Laten we vooral mét elkaar en niet óver elkaar in gesprek blijven! Als ik dit voorwoord schrijf moet onze algemene ledenvergadering in oktober nog plaatsvinden. Als u dit leest heeft deze al plaatsgevonden en heb ik hopelijk met velen van u kunnen bijpraten over alles wat u en mij als gepensioneerden bezighoudt. Alhoewel ik op dit moment nog niet precies weet wat ik in mijn openingswoordje ga zeggen, zal het waarschijnlijk onder meer gaan over mijn eerste jaar als voorzitter van onze vereniging en hoe ik dat beleefd heb. Als ik heel eerlijk ben, moet mij toch van het hart dat, als ik alles van te voren geweten had, ik mezelf nog eens achter de oren gekrabd zou hebben over deze stap. Het was niet bepaald een rustig jaar waarin wij als bestuur achterover konden leunen. Niet alleen woedde de discussie over zowel de toekomst van onze pensioenen als over de hoogte van een rechtvaardige indexering in alle hevigheid, maar ook op bestuurlijk vlak was het binnen ons bestuur een ….ehhh…. interessante periode. Als het goed is hebben wij u daar uitgebreid over bijgepraat tijdens de afgelopen AlV. Maar gelukkig weet je in het leven niet alles op voorhand en realiseer ik me sterker dan ooit te voren hoe belangrijk het is om de stem en het geluid van de gepensioneerden te laten horen. Als je mij ook écht boos wilt maken moet je vooral óver mij en niet mét mij praten. En dat laatste gevoel speelde in het afgelopen jaar sterk mee als ik keek naar het politieke steekspel in Den Haag. En dan vooral op de momenten dat men aan het praten was over onze pensioenen. Niet dat wij als bestuur per definitie tegen veranderingen in het pensioenstelsel zijn (er zijn zeker elementen die voor de gepensioneerden positief kunnen uitpakken), maar het ogenschijnlijk gemak waarmee omgesprongen wordt met onze belangen en onze financiële toekomst en de wijze waarop de stem van ons als gepensioneerden niet gehoord (en feitelijk uitgesloten wordt in de discussie), stuitte en stuit mij nog steeds, enorm tegen de borst. Ook in deze discussie is helaas merkbaar dat de politiek in mijn ogen het contact met de samenleving en ons als burger volledig kwijt is en men ook in Den Haag liever óver de ander dan mét de ander praat. Gelukkig vonden wij als bestuur, mede door de inhoudelijk sterke inbreng van de werkgroep ‘Pensioen en hoorrecht’ en onze leden in het VO (vertegenwoordigend overleg) wel een constructief, meewerkend en gewillig oor bij PGB, waarbij een duidelijke inbreng is geweest inzake beslissingen over premiehoogte, indexering en bestuurlijke vernieuwingen. Daarmee wil ik zeker niet aangeven dat we tevreden kunnen/mogen zijn over de resultaten. Indexering is leuk, maar nog steeds is het niet voldoende om in te lopen op dat wat in de afgelopen jaren ingeleverd is. Om nog maar te zwijgen over de vraag in hoeverre er op de huidige inflatiecijfers gecorrigeerd is. Laten we hopen dat PGB ruimhartig beslist inzake een mogelijk komende indexering. Al met al ziet het er naar uit dat ook de komende periode weer interessant gaat worden voor onze vereniging en de manier waarop wij onze stem willen laten horen. Het feit dat de beslissing inzake de toekomst van onze pensioenen uitgesteld wordt, geeft ook mogelijkheden om onze stem nog nadrukkelijker te laten horen via verschillende platforms. Ik hoop wel dat als we elkaar weer spreken op de ALV van 26 april 2023, we kunnen zeggen dat er niet alleen ten aanzien van onze pensioenen, maar ook in een versterking van ons bestuur stappen gezet zijn in de goede richting. Laten we daarbij vooral mét elkaar en niet óver elkaar in gesprek blijven Ernst Taris Voorzitter VVG-PGB 3
4 Online Touch Home