7

PGB. Om de overstap mogelijk te maken moeten de opgebouwde pensioenen van deelnemers van Reiswerk Pensioenen eerst worden verlaagd. Dit is nodig omdat de huidige deelnemers van Pensioenfonds PGB geen nadeel mogen ondervinden van de overstap. Als Reiswerk Pensioenen zou blijven voortbestaan zou een verlaging van de pensioenen in de reisbranche waarschijnlijk ook nodig zijn geweest. De overgang naar Pensioenfonds PGB is nog wel afhankelijk van goedkeuring door toezichthouder De Nederlandsche Bank en het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Bestuursleden Zoals elders in deze ExPress al uitgebreid is vermeld, treden vicevoorzitter Ruud Degenhardt en Bert Coenradie per 1 januari af als bestuursleden van Pensioenfonds PGB. De procedure voor hun opvolging is bijna afgerond. De procedure voor de opvolging van het eerder dit jaar vertrokken bestuurslid Frans de Haan loopt nog. Halverwege dit jaar is Ronald Heijn al toegetreden tot het bestuur. Hij is benoemd op voordracht van de VVG-PGB en vervangt Freek Busweiler die vorig jaar plotseling is overleden. Bestuursmodel Deze zomer heeft het bestuur van Pensioenfonds PGB, na een evaluatie en overleg met het verantwoordingsorgaan en de raad van toezicht, besloten het bestuursmodel iets te veranderen. Het bestuur blijft paritair, dat wil zeggen dat het bestaat uit vertegenwoordigers van de betrokken partijen: werkgevers, werknemers en gepensioneerden. De verandering is dat het vanaf nu mogelijk is voor het bestuur om twee van de tien bestuursleden aan te stellen op basis van hun specifieke deskundigheid. Dit model heet officieel paritair-plus. Daarnaast is besloten om de bestuurlijke aansturing van de uitvoering te veranderen. Er werd tot nu toe gewerkt met verschillende adviescommissies. Vanaf eind dit jaar verandert dat. Het aantal commissies wordt beperkt tot vier: pensioenbeheer, balansbeheer, risicobeheer en audit. Deze commissies krijgen de ruimte om over de uitvoering van het beleid zelf de besluiten te nemen, waarvoor ze van het bestuur de bevoegdheid hebben gekregen. Hierdoor kan het bestuur zich richten op de grote lijnen: het beleid en de strategie van het pensioenfonds. Waar nodig voor de invulling van de strategie worden tijdelijke werkgroepen ingesteld. “Het doel is om wendbaarder worden. Zodat we sneller kunnen inspelen op veranderingen door het nieuwe stelsel, klantwensen van deelnemers en werkgevers en op maatschappelijke ontwikkelingen”, zegt voorzitter Jochem Dijckmeester. De leden van het bestuur hebben geen ‘portefeuilles’ meer, maar zetten hun individuele expertise in via de commissies. Daarin wordt het beleid van het pensioenfonds ‘integraal’ voorbereid. “Dat wil zeggen dat we vanuit verschillende invalshoeken kijken naar voorstellen, bijvoorbeeld een productverbetering of een beleggingsvoorstel. Zodat het later niet ook nog langs een andere commissie hoeft voor advies”, legt Dijckmeester uit. Ruud Peys 7

8 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication