23

Zoals een man, die ik heel goed ken, altijd zegt: “Het vat geeft uit wat er in zit.” Ja, logisch! Er kan niet iets uitkomen wat er niet eerst íngebracht is. Als er genade ingebracht is, wat komt er uit? Genade! Maar als er bitterheid, eisen – daar heb je het weer – , wet, prediking van wet: ‘Jij moet dit!’, ingebracht zijn ... als daar het hart en denken, het innerlijk, van gevuld is ... ja, wat gebeurt er? Dat weerspiegel je dan vervolgens ook in je gedrag. In de eerste plaats al naar je echtgenoot of echtgenote. Dan word je ruw, bitter. Het zit er ín! Maar hoe verdwijnt dat dan? Nou, we zingen dat in een lied ergens: “Uw tederheid genas, wat er bitter was in mij.” Die bitterheid, Spr.14:10 die verdwijnt, daar waar genade het overneemt. Vreugde, de wetenschap dat er een God is, Wiens weg altijd de beste is. En dan leer je met vreugde in alles wat je doet, als echtgenoot je vrouw lief te hebben, haar alle ruimte te geven en niet bitter te zijn, maar integendeel juist haar vreugde te bereiden. Wel aangenaam “Gij kinderen”, lees je dan in vers 20, “weest uw ouders gehoorzaam in alles, want dat is de Heere welbehagelijk”. ‘Welbehaaglijk’ is een wat Oudnederlands woord, maar dat betekent gewoon – misschien ook een beetje Oudnederlands – wel aangenaam. Ik weet niet hoe ik het anders moet zeggen. In het Grieks zitten beide betekenissen, dus zowel van ‘wel’ als ‘aangenaam’. Dus, zie je: dat is goed. Zo goed! 23

24 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication