66

Kwartiermakersfase Het programma bevindt zich nu in de kwartiermakersfase. “De opdracht in deze fase is om tot een afgestemd programmaplan te komen, waarmee we de visie Common Ground verder kunnen operationaliseren”, legt De Snoo uit. Zijn opdracht als kwartiermaker krijgt hij vanuit de Begeleidingscommissie van Common Ground, die bestaat uit een delegatie van de Taskforce Samen organiseren, aangevuld met de voorzitter van het CIO-beraad en de verantwoordelijk manager binnen de VNG. De huidige fase is vooral gericht op convergeren, legt hij uit. “We begonnen in 2016 omdat we met z’n allen ergens in geloofden. Je gaat met elkaar aan de slag. Dan laat je duizend bloemen bloeien en kijk je wat wel en niet werkt. Op een bepaald moment constateer je dat het weiland vol staat met bloemen en dreigt de focus op de totale beweging op de achtergrond te raken. Dan is het goed jezelf weer bijeen te rapen en doelen en afspraken concreet en congruent te maken. In die fase zitten we nu zo’n beetje.” Afspraken uit de Meerdaagse Daarvoor liggen er sinds de Meerdaagse concrete afspraken. Om duidelijkheid te creëren. Zo is afgesproken om de prioriteit bij Common Ground te Verder is op de Meerdaagse afgesproken dat er een Common Ground Board komt voor het maken van dagelijkse besluiten. De samenstelling, mandaat en werking van dit bestuur moeten nog verder worden uitgewerkt. De Board werkt onder mandaat van de Taskforce Samen organiseren. Het College van Dienstverleningszaken is bestuurlijk opdrachtgever. Koplopers en leveranciers Duizend bloemen laten bloeien en kijken wat wel en niet werkt leggen op de onderste drie lagen van het vijflagenmodel, dat ten grondslag ligt aan de visie Common Ground. De onderste drie lagen gaan over opslag van data, het toegankelijk maken van data en de uitwisseling van data. De prioriteit ligt bij het volledig standaardiseren van die drie lagen, zo is afgesproken op de Meerdaagse. Daarbij is het werken onder architectuur een belangrijk uitgangspunt voor ontwerp en realisatie. Voor de lagen 4 en 5 (de lagen die over ondersteuning van processen en interactie gaan) komen wel technische kaders, maar blijft er ruimte voor lokaal maatwerk. “Alles wat een beetje sexy en leuk is om aan te werken zit aan die bovenkant”, legt Mensink uit. “Dat is het niveau waarop je als bestuurder of raadsleden je belofte doet aan je kiezers en waar de maatschappelijke problemen zich manifesteren. Dat zie je terug in de interactie tussen overheden, burgers en bedrijven. Maar de onderste lagen zijn conditioneel om alles in die twee bovenste lagen te laten werken. Daarom hebben we afgesproken om de prioriteit de komende tijd daarop te leggen.” 66 Ook hebben de tachtig stakeholders op de Meerdaagse afspraken gemaakt over een aparte strategie voor koplopergemeenten, waaronder Haarlem, Den Bosch, Nijmegen, Utrecht en Den Haag, en ook voor leveranciers. De Snoo: “We gaan zorgen dat koplopers beter ondersteund worden, met behulp van kaders, financieel instrumentarium en het goed in de etalage zetten van innovaties. Leveranciers op hun beurt verbinden zich alleen aan nieuwe initiatieven als ze hun investeringen kunnen terugverdienen. Daarvoor heb je volume nodig in de markt en dat is lastig voor elkaar te krijgen in een versnipperd veld van 344 gemeenten die allemaal op hun eigen moment een afweging maken. Dit moet je regelen, door volgers in cohorten te ondersteunen. Zo blijft het behapbaar, stuurbaar en bedrijfseconomisch verantwoord. Deze weken zijn we met leveranciers en gemeenten aan het inkleuren wat daarvoor precies nodig is.” Een ander doel van het programma is het creëren van meer eenheid in de Common Ground initiatieven die ontstaan. Onder meer door de inzet van communicatie en het ondersteunen van de community. De Snoo: “Er is een gretigheid zowel onder gemeenten als leveranciers, en die vind ik heel erg veelbelovend.” En dat is maar goed ook, want de urgentie is groot, benadrukt Mensink. “We moéten wel, anders kukelt het systeem om. Dan gaan we ons in die spaghetti verslikken. Vooral biedt Common Ground zoveel mooie kansen voor nog betere dienstverlening dan we nu al hebben. Daar wil je toch onderdeel van worden?”

67 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication