hebben we concreet gemaakt of en zo ja wat we op regionaal niveau oppakken om het regionale netwerk van voorzieningen te versterken, hoe we dat doen en hoe we dat financieren. 51

SPEERPUNT 3 GROEN-BLAUW RAAMWERK • WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: hebben we waardevolle natuur, biodiversiteit, water, landschap en cultureel erfgoed in de regio duurzaam behouden, versterkt en uitgebreid. Het gaat om zowel de intrinsieke waarde van natuur, landschap, water en erfgoed, als de belevingswaarde. Het belang van het groene en blauwe hart van de opgave Ontspannen regio is in korte tijd steeds duidelijker geworden. Groei in inwoners, woningen, banen en wegen kan alleen als we ook ruimte hebben om te wandelen, fietsen, sporten en bij het water recreëren. En om cultuur en erfgoed, zoals kastelen en buitenplaatsen, te bezoeken. Niet alleen daarom willen we natuur, water, landschap en erfgoed versterken. Ook in het licht van de waarde die natuur, water, landschap en erfgoed van zichzelf hebben, de intrinsieke waarde, is het belangrijk om het ‘groen’ en het ‘blauw’ in de regio te herstellen, uit te breiden en beter te maken. In 2022 maken we daarom een groen-blauw raamwerk. Dat raamwerk geeft aan welke kansen er zijn voor het verbeteren van het groen en het blauw. Daarbij kijken we ook hoe we dit kunnen combineren met oplossingen voor andere vraagstukken die spelen. We denken dan bijvoorbeeld aan de stikstofopgave, Verstedelijkingsstrategie, woningbouw, landbouw, recreatie, klimaatadaptatie, energietransitie, waterberging en biodiversiteit. Maar er kunnen niet altijd mooie combinaties gemaakt worden. Soms moeten er ook keuzes gemaakt worden. Bijvoorbeeld om in een gebied de natuur met rust te laten, zodat deze kan herstellen. Het groen-blauw raamwerk dat we in 2022 maken, helpt om zulke keuzes te maken. In 2023-2025 werken we op basis van die keuzes het groen-blauw raamwerk uit in een uitvoeringsagenda. We doen dit samen met de andere opgaven, 52 • benutten we mogelijkheden voor slimme combinaties met de stikstofopgave, Verstedelijkingsstrategie, woningbouw, landbouw, recreatie, klimaatadaptatie, energietransitie, waterberging en biodiversiteit. provincie en de Rijksoverheid. In de periode 2023-2025 besteden we extra aandacht aan de transitie van de landbouw. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat in de regio voedsel geproduceerd wordt op een manier die (nog) meer dan nu het geval is, bijdraagt aan bijvoorbeeld meer en betere natuur? Want we verwachten dat we dat nodig hebben om het groen en blauw te versterken. Samen met de opgaven Groene groeiregio, Circulaire regio en Productieve regio verkennen we hoe we onze regionale rol ten aanzien van de transitie van de landbouw zien en vormgeven. WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • We ondersteunen dat, met het groen-blauw raamwerk als uitgangspunt, ruimtelijke keuzes worden gemaakt over onder meer de stikstofopgave, Verstedelijkingsstrategie, woningbouw, landbouw, recreatie, klimaatadaptatie, energietransitie, waterberging en biodiversiteit. Dat doen we in nauwe samenwerking met de provincie. • We hebben samen met de provincie en andere partners en in afstemming met alle trajecten op dit vlak (Verstedelijkingsstrategie, stikstofaanpak, Nationaal Programma Landelijk gebied etc.) afspraken gemaakt over versterking van landschap, natuur, water en erfgoed. • We hebben onder andere in het Verstedelijkingsakkoord concrete afspraken gemaakt met het Rijk en andere partners over investeringen in het groen en blauw van de regio.

SPEERPUNT 4 CULTUUR EN ERFGOED • hebben we een duurzame culturele infrastructuur, waarbinnen cultureel aanbod wordt verzorgd, dat past bij de vraag en het profiel van de regio. In 2021 is het Transformatievoorstel cultuurregio 025 gemaakt. Daarin staat hoe we samen met de culturele sector ervoor willen zorgen dat zoveel mogelijk mensen nu en in de toekomst cultuur kunnen maken en van cultuur en cultuurhistorie kunnen genieten. In 2022 hebben we het Transformatievoorstel cultuurregio 025 uitgewerkt in een uitvoeringsplan voor 2022-2025. Hiervoor heeft de provincie Gelderland een budget beschikbaar gesteld van 1,3 miljoen euro. Dat budget investeren we in vijf hoofdactiviteiten: 1. Innovatie van productie en presentatie: welke nieuwe manieren zijn er om nieuw publiek te bereiken en meer mensen mee te laten doen? 2. Professionalisering: wat kunnen culturele instellingen doen om effectiever en efficiënter te werk te gaan? 3. Amateurkunst en vrijwilligersbeleid. 4. Cultuureducatie. 5. Verhaallijnen. Vooral de activiteiten amateurkunst en vrijwilligersbeleid, cultuureducatie en verhaallijnen hebben ook veel te maken met erfgoed. Denk bijvoorbeeld aan onze musea, waarin veel vrijwilligers werken. Maar ook de vele cultuurhistorische verhaallijnen die onze regio rijk is, zoals de Romeinen. De verhaallijnen die we vanuit dit speerpunt oppakken, koppelen we natuurlijk aan het toeristisch profiel. Zo versterkt dit speerpunt het speerpunt duurzaam toerisme en andersom. We voeren het uitvoeringsplan de komende jaren uit, samen met de provincie en de cultuursector. 53 • WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: bezoeken inwoners en bezoekers van de regio cultuur en erfgoed, nemen ze hier actief in deel en bereiken we daarbij steeds meer verschillende doelgroepen. Daarnaast willen we ook organisaties uit het sociale domein betrekken, zoals de zorg en bibliotheken. Zo helpt dit speerpunt niet alleen om cultuur te versterken, maar ook om meer levendige en leefbare binnensteden en kernen te krijgen. Om een aantrekkelijk aanbod voor toeristen te hebben en om ervoor te zorgen dat cultuur en erfgoed voor iedereen toegankelijk is. WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • Hebben we het uitvoeringsplan Transformatievoorstel Cultuur voor de korte en middellange termijn uitgevoerd en minimaal 1,3 miljoen euro geïnvesteerd in: 1. Innovatie in de culturele sector. 2. Professionalisering van de sector door o.a. opleiding. 3. Versterking van cultuureducatie. 4. Ondersteuning van amateurkunst en vrijwilligers. 5. Verhaallijnen (in samenwerking met Duurzaam toerisme). • Hebben we een lange termijnvisie en (investerings-)plan voor verdere versterking van Cultuurregio 025. • Hebben we de voorwaarden geregeld om de uitvoering van het investeringsplan mogelijk te maken (o.a. financieringsmogelijkheden en organisatie).

WAT MAG HET KOSTEN? realisatie begroting begroting 2021 2022 (bedragen x € 1.000) Ontspannen regio Lasten Baten 2023 2024 meerjarenraming 2025 2026 6 6 585 585 796 796 817 817 840 840 840 840 Saldo baten en lasten - - - - - - Toevoeging aan reserve - - - - - - Onttrekking aan reserve - - - - - - Saldo na reserves - - - - - - De realisatie 2021 betreft de baten en lasten zoals deze in de administratie van de Groene Metropoolregio zijn verantwoord. Details van dit overzicht zijn opgenomen in de begroting. 54

55

8. GROENE GROEIREGIO (PROGRAMMA) OVER VIJF JAAR: regisseren wij samen met de aangesloten gemeenten de groei in onze regio. Op zo’n manier dat wij de balans tussen stedelijke ontwikkeling, natuur en landschap, economische groei, goede bereikbaarheid en de ontspannen leefkwaliteit behouden en verbeteren. 56

Vanuit haar twee speerpunten geeft de Groene groeiregio uitvoering aan de volkshuisvestelijke/ wonen opgave in combinatie met de ruimtelijke ontwikkelingsopgave in de regio. De eerste opgave vindt zijn beslag in de Woondeal ArnhemNijmegen. De uitvoering richt zich op de versnelling van de woningbouw om zo de grote woningbehoefte in onze regio te verlichten. De werkzaamheden zijn met name gericht op de korte termijn (nadruk tot 2025-2030). De tweede opgave krijgt uitvoering via de Verstedelijkingsstrategie Arnhem Nijmegen Foodvalley (ANF). Deze integrale strategie geeft inzicht in de woon- en werklocaties tot 2040, rekening houdend met aspecten op het gebied van wonen, economie, mobiliteit en leefomgeving. Vanuit de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) werkt het Rijk met Woondeals en Verstedelijkingsstrategieën. Ook binnen de Groene groeiregio worden de twee afzonderlijke met elkaar verbonden. In het verlengde van de verstedelijkingsopgave wordt met de Groene Metropool 2121 een lange termijnverkenning gemaakt naar toekomstscenario’s voor de ruimtelijke opgave in onze regio; vergezichten over 50 à 100 jaar. Hierbij is grote aandacht voor klimaat, economie, energie en schaarse ruimte. Voor de ontwikkeling van de vergezichten werken wij samen met de provincie en kennis- en onderzoeksinstellingen. VERSNELLINGSOPGAVE: UITVOERING WOONDEAL ARNHEM-NIJMEGEN Dit speerpunt richt zich op het verbeteren van het functioneren van de woningmarkt, het versnellen van de woningbouwproductie en heeft aandacht voor leefbaarheid in bestaande wijken. Dit doen wij door de inzet van diverse instrumentaria: • de woningmarktmonitor en het woonbehoefteonderzoek 2022 biedt gemeenten en andere belanghebbenden inzicht in de woningbouwontwikkeling. 57 • de flexpool stelt voor gemeenten personele capaciteit beschikbaar voor de planvoorbereiding van woningbouwlocaties. • kwartiermakers en experts voor regionale ondersteuning en beleidsontwikkeling op thema’s als planontwikkeling (o.a. binnenstedelijke verdichting), stikstof, huisvesting internationale medewerkers, woningbouwversnelling, conceptueel en/of circulair bouwen. • kennisontwikkeling en kennisdeling door samenwerking via publieke private tempotafels, de kennisbank op de website en het geven van leerkringen (in 2022 over conceptueel en circulair bouwen). • regionale afstemming over de inzet van volkshuisvestelijk instrumentarium, zoals doelgroepenverordening, opkoopbescherming etc., voor het toegankelijk en betaalbaar houden van de woningmarkt. • ontwikkeling van beleidsinstrumenten. In 2022 is de circulaire impactladder (screenings- en toetsingsinstrument bij circulariteit in woningbouw) ingevoerd. • partnerschap met (het collectief van) woningcorporaties. VERSTEDELIJKINGSOPGAVE: INTEGRALE RUIMTELIJKE ONTWIKKELING De Groene groeiregio zet de samenwerking en integrale afweging van de ruimteopgave in de leefomgeving centraal en adresseert de kernambitie van de visie. Zij wordt hiervoor gevoed door andere vier opgaven. De Groene groeiregio is daarmee integrerend van karakter. Voorbeelden voor 2022 zijn: • samen met de Productieve regio zijn met het onderzoek Economie van de Toekomst de ruimtelijk-economische kansen van onze regio in beeld gebracht. • samen met de Ontspannen regio werken wij aan een versterkt groen-blauw raamwerk door natuurherstel en -ontwikkeling, uitloopgebieden en groene corridors, klimaatadaptieve maatregelen.

• samen met de Verbonden regio werken wij aan een toekomstbestendig mobiliteitsnetwerk. Hiervoor is een analyse van de mobiliteitseffecten uitgevoerd die inzicht biedt én investeringskansen om de consequenties van de flinke woningbouwbehoefte in onze regio in goede banen te leiden. In het coalitieakkoord is 7,5 miljard euro gereserveerd voor de ontsluiting van nieuwe woningen, met name in de Verstedelijkingsgebieden. • samen met de Circulaire regio stimuleren wij circulaire woningbouw. Hiervoor is onder andere de circulaire impactladder ontwikkeld. De Verstedelijkingsstrategie ANF helpt de Groene groeiregio bij deze coördinerende functie. De Verstedelijkingsstrategie ANF wordt in onze regio uitgewerkt in zes gebiedsuitwerkingen (Rijk van Nijmegen, Nijmegen-West, Middengebied, Spoorzone Arnhem-Oost, Veluwezoom, Liemers). Dit is een continu proces. Het vertrekpunt hiervoor is het in 2022 vaststellen van de complete Verstedelijkingsstrategie ANF (deel I en II) en het sluiten van een Verstedelijkings58 akkoord met de provincie en het Rijk voor een langjarige samenwerking op gebied van verstedelijking en de randvoorwaarden die daarbij horen. Daarvoor zijn de ruimtelijke opgaven - inclusief knelpunten, kansen en randvoorwaarden - aan de hand van de vier bouwstenen wonen, economie, mobiliteit, leefomgeving, vertaald en uitgewerkt naar de zes gebieden in onze regio en voorzien van een uitvoerings- en investeringsagenda. VERKENNING TOEKOMSTSCENARIO: GROENE METROPOOL 2121 In 2022 is gestart met een gezamenlijke focus op een toekomstbestendige Groene Metropool. De eerste verkenning geeft inzicht in de langere termijnontwikkeling en de consequenties voor de verstedelijkingsopgave.

SPEERPUNT 1 WONEN IN BALANS: VERSNELLEN VAN DE WONINGBOUW WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: • • • • zijn er 20.000 woningen bijgebouwd (meetpunt 2020) volgens de afspraken in de Woondeal. in meer groene, gedifferentieerde en duurzame wijken en dorpskernen. waarvan meer betaalbare (koop) woningen. wordt bij circulair gebouwde woningen 25% circulair bouwmateriaal gebruikt. Met de langdurige samenwerkingsagenda Woondeal Arnhem-Nijmegen hebben gemeenten met voorrang toegang tot provinciale en nationale regelingen, nieuwe instrumenten, een breed kennisnetwerk, financiële middelingen en investeringen. De Groene groeiregio heeft de rol om deze voordelen naar de alle achttien gemeenten te brengen. Voor de woningbouwontwikkeling op de korte termijn (2025-2030) focust de Groene groeiregio zich voor de periode 2023-2025 op een aantal onderwerpen. Een aantal van deze zaken is in 2022 in gang gezet, deze worden gecontinueerd of verder uitgerold. WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • In 2022 worden de Woondeals (landelijk) geëvalueerd. In de periode 2023-2025 werken wij met Rijk en provincie samen in de Woondeal 2.0, waarin wij meer op realisatie gerichte afspraken hebben gemaakt met betere aansluiting op de behoefte van gemeenten als effectief versnellingsinstrument, inclusief bijbehorende nieuwe uitvoeringsgelden. 59 • In 2022 verkennen wij met de gemeenten of deze nieuwe Woondeal ook als provinciale Woonagenda kan gelden. Als dat het geval is, geven wij uitvoering hieraan. • Coördinatie tussen de uitwerking van de Woondeal 2.0 en de Verstedelijkingsstrategie en het akkoord. • Inzicht bieden in woonbehoeftes door middel van onderzoek en monitoring, inclusief inzicht in de huisvesting van verschillende doelgroepen. • Voor gemeenten blijft de flexpool beschikbaar. Onderzocht wordt of deze kan worden doorontwikkeld naar een meer vaste pool. Met de inzet van de flexpool wordt, naast invulling van personele capaciteit, ook het lerend vermogen binnen de regio ontwikkeld. • Inzet van regionale experts voor ondersteuning op thema’s zoals conceptueel en circulair bouwen, de uitvoering van het beleidskader internationale medewerkers, coördinatie rondom huisvesting van specifieke doelgroepen. • Samenbrengen van publieke en private partijen gericht op het realiseren betaalbare flexibele (tijdelijke) woningen, onder meer door het toepas• • met meer woningen beschikbaar voor specifieke doelgroepen, zoals voor ouderen, internationale medewerkers, kwetsbare doelgroepen en jongeren. zijn er breed inzetbare, flexibele (tijdelijke) huisvestingsconcepten gerealiseerd door de toepassing van innovatieve bouwconcepten.

sen van circulaire en industriële woningbouw. • Inzetten van een aanjaagteam gericht op versnelling van de grote kansrijke woningbouwlocaties in onze regio. • Gemeenten worden ondersteund bij het toekomstbestendig maken van bestaande wijken. Het gaat hier om de leefbaarheid van wijken door de verduurzaming van woningen en realiseren van gedifferentieerde wijken. Door o.a. de gemeente Arnhem wordt hier volop ervaring in opgedaan. Deze ervaring en kennis wordt regionaal gedeeld. • Vergroten partnerschap met de corporaties aan de hand van in 2022 opgestelde samenwerkingsthema’s. Daarnaast zoeken wij de samenwerking met marktpartijen (bouwende partijen) en kennisinstellingen via tempotafels bij thema’s uit de Woondeal. 60

SPEERPUNT 2 LEEFOMGEVING: VERBINDEN VAN DE RUIMTELIJKE OPGAVEN WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR: • • • werken wij gebiedsgericht en/of centraal vanuit majeure opgaven aan de Verstedelijkingsstrategie en zijn de ambities voor de verstedelijkingsopgave op elkaar afgestemd. bestaat er een structureel ruimtelijk overleg voor de zes deelgebieden en een koppeling met lokaal omgevingsbeleid. • in de deelgebieden zijn nieuwe (grote) woningbouwlocaties voor de periode 2030-2040 integraal onderzocht en hebben wij de ruimtelijke opgave van de vier bouwstenen in beeld. • In 2023 en verder gaan wij in een langjarige samenwerking cyclisch aan de slag met het realiseren van de verstedelijkingsopgave zoals die staat beschreven in de Verstedelijkingsstrategie ANF. Het gesloten Verstedelijkingsakkoord, met daarin afspraken gericht op realisatie en samenwerking met bijbehorende uitvoeringsgelden, is daarbij leidend. De periode 2023-2025 staat in teken van met de relevante partners uitvoering geven aan de uitvoeringsagenda. Hiervoor blijven de gebiedsuitwerkingen het vertrekpunt. De Groene groeiregio heeft een rol in de coördinatie en de samenhang tussen gebieden en majeure, randvoorwaardelijke, gebiedsoverstijgende kernopgaven. Voor de majeure (kern)opgaven waarover nog geen bindende afspraken zijn gemaakt, zet de Groene groeiregio zich in om steun te vinden bij partners, bijvoorbeeld op de landelijke overlegtafel 61 • • deze ruimtelijke dimensie van de opgaven hebben wij in langer perspectief geplaatst door verkenningen van toekomstscenario’s 2121. zijn ruimtelijke dimensies inzichtelijk via het interactief dashboard Integrale ruimtelijke ontwikkeling. zijn de majeure opgaven uit het in 2022 gesloten Verstedelijkingsakkoord tot verdere uitvoering gekomen met behulp van Rijk en provincie. is er exposure gegenereerd over toekomstbestendige verstedelijking in de Groene Metropoolregio. BO-MIRT (Bestuurlijke Overleggen Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport). Het dashboard Integrale ruimtelijke ontwikkeling helpt de ruimtelijke vraagstukken te verbeelden om te komen tot toekomstbestendige keuzes voor een klimaatrobuuste Groene Metropool. Met het gereed komen van de Verstedelijkingsstrategie ANF en het ontwikkelen van de scenario’s wordt in de periode 2023-2025 het dashboard ingezet als voortgangsmonitor en het verbeelden van de verbindende ruimtelijke aspecten, de progressie van de verstedelijkingsopgave en de vraagstukken die de opgaven in de regio oproept. Door deze aan elkaar te ‘koppelen’ ontstaat synergie, wat de kwaliteit van de leefomgeving versterkt.

TOEKOMSTVERKENNING GROENE METROPOOL 2121 Het klimaat verandert. Voor een duurzame ruimtelijke inrichting van Nederland moeten het water- en bodemsysteem leidend zijn. In de Groene Metropool 2121 leggen wij de focus op langere termijn en consequenties voor de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen als het gaat over klimaat, natuur, biodiversiteit, verstedelijking, circulariteit etc. In samenwerking met de verschillende partners tillen wij onszelf even uit het hier en nu. Op basis van bestaande onderzoeken en inzichten van experts inventariseren wij: Wat weten we, wat zijn kansen, wat zijn de onzekerheden, wat vraagt het? Welke scenario’s volgen hieruit om te werken aan ‘een toekomstbestendige Groene Metropool’ en wat betekent dit voor gewenste bouwlocaties en bedrijventerreinen, de opgaven voor het platteland, natuur, landschap en water en de wijze waarop mobiliteit zich gaat ontwikkelen? De eerste verkenning die in 2022 is gemaakt, wordt verder uitgebouwd tot inspirerende en richtinggevende toekomstscenario’s met als doel in de ontwikkelingen van nu toekomstbestendige keuzes te maken. Deze toekomstverkenningen bespreken wij in de regio door inspirerende sessies te organiseren, waarbij wij ook deskundigen en partners in het land uitnodigen om als regio bij te dragen aan nationale kennisWAT MAG HET KOSTEN? realisatie begroting begroting 2021 2022 (bedragen x € 1.000) Groene groeiregio Lasten Baten Saldo baten en lasten Toevoeging aan reserve Onttrekking aan reserve Saldo na reserves 2023 2024 meerjarenraming 2025 2026 ontwikkeling. De output uit de inspiratiesessies worden gebruikt in de gebiedsuitwerkingen om te spiegelen en te inspireren voor de keuzes of dilemma’s op de meer korte termijn. Ook wordt deze input gekoppeld aan het dashboard. WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • Organiseren en coördineren van de gebiedsuitwerkingen en deze koppelen aan de langere termijn verkenningen 2121. Hiervoor zetten wij gebiedstrekkers en een coördinator tussen de gebieden in. • De in 2022 gestarte toekomstverkenning 2121 werken wij verder uit in de gebiedsuitwerkingen. • De voortgang uit gebiedsuitwerkingen en de toekomstverkenning Groene Metropool 2121 visualiseren wij via een interactief dashboard. Daarbij organiseren wij ambtelijke en bestuurlijke werksessies in de regio. • Wij geven uitvoering aan het Verstedelijkingsakkoord. Hiervoor is naar verwachting nodig dat wij vervolgonderzoeken uitzetten en coördineren. • Steun zoeken en agenderen van majeure opgaven uit het Verstedelijkingsakkoord waarover nog geen bindende afspraken zijn gemaakt bij (andere) betrokken partijen. 97 97 - - - - 993 993 - - - - 1.557 1.557 - - - - 1.599 1.599 - - - - 1.642 1.642 - - - - De realisatie 2021 betreft de baten en lasten zoals deze in de administratie van de Groene Metropoolregio zijn verantwoord. Details van dit overzicht zijn opgenomen in de begroting. 1.642 1.642 - - - - 62

63

64

9. BEDRAG HEFFING VENNOOTSCHAPSBELASTING Samenwerkingsverbanden zijn vrijgesteld voor de vennootschapsbelasting, ingeval aan drie cumulatieve voorwaarden is voldaan: 1. De activiteiten van het samenwerkingsverband moeten worden verrichtvoor de onmiddelijke of middelijke participerende publiekrechtelijke rechtspersonen; 2. De activiteiten zouden bij de participanten in het samenwerkingsverband niet tot belastingplicht hebben geleid of zouden zijn vrijgesteld als zij de activiteiten zelf zouden hebben verricht; 3. De participanten moeten naar evenredigheid van de afname van de activiteiten van de activiteiten van het samenwerkingsverband bijdragen in de kosten van het samenwerkingsverband. Bij een gemeenschappelijke regeling wordt geacht hieraan te zijn voldaan. Nadrukkelijk is deze vrijstelling bedoeld voor activiteiten aan of ten behoeve van de deelnemers aan een samenwerkingsverband en niet voor activiteiten ten behoeve van of aan een derde partij. De vrijstelling heeft alleen betrekking op de winst die wordt gerealiseerd door levering aan de deelnemende gemeenten. Wanneer de winst wordt gerealiseerd in verband met de levering aan derden moet hierover in beginsel vennootschapsbelasting betaald worden. De Groene Metropoolregio verricht voor derden vooral werk voor “activiteiten verricht in verband met de uitoefening van een overheidstaak of van een publiekrechtelijke bevoegdheid”. Daarbij worden de werkzaamheden kostendekkend uitgevoerd. De organisatie voldoet aan bovenstaande drie voorwaarden en is derhalve vrijgesteld voor de vennootschapsbelasting. 65

10. PARAGRAFEN 10.1 PARAGRAAF 1: RISICO’S EN WEERSTANDSVERMOGEN Op grond van artikel 11 van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) moet de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen in de paragraaf weerstandsvermogen1 inzicht verschaffen in de robuustheid van de begroting. Het weerstandsvermogen van de Groene Metropoolregio is het vermogen om niet structurele financiële tegenvallers te kunnen opvangen zodat de taken kunnen worden voortgezet. De Groene Metropoolregio is nauwelijks ontvankelijk voor risico’s. Het risicoprofiel is heel laag. Bovendien is een algemene reserve gevormd voor het opvangen van deze risico’s. Wij onderschrijven de principes van risicomanagement en risicobeheersing in ons werk. Dit houdt in dat risico’s gekoppeld worden aan de doelstellingen en dat maatregelen worden genomen om de risico’s te beheersen. Beleid t.a.v. reserves en voorzieningen De Groene Metropoolregio heeft een reserve voor het exploitatierisico i.c. de algemene reserve gevormd. Deze reserve (€ 100.000) wordt toereikend geacht gelet op de voorwaarden in de gemeenschappelijke regeling. Stille reserves De Groene Metropoolregio heeft geen stille reserves. Stelposten In de begroting 2023 is een stelpost van € 100.000 opgenomen. Risico’s De risico’s kunnen worden ingedeeld in: 1. risico’s voortvloeiend uit het eigen beleid; 2. risico’s voortvloeiend uit het beleid van een hogere overheid; 3. risico’s voortvloeiend uit de samenwerking met andere gemeenten en instanties; 4. risico’s voortvloeiend uit het doen/nalaten van derden; 5. risico’s voortvloeiend uit voor de regio niet te beïnvloeden autonome ontwikkelingen. Voor ad. 1 t/m 4 zijn geen risico’s voorzien. Ad 5. Risico’s voortvloeiend uit voor de regio niet te beïnvloeden/autonome ontwikkelingen. Het resultaat van de Cao-onderhandelingen en prijsstijgingen werken door in het jaarresultaat. Op de begroting heeft dit naar verwachting vooralsnog een beperkt effect. Secundaire arbeidsvoorwaarden Op grond van de gemeenschappelijke regeling volgt de Groene Metropoolregio de CAO SGO, hierin zijn de secundaire arbeidsvoorwaarden vastgelegd. Werkkostenregeling De werkkostenregeling heeft per 01-01-2015 alle bestaande fiscale regels voor vergoedingen vervangen. Vanaf 01-01-2020 is de regeling verruimd. Over de eerste 400.000 euro wordt het percentage van 1,7% van de fiscale loonsom, over het bedrag boven de 400.000 euro blijft het percentage 1,2%. Daarnaast hoeven een aantal kostensoorten niet meer vanuit de WKR (werkkostenregeling) betaald te worden. Voor vergoedingen boven dit bedrag moet een eindheffing van 80% worden betaald. 1 Het weerstandsvermogen bestaat uit relatie tussen de weerstandscapaciteit (zijnde de middelen waarover de Groene Metropoolregio beschikt/kan beschikken om niet begrote kosten te dekken) en de risico’s waarvoor geen voorzieningen zijn getroffen of verzekeringen zijn afgesloten. 66 De Groene Metropoolregio is voornemens de besteding van forfaitaire ruimte in de kwartaalrapportage op te nemen. Naar verwachting komt de Groene Metropoolregio niet boven de forfaitaire ruimte uit.

10.2 PARAGRAAF 2: FINANCIERING De begroting van de Groene Metropoolregio wordt grotendeels door de deelnemende gemeenten gedragen. De in de gemeenschappelijke overeengekomen afspraak v.w.b. de bijdragen van gemeenten (artikel 29 lid 1) waarborgt dat de inkomende en uitgaande geldstromen in evenwicht zijn. Financiering van de organisatie door het aantrekken van leningen is niet aan de orde. Rentelasten/baten De regio heeft met de Rabobank een rekening-courant-overeenkomst gesloten en maakt gebruik van Schatkistbankieren bij het ministerie van Financiën. De rente wordt niet aan de taakvelden toegekend. Financieringspositie De Groene Metropoolregio kent geen langlopende financieringsmiddelen. Rente-risiconorm De Groene Metropoolregio heeft geen vaste schuld en derhalve is de rente-risiconorm niet van toepassing. 10.3 PARAGRAAF 3: BEDRIJFSVOERING Artikel 14 van het Besluit Begroting en verantwoording (BBV) verplicht de organisatie om de stand van zaken en de voornemens voor de bedrijfsvoering weer te geven. De gemeenten hebben gekozen voor een compacte organisatie van het regiobureau, die ten dienste staat van de opgavegerichte samenwerking. Taken en bevoegdheden zijn geformaliseerd in de gemeenschappelijke regeling Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen en onderliggende regelingen en mandaatbesluiten. Voor de hoge ambities in het programma ter uitvoering van regionale visie en agenda is een efficiënt en slagvaardig bureau nodig. Voor bureau-ondersteunende taken, zoals archief en P&O, wordt gebruik 67 gemaakt van de dienstverlening van de gemeente Nijmegen. De Groene Metropoolregio is een netwerksamenwerking. Uitgangspunt van de regionale samenwerking is dat deze wordt ondersteund door een klein regiobureau, waarbij optimaal gebruik wordt gemaakt van de in de gemeenten aanwezige capaciteit en kennis. Financiën De ontwikkeling van adequate bedrijfsvoering (scheiding van functies, administratieve organisatie, bewaking, verantwoording en rechtmatigheid) is een continu proces. De regiodirecteur is tekeningsbevoegd en heeft mandaat om opdracht tot betaling te geven. De controller beheert en regisseert de financiële organisatie; ABAB Accountants verzorgt de administratie. BTW De bedragen in de begroting zijn exclusief BTW. De door de organisatie betaalde BTW wordt gecompenseerd door de regiogemeenten. Deze zogenaamde doorschuif BTW/transparante BTW wordt verantwoord in de jaarrekening en is opgenomen in de balans. Personeelszaken Op het personeel van de Groene Metropoolregio is de rechtspositie van de gemeenschappelijke regeling van toepassing. Voor inzet van de bedrijfsgezondheidsdienst wordt gebruik gemaakt van de gemeente Nijmegen. Een personeelsconsulent van deze gemeente is tevens adviseur van de Groene Metropoolregio en ook aanspreekpunt voor het personeel. De salarisadministratie wordt eveneens door de gemeente Nijmegen verzorgd. Automatisering De hardware wordt door de Groene Metropoolregio zelf aangeschaft. Verder maakt de regio gebruik van Skyliner, een particuliere ICT-dienstverlener. Deze adviseert ook bij de aankoop (kwantumkorting) en ondersteunt de organisatie bij haar dagelijks werkzaamheden (helpdesk).

Interne zaken De postregistratie vindt plaats op het regiobureau en van hieruit worden ook de verslaglegging, correspondentie en agendabeheer voor het bestuur verzorgd. Archivering en archiefbewaring worden ingehuurd bij de gemeente Nijmegen. Huisvesting De Groene Metropoolregio is gehuisvest in een gehuurd kantoorgebouw in Elst (Gld.) Overhead Volgens het wijzigingsbesluit vernieuwing BBV moeten de kosten van overhead conform de definitie in de notitie Overhead van de commissie BBV inzichtelijk worden gemaakt. In 11.1 is de specificatie van het regiobureau opgenomen. Rechtmatigheid Per 1-1-2022 is de rechtmatigheidsverantwoording gewijzigd. Het algemeen bestuur dient vanaf dat moment vooraf de kaders en normen te bepalen voor de rechtmatigheidsverantwoording voor het dagelijks bestuur en de getrouwheid voor de accountant. Gedurende het jaar dient het dagelijks bestuur uitvoering te geven aan de vastgestelde kaders en normen. Het dagelijks bestuur legt in de jaarstukken verantwoording af over de rechtmatigheid. 10.4 PARAGRAAF 4: VERBONDEN PARTIJEN De Groene Metropoolregio heeft zelf geen verbonden partijen, met dien verstande dat zij voor de regiogemeenten wel een verbonden partij is. In de Gemeentewet is opgenomen dat de kosten van gemeenschappelijke regelingen behoren tot de verplichte uitgaven van gemeenten. In de gemeenschappelijke regeling Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen is opgenomen dat de verdeling tussen de regiogemeenten geschiedt op basis van inwoneraantal. 68

11. BEGROTING GROENE METROPOOLREGIO ARNHEM-NIJMEGEN 2023-2026 De begroting is opgebouwd uit twee delen: 1. Het regiobureau 2. De vijf opgaven De begroting is opgesteld voor de jaren 20232026 en materieel sluitend. Basis voor de jaren 2023 en 2024 zijn de activiteiten zoals deze in de regionale agenda zijn beschreven en er is een indexering toegepast. Dit geldt deels ook voor 2025 waarbij de Verbonden regio wel een programma heeft kunnen opstellen, maar de overige opgaven niet. Ook in dit begrotingsjaar is indexering toegepast. Dat geldt niet voor het jaar daarop: 2026. De kosten van dat jaar zijn niet geïndexeerd. Het benodigde budget voor het regiobureau wordt gefinancierd uit een bijdrage van alle achttien deelnemende gemeenten. Om deze gemeentelijke bijdrage te berekenen, hanteren we het inwoneraantal per 1 januari 2022 als verdeelsleutel (bijlage 3). Naast de gemeentelijke bijdrage voor de kosten van het regiobureau, betalen de gemeenten een bijdrage voor The Economic Board (The Economic Board). De regio heeft op grond van de gemeenschappelijk regeling de bevoegdheid namens de colleges The Economic Board te subsidiëren. Voor 2023 is begroot dat 14 gemeenten een bijdrage leveren. Ook voor deze bijdrage hanteren wij het inwoneraantal per 1 januari 2022. De middelen voor de vijf opgaven worden gevormd door gemeenten die intekenen op die opgave en subsidies van bijvoorbeeld Provincie of Rijk en partners (zoals koepelorganisaties, onderwijsinstellingen of bedrijven). Samengevat zijn voor 2023 de bijdragen per inwoner1 : Bijdrage per inwoner Regiobureau Verbonden regio € 1,49 Productieve regio € 0,94 Circulaire regio € 0,91 Ontspannen regio € 0,62 Groene groeiregio € 0,94 Totaal voor 2023 € 4,90 € 7,47 Daarnaast betalen dertien gemeenten een bijdrage van € 1,00 voor The Economic Board. De gemeente Duiven betaalt per 1 januari 2023 € 0,50. De afspraak over de bijdrage aan The Economic Board loopt tot en met 2025. De bijdrage die we in 2023-2025 nodig hebben voor de realisatie van de opgaven, is hoger dan in 2022. Dit heeft verschillende redenen. We hebben in 2021 en 2022 geïnvesteerd in het formuleren van ambities en maken van plannen, zeker bij relatief nieuwe opgaven zoals Ontspannen regio. Nu onze inzet steeds concreter wordt en we overgaan tot het organiseren van de uitvoering, vraagt dat meer middelen. Ook zijn er speerpunten die we intensiever willen oppakken, zoals de gebiedsgerichte corridors bij Verbonden regio. En we hebben als regio ook nieuwe ambities en taken die we oppakken. Zoals bijvoorbeeld logistiek en het contractbeheer voor data over verkeersveiligheid. 2023 € 2,57 1 Met uitzondering van de gemeente Mook en Middelaar die 50% korting krijgt op de inwonersbijdrage aan het procesgeld (artikel 29, lid 3 van de G.R.). Dit vanwege de unieke situatie dat het als enige gemeente gelegen is in de provincie Limburg, waardoor het als enige niet-Gelderse gemeente o.a. niet altijd gebruik kan maken van investeringen in de regio vanuit de provincie Gelderland. 69

Voor de Circulaire regio wordt de verhoging van de inwonersbijdrage voor een groot deel verklaard door een andere reden. In 2022 zijn de projectkosten voor de inkoop van elektriciteit niet in de inwonersbijdrage opgenomen, maar apart verrekend door de gemeente Nijmegen. We merken overigens op dat een eventuele aanvullende incidentele bijdrage van gemeenten voor de uitvoering van RES-taken niet in de inwonersbijdrage is opgenomen. Vanaf 2023 zijn deze kosten wel in de inwonersbijdrage opgenomen. Per saldo levert deze mutatie geen lastenverzwaring op voor gemeenten. Tegenover de hogere kosten voor de opgaven, staat dat de verwachting dat we met de inzet van deze middelen ook meer investeringen in onze regio uit kunnen lokken. Denk bijvoorbeeld aan de stikstofgelden, de gelden die in het BO-MIRT beschikbaar komen en de klimaatgelden. De bijdragen van de opgaven hangen, net als de inhoud daarvan, nauw met elkaar samen. Zo is de bijdrage voor logistiek verdeeld over de opgaven Circulaire, Verbonden en Productieve regio. Het groen-blauw raamwerk hangt nauw samen met de gebiedsuitwerking van de Verstedelijkingsstrategie. Het één kan niet zonder het ander. Het wordt dus steeds moeilijker om de opgaven inhoudelijk en financieel van elkaar te scheiden. Wij blijven dan ook alle gemeenten nadrukkelijk uitnodigen om aan alle vijf de opgaven mee te doen. 11.1 HET REGIOBUREAU Het regiobureau heeft de volgende taken: • Het voorbereiden van de opgaven, inhoudelijk en financieel, en het zorgdragen voor coördinatie en integraliteit van de opgaven. • Profilering, positionering en lobby van de regio (provincie, Rijksoverheid, Euregio, Europa). • Informatie, communicatie en ontmoeting in/van de regio (bestuurders en raden). • Aanspreekpunt voor externe partners. • Ondersteuning en advisering van colleges en raden bij het regionale werk. • Het tijdig zien en vertalen van nieuwe opgaven en kansen voor de regio. • Bedrijfsvoering (zoals financiën, documentenstromen, privacy, juridische zaken, aanbestedingsbeleid, en personeelszaken). • Het verstrekken van de subsidie aan Stichting The Economic Board. De begroting bouwt voort op het in 2021 geactualiseerde bedrijfsplan. Voor 2023 wordt voorgesteld ten aanzien van de formatie voor communicatie de formatie met 1 fte op te hogen. De opgaven daarentegen rekenen minder formatie voor communicatie. In de praktijk is gebleken dat beter regie kan worden gevoerd op de communicatie en profilering van de Groene Metropoolregio als dit vanuit het regiobureau wordt aangestuurd in plaats vanuit iedere opgave afzonderlijk. De inzet door het regiobureau heeft dus een positief effect op de begroting van de vijf opgaven. Ten op zichtte van 2022 is een indexatie van 2,7% toegepast (conform Begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen 2023). Dit is de eerste keer dat de indexatie wordt toegepast. In tegenstelling tot voorgaande twee jaren zijn geen gelden van de provincie Gelderland opgenomen, de gemeenten dragen voor het eerst de volledige kosten van het regiobureau. De gemeente Mook en Middelaar krijgt een korting van 50% op de inwonersbijdrage (zie voetnoot 1). Van de 14 gemeenten die bijdragen aan The Economic Board betaalt de gemeente Duiven met ingang van 2023 € 0,50 in plaats van € 1,00. Jaarlijks terugkerende arbeidskosten met een vergelijkbaar volume De BBV schrijft voor dat afzonderlijke aandacht moet worden besteed aan jaarlijks terugkeren70

de arbeidskosten met een vergelijkbaar volume. Zoals uit de grondslagen voor waardering en resultaatbepaling blijkt, wordt voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume geen voorziening getroffen of op een andere wijze een verplichting opgenomen. Alle arbeidskosten gerelateerde verplichtingen zijn in de exploitatiebegroting verwerkt. Investeringsbegroting De organisatie verwacht in 2023 geen investeringen te plegen, daarom ontbreekt de investeringsbegroting en daarmee toe te kennen investeringskredieten. KOSTEN REGIOBUREAU EN BIJDRAGE THE ECONOMIC BOARD Regiobureau taakveld (bedragen x € 1.000) Lasten Personele kosten Overhead Lobby, positionering en profilering Communicatie en ontmoeting Onvoorzien Totaal lasten Baten Inwonerbijdrage gemeenten Subsidie provincie inwonerbijdrage Totaal baten Saldo Dekking extern (provincie) Dekking opgavegeld (inwonersbijdrage) Aantal inwoners Bijdrage per inwoner in euro’s Bijdrage The Economic Board Aantal deelnemende gemeenten Aantal inwoners deelnemers per 1/1/22 Bijdrage per inwoner in euro’s Bijdrage The Economic Board 1 Tweede 5 jaarlijkse periodebijdrage The Economic Board stopt in 2025. 71 n.t.b. 2023 2024 2025 2026 n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. 1.299 307 121 205 2.032 2.032 2.032 1.333 315 124 212 2.084 2.084 2.084 0 1.371 324 1.371 324 127 127 217 217 n.t.b. 100 100 100 100 2.139 2.139 2.139 0 2.139 2.139 n.t.b. 0 0 0 0 2.139 0 0 0 0 0 2.032 793.619 € 2,57 2023 14 704.383 € 1,00 692 2.084 796.119 € 2,62 2024 14 706.883 € 1,00 694 2.139 798.619 € 2,68 2025 14 709.383 € 1,00 697 0 2.139 801.119 € 2,67 20261 - - - -

11.2 DE VIJF OPGAVEN De opgaven, en daarvan de financiële vertaling in deze begroting, hebben een looptijd van 3 jaar. Bij de berekening van de bijdrage per inwoner is uitgegaan van a) het aantal inwoners op 1 januari 2022 en b) alle gemeenten tekenen voor alle opgaven in. Wanneer niet alle gemeenten intekenen op de opgaven dan kan dit gevolgen hebben voor de inhoud van de opgave. Er moet dan een inhoudelijke herbeoordeling plaatsvinden. De financiële uitwerking van de opgaven is voorbereid in het betreffende bestuurlijke opgaveteam (BOT). In de begroting zijn externe gelden opgenomen, voor details zie de betreffende opgave. De begroting is op hoofdlijnen en wordt uitgewerkt in een bestedingsplan dat in het derde kwartaal, voor de begrotingsbehandelingen van gemeenten, beschikbaar komt. In de begroting van Ontspannen regio en Groene groeiregio zijn gelden van derden, zoals Rijk of provincie opgenomen. Dit zijn inschattingen, gebaseerd op gesprekken, eerdere ervaringen of bijdragen. Maar het zijn over het algemeen nog geen toezeggingen. Dat betekent dat deze bedragen hoger of lager uit kunnen vallen dan wij nu verwachten. In september, in het bestedingsplan, geven wij duidelijkheid over de definitief te verwachten bijdragen voor het komende jaar. We geven daarin ook aan wat de consequenties zijn van een hogere of lagere bijdrage dan nu verwacht. Dit kan bijvoorbeeld betekenen dat wij ambities moeten bijstellen of dat wij andere financieringsbronnen moeten aanboren. Voor de opgaven Verbonden regio, Circulaire regio en Productieve regio zijn we in gesprek met provincie en derden over een bijdrage. Deze zijn nog niet opgenomen in de begroting, omdat we hiervoor nog geen reële inschatting hebben kunnen maken. Zo hebben we nog onvoldoende zekerheid over de bijdrage die het Rijk beschikbaar stelt voor de uitvoering van de taken in het kader van de RES. Ook een mogelijk aanvullende bijdrage van de gemeenten voor 2023 e.v. voor de RES hebben we vooralsnog niet opgenomen in de inwonersbijdrage. Voor Verbonden regio vinden gesprekken plaats over het BO-MIRT. De uitkomst hiervan volgt in het najaar. Voor Productieve regio zijn er gesprekken gaande met de provincie over een bijdrage van 290.000 euro aan Stimuleren MKB, de Economische Monitor, Human Capital en Vergroening werklocaties. Als de uitkomsten van deze gesprekken positief zijn en er inderdaad bijdragen van derden komen, dan kunnen we onze ambities uit deze regionale agenda naar boven bijstellen. Naast deze bijdragen in geld, dragen ook andere partners bij aan de realisatie van de opgaven met capaciteit of kennis. Zie hiervoor hoofdstuk 3 Samenwerking. 72

11.2.1 VERBONDEN REGIO taakveld (bedragen x € 1.000) Lasten Algemeen Speerpunten Gebiedsgerichte corridors Fiets Hubs en knooppunten Gedrag en duurzame mobiliteit Verkeersveiligheid Totaal lasten Baten Algemeen Speerpunten Gebiedsgerichte corridors Fiets Hubs en knooppunten Gedrag en duurzame mobiliteit Verkeersveiligheid Totaal baten Saldo Dekking extern Dekking opgavegeld (inwonersbijdrage) Aantal inwoners Bijdrage per inwoner in euro’s 2.1 2.1 2.1 2.1 2.1 2.1 227 190 225 100 330 110 1.182 0 0 1.182 793.619 € 1,49 232 192 226 101 334 111 1.196 0 0 1.196 796.119 € 1,50 237 153 228 101 338 111 1.168 0 0 1.168 798.619 € 1,46 237 153 228 101 338 111 1.168 0 0 1.168 801.119 € 1,46 2.1 2.1 2.1 2.1 2.1 2.1 227 190 225 100 330 110 1.182 232 192 226 101 334 111 1.196 237 237 153 228 153 228 101 101 338 338 111 111 1.168 1.168 2023 2024 2025 2026 73

11.2.2 PRODUCTIEVE REGIO taakveld (bedragen x € 1.000) Lasten Algemeen Speerpunten Stimuleren ondernemerschap MKB Human Capital Doorontwikkeling Health & Hightech en Energy Toekomstbestendige werklocaties Duurzame logistiek Economische monitor Totaal lasten Baten Algemeen Speerpunten Stimuleren ondernemerschap MKB Human Capital Doorontwikkeling Health & Hightech en Energy Toekomstbestendige werklocaties Duurzame logistiek Economische monitor Totaal baten Saldo Dekking extern Dekking opgavegeld (inwonersbijdrage) Aantal inwoners Bijdrage per inwoner in euro’s 3.1 3.1 3.1 3.1 3.1 3.1 273 165 150 281 169 154 164 0 0 748 768 288 174 158 169 0 0 789 288 174 158 3.1 0 0 0 0 160 169 0 0 0 0 789 0 0 0 0 0 748 793.619 € 0,94 0 768 796.119 € 0,97 0 789 798.619 € 0,99 0 789 801.119 € 0,99 3.1 3.1 3.1 3.1 273 165 150 281 169 154 164 288 174 158 169 288 174 158 3.1 0 0 0 0 160 169 3.1 0 0 0 0 3.1 0 0 0 0 748 768 789 789 2023 2024 2025 2026 74

11.2.3 CIRCULAIRE REGIO taakveld (bedragen x € 1.000) Lasten Algemeen Speerpunten Circulaire bouw en infrastructuur Circulaire economie: grondstoffen en ketens Water en klimaatadaptatie Transitie naar duurzame energie Totaal lasten Baten Algemeen Speerpunten Circulaire bouw en infrastructuur Circulaire economie: grondstoffen en ketens Water en klimaatadaptatie Transitie naar duurzame energie Totaal baten Saldo Dekking extern Dekking opgavegeld (inwonersbijdrage) Aantal inwoners Bijdrage per inwoner in euro’s 3.1 3.1 3.1 3.1 3.1 164 157 113 62 190 686 0 0 686 749.285 € 0,91 169 161 116 63 195 704 0 0 704 751.785 € 0,94 173 165 119 65 200 722 0 0 723 754.285 € 0,96 173 165 119 65 200 722 0 0 723 756.785 € 0,96 3.1 3.1 3.1 3.1 3.1 164 157 113 62 190 686 169 161 116 63 195 704 173 165 119 65 200 722 173 165 119 65 200 722 2023 2024 2025 2026 75

11.2.4 ONTSPANNEN REGIO taakveld (bedragen x € 1.000) Lasten Algemeen Speerpunten Duurzaam toerisme Bruisende binnensteden, krachtige kernen Groen-blauw raamwerk Cultuur en erfgoed Totaal lasten Baten Algemeen Speerpunten Duurzaam toerisme Bruisende binnensteden, krachtige kernen Groen-blauw raamwerk Cultuur en erfgoed Totaal baten Saldo Dekking extern (provincie) Dekking opgavegeld (inwonersbijdrage) Aantal inwoners Bijdrage per inwoner in euro’s n.t.b. 3.4 5.5 5.5 141 365 145 375 246 51 817 0 308 509 796.119 € 0,64 149 385 253 53 149 385 3.1 0 0 0 0 240 50 253 53 796 0 300 496 793.619 € 0,62 840 0 316 523 798.619 € 0,65 840 0 316 523 801.119 € 0,65 n.t.b. 3.4 5.5 5.5 141 365 145 375 246 51 817 149 385 253 53 149 385 3.1 0 0 0 0 240 50 253 53 796 840 840 2023 2024 2025 2026 76

11.2.5 GROENE GROEIREGIO taakveld (bedragen x € 1.000) Lasten Algemeen Speerpunten Versnellen van de woningbouw Uitwerking verstedelijkingsstrategie1 Ruimtelijke integratie opgaven1 Totaal lasten Baten Algemeen Speerpunten Versnellen van de woningbouw Uitwerking verstedelijkingsstrategie Ruimtelijke integratie opgaven Totaal baten Saldo Dekking extern (provincie/Woondeal) Dekking opgavegeld (inwonersbijdrage) Aantal inwoners Bijdrage per inwoner in euro’s 8.1 8.2 3.1 142 1.045 210 160 1.557 0 815 742 793.619 € 0,94 146 1.073 216 164 1.599 0 837 762 796.119 € 0,96 1 Deze twee onderwerpen zijn onderdeel van het speerpunt Leefomgeving: verbinden van de ruimtelijke opgaven. 150 1.102 221 169 1.642 0 860 783 798.619 € 0,98 150 1.102 221 169 1.642 0 860 783 801.119 € 0,98 8.1 8.2 3.1 142 1.045 210 160 1.557 146 1.073 216 164 1.599 150 1.102 221 169 1.642 150 1.102 221 169 1.642 2023 2024 2025 2026 77

11.3 TOTAALOVERZICHT BATEN EN LASTEN BEGROTING PER TAAKVELD taakveld 2023 (bedragen x € 1.000) Lasten Algemeen/regiobureau Subsidie The Economic Board Opgaven 1. Verbonden regio 2. Productieve regio 3. Circulaire regio 4. Ontspannen regio n.t.b. 3.1 2.1 3.1 3.1 n.t.b. 2.032 692 1.182 748 686 141 5. Groene groeiregio n.t.b. 3.1 8.1 8.2 Totaal lasten Baten Algemeen/regiobureau Subsidie The Economic Board Opgaven 1. Verbonden regio 2. Productieve regio 3. Circulaire regio 4. Ontspannen regio n.t.b. 3.1 2.1 3.1 3.1 n.t.b. 2.032 692 1.182 748 686 141 5. Groene groeiregio n.t.b. 3.1 8.1 8.2 Totaal baten Saldo 365 290 142 160 2.084 694 1.196 768 704 145 375 297 146 164 2.139 697 1.168 789 2.139 - 1.168 789 722 722 149 149 3.1 0 0 0 0 3.4 5.5 385 306 150 169 1.045 210 7.693 1.073 216 7.862 1.102 7.997 385 306 150 169 1.102 221 221 7.300 - - - - 365 290 142 160 2.084 694 1.196 768 704 145 375 297 146 164 2.139 697 1.168 789 2.139 - 1.168 789 722 722 149 149 3.1 0 0 0 0 3.4 5.5 385 306 150 169 1.045 210 7.693 1.073 216 7.862 1.102 7.997 385 306 150 169 1.102 221 221 7.300 2024 2025 2026 78

11.4 GEPROGNOTISEERDE BALANS T-2 ACTIVA 2021 31-dec EUR Materiële vaste activa A127 Overig Vlottende activa A215 Vooruitbetalingen A221 Vorderingen op openbare lichamen A23 Liquide middelen 64.092 64.092 3.591 T-1 T 2022 31-dec EUR 52.609 52.609 35.000 428.790 809.782 1.631.316 TOTAAL ACTIVA PASSIVA Eigen Vermogen P111 Algemene reserve Bestemmingsreserve 2023 31-dec EUR 40.609 40.609 37.500 831.282 1.198.935 943.464 953.539 1.788.246 1.822.321 T+1 2024 31-dec EUR 28.609 28.609 40.000 852.782 T+2 2025 31-dec EUR 16.609 16.609 42.500 T+3 2026 31-dec EUR 4.609 4.609 42.500 874.282 898.282 959.473 858.800 846.800 1.852.255 1.775.582 1.787.582 1.695.408 1.840.855 1.862.930 1.880.864 1.792.191 1.792.191 2021 2022 31-dec EUR 31-dec EUR 2023 31-dec EUR 2024 31-dec EUR 2025 31-dec EUR 2026 31-dec EUR 100.000 100.000 100.000 100.000 100.000 100.000 231.012 0 0 0 0 0 331.012 100.000 100.000 100.000 100.000 100.000 Vlottende passiva P213 Overige vlottende schulden Overlopende passiva P29c Vooruit ontvangen bijdragen overige overheid 1.251.544 990.855 1.012.930 1.030.864 942.191 942.191 112.852 750.000 750.000 750.000 750.000 750.000 1.364.396 1.740.855 1.762.930 1.780.864 TOTAAL PASSIVA 1.692.191 1.692.191 1.695.408 1.840.855 1.862.930 1.880.864 1.792.191 1.792.191 79

11.5 DE ONTWIKKELING VAN HET EMU SALDO Het EMU-saldo of vorderingensaldo is het financieringssaldo waarin het exploitatie resultaat wordt gecorrigeerd voor baten en lasten die geen financiële uitgaven of inkomsten zijn. Berekening EMU-saldo 2021 Omschrijving Euro x 1.000 1 Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves 2 Mutatie (im)materiële vaste activa 3 Mutatie voorzieningen (dotatie - onttrekkingen) 4 Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) 5 Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van de financiële vaste activa Berekend EMU-saldo 2022 2023 2024 2025 2026 Realisatie Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 331 - 64 -331 - 231 - -12 - -12 - -12 - -12 - - - - - - - - - - - - 64 231 - -12 - -12 - -12 - -12 80

BIJLAGE 1: KERNGEGEVENS Adresgegevens Groene Metropoolregio Arnhem - Nijmegen Bezoekadres Nijverheidsweg 2A 6662 NG Elst Telefoon 06 101 69 143 Website www.groenemetropoolregio.nl 81

BIJLAGE 2: DEELNEMENDE GEMEENTEN GMR – TEB – CIRCULAIRE REGIO Deelnemers GMR Deelnemer TEB Arnhem Berg en Dal Beuningen Doesburg Druten Duiven Heumen Lingewaard Montferland Mook en Middelaar Nijmegen Overbetuwe Renkum Rheden Rozendaal Westervoort Wijchen Zevenaar ja - ja ja ja ja ja ja ja - ja ja - ja ja - ja ja Deelnemer CR ja ja ja ja ja ja ja ja nee nee ja ja ja ja ja ja ja ja Aangezien niet alle gemeenten standaard deelnemen aan bovenstaande inzet, staat hieronder een overzicht van de aantallen deelnemende gemeenten. Deelnemers GMR Deelnemers TEB Deelnemers CR 18 14 16 Per 1-1-2020 786.570 697.356 742.714 Per 1-1-2021 788.278 698.937 744.330 Per 1-1-2022 793.619 704.383 749.285 82

BIJLAGE 3: INWONERAANTALLEN PER GEMEENTE Deelnemers GMR Inwoneraantallen 1 Arnhem 2 Berg en Dal 3 Beuningen 4 Doesburg 5 Druten 6 Duiven 7 Heumen 8 Lingewaard 9 Montferland 10 Mook en Middelaar 11 Nijmegen 12 Overbetuwe 13 Renkum 14 Rheden 15 Rozendaal 16 Westervoort 17 Wijchen 18 Zevenaar Totaal Bron: CBS Per 1-1-2020 161.368 34.990 25.891 11.078 18.918 25.124 16.450 46.606 36.009 7.847 177.698 47.909 31.404 43.736 1.705 14.973 41.124 43.740 786.570 Per 1-1-2021 162.477 35.008 26.165 11.064 18.407 25.067 16.569 46.863 36.038 7.910 177.453 48.214 31.412 43.536 1.726 15.011 41.259 44.099 788.278 Per 1-1-2022 163.964 34.946 26.232 11.034 19.177 24.944 17.197 46.969 36.349 7.985 179.081 48.265 31.360 43.429 1.756 14.945 41.343 44.643 793.619 83

BIJLAGE 4: VOLLEDIG OVERZICHT VAN GEMEENTEN EN HUN BIJDRAGEN 2023 Deelnemers GMR Regiobureau Bedrag per inwoner 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 Totaal Arnhem Berg en Dal Beuningen Doesburg Druten Duiven Heumen Lingewaard Montferland Mook en Middelaar Nijmegen Overbetuwe Renkum Rheden Rozendaal Westervoort Wijchen Zevenaar € 2,57 422.043 89.951 67.521 28.402 49.362 64.206 44.265 120.898 93.562 10.277 460.954 124.234 80.721 111.786 4.520 38.468 106.417 114.911 2.032.501 * De korting voor Mook en Middelaar heeft een verhogend effect op de bedrag per inwoner van 1,3 cent. Verplichte onderdelen in de opgaven: Regionaal Programma Werklocaties (Productieve regio) € 0,17 per inwoner Bijdrage TEB € 1,00 163.964 - 26.232 11.034 19.177 12.472 17.197 46.969 36.349 - 179.081 48.265 - 43.429 1.756 - 41.343 44.643 691.911 Verbonden regio € 1,49 244.205 52.048 39.069 16.434 28.562 37.151 25.613 69.955 54.137 11.893 266.720 71.885 46.707 64.682 2.615 22.259 61.575 66.490 1.182.000 84

Productieve regio € 0,94 154.588 32.948 24.732 10.403 18.080 23.518 16.214 44.283 34.270 7.528 168.840 45.505 29.567 40.945 1.656 14.090 38.979 42.090 748.235 Circulaire regio € 0,91 150.011 31.972 24.000 10.095 17.545 22.821 15.734 42.972 - - 163.842 44.158 28.691 39.733 1.607 13.673 37.825 40.844 685.523 Ontspannen regio € 0,62 102.444 21.834 16.390 6.894 11.982 15.585 10.745 29.346 - - 111.889 30.156 19.594 27.134 1.097 9.338 25.831 27.893 468.150 Groene groeiregio Totaal € 0,94 154.939 33.022 24.788 10.427 18.121 23.571 16.250 44.384 34.348 7.545 169.224 45.608 29.634 41.039 1.659 14.122 39.067 42.186 749.936 1.392.193 261.775 222.732 93.689 162.829 199.324 146.017 398.806 252.667 37.244 1.520.549 409.811 234.913 368.749 14.910 111.950 351.037 379.057 6.558.253 85

Nijverheidsweg 2a 6662 NG Elst info@groenemetropoolregio.nl www.groenemetropoolregio.nl 88

1 Online Touch

Index

  1. 1
  2. 2
  3. 3
  4. Voorwoord
  5. 5
  6. Inleiding
  7. 7
  8. Gebiedsgerichte en majeure opgaven
  9. 9
  10. Samenwerking
  11. 11
  12. Programma Verbonden regio
  13. 13
  14. 14
  15. 15
  16. 16
  17. 17
  18. 18
  19. 19
  20. 20
  21. 21
  22. 22
  23. 23
  24. 24
  25. 25
  26. Programma Productieve regio
  27. 27
  28. 28
  29. 29
  30. 30
  31. 31
  32. 32
  33. 33
  34. 34
  35. 35
  36. Programma Circulaire regio
  37. 37
  38. 38
  39. 39
  40. 40
  41. 41
  42. 42
  43. 43
  44. 44
  45. 45
  46. Programma Ontspannen regio
  47. 47
  48. 48
  49. 49
  50. 50
  51. 51
  52. 52
  53. 53
  54. 54
  55. 55
  56. Programma Groene groeiregio
  57. 57
  58. 58
  59. 59
  60. 60
  61. 61
  62. 62
  63. 63
  64. 64
  65. 65
  66. 66
  67. 67
  68. Begroting
  69. 69
  70. 70
  71. 71
  72. 72
  73. 73
  74. 74
  75. 75
  76. 76
  77. 77
  78. 78
  79. 79
  80. 80
  81. 81
  82. 82
  83. 83
  84. 84
  85. 85
  86. 86
Home


You need flash player to view this online publication