17

KLIMAATBESTENDIG BOUWEN IN BEEKLANDSCHAPPEN 17 1.4 PLAN VAN AANPAK Dit rapport is tot stand gekomen in 3 fasen: 1. Definitiefase (januari – juni 2020): Aan de hand van 6 interviews met medewerkers van de waterschappen De Dommel en Aa en Maas, de gemeenten Sint-Michielsgestel en Bernheze en met projectontwikkelaar Heijmans is de scope en focus van dit rapport bepaald en informatie verkregen over de twee casusgebieden. 2. Gebiedsateliers (september – december 2020): In twee digitale gebiedsateliers – voor elke casus één – is de analyse van de casus getoetst en verdiept. In het gebiedsatelier Theereheide is van initiatief tot gebruiksfase verkend welke knelpunten, hoofdrolspelers, hulpmiddelen en beleidskaders er zijn om gebiedsontwikkeling klimaatbestendig uit te voeren. In het gebiedsatelier Veldstraat is verdiept op het proces tussen de verschillende actoren. Klimaatbestendig ontwikkelen heeft voor een groot deel al vorm gekregen in het programma van eisen in de gebiedsontwikkeling, maar om dat tot en met uitvoering en gebruik vol te houden blijkt een hele uitdaging. 3. Rapportage (januari – september 2021): De uitkomsten uit de gebiedsateliers zijn aangevuld met kennis over het beekdallandschap en beschikbare ervaring rond klimaatadaptatie in gebiedsontwikkeling. Het resultaat is dit rapport. Dit rapport is een eindpunt en meteen ook weer een begin. Het is een hulpmiddel voor gemeenten, waterschap en/of private partijen die aan gebiedsontwikkeling werken in beekdallandschappen. We geven met dit rapport richting en concrete handvatten voor die partijen die met hun instrumenten en activiteiten invulling kunnen geven aan het klimaatbestendig ontwikkelen in de overgangen van het stedelijk gebied naar de beeklandschappen. 1.5 LEESWIJZER Nederland kent een grote watertraditie. Door de jaren heen hebben we water gebruikt om dit landschap te bouwen en te gebruiken. Bouwen aan water heeft de cultuurhistorie van het landschap en daarmee de lokale identiteit in Noordoost-Brabant mede bepaald. De hedendaagse wateropgaven geeft ons de mogelijkheid om deze cultuurhistorische waarde te koesteren en uit te bouwen voor de opgaven van de 21ste eeuw. Water is geen last, maar juist een lust. De geruststellende gedachte is: er is heel veel bekend over de werking van het bodem- en watersysteem, de invloed van klimaatverandering erop en de maatregelen die je kunt nemen. Er is minder bekend over de werking van die maatregelen in de tijd, omdat gebruik, beheer en onderhoud van de voorzieningen invloed hebben op de werking van de maatregelen. Om invulling te geven aan deze opgaven van de 21ste eeuw, werken we in hoofdstuk 2 ontwerpprincipes uit. Deze ontwerpprincipes bestaan uit: 1) gedeelde ambities, 2) uitgangspunten en 3) principe-maatregelen. In hoofdstuk 3 laten we zien hoe deze ontwerpprincipes in de praktijk worden gebracht. Dat noemen we de ‘spelregels’. Figuur 4 laat de relatie zien tussen deze spelregels en ontwerpprincipes. In hoofdstuk 4 passen we de principes en spelregels toe op twee casussen en doen we verslag van de twee gebiedsateliers. Twee intermezzo’s, tussen hoofdstuk 3 en 4 in, bieden diepgaander begrip over de geschiedenis en werking van het bekenlandschap en wat de samenhang is tussen landschap, watersysteem en geomorfologie.

18 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication