Binnen Rotary zijn diverse systemen, ‘Grants’ genaamd, die maken dat de opbrengst van een project door Rotary International op districtsniveau of international sterk worden verhoogd. Mits de voorwaarden strict in acht worden genomen, wat in de praktijk nog wel eens wordt veronachtzaamd. In het clubjaar 1981/82 werd door de oud-gouverneur in district 159 desondanks opgemerkt dat de doorgaans relatief bescheiden bedragen die individuele clubs jaarlijks uitgaven op het gebied van Community Service beter aangewend konden worden voor de werkelijke probleemgevallen in de Nederlandse samenleving van het hier en nu, liever dan algemeen aanvaarde goede doelen te kiezen die toch al wel zouden worden gesteund. Dus liever het geld besteden aan verbetering van de positie van de slecht opgeleide werkloze jeugdige en het niet uitgeven aan de hoogopgeleide student, niet een padvindershuis – nb we hebben het over 1981 – steunen maar een eigen honk voor jongeren met criminele antecedenten en niet de Vietnamese bootvluchtelingen steunen maar de Turkse gastarbeiders. Voor onze anno 2021 (over)gevoelig geworden normen voelt het wat ongemakkelijk te lezen: “Voor de Rotarians zelf kan dit betekenen dat zij in aanraking komen met groepen in de samenleving waarvan ze nauwelijks notie hebben en dat ze een zekere (beperkte) betrokkenheid tonen met de werkelijk onderste lagen van de samenleving”. Maar de bedoeling was goed. In juni 1987 riep de districtsgouverneur de clubs op om vooral niet geïrriteerd te raken door de veelvuldige verzoeken van andere clubs in de regio om hun projecten te ondersteunen. Er liepen binnen de regio destijds wel erg veel acties. Tijdens de huishoudelijke vergadering van 14 mei 1991 werd stilgestaan bij de financiële situatie van de club, vanwege de toegezegde financiële verplichtingen dat jaar voor onder meer terminale thuiszorg van Stichting Leendert Vriel, de Polenactie (die zich onder meer richtte op de Poolse middenstand), ontvangst van studenten en een delegatie uit Crook, het jaarkind, het Malawiproject en de Van Gogh-boekenactie. Ook in de jaren negentig werd de grens overgestoken. In 1992 werd op de fiets geld bij elkaar gereden voor Roemenië. In oktober 1992 brachten Ootmarsumse Rotarians een bus met goederen naar Polen. Een maand later volgde een hulpactie van Rotary International, vanuit Rotary Oostenrijk georganiseerd, voor 99 Over 50 jaar Rotary Club Ootmarsum de vele duizenden vluchtelingen uit Kroatië en Bosnië uit het voormalige Joegoslavië. Fundraising haalde geld op met een deelprojecten zoals de verkoop van Kaapse viooltjes, het plaatsen van collectebussen, de verkoop van kaarten, kaarsen en buttons, en het serveren van drank en eetwaren op terrein van het Openluchtmuseum Los Hoes Ootmarsum, een fotoproject en een collecte bij een optreden van een gemengd zangkoor. Ook Meppen steunde de vluchtelingen uit het voormalige Joegoslavië. Op 30 april 1994 was de Ootmarsumse club actief voor Stichting ‘Welcome Again Veterans’, voor de Canadese militairen die in de Tweede Wereldoorlog Nederland hebben bevrijd. Door de vele aanvragen tot steun, moest van tijd tot tijd echt wel eens ‘nee’ worden verkocht. Community Service had soms een lastige taak, als het ging om de keuzes die gemaakt moesten worden. De Twentse Rotary Clubs hebben geprobeerd om eind negentiger jaren onder de naam ‘Memphis-overleg’ meer slagkracht te krijgen bij het ondersteunen van goede doelen. Het viel nog bepaald niet mee om met alle clubs op één lijn te komen. Het aantal aansprekende projecten was legio, en dan waren er op clubniveau uiteraard ook al toezeggingen aan projecten gedaan. In clubjaar 1996/97 hebben de Twentse Rotary-clubs het Elim-weeshuis te Pontianak te Kalimantan te Indonesië ondersteund. Maar in februari 1998 meldde de secretaris van Rotary Club Ootmarsum aan de voorzitter van het Memphis-overleg dat Community Service Ootmarsum geen ruimte had kunnen vinden om een financiële bijdrage aan het project Integraal Kanker Centrum Twente te leveren. Jarenlange projecten ondersteunen bleek in de praktijk ook lastig, ook al kregen bepaalde clubleden specifieke functies. Zo heeft Club Ootmarsum jarenlang een Watercommissaris gehad, vanwege het project ‘Wandelen voor Water’ dat door Rotary Nederland van groot belang werd geacht. Nog verder terug gaat de wereldambitie van Rotary ’End Polio Now’, waartoe de laatste jaren vanuit Nederland een speciale tulp wordt verkocht. Het zijn zonder meer zeer waardevolle projecten, maar de vrijgevigheid van gevers en het enthousiasme van degene die het geld moeten ophalen is, zo blijkt, vaak groter bij aansprekende projecten in de directe omgeving en bij rampspoed over de grens.
100 Online Touch Home