17

HetBlaadje Nummer 1 Jaargang 20 Maart 2026 Pagina 17 Bericht van Staatbosbeheer Door Jelka Vale De wintermaanden liggen alweer bijna achter ons. De dagen worden langer, de eerste stinzenplanten komen weer boven de grond. Het voorjaar lonkt. Straks weer zonder jas naar buiten, koffietjes in de zon en vogelconcerten. Heerlijk! Afgelopen winter hebben we gewerkt in de bossen van Sellingen. Omdat zagen altijd vragen oproept, neem ik jullie deze keer wat uitgebreider mee in deze werkzaamheden. Boswerkzaamheden De bossen van Sellingen zijn multifunctioneel: naast natuur kun je er recreëren en vindt er houtoogst plaats. Afgelopen maanden is er gewerkt in het bos aan de Bovendiepsterweg en het bos rond de ijsbaan in Jipsingboertange. Eens in de zes jaar komen we in deze bosvakken. Dan kijken we met een kritische blik: hoe gaat het hier? Is het bos vitaal? Krijgen bomen genoeg ruimte? En als het nodig is, voeren we werkzaamheden uit. Het doel is om meer licht en ruimte te creëren voor bestaande bomen en voor de volgende generatie bos die zich aandient. Een opmerking die we regelmatig horen na zo’n houtoogst is: “Het is nu zo’n rommel.” En eerlijk is eerlijk, ook ik vind het bos direct na de werkzaamheden niet op z’n fraaist. Met de houtoogst worden de stammen uit het bos gehaald. Het takhout blijft achter. Dat is bewust, want takken horen thuis in het bos: ze verteren en voeden schimmels, insecten en het bodemleven. Een gedeelte van dat takhout legt de harvester (de oogstmachine) op de dunningspaden. Dat zijn vaste paden door het bosvak waar de machine over rijdt. Ze liggen er niet voor deze ene keer, maar zijn juist bedoeld om de rest van het bos te sparen. Dankzij die vaste dunningspaden hoeft de harvester niet kriskras door het bos: hij blijft op zijn route en werkt vandaaruit naar links en rechts. Een gedeelte van dit takhout legt de harvester op deze dunningspaden, waar hij vervolgens overheen rijdt. Doordat hij over een ‘bed van takken’ rijdt, beschadigt hij de bodem minder. Een andere vraag die we geregeld horen: “Is het nou echt nodig?” Als straks het blad weer aan de bomen zit, wil ik jullie vragen om eens een wandeling door het bos te maken en dan, in plaats van naar beneden en vooruit te kijken, je blik eens te verleggen naar de kroon van de boom. Hoe groot is die kroon? Komt die in aanraking met de kroon van een andere boom of is er ruimte rondom? Als kronen elkaar aanraken, betekent dat dat de kroon op die plek niet verder kan groeien. Ooievaarsnest Het zal jullie niet ontgaan zijn: het nieuwe ooievaarsnest is geplaatst! Ooievaars klepperend roodgebekt hebben ooievaars Westerwolde herontdekt een grote groep de nekken gestrekt is waargenomen achter Blijham aangekomen slootkanten ingenomen paalnesten bezet Ruimte om te groeien Bladeren vangen zonlicht en CO₂ op. Wortels halen water uit de bodem. Met fotosynthese maakt de boom van zonlicht, water en CO₂ energie en voedingsstoffen. Hierdoor kan de boom zowel in de lengte als in de breedte groeien. Minder kroongroei betekent dat de boom minder energie krijgt en dus ook minder groeit. Door selectief bomen weg te nemen, geven we andere bomen weer ruimte. Ruimte om een grotere kroon te maken, om sterker te worden en om mooi hout te vormen. Want ook dat is onderdeel van dit bos. Daarnaast komt er met het verwijderen van bomen weer licht op de bodem en ontstaat er ruimte voor de natuurlijke verjonging van het bos. Het mooiste is als het bos zelf voor verjonging zorgt. Een zaadje dat zelf ontkiemt op die ene plek, is altijd sterker dan een boompje dat wij planten. Het voelt nu nog als een chaos in het bos. Maar als straks de bladeren weer aan de bomen komen, krijgt het bos weer een andere uitstraling. Mochten er nog vragen zijn, schroom niet om contact met mij op te nemen. Dat kan via j.vale@staatsbosbeheer.nl of 06 53 76 74 56. bij Smeerling brengt een paar drie jongen groot bij Wedde ook een paar op het nest dat gaat best en Hoorndermeden Holle Beetse? of lukt het daar pas volgend jaar? natuurvriendelijke oevers kikkers genoeg voor deze fijnproevers kabouters hebben geklaagd kunnen nergens rustig lopen of ze worden door een ooievaar belaagd ik heb ze maar gerustgesteld die snaken dat ze voor een ooievaar niet lekker smaken en zie ik daar in mijn ooghoek een ooievaar met een babytje in een witte doek? maar ja: iemand die dat ziet geloven ze toch niet Sjoerd Visser

18 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication