18

De Zondag van de Advent herinnert ons ook aan het doel van de komst van de Heer. Christus kwam als dienaar om ons te dienen en ons een voorbeeld van nederigheid te geven. Hij kwam als de “nieuwe Adam” om te herstellen wat de mensheid door de oude Adam had verloren. Door Hem werd de deur van het paradijs geopend en werd de mens opnieuw uitgenodigd tot het eeuwige leven. Christus kwam niet alleen om de gevolgen van de zonde uit te doven, maar ook om het vuur van de zonde in het hart van de mens te blussen en hem tot overwinnaar over de zonde te maken. Hij kwam om de door zonde verouderde mens te vernieuwen, de ziel te verfraaien, de mens bruikbaar te maken voor Gods werk en hem te richten op het eeuwige doel. Christus kwam ook om te sterven, zodat Hij door Zijn dood leven zou schenken aan hen die geestelijk gestorven waren. Hij is het die de ziel kan doen leven, haar kan optillen uit de doodskuil van de zonde en de mens kan maken tot erfgenaam van het Koninkrijk van God. De Zondag van de Advent stelt ons een vraag: leven wij in onze ziel, of zijn wij dood? De mens die berouw toont, wordt levend; wie zich van God heeft verwijderd, blijft in geestelijke dood. Daarom nodigt deze dag ons uit om ons leven te herzien, tot bekering 18 Khorhurd te komen en ons met vertrouwen voor te bereiden op de glorieuze komst van de Heer. Evangelie: Lucas 21:5-38 De komst van de Mensenzoon 5 Toen er gesproken werd over de tempel, over de mooie stenen en wijgeschenken waarmee hij versierd was, zei Hij: 6 ‘Wat jullie hier zien ... er zullen dagen komen waarop geen steen op de andere zal blijven; alles zal worden afgebroken.’ 7 Ze stelden Hem toen de vraag: ‘Meester, wanneer zal dat allemaal gebeuren en aan welk teken kunnen we het herkennen?’ 8 Jezus zei: ‘Let op, laat je niet misleiden. Want er zullen velen komen die mijn naam gebruiken en zeggen: “Ik ben het,” of: “De tijd is gekomen.” Volg hen niet! 9 Als jullie berichten horen over oorlog en opstand, raak dan niet in paniek. Die dingen moeten eerst gebeuren, maar dat is nog niet meteen het einde.’ 10 Hij vervolgde: ‘Het ene volk zal tegen het andere ten strijde trekken en het ene koninkrijk tegen het andere, 11 er zullen zware aardbevingen komen en hongersnoden en epidemieën alom, en er zullen aan de hemel grote en verschrikkelijke tekenen verschijnen. 12 Maar eerst zullen jullie worden mishandeld en vervolgd en uitgeleverd aan de synagogen, jullie zullen worden opgesloten in de gevangenis en worden voorgeleid aan koningen en gouverneurs omwille van mijn naam. 13 Dan zullen jullie moeten getuigen. 14Bedenk wel dat jullie je verdediging niet moeten voorbereiden.

19 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication