technieken doorontwikkeld zijn. Als voor de lange afstand elektrisch of waterstof (nog) niet haalbaar zijn is het verstandig om nu wel vast in te zetten op de hernieuwbare brandstoffen. Wachten levert ons nu niets op en geeft nog steeds een onzekere toekomst. Zonder grote investeringen te doen kunnen al forse stappen gezet worden door gebruik te maken van biodiesel (HVO100) in het bestaande wagenpark en groengas (bioCNG en bioLNG). Bij gefaseerde vervanging van het wagenpark worden op deze manier de benodigde transitiestappen gezet, waarbij voorkomen wordt dat partijen in fossiel blijven hangen. AVIA Rilland ning gehouden met marktsegmenten zoals de hoofdvaarwegen, havengebonden locaties, scheepstypen en routes, zodat de voorzieningen zich bevinden op plekken waar de grootste impact kan worden bereikt. Samenwerking en afstemming tussen overheden, havenautoriteiten en marktspelers is essentieel voor de succesvolle implementatie van CEH’s. Het is belangrijk dat er voor de binnenvaart niet één netwerk van CEH’s zal zijn, maar meerdere netwerken. Ga uit van feiten en cijfers Om stappen te kunnen zetten met het verduurzamen van het goederenvervoer over de weg en het water is het belangrijk om de trends en ontwikkelingen in de markt te volgen. Er is niet één ‘silver bullet’. Net als nu, hebben wij de overtuiging dat er ook in de toekomst een mix van hernieuwbare brandstoffen en zero-emissie energiedragers nodig zal zijn om aan alle doelstellingen te voldoen. Dit heeft o.a. te maken met de ritkenmerken (de afgelegde afstand, het vervoerd gewicht en het aantal deelritten, maar ook of het langeafstandsritten zijn in het buitenland (het landschap, de daar beschikbare fysieke infrastructuur)). Als ondernemer moet je verschillende alternatieven goed door kunnen rekenen om te bepalen wat in jouw situatie mogelijk is. Vanuit ons programma hebben we niet alleen intensief contact met de landelijke en regionale overheden en vele marktpartijen maar zitten we ook aan tafel bij internationale overheden en programma’s om te pleiten voor uniforme regelgeving en een gelijk speelveld. Tegelijkertijd laten wij ons informeren over keuzes die elders worden gemaakt om het goederenvervoer te verduurzamen. Zo proberen we door kruisbestuiving en kennisuitwisseling de noodzakelijke transitiestappen voor elkaar te krijgen. Well-to-Wheel en Tank-to-Wheel Daarnaast is het belangrijk om in (inter-)nationaal verband goede afspraken te maken. Het principe Zero Emission als norm kan op twee manieren worden uitgelegd. Volgens het Tankto-Wheel principe (alleen emissies vanuit ‘de uitlaat’) of het Well-to-Wheel principe (ook de emissies die ontstaan bij productie, transport, gebruik en recycling van het voertuig en de energiedragers). Op welke brandstof of met welke energiedrager je ook rijdt, er komen op basis van het Well-to-Wheel principe altijd emissies vrij. Door de juiste stappen te zetten in het transitiepad, kunnen de beste keuzes gemaakt worden. Maak realistische afspraken Sommige gemeenten willen alleen een vergunning verlenen als een CEH alleen nog maar hernieuwbare brandstoffen en zero-emissie energiedragers aanbiedt en fossiele brandstoffen afzweert. Het resultaat is dat er voorlopig geen CEH komt, want zonder fossiele brandstoffen is een CEH op dit moment nog niet levensvatbaar. Biobrandstoffen zullen ook een belangrijke rol spelen in het transport om de klimaatdoelstellingen van 2030 en daarna te kunnen halen. Omgekeerd kan het voor ondernemers wel interessant zijn om nu alvast vergunningen aan te vragen voor toekomstige alternatieven. Dat scheelt straks tijd en moeite als deze wel haalbaar en schaalbaar worden. We doen er goed aan de kansen te pakken die er liggen in plaats van af te wachten tot nieuwe Goede gesprekken We zullen het nu en nog heel wat jaren, echt moeten doen met de beschikbare mix aan hernieuwbare brandstoffen en energiedragers. Er is niet één alternatief, er zijn er meer en die zijn allemaal nodig om stappen te kunnen zetten in het verduurzamen van, in dit geval, het goederenvervoer. Daarom is de inzet op haalbaar, schaalbaar en betaalbaar. Het belang van die mix hoeven wij ondernemers nooit uit te leggen. Die komen weer met andere vragen. Subsidies ten behoeve van Haalbaarheidsonderzoeken van CEH’s Medio 2026 ontvangen de leden van het programma CEH’s (lees de provincies) een bijdrage van het Rijk om een provinciale subsidieregeling in te richten waarmee o.a. een deel van de kosten van haalbaarheidsonderzoeken gefinancierd kunnen worden. Dat kan zijn voor locaties aan de weg, maar ook aan het water. Met deze middelen kan voor 50% worden bijgedragen in de kosten (maximaal € 40.000). Het resterende deel komt vanuit de regio en het bedrijfsleven, zodat iedereen ook in een ‘doe-stand’ komt te staan. De gelden worden beschikbaar gesteld via de eigen provincie. In deze haalbaarheidsonderzoeken dienen koppelkansen, specifieke behoeften en alle aanverwante zaken worden meegenomen. Voor vragen kan altijd contact met het programmateam worden opgenomen met Theo Heinink via t.heinink@gelderland.nl tel. (06) 528 02 026 of Françoise van den Broek via f.vandenbroek@gelderland.nl tel. (06) 528 02 524. ‹‹ Logistiekvastgoed 2026 - 71
72 Online Touch Home