20

PENSIOEN REGELINGEN DOORGELICHT Vragen VVG antwoordt Sterke VVG belangrijk Uit bijgaand verhaal wordt duidelijk dat een sterke VVG komende tijd cruciaal is om de belangen van de gepensioneerden bij PGB te behartigen. Dus hoe meer leden, hoe beter. Met 15.000 leden zijn we al een sterke vereniging, maar het kan altijd beter. In overleg met PGB proberen we komend jaar de gepensioneerden die (nog) geen lid zijn te bereiken. Maar u als lid kunt daar ook wat aan doen. Informeer eens bij oudcollega’s of ze lid zijn van de VVG. Zo niet, voor een bedrag van (met ingang van 1 januari 2024) één euro per maand kan men lid worden. We behartigen niet alleen uw belangen, we zorgen ook voor uitgebreide informatie via ons magazine ExPress en de tussentijdse nieuwsbrieven. Een aanmeldformulier om lid te worden is te vinden op onze website: www.vvgpgb.nl het overgaan naar een andere premiesystematiek te compenseren en zo ja, hoe gaat dat en wie gaat dat betalen? Hoe wordt het geld dat in het pensioenfonds zit verdeeld; wie krijgt wat? Om ervoor te zorgen dat sociale partners al bij de eerste besprekingen over hun keuzes weten wat wij als gepensioneerden belangrijk vinden, hebben wij een zogenaamd Position Paper (zie bijgaande QR code) opgesteld. We hebben deze afgelopen periode aan diverse sociale partners toegestuurd om met hen te bespreken. Een aantal vragen die van belang zijn bij de overgang naar de nieuwe pensioenwet, die ook ten grondslag liggen aan de standpunten die in het Position Paper worden behandeld, staan hieronder weergegeven. D 20 e Wet toekomst pensioenen is voor de zomer aangenomen. Als eerste zullen nu werkgevers en werknemers (sociale partners) moeten besluiten welke regeling uit de nieuwe wet voor hen gaat gelden en welke afspraken er gemaakt worden over de overgang van de oude naar de nieuwe regeling. Gaan opgebouwde rechten mee over naar de nieuwe regeling (invaren)? Is er een noodzaak om Moeten we als gepensioneerden wel invaren? Is het niet beter om in de oude regeling te blijven? Het antwoord op die vraag is niet eenvoudig te geven. Dat hangt af van welke regeling en welke voorwaarden er in de oude situatie gelden. Duidelijk is dat de wetgever echt bedoeld heeft dat de nieuwe wet - voor zover mogelijk - voor iedereen gaat gelden. Daar kan alleen vanaf geweken worden als daar – ook volgens de intentie van de wet – geldige redenen voor zijn. Voor regelingen die bij PGB zijn ondergebracht, zal dat naar verwachting niet vaak echt het geval zijn. Een van de grote nadelen van de oude wet - het verplicht zijn om grote buffers aan te houden en daardoor de kans op het verhogen van de pensioenen heel klein te maken - is een van de redenen geweest om een nieuw stelsel te ontwerpen. De verwachting is dat de kans op stijging van de pensioenuitkering groter wordt dan in de oude situatie. Er blijven immers geen grote buffers in het fonds die niet of veel later worden uitgekeerd. Daar staat dan wel tegenover dat de kans om de pensioenen op enig moment te moeten verlagen ook iets toeneemt. Dat geldt in beide regelingen die er in de nieuwe wet mogelijk zijn. Alles afwegende zijn wij van mening dat het zoals het er nu uitziet – op uitzonderingen na - niet goed mogelijk lijkt om bij PGB in de oude regeling te blijven. Bovendien zal het voor ons als gepensioneerden ook zeker niet altijd beter zijn om dat te doen. Het Position Paper richt zich dan ook op ‘wel invaren’, maar ‘de wisseling van de hoogte van pensioenuitkeringen zoveel mogelijk aan te laten sluiten bij wat gepensioneerden willen’. Welke regeling is voor gepensioneerden beter, de solidaire premieregeling (SPR) of flexibele premieregeling (FPR)? Ook deze vraag is niet eenduidig te beantwoorden. Er zijn verschillen voor actieve deelnemers en voor gepensioneerden en het hangt erg af van wat je als gepensioneerde

21 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication