Versnellen van de energietransitie door warmtetransport en opslag van CO2 Voorlopig blijft aardgas nog een energiebron van betekenis. Dit neemt niet weg dat Nederlands energieinfrastructuurbedrijf Gasunie zich op weg naar 2050 al enige tijd richt op innovatieve, duurzame energieoplossingen. Het bedrijf wil vanuit haar publieke rol en op basis van haar kennis op het gebied van infrastructuur een bijdrage leveren om de energietransitie te versnellen. Recente projecten Porthos en WarmtelinQ geven daar invulling aan. De gemene deler van deze twee projecten? Ze hebben elk de Rotterdamse haven als startpunt. Ralf Koll, projectmanager bij Gasunie, vertelt over beide projecten. Om CO2-winst te behalen als onderdeel van de energietransitie zijn meerdere landen in Europa bezig om huizen en bedrijven van olie en kolen naar aardgas over te laten stappen. Deze aanpak roept in Nederland verbazing op, aangezien Nederlandse huishoudens worden gestimuleerd om van het gas af te gaan. “De maatregel om van gas af te gaan is deels noodzakelijk om Nederland in 2050 voor 95% klimaatneutraal te maken”, stelt Ralf Koll. Porthos “De drijfveer achter de energietransitie is het reduceren van CO2-uitstoot, dat kan op verschillende manieren”, vertelt Ralf. “Zo is de opslag van CO2 een manier voor de industrie om op korte termijn minder CO2 uit te stoten en tegelijk te werken aan structurele verduurzaming van de productieprocessen.” Daarom werkt Gasunie aan project-Porthos: Port of Rotterdam CO2 Transport Hub and Offshore Storage. Gasunie werkt hiervoor samen met EBN en Havenbedrijf Rotterdam om vanaf 2024 CO2 van de industrie in de Rotterdamse haven te transporteren en op te slaan in lege gasvelden onder de Noordzee. Ralf: “Wij richten ons op het aanleggen van een transportleiding, een 42-inch (1067mm) pijpleiding van de Rotterdamse haven naar lege gasvelden in de Noordzee. De haven van Rotterdam is verantwoordelijk voor circa 15% van de Nederlandse CO2uitstoot. Hierdoor levert het relatief veel klimaatwinst op om in dit gebied CO2 af te vangen. Ook de afstand tot de lege gasvelden in de Noordzee is gunstig.” ‘’Door de grote diameter van de leiding en de overvolle ondergrond is de aanleg complex, de ondergrond moet letterlijk op de schop.’’ Op de schop De transportleiding van Porthos wordt een stalen, geïsoleerde pijpleiding van bijna 30 kilometer lang. “De leiding gaat van de Vondelingenplaat door het havengebied van Rotterdam. We leggen verschillende blokschema’s aan om extra veiligheid te bieden voor de omgeving. Zo kunnen we bij eventuele calamiteiten de leiding op afstand inblokken. Door de grote diameter van de leiding en de overvolle ondergrond is de aanleg complex. De ondergrond moet letterlijk op de schop om dit mogelijk te maken. We leggen de leiding aan op een korte afstand van 40 cm van bestaande leidingen in de leidingenstrook, hierdoor moeten we de leidingenstrook meerdere keren onderlangs kruisen. Het gevolg is dat we alle bestaande leidingen moeten opvangen en stalen constructies met balken moeten aanleggen. Dat is heel bewerkelijk en een gigantische opgave. Bovendien is het niet altijd mogelijk om de leiding in lange strengen aan te leggen en moeten we buis voor buis werken. Dat is ontzettend arbeidsintensief”, legt Ralf uit. Aansluitlocaties De CO2 die Porthos in de toekomst gaat transporteren en opslaan, zal worden afgevangen door verschillende bedrijven. De bedrijven leveren hun CO2 aan, die vervolgens door een verzamelleiding door het Rotterdamse havengebied 6
7 Online Touch Home