18

Schillen halen voor fles melk Angstig? Nee. Als kind wist je niet beter dan dat het land bezet was door de Duitsers. Je had geleer wat wel mocht en wat niet. En vooral: wat je niet moest zeggen of vertellen. De nieuwsgaring was nul komma nul. Dus wist je niet wat er in Nederland gebeurde, laat staan in andere landen. De stad Utrecht ondervond weinig schade. Wel hee het gebied rondom het Centraal Spoorwegstation in het derde en vierde oorlogsjaar diverse luchtaanv ondergaan. In dat vierde jaar begon men de bevolking uit te hongeren. Na de bezetting heb ik vernomen, dat er in de nach treinen met de vliegende bommen V1 stonden, v de aanvallen. Op 5 mei 1945 ging ik 's morgens met mijn karretje lopend van de Leliestraat naar de Vecht. Ik verzamelde in onze buurt schillen en had met een boer afgespr daarvoor een fles melk te krijgen. Toen ik thuiskwam, hoorde ik dat we bevrijd waren. Niemand holde juichend de straat op, want er woonden andersdenkende personen. Opletten wat er gebeur voorzichtig zijn. Na enkele dagen kwamen mijn emoties pas los, toen vliegtuigen voedselpakketten afgooiden. Ook natuurlijk toen de geallieerden Utrecht inreden. V over de Amsterdamsestraatweg. Toen kwam pas het gevoel dat we bevrijd waren. Als men van Normandië, via het westen van België naar Nederland rijdt, komt men ontzettend veel begraafplaatsen tegen. Vele honderdduizenden jonge mensen gaven hun leven voor onze vrijheid. DAT MOGEN WIJ NOOIT VERGETEN. Wim Beuving Wilhelmina in hout boven de voordeur In Haastrecht woonde ik, een dorp op vijf kilometer van Gouda, 5 mei 1945. Ons gezin, bestaande uit vader, moeder, acht kinderen tussen 13 en 1 jaar, plus een tante, was op 15 mei 1940 bij de grote brand in Kralingen, Rotterdam, dakloos geworden. Via kennissen en relaties vonden wij tenslotte onderdak in Haastrecht, in een voormalige dokterswoning. Op het moment dat het einde van de oorlog werd aangekondigd, hadden wij juist de Hongerwinter achter de rug. De laatste maanden van dat voorjaar waren wij aan het bijkomen door voedseldroppings in de weilanden in de buurt van Gouda. Ik herinner mij de kaakjes, hardgebakken scheepsbeschuit, verpakt in blikken trommels van naar schatting 20 x 20 x 40 cm. De blikken zijn nog tot jaren daarna gebruikt om allerlei nuttige dingen te maken. Voorts conservenblikjes met witte bonen met spek in tomatensaus. Bij veehouders uit de omringende polders konden we af en toe melk of zelfs biest en ook karnemelk krijgen. Het dorp was na de afkondiging van het einde van de oorlog 18 geweldig in feeststemming. Iedereen moest zijn steentje bijdragen voor een groot festijn dat binnen enkele dagen zou worden gehouden. Persoonlijk droeg ik bij tot de versiering van het dorp; dit betrof een gefiguurzaagd portret van koningin Wilhelmina. Dit portret was gemonteerd in een van de ovale lijsten boven de voordeur. Het werd van binnenuit verlicht door een spaarlampje, waarvoor wij toen weer stroom mochten gebruiken. In het dorpscafé, vijf huizen naast onze woning, heerste feestelijke drukte met goed belegde broodjes (en waarschijnlijk voldoende geestrijke drank). Op de dorpsstraat, vlak voor ons huis, stond de haringkar van Dries. Die haring werd ter plekke gefileerd en gegeten. Onze woning lag aan de Dijk langs de Hollandse IJssel. Aan deze Oude Dijk woonde ook dokter Bonga. Die had aan de weg een podium opgezet. Van de toneelstukken die hij opvoerde snapte ik niets. Piet van Damme

19 Online Touch Home


You need flash player to view this online publication