magazine BIG Editie 13 juni 2021 BIG in Pipelines Energie Transitie Toolbox Pipeliner Niels van Schie Masterthesis waterstof Groene energiebuffer Integrale projectaanpak Visser & Smit Hanab BIG NXT30
COLUMN BIG-Jubileum NXT30 Han Admiraal - Voorzitter BIG Begin jaren ‘90 van de vorige eeuw werd het Nederlandstalig Buisleiding Industrie Gilde opgericht. Het waren interessante jaren die ik zelf vooral herinner als de start van mijn betrokkenheid in de ondergrond. Het was een periode waarin we de eerste geboorde tunnel in Nederland gingen aanleggen. De Tweede Heinenoordtunnel werd de eerste in een periode van vele geboorde tunnels die, wellicht voorlopig, eindigt met de Corbulotunnel en de onlangs geopende Victory Boogie Woogietunnel. Het toepassen van de boortechniek stond in de kinderschoenen en hier werd veel onderzoek naar gedaan. Zowel het praktijkgericht als wetenschappelijk onderzoek, gecoördineerd Tientallen wetenschappers promoveerden op onderwerpen variërend van het boren in slappe bodems tot neurale netwerken die de perceptie van gebruikers over ondergrondse stations analyseerden. De ICES/KIS-gelden, de baten uit de opbrengsten van het Nederlandse aardgas bestemd om de kennisinfrastructuur te versterken, werkten als een magneet voor nieuwe ideeën en zorgden in veel gevallen voor een vliegwieleffect. Ook het BIG profiteerde hiervan door het oprichten van een aparte stichting, Pipeliner, die een hbo-masteropleiding voor de pijpleidingbranche ging opzetten en daarna is gaan uitvoeren samen met Avans+. Andere activiteiten waar BIG bij betrokken raakte, waren het OLS, het Ondergronds Logistiek Systeem, en IPOT, het Interdepartementaal Platform Ondergronds Transport. De conclusie van dit platform met betrekking tot ondergronds transport was zeker positief, maar de tijd was er nog niet rijp voor. Je kan dat het Jules Verne-effect noemen: geweldig verhaal, slechte timing. Inmiddels zijn we 30 jaar verder en is het BIG zich aan het beraden op wat de komende 30 jaar zal brengen. door toen pas opgerichte Centrum Ondergronds Bouwen, onderzoek. technische Dat we in bijzondere tijden leven, zal voor iedereen duidelijk zijn. De huidige pandemie heeft ook effect op onze activiteiten. Elkaar fysiek ontmoeten zal dit voorjaar nog niet mogelijk zijn. Daarom vieren we ons jubileum het hele najaar, met een online aftrap op 16 juni 2021. We willen ons vanuit de kern waar we als vereniging voor staan gaan focussen op de vraag welke bijdrage buisleidingen kunnen leveren aan de uitdagingen voor de komende 30 jaar. Vanuit onze thema’s betrouwbaarheid, duurzaamheid, connectiviteit en kennis gaan we met elkaar de agenda voor de komende jaren vormgeven. Een agenda die focust op duurzaamheid en de energietransitie. Een agenda die focust op nieuwe kansen voor buisleidingen als erkende transportmodaliteit. Een transportmodaliteit die vraagt om een eigen infrastructuur en wellicht ook andere vormen van beheer en financiering. Maar ook een agenda gericht op netwerken door middel van kennisborging, kennisoverdracht, kennisontwikkeling en de verbinding professionals en senior professionals. De komende 30 jaar zullen in Vlaanderen en in Nederland grote veranderingen gaan brengen. BIG kan daaraan een bijdrage leveren en met nieuwe oplossingen komen. Het BIG-jubileum NXT 30 is hét startmoment om daar werk van te maken. tussen young 2
Antea Group De Energie Transitie Toolbox: making smart choices De kracht van een simulatietool Steden en industriegebieden hebben een grote impact op het klimaat. Zij staan voor een belangrijke uitdaging: hoe kan het gebruik van duurzame energiebronnen en de ontwikkeling van energie-efficiënte systemen versneld worden? En hoe kan daarmee de beste route gekozen worden om de internationale duurzaamheidsdoelstellingen te halen? Kortom, hoe kunnen we vraag en aanbod van energie zo duurzaam en kostenefficiënt mogelijk op elkaar afstemmen? Om beleidsmakers en ontwikkelaars bij deze ambitieuze uitdaging te begeleiden heeft Antea Group de Energie Transitie Toolbox ontwikkeld. Patrick Verdonck, Manager Business Development & Innovation bij Antea Group Belgium, vertelt over deze innovatieve toolbox: “De Energie Transitie Toolbox is een ontwerp- en simulatiemodel waarmee wij op basis van een set inputvariabelen de optimale combinatie en configuratie van energienetwerken en –systemen kunnen samenstellen. Het is een compleet systeem dat verder gaat dan de bestaande energiesimulatietools, het neemt namelijk zowel de energievraag, het energieaanbod én alle energienetwerken tussen gebouwen mee. Energie wordt daarbij zeer breed gedefinieerd: van warmte en koude als duurzame energievormen en ook waterstof als energiedrager. Daarom spreken we ook wel van een multi-energy toolbox, omdat we de link tussen energievormen en sectoren integraal meenemen.” De toolbox Patrick vertelt enthousiast over de aanleiding om de Energie Transitie Toolbox te ontwikkelen. Patrick: “Het idee is in 2019 ontstaan als onderzoeksproject, initieel bedoeld om steden de komende jaren te helpen de samenleving flink te verduurzamen. Daarbij spelen duurzame energiebronnen de hoofdrol en zal het energielandschap in veel gevallen compleet veranderen. Ons doel is om de optimale inzet van deze energiebronnen tegen de laagste ‘Total Cost of Ownership’ - de kosten voor het ontwerp, de aanleg en de exploitatiekosten - in kaart te brengen. We definiëren slimme energiestrategieën en -concepten en zorgen voor het zo optimaal mogelijk gebruik maken van energiestromen, opslag en energienetwerken als onderdeel van het energiesysteem. Dit is een enorme uitdaging, waarbij de toolbox inzicht en overzicht biedt en meest belangrijk een optimale oplossing aanreikt.” BIG NXT30 3
Analyseren van scenario’s Slim verbinden van software De Energie Transitie Toolbox helpt om de kansen, uitdagingen én gevolgen van de energietransitie te analyseren. Zo krijgt men inzicht in de haalbaarheid van energie-efficiënte en duurzame energieconcepten, wat helpt om slimme keuzes te maken bij de ontwikkeling van duurzame steden en energiehubs, de zogenaamde energiedraaischijven van de toekomst. Hiervoor rekent Antea Group diverse scenario’s door, waarbij rekening wordt gehouden met alle technische en financiële parameters van beschikbare energiebronnen, netwerkconfiguraties en energieafnemers. “Deze scenario’s berekenden we voorheen met behulp van Excel,” vervolgt Patrick. “Maar er is de afgelopen jaren steeds meer vraag naar multi-energie concepten als onderdeel van de slimme energielandschappen van de toekomst. Daarbij kijken we hoe we de energievoorziening in een gebied, zo kostenefficiënt en duurzaam mogelijk kunnen verzorgen. Hoe verdelen we de energie optimaal tussen meerdere gebouwen? Welke energiebronnen gaan we inzetten? En met welke technieken en tegen welke kosten? Dit zijn hele belangrijke, maar tegelijkertijd ook zeer complexe vragen. Om deze vragen te beantwoorden moet je bronnen, gebouwen, netwerken, wegen en de ondergrond in kaart brengen. Deze factoren hebben onderling ook invloed op elkaar en die interacties willen we natuurlijk ook meenemen in onze berekeningen. In Excel zijn we er vanzelfsprekend niet in geslaagd om een optimalisatie te maken, daarvoor is het programma niet toereikend. Toen zijn we gaan kijken naar alternatieve softwarepakketten om onze analyses te verbeteren.” Antea Group heeft voor de Energie Transitie Toolbox slim gebruikgemaakt van opensource-data. Dit gaf het bedrijf de mogelijkheid om bestaande data niet alleen te bestuderen, maar ook aan te passen en te verbeteren. Patrick: “We hebben in eerste instantie beschikbare software geëvalueerd waaruit bleek dat er niet één systeem was dat voldeed aan al onze wensen. Toen is het idee ontstaan om meerdere opensourcedata bij elkaar te brengen om tot een compleet ontwerp- en simulatiemodel te komen.” Bijkomend voordeel van deze aanpak is dat Antea Group de Energie Transitie Toolbox in een relatief kort tijdsbestek heeft kunnen ontwikkelen. “Het duurde ongeveer een jaar. Wanneer je een dergelijk softwaresysteem from scratch gaat ontwikkelen, ben je minimaal een aantal jaar verder. Ook hebben we hierdoor veel kosten bespaard. We hebben op een slimme manier gebruikgemaakt van bestaande informatie en systemen”, licht Patrick toe. De optimale uitkomst “Juist het complete plaatje is de kracht van onze toolbox. Onze ambitie is om rond 2022 de toolbox geïntegreerd in een platform beschikbaar te stellen.” De toolbox werkt op een gestandaardiseerde manier en bestaat uit een set van vrij te configureren energiebronnen en energieprofielen, een financieel-technisch model, een optimalisatiemodel en een controlealgoritme. De input bestaat uit (technische en financiële) parameters, op basis hiervan maakt het model clusters op individueel en geaggregeerd niveau. “We combineren verschillende technologieën zoals warmtepompen of zonne-energie en opslagsystemen die verbonden worden met distributienetten. De input kunnen wij flexibel aanpassen. Het voordeel hiervan is dat we voor elk afzonderlijk project redelijk snel een simulatie kunnen uitvoeren. De output wordt in Excel-format aangeboden met alle details van de berekeningen. We hebben dus nog niet volledig afscheid genomen van Excel”, vertelt Patrick lachend. “Via Excel blijft het namelijk gemakkelijk om verdere analyses te doen.” “De toolbox berekent altijd de optimale uitkomst ofwel naar Total Cost of Ownership, naar CO2-uitstoot of een combinatie van beiden. Door simulaties met verschillende inputvariabelen te vergelijken, kan bepaald worden of en op welke wijze de beoogde CO2-reductie behaald kan worden. Daarbij is de cruciale vraag natuurlijk of het ook betaalbaar is. Ook financiële 4
parameters nemen we daarbij mee in onze toolbox. Juist dit complete plaatje is de kracht van onze toolbox.” Lessons learned Volgens Patrick is de optimalisatie die de toolbox berekent heel krachtig. “We hebben onze toolbox vergeleken met andere modellen en berekeningen door kritisch naar de input en output te kijken. Onze tooling berekende daarbij steeds een meer optimale uitkomst dan de andere modellen. De toolbox haalt echt het onderste uit de kan. Uit deze testen is ook gebleken dat de energiesystemen die de laatste jaren gerealiseerd zijn vaak afwijken van de optimale oplossing. Dat zijn belangrijke lessons learned die we nu ook mee kunnen nemen in andere projecten.” KU Leuven en Haarlem De toolbox is succesvol bij diverse, kleinschalige projecten ingezet, zoals bij het verduurzamen van gebouwen op de campus van KU Leuven. Patrick: “KU Leuven wilde de gasketels op de campus vervangen door duurzame alternatieven. Dit betrof zowel een warmte- als koude vraag. Dit is een complexe opgave, gezien de grote capaciteit die nodig was voor de verschillende gebouwen op de campus. Door middel van de Energie Transitie Toolbox heeft KU Leuven inzicht gekregen in de capaciteit die zij nodig hebben, welke duurzame alternatieven zij hiervoor het beste kunnen inzetten en welke aansluitkosten dit met zich meebrengt. De resultaten konden meteen gebruikt worden om een subsidie in te dienen voor groene warmte.” Ook is de toolbox toegepast bij een project voor gemeente Haarlem. Antea Group Belgium werkt namelijk nauw samen met Antea Group Nederland. Patrick: “Hierbij ging het om het verduurzamen van een woonwijk. Bijzonder aan deze case is dat we de optie voor isolatie hebben meegenomen in het simulatiemodel. Isolatie is dan wel geen directe parameter in de toolbox, maar indirect kan het wel een kostenbesparing opleveren. Want door goed te isoleren heb je namelijk minder capaciteit nodig en dat hebben we vervolgens afgezet tegenover de investeringskosten. Voor ons was dit een mooie mogelijkheid om te testen of de toolbox ook met indirecte parameters tot goede inzichten zou komen. En de test was succesvol! Door middel van onze simulaties heeft gemeente Haarlem de afweging kunnen maken om wel of niet te isoleren”, vertelt Patrick trots. Antea Group Antea Group Antea Group is een internationaal ingenieurs- en adviesbureau gespecialiseerd in full-service oplossingen op het gebied van milieu, infrastructuur, ruimte en water. In België werken 250 specialisten elke dag aan complexe projecten voor slimme energielandschappen, duurzaam groeiende havens, klimaatbestendige samenleving, veerkrachtige kust en leefbare steden. Patrick Verdonck Patrick Verdonck is Manager Business Development & Innovation bij Antea Group Belgium. Hij wordt enthousiast van het verbinden van mensen en bedrijven en het koppelen van ideeën van ingenieurs om complexe vraagstukken te beantwoorden. Momenteel richt Patrick zich op het creatief uitdenken van nieuwe businessmodellen en financiële business cases voor de realisatie van slimme energielandschappen binnen de business unit Infrastructuur. BIG NXT30 5
Automatiseren Ondanks dat de cases in België en Nederland uitwijzen dat de Energie Transitie Toolbox een grote meerwaarde is, ziet Patrick nog verbeterpunten. “We hebben de toolbox bij kleinschalige projecten ingezet, nu is het zaak om dit verder uit te rollen en grotere projecten op te pakken. De ambitie van Antea Group is op dit gebied nog veel groter. Momenteel moeten we bepaalde scenario’s nog in losse stappen berekenen. De output van een bepaalde simulatie dient daarbij als input voor een volgende simulatie. Ook willen we het model aanpassen van lineair naar non-lineair. De volgende ontwikkeling is om dit volledig te automatiseren. We willen dat de toolbox het energievraagstuk echt van A tot Z op high level niveau kan meenemen. Onze ambitie is om rond 2022 dit volledig in een platform geïntegreerd te hebben, zodat de software niet alleen beschikbaar is voor steden en gemeenten, maar ook voor de industrie.” Antea Group Toekomstig belang Alhoewel de toolbox in eerste instantie ontwikkeld is voor de overheid en gemeenten, ziet Antea Group de vraag vooral vanuit het bedrijfsleven toenemen. Patrick: “Gemeenten zijn nu nog niet heel actief bezig met het verduurzamen en het verlagen van de CO2uitstoot. De industrie is hier veel actiever mee bezig. Dit komt natuurlijk ook door de druk van de overheid om energie-efficiënt en klimaatneutraal te worden.” Ook internationaal wordt het belang van de toolbox erkend. De innovatieve ontwikkeling werd door een internationale jury bekroond als winnaar van de Grand Innovation Award 2019 van Antea Group. 6
Pipeliner on Tour Gert Jan is sinds oktober 2019 samen met zijn vrouw Sonja op reis met een Land Rover Defender camper: Milady Landy. “We hopen de wereld rond te reizen en ik zal tijdens deze reis in mijn columns vertellen over diverse onderwerpen die met leidinginfrastructuur te maken hebben.” Winter en water in Nederland Afgelopen februari schreef ik: “Ik zit buiten, het lijkt wel voorjaar, we staan met onze Milady Landy geparkeerd op een picknickplaats in het natuurgebied Drents-Friese Wold. Vorige week kampeerden we nog met -10 ⁰C op de Veluwe, een unieke hoeveelheid sneeuw had Nederland overdekt met een wit tapijt. Dat was voor ons de reden om er maar weer eens op uit te trekken en in eigen land, ver van de steden, ons mooie land te ontdekken. Een week later is de sneeuw verdwenen en zijn velden en sloten gevuld met smeltwater, de rivieren zijn gezwollen en maken volop gebruik van de ruimte die in de afgelopen jaren is gecreëerd.“ De veiligheid achter de rivierdijken is de afgelopen jaren verbeterd. Waterschappen en Rijkswaterstaat hebben veel geïnvesteerd in waterveiligheid. Gelukkig zijn uiteindelijk ook de kabels en leidingen niet vergeten in deze veiligheidsopgave. De POV Kabels en Leidingen heeft met haar onderzoeksprogramma de eigenaren van waterkeringen, kabels en leidingen dichter bij elkaar gebracht. Ook heeft de POV Kabels en Leidingen nieuwe rekenmethoden ontwikkeld, waardoor de wederzijdse veiligheid beter kan worden aangetoond. Het plotselinge voorjaar bracht naast hogere temperaturen ook veel schoonheid mee. De krokussen in de wegbermen, de grijze bossen werden weer fris groen, sneeuwklokjes in de tuinen en schapen op de dijken of grazend op de heidevelden. Het is fijn om buiten te zijn en te genieten van al deze mooie beelden. Vooral in deze tijd is het goed om buiten te zijn. Een tijd van afstand houden, thuiswerken en (deels) gesloten grenzen. Een tijd van geen handen, geen knuffels en geen zoen. Een tijd van beperkingen, somberheid en stress. Desondanks hebben wij de luxe dat we hieruit kunnen ontsnappen en onze vrijheid kunnen opzoeken, onderweg in Nederland. Voorlopig blijven we dus in eigen land. We nemen de tijd om plannen te maken en te dromen over nieuwe tijden. We kijken vooruit, we geloven in nieuwe energie en willen genieten van de zomer en het zonlicht. Kortom, we hebben goede verwachtingen en blijven reizen naar de horizon. Gert Jan ter Haar Meer weten? www.miladylandy.nl en op Facebook, Instagram en YouTube. BIG NXT30 7
Van papieren werkelijkheid naar bouwwerkelijkheid Visser & Smit Hanab: integrale projectaanpak leidt tot slimmere keuzes in engineeringsproces Binnen de pijpleidingbranche wordt er nog vaak gebruikgemaakt van een traditionele projectaanpak: ontwerp en uitvoering zijn gescheiden. Visser & Smit Hanab pakt het waar mogelijk anders aan met een integrale aanpak. Bij deze aanpak is de aannemer vroegtijdig bij een project betrokken. Zo neem je de uitvoeringskennis al tijdens de engineeringsfase mee, waardoor het ontwerp beter is afgestemd op de realisatie. Dit heeft voordelen zoals tijdbesparing en lagere kosten. Kortom, een win-win voor alle betrokken partijen. Deze projectaanpak kan leiden tot andere slimmere keuzes tijdens het engineeringsproces. De aanpak die Visser & Smit Hanab haar klanten adviseert, vraag om een andere mindset. De onderstaande case laat zien dat deze aanpak haar vruchten afwerpt. BP Hutton Kees van der Stelt, Senior Project Manager bij Visser & Smit Hanab, is enthousiast over de integrale projectaanpak. Zijn projectteam heeft vanaf augustus 2019 op de BPinstallaties een grote bijdrage geleverd aan de aansluiting van de bestaande opslagtanks van de BP-raffinaderij op de nieuwe HES-tankterminal in de Europoort. “Visser & Smit Hanab is vanaf de initiatieffase bij dit project betrokken geweest voor het aanleggen van de verbinding tussen de HES-terminal en de BP-raffinaderij. Het betreft hier het aansluiten van een vijftal productleidingen met een 8 Visser & Smit Hanab
totale lengte van circa 8 kilometer op de al eerder door Visser & Smit Hanab geboorde leidingen naar de HESterminal. Deze verbinding loopt van de BP-raffinaderij onder het Hartekanaal door naar de HES-terminal. Dat is een uitdagend en complex tracé en dat vraagt om vakspecialistische engineering en constructiekennis. Dus hebben we er bij BP op aangedrongen om al tijdens de engineeringsfase onze engineering en constructiekennis in te brengen”, licht Kees toe. Geïntegreerde aanpak Binnen Visser & Smit Hanab is het project multidisciplinair uitgevoerd. Kees: “We hebben een geïntegreerde aanpak gehanteerd van een projectteam bestaande uit collega’s van onze verschillende waaronder en Leidingen business en Op die manier bundelden wij onze krachten realiseerden wij Moderne aannemer units, Industrie. een effectieve aanpak. Wij werken in onze projecten écht als partner met onze opdrachtgevers samen. We gaan niet zomaar een bestaand contract of plan uitvoeren. Plannen wijken in de praktijk namelijk vaak te veel af van de werkelijkheid.” Veiligheid vergroot “Door al vanaf de beginfase mee te mogen denken is de veiligheid enorm vergroot”, vervolgt Kees. “Tijdens de engineeringsfase hebben wij samen met ons eigen ingenieursbureau binnen Visser & Smit Hanab de leidingsystemen gescand en gecontroleerd. Hierdoor hebben we de werkelijkheid écht op De samenwerking tussen Visser & Smit Hanab en BP op het gebied van gedetailleerd ontwerp, uitvoering en veiligheid is uitstekend geweest. Het project zal binnen het budget en volgens het geplande tijdpad worden opgeleverd. Momenteel worden de nieuwe leidingen aangesloten op de bestaande BP-installatie. Dit zijn ruim 280 tie-in punten. “Wij zijn trots op de toegevoegde waarde die wij hieraan hebben geleverd. Als aannemer hebben wij aangetoond dat het zeker loont om ons vroegtijdig bij een project te betrekken. Het vraagt om een andere mindset, maar uiteindelijk levert dit voor alle partijen winst op. Niet alleen financieel, maar ook op het gebied van veiligheid, kwaliteit en werkplezier. Wij willen ons daarom graag profileren als een moderne aannemer die de disciplines bij elkaar brengt en die op tijd verbeteringen doorvoert van de papieren werkelijkheid naar de bouwwerkelijkheid”, aldus Kees. papier gezet en mogelijke risico’s goed in kaart gebracht. Hierdoor konden wij een groter deel van de leidingsystemen maken in onze prefabshop in Veendam. Op de BP-installatie waren hierdoor minder mensen nodig, wat de kans op incidenten heeft verkleind. BP hecht hier grote waarde aan.” “Wij willen ons graag profileren als moderne aannemer die disciplines bij elkaar brengt.” Visser & Smit Hanab Visser & Smit Hanab, onderdeel van VolkerWessels, is al 150 jaar specialist op het gebied van boven- en ondergrondse leidingen en kabelinfrastructuur. Het bedrijf ontwikkelt, bouwt en onderhoudt verbindingen, netwerken en installaties voor water, energie en chemie. Daarbij is Visser & Smit Hanab gespecialiseerd in gestuurde boringen. Kees van der Stelt Kees van der Stelt is Senior Project Manager bij Visser & Smit Hanab, hij is hier al 35 jaar werkzaam. BIG NXT30 9
PIPELINER IN BEELD In gesprek met Netstrateeg Strategisch Assetmanagement Niels van Schie, Eneco Warmte: van een bijproduct naar de spil van het bedrijf In de energietransitie is er een cruciale rol weggelegd voor warmtenetten. Hoewel warmte nu een ‘hot topic’ is, was dit een aantal jaar geleden wel anders. Niels van Schie had niet verwacht dat zijn eerste loopbaankeuze een dusdanig grote impact zou hebben. Door de afstudeerrichting Energietechniek is zijn interesse voor warmte ontstaan. Dit heeft ertoe geleid dat hij inmiddels al bijna 15 jaar bij Eneco werkzaam is. Tegenwoordig focust hij zich op het dimensioneren van, adviseren over en hydraulisch berekenen van warmtedistributienetten. Niels van Schie (39 jaar) woont in Naaldwijk en heeft twee dochters. Na zijn studie Werktuigbouwkunde aan Technische Hogeschool Rijswijk startte hij in 2006 gelijk bij energieleverancier Eneco. Niels: “Ik kon aan de slag als werkvoorbereider en kreeg daarbij de keuze tussen gas, elektra of warmte. Tijdens mijn afstudeerrichting had ik mij al deels gericht op warmte, dus de keuze was gemakkelijk. Nu blijkt dit een hele verstandige keuze te zijn geweest, gezien het belang van warmte in de energietransitie. Aan het begin van mijn loopbaan was warmte nog een onderschoven kindje, een 10
soort bijproduct, alles draaide namelijk om gas of elektra. Nu, ruim 15 jaar later, is dit volledig omgedraaid en is warmte een belangrijk bedrijf.” Binnen Eneco kon Niels zich doorontwikkelen. “De eerste jaren lag mijn focus op het coördineren van warmteen koude projecten. Later kreeg ik de kans om me meer te richten op de techniek en kon ik doorgroeien als Engineer Realisatie Warmte & Koude, waardoor ik betrokken werd bij leidingprojecten voor het ontwerp van buisleidingsystemen en installaties. Zo ben ik binnen Eneco eigenlijk langzaam de buisleidingindustrie ingerold”, vertelt Niels. Het complete plaatje Inmiddels is Niels werkzaam als Netstrateeg Strategisch Assetmanagement Heat & Industrials. Als een leiding buiten werking wordt gesteld, berekent Niels wat de consequenties zijn voor het totale warmtenet. Juist het complete plaatje waarmee hij binnen deze functie te maken krijgt, vindt hij het meest interessant. Niels: “Bij het aanleggen van leidingen krijg je vaak te maken met een deel van het project. Bij mijn huidige projecten kijk ik naar het volledige warmtenet. Het is eigenlijk één totaalsysteem: het begint bij de opwekking van warmte bij de bron en eindigt bij hetgeen wat bij de mensen thuis binnenkomt. Het hele stuk daartussen neem ik mee in mijn beschouwingen. Als we aan de ene kant van de stad een leiding aanpassen, heeft dit consequenties aan de andere kant “Ik houd me dus bezig met vragen hoe we deze warmtenetten het beste met elkaar kunnen verbinden: kiezen we ervoor om één groot net te creëren of juist om de warmtenetten hydraulisch te scheiden? En van welke back-up voorzieningen gaan we gebruik maken? Wat het project nog complexer maakt, zijn de verschillende publieke en private eigenaren van de warmtenetten in dit gebied. Er zitten dus meerdere kapiteins op één schip. Hoewel het gecompliceerd zal zijn, is onderdeel van van de stad of zelfs voor omliggende steden. Dat maakt het complex en juist een leuke uitdaging.” het Verbinding “Momenteel ben voor ik het onder andere betrokken bij het project Leiding door het Midden. Het is een geplande pijpleiding transport van restwarmte uit de Rotterdamse Haven naar Den Haag. Dit is een initiatief van Eneco geweest, en nu overgenomen door Warmtelinq, om de warmtenetten in Rotterdam en Den Haag met elkaar te verbinden”, vertelt Niels. “Dit project is een onderdeel van de ‘warmteronde’ die door de overheid is geïnitieerd, een warmtetransportsysteem dat steden in Zuid-Holland met kunnen maken grotere elkaar verbindt. Hierdoor ontstaat er één groot warmtenet, waardoor meer woningen gebruik van de restwarmte uit de Rotterdamse Haven. Het verbinden van de warmtenetten brengt risico’s met zich mee, deze hebben namelijk invloed op elkaar. Als er iets fout gaat in Rotterdam heeft dit ook effect in Den Haag.” het voor de toekomst belangrijk dat deze verschillende samenwerken. partijen Ik zal er niet gek van opkijken als we over een aantal jaar een gezamenlijk warmtebedrijf Nederland hebben, in plaats van een aantal losse spelers.” “In de masteropleiding komt alles samen: gas, water, warmte en zoveel meer. De diversiteit maakt het interessant en waardevol.” Tegenstrijdig “Bij het aanleggen van warmtenetten zijn veel uiteenlopende stakeholders betrokken. Deze stakeholders hebben elk eigen belangen, hierdoor gaat een groot deel van de projectkosten naar stakeholdermanagement”, licht Niels toe. Hoewel de overheid bedrijven als Eneco oplegt om in 2050 van gas los te zijn, is de rol van de overheid volgens Niels momenteel tegenstrijdig. “Een voorbeeld hiervan is dat de overheid heel eenvoudig kan aangeven dat een woonwijk voor andere aangesloten moet worden op een warmtenet, maar dit heeft grote gevolgen zoals omwonenden. Denk hierbij aan grootschalige graafwerkzaamheden, dat heeft veel impact op de omgeving en geeft overlast. Het is belangrijk dat de neuzen allemaal dezelfde kant op gaan staan, dit kost veel tijd en geld. Daarin kan de overheid als een van de grootste stakeholders een essentiële rol spelen.” stakeholders gaan BIG NXT30 11
Eneco “Ik zal er niet gek van opkijken als we over een aantal jaar een gezamenlijk warmtebedrijf Nederland hebben.” 12
Diversiteit Niels heeft bij zijn projecten niet alleen te maken met meerdere stakeholders, maar ook met verschillende technische aspecten. Juist die verschillende factoren vindt hij het leukste aan zijn werk. Niels: “Bij het ontwikkelen van warmtedistributienetten moeten diverse factoren op elkaar worden afgestemd. Door middel van water wordt warmte door de leidingen getransporteerd. Om die reden komt bij warmte bijvoorbeeld ook het hydraulisch en thermische aspect kijken, dat maakt warmteleidingen voor mij ontzettend interessant. Bij het berekenen van de belasting op een warmteleiding, speelt temperatuur dus een cruciale rol. Dit veroorzaakt extra belasting waardoor je rekening moet houden met spanningen door het krimpen en uitzetten van de leiding. Dat zijn extra risico’s die ik meeneem in mijn beschouwingen. Hiervoor is specialistische kennis over pijpleidingen van groot belang.” Master De keuze om de Master of Pipeline Technology te gaan volgen was voor Niels dan ook logisch, hij heeft de opleiding vorig jaar afgerond. “De diversiteit van de opleiding maakte het voor mij interessant en waardevol. Gas, water, warmte en zoveel meer alles komt in de opleiding samen. Mijn expertise lag alleen op het gebied van warmteleidingen, maar bij andere type leidingen krijg je te maken met hele andere risico’s. Daar heb ik een hoop van geleerd en kan ik nu ook meenemen in mijn huidige werkzaamheden. De masteropleiding is ontzettend leerzaam voor iedereen binnen de branche, het is dus zeker een aanrader”, vertelt Niels enthousiast. Eneco Ambitieuze groei Binnen zijn thesis voor de masteropleiding heeft Niels Eneco zich gericht op de groei van warmtenetten, momenteel richt hij zich binnen Eneco ook op dit onderwerp. “Door de energietransitie moeten we in 2050 volledig van het gas af zijn. Hiervoor heeft de regering een onderzoek uitgevoerd waaruit blijkt dat er momenteel 2,5 tot 3 miljoen woningen die nu gebruik maken van aardgas, geschikt zijn om op een warmtenet aangesloten te worden. Op dit moment maken in Nederland 700.000 woningen gebruik van een warmtenet. Dit houdt in dat we meer dan vijf keer zoveel woningen op een warmtenet moeten gaan aansluiten. We hebben er nu 80 jaar over gedaan om 700.000 woningen aan te sluiten, nu moeten we 3 miljoen woningen in 30 jaar voor elkaar krijgen. Ik richt me inhoudelijk daarom op innovatieve technieken die de aanlegsnelheid kunnen verhogen”, licht Niels toe. Uitdaging voor de toekomst Zijn huidige werk zet Niels de komende jaren graag door, hij heeft niet de ambitie om op technisch vlak door te groeien als leidinggevende. Wat hij wel heel erg belangrijk vindt, is kennisdeling. “Kenmerkend voor de Eneco werkt als één van de eerste grote energiebedrijven in Nederland al sinds 2007 samen met klanten en partners aan de missie ‘Duurzame energie van iedereen’. Het bedrijf ontwikkelt producten en diensten en investeert met partners in groene stroom, om gezamenlijk over te schakelen naar een duurzamer en slimmer energieverbruik. Hierdoor is Eneco uitgegroeid tot één van de leiders in de energietransitie, zowel in Nederlands als in België. buisleidingindustrie is dat de branche relatief klein is. De lijntjes zijn kort en dat komt de samenwerking ten goede. We delen veel kennis als warmtebedrijven onderling. We hebben allemaal met dezelfde problemen te maken dus delen we geregeld onze expertise met elkaar. Het is belangrijk om het wiel niet zelf uit te vinden. Nu is het zaak om deze kennisuitwisseling en de juiste knowhow voort te zetten naar de nieuwe garde. Dit is voor de hele technische industrie één van de grootste uitdagingen voor toekomst”, aldus Niels. BIG NXT30 13
JUBILEUM BIG Dertig jaar BIG: Zekerheden uit het verleden zijn geen garantie voor de toekomst (Online) aan tafel met Han Admiraal, Marc Simoen, Gert Jan ter Haar, Jolanda Lechner en Lode Maesen Visser & Smit Hanab Namens de PR-commissie spraken Remco van Beest en Stanley Hunte met vijf goede (oud)bekenden van BIG over hun gezamenlijke passie: BIG én de pijpleidingbranche. Het BIG-jubileum is een mooi moment om met het vijftal stil te staan bij het verleden en de toekomst van BIG. Onder andere kennisdeling, de ruimte in de ondergrond en duurzaamheid zijn onderwerp van gesprek. Gert Jan: “BIG was inderdaad een mannenclub. Vergeleken met begin jaren negentig zijn er nu meer vrouwelijke leden, maar ik zie ook een grotere diversiteit in functies. Dat is een mooie ontwikkeling. Voor mij is de verschuiving naar een bredere inbedding van pijpleidingen een van de mooiste veranderingen. Daar hebben we jarenlang aan gewerkt. Waar BIG voorheen heel erg gericht was op buisleidingen is het tegenwoordig meer gericht op pijpleidingtransport in het algemeen. Hierdoor spreekt BIG nu een grotere doelgroep aan en dat zie je terug in de jongere leden.” Betrouwbaar Open, toegankelijk en verbreding Jolanda: “Toen ik in 2011 kennismaakte met BIG vond ik BIG meer een gesloten club voor ‘hoge heren’. Persoonlijk vind ik BIG sinds 2017 veel toegankelijker en opener, ook voor vrouwen, hoewel we ons in deze branche toch nog in een mannenwereld bevinden.” “Hoewel de basis van BIG niet is veranderd”, vervolgt Gert Jan. “Netwerken was én blijft voor BIG belangrijk. Nu meer dan ooit.” Marc: “Je ziet dat netwerken vandaag de dag bij BIG nog steeds belangrijk is. Het blijkt de rode draad door de jaren heen. De pijpleidingwereld is relatief klein, verbinding met elkaar is cruciaal. Een mooi voorbeeld hiervan is de samenwerking tussen Vlaanderen en Nederland.” 14
Gert Jan: “De samenwerking heeft veel impact gehad. Sindsdien is BIG buiten de traditionele paden van de pijpleidingbranche getreden door ook aanverwante bedrijven te introduceren, zoals Vlaamse watermanagement- en waterleidingbedrijven.” Kennis delen De manier om vergrijzing tegen te gaan “De verbinding met gelieerde vakgebieden mogen we wat mij betreft nog meer stimuleren”, vertelt Lode. “BIG mag meer naar buiten treden, we mogen meer laten zien wie we zijn en wat we kunnen bieden. Ik vind het een goede stap dat BIG nu ook online meer zichtbaar is. Daarin zie je duidelijk terug dat BIG geen gesloten groep meer is.” Han: “Het is belangrijk dat wij onze passie en enthousiasme over de sector uitdragen. Wij zijn er om pijpleidingen onder de aandacht te brengen. BIG als vereniging komt dan vanzelf in de slipstream mee.” “We kunnen ons inderdaad meer actief inzetten om te laten zien hoe mooi ons beroep is. Zeker met het oog op de vergrijzing van de markt. Dit zie ik namelijk als grootste uitdaging voor de toekomst. Hoe kunnen we verjonging stimuleren door opleidingen bijvoorbeeld nog laagdrempeliger maken? Hierin zie ik veel kansen”, aldus Jolanda. Hoewel BIG een divers ledenbestand kent, heeft de branche wel degelijk last van vergrijzing. Lode ziet dit ook terug bij Pipeliner. “De vergrijzing is de grootste uitdaging de komende tijd. Met Pipeliner bieden we een mooi onderwijsprogramma aan, hoewel de opleidingen overwegend gevolgd worden door mensen die al in de branche werkzaam zijn. Dat is mooi, maar de werkkrachten die we in de toekomst nodig hebben, leiden we hierdoor nu nog niet op. Pipeliner kan met BIG samenwerken om onze opleidingen meer onder de aandacht te krijgen bij bijvoorbeeld het reguliere onderwijs en dus een jongere doelgroep”, vertelt Lode. Gert Jan: “De uitvoeringscapaciteit vergrijsd al een aantal jaar in een rap tempo, dat is branche overstijgend. Nieuwe aanwas is hard nodig. Het is belangrijk om nog meer jongere mensen en gerelateerde vakgebieden bij de branche te betrekken. Aannemers hebben tegenwoordig minder traditionele rollen. Dit biedt mogelijkheden om anders te gaan werven.” “We moeten als branche inderdaad af van traditionele wervingsmethoden”, vindt Marc. “Het is een moeilijke tijd voor de gehele technische sector, maar ons vakgebied is meer dan alleen techniek. Bij het ontwerpen van een project is de voorbereiding van kapitaal belang, onder andere de contacten met de overheden en privé-eigenaren. Het is belangrijk om deze boodschap uit te dragen.” Lode beaamt dit: “Ons vakgebied overstijgt pijpleidingtechnisch gebied én sectoren. Hier liggen kansen. Het draait tegenwoordig ook vooral om communiceren met alle betrokken partijen en elkaars beweegredenen leren kennen.” Verbinding Samenwerking blijft key Volgens Han is een ander belangrijk issue voor de toekomst de ruimte in de ondergrond. “Hoe logisch is het dat ieder dit voor zich gaat claimen?” Marc: “Concurrentie speelt hierbij een grote rol.” “Klopt”, vervolgt Han. “De sector is gefragmenteerd. Dat triggert het debat over de noodzaak van een neutrale partij die anderen partijen bij elkaar brengt.” Jolanda: “BIG kan hierin faciliteren door meerdere sectoren bij elkaar te brengen. Het is belangrijk om elkaar te kunnen vinden, elkaar te leren kennen en samen het gesprek aan te gaan. Nu zie ik bijvoorbeeld nog weinig verbinding met kabelaars.” Gert Jan: “Het is daarbij belangrijk dat BIG zich als onafhankelijke, neutrale partij blijft positioneren.” “De branche heeft de afgelopen jaren veel geld geïnvesteerd in infrastructuur in de ondergrond. Dit is nog niet afgeschreven en kunnen we hergebruiken,” vertelt Lode. Marc vult aan: “Op technisch gebied is meer samenwerking mogelijk. Bestaande pijpleidingen kunnen een ander doel krijgen voor bijvoorbeeld het transport van nieuwe stoffen. We kennen al gasleidingen die waterstof gaan vervoeren. BIG kan een rol spelen om de ervaring in deze materie te delen met verschillende partijen.” BIG NXT30 15
Han: “BIG is uniek door een sectorbreed lidmaatschap. Iedereen die gebruik maakt van de ondergrond kan zich bij ons aansluiten. We focussen ons nu al op het stimuleren van samenwerking tussen deelsectoren. In de toekomst moeten we dit nog meer uitdragen.” Gert Jan: “Dat zie je al wel terug. Het netwerkaspect van BIG had voorheen een commercieel doel. Nu is BIG meer een sociaal netwerk waarbij samenwerking centraal staat.” “Ik zie de vier pijlers van BIG - duurzaamheid, connectiviteit, veiligheid en betrouwbaarheid – als één geheel”, vertelt Jolanda. “Deze thema’s zijn met elkaar verweven. Zonder duurzaamheid, geen betrouwbaarheid en zonder kennis geen verbinding.” Han is het met Jolanda eens: “De vier thema’s bij elkaar vormen inderdaad de basis om met pijpleidingen verder te komen, ze versterken elkaar.” NXT 30 BIG als platform “Ook in de toekomst blijft BIG krachten bundelen. Kennisoverdracht en samenwerking zullen leidend blijven. De komende 30 jaar zijn een ontdekkingstocht.” Het jubileum van BIG staat in het teken van de komende dertig jaar. En over de rol van BIG de komende jaren is het vijftal eensgezind: BIG zal evolueren naar een platform. Gert Jan: “BIG zal gaan fungeren als platform voor allerlei activiteiten rondom vernieuwing en verrijking van de ondergrondse infrastructuur. Kennisontwikkeling en netwerken blijven daarbij de basis en BIG blijft dit als onafhankelijke partij stimuleren en faciliteren.” Duurzaamheid BIG moet mee evolueren Volgens Jolanda blijft duurzaamheid een belangrijke pijler. “BIG gaat met de energietransitie een nieuw tijdperk in. Pijpleidingen spelen hierbij een essentiële rol, het is een mooie vorm van transport.” Marc vult aan: “Door de energietransitie ziet BIG zich genoodzaakt om met de markt mee te ontwikkelen.” “Daarbij is het essentieel hoe snel we kunnen schakelen”, vertelt Jolanda. Lode: “Twintig jaar geleden draaide alles om gas. Nu treden thema’s als de energietransitie en waterstof meer naar de voorgrond. Heel de markt evolueert op het gebied van voorzieningen en BIG moet daar ook mee aan de slag. We kunnen de komende jaren niet om duurzaamheid heen”. Gert Jan: “BIG moet haar rol als voortrekker in dit traject meer gaan invullen. Duurzaamheid is een breed begrip, het gaat daarbij ook om betrouwbaarheid. Niet alleen van de netwerken, maar ook van de organisatie.” Marc: “BIG moet met de energietransitie mee ontwikkelen. Een platform is zeker een mooi instrument om de kennis hierover met elkaar te delen.” Lode vult aan: “We zien BIG nu al langzaam naar een platform verschuiven. Daarnaast denk ik dat in de toekomst meer diverse bedrijven en meerdere sectoren BIG zullen gaan omarmen.” “Ik zie ook een mooie toekomst voor BIG. Al weet ik nog niet precies in welke vorm. Wel ben ik ervan overtuigd dat BIG zich gezamenlijk met haar leden blijft inzetten voor een leefbare aarde”, vertelt Jolanda. “Ook in de toekomst blijft BIG krachten bundelen. De bijdrage van de leden aan BIG blijft een essentieel gegeven. Zonder de leden geen BIG. De betrokkenheid van leden is daarom belangrijk, blijf met elkaar en met BIG meedenken. Ik hoop dat kennisoverdracht en samenwerking leidend blijven. De komende 30 jaar zijn een ontdekkingstocht. Daarbij zijn zekerheden uit het verleden, geen garantie voor de toekomst. Wel kunnen we uit het verleden meenemen dat we successen moeten vieren. Blijf de tijd nemen om elkaar te ontmoeten. Als we dat doen, ben ik ervan overtuigd dat BIG een mooie toekomst tegemoet gaat”, aldus Han. 16
Han Admiraal is Managing Director van Enprodes Management Consultancy, waar hij zich dagelijks bezighoudt met de ruimte in de ondergrond. Sinds 2016 is hij voorzitter van BIG. “Ik ben blij met de kennisoverdracht waarvoor wij ons gezamenlijk bij het BIG inzetten. Met elkaar bereiken we mooie dingen voor de branche.” Als langstzittende bestuurslid is Marc Simoen 20 jaar betrokken geweest bij BIG. Marc is momenteel met pensioen. “Door BIG ben ik in contact gekomen met veel mensen uit de branche, hierdoor heb ik de wereld van pipeliners beter leren kennen.” Lode Maesen is ontwikkelaar Beleid Netbeheer Gas & Warmte bij Fluvius. Als lid van de BIG PR-commissie en voorzitter van Pipeliner zet hij zich actief in voor de pijpleidingbranche. “Mijn verbondenheid aan BIG en Pipeliner hebben mijn netwerk vergroot en mijn kennis enorm verrijkt. Vooral de kruisbestuiving van kennis tussen leden vind ik een grote meerwaarde.” Om kwaliteit, arbo en milieu naar een hoger niveau te tillen is Jolanda Lechner als KAM Coördinator werkzaam bij LSNed. Ook is ze lid van de BIG-evenementencommissie. “BIG heeft gezorgd voor een brede blik op de buisleidingentransportwereld. Door BIG kunnen we kennis en kunde met elkaar delen en blijven we op de hoogte van de ontwikkelingen in de branche.” Gert Jan ter Haar was voormalig pijpleiding en civiel adviseur o.a. bij Grontmij (Sweco) en Lievense (WSP). Hij is bijna 15 jaar voorzitter van de BIG PR-commissie geweest en nu, als fulltime reiziger nog steeds aan BIG verbonden via zijn column in het BIG-Magazine. “BIG heeft mijn blik verbreed en mijn kennis vergroot. Ik denk nog steeds met veel plezier na over thema’s rondom buisleidingen.” BIG NXT30 17 BIG TALK
PIPELINER Kennisvergroting door data-analyse en literatuuronderzoek Het thesisonderzoek van Derk Barkema beschrijft potentiële effecten van incidentele mediumuitstroom, als waterstof in plaats van aardgas door het bestaande transportnetwerk van Gasunie stroomt. Hierbij combineerde hij een analyse van incidenten met mediumuitstroom van aardgas met informatie uit de literatuur. Met zijn onderzoek en rapportage behaalde hij in juni 2020 de Mastergraad in Pipeline Technology. Al met al een schoolvoorbeeld van praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek zoals Avans+ en Pipeliner dat beogen. Peter Rommens (Pipeliner) sprak met Derk over zijn thesisonderzoek. Tijdens de thesis-oriëntatie zocht Derk een onderzoeksonderwerp dat aansloot bij de vraagstukken en ontwikkelingen bij zijn werkgever Gasunie. In de energietransitie is het gebruik van waterstof een belangrijke pijler. Met de slogan “Moving towards 2030 and 2050 with hydrogen” laat Gasunie zien hoe haar bestaande aardgastransportnetwerk kan worden ingezet voor waterstoftransport. Externe veiligheid is een van de onderwerpen waarvoor studie en onderzoek nodig zijn. Onderzoeksstappen Derk vroeg zich af wat Gasunie kan leren van incidenten met mediumuitstroom van aardgas voor toekomstig transport van waterstof. Door het combineren van ervaringen van Gasunie en gedrag van waterstof volgens de literatuur, maakte Derk een inschatting van risico’s van waterstoftransport. Het onderzoek volgde de drie elementen uit de risicoformule: Risico = Faalfrequentie x Ontstekingskans x Effect Faalfrequentie Hoewel het bepalen van de faalfrequentie vaak een theoretische exercitie is, gebruikte Derk in dit onderzoek juist daadwerkelijke informatie uit de incidentendatabase van Gasunie. Hij pelde gegevens uit de periode 2008-2019 in diverse stappen af. Bij 372 incidenten vond er mediumuitstroom plaats: variërend van geringe uitstroom bij pakkingen en afblaas tot aan lekkage als gevolg van externe werkzaamheden. Op basis van o.a. grootte van de uitstroom, onder- of bovengronds en systeemonderdeel onderscheidde Derk een beperkt aantal types. Daarbij werd ook inzichtelijk bij welke componenten uitstroom voorkwam. Derk Barkema Ing. Derk Barkema werkte na zijn opleiding werktuigbouw aan de Hanzehogeschool Groningen bij diverse technische organisaties. Sinds 13 jaar is hij in dienst bij Gasunie. In 2017 startte hij aan de opleiding Master of Pipeline Technology bij Avans+. Op 19 juni 2020 rondde hij de opleiding af. Derk blijft in zijn functie als pipelineengineer het bredere en diepere inzicht in buisleidingentransport dat hij heeft opgedaan in de masteropleiding op dagelijkse basis inzetten. Ontstekingskans Waterstof ontsteekt gemakkelijk: de ontstekingsenergie is lager dan van aardgas en de ontbrandingsgrenzen in lucht zijn ruimer. Uit literatuuronderzoek blijkt dat de ontstekingskans slechts afhankelijk is van de hoeveelheid vrijgekomen waterstof. Bij een leidingbreuk of grote lekkage ontsteekt waterstof direct; zelfs zonder externe ontstekingsbron. Bij waterstofuitstroom bij pakkingen en afsluiters is de uitstroom zo gering dat de kans op directe ontsteking klein is. Als er toevallig een externe ontstekingsbron aanwezig is én het mengsel zich binnen de ontbrandingsgrenzen bevindt, kan indirecte ontsteking plaatsvinden. 18
Mogelijke effecten bij waterstof Bij externe veiligheid draait het om het (potentiële) effect van een incident. Derk beperkte zijn onderzoek tot warmtestraling. Internationale literatuur gaf alleen effecten van grote lekkages bij breuken in waterstofleidingen. Over kleine uitstroom is zeer weinig bekend. Derk toonde aan dat bij 371 incidenten de kans op directe ontsteking kleiner was dan 1%, indien het getransporteerde medium waterstof was geweest. Bij eventuele indirecte ontsteking (externe ontstekingsbron) is de warmtestraling beperkt tot circa twee meter van de uitstroom. Bij een – door een drainagemachine opengescheurde – DN150 / 40 bar transportleiding had directe ontsteking kunnen plaatsvinden indien er waterstof was. Tot op tientallen meters zou er brandschade zijn ontstaan door de uitstralende warmte. Dit is vergelijkbaar met een incident met aardgas. Verificatie Derk gebruikte expertinterviews met het RIVM, Kiwa en het Ministerie van IenW ter verificatie van zijn analyse en toetsing van de aannames. Het RIVM waardeerde de gestructureerde en onderbouwde aanpak. De resultaten van de analyse komen overeen met de praktijktesten waterstof die Kiwa uitvoerde met afsluiterschema’s en installaties van Gasunie. Het Ministerie van IenW waardeerde het onderzoek vanuit het perspectief van het maatschappelijk draagvlak voor waterstof. Vervolg Het thesisonderzoek van Derk Barkema toonde aan dat Gasunie informatie vanuit haar incidentendatabase kan gebruiken om de kennis over waterstoftransport te vergroten. Het vervoer van gevaarlijke stoffen, zoals aardgas en waterstof brengt risico’s met zich mee. Het thesisonderzoek geeft aan waar deze liggen en wat bepalende omstandigheden zijn. Het rapport doet ook suggesties hoe het risico verlaagd kan worden door technische aanpassingen, andere onderhoudstermijnen en effectbeperkende maatregelen. Bij de totstandkoming van dit artikel bleek dat Gasunie zeer zorgvuldig kijkt naar het aspect externe veiligheid. Er zal nog veel aardgas door het transportnet van Gasunie stromen voordat daarin - binnen een decennium - waterstof getransporteerd gaat worden. Dit artikel is een beknopte weergave van het thesisonderzoek van Derk Barkema. Conform het examenreglement beoordeelden twee examinatoren de thesis. Gerald Laheij (RIVM) beoordeelde de inhoud en de relevantie voor de branche. Christoph Maria Ravensloot (Avans+) beoordeelde de methodische aanpak en met name de validatie. Het thesisrapport is niet beschikbaar voor derden en geeft op geen enkele wijze de visie van Gasunie weer. Gasunie BIG NXT30 19
Groene energiebuffer Een innovatief plan voor de opslag van duurzame energie WSP Om op energiegebied te kunnen voldoen aan een klimaatneutrale toekomst, is er een sterke groei van duurzame energiebronnen zoals zonne- en windenergie nodig. Grote uitdaging is de opslag en het later beschikbaar maken van deze duurzaam opgewekte energie. Advies- en ingenieursbureau WSP komt met een innovatief plan om grootschalig waterstof op te slaan in een groene energiebuffer van ondergrondse buizen. Sjaak Blok, afdelingshoofd kabels en leidingen bij WSP, vertelt er meer over. Alternatieve opslagmethoden Omdat de opwekking van groene energie aan terrein wint, is het opslaan van duurzame energie een zeer actuele kwestie volgens Sjaak Blok: “De fossiele brandstoffen, zoals we die vandaag de dag (nog) kennen, beschikken over een natuurlijke buffer. Denk aan aardgas dat van nature ondergronds opgeslagen is. Zodra we het nodig hebben, kunnen we het inzetten. Bij duurzame energiebronnen zoals wind, zon en water is dat lastiger. Er is 20
een manier nodig om vraag en aanbod op een slimme manier met elkaar te verbinden. Om optimaal gebruik te kunnen maken van deze bronnen, is opslag van duurzame energie belangrijk. In Nederland hebben we momenteel onvoldoende opslagmogelijkheden. Zo lang deze er niet zijn, kunnen we niet van het gas af. De grote uitdaging is dus om zelf alternatieve opslagmethoden te ontwikkelen.” Inspiratiebron Nederland heeft behoefte aan een grootschalige energiebuffer die kan schakelen tussen opslag en levering, voor WSP een interessante uitdaging. “We moeten iets doen met de schakel tussen opgewekte duurzame energie en af te nemen warmte. ‘Plan Lievense’ diende hierbij als onze inspiratiebron”, vertelt Sjaak. Het idee van het bufferen van duurzame energie is voor WSP, dat in Nederland voorheen bekend stond als Lievense, niet nieuw. Oud-directeur Luc Lievense dacht in 1981 al na over het opslaan van groene energie en stelde hiervoor ‘Plan Lievense’ op. Een vooruitstrevend plan voor energieopslag met behulp van een waterstofbuffer in het Markermeer. Ondanks dat dit plan niet is uitgevoerd, was Lievense in zijn tijd ver vooruit. Sjaak: “Veertig jaar later staat Nederland nog steeds voor een vergelijkbare uitdaging. We kunnen Plan Lievense – weliswaar in een aangepaste vorm – alsnog inzetten.” Ondergrondse energiebuffer De oplossing van WSP is om een waterstofbuffer aan te leggen in de bestaande buisleidingenstraat van LSNed tussen Rotterdam en Antwerpen. Dit tracé verbindt de havens van Rotterdam, Antwerpen, Moerdijk, Vlissingen en Terneuzen met elkaar. De buisleidingenstraat al een behoorlijk aantal ondergrondse transportleidingen, waarmee allerlei stoffen worden getransporteerd. “Maar er is zeker ook ruimte om een aantal nieuwe leidingen aan te leggen die dan gebruikt kunnen worden voor zowel transport als tijdelijke, ondergrondse opslag van waterstof”, licht Sjaak toe. “Op die manier kunnen we op een efficiënte en duurzame manier de beschikbare ruimte in de ondergrond benutten. Hierdoor is de impact op de omgeving minimaal.” omvat netwerk. Een aandachtspunt hierbij is de diameter van de leidingen in de bestaande leidingentunnels (bijvoorbeeld Hollands Diep). In sommige tunnels is het namelijk alleen mogelijk om transportleidingen met een kleinere diameter aan te leggen. Een juiste afstemming tussen buffering en transport is belangrijk, zodat we het systeem tegen de laagst mogelijke kosten kunnen realiseren”, vervolgt Sjaak. Future Ready “Een aandachtspunt is welk type leidingen er kan worden gelegd. Een juiste combinatie van buffering en transport is hierbij belangrijk.” Het project is complex, maar volgens Sjaak technisch zeker mogelijk. “Ons advies is namelijk om de buffer gefaseerd aan te leggen, niet in één keer. Dit biedt ook ruimte om tegelijkertijd te kijken naar de mogelijkheden voor het aanpassen van bijvoorbeeld elektriciteitsnetwerken en het aanleggen van warmtenetten. Bovendien geeft het ons voldoende tijd om over te schakelen van aardgas naar duurzame energie. Wij denken dat de locatie tussen de havens in Rotterdam en Antwerpen perfect is om een ondergrondse energiebuffer aan te leggen. “Ons voorstel is om vier nieuwe pijpleidingen aan te leggen in de buisleidingenstraat, met elk een doorsnee van 120 cm en een totale lengte van circa 160 kilometer. Zo kunnen we een groene waterstofbuffer creëren die groot genoeg is voor de energiebehoefte van een middelgrote stad. Onder hoge druk, en dus in groot volume, kan waterstof worden opgeslagen in het ondergrondse “De uitdaging zit in de organisatie van het project. Door het collectief aan te pakken kunnen we het mogelijk maken.” BIG NXT30 21
Er is ruimte in de ondergrond, er zijn geen technische belemmeringen, fasering is mogelijk en de impact op de omgeving is minimaal.” WSP WSP Met ingang van 4 januari 2021 zijn Lievense, LievenseAdriaens en Petersburg Consultants verdergegaan onder de naam WSP. Een nieuwe naam en nieuw uiterlijk, maar met lokaal dezelfde vertrouwde gezichten. WSP is een wereldwijd opererend onafhankelijk advies- en ingenieursbureau. Het bedrijf biedt in Nederland technische expertise, strategisch advies en een integraal dienstenpakket aan op gebied van Bouw, Infra, Energie, Water en Milieu. Bovenstaande aspecten maken dat het project van de groene energiebuffer perfect past binnen het duurzaamheids- en innovatieprogramma Future Ready van WSP. Sjaak: “Bij WSP zijn wij ons ervan bewust dat onze oplossingen vormgeven aan de communities, steden en wijken van morgen. Wij worden binnen WSP uitgedaagd om met onze klanten te zoeken naar duurzame, innovatieve oplossingen voor onze leefomgeving, zonder voor te veel negatieve impact op de maatschappij en omgeving te zorgen.” The next step Hoewel het complete project een grote opgave is, is het volgens Sjaak een haalbare oplossing voor de huidige opslagproblemen. “Wij zien geen belemmeringen voor de technische uitvoering. De uitdaging zit in de organisatie van het project. Het is belangrijk dat het beheersbaar en financieel mogelijk is. Door dit collectief aan te pakken met de pijpleidingbranche, adviesbureaus en lokale overheden kunnen we het mogelijk maken. We willen dit plan graag verder uitwerken en met belanghebbenden het gesprek aangaan. Maar nu de noodzaak en de technische haalbaarheid aangetoond zijn, zoeken we naar partners die de stap naar een duurzame oplossing durven te maken.” Zoek naar synergie Sjaak Blok Sjaak Blok is afdelingshoofd kabels en leidingen bij WSP. Hij houdt zich met zijn team met name bezig met ondergrondse leidingen waarbij duurzaamheid en de energietransitie belangrijke thema’s zijn. Een van de grote pleidooien van Sjaak is dan ook om zoveel mogelijk samen te werken. “We moeten de verbinding met elkaar zoeken, zowel tussen overheden, energiebedrijven, ingenieurs als aannemers. Zoek naar synergie en mogelijkheden. Bekijk het in een groter perspectief: hoe kunnen we gezamenlijk de schaarste in de ondergrond zo optimaal mogelijk inrichten, zonder verblind te worden door commerciële belangen? Zoek elkaar op, toon begrip en deel kennis en ervaringen met elkaar. BIG kan daarbij een perfecte rol spelen door daarin te participeren. Alleen zo kunnen we de energietransitie in een volgende versnelling krijgen en bouwen aan een klimaatneutrale toekomst”, aldus Sjaak. 22
NIEUWE BIG PARTNERS Welkom! Even voorstellen: drie nieuwe bedrijfsleden Vopak Herman de Graaf Vopak is ’s werelds grootste onafhankelijke dienstverlener in tankopslag. Het bedrijf heeft ruim 400 jaar ervaring op het gebied van veilige, schone en efficiënte opslag en overslag van vloeibare en gasvormige chemie- en olieproducten. Naast een wereldwijd netwerk aan tankterminals heeft Vopak in de Rotterdamse haven een uitgebreid netwerk van buisleidingen dat zorgt voor zowel de verbinding van onderlinge terminals als voor directe verbindingen met klanten. Via BIG wil Vopak met branchegenoten in gesprek gaan over belangrijke vraagstukken zoals de energietransitie, ageing en het gebruik van de ondergrond in relatie tot de bovengrond. Herman de Graaf, Pipeline Engineer bij Vopak: “Het delen van kennis en ervaringen levert een positieve bijdrage aan de veiligheid van de branche, hier willen wij actief aan deelnemen. Vopak heeft veel ervaring met de aanleg, het beheer en onderhoud van buisleidingen in een industriële omgeving. Dit zorgt voor grote uitdagingen. Door kennisdeling binnen de branche kunnen we deze uitdagingen aan.” Buro Coen Corneel van den Bor Buro Coen is een jong bedrijf bestaande uit een team van onafhankelijke Cost Engineers met kennis over alle disciplines van kabel- en leidingprojecten. De expertise van Buro Coen ligt op het gebied van kostprijsbepaling om een aanbesteding zo optimaal mogelijk te laten verlopen. Het bedrijf verzorgt de gehele tender van kostprijs en risicomanagement tot winnend EMVI-plan. Ook adviseert het bedrijf over het uitvoeren van projectmanagement, van planfase tot oplevering en onderhoud. Buro Coen zet zijn ervaring, kennis en netwerk graag in voor het gezamenlijke doel van BIG: het bevorderen van de buisleidingindustrie. Corneel van den Bor, Managing Partner bij Buro Coen: “Wij geloven in samenwerking en in een gezamenlijke toekomst van de leidingbouw. Daarom komen wij via BIG graag in contact met branchegenoten om van gedachten te wisselen over de toekomst van de buisleidingenindustrie. Met het lidmaatschap willen wij ons netwerk uitbreiden, kennis delen en zo onze impact vergroten. Hiervoor nemen wij graag actief deel aan activiteiten, webinars en kennissessies.” De Jongh Pipesystems is in 20 jaar uitgegroeid tot een gerenommeerde speler op het gebied van kunststofleidingsystemen voor gas- en waterdistributie, persriolering, druk- en vrijvervalbuizen, kabelbeschermingsbuizen en industriële toepassingen. De Jongh Pipesystem levert totaaloplossingen voor leidingwerk en betonbescherming, van planvorming, engineering, productie tot uitvoering. In de loop der jaren heeft het bedrijf zich focust op HDPE-kunststofleidingsystemen. Hiervoor hebben zij de leverantie, prefabricage van leidingsystemen en het lassen op locatie in eigen beheer. De Jongh Pipesystems Marcel Moureau Marcel Moureau, Sales Manager bij het bedrijf: “Ons 20-jarig jubileum is een mooi moment om ons bij BIG aan te sluiten. In de pijpleidingenindustrie leer je van elkaar, niet uit de boeken. Wij vinden het opdoen van vakkennis en kundig meedenken van grote waarde en delen ook graag kennis en kunde. (Mantel)buizen blijven altijd nodig, het is belangrijk dat deze op een efficiënte en correcte manier worden aangelegd. Hier willen wij een actieve bijdrage aan leveren.” BIG NXT30 23
De redactie Remco van Beest Bedrijfsleider Kabels, Visser & Smit Hanab Stanley Hunte Manager Engineering, Bilfinger Tebodin Lode Maesen Ontwikkelaar Beleid Gas & Warmte, Fluvius Frederick de Sutter Senior Productmanager, FARYS 2021 Evenementen Ten aanzien van de organisatie van de BIG-evenementen houden wij de berichtgeving van het RIVM rondom COVID-19 nauwlettend in de gaten. Wij zullen per evenement in 2021 bekijken in welke vorm deze doorgang kan vinden. Houd onze website in de gaten. Zie www.bigleidingen.eu/evenementen 23 sep. 2021 28 okt. 2021 25 nov. 2021 Colofon Dit magazine is een uitgave van BIG. BIG-redactie Postbus 537, 5140 AM Waalwijk, Nederland www.bigleidingen.eu communicatie@bigleidingen.eu Tel.: +31 (0)85 40 00 252 Tekst en coördinatie TALK ABOUT PR & Communicatie www.talkabout.nu Grafische vormgeving TALK ABOUT PR & Communicatie www.talkabout.nu Grafisch concept Brût Communicatie www.brutcommunicatie.nl Drukwerk: Mail Succes www.mail-succes.nl Heb je vragen, wil je reageren of input aanleveren? Neem contact op met onze redactie via communicatie@bigleidingen.eu Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, door middel van druk, fotokopieën, geautomatiseerde gegevensbestanden of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. /bigleidingen @BIGLeidingen /buisleiding-industrie-gilde/ BIG NXT30 webinar BIG-jongerenevent BIG NXT30 finale event
1 Online Touch