22

VVG VITALE INSPRAAK Hoorrecht geeft VVG meer invloed I n politiek Den Haag en in de pers wordt weer veel gesproken over de Wet toekomst pensioenen. Onderwerpen als ‘van invaren naar ingroeien’, ‘wel of niet een referendum voor deelnemers’, ‘de rente is nu gestegen, dus een nieuwe wet is niet nodig…’. Alle discussiepunten die tijdens de behandeling van de wet in de Tweede en Eerste kamer aan bod zijn gekomen, lijken opnieuw en nu soms zelfs uitgesprokener terugte komen. Maar of dat zal leiden tot grote wijzigingen? Niemand kan het op dit moment zeggen. Wel is duidelijk: de wet is de wet. En pensioenfondsen en toezichthouders (DNB, AFM), maar ook verenigingen van gepensioneerden kunnen niet wachten met handelen. Immers de wet geeft duidelijke mijlpalen waarbinnen verder actie genomen moet worden. 22 Zeker binnen PGB, met al zijn verschillende sociale partners, regelingen en achtergronden van deelnemers is er heel veel werk aan de winkel en is het een grote uitdaging om de wettelijke termijnen te halen. En dat betekent dat we als VVG-PGB hard bezig zijn met het invulling geven aan het ‘hoorrecht’. Zoals eerder aangegeven is bij PGB in feite sprake van een ‘tweetraps raket’: 1. Invloed vanuit de VVG (als ware het hoorrecht) bij PGB bij het ontwikkelen van de nieuwe pensioenproducten die PGB binnen de kaders van de nieuwe wet gaat aanbieden: het nieuwe pensioen bij PGB. 2. Invloed vanuit de VVG bij de diverse sociale partners bij keuzes die zij maken binnen het pakket van PGB of mogelijk daarbuiten (transitieplannen). Inhoudelijk is daarbij het door het bestuur VVG-PGB vastgestelde ‘positon paper’ (zie onze website vvgpgb.nl) leidend. De eerste fase is in 2023 afgerond. PGB heeft zijn nieuwe pensioenproducten vastgesteld, basiskeuzes gemaakt hoe het wil overgaan van de oude naar de nieuwe regelingen en dat aan de sociale partners ter beschikking gesteld. Daarbinnen kunnen die hun keuzes maken. Uiteraard gebeurt dit alles onder het voorbehoud van verder overleg met sociale partners. Wat zijn de belangrijkste punten in de nieuwe pensioenproducten en overgangsafspraken? 1. PGB gaat (net als nu) twee basisregelingen uitvoeren, de solidaire premieregeling (SPR) en de flexibele premieregeling (FPR). 2. Binnen de SPR zal er een zogenoemde ‘variabele pensioenuitkering’ zijn. Om het verlagen van ingegane pensioenen te voorkomen of te matigen, wordt er een solidariteitsreserve (een gezamenlijke buffer) opgenomen. Die zal maximaal 5% van het totale vermogen in de SPR zijn. De solidariteitsreserve wordt bij de start voor zover mogelijk gevuld vanuit het huidige vermogen in het pensioenfonds en in het

23 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication