15

GASTCOLUMN Leve de buurtapp! Als ik net op mijn scootmobiel ben gaan zitten voor een ritje, hoor ik een alarmerend gemekker in het weiland naast huis. Onze geiten staan allemaal naar de sloot te staren. Allemaal, behalve ééntje. Die ligt ín de sloot en doet klaaglijk blèrend haar best haar snuit boven water te houden. Ik ben alleen thuis, dus ik moet handelen. Maar hoe? Eerst rijd ik maar de straat op richting sloot. Daar tref ik een paar kinderen, volkomen verdiept in digitale dimensies. Met mijn onsamenhangend gestamel weet ik hun aandacht te trekken, onderwijl wijzend naar de onfortuinlijke geit, die telkens kopje onder gaat. “Wij weten ook niet wat dat schaap daar doet”, reageert de jongste schouderophalend en hij verdwijnt meteen weer in zijn mobieltje. Van deze schapenkoppen hoef ik geen hulp te verwachten. Nynke Duijff-Veenstra is een Friezin uit Damwâld. Zij heeft bulbaire ALS en sinds 2014 spraakproblemen. Op haar site beschrijft zij op een luchtige en nuchtere manier wat ALS in de dagelijkse praktijk voor haar betekent. 15 Ik zie hem denken: wat bazelt die bezopen buurvrouw nou? Dan maar naar de overbuurvrouw. Zij weet mijn gebrabbel doorgaans wel aardig te ontrafelen. De voordeur staat open, maar buurvrouw is nergens te bekennen. De ‘ha’- en ‘hé’-kreten die ik slaak, sorteren geen effect. Op het armetierige toetertje van de scootmobiel stampen evenmin. Er komt geen beweging in of rond huis. Wat nu? De buurtapp! Half verblind door het felle zonlicht probeer ik krampachtig de juiste groepsapp te vinden en vervolgens typ ik met ongecontroleerde, krachteloze vingers een ultrakorte noodoproep: ‘Help, geit in sloot!’ Daarna tuf ik door naar het volgende huis, wetende dat de jonge vader die daar woont, veel thuiswerkt. Ik zie hem inderdaad achter zijn laptop zitten en als hij mij in de gaten krijgt, opent hij de voordeur. Ik krijg hem compleet niet aan het verstand waar ik voor kom en zie hem denken: wat bazelt die bezopen buurvrouw nou? Ik grabbel alweer in mijn jaszak om hem mijn berichtje te tonen maar dan gaat zíjn telefoon. Het blijkt zijn vrouw te zijn, ze heeft op haar werk mijn appje gelezen en spoort hem aan om me te helpen. Hij volgt me ijlings naar de plek des onheils. Daar blijkt nog een buurman gehoor aan mijn oproep te hebben gegeven. Samen springen de heren over het hek en voor ik het weet, hebben ze de geit in haar nekvel gegrepen en sleuren ze haar op het droge. De sneue sik schudt zich uit en rent blij naar haar soortgenoten. ‘s Avonds vertel ik mijn wederhelft trots maar beknopt dat ik ervoor gezorgd heb dat onze geit door de buren van de verdrinkingsdood is gered. Ik verwacht een opgetogen, dankbare reactie maar wat volgt is een ontluisterend: ‘Ach, die was er zelf ook wel weer uit gekomen.’

16 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication