876

De pijl bracht haar over de bruggen, Tot de donkere nacht, Tot bruine bloemenvelden IJswapens bereik je dus nooit, omdat het een innuendo is. Je kunt het alleen verdiepen. Dat is dus hoe het wapen werkt. Het is surreeël. De letterlijke realiteit is niet waar omdat het geen waarde heeft. Het gaat alleen maar om geld, en dat is valse waarde. Ze houden de schone schijn. Het is een sluier van de surreeële wereld. Je moet er doorheen prikken om er te komen. IJsberen hebben geleerd met de ijswapens te leven. We zien hoe de vur met bloemen begint, als beelden van de context. Dan staat er verder : 6. Ik wacht op het schip. Neem me op, neem me mee met jou, Naar een plaats van witte sneeuw en dauw, Ik wacht op het schip, Langs satijnen voorhangsels 8. Ze heeft haar speer opgeheven, En dan slaat ze toe, Ze raakt mijn hoofd 9. Hij kan niet komen waar je bent, Vriend, ik zou niet tot je liegen, Ik weet dat je ook met dit trauma vecht Het is het trauma van de onbereikbaarheid. Je kunt het niet pakken en vasthouden, want dat is een eigenschap van de ijsnatuur. Je hebt niks, maar je kunt er wel steeds meer kennis over verkrijgen, wat dan een hele andere soort van hebben is, namelijk 'het ijs hebben', wat surreeël is, dieper, want het letterlijke hebben is slechts oppervlakkig. Het ijs herinnert ons eraan dat we niks kunnen bezitten, maar dat we wel kunnen kennen, en zo veel waarlijker kunnen leven. Telkens strijden we ervoor dingen te hebben die we niet krijgen, en dat is een oorlogs-trauma wat verdieping brengt. 9b. Het is een oorlogs-trauma, Ik was daar, en ik zag je 10. Waar zou ik zijn zonder een goede broek ? De viooltjes maakten het voor ons, Zij lieten de honing er doorheen glijden, Zij brachten ons door bos en woestijn, Volg hen naar de rivieren en de watervallen, Ze zullen hier maar één keer zijn Alles komt maar één keer en glipt dan tussen onze vingers weg, en dan is het in het rijk der herinneringen, niet het rijk der hebberijen. Waarom is dit ? Opdat we het zullen volgen, opdat we gevoelig worden, opdat we leren weven, leren bewegen, en niet vastgroeien in hebbedingen. Deze dingen leiden ons altijd terug naar een grotere context. Het komt maar één keer, en dan is het weg, opdat wij erover zullen leren. Dat is de tijd als een rivier. Het komt langs, en gaat dan de geschiedenis in. Al deze momenten zullen dus ook weer vergaan. Momenten kun je niet vasthouden, maar kun je wel leren kennen. Je kunt momenten wel volgen, naar een grotere samenhang, om tot de watervallen te gaan. Momenten kunnen dus wel een heleboel honing brengen. In onze herinneringen kunnen we daaruit putten, leren weven, leren spinnen, leren

877 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication