0

ExPress Magazine voor gepensioneerden van VVG-PGB 7e jaargang nr. 1 mei 2022 O N A C C E P T A B E L Dit is een uitgave van De Koepel Gepensioneerden, die veel ouderenorganisaties vertegenwoordigt - waaronder VVG-PGB - had na de presentatie van de nieuwe pensioenwet maar weinig tijd nodig om te reageren: ‘Dit is onacceptabel’, klonk het ferm. Grote vraag: gaat het de gepensioneerden lukken bijstellingen af te dwingen? In dit nummer onder meer een reeks van artikelen naar aanleiding van de nieuwe wet. Veel onvrede onder ouderenorganisaties

In dit nummer 1 2-3 Onvrede onder ouderen FOTO ANP/LAURENS VAN PUTTEN Ernst Taris en Jos van Rijsingen 4-10 De nieuwe pensioenwet, reacties en achtergronden 11-13 PensioenTrefpunt heeft veel te bieden 14-15 Ad Feller koos zijn eigen pad 16-17 Inspraakveteraan Riemer Warnar 18-19 Fondsen aantrekkelijk doelwit 20-21 Leden vragen – PGB antwoordt 22-23 Op de bres voor huisdieren 24-25 PGB wil houvast bieden 26-27 Interview bestuurslid Frans van de Veen 28-29 Op bezoek bij drukkerij Tuijtel 30-31 Hoe houden we de zorg betaalbaar? Nogmaals: indexatie en ander financieel leed Reacties, vragen, op- en aanmerkingen graag naar: secretariaat@vvgpgd.nl Eendracht geeft kracht… De eerste ExPress van 2022 ligt voor u en ik weet niet hoe het u vergaat, maar ik kijk nogal verbaasd en ook geschokt om me heen. De ene pandemie lijkt min of meer onder controle en onze maatschappij is weer uit de lockdownstand gekomen of de volgende crisis heeft zich alweer aangediend. En wat voor één. Velen van u hebben de gitzwarte bladzijden van de jaren‘40 meegemaakt en ik kan me voorstellen dat de beelden uit de Oekraïne herinneringen oproepen die we allemaal het liefste zouden willen vergeten en waarvan we dachten (en hoopten) dat deze nooit meer plaats zouden vinden in ons leven. Helaas blijkt de werkelijkheid op dit moment anders. Toch blijkt ook nu weer dat een dergelijke situatie het goede en het krachtige van de mens naar boven brengt. De hartverwarmende reacties richting de bevolking van de Oekraïne, de positieve actiestand die velen tot daden bracht die enkele weken daarvoor nog ondenkbaar leken, laten mij zien dat we naast de zorgen om mogelijke ontwikkelingen, ons vooral moeten laten leiden door dit soort signalen en niet door de waan van …….. enfin u snapt wat ik bedoel. Dit soort signalen geven mij hoop en ook kracht. De mens is in principe ‘goed’. Mocht u toch twijfelen aan mijn uitspraak, dan beveel ik van harte het boek van Rutger Bregman aan, getiteld ‘Alle mensen deugen’. Voor mij bleek dit boek een eye -opener en een hoopvol signaal voor de toekomst te zijn. cOlOFON ExPress is een uitgave van VVG-PGB. 7e jaargang nummer 1 Redactie: Theo Leoné, Ruud Peys, Tonnie Klein Hemmink, Jos van Rijsingen en Nicoline Maarschalk Meijer Eindredactie: Piet Oosthoek Vormgeving en DTP: Hans Brand Druk: Drukkerij Tuijtel Oplage: 14.500 stuks Reacties kunt u sturen naar: redactie@vvgpgb.nl 2 Jos van Rijsingen bepleit een fatsoenlijke rekenrente. FOTO MARNIX SCHMIDT

… én macht Wij moeten ons laten horen Iets anders wat mij in de huidige spannende tijd in positief opzicht opvalt, is de eendracht in de reacties van de wereld op de gebeurtenissen. Het geluid is hard, duidelijk, wordt ook gehoord en geeft onomwonden weer wat de wereld ervan vindt. Een geluid dat hopelijk krachtig genoeg is om de noodzakelijke beweging en verandering in gang te zetten. Eendracht maakt macht is een kreet die bij mij ook boven komt drijven. Als ik dan naar de komende periode kijk, denk ik dat wij als gepensioneerden in Nederland ons sterk moeten maken om gehoord te worden in de komende discussies rond de pensioenen. Wij moeten ons laten horen en duidelijk maken wat wij ervan vinden. Binnen ons bestuur maakt de werkgroep Pensioenen en hoorrecht zich sterk om niet alleen mee te kunnen praten maar om, waar nodig, ook een stevige en inhoudelijke discussie te kunnen voeren. En wij als bestuur zullen in de komende periode ons best (blijven) doen de geluiden van onze leden door te laten klinken. Ook voor ons als vereniging en als bestuur geldt: Eendracht geeft kracht, eendracht geeft macht. Ernst Taris Voorzitter bestuur VVG-PGB Ernst Taris: ‘... duidelijk maken wat wij ervan vinden...’ FOTO MARNIX SCHMIDT Goed om nog even terug te komen op het indexatienieuws begin dit jaar. De mededeling van Pensioenfonds PGB dat we (na veertien jaar) een indexatie tegemoet kunnen zien van 0,23% lokte tegengestelde reacties uit, lang niet altijd positief. Eén lid noemde het een gotspe, anderen wijzen naar de vorstelijke rendementen die op de aandelenbeurzen zijn behaald. Die reacties zijn allemaal goed te begrijpen. Het probleem is dat ons pensioenfonds niet meer mág toekennen. PGB heeft overigens wel toegezegd dat komende jaren alle ruimte zal worden opgezocht om te indexeren. Als de indexatieregels versoepeld worden, is daar serieus zicht op. En dat is belangrijk, want de overheid geeft zelf toe dat het niet alle koopkrachtverliezen gaat compenseren, niet van de laagste inkomens en al helemaal niet van de middenen hogere inkomens. De wereld van eind april 2022 ziet er echt anders uit dan die van begin dit jaar. Toen ging het nog vooral over de vraag waarom de AOW geen gelijke tred houdt met de extra verhoging van het minimumloon (die ook pas vanaf 2023 ingaat). Inmiddels heeft het kabinet nog enkele tegenvallers te verwerken, bijvoorbeeld dat de huidige belastingheffing op vermogen niet langer mag van de rechter. Dat kost de staat miljarden. Verder hadden velen al te maken met energieprijzen die de pan uitrijzen. Door de oorlog in de Oekraïne wordt dat nog veel erger. Ook de graanprijzen gieren omhoog waardoor een eerste levensbehoefte als brood wel in prijs kan verdubbelen. Inmiddels hikken we tegen een inflatie aan van meer dan tien procent. Ja, de oorlog en de gerechtvaardigde boycot van Rusland gaan ook ons pijn doen, heel veel pijn. We beseffen plotseling ook dat we onze defensie jarenlang hebben verwaarloosd. Met alle financiële tegenvallers en noodzakelijke extra uitgaven zal het kabinet al de grootste moeite hebben de laagste inkomens en de lage middeninkomens enigszins tegemoet te komen. Voor de midden- en hogere inkomens zit er niet veel meer in dan een algemene accijnsverlaging op gas en brandstof. En ja, dan komt toch die indexatie weer om de hoek kijken. Er is “Sta een verantwoorde rekenrente toe van twee à drie procent“ nu het plan om in de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel de regels te versoepelen, met indexatiemogelijkheid vanaf een dekkingsgraad van 105 procent in plaats van 110. Nog afgezien van de vraag of we van het nieuwe pensioenstelsel alle heil mogen verwachten, pleit ik er vanwege de bijzondere tijden voor dat die grens verder wordt verlaagd naar 100 procent. Een andere mogelijkheid is een fatsoenlijke (maar toch verantwoorde) rekenrente van 2 à 3 procent toe te staan. Met de reserves van de pensioenfondsen zijn deze oplossingen alleszins verantwoord. Veel pensioenfondsen zouden dan komende jaren gewoon kunnen indexeren. Zo’n maatregel kost de overheid geen cent, sterker nog het levert geld op, namelijk hogere belastingopbrengsten! De overheid kan de prioriteit leggen bij de laagste inkomens. Een hoger aanvullend pensioen komt dan uit de royaal gevulde kassen van de pensioenfondsen. Dat komt álle inkomensgroepen ten goede. Jos van Rijsingen vice-voorzitter VVG-PGB 3

Minister Schouten bij presentatie wetsvoorstel pensioenen: ‘Nederlander moet kunnen blijven rekenen op een goed pensioen’ Minister carola Schouten van Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen heeft eind maart eindelijk het voorstel ‘Wijziging Wet toekomst pensioenen’ ingediend. Daarin wordt het in 2019 afgesproken Pensioenakkoord uitgewerkt. “In het nieuwe pensioenstelsel zijn pensioenverhogingen in de regel eerder aan de orde dan in het huidige pensioenstelsel", staat te lezen. De minister wil tot de invoering van dat nieuwe stelsel – volgens de huidige planning in 2027 – alvast sommige nieuwe regels laten gelden: “Sociale partners en pensioenfondsen kunnen de transitieperiode bezien vanuit het nieuwe pensioenstelsel.” Pensioenfondsen - waaronder PGB - die over willen naar het nieuwe stelsel mogen dan vanaf juli dit jaar al bij een dekkingsgraad van 105 procent indexeren terwijl dat nu nog 110 procent is. “Hierdoor is er ook in aanloop naar de overgang op het nieuwe stelsel al meer zicht op indexatie”, stelt de minister. Adequaat inkomen De bewindsvrouw wordt bij de presentatie eind maart vergezeld door de voorzitters van de werkgevers- en werknemersorganisaties, maar zonder ook maar iemand namens de gepensioneerden. Zij benadrukt eerst dat ‘we zo’n grote modernisering niet ondernemen voor de pensioensector of voor de politiek’. “Dat doen we voor al die miljoenen Nederlanders die tijdens hun werkzame leven bouwen aan een 4 adequaat inkomen voor de oude dag. Nederlanders moeten kunnen blijven rekenen op een goed pensioen en daar ook vertrouwen in hebben. Dit wetsvoorstel draagt daaraan bij en daarom ben ik blij met deze mijlpaal. De nieuwe pensioenwet sluit aan bij de huidige arbeidsmarkt, biedt eerder perspectief op indexatie en behoudt de sterkste elementen uit het oude pensioenstelsel.” Transparanter en persoonlijker Het pensioen wordt, zo is de bedoeling, straks beweeglijker en sluit beter aan bij de economische ontwikkelingen van de afgelopen jaren. Als het goed gaat met de economie, dan gaat het verwachte pensioen of de uitkering omhoog. Gaat het economisch slechter? Dan kan het omlaag gaan. In de pensioencontracten wordt ook beter aangesloten bij de risicohouding van de deelnemers. “Jongeren hebben de tijd om meevallers en tegenvallers in de beleggingen op te vangen. Naarmate je ouder wordt, is er minder Mager vertrouwen “De aanhoudende uitholling van de koopkracht van de pensioenen en de voortdurende berichten over dreigende kortingen ondergraven het vertrouwen bij deelnemers en pensioengerechtigden dat er verstandig en zorgvuldig met hun pensioengeld wordt omgegaan. De voortdurende discussie over de verdeelregels bij pensioenfondsen en de waarderingsmaatstaf voor pensioenverplichtingen (rekenrente) heeft als gevolg dat iedereen zich te kort voelt gedaan. Pensioengerechtigden ontvangen niet het koopkrachtbestendige pensioen waar zij op rekenden, bij veel jonge deelnemers leeft ten onrechte het idee dat hun premies worden gebruikt voor de huidige pensioenen en dat er, wanneer zij met pensioen gaan, voor hen geen pensioenvermogen meer is. Het vertrouwen in pensioenfondsen is mager.’’ Bron Memorie van Toelichting ruimte om deze tegenvallers op te vangen. Daarom zorgen we ervoor dat de beweeglijkheid van de uitkering minder groot wordt als je (bijna) met pensioen bent..” Het tweede doel is om pensioen voor de deelnemers transparanter en persoonlijker te maken. Iedereen gaat pensioen opbouwen via een premieregeling. De pensioenpremie staat centraal en wordt voor alle leeftijden gelijk. Het Nederlandse pensioenstelsel is al decennia één van de sterkste van de wereld, erkent de minister. Daarom is het de bedoeling de sterke elementen te behouden. “Zo behouden we de mogelijkheid van verplichtstelling, zodat uitvoeringskosten laag blijven en we collectief risico’s kunnen delen.... Ook blijft de bestaande rolverdeling tussen de betrokken partijen behouden. De overheid stelt het wettelijk kader vast ...werkgevers en werknemers sluiten pensioenovereenkomsten en laten deze uitvoeren door een pensioenuitvoerder, terwijl DNB en AFM toezicht houden.” Geen verrassingen Het ministerie benadrukt dus dat de nieuwe pensioenregeling en het invoeren daarvan uitlegbaar moet zijn aan alle deelnemers. De gekozen pensioenregeling mag geen onverwachte verrassingen opleveren voor deelnemers en pensioengerechtigden. “Mensen verwachten dat pensioenen onzeker zijn omdat deze afhankelijk zijn van de behaalde resultaten op de financiële markten, zo blijkt uit onderzoek. Maar als de uiteindelijke uitkering veel lager is dan verwacht, zijn zij alsnog verrast. Een onverwacht veel lagere uitkering is fnuikend voor de aanvaarding van de risico’s van die pensioenregeling.” Ook moet de gekozen regeling zo veel mogelijk passen bij de mate waarin risico wordt genomen bij de beleggingen. (wat meer risico bij de

jongeren, wat minder bij de ouderen). Een van de grote veranderingen is dat iedereen voortaan binnen het fonds als het ware over een eigen potje beschikt. Volgens de minister is het grote voordeel daarvan dat de deelnemers en pensioengerechtigden de ontwikkeling van hun eigen pensioenvermogen beter kunnen volgen. Ook zullen zij beter herkennen hoe een en ander is geregeld. Daarvan verwacht de minister dat betrokkenen het pensioenstelsel zullen ervaren als transparanter, begrijpelijker en persoonlijker. En dat moet er dan weer toe leiden dat in de samenleving het draagvlak voor het pensioen toeneemt, evenals het vertrouwen. In de woorden van de minister: “Pensioen is de omvangrijkste secondaire arbeidsvoorwaarde, op jaarbasis leggen werkgevers bij pensioenfondsen momenteel ruim Aan haar blik te zien heeft minister Schouten zelf toch ook wel twijfels. De foto is gemaakt tijdens de persconferentie over de nieuwe wet, eind maart, waarbij de minister terzijde werd gestaan door FNV-voorman Tuur Elzinga en Ingrid Thijssen van de werkgevers. € 35 miljard in aan pensioenpremie in. Hiervan wordt circa een derde op werknemers verhaald. Om hiervoor voldoende draagvlak te behouden is het noodzakelijk dat werknemers kunnen inzien wat er met die premies gebeurt en hoe financieel-economische omstandigheden in hun pensioen doorwerken. Dit wetsvoorstel creëert hiervoor de voorwaarden.” Over al deze aspecten bevat de Memorie van Toelichting uitgebreide teksten. Het document is te vinden bij rijksoverheid.nl Ruud Peys Beter uit te leggen? Een van de doelen van de stelselwijziging is dat pensioen transparanter wordt, en beter uit te leggen aan de mensen. Of dat lukt, moet nog maar blijken. Voorlopig geven de teksten in bijvoorbeeld de 363 pagina's tellende Memorie van Toelichting niet heel veel moed. Hieronder enkele letterlijk overgenomen passages. Voer voor gevorderden, zullen we maar zeggen. • Een toekomstbestendig en solidair pensioenstelsel vergt een nieuw evenwicht tussen ambitie, zekerheid en kosten. Tegelijkertijd leeft de wens om de koopkracht van de pensioenen op peil te houden, door middel van een jaarlijkse aanpassing aan de prijs- of looninflatie (indexatie). De crisis van 2008 en de ontwikkeling van de financiële markten nadien hebben duidelijk gemaakt dat de combinatie van deze behoeften, zonder een drastische verlaging van de pensioenopbouw, voor veel sectoren en ondernemingen onbetaalbaar is geworden. Ook het nieuwe pensioenstelsel is gevoelig voor ontwikkelingen op financiële markten. De hoogte van kapitaalgedekte pensioenen is immers afhankelijk van – onder meer – beleggingsresultaten en renteontwikkelingen. De nieuwe pensioenovereenkomsten bieden echter wel betere mogelijkheden om hiermee om te gaan, door een meer gerichte toedeling van het beleggings- en het renterisico. • Het oogmerk is verder om het pensioen meer persoonlijk te maken, onder meer door het verband tussen de betaalde premies, geboekte rendementen en het te bereiken pensioen te verduidelijken. “Dit gaat niet samen met de doorsneesystematiek. In een dynamischer arbeidsmarkt en in een vergrijzende samenleving is het niet meer vanzelfsprekend dat iemand bereid is om in zijn jonge jaren bij te dragen aan de ‘doorsneesubsidie’, als steeds minder zeker is dat die in dezelfde mate terugkomt zodra hij ouder is. Daarmee leidt de doorsneesystematiek niet alleen tot een herverdeling tussen levensfases, maar ook tot benadeling van sommige groepen en een afname van pensioendraagvlak.” 5 FOTO: ANP/LAURENS VAN PUTTEN

6

Gepensioneerden kunnen niet individueel bezwaar maken VVG moet het doen met hoorrecht over invoering van het nieuwe pensioenstelsel Verenigingen van gepensioneerden zoals onze VVG-PGB krijgen een hoorrecht over de manier waarop het nieuwe pensioenstelsel moet worden ingevoerd. En vooral: hoe bestaande pensioenrechten moeten worden ingepast in dat nieuwe stelsel. In pensioenjargon: een hoorrecht over het transitieplan voor het invaren van bestaande pensioenrechten naar het nieuwe stelsel. Van zo'n vereniging moet dan wel een substantieel deel van de gepensioneerden lid zijn. Daaronder wordt verstaan dat een vereniging minstens 1000 leden heeft, of, wanneer dat niet het geval is, dat minstens tien procent van de gepensioneerden lid is. VVG-PGB voldoet hieraan ruimschoots. Dat blijkt uit het wetsvoorstel voor een nieuw pensioenstelsel dat minister carola Schouten eind maart naar de Kamer heeft gestuurd. Het hoorrecht voor verenigingen van gepensioneerden komt min of meer in de plaats van het individueel bezwaarrecht dat gepensioneerden en andere deelnemers anders mogelijk zouden hebben gehad. In het wetsvoorstel ziet Schouten slechts een kleine rol voor de gepensioneerden en gewezen deelnemers (mensen die in het verleden een potje hebben opgebouwd bij een bepaald fonds maar daar nu niet meer actief zijn. In het jargon meestal slapers genoemd.). Schouten zegt dat het vooral de sociale partners zijn (vakbonden en werkgevers) die uitmaken hoe het invaren moet geschieden. Gepensioneerden en slapers hebben daar in haar ogen formeel niets over te vertellen. Om die groepen toch iets van een inbreng te geven, wordt dus voorgesteld een hoorrecht in te stellen. De minister zegt het zo: “Een vereniging van pensioengerechtigden die een substantieel aantal van de pensioengerechtigden bij het pensioenfonds vertegenwoordigt, wordt in de gelegenheid gesteld te worden gehoord of schriftelijk inbreng te kunnen geven over het transitieplan. Over in elk geval de invulling van het begrip substantieel worden in lagere regelgeving nadere regels gesteld.” Ook het Verantwoordingsorgaan speelt een rol (zie apart kader). Een vereniging van gepensioneerden – in ons geval dus VVG-PGB - die gehoord “Eventueel oordeel is niet bindend“ wil worden, moet zich melden bij de sociale partners, die dan verplicht zijn uit te leggen hoe zij tot hun keuzes zijn gekomen. En wat de gevolgen daarvan zijn voor de verschillende groepen (werkenden, gepensioneerden, slapers) binnen een fonds. Verenigingen kunnen daar dan kennis van nemen en hun oordeel geven. Bindend is dat oordeel niet; wel moet het oordeel uitgesproken worden op een zodanig tijdstip, dat aangevoerde overwegingen nog van invloed kunnen zijn op de uiteindelijke besluitvorming. De minister ziet het hoorrecht als een mes dat aan twee kanten snijdt: enerzijds biedt het de garantie dat belanghebbenden tijdig worden geïnformeerd over plannen die voor hun grote gevolgen kunnen hebben. Anderzijds zorgt het ervoor, dat standpunten en overwegingen van deze belanghebbenden kunnen worden meegenomen bij de besluitvorming.” VVG-PGB heeft, zoals eerder gemeld, een aparte deskundigencommissie Pensioenen & Hoorrecht ingesteld om met name deze nieuwe taak optimaal in te kunnen vullen. Voorzitter van die commissie is Fieneke van den Brink. Deze werkgroep helpt het bestuur van de VVG en de door de VVG voorgedragen leden in het PGB-bestuur en de benoemde leden in het Verantwoordingsorgaan, door alle pensioenontwikkelingen te volgen en gevraagd of ongevraagd advies uit te brengen aan het bestuur over de onderwerpen die voor gepensioneerden van belang zijn. R.P. Verantwoordingsorgaan wordt advies gevraagd Naast het hoorrecht voor de VVG is er nog een inspraaktraject waarlangs gepensioneerden zich kunnen laten horen. Het bestuur van het pensioenfonds moet namelijk ook het verantwoordingsorgaan (VO) advies vragen over het plan om over te stappen. Meer concreet moet daarbij worden uitgelegd hoe bij de collectieve waardeoverdracht de verschillende groepen deelnemers en gepensioneerden evenwichtig (fair) worden behandeld. Als het verantwoordingsorgaan een negatief advies uitbrengt (bijvoorbeeld omdat niet alle groepen fair worden behandeld) dan moet het fondsbestuur aan de sociale partners (werkgevers en vakbonden) vragen hun voornemen te heroverwegen en eventueel aan te passen. Als één groep van belanghebbenden (bijvoorbeeld de gepensioneerden) binnen het verantwoordingsorgaan negatief staat tegenover het voorgenomen besluit, dan moet het pensioenfonds de sociale partners óók vragen hun verzoek tot invaren te heroverwegen. Binnen de groep van gepensioneerden in het verantwoordingsorgaan van PGB is de VVG met drie zetels sterk vertegenwoordigd.Een verzoek tot heroverwegen betekent niet automatisch dat sociale partners hun standpunt aanpassen. Het zet wel druk op de ketel bij alle partijen, ook in de fase van de voorbereiding, om alle belangen – ook die van gepensioneerden – zorgvuldig mee te nemen. Jos van Rijsingen VO-voorzitter 7

Koepel Gepensioneerden opent de “Het wetsvoorstel voor het nieuwe pensioenstelsel is in deze vorm onacceptabel,” zegt de Koepel Gepensioneerden. Daarom heeft de Koepel besloten de strijd aan te gaan en de actiekas te openen. Dat maakt het mogelijk om, naast het intensiveren van de politieke lobby, stevig in te zetten op het informeren en mobiliseren van de achterban (de meer dan drie miljoen gepensioneerden in ons land). Ook gaat de Koepel werken aan het verder voorbereiden van een eventuele juridische procedure. Ruim 130 vertegenwoordigers van lidorganisaties van de Koepel Gepensioneerden, waartoe ook de VVG-PGB behoort, hebben dat besloten tijdens een extra Algemene Vergadering op 14 april. Die was nodig nadat de Koepel en de andere seniorenorganisaties het wetsvoorstel Toekomst Pensioenen van minister Carola Schouten als onacceptabel hadden afgewezen. Die kwalificatie werd door de aanwezigen tijdens de AV unaniem onderschreven. De bezwaren van De Koepel samengevat: het met het wetsvoorstel in het vooruitzicht gestelde koopkrachtige pensioen komt niet dichterbij, de overstap naar het nieuwe pensioenstelsel blijft een sprong in het duister en de noodzakelijke zeggenschap van gepensioneerden over hun pensioen lijkt vooralsnog een lege huls. Geen draagvlak Koepel-voorzitter John Kerstens is blij met de uitgesproken steun: ‘’Die bevestigt nog eens dat het met de aanwezigheid van de vakbeweging bij het aanbieden van het wetsvoorstel gesuggereerde draagvlak in de samenleving er niet is. In ieder geval niet onder de grote groep gepensioneerden. En een nieuw pensioenstelsel zonder dat juist gepensioneerden daarin geloven, is 8 FNV-voorzitter Tuur Elzinga: ‘...veel goede dingen uit het oude stelsel behouden...’ FOTO: FNV niet iets wat de politiek zou moeten willen. Zeker niet als zij niet alleen het vertrouwen in het pensioen, maar ook in de politiek zèlf wil herstellen.’’ “Pech en geluk eerlijk met elkaar delen“ Blij is Kerstens ook met het dringende verzoek van de Algemene Vergadering om in het organiseren van een zo’n breed mogelijk front tegen het wetsvoorstel in z’n huidige vorm actief de samenwerking te zoeken met alle andere seniorenorganisaties, ook bijvoorbeeld binnen vakbeweging en politiek. Kerstens: “Het kabinet had een unieke kans om het cruciale vertrouwen in pensioen én politiek te herstellen, maar doet nu het tegenovergestelde.” Met een kluitje het riet in “Wat seniorenorganisaties vooral stoort, is dat de noodzakelijke indexatie van de pensioenen niet alleen in de periode tot het nieuwe stelsel, maar ook daarna ver weg lijkt. Daarmee loopt de koopkrachtachterstand van gepensioneerden (die al fors was) alleen nog maar verder op. De gemiddelde gepensioneerde is inmiddels de 75 gepasseerd, heeft al dik tien jaar z’n pensioen niet verhoogd zien worden en wordt nu nog langer met een kluitje het riet in gestuurd. Op die manier ontstaat een ‘verloren generatie’. Dat is absoluut onaanvaardbaar.” Uitholling Ook ouderenbond ANBO is zeer kritisch: “De koopkracht van het pensioen dreigt op een structureel lager niveau te liggen. Het vertrouwen in en draagvlak onder gepensioneerden en oudere werknemers voor het nieuwe pensioenstelsel dreigt verloren te gaan. Het perspectief op indexatie in de periode tot 2027 is geheel afhankelijk gemaakt van de uitermate wispelturige marktrente. Een kleine uitslag van tienden van procenten geeft al grote effecten op de dekkingsgraad. Daarmee ontkent het kabinet het karakter van het pensioenstelsel, dat is gebaseerd op rendementen, die gemiddeld circa zeven procent bedragen.’’ ‘’Die uitholling van de waarde van het pensioen zet zich versneld voort nu de prijsinflatie oploopt. Als het kabinet de regels niet aanpast,

actiekas zal de daling van de koopkracht van het aanvullend pensioen tot 40 procent kunnen oplopen. Dat is onacceptabel. En al kan door de licht gestegen rente her en der wel worden geïndexeerd, dan nog zal de verhoging in geen verhouding staan tot de gestegen prijzen”, aldus ANBO. Gezonder naar de eindstreep Positieve reacties zijn er ook. Volgens Tuur Elzinga, voorzitter van de FNV, was het doel van FNV een toekomstbestendig en eerlijker pensioenstelsel met een beter perspectief op een geïndexeerd pensioen. “Dat is gelukt. Tegelijkertijd zijn veel goede dingen uit het oude stelsel behouden, zoals de kracht van collectiviteit en de solidariteit tussen generaties en de verplichtstelling. We zien dat eerder, al uitgevoerde afspraken uit het Pensioenakkoord, het vertragen van de verhoging van de AOW-leeftijd en eerder met pensioen bij zwaar werk, ervoor zorgen dat mensen gezonder de eindstreep halen. Dat meer mensen daarvan gaan profiteren door een permanente zwaar werk-regeling is wat ons betreft de volgende stap,” De FNV noemt overigens in haar reactie het woord gepensioneerden niet. De Pensioenfederatie, de vereniging van pensioenfondsen, verwelkomt wel de tijdelijke mogelijkheid om de pensioenen te verhogen bij een beleidsdekkingsgraad vanaf 105%. Met de oplopende inflatie wordt de roep om indexatie van pensioenen alleen maar groter. Pensioenfondsen die het verantwoord vinden om de pensioenen te laten meestijgen met de prijzen, krijgen door deze maatregel meer ruimte om dit te doen. “In het nieuwe stelsel blijven we pech en geluk met elkaar delen en behouden we daarmee een waardevol fundament. Bij deelnemers ligt de focus meer op hun persoonlijk pensioenvermogen, in plaats van een pensioenbelofte in de toekomst. Dit wordt een meer inzichtelijke en logische optelsom van de ingelegde premie en rendement”, zegt het ambtenarenfonds ABP. Bestuursvoorzitter Harmen van Wijnen: “We weten uit onderzoek dat veel van onze deelnemers hun pensioen heel ingewikkeld vinden en zich er liever niet in verdiepen. Mijn oproep aan de Tweede - en Eerste Kamer is dan ook: in het belang van de deelnemers, houdt het eenvoudig en geef fondsen de ruimte om het zo goed mogelijk voor de deelnemers in te richten. Graag blijft ABP haar expertise delen om de Wet toekomst pensioenen naar de eindstreep te loodsen..” “We verwelkomen de voorgestelde aanpassing van de grens voor pensioenverhoging. Veel van onze deelnemers wachten al erg lang op pensioenverhoging en het uitblijven daarvan is, zeker in tijden van oplopende inflatie, wrang. We hebben er de afgelopen jaren dan ook voor gepleit om de pensioenen eerder te kunnen verhogen en zijn blij als dit weer kan. Nu wordt vanaf 1 juli de minimale beleidsdekkingsgraad waarbij we mogen verhogen, waarschijnlijk verlaagd van 110 procent naar 105. Zodra we de pensioenen mogen verhogen, is het onze intentie om dit te doen: als er een mogelijkheid is om tussen 1 juli 2022 en eind 2022 te verhogen, dan zal het bestuur zich daar direct over buigen. Een eventueel besluit van het bestuur om de pensioenen te verhogen, wordt genomen op basis van een evenwichtige belangenafweging.” R.P. Koepelvoorzitter John Kerstens: ‘Hoe de overstap naar het nieuwe steslsel plaatsvindt weet niemand'. FOTO MARNIX SCHMIDT 9

Raad van State waarschuwt voor pijnlijke keuzes De Raad van State waarschuwt in haar advies over de Pensioenwet dat er pijnlijke keuzes moeten worden gemaakt, die niet langer kunnen worden uitgesteld. De Afdeling advisering onderschrijft in de eerste plaats het belang en de noodzaak van de voorgestelde stelselherziening en vindt dat de sociale partners en pensioenuitvoerders voorbereidingen moeten treffen. De raad dringt aan op spoed: “Het is belangrijk dat zo snel mogelijk duidelijkheid bestaat over het nieuwe pensioenstelsel en over de stappen die moeten worden gezet om de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel mogelijk te maken.” Hoge eisen “Invoering van het nieuwe stelsel stelt hoge eisen aan de wijze waarop sociale partners, pensioenuitvoerders en interne en externe toezichthouders hun taken bij de stelselwijziging uitvoeren”, aldus de RvS. Dat geldt ook voor de wijze waarop deze partijen met deelnemers, gewezen deelnemers en gepensioneerden communiceren over deze stelselwijziging. Het wetsvoorstel moet daarom voldoende maatregelen en waarborgen bevatten om te bevorderen en zo mogelijk zeker te stellen dat de overgang voor iedereen zo evenwichtig mogelijk wordt uitgevoerd. Van belang is dat er voldoende draagvlak bestaat voor de besluiten die worden genomen in het kader van de overgang en voor de pensioenregelingen die aan het nieuwe stelsel worden aangepast. Burgers moeten daarbij op overtuigende wijze worden meegenomen”, schrijft de Afdeling advisering. Ingrijpend karakter De RvS gaat verder in op verschillende aspecten bij de besluitvorming en de conflictbeheersing. “Vanwege het ingrijpende karakter van de overgang zijn in het voorstel voorzieningen opgenomen om zoveel mogelijk draagvlak voor het nieuwe pensioenstelsel te creëren en conflicten zoveel mogelijk te voorkomen en op te lossen. Het collectieve karakter van de besluitvorming onderstreept de noodzaak dat sociale partners, pensioenuitvoerders en interne en externe toezichthouders er beter in slagen evenwichtige besluiten te nemen en alle betrokkenen te overtuigen van de redelijkheid van hun Vice-voorzitter van de Raad van State Thom de Graaf handelen. Alleen dan zullen conflicten vaker kunnen worden voorkomen.” De overgang naar het nieuwe stelsel mag geen aanleiding geven tot een verdere herverdeling tussen leeftijdsgroepen dan noodzakelijk is voor de stelselwijziging zelf, zegt de RvS. Een aantal onderdelen in het voorstel vertoont inhoudelijk geen directe samenhang met de wijziging van het pensioenstelsel, maar zijn gericht op het terugdringen van het aantal personen dat geen aanvullend pensioen opbouwt . De Afdeling advisering merkt op dat over dit probleem terecht zorgen bestaan, maar dat deze problematiek een afzonderlijke en grondigere analyse en afweging vergt van de voor- en nadelen van verschillende mogelijkheden om deze problematiek aan te pakken. R.P. Externe geschilleninstantie in de maak Bij het uitvoeren en invaren van het nieuwe pensioenstelsel komt er ook een externe geschilleninstantie. Die instantie wordt ingesteld door de minister voor armoedebeleid, participatie en pensioenen. Elke pensioenuitvoerder dient bij de externe geschilleninstantie aangesloten te zijn. De instantie gaat over geschillen over de uitvoering van het pensioenreglement. Het gaat hierbij dus niet over geschillen ten aanzien van de afspraken die door sociale partners zijn gemaakt over de inhoud van de pensioenregeling, maar over de uitvoering daarvan door de pensioenuitvoerder, in 10 ons geval Pensioenfonds PGB. Uitgangspunt voor de externe geschilleninstantie is dat eerst de interne ‘route’ bewandeld is, door gebruik te maken van de interne klachtenprocedure, aldus een toelichting van het ministerie van APP. De geschilleninstantie wordt opgericht voor in ieder geval de transitieperiode. Nadat het nieuwe stelsel is ingegaan, in principe op 1 januari 2028, wordt de instantie weer opgeheven. De komende periode zal samen met de sector gekeken worden naar de concrete invulling van de geschilleninstantie en hoe of waar deze het best kan worden ondergebracht. Daarbij kan gedacht worden aan de

Bestuur VVG kiest voor een realistische koers De discussie over het nieuwe pensioenstelsel kan komende maanden ongemeen fel worden. In de Tweede Kamer (en daarna de Eerste Kamer) heeft de parlementaire behandeling plaats. Dat zal ongetwijfeld met veel publicitair geweld gepaard gaan. Ondertussen worden elders de messen geslepen. De Koepel Gepensioneerden en andere ouderenorganisaties lijken te verschuiven van een ‘ja mits’opstelling naar een ‘nee tenzij’. Onze Koepel Gepensioneerden was eerst voorzichtig positief, mits er in de definitieve wetgeving en in de overgang naar het nieuwe stelsel een aantal verbeteringen zou komen voor de gepensioneerden. Dat vertrouwen is flink op de proef gesteld, vandaar dat men niet meer wil meewerken, tenzij er alsnog aanpassingen komen. Men bereidt zich zelfs al voor op acties, publiek en juridisch. Andere partijen, zoals de Stichting Pensioenbehoud en de KBO Brabant, zijn al veel eerder op het juridische oorlogspad gegaan. Waar stond en staat de VVG? Voor ons had dat nieuwe pensioenstelsel niet gehoeven. Ons pensioensysteem is volgens internationale vergelijkingen een van de beste ter wereld. Waarom een goed stelsel volledig op de kop gooien met alle risico’s dat de invoering op grote praktische problemen stuit? Een aantal knelpunten (nabestaandenpensioen, het pensioen makkelijker meenemen bij carrièreswitches, pensioen voor zzp’ers, meer zicht op het ‘eigen potje’) hadden mogelijk ook binnen het bestaande stelsel kunnen worden opgelost. Als er daarnaast een realistischer beleid rond de rekenrente en de buffereisen zou worden gevoerd, zou er veel eerder geïndexeerd kunnen worden. En inderdaad, af en toe ook eerder gekort, net zoals in het nieuwe pensioenstelsel. Dit perspectief is echter niet realistisch. Sociale partners en (vooralsnog) een meerderheid in het parlement kiezen – na jaren van overleg en onderhandeling; overigens met minimale betrokkenheid van gepensioneerden - wél voor een nieuw stelsel. Daarin wordt immers ten opzichte van het huidige stelsel een aantal van de genoemde problemen opgelost. Als de tegenstanders hun zin krijgen en dat nieuwe stelsel weten tegen te houden, blijft vooralsnog alles bij het oude. Met rigide regels en weinig kans op indexatie. Het kan dan lang duren voordat er politiek draagvlak is om in het bestaande stelsel wijzigingen aan te brengen. Om die reden kiest het bestuur van de VVG er vooralsnog voor zich erbij neer te leggen als er een parlementaire meerderheid blijkt te zijn voor het nieuwe stelsel. Wel steunen we van harte de acties van de Koepel Gepensioneerden en andere ouderenorganisaties om verbeteringen voor elkaar te krijgen. “Voor ons had dat nieuwe stelsel niet gehoeven“ Waar zet de VVG zich voor in De gepensioneerden moeten meer invloed krijgen zowel bij de overgang naar het nieuwe stelsel als in het nieuwe stelsel zelf; bij het invaren in het nieuwe stelsel moeten de gepensioneerden zoveel als mogelijk en redelijk is gecompenseerd worden voor de opgelopen nadelen uit het verleden. En …… wat ook heel belangrijk is: we willen niet wachten tot het nieuwe stelsel er in 2026 of 2027 is. We willen dat in de jaren daar naartoe er al meer geïndexeerd wordt. Het ziet ernaar uit dat dat kan; de ontwikkeling van de rente en de versoepeling van de regels lijken daarvoor soelaas te bieden. PGB heeft aangegeven optimaal gebruik te willen maken van de indexatieruimte. Daar zijn wij het hartgrondig mee eens. Dat is voor het bestuur van de VVG voor de komende jaren een van de belangrijke speerpunten, zowel binnen PGB als landelijk via de Koepel. Gepensioneerden hebben daar direct baat bij. De actieve werknemers en de ‘slapers’ natuurlijk ook, maar bij hun komt de uitkering wat later. Namens het bestuur, Fieneke van den Brink, bestuurslid Jos van Rijsingen, vice-voorzitter Ombudsman Pensioenen, een apart onderdeel ondergebracht bij Kifid (de geschilleninstantie voor financiële dienstverleners) of het oprichten van een aparte rechtspersoon, schrijft het ministerie. Voor wat betreft onafhankelijkheid wordt aan bestuurders en medewerkers de eis gesteld dat zij in het jaar direct voorafgaand aan hun betrokkenheid bij de geschilleninstantie niet werkzaam zijn geweest bij of enige functie bekleed hebben bij een pensioenuitvoerder of een beroepsorganisatie. Hiermee wordt niet bedoeld het lid zijn van een vakvereniging of beroepsvereniging. De leden van het bestuur hebben zitting op persoonlijke titel. Dit is van belang omdat de bij een geschil betrokken partijen voldoende vertrouwen moeten kunnen hebben in een eerlijke behandeling van hun geschil. ‘Ook onafhankelijkheid ten opzichte van de overheid is van belang. Daarom past terughoudendheid bij het aanvaarden en uitoefenen van bevoegdheden van de minister in het kader van geschilleninstanties.’ Uitgangspunt is om de kosten voor de burger om een geschil aan te brengen zo laag mogelijk te houden. Die kosten moeten in elk geval lager zijn dan de kosten die gemaakt zouden moeten worden voor een gang naar de civiele rechter. Dit is een van de zaken die de minister kan toetsen bij het wel of niet aanwijzen van een geschilleninstantie. Bij Kifid is het bijvoorbeeld zo dat het aanbrengen van een geschil kosteloos is voor de consument. R.P. 11

PensioenTrefpunt heeft VVG-leden veel Pensioentrefpunt, het digitale forum dat de VVG-PGB samen met Pensioenfonds PGB heeft opgezet, biedt de leden van onze vereniging veel interessante mogelijkheden. “Het is een informatiebron en vraagbaak, natuurlijk primair voor alles wat met je pensioen te maken heeft, maar eigenlijk voor alle onderwerpen die gepensioneerden bezighouden. Je kan er ook op een leuke manier oud-collega’s weer ontmoeten of met anderen contact leggen om bijvoorbeeld over je vroegere werkkring, hobby’s of reizen te praten. En het is een belangrijk discussieforum over het nieuwe pensioenstelsel en wat dat betekent voor de gepensioneerden. Voor ons als VVG is die input van groot belang om onze standpunten in de nu lopende discussie over dat nieuwe stelsel te formuleren en te onderbouwen”, zegt Fieneke van den Brink, die namens het VVG-bestuur een van de initiatiefnemers van het PensioenTrefpunt is. PensioenTrefpunt VVG PGB werd officieel ‘geopend’ tijdens de algemene ledenvergadering van de vereniging, vorig jaar oktober in Amersfoort. “In korte tijd hebben zich rond de 350 mensen gemeld. Dat is veel, bij soortgelijke platforms vinden ze 100 al heel wat. We zijn daar dus heel enthousiast over. De laatste tijd is de toeloop toch wat gestagneerd en bovendien blijft het aantal écht actieve deelnemers beperkt. Dat is jammer, want ook bij PGB denken we dat het een interessant kanaal is om de mening van de gepensioneerden te horen”, zegt Marcel van Gooswilligen, die samen met Leontien Brondijk de PGB-kant voor zijn rekening neemt. Twee doelstellingen Van den Brink: “De VVG heeft twee doelstellingen. In de eerste plaats is dat het behartigen van de belangen van onze leden. Dat doen we onder meer door het benoemen van leden in het Verantwoordingsorgaan, het voordragen van bestuurders van Pensioenfonds PGB en op landelijk niveau vooral via de Koepel Gepensioneerden. Ons tweede doel 12 is nadrukkelijk ook het bevorderen van de sociale contacten met en tussen de gepensioneerden. Het PensioenTrefpunt kan beide doelen dienen, informatie verstrekken en ontvangen die van belang is voor de belangenbehartiging én onderlinge contacten leggen. Dat betekent ook dat we dat trefpunt breed zien, het gaat natuurlijk eerst en vooral om de pensioenen maar als mensen andere zaken willen bespreken dan zijn ze van harte welkom. Daar hebben we ook aparte ‘hoeken’ voor ingericht, zoals je zelf kunt zien.” Van Gooswilligen: “Het platform is digitaal, dat is tegenwoordig meestal geen probleem meer voor ouderen. Bijna iedereen werkt met een computer en de meesten hebben ook een mobiele telefoon waar ze prima mee om weten te gaan. We merken dat ook in de contacten die we als PGB hebben met gepensioneerden, verreweg het meeste gaat per email of internet. Mensen die er toch moeite mee hebben om zich voor het PensioenTrefpunt aan te melden of er mee om te gaan, kunnen ons altijd bellen, dan zorgen we voor ondersteuning. In het team hebben we bijvoorbeeld Ben Hoogendijk die alle ins en outs kent en zelf ook de handleiding heeft geschreven. En vergeet het belangrijkste niet: het PensioenTrefpunt is gratis, je hoeft je alleen maar aan te melden en je kunt direct meedoen.” Informatie Het platform biedt, zoals gezegd, veel informatie over alles wat rond pensioenen en zeker het nieuwe pensioenstelsel speelt. Dat wordt in eerste instantie verzorgd door de VVG en PGB zelf maar ook dat staat open voor iedereen die iets is tegengekomen dat interessant is om met de anderen te delen. Van den Brink: “Er zit erg veel kennis onder onze leden, sommige leden weten soms meer van de pensioenzaken dan onze bestuursleden, zou je haast zeggen. Lijkt iets ingewikkeld, stel dan vragen, die worden door de ‘plaatser’ zelf of door anderen graag beantwoord. Bovendien hebben de twee bestuursleden die namens gepensioneerden in het PGB-bestuur zitten, Ronald Heijn en Tom Vollebergh, zich ook aangemeld voor ons platform. Zij schrijven zo nu en dan iets over hun eigen ideeën, stellen vragen en maken opmerkingen. Zij zijn ook altijd bereid vragen te beantwoorden.” Van Gooswilligen voegt toe: “Als het gaat om vragen die beter bij PGB zelf thuishoren, bijvoorbeeld over iemands pensioen zelf, dan verwijzen we dat door. Om de informatie en discussie over pensioenen te verdiepen, is voor de deelnemers aan het trefpunt onlangs een eerste ‘deepdive’ georganiseerd. Daarbij wordt in een sessie, tot nu toe via Teams, dieper ingegaan op en vooral ook gediscussieerd over het gekozen thema. Van den Brink, die ook voorzitter is van de nieuwe werkgroep Pensioenen & Hoorrecht bij de VVG: “Deze eerste keer was

te bieden dat indexatie, het onderwerp dat door de deelnemers van Pensioentrefpunt was aangegeven als belangrijkste thema waarover men het wilde hebben. We hadden een interessante bijeenkomst met zo’n veertig deelnemers. Die hebben de deepdive ook een hoge waardering gegeven. We gaan daar mee door, er zijn zeker in de komende tijd met de discussie over het nieuwe pensioenstelsel en het invaren daarvan voldoende onderwerpen.” Experiment Beiden benadrukken tenslotte dat het bij het PensioenTrefpunt tot nu toe nog steeds om een experiment gaat. Van den Brink: “Er gaat toch nogal wat tijd inzitten, zowel bij de VVG als bij PGB, en het kost uiteindelijk ook geld. We hopen dat veel leden van de vereniging die nu nog niet meedoen zich aanmelden. Het is echt de moeite waard, dat hebben de afgelopen maanden duidelijk aangetoond. Mensen die meedoen zijn enthousiast, kijk maar naar de resultaten van de enquête die we inmiddels hebben gehouden. Voorlopig houden we het nog beperkt tot de leden van de VVG-PGB. Als het verder aanslaat, dan zouden we het ook kunnen uitbreiden naar alle gepensioneerden. Er is voldoende aan de hand om over te informeren en discussiëren, en anders kom je om je oude collega’s te zoeken en weer eens – digitaal – tegen te komen. Wat je ook zoekt op het PensioenTrefpunt, het is zeker interessant en gewoon ook leuk.” Ruud Peys Meerderheid leden wil dat Pensioentrefpunt blijft Ruim 80 procent van de VVG-leden die de enquête over het PensioenTrefpunt hebben ingevuld, vinden dat dat platform moet blijven. Volgens hen biedt het online trefpunt de mogelijkheid om te kunnen reageren of in verbinding te blijven. Ook vinden ze dat het iets toevoegt en in ieder geval een kans moet krijgen om z’n nut verder te bewijzen. “Ik geloof in een community voor gepensioneerden”, antwoordt één van de respondenten. De enquête is ingevuld door 130 deelnemers aan het platform, dat is één op de drie mensen die zich tot nu toe voor PensioenTrefpunt hebben aangemeld. Het overgrote deel logt een enkele keer tot een paar keer per maand in, een enkeling dat doet dagelijks. Tweederde van de ‘inloggers’ doet dat om op de hoogte te blijven, anderen geven ‘interessante onderwerpen’ als reden op. Een minderheid geeft aan er onvoldoende tijd voor te hebben of te maken of er niet aan te denken. Over de hele linie krijgt het PensioenTrefpunt een 7 of 8 van de respondenten. Een bescheiden minderheid is bereid een 9 toe te kennen, maar er zijn aan de andere kant ook mensen die niet verder komen dan een 2 of een 3. Bijna een kwart van de deelnemers heeft zelf wel eens iets geplaatst, vaak om informatie met anderen te delen maar ook om zichzelf te introduceren. Protesteren In de enquête is de huidige deelnemers ook gevraagd hoe anderen aangezet kunnen worden om actiever mee te doen. De belangrijkste suggestie is interessantere onderwerpen te plaatsen of te behandelen. Ook wordt gedacht dat het platform gebruiksvriendelijker zou moeten worden. Een enkeling denkt dat het platform interessanter wordt ‘als PGB zou protesteren tegen het huidige beleid’. Met een vrolijk moment wordt tijdens de algemene ledenvergadering van VVGPGB in oktober 2021 de oprichting van PensioenTrefpunt gevierd. FOTO: MARNIX SCHMIDT Van de respondenten aan de enquête vindt 17 procent dat het PensioenTrefpunt van VVG en PGB wel kan verdwijnen, voor de meesten omdat het geen toegevoegde waarde biedt. Een deel van deze mensen vindt wel dat eerst moet worden gekeken of het trefpunt een ‘kritische massa’ kan bereiken voordat over het al dan niet voortbestaan wordt beslist. Een meerderheid vindt echter wel dat het PensioenTrefpunt voorlopig nog een kans moet krijgen. ‘Hoop dat het inhoudelijk meer ideeën oplevert,’ ‘Doorgaan en wat meer onder de aandacht brengen door VVG’ of ‘Het staat nog in de kinderschoenen, men moet eraan wennen’. 13

Via Spanje, Engeland en de Bijenkorf naar drukkerij Westfriesland Ad Feller ging altijd zijn eigen weg – net als opa Ontdekt Ad Feller gaandeweg dat hij een boek schrijft. Interessante man, die opa Adriaan. Eerst maar eens alles op een rijtje zetten. Steeds dieper duikt de man uit leiderdorp in de stapels documentatie die oom Pieter hem heeft nagelaten. Vier jaar later rolt een bijna zevenhonderd pagina’s dik boek van de drukpers. Uitgegeven in eigen beheer. “Al schrijvend ontdekte ik veel te lijken op mijn opa Adriaan”, zegt Ad Feller. “Een echte selfmade man. Iemand die zijn eigen weg ging – net als ik. Opa was een Brabantse jongen uit een groot gezin. Zat op kostschool, wilde weg. Kwam in Amsterdam terecht en zette een bouwbedrijf op. Adriaan, geboren in 1884, maakte intensief de oorlog mee. Bleef tot zijn 85-ste in de bouw werken.” Feller had intensief contact met zijn in 2009 overleden oom Pieter. De man bouwde in een haat-liefdeverhouding over zijn vader een heel dossier op. Samen met Pieter bezocht Ad herhaalde keren de plekken waar zijn oom als dwangarbeider had gewerkt – in Halsteren, aan de noordzijde van het Ruhrgebied. “Ik kwam al snel tot de ontdekking weinig te weten. Wel van de familie natuurlijk, ik heb mijn opa jaren meegemaakt. Maar hoe zat alles precies met dwangarbeid, de NSB en de bouwmaatschappijen? Eind 2018 was het boek klaar. Ik heb geprobeerd een uitgever te vinden maar dan moet je wel een hele goede kruiwagen hebben. Via printing on demand laat ik voor belangstellenden kleine aantallen drukken.” Opa Adriaan 14 Bondskanselier Adenauer Onderbroken door zijn militaire diensttijd, vindt de jonge Ad Feller (AmsterdamNoord, 1943) vlot werk bij de Gemeentegiro van Amsterdam. “F 984 was mijn gironummer. De F van mijn achternaam plus een getal. Zo werkte dat bij de gemeentegiro, een concurrent van de postgiro.” Het intermezzo militaire dienst opent voor Feller nieuwe horizonten. Hij wordt telexist bij de luchtmacht en raakt verzeild in het grottenstelsel onder de Cannerberg bij Maastricht. In het ondergrondse verbindingscentrum van de Navo trekt hij op met Duitsers, Engelsen, Belgen en Canadezen. Wordt tijdens zijn verblijf van vijftien maanden zelfs supervisor. Waardoor tot en met kolonels hem groeten bij hun bezoek. “Op een nacht had ik een verbinding met Bonn. Met het kantoor van Bundeskanzler Audenauer. Het duurde der Kanzler blijkbaar te lang. Ineens had ik Adenauer zelf aan de lijn. Die heb ik toen doorverbonden met Engeland.” Geproefd aan het internationale leven in Zuid-Limburg vindt Feller bij terugkeer zijn werk bij de Gemeentegiro al snel saai. Heel het leven ambtenaar blijven? Dat kan toch niet de bedoeling zijn. Hij haalt zijn geld van de bank, geeft moeder een zoen en vertrekt op de bonnefooi naar Spanje. “Een jaar eerder was ik met een dienstkameraad in Marbella geweest. Daar wilde ik wel langer naar toe. Ik liep een Zweeds meisje tegen het lijf. Zij wilde graag door naar de Verenigde Staten. Ik niet. Zoiets moet je niet vragen aan een oud-demonstrant tegen de oorlog in Vietnam. Amerika is een raar land. Niets voor mij.” Na Spanje volgt een korte episode in Engeland. Om in 1969 neer te strijken bij winkelconcern De Bijenkorf. Feller werkt zich daar op tot groepsverantwoordelijke op de centrale administratie in de Bijlmer. Dagelijks stapt hij om 6.15 uur in Sijbekarspel op de fiets om anderhalf uur later zijn kantoor in Amsterdam te

kunnen binnenwandelen. Westfriesland “Begin jaren tachtig belandde Nederland in een crisis. De Bijenkorf reorganiseerde. Van de een op de andere dag werd de postkamer opgeheven. Wat stond nog meer te gebeuren? Ik besloot te solliciteren en kon snel aan de slag bij Drukkerij/ Uitgeverij Westfriesland in Hoorn. Ik kon voortaan iedere morgen om half acht de deur uit.” Feller komt als geroepen en introduceert de computer op de administratie. Zijn voorganger werkte nog uitsluitend met papier. Bij Westfriesland, een bedrijf van een man of dertig, breken tijden van groei aan. De overname van CNV-drukker Edecea verdubbelt de personele sterkte. Halsreikend kijkt de directie uit naar uitbreiding met een rotatiepers. “Offset werd verdrongen door rotatie, zo was de mening. Begin jaren negentig vond de directeur, die zijn technisch voorman had meegenomen, een goede rotatiepers in het oosten van Duitsland. Stukken goedkoper dan in Nederland verkrijgbaar. Perfect! De pers zou uit elkaar gehaald worden en in Hoorn weer opgebouwd.” Anderhalve maand na het bezoek aan Duitsland arriveerde de aangekondigde truck met oplegger. “Tegen de begeleiders werd wat vreemd aangekeken. Ach ja, dat waren de transporteurs. Bij de opbouw van de pers riep de voorman ineens: “Maar dat is niet de pers die wij gezien hebben!” De pers was onderweg verruild voor een andere. De slecht Duits sprekende begeleiders waren waarschijnlijk Joegoslaven.” De aanschaf van de rotatiepers bleek een miskoop van jewelste. Om de machine aan de praat te krijgen moest nogmaals de waarde van de aankoop neergeteld worden. “De rotatiepers gaf in 1995 de doodklap aan Westfriesland. Einde verhaal, iedereen stond op straat.” Het leven nam voor Ad Feller een bijzondere wending na de ontmoeting met zijn tweede vrouw Gea. Zij had een zaak in lederwaren te Emmen en wilde graag weer naar het westen. De keuze viel op Leiden, waar het tweetal zeventien jaar een winkel dreef in koffers, tassen en rugzakken. “In 2014 hebben we de winkel van de hand gedaan. Ik was de zeventig al gepasseerd. Tijd voor iets anders. Wat precies? Reizen, zorgen voor onze biologische volkstuin in de Oostvlietpolder en schrijven. Ik pieker nog over een tweede boek.” Tekst en foto’s Theo leoné Ad Feller: ‘Al schrijvend ontdekte ik veel te lijken op mijn opa Adriaan.’ 15

Oudgediende Riemer Warnar aan laatste jaar bezig ‘VO krijgt hier meer dan waar de wet recht op geeft’ Riemer Warnar is een van de twee oudgedienden van het VO die aan het eind van dit jaar afscheid nemen. Hij zou nog eens vier jaar kunnen bijtekenen, maar in lijn met de plannen van het VO om het aantal leden terug te brengen van achttien naar vijftien, stelt hij zijn werkgeversplaats ter beschikking. Toen Warnar in 2010 op voordracht van KVGO (Koninklijk Verbond van Grafische Ondernemingen) werd benoemd in het verantwoordingsorgaan, was PGB nog een honderd procent grafisch fonds en het VO een toezichtsorgaan voor werkgevers. Voor werknemers en gepensioneerden was er de Deelnemersraad om hun belangen in de gaten te houden. Pas in 2014 ontstond het VO in de huidige ‘paritaire’ vorm waarbij gepensioneerden, werknemers en werkgevers in gelijke mate vertegenwoordigd zijn om tot een evenwichtige belangenafweging te komen. Gedurende zijn VO-lidmaatschap zag Warnar PGB uitgroeien tot een multisectoraal top-10 fonds met zestien aangesloten sectoren en het PGB bestuur steeds professioneler worden. ‘Toen ik in het VO werd benoemd, werd PGB in feite geleid door de directeur Uitvoering. Het bestuur kwam zo’n drie maal per maand bij elkaar. Nu neemt een bestuursfunctie bij PGB wel drie dagen per week in beslag.’ “Ik zou meer over de keuzes achter beslissingen geïnformeerd willen worden“ ‘arbeidsvreugde’ kan omschrijven. Het is weekend, het pand is keurig in stelling gebracht voor de bedrijvigheid van de maandagochtend. Je kunt er zogezegd van de vloeren eten, maar de uitnodigende personeelsruimte, waar de corona-afstand nog met felblauwe tape op de tafel staat afgeplakt, verraadt ook een zekere artistieke ongedwongenheid. Niet voor niets verzorgt Rocka veel drukwerk en grote fotoprints voor tal van musea en kunstinstellingen in en buiten Rotterdam. Het team is klein en op elkaar ingewerkt, vertelt Warnar. ‘De rollen zijn duidelijk. Hier gaat gewoon nooit iemand weg. De oudste werknemer is 78, de jongste 23.’ Zelf houdt hij zich bezig met calculaties en de contacten met de grootste klant, hightech gigant ASML, voor wie Rocka op ware grootte constructieprints zonder afwijkingen kan verzorgen, waarop ASML, letterlijk, wereldwijd zijn machines voor de halfgeleiderindustrie kan bouwen. Als lid van de VO-commissies ‘Aansluitingen’ en ‘Jaarverslag en balansbeheer’ houdt Warnar zich bezig met toetreding van nieuwe ondernemingen en bedrijfstakken die zich aan de poort van PGB melden en met calculaties en beleggingssystemen die het pensioen op de lange termijn moeten veiligstellen en behoeden voor nadelige gevolgen van door de overheid vastgestelde rekenrentes en parameters. Hier gaat niemand weg We spreken elkaar bij Rocka, het familiebedrijf in Rotterdam-West waarover Warnar al jaren de directie voert. Bij binnenkomst proef je meteen een sfeer die je het best met het woord 16 Cijfers kloppen soms niet De ingrijpende tussenkomst van de overheid stemt Warnar niet vrolijk. ‘De voorgeschreven scenario’s kloppen niet,’ bromt hij. ‘Als particulier mag je voor je oudedagsvoorziening met een rendement van 5,7% rekenen, terwijl pensioenfondsen verplicht zijn om met een fictief rendement Nicoline Maarschalk Meijer Nicoline Maarschalk Meijer zit namens de VVG in het Verantwoordingsorgaan van Pensioenfonds PGB. In elke editie van ExPress gaat zij in gesprek met een van haar collega’s uit het VO. In deze aflevering: inspraakveteraan Riemer Warnar. van 1% te rekenen, terwijl ze in werkelijkheid al tientallen jaren meer dan 6% aan rendement halen. Dat heeft Nederlandse werknemers en gepensioneerden onevenredig veel geld gekost.’ De cijfers van de overheid kloppen wel vaker niet, zegt Warnar. ‘Toen NIBUD op basis van CBS-cijfers een koopkrachtdaling van 2,6% rapporteerde, was de Tweede Kamer in shock. Maar de werkelijkheid was veel erger: 3,7 %. Het CBS had de stijging van de gasprijs met 40% niet meegenomen. En in de inflatiecijfers had CBS alleen de huurverhoging en niet de stijging van de huizenprijzen verwerkt.’ Hij bedoelt maar: als ondernemer kun je je dit soort fouten niet permitteren! Wat Warnar bij PGB het meest waardeert is het open klimaat dat onder leiding van oud-voorzitter Ruud Degenhardt is ontstaan. ‘Het is het enige pensioenfonds waar bestuurders

Warnar. ‘In het geval van beleggingen worden we al veel verder dan het VO mandaat meegenomen in het keuzeproces. Hetzelfde geldt, na een inhoudelijke discussie, over het premiebeleid en de beslissingen ten aanzien van aansluitingsverzoeken.’ ‘De cijfers van de overheid kloppen wel vaker niet’ zelf hun verhaal komen houden, al tien jaar lang. Bij de andere grote fondsen worden externe sprekers ingehuurd. PGB-bestuurders zijn voor het VO benaderbaar en bereid om ons tijdig van de juiste informatie te voorzien.’ PGB loopt daarmee in de pensioenwereld voorop, onderstreept hij. ‘We krijgen veel meer informatie en beslissingsrecht dan waar de wet ons in feite recht op geeft.’ Geen luxe Met de nieuwe pensioenwet in aantocht is dat overigens geen overbodige luxe, vindt Warnar. ‘De juridische randvoorwaarden van het invaren zijn nog niet duidelijk.’ Ook zou hij, om aan de verzwaarde taakstelling tijdens de transitie te kunnen voldoen, over de keuzes achter beslissingen geïnformeerd willen worden. ‘We moeten oordelen over beslissingen. Maar dan moet je de overwegingen kennen. Wat waren de keuzes? Links-rechts? Linksrechts-rechtdoor? Anders kan je een beslissing niet echt beoordelen.’ Van de kant van het PGB bestuur wordt steeds meer aan deze wens voldaan, vindt Alle Hens aan dek Wel maakt Warnar zich zorgen over de voorgenomen inkrimping van het VO in het licht van de komende periode. Aanleiding daarvoor was vooral dat FNV lange tijd geen kans zag gegadigden voor de vijf werknemersvacatures te vinden. Nu ze daar toch in geslaagd zijn, ziet Warnar geen reden meer om haast te maken met dit plan. ‘Het deelnemersaantal bij PGB is met veertig procent gestegen, waarom zou je dan juist nu het aantal VO-leden gaan terugbrengen? Er zijn net drie nieuwe leden toegetreden en binnenkort komen daar nog eens vijf FNV vertegenwoordigers bij, die zich nog in de complexe materie in moeten werken. Juist nu is het van cruciaal belang dat je de commissies met voldoende expertise kunt bemannen om het gecompliceerde traject van invaren zonder kleerscheuren door te komen.’ Het is niet dat hij geen afscheid van het VO kan nemen, verzekert Warnar. Ter illustratie somt hij een indrukwekkende reeks sociale activiteiten op waar hij zich met zijn actieve Rotaryclub Rotterdam Delfshaven met hart en ziel voor inzet. ‘Mijn punt is: waarom zouden we deze reorganisatie niet over de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel heen tillen en alle hens nog even aan dek houden?’ Nicoline Maarschalk Meijer 17

Internetaanval op administratie groot risico ‘Pensioenfondsen zijn aantrekkelijke doelwitten’ Harry Vossebeld is sinds 10 januari chief Operational Officer (cOO) van PGB Pensioendiensten. Als cOO is hij eindverantwoordelijk voor de beveiliging en het functioneren van de geavanceerde IT-systemen die ervoor zorgen dat gepensioneerden op tijd hun pensioen ontvangen en dat de inleg van werkgevers en werknemers goed wordt verwerkt en beheerd. Geen kleinigheid voor een pensioenfonds dat circa 37 miljard euro beheert en waarbij zestien verschillende bedrijfstakken en een aantal vrijwillig toegetreden grote ondernemingen zijn aangesloten. Voor pensioenfondsen is een cybersecurity-aanval, een aanval van buiten op administratieve systemen, één van de grootste risico’s van deze tijd. Kort geleden waarschuwde toezichthouder DNB (De Nederlandsche Bank) pensioenfondsen en pensioenbeheerders om tijdens het ‘invaren’, de transitie van het pensioenvermogen van het oude naar het nieuwe pensioenstelsel, alert te zijn op hackers die met gijzelsoftware de organisatie plat willen leggen om losgeld te eisen. Pensioenfondsen, die de plicht hebben op tijd pensioenen uit te betalen, zijn aantrekkelijke Het VO moet mag niet achterblijven bij de ontwikkelingen op beveiligingsgebied. In een serie trainingen worden zelfs de digibeten onder ons geschoold om voortaan zonder kleerscheuren in de eigen digitale omgeving te werken. Voor sommigen is het, ondanks de geduldige begeleiding, niet eenvoudig zich in de nieuwe digitale wereld thuis te voelen. Af en toe leidt dat tot hilariteit. 18 “Alles wordt complexer, maar moet goedkoper en sneller. Dan sluipt onnauwkeurigheid binnen“ doelwitten voor deze aanvallers die steeds slimmer opereren. Zij azen op de grote hoeveelheid data, die ze kunnen stelen en verkopen. Vroeger kon je nog volstaan met een stevige beveiliging van de digitale poort om boeven buiten de deur te houden. Nu is het vooral zaak om aanvallers op te sporen, wat vaak niet zo eenvoudig is. Vervolgens moet je zien dat je de criminelen die door de beveiliging heen zijn gebroken zo snel mogelijk de deur uit krijgt en alle sporen van hun aanwezigheid blijvend verwijdert uit het systeem. Precisiewerk, waarbij een team van in- en externe beveiligers 24 uur per dag scherp op ieder detail moet letten. Puzzelen Gelukkig is Vossebeld niet gauw uit zijn evenwicht te krijgen. De opgewekte wiskundige is een ‘mensgericht’ leider, die in oplossingen en uitdagingen denkt in plaats van in problemen en gevaren. Bovendien heeft hij, behalve een uitgesproken voorliefde voor gecompliceerde vraagstukken, een indrukwekkende staat van dienst in de automatisering. Hij startte zijn loopbaan bij Volmac (nu Cap Gemini), waar hij zich over een groot en gecompliceerd automatiseringsproject ontfermde. Met de pensioenwereld maakte hij kennis bij PGGM, waar hij werd binnengehaald om complexe IT-systemen van uiteenlopende leveranciers te stroomlijnen, een puzzel waar menigeen niet aan zou beginnen. Vossebeld eindigde er na 18 jaar als COO. ‘Als kind hield ik al van puzzelen,’ verklaart hij zijn enthousiasme. ‘De aard van de puzzel veranderde alleen.’ ‘De creatieve uitdaging om iets totaal nieuws te bedenken’ boeit hem al zijn hele leven. Hij wordt blij als hij een oplossing kan vinden, zelf of samen met anderen. ‘En vooral niet te standaard! Juist in de aanloopfase is het belangrijk om jezelf de tijd te gunnen om na te denken.’ Volgens Vossebeld gaat het daar vaak mis. Hij leest het af aan de krantenberichten over systeemfouten waardoor organisaties slecht functioneren. ‘Alles wordt complexer, maar tegelijkertijd moet alles goedkoper en dus sneller. Dat gaat niet samen. Dan sluipt de onnauwkeurigheid binnen.’ Iets wat je in de pensioenwereld moet zien te voorkomen: ‘Pensioenen zijn complexe materie. Het is een uitdagende sector, maatschappelijk buitengewoon relevant. Bovendien gaat het om reusachtig veel geld, dus het maatschappelijk belang is ook erg groot.’ Vertraging Je moet, zegt Vossebeld, de complexiteit eerst goed doorgronden. ‘Als je er de tijd voor neemt dan lukt het beter om mooie, goedwerkende oplossingen neer te zetten.’ In dit verband is hij niet rouwig dat de invoering van het nieuwe stelsel wat vertraging heeft opgelopen. ‘We hoeven nu nog geen regelingen te implementeren waardoor we de kans hebben het voorwerk goed te doen. Er is ruimte om het nieuwe administratieplatform InAdminRiskCo, wat Pensioenfonds PGB samen met Achmea heeft aangeschaft, goed in te richten. We kunnen de datakwaliteit van de gegevens nalopen en zien welke onderdelen van bestaande regelingen we kunnen vereenvoudigen.’ De gecompliceerde digitale reorganisatie die het nieuwe pensioenstelsel met zich meebrengt, vereist focus op de continuïteit, zegt Vossebeld. ‘De machine moet blijven draaien, mensen moeten hun pensioen op tijd krijgen, de pensioencommunicatie moet op orde blijven. Beveiliging van de systemen is daar een belangrijk onderdeel van.

Harry Vossebeld: ‘Criminelen steeds gewiekster’. FOTO PGB Je kunt nooit uitsluiten dat er toch iemand binnenkomt. Voor dergelijke gevallen is voorzien dat mensen de uitkering van een maand eerder ontvangen. Dat wordt dan achteraf gecorrigeerd.’ Gewiekster Criminelen worden steeds gewiekster, zegt Vossebeld. ‘Ze richten zich bij voorkeur op iets dat maatschappelijk interessant is, waardoor mensen inkomen wordt onthouden. Ze zijn zo specialistisch dat het ook voor de politie lastig te detecteren valt.’ Je weert ze niet zo zeer met nieuwe snufjes, volgens Vossebeld. ‘Het gaat om het doorlopend monitoren van alles wat op je website afkomt, van wat je op je eigen netwerk ziet. Continu updates uitvoeren. Nooit gegevens laten slingeren, goede wachtwoorden, altijd vergrendelen als je even bij je computer wegloopt.’ De aanval zit vrijwel altijd in een schijnbaar onschuldig bericht verpakt, zegt Vossebeld. Een bericht dat zo is vormgegeven dat het geen argwaan wekt. Logo’s en lettertype kunnen ze prima nabootsen. Een kunst die steeds gekkere vormen aanneemt. Vossebeld: ‘Mails van mijn bank, die vertrouw ik sowieso niet meer. Eigenlijk moet je alles wantrouwen wat iets met financiën te maken heeft. Maar het kan ook om andere, ingeburgerde diensten gaan. Nep- berichten van de parkeerservice dat je account wordt geblokkeerd omdat je niet betaald zou hebben. Of de woningbouwvereniging, dat je je lidmaatschap moet verlengen. Zoiets kan waar of niet waar zijn. En je hebt niet altijd je administratie bij de hand.’ Het is niet zo dat boeven via deelnemers het systeem kunnen binnendringen, benadrukt Vossebeld. ‘Gepensioneerden hoeven zich geen zorgen te maken dat ze het systeem ontwrichten als ze per ongeluk op een phishing e-mail hebben geklikt. Er is zo ontzettend veel technologie rondom, dat deelnemers nooit in het systeem terecht kunnen komen.’ PGB Pensioendiensten houdt het systeem weerbaar door: • Preventieve maatregelen (tegenhouden aanval) • • • • • • • • Beveiligen van ‘achterdeurtjes’ door voortdurende updates en security scans Veilige toegangsstrategie voor medewerkers Protocollen als toch phishing e-mail is gedetecteerd Trainingen medewerkers met ‘attack simulation’ Updates technische maatregelen Offline back-ups voor het geval het systeem wordt aangevallen Voortdurende ontwikkeling technische- en beheersstructuren t.b.v. informatiebeveiliging Crisis management en duidelijke protocollen voor crisissituaties 19

PGB antwoordt LedenVragen, Dit jaar heeft Pensioenfonds PGB aangekondigd eindelijk weer eens een indexatie te geven. Maar het was maar 0,23%. En dat terwijl ze zoveel geld in kas hebben en er al zoveel jaren niet is geïndexeerd. Hoe kan dat? Het bestuur van Pensioenfonds PGB realiseert zich dat het om een lichte verhoging gaat. Toch is het fijn dat voor het eerst sinds 2008 een kleine verhoging mogelijk is. Doordat alles duurder wordt voor de gepensioneerden, is het logisch dat er gevraagd wordt om meer te doen. Maar dat kan helaas niet. Er zijn heel strikte wettelijke regels in het huidige stelsel waar wij ons als pensioenfonds aan moeten houden. Er moeten buffers worden aangehouden om de pensioenen zo zeker mogelijk te maken. Pas als daar nieuwe afspraken over worden gemaakt, zoals in het nieuwe stelsel gaat gebeuren, kan dat veranderen. Op pensioenfondspgb.nl/verhoging lees je meer over de regels voor het verhogen of verlagen van de pensioenen. Waarom moet het zolang duren (waarschijnlijk tot mei) voordat de indexatie ook daadwerkelijk wordt uitbetaald? Het vraagt tijd om de verhoging in onze administratie te verwerken. Vanaf de maand mei is de verhoging terug te zien op mijnpgbpensioen.nl. Het pensioen wordt dan wel met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2022 verhoogd. Dat geldt voor iedereen die 20 pensioen van ons ontvangt, bij ons opbouwt of nog bij ons heeft staan. Pensioenontvangers krijgen een nabetaling bij hun pensioenuitkering in mei. Waarom krijgen we bij PGB geen inhaalindexatie? Om gemiste toeslagen te kunnen inhalen, moet op persoonsniveau worden bijgehouden wat de gemiste toeslag is. En het administreren daarvan is moeilijk en daardoor ook kostbaar. Daarnaast is het maar de vraag of het verlenen van een inhaalindexatie evenwichtig uitpakt voor alle deelnemers, gepensioneerden en ex-deelnemers. Daarom heeft het bestuur van Pensioenfonds PGB in 2015 besloten om geen inhaaltoeslagen te verlenen. In plaats daarvan kan het bestuur een extra verhoging van 1% geven bovenop de vaste 2%. Dit kan alleen als onze financiële Tijdens de kennissessie (van PensioenTrefpunt) ging het veel over het verhogen van de pensioenen. Ook het bestuur van de VVG ontvangt hierover veel vragen. En dat er nu 0,23 procent wordt uitgekeerd, leidt ook tot de nodige vragen. Hierbij vind je een selectie met de antwoorden van Pensioenfonds PGB. situatie goed genoeg is. Op pensioenfondspgb. nl/verhoging lees je meer over de regels voor het verhogen of verlagen van de pensioenen. Ik heb begrepen dat wel/ niet kunnen indexeren en de hoogte ervan, afhankelijk is van de beleidsdekkingsgraad. Indexeren mag pas vanaf 110%. In de Tweede Kamer is eind vorige jaar een motie ingediend om dat percentage te verlagen naar 105%. Wat zou dat betekenen voor het indexatiepercentage bij PGB? Het bestuur kijkt of er later dit jaar nog iets extra’s kan worden gegeven. Daarbij kijken we als altijd zorgvuldig naar de ontwikkelingen op de financiële markten die onzeker zijn en de belangen van al onze deelnemers en de overige belanghebbenden. De wetgever lijkt hier na 1 juli 2022 ruimte voor te gaan bieden met de overgangsregels voor het nieuwe pensioenstelsel.” Ik begrijp dat Pensioenfonds PGB een maximale indexering kent van 2%, eventueel te verhogen naar maximaal 3%. Is dat niet onredelijk als de gemiddelde inflatie beduidend hoger zal zijn de komende jaren? Een vaste verhoging over meerdere jaren mag fiscaal niet meer zijn dan een ambitie van 3%. Deze 3% is gebaseerd op een lange reeks van inflatiecijfers sinds 1978. De afgelopen 10 jaar bleven de inflatiecijfers steeds onder de 3%,. Het bestuur heeft in 2015 bewust gekozen voor een vaste verhoging omdat hierdoor geen grote schommelingen in de toeslagen kunnen plaatsvinden. Dit leidt tot

n een stabielere ontwikkeling van de pensioenen. Daarnaast sloot dit besluit aan bij onze langetermijnverwachting voor de inflatie. Ook was het de verwachting dat het de eerste jaren zou leiden tot een snellere stijging van de koopkracht. Nu de inflatie omhoogschiet, pakt dit inderdaad ongunstig uit. Hieronder de inflatiecijfers van de afgelopen 5 jaar: 2021: 2,39% 2020: 0,71% 2019: 2,84% 2018: 2,08% 2017: 1,38% 2016: 0,19% 2015: 0,71% 2014: 0,96% 2013: 2,81% 2012: 2,26% n Ik heb begrepen dat als het nieuwe pensioenstelsel is ingevoerd er eerder geïndexeerd kan worden. Klopt dat? En hoe werkt dat dan? Vaak wordt nu nog een belofte gedaan over de hoogte van het pensioen. De huidige pensioenregels zijn hierop gebaseerd en hierdoor moeten verplicht hoge buffers worden aangehouden. Dit zorgt er onder andere voor dat bijna alle pensioenen al jaren niet worden verhoogd en de eerdere belofte lang niet altijd wordt waargemaakt. Als het nieuwe pensioen is ingegaan, krijg je een pensioenkapitaal. Als het goed gaat met de economie, ga je dat directer voelen omdat jouw aandeel in het collectieve pensioenkapitaal daardoor omhooggaat. Gaat het slechter, dan merk je dat ook meteen. Het pensioen wordt straks dus beweeglijker. Pensioenfondsen halen rendementen van gemiddeld 6% per jaar en dat wordt niet of nauwelijks uitgekeerd. Waar blijft al dat geld? Afgelopen jaren hebben pensioenfondsen last gehad van de sterk gedaalde rente. Deze rente moeten we gebruiken om uit te rekenen hoeveel geld er in kas moet zijn om aan alle verplichtingen te kunnen voldoen. Nu en in de toekomst. Daarnaast worden we steeds ouder. Dat is natuurlijk goed nieuws, maar het betekent ook dat er langer pensioen moet worden uitgekeerd. Dat leidt weer tot een daling in de dekkingsgraad. Verder moeten er grote buffers worden opgebouwd voordat we de pensioenen mogen verhogen. Door de goede beleggingsresultaten zijn de buffers gegroeid en hierdoor steeg de dekkingsgraad. Daardoor konden we voor het eerst sinds 2008 de pensioen weer licht verhogen. De rente stijgt dit jaar en daarmee ook de dekkingsgraad. Wat is het effect op de dekkingsgraad als de rente met 1% stijgt? Door een rentestijging van 1% hoeft er veel minder geld in kas te worden gehouden voor de toekomstige pensioenverplichtingen. Dat levert een hogere dekkingsgraad op. Tegelijkertijd neemt de waarde van onze obligaties wat af. Per saldo leveren deze twee tegengestelde ontwikkelingen een verbetering op van de dekkingsgraad van ongeveer 14%. Bij deze verbetering hielden we geen rekening met een eventuele waardedaling van de aandelenportefeuille (wat vaak voorkomt bij een rentestijging). 21

Dierenlijn. nl kent deelnemers, donateurs en ambassadeurs. Aandacht wordt gevraagd onder de naam lifeline call for animals. De deelnemers betalen wekelijks een bijdrage van 1,75 euro. plaats voor het trainen van paarden. Duindigt! De tiener kan op de renbaan aan de slag bij een Belgische stal. Nee, niet als jockey, daarvoor is Joop al te zwaar. De verdiensten: twintig gulden per de week. Joop Brinckman: “In ons land zijn steeds meer alleenstaanden die nauwelijks sociale contacten hebben.” Joop Brinckman bedacht telefonisch vangnet Dagelijks telefoontje uit zorg om huisdier Nederland telt meer huisdieren dan zijn 17,5 miljoen inwoners. In de aquaria zwemmen 7,7 miljoen vissen. Onderschat de aantallen honden en katten niet. Respectievelijk 1,7 en 2,9 miljoen huisgenoten. De Franse wijsgeer Montaigne schreef vijf eeuwen geleden: hoe meer ik de mensen leer kennen, hoe meer ik van mijn hond hou. Huisdieren bouwen met hun baasjes dikwijls een ongemeen sterke band op. Joop Brinckman (Den Haag, 1952) is graag op zichzelf. Mijdt drukte. laat hem maar met zijn drie katten. “Ik ben gezond. Als ik ga slapen en niet meer wakker word, heb ik daar geen problemen mee. Niemand mist mij de eerste drie weken. De katten echter gaan een lijdensweg tegemoet. Ze hebben de eerste dagen wel wat brokjes en water maar dat is het dan. Soms liggen mensen maanden en wel jaren onopgemerkt dood in hun woning. Hoe bestaat dat, denk je dan. Het probleem heeft me aan het denken gezet.” Paarden Als zoon van een Haagse trambestuurder staat Brinckman jong op eigen benen. Thuis is het geen vetpot. Nieuwe kleding komt van de kerk. 22 “Ik heb lagere school en een jaar LTS timmerman. Geen klagen, ik had een geweldige jeugd. Mijn eerste baan was bij de Salon Parketindustrie, als leerling parketteur.” Het leggen van vloeren maakt al snel Met al twee banen achter zich pakt Brinckman als zestienjarige de draad op bij grootgrutter Simon de Wit, de supermarktketen die later opgeslokt zal worden door Jumbo. Hij maakt deel uit van het openingsteam voor diverse nieuwe vestigingen. De paarden blijven echter trekken. Dus solliciteert Brinckman na een jaar of drie op een functie bij een manege aan de Lozerlaan in Den Haag. De dierenvriend blijkt welkom. “Kom ik bij de manege, hoor ik ineens dat mijn baan niet doorgaat. Ik had al ontslag genomen bij Simon de Wit. Niks op papier bij de manege natuurlijk. Daar sta je dan.” Man van praktijk Na een poging bij de Staatsdrukkerij aan het werk te komen, belandt Brinckman bij ABC kopieerinrichting, later ABC Offset BV. Om het vak te leren, bezoekt hij de Grafische Avondschool. “Niets voor mij zo’n school. Ik ben een man van de praktijk. Als er problemen waren, konden de drukkers die niet oplossen. Ik wel. Als de Rotaprint rammelde, verving ik de kapotte lagers. Ik haalde thuis toch ook mijn Puch uit elkaar?” De praktijk is Joops beste leermeester. Als de eigenaar met pensioen gaat, kan gangmaker Brinckman het bedrijf overnemen. Topjaar is 1993 waarin met een ploeg van acht personen 1,4 miljoen gulden omzet wordt weggezet. Grote klanten zijn de Dierenbescherming plus de producent en uitvinder van het VHS-systeem JVC, bekend van de cassettebandjes. De jaren van grote

saneringen in de grafische sector dienen zich al aan. Als eenmanszaak slaagt Brinckman erin zijn werk nog twintig jaar voort te zetten. Sinds 2017 geniet hij van zijn pensioen. Mag ook wel na 52 jaar werken. Drie katten Wat is het lot van huisdieren als alleenstaanden met amper sociale contacten overlijden? Joop Brinckman maakt zich zorgen, zoekt naar oplossingen. Wat is het lot van zijn drie katten? Hij rekent zichzelf tot de doelgroep. “Er bestaan belkringen om contacten te onderhouden. Maar Achter het vensterglas plezier, tegenslag en eenzaamheid. In bijna de helft van de huishoudens zijn huisdieren. Nederland telt 2,9 miljoen katten, 1,7 miljoen honden en 7,7 miljoen aquariumvissen. lang niet overal. Anderen vertrouwen op zo’n alarm om de nek. Werkt dat? In theorie wel. Maar als mensen in bad gaan, leggen ze het alarm op het nachtkastje. Dan heb je een probleem.” Samen met neef Michel bedenkt Joop een telefonisch vangnet, een geautomatiseerd belsysteem dat op het internet te vinden is onder dierenlijn.nl. De deelnemers ontvangen op een vast tijdstip een dagelijks telefoontje. Alles ok? Druk de 1 in en het gesprek wordt beëindigd. Wordt op de oproep niet gereageerd dan rinkelt na een uur opnieuw de telefoon – meerdere keren. Blijven ook de herhaalde telefoontjes onbeantwoord, dan volgt de inschakeling van een vooraf aangegeven contactpersoon. Nog diezelfde dag neemt iemand poolshoogte. Bijzondere groep “Na 3,5 jaar werkt het systeem perfect”, zegt Joop Brinckman. “Je heb te maken met een aparte groep mensen. Vaak oud, soms vergeetachtig. In het begin was de intervaltijd te kort. Hoeveel tijd hebben mensen nodig om de telefoon op te nemen? Sommigen moeten eerst nog even hun bril zoeken.” Of Brinckman louter positieve reacties krijgt op zijn initiatief? Zeker niet. “Ik krijg dan de vraag of ik niet beter mensen dan dieren kan helpen. Mijn antwoord: door de dieren aandacht te geven, zorg ik ook voor de mensen. Alle beetjes helpen.” Brinckman voelt zich een beetje sociaal werker. Maakt dingen mee, voert gesprekken. Twee van de inmiddels zeventig deelnemers vertrouwen niemand als contactpersoon. Als bij hen de telefoon niet meer wordt opgenomen, gaat een seintje naar de politie. De dieren vinden onderdak - tenzij anders afgesproken - in een asiel. Daar kan de zoektocht beginnen naar een nieuw baasje. Tekst en foto’s Theo leoné Op pad met Rocko. Tussen mensen en hun huisdieren ontstaan vaste banden. 23

Voorzitter van klachtencommissie PGB Maarten Jansen: ‘We willen onze deelnemers houvast bieden’ ‘’We willen de deelnemers van Pensioenfonds PGB houvast bieden. Het kan altijd voorkomen dat mensen niet gelukkig zijn met een bepaalde beslissing en een klacht willen indienen. Wij nemen elke klacht serieus en doen er alles aan om het zo goed mogelijk op te lossen. Een klager krijgt misschien niet altijd zijn of haar zin, dat kan nu eenmaal niet als daar goede redenen voor zijn. Maar als men het gevoel heeft dat er echt geluisterd wordt en dat we de klacht serieus nemen, dan is er vaak al veel kou uit de lucht.’’ Dat zegt Maarten Jansen, al bijna elf jaar lid van het bestuur van Pensioenfonds PGB en voorzitter van de klachtencommissie. Om het eerst in perspectief te plaatsen: PGB ontving in 2020 144 klachten van deelnemers over de dienstverlening en communicatie, terwijl dat er in de eerste helft van 2021 64 waren. Een kwart van de klachten in 2020 was afkomstig van ‘slapers’, 31 procent van partners of ex-partners van gepensioneerden of actieve deelnemers en 20 procent van gepensioneerden. Op een aantal deelnemers van ruim boven de 450.000 lijkt het aantal klachten dus niet hoog. Maar dat is niet hoe Maarten Jansen erover oordeelt: ‘’Elke klacht is er één en van elke klacht kunnen we leren. We voeren wat dat betreft ook een pro-actief beleid. De medewerkers van het klantcontactcentrum worden getraind hoe ze klachten kunnen herkennen. Als iemand belt met een bepaalde vraag, dan kan het feitelijk gaan om een klacht. Dat willen we dan zichtbaar maken door het ook als klacht te behandelen.’’ dat voor de agrarische groothandel, tot PGB toegetreden. De besturen van die fondsen vonden aansluiting bij ons fonds de beste optie, maar hebben wel moeten besluiten om een korting op de pensioenen en de aanspraken door te voeren, omdat hun dekkingsgraad lager was dan die bij PGB. Ik kan me voorstellen dat het een flinke schok is als je plotseling te horen krijgt dat je pensioen een stuk naar beneden gaat. Actieve deelnemers konden ook wel bij hun werkgever terecht, maar de gepensioneerden hebben zich vaak tot ons gewend met vragen en dus ook met klachten.’’ “Van grote storingen is bij ons geen sprake geweest“ Verder zijn er, zoals uit de cijfers blijkt, echter toch weinig klachten van gepensioneerden, hoewel die elke maand met PGB te maken hebben. ‘’Het uitbetalen van de pensioenen verloopt uitstekend, Kortingen In de eerste helft vorig jaar waren er relatief meer klachten van gepensioneerden, bijna de helft van het totaal. Dat had volgens Jansen een aanwijsbare reden: ‘’Per 1 januari 2021 zijn twee fondsen, dat voor de reiswereld en 24 dat heeft de uitvoeringsorganisatie goed voor elkaar. We hebben één keer aardig wat vragen en klachten gehad, dat was toen we de betaaldag hebben verschoven van de 12e naar de 19e van de maand. Maar daar was iedereen in korte tijd weer aan gewend en sindsdien loopt het goed. Er kan zich natuurlijk altijd een probleem voordoen maar van grote storingen is bij ons gelukkig geen sprake geweest. Het kan een keer gebeuren, dat realiseren we ons. Rond en op die betaaldag zijn er altijd wat extra mensen in huis om in te kunnen grijpen in het geval dat….’’ Telefoontje Aan de afhandeling van alle klachten besteden Pensioenfonds PGB en uitvoeringsorganisatie PGB Pensioendiensten de grootst mogelijke aandacht: ‘’De meeste klachten komen tegenwoordig binnen via email of het formulier op onze site. Dan kunnen bepaalde zaken onduidelijk zijn , wat is er nu precies aan de hand? Om te voorkomen dat er steeds heen en weer gemaild moet worden, vragen we de betrokkene tegenwoordig om een telefoonnummer. Met een telefoontje kan je veel onduidelijkheden wegnemen en soms ook vragen beantwoorden. Daarnaast hebben we nu ook casemanagers, gespecialiseerde medewerkers die de voortgang van een klacht voortdurend bewaken en hem afhandelen. Om dat alles te overzien hebben we ook klachtencoördinatoren die de procesgang in het algemeen en verbeteracties bewaken. De meeste klachten kunnen op die manier naar tevredenheid worden opgelost. Ik benadruk nog eens dat dat niet altijd betekent dat de klager gelijk heeft en krijgt. Is iemand niet tevreden over de reactie op zijn klacht, dan komt de klachtencommissie in beeld. Dat gebeurt niet al te vaak, in 2020 bijvoorbeeld niet meer dan vijf keer waarvan drie klachten werden toegewezen.’’ De klachtencommissie bestaat uit twee leden van het PGB-bestuur. Geschillen Daarnaast is er nog een commissie van bezwaar die geschillen behandelt en daarover een bindend advies uitbrengt. Vorig jaar heeft die commissie vier keer een uitspraak gedaan. Jansen legt uit: ‘’Bij klachten gaat het over de manier waarop wij bij PGB Pensioendiensten werken, zeg maar de bejegening. Bij geschillen gaat het over de uitleg van het pensioenreglement. Die commissie van bezwaar bestaat uit onafhankelijke deskundigen, waarvan twee uit de

wereld van de human resources, onder begeleiding van een pensioenjurist.’’ Het Verantwoordingsorgaan, waarin ook de VVG-PGB is vertegenwoordigd, mag de leden van die commissie van bezwaar voordragen, maar heeft verder geen actieve rol in de klachtenprocedures. ‘’Maar als ze zelf signalen krijgen dat er iets niet goed loopt, dan weten die VVG-leden dat best aan te kaarten in het VO of met het bestuur.’’ Hoe vreemd het moge klinken, Jansen nodigt deelnemers en zeker ook gepensioneerden uit klachten steeds door te geven. ‘’Wij ontvangen graag alle signalen van onze deelnemers. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor de werkgevers en vakbonden, bij alle bijeenkomsten met die groepen vragen e of alles naar hun mening goed loopt en of er ook klachten zijn. Gepensioneerden hebben, als ze lid zijn van de VVG, natuurlijk deze vereniging als kanaal. Daar maken ze in de praktijk ook gebruik van, bijvoorbeeld voorafgaand aan de ledenvergadering. Zij kunnen PensiMaarten Jansen: ‘De meeste klachten worden naar tevredenheid opgelost, wat niet wil zeggen dat de klager altijd gelijk krijgt". FOTO: PGB oenfonds PGB echter ook altijd direct bellen of mailen als ze ergens mee zitten. Blijf er niet mee rondlopen, onze mensen zijn er voor om te helpen. En om de deelnemers houvast te bieden, dat is ons uitgangspunt.’’ Pensioenfondsen tekenen convenant maatschappelijk verantwoord beleggen Tientallen pensioenfondsen hebben het Convenant Internationaal Maatschappelijk Verantwoord Beleggen (IMVB) ondertekend. Daarin hebben zij samen met de overheid, vakbonden en organisaties als PAX, Amnesty International en Oxfam Novib afspraken gemaakt om te voldoen aan internationaal aanvaarde normen voor verantwoord beleggen Pensioenfondsen beheren het geld van hun deelnemers. Dat betekent dat ze in hun beleggingsbeleid keuzes maken waarbij zij de wensen van hun deelnemers betrekken. Ze kiezen bijvoorbeeld voor groene energie en stappen uit fossiel, of richten zich op thema’s als biodiversiteit of arbeidsrechten. Net wat belangrijke thema’s zijn in de sectoren waar hun deelnemers actief zijn. Evenals waar zich de meest prangende duurzaamheidsrisico’s voordoen in de portefeuille. Álle maatschappelijke problemen tegelijk te lijf gaan is lang niet altijd mogelijk en vaak ook niet het effectiefst. Belangrijk is om te weten waar in de keten daadwerkelijk het verschil gemaakt kan worden, legt de Pensioenfederatie uit. Ondertekenen van het IMVB betekent dat de pensioenfondsen gestructureerd naar duurzaamheidsrisico’s gaan kijken. Dat geeft inzicht in waar beleggingen mogelijk een negatief effect hebben op samenleving en milieu en geeft zo richting aan een onderbouwd verantwoord beleggingsbeleid. Daarnaast krijgen beleggingen die juist een positieve impact teweeg brengen, ook steeds vaker een plek in de beleggingsportefeuilles van pensioenfondsen. Zo doen Nederlandse pensioenfondsen bijvoorbeeld diverse investeringen die bijdragen aan de energietransitie. 25

Nieuw bestuurslid Pensioenfonds PGB Frans van de Veen: ‘Duurzaam beleggen moet je gewoon dóen’ Frans van de Veen is nog maar net aan boord bij PGB, maar meteen duidelijk over zijn ambitie: zorgen dat zijn aandachtsgebied niet meer nodig is: ‘Geen duurzaamheidsbeleid betekent dat we het gewoon doén. Dat het een integraal onderdeel is van ons vermogensbeheer. Dat het zo ingebakken zit, dat het vanzelfsprekend is.’ Sinds 1 januari 2022 is hij portefeuillehouder Balansbeheer in het bestuur van Pensioenfonds PGB, met specifieke verantwoordelijkheid voor het duurzaam beleggingsbeleid. Generalist Frans van de Veen is weliswaar nieuw bij Pensioenfonds PGB maar beslist geen groentje als het gaat om pensioen. Hij is werkzaam als coördinator bij de pensioenafdeling van CNV Vakmensen en zat de afgelopen jaren in meerdere pensioenfondsbesturen, zowel in beleggings- als risicocommissies. Ook zit hij in het bestuur van het pensioenfonds van Unilever. En gedurende de CPEPensioenopleiding in Rotterdam heeft hij onderzoek gedaan naar het gebruik van deeltijdpensioen. ‘Ik ben een generalist als het gaat om pensioen. Ik vind het mooi om iets van verschillende kanten te kunnen bekijken.’ begrijpen. Waarom niet meer, zeker gezien de oplopende inflatie? Die snap ik. Maar er zitten gewoon wettelijke regels aan vast. Bij een dekkingsgraad van 100% heb je precies genoeg in kas om alle pensioenen nu en in de toekomst uit te keren. Maar je moet wel een marge hebben, voor als het slechter gaat. Daarom hanteert de overheid 110% als ondergrens voor indexatie. Daarboven heb je ruimte om te verhogen, maar dat hangt ook weer af van je vereiste eigen vermogen. Pensioenfonds PGB had eind december een dekkingsgraad van 111,5%. En dan kom je met allerlei berekeningen uit op die 0,23%. In de tweede helft van 2022 komt er mogelijk extra wettelijke ruimte om te verhogen, in het licht van het nieuwe pensioenstelsel. Als die ruimte komt, zullen we natuurlijk een zorgvuldige afweging maken over hoe dat uitpakt voor alle deelnemers: gepensioneerden, pensioenopbouwers en slapers (deelnemers die ooit pensioen opbouwden en dat potje nog bij PGB hebben staan, red.). “‘Wat ik wil is dat mensen trots zijn dat ze bij Pensioenfonds PGB zitten. Omdat we goeie dingen doen!’“ Inspraak van gepensioneerden Op de vraag of gepensioneerden daar ook inspraak in hebben is Frans duidelijk: ‘Natuurlijk! We luisteren zeker naar de gepensioneerden. Ik zit dan toevallig namens de Verhogen pensioenen Dat komt goed uit. Want zijn komst viel gelijk met een dekkingsgraad, die voor het eerst in jaren hoog genoeg was om de pensioenen te kunnen verhogen. Slechts met 0,23% zoals de meesten inmiddels wel weten. Frans: ‘Veel mensen vinden dat moeilijk te 26 werknemers in het bestuur, maar we hebben als bestuur de opdracht om besluiten te nemen in het belang van álle deelnemers. Dat is de evenwichtigheid waar je steeds naar moet kijken. Bestuursleden die wat meer betrokken zijn bij de VVG hebben veel vragen gehad en ook antwoorden gegeven. Onze voorzitter Jochem Dijckmeester heeft columns geschreven over dit onderwerp en veel reacties gekregen. Dat nemen we allemaal mee. Het Frans van de Veen is er zeker van: ‘Duurzaam beleggen is juist minder risicovol’ verantwoordingsorgaan heeft er ook een rol in. En we gaan zeker ook het gesprek erover aan de komende tijd.’ Risico en rendement hand in hand Pensioenfonds PGB deed in oktober vorig jaar een risicobereidheidsonderzoek onder deelnemers. Daar deden veel mensen aan mee, en dat geeft het bestuur ook inzicht in wat deelnemers willen. Over het algemeen willen gepensioneerden volgens Frans wat minder risico lopen: ‘Op zich logisch, maar zonder risico heb je ook geen rendement. Want pensioen gaat niet alleen over hoeveel pensioen je hebt opgebouwd, of hoeveel pensioen je nu krijgt, maar ook of je daar morgen nog hetzelfde mee kan kopen, of overmorgen. En dan heb je het over indexatie, over verhoging. Dat is wat we willen: zoveel rendement maken dat je pensioen mee kunt laten lopen met de stijging van de kosten. Rendement is dus een onlosmakelijk onderdeel van het pensioenverhaal; het is de reden waarom je belegt. Dus om te kunnen verhogen, moet je ook risico willen

lopen. Risico en rendement zijn twee zijdes van dezelfde munt. Geen risico, geen rendement.’ Duurzaam beleggen is beter Oké, maar geeft duurzaam beleggen dan niet een hoger risico dan ‘gewoon’ beleggen? Frans reageert stellig: ‘Nee, juist niet! Duurzaam beleggen levert het beste resultaat op juíst omdat het minder risicovol is. In een groot onderzoek uit 2016 van de Deutsche Bank en de Universiteit van Hamburg1 bijvoorbeeld, is gekeken naar meer dan 2.000 onderzoeken tussen 1970 en 2015 op het gebied van rendement en duurzaamheid. Daaruit bleek dat er in 60% van de gevallen een positieve relatie was tussen duurzame beleggingen en rendement, en omgekeerd met risico; dat nam dus af. In 30% maakte het niet uit, en bij slechts 10% was er een negatieve correlatie. In het denken over duurzaam beleggen in de beleggingswereld is het nu wel common sense dat het in ieder geval geen geld kost, maar wel het risico verlaagt. Als je dat tot je door laat dringen, ben je eigenlijk stom bezig als je het niét doet. Zelfs de hele grote vermogensbeheerders in de wereld hebben de draai gemaakt naar duurzaam beleggen.’ Beleggingsovertuigingen Maar waaróm geeft duurzaam beleggen dan minder risico? Frans: ‘Op een moment dat je belegt in een bedrijf dat het op diverse duurzaamheidsvlakken niet goed doet, dan kan er aansprakelijkheid of faillissement ontstaan in de toekomst. Als je bijvoorbeeld de omgeving hebt vervuild en je doet er niks mee. Of je schoffeert je werknemers. Dan weet je dat je misschien niet morgen, maar wel ergens de komende jaren problemen gaat krijgen. Mijn ervaring, ook als vakbondsbestuurder, is dat op een moment dat een bedrijf zich niet verantwoordelijk voelt voor zijn mensen en zijn omgeving, het dan vaak ook op andere aspecten misgaat. Daar wil je niet in beleggen. Dat hebben wij nu ook duidelijk in onze beleggingsovertuigingen opgenomen: we gaan elke belegging wegen op de aspecten risico, rendement, kosten én duurzaamheid. Het vierkantje van beleggen noemen we dat.’ De samenleving als geheel Frans is dus groot voorstander van duurzaam beleggen, alleen al vanwege de financiële kant. Maar ook omdat hij kansen wil benutten om bij te dragen aan een betere wereld: ‘Pensioen gaat niet alleen over de financiële uitkering die je nu krijgt, of over twintig jaar, maar óók om de wereld waarin je die uitkering kunt uitgeven, nu en over twintig jaar. Daarom noemen we het ook geen maatschappelijk verantwoord beleggen meer. Het is veel breder: het gaat om de duurzame relatie die je hebt met de samenleving, met je omgeving. We willen allemaal een goed pensioen, maar daar ook van kunnen genieten in een leefbare samenleving. Door duurzaam te beleggen kunnen we daar ook een bijdrage aan leveren.’ stappen maken. Dat betekent, hoe wil je van nu naar de toekomst? Wat ben je van plan als het gaat om klimaat, om je mensen, om governance (goed bestuur, red.)? Op het moment dat je producten wil maken op dezelfde manier als je nu doet, en niet kijkt hoe je kunt veranderen, dan ben je geen interessante belegging. Als je een transitie wilt maken, dan kun je wel een interessante belegging zijn.’ “Je bent als pensioenfonds eigenlijk stom bezig als je niét duurzaam belegt“ Groen beleggen is niet zwartwit Dat duurzaam beleggen nog niet Wat past bij ons Het beleid van ons fonds stoelt op drie pijlers, vertelt Frans: beperken (bedrijven en landen uitsluiten), versterken (invloed uitoefenen op bedrijven) en benutten (in duurzame ondernemingen beleggen). ‘Maar bij elke keuze moeten we ons ook afvragen: past het bij Pensioenfonds PGB? We hebben deelnemers uit de procesindustrie, de chemie, en kunststof en rubberindustrie om maar iets te noemen. We gaan echt niet zeggen, in dat soort bedrijven beleggen we niet. We zeggen wél: we willen beleggen in bedrijven die duurzaam willen zijn en ook daadwerkelijk zo eenvoudig is blijkt ook uit enkele voorbeelden die Frans geeft. ‘Bijvoorbeeld, als je windparken op zee wilt. Wat gebeurt er dan met de natuurlijke habitat in die zee. En als je een dam bouwt om waterkrachtcentrales te maken, dan is dat goed voor het klimaat, maar wat doe je met de mensen die in dat dal wonen? En iets kan veel werkgelegenheid geven, maar als dat is in een sector waar je moeite mee hebt, wat doe je dan? We moeten daar als bestuur goed over nadenken. En onze deelnemers en gepensioneerden erbij betrekken. Want wat ik wil is dat mensen trots zijn dat ze bij Pensioenfonds PGB zitten. Omdat we goeie dingen doen!’ 1.) DWS and University of Hamburg 2015: ESG & Corporate Financial Performance: Mapping the global landscape. Persoonlijk Frans van de Veen is 56 jaar en getrouwd met Joke. Samen hebben ze twee dochters. Beide dochters studeren, de oudste woont op kamers in Wageningen, de jongste woont nog thuis. Frans is opgegroeid in Rheden (Veluwe), maar woont alweer jaren in de vestingstad Gorinchem: ‘Dat is mooi, zeker de rivier en Uiterwaarden, maar er is geen bos en geen hoogteverschil; dat mis ik soms wel.’ Frans studeerde bestuurskunde aan de HEAO in Enschede, heeft in het verleden gekorfbald en gaf jaren korfbaltraining aan de jeugd. Sinds begin dit jaar is hij kerkrentmeester. 27

Redactie op bezoek bij drukkerij die de ExPress vervaardigt Tuijtel heeft duurzaamheid hoog in ‘t Het magazine dat u nu in uw handen hebt – tenzij u digitaal aan het lezen bent, uiteraard – is vervaardigd bij drukkerij Tuijtel in Hardinxveld-Giessendam. Tuijtel beroemt zich erop te zijn ‘dé duurzame kwaliteitsdrukkerij van Nederland, met alle specialismen, inclusief het binden, onder één dak. Tuijtel vervult een voortrekkersrol op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemen en klimaatneutraal produceren.’ Daar zijn ze niet weinig trots op, blijkt als een delegatie van de ExPress-redactie er op uitnodiging van salesmanager Ab Bouhof een kijkje neemt. Ook de ExPress wordt zo milieuvriendelijk mogelijk gemaakt, op duurzaam geproduceerd papier. Of we het leuk zouden vinden om een keertje langs te komen, was de vraag vanuit drukkerij Tuijtel, en dan uiteraard juist op een moment dat in de drukkerij gewerkt wordt aan ons blad, de ExPress. Nou graag, natuurlijk, zeker in de wetenschap dat Pensioenfonds PGB intussen heel breed is samengesteld, maar dat bij veel van onze leden nog altijd wat inkt door de aderen stroomt. Dus wij op woensdagochtend 3 november van het vorig jaar naar Hardinxveld-Giessendam, drie man sterk: oud-eindredacteur Geer Meershof (als onderdeel van haar afscheidstournee), redactielid (en ooit graficus) Tonnie Klein Hemmink en ondergetekende. Salesmanager Ab Bouhof (‘Ik ben 67, heb al een jaar AOW, maar ik werk nog volop en hoop nog wel een poosje door te gaan') leidt ons rond. Te beginnen in de productiehal bij de Drukker Marchel Brussé inspecteert een kakelvers vel covers van de ExPress. FOTO TONNIE KLEIN HEMMINK 28

vaandel De afvaardiging van VVGPGB geniet vn het kijkje bij de drukkerij. Vlnr Piet Oosthoek, Tonnie Klein Hemmink en oudeindredacteur Geer Meershoek. FOTO: AB BOUHOF Heidelberg Speedmaster, waar op dat moment drukker Marchel Brussé bezig is met de vervaardiging van de cover van ons november-magazine. Vier stuks per drukvel, dat schiet lekker op. Voor de deskundigen onder ons: die Heidelberg is een pers met 2 x 5 inktwerken, met in één drukgang de schoon- en weerdruk, met een snelheid van rond de 15.000 vel per uur. 18.500 is dit keer de oplage, met een pers als deze is dat maar tikken. Met – gepaste – trots heeft Bouhof dan al uitgelegd hoe het zit met dat duurzame papier, waarvoor het FSCkeurmerk is gekregen. Een van de criteria daarbij is dat ontbossing geen kans krijgt. Voor elke gekapte boom wordt meteen een nieuwe aangeplant. Ook wordt wel gewerkt met – in principe duurder - recycle-papier, maar dat moet de klant wel willen, want die betaalt uiteindelijk het gelag. Drukkerij Tuijtel is een familiebedrijf in Hardinxveld-Giessendam, dat wordt geleid door Albert Tuijtel. Het heeft zo’n 45 man personeel. De jaaromzet in gewone tijden bedraagt ongeveer tien miljoen, maar wel heeft die in coronatijd een flinke knauw gekregen. Mede dankzij NOW-steun heeft het bedrijf niemand hoeven ontslaan. De omzetdaling is mede te wijten aan het feit dat Tuijtel onder de vaste klanten ook nogal wat opdrachtgevers heeft uit de theaterhoek en de evenementensector, branches die door de pandemie hard geraakt zijn. Zoals elke drukkerij in Nederland ondervindt het bedrijf concurrentie uit Oost-Europa en ook uit China, waar de productiekosten lager zijn. Daar staat tegenover dat de transportkosten in coronatijd wereldwijd flink zijn gestegen. Tuijtel heeft verder het certificaat 'klimaatneutraal gedrukt', en ook dat krijg je niet zomaar, vertelt Bouhof. Globaal werkt het zo: een calculatieprogramma rekent voor elke order uit hoe groot als het ware de uitstoot aan CO2 is. Om die te kunnen compenseren wordt er een bedrag aan gehangen, dat de klant ook te zien krijgt. Die weet dus dat hij meewerkt aan een beter milieu. Als voorbeeld van compensatie noemt Bouhof een project in De Biesbosch, dat vorig jaar een bijdrage heeft ontvangen van 20.000 euro. Klein Hemmink voegt er nog aan toe dat ook de ‘verpakking’ van de ExPress bio-based is. Maar ook dat kost geld: het is duurder dan inpakken in de standaard folie. Ons bezoek levert in dit verband nog een aardige ‘bijvangst’ op: we besluiten te gaan onderzoeken of we de ExPress voortaan ook helemaal zonder folie kunnen laten versturen, op andere wijze geadresseerd dus. Intussen gaat de excursie door. We zien de binderij, met een zestal vouwmachines – de snelste die er zijn, aldus Bouhof. In elkaar gezet wordt het blad in de hechtstraat. Gevouwen, gehecht (wij doen het met nietjes) en schoongesneden wordt het blad verscheept naar het bedrijf Vogelaar in IJsselstein, dat de adressering verzorgt, het blad inpakt en aanlevert bij PostNL. Die het op zijn beurt bij u in de bus stopt. Piet Oosthoek Meer bedrijfsinformatie op www. tuijtel.com 29

‘Keuzes en actie nodig voor betaalbare ouderenzorg’ Om de ouderenzorg zorg toegankelijk en betaalbaar te houden, zijn keuzes en actie nodig. Van zorgverleners, zorgverzekeraars, zorgkantoren én de overheid. Samenwerking, afstemming, preventie, kortdurende zorg en goede planning kunnen zwaardere en duurdere zorg voorkomen of uitstellen. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) pleit daarom voor een integrale benadering van de ouderenzorg. De overheid moet de integrale benadering ondersteunen vanuit de bekostiging en het sociaal domein verder versterken, schrijft de NZa in haar monitor ouderenzorg, deel 2. ‘In de monitor hebben we het zorggebruik en de zorguitgaven van ouderen in de verschillende zorgsectoren tussen 2015 en 2019 in kaart gebracht. Hieruit blijkt onder meer dat de gemiddelde zorguitgaven stijgen naar mate iemand ouder wordt. De verschillen in zorggebruik zijn groot: zo maken zelfredzame ouderen aanzienlijk minder gebruik van de zorg. De komende jaren zal het aantal 65-plussers én de gemiddelde leeftijd binnen deze groep verder toenemen. Om de zorg toegankelijk en betaalbaar te houden, moeten we ouderen dus zo ondersteunen dat de behoefte aan zwaardere en duurdere zorg zo lang mogelijk wordt uitgesteld of wordt voorkomen. Hierbij is samenwerking en afstemming tussen de verschillende zorgverleners essentieel', aldus de NZa. Het is aan de verzekeraars om hierop in te spelen door slimmer zorg in te kopen. De NZa kijkt hoe ze de gewenste integrale benadering vanuit de bekostiging kan ondersteunen. Ook kortdurende zorg en het inzetten van een specialist ouderengeneeskunde “Goed werkende sociale omgeving kan zorgvraag vertragen“ kunnen ziekenhuisopnames voorkomen of een opname in een instelling vertragen. NZa zet ook in op advance care planning . Dat is een aanpak waarbij de oudere, familie en zorgverlener samen bekijken welke zorg past bij de oudere en diens (gezondheids)situatie. Doel daarvan is het voorkomen van niet-passende zorg. Ook een goed werkende sociale omgeving verergering kan de zorgvraag vertragen of voorkomen, denkt de NZa. Bijvoorbeeld door het vroegtijdig oppakken van signalen en het voorkomen van vereenzaming. Het ministerie van VWS moet daarvoor de rol van het sociaal domein nadrukkelijk verder verstevigen en zo inrichten dat dit domein de groei van het aantal ouderen nog beter opvangt. ‘Daarbij is het wenselijk dat gemeente, zorgverzekeraar en zorgkantoor samen bijdragen aan preventie. Het moet dan ook mogelijk zijn om te investeren in preventieve maatregelen in het sociaal domein. Bijvoorbeeld om valpartijen (en dus heupfracturen) te voorkomen.’ ‘Iedereen moet kunnen deelnemen aan de betaalmarkt’ De Nederlandsche Bank wil dat iedereen in Nederland kan deelnemen aan de betaalmarkt en dat het betalingsverkeer veilig blijft. Een deel van de ouderen heeft echter te maken met een achteruitgang bij de toegang tot dat betalingsverkeer. DNB wil deze trend keren. Dat schrijft de nationale bank in de Visie op Betalen die een schets geeft van de belangrijkste trends in de betaalmarkt en hoe deze het betalingsverkeer kunnen beïnvloeden. De analyse heeft geleid tot drie speerpunten voor DNB: verzekeren van toegang tot het betalingsverkeer, verankeren van robuustheid en veiligheid van het betalingsverkeer en tot slot het versterken van de betaalmarkt in Europa en daarbuiten. “Contant geld moet voldoende beschikbaar blijven“ ‘Gemiddeld genomen is de waardering onder de bevolking voor betaaldiensten hoog. Het Nederlandse betalingsverkeer is goedkoop, innovatief en betrouwbaar. Een aantal groepen ervaart echter een achteruitgang. 30 Tot deze groep behoren onder meer een deel van de ouderen, mensen met een functiebeperking en laaggeletterden. DNB wil deze trend keren. Samen met banken en belangenorganisaties voeren we een actieplan uit, gericht op het verbeteren van de persoonlijke dienstverlening en de communicatie door banken. Ook moet contant geld voldoende beschikbaar blijven. Daarom zullen er afspraken worden gemaakt met banken en andere belanghebbenden in het Convenant Contant Geld. ‘We zouden er in dit digitale tijdperk niet aan moeten denken dat de digitale systemen niet zouden werken. Daarom zijn ook volop inspanningen nodig om ervoor te zorgen dat de miljoenen dagelijkse betaaltransacties te allen tijde veilig doorgang kunnen vinden. Door de toegenomen afhankelijkheid van elektronische betalingen is het zaak dat ook een alternatief paraat is voor betalingen met de betaalpas. DNB roept marktpartijen op hier tempo mee te maken. Er kan daarbij bijvoorbeeld worden gedacht aan QR-codes', schrijft de bank.

VVG-PGB Bestuur Voorzitter: Ernst Taris ernsttaris@vvgpgb.nl Vice-voorzitter: Jos van Rijsingen, tel. 073-6214378 josvanrijsingen@vvgpgb.nl Penningmeester: Marco van den Berg penningmeester@vvgpgb.nl Bestuurslid/ledenadministratie: Tonnie Klein Hemmink, tel. 06-51605411 ledenadministratie@vvgpgb.nl Bestuurslid/communicatie: Piet Oosthoek redactie@vvgpgb.nl Bestuurslid/ledenservices: Thijs Reuder, tel. 06-52616833 ledenservices@vvgpgb.nl Bestuurslid/pensioenwerkgroep: Fieneke van den Brink fienekevandenbrink@vvgpgb.nl ledenadministratie/secretariaat: Postadres: Hunzestraat 18, 7555 WB Hengelo Mailadres: ledenadministratie@vvgpgb.nl Telefoon: 06-51605411 Algemeen mailadres: info@vvgpgb.nl Redactie Express: redactie@vvgpgb.nl Secretariaat: secretariaat@vvgpgb.nl Website: vvgpgb.nl 31

32

1 Online Touch

Index

  1. 1
  2. 2
  3. 3
  4. 4
  5. 5
  6. 6
  7. 7
  8. 8
  9. 9
  10. 10
  11. 11
  12. 12
  13. 13
  14. 14
  15. 15
  16. 16
  17. 17
  18. 18
  19. 19
  20. 20
  21. 21
  22. 22
  23. 23
  24. 24
  25. 25
  26. 26
  27. 27
  28. 28
  29. 29
  30. 30
  31. 31
  32. 32
Home


You need flash player to view this online publication