Voorzitter Cees Floorijp: ‘Jaarlijks dik 20.000 bezoekers’ Alles over de kip en het ei in Pluimveemuseum Barneveld Evacuatie Bezoekers van het Pluimveemuseum in Barneveld banen zich een weg tussen eierwekkers, broedmachines en Brabantse kippen die drie eeuwen geleden geschilderd zijn door Melchior de Hondecoeter. In de zeven hallen van samen 3100 vierkante meter is momenteel een expositie te zien over de pluimveehouderij in en rond de Tweede Wereldoorlog. Waar kun je goed onderduikers verstoppen? Juist, achter in een hok vol pluimvee. “Ons museum kijkt veelzijdig naar pluimvee en wil bovendien een trefpunt zijn”, zegt voorzitter Cees Floorijp. “Naast de koffiekamer hebben we twee grote vergaderzalen en een kleinere ruimte waar wekelijks de notering van de eierprijzen wordt vastgesteld.” Cees Floorijp (Den Bommel, 1942) werd in oorlogsjaar 1944 vanuit Goeree-Overflakkee geëvacueerd naar de Veluwe en groeide op tussen de kippen. Locatiemanager bij Bekebrede zou hij worden, het bedrijf dat in 1978 met Friki fuseerde tot de Pluimvee Kombinatie Nederland (Plukon). “In 2004 ben ik in de VUT gegaan – eerst in deeltijd. Als personeelsmanager heb ik heel wat vestigingen helpen saneren. Bij mijn vertrek had Plukon 1200 medewerkers. Sindsdien is de onderneming uitgegroeid tot een echt grote jongen die met 6500 medewerkers actief is in vele landen.” Het museum is een initiatief van directeur Henk Rietberg van de Praktijkschool Pluimveehouderij. In 1983 gingen de deuren voor het eerst open. Stapsgewijs werd het oppervlak om te exposeren vergroot tot de huidige 3100 meter. Nergens elders in de wereld is een zo groot pluimveemuseum te vinden. Prins en ambassadeur “We hebben de prins van Japan op bezoek gehad en de ambassadeur van Kazachstan. Nee, bussen Japanners zie je hier niet. Jaarlijks trekken we ruim 20.000 bezoekers. Ons topjaar was 28.000. Nu we lid "Ooit een ei een kip zien leggen?" zijn van de Museumjaarkaart zal het bezoek waarschijnlijk flink toenemen. Tenminste, dat hopen we.” De 110 vrijwilligers worden aangestuurd door een bestuur van negen personen. Vanwege het omvangrijke bestuur heeft het museum geen raad van toezicht. Ogen genoeg om elkaar in de gaten te houden. Het museum laat de bezoekers zien waar het pluimvee vandaan komt, hoe een ei in elkaar zit en op welke wijze door de eeuwen heen broedmachines zijn ingezet. Te bewonderen vallen 21 Oudhollandse rassen die alle gehuisvest zijn in stallen met vrije uitloop. Het aantal druk kakelende scharrelaars schommelt rond de 140. Gezellig. Kerkhanen “Vanuit België hebben we een expositie gehad over kerkhanen. Van samenwerking met het buitenland zijn we niet vies. Ons geluk was dat net in Amersfoort een kerk door brand was verwoest. Dat bracht extra bezoekers naar ons.” Cees Floorijp bij een broedmachine. 22 In 2007 brandde in Amersfoort de Floorijp is sinds 2003 betrokken bij het museum. IN TERVIEW
23 Online Touch Home