32

Strafmars Column Bijna een halve eeuw geleden liep ik naar de Middellandse Zee. Zo, dat staat er goed: een kloeke beginzin. Al liepen we in werkelijkheid samen. John Jansen van Galen wandelt al zijn hele leven en schrijft daarover artikelen, columns en boeken. We wandelden al veel, en mijn toenmalige echtgenote vatte het drieste plan op de fameuze GR5 te gaan volgen, van ‘Hollande’ naar de ‘Mediterranée. Door de Ardennen, de Vogezen, de Jura en de Alpen naar de stranden langs die azuurblauwe zee: wat wil je meer? Probleem was alleen dat we, met alle snipperdagen mee, maar vijf weken vakantie hadden en een snelle berekening leerde dat je dan over het traject van de GR-5 de Rivièra nooit zou bereiken. En toch wilden we, zij in ieder geval, Nice per se bereiken! Er zat niets anders op dan de Alpen over te slaan en een lagere route te zoeken, over D-weggetjes, parallel aan de Route Napoléon, via Digne en Sisteron. Wanneer het precies was, weet ik aan de hand van het WKvoetbal. Op die 7de juli 1974 liepen we net op tijd voor de finale Vielsalm binnen, maar geen café met tv te bekennen, pas een kwartier verderop bij het station. Nederland stond toen al met 1-0 voor, wij zagen alleen twee Duitse goals. Geen goed begin. Om op te schieten waren we in Eijsden gestart en om de bagage zo licht mogelijk te houden had mijn gade zelfs de tandenborstels half doorgezaagd. Bovendien hadden we extra schoeisel poste restante naar een pleisterplaats halverwege gestuurd. Toen we in Epinal aankwamen konden we de oude schoenen inderdaad wel weggooien, maar helaas bleken de nieuwe nog niet gearriveerd. Dat werd een dag passagieren in een slaperig Vogezenstadje. Het interessante van wandelen is, onder meer dat je jezelf erdoor leert kennen, en de ander ook. Naarmate het einddoel meer in zicht kwam begon ik mij steeds vaker af te vragen waar we het eigenlijk over moesten hebben. We liepen vaak wel 35 kilometer op een dag door berg en dal en moesten, om een onweersbui of het donker voor te blijven, vaak een tijdje onze pas versnellen, tot wel 7 kilometer per uur. ‘Strafmars’ noemde zij dat, maar ik kreeg steeds meer de indruk dat de hele onderneming een soort strafmars van twee zwijgzaam, in hun eigen gedachten opgesloten voortstappende wandelaars was, al zei ik dat niet. Schepen onderweg in de nacht. We bereikten Nice één dag voor het einde van onze vakantie. We konden nog net pootjebaden in de Mediterranée, toen moesten we ijlings met de trein terug naar Nederland. Dus ja, we hadden het gehaald! Maar ons huwelijk haalde het niet. John Jansen van Galen voetstuk Wandelt sinds: ‘Mensenheugenis.’ Waarom wandelen: ‘Wandelen is letterlijk en figuurlijk ‘Stilstaan bij de dingen’ (G.J. Zwier). Vrij vertaald: als je wandelt, kun je en wil je ook de tijd nemen om je omgeving in je op te nemen. Dus je staat letterlijk stil bij die mooie plek, maar ook figuurlijk omdat deze plek je meeneemt naar mooie herinneringen. Wandelen is een van de weinige (sport)activiteiten, waarbij je de tijd neemt om stil te staan, waarin je lopenderwijs de cultuur ontdekt en in je opneemt. Als je bezig bent met hardlopen, fietsen, zwemmen, autorijden gaat de omgeving te snel aan je voorbij. Bovendien neem je geen tijd om te stoppen, uit of af te stappen.’ Naam: Peter Velthuis Leeftijd: 67 jaar Beroep: Organisator Tocht om de Noord Woonplaats: Groningen Bijzonderheden: Weinig (hopelijk) 32 Mooiste wandelervaring: ‘Camino de Santiago.’ Nooit weer: ‘Geen voorbeelden, wandelen doe jezelf en je bepaalt ook zelf je afstand, snelheid, doel, wandelmaatje. Als het niet naar je zin gaat loop je door, houd je in, stel je doel(en) bij en spreek je andere wandelaars aan. Wandelen is de mooiste manier van contact leggen, omdat je naast elkaar loopt, in plaats van tegenover elkaar en omdat elke (wandel)plek weer nieuwe gespreksstof geeft.’ To do: ‘Ga op ontdekkingstocht en laat je verrassen en inspireren door je omgeving. Een mooi voorbeeld hiervan is het Pronkjewailpad in Groningen, waarbij je letterlijk van de ene (gastvrije) verrassing in de ander valt.’

33 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication