21

PLANTEN Als er één plant het afgelopen decennium carrière heeft gemaakt, dan is het wel Verbena bonariensis. Toch zijn er betere verbena’s, zegt kweker Hans Kramer. Tekst en beeld Hans Kramer De Nederlandse naam ijzerhard wordt eigenlijk alleen gebruikt voor Verbena officinalis. Dit is een inheemse vaste plant, die bloeit met kleine, weinig opvallende bloemetjes. Hij wordt toegepast in de homeopathie. We kweekten hem vroeger nooit, maar tegenwoordig is er een aardige roodbladige vorm die ‘Bampton’ heet (en in de gelijknamige Engelse plaats werd gevonden). ‘Bampton’ is in sneltreinvaart populair aan het worden. De zaailingen die we hier vinden, hebben blad in alle schakeringen rood. Als de Latijnse naam Verbena valt, gaat het negen van de tien keer over V. bonariensis. Deze soort stamt uit Zuid-Amerika (de soortnaam betekent uit Buenos Aires). Bij ons is hij onvoldoende winterhard, maar omdat hij zich uitzaait, is het toch een blijver. Heel bekend is ook Verbena hastata, die zich bijna agressief uitzaait. Deze soort stamt uit Noord-Amerika en is prima winterhard. Maar dat uitzaaien kan een groot probleem worden. Het lijkt wel of de zaailingen het beste overleven in de pol van een bestaande vaste plant. En krijg ze er dan maar eens uit! Dit werd op onze moederbedden, die op een lichte zandgrond liggen, zo’n probleem dat we de oorlog aan deze plant hebben verklaard. Dat is inmiddels tien jaar geleden en er komen nog steeds zaailingen op. Maar afgezien daarvan is V. hastata een hele mooie plant. Met deze Verbena-ervaringen in ons achterhoofd startten we zo’n vijftien jaar geleden een zoektocht naar andere verbena’s. In de Verenigde Staten komen verschillende soorten voor. Met die herkomst weet je zeker dat het goed zit met de winterhardheid. Twee soorten sprongen eruit: V. stricta en V. macdougalii. Die zaaien zich niet of nauwelijks uit en geven een show van jewelste. Talloze aartjes Het best bruikbaar is, denk ik, Verbena stricta. In de VS wordt hij ‘hoary vervain’ genoemd wordt, dus grijze verbena. Dat heeft te maken met de beharing op het scherp gezaagde blad. Het staat paarsgewijs om de vierkante stengel, die hier zo’n 80 centimeter hoog wordt maar op betere plekken ruim een meter kan halen. De stevige stengel eindigt in een lange, stevige bloeiaar, waar de Latijnse naam stricta (= strak) al naar verwijst. De bloeiaar kan wel 40 centimeter lang worden en het duurt maanden voordat hij helemaal (van onderen naar boven) is uitgebloeid. Bijen en hommels komen er graag op af. Onze planten staan al meer dan tien jaar vast op de moederbedden en ik heb nog nooit een zaailing gezien. Deze plant groeit in bijna alle staten van de VS en er zijn ook meldingen van roze en witte vormen. Dat zou een mooi trio opleveren, maar tot nu toe heb ik ze nooit gezien. Ook V. macdougalii bevalt ons goed. Wat mij betreft had deze soort ook wel grijze verbena mogen heten. Zowel de stengels als het blad zijn namelijk dicht behaard. Het blad is veel langer en getand en heeft door de beharing een veel grijzer uiterlijk. De bloeiwijze is minder lang, maar veel meer vertakt. Vooral boven in de plant lijken de talloze aartjes elkaar bijna te verdringen. Ook hier bloeien de bloemen in een dikke ring rond de stengel naar boven toe uit. Deze soort wordt na een jaar of vijf minder, maar dat zie je bij Monarda ook. Af en toe scheuren en herplanten is hier het devies. Klimaatbestendig Dit verhaal zou niet compleet zijn zonder de wonderschone kruising (waarschijnlijk van V. macdougalii x V. littoralis) ‘Lavender Spires’ te noemen. Ik weet dat ik nu buiten m’n boekje ga, want in deze serie zou ik alleen botanische soorten behandelen. Maar deze afwijkende plant, die Marina Christopher - van Phoenix Nursery in Engeland - in een tray met zaailingen vond, bleek iets bijzonders te zijn. Hier hebben de bijen hun werk duidelijk goed gedaan! ‘Lavender Spires’ doet veel ijler aan dan V. macdougalli en zorgt voor een krachtig verticaal effect. Dat begint al met de stevige stengels, waarvan de bladeren strak omhoog gericht staan. De vertakking van de bloeiwijze begint lager en de langere aren met donkere bloemknoppen openen zich langzaam van beneden naar boven, zodat er steeds één ring bloeit. Aan deze ring bloemen rond de aar lezen wij altijd het verloop van de zomer af. In juni zit hij onderaan en hebben we de hele zomer nog voor ons. In oktober zit hij aan het eind van de aar: dan weten we dat de winter voor de deur staat. ‘Lavender Spires’ is perfect winterhard (ook bij 20 °C vorst) en bovendien steriel. Alle hier genoemde soorten groeien het beste op een droge plek in de volle zon. Bemesten hoeft niet of nauwelijks en zelfs in de droogste zomer is gieten niet nodig. Daarmee voldoen deze planten ruimschoots aan de vraag die we de laatste tijd steeds vaker krijgen: “Zijn dit klimaatbestendige planten?” Hans Kramer Hans Kramer is kweker. Op zijn kwekerij De Hessenhof (www.hessenhof.nl) in het Gelderse Ede vind je een grote keuze aan biologisch geteelde vaste planten, die hij samen met zijn vrouw Miranda opkweekt en vermeerdert Hans is een pleitbezorger van sterke, botanische soorten, die je ook in de natuur kunt aantreffen en die in de tuin jarenlang meegaan. G R O E I&BL O E I– S EP T EMBER –2019 55 Foto: Maayke de Ridder

22 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication