331

Op het schip ontmoet ze dan een dokter, waar ze een afkeer aan heeft want ze heeft al teveel dokters moeten meemaken na het ongeluk en is er zo hypergevoelig voor geworden. Dat is ook zeer zeker niet vreemd. De dokter is meegebracht door iemand, en de dokter merkt op dat Sabrina goed met de anderen kan opschieten, maar Sabrina zegt dan dat er geen andere keus is. Het is duidelijk dat Sabrina in ballingschap leeft door haar blindheid. Ze is afhankelijk geworden van anderen, en alhoewel ze zich noodzakelijkerwijs moet aanpassen blijft ze ook vechten. Het is allemaal om te kunnen overleven. De dokter schijnt een oog chirurg te zijn waar ze haar voor hadden opgezet. Hij wijst ook op de natuur, dat het lichaam een zelfherstellend vermogen heeft. Hij wil haar wel testen of er misschien nog mogelijkheden zijn om haar zicht te herstellen. Ze gaat dan hiervoor naar het ziekenhuis. Ze krijgt na de testen het antwoord dat de dobbelstenen slangen ogen hadden en dat er dus niets meer aan gedaan kan worden. We kunnen dit interpreteren als de eeuwige verblinding van het vlees, die onherroepelijk leidt tot de dood van het vlees. Ze ging toen met iemand zeilen en wist niet of ze moest dagdromen of zeedromen. Toen gingen ze ergens zwemmen. Ze had een beetje een haat-liefde verhouding met het feit dat ze blind was, en met hen die probeerden dichtbij te komen, want het maakte haar onzeker en in de war, gedisorienteerd, omdat ze niet wist waar ze vandaan kwamen en waar ze naartoe wilden en waarom. Hierom moest ze haar innerlijke vermogens ontwikkelen en rust vinden in haarzelf. Als ze dan een hele speciale blindenstok van iemand krijgt, dan weet ze ook niet wat ze ervan moet denken. Ze gaat met iemand mee naar huis, en het loopt uit de hand en ze wil dat die persoon haar weer naar huis brengt, anders zou ze een taxi bellen, maar die persoon bespot haar dan om te vragen waar de telefoon is, wat ze als blinde natuurlijk niet kan weten. Ze raakt dan overstuur over deze arrogantie, en dan vraagt die persoon haar ook nog waarom ze overstuur is, waardoor ze vervolgens nog meer overstuur raakt. Ze voelt dan dat ze in een gevangenis zit opgesloten. Is het zo ook niet met Paulus gegaan, en gebeurt dit vandaag de dag niet nog steeds in de medische industrie ? Ze wordt kwaad en weet zich toch met gemengde gevoelens een weg hieruit te vinden, zich totaal richtend op haar nieuwe werk als beeldhouwer, en er wordt besloten om een besloten kring haar werk te laten zien van zowel schilderijen van vroeger als van beelden van nu. Er wordt gezegd dat ze een gave heeft door haar werk dingen tot leven te wekken. Maar de nectar van deze beker van triomf is niet zoet, vanwege stukgegane relaties. In haar ogen was het allemaal zo leeg als zij was, en ze merkte ook telkens dat ze door haar pijn steeds dingen verdraaide en de waarheid niet durfde te zeggen over haarzelf, wie ze was, wat ze van binnen voelde. Er waren teveel muren, er was teveel angst, ze wilde haar hart beschermen. Dan moet ze ook nog tot de ontdekking komen dat degene die haar kunst shows organiseerde niet alleen kunst vereerd, maar ook geld. En ze wilde ook geen ster worden. Ze voelde zich eenzaam, maar de gaten die er vielen in haar sociale contacten zouden opgevuld worden door haar werk. Oftewel de paarden, ook een terugkerend thema in de Vur dus. 55:1. Strijders op uw paarden, jagers aan de waterkant, komt nader, want de Opium opent zich. 55:44. En de sterren van Opium zullen opgaan, en gij zult haar nachtgezichten zien. 55:45. Want hebt gij niet gelezen in het Boek dat zij de sluiers zijn tot de kennis ? 46:13. Honderd duizelingen, brengen mij tot aan Haar holen. Ik zie haar vogels daar staan. Zij brengen boodschappen van haar. In gouden enveloppen, met het gezuiverde witte. Honderd duizelingen, laten mij dalen, in haar bed, en haar paarden liggen daar, om verhalen te vertellen. 46:14. Als duizend duizelingen, om te dwalen in haar bossen. 46:15. Duizend duizelingen, ik val steeds weer in slaap.

332 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication