11

MAART 2026 ExPress vermogens over te hevelen naar de nieuwe pensioenregelingen (‘invaren’), over de wijze waarop de vermogens worden verdeeld en over de vraag hoe het bestuur alle belangen op evenwichtige wijze heeft beoordeeld. De adviesaanvraag van het bestuur is niet alleen complex, het is ook véél: inclusief bijlagen ruim 1.500 pagina’s! Het verantwoordingsorgaan heeft zich verzekerd van de hulp van een extern adviseur, maar dan nog blijft het een moeilijke afweging. De rekenmethoden die De Nederlandsche Bank oplegt om te bepalen of bij het verdelen van het geld niemand iets tekort komt, vergen bijkans een universitaire actuariële opleiding om het te kunnen snappen. En die kennis heeft het verantwoordingsorgaan niet. Invaarbonus Grootste punt van twijfel was dat die berekeningsmethode er toe leidt dat het bestuur zich genoodzaakt ziet extra geld aan te wenden voor de potjes van jonge slapers en actieven en verder nog voor leeftijdsgroepen tussen 45 en 68 jaar. Dat zou bij elkaar zo’n 5 procent van het vermogen kosten. Dat betekent dat gepensioneerden er pas bij een dekkingsgraad vanaf 111 procent wat bijkrijgen (invaarbonus). Tot 106 procent is bedoeld voor het opvangen van bedrijfsrisico’s, het vullen van de solidariteitsreserve (belangrijk voor gepensioneerden), daar bovenop komen de eerder genoemde noodzakelijke extra’s voor leeftijdsgroepen tot 68 jaar. Nu koerst de dekkingsgraad op dit moment gelukkig rond de 130, dus er is een redelijke kans dat er toch een mooie invaarbonus resulteert. Het verantwoordingsorgaan heeft eind februari positief geadviseerd, mét een dringend verzoek. Het bestuur is gevraagd om, als zich eind dit jaar een onverhoopt lage invaardekkingsgraad tussen de 106 en 110 procent aandient, iets te bedenken om gepensioneerden enigszins tegemoet te komen. De Nederlandsche Bank is nu aan zet om Pensioenfonds PGB een invaarbeschikking te geven om te mogen invaren per 1 januari 2027. Jos van Rijsingen 11

12 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication