91

Het doodgeboren kind is de eerste wereldoorlog. Europa was totaal uitgehongerd na de eerste wereldoorlog, en kreeg toen hulp van Amerika. De vrouw die borstvoeding geeft is Amerika, en de uitgehongerde man is Europa. Het boek gaat over vuilstorm vluchtelingen die in het corrupte paradijs van Californië terechtkomen waar ze verder worden uitgehongerd, uitgebuit en onderdrukt, maar dan is er het beeld van de vrouw die borstvoeding geeft. Wat is het precies ? De mens was in de dertiger jaren in de grote economische depressie gekomen, en er leek geen uitweg te zijn, maar deze borstvoedende vrouw gaat over de jaren twintig toen Amerika hulp gaf aan Europa na de eerste wereldoorlog. We moeten dus in deze dimensie overgang komen van de dertiger naar de twintiger jaren. In de twintiger jaren was er in Amerika de grote drooglegging, oftewel het alcohol verbod. Alcohol, een vernietigende drugs voor het menselijk lichaam en de menselijke ziel, en de hersenen, is een algemeen aanvaarde en legale drug die je vandaag de dag makkelijk kunt krijgen. Maar in de twintiger jaren was er het alcohol verbod in Amerika, als poging om alcohol consumptie uit te bannen, maar dit gaf een enorme weerstand in de criminele onderwereld en de zwarte markt. Alcohol is de basis van de vernietiging van vele levens. Zo is dat altijd geweest. Het is dus belangrijk door via de dertiger jaren terug te gaan tot een nog diepere dimensie van de twintiger jaren waar nog steeds het alcohol verbod er was. Dit verbod liep van 1920 tot 1933. Geschiedenis is een plaats, een dimensie, dus is er nog steeds, als kracht, en kan verdiept worden, toegankelijk gemaakt worden. Het ligt nog steeds potentieel in de mens verborgen. De weerstand van de geest van alcohol was heel groot. Die was natuurlijk woedend om dit verbod. Bij de nazi's was alcohol soms een beloning voor het uitmoorden van Joden, en ook als sociaal 'glijmiddel' tussen mannen. Alcohol is drugs waardoor de natuurlijke mechanismes en beschermingen afgebroken worden om plaats te maken voor iets heel anders, namelijk directe wilskracht in plaats van kenniskracht, en deze wilskracht is altijd onbeheerst, ongenuanceerd, onvoorwaardelijk, maar dan op z'n eigen manier hypervoorwaardelijk, als werken tegen de natuur in. De wil omzeild zo alle kennis. Zo maakte de mens ook kern-energie, en alcohol was uiteindelijk ook de oorzaak van de kernramp in 1979 in Harrisburg. Daarom is het alcohol verbod zo belangrijk, door hier ook in te volharden. Daarom zijn de twintiger jaren zo belangrijk, want zo gaf de vrouw de uitgehongerde man melk in plaats van alcohol. De man ontving zo puur natuur. Alcohol ligt dus ten grondslag aan Harrisburg 1979, Toronto 1994 en de gsm-leugenocratie die hierdoor ontstond waar alle beschermende natuurlaagjes waren afgebroken, alle benodigde hersenvliezen van de mens waren afgebroken voor totale chaos, de jaren 2000. Dit is een alcoholocratie waar we nu in leven. Alcohol regeert. Vaak als ik vroeger van school thuiskwam was er niets in de koelkast te vinden dan alcohol, tafelwijn, wat je als kind dan drinkt, want er is niets anders. Vaak was er ook geen broodbeleg, alleen suiker, dus dan ook nog eens veel suiker op je brood. Zo groeiden wij op. Suiker en alcohol is een slechte combinatie. Ook drinken ze rustig sterke wijn aan het avondmaal in de kerk. Na de catechesatie-belijdenis mocht ik ook aan het avondmaal. Maar hoe dichter ik persoonlijk bij God kwam, hoe moeilijker ik tegen alcohol kon. Het stond tussen mij en God in. Ik ben nooit een alcohol drinker geweest echt, maar de tafelwijn kan ik me herinneren als kind waarvan ik soms slokjes dronk, en soms als er likeur stond. Ik vond het smerig, maar ja, je bent dan nieuwsgierig en soms is er niks anders. En dan natuurlijk de wijn aan het avondmaal, maar ik begon ook steeds meer naar kerken te gaan waar dat gelukkig al was vervangen door druivensap. Op een keer was ik weer ergens aan het avondmaal, en toen hadden ze helaas geen druivensap maar wijn. Ik wilde het eigenlijk niet drinken. Ik nam er toch maar een slok van, en voelde direct een slang door mijn hoofd heenglijden, en de wijn was verschrikkelijk smerig. Ik was er te gevoelig voor geworden. Dat was de laatste keer dat ik ooit alcohol zou aanraken. Ik had het helemaal gehad. Ik was toen nog heel erg jong. Ik wist toen al dat al hele kleine beetjes alcohol de hersenen flink zouden kunnen verminken. Ik ben sindstoen ook altijd een grote en radicale strijder geweest tegen het gevaar van alcohol, als geheelonthouder. De demonologie gaat al helemaal niet samen met alcohol, want alcohol is een

92 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication