32

op één lijn 34 2e uitgave 2009 afwijzingen later dan toch aan negen huisartsen gekomen. Alle begin is moeilijk maar zeker in de eerste weken vond ik de organisatorische invulling lastig. Ik kon bij veel mensen terecht voor vragen, maar wist niet bij wie voor welke vragen. Mijn eigen begeleider is parttimer. Zeker omdat ik redelijk ‘zoekende’ was gezien de aard van mijn onderzoek en nul ervaring én deze manier van werken nog nooit had meegemaakt, vond ik dit erg lastig. Je bent als student nou eenmaal gewend dat de lijnen naar je beoordelaar redelijk kort zijn, en weet in je coschappen redelijk goed bij wie je wel en niet terecht kunt. De sfeer binnen de HAG was heel goed. Ondanks dat je nieuw bent, word je redelijk snel opgenomen en staat iedereen open voor vragen. Ik denk dat ik meer uit mijn onderzoek had kunnen halen als ik assertiever was geweest. In het begin had ik wilde plannen maar die doofden al snel uit door de teleurstelling in het tempo waarin onderzoek plaatsvindt. Gelukkig was ik niet de enige WESP die zo met zijn neus op de feiten gedrukt werd. Het feit dat je ook anderen ziet worstelen, is op zich niet leuk, maar het is goed om met anderen hierover te praten. Daarvoor was de grote onderzoekskamer met op het hoogtepunt 12 WESPEN wel erg fijn. Wat minder prettig was, was dat zeker bij warm weer op een vrijdagmiddag van effectief werken niet heel veel meer terecht kwam. Twee mensen waren er nodig met een spannend verhaal om de productiviteit tot een ijskoud dieptepunt te laten dalen. Ik kijk terug met gemengde gevoelens; aan de ene kant heb ik meer geleerd dan ik nu durf toe te geven, aan de andere kant heb ik het gevoel dat er veel meer in had gezeten. Ik denk dat dit wel inherent is aan onderzoek doen omdat je van zoveel (f)actoren afhankelijk bent voor je voortgang. Van praktische zaken, selectie van huisartsen tot het converteren van resultaten wordt je tempo bepaald door de langzaamste schakel; en dat is wennen. Zorgstage in jaar 6: GEZP GEZP: wederzijdse ervaringen DOOR DIEDERD KRONJEE, HUISARTS EN SEMI-ARTSBEGELEIDER In 2006 is het zesde leerjaar van het nieuwe Maastrichtse curriculum gestart. In dit jaar participeert de geneeskundestudent gedurende 18 weken in de gezondheidszorg en gedurende 18 weken in wetenschappelijk onderzoek. De gezondheidszorgparticipatie wordt afgekort tot GEZP. De GEZP-student wordt ook wel semi-arts genoemd. Ik heb eerst ervaring opgedaan als co-assistentbegeleider en ik zie twee belangrijke verschillen. Ten eerste, de motivatie van de semi-arts is per definitie goed. Waar de co-assistent wel eens interesse heeft voor alles behalve de huisartsgeneeskunde, kiest de semi-arts bewust voor een stage in de huisartsgeneeskunde. Ten tweede, de semi-arts functioneert meer zelfstandig. Dat leidt ertoe dat ik als begeleider ook een ontwikkeling heb doorgemaakt; van directe supervisie naar supervisie op afstand. Liep ik eerst bij elk consult de spreekkamer van de co-assistent in, krijg ik nu meestal een telefonische overdracht van de semi-arts. Het lijkt mij een goede voorbereiding op het opleiden van aios. Tessa Vosveld (26 jaar) heeft gekozen voor de GEZP huisartsgeneeskunde en is geplaatst in mijn praktijk, het academisch Medisch Centrum West Kerkrade (MCWK). Wat was je motivatie voor deze stage? “Voor mij staat vrijwel vast dat ik de huisartsopleiding ga volgen. Toch heb ik de kans gegrepen om mij tevoren verder te verdiepen. Ik heb mijn coschap huisartsgeneeskunde in een solopraktijk gelopen en ik denk dat ik daar wat gemist heb, zoals de samenwerking tussen collegae en met andere disciplines. In een groepspraktijk als MCWK krijg ik daar een beter beeld van. Ik denk dat in een groter verband werken meerwaarde heeft voor de huisarts en voor de patiëntenzorg. Ik hoop aan het einde van mijn stage een beter beeld te hebben hoe ik het beroep huisarts zelf zou willen invullen en wat de mogelijkheden hiertoe zijn in het huidige gezondheidszorgstelsel. En ik wil graag ervaren of ik zelfstandig kan functioneren in de huisartspraktijk. Ik wil antwoord op de vraag of ik meteen kan solliciteren naar de vervolgopleiding of dat ik eerst praktijkervaring moet opdoen als bijvoorbeeld poortarts.” 32

33 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication