0

VOOR ONDERNEMER S ADV I SEURS IN DE ADMINIS T R AT IE VE EN FI S C A LE SEC TOR PAGINA 10 “Het doel is een veilige, eerlijke en betrouwbare uitleenmarkt” PAGINA 30 Probeer nooit je voorgaande succes te herhalen PAGINA 5 Ambitie met aandacht JAARGANG 7 UITGAVE 3. 2026

COLOFON INDEX &GO is een uitgave van de Nederlandse Orde van Administratie- en Belastingdeskundigen en verschijnt 4x per jaar. Jaargang 7, uitgave 3, september 2026 BLADMANAGEMENT Willemijn Hogendorf, Daisy Weber EINDREDACTIE Loft 238 Tekst & Media REDACTIE Hans Pieters, Henk Poker, Eveline aan de Wiel en Gijs de Rooij VORMGEVING Campagne, Rotterdam OPMAAK Appeltje Eva, Lith DRUK Dekkers van Gerwen, ’s-Hertogenbosch ABONNEESERVICE Opgave van abonnementen, opzegging en adreswijziging uitsluitend schriftelijk doorgeven aan de uitgever. Indien twee maanden voor het verstrijken van de abonnementsperiode geen schriftelijk bericht van opzegging is ontvangen wordt het abonnement automatisch met een jaar verlengd. Meer informatie over abonnementen via: info@noab.nl ADVERTEREN? Meer informatie via: communicatie@noab.nl Commentaar, ideeën en suggesties? Welkom via: communicatie@noab.nl CONTACT NOAB Rompertdreef 7, 5233 ED ‘s-Hertogenbosch Postbus 2478, 5202 CL ‘s-Hertogenbosch 073 614 14 19 I www.noab.nl ISSN 2666-8068 NOAB 33 Najaarsprogramma 2026 IN DIT NUMMER: 03 Voorwoord 05 Ondernemen zonder spijt 08 Angst en schaamte versterken ons financieel uitstelgedrag 10 “Het doel is een veilige, eerlijke en betrouwbare uitleenmarkt” 14 Een financiële buffer als zzp’er: meer dan een vangnet 18 “We versterken de weerbaarheid van ondernemers tegen criminaliteit” 22 Schuldenadvies vraagt om een bedrijfskundige blik 2 &GO magazine Afspraak is afspraak 24 Duidelijke afspraken kunnen een hoop ellende voorkomen 26 Startende ondernemers struikelen over administratie en belastingen 30 Probeer nooit je voorgaande succes te herhalen 33 NOAB Najaarsprogramma 2026 36 ViDA moet btw-systeem in Europa moderniseren 38 Stroom- of internetuitval: een noodplan beperkt de schade 24 Startende ondernemers struikelen over administratie en belastingen Meer dan een vangnet 14 INDEX

Geen dag hetzelfde Een groot deel van ons werk draait om zaken die nog niet gebeurd zijn. Dat klinkt misschien vreemd voor een vakgebied dat vaak wordt geassocieerd met cijfers uit het verleden. Toch kijken administratie- en belastingadvieskantoren dagelijks vooruit. We signaleren ontwikkelingen, herkennen risico’s en helpen ondernemers om tijdig keuzes te maken die later het verschil kunnen maken. Juist dat vooruitkijken zie ik terug in de artikelen van deze editie van &GO. Of het nu gaat om pensioenopbouw, financiering, internationale handel, fraude, veranderende wetgeving of de uitdagingen waar startende ondernemers tegenaan lopen: veel vraagstukken ontstaan niet van de ene op de andere dag. Vaak zijn de eerste signalen al veel eerder zichtbaar. De vraag is alleen of ze worden herkend. Daar ligt een belangrijke rol voor onze kantoren. Niet alleen als deskundige op het gebied van administratie en fiscaliteit, maar ook als gesprekspartner die ondernemers helpt om verder te kijken dan de actualiteit van vandaag. Want achter iedere aangifte, jaarrekening of adviesvraag schuilt uiteindelijk een ondernemer die vooruit wil. Wat ik mooi vind aan ons vak is dat het voortdurend in beweging blijft. Nieuwe wetgeving, technologische ontwikkelingen en veranderende ondernemersvragen zorgen ervoor dat geen dag hetzelfde is. Tegelijkertijd blijft de kern onveranderd: ondernemers helpen om met vertrouwen beslissingen te nemen. Ik hoop dat deze editie nieuwe inzichten biedt, herkenning oproept en inspiratie geeft voor de gesprekken die je dagelijks met klanten voert. Want hoe beter wij vooruitkijken, hoe beter ondernemers zijn voorbereid op wat komen gaat. Veel leesplezier. Hartelijke groet, Dirk-Jan van Blijderveen voorzitter NOAB NOAB.NL 3 VOORWOORD

De kracht van professioneel boekhouden met Basecone en Twinfi eld Jouw processen slim automatiseren? Met Basecone en Twinfi eld Boekhouden voer je administratieve taken snel en effi ciënt uit: Veilig en betrouwbaar • Rijk aan functies • Naadloos proces van factuur tot boeking • Koppelen met vele andere pakketten Kies voor professioneel boekhouden. Kies voor Basecone & Twinfi eld. Jubileumactie Profi teer tijdelijk van extra voordeel op Twinfi eld-abonnementen — een mooi moment om te upgraden of over te stappen

Ondernemen zonder spijt: ambitie met aandacht DOOR: EVELINE AAN DE WIEL Wat zouden ondernemers anders doen als ze hun leven opnieuw konden beginnen? Tijdens haar werk met mensen in hun laatste levensfase sprak GZ-psycholoog Emma Hafkamp met ondernemers die terugblikten op hun leven. Zij hadden het zelden over gemiste zakelijke kansen. Vaker ging hun spijt over de tijd die ze niet hadden genomen: voor hun gezin, hun vrienden of simpelweg voor zichzelf. ONDERNEMERS

Die gesprekken vormden de basis voor haar boek Spijtvrij ondernemen. Centraal staat een vraag die veel ondernemers zichzelf maar zelden stellen: waar doe ik het eigenlijk voor? Ambitie speelt daarbij een belangrijke rol. Niet omdat ambitie verkeerd is, benadrukt Hafkamp, maar omdat ondernemers zich lang niet altijd afvragen wat hen precies drijft. Die vraag hield Hafkamp niet alleen professioneel bezig. De gesprekken met mensen in hun laatste levensfase zetten haar ook aan het denken over haar eigen leven. “Ik was deze mensen aan het stimuleren om opnieuw te kiezen voor wat zij belangrijk vonden,” vertelt ze. “Tegelijkertijd dacht ik zelf steeds: later ga ik een keer mijn eigen praktijk starten. Op een gegeven moment realiseerde ik me: ik weet ook niet of dat later voor mij nog op tijd is.” Dat inzicht bracht haar ertoe haar plannen niet langer uit te stellen. Ze besloot haar eigen praktijk te starten en haar ervaringen te bundelen in een boek. “Daarmee haalde ik het later naar nu.” Toch kan de motivatie daarachter heel verschillend zijn. “Je kunt ambitieus zijn vanuit een gevoel van tekort,” legt ze uit. “Dan heb je bijvoorbeeld het idee dat je jezelf moet bewijzen of dat je pas waardevol bent als je succesvol bent.” Maar er is ook een andere vorm van ambitie. “Je kunt ook ambitieus zijn vanuit een stevige innerlijke basis,” zegt Hafkamp. “Dan weet je dat je goed genoeg bent zoals je bent. Vanuit die basis kun je nog steeds grote doelen hebben, maar hangt je gevoel van eigenwaarde er niet vanaf.” Dat onderscheid is belangrijk, omdat het aan de buitenkant vaak nauwelijks zichtbaar is. Twee ondernemers kunnen even hard werken, dezelfde resultaten behalen en een vergelijkbaar bedrijf runnen. Toch kan hun motivatie totaal verschillend zijn. “Het gedrag kan hetzelfde lijken. Maar onder dat gedrag kan iets heel anders zitten.” “VERANDERING ONTSTAAT PAS WANNEER MENSEN OOK ANDERE ERVARINGEN OPDOEN” TWEE VORMEN VAN AMBITIE De gesprekken met ondernemers in hun laatste levensfase leverden haar nog een ander inzicht op. Niet ambitie zelf is het probleem, maar de reden waarom iemand ambitieus is. “Ik denk juist dat de wereld ambitieuze mensen nodig heeft,” zegt ze. “Mensen die iets willen creëren, bijdragen of opbouwen.” Volgens Hafkamp kunnen twee ondernemers aan de buitenkant precies hetzelfde gedrag vertonen. Beiden werken hard, stellen hoge doelen en bouwen een succesvol bedrijf op. VAN INZICHT NAAR VERANDERING Juist daarom vindt Hafkamp het belangrijk dat ondernemers af en toe stilstaan bij hun eigen drijfveren. Niet om minder ambitieus te worden, maar om beter te begrijpen wat hen in beweging brengt. In haar praktijk begeleidt ze ondernemers die hun drijfveren beter willen begrijpen. Daarbij kijkt ze onder meer naar overtuigingen die iemand over zichzelf en succes heeft ontwikkeld. Inzicht is daarbij een belangrijke eerste stap, maar niet voldoende. “Veel mensen begrijpen rationeel heel goed waar hun patronen vandaan komen,” zegt ze. “Maar daarmee verandert er nog niet direct iets.” Verandering ontstaat pas wanneer mensen ook andere ervaringen opdoen. Wanneer ze nieuwe keuzes maken en merken dat de wereld niet instort als ze een keer rust nemen, grenzen stellen of een andere prioriteit kiezen. De effecten daarvan ziet ze regelmatig terug in haar praktijk. “Mensen worden vaak rustiger. Ze slapen 6 &GO magazine

“NIET AMBITIE ZELF IS HET PROBLEEM, MAAR DE REDEN WAAROM IEMAND AMBITIEUS IS” beter, ervaren minder spanning en voelen zich minder opgejaagd.” Dat werkt niet alleen door in hun werk, maar ook thuis. Ondernemers vertellen dat ze meer aandacht hebben voor hun partner of kinderen en beter aanwezig zijn in het moment. Ook collega’s merken vaak verschil. “Je ziet dat mensen meer ruimte ervaren. Ze hoeven minder te rennen en kunnen bewuster keuzes maken.” DE MENS ACHTER DE CIJFERS Voor accountants, belastingadviseurs en andere adviseurs ligt hier een interessante rol. Zij spreken ondernemers vaak jarenlang en bouwen een relatie op die verder gaat dan alleen cijfers en belastingaangiften. “Succesvolle ondernemers krijgen de vraag hoe het écht met hen gaat opvallend weinig,” zegt ze. “Veel mensen gaan ervan uit dat het wel goed zal gaan als iemand succesvol is.” Toch kunnen juist adviseurs signalen opvangen. Een ondernemer die altijd haast heeft. Iemand die voortdurend moe oogt, afspraken blijft verzetten of steeds achter de feiten aanloopt. Volgens Hafkamp hoeft een adviseur geen coach of therapeut te worden. Soms is een oprechte vraag al genoeg. “Wat wil je eigenlijk bereiken met deze zakelijke doelen? Waar doe je het voor? Hoe gaat het nu echt met je?” Misschien levert zo’n vraag niet direct een uitgebreid gesprek op. Maar het kan wel iets in beweging zetten. Want uiteindelijk draait spijtvrij ondernemen niet om minder ambitie. Het gaat erom dat ondernemers af en toe bewust stilstaan bij de richting waarin die ambitie hen brengt. “Mijn doel is om mensen te helpen keuzes te maken waar ze later met tevredenheid op terugkijken. Niet pas als het bijna te laat is, maar juist nu.” Emma Hafkamp is GZ-psycholoog, oprichter van Praktijk LUX en auteur van het boek Spijtvrij ondernemen. In dit boek vertaalt zij inzichten uit gesprekken met ondernemers in hun laatste levensfase naar lessen over ambitie, succes en persoonlijke drijfveren. LEESTIP: Emma Hafkamp, Spijtvrij ondernemen. Wat je pas leert over succes als het bijna te laat is. 176 p. S2 Uitgevers, 2026. NOAB.NL 7 ONDERNEMERS COVERARTIKEL

Angst en schaamte versterken ons financieel uitstelgedrag DOOR: HANS PIETERS Waarom denken we (liever) niet na over ons pensioen? Of stallen we ons geld op de spaarrekening, zélfs bij negatieve rente? Het komt doordat het brein ons op het verkeerde spoor zet, verklaart consumentenpsycholoog Patrick Wessels. Hij geeft en passant de oplossing hoe je als NOAB-adviseur het beste iemands gedrag beïnvloedt. Eén op de tien (ruim 800 duizend) huishoudens bouwt onvoldoende pensioen op in de eerste en tweede pijler om hun huidige levensstandaard tijdens pensionering voort te zetten, meldt DNB. Patrick Wessels is totaal niet verrast. “Eerlijk gezegd verbaas ik me meer dat we zo slecht weten hoe het brein in veel gangbare situaties werkt. En dat we nog steeds niet doorhebben hoe dat brein ons soms helemaal op het verkeerde spoor kan zetten.” FINANCIËLE STRESS Een veelvoorkomende reactie onder zelfstandig ondernemers bij een onderwerp als pensioen is: ‘ik bepaal zelf wel hoe ik dat regel’. Hoe komt het dat iemand denkt 8 &GO magazine het zelf beter te weten en kunnen? Wessels: “Ik denk niet dat het alleen bij zzp’ers misgaat. Een werknemer bij wie het pensioen via het werk goed is geregeld, zou in precies dezelfde val trappen en precies hetzelfde gedrag vertonen. Alleen hoeft hij er niet naar om te kijken. Het gaat om de situatie. En daarbij spelen twee dingen. Eén is dat het menselijk is om uit autonomie keuzes te maken. Bij ondernemers speelt dat misschien nog sterker. Wat bij een onderwerp als pensioen specifiek ingewikkeld is, is dat we de toekomst heel moeilijk kunnen inschatten. Ons brein vindt het al moeilijk om naar volgende week te kijken. Laat staan naar volgende maand, over dertig jaar of nog verder. Dat kunnen we niet. We zijn vooral gefocust op het hier en nu. Er is een term uit de

“WE KUNNEN ZEVEN STUKJES INFORMATIE ONTHOUDEN IN ONS WERKGEHEUGEN EN DAN HOUDT HET OP’” psychologie voor, ‘hyperbolic discounting’. Alles wat verder weg is in de toekomst, is minder belangrijk voor ons omdat we de impact totaal onderschatten. Daarmee verdwijnt alle urgentie. Wat meespeelt is dat veel mensen financiële zaken ingewikkeld vinden en een (lichte) angst ervaren om iets verkeerd te doen. En schaamte ervaren als het verkeerd gaat. Waardoor we het moeilijk vinden om ermee aan de slag te gaan. In de kern is het onzekerheid, die ervoor zorgt dat ons brein niets doet.” ZICHTBAAR MAKEN Een complicerende factor is het pensioensysteem, dat uit drie pijlers bestaat. Het maakt het bijna onmogelijk om een inschatting te maken van het bedrag dat je (via lijfrenten) moet sparen voor een onbezorgd pensioen. “Ik zou het het liefst in relatie tot het nu, het huidige inkomen, zetten. Op de een of andere manier zou je zichtbaar willen maken: dit is wat je nu ongeveer per maand verdient. Daar kun je op een bepaalde manier van leven. Wanneer je op de huidige manier doorgaat met sparen, kun je ervan uitgaan dat je straks zoveel euro per maand minder hebt te besteden. Dan ga je toch op een andere manier rekenen dan wanneer je het algemeen houdt.” Zijn advies aan de NOAB-adviseur luidt: “Houd het klein. Kies één ding om mee te beginnen. Bijvoorbeeld de bankafschriften van januari. Daarmee haal je heel veel onzekerheid en de ‘doe ik het wel goed?’-vraag weg. Op het moment dat iemand de eerste stap heeft gezet, en dat goed gaat, zorgt zo’n ervaring ervoor dat diegene het aandurft om zoiets nóg een keer te doen. Want als je gedrag hebt vertoond dat positief wordt gewaardeerd, gaan we dat gedrag in de regel nóg een keer vertonen. Het vraagt meer tijd en moeite in de communicatie, want je moet als financieel adviseur steeds stappen herhalen. Maar ik denk dat je daarmee veel meer mensen op gang krijgt. Het haalt de druk eraf.” JIP-EN-JANNEKETAAL Adviseurs hebben de neiging om te veel informatie ineens te communiceren, is Wessels ervaring. “De kunst is om het in jip-en-janneketaal uit te leggen en dingen concreet te maken. Houd het de eerste keer simpel. Met anekdotes en voorbeelden die we allemaal snappen. Zo verlaag je de drempel voor de consument om te snappen hoe iets werkt. Je geeft een klant de ruimte om rustig na te denken en de tijd te nemen om te beslissen. Waardoor deze zich veilig voelt om daadwerkelijk iets te proberen.” Hij heeft een tweede tip: “Het is niet alleen belangrijk om dus steeds maar een klein beetje informatie te geven van wat je uiteindelijk wil vertellen. Maar ook om te checken: snapt mijn klant het nog? Praat hij nog terug? Stelt hij de juiste vragen? We kunnen zeven stukjes informatie onthouden in ons werkgeheugen en dan houdt het op. Als een klant stiller wordt, is dat een indicatie dat iemand qua informatie overbelast raakt. Als je dát als adviseur tussen de oren krijgt, hoe weinig je mensen tegelijkertijd kunt vertellen, krijg je volgens mij een heel ander gesprek. Als het doel is om mensen richting hun pensioen financieel vaardiger te maken, is stress veroorzaken het domste wat je kunt doen.” Hij maakt een vergelijking met ons koopgedrag. “Op het moment dat we gestrest en moe uit ons werk komen, kopen we minder gezonde producten dan wanneer we ontspannen op zondagmiddag nog een paar boodschappen doen. Dan geven we misschien wel meer uit, maar in ieder geval aan gezondere dingen.” NOAB.NL 9 TRENDS & ONTWIKKELINGEN

“Het doel is een veilige, eerlijke en betrouwbare uitleenmarkt” DOOR: HENK POKER Misstanden in de uitzendbranche zijn genoegzaam bekend. Onderbetaling, onterechte inhoudingen, slechte huisvesting, grote afhankelijkheid en onveilige werkomstandigheden; het komt regelmatig in de media voorbij. Met de invoering van de Wtta, de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten, moet daar een einde aan komen. De wet treedt op 1 januari 2027 in werking en vanaf 1 januari 2028 wordt er gehandhaafd. Kern van de wet is dat uitleners vanaf 1 januari 2028 alleen nog personeel mogen uitlenen als zij een toelating of ontheffing van de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt, kortweg NAU, hebben. Inleners mogen alleen samenwerken met uitleners die zijn toegelaten of een ontheffing hebben. Vanaf 1 juli 2027 kunnen zij dit controleren in het openbare register op www.toelatinguitleenmarkt.nl. toelating aan bedrijven om arbeidskrachten uit te lenen en beheert het register van alle uitleners die een geldige toelating hebben. “De Wtta is voortgekomen uit het rapport van de Commissie Roemer, die onderzoek deed naar de misstanden in de uitzendbranche,” vertelt directeur ad-interim Kees van Nieuwamerongen. “ER MOET IETS GEBEUREN OM DE UITZENDMARKT TE REGULEREN EN DAARBIJ PASSEN STEVIGE MAATREGELEN” , Verantwoordelijk voor de handhaving en uitvoering van de wet is dus de genoemde NAU. Zij verleent de wettelijke 10 &GO magazine “Wat de Wtta beoogt is dat we de uitleenmarkt gaan ordenen en voorwaarden gaan stellen,” gaat Van Nieuwamerongen verder. “Voldoe je niet aan de regels WILDGROEI “Er is in de afgelopen decennia een wildgroei ontstaan aan uitleenorganisaties en niemand weet eigenlijk hoeveel er inmiddels zijn. Dat is op zich geen probleem, maar er zijn ook veel negatieve uitwassen in de branche. De commissie kwam destijds, inmiddels alweer zo’n zes à zeven jaar geleden, met een groot aantal aanbevelingen om daar een einde aan te maken. De invoering van de Wtta is daar één van.”

en voorschriften, dan volgen straffen en boetes. De Arbeidsinspectie gaat veel strenger toezien op wat er in de branche gebeurt.” De Wtta is niet alleen van toepassing op bedrijven die personeel uitlenen, zoals uitzendbureaus, detacheerders, payrollbedrijven en organisaties die incidenteel personeel uitlenen, ook bedrijven die personeel inlenen moeten aan bepaalde verplichtingen voldoen, daarover later meer. NORMENKADER Bedrijven die personeel uitlenen dienen zich tussen 1 november 2026 en 1 januari 2027 op www.toelatinguitleenmarkt.nl aan te melden voor de overgangsregeling. Zij moeten voldoen aan het normenkader. Elk bedrijf wordt vervolgens gecontroleerd of het aan de eisen voldoet. “Wij denken dat we op deze manier de markt al grotendeels kunnen ordenen,” zegt Van Nieuwamerongen. “En ja, er zullen ongetwijfeld nog illegale partijen actief zijn, daarop zullen we veel strenger dan voorheen gaan handhaven. En als een inlenende partij medewerkers inzet die afkomstig zijn van een malafide bureau, dan ben je verantwoordelijk en aansprakelijk en kan de inlenende partij op forse boetes rekenen. Elke inlenende partij doet er daarom goed aan te kijken of de uitlener van personeel is ingeschreven in het register van de NAU.” “Alle bedrijven die onder de Wtta vallen moeten een toelating aanvragen. Een van de eisen om een toelating te krijgen is het betalen van een waarborgsom. Voor bestaande uitleners is dit 100.000 euro. Voor startende uitleners geldt dat ze eerst een voorlopige toelating van zes maanden krijgen. De waarborgsom hiervoor is 50.000 euro. Bij de aanvraag van de definitieve toelating (na zes maanden) vult de uitlener dit bedrag aan tot 100.00 euro. Houdt een uitlener zich vier jaar aan de regels, dan vervalt de verplichting voor de waarborgsom en krijgt de uitlener het bedrag terug.” In sommige gevallen hoeft bij de eerste aanvraag geen waarborgsom te worden betaald. Een vrijstelling wordt gegeven als aangetoond kan worden dat de uitlener op NOAB.NL 11 TRENDS & ONTWIKKELINGEN

“FATSOENLIJK OPERERENDE BUREAUS HEBBEN LAST VAN DE COWBOYS, HET LEIDT TOT ONEERLIJKE CONCURRENTIE, DAT IS HET SENTIMENT” 31 december 2026 al vier jaar onafgebroken bij de KVK stond ingeschreven met uitlenen als bedrijfsactiviteit, in die vier jaar ook daadwerkelijk werknemers heeft uitgeleend, en beschikt over een geldige Verklaring betalingsgedrag inlenersaansprakelijkheid (uitlener) van de Belastingdienst van maximaal drie maanden oud, waaruit blijkt dat alle belastingen en premies zijn betaald. “Ja, we beseffen dat dit een fors bedrag is, maar er moet iets gebeuren om de uitzendmarkt te reguleren en daarbij passen stevige maatregelen.” De praktijk laat zien dat veel uitzendbureaus, veelal de kleinere, te koop worden aangeboden en dat er fusies plaatsvinden en naar samenwerking wordt gezocht. “Men zoekt naar manieren om te kunnen blijven voortbestaan, dat is prima.” HANDHAVING De handhaving van de Wtta start op 1 januari 2028. “Vanaf die datum mogen alleen nog uitleners die zijn toegelaten door de NAU of een ontheffing hebben, personeel uitlenen. Bedrijven die tijdelijk personeel willen aannemen, mogen dit alleen nog doen bij uitleenbedrijven die in het register staan. Zij kunnen vanaf 1 juli 2027 in het openbare register van de NAU controleren of het bedrijf waarmee ze zaken willen doen staat ingeschreven. Zij moeten ook vastleggen via welke uitlener personeel wordt ingezet. De inlenende partij wordt derhalve medeverantwoordelijk voor een zorgvuldig proces, dat voldoet aan alle eisen die in de Wtta zijn vastgelegd.” Uiteraard is er vooraf veelvuldig overleg geweest met brancheverenigingen in de uitzendbranche. “De reactie was in eerste instantie wisselend. Want ja, deze wet leidt tot meer administratieve lasten, tot gedoe en tot beperkingen, dat beseffen we heel goed. Er waren dus bedenkingen, maar er was ook sprake van opluchting. Immers, fatsoenlijk opererende bureaus hebben last van de cowboys, het leidt tot oneerlijke concurrentie, dat is het sentiment. De wet beoogt dat straks alleen de fatsoenlijke bedrijven overblijven.” Wacht niet te lang met aanmelden, adviseert Van Nieuwamerongen tenslotte. “Want, 1 november is dichterbij dan je denkt.” Kijk voor meer informatie op www.uitleenmarkt.nl. Voor het aanvragen van een toelating is eHerkenning niveau 3 en een Berichtenbox voor bedrijven vereist. Heeft een onderneming dit niet, regel dat dan zo spoedig mogelijk. 12 &GO magazine

SOMETIMES YOU WIN SOMETIMES YOU LEARN NOAB.NL NOAB.NL 13 13

Een financiële buffer als zzp’er: meer dan een vangnet DOOR: EVELINE AAN DE WIEL Wat als je opdrachten plotseling wegvallen, je niet kunt werken of de auto het begeeft? Voor zzp’ers zonder buffer kan één tegenvaller grote gevolgen hebben. Journalist en freelancer Vincent Kouters begon zonder spaargeld en werd uiteindelijk ‘tonnair’. Zijn ervaringen laten zien hoe je een buffer opbouwt én wat die kan opleveren: niet alleen financiële zekerheid, maar ook rust, vrijheid en zelfvertrouwen. 14 &GO magazine Vincent Kouters

“MENSEN VOELEN MINDER UITGEVEN AL SNEL ALS VERLIES. VOLGENS MIJ IS HET JUIST WINST” Toen Kouters in 2006 als freelance journalist begon, was hij vooral blij dat hij opdrachten kreeg. Zijn inkomen was nog bescheiden en sparen voor later leek niet urgent. De noodzaak om iets op te bouwen werd groter toen hij een gezin kreeg en een huis kocht. Hij wist dat hij iets moest regelen voor zijn pensioen en mogelijke arbeidsongeschiktheid, maar bleef het uitstellen. “Dat kost geld en gaat dus van je inkomen af. Dat zijn pijnlijke keuzes.” VAN UITSTELLEN NAAR SPAREN Rond zijn 36ste drong door hoe kwetsbaar zijn financiële situatie eigenlijk was. “Ik had niet eens spaargeld. Als de auto vervangen moest worden, had ik dat geld gewoon niet.” Hij wilde voor zulke uitgaven niet afhankelijk zijn van zijn partner of ouders en besloot een buffer op te bouwen. Kort daarna viel tijdens de coronacrisis zijn werk weg. Daarmee werd zijn vrees werkelijkheid. “Ik hoefde niet eens ziek te worden. Het kan van alles zijn waardoor je opeens geen inkomen meer hebt.” Sparen werd vervolgens bijna een sport. Hij bracht zijn uitgaven in kaart en ontdekte hoeveel geld ongemerkt weglekte naar spullen die hij niet nodig had of zelfs dubbel kocht. Door minder uit te geven, zag hij zijn buffer snel groeien. “Niet zozeer door meer te verdienen, maar door mijn uitgaven onder controle te brengen.” EERST ZES MAANDEN OVERBRUGGEN Zijn eerste doel was genoeg geld achter de hand te hebben om een periode zonder werk op te vangen. Als richtlijn koos hij zes keer zijn maandelijkse uitgaven, voor hem ongeveer 10.000 euro. “Het gaat niet om zes keer je inkomen, maar om zes keer je uitgaven. Daarmee kun je een halfjaar zonder inkomsten overbruggen. Ik heb het idee dat er binnen die periode meestal wel weer iets nieuws komt.” Beginnen kan met een klein bedrag. “Open een spaarrekening en maak bijvoorbeeld 50 of 100 euro over. Je moet gewoon ergens starten.” De volgende stap is inzicht krijgen in de uitgaven en nagaan welke persoonlijke en zakelijke kosten omlaag kunnen. MEER GRIP OP WISSELENDE INKOMSTEN Een wisselend inkomen maakt het lastiger om iedere maand hetzelfde bedrag opzij te zetten. Kouters adviseert daarom het jaarinkomen als uitgangspunt te nemen. Zelfstandigen die al langer bezig zijn, weten meestal ongeveer wat er jaarlijks binnenkomt en welk bedrag zij zichzelf kunnen uitkeren. Door dat bedrag over twaalf maanden te verdelen, ontstaat een realistisch beeld van de maandelijkse inkomsten en de ruimte om te sparen. De buffer gaf hem niet alleen meer grip op zijn wisselende inkomsten, maar veranderde ook zijn positie als ondernemer. Zonder financiële reserve voelde hij zich sterk afhankelijk van iedere nieuwe opdracht. “Dan ga je een gesprek al snel wanhopig in: ik moet deze klus hebben, want ik heb deze maand nog 500 euro nodig.” Met geld achter de hand kon hij zakelijke gesprekken zelfverzekerder voeren en beter onderhandelen over zijn tarieven. Ook kon hij bewuster kiezen welke opdrachten hij wilde aannemen, en welke niet. “Hoe ruimer de buffer, hoe meer onafhankelijkheid die je geeft.” NOAB.NL 15 ONDERNEMERS

“HET KAN VAN ALLES ZIJN WAARDOOR JE OPEENS GEEN INKOMEN MEER HEBT” BEWUSTE KEUZES MAKEN Na het opbouwen van zijn eerste buffer wilde Kouters verder: hij stelde zichzelf als doel om tonnair te worden. Daarvoor beperkte hij zijn uitgaven, verkocht hij spullen en ging hij beleggen. “Omdat ik die buffer zo snel kon opbouwen, werd het nogal verslavend.” Aanvankelijk wilde hij bijna iedere uitgave schrappen; later vond hij meer balans tussen sparen en zichzelf iets gunnen. Bewust geld uitgeven betekent voor hem niet dat er geen ruimte meer is voor leuke dingen. Hij besteedt graag geld aan etentjes, vakanties en ervaringen met zijn gezin, maar is terughoudender met spullen en abonnementen die hij niet nodig heeft. “Mensen voelen minder uitgeven al snel als verlies. Maar volgens mij is het juist winst: je zit niet met allemaal troep in huis of kleding die je maar één keer draagt.” Die afweging maakte hij ook toen hij twee jaar geleden een huis kocht. Afgezien van een loszittend kastdeurtje en een lekkende kraan waren de keuken en badkamer nog goed. Een nieuwe keuken of badkamer zou al snel 10.000 tot 15.000 euro kosten. “Dat kun je allemaal mee laten financieren, maar daardoor gaan je hypotheek en je maandlasten omhoog.” Hij koos daarom voor schoonmaken en herstellen. “Een nieuwe keuken, een groot huis, een mooie auto of nieuwe kleren: dat zie je. Spaargeld ziet niemand.” Maar juist dat onzichtbare vermogen geeft hem rust en keuzevrijheid. In oktober verschijnt zijn boek De tonnairmethode, waarin hij beschrijft hoe je een vermogen opbouwt zonder er de hele dag mee bezig te zijn. Het einddoel hoeft niet per se een ton te zijn. “Het gaat erom dat je een flink bedrag spaart en routines ontwikkelt waarmee je geld achter de hand houdt.” Wie daarmee begint, bouwt niet alleen aan een buffer, maar ook aan meer rust en onafhankelijkheid. Op Betering.nl deelt Vincent Kouters praktische tips over sparen, beleggen en het opbouwen van vermogen. LEESTIP: Vincent Kouters De tonnairmethode. Hoe je een vermogen opbouwt zonder er de hele dag mee bezig te zijn. 256 p. Atlas Contact, 2026. 16 &GO magazine

AI verandert het vak, maar administratie- of belastingdeskundige houdt regie DOOR: GIJS DE ROOIJ Het werk van administratie- en belastingdeskundigen gaat fundamenteel veranderen. Niet omdat AI de professional overbodig maakt, maar omdat steeds meer uitvoerend werk kan worden overgenomen. “We gaan de boekhouders niet vervangen. AI gaat geen eindoordeel geven over de cijfers, dat zal nog altijd de boekhouder doen,” zegt Hessel Kuik, CEO van Minox. Volgens Kuik automatiseert boekhoudsoftware nu al zo’n 80 procent van het werk. De echte AI-winst zit in de resterende 20 procent: werkzaamheden waarvoor context en redeneervermogen nodig zijn en die daardoor moeilijk in vaste regels zijn te vangen. “Daar is AI bij uitstek geschikt voor. Wij geloven dat je van die 20 procent driekwart kan automatiseren.” Daarmee verandert vooral de rol van de administratie- en belastingdeskundige. “Het werk gaat inhoudelijk verschuiven van uitvoeren naar controleren.” De deskundige bepaalt wat er moet gebeuren, AI voert de taak uit en een mens beoordeelt vervolgens het resultaat. “Niks gaat de boekhouding in zonder dat daar iemand naar gekeken heeft en dat goedkeurt.” MEER CAPACITEIT ÉN MEER CONCURRENTIEDRUK Die werkwijze levert kantoren vooral capaciteit op. “Het controleren van het werk kost minder dan een kwart van de tijd die nodig is om het zelf uit te voeren,” aldus Kuik. Kantoren kunnen daardoor met dezelfde mensen meer klanten bedienen, óf de vrijgekomen tijd inzetten voor aanvullende dienstverlening. Denk aan advisering over financiering, subsidies of fiscale optimalisaties. Stilstaan is volgens Kuik geen aantrekkelijke optie. Als andere kantoren hetzelfde werk dankzij AI efficiënter kunnen uitvoeren, ontstaat er vanzelf druk op de prijs. “Als je wil blijven concurreren, dan moet je wel meegaan in deze verandering.” Ook jong talent verwacht volgens hem dat kantoren moderne technologie gebruiken. AI-COLLEGA’S Minox vertaalt deze ontwikkeling naar AI-collega’s waaraan administratie- en belastingdeskundigen daadwerkelijk taken kunnen delegeren. Denk aan automatisch vraagposten najagen, tussenrekeningen controleren en intercompanyposities aansluiten. “Je krijgt een groter team, je krijgt capaciteit erbij.” Dat kan doordat Minox de afgelopen drie jaar volledig API-first is herbouwd. Daardoor kunnen AIcollega’s dezelfde data benaderen en handelingen uitvoeren als gebruikers in de software. Volgens Kuik is die architectuur uniek in Nederland: AI staat niet naast, maar in het hart van het boekhoudpakket. Een opdracht wordt simpelweg in het Nederlands omschreven. De AI-collega maakt een plan en gaat na goedkeuring aan de slag. Ook het resultaat wordt ter controle voorgelegd. Zo houdt de deskundige altijd de regie. Niet de expertise vervangen, maar versterken met AI. “ Benieuwd hoe dat werkt? Ontdek het boekhoudpakket gebouwd voor AI van Minox op minox.nl/ai. NOAB.NL. 17 Hessel Kuik ADVERTORIAL

“We versterken de weerbaarheid van ondernemers tegen criminaliteit” DOOR: HENK POKER Het zijn schokkende cijfers. Uit onderzoek blijkt dat negen op de tien bedrijven jaarlijks te maken krijgen met interne en externe fraudepogingen. In meer dan een derde van deze gevallen bedraagt het schadebedrag meer dan 100.000 euro. En dan hebben we het nog niet eens over vermogenscriminaliteit, denk aan overvallen op winkeliers en de horeca. Tijd voor actie. Gelukkig staat de ondernemer er niet alleen voor. Platform Veilig Ondernemen, kortweg PVO, is een landelijk opererende organisatie die ondernemers weerbaarder maakt tegen criminaliteit door hen te informeren, te adviseren en te verbinden met relevante partners. Martijn Wildeboer is specialist vermogenscriminaliteit en fysieke criminaliteit en vertelt verderop in dit artikel hoe om te gaan met deze vormen van criminaliteit. Rens Lambert is specialist cyberweerbaarheid. Hij constateert een enorme toename in cybercriminaliteit en criminelen worden daarbij steeds slimmer. “Ze maken vaak gebruik van haast, angst en druk, vertrouwen en nieuwsgierigheid,” geeft hij aan. “Denk aan bepaalde signalen, bijvoorbeeld grote tijdsdruk, waarbij je direct geld moet overmaken. Er wordt gevraagd om gevoelige gegevens, het bericht of verzoek wijkt af van normaal gedrag of een link of website voelt niet goed. Overigens begint ongeveer 60% van alle cyberaanvallen bij een menselijke fout, zoals phishing.” EEN NIEUWE LOOT: AI Inmiddels is er een nieuwe loot aan de cybercriminaliteit 18 &GO magazine Marjan Heemskerk

“ONGEVEER 60% VAN ALLE CYBERAANVALLEN BEGINT BIJ EEN MENSELIJKE FOUT, ZOALS PHISHING” toegevoegd en dat is AI. Lambert: “Het gebruik van AI heeft een aantal gevolgen. Zo worden phishingberichten overtuigender met AI, neemt het gebruik van deepfake (stemmen en video’s) toe, wordt fraude persoonlijker en gerichter, en ook de snelheid waarmee criminelen kunnen werken, neemt dankzij AI toe. Dit betekent dat ondernemers nog meer dan voorheen een kritische houding moeten aannemen en de signalen die ik eerder noemde goed in de gaten moeten houden.” Op de vraag of de rol van medewerkers belangrijker is dan technische beveiliging, geeft Lambert aan dat juist een combinatie van technische maatregelen, getraind personeel en goed beleid maakt dat een bedrijf weerbaarder wordt. “Het is dus en-en. Als er geen antivirus draait en je hebt de multifactorauthenticatie (mfa) niet goed ingesteld, maakt het niet uit wat een medewerker doet. De crimineel kan dan zonder al te veel moeite fraude plegen. Zorg daarom dat de basis op orde is en leer medewerkers hoe ze fraudepogingen kunnen herkennen, laat ze een training volgen, maar zorg vooral ook dat het beleid op orde is.” NATIONAAL CYBER SECURITY CENTRUM Veel ondernemers leven nog met de gedachte dat online fraude hen niet overkomt, maar Lambert waarschuwt voor onderschatting van het gevaar. “Alles wat van waarde is voor je bedrijf, is van waarde voor een crimineel. Elke onderneming beschikt namelijk over kennis of data die een crimineel kan inzetten voor geldelijk gewin.” Met eenvoudige maatregelen kan een hoop ellende worden voorkomen, besluit Lambert. “Een kleine ondernemer verwijs ik hiervoor naar de CyberVeilig Check op de site van het Nationaal Cyber Security Centrum, ncsc.nl. En een wat grotere ondernemer kan gebruik maken van de tool Risicoklassenindeling Digitale Veiligheid op hetzelfde platform. Denk in elk geval na over goede wachtwoorden en mfa, back-ups, automatische updates, antivirus en een goed noodplan. Richt tenslotte je werkprocessen zodanig in dat je nooit afhankelijk bent van één medewerker. En blijf altijd kritisch.” KLASSIEKE VORMEN VAN CRIMINALITEIT Naast cybercriminaliteit blijven ook klassieke vormen van criminaliteit de aandacht vragen, zoals vermogenscriminaliteit en fysieke criminaliteit. “We zien nog altijd een lichte stijging van het aantal overvallen en dat baart zorgen,” zegt Martijn Wildeboer. “Wel zien we de afgelopen twee jaar een verschuiving van fysieke overvallen naar plofkraken, waarbij met name de externe schade en het risico voor omwonenden sterk toeneemt. Een ander fenomeen is agressie en geweld, medewerkers van winkels en ook bedrijven worden steeds vaker blootgesteld aan fysiek en mentaal geweld. Een trend die we na corona alleen maar verder zien stijgen. Respect voor de medemens en normen en waarden zijn wat dat betreft aan het vervagen.” GOAL-PRINCIPE Ook hier weer adviseert Wildeboer dat bedrijven hun eigen organisatie goed op orde moeten hebben, om de kans op overvallen en criminaliteit zo klein mogelijk te maken. “Als de leidinggevende ervoor zorgt dat de medewerkers goed geschoold zijn en bijvoorbeeld NOAB.NL 19 TRENDS & ONTWIKKELINGEN

“EEN DIEF KIJKT NIET NAAR HOE GROOT OF KLEIN EEN BEDRIJF IS, MAAR VOORAL NAAR DE GELEGENHEID” bepaald gedrag in de winkel herkennen, dan heeft dat resultaat. Wanneer je die persoon namelijk aanspreekt, haal je hem of haar uit de anonimiteit en dat zorgt ervoor dat die persoon moeilijker overgaat tot diefstal. Kortom, vriendelijkheid en oplettendheid kunnen al leiden tot het voorkomen van winkeldiefstal. Daarbij zou elke winkelier het zogenaamde GOAL-principe moeten trainen. Groeten, Oogcontact, Aanspreken en Luisteren.” Met name tankstations, juweliers en tabak- en gemakzaken hebben te maken met fysieke overvallen. “Ons advies is om bijvoorbeeld alleen naar pinbetalingen te streven, omdat dat de kans op overvallen doet afnemen. Een dief kijkt niet naar hoe groot of klein een bedrijf is, maar vooral naar de gelegenheid. Waar heb ik het meeste kans op succes? Hoe slechter de organisatie, des te eerder is de kans op het risico van een overval of diefstal aanwezig. Kortom, de organisatiegraad van een bedrijf of winkel is bepalend voor het succes van de boef.” Voor PVO is er genoeg te doen, want zo beseffen Lambert en Wildeboer: “De ondernemer en de medewerker kunnen het niet alleen. Het is altijd een samenspel tussen publiek en privaat ter voorkoming van criminaliteit. Niet voor niets werken wij daarom samen met politie, justitie, gemeenten, brancheorganisaties en ondernemers, want alleen op die manier komen we tot de beste resultaten.” 20 &GO magazine

NOAB adviesgroep voor leden NOAB heeft een betrouwbaar netwerk van specialisten opgebouwd om op terug te vallen zodra extra specialistische kennis nodig is. Voor meer informatie: Fiscaal-juridisch Marree & van Uunen Belastingadviseurs T: 013 - 5 773 481 E: info@marree-cs.nl W: www.marree-cs.nl NOAB.NL 21

Schuldenadvies vraagt om een bedrijfskundige blik DOOR: HANS PIETERS De eigen boekhouder is vaak niet de aangewezen persoon voor schuldenadvies, meent bedrijfsadviseur Ritchie van der Mark van het Instituut voor het Midden- en Kleinbedrijf (IMK). De persoonlijke band zit objectief advies in de weg en de accountantsbril zit een bedrijfskundige blik al snel in de weg. In een blog op de IMK-website constateert Van der Mark dat het veel boekhouders aan tijd en inzicht ontbreekt om een bedrijfskundig probleem op te lossen. Schulden, liquiditeitsdruk en continuïteitsvraagstukken vragen om meer dan een correcte administratie. Ze vereisen strategisch inzicht, scenariodenken en soms stevige bedrijfskundige interventies. Dat ligt niet automatisch binnen de expertise of opdracht van een boekhouder, constateert hij. “Het is belangrijk dat je regelmatig met de ondernemer om tafel zit. Bij bedrijven waar het goed gaat, zie je dat er meer frequent contact is tussen de boekhouder en de ondernemer. Waarbij ze op basis van prestaties in het verleden kijken of er misschien verbeteringen nodig zijn. Maar te vaak is een boekhouder vooral gefocust op het produceren van de financiële verslaglegging.” VERSCHILLEND PERSPECTIEF Het IMK en de NOAB-adviseur bedienen dezelfde doelgroep, 22 &GO magazine de mkb-ondernemer, alleen vanuit een verschillend perspectief. Al enkele keren heeft Van der Mark bij NOABregio’s voorlichting gegeven over hulp bij schulden. Het viel hem in de nasleep van de coronapandemie op dat veel accountants- en administratiekantoren niet goed wisten wat een levensvatbaarheidsonderzoek precies behelst. “Vanuit hun expertise dachten veel boekhouders: we extrapoleren de jaarcijfers naar de toekomst. De ondernemer zelf werd helemaal niet beoordeeld. Terwijl, hoe kun je de levensvatbaarheid bepalen zonder dat je de ondernemer beoordeelt? De kracht van een kleine onderneming zit ’m vooral in de ondernemer zelf. Die is de grondlegger van het succes én vaak ook de oorzaak bij falen.” Heeft de ondernemer de energie en de capaciteiten om de turnaround te maken? Een van de adviezen die regelmatig in de IMK-rapporten terugkeert, is het benoemen van financiële stuurvariabelen. “Veel ondernemers sturen hun bedrijf aan vanuit de onderbuik. Juist omdat je die over het hoofd

“ALS JE ECHT TERUGKOPPELING WIL GEVEN OVER DE PRESTATIES VAN DE ONDERNEMING, MOET JE OOK DE ONDERNEMER ZELF BEOORDELEN” ziet, gaat het mis op het moment dat zaken veranderen. Omdat ze niet in het oog springen.” Ondernemers worden daarin onvoldoende gecorrigeerd door hun boekhouder, vindt Van der Mark. “Want je benoemt ze niet, je hebt geen doelstellingen. Waardoor je ze ook niet bespreekt. Terwijl je de cijfers op basis van waarop je kunt aansturen voorhanden hebt.” Hij benadrukt daarbij dat de ondernemer zelf de hoofdverantwoordelijke is, níet de boekhouder. RELATIE ONDER DRUK Hij stipt in zijn blog een ander heikel punt aan: je kan jezelf ook de vraag stellen hoe objectief de boekhouder nog is als hij jou vanaf de start van het bedrijf heeft geadviseerd. “Vaak komt hij al jaren over de vloer en heeft hij een bepaalde relatie met de ondernemer. Durf je ook te benoemen dat je dingen hebt nagelaten bij beslissingen waarin je samen hebt overlegd? Als je echt terugkoppeling wil geven over de prestaties van de onderneming, moet je ook de ondernemer zelf beoordelen. Dus moet je ook feedback geven over de ondernemersvaardigheden van de ondernemer. Omdat dat het meest bepalend is in het succes van de onderneming. En dat vindt een boekhouder vaak lastig, omdat daarmee je relatie onder druk komt te staan. Dus krijg je obligate adviezen als ‘hou nog even vol’ of ‘ik zou iets meer aandacht geven aan de verkoop’. Dat zijn geen concrete punten waar je als ondernemer iets mee kan. Het zou veel beter zijn als je opmerkt dat het bedrijf onvoldoende is gedigitaliseerd of dat de inzet van social media beter kan. Dan bied je meer concrete handvatten.” ACHTERUITKIJKSPIEGEL Van der Mark benadrukt dat zijn verhaal geen kritiek is op de expertise van de accountant of boekhouder. “Ik ben ervan overtuigd dat hij het accountantswerk goed doet. Wij kunnen geen jaarcijfers opstellen of fiscaal advies geven. Maar we kunnen deze wel lezen en interpreteren ten behoeve van een levensvatbaarheidsonderzoek. En naast het beoordelen van de ondernemer zelf, moet ook de markt worden beoordeeld. En daarvoor moet je kennis hebben van de branches en markten waarin hij actief is. Ik denk dat een bedrijfskundig adviseur dat beter kan dan een accountant. Daar zit een essentiële knip. Een beeldspraak die wij intern vaak gebruiken is dat de boekhouder in de achteruitkijkspiegel kijkt en wij ook door de voorruit. En dát bepaalt uiteindelijk de levensvatbaarheid en niet de cijfers uit het verleden. Die geven de grenzen aan. Maar uiteindelijk gaat het a) om de vraag: heeft de ondernemer nog goede ideeën en de juiste vaardigheden om die uit te voeren? En b) is de markt daar klaar voor? En pas dan kijk ik naar de financiële grenzen – de haalbaarheid – en het tijdpad dat nodig is om dat te bereiken. Waarbij de omzet in het verleden een goede indicatie biedt.” VERKEERDE LOKET Kort na het interview komt de elfde Kleinbedrijf Index uit, van Qredits, ONL voor Ondernemers en de Hogeschool Utrecht. Van de ruim duizend ondernemers uit het onderzoek verdient ruim de helft minder dan het minimumloon. Het sluit aan bij een eigen onderzoek van IMK, samen met RTL Nieuws, waaruit blijkt dat één op de tien ondernemers problematische schulden ervaart; 70% van deze groep ondernemers zoekt geen hulp. “De ondernemers die wel hulp zoeken, doen dat vooral bij vrienden en familie.” Maar ook degene die bij zijn boekhouder aanklopt, krijgt vaak niet de hulp die nodig is, omdat deze de weg niet kent in schuldenland, constateert Van der Mark. “We zien regelmatig dat een ondernemer bij het verkeerde loket staat en al twee of drie keer is doorverwezen naar een ander loket, zonder dat hij is geholpen. Dat is erg jammer, want bij heel veel ondernemers die hun bedrijfsactiviteiten moeten staken of zelfs failliet gaan, was dat niet nodig.” NOAB.NL 23 TRENDS & ONTWIKKELINGEN

Duidelijke afspraken kunnen een hoop ellende voorkomen DOOR: HENK POKER Wat te doen met stijgende prijzen wanneer de prijzen vastliggen in contracten? Het is een vraag die veel ondernemers de laatste tijd, eigenlijk al jaren, bezighoudt. Corona, de oorlog in Oekraïne en dit jaar de oorlog in Iran, zorgden voor ongekende prijsstijgingen, waardoor ondernemers in de problemen kwamen. Immers, wanneer een prijs vastligt in een contract, kun je daar niet zomaar iets aan veranderen. In het kort zijn er wel een aantal mogelijkheden die partijen in het contract kunnen opnemen. Bijvoorbeeld een beroep op een contractuele clausule die voorziet in (extreme) prijsstijgingen of een clausule die bepaalt dat partijen in dergelijke gevallen opnieuw moeten gaan onderhandelen. “Het is van belang om bij het sluiten van een nieuwe overeenkomst zoveel mogelijk risico’s af te dekken,” zegt Maud van den Berg, advocaat bij WVO Advocaten in Loenen. Met name in de industrie en de bouw ziet zij dat prijzen, bijvoorbeeld van grondstoffen of materialen, worden vastgelegd. Dat heeft ermee te maken dat er veel verschillende spelers bij betrokken zijn zoals producenten, leveranciers, onderaannemers. Maar ook andere ondernemers willen graag zekerheid. “STIJGENDE ENERGIEPRIJZEN WORDEN IN DE REGEL GEZIEN ALS ONDERNEMERSRISICO” 24 &GO magazine AFSPRAAK IS AFSPRAAK Tussentijds prijzen aanpassen is dus niet eenvoudig. “De rechtspraak is daar helder in: afspraak is afspraak,” zegt Van den Berg. “De rechter kan alleen in uitzonderlijke gevallen ingrijpen. Bijvoorbeeld als sprake is van onvoorziene omstandigheden, zoals tijdens de coronatijd. Winkeliers mochten niet open, waardoor ze geen omzet draaiden. De Hoge Raad bepaalde toen dat het zeer onredelijk zou zijn als de verhuurder van dat pand desondanks zou verwachten dat de huurder de volle huurprijs betaalt. Interessant is dat een beroep op dit wetsartikel niet contractueel mag worden uitgesloten.” Tijdens de energiecrisis die volgde op de oorlog in Oekraïne en dit jaar in Iran, werd er ook geregeld door partijen een beroep gedaan op dit wetsartikel. Behalve in zeer uitzonderlijke gevallen gaat de rechter daar niet in mee. “Stijgende energieprijzen worden in de regel gezien als ondernemersrisico. En ja, er zijn uitzonderingen, maar die komen zelden voor. Dus, als je niets hebt geregeld in een contract en je moet terugvallen op de wet en beslissing van een rechter, dan is de kans groot dat de rechter daar niet in meegaat.”

ZORGVULDIGHEID Bij een overmachtsbepaling gelden weer andere regels. Van den Berg: “Deze bepaling kan – anders dan de onvoorziene omstandigheden – wél contractueel worden uitgesloten. Je kan ook juist in een contract vastleggen welke situaties als overmacht moeten worden gekwalificeerd. Dan is het duidelijk onder welke bijzondere omstandigheden een partij zijn contractuele afspraken niet kan nakomen. Een plotselinge prijsstijging valt overigens niet snel onder overmacht. Een prijsstijging maakt het namelijk meestal niet onmogelijk om je afspraken na te komen.” Bij elk contract kun je met elkaar afspreken dat je om tafel gaat wanneer er zich een sterke verandering voordoet. “Opnieuw onderhandelen in het geval van bijvoorbeeld prijsstijgingen en die verplichting ook opnemen in het contract, is verstandig.” Het is wel noodzakelijk dat je duidelijke afspraken maakt. Want, zo zegt Van den Berg, “beter geen overeenkomst dan een onduidelijke overeenkomst. Bij geen overeenkomst heb je altijd nog de wet waar je op kan terugvallen. Een onduidelijke afspraak in een overeenkomst leidt juist tot discussie tussen partijen, waardoor je eerder in een procedure bij de rechter uitkomt.” WEENS KOOPVERDRAG Doe je zaken met een buitenlandse partij, denk dan na over welk recht van toepassing is. Ook als je geen contract op papier hebt, kan zomaar het recht van een ander land van toepassing zijn. Bij koop of verkoop van goederen valt zo’n contract vaak automatisch onder het Weens Koopverdrag (tenzij partijen dit verdrag contractueel uitsluiten). “Dit verdrag bevat internationale regels die van toepassing zijn op koopcontracten tussen bedrijven gevestigd in verschillende landen. Bijvoorbeeld over non-conformiteit van goederen en in dit geval relevant: overmacht. Veel ondernemers weten overigens niet dat dit verdrag voor de verkopende partij gunstiger is dan de Nederlandse wet.” Kortom, gezien alle geopolitieke spanningen is het van belang om allerlei zaken die aan de orde komen bij handel van tevoren goed vast te leggen. Dit lijkt vanzelfsprekend, maar de praktijk is weerbarstig. “Wat doen we als dit of als dat gebeurt, zijn vragen die je jezelf zou moeten stellen voordat je een contract sluit. Wat zijn mogelijke risico’s die ik voorzie? Denk daar goed over na en bespreek het met de contractspartij als de uitleg van een clausule later mogelijk discussie kan gaan opleveren. Als je die communicatie met de contractspartij vervolgens ook nog eens per e-mail vastlegt, kan je later makkelijker aan de rechter uitleggen wat partijen met de contractuele afspraken hebben bedoeld. Blijf weg van onduidelijke termen zoals ‘redelijkerwijs’ of ‘periodiek’ die iedere partij in zijn eigen voordeel zal uitleggen. Duidelijke afspraken zullen een hoop ellende en gerechtelijke procedures voorkomen.” NOAB.NL 25 TRENDS & ONTWIKKELINGEN

Startende ondernemers struikelen over administratie en belastingen DOOR: EVELINE AAN DE WIEL Veel startende ondernemers lopen al vroeg vast op hun administratie en belastingverplichtingen. Ze weten niet hoeveel geld ze moeten reserveren, zijn onzeker over hun aangifte of ontdekken te laat dat hun administratie niet op orde is. Dat blijkt uit onderzoek van de Kamer van Koophandel (KVK) onder bijna 800 ondernemers. Juist in deze kwetsbare beginfase kan een administratie- of belastingadviseur veel betekenen. Starters beginnen vaak vol plannen en enthousiasme. Hun aandacht gaat vooral uit naar hun producten, diensten en eerste klanten. De administratie komt later wel, denken ze. Maar zodra de eerste btw-aangifte nadert of een belastingaanslag op de mat valt, blijkt de financiële kant van het ondernemerschap ingewikkelder dan verwacht. Een vijfde van de ondervraagde ondernemers had bij de oprichting graag meer uitleg gekregen over belastingen. Eén op de zeven miste informatie over administratie en wet- en regelgeving. “VOORAL JONGE ONDERNEMERS BLIJKEN MOEITE TE HEBBEN MET HUN BELASTINGVERPLICHTINGEN” Dat gebrek aan kennis kan leiden tot onzekerheid en financiële stress. Ondernemers vragen zich af of ze hun belastingaanslag kunnen betalen, of hun tarieven hoog genoeg zijn en of er voldoende omzet binnenkomt. Een 26 &GO magazine ondernemer uit het KVK-onderzoek beschrijft de start als ‘door schade en schande wijs worden’. Een ander vertelt veel geld te hebben laten liggen door te weinig aandacht voor cijfers en debiteurenbeheer. ALLEEN INFORMATIE NEEMT ONZEKERHEID NIET WEG Aan informatie is er geen gebrek. De KVK, de Belastingdienst en het Ondernemersplein bieden uitleg, stappenplannen en hulpmiddelen. Toch weten starters deze informatie niet altijd op tijd te vinden. Bovendien is het niet eenvoudig om te bepalen welke regels op hun eigen situatie van toepassing zijn. Sinds 2025 is er daarom de Persoonlijke actielijst: een onderneming starten. Deze online checklist is ontwikkeld door onder meer KVK, de Belastingdienst, Ondernemersplein, UWV en RVO. Ondernemers beantwoorden vragen over hun branche, rechtsvorm en vestigingsplaats. Vervolgens krijgen zij een overzicht van relevante acties, van de inschrijving bij KVK en belastingzaken tot vergunningen en lokale regelgeving. Zo’n overzicht helpt, maar vertelt een ondernemer

nog niet hoeveel geld die in de eigen situatie het beste kan reserveren, welke kosten aftrekbaar zijn of hoe de administratie praktisch kan worden ingericht. Daar ligt een belangrijke rol voor de adviseur. JONGEREN DOEN VAKER TE LAAT AANGIFTE Vooral jonge ondernemers blijken moeite te hebben met hun belastingverplichtingen. In 2023 werd 11,3 procent van de btw-aangiften van ondernemers jonger dan 26 jaar te laat ingediend. Bij ondernemers boven de 25 jaar was dat 4,7 procent. Volgens de Belastingdienst is het niet nakomen van de btw-aangifteplicht in negen van de tien gevallen geen opzet. Jonge ondernemers zijn druk met hun ideeën, klanten en toekomstplannen en hebben vaak weinig ervaring met administratie. Ze realiseren zich bijvoorbeeld niet dat ze ook aangifte moeten doen als ze in een periode geen omzet hebben behaald. Wie te laat aangifte doet of niet op tijd betaalt, kan wel een boete krijgen. Om jonge ondernemers beter te bereiken, startte de Belastingdienst in 2025 een campagne via sociale media, jongerenzenders en influencers die zelf ondernemen. Op een speciale website staan video’s, een stappenplan en een webinar over de eerste btw-aangifte. Een herinnering aan de aangiftedatum is echter niet genoeg. Een starter moet ook begrijpen welke gegevens nodig zijn en hoe de administratie zo kan worden ingericht dat de aangifte geen terugkerende bron van stress wordt. ZZP’ER EN MKB’ER VRAGEN IETS ANDERS Niet iedere starter heeft dezelfde begeleiding nodig. Uit het KVK-onderzoek blijkt dat zzp’ers vooral behoefte hebben aan praktische houvast. Zij noemen informatie over belastingen, verzekeringen en het vinden en behouden van klanten relatief vaak als essentieel. Startende mkb’ers hebben vaker vragen over weten regelgeving, subsidies en regelingen. Zij krijgen bovendien te maken met onderwerpen als personeel, loonadministratie en arbeidsrecht. Bijna de helft van de ondervraagde mkb’ers geeft aan simpelweg te zijn begonnen en onderweg te hebben ontdekt wat er geregeld moest worden. Een zzp’er die vanuit huis begint, heeft andere vragen dan een ondernemer die direct personeel aanneemt of een bedrijfspand huurt. Goede begeleiding begint daarom met inzicht in de plannen, risico’s en informatiebehoefte van de ondernemer. NOAB.NL 27 ONDERNEMERS

“EEN ZZP’ER DIE VANUIT HUIS BEGINT, HEEFT ANDERE VRAGEN DAN EEN ONDERNEMER DIE DIRECT PERSONEEL AANNEEMT OF EEN BEDRIJFSPAND HUURT” DE ADVISEUR ALS GIDS Een NOAB-adviseur kan starters helpen om vanaf het begin overzicht te creëren. Niet door alle verantwoordelijkheid over te nemen, maar door uit te leggen wat er wordt verwacht. Wanneer moet er aangifte worden gedaan? Welk bedrag kan de ondernemer beter apart zetten? En bieden omzet, kosten en tarieven voldoende ruimte voor een gezond bedrijf? Ook eenvoudige afspraken kunnen problemen voorkomen. Denk aan een aparte rekening voor belastingen, een vaste routine voor het aanleveren van bonnetjes en facturen, aandacht voor debiteurenbeheer en een planning van de belangrijkste deadlines. Ook kan de adviseur helpen om realistische tarieven te bepalen en periodiek geld te reserveren voor belastingen en onverwachte uitgaven. Door regelmatig samen naar de cijfers te kijken, merkt een adviseur bovendien eerder wanneer de omzet achterblijft, kosten oplopen of betalingsproblemen dreigen. Starters hoeven niet ieder detail van de belastingwetgeving te kennen. Ze moeten wel begrijpen welke verplichtingen zij hebben en wat hun cijfers over hun onderneming vertellen. Wie de basis vanaf het begin op orde heeft, verkleint de kans op fouten, boetes en financiële tegenvallers. Goede begeleiding geeft bovendien rust en ruimte om te doen waarvoor de onderneming ooit begon: klanten helpen, plannen uitvoeren en stap voor stap een gezond bedrijf opbouwen. 28 &GO magazine

STILSTAAN IS GEEN OPTIE NOAB.NL 29

Probeer nooit je voorgaande succes te herhalen DOOR: HANS PIETERS Met zes succesvolle bedrijven in totaal uiteenlopende markten kun je Jeroen Dekker met recht een serial entrepreneur noemen. In zijn boek Ondernemen zoals de Startup King en het interview deelt hij de belangrijkste praktische lessen uit een kleine dertig jaar ondernemerschap. 30 &GO magazine

“IK HEB NOOIT MEEGEMAAKT DAT HET MAKKELIJK IS OM GELD TE VERDIENEN ALS ONDERNEMER. IN GEEN ENKELE BRANCHE, OP GEEN ENKELE MANIER” Dekker heeft in totaal verschillende branches succes gehad, van e-commerce en logistieke dienstverlening tot een uitgeverij. “Ik heb altijd geprobeerd iets nieuws te doen, in een andere branche.” Zijn adviezen komen uit de praktijk. SCHAARSTE MAAKT CREATIEF Op de vraag naar de reden dat zoveel ondernemers het succes van hun eerste bedrijf niet weten te herhalen met hun volgende onderneming, antwoordt hij: “Dat komt doordat er een soort luiheid in sluipt. Schaarste maakt creatief. Als je geen geld hebt, ga je creatief denken. Daar komen vaak heel mooie dingen uit voort. Je gaat harder werken, er komen samenwerkingen, et cetera. Maar als je geld hebt, zeg je al gauw: het gaat nog niet zo goed, ik stort er nog twintigduizend euro bij.” Zijn advies: “Zorg dat je de creativiteit borgt. Je moet zeker niet denken dat je het zelf beter kan. Dat is vaak niet zo. De tijd en de wereld veranderen razendsnel. Ik heb verschillende webwinkels gehad, onder meer voor voedingssupplementen. Maar als ik daar nu weer in zou stappen, is die markt helemaal veranderd. Je hebt TikTok- en WhatsApp-winkels. Je hebt influencers nodig en moet engagement creëren met je publiek en volgers. Dus als je denkt dat je het succes zomaar weer kan herhalen, ga je waarschijnlijk onderuit.” KIEZEN, INVESTEREN, NEGEREN EN GAAN (KING) In zijn boek introduceert Dekker met een knipoog het KING-model: Kiezen, Investeren, Negeren en Gaan. “Het is geen heel academisch model, maar wel een beetje hoe ik werk. Ik Kies, Investeer, Negeer en Ga! Veel mensen blijven hangen in perfecties. Ik heb altijd zoiets van, begin gewoon! Spring in dat ravijn en bouw een vliegtuig voordat je de grond raakt. Sommige mensen starten niet omdat ze eerst 2,5 miljoen euro nodig hebben voor een machine. Dan denk ik: oké, heb je die echt nodig? Kan het niet op een andere manier, totdat je het geld wel hebt?” Hij gebruikt de uitgeverij die hij met een compagnon is gestart als voorbeeld. “Ik kom van een bedrijf van vijfhonderd man waarvan ik de ceo was. Nu moet ik gewoon weer zelf bellen. We hebben een klein bedrag zelf geïnvesteerd en gebruikgemaakt van een Belgische investeringsregeling. Dat is hoe je begint. Ik keer mezelf geen salaris uit, tot er geld wordt gegenereerd en werk vanuit een co-working space. We besteden alle werkzaamheden uit. Dus als we een project hebben, hebben we kosten. En is er geen project, dan hebben we ook geen kosten.” VERZAMEL GOEDE MENSEN OM JE HEEN Het is belangrijk dat je een eigen netwerk opbouwt met goede mensen die je blindelings kunt vertrouwen. “Dat duurt lang, maar is wel belangrijk,” benadrukt Dekker. “Ik ben van nature geen financiële man. Ik kan prima een balans lezen, maar ik heb altijd goede mensen rondom mij verzameld. Soms een compagnon die financieel sterk was, maar ik heb al twintig jaar een heel goed boekhoudkantoor. Mijn accountant ondersteunt mij waar ik wat zwakker ben. Het begin van de maand heb ik een overzicht van de vorige maand. Daar betaal ik graag voor, want ik weet dat het goed is.” Uit zijn eigen omgeving weet hij . 31 TRENDS & ONTWIKKELINGEN Jeroen Dekker

“IK KIES, INVESTEER, NEGEER EN GA! VEEL MENSEN BLIJVEN HANGEN IN PERFECTIES. IK HEB ALTIJD ZOIETS VAN, BEGIN GEWOON!” dat boekhouden voor de meeste ondernemers niet hun sterkste expertise is. “Dus kun je maar beter zorgen dat het goed is geregeld en niet bezuinigen op je boekhouder.” WELL-SPENT MONEY “Ik zeg altijd dat je beter 10% van een bedrijf van 100 miljoen euro kunt hebben dan 100% van een bedrijf van 1 miljoen euro. Dus als je kunt delen, door een partner erbij te nemen, een stuk te verkopen aan een compagnon of een partij dat je bedrijf naar andere hoogtes kan brengen, dan moet je dat doen. En niet ‘pennywise, pound foolish’ zijn.” Hij vertelt over de verkoop van zijn eerste onderneming, een e-commercebedrijf, in 2007. “Nadat het op de markt kwam, was het letterlijk binnen 24 uur verkocht. Ik had er weinig verstand van op dat moment, dus ik ging mee met wat zij dachten dat een goede prijs was. Daar was ik toen heel blij mee en ik heb er geen spijt van, maar de les die ik eruit heb gehaald is dat je de tijd moet nemen om een goede partner te zoeken, net als bij je boekhouder. Bij mijn laatste deal heb ik een paar honderdduizend euro betaald aan de bemiddelaar. Maar dat is ‘well-spent money’, het heeft me een miljoenendeal opgeleverd.” ONDERNEMEN IS HARD WERKEN Gevraagd naar de rode draad in zijn ondernemerschap haalt Dekker bestsellerauteur en gedragspsycholoog Angela Duckworth aan, die onderzoek heeft gedaan naar de factoren die bepalend zijn voor succes. “Haar conclusie is dat het te maken heeft met ‘grit’ en ‘selfcontrol’; passie en doorzettingsvermogen. Dat is bij mij ook wel een rode draad. Als je een succesvolle ondernemer wil zijn, moet je discipline hebben en passie voor een onderwerp. Dat maakt het allemaal een stuk makkelijker. Ik ken intelligente mensen die heel creatief zijn, maar nooit een succesvol bedrijf bouwen, omdat ze niet dag in dag uit de routinematige klusjes kunnen doen. Succes is de optelsom van alle kleine dingen, dag in dag uit. Het is hard werken, ondernemen. Mensen zien vaak alleen het resultaat, maar niet al die minuten van al die dagen dat je die telefoontjes en losse klusjes moet doen.’ Wat hem brengt op een tweede ondernemerswijsheid die hem staande heeft gehouden: “‘There is no such thing as easy money’. Ik heb nooit meegemaakt dat het makkelijk is om geld te verdienen als ondernemer. In geen enkele branche, op geen enkele manier.” “Jeroens energie, doorzettingsvermogen en eerlijkheid maken hem meer dan uniek.” Bernhard van Oranje-Nassau, ondernemer 6 bedrijven opzetten en 6 keer succesvol zijn, iedereen kan het. Jeroen Dekker Met cases van Girav en LOAVIES LEESTIP: Jeroen Dekker, Ondernemen zoals de Startup King. 6 bedrijven opzetten en 6 keer succesvol zijn, iedereen kan het. 196 p. Uitgeverij Krummholz, 2026. 32 &GO magazine Jeroen Dekker

NOAB Najaarsprogramma 2026: “Ons doel is om kantoren gericht te ondersteunen bij hun ontwikkeling” NOAB ACADEMY

DOOR: GIJS DE ROOIJ Het NOAB Najaarsprogramma 2026 staat online. Bij de samenstelling van het programma is nadrukkelijk gekeken naar vernieuwing en de leerbehoeften van leden en hun medewerkers. Het resultaat is een breder en verdiepend scholingsaanbod met aandacht voor actuele thema’s, verschillende leervormen en nieuwe manieren om kennis uit te wisselen. “Ons doel is om kantoren gericht te ondersteunen bij hun ontwikkeling op onderwerpen die nu én in de toekomst relevant zijn,” vertelt Marieke Hurkens, adviseur Diensten & Innovatie bij NOAB. “Daarbij kijken we niet alleen naar vaktechnische actualiteiten, maar ook naar ontwikkelingen binnen kantoren zoals AI, samenwerking, betrokkenheid en kantoorontwikkeling.” “WE BLIJVEN INVESTEREN IN VORMEN WAARBIJ LEDEN ELKAAR KUNNEN ONTMOETEN” MEER VARIATIE IN AANBOD EN LEERVORMEN Voor de invulling van het programma is gebruikgemaakt van verschillende bronnen, waaronder externe PEaanvragen, evaluaties, signalen uit relatiegesprekken 34 &GO magazine en een interne brainstormsessie. Daaruit bleek onder meer dat leden behoefte hebben aan actuele onderwerpen, praktische toepasbaarheid en meer variatie in vorm en locatie. Om daarop in te spelen bevat het najaarsprogramma een mix van verdiepende cursussen, korte actualiteitensessies, praktische trainingen, webinars en blended learning. “Met name de behoefte aan flexibiliteit zien we terug in het aanbod. Korte online vormen, zoals de Up2date-webinars, maken het mogelijk om snel bijgepraat te worden over actuele onderwerpen zonder dat daar veel reistijd mee gemoeid is.” “Daarnaast hebben we gekeken naar een betere landelijke spreiding van ons cursusaanbod. Veel klassikale cursussen worden dit najaar op meerdere locaties in Nederland aangeboden, zodat leden kunnen kiezen voor een opleidingslocatie die het beste aansluit bij hun regio en reistijd. Door cursussen op meer locaties in Nederland aan te bieden, wordt deelname voor leden toegankelijker.”

“LEDEN HEBBEN BEHOEFTE AAN ACTUELE ONDERWERPEN, PRAKTISCHE TOEPASBAARHEID EN MEER VARIATIE IN VORM EN LOCATIE” AANDACHT VOOR ONTWIKKELINGEN IN DE BRANCHE Een van de thema’s die nadrukkelijk terugkomt in het programma is AI en digitalisering. Naast verschillende AI-cursussen zijn er initiatieven zoals de AI-kopgroep en de e-learning AI-Geletterdheid. “Leden willen weten wat AI betekent voor hun kantoor, hun processen en hun dienstverlening. Daarbij gaat het om de kansen die AI biedt, maar ook om verantwoord en veilig gebruik,” licht Marieke toe. Ook opvolging binnen kantoren staat hoog op de agenda. “Steeds meer ondernemers denken na over de toekomst van hun kantoor, bedrijfsoverdracht of verkoop. Daarom werken we momenteel aan een aanvullend aanbod rondom dit thema. Hierbij besteden we onder meer aandacht aan onderwerpen als het verkoopklaar maken van een kantoor, kantoorwaarde, waardeontwikkeling en een goede voorbereiding op overdracht. Deze cursussen worden op een later moment aan het najaarsprogramma toegevoegd.” VERBINDING EN KENNISDELING Naast opleidingen blijft ook kennisuitwisseling tussen leden een belangrijk onderdeel van het aanbod. Zo zijn softwaregebruikersgroepen en de fiscale Denktank actief, worden de communities Kantorenoverleg en Vaktechniek Fiscaal voortgezet en wordt gewerkt aan nieuwe communities. “De behoefte om kennis en ervaringen met elkaar te delen blijft groot. Daarom blijven we investeren in vormen waarbij leden elkaar kunnen ontmoeten en van elkaar kunnen leren,” sluit Marieke af. Het volledige NOAB Najaarsprogramma 2026 is vanaf nu beschikbaar op het ledenplatform. Dit en nog veel meer volg je in de NOAB Academy BEAT THE BENCHMARK Ontdek hoe jouw kantoor presteert ten opzichte van andere administratie- en belastingadvieskantoren. Aan de hand van de Benchmark Kantoorcijfers analyseer je verschillen, succesvolle keuzes en relevante kengetallen. Je leert jouw eigen cijfers beter interpreteren en vertaalt inzichten naar concrete verbeteringen in processen, rendement, dienstverlening en de verdere ontwikkeling van je kantoor. TALENT BINDEN EN BEHOUDEN MET AANTREKKELIJK WERKGEVERSCHAP Leer hoe je jouw kantoor aantrekkelijk en onderscheidend positioneert als werkgever. Je ontdekt wat medewerkers en nieuwe generaties, waaronder Gen Z, belangrijk vinden en hoe cultuur, flexibiliteit en ontwikkeling bijdragen aan aantrekkelijk werkgeverschap. Met inzichten uit NOABonderzoek vertaal je deze kennis naar concrete acties voor betrokkenheid, werving en duurzaam talentbehoud. EMOTIONELE INTELLIGENTIE Ontwikkel jezelf van inhoudelijk adviseur tot sterkere gesprekspartner. Je leert emoties en gedrag herkennen, beter luisteren en effectiever reageren op wat klanten werkelijk bezighoudt. Onderwerpen zijn onder andere de vertrouwde adviseur, emoties en het brein, klantdynamiek, assertief en verbindend communiceren en omgaan met uitdagende situaties. MAAK JOUW KANTOOR VERKOOPKLAAR: GRIP OP WAARDE EN OVERDRACHT Ontdek wat jouw administratiekantoor waard is en hoe je de waarde en overdraagbaarheid vergroot. Je leert welke factoren kopers belangrijk vinden, hoe waardering via EBITDA werkt en welke stappen bij verkoop komen kijken. Met aandacht voor financiën, dossiers, ICT, HR, klantportfolio en cultuur werk je toe naar een persoonlijk 90-dagenplan. NOAB.NL NOAB.NL 35 35 NOAB ACADEMY

ViDA moet btwsysteem in Europa moderniseren DOOR: HENK POKER De combinatie van btw en internationaal zakendoen blijkt nog altijd geen gelukkige. Dat constateert Frank Resseler van het BTW-INSTITUUT in Dordrecht. Hij zit al jaren in het vak en stelt dat het kantoor nog te vaak als brandweer moet optreden, “terwijl we liever een rookmelder komen installeren.” Is het onwetendheid, een gebrek aan kennis, complexe en snel veranderende regels, een administratie die niet aansluit op de btw-aangifte; feit is dat er al dan niet bewust te veel fouten met de btw worden gemaakt, wanneer ondernemers over de grens zaken gaan doen. In het streven om deze problematiek voor eens en altijd op te lossen wordt op 1 juli 2030 ViDA ingevoerd, wat staat voor VAT (Engels voor btw) in the Digital Age. “In alle EU-lidstaten mogen bedrijven vanaf die datum alleen nog maar factureren via de digitale snelweg en dat gaat een behoorlijke impact hebben op het ondernemen. Mijn advies is dan ook om op tijd te beginnen met de voorbereidingen op de invoering van ViDA, want 1 juli 2030 is dichterbij dan je denkt.” WAAN VAN DE DAG Eerst maar eens terug naar de huidige situatie. Het verbaast Resseler dat veel ondernemers die internationaal zaken gaan doen denken dat ze dan geen btw hoeven te rekenen. “Dat is vaak niet eens bewust,” zegt hij. “Veel mensen zoeken tegenwoordig even op AI naar informatie en trekken daaruit conclusies, terwijl fiscaal-technisch AI niet altijd de waarheid vertelt. In de waan van de dag kan er dan wel het een en ander misgaan.” Resseler ziet wat dat betreft een rol weggelegd voor de boekhouder/ accountant. “Hij of zij ziet de facturen, moet ook weten wanneer zijn klant over de grens zaken gaat doen en dient daar vervolgens op te acteren. Noem het een zorgplicht die je hebt.” Een belangrijke oorzaak waarom het nog vaak fout gaat, heeft volgens Resseler ook te maken met het feit dat de 27 EU-landen niet op één lijn zitten. “We hebben een Europese btw-richtlijn, waar alle 27 EU-landen zich aan moeten conformeren. Deze richtlijn schrijft voor hoe rechten en verplichtingen rond btw moeten worden opgenomen. Dus, een aantal zaken met betrekking tot de btw werken overal hetzelfde. Maar, de keerzijde is dat er ook zogenoemde kan-bepalingen zijn. Landen kunnen daarbij zelf bepalen of ze een bepaalde regeling opnemen of niet. Zo kennen we in Nederland voor de btw het begrip fiscale eenheid. Andere landen kennen dat begrip weer niet. Zo is er een lappendeken van wetgeving ontstaan 36 &GO magazine

“BEGIN OP TIJD MET DE VOORBEREIDINGEN OP DE INVOERING VAN VIDA, WANT 1 JULI 2030 IS DICHTERBIJ DAN JE DENKT” en het is logisch dat de gemiddelde ondernemer daar geen kennis van heeft. Ook bij internationaal zakendoen heeft men te maken met specifieke lokale vereisten. Mijn advies is daarom, voordat je met een bepaald land zaken gaat doen, om bij je adviseur te informeren naar de regels rondom btw.” BOETE Bij het niet nakomen van de btw-afspraken kunnen de gevolgen fors zijn. “Zo is de boete voor het niet betalen van btw in België bijvoorbeeld 200 procent van het btw-bedrag. Wij adviseren bedrijven die nattigheid voelen altijd om zelf in actie te komen en niet af te wachten tot de fiscus uit een ander land boetes op gaat leggen. Als kantoor kunnen we daarin begeleiden.” Een fout die volgens Resseler veel voorkomt is het toepassen van het verkeerde btw-tarief. “In ons land ligt de btw op bloemen bijvoorbeeld op 9%, maar in Hongarije is dit 27%. Dus, als je bloemen naar particulieren in Hongarije gaat verkopen en afleveren, let daar dan even op.” VIDA Tot nu toe zijn ondernemers vrij in de manier waarop ze factureren: op briefpapier, via een PDF of digitaal. Vanaf 1 juli 2030 behoort dat tot het verleden, want vanaf die datum wordt ViDA ingevoerd, het Europese pakket om het btw-systeem te moderniseren. Resseler: “Beide partijen, zowel de koper als de verkoper, moeten vanaf die datum een digitale factuur aan hun koper/opdrachtgever uitreiken en een kopie bij hun belastingdienst indienen. Het is in ieders belang dat de factuur dus klopt. De reden waarom ViDA wordt ingevoerd is omdat men binnen de EU realtime inzicht wil krijgen in de goederenstromen, maar ook om btw-fraude sneller te kunnen opsporen, waardoor er accurater kan worden opgetreden. Dat juichen wij overigens toe. Daarnaast moet ViDA voor minder administratieve rompslomp zorgen voor bedrijven die internationaal zakendoen.” Resseler adviseert ondernemers die internationaal actief zijn of worden, bijvoorbeeld met het organiseren van een evenement, de aankoop van een pand of met handel, van tevoren informatie in te winnen over de btw. “Zeker met ViDA in het vooruitzicht moet je zeker weten dat alles klopt. Sowieso is het beter om zaken vooraf goed te regelen, dan hoef je achteraf niet te repareren.” NOAB.NL NOAB.NL 37 TRENDS & ONTWIKKELINGEN Ronald Kleverlaan

Stroom- of internetuitval: een noodplan beperkt de schade DOOR: EVELINE AAN DE WIEL Geen internet, een langdurige stroomstoring of een cyberaanval: het kan de bedrijfsvoering in één klap stilleggen. Ondernemers zijn zich steeds bewuster van zulke risico’s, maar nemen nog lang niet altijd maatregelen. Dat blijkt uit onderzoek van KVK onder bijna 750 ondernemers. Toch hoeft een noodplan niet ingewikkeld te zijn. Ook kleine voorbereidingen kunnen de schade beperken en ervoor zorgen dat een bedrijf sneller weer op gang komt. Vooral de afhankelijkheid van digitale voorzieningen baart ondernemers zorgen. Ruim twee derde ziet uitval van internet of telecom als een risico voor de bedrijfsvoering. Stroomuitval wordt bijna even vaak genoemd. Bijna de helft verwacht gevolgen van een IT-storing of de uitval van software- en cloudsystemen. Twee op de vijf ondernemers noemen een cyberaanval als mogelijke bedreiging. Ook risico’s buiten de digitale omgeving kunnen een bedrijf raken. Een kwart van de ondernemers noemt extreem weer, zoals storm, sneeuw of hitte. Wateroverlast, overstromingen en logistieke problemen worden eveneens door ongeveer een kwart genoemd. BEWUSTZIJN LEIDT NOG NIET TOT ACTIE Ondernemers zien de risico’s dus wel, maar bereiden zich er beperkt op voor. Uit eerder KVK-onderzoek onder ruim 2.000 ondernemers bleek dat bijna twee derde nog niet bezig was met voorbereiding op verstoring of uitval, of dacht er weinig tegen te kunnen doen. Slechts één op de tien voelde zich goed voorbereid en twee op de tien enigszins. Dat is niet zo vreemd. Ondernemers hebben te maken met volle agenda’s en urgente dagelijkse zaken. Voorbereiding 38 &GO magazine op een situatie die zich misschien nooit voordoet, schuift dan gemakkelijk naar de achtergrond. Bovendien kan het idee ontstaan dat maatregelen kostbaar of technisch ingewikkeld zijn. Toch hoeft een noodplan niet te beginnen met een noodaggregaat of een uitgebreid ICT-project. De eerste stap is nagaan waarvan de onderneming echt afhankelijk is. WAT MOET BLIJVEN DRAAIEN? De gevolgen van een storing verschillen sterk per bedrijf. Een ijssalon kan bij stroomuitval niet alleen omzet, maar ook de voorraad verliezen. Voor een winkel vormt een uitgevallen betaalsysteem een direct probleem, terwijl een productiebedrijf afhankelijk kan zijn van machines en leveringen. Ook een administratie- of belastingadvieskantoor is sterk afhankelijk van digitale systemen. Als boekhoudsoftware, klantportalen of internetverbindingen uitvallen, kunnen medewerkers mogelijk geen aangiften voorbereiden, salarissen verwerken of betalingen controleren. Een noodplan gaat daarom niet alleen over de bedrijfsvoering van klanten, maar ook over de continuïteit van het eigen kantoor.

Ondernemers kunnen beginnen met enkele vragen. Welke processen moeten doorgaan? Welke gegevens, apparaten en leveranciers zijn onmisbaar? Hoe worden medewerkers, klanten en leveranciers bereikt als internet en telefonie uitvallen? En welke financiële verplichtingen lopen door als er tijdelijk geen omzet is? EEN DRAAIBOEK VOOR DE EERSTE 72 UUR De overheidscampagne ‘Blijft jouw bedrijf weerbaar?’ helpt ondernemers bij het maken van een draaiboek. Volgens RVO kan het in een noodsituatie 72 uur duren voordat de overheid hulp heeft georganiseerd. Het is daarom verstandig vooraf vast te leggen wat het bedrijf in die eerste uren en dagen zelf kan doen. Het draaiboek behandelt drie onderdelen. Bij ‘het bedrijf’ gaat het om de processen die moeten blijven draaien en de taakverdeling tijdens een crisis. ‘De keten’ brengt essentiële leveranciers en afnemers en mogelijke alternatieven in beeld. Bij ‘de omgeving’ kijkt de ondernemer wat klanten, partners en de buurt van het bedrijf nodig hebben. KVK adviseert daarnaast om plannen te bespreken en te testen. Werkt de kassa nog zonder internet? Zijn belangrijke bestanden ook offline bereikbaar? Is duidelijk wie klanten informeert? En komen facturen na een storing alsnog goed aan? Door zo’n scenario een keer te oefenen, blijkt snel welke afspraken of voorzieningen ontbreken. Soms zijn eenvoudige oplossingen voldoende. Denk aan een contactlijst op papier, regelmatige back-ups, een mobiele internetverbinding of een alternatief voor pinbetalingen. Ook kan een ondernemer met leveranciers en klanten afspreken hoe zij handelen als de gebruikelijke communicatiekanalen niet werken. Welke oplossing past, hangt af van de belangrijkste processen. OOK FINANCIËLE WEERBAARHEID TELT Een verstoring heeft vaak direct financiële gevolgen. Omzet kan wegvallen, terwijl personeelskosten, huur, aflossingen en andere vaste lasten doorlopen. Uit het KVK-onderzoek blijkt dat een kwart van de ondernemers graag advies wil over een betere financiële voorbereiding op een crisis. Daar kan ook de NOAB-adviseur een rol spelen. Die hoeft geen ICT- of crisisdeskundige te worden, maar kan wel vragen stellen. Hoe lang kan de onderneming een omzetdip opvangen? Is er voldoende buffer? Welke vaste verplichtingen lopen door? Zijn belangrijke financiële gegevens veilig opgeslagen en bereikbaar? En zijn er afspraken over betalingen, facturatie en debiteurenbeheer als systemen uitvallen? Volledige zekerheid bestaat niet. Maar wie vooraf de belangrijkste risico’s in kaart brengt, afspraken vastlegt en een noodscenario test, staat tijdens een verstoring niet met lege handen. Een praktisch draaiboek helpt de ondernemer sneller beslissen, beperkt de schade en vergroot de kans dat het bedrijf blijft draaien. NOAB.NL 39 TRENDS & ONTWIKKELINGEN

bedrijfssoftware die altijd werkt

1 Online Touch

Index

  1. 1
  2. 2
  3. 3
  4. 4
  5. 5
  6. 6
  7. 7
  8. 8
  9. 9
  10. 10
  11. 11
  12. 12
  13. 13
  14. 14
  15. 15
  16. 16
  17. 17
  18. 18
  19. 19
  20. 20
  21. 21
  22. 22
  23. 23
  24. 24
  25. 25
  26. 26
  27. 27
  28. 28
  29. 29
  30. 30
  31. 31
  32. 32
  33. 33
  34. 34
  35. 35
  36. 36
  37. 37
  38. 38
  39. 39
  40. 40
Home


You need flash player to view this online publication