6

de reportage l l l  trouwens ook bij de vleet, fotoboeken vol. Maar in plaats van er, zoals de toeristen, louter mee te poseren, zien we haar en haar man het mannetje plechtig aankleden en pintjes tappen van zijn straaltje, alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Wie kan dat zeggen? Een kermis en een bakkerij Yvonne en Jacky komen allebei uit Haren. Zij was 18 toen ze elkaar leerden kennen op de plaatselijke kermis, waar de vonk oversloeg. Ze viel, zegt ze, op zijn moto en zijn schoon ogen. Yvonnes vader werkte in de stovenfabriek Reno in Diegem, haar mama was eerst huisvrouw en later conciërge in diezelfde fabriek. Yvonne zelf volgde de zusterschool, werkte zes jaar in een haute couture-winkel. Ze nam een tijdje pauze voor het gezin en ging later opnieuw aan de slag, onder meer op het gemeentehuis van Evere. De familie van Jacques had een bakkerij. Hij werkte in de bakkerij van zijn ouders en daarna bij bakkerij Van Kerkhove op de Vlaamsesteenweg in het centrum van Brussel. Dat betekende veel nachtwerk. Toen hij op een zeker moment ook nog zijn voet brak, moest Yvonne in allerijl haar rijbewijs halen om hem bij te staan met zijn broodrondes. Met de uitbreiding van het gezin (ze kregen drie kinderen) werden het nachtwerk en het rondrijden almaar zwaarder. Tot een buurman voorstelde om bij de stad te komen werken. Zo kwam Jacky heel toevallig bij de stad Brussel terecht. En nog toevalliger bij Manneken Pis. “De collega die instond voor het kleden ging op pensioen en zei: ‘Tiens, Jacques, wilt gij dat niet doen?’ En zo geschiedde”. In 1975 werd hij officieel de aankleder van Manneken Pis, een job die hij deed tot aan zijn pensioen in 2005. Zijn 25-jarig jubileum werd gevierd, en daarna deed hij er nog vijf jaar bij. Een vriendin van Yvonne uit Haren vertelt: “Jacky wou écht niet op pensioen, iedereen in Haren had het erover. 6 l l l BOp magazine november - December 2026 “Ik ben er met eentje begonnen, en al gauw werden dat er 200”, zegt ze. Een vriendin vult aan dat het er vermoedelijk veel meer zijn: “Als ge iets met zoveel plezier doet, telt ge niet.” Naast het verstellen en verbeteren van bestaande tenues kreeg ze ook weleens de vraag om een volledig pakje te maken, soms met weinig tijd. “Maar ik heb het altijd met veel plezier gedaan.” Een greep uit haar oeuvre: Toots Thielemans, Mozart (met pruik), een pakje voor het Hij heeft zijn job met hart en ziel gedaan. Als ge met Jacky een gesprek had, ging het altijd over Manneken Pis.” Yvonne, de naaister In het begin had Yvonne er nog niets mee te maken. Maar ze was een bekwame, ervaren naaister die al in de modewereld werkte en maatwerk deed voor kwaliteitswinkels. “Eerst gaven ze Jacky de kleertjes gewoon mee naar huis. Die werden door andere mensen gemaakt of geschonken, maar er was altijd wel iets mis mee. Dan was het aan mij om de aanpassingen te doen en te zorgen dat alles paste. Vaak bezorgde de schenker bijvoorbeeld een kostuum voor een echt kind, en was het te groot of te klein.” Manneken Pis is bovendien een vastzittend bronzen beeld dat zijn beentjes niet kan opheffen. “De kleren moeten rond de armen en benen kunnen, dat doe ik met velcro.” Thuis heeft ze een namaakbeeldje staan, een soort paspop, zodat ze precies weet hoe ze de kleertjes moet maken. Diplomatieke en officiële geschenken uit landen als Congo, Korea of Brazilië passeerden allemaal aan het werktafeltje in Yvonnes keuken in Haren. Al snel werkte ze aan een aparte tafel, anders moest ze telkens de keukentafel helemaal leegmaken. Op een dag vond Freddy Thielemans (toen nog schepen van Cultuur) dat Yvonne best een vaste rol kreeg, aangezien ze de pakjes zo goed verstelde. folkorkest ‘t Ogenblik (met een minidoedelzak), de pompiers van Vilvoorde (waar haar zoon vrijwilliger is), de Brussels Concertband, astronaut Frank De Winne… En ook eens iets heel persoonlijks: het uniform van een neuroloog van Sint-Jan die Jacky ooit geholpen had. Een inhuldiging in vogelvlucht Elke nieuwe outfit had een vast parcours. Yvonne maakte of verstelde het kostuum en gaf het af aan de Orde van Manneken Pis, waarna het naar de schepen van Cultuur ging. Dan volgden een speech en een receptie op het stadhuis. Ondertussen trok Jacky naar Manneken Pis om hem achter een gordijn zorgvuldig aan te kleden. Daarna begaf iedereen zich naar daar, soms vergezeld door een processie, een fanfare of een Brusselse folkloregroep zoals de Meyboom. Op het grote moment gingen de gordijnen feestelijk open en het fonteintje aan. Maar, zegt Yvonne: “Ge moest zien dat ge er niet vlak voor stond. Soms stond de druk nog niet goed afgesteld en piste hij u helemaal onder.” In principe moest Manneken Pis aan het einde van de werkdag weer worden uitgekleed, zodat de kleertjes niet gepikt zouden worden. Maar dat vond Jacky te vroeg. “Zijn werkdag eindigde om 16 uur, maar dat vond hij te vroeg. Hij kwam eerst naar huis en trok dan rond 18.30 uur terug naar Brussel om hem uit te kleden.” Ook tijdens de feestdagen stond hij paraat. Manneken Pis was echt zijn kindje, en het was voor hem niet zomaar een job, maar een passie. Roze olifanten en vaten bier Als ik vraag wat haar favoriete pakje was, denkt Yvonne even na en zegt dan: alles. Als moeder van drie heeft ze ook onder haar 200 pakjes geen lievelingetje. Ze maakte veel kokstenuetjes en roze olifanten, een knipoog naar het bekende  foto Visit Brussels - Eric Danhier foto Visit Brussels - Eric Danhier

7 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication