8

Oale groond aan de Grotestraat 1 in Oldenzaal. Pal onder de stokoude kerk van Sint Plechelmus. Nee, nee, jonge Marcel wil de meubelzaak van zijn ouders niet overnemen. Te veel heeft hij het gesabbel gezien met het personeel, het maken ook van lange dagen. Fotograaf zal hij worden. Maar toch. Wat een mooie plek was dat, in Oldenzaal onder de oale griezen. “Het oude pand is weg. Erg jammer. Als ik alles van te voren geweten had, zouden de zaken anders zijn gelopen. Vier generaties waren de Kistemakers in Oldenzaal meubelmaker. Onze geschiedenis in de stad gaat met schilders en glazenmakers terug tot 1550.” Kistemaker kiest als lijstenmaker voor het ambachtelijke fotografie mijn hobby. Ik was gebiologeerd door het feit dat een belicht stukje papier door middel van wat vloeistof een afbeelding ging vertonen. Dat zoiets kan! Op de middelbare school had een klasgenoot, zijn vader was architect, in Lemselo een donkere kamer. Frans, laat me dat eens zien. Ook hij werd weer enthousiast. Frans van der Heijden is een grote fotograaf geworden. Werkte bij grote reclamebureaus, Lijsten in alle kleuren. In het najaar van 1973 komt Marcel Kistemaker (1950) als laborant in dienst van de Twentsche Courant in Hengelo. De productie voor de twaalf edities van de krant is hoog. Al snel kan Marcel vanuit de donkere kamer samen met drie andere fotograferende collega’s in vaste dienst de weg op. De zaterdagen zitten vol met wel tien opdrachten. Een heel gepuzzel om sluitende routes uit te zetten door Twente en soms omstreken. De stroom fotobriefjes van de redactie is eindeloos. “Mijn eerste klus was de opening van een gymzaal in Tilligte. Op het moment suprême sprong de fotograaf van Tubantia mij in het beeld. Oncollegiaal. Hij zag me als een beginneling. Tubantia en Twentsche Courant waren voor de fusie echte concurrenten.” Hoewel Marcel een paar jaar mee hobbelt in het meubelbedrijf van zijn ouders, volgt hij toch zijn passie fotografie. “Van jongs af aan was 8 had een eigen studio en maakte in Amerika films voor Coca-Cola en Bacardi. Mijn volgende stap was lid worden van de fotoclub in Oldenzaal. Word je ook weer wat wijzer van.” De fotografen van de Twentsche Courant willen in de strijd tegen Tubantia voorop lopen. Komend uit het tijdperk van zwartwit verschijnt de eerste kleurenfoto. Lijkt nu een wissewasje maar was eind jaren tachtig heel ingrijpend. “Niks was nog digitaal. Om maandag een kleurenfoto in de krant te krijgen, moest zondagavond een goede dia binnen zijn. Hartstikke lastig om je tijdens een wedstrijd zowel op kleur als zwart-wit te concentreren. Alles moest natuurlijk afgedrukt worden, zwart-wit en kleur. De kleurenfilm kwam op een tiende graad precies. Heel nauwkeurig. We hadden voor het ontwikkelen speciale bakken met verwarming eronder. Tien minuten elke dertig seconde schudden, anders kreeg je kleurafwijking. De temperatuur moest precies 32 graden zijn. Dan nog na-fixeren. Je was zo een half uur bezig. Vervolgens met de dia’s naar de sportredactie. Werd de gekozen dia uitgeknipt. Daar gingen we dan mee van Hengelo naar Duitsland, Gronau. Daar zat onze lithograaf. Krankzinnig. Gelukkig bestond al geen grenscontrole meer. Technisch waren we veel beter dan Tubantia.” Eind jaren tachtig stapelen de veranderingen snel op. Kan een krant als de Twentsche zich alleen staande houden? In 1989 valt de beslissing om de fotoredactie te verzelfstandigen.

9 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication