165

slechts een man zijn, maar moet ook zoon worden. Hiertoe is het kruis. Zondag 14 gaat erover dat de mens door het persoonlijke zoonschap terugkeert tot de eeuwige natuur. Zou er iets aan dat zoonschap ontbreken, dan zou de eeuwigheid wegsmelten als een drug. Zondag 15 : De dood kan niet direct en permanent intreden, maar alleen zijn intrede doen door het lijden dat volkomen moet worden door geduld. We spreken daarom ook van het leven als een lijdensweg van hongeren om zo geheel los te komen van de zonde in de diepte van ons wezen en ons bestaan. Kunt gij dan zoetheid proeven zonder eerst diepe bitterheid te hebben geproefd ? Alleen de eeuwige honger leidt tot de honing, als in een geheimenis. Dit is een volkomen honger waarin al de aardse zintuigen en geneugtes zijn afgestorven. Dit is een slopend gevecht wat niet met minder genoegen kon nemen. Zondag 16 : religies en hun verhalen zijn alleen metaforische voorbeelden voor ons om na te volgen, niet om vanaf de luie tv te gaan lopen zappen om naar tv-helden te kijken en die gemakszuchtig te verafgoden terwijl we zelf niet veranderen. Wij moeten in die zin niet 'projecteren' maar 'vereenzelvigen'. Jezus als cultureel voorbeeld, niet als nationalistische afgod met een soort van totalitaire monopolie zoals in de gedeformeerde kerk. Zondag 16 stelt : 'jij ook.' We kunnen het dus niet zomaar allemaal afschuiven op Jezus. Het verhaal is vertelt, nu begint het spel, het avontuur waarin je zelf meespeelt. Zo niet, dan is het slechts kanker, parasiterende op andermans kwaliteiten. Zondag 16 brengt de mens terug tot de eigen verantwoordelijkheid. De mens moet stoppen in allerlei kinderachtige fabeltjes te geloven zoals in de gedeformeerde, demente kerk. Zondag 16 zondert dus af. De mens gaat in de kooi, los van alles, wordt op zichzelf teruggeworpen. Daarom wordt zondag 16 ook wel de kooi genoemd. Zondag 16 zegt ook letterlijk dat we niet slechts aan het kruis moeten, maar ook door de hel moeten gaan, zoals ook Jezus ter helle daalde, opdat we niet denken dat iets vreemds ons overkomt. Zondag 17 stelt dat religie slechts een onderpand is totdat we hebben geleerd het op onszelf te betrekken. Religie is een heenwijzer tot zelf-ontwikkeling. Het zijn de zijwieltjes van een kinderfietsje. De rol van religie mag nooit overdreven worden, en mag de eigen verantwoordelijkheid niet vervangen, want dan is het slechts zieldovende en verstandsuitdovende drugs die schadelijk is voor de algehele gezondheid van het menselijke gestel en bestaan. Zowel roken als religie is schadelijk voor de gezondheid. Gebruik er dus alleen maar hele kleine beetjes van. Zondag 18. Deze zondag stelt dat daar wij het vleselijke onderpand hebben van religie zend God een tegenpand, namelijk het geestelijke, om ons de dingen van boven te laten zoeken. Religie heeft in die zin slechts een dienstbare functie en geen letterlijke autoriteit. Het zijn slechts beelden die weer vervliegen. Het is slechts een tijdelijke toestand, een bepaald bewustzijnsniveau. Daarom moet er een gedegen commentaar komen, zoals nu. De mens mag zo bouwen aan de eeuwigheid, en als het klaar is worden de steigers verbrand. Zondag 18 gaat over de opname. Als de mens geheel aan zijn vlees een harde dood is gestorven wordt de mens opgenomen tot een hoger niveau, een hoger inzicht. Het is dus ook onlogisch om een kerkgenootschap in het midden van dit proces onfeilbaar te verklaren of een bepaalde theologie. Om aan deze valstrikken te ontkomen moet de mens progressieve dogmatologie leren. Hierin mag de mens niet met pensioen gaan, want zulke steigers worden verbrand. Zondag 19 gaat over de geestelijke gaven. Hoe kan het dan dat de gedeformeerde kerk de geestelijke gaven afwijst ? Omdat de gedeformeerde kerk de originele reformatorische beginselen heeft losgelaten. De mens moet dus inderdaad verder, maar ook terug. Waarom haat de gedeformeerde kerk de geestelijke gaven zo, en heeft de gedeformeerde kerk altijd honderden

166 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication