‘Maarten, jij woont al bijna je hele leven in deze wijk, kun je daar iets over vertellen?’ “Ja, ik woon inmiddels 77 jaar in deze wijk. Ik ben geboren in de Raadhuislaan op nr. 15. Daarna verhuisden we naar de Fortweg, vervolgens naar de Ter Veenlaan nummer 5, toen naar de overkant op 12 en nu woon ik op nummer 80. Je kunt wel zeggen dat ik hier geworteld ben. Ik heb de wijk echt zien veranderen.” Hoe zag de buurt er vroeger uit? “In de Kruislaan waren vroeger nog winkels. Je had kruidenier Oldenburg. Er was toen nog geen zelfbediening; achter de toonbank stond het echtpaar Oldenburg en later hielp hun dochter Nel mee. Je werd persoonlijk geholpen en er was altijd tijd voor een praatje. Aan de overkant zat bakker Revers. Die ging met zijn bakfiets langs de huizen met brood – wit en bruin – en in het weekend ook met krentenbrood. Dat was echt een moment van de dag. Naast de bakker zat melkboer Mesman. Ook hij ging langs de deuren, met zijn melkkar vol ‘losse’ melk. Hij had een koperen bel, net zoals de ijscoman. Als je die hoorde, gingen de mensen naar buiten met een pan. Dan schepte hij de melk zo uit de melkbus in de pan. En als hij in een goede bui was, kreeg je een extra schepje. Dat soort kleine dingen maakte het bijzonder. Op de hoek van de RaadhuislaanFortweg zat groenteboer Sam de Koning. Op de andere hoek was de timmerwerkplaats van Van der Helm. In de Raadhuislaan zat ook de drukkerij van de Gebr. De Koning, waar de Hoofddorpse Courant werd gedrukt. Iets verderop, op de hoek KruislaanFortweg, was de bloemenzaak van Piet Overbeek. Ook hij ging met zijn bakfiets langs de huizen om bloemen te verkopen. Zijn logo ‘PGO’ prijkte pontificaal op de bakfiets. Inmiddels zijn al deze middenstanders uit het straatbeeld verdwenen. Dat geeft wel aan hoe anders het leven toen was. Je deed alles lopend in de buurt en kende iedereen. Ook het Dr. Nanningabad, waar bijna alle Hoofddorpse kinderen hebben leren zwemmen, is begin jaren 1970 verdwenen. Dat was echt een begrip.” Els, jullie kwamen later in deze buurt wonen. Hoe is dat gegaan? “In 1972 kregen wij de kans om te verhuizen van een rijtjeswoning in Hoofddorp-Noord naar dit mooie twee-onder-een-kap huis. De panden Ter Veenlaan 80 en 82 waren eigendom van het bedrijf Cebeco, een belangrijk veredelingsbedrijf voor landbouwgewassen. Toen dat bedrijf naar Flevoland vertrok en de ‘oude’ bewoners meeverhuisden, grepen wij onze kans. De kinderen bleven nog twee jaar onderwijs volgen op de Dik Tromschool en moesten iedere dag gehaald en gebracht worden. Het bruggetje over de Kruisweg was er toen nog niet, dus dat was best een onderneming. Tegenover onze huizen stonden kleine huisjes van het bejaardencentrum De Horizon. In 1989 gingen deze tegen de vlakte en werd er een nieuw complex gebouwd. De buurt veranderde daardoor zichtbaar. Er kwamen nieuwe bewoners, nieuwe gezinnen en ook een andere dynamiek in de straat. Rechts en links van de Ter Veenlaan, op de hoek Raadhuislaan, kwamen nieuwe buren. In 2002 werd Ter Veenlaan 80 verkocht aan een jong stel. Nadat zij het huis helemaal hadden verbouwd en vernieuwd, verkochten zij het weer en kwamen Anneke en Maarten naast me wonen. Zo blijven de huizen hetzelfde, maar wisselen de generaties. Wat gelukkig gebleven is, is het contact tussen buren. Met de buren in de Raadhuislaan hebben we ieder jaar een nieuwjaarsreceptie. En met de buurvrouw op nummer 78 vieren we altijd Koningsdag, gekleed in oranje en met een oranje tompouce bij de koffie. Dat zijn tradities die de buurt kleur geven.” Samen in de tuin Hoewel de wijk in de loop der jaren sterk is veranderd, delen Els en Maarten nog altijd dezelfde betrokkenheid bij hun directe omgeving. Dat blijkt ook uit hun deelname aan de Open Tuinendag. “In de maand juni doen we allebei mee met de Open Tuinendag 2026. We nodigen liefhebbers van harte uit om een kijkje in onze tuinen te nemen.” Zo laten Els en Maarten zien dat een wijk niet alleen bestaat uit stenen en straten, maar vooral uit mensen, herinneringen en onderlinge verbondenheid. 19
20 Online Touch Home