5

Ik betrapte mezelf er laatst op dat ik door mijn eigen buurt liep alsof ik een bezorgrobot was: efficiënt, doelgericht, ogen op de stoeptegels. “Lekker buiten geweest”, hield ik mezelf voor. Maar dichtbij wordt snel behang. Je kent de bochten, de bakker, het irritante paaltje. Je wordt een lokale expert en tegelijk… een beetje blind. kaart Op de achtertuin eigen Totdat ik een aantal jaren geleden met Alastair Humphreys sprak. Ooit de man van grote expedities, later juist de pleitbezorger van het nabije. Het woord ‘microadventures’ komt uit zijn koker. Voor zijn boek Local (2024) maakte hij een kaart van zijn woonomgeving, verdeelde die in 400 vakjes van één vierkante kilometer en bleef een jaar lang binnen die grenzen. Elke week trok hij een vakje: gaan, kijken, opnieuw ontdekken. Het ging hem niet om mooie natuur of verre bestemmingen, maar om houding. “Nieuwsgierigheid is de sleutel”, zei hij. Het verschil zit niet buiten je, maar in je aandacht. Want hoeveel van ons leven lopen we eigenlijk op routine? We zoeken avontuur alsof het een exotisch product is dat je alleen in verre landen kunt kopen. Alsof je pas écht leeft als je een boardingpass in je hand hebt en je shampoo in een doorzichtig ziplockje zit. Terwijl je in je eigen wijk waarschijnlijk nog nooit die ene steeg bent ingelopen. Die trap naar dat uitzichtpunt niet hebt gepakt. Dat park niet bent doorgelopen tot het einde, waar het ineens rafelig wordt en je het gevoel krijgt dat je ergens bent waar je eigenlijk niet hoort (spoiler: je hoort er prima). En hij zei nog iets dat bleef plakken bij me: “Een tekort aan taal leidt tot een tekort aan aandacht.” Waarmee hij bedoelde dat als je geen naam hebt voor wat je ziet, glijdt het van je af. Vogel. Boom. Paddenstoel. Klaar. Maar zodra je het opzoekt, krijgt het gewicht. Verhaal. Verband. Reikwijdte. Dan wordt een ‘gewone’ vogel ineens een wereldreiziger met een onwaarschijnlijk CV. Ik besloot zijn idee over te nemen, geen 400 vakjes op de kaart maar één vak van een vierkante kilometer rondom mijn eigen huis. En precies dát gevoel, dat je normaal pas na een trip hebt, kreeg ik gewoon thuis: alsof ik iets ontdekte. Het ging niet om de plekken, maar om de stand waarin je loopt. Niet om je stappen te halen, maar om je ogen te voeren. Dus als je denkt: mijn omgeving is niet spannend… dan is dat het punt. Spannend is geen eigenschap van een plek. Spannend is een eigenschap van jouw aandacht. Dus: maak van je woonomgeving weer een onbekend land. Zet je telefoon stil. Leer de naam van één boom. Loop eens ’s avonds of hang (stiekem) eens een hangmat tussen de bomen in het park dicht bij je huis. Je hoeft niet verder te gaan, maar wel anders leren kijken. En maak foto’s. Ik maakte deze foto vanuit mijn eigen huis: het silhouet van de schoorsteen op het huis van mijn overbuurman tegen een vlammende zonsopgang. Op de foto lijkt het wel een uitkijktoren aan de rand van een meer. Om met de woorden van Albert Einstein af te sluiten: “When you change the way you see, the things you see change.” Natasha Bloemhard | Oprichter Salt 5 We Are Salt @saltmagazine BUITEN GEWOON GOED van je

6 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication