0

Waterwegsport.nl magazine Regio Waterweg | Schiedam | Vlaardingen | Maassluis I Rotterdam - Jaargang 12 - Najaarseditie 2026 Verkrijgbaar bij alle sportverenigingen en evenementen Lees ook online: www.waterwegsport.nl Adair Veiga Lopes (43) gaat gewoon door bij CWO Ivanildo Misdjan: Surinaams international Dennis Kranenburg: van doelman naar verslaggever Robbert Bot schakelt door bij Zwaluwen Milan Zonneveld floreert op het Kasteel

Het WK ligt achter ons. De zomer is voorbij, de voorbereiding is afgesloten en inmiddels is het moment aangebroken waar iedere voetballiefhebber naar heeft uitgekeken: de competitie is weer in volle hevigheid begonnen. De velden liggen er weer strak bij, de kleedkamers zijn gevuld en langs de lijn klinkt opnieuw het vertrouwde geroezemoes van spelers, trainers, supporters en vrijwilligers. De ene ploeg is uitstekend uit de startblokken gekomen, terwijl de andere misschien nog zoekt naar de juiste vorm. Maar één ding staat vast: iedereen begint weer op nul. Nieuwe spelers krijgen de kans om zich te bewijzen. Vertrouwde gezichten moeten opnieuw laten zien waarom ze belangrijk zijn voor hun ploeg en jonge talenten staan te trappelen om hun eerste minuten te maken. Ook de trainers hebben hun doelstellingen inmiddels kenbaar gemaakt. De één spreekt voorzichtig over handhaving, terwijl de ander droomt van promotie of een plek bovenin. De plannen zijn gemaakt, de ambities uitgesproken en nu moet het op het veld gebeuren. En juist dat maakt de start van een nieuw seizoen zo mooi. Niemand weet precies wat er gaat gebeuren. Een nieuwe speler kan uitgroeien tot een belangrijke kracht, een jong talent kan definitief doorbreken en een derby kan alle verwachtingen overtreffen. Soms wordt een wedstrijd beslist door één doelpunt, één redding of één moment waar nog weken over wordt nagepraat. Dat zijn de verhalen waarvoor wij bij WaterwegSport.nl iedere week weer langs de lijn staan. Ook dit seizoen willen we zoveel mogelijk van die verhalen vastleggen. Niet alleen de uitslagen en doelpunten, maar vooral de mensen achter de sport. De spelers, trainers, vrijwilligers, supporters en iedereen die onze regionale sport zo bijzonder maakt. Met veel liefde en passie hebben we opnieuw gewerkt aan dit magazine. Een editie van maar liefst 72 pagina’s, gevuld met verhalen, interviews, foto’s en alles wat er in onze prachtige sportregio gebeurt. Van Rotterdam tot Hoek van Holland en van Schiedam tot Vlaardingen en Maassluis. We hopen dat jullie ook deze editie met veel plezier lezen. Blader door de pagina’s, lees de verhalen, bekijk de foto’s en geniet vooral van de sport dicht bij huis. Veel leesplezier met het 72 pagina’s tellende WaterwegSport.nl magazine. Wij blijven het maken met dezelfde liefde en passie als altijd. En natuurlijk: we zien elkaar langs de lijn! Nick Nagtegaal: van ESPN naar nieuwe missie HBSS (voor even) thuis in Delft Ivanildo Misidjan: van Surinaams international gelukkig bij Kethel Spaland Wie promoveert en wie degradeert: De waterwegsport. nl glazen bol Nourdin Boukhari: cultuurbewaker is op zijn plek bij Jong Sparta Rotterdam Colofon: Het WaterwegSport.nl magazine is een uitgave van Waterweg Media Contact: Mischa Keemink: 0640160266, info@waterwegsport.nl Verspreiding in: regio Waterweg (Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen, Maassluis, Hoek van Holland, Maasland) Hoofdredactie: Mischa Keemink/ Cees van der Pol Eindredactie: Cees van der Pol. (Beeld) Redactie: Mischa Keemink, Elijah Valk, Leon van Voorst, Michael de Vogel, Ton de Leede, Cees van der Pol, Ruben Zegers, Chris Verwiel, Leo Kattestaart, Danny Ploegaert, Ron van Oosten, Danny Ploegaert, Aad Cordia, Gerard Jordaan, Ron van Oosten Waterwegsport.nl, Vormgeving: Waterweg Media Drukwerk: Juist druk & print Adverteren, bestellen: Mischa Keemink: 0640160266 3

READY TO MAKE IMPACT? Klaar om impact te maken met je organisatie? Daar helpen wij je bij. Wij maken maatschappelijke organisaties sterker in hun commerciële waarde en commerciële organisaties rijker in hun maatschappelijke betekenis, zodat jij verder impact kunt blijven maken. Dat doen we door: Maatschappelijke strategie Impact meten Social Return Duurzame financiering Wij helpen je graag verder 085 004 61 38 info@impctagency.nl www.impctagency.nl

NICK NAGTEGAAL: VAN ESPN NAAR NIEUWE MISSIE Zijn voetballeven is nog maar net begonnen, maar Nick Nagtegaal kreeg vorig seizoen ineens een heel Nederlands podium onder zijn voeten. De 21-jarige middenvelder van Excelsior Maassluis kroop in de bekerwedstrijd tegen Excelsior Rotterdam in blessuretijd uit de coulissen om als invaller de winnende 1-0 binnen te schieten. Bam. Bekerheld. “Tot dat moment had ik nog nooit voor een camera gestaan.” Landelijke bekendheid Dat veranderde daarna razendsnel. Zeven interviews, ESPN, talloze media-optredens en ineens wist heel voetballend Nederland wie Nick Nagtegaal was. Inmiddels zijn de camera’s weer verdwenen en is het gewone leven terug. Overdag werkt hij bij Lely, daarna trekt hij zijn voetbalschoenen aan en gaat hij met Excelsior Maassluis op jacht naar een nieuwe missie: zo snel mogelijk terug naar de Tweede Divisie. Heen en terug Dat Nagtegaal juist in Maassluis zijn grote moment beleefde, is eigenlijk wel passend. Zijn voetbalverhaal begon er namelijk ook. Als Onder-10-speler vertrok hij naar ADO Den Haag, waar hij tot de Onder 18 speelde. Na de coronaperiode besloot hij terug te keren naar zijn vertrouwde omgeving. “Ik ben toen een beetje om me heen gaan kijken. Met vrienden was het voetbal even gestopt en ik speelde dat jaar ook minder. Toen heb ik de keuze gemaakt om lekker dichtbij huis te gaan voetballen. Natuurlijk wel op een redelijk niveau.” Een voetbaldroom Via de Onder 18 en Onder 21 kwam hij bij het eerste elftal terecht, waar hij op negentienjarige leeftijd debuteerde. Daarna volgde dus die ene avond die veel veranderde. Zijn doelpunt tegen Excelsior Rotterdam maakte hem in één klap bekend, waarna ook een bezoek aan Het Kasteel volgde voor het duel met Ajax. Een jongen uit Maassluis die ineens op plekken liep, waar hij als jeugdspeler alleen maar van kon dromen. Werkelijkheid Een jaar later is de werkelijkheid weer wat minder sprookjesachtig. Excelsior Maassluis degradeerde na een lange nacompetitie uit de Tweede Divisie en moet een niveau lager opnieuw beginnen. Nagtegaal baalt daarvan, maar merkt tegelijkertijd dat het voetbal hem beter ligt. “Vorig jaar waren we natuurlijk heel erg terughoudend. Als je tegen Quick Boys speelt, heb je niet vaak de bal. Nu zijn we in negen van de tien wedstrijden erg dominant en moeten we het aanvallend laten zien.” En dat is voor een middenvelder die graag aan de bal is bepaald geen straf. “Veel leuker voetbal dus.” Nog steeds goede tegenstanders De tegenstanders zijn anders, maar van een gebrek aan ambitie is daarbij geen sprake. “Noordwijk, Lisse, Groesbeek en RBC zijn nog steeds zeer aansprekende namen.” De opdracht is duidelijk: ‘Excelsior Maassluis moet omhoog.’ Nagtegaal wil daarin vooral lekker voetballen, genieten en kijken hoe ver hij kan komen. Verhuisdoos staat niet klaar Want hoewel hij natuurlijk droomt van een zo hoog mogelijk niveau, staat er nog geen verhuisdoos in de gang klaar. Voorlopig voelt Maassluis gewoon als thuis. “Er staat echt een geweldige groep. Het zijn allemaal gasten met wie het zowel binnen als buiten het veld enorm leuk is.” Thuis in Maassluis Een volgende stap? Natuurlijk zou hij die niet weigeren. “Het zou misschien wel heel erg leuk zijn om nog een stap te maken. Maar als ik à la Niels Redert en Vincent van den Berg nog jarenlang hier kan voetballen, dan teken ik daar ook voor.” Eigenlijk zegt die laatste zin alles. Nagtegaal heeft zijn heldenmoment in de KNVB-beker gehad, weet inmiddels hoe het voelt om even heel Nederland op je gericht te hebben, maar blijft er opvallend nuchter onder. “Maassluis is toch mijn thuishaven. Hier heb ik eigenlijk alles.” Misschien is dat voorlopig ook precies genoeg. Bekervoetbal op het Kasteel: Excelsior Maassluis - Ajax 2-7 5

VRIJBLIJVEND GESPREK Plan een gesprek waarin je zonder verplichtingen al je vragen kunt stellen over het kopen van een huis en de beschikbare financieringsopties. Dit is een ideale kans om een duidelijk beeld te krijgen van je mogelijkheden. INZICHT IN MOGELIJKHEDEN Verken diverse hypotheek- en financieringsopties op basis van je persoonlijke en financiële situatie. Dit inzicht helpt je om goed geïnformeerde beslissingen te nemen over je toekomstige woning. 010-2342043 Veerplein 5, 3131CX Vlaardingen info@ssh-hypotheken.nl www.ssh-hypotheken.nl FINANCIËLE CHECK Een evaluatie van je financiën om te bepalen hoeveel je veilig kunt lenen. Deze check biedt een helder beeld van je financiële bereik voor het kopen van een huis. BEGELEIDING Ontvang ondersteuning gedurende het hele aankoopproces, van het kiezen van de juiste hypotheek tot aan de aankoop van je woning. Deze begeleiding maakt het proces overzichtelijk en minder stressvol. Uw specialist voor laboratoriumapparatuur en verbruiksartikelen Boosting Laboratory Effi ciency WWW.DAVINCI-LS.COM

Robbert Bot schakelt moeiteloos door bij Zwaluwen De stap van de zondagafdeling van VFC naar Zwaluwen bleek voor Robbert Bot (25) kleiner dan hij vooraf misschien gedacht had. De Vlaardinger haakte zo’n drie jaar geleden snel aan en groeide uit tot een vaste waarde bij de club die dit seizoen opnieuw uitkomt in de Derde Divisie. Rook en Bot in één huis Bot is allang geen nieuw gezicht meer bij Zwaluwen. Samen met onder anderen maatje Stan Rook is hij een van de meest vertrouwde namen op het wedstrijdformulier. Sinds kort wonen de twee, die al sinds de F-jeugd samenspelen, samen in Rotterdam. Axel de Bruijn, die Zwaluwen verruilde voor competitiegenoot TOGB, is de andere huisgenoot. ‘We zijn drie vriendjes’ Drie vrienden onder één dak, met voetbal als belangrijke gemene deler. Toch gaat het thuis niet voortdurend over het spelletje. “We werken alle drie fulltime, dus je spreekt elkaar soms minder dan je zou denken. Als Stan en ik naar de training rijden, hebben we het natuurlijk wel over Zwaluwen. En Axel speelt met TOGB vaak een week eerder tegen de volgende tegenstander van ons. Dan zijn wij vanzelfsprekend benieuwd naar zijn analyse.” Op 7 november a.s. zijn de rollen anders. Dan staan Zwaluwen en TOGB tegenover elkaar. “Dat wordt wel heel speciaal.” Twijfel Dat Bot inmiddels een vaste waarde is in de Derde Divisie, was bij zijn overstap allerminst een zekerheid. “Mensen verwachtten misschien dat ik naar de zaterdag zou gaan, maar ik weet niet of ze de stap naar Zwaluwen zagen aankomen. Het niveauverschil tussen de tweede klasse op zondag en de toenmalige Vierde Divisie is groot. Ik wilde zelf weten of ik dit niveau aankon.” Die twijfel verdween snel. Bot speelde zich in zijn debuutjaar al vroeg in de basis en keerde zelden tot nooit terug naar de bank. Zondagvoetbal De snelheid waarmee hij in de basis terechtkwam, verbaast hem soms nog steeds. “Het zondagvoetbal was niet te vergelijken met dit niveau. In mijn eerste maanden liep hier met Eric Fortes een speler rond die kwalitatief heel goed was. Daar moest ik op de trainingen wel aan wennen. Ook in de breedte lag het niveau veel hoger.” Springplank Inmiddels ziet Bot ieder seizoen nieuwe spelers hetzelfde proces doorlopen. Het verloop bij Zwaluwen is groot, veel spelers zien de club als springplank. Ook deze zomer kwamen er weer veel nieuwe gezichten bij. “Vorig seizoen hadden we wat meer spelers met ervaring op divisieniveau. Nu komen er ook jongens uit de eerste en tweede klasse. Die hebben hoge verwachtingen en willen het liefst alles spelen. Ik probeer ze mee te geven: blijf fit en wacht op je kans. Het kan heel snel gaan.” ‘Fit blijven is het belangrijkste’ Juist qua fitheid ziet Bot grote vooruitgang. “We hebben 25 fitte jongens. Daardoor moet de trainer hardere keuzes maken en mensen teleurstellen. Voor een ploeg is dat uiteindelijk alleen maar goed.” Zelf deed Bot na zijn eerste seizoen mee aan Hyrox en is hij ook regelmatig op de padelbaan te vinden. Hij weet inmiddels hoe belangrijk het is om fit te blijven. Trainersduo Met Marco Jalink en Delano à Cohen staat dit seizoen een nieuw trainersduo voor de groep. Zij volgden Luigi Bruins op en kozen volgens Bot voor een andere benadering. “Delano bijvoorbeeld, is altijd met voetbal bezig. Hij is op trainingen heel aanwezig en zit nadrukkelijk op energie en fitheid. Hij praat individueel met spelers en stuurt bijvoorbeeld clipjes door van wedstrijden uit de Premier League. Luigi keek anders naar voetbal. Iedere trainer heeft zijn eigen manier van werken. Deze manier bevalt mij ook.” Delano à Cohen probeert met de vernieuwde selectie ook snel een hecht team te smeden. “Hij hamert erop dat we op zaterdag langer blijven hangen in de kantine en elkaar leren kennen.” ‘Het linkerrijtje is het doel’ Na tegenvallende resultaten in de voorbereiding lijkt Zwaluwen de weg naar boven te hebben gevonden. “We hopen net zo succesvol te kunnen zijn als vorig jaar. Eindigen in het linkerrijtje in het debuutjaar is natuurlijk een mooie prestatie. Dat willen we graag herhalen.” Zwaluwen Vlaardingen voorafgaand aan seizoen 26/27 7

de altijd naar hem op de radio. En ineens zat ik met hem in de auto naar Roda-Feyenoord. Dat vond ik geweldig.” Baan bij Rijnmond Twee jaar later zocht Kranenburg opnieuw contact, omdat hij een keer in de studio wilde kijken. Toen Bart Nolles aangaf te vertrekken, flapte Kranenburg eruit: “Dan kan ik je baan wel overnemen.” Op 1 maart 2007 begon hij bij Rijnmond. Eerst achter de schermen als technicus, producer en redacteur, later achter de microfoon. Dennis Kranenburg: van keepershandschoen naar microfoon Dennis Kranenburg werd geboren onder de rook van De Kuip en groeide op in de iconische Rotterdamse wijk Katendrecht. Voetbal en Feyenoord maakten daardoor al vroeg onderdeel van zijn leven uit. Nu is de 42-jarige Kranenburg een vaste stem van Rijnmond rond de wedstrijden van Feyenoord, maar lang voordat hij met een microfoon op de perstribune zat, stond hij zelf op het veld. Door: Mischa Keemink Keepen als probeersel Zijn voetbalverhaal begon als veldspeler bij DRL. Toen de keeper van zijn elftal geblesseerd raakte, besloot Kranenburg een helft het doel te verdedigen. “Ik tikte een bal uit de kruising en dacht: dit is geweldig. Toen dacht ik: dat keepen vind ik best leuk.” Met keeperstraining van Jos Vijfvinkel ontwikkelde hij zich razendsnel. Via DRL kwam hij binnen een jaar bij Excelsior terecht, waar hij na twee trainingen van de B3 naar de B2 werd doorgeschoven en vervolgens twee jaar eerste keeper was. De jeugd bij SC Feyenoord Twee kampioenschappen, twee promoties en een bekerfinale volgden. Daarna speelde hij bij Sportclub Feyenoord op het hoogste jeugdniveau en kwam hij tegenover spelers te staan die later grote voetbalnamen zouden worden: Wesley Sneijder, Nigel de Jong, Remko Pasveer, Thomas Vermaelen, Nando Rafael en Rachid Bouaouzan. “Dat was een geweldige tijd. Je speelde tegen jongens van wie je toen nog niet wist hoe ver ze zouden komen.” Minder lol in voetbal Een profcarrière zat er uiteindelijk niet voor hem in. FC Den Bosch toonde interesse, maar die wilde Doelman Dennis Kranenburg (rechtsonder) met de A1 van sc Feyenoord 9 Kranenburg, die toen senior werd, zich nog een jaar in de jeugd laten ontwikkelen. Daarna bleef hij voetballen bij onder meer Heerjansdam, RVVH, Rijsoord en Smitshoek. Het plezier nam echter langzaam af. “Ik merkte dat ik het voetballen niet meer leuk vond. Het was niet de sport, maar vooral de rare dingen eromheen.” Dennis de gevoelsmens “Ik ben een gevoelsmens en afspraak is bij mij afspraak. Als afspraken eenzijdig worden veranderd, kan ik daar slecht tegen.” Het loslaten van zijn profdroom was bovendien moeilijker dan hij vooraf had gedacht. “Ik had nooit echt nagedacht over wat er zou gebeuren als het me niet zou lukken. Ik heb lang gedacht dat ik het zou halen.” Kennis met Hans van Vliet Ondertussen diende zich een totaal andere wereld aan. In 2004 ontmoette hij in Ahoy toevallig Rijnmond-coryfee Hans van Vliet. Kranenburg stapte op hem af en raakte met hem aan de praat. Van Vliet nodigde hem uit om mee te gaan naar Roda JC-Feyenoord. “Ik wist natuurlijk wie Hans was, ik luisterEindelijk de microfoon Zijn eerste voetbalverslag werd Feyenoord A1Ajax A1. En dat ging bepaald niet vanzelf. “Ik vond het verschrikkelijk. Ik dacht dat iedereen naar mij zat te kijken en ik praatte zo zacht dat het bijna een biljartverslag werd.” Door veel wedstrijden te doen, leerde hij het vak. Amateurvoetbal, FC Dordrecht, Excelsior, Sparta en uiteindelijk Feyenoord volgden. Een duo met Van Eersel Ook de lessen van Hans van Vliet bleven hangen. “Tachtig procent van ons werk is voorbereiding.” Die filosofie past perfect bij Kranenburg, die nog altijd iedere wedstrijd tot in details voorbereidt. Tijdens een wedstrijd is hij vooral gefocust op het spel. Inmiddels vormt hij al vier jaar een vast duo met Dennis van Eersel. “We kunnen elkaar blind vertrouwen. We hebben samen een winkeltje, zeg ik altijd. We moeten ervoor zorgen dat die winkel voor Rijnmond zo goed mogelijk draait.” ‘Kritisch als het moet’ Hun uitgangspunt is simpel: “Positief als het kan, kritisch als het moet.” De samenwerking tussen de twee Dennissen is zo vanzelfsprekend dat een elleboogstoot om aan te geven wie er moet praten allang niet meer nodig is. En de mooiste wedstrijd als verslagever? “De 2-3 overwinning van Feyenoord in de Johan Cruijff ArenA. Deze overwinning betekende een belangrijke stap in de richting van het kampioenschap. Daar viel alles samen en wij waren er weer bij om de luisteraars dit in geuren en kleuren te berichten!”

Berkan Bayraktar (even) thuis in Delft met HBSS Voor HBSS-trainer Berkan Bayraktar is de voorbereiding op het nieuwe seizoen er één die hij niet snel zal vergeten. Door financiële problemen moest de club het vertrouwde Sportpark Harga verlaten en begon voor de Schiedammers een onzekere zoektocht naar een nieuwe plek. Door: Mischa Keemink “Niemand had dit als keuze. Niemand zat hierop te wachten. Het is gebeurd en vanaf de eerste dag waren de jongens natuurlijk teleurgesteld. Er was vooral heel veel onduidelijkheid en dat was voor niemand prettig.” De eerste trainingen werden bij DVO’32 afgewerkt, maar ook daar kon HBSS niet structureel terecht. Daarna bood Swift Boys onderdak maar ook daar waren de mogelijkheden beperkt. “We hebben een aantal trainingen moeten laten vallen omdat er gewoon geen veld was. En als we wel konden trainen, was dat soms pas om kwart voor negen.” Voor de spelers betekende het voortdurend schakelen. Toen uiteindelijk ook Swift Boys geen oplossing voor de langere termijn kon bieden, ontstond opnieuw onzekerheid over het seizoen. Uiteindelijk kwam DHC in Delft in beeld en kon HBSS daar terecht. DHC Bij DHC heeft HBSS voor dit seizoen eindelijk een vaste thuisbasis gevonden. Er kan worden getraind én gespeeld en dat geeft Bayraktar vooral rust. “We mogen hier dit seizoen blijven trainen en spelen. Eigenlijk begint onze voorbereiding en ons seizoen nu pas.” De trainingen worden afgewerkt op het achterste kunstgrasveld, terwijl de wedstrijden op het hoofdveld worden gespeeld. De trainer is enthousiast over zijn nieuwe werkomgeving al is het geen Harga. “Het is echt een geweldige locatie. Alles ademt voetbal. Het stadion, het veld, de kantine.” Gezamelijke vrijwilligers HBSS moet nog wel wennen aan de nieuwe omgeving. “We zijn zelf ook nog een beetje zoekende. Wie doet wat, waar moeten we precies zijn, hoe werkt alles? Maar zoals het er nu uitziet is het positief.” Ook op wedstrijddagen is er een mooie samenwerking met DHC. Mensen van beide verenigingen staan gezamenlijk achter de bar. “Toen ik binnenkwam zag ik dat meteen. Dat gaf gewoon gelijk een goed gevoel.” Voor sommige spelers is Delft wat verder rijden, voor anderen juist dichterbij. Toch blijft de groep goed op de been en wordt er inmiddels met een behoorlijke selectie getraind. Sterker Een groep die sterker kan worden De onrust heeft volgens Bayraktar ook laten zien dat de spelers bereid zijn om voor elkaar te blijven staan. Tijdens het Schiedams kampioenschap kwam dat volgens hem duidelijk naar voren. “Als dit soort dingen gebeuren, kan je inderdaad als team sterker worden. Dat was bij het Schiedams kampioenschap wel duidelijk te zien. Dat toernooi hebben we denk ik op mentaal gebied en met inzet gewonnen.” Kofferbak Ook voor hemzelf was de afgelopen periode een bijzondere ervaring. “In twee jaar tijd heb ik dingen meegemaakt die denk ik best ervaren trainers nog niet hebben meegemaakt. De kofferbak zit nu al vol.” Toen Bayraktar bij HBSS begon, was er juist veel geïnvesteerd in de accommodatie. “We hadden veel vooruitgang geboekt met de kleedkamers, de organisatie, een kleine fitnessruimte en voor dit seizoen hadden we zelfs schermen in de kleedkamer opgehangen om wedstrijdanalyses te kunnen doen. En dan moesten we in één keer weg. Je wordt even teruggeworpen.” Toch probeert hij daar een positieve les uit te trekken. “Als trainer ga je hier ook weer beter van worden. Je leert hiermee omgaan.” Voorlopig is het belangrijkste dat de selectie weer een vaste omgeving heeft waarin gewerkt kan worden. Tijd om weer te voetballen Nu DHC voor dit seizoen als onderkomen is geregeld, kan HBSS zich weer volledig richten op het voetbal. Wat er na dit seizoen gebeurt, moet later worden bekeken. Halverwege oktober staat er een gesprek met de gemeente Schiedam gepland, maar Bayraktar houdt zich daar bewust buiten. “Wij mogen dit jaar in ieder geval bij DHC spelen. Voor dit seizoen is het geregeld.” Dat geeft de trainer en zijn spelers eindelijk de ruimte om vooruit te kijken. Gewoon trainen, wedstrijden spelen en bouwen aan het team. 18000 toeschouwers en Mc Donalds De nieuwe omgeving draagt daar volgens Bayraktar aan bij. “Als speler gaf het mij altijd extra motivatie om op zo’n veld te spelen.” En voor wie zich afvraagt of er bij DHC nog een plekje op de tribune te vinden is: het stadion biedt plaats aan maar liefst 18.000 toeschouwers en er zijn nog kaarten beschikbaar, haha.! De McDonald’s zit bovendien om de hoek. Bayraktar had zijn spelers daar naar eigen zeggen direct voor gewaarschuwd, Ik zei, “Ga nou niet na iedere training een Big Mac-menu bestellen. Dan word je nooit fit!” 11

Pim Mudde gaat voor volgende stap met VFC Wie Pim Mudde probeert los te zien van VFC, moet flink zijn best doen. Op zijn zevende trok hij voor het eerst het geel-zwarte shirt aan. Inmiddels is hij dertig en behoort hij tot de vaste gezichten van de Vlaardingse vereniging. Van de F10 tot het eerste elftal: VFC loopt als een rode draad door zijn leven. “Ik denk dat ik van de huidige spelers in het eerste elftal het langst bij VFC zit”, zegt Mudde. Toch weet hij dat er altijd overtreffende trappen zijn. Bryn Siegersma, die na vorig seizoen stopte, speelde bijvoorbeeld zeventien jaar in het eerste elftal. “Voor hem heb ik veel respect. Ik moet het nog maar zien te halen.” VFC, een vriendengroep Voor Mudde zit de waarde van VFC niet alleen in het voetbal. Een groot deel van zijn vriendengroep ontstond op de club. Vooral in de C1 en B1 werden vriendschappen gesmeed die veel verder gingen dan negentig minuten voetballen en een paar keer trainen. “Op die leeftijd leer je andere dingen naast het voetbal waarderen. We zijn bijvoorbeeld vaak genoeg samen de stad in geweest.” In de jaren dat Mudde bij VFC rondloopt, heeft hij nooit serieus nagedacht om over te stappen naar een andere club. “Ik ben een prima voetballer voor dit niveau, maar de Tweede Divisie zou ik niet halen. Voor mij is die vertrouwde omgeving met fijne voetbalgasten belangrijker.” Zondag niet meer vroeg opstaan Wel dacht hij één keer serieus na over stoppen. VFC speelde destijds nog op zondag en de vroege verzameltijden begonnen hem tegen te staan. “Om half negen in de kantine verzamelen op zondag, daar had ik op een gegeven moment niet zoveel trek meer in.” De overstap naar het zaterdagvoetbal bracht hem nieuw elan. VFC moest opnieuw beginnen in de vierde klasse en Mudde ging mee. Eigen jongens Het werd een avontuur dat precies paste bij de club. “Het was heel leuk om dat met die gasten te doen. We waren in het begin eigenlijk te goed voor het niveau in de vierde klas.” Het eerste seizoen was nog wennen, daarna kwamen snel de resultaten. Wat begon met een groep van ongeveer zestien spelers groeide uit tot een zaterdagselectie van 40 à 45 man. Veel spelers kwamen uit de eigen jeugd. “We hebben periodes gehad dat er maar één of twee voetballers in de selectie zaten die niet bij VFC waren opgeleid.” Niet betalen Juist dat maakt de club volgens Mudde bijzonder. VFC betaalt zijn spelers niet. Wie komt, komt simpelweg voor het voetbal, de vereniging en de gezelligheid. “Iedereen betaalt ook gewoon contributie. Er is hier nooit gezeur over puntengeld of andere premies.” Zeven jaar aanvoerder Inmiddels speelt Mudde met VFC in de tweede klasse en staat er een ploeg met veel jeugdspelers én ervaren spelers als Daan Smith, Vincent van den Berg en Nordin van Mil. Zij kwamen van een hoger niveau. Inmiddels draagt de centrumverdediger al zeven jaar de aanvoerdersband en neemt hij jeugdspelers die de stap naar het eerste elftal maken onder zijn hoede. Derby’s Na een rommelige voorbereiding kijkt hij met vertrouwen naar het seizoen. “In de breedte is VFC misschien iets minder sterk geworden, maar de kern staat.” Hij kijkt uit naar duels met stadsgenoten CION en CWO. “Het is moeilijk in te schatten wat het niveau van de tegenstanders is. Maar wij hebben een sterke ploeg.” En wat er ook gebeurt: Mudde zal er staan. Zoals hij dat eigenlijk al 23 jaar doet. 13

Oscar Biesheuvel grossiert in succes Schiedamse succescoach Oscar Biesheuvel (57) rijgt als voetbaltrainer de ene prijs en promotie aan de andere. Zijn trainersloopbaan bracht hem langs Alexandria’66, Zwervers Capelle, Nieuwerkerk, Zwaluwen, DSO, Nieuwenhoorn en inmiddels Poortugaal. Door: Ton de Leede De basis voor zijn succes werd echter gelegd bij Excelsior’20, waar hij als jeugdtrainer onder anderen Danny Koevermans onder zijn hoede had. Met die talentvolle lichting wist Biesheuvel zelfs met 4-3 te winnen van het op dat moment in Nederland ongenaakbare Ajax D1. Koevermans nam alle vier de doelpunten voor zijn rekening. Inmiddels gaat Biesheuvel zijn vierde seizoen in bij Poortugaal, waarmee hij vorig seizoen zowel het kampioenschap in de Vierde Divisie als de KNVB-beker veroverde. Excelsior ‘20 De Schiedammer in hart en nieren begon zelf bij zijn vaders club Hermes DVS. Daar trapte hij als pupil zijn eerste balletje en al op zijn achttiende kwam hij in het eerste elftal. “Ik was spits, maar moest drie seizoenen op een andere plek beginnen, omdat er een dure spits was gehaald. Ook in mijn derde seizoen was het weer hetzelfde en toen was het klaar.” Zijn oom John Kloppers, oud-speler en trainer van Excelsior’20, haalde hem vervolgens naar Thurlede met de bedoeling dat hij ook jeugdtrainer zou worden. Danny Koevermans Oscar: “Ik kreeg een hele talentvolle lichting met o.a. Danny Koevermans, die er echt bovenuit stak, en bijvoorbeeld Arjan Ruts en Dennis Vorstenbos. Bij elke evaluatie van de spelers schreef ik over Danny Koevermans dat hij goed genoeg was voor het betaalde voetbal. Dat gebeurde uiteindelijk wel, maar wat aan de late kant. Danny heeft alles uit zijn voetballoopbaan gehaald, vind ik. Als analist bij ESPN doet hij het ook goed.” Biesheuvel de onvermoeibare Als aanvalsleider op Thurlede was Biesheuvel robuust en onvermoeibaar. Hoofdtrainer Uiteindelijk werd hij hoofdtrainer, na nog een klein actief tussendoortje bij de lichtblauwhemden. Onder Paul de Roos ‘heen en weerde’ Excelsior ’20 tussen de derde en tweede klasse en Biesheuvel moest van de zwart-witten een stabiele tweedeklasser maken. Het liep echter anders: “We promoveerden gelijk naar de eerste klasse en ook nog naar de Hoofdklasse. Een geweldige periode was dat natuurlijk.” Blootje Oscar zelf: “Ik was naar Alexandria’66 gegaan en ging op zondag het land door om naar Excelsior’20 te kijken. Het lukte hen bijna om in de Hoofdklasse te blijven. Aan die periode bewaar ik bovendien kleurrijke herinneringen. “Als er werd gewonnen liep John Bos in zijn blote kont het veld rond. Alle vrouwen volgden hem vanachter de ramen in de kantine. Maar na verloren wedstrijden en een foute opmerking moest je dekking zoeken, want dan vlogen zijn voetbalschoenen en de ‘godvers’ door de kleedkamer.” Dansen in Amsterdam Ook bij het deftige AFC maakte Oscar Biesheuvel iets bijzonders mee. “In de keurige en deftige Amsterdamse bestuurskamer stond een vrouw van Excelsior’20 op de eikenhouten tafel te dansen en sierlijk met haar armen te zwaaien. Je had ze daar moeten zien kijken. Dat zal daarna zeker weten nooit meer gebeurd zijn.” Foto: Danny Ploegaert Succesvolle loopbaan In zijn imposante trainersloopbaan heeft Biesheuvel bij veel clubs zijn visitekaartje afgegeven. Bij Alexandria’66 werkte hij drie jaar in de tweede klasse, bij Zwervers Capelle vier jaar en hij promoveerde van de derde naar de eerste klasse. Vervolgens ging hij met Nieuwerkerk van de eerste klasse naar de Hoofdklasse en weer terug. Daarna volgden Zwaluwen, DSO en Nieuwenhoorn, voordat hij bij Poortugaal neerstreek. Portugaal Derde Divisie Nu wacht met Poortugaal de Derde Divisie. “Poortugaal kan het niveau echt aan, en we hoeven niet direct weer te degraderen, zoals clubs als HBS en VOC. Poortugaal is er klaar voor, heeft zijn zaken erg goed voor elkaar. Met mijn staf van 22 (!) man, weliswaar voor drie elftallen, hebben we er veel zin in. Dit seizoen is handhaving onze doelstelling. Zo’n eerste jaar is altijd het moeilijkst.” Biesheuvel was trainer van Danny Koevermans en rolde Ajax D1 op met 3-4 waarin de spits 4 keer trefzeker was. 15

Sportprijzen nodig? Sportprijzenwarehouse.nl Kleine Woerdlaan 19 - Naaldwijk

‘Mijn mooiste seizoen ooit bij VDL’ Teammanager Martin Pleijsier onthult het verhaal achter het kampioenschap van blauw-witten VDL knalde onder de nieuwe trainer Jim van der Jagt in diens eerste seizoen meteen naar de derde klasse. Het was één groot successeizoen bij de blauw-witten in Maassluis. Teammanager Martin Pleijsier, al jaren de stille kracht achter de ploeg, vertelt hoe de bloei van VDL tot stand is gekomen. Geheim van het succes Martin Pleijsier: ,,Afgelopen jaar was sportief mijn mooiste seizoen bij VDL in de laatste 17 jaar. Het kampioenschap in de 4e klasse was fantastisch om mee te maken. Wij wisten al snel in de voorbereiding dat het een bijzonder jaar ging worden. We hikten al drie seizoenen tegen promotie naar de 3e klasse aan. We speelden zo makkelijk en alle jonge jongens hadden stappen gezet in hun ontwikkeling. Samen met de verfrissende en professionele aanpak van de nieuwe coach Jim van der Jagt geloofde iedereen er in en werd je meegesleept in het succes.’’ Kwaliteit spelersgroep ,,Onze selectie is eigenlijk een mix van ervaren dertigers die lang in de 2e klasse hebben gespeeld, gemengd met jonge honden die nu bij de selectie zitten. Het verloop is heel klein, VDL is geen duiventil. De spelers worden niet betaald, betalen contributie betalen, maar we proberen ze een geweldige omgeving te geven. Vanuit de jeugd komen er jaarlijks een paar door, die tijd krijgen om te groeien tussen die oudere jongens.’’ Mooiste wedstrijd kampioensjaar ,,LMO thuis, de een-na-laatste, was vooraf al bestempeld als de sleutelwedstrijd voor dit seizoen. Na de eerste tien potjes was duidelijk dat de titelstrijd tussen Bolnes, LMO en VDL zou gaan. Het programma wees al uit dat hier waarschijnlijk de beslissing zou vallen aan het einde. Iedereen was opgepompt voor deze strijd, we lieten LMO niet op adem komen en zaten overal bovenop. Onze doelman Marco Scheick brak twee dagen voor dat duel zijn enkel op de training. Zijn vervanger Yari maakte meteen een geweldige redding, daarna maakten wij drie goals (3-0). Ook de spelers van LMO zeiden dat we verdiend gewonnen hadden en wel kampioen verdienden te worden.’’ Doelpunt van het jaar ,,De video van deze goal, tegen Blijdorp, hebben we op onze social media staan. Een werkelijk fenomenaal uitgevoerde aanval, de mooiste in jaren, die begon bij onze doelman Marco. Die veroverde de bal uit een aanval van Blijdorp, zag Kees Ketting rechts ter hoogte van de middellijn de bal vragen. Twee verdedigers liepen het gat dicht maar Kees zag een opening en waagde een diagonaal een schot dat van 25 meter afstand die als een granaat over de keeper in de verre hoek plofte.’’ Kampioensfeest ,,VDL maakte 17 jaar terug de switch van zondagnaar zaterdagclub en diende toen in de 5e klasse te beginnen. Dat leverde meteen een kampioenschap op. Daarna volgden meer promoties (nacompetitie etc.) maar geen echt kampioenschap. Heel de club was er nu klaar voor. Met bussen naar de laatste wedstrijd bij WCR in Rhoon. Daar was het al feest, zes goals van VDL, overal blauw-witte supporters, vuurwerk, de KNVB ambassadeur op het veld met medailles. Speler Mark van der Tooren kreeg in de kleedkamer met de tondeuze een nieuw kapsel vanwege een verloren weddenschap en terug op het sportpark van VDL stond er een enorme mensenmassa. Oud-trainer en oud-topscorer René Verhagen reikte de kampioensschaal uit en op een zonovergoten avond barstte met een DJ een enorm feest los.’’ De trainer ,,Jim van der Jagt kwam als debuterende hoofdtrainer met veel ambitie bij onze club, en dat hebben we geweten. De aanpak van Jim was zo anders voor VDL. Die werkte bij de oude en nieuwe spelers. Een voorbeeld van zijn aanpak? Als software-ontwikkelaar wist Jim de groep digitaal te raken. Denk aan de communicatie, overzichten, analyses, wedstrijdbeelden etc. Ook de onderbouwing voor welke speler de voorkeur kreeg op een positie, was van te voren bekend gemaakt met alle kandidaten, met alle aspecten benoemd. Geen laptoptrainer maar wel een coach van een nieuwe generatie. Als trainer was hij zelf verrast hoe goed de oude spelers nog waren, en hoe ze iedere training en wedstrijd tot het gaatje gingen. Daarbij haakten de jonge spelers uitstekend aan en zo werd de uitvoering van wat hij wilde vaak heel goed. De juiste man op het juiste moment. Ik verwacht dat we in de derde klasse onder hem ook prima zullen presteren.’’ 17

Keith Trouborst binnen en buiten de lijnen goud waard voor SVV Bij SVV is Keith Trouborst (25) de stille maar onmisbare kracht op het middenveld. Sinds enkele jaren is hij ook met net zoveel plezier penningmeester van een club die langzaam opbloeit. Keith, is door zijn ouders vernoemd naar Rolling Stone Keith Richards. Trouborst is beter in rekenen dan in praten. Hij weegt zijn antwoorden af bij voetbalvragen, maar komt los als hij over zijn rol van penningmeester vertelt. Toch heeft hij ook een goed voetbalverhaal. Door: Ton de Leede Jeugdtrainers ‘’Met mijn ouders zocht ik een leuke club en zo kwamen we bij SVV terecht. Vanaf de E’tjes speelde ik achterin. Ik herinner me niet al mijn trainers meer, omdat er vaak wisselingen waren. Maar Henny Idema en Frans Schaap herinner ik me nog wel. Frans Schaap is nu assistent van onze trainer Ramon Bronkhorst. Frans is een echte voetbalman. Je moet komen trainen, op tijd komen en altijd inzet tonen. Ik heb Tony Lentin, nu nog trainer in de jeugd in de B- en A-jeugd gehad. Ik maakte als B’tje mijn debuut in het 1e elftal. Meestal als ik met B1 had gespeeld zat ik daarna bij het eerste op de bank.” Groeiende jeugd ‘’We zitten nu op ruim 550 leden en we groeien vooral in de jeugd. Dat is natuurlijk te danken aan de mooie ligging van Sportpark Harga. Maar ook bij de senioren hebben we een groei, zowel de zaterdag- als de zondagtak. Ik kijk nu heel anders tegen de club aan. Ik zie de organisatie van dichtbij en met het bestuur onder leiding van Bruno Lima maken we de laatste jaren flinke stappen. Het is mijn bedoeling om SVV financieel sterk te maken en een som geld op de bank te krijgen.’’ De stille kracht ‘’Keith is een speler”, verklaart Ramon Bronkhorst, ‘’die werkelijk de stille kracht is. Hij staat er altijd en is belangrijk voor ons team. Hij staat op het middenveld, maar kan ook achterin goed uit de voeten.’’ ‘’Ja dat klopt’,’ reageert Keith Trouborst, ‘’ik speel gewoon waar de trainer me nodig heeft. Hij moet me niet vragen om doelpunten te maken. Als ik er twee per seizoen maak, is het veel.’’ Derby’s ‘’Het zou mooi zijn als we in de 4e klasse zouden gaan spelen. Een derby tegen Hermes DVS of PPSC is toch heel wat leuker dan spelen tegen zo’n Rotterdamse ploeg. Maar ook in de 5e klasse wordt het voetbal steeds sterker. Vorig seizoen hebben we lang meegedaan om de prijzen. We hadden een vrij oude ploeg en we liepen op het laatst op ons tandvlees. De aanvallers Ayman el Yoghrafi en Franklin Janga zijn dit seizoen weg. Dat zijn wel veel doelpunten. Die spelers zijn moeilijk te vervangen. Fatih en Mehmet Sayilgan zijn ruim in de 40 (!) maar gaan nog wel door. Zij gaan altijd voorop in de strijd.’’ “Ik word geen voorzitter” ‘’SVV is mijn club, waar ik opgegroeid ben. Als voetballer hoop ik nog een keer te promoveren. Ik voel me er thuis en vind het fijn om de club te helpen als penningmeester. Nee, ik hoef geen voorzitter te worden.’’ SVV presteerde goed op het Schiedams kampioenschap 2026 19

www.blijdorpbv.nl Groot in civiele techniek en groenvoorziening. 010 - 435 96 87 | info@blijdorpbv.nl

Ivanildo Misidjan: Surinaams international gelukkig bij Kethel Spaland Ivanildo Misidjan begon eigenlijk bijna toevallig met voetballen. Op zijn tiende woonde hij in Suriname en had hij nauwelijks iets met de sport. Zijn neef voetbalde wel en op een dag vroeg de trainer of Ivanildo ook eens mee wilde doen. Hij trok zijn voetbalschoenen aan en bleek direct over talent te beschikken. Zo snel ging het zelfs dat hij kort daarna werd opgenomen in de Surinaamse selectie Onder 15. “Ze zeiden dat ik een verborgen talent was en dat ik mee moest naar Frans-Guyana”, vertelt Misidjan. Die reis vormde het begin van een voetbalavontuur langs de grootste stadions van de regio Door: Mischa Keemink Zijn eerste club was SV Leo Victor, een van de bekende voetbalverenigingen van Suriname. Vanuit de jeugd stroomde Misidjan al snel door naar het eerste elftal. Op zijn zestiende maakte hij zijn debuut op het hoogste niveau. Dat gebeurde meteen in een belangrijke wedstrijd tegen Inter Moengotapoe. “Ze hadden eigenlijk niemand anders en toen mocht ik spelen. Ik heb negentig minuten gespeeld en het fantastisch gedaan.” Hij bleef vervolgens onderdeel van de hoofdmacht en won met Leo Victor in 2014 de Surinaamse beker. Ook werd hij een keer tweede in de competitie. Na Leo Victor volgde later SV Broki, Spelen tegen grootmachten Zijn ontwikkeling ging ondertussen veel verder dan het clubvoetbal. Hij doorliep de verschillende nationale selecties en uiteindelijk de nationale ploeg. Zijn eerste wedstrijd speelde hij tijdens een trainingskamp in Brazilië, waar Suriname het opnam tegen een Braziliaanse club. Misidjan, inmiddels verdediger, maakte het helemaal bijzonder door direct te scoren. Daarna volgden interlands tegen landen die in Suriname als voetbalgrootmachten werden gezien. In totaal kwam hij tot ongeveer elf interlands. Hij maakte onder meer de Gold Cup mee en stond tegenover landen als Jamaica, Panama en Costa Rica. Wedstrijden voor duizenden toeschouwers, in stadions met soms acht- tot veertienduizend mensen. “Dat zijn ervaringen die je nooit meer vergeet.” Grote namen Misidjan maakte bovendien deel uit van een belangrijk kantelpunt binnen het Surinaamse voetbal. De Surinaamse voetbalbond begon steeds nadrukkelijker samen te werken met Surinaamse voetballers die in Nederland actief waren. Namen als Nigel Hasselbaink, Diego Biseswar, Ryan Donk, Kelvin Leerdam en Roland Alberg kwamen in beeld en brachten ervaring uit het professionele Europese voetbal mee. Misidjan maakte deel uit van de groep lokale spelers die die ontwikkeling van dichtbij meemaakte. Professionele niveau Uiteindelijk werden vijf Surinaamse spelers uit de lokale competitie geselecteerd om met de profs mee te doen. Misidjan was één van die vijf. “Ze wilden dat wij aan het professionele niveau zouden wennen. Ik zat erbij en mocht die toernooien meemaken.” Voor hem was het geen bedreiging, maar juist een enorme eer. Hij zag hoe de werelden van het Surinaamse en Nederlandse voetbal langzaam bij elkaar kwamen. Ook voor hem persoonlijk leek de volgende stap logisch. Tijdens trainingskampen in Nederland speelde Suriname onder meer tegen Sparta Rotterdam, Almere City en Telstar. Misidjan zag het niveau en dacht: dit kan ik halen. De bedoeling was dat hij naar Nederland zou verhuizen om daar de stap naar het profvoetbal te maken. Verschillende clubs toonden belangstelling en hij trainde onder meer mee bij clubs die hem serieus in beeld hadden. Te duur Toch liep zijn droom vast op iets waar hij als voetballer nauwelijks invloed op had: zijn paspoort en verblijfsstatus. Omdat hij van buiten de Europese Unie kwam, moesten clubs rekening houden met de toen geldende financiële voorwaarden. Een bedrag van minimaal ongeveer 350.000 euro maakte een transfer voor veel clubs onhaalbaar. “Daar liepen veel clubs op stuk. Dan was het ineens: nee, te duur.” De teleurstelling was groot. Misidjan was fit, had internationale ervaring en stond klaar om de stap te maken, maar zag de deuren één voor één dichtgaan. Hij raakte gedemotiveerd en besloot op een gegeven moment zelfs helemaal te stoppen met voetballen. Hij ging werken in de logistieke/ industriële sector en probeerde zijn leven in Nederland op te bouwen. Totdat hij tijdens een wandeling in Schiedam voetbalgeluiden hoorde. Niet ver van zijn woonplek lag een veld van Kethel Spaland. Hij ging kijken, raakte aan de praat en begon uiteindelijk mee te trainen. Daar vond hij het plezier in het voetbal terug. Hij combineert het voetbal met zijn werk en geniet vooral van de gezelligheid en de eenvoud. Geen jacht meer op een profcontract, geen frustratie over wat had kunnen zijn. “Voor mij hoeft het niet meer. Het totaalpakket is hartstikke goed nu.” Trots Toch kijkt Misidjan met enorme trots terug op de weg die hij heeft afgelegd. Niet omdat hij uiteindelijk profvoetballer werd, maar juist omdat hij onderdeel was van een bijzondere periode in het Surinaamse voetbal. Hij was één van de lokale spelers die de eerste stap naar de nieuwe generatie zette en daarmee, zoals hij het zelf omschrijft, een brug vormde tussen het oude en het nieuwe Suriname. Dat Suriname inmiddels zo dicht bij kwalificatie voor het WK is gekomen, maakt hem trots. Met verschillende spelers uit die periode heeft hij nog altijd contact. Voor wedstrijden stuurt hij regelmatig een berichtje om de jongens succes te wensen. “Ik blijf ze volgen. Ik blijf natuurlijk hun nummer één fan.” 21

Ontdek de Performance 2.0 collectie op robeysportswear.com @robeysportswear

Trainer Omar Zaroual wil PPSC herkenbaar maken PPSC heeft in Omar Zaroual een strenge en ambitieuze trainer aangetrokken. Hij heeft voor een jaar getekend voor zijn eerste klus als hoofdcoach. Hij weet intussen dat hij geduld moet hebben. ‘’Ik ken mijn spelers nog niet goed genoeg, maar ik wil wel stappen maken met PPSC.’’ Door: Ton de Leede Twee profwedstrijden Als actief voetballer kon hij even aan het profvoetbal ruiken. Onder trainer Dolf Roks mocht hij twee keer invallen, tegen Top Oss en Helmond Sport; hij speelde bij de betaald voetballers van Sparta. Dat was destijds in de Eerste Divisie. Dolf Roks vertrok daarna tussentijds en Omar Zaroual verdween uit beeld en in de anonimiteit. Spangen: pingelen op straat Als 9-jarige jongen was hij uit Marokko naar Nederland gekomen. Hij woonde in Spangen. “Ik voetbalde altijd op straat, op de pleintjes. Ik deed echt niets anders. Aan spelen bij een club dacht ik helemaal niet. Toen twee leraren van de basisschool me hadden zien voetballen, wilden ze me bij een vereniging aanmelden. Ik zag dat niet zitten.” Sparta kwam me ophalen “Later op het IJssel College, ik was toen 12 jaar, moest ik op een middag bij de rector komen. Ik dacht ‘wat heb ik nou weer gedaan? Er zat nog een meneer in het kamertje, die van Sparta was. Hij nodigde me uit een keertje mee te komen trainen. Maar ik ging daar niet heen, wist ik veel. Een dag later werd er bij ons aan de deur gebeld. Stond die man van Sparta er. Hij vroeg waar ik bleef. Ze kwamen me echt ophalen.” Geen jeugdheld Na een paar trainingen hadden ze bij Sparta genoeg gezien: hij mocht blijven. Vanaf die tijd speelde ik bij Sparta in alle hoogste elftallen, altijd met rugnummer 10. “Mijn trainers waren in die tijd: Luuk Balkenstein, Ron van den Berg, Mike Snoei, Dries Kroos, Wilfred van Leeuwen en Wout van Driel. In die tijd speelde ik ook in regionale elftallen en twee wedstrijden in Oranje O18. Ik had als voetballer niet een echte jeugdheld, maar ik heb als ballenjongen Romario van dichtbij gezien. Die was afschuwelijk, ja afschuwelijk goed.’’ Einde van een jongensdroom Van al die jeugdtrainers, tevens profs, had Omar Zaroual zodanig bijgeleerd dat hij aan het profvoetbal mocht ruiken. Als speler van Sparta 2 haalde hoofdtrainer Dolf Roks hem bij de selectie. Onder hem speelde hij dus twee keer in Sparta 1. Maar het ontslag van Dolf Roks betekende meteen het einde van de jongensdroom. Omar legt uit: ‘’Ik was er klaar mee en stopte een jaar later. Ik speelde daarna voor Sparta (av), Leonidas, Jai Hind en Steeds Hooger. Ik ging intussen studeren voor jongerenwerker. Bovendien ging ik jeugdteams coachen. Dat deed ik bij Real Parbo, Jai Hind, Excelsior’20, Xerxes-DZB, Zwaluwen en Excelsior M. Daar zaten ook tweede elftallen bij’’ School en voetbal gaan samen Zijn werk in het onderwijs helpt hem in de voetbalpraktijk. Met zijn ervaring wil hij PPSC uit de 4e klasse halen. ook al heeft hij maar voor een jaar getekend.’ ‘Met de gehele staf en de spelersgroep moeten we dezelfde lijn volgen. PPSC moet herkenbaar voetbal spelen. De spelers moeten het voor elkaar opnemen en de afspraken die we maken, moet iedereen nakomen. Natuurlijk wil ik wedstrijden winnen, maar dan moeten we eerst bouwen aan de spelwijze. Belangrijk is vooral dat de spelers plezier in het voetballen hebben.’’ Bevlogen Zaroual daarover: ”Of ik druk ben langs de lijn? Redelijk wel ja, maar ik probeer ook wel positief te blijven. Maar gaat het niet zoals ik wil, tja, dan zeg ik er wel wat van. Ik denk dat ik me de eerste maanden wel moet laten horen.’’

Lennard Hartjes floreert in Kralingen Lennard Hartjes heeft misschien wel de liefste naam van de Eredivisie, maar de afgelopen jaren waren allesbehalve zacht voor de middenvelder. Twee keer scheurde hij zijn kruisband, twee keer volgden maanden van revalideren en wachten. Dat hij nu weer volop voetbalt bij Excelsior, maakt zijn comeback extra bijzonder. De Kralingers bleven in hem geloven, gaven hem na beide blessures de tijd en het vertrouwen om terug te keren. Hartjes is daar dankbaar voor. Nu wil hij dat vertrouwen vooral terugbetalen: op het veld. En dat deed de 23-jarige middenvelder o.a door te scoren in de Arena waardoor Excelsior een knap punt kon bijschrijven aan het mooie totaal. Door: Mischa Keemink Een voetbaldroom De route naar Excelsior begon in zijn geboorteplaats Spijkenisse. Daar zette Hartjes zijn eerste voetbalstappen, waarna Sparta Rotterdam hem oppikte. Na vier jaar op Het Kasteel maakte hij in 2015 de overstap naar Feyenoord. Hij doorliep de jeugdopleiding en kwam uiteindelijk steeds dichter bij zijn grote droom: het eerste elftal. In aanloop naar het seizoen 2021/22 haalde Arne Slot hem, samen met onder anderen Antoni Milambo, bij de selectie. “Slot is gewoon heel duidelijk. Hij wist wat ik moest verbeteren en hij was heel eerlijk tegen me.” Op 12 augustus 2021 volgde zijn officiële debuut tegen Luzern in De Kuip. Een jongensdroom kwam uit. Uiteindelijk bleef de teller bij Feyenoord steken op twee officiële optredens. Via een verhuurperiode bij Roda JC kwam hij vervolgens bij Excelsior terecht. Kruisbanden Daar begon een nieuw hoofdstuk, maar niet meteen het hoofdstuk waarop hij zo had gehoopt. In zijn eerste wedstrijd voor Excelsior, tegen NEC in augustus 2023, scheurde Hartjes zijn kruisband. Het seizoen zat er direct op. Terwijl Excelsior uiteindelijk via de play-offs degradeerde, bleef de club vertrouwen houden in de middenvelder. Hartjes werd definitief overgenomen van Feyenoord en kreeg de ruimte om aan zijn herstel te werken. Toen het in januari 2025 opnieuw misging en hij tijdens een training weer zijn kruisband afscheurde, moest hij weer maandenlang toewerken naar een rentree. Terugvechten “Als ik eraan terugdenk, vind ik het heel moeilijk. Ik geef alles voor voetbal en dan mag je het ineens negen maanden niet meer doen. Dat is gewoon heel zwaar.” Toch is Hartjes nooit echt bang geweest dat hij niet zou terugkomen. Wel blijft de angst aanwezig. “Soms voel ik nog wel wat en dan denk je meteen aan het ergste. Je weet nooit wat er met je knie kan gebeuren. Het zit natuurlijk wel een beetje in je hoofd.” Sinds november 2025 is hij weer terug op het veld. Misschien geniet hij nu wel meer dan ooit van het voetbal. Vertrouwen terugbetalen Vooral omdat hij weet wie hem hebben geholpen om hier weer te staan. ‘”Ik heb hier twee keer mijn kruisband afgescheurd en ze hebben me de kans gegeven om terug te komen.“ Hartjes noemt Neil van Dijk, Ruben en de technische staf als belangrijke steunpilaren tijdens zijn revalidatie. “Ze hebben me hier goed geholpen.” Die steun vergeet hij niet. “Als je negen maanden niet mag voetballen, ga je die hulp vanzelf meer waarderen. ”Het vertrouwen Lennard Hartjes scoort in de Arena tegen Ajax 25 dat Excelsior hem gaf, wil hij daarom terugbetalen met prestaties. Geen druk Dat lukt voorlopig in een omgeving waarin hij zich uitstekend voelt. Hartjes noemt Excelsior een familieclub, met een goede sfeer en een staf die dicht bij de spelers staat. “Iedereen heeft gewoon een goede band met elkaar. Ze weten ook hoe het is, want het zijn allemaal oud-voetballers.” De druk is volgens hem bovendien anders dan bij Feyenoord. “Ik heb hier eigenlijk nooit echt druk gevoeld. Het is een mooie club om jezelf te laten zien.” Over de prestaties blijft hij voorzichtig. Europese play-offs? “Dat ga ik niet zo zeggen. Het eerste doel is gewoon handhaving. Daarna zien we wel verder.” Zijn persoonlijke ambitie is duidelijker: een mooie stap maken. Maar boven alles wil Hartjes fit blijven en veel voetballen. “Als ik vijf jaar vrij en zonder pijn kan voetballen, zou dat al heel mooi zijn.” Misschien komt er dan vanzelf nog een keer een avontuur in De Kuip. ‘Ja, dat zou erg mooi zijn.”

ERWIN BRAVENBOER: “IK WIL DAT MIJN KINDEREN ME OP HET VELD ZIEN.” Niet alleen kwam het trainersduo John de Ronde en Jeroen Verkade van HVC’10 naar de Broekpolder om CION op een hoger plan te brengen, ook rasvoetballer Erwin Bravenboer (37) wil een herstart bij de Vlaardingers. Aanvankelijk was het de bedoeling dat hij als assistent zijn vriend John zou helpen, maar het liep anders. Door: Cees van der Pol Groot geworden met voetbal “Ik ben opgegroeid met voetbal: mijn ouders en mijn grootouders ook, allemaal Smitshoekers. Altijd vrijwilliger geweest. Voetbal is een deel van mijn leven geweest, zowel bij de jeugd bij Barendrecht als de tien jaar bij Smitshoek. Toen ik dit jaar weer ging trainen om fit te worden, kreeg ik opnieuw zin in spelen. Er waren destijds redenen om te stoppen: coronatijd, een meniscusoperatie en de geboorte van de kinderen. Een gezin met een tweeling vergt namelijk organisatietalent als je allebei een baan hebt. Ik dank mijn partner Alodia dat ze me met zo’n druk leven weer laat voetballen op zaterdag.” Van Smitshoek naar CION De aanvoerder van Smitshoek speelde dus bij die bekende amateurclub jarenlang op het middenveld. “Ik heb daar alle posities wel gehad: aanvallende middenvelder of spelmaker. (“aan de bal of in de bal.”) Hij legde zijn idee om weer te gaan spelen voor aan de trainer en die zag het wel zitten. “Ik moest uiteraard wedstrijdfit worden. Natuurlijk ben ik al die jaren blijven sporten: padellen, golf spelen en de sportschool in. Maar voetballen is toch anders. Hoofdtrainer zou ik bovendien niet willen worden.” Samen met John de Ronde trainde hij vroeger wel jeugdteams en het tweede van Smitshoek. Leraar Lichamelijke opvoeding Daarnaast is Erwin leraar aan LIFE, een afdeling van Lentiz Schiedam, waar hij ook theorie en praktijklessen geeft. Leerlingen klaarstomen voor de maatschappij, een fijn beroep. Niet ver van de Broekpolder (de voetbal) en Zestienhoven (home sweet home) Kleine moeite dus naar de kleedkamer van CION. Waarom CION? “Ik wil nergens anders dan bij CION spelen, omdat ze me nu de kans geven. De club geeft me het familiegevoel, het bekende warme bad, gezelligheid troef. Iedereen kent me. Ik wil nu gewoon genieten van het voetbal. Lukt het, heerlijk. Lukt het niet, dan heb ik het geprobeerd. Ik zou het leuk vinden als mijn kinderen me ook op het veld bezig zien. Dat kan stimulerend werken.” Sporten vindt hij belangrijk voor kinderen. Dochtertje Lola zit al op hockey bij HC Rotterdam, de tweeling Manu en Dani zijn gek op voetbal en zullen hopelijk snel beginnen.” Reflecteren Erwin reflecteert op zijn periode als speler bij Smitshoek: “Als aanvoerder was ik soms moeilijk, kon ik me op het veld irriteren aan m’n medespelers, ik eiste teveel van hen. Nu ik ouder ben, besef ik dat het niet altijd goed was wat ik toen deed. Ik krijg nu een kans om het anders te doen: gewoon genieten van het spel.” 27 CION sterker Erwin denkt dat je van CION komend seizoen meer mag verwachten dan vorig jaar, toen het met de hakken over de sloot de nacompetitie ontliep. ”We zijn sterker geworden, natuurlijk met de trainers, maar ook met enkele sterke spelers. Lorenzo Braaf komt van Smitshoek en van Excelsior Maassluis komen Lars Vermeulen en Senna Melief naar Vlaardingen. Dat zijn versterkingen.” Aantrekkelijke indeling Erwin vindt het een prachtige afdeling waarin CION is ingedeeld. “Vijf clubs uit de regio Waterweg, Rotterdamse topploegen en sterke clubs als Brielle en Hellevoetsluis. Eerst circuleerden er geruchten dat VFC en CION naar Zuid I moesten, maar gelukkig is dat niet uitgekomen.. Ik kijk er nu al met plezier naar uit.” Voetbal schept verbinding Erwin heeft een mooie uitsmijter. “Voetbal is een sport die verbindt. Mijn vrienden heb ik door het voetbal leren kennen. We gaan soms ook op vakantie met elkaar. Tegelijkertijd besef ik dat er belangrijkere dingen in het leven zijn. Maar ook dan, bij verdrietige dingen, merk je dat voetballen verbindt. Dat gevoel wil ik terug krijgen.”

Wij zijn Fundament, dé adviseur voor jouw hypotheek en verzekeringen. SAMEN SCOREN = SAMEN VIEREN! Wij geloven in de kracht van sporten en verbinden. Als wij jou EN je teamgenoten helpen met het afsluiten van een hypotheek, kunnen jullie dit samen in de kantine vieren! Een goede voorbereiding is méér dan het halve werk. Maak snel een vrijblijvende afspraak en wij leggen je de spelregels uit. Korte Hoogstraat 8A te Vlaardingen - 010 460 89 00 Gerrit Verboonstraat 17 te Schiedam - 010 460 89 01

Op zijn 43ste denkt Adair Veiga Lopes nog altijd niet aan stoppen. De ervaren spits verruilde FC Maense voor tweedeklasser CWO en begint met hernieuwd plezier aan een nieuw hoofdstuk van zijn lange voetballoopbaan. “Als ik ergens kom, denken mensen nog steeds: het wordt een rotmiddag met die spits van hen”, lacht hij. De regen trotseren Even op de bank uitrusten zou op zijn leeftijd niet vreemd zijn. Zeker niet wanneer de regen tijdens een training met bakken uit de hemel komt. Maar Adair Veiga Lopes blijft doorgaan. “Hij stopt maar niet, die oude man”, grapt de aanvaller over zichzelf. “Ik heb weer zin in dit seizoen. De tweede klasse is een leuke competitie met mooie clubs en veel bekende gezichten.” Verbazing over de vierde klas Afgelopen seizoen speelde Veiga Lopes bij FC Maense. Hij wilde de club uit zijn eigen gemeenschap van Kaapverdië graag helpen met zijn ervaring in het voetbal. Veiga Lopes speelde eerder bij onder meer Zwaluwen, Excelsior Maassluis en Capelle. Hij kent de amateurvoetbalwereld op zijn duimpje, maar in de vierde klasse had hij tot nu toe nog nooit gespeeld. Andere voetbalcultuur Het werd niet helemaal wat hij ervan had verwacht. “Ik ben een bepaalde Nederlandse structuur gewend en daar was de cultuur anders. Er waren ook de nodige problemen. Op een gegeven moment raakte ik een beetje het plezier in het voetballen kwijt.” CWO snel vertrouwd Toen hij hoorde over CWO, begon het weer te kriebelen. Trainer Dennis van der Waal was voor hem niet onbekend. Samen speelden ze bij Zwaluwen. De gesprekken met Van der Waal en de technische commissie bevielen hem direct. “Het voelde meteen vertrouwd aan en dat gevoel is niet meer verdwenen. Ik kwam laatst de kantine binnen en voelde mij supergoed. Ze zeiden ook: met jouw ervaring kun je die jonge jongens begeleiden.” Oude bekenden Bij CWO zijn er ook veel ervaren CWO mag zich sinds dit seizoen weer tweedeklasser noemen. 29 spelers, zoals Jean-Paul van Leeuwen en Darren Maatsen. “Met JeanPaul speelde ik samen bij Maassluis. Het is leuk om hem hier weer te treffen. Met Darren heb ik vanaf het begin al een goede band gehad. Je ziet dat hij een goede voetballer is.” “Ik luister naar mijn lichaam” Dat Veiga Lopes op zijn 43ste nog op tweede klasse-niveau speelt, zorgt regelmatig voor verbazing. Zelf kent hij het geheim inmiddels wel. “Blijven bewegen en goed op je voeding letten. Ik heb ook geluk met mijn genen. En als ik lichte klachten heb, luister ik meteen naar mijn lichaam. Goed herstellen is belangrijk. Ik zwem, jog en fiets graag om fit te blijven en ik weet dus, wanneer ik rustiger aan moet doen.” “Adair is een ouwe rot” Bij CWO wil hij meer zijn dan alleen doelpuntenmaker. Hij probeert dus de jongere spelers bij de hand te nemen, zonder directief te worden. “Ik zie dingen in het veld en probeer bij te sturen. Veldbezetting, een aanname, bepaalde keuzes. Ik wil niemand de les lezen, maar wel overbrengen wat ik door de jaren heen heb geleerd. Ik weet uit ervaring: als je luistert naar oudere spelers word je echt beter.” “Nog niet stoppen.” Met tegenstanders als CION, Sparta AV en Zuidland wacht bovendien een competitie met bekenden. “Daar kijk ik naar uit. Ik heb echt veel zin om weer aan de slag te gaan bij CWO. Ik denk er niet aan om al te stoppen.”

MICHAEL MARINUS: “VOETBAL IS MEER DAN DIE 90 MINUTEN OP HET VELD” De Betrokken Spartaan bestaat vijftien jaar. In die periode groeide de maatschappelijke stichting van Sparta Rotterdam uit tot een organisatie die zich steeds gerichter inzet voor kansengelijkheid in en rondom het stadion. Maatschappelijk manager Michael Marinus is sinds 2018 betrokken bij de stichting en maakte die ontwikkeling van dichtbij mee. “Wij geloven erin dat er meer is dan 90 minuten voetbal op het veld,” vertelt Michael. “Sparta Rotterdam beseft zich dat zij meer kan betekenen voor de mensen in de wijk.” Met projecten voor verschillende leeftijden wil De Betrokken Spartaan mensen sterker maken, meer zelfvertrouwen geven en helpen zich verder te ontwikkelen. Van voetbal naar bredere maatschappelijke impact Toen Michael in 2018 begon, lag de focus sterk op de Maatschappelijke Sportvereniging (MSV). Kinderen en jongeren uit de wijk kregen daarmee de mogelijkheid om zich aan te sluiten bij een echte voetbalvereniging. Ondersteuning bij contributie en sportkleding door het jeugdfonds Sport en Cultuur maakte sporten toegankelijker en de jeugdopleiding van Sparta Rotterdam kreeg tegelijkertijd talent uit de wijk eerder in beeld. Streetrulz Ook waren er al projecten buiten het directe voetbalveld. In Schiedam ontstond Streetrulez, waarbij jongeren uit de wijk als sportcoach werden ingezet. Zij fungeerden als rolmodel voor kinderen op de pleinen en droegen bij aan meer beweging en sociale cohesie in de wijk. Michael kende de club al als sponsor en kwam via Businessclub voetbal in contact met voorzitter Werner Klaassen. Toen zijn voorganger vertrok, kreeg hij de vraag of hij De Betrokken Spartaan wilde gaan leiden. “Ik zag dat er veel dingen snel verbeterd konden worden, waardoor we ook meer impact konden maken.” Verbinden Zijn eerste jaren stonden daarom vooral in het teken van verbinden. Partners en gemeenten werden opnieuw betrokken en ook de financiële basis van de stichting moest sterker worden. Meer focus, meer impact Sindsdien is De Betrokken Spartaan flink gegroeid. Waar Michael enkele jaren geleden nog vrijwel alleen werkte, bestaat het team inmiddels uit negen medewerkers. Het aantal projecten nam toe en de samenwerking met Sparta Rotterdam werd hechter. Tegelijkertijd koos de stichting bewust voor meer focus. Met hulp van een extern bureau werd bekeken waar De Betrokken Spartaan zelf een leidende of verbindende rol kan spelen. Michael omschrijft dat als de vraag: “Waar zijn we voor en waar zijn we van?” “Als we ergens voor zijn werken we graag mee aan diverse initiatieven, als we ergens van zijn dan zijn we de initiatief nemer van een duurzamer project.” Verschillende projecten Door gerichter te werken, wil de stichting meer impact maken. Die ziet Michael terug in verschillende projecten die hem zijn bijgebleven.

Ayoni Santos maakte dit seizoen de overstap naar PSV maar leerde het voetballen op de pleintjes waar nu De Betrokken Spartaan actief is. Zo noemt hij de stewardopleiding binnen Rugdekking, waar jongeren zich ontwikkelen en regelmatig als steward actief blijven. Ook bij de Community Champions ziet hij deelnemers stappen zetten. Playing for Success Daarnaast noemt hij Playing for Success. Playing for Success is een naschools educatief programma voor kinderen en jongeren van 9 tot 14 jaar die om uiteenlopende redenen een extra steuntje in de rug kunnen gebruiken. In een motiverende en uitdagende omgeving krijgen zij de kans om op een positieve manier aan hun zelfvertrouwen en leerprestaties te werken. “Je merkt dat kinderen echt meer zelfvertrouwen krijgen. En dat krijgen we ook terug van de samenwerkende scholen.” Een ander belangrijk moment was het toekomstplan uit 2022. De stichting stelde doelen voor vier jaar op, maar verschillende ambities werden volgens Michael al eerder bereikt. Zo werd een maatschappelijke wedstrijd georganiseerd en groeide de naamsbekendheid van De Betrokken Spartaan sterk. Samen met Sparta De band met Sparta Rotterdam is daarbij essentieel. Michael noemt het een wisselwerking. De club kan via De Betrokken Spartaan invulling geven aan haar maatschappelijke rol, terwijl de stichting gebruik maakt van de kracht, faciliteiten en bekendheid van de club. Ook supporters, sponsoren en partners spelen daarin een belangrijke rol. “Iedere sponsor en iedere supporter is een betrokken Spartaan.” Juist de verbinding tussen club, stichting, supporters, partners en de wijk vormt volgens Michael een belangrijke basis onder het werk van De Betrokken Spartaan. Meebewegen met de maatschappij De maatschappelijke vraagstukken veranderen. Michael noemt onder andere pauzesport en de groeiende groep jongeren die tussen wal en schip dreigt te raken. Volgens hem moet De Betrokken Spartaan daarom blijven inspelen op wat er in de maatschappij gebeurt, zonder de kwaliteit van bestaande projecten uit het oog te verliezen. Ook de samenwerking met Sparta Rotterdam moet zich blijven ontwikkelen. Michael hoopt dat de stichting steeds sterker geïntegreerd raakt binnen de club en dat de maatschappelijke rol een vanzelfsprekend onderdeel wordt van het beleid. De volgende stap Over vijf jaar bestaat De Betrokken Spartaan twintig jaar. Tegen die tijd hoopt Michael dat de stichting haar maatschappelijke positie verder heeft versterkt en nog steviger verbonden is met Sparta Rotterdam. Voor hem ligt de ambitie vooral in het verder uitbouwen van die rol en het blijven inspelen op wat er in de maatschappij nodig is. “Ik hoop dat we met ons twintigjarig jubileum nog steviger staan als maatschappelijk hart van Sparta Rotterdam.” 31

Schiedamse handbalenclave floreert bij landskampioen Volendam Schiedammers met de kampioenschal: De tweeling Sjors en Hidde Hoogenberg samen met Clyde Marengo Van Schiedam naar Volendam. Niet zomaar naar Volendam, maar naar de absolute Nederlandse handbaltop. De regerend landskampioen is dit seizoen langzaam maar zeker een echte Schiedamse enclave aan het worden. Liefst vijf Schiedammers zijn bij de club actief. Hoogenberg-tweeling Naast coach Ricardo Clarijs en Mitchell Luijten, die dit seizoen de gelederen kwamen versterken, maken ex-DWS’er Clyde Marengo en de tweelingbroers Sjors en Hidde Hoogenberg deel uit van de Volendamse handbalfamilie. Voor de Hoogenbergs zijn het bijzondere tijden. Samen spelen ze op het hoogste handbalniveau, samen wonen ze in Volendam en samen mochten ze onlangs het landskampioenschap vieren. Het begon bij Ventura Volendam werd na dertien jaar weer landskampioen, na een spectaculaire ontknoping tegen Aalsmeer. In de laatste seconden werd een achterstand teruggebracht tot 28-28, waarna strafworpen de beslissing moesten brengen. Voor Sjors en Hidde was dat een moment om nooit te vergeten. Ooit begonnen ze bij Ventura met een handbal die ze voor hun verjaardag hadden gekregen. Inmiddels staan ze samen op het podium van de Nederlandse handbalwereld. ‘Hidde is onze chef-kok’ Ook buiten de lijnen trekken de broers veel met elkaar op. Ze wonen in Volendam met Mitchell Luijten en Clyde Marengo, allen afkomstig uit Schiedam. Ze volgen ook allen dezelfde studie. Hun huis staat bovendien tegenover de sporthal. Dichterbij kunnen ze dus niet wonen. “We doen best veel samen, maar dat gaat eigenlijk altijd goed”, vertelt Hidde. Eén ding is in ieder geval duidelijk: in de keuken heeft hij de supervisie. “Hidde is echt de chef-kok bij ons thuis, dat is mooi meegenomen, haha”, lacht Sjors. De handbalzaken gaan zeker over tafel, maar ruzie maken over de geliefde sport doen ze nauwelijks. “Als we thuis zijn, is het vooral gezellig.” Door en door Op het veld is de samenwerking minstens zo vanzelfsprekend. De tweeling kent elkaars spel door en door en weet precies wat de ander nodig heeft. Sjors bewondert bij Hidde vooral zijn overzicht. “Hij ziet soms al een oplossing, voordat de rest die ziet.” Hidde kijkt juist met bewondering naar de snelheid en het initiatief van zijn broer. “Sjors neemt veel initiatief en wil altijd het team helpen.” ‘Ook kritisch’ Kritisch zijn ze ondertussen ook op elkaar. Hidde vindt dat Sjors zijn snelheid soms nog slimmer kan gebruiken, terwijl Sjors omgekeerd vindt dat Hidde zijn kwaliteiten constanter moet laten zien. “We zeggen dat soort dingen ook tegen elkaar. Daar kunnen we heel eerlijk in zijn”, aldus Hidde. Familiesport Hun liefde voor handbal ontstond in 2011 bij Ventura. Die sport was de broers bovendien niet vreemd: hun ouders en opa speelden eveneens handbal. Inmiddels is het niveau een wereld van verschil met die eerste jaren in Schiedam. Naast hun activiteiten in de zaal zijn Sjors en Hidde actief in het beachhandbal. Voor Hidde kreeg dat afgelopen zomer een extra dimensie met deelname aan het EK in Zagreb. Sjors maakt daarnaast deel uit van het Nederlands Development Team. Ook geven de broers ook training aan de jeugd van Volendam en brengen ze hun kennis en enthousiasme over op de volgende generatie handballers. Het buitenland lonkt Maar de twee zijn nog lang niet klaar. Sjors droomt van een buitenlands avontuur en wil uiteindelijk de stap naar een buitenlandse topcompetitie maken. Ook het Nederlands team staat op zijn verlanglijstje. Hidde wil zich vooral blijven ontwikkelen en een steeds belangrijkere rol krijgen op het hoogste niveau. Eén ding is zeker: de twee Schiedammers hebben de absolute Nederlandse handbaltop inmiddels bereikt, maar hun ambities reiken verder. En als het aan de Hoogenberg-tweeling ligt, maken ze ook de volgende stappen zeker samen. De Schiedamnse oefenmeester Ricardo Clarijs pakte de titel met Volendam 33

Derde divisie B Excelsior Maassluis De standaard-doelstelling van gedegradeerde clubs is vaak zo snel mogelijk terug naar het hogere niveau. De club uit Maassluis behield trainer GeertArend Roorda. Er komen vier nieuwe spelers die allen een periode bij een BVO hebben gespeeld. Doelman Max van Herk komt over van Zwaluwen. Een voordeel van de degradatie is wel dat er meer wedstrijden in de regio worden gespeeld. Het Maassluise publiek zal met plezier en spanning uitkijken naar de vele derby’s in de Derde Divisie. Wanneer het meezit, moet Excelsior kunnen meedraaien in de subtop. Door: Cees van der Pol Zwaluwen Zwaluwen draaide vorig jaar een superseizoen onder Luigi Bruins. Die vertrok naar Katwijk. Zwaluwen stelde Marco Jalink aan met zijn jonge rechterhand Delano á Cohen, die van stadgenoot VFC overkwam. Delano trok de doelman van HVC’10, Kenny Lipman aan. Ook kwamen er nieuwe spelers voor de voorhoede (Spartaan ’20, Quick Boys en ASWH). Er verdwenen ook spelers o.a. naar regioclubs als Westlandia en Heinenoord. Zo’n succesvol seizoen zal voor de Vogels moeilijk zijn om te herhalen, Er staan veel aantrekkelijke CWO Het duurde drie seizoenen voordat CWO de degradatie naar de derde klas repareerde. Clubman Dennis van der Waal lukte het kampioen te worden. Een belangrijke rol daarin speelde de doelman Jean-Paul van Leeuwen. Toch hingen diverse spelers de schoenen aan de wilgen o.a. aanvoerder Mike van der Meer. Er komen nieuwe spelers van buitenaf van wie Adair Veiga Lopes (FC Maense) een oude bekende is. CWO zal moeten wennen aan het hogere niveau van de tweede klas. De lat niet meteen te hoog leggen, is ons advies. Middenmoot moet kunnen. HVC’10 HVC’10 verloor één van zijn beste spelers. Zwaluwen peuterde keeper Kenny Lipman los, wat een flinke aderlating betekent. De nieuwe trainer Marc Dijkhuizen komt van SC Monster. HVC’10 krijgt ook dit jaar weer versterking van buurman FC ’s-Gravenzande. Bas Sommeling, Tim de Koning en Ray Brederoo en doelman Dinand Staal komen naar De Hoek.. Maar liefst zes spelers stoppen met selectievoetbal (o.a. Luke Kernan, Mitchell Bouwhuis). Het zal een flinke toer worden om de goede resultaten van het laatste seizoen te herhalen. VFC VFC had een sterk seizoen onder leiding van Delano á Cohen. Maar de nacompetitie bracht geen succes. Bryn Siegersma, Brent van Berge en Dimitri van der Meer stoppen met selectievoetbal. Er komen enkele nieuwe spelers o.a. Owen Passon van Victoria ’04. Door het vertrek van Delano naar Zwaluwen moest VFC op zoek naar een trainer. Dennis Vaz (36) krijgt voor het eerst een hoofdmacht onder zijn hoede. Hij was het regioderby’s op het programma. Een plaats in het midden zou mooi zijn. Tweede klas D CION CION speelde zich veilig in de allerlaatste wedstrijd van het seizoen. De club heeft vers bloed ingekocht. Het trainersduo van HVC’10 John de Ronde en Jeroen Verkade ging over naar de Broekpolder. De Ronde speelde enkele jaren geleden zelf nog voor de Vlaardingse brigade. Interessant is de komst van de eerder gestopte routinier, Erwin Bravenboer. CION gaat het vast veel beter doen dan vorig seizoen. Met het nieuwe trainersduo is een plaats in de subtop goed mogelijk. MVV’27 MVV ’27 maakte afgelopen jaar na de promotie een moeilijk seizoen door, maar redde zich in de laatste wedstrijden. De staf is gehandhaafd in het jubileumjaar. Het honderdjarig bestaan moet een feestelijk gebeuren worden. Promotie lijkt te hoog gegrepen, maar er zijn wel versterkingen gekomen. Doelpuntenmaker Sem Klaassen komt over van Portugaal en heeft een Maassluis-verleden, Mike van Vugt verlaat VFC. Lourens van Rooijen stopt met selectievoetbal. Waterwegsport voorspelt een goede middenmoter.

de kalender. Patrick Triep krijgt een rol als assistent naast hoofdtrainer Omar Zaroul . Mogelijk kan hij ook speler worden als hij geneest van zijn knieoperatie. De club kreeg dertien nieuwe spelers, waarvan maar liefst vijf van Excelsior’20. Op 22 augustus speelde PPSC de finale van het Schiedams kampioenschap, maar HBSS was daarin veel te sterk. PPSC zal de traditionele middenmoter worden. laatst assistent bij vv. Barendrecht. VFC zal in de competitie weer een belangrijke rol gaan spelen aan de top.. Derde klas C Excelsior’20 De Thurlede-bewoners zijn ingedeeld in een afdeling met voornamelijk regioploegen : uit Schiedam, Den Haag en het Westland. De Schiedammers houden niet zo van trainerswisselingen. Jaco Verhoev en marco van der lelij beginnen namelijk aan hun zevende seizoen. Het afgelopen seizoen eindigde Excelsior’20 in de middenmoot. Er komt versterking van spelers uit de vierde klas: o.a. Aykut Nargun (Hermes DVS). Excelsior’20 zal weer ergens in de middenmoot eindigen. HBSS HBSS mag zijn thuiswedstrijden niet in Schiedam spelen. Trainers Bayrakter en Pattinama blijven. Het is onzeker wat de uitwerking van het niet-thuisvoordeel betekent. Op de transferdatum van 15 juni zouden zich bijna twintig nieuwe spelers aangemeld hebben. De glazen bol is voor dit seizoen en deze club heel erg wazig. Hoe ziet de toekomst eruit voor HBSS? Op korte termijn was er wel een succesje. HBSS werd in augustus Schiedams kampioen door PPSC ruim te verslaan.. Kethel Spaland Trainer Bas van Loenen gaat zijn derde seizoen in. De club miste in de nacompetitie de slag. De selectie is vrij stabiel gebleven. Good-old Ary van Bree gaat naar Victoria ’04 en Naoufel Lahlimi vertrekt naar Excelsior ’20.Er komt vers bloed o.a. doelman Pjotr de Jongste (27) keert uit Nieuwerkerk terug bij zijn jeugdliefde: De club heeft het plan om te verjongen en hevelt maar liefst negen jeugdspelers over naar de selectie. Het zal niemand verbazen dat Kethel Spaland weer mee gaat doen in de strijd om de periodetitels. VDL Maassluis VDL werd onder trainer Jim van der Jagt kampioen en dat is knap. Natuurlijk niet zo vreemd dat de hele selectie doorgaat, inclusief good-old Kees Ketting. Er komen leuke streekderby’s aan. De selectie lijkt versterkt. Tony Vierhout keert terug. Drie spelers van Excelsior Maassluis. hebben zich aangemeld: Tobias Bosveld, Luuk Gregorowitsch en Denzell Mounier. Promoveren is altijd wennen aan het hogere niveau. VDL moet zich kunnen handhaven in deze afdeling. Dat zou op zich al een prima prestatie zijn. Vierde klas B PPSC PPSC speelt sinds 2015 al jaren in de vierde klas, maar is dit keer niet ingedeeld bij Hermes DVS en Victoria ’04. Er staan wel ontmoetingen met Rotterdamse clubs op Vierde klas E Hermes DVS De Schiedammers speelden vorig seizoen anoniem vooral in de middenmoot. Er komen echter veranderingen. Trainer Anthony van Vooren heeft voor drie jaar getekend. De selectie is vrijwel gebleven en de club wil maar liefst zeven jeugdspelers toevoegen aan de selectie. Daarnaast komen er versterkingen van buitenaf: o.a. Sait Durmus van Excelsior’20,. De indeling voor de competitie is minder aantrekkelijk: het zijn eigenlijk allemaal onbekende “eiland-ploegen”. Wie gaat de tol betalen? Misschien kan het team in de subtop meedraaien. Victoria’04 Een van de voorspellingen die we vorig seizoen in de Glazen Bol deden, zat er faliekant naast. De Broekpolderploeg kon degradatie niet voorkomen. Dimitri Hooftman blijft wel de selectie leiden. Hij krijgt een nieuwe, jonge keeper Bart Voskamp (van MSV’71). Daan van der Leer (CWO) Joey van der Zouwen (CION) komen over en oud-speler Lars Kortleven komt weer terug uit Brabant. Victoria’04 en Hermes DVS zijn in deze klasse vreemde eenden in de bijt. Twaalf keer moeten ze door de Beneluxof de Blankenburgtunnel voor de uitwedstrijden. Voorspellen is hier moeilijk: de meeste eilandploegen zijn onbekend. Vijfde klas D Deltasport Deltasport eindigde het seizoen op de elfde plaats. Dat moet anders heeft men daar gedacht. Bij de overschrijvingsperiode duizelde het van de komende en vertrekkende namen. Een aantal spelers komt nieuw van o.a. COAL, Sparta (AV) en DRL Van de vertrekkende spelers is niet bekend waarheen ze gingen. Trainer is Khalid el Khalifi en hij heeft de taak om er een hecht team van te smeden. In de Glazen Bol van Waterwegsport is het eigenlijk koffiedikkijken met zoveel wisselingen. Het kan in de Broekpolder vriezen of dooien. DVO’32 Ook voor DVO’32 was het vorige seizoen teleurstellend. Nieuwe kansen? Allereerst contracteerden de Vlaardingers een nieuw trainersduo. Peter de Graaff kwam met zijn assistent Jersey Remney van Nieuwerkerk 2. Ook belangrijk zijn natuurlijk nieuwe spelers. De erkende doelpuntenmaker Naily Gririgorie (van Victoria ‘04) kan in de vijfde klasse zeker zijn doelpuntjes scoren. In totaal komen er maar liefst veertien spelers naar de Marathonweg, teveel om op te noemen. De hoop is wel: meedraaien in de subtop en een periodetiteltje pakken? MSV’71 MSV’71 is de kelderklasse wel zat. Trainer Jan van der Sar miste vorig seizoen op het nippertje de nacompetitie. De club is nu Rotterdams ingedeeld. De jonge doelman Bart Voskamp wilde hoger spelen (Victoria ’04). Excelsior M leverde de nieuwe doelman Nino van Leeuwen. Verder zijn MVV’27 en Excelsior Maassluis dit jaar hofleveranciers voor MSV geweest. Meedraaien in de top en de nacompetitie halen. Promoveren: het moet toch een keer lukken. SVV SVV begon goed maar miste de nacompetitie. Trainer Ramond Bronkhorst blijft aan het werk in Schiedam. SVV heeft voor het nieuwe seizoen maar liefst zeventien nieuwe spelers kunnen aantrekken, vooral spelers van regioclubs.. Het zou kunnen betekenen dat SVV een goede kans maakt om een stap hoger te kunnen voetballen. 35

TOPSPORT ZIT IN DE DETAILS. Op het veld. En in uw interieur. INTERIEURS / RESTAURATIE / SCHILDERWERK / MONUMENTEN Details maken het verschil. De winter komt eraan. Binnenwerk gepland? Geen poeha. Gewoon vakwerk. 010 - 415 42 33 Wie komende winter gebruik wil maken van de expertise van Koeverma, doet er goed aan tijdig contact op te nemen. Dan reserveren we samen rustig een plek in de planning. Historie geeft karakter aan morgen. info@koeverma.nl www.koeverma.nl

DONNA SILVIS: ALTIJD ALLES GEVEN Op het middenveld van HCS Dames 1 is Donna Silvis een speelster die meteen opvalt. De 25-jarige Schiedamse is onvermoeibaar, fanatiek en gaat voor iedere bal. Ze is zo’n beetje de Edgar Davids van het Schiedamse hockeyveld. Eerste kennismaking viel tegen Haar verhaal begon al op vierjarige leeftijd bij het schooltje van Spirit. Dat eerste avontuur duurde niet lang. “Ik ben er na een half jaartje vanaf gegaan, omdat ik het niet leuk vond, als de bal werd afgepakt. Een jaar later keerde ik terug en sindsdien is hockey niet meer uit m’n leven verdwenen. Ze doorliep de jeugd en speelde vanaf de D-jeugd ieder jaar in het eerste team van haar leeftijdscategorie. Via de A kwam ze uiteindelijk in Dames 2 terecht. Met dat team werd ze kampioen. Naar het vrouwenvlaggenschip Het hoogste niveau dat ze als klein meisje altijd wilde bereiken, kwam toen ook weer in beeld. “Ik dacht op zeker moment: zou het dan toch niet kunnen?” Ze kreeg haar kans bij Dames 1. Nu is ze bezig aan haar vierde seizoen bij het vlaggenschip van HCS. De overstap betekende meer intensiteit. “We trainen dubbel en dat was wel even wennen. Maar het bevalt me.” Bijna aan de beademing Donna is bloedfanatiek: “Als ik verlies, willen ze liever niet met me praten. Op het veld geeft ze alles wat ze heeft. “Ik ben fanatiek en geef altijd honderd procent. Soms lig ik na een wedstrijd bijna aan de beademing.” Die instelling maakt haar tot een belangrijke kracht op het middenveld. Ze zoekt ook naar oplossingen op het veld. Het tactische aspect van hockey spreekt haar namelijk aan. Ook de invloed van de trainers vindt ze belangrijk. “Onze trainers zien veel. Als het even niet loopt, hebben ze trucjes om rust in het spel te brengen. Daarna zie je dat een wedstrijd verandert.” Een broekie tussen de senioren In haar eerste jaren was Donna een jonkie tussen ervaren teamgenoten. Inmiddels is haar rol veranderd. “Toen ik net kwam, speelde ik tussen oudere meiden, Dan durf je niet veel te zeggen. Nu komen er steeds meer jonge speelsters bij en besef ik dat ik nu degene ben die het voorbeeld moet geven.” Een echte leider noemt ze zichzelf echter niet. Fanatiek “Mijn fanatisme straalt denk ik wel af op de rest.” De vergelijking met Edgar Davids vindt ze wel passend. “Misschien ben ik niet degene die het tactische of technische werk doet. Daar zijn andere meiden beter in. Maar fanatisme en nooit opgeven is wel mijn kracht.” Die mentaliteit moet HCS dit seizoen helpen. De ploeg is jong en kende vorig seizoen een spannend slot met play-outs. Uiteindelijk bleef de ploeg behouden voor de Overgangsklasse. Vooruitkijken Donna kijkt nu vooruit. “We hebben veel wedstrijden in de laatste minuut verloren. Daarom moeten we iedere wedstrijd voor die drie punten spelen. Daar hoort volwassenheid bij. Als je gelijk staat, moet je dat resultaat koesteren in plaats van blijven aanvallen, zodat de tegenstander profiteert.” Continuïteit Het volgend seizoen wil ze met HCS het liefst in het linkerrijtje eindigen. Op termijn wil ze meer. “Ik zou het heel leuk vinden om met dit team een stapje hoger te spelen.” Daarvoor is continuïteit nodig. De afgelopen jaren veranderde de samenstelling van de ploeg regelmatig. “Speelsters gingen studeren. reizen of waren toe aan iets nieuws. Je kunt pas aan een team bouwen als je jaren bij elkaar speelt.” Juf Zelf ziet Donna haar toekomst bij HCS. Ze woont in Schiedam-Stad met twee vriendinnen, onder wie Julia, die eveneens in Dames 1 speelt. Een echt hockeyhuis. “Het gaat bij ons vaak nog lang over hockey.” Overdag staat Donna voor groep 4 van de Schiedamse basisschool De Vlinder. De combinatie van lesgeven en hockey vraagt een strakke planning, maar ze wil beide werelden niet missen. “Ik vind mijn beroep namelijk erg leuk.” Nooit opgeven HCS is de plek waar ze opgroeide en haar vriendinnen heeft. Ze denkt dan ook niet aan overstappen naar een andere club. Nee, in Schiedam en bij HCS voelt en valt alles op zijn plek. Haar recept verandert ondertussen niet: hard werken, altijd alles geven. Honderd procent. Dan maar even aan de beademing. 37

HONKBAL GROOTMACHT CURAÇAO NEPTUNUS VIERT 22e LANDSTITEL Foto: Linedrive Captures, Wouter van Atten ROTTERDAM – Curaçao Neptunus heeft zich opnieuw gekroond tot landskampioen van Nederland. Voor pitcher en Schiedammer Aaron de Groot is de 22e landstitel van de Rotterdamse club het bewijs van de kracht van een ploeg die volgens hem al jaren op een stevig fundament rust. Zijn eigen seizoen eindigde in juli voortijdig door een zware elleboogblessure. Vaste kern als basis De Groot omschrijft het seizoen in vijf woorden: “Dominant, vlekkeloos, positief, gezellig en competitief.” Volgens de Schiedammer zit de kracht vooral in de continuïteit. “We zijn al jaren in de breedte erg sterk. We hebben al jaren een stevige basis, een vaste kern spelers. We zijn aan elkaar gewend.” Amerikaanse carrière De 2022 tot Schiedams sporter van het jaar uitgeroepen honkballer begon bij SV & HV Schiedam en zette zijn loopbaan voort in de Verenigde Staten. Daar speelde hij college-honkbal voor Park University in Arizona. Na zijn Amerikaanse periode keerde hij terug naar Nederland. Hij kreeg bij Neptunus een belangrijke rol als ‘relief pitcher’ en closer. Een ‘reliever’ is een werper die de startende werper aflost, bijvoorbeeld als die vermoeid is. Een ‘closer’ is een sterke pitcher die bij een voorsprong de wedstrijd in het slot gooit. ‘Gemengde gevoelens’ Over zijn eigen seizoen is De Groot minder uitgesproken positief. “Ja, ik kijk terug met gemengde gevoelens. De start was vrij goed, maar naarmate het seizoen vorderde, kreeg ik steeds meer last van mijn elleboog aan mijn pitchhand.” De blessure was volgens hem een gevolg van problemen die in de winter waren ontstaan. “Ik brak mijn enkel en ben tijdens mijn revalidatie te snel richting de sport gegaan. Hierdoor heb ik met pijn gespeeld en ik wilde dat opvangen met mijn elleboog.” Ereprijs De Groot maakte eerder internationaal indruk. Tijdens het EK onder 23 in 2021 gooide hij in 3,1 innings maar liefst tien strikeouts. Hij kreeg slechts twee honkslagen tegen. Die prestaties leverden hem de bijnaam ‘Aaron Win’ de Groot op. In de Holland Series tegen Amsterdam Pirates was Neptunus vier keer op rij te sterk. “Eendaagse duels liggen ons sowieso altijd goed. Ondanks dat Pirates prima tegenstand bood, konden wij met meer honkslagen eroverheen. Zodoende pakten wij vier opeenvolgende zeges en daarmee ook de titel.” Tijd voor het gezin De nieuwe competitieopzet, met twee wedstrijden op zaterdag, beviel De Groot persoonlijk goed. Ik heb een gezin met twee kleine kinderen en door de nieuwe competitieopzet heb ik nu ieder weekend de zondag met de kids gehad. Enorm belangrijk en waardevol voor mijn gezin en mijzelf.” De Schiedammer Aaron de Groot pakte de titel met Neptunus (Robert C Bos) 39

Eerst waren het voetbalschoenen, daarna wandelschoenen. Toen stond daar ineens een glazen kooi. Padel heeft Nederland in zijn greep en opvallend veel voetballers hebben hun tweede sportleven gevonden achter het glas. Van Arjen Robben tot Frank en Ronald de Boer en van Rafael van der Vaart tot hockeykampioene Fatima Moreira de Melo: het racket is populairder dan ooit. Eerlijk is eerlijk: wie eenmaal begint, komt er maar moeilijk vanaf. Dat heet verslaving. Het padelgeheim Het is misschien wel het mooiste geheim van de padelbaan: er is helemaal niet zoveel veranderd voor de voetballer. Je staat nog steeds met je maatje naast je, je moet samen de tegenstander bestrijden en vooral wil je niet verliezen. Je loopt, sprint, draait, roept ‘los!’ en geeft na een verkeerd geslagen bal de schuld aan… tja, het glas, de wind, het racket, de bal of gewoon je partner. Schaken met een racket Padel is een schaakspel met een racket. Slim spelen wint vaak van hard slaan. Misschien is dat de reden waarom de sport zo populair is geworden. Padel is sport, competitie en gezelligheid in één. Het is tennis zonder dat je meteen Rafael Nadal moet zijn, voetbal zonder scheidsrechter die je geel geeft en een gezellige avond met vrienden. Iedereen vindt na afloop dat hij eigenlijk had moeten winnen. Voetballers zijn niet gestopt met sporten. Ze zijn gewoon verhuisd. Van het gras naar het glas. Terugkeren lijkt niet meer mogelijk. Aantrekkelijk De schuld zoek je natuurlijk nooit bij jezelf. Precies dat aspect maakt padel zo aantrekkelijk voor oud-voetballers. De benen zijn misschien wat minder snel dan vroeger, de hamstrings zijn wat kwetsbaarder en een sliding behoort definitief tot het verleden. De winnaarsmentaliteit is gebleven. Arjen Robben weet daar alles van. De oud-international is fanatiek op de padelbaan en stond zelfs op de internationale ranglijst. Duizenden spelers Na afloop is er een herkenbaar tafereel: bij voetballers vloeit het bier rijkelijk. Ieder punt wordt minstens drie keer besproken. ‘Die bal was uit.’ ‘Nee joh, via het glas.’ ‘Maar jij stond verkeerd.’ Eigenlijk is er helemaal niets veranderd. Wat wél is veranderd, is de omvang van de sport. Padel is immers geen bezigheid meer voor een handjevol fanatieke liefhebbers. Overal staan inmiddels glazen banen en in Nederland spelen honderdduizenden mensen padel. In 2025 stonden 876.000 Nederlanders minimaal één keer op de baan. Ons land telt inmiddels ruim 3.500 padelbanen. Competitiesport volwassen De competitie is volwassen geworden. De KNLTB organiseert competities voor verschillende niveaus, voor mannen, vrouwen én jeugd. In de voorjaarscompetitie van 2026 kwamen meer dan 7.400 teams in actie. Van spelers die vooral voor de gezelligheid meedoen tot fanatiekelingen die voor ieder punt door het vuur gaan. Ieder speelt op zijn eigen niveau. Dat juist maakt de sport zo aantrekkelijk. Je kunt op vrijdagavond met drie vrienden zomaar een uurtje spelen en zondagmiddag ineens bloedserieus bezig zijn met promotie. Voor je het weet, staat er een tas met drie rackets, zes soorten ballen en een bidon in je auto. Je partner vraagt waarom. ‘Competitie natuurlijk.’ Je weet allebei dat het menens is. Nederland nog geen grootmacht Internationaal gezien staat Nederland nog niet aan de wereldtop. Nederland doet wel steeds beter mee, maar Spanje en Argentinië zijn de absolute grootmachten. Daar is padel al veel langer onderdeel van de sportcultuur. Kinderen beginnen op jonge leeftijd met de sport. De beste spelers ter wereld komen vooral uit de twee genoemde landen. Nederland is later met padellen begonnen, maar maakt snel terrein goed. De banen liggen er, de belangstelling is enorm en ook de jeugd wordt steeds serieuzer opgeleid. De KNLTB heeft jeugdselecties en trainingsprogramma’s voor verschillende leeftijdsgroepen. Dat is een belangrijke ontwikkeling.. De nieuwe generatie padelspelers weet straks niet beter. Misschien loopt er nu ergens een achtjarige rond die geen idee heeft wie Arjen Robben is, maar wel precies weet hoe je een bandeja moet slaan. 41

SEM KLAASSEN: “IK WIL WEER VOETBALLEN ZOALS HET BEDOELD IS” Foto: Aad Cordia Halverwege het seizoen 20252026 meldde Sem Klaassen zich al bij zijn nieuwe club in Maasland. Hij wachtte niet tot de deadline van de overschrijvingstermijn, maar trainde al in april onder Hakan Copur bij MVV’27. Bijna thuis zou je kunnen zeggen. Hakan was eigenlijk ook de man die in een aantal persoonlijke berichtjes liet weten dat hij Sem graag wilde inlijven. Sem speelde nog bij Vierde Divisionist Poortugaal en de zin in voetballen raakte hij van lieverlede kwijt. Geld doet wel wat, maar soms kun je het missen als kiespijn. Voetballen moet gewoon leuk zijn.” Door: Cees van der Pol Nog geen zwemdiploma De meeste jongetjes die graag willen voetballen, moeten van hun ouders eerst het fel begeerde zwemdiploma binnen harken. Dat moet natuurlijk ook, maar voetballers worden nooit goede zwemmers. Sem had als kleine jongen geluk: er was een flinke wachtlijst bij de zwemlessen en dus ging hij al heel jong met voetbalschoentjes naar Excelsior Maassluis. Er waren nog meer talentvolle jonkies en er werd speciaal een team voor hen gemaakt: F12 buiten alle competities om. Zo’n team wordt natuurlijk kampioen. Sem was dus al heel jong voetbalgek. Hij doorliep alle selectieteams bij Excelsior Maassluis, fanatiek als hij was. Overigens ter geruststelling, dat zwemdiploma heeft hij later wel gehaald. De breuk van corona Sem viel in het veld direct op: zowel als aanvaller en als aanvoerder. Dat er scouts langs de kant stonden, was geen uitzondering en ADO Den Haag stak Sem bijna een hengel toe. Maar het coronavirus werd de grote spelbreker. In Excelsior O21 deed hij zijn stinkende best om in de selectie van het eerste te komen. Op het veld was hij de rechterhand van de trainer. ”Ik verwachtte dan ook dat ik zou doorstromen naar het eerste. Ik had volgens mij de juiste mentaliteit, ook in de kleedkamer, maar ik kreeg te weinig speelminuten, vond ik. Onder Steye Jacobs kreeg ik niet de kans om me waar te maken.” Poortugaal: een mooie vlucht Een overstap van de jeugd van een Tweede Divisieclub naar een Vierde Divisieclub was dus niet zo gek. “Portugaal is ook een hechte club. Ik ben er goed opgevangen en heb er ook minuten gemaakt in het eerste. In het tweede seizoen kwamen er wat moeilijkheden. Ik had in Maassluis een huis gekregen, maar dat moest wel worden opgeknapt. Dat kan ik zelf, dus moest ik af en toe wel eens afzeggen voor een training. ik kreeg daar geen goed response op. Ik wilde er ineens niet meer voor gaan. Ik meldde me bij Hakan Copur die me al een tijdlang een goed gevoel gaf en contact had gezocht.” Studie afronden Sem ( 24 jaar) heeft zijn HBO-studie Vastgoed nog niet afgerond, maar hij is van plan het wel te doen. “Niet dat ik dat diploma misschien ooit zal gebruiken, maar voor alle zekerheid. In ieder geval heeft hij een huis aan de Noordvliet in Maassluis, waar zijn Amsterdamse vriendin met Brabantse roots en sinds kort ook ‘een altijd nog te veel pissende pup’ hem bezighouden. “Ik ben ZZP’er en heb een eigen klusbedrijf.. Maar toch wil ik dat HBO-diploma halen.” klussen Sem speelt het liefst in de spits of op nummer 10. “Maar eerlijk gezegd maak ik de aanvallen toch liefst het zelf af. Daarvoor ben ik hier gekomen. Het is misschien een sterke afdeling, maar ik moet toch een flink aantal ballen achter een keeper kunnen schieten. Een stuk of twintig zal toch wel lukken. Ik wil bij MVV’27 voetballen zoals dat spel bedoeld is. Ik voel me het lekkerst, als ik een clubgevoel ervaar. Dat is op het veld het vuur uit je sloffen lopen en na afloop van een training of een wedstrijd een biertje drinken met je vrienden. Het is bovendien ook nog een jubileumjaar.” Al honderd jaar is het clubgevoel bij MVV’27 niet stuk te krijgen. Sem zit dus op zijn plaats. 43

2026 Goed vakmanschap verdient een toekomst // SAMEN ZIJN WE VKMNSCHP Je kent ons als Simonis Verf en Sikkens Zuid-Holland. Samen zijn we VKMNSCHP. Dagelijks leveren we verf, materialen en deskundig advies aan duizenden vakmensen. Maar we willen meer doen dan leveren. We willen vakmensen helpen beter te worden in hun werk, sterker te worden als bedrijf en succesvol te blijven in een veranderende markt. Waar we voor staan VKMNSCHP brengt vakmensen, bedrijven, scholen, leveranciers en partners bij elkaar. We werken aan vier dingen: meer vakmensen, (nog) beter worden in je vak, slimmer en makkelijker werken en trots op vakmanschap. Zo maken we goed vakmanschap sterker voor morgen. Voor vakmannen, vakvrouwen, ondernemers en iedereen die het vak vooruithelpt. We zijn al begonnen In Vlaardingen werken we met Techniek Oriëntatie Vlaardingen, scholen, vakbedrijven en leveranciers aan het VKMNSCHP ontdektraject. Jongeren ervaren in de praktijk hoe mooi het is om iets met hun handen te maken en maken kennis met het schildersvak. Daarnaast bouwen we aan de VKMNSCHP Academy, met praktische trainingen en opleidingen. Ook brengen we echte projecten en vakmensen in beeld: rauw, echt en iets om trots op te zijn. We praten niet alleen over de toekomst van het vak. We werken eraan. Beter in je vak. Sterker als bedrijf. Blijf op de hoogte via www.vkmnschp.nl

Marlon Vermeer: Zonder gehoor volledige controle Je hoeft niet alles te horen om duidelijk te maken wat er op het veld moet gebeuren. Wanneer Marlon Vermeer als scheidsrechter het veld opstapt, kijken spelers soms verbaasd. Ze merken dat hij doof is. Voor de aftrap haalt Marlon daarom de trainer of begeleider erbij. Die legt uit dat de spelers goed op de fluit en vooral op Marlons gebaren moeten letten. Daarna begint gewoon de wedstrijd. Simpele uitleg Geen ingewikkeld protocol en geen lange uitleg: kijken is meestal genoeg. Zodra de bal rolt, verdwijnt de verbazing. Marlon wijst waar een overtreding is gemaakt, spreekt spelers aan met zijn houding en gebaren. Hij treedt op wanneer iemand over de grens gaat. Als het nodig is, stuurt hij een speler van het veld. Zijn handen, gezicht, hoofdbewegingen en de kracht waarmee hij een signaal geeft, vertellen precies wat hij bedoelt. Altijd een bal in de buurt Marlon werd in 1962 geboren in Suriname. Voetbal was al vroeg onderdeel van zijn leven. Zodra hij als peuter kon lopen, was er een bal in de buurt. Op vierjarige leeftijd verloor hij na een ziekte zijn gehoor. Rond zijn twaalfde kwam hij naar Nederland. De omgeving veranderde, maar zijn liefde voor voetbal bleef. In en rond Schiedam droeg hij de kleuren van onder meer Oldi, Martinit, ODC, Ursus, SVV/ SMC en HBSS. Oldi, voetbalvereniging voor doven. Vooral Oldi, de Rotterdamse voetbalvereniging voor doven, kreeg een belangrijke plaats in zijn leven. Een door hem bewaard krantenknipsel vermeldt dat Marlon op 23-jarige leeftijd al acht jaar lid van Oldi was. Hij speelde er meestal als linksbuiten. Zijn talent bracht hem uiteindelijk bij Oranje. In 1985 werd Marlon geselecteerd voor het Nederlands dovenelftal dat deelnam aan de Deaflympics in Los Angeles. Deaflympics Nederland eindigde daar als vierde. De weg naar Amerika was spannend. In de beslissende kwalificatiewedstrijd moest Nederland afrekenen met Zweden. Oranje won met 3-1. Marlon leverde voorbereidend werk bij een doelpunt en werd in een verslag zelfs genoemd als de beste Nederlandse speler in de eerste fase. Later viel hij geblesseerd uit. Leiding zonder veel woorden Rond zijn 33ste stopte Marlon als voetballer. Maar voetbal bleef hem boeien. Hij ging verder als scheidsrechter en assistent-scheidsrechter en bleef dat ruim dertig jaar doen. Zijn doofheid blijkt daarbij zelden een probleem. Spelers reageren meestal vriendelijk en worden vaak juist extra alert. Kritiek vanaf de kant hoort hij niet. Hij kan daar zelf wel om lachen. Zijn kracht is dat hij het spel leest met zijn ogen en met zijn hele lichaam communiceert. Lichaam als communicatiemiddel Een rustige beweging betekent iets anders dan een korte, felle aanwijzing. Soms is een praktische oplossing nodig. Wanneer een trainer wil wisselen, tikt de aanvoerder hem op de schouder: een duidelijk gebaar en een blik zijn vervolgens voldoende om de wissel te regelen. Ook als vrijwilliger blijft Marlon actief bij CWO, als arbiter en grensrechter. Op het veld heeft hij nooit veel woorden nodig gehad. Als speler liet hij zijn voeten spreken. Als scheidsrechter gebruikt hij zijn fluit, ogen, handen en houding. Een huis vol sport Sport is een belangrijk onderdeel van het gezin. Marlon doet graag mee aan verschillende sporten. Hij leeft intens mee met zoon Bernie, die handbal speelt op het hoogste niveau en aanvoerder van Hurry-Up is. Vanaf de kant probeert Marlon hem met felle gebaren extra energie te geven. Zijn vrouw Monika moet hem soms lachend tot de orde roepen: Bernie heeft tenslotte al een coach. Toekijken pas hem niet Passief toekijken past niet bij Marlon. Zijn bemoeienis komt voort uit trots en uit de overtuiging dat extra vuur precies is wat een sporter nodig heeft. Op zaterdag verdeelt hij zijn aandacht tussen de wedstrijd van zijn kleinzoon Roshedro bij Sparta en de wedstrijden van Bernie. Hij volgt die via een livestream. Misschien is dat wel de kern van zijn verhaal: communicatie begint niet pas wanneer iemand iets zegt. Ze begint wanneer mensen naar elkaar kijken en bereid zijn elkaar te begrijpen. Daarna begin gewoon de wedstrijd.

TROTSE SPONSOR Blue10 | De autopilot voor jouw administratie Bij Blue10 werken we aan een missie: Alle handmatige invoer in een boekhouding laten verdwijnen en zorgen dat iedere organisatie, iedere dag weet hoe zij ervoor staat. We geven op dit moment invulling aan deze missie met twee softwareoplossingen: Invoice Management en Contract Management. Blue10 functioneert als de autopilot in jouw auto. We automatiseren zoveel mogelijk handmatige handelingen, waarbij we jou altijd het gevoel geven dat jij het proces onder controle hebt en zelf aan het stuur zit. “Net als een controlerende middenvelder in een topteam, is Blue10 de ideale spelverdeler die zorgt voor rust en overzicht binnen jouw administratie.” Benieuwd naar wat Blue10 doet, maar dan in voetbaltaal? Scan de QR-code en bekijk de video. WWW.BLUE10.COM

MILAN ZONNEVELD: VAN DE STAALFABRIEKEN NAAR SMAAKMAKER IN DE EREDIVISIE Drie jaar geleden stond Milan Zonneveld nog in de staalfabrieken van Tata Steel. Overdag werken van zeven tot drie, daarna snel naar huis rijden om te eten en vervolgens het voetbalveld oplopen. Pas om elf uur ’s avonds zat zijn dag erop. Inmiddels is de 22-jarige Beverwijker smaakmaker bij Sparta Rotterdam in de Eredivisie. Het is een opmerkelijke ontwikkeling voor een voetballer die zijn dromen nooit heeft opgegeven, Door: Mischa Keemink Daarvoor moest hij wel jarenlang het profvoetbal combineren met een gewone baan. “Het was echt zwaar, maar ik heb daarvan wel een hoop geleerd. Op tijd komen, discipline tonen, werken onder een baas en weten wat buffelen is. Dat neem je allemaal mee.” Een bizarre loopbaan De route van Zonneveld liep via ADO ’20 en RKVV DEM naar de jeugd van FC Volendam. Hij tekende op zijn zeventiende zijn eerste profcontract en maakte in 2021 zijn debuut. Na zijn periode bij Volendam keerde hij terug naar ADO ’20, waarmee hij kampioen werd van de Derde Divisie. Vervolgens brak hij bij Quick Boys echt door. Daar beleefde hij een geweldige periode. Het amateurkampioenschap en een indrukwekkend bekertoernooi waarin hij scoorde tegen Almere City, Fortuna Sittard en SC Heerenveen. “Als je reëel bent, stond ik drie of vier jaar geleden nog in de Derde Divisie en nu maak ik drie wedstrijden op rij doelpunten in de Eredivisie. Dat is het mooie aan voetbal: het kan ontzettend snel gaan.” Scouten in de Keuken Kampioen Divisie Die opmerkelijke route heeft zijn kijk op het voetbal ook gevormd. Zonneveld is ervan overtuigd dat profclubs veel vaker in de Tweede en Derde Divisie moeten scouten. “Ik weet zeker dat er veel spelers rondlopen die gemakkelijk mee kunnen in de Keuken Kampioen Divisie. Sommigen zelfs in de Eredivisie. Clubs moeten het alleen wel aandurven met zo’n speler.” Zelf kreeg hij via Telstar die kans. Na zijn overstap naar IJmuiden in 2025 maakte hij daar zijn eerste Eredivisie-doelpunt. Hij liet zo zien dat zijn achtergrond in het amateurvoetbal geen belemmering hoefde te zijn. In februari 2026 volgde de stap naar Sparta, de club waar hij inmiddels volop geniet van het profbestaan. Samen leuke dingen doen Het genieten is bij Sparta ook op een andere manier aanwezig dan vanwege het voetballen zelf. “We hebben echt een heel leuke groep bij Sparta. We doen ook buiten het voetbal veel met elkaar. Als we een dag vrij zijn, gaan we bijvoorbeeld samen golfen. Met Mitchell ben ik heel goed, maar ook met Jens, Filip en Julian.” Scoren op het Kasteel Toch is er één moment dat voor hem misschien wel het mooiste is: scoren op Het Kasteel en vervolgens in de richting van de tribunes lopen. “Die interactie met het publiek vind ik geweldig. Als ik scoor, ontploft het stadion. Die mensen zoek ik dan ook echt op. Dat vind ik mooi.” Drie jaar nadat hij na een gewone werkdag bij Tata Steel nog rechtstreeks naar de voetbalclub reed, staat Milan Zonneveld nu tussen de profs. Hij is voorlopig niet van plan om daar genoegen mee te nemen. Milan Zonneveld werd kampioen met Quick Boys in de Tweede Divisie 47

WWW.VERKADE-VLAARDINGEN.NL Grondverzet • Wegenbouw • Bestrating • Rioolwerk Terreininrichting • Archeologie • Groenwerkzaamheden Top fysiotherapie in het Kasteel www.smcspartarotterdam.nl Bel voor een afspraak: 010-8909256

Oefenmeester Peter de Graaff gelooft in project DVO’32 DVO’32 wil niet te lang meer in de vijfde klasse blijven hangen. Met Peter de Graaff heeft de Vlaardingse club een trainer voor de groep gezet die eerder met Nieuwerkerk 2 de reserve hoofdklasse bereikte. Met een flink vernieuwde selectie moet er aan de Marathonweg iets gaan groeien. De ambitie is er in ieder geval. “Het is een project, maar het liefst worden we natuurlijk zo snel mogelijk kampioen.” Een uitdagend project Via eerste elftal-speler Karim Attsou, die Peter de Graaff al lange tijd kent, kwam hij een paar maanden geleden in aanraking met DVO’32. Na enkele gesprekken met onder meer voorzitter Kees Zegers, andere bestuursleden en de spelersraad raakte hij enthousiast over het project in Vlaardingen. “In die gesprekken kwam nadrukkelijk ter sprake wat de selectie nodig heeft en waar de club naar toe wil. Ik kreeg het gevoel dat we hier met elkaar iets moois van kunnen maken. Ik zie het echt als een uitdagend project.” Nieuwe gezichten Dat project begint met een selectie die heel anders is vormgegeven. DVO’32 verwelkomde deze zomer veel nieuwe spelers. De Graaff beschikt inmiddels over een groep van zo’n 25 à 26 man, waarin zowel bekende gezichten als nieuwe spelers te vinden zijn. Tijd nodig De eerste signalen zijn positief, stelt de oefenmeester. “We waren vanwege lange vakanties nog niet compleet als ploeg, maar we worden nu steeds meer een team Dat heeft tijd nodig. De jongens werken in ieder geval keihard en de opkomst bij de trainingen is goed.” “Girigorie kan het maken” Er zit behoorlijk wat rek in deze groep, ziet De Graaff, die onder meer Nailey Girigorie aan zijn selectie kon toevoegen. De spits stond een aantal seizoenen geleden bij stadsgenoot Victoria’04 garant voor een flinke doelpuntenproductie. “Girigorie moet ze in de vijfde klas ook kunnen maken. Met de nieuwe jongens die erbij zijn gekomen, kunnen we er iets moois van.” Ervaring is nodig De Graaff merkt dat die routinier een positieve invloed heeft op de rest van de selectie. Datzelfde geldt overigens voor de andere ervaren spelers. Zij kunnen de groep enthousiasmeren. Dat soort jongens heb je in een elftal nodig. Wij kunnen als staf iets vertellen, maar het is erg fijn als dat binnen de spelersgroep wordt doorgetrokken.” Fitter en topper worden Met DVO’32 wil hij op verschillende vlakken stappen zetten, onder meer op het fysieke vlak. “De jongens hebben zelf aangegeven dat ze fitter willen worden. Dat vind ik positief. Ze willen vooruit. Fit zijn is een belangrijk onderdeel bij voetbal. ” Op langere termijn hoopt De Graaff met zijn staf een stabiele basis neer te zetten, waarop DVO’32 kan voortborduren. “Het zou mooi zijn als je als club nog aantrekkelijker wordt en hoge ogen gaat gooien in de vijfde klasse. Mijn assistenten en ik zien dit als een langetermijn project.” Meedoen om de tiel Maar eerst telt dit seizoen. De Graaff steekt het niet onder stoelen of banken. Hij hoopt met de club uit de Vlaardingse Westwijk mee te doen om de titelstrijd in de vijfde klasse. “Of het lukt, moet natuurlijk blijken, maar we gaan ervoor. Ik wil iedere wedstrijd zien dat we er alles aan doen om te winnen. Dat de jongens iets voor ogen hebben en daar samen voor willen werken. Als we dat laten zien, kunnen we met deze groep iets moois neerzetten.”

DREAM BIG! WORK HARD! Altijd een passende oplossing! TeamWearConcept is dé totaalleverancier voor al uw sportkleding, bedrijfskleding, promotiekleding en sponsor kleding. Wij kunnen elk kledingstuk leveren en zorgen voor elk gewenste bedrukking. Wij kunnen een speciale webshop voor u openen zodat uw werknemer, leerling of verenigingslid zelf zijn kledingpakket kan samenstellen zodat u hier geen omkijken naar heeft. In onze eigen drukkerij verzorgen wij al het drukwerk. Ook hebben wij de juiste mensen voor het maken van een mooi en uniek ontwerp voor op uw kleding voor bijvoorbeeld vrijgezellenparty’s, schoolkampen, toernooien en meer. Inspiratie opdoen in onze showroom? Neem eens vrijblijvend contact op met een van onze medewerkers via 010 - 760 36 00 of stuur een mail naar info@teamwearconcept.nl TeamWearConcept.nl TeamWearConcept - Hoogstad 209, 3131 KX Vlaardingen T 010 - 760 36 00 E info@teamwearconcept.nl

Vader en Zoon van Vooren gaan bouwen bij Hermes DVS Anthony van Vooren, de opvolger van Gokhan Cayir, komt voor drie jaar bij de voetballers van Hermes DVS aan het roer staan. Samen met zijn assistent, vader Rob, moet hij proberen om het selectieteam een nieuw gezicht te geven. ‘’Dat kan alleen geleidelijk gaan, dus dat vergt wel wat tijd. Met de huidige jeugd van Hermes is dat zeker mogelijk. Mijn vader is nog bloedfanatiek met zijn 70 jaar. Hij is voortdurend met het niveau bezig.’’ Door: Ton de Leede Een doelman die trainer wordt. Kan dat wel? Anthony: ‘Ik heb eerst in het veld gestaan, hoor. Maar omdat ik de ballen aardig kon vangen, werd ik keeper. Ik was toen een jaar of 12. Niet veel later stond ik als 15-jarige in het eerste onder de lat. Dat ging dus hard en Mike de Vette was mijn concurrent. Grappig is dat zijn zoon Kai nu bij mij onder de lat staat. Ook een grote vent, 18 jaar pas, met heel veel lef.” Penaltykiller Anthony moest op zijn 22e stoppen met keepen door een nare schouderblessure. Zijn laatste wedstrijd was een promotie/ degradatieduel tegen SV Anadolu in Den Haag. “Het draaide op pingels uit en daar was ik goed in. Ik stopte hun derde penalty en deed meteen mijn handschoenen uit. Er werd raar naar me gekeken, maar ik wist dat ik klaar was. Dat klopte, Vincent Lansbergen schoot de winnende pingel binnen. Mijn laatste redding. In de finale voorkwam Quintus echter de promotie naar de derde klasse.” Clubman en jeugdtrainer Anthony van Vooren is getrouwd met Mandy en woont in Papendrecht. Hij is een zelfstandige die als planner infrastructuur in de wegenbouw werkt. Als jochie stond hij te kijken naar de trainingen op het veld naast de Kuip. Een fan was daar ter plekke geboren. Toch is hij nooit bij zijn oude club weggegaan. ‘’Ik ken iedereen en ze kennen mij. De club heeft geen geheimen voor me en ik ken ook de zwaktes. Als jonge senior werd ik gevraagd om de jeugd te trainen. Dat wilde ik al langer en ik vond het leuk. Voetballertjes helpen beter te worden en ze plezier te geven in het spelletje.’’ Ruiken aan het trainersvak Even mocht de geboren Schiedammer ruiken aan het echte werk. Trainer Richard den Ouden werd ontslagen en het duo Van Vooren kon aan de slag. Zo werd in dat jaar 2019 wel even de Schiedamse titel gepakt. De nieuwe trainer: ‘’Ik had daarvoor met Omar Zarouali, die trainer bij PPSC is geworden, een jeugdteam geleid bij Excelsior Maassluis. Ik heb veel geleerd als stagiair. Ik was de rustige analist en Omar de drukke man langs de zijlijn.” Haastige spoed, zelden goed “Het leek mij wel wat om hoofdtrainer te worden en die kans kwam in de winterstop toen Gokhan aangaf te willen stoppen. Mijn missie wordt om met mijn vader het eerste elftal te verjongen. Oudere spelers worden zonodig vervangen door beter geworden spelers van het tweede. Uit de jeugd komt er ook een aardige lichting aan. We gaan niet overhaast te werk,, maar geleidelijk zoals ik al zei.’’ Peter Bosz Ik ben een analytische en rustige trainer die discipline belangrijk vindt. Ik kijk naar veel trainers en hun werkwijzen en zie bij Peter Bosz vooral herkenning. Ik wil ook vooruit voetballen, domineren, energiek spel en plezier zien. Dat is best risicovol en kan ook soms flink misgaan. De vierde klasse is niet mijn einddoel en misschien ga ik dan verder voor een vervolg op VC 2.’’ Anthony van Vooren tijdens het Schiedams kampioenschap 51

We keep your operations running. On land and on sea. SINCE 1946

Excelsior’20 cricket terug op hoogste niveau Cricketend Excelsior’20 heeft de twee doelstellingen voor het seizoen 2026 gehaald. Die twee doelen waren: de degradatie in één jaar herstellen en zich handhave in de T20 Topklasse. Volgend seizoen speelt de Thurlede-club weer op het hoogste niveau: de Topklasse. Door: Ton de Leede Toekomstvisie In eetgelegenheid “De Markies” werden voor aanvang van het seizoen 2026 door het cricket-bestuur de ambitieuze plannen ontvouwd. De boodschap was duidelijk: Excelsior’20 moest direct, binnen een jaar, terugkeren in de hoogste divisie. Er zijn genoeg voorbeelden van cricketclubs die jarenlang aanhikten tegen die stap omhoog. Alle aanwezigen in “De Markies” stemden in met de toekomstvisie. “Imponeren en verpletteren” In twee Hoofdklassen werd gevochten om de bovenste plek, die recht geeft op de promotiefinale. De mannen van captain Roel Verhagen speelden vanaf de eerste match voor snelle zeges. Speler Stan van Troost sprak van ‘imponeren en de tegenstanders verpletteren’. Van de veertien potjes won Excelsior’20 er twaalf. Het was snel duidelijk wie de finale zou bereiken. Finale in Schiedam In de andere poule ging de strijd tussen Salland, Sparta en Quick Haag. Salland eindigde bovenaan en was bereid om de ‘grande finale’ in Schiedam te spelen. Dus niet op het aangewezen HCC-terrein waar geen graswicket ligt. De beslissing viel al gauw na het batten van de ‘thuisclub’. De cijfers van de finale Battend zette Excelsior’20 een degelijk totaal neer. In het veld eiste de Schiedamse aanval de hoofdrol op en het was na enkele overs al duidelijk dat Salland geen enkele kans maakte op promotie. Van de drie overseas players was Riley Ayre indrukwekkend, vooral als lefty slowbowler met 38 wickets. Jack Wood tikte 431 runs binnen. Roel Verhagen kwam tot 301 runs. Gezien de lage totalen aardige resultaten. Jens Blankestijn was goed voor 25 wickets. Buitenlandse spelers Bestuurlijk wordt overlegd welke Excelsior’20 cricket kon weer Juichen na de promotie 53 buitenlandse spelers de volgende jaargang moeten helpen om Excelsior’20 zonder grote zorgen mee te laten draaien in de Topklasse. Stemmen gaan al op om Riley Ayre in ieder geval te terug te laten keren. Een snelle bowler en/of allrounder zouden ook niet verkeerd zijn. Ook belangrijk is een verlengd verblijf van Karson Edward. Dat is een 17-jarig multitalent gebleken, zowel met bat en als met bal. T-competitie: middenmoot In de T20-competitie wervelden de Schiedammers flink door. Lange tijd werd de verrassende eerste plaats ingenomen. Half augustus vertrokken de drie ‘overseas’. Excelsior ’20 werd dus verzwakt in de verkorte potjes. Het resulteerde in een plek in de middenmoot. De club bewees hiermee dat zij in de Topklasse thuishoort. Doelstellingen gehaald ‘Inderdaad horen we in de Topklasse thuis,’’ stelt Roel Verhagen, ‘’zeker na een seizoen waarin alle doelstellingen zijn behaald.’’ Regelmatig werd ‘along the boundary’ de opvatting gehoord dat Excelsior’20 met zo’n prachtig veld en mooie aanhang nergens anders dan in de Topklasse thuis hoort. Gerichte aankopen en dezelfde passie op het veld als dit seizoen moeten weer van Excelsior’20 een geduchte maar ook geliefde opponent maken in de Eredivisie van het mooie cricketspel.

NESTOR VINCE TIMMERS NIET TE STOPPEN BIJ EXCELSIOR’20 Vince Timmers (33) is de oudste speler in de selectie van Excelsior’20. Van de geboren Schiedammer wordt wel iets verwacht. Trainer Jaco Verhoev ziet in de boomlange verdediger iemand die het spel leest en zijn medespelers op de juiste plek kan zetten. Timmers nuchter: “Ik behoor echt niet tot de beste spelers, maar ik weet waarover het gaat in het veld. Voetbal draait om samen presteren met vrienden.” Door: Ton de Leede Het woord ‘gezellig’ komt dan ook regelmatig terug, wanneer hij over zijn loopbaan vertelt. Bij HBSS, VFC en Excelsior’20 beleefde hij veel plezier met ploeggenoten en trainers. “Ik weet wat ik wel en niet kan. Ik vind het mooi als de jongens om me heen beter gaan voetballen.” Zijn voetbalverhaal begon bij HBSS. “Mijn vader Cor, die ook in Schiedam voetbalde, meldde me daar aan. Sterke verhalen “Op trainingskamp bijvoorbeeld was mijn kamer de hang-out. We rookten wel eens pretsigaretten en dan deden we een sok om de rookmelders. Tijdens een ander trainingskamp gooide iemand nitraat in het bad. Een enorme knal en veel rook. We schrokken ons het ‘leplazerus’ en moesten zo snel mogelijk alles opruimen.” Ik speelde er van de F’jes tot de C’tjes.” De club bewaart hij in zijn hart. “HBSS was een warme club. Op trainingsavonden brandde in de kantine meestal de open haard. Achter de bar zorgde Ina voor eten en drinken. Peter van Unen en later René van Dalen verzorgden leuke trainingen en maakten een team van ons.” Van HBSS naar VFC Op het Groen van Prinstererlyceum kwam hij in contact met jongens die bij VFC speelden. Een aantal van ons maakte de overstap. ”We zaten steeds in de selectieteams, op hetzelfde niveau als bij HBSS.” In de senioren kwam Timmers in O23. Hij stond niet altijd in de basis. Dus terug naar HBSS, waar Marvin Jansen trainer was. Marvin hielt het graag simpel en smeede een team. Wat hebben we afgelachen!” Ook een kartuitje werd onvergetelijk. Iemand organiseerde een kartuitje in Gent, maar hij had de reservering in Genk gedaan. Promotie In de nacompetitie tegen Charlois beleefden de Oranjehemden één van de hoogtepunten. “In de tweede wedstrijd stonden we een kwartier voor tijd 3-0 achter. Het einde was chaotisch. Na twee wedstrijden stond het 5-5 en moesten er strafschoppen genomen worden. Roelof Grant schoot een penalty over, maar mocht hem overnemen en scoorde. We promoveerden naar de derde klas. Via Argentinië naar Excelsior’20 Hij ging een half jaar studeren in Argentinië en in 2019 sloot hij aan bij VFC (za). Onder Bas van Loenen en later Najim Nasri promoveerde de ploeg van de vierde naar de tweede klas. ”Ik was geen basisspeler meer en op verzoek van Marvin Jansen koos ik voor Excelsior’20. Ook al weer zo’n warme club. Net als HBSS: een grasveld, een tribune en een fijne kantine. “Er wat voetbal betreft is het hier anders dan bij VFC. Daar lopen goede spelers rond. Bij Excelsior’20 zijn er ook wat minder goede.” Easypeds Naast voetbal heeft Timmers het druk met zijn onderneming ‘Easypeds’, die hij samen met Dimitri van der Meer runt. Wij verkopen artikelen aan honden- en kattenbaasjes, ook online.” Thuis is voetbal nooit ver weg. Hij woont samen met de Argentijnse Lucia. Natuurlijk volg ik de Argentijnse competitie. Lionel Messi is toch de beste voetballer ooit.” Ervaring als wapen Bij Excelsior’20 probeert Timmers zijn ervaring te gebruiken voor het team. Hij is positief over de huidige selectie. “We hebben in elke linie iets bijzonders. Dat maakt ons sterker.” Ook trainers Jaco Verhoev en Marco van der Lely krijgen lof. “Die twee doen alles om het voetbal leuk te maken.” Toch ziet Timmers nog één belangrijke ontbrekende schakel in het team: een doelpuntenmaker. “We missen iemand die er twintig inschiet. Ik hoop dat er dit seizoen een spits opstaat.” Timmers blijft vooral genieten van het spel. “Voetbal is voor mij vooral met vrienden samen iets presteren. Dat maakt het leuk. Mijn rol is duidelijk: het overzicht houden, aanwijzingen geven en zorgen dat mijn ploeggenoten op hun plek staan.” 55

BART VAN DER HOEVEN: “DE DROOM IS OM OOIT SAMEN TE VOETBALLEN” Aan gespreksonderwerpen geen gebrek wanneer de familie Van der Hoeven bij elkaar zit. Het voetbalthema komt namelijk altijd op tafel. Tim, Bart en Mitchell spelen alle drie in een eerste elftal en ze volgen elkaar nauwlettend op de voet. Bart en Mitchell zijn ploeggenoten bij Victoria’04, terwijl Tim op een steenworp afstand voor CION uitkomt. Er ontbreekt daardoor nog maar één wens: ooit met z’n drieën in hetzelfde elftal spelen. Drie broers in één voetbalteam Voor Bart werd een deel van die wens vorig seizoen al werkelijkheid, toen Mitchell zich bij Victoria’04 aansloot. Hij kwam over van Excelsior Maassluis en hoefde nauwelijks te wennen. Hij kende behalve veel spelers ook de trainer, met wie hij in de jeugd had samengewerkt. Hij viel meteen goed in de groep. “Het bevalt me hartstikke goed om samen te spelen.” Nu moet alleen Tim nog volgen. De drie jaar oudere broer van Bart doorliep, net als Bart, de jeugdopleiding van Zwaluwen. Daarna scheidden hun wegen en Tim kwam onder meer bij DVO’32 terecht. Gelokt Dat de drie Van der Hoevens allemaal hun wedstrijden in een eerste elftal spelen, maakt de familie trots. En dus is het onderwerp voetbal thuis nooit ver weg. “ De gesprekken aan tafel gaan heel vaak over voetbal”, zegt Bart. “Het is mooi dat het ons alle drie goed afgaat. Zijn droom is om ooit met Mitchell, Tim en mij samen te voetballen. Zo’n mogelijkheid krijg je niet vaak.” Aan tafel wordt dan ook regelmatig gekscherend geprobeerd om Tim in de richting van Victoria’04 te lokken. Victoria’04 Op zijn beurt probeerde Tim zijn broer naar CION te krijgen, maar daar moet Bart niets van hebben. “Ik zit veel te goed bij Victoria’04.” Dat gevoel is niet zo vreemd. Bart kwam als veertienjarige over van Zwaluwen, vooral omdat veel van zijn vrienden bij Victoria’04 speelden en zijn eigen team uit elkaar viel. Hoewel hij ook naar Excelsior Maassluis kon, koos hij voor vriendschap. “Voetballen met mijn vrienden vond ik echt veel leuker. Daar heb ik dan ook nooit spijt van gehad. Natuurlijk denk je soms dat je misschien hogerop had gekund, maar deze club past bij mij.” Het eerste is een vriendenteam Rond zijn negentiende debuteerde Van der Hoeven in het eerste elftal van Victoria’04. Hij is nu bezig aan zijn zesde seizoen en het sociale aspect is minstens zo belangrijk gebleven als het sportieve. “Het is eigenlijk een soort vriendenteam dat een eerste elftal moet voorstellen”, zegt hij lachend. “Dat maakt het juist zo leuk.” Familieband De hechte band binnen de Vlaardingse selectie doet hem denken aan de band binnen zijn eigen familie. Trainingskampen voelen als een weekendje weg met vrienden. Opvallend genoeg begint Victoria daarna vaak beter te draaien. Vorig seizoen kende de ploeg mede door blessures een heel slechte eerste seizoenshelft, maar na de winterstop volgde een sterke reeks overwinningen. “We hebben toen laten zien dat we best in de derde klasse thuishoren.” Het mocht helaas uiteindelijk niet baten, want Victoria’04 degradeerde desondanks naar de vierde klasse. Kwaliteit Dit seizoen wil Victoria’04 snel weer de weg terug naar de derde klasse vinden. Bart ziet daar voldoende mogelijkheden voor en hoopt dat de ploeg al voor de winterstop goede resultaten boekt en volop meedoet om promotie. “We hebben kwaliteit genoeg om dat te voor elkaar te krijgen.” Hetzelfde shirt Ondertussen blijft voor de familie Van der Hoeven die exclusieve droom bestaan: ooit staan Tim, Bart en Mitchell samen op een veld in dezelfde clubkleuren. Of dat bij Victoria’04, CION of elders gebeurt, maakt voor de broers uiteindelijk minder uit. Als ze maar een seizoen samen in één elftal kunnen spelen. Want één ding is duidelijk: bij de Van der Hoevens gaat het thuis niet alleen over voetbal, maar vooral over de wens om samen te voetballen. 57

Anis Hadj-Moussa gaat gewoon lekker verder! Sommige voetballers komen het veld op met een plan. Ze weten precies wat ze gaan doen, waar ze moeten lopen en wanneer ze de bal moeten afspelen. Anis Hadj-Moussa heeft vermoedelijk ook een plan. Alleen is de kans groot dat het nog niet helemaal duidelijk is. En eerlijk gezegd is dat heerlijk. Zodra de bal bij de Feyenoorder komt, gebeurt er iets. De supporters gaan er eens goed voor zitten en ergens op de tribune klinkt waarschijnlijk al een voorzichtige: “O jee…” Want Hadj-Moussa kan werkelijk alle kanten op. Hij is het type voetballer dat een simpele situatie ingewikkeld maakt, om er vervolgens iets fantastisch van te maken. En als het niet lukt? Dan probeert hij het gewoon nog een keer. Alsof er niets gebeurd is. Snelle rit naar De Kuip De in Parijs geboren Algerijns-Franse rechtsbuiten begon bij FC Montfermeil, kwam bij RC Lens terecht en trok daarna via Olympic Charleroi en Patro Eisden richting Nederland. Bij Vitesse maakte hij in 2024 zijn entree in de Eredivisie. Vijftien wedstrijden waren genoeg om Feyenoord ervan te overtuigen dat deze jongen iets bijzonders had. Een vijfjarig contract volgde en ineens stond Hadj-Moussa op het grootste podium van Nederland. Inmiddels heeft hij ook zijn debuut voor Algerije gemaakt en liep hij gewoon rond in de Champions League. Tegen Red Bull Salzburg maakte hij zelfs zijn eerste doelpunt op dat podium. Het leven kan snel gaan voor een jongen die ooit gewoon ergens op een Belgisch veld stond te voetballen. Veel geld En nu is er dus dat andere onderwerp: geld. Niet een beetje geld, maar geld waarvan je even naar de calculator grijpt om te controleren of je het goed hebt gelezen. Er wordt een astronomisch bedrag voor hem genoemd. Dat moet iets met je doen. Natuurlijk. Als je weet dat je misschien voor tientallen miljoenen van club kunt veranderen, komt dat bedrag ongetwijfeld een keer in je hoofd voorbij. Misschien tijdens het eten. Misschien onder de douche. Misschien zelfs als je na een wedstrijd een bal over de zijlijn schiet. “Nou ja, die was ook geen dertig miljoen waard.” Maar zodra de wedstrijd begint, lijkt Hadj-Moussa vooral één ding te denken: geef die bal. En dan gaat hij. Alles geven, tegenstander opzoeken, risico nemen en vooral proberen om iets te laten gebeuren. Ongrijpbaar Want dat is Hadj-Moussa. De ene keer is hij ongrijpbaar. Dan draait hij om zijn tegenstander heen alsof die vergeten is dat hij ook mee mag doen. De volgende keer probeert hij precies hetzelfde kunstje, maar eindigt de bal ergens waar helemaal niemand stond. En toch blijf je kijken. Want je weet dat die volgende actie zomaar weer raak kan zijn. Hij is grillig, absoluut. Maar juist die grilligheid maakt hem leuk. Hij is geen lopende band die iedere wedstrijd dezelfde productie aflevert. Hij is meer een grabbelton: je weet nooit wat je eruit haalt. En misschien moeten we hem voorlopig vooral zo laten. Geen speler die ieder risico moet uitbannen omdat er een miljoenenbedrag aan zijn naam hangt, maar gewoon die jongen die denkt dat hij zijn man nog wel een keer kan uitspelen. Hadj-Moussa hoeft niet voorspelbaar te worden. Laat hem vooral lekker doen wat hij doet. Want als hij straks weer met die bal aan zijn voet op zijn tegenstander afloopt, weten we allemaal wat er moet gebeuren: achterover leunen en glimlachen... Hadj Moussa op dreef tegen FC Barcelona 59

GRIEKSE TAFARELEN IN HET WESTLAND Griekse stadiontaferelen in het Westlandse dorp. Wie tegenwoordig een wedstrijd van FC ’s-Gravenzande bezoekt, ziet steeds vaker een compleet spektakel rondom het veld. Trommels, gezang, vlaggen, grote spandoeken en een groep jonge supporters die er alles aan doet om hun club te ondersteunen. Wat ooit begon met een klein spandoekje, is in een aantal jaren uitgegroeid tot een ware happening. Henk van Geest, binnen de club beter bekend als DJ Henkie, heeft die ontwikkeling van dichtbij meegemaakt. Spandoekje Zijn liefde voor muziek bracht hem jarenlang bij de derde helft van de voetbalclubs in het dorp. Eerst bij Rood-Wit en later bij FC ’s-Gravenzande. “Ik was altijd van het kleine spandoekje”, vertelt Henk. “Maar dat is steeds groter geworden. Nu maken die jongens er echt hele shows van. Dat vinden ze zelf prachtig en ze vinden het vooral leuk om de club op die manier te ondersteunen.” Sfeeracties Achter die sfeeracties zit inmiddels een hechte groep supporters. Een aantal jongens neemt het voortouw, maar zij trekken steeds meer anderen mee. Jongeren zoeken elkaar op om samen grote spandoeken te maken. Eerst wordt een ontwerp uitgetekend, daarna wordt het doek ingekleurd en uiteindelijk hangt het tijdens de wedstrijd pontificaal op de tribune. Het zijn activiteiten waarvoor ze buiten de wedstrijddagen om al samenkomen. En juist daar zit volgens Henk de grote meerwaarde. Het gaat niet alleen om de negentig minuten voetbal. De supporters bouwen samen iets op en leren elkaar daardoor ook buiten het sportpark kennen. “Er zit echt heel veel werk in. Ze doen dat met elkaar en vinden het gewoon geweldig om samen iets voor de club te maken.” Zo is er rondom het eerste elftal een supporterskern ontstaan die steeds groter wordt en waarin verschillende leeftijden elkaar vinden. 2000 toeschouwers De ontwikkeling past bij de groeiende aantrekkingskracht van FC ’s-Gravenzande. Met ongeveer 1.700 leden heeft de vereniging een grote achterban en beschikt de club over een sterke jeugdopleiding. Steeds meer jongens uit het dorp weten uiteindelijk het eerste elftal te bereiken. Daarmee groeit automatisch ook de belangstelling. “Als er een jongen uit ’s-Gravenzande in het eerste komt, neemt hij zijn vrienden mee. Dan komen opa’s en oma’s kijken, buren en bekenden. Zo ontstaat er steeds weer een nieuwe groep mensen die betrokken raakt bij het eerste.” Bij een normale wedstrijd komen al honderden supporters naar het sportpark, terwijl tijdens een derby het aantal bezoekers kan oplopen tot ongeveer 2.000. De sfeer begint bovendien al ver voor de aftrap. Met trommels, gezang en gespring wordt gezamenlijk toegewerkt naar het eerste fluitsignaal. Ook muziek is inmiddels een vast onderdeel van de wedstrijddag. Henk verzorgt samen met een zestienjarige DJ de muziek voor de wedstrijd en tijdens de rust, terwijl speaker Theo Doelman tijdens de wedstrijd de verdere presentatie voor zijn rekening neemt. Nieuwe generatie Voor Henk is het prachtig om te zien dat zijn eigen enthousiasme inmiddels door een nieuwe generatie wordt overgenomen. “Ik vind het mooi dat die jongens elkaar opzoeken en samen iets maken. Het gaat uiteindelijk om de club, maar ondertussen ontstaat er ook een enorme saamhorigheid.” Wat begon met een eenvoudig spandoek, is daarmee uitgegroeid tot veel meer. De supporters maken samen sfeer, beleven samen de wedstrijden en bouwen ondertussen aan hun eigen plek binnen de vereniging. Het voetbal blijft natuurlijk het middelpunt, maar de vriendschappen, creativiteit en saamhorigheid op de tribune maken de wedstrijddag bij FC ’s-Gravenzande steeds meer tot een belevenis op zichzelf. De supporterskern is inmiddels een belangrijk onderdeel van de sfeer rond de club en laat zien hoe voetbal mensen bij elkaar kan brengen. Sfeer op de tribune tijdens de derby tegen Westlandia 61 Foto: Danny Ploegaert

Duifhuijsen Aandacht voor zonwering DUIFHUIJSEN SHOWROOM 2e van leyden Gaelstraat 16 3134 LL Vlaardingen 010 4351939 info@duifhuijsenzonwering.nl www.duifhuijsenzonwering.nl

HVC’er Casper Zwaanswijk Westlands’ voetballer van het jaar Casper Zwaanswijk in actie voor HVC’10 en als Westlands voetballer van het jaar. (Foto: Ron van Oosten) In juni j.l.werden in Westland tijdens het jaarlijkse voetbalgala de prijzen uitgereikt. Het verbaasde die 18e juni niemand meer dat Casper Zwaanswijk van HVC’10 de prijs voor de voetballer van het jaar kreeg. Hij werd met twee anderen voor die prestigieuze onderscheiding genomineerd. De jury was onder de indruk van zijn scorend vermogen als 26-jarige aanvallende middenvelder. In de reguliere competitie van 24 wedstrijden scoorde hij zestien doelpunten. Door: Cees van der Pol Had je het verwacht? “Ach, je hebt 33 % kans. Gaandeweg de avond pakte Westlandia de meeste prijzen weg. Dan wordt de kans iets reëler. Ineens wordt je naam afgeroepen en dan ben je toch beduusd. Soms dringt het nog steeds niet tot mij door. Wat ik die avond eigenlijk het mooiste vond, was dat mijn twee fanatiekste supporters erbij waren. Mijn oma en mijn moeder leven altijd ontzettend mee. Mijn oma is “Poeliker” en supporter van Verburch, maar tegen die club scoorde ik thuis een hattrick. Dat vond ze geweldig” FC ’s-Gravenzande Casper begon met voetballen in de F-jes toen hij vijf jaar was. Daarna volgde elk seizoen het spelen in de selectieteams, Bij FC ’s-Gravenzande heeft hij negentien jaar gevoetbald. “In de senioren heb ik enkele jaren tussen het tweede en eerste gezeten. Ik kwam tot zes invalbeurten bij één. Het niveau is hoog en de concurrentie moordend. De club haalt spelers van buitenaf om op hoog niveau mee te doen. De laatste twee jaar wilde ik lekker voetballen en dat heb ik met veel plezier in het tweede gedaan. We hadden fantastische jaren, waarin we lang meededen om het kampioenschap. Toch begon het bij mij na die periode te kriebelen om ergens anders in een standaardteam te spelen. Ik kijk met waardering terug op mijn tijd daar en ik ben de FC dankbaar voor de goede opleiding die ik er heb genoten.” Schoolvrienden Casper heeft voetbalvrienden die bij hem op het ISW in ’s-Gravenzande zaten en in De Hoek wonen. Hij kwam er vaak en ze vroegen hem om bij HVC’10 te komen. Zijn maatje Yordi Klepke ging ook over naar De Hoek. “We speelden lange tijd samen en voelen elkaar goed aan. Na een gesprek met John de Ronde besloot Ik naar HVC’10 te verkassen. Hij en zijn assistent Jeroen hebben de reputatie spelers beter te maken. Ik was benieuwd of ik dat niveau van de tweede klas aan kon. In het begin sta je bij een nieuwe club eigenlijk op ‘nul’. Je moet je waarmaken. Doelpunten maken helpt daarbij.” Wedden met Yordi Casper Zwaanswijk scoorde vorig seizoen in totaal achttien doelpunten en dat is voor een middenvelder veel. “Bij FC ’s-Gravenzande scoorde ik elk jaar een doelpuntje of tien. Met Yordi wedde ik wie het meeste van ons scoorde. De verliezer moest een etentje betalen.” Glimlachend: “Dit jaar moest Yordi de rekening betalen. Maar hij speelde hier voornamelijk als verdediger.” Diepgang en vertrouwen Dit zijn typische Zwaanswijk-goals: aangespeeld worden door spelverdeler Jorno Reurink of door de ‘valse’ spits Badr ben Mohammed, door de defensie rennen en simpel scoren. Geen kopballen en geen granaten in de kruising. Diepgang is voor mij het woord van het vorige seizoen. Zelfvertrouwen ook, want dat is echt heel belangrijk voor me geweest.” Benaderd door clubs? Je mag na het goede seizoen verwachten dat clubs aan de telefoon hangen om Casper te halen. Maar dat gebeurde eigenlijk niet. Zijn oude club feliciteerde hem sportief. Casper zelf: “Ik zit hier prima, heb het erg naar mijn zin, geld is voor mij niet zo belangrijk. Ik wil gewoon plezier hebben in voetballen en dat kan hier. Maar zeg nooit nooit. Ik ben nog jong.” Casper jonge vader Aan het einde van het gesprek komt Jasper met nieuws dat zijn medespelers op dat moment nog niet weten. Er wacht hem dit seizoen een heel andere, maar misschien de mooiste prijs van allemaal. Trots vertelt hij: “Ik word dit seizoen vader. Vandaag hebben we de echo gezien. Dat is toch wel heel bijzonder.” 63

Scan nu! Voor de echte doeners in de techniek, bouw, office en logistiek Meer dan 2000+ vacatures Meer dan 2000+

Voetbaldier Nourdin Boukhari als een vis in het water bij jong-Sparta Rotterdam Nourdin Boukhari had zijn terugkeer bij Sparta zelf ook niet zien aankomen. Na een jaar buiten de club, waarin hij als assistent bij Almere City werkte en onder meer een avontuur in het buitenland en een mogelijke overstap naar Ajax voorbij zag komen, kreeg hij tijdens zijn vakantie plotseling Gerard Nijkamp aan de telefoon. Of hij openstond voor een terugkeer naar Sparta, als hoofdtrainer van Jong Sparta? “Ik was blij verrast. Ik had het zeker niet verwacht.” Toch voelde het voorstel al snel goed. “Ik ken de club, ik ken de opleiding en ik weet wat ze vragen. Ik heb hier natuurlijk ook alles meegemaakt. Dan is het mooi dat je weer terugkomt.” Boukhari weet als geen ander wat ervoor nodig is om als voetballer ver te komen. Hij begon bij de Rotterdamse amateurs Neptunus en RVV HOV en werd in 1999 prof bij Sparta Rotterdam. Daarna volgden Ajax en FC Nantes, terwijl hij op huurbasis uitkwam voor NAC Breda en AZ. Zijn loopbaan bracht hem vervolgens naar Saoedi-Arabië, waar hij voor Al-Ittihad speelde, en naar Turkije en Polen met Kasımpaşa en Wisła Kraków. Ook NAC en RKC Waalwijk stonden opnieuw op zijn route. In 2013 keerde hij terug bij Sparta, waarna hij in 2014 afscheid nam van het betaald voetbal. Daarna bleef Boukhari actief bij onder meer Magreb ’90, TPP-Rotterdam en GLZ Delfshaven, terwijl hij bij Sparta al als trainer aan de slag ging. De overgang van speler naar trainer was daarmee een logische volgende stap. “Ik ben een voetballiefhebber. Ik wilde altijd alles weten en leren wat met voetbal te maken heeft.” Identiteit Als trainer heeft hij inmiddels een duidelijke eigen identiteit ontwikkeld. “Ik ben heel duidelijk en heb een bepaalde visie. Ik wil aanvallend voetbal spelen, dominant zijn aan de bal en van daaruit kansen creëren.” Maar winnen is voor hem niet het enige doel. De ontwikkeling van spelers staat minstens zo centraal. “Ik wil mensen helpen met hun ontwikkeling of met hun droom als voetballer.” Juist zijn eigen route, van amateurvoetbal naar de absolute top, maakt dat verhaal geloofwaardig. “Ik heb altijd in mezelf blijven geloven. Ik was gek op voetbal. Ik heb ook mensen gehad die tegen mij zeiden dat ik niet kon voetballen of geen techniek had. Uiteindelijk heb ik ze dat bewezen.” Die boodschap probeert hij nu over te brengen op de spelers van Jong Sparta. Generatie Volgens Boukhari is de huidige generatie op verschillende punten anders dan de voetballers van vroeger. “Wij pakten vroeger dingen sneller op, vooral het tactische gedeelte. Nu moet je veel meer dingen laten zien. Beelden, op het veld, op papier. Je moet veel herhalen.” Ook sociale media speelt volgens hem een rol. “Iedereen wil zichzelf laten zien en verkopen. Soms merk je dat het individualistischer is geworden.” Daarom hamert hij juist op het belang van het team. “Je kunt als team veel verder komen dan als individu.” Benadering Dat vraagt soms om verschillende benaderingen. “De ene speler heeft een aai over zijn bol nodig, de ander een schop onder zijn kont.” Boukhari vindt dat juist een van zijn sterke punten. Hij weet hoe hij verschillende karakters moet benaderen en wil vooral duidelijk zijn over houding, gedrag, discipline en intensiteit. “Ik ben sowieso anders dan andere trainers en dat is ook hoe ik graag werk. Als ik dat op mijn manier kan doen, ben ik daar blij mee.” Jong Sparta Bij Jong Sparta heeft hij inmiddels een jonge, brede selectie onder zijn hoede. Spelers van 16 tot 22 jaar moeten zich ontwikkelen en tegelijkertijd resultaten boeken in de Tweede Divisie. De samenwerking met de jeugdopleiding verloopt volgens Boukhari goed. Er is regelmatig overleg over de ontwikkeling van spelers en de doorstroming richting Jong Sparta en het eerste elftal, de samenwerking met hoofd jeugdopleidingen Ben Kinds is zeer prettig te noemen. “We hebben een leuke jonge groep. Ik ben blij dat ik nu hoofdtrainer van Jong Sparta mag zijn.” Toekomst Voor Boukhari is Jong Sparta dan ook meer dan alleen een ploeg die wedstrijden moet winnen. Hij wil een elftal bouwen dat spelers klaarstoomt voor het grote werk. “Ik wil dat mijn team een soort vechtmachine wordt en uiteindelijk kunnen spelers doorstromen naar het eerste. Dat is voor mij het belangrijkste doel.” Zelf wil hij ondertussen zijn UEFA Pro-diploma halen. Daarna mag de horizon verder worden verbreed. “Als ik ooit hoofdtrainer van Sparta 1 kan worden, zou ik daar heel blij mee zijn. Maar ik heb geen haast. Het kan bij Sparta, maar misschien ook ergens anders.” 65

HOEKER JACK SLOB BEKROOND TOT RUGBYER VAN HET JAAR Het dorpje aan de zee heeft een bijzondere rugbyclub met een reus van een rugbyer. De 22-jarige Jack Slob werd dit jaar rugbyer van het jaar. Een unicum: een titel die vrijwel nooit wordt uitgeloofd aan een clubspeler die niet bij een Nederlandse topclub speelt. De enorme vlucht van Jack Slob is dan ook een zeldzaam mooi sprookje. Door: Cees van der Pol VDL voetballer Jack begon als voetballer van vijf in Maassluis met voetballen, maar op zijn elfde had hij er ineens genoeg van. Zijn vader rugbyde al jaren bij The Hookers en de toen al fysiek sterke Jack ging mee. “Na de eerste training was ik verkocht. Een fysieke sport trok me erg aan. Mijn vader had me geleerd dat je een hand in een gezicht moest duwen, als je niet gepasseerd wilde worden, maar in de jeugd moest ik dat weer snel afleren. Daar mocht het nog niet.” Dispensatie De Hoekse rugbyclub vroeg dispensatie aan voor Jack om in de seniorencompetitie te spelen. Intussen is hij 107 kilo en 1.94, een beul met één bonk spieren. Hij haalde zijn havo-diploma op het Spieringshoek in Schiedam, maar hij wilde ooit profrugbyer worden. Hij stuurde op eigen Foto: Erik den Burger initiatief mailtjes naar buitenlandse clubs en de Franse profclub ASM Clermont gaf hem eindelijk een contract. Hij was toen achttien jaar. Frankrijk staat aan de top van het Europese rugby. “Je ne sais pas” In Frankrijk kreeg hij een eigen appartement: “Ik sprak nauwelijks Frans. De hele dag staat daar in het teken van rugby: maaltijden, sportschool, trainen. In het begin was ik de slechtste van het stel. Dan ben je een nobody. Ik moest me er doorheen knokken. Met mijn Frans ging het na elke dag verplichte taallessen beter, met het spel ook. Ik kreeg er ook vrienden. Met een Zuid-Afrikaanse jongen kon ik half Nederlands en Engels praten. Ik kwam er daarna steeds meer aan spelen toe.” “Gegaan als een kind, vertrokken als man” Het noodlot sloeg echter toe: in het tweede seizoen scheurde Jack een achillespees af. Hij koos voor een operatie. Omdat het seizoen halverwege was, werd zijn contract bij Clermont niet verlengd. “Je weet nooit of zoiets goed herstelt. Ik heb er veel geleerd. Ik ging als een kind en vertrok als een man.” Nationale teams Jack koos voor een terugkeer naar RC Hoek van Holland. “Dat is mijn cluppie. Mijn vrienden spelen er.” Hij viel meteen weer op en speelde zich in de nationale jeugdteams. Hij kwam ook in het Deltateam, wat te vergelijken is met Oranje onder 23. Daar werd hij gespot door de bondscoach van het nationale rugbyteam die graag zijn selectie wilde verjongen. Intussen speelde hij al vier echte interlands. Speler van het jaar. De speler werd captain in De Hoek, speelt in de scrum in de derde rij, wat een belangrijke verbindingspositie in een ploeg is. Hij werd in 2026 als de beste rugbyer van het jaar gekozen. Een unicum voor een speler in een kleine club, die weliswaar veel ambitie heeft en afgelopen jaar bij de beste zes clubs van Nederland behoorde. Nederland wil hogerop Momenteel staat Nederland op plek 27 op de Wereldranglijst, maar wil hogerop. De kwalificatie voor het WK van 2027 werd gemist, maar Nederland zet alles op deelname van het WK in 2031.”Dat lijkt me gaaf, spelen tegen ‘Springboks’ (Zuid-Afrika), ‘The All Blacks’ (New Zealand) of ‘Les Blues’(Frankrijk),” zegt hij lachend. Rugby op 1, medicijnen op 2 Jack wil ooit misschien nog een keer naar een buitenlandse competitie, maar hij heeft daarnaast een ander doel in zijn leven. ”Ik ga nu mijn vwo-diploma afmaken en inloten voor geneeskunde. Ik zie mezelf heel graag orthopedisch chirurg worden. Ik ben immers ervaringsdeskundige. Als ik die studie afmaak, kan ik daarna altijd nog naar het buitenland. Daar kun je trouwens een leuke boterham met rugby verdienen.” Gretige topclubs Natuurlijk kwamen de topclubs in Nederland recent aan zijn rugbyshirtje trekken. ”Ik heb wel gesproken met een paar clubs. Maar RC Hoek van Holland is zo’n heerlijke club, daar ga ik voorlopig echt niet weg.” 67

MOHAMMED BENSADIK (42): VAN PROFDEBUUT NAAR NIEUWE VOETBALPASSIE BIJ DELTASPORT Van DRL naar Dordrecht ’90, van een profdebuut in de Eerste Divisie naar jaren op de Rotterdamse amateurvelden. En na een lange periode zonder voetbal staat Mohammed Bensadik op zijn 42ste weer gewoon iedere week tussen de lijnen. Zijn nieuwe missie is: presteren met Deltasport Talentvol Bensadik werd geboren in Marokko, maar kwam als baby naar Nederland. Zijn voetbalopleiding begon bij DRL, de Rotterdamse club waar hij als jongentje zijn eerste stappen zette. Al snel werd duidelijk dat hij talent had. Er kwam belangstelling van verschillende clubs, waaronder Feyenoord, maar Bensadik koos uiteindelijk voor Dordrecht ’90. Daar doorliep hij vanaf de D-jeugd de gehele jeugdopleiding. Debuut profvoetbal Op 17-jarige leeftijd mocht hij aansluiten bij het tweede elftal. Zijn prestaties vielen op en niet veel later kwam de kans waarvan iedere jonge voetballer droomt: aansluiten bij de hoofdmacht. In het seizoen 2003/2004 maakte de toen 18-jarige Bensadik zijn debuut in de Eerste Divisie. Uit tegen FC Volendam zat hij op de bank, totdat hij opeens het veld in mocht. “Ik had dat natuurlijk niet verwacht. Ik zat op de bank en mocht invallen.” Het bleef niet bij dat ene optreden. Bensadik kreeg steeds meer speeltijd en kwam zelfs regelmatig in de basis terecht. Knieproblemen Zijn toekomst leek er goed uit te zien, totdat zijn lichaam hem in de steek liet. De problemen begonnen bij zijn knieën. Tijdens een wedstrijd tegen AGOVV ging het opnieuw mis, maar eigenlijk waren de klachten al langer aanwezig. Zijn knieën zwollen snel op en hij werd maar niet volledig fit. “Ik kon misschien nog wel doorgaan, maar het was niet goed voor mij. En voor de club natuurlijk ook niet.” Uiteindelijk werd duidelijk dat zijn profcarrière erop zat. Een harde klap voor een jongen die nog maar net aan het grote werk had mogen ruiken. Definitief stoppen met voetbal Toch bleef Bensadik voetballen. Hij speelde jarenlang op hoog amateurniveau, onder meer in Zeeland, maar keerde later terug naar de regio Rotterdam. Zo speelde hij o.a. voor Rotterdam United, Jai Hind en Heerjansdam. Het niveau veranderde door de jaren heen, maar zijn instelling bleef hetzelfde. “Ik ben altijd een voetbaldier geweest.” Tot hij uiteindelijk helemaal stopte. Jarenlang speelde hij geen wedstrijd meer. Werk en het dagelijks leven namen de plaats van het voetbal in. Tegenwoordig werkt Bensadik als zelfstandig ondernemer in het mechanisch onderhoud en is hij onder meer actief op de Maasvlakte. Weer aangemeld Maar wie eenmaal is opgegroeid met voetbal, komt daarvan moeilijk los. Via Rachid en Khalid El Khalifi, die hij nog kent uit zijn tijd bij Dordrecht, kwam Deltasport weer op zijn pad. Ook Khalid speelde daar en Bensadik kwam opnieuw in beeld. Vorig seizoen schreef hij zich al in, maar hij speelde nauwelijks. Dit seizoen besloot hij, na khalid el khalifi in actie als trainer. 69 zes voetballoze jaren, het weer serieus op te pakken. “Ik heb jaren niet gevoetbald. Dan moet je weer je conditie opbouwen, je balgevoel terugkrijgen en weer fit worden. Ik kijk gewoon hoe het seizoen loopt.” 42 en nog steeds serieus Bij Deltasport heeft hij inmiddels zijn plek gevonden. Vooral de samenstelling van de groep spreekt hem aan. Jong en oud, verschillende culturen en verschillende voetbalachtergronden. “Het is een leuke mix. We accepteren elkaar en willen van elkaar leren. Zoals het nu gaat, mag ik niet klagen.” Hoewel hij inmiddels 42 is, wil Bensadik het nog steeds serieus aanpakken. Als hij ergens voetbalt, wil hij trainen. Dinsdag, donderdag én zaterdag spelen. “Het maakt mij niet uit op welk niveau ik speel. Dat zit gewoon in mij.” ‘Derde of vierde klasse zou mooi zijn’ Een nieuwe profcarrière hoeft hij niet meer na te jagen. Als hij op een goed niveau kan blijven meedoen, is hij al tevreden. “Als ik in de derde of vierde klasse nog mee kan doen, zou dat mooi zijn. Daarbij hoop ik dat het lichaam steeds meer gaat doen wat het hoofd nog steeds wil, haha!”

GROEI KENT GEEN GRENZEN Ieder bedrijf wil groeien. Maar wanneer openstaande vacatures ons parten spelen belemmert dit onze groei. De mensen die we spreken zijn echter vaak geen match waardoor we noodgedwongen een stap achteruit moeten zetten. Met gemotiveerde mensen op de juiste positie hadden we wel degelijk het verschil kunnen maken. Ethisch Internationaal Uitzendbureau Tradiro begrijpt deze uitdaging als geen ander en werkt daarom samen met bedrijven in de Benelux die het aandurven om hun grenzen te verleggen. Samen kijken we hoe we internationale krachten breder inzetbaar kunnen maken. Omdat groei geen grenzen kent, willen we hun bereik op de arbeidsmarkt vergroten en optimaliseren. We gaan hierbij verder waar anderen stoppen. Door het vertrouwen van onze uitzendkrachten op een menselijke manier te verdienen en hen te ondersteunen tijdens elk aspect van hun werk. “Onze mensen voelen zich gewaardeerd, iedere dag opnieuw.” Maar we gaan ook verder voor onze klanten. Dankzij onze beproefde aanpak vergroten we de internationale inzetbaarheid en garanderen we een match met elke vacature. Dankzij ‘The Tradiro Way’ staat er voor onze klanten voortaan geen rem meer op hun groei. Telefoon 010-2341441 E-Mail info@tradiro.nl Website www.tradiro.nl

JACK VAN DER VLUGT: ‘WE HEBBEN GOUD IN HANDEN bij MSV’71’ Jack van der Vlugt kan zich met recht een echte MSV’71’er noemen. De 28-jarige aanvoerder begint alweer aan zijn achtste seizoen bij de club uit Maassluis, Hij klopte ooit als F-pupil zelf. Alleen een seizoen VDL en een korte flirt met HVC’10 onderbraken zijn liefde voor MSV. “In de D-tjes ben ik overgestapt naar Excelsior Maassluis. Daar heb ik onder leiding van Jan Everse in de B nog in de Tweede Divisie gespeeld. Als eerstejaarssenior heb ik een jaartje bij VDL gespeeld, maar MSV’71 is altijd mijn club gebleven. Vandaar dat ik na vier seizoenen ben teruggekeerd naar de Steendijkpolder.” Werk en voetbal combineren Behalve speler was Van der Vlugt jarenlang trainer bij Excelsior Maassluis, maar door zijn werk als Media Adviseur bij Rodi en zijn eigen bedrijf werd dat steeds lastiger te combineren. Dit seizoen gaan alle pijlen daarom op zijn eigen prestaties én die van MSV’71. MSV moet naar de vierde klas Want Van der Vlugt vindt dat MSV’71 op een veel hoger niveau thuishoort dan de huidige vijfde klasse. De club speelde jarenlang vierde klasse, maar degradeerde door de versterkte promotie-degradatieregeling naar de kelder van de amateurs. “We moeten hier echt uit. Als je kijkt naar de club, hebben we goud in handen. De jeugdopleiding is kwalitatief én kwantitatief sterk en we hebben een prachtige accommodatie. Daar hoort minimaal een vierdeklasser-schap bij. Eigenlijk nog wel hoger, vind ik zelf.” “Je promoveert niet zomaar” Tegelijkertijd weet hij dat zoiets niet vanzelf gaat. De club is de afgelopen jaren op verschillende vlakken gegroeid en Van der Vlugt heeft vertrouwen in die ontwikkeling. “Als we zo blijven bouwen zoals we de afgelopen jaren hebben gedaan, dan moet dat uiteindelijk goed komen. Daar heb ik alle vertrouwen in.” De Maassluise selectie is dit seizoen bovendien versterkt met verschillende spelers die via-via naar MSV’71 zijn gekomen. Van broekie tot routinier Ook zijn eigen rol binnen de groep is veranderd. Waar hij vroeger één van de jongste spelers was, behoort hij inmiddels tot de routiniers en probeert hij zijn ervaring over te brengen op de nieuwe generatie. “Ik vind het heel leuk om met die gasten samen te werken en een soort mentor te zijn. Maar je moet wel eerst zelf goed presteren, voordat je recht van spreken hebt. Dat vind ik belangrijk. Als je zelf op het veld niet levert, moet je ook niet tegen anderen zeggen wat ze moeten doen.” Veelzijdig Diezelfde veelzijdigheid en het omgaan met verschillende mensen ziet hij terug in zijn werk bij Rodi. “De ene keer zit je met een begrafenisondernemer om de tafel, de andere keer sta je bij de kaasboer 71 in de winkel en vervolgens heb je een gesprek over landbouwmachines. Dat maakt het werk geweldig afwisselend.” Juist die diversiteit spreekt hem aan en volgens Van der Vlugt bestaat er een mooie parallel met voetbal. “Het moet lukken” “Ook in een voetbalteam komen allerlei soorten mensen bij elkaar. Iedereen heeft zijn eigen karakter en achtergrond, maar uiteindelijk moet je samen tot iets moois komen. Dat vind ik prachtig.” Dit seizoen moet dat gezamenlijke doel bij MSV’71 leiden tot promotie naar de vierde klasse. Van der Vlugt wil daarin als aanvoerder niet alleen voorop gaan, maar ook jonge spelers helpen zich te ontwikkelen. De ambities van MSV’71 zijn duidelijk en het vertrouwen binnen de club is groot. “We gaan ervoor om op welke manier dan ook een stap te maken naar de vierde klasse. We hebben er alle vertrouwen in.” Foto: Aad Cordia

ONZE SHOWROOM IS ELKE ZATERDAG GEOPEND VAN 10:00 - 17:00 UUR (Doordeweeks op afspraak)    Bree’s New World Kotterstraat 8 3133 KW Vlaardingen Nederland www.breesnewworld.nl +31 (0)10 248 90 06

1 Online Touch

Index

  1. 1
  2. 2
  3. 3
  4. 4
  5. 5
  6. 6
  7. 7
  8. 8
  9. 9
  10. 10
  11. 11
  12. 12
  13. 13
  14. 14
  15. 15
  16. 16
  17. 17
  18. 18
  19. 19
  20. 20
  21. 21
  22. 22
  23. 23
  24. 24
  25. 25
  26. 26
  27. 27
  28. 28
  29. 29
  30. 30
  31. 31
  32. 32
  33. 33
  34. 34
  35. 35
  36. 36
  37. 37
  38. 38
  39. 39
  40. 40
  41. 41
  42. 42
  43. 43
  44. 44
  45. 45
  46. 46
  47. 47
  48. 48
  49. 49
  50. 50
  51. 51
  52. 52
  53. 53
  54. 54
  55. 55
  56. 56
  57. 57
  58. 58
  59. 59
  60. 60
  61. 61
  62. 62
  63. 63
  64. 64
  65. 65
  66. 66
  67. 67
  68. 68
  69. 69
  70. 70
  71. 71
  72. 72
Home


You need flash player to view this online publication