0

It’s not just a long term lease. It’s a long term relationship. We build to last. That goes for properties we own, develop and manage around the world and, most importantly, for our relationships. We’re always on the lookout for opportunities to add value and to fi nd unique solutions for our customers. And to provide the out-of-the box thinking that makes all the difference. Visit us at nl.goodman.com

Havens en waterwegen als vitaal onderdeel van ons netwerk Overijssel kent een lange geschiedenis op het gebied van samenwerking en zee- en binnenvaart. In de Middeleeuwen maakten steden aan de IJssel deel uit van het Hanzeverbond. In Overijssel waren Zwolle, Kampen en Deventer de belangrijkste, maar ook steden in Twente waren aangesloten. Door samen te werken konden ze beter concurreren met handelaren in het Oostzeegebied. Op het hoogtepunt waren er 200 leden in Noord-Duitsland, de Baltische Staten, Nederland en Scandinavië. Nu nog zien wij dat onze ondernemers veel samenwerken. Dat zit nu eenmaal in ons bloed en het water vormt daarbij de verbindende factor. In Overijssel vind je veel innovatieve en duurzame bedrijven, die gebruik maken van de binnenvaart. Belangrijke sectoren hier zijn de Agro en Food, High Tech, Health en Logistics. Bekende namen als Scania, Wehkamp, ForFarmers, Agrifirm, Grolsch, Bolletje en Timberland zijn hier gevestigd. Maar onze kracht zit toch vooral in onze diversiteit en in onze MKB en familiebedrijven, die toekomstgericht denken. Samen vormen zij het weefsel van onze provincie dat tegen een stootje kan. Ondernemers, overheden, kennis- en onderwijsinstellingen werken samen en zetten zich hands-on in voor een goede bereikbaarheid en een gezonde economie. Wij zien kansen op de North Sea Corridor, de route van de zeehavens via Overijssel naar NoordDuitsland, Polen en de Baltische Staten, die volop in ontwikkeling is. China is bezig met de nieuwe Zijderoute per spoor, die maakt dat stromen ook de andere kant op zullen gaan. Wij willen hier economisch van profiteren. Maar we zien ook krapte op de arbeidsmarkt. Innovaties in transport en logistiek gaan snel en de Klimaatopgave is groot. Om samen snel in te spelen op deze ontwikkelingen, zijn wij in 2018 gestart met een ondernemersgedreven samenwerkingsverband onder de naam Port of Logistics Overijssel (POLO). Samen met onze partners binnen en buiten Overijssel zetten wij ons in voor een gezonde economie, bereikbaarheid, vitaliteit en duurzaamheid voor Nederland. De havens en waterwegen zien wij daarbij als een integraal en vitaal onderdeel van ons netwerk. Bert Boerman Gedeputeerde Overijssel (Mobiliteit, Water en Sociaal) Havenlocaties 2019 - 3

Nederland 2019 Magazine over de zee- en binnenhavens van Nederland, gepresenteerd door havenbedrijven, overheden, kennisinstituten, branche- en belangenorganisaties, logistieke dienstverleners, containerterminals, vastgoedprofessionals en gevestigde bedrijven. Coverpresentatie: Port of Logistics Overijssel (POLO), samenwerkingsverband tussen Port of Deventer, Port of Twente, Port of Zwolle en de provincie Overijssel. Zie het interview op de pagina’s 6,7,8 en 9. Voorwoord: Bert Boerman, Gedeputeerde Overijssel (Mobiliteit, Water en Sociaal) Havenbedrijven / Havenlocaties: Port of Deventer, Port of Twente, Port of Zwolle ........... 6 Port of Amsterdam ................................ 22, 26 Flevokust Haven ..................................... 28 Frisian Ports ......................................... 32 Port of Harlingen ..................................... 36 Havenlocatie Oostpoort Dordrecht ..................... 51 Havenlocatie Zwijndrecht ............................. 52 Havenlocatie Deen Shipping / Zwijndrecht ............... 54 Port of Moerdijk ...................................... 60 Havenlocaties Wessem Port Services ................... 70 Havenlocatie Bedrijvenpark Zevenellen Haelen ........... 73 Blueports Limburg .................................... 74 Containerterminals / Logistieke Dienstverleners: Combi Terminal Twente - Almelo (CTT) .................. 8 Container Terminal Utrecht (CTU) ...................... 28 Full Service Container Logistics (MCS) ................... 34 Osse Overslag Centrale (OOC) ......................... 46 BCTN (9 containerterminals) ........................... 66 Wessem Port Services Havenlogistiek ................... 70 Vastgoedprofessionals: Goodman ............................................ 2 Bouwgrondvinden.nl / Unibouw ........................ 12 Delin Capital Asset Management ....................... 16 Borghese Logistics ................................... 22 Van Berlo Bedrijfsvloeren .............................. 38 ProDelta Real Estate .................................. 44 Sprangers ILDC ...................................... 50 Bossers & Fitters Taxaties .............................. 72 Stahlberg Investments ................................ 76 Advertentie Vechter voor uw Havenbelangen • ADVIES • PROJECTONTWIKKELING • (INTERIM)BESTUUR Contact: +31651495567 info@miloheiloo.nl www.miloheiloo.nl 4 - Havenlocaties 2019

Deelnemers in deze uitgave www.leeuwarden.nl www.portofharlingen.nl www.overijssel.nl www.portoftwente.com www.bouwgrondvinden.nl www.movares.nl www.harlingen.nl www.defryskemarren.nl www.deventer.nl www.goodman.com www.deafsluitdijk.nl www.borgheselogistics.nl www.heerenveen.nl www.achterkarspelen.nl www.portofzwolle.nl www.havens.binnenvaart.nl www.rws.nl www.linc.network www.gemeentesudwestfryslan.nl www.tytsjerksteradiel.nl Branche- en Belangenorganistaties / Overheid: Nederlandse Vereniging van Binnenhavens (NVB) ......... 10 Schutsluis Kornwerderzand ............................ 13 Ministerie van infrastructuur en Waterstaat ............... 14 Green Deal Binnenvaart ............................... 17 LINc ................................................ 25 Get Ahead in Europe .................................. 40 NVM Business ....................................... 69 Kennisinstituten / Toeleveranciers: Movares ............................................ 18 Heras .............................................. 31 Port Solutions Rotterdam .............................. 48 Erasmus Universiteit Rotterdam ........................ 56 Panteia ............................................. 62 Connecting the Flows www.portofamsterdam.nl www.mcs-bv.nl www.bctn.nl www.flevokusthaven.nl www.vanberlo.com www.nvm.nl www.heras.nl www.getaheadineurope.com www.wessem.com www.smallingerland.nl www.prodelta.nl www.bossers-fitters.nl www.vanvliet.net www.ooc.nl www.oml.nl Redactie en advertentie-exploitatie Jager Media D.A. Arthur Jager Postbus 2711, 7301 EE Apeldoorn T 0571 - 29 24 27 M 06 - 223 91 776 E arthur@jagermedia.nl W www.jagermedia.nl Journalisten Hanny van Eerden, Caspar van Loo, Pieter Pulleman Website - Blending Media - Monique Jager Vormgeving Studio Transparant Fotografie Beeldbank Port of Zwolle. Jager Media www.portofmoerdijk.nl www.sprangers.nl www.stahlberg-investments.com STAHLBERG www.eur.nl/ese www.portsolutionsrotterdam.nl www.limburg.nl C000499 Het magazine Havenlocaties Nederland wordt duurzaam geproduceerd. www.panteia.nl www.oostpoort-dordrecht.nl www.dc-am.co.uk

POLO: toekomstbestendige logistiek Nederland heeft, als distributieland, met de fysieke mogelijkheden en slagkracht van het oosten van het land nog ongekende toekomstkansen en kan de overvolle Randstad gestroomlijnd gaan ontlasten. Dat zegt Janneke Gramberg, programma- manager Port of Logistics Overijssel (POLO). “We werken graag samen, bieden een relatief gunstig arbeidspotentieel, weten dat aan te boren, en zijn niet bang voor vernieuwing en vooruit denken en doen,” bevestigt zij. V.l.n.r. Gerry Waanders (Port of Twente), Janneke Gramberg (Provincie Overijssel), Mark van Mast (Port of Deventer) en Jeroen van den Ende (Port of Zwolle). O m de huidige positie als logistieke draaischijf te behouden en te versterken is gerichte samenwerking tussen bedrijven, overheden, onderwijs- en kennisinstellingen onontbeerlijk, zowel binnen de provincie als daarbuiten. Hoewel de havenbedrijven, de ondernemers en de provincie Overijssel al stevig aan de waterwegen timmerden en zich inzetten voor de binnenvaart, is snel inspelen op ontwikkelingen en kansen van groot belang, volgens Gramberg. “Daarom ondersteunt Overijssel de regionale netwerken en bundelen we onze krachten provincie breed in POLO. POLO is een ondernemersgedreven samenwerkingsverband en fungeert onder meer als aanjager van kansrijke ontwikkelingen op het gebied van goederenvervoer en logistiek. Iedere regio heeft zijn eigen kracht en mogelijkheden en bouwt deze uit om vervolgens via kennisdeling, onderlinge afstemming en het uitrollen van innovatieve projecten elkaar te versterken. Zo werken Port of Deventer, Port of Twente en Port of Zwolle nauw samen met synergie in het verschiet. Met het optreden in groter verband ontstaan het beoogde ondernemersperspectief en de gewenste aantrekkingskracht voor (inter)nationale investeerders. Gezamenlijke profilering en acquisitie zet ons definitief op de kaart.” Logistieke draaischijf Overijssel heeft goede weg- en waterverbindingen met Rotterdam en Amsterdam, en ligt bovendien op de in ontwikkeling zijnde North Sea Baltic Corridor, de route tussen de ARA zeehavens, Bremen, Hamburg, Oost-Europa en de Baltische PORT OF ZWOLLE MEPPEL KAMPEN ZWOLLE PORT OF TWENTE ALMELO PORT OF DEVENTER DEVENTER ZUTPHEN LOCHEM HENGELO

Port of Deventer Port of Deventer is één van de grootste binnenhavens van Nederland en heeft een sleutelpositie in het TEN-T. Met de aanleg van een BCTN containerterminal, in combinatie met de ligging aan de IJssel en A1 Bedrijvenpark, is hier over enkele jaren een sterke impuls te verwachten voor duurzaam vervoer over water. “Port of Deventer heeft nu een belangrijke functie voor onder meer de productie van overslag van veevoer, zand, grind en mineralen,” zegt parkmanager Mark van Mast. “De vijf havenarmen zijn via de Prins Bernhardsluis toegankelijk voor schepen in cemtklasse IV. Momenteel wordt onderzocht of deze sluis geschikt kan worden gemaakt voor klasse V schepen. We hebben ambitieuze plannen om onze positie te verbeteren. Mede dankzij onderzoek door POLO zijn er kansen in beeld, om in te zetten op significante groei van vervoer over water, zowel in containers, als in bulkgoederen, maar bijvoorbeeld ook in palletvervoer. We bekijken grondig hoe we dit kunnen stimuleren.” In de Omgevingsvisie van de provincie Overijssel is Deventer aangewezen als logistieke hotspot. “Met facilitatie van bestaande, havengebonden bedrijven en het aantrekken van nieuwe havengebonden ondernemingen breiden we stap voor stap uit,” vervolgt Van Mast. “We richten ons verder op het behoud van agrofood, maar ook op de groei van aanmerende riviercruiseschepen. De gemeente is onder meer bezig met een nieuw beheer- en onderhoudplan voor de haven. De betrokken ondernemers ontmoeten elkaar tegenwoordig al halfjaarlijks. Verder werken we nauw samen met Port of Twente en Port of Zwolle.” A1 Bedrijvenpark en S/park, het Open Innovatiecentrum in chemie en technologie zijn benoemd tot provinciale topwerklocaties. Staten. Deze gunstige positie verdient het om maximaal te worden benut, volgens partijen. De provincie steekt dan ook veel tijd, geld en energie in de verbreding van weg en waterverbindingen en de aanleg van nieuwe wegen en kanalen om het groeiende goederenvervoer meer toekomstperspectief te bieden. Doel daarbij is ook dat Nederland zich kan waarmaken als distributieland bij uitstek. Multimodale bereikbaarheid In POLO verband is inmiddels een provinciebrede visie opgesteld om de multimodale bereikbaarheid van de logistieke hotspots te verbeteren. De havens vormen een vitaal onderdeel van het infrastructurele netwerk. Maatregelen omvatten niet slechts de opwaardering van het wegennet, maar ook het samen verbeteren van kaden, overslagmogelijkheden, de ontwikkeling van stadsdistributie en vrachtwagenparkeerplaatsen. Daarnaast is de focus gelegd op digitalisatie en innovaties om de informatievoorziening, de doorstroming op het wegennet, de doorvaart op de kanalen en het economisch functioneren te optimaliseren. De partners investeren zelf. Daar waar nodig willen zij aansluiten bij landelijke of Europese programma’s en lobbyen zij voor middelen.

Opkomst binnenvaart Zo maken Port of Zwolle en de regio zich sterk voor de lobby voor Kornwerderzand. Deze verbinding maakt het vervoer van continentale goederen met kleinere coasters direct van en naar de IJsselmeerhavens mogelijk. Dat is niet alleen goed voor het noordoosten, maar voor heel Nederland. Aanleg van de nieuwe sluis ontlast de grote zeehavens en het Randstedelijke wegennet. Daarnaast kan de maritieme sector zich verder ontwikkelen op het gebied van scheepsbouw en luxe jachtbouw. POLO ondersteunt ook de inzet van Port of Twente voor de opwaardering van de Twentekanalen en de ontwikkeling van een havenvisie voor Deventer, waar nu al niet havengebonden bedrijven plaatsmaken voor de watergebonden logistiek. Anderzijds werkt Port of Twente al samen met ondernemers en Rijkswaterstaat aan de Blauwe Golf/Smart Port Twente. Port of Twente Twente is een belangrijke logistieke hub in Oost-Nederland en profileert zich niet alleen als meest vooruitstrevende High Tech regio, maar ook als logistieke hotspot binnen het internationale TEN-T vervoersnetwerk. Met Port of Twente wordt ingezet op het versterken en verder laten groeien van de logistieke sector, volgens manager Gerry Waanders. “Het havenbedrijf, de Logistic Association en het - straks duizenden arbeidsplaatsen genererende - XL Businesspark trekken hiertoe sinds kort samen op onder deze naam,” zegt hij. “De eerste fase van de in totaal 180.000 m2 grote T-Port Logistic Campus van Heylen Warehouses is afgerond en in gebruik genomen. De uitbreiding voor Timberland is bijna gereed en meer ondernemingen gaan dit jaar van start met zowel bouw- als logistieke activiteiten. Daarnaast werken Port of Twente, lokale overheden, werkpleinen, uitzendbureaus en kennisinstellingen samen aan oplossingen voor de toenemende vraag naar gekwalificeerd personeel. Zo organiseren zij onder meer een ‘Week voor de Logistiek’ en zijn zij bezig met de opzet van het ‘Huis van de Logistiek’. Hierin gaan kennisdeling en het faciliteren van opleidingen een bijdrage leveren om te kunnen voldoen aan marktvraag. Naast de containerterminal in Hengelo beschikt Combi Terminal Twente sinds 2018 over een volledig operationele containerterminal op het multimodaal ontsloten XL Businesspark. Dit bewijst een belangrijke vestigingsmagneet te zijn, volgens Waanders. “Daarom doen we nu samen onderzoek naar de mogelijkheden voor uitbreiding van de kade en opslagcapaciteit voor containers. Met Port of Twente, waarin ook de gemeente Lochem participeert - volgens een de provinciegrens overschrijdende samenwerking - heeft de regio Twente/Achterhoek één van de grootste binnenhavens van Nederland, die zich samen met Port of Deventer en Port of Zwolle uitstekend versterken binnen POLO. Zo kunnen we van onze kant ons digitaliseringsproject ‘Blauwe Golf/Smart Port Twente’ uitrollen binnen en wellicht ook buiten Overijssel.” 8 - Havenlocaties 2019

Port of Zwolle Port of Zwolle is één van de belangrijkste logistieke hubs in het noordoosten van Nederland. “We zetten het sein op groen voor verdere groei en zoeken daartoe ook provinciegrensoverschrijdende samenwerking,” zegt Jeroen van den Ende, directeur van Port of Zwolle. De moderne havens in Zwolle, Kampen en Meppel zijn gelegen aan diep vaarwater en beschikken over een eigentijdse containerterminal. De economisch bloeiende top- en tevens werklocatie Hessenpoort huisvest multinationals en bevindt zich aan de verkeersader A28. We vormen één van de drie snelst groeiende Nederlandse regio’s, vergroten daarmee de leefbaarheid in de Randstad, en staan multimodaal op het netvlies in havensteden, zoals Rotterdam en Amsterdam.” De groeiende economie, goede HBO opleidingen en plezierige woonomgeving trekken nieuwe arbeidskrachten, volgens Van den Ende. ”We verwelkomen dan ook graag meer verladers en transportbedrijven, die we niet alleen gunstig gelegen, watergebonden kavels bieden, maar ook het voordeel van één efficiënt loket en meer innovatieve logistieke concepten, die we graag uitrollen,” zegt hij. ”In POLO verband is een solide basis gelegd voor logistiek beleid, staan we sterk, kunnen we veel kennis delen en goed vooruitzien. De ontwikkeling van de circulaire economie brengt meer recycling, duurzamer goederengebruik en meer (lokale) productie van biobrandstoffen met zich. Daardoor nemen ook de lokale en regionale goederenstromen toe.” Port of Zwolle heeft de ambitie om ook grotere coasters via het - uitgebaggerde - IJsselmeer te ontvangen. Daarom maakt Port of Zwolle zich op voor het verlengen, verdiepen en verbreden van de Kornwerderzandsluis op de Afsluitdijk. Verduurzaming “We hebben een zware opgave op het gebied van logistieke verduurzaming,” zegt Gramberg. “Tot oplossingen komen we op verschillende schaalniveaus. Het gaat hierbij om slim, anders en toekomstbestendig vervoeren, om logistieke efficiëntie, modal shift van weg naar water of naar spoor en om de inzet van duurzame vervoersmiddelen. Om duurzame ontwikkelingen, zoals Zero Emissie stadslogistiek (Green Deal ZES), zorg- en afvallogistiek en modal shift van weg naar water op te starten, zetten we logistiek makelaars in. POLO zorgt er ook voor dat partners binnen de provincie goed kunnen aanhaken bij het landelijk opgestarte programma Clean Energy Hubs. Hierbij gaan provincies en het Rijk samenwerken met ondernemers aan een dekkend distributienetwerk voor duurzame brandstoffen, het bevorderen van het gebruik van duurzame vervoermiddelen en de productie van duurzame brandstoffen voor het wegverkeer en de binnenvaart.” Instroom logistieke arbeidskrachten Alle regio’s binnen Overijssel zijn verder actief bezig met de arbeidsmarkt en passend onderwijs. De historie ligt er onder meer aan ten grondslag dat de krapte op de arbeidsmarkt zich hier niet in die mate manifesteert als in andere gebieden. Toch noodzaken piekvragen bij de vestiging van grote bedrijven, zoals op XL Businesspark in Almelo, tot extra maatregelen om deze te laten aansluiten op het arbeidspotentieel. Port of Twente zet zich daarom bij voortduring in voor het oplossen van te verwachten knelpunten op dit gebied, samen met de regiogemeenten, werkpleinen en onderwijsinstellingen. Zo maken potentiele werknemers nu via een innovatieve aanpak laagdrempelig kennis met logistiek en binnenvaart, of laten zij zich al begeleiden bij in- en doorstroming. Lange termijnsucces Port of Deventer, Port of Twente en Port of Zwolle gebruiken inmiddels alle onderlinge bestaande data en initiëren de ontwikkeling van vernieuwende datasystemen op het gebied van bevrachting en goederenvervoer, waarmee Nederland en het buitenland hun voordeel kunnen doen en gefundeerde keuzen kunnen maken. “Digitalisering is een belangrijk speerpunt voor de komende jaren. Bedrijven moeten elkaar kennen en optimaal gebruik kunnen maken van elkaars gegevens en vervoermiddelen met als doel een goede balans tussen een florerende economie en een gezond milieu op de lange termijn,” aldus Gramberg. << Havenlocaties 2019 - 9 Port of Logistics Overijssel Port of Logistics Overijssel (POLO) is een ondernemersgedreven netwerksamenwerking tussen logistieke ondernemers, de overheid, onderwijs- en kennisinstellingen en brancheorganisaties. Het doel is de logistiek van Overijssel op de kaart te zetten, te versterken en te verduurzamen. POLO zet in op de thema’s ‘Ruimte & Bereikbaarheid’, ‘Onderwijs & Arbeidsmarkt’, ‘Kennis & Innovatie’ en ‘Profilering & Acquisitie’. Deze flexibele samenwerking aan ontwikkelingen en innovaties moet bijdragen aan een goed bereikbaar, vitaal en duurzaam Overijssel. POLO biedt ook een centrale toegang voor bedrijven en overheden, die vragen hebben en/of willen aanhaken. Meer informatie: Port of Logistics Overijssel (POLO) ir. Janneke Gramberg, programmamanager POLO j.gramberg@overijssel.nl +316 5523 8517 www.haven.deventer.nl/port-of-deventer www.portoftwente.com www.portofzwolle.nl

‘Samen koersen op economische én groene groei’ Nederland kan haar kansrijke Europese en mondiale positie als ‘Nederland Distributieland’ waarmaken, als alle betrokken partijen samen koersen op economische én groene groei. Dat zegt NVB voorzitter Eric Janse de Jonge. “Het behouden van zowel gezamenlijk als individueel economisch perspectief is onlosmakelijk verbonden met het met vaart optimaal benutten van de huidige kansen op milieugebied,” voegt hij daaraan toe. “Met de Green Deal aanpak maken we alvast een stap in de juiste richting.” P recies op de dag dat ruim tienduizend scholieren uit alle windstreken zich voor de eerste keer verzamelden op het Malieveld in Den Haag om actie te voeren voor een beter klimaatbeleid, ondertekenden afgevaardigden van de belangenverenigingen van de zee- en binnenvaart de Visie Handel en Logistiek in 2040. “Die samenloop van omstandigheden maakt 7 februari 2019 tot een gedenkwaardige dag,” zegt Janse de Jonge. “Het versterken van het concurrentievermogen van onze economie en de vermindering van onze afhankelijkheid van fossiele energie en schaarse grondstoffen moeten zeker met elkaar in balans zijn. Hier ligt een transitietaak voor onder meer 420 binnenhavens. De gemaakte afspraken moeten zorgen voor aantrekkelijker en schoner vervoer over water. Qua samenwerking hebben we echter nog vele stappen te nemen.” Speerpunten NVB > De totstandkoming van een gezamenlijk afgestemde, landelijke strategie en uitvoeringsplannen. > Het delen van kennis en adviseren inzake regionale en landelijke samenwerking in het kader van gewenste, toekomstbestendige binnenhavenontwikkelingen. > Het ontwerpen van modellen, databanken en slimme systemen om steeds meer zowel uniform als efficiënt te kunnen beheren, begroten, havengelden vast te stellen en te innen. > Energietransitie. > Het internationaal behartigen van de belangen van de Nederlandse binnenhavens in de vorming van het Europese transportnetwerk (TEN-T). De website havens.binnenvaart.nl biedt met het beleidsplan 2016-2020 een overzicht van alle speerpunten van de NVB. Eén front “Hoewel duidelijk is dat we doelen met elkaar moeten afstemmen en vernieuwingen moeten uitrollen, is dit in de praktijk een moeizaam traject,” vervolgt Janse de Jonge. “Het is dan ook zaak dat alle belangenverenigingen één front vormen. In deze tijd maak je afwegingen niet meer individueel, maar samen. Als bestuur heb je ook de taak om alle leden - in de goede zin van het woord - te confronteren met de toekomst en de welvaart en het welzijn van volgende generaties. Ondernemers die niet verduurzamen, noch openstaan voor innovatie, beperken bovendien op termijn de kansen voor hun eigen bedrijfsresultaten. Goede samenwerking is de sleutel tot de oplossing van alle voorliggende vraagstukken. Diverse havenbedrijven, waaronder Frisian Ports, Blueports Limburg en Port of Logistics Overijssel (POLO), een ondernemersgedreven samenwerkingsverband tussen Port of Deventer, Port of Twente en Port of Zwolle, geven momenteel daarin al het goede voorbeeld.”

Eric Janse de Jonge Meer informatie Nederlandse Vereniging van Binnenhavens (NVB) Eric Janse de Jonge, voorzitter Vasteland 78, 3011 BN Rotterdam 010 – 7989840 nvb@binnenvaart.nl havens.binnenvaart.nl Belangenorganisatie De Nederlandse Vereniging van Binnenhavens (NVB) behartigt de professionele belangen van 54 aangesloten leden, waaronder provincies, gemeenten, havenbedrijven, havensamenwerkingen en ontwikkelingsmaatschappijen. Daarbij vertegenwoordigt een zestal leden alleen al 34 gemeenten. Ook heeft de NVB geassocieerde partners, zoals consultants op het gebied van water- en havenmanagement. De NVB is gesprekspartner voor en verzamelaar en ontsluiter van kennis op het gebied van binnenhavenbeheer, vaarwegen, zeehavens, binnenvaart en andere modaliteiten. De organisatie informeert haar leden via een jaarcongres, het NVB Nieuws, nieuwsbrieven, sociale media, masterclasses voor beginners en gevorderden en regionaal en thematisch overleg. We hebben nu een kader voor de ontwikkeling van beleid gericht op het onomkeerbaar en stapsgewijs terugdringen van broeikasgasemissies in Nederland om de klimaatverandering te beperken. Dit tot een niveau dat in 2050 95 procent lager ligt dan dat 1990 liet zien. Om deze doelstelling te kunnen bereiken, is een streven naar 49% reductie vastgesteld voor 2030. De rol voor zee- en binnenhavens is vooral een stimulerende en faciliterende. De NVB streeft naar een geharmoniseerd beloningsysteem voor duurzame binnenvaartschepen in zee- en binnenhavens. Haven Nota 2019 Janse de Jonge wijst erop dat in de Haven Nota voor de komende twintig jaar van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) de binnenhavens een belangrijke rol moeten spelen. “Goede inmenging lukt alleen met schaalvergroting, dus als de havens samen optrekken,” zegt hij. “Daarom gaan de NVB, het Centraal Bureau voor de Rijn- en Binnenvaart (CBRB), Koninklijke BLN-Schuttevaer, de Dutch Sustainable Growth Coalition (DSGC), de Algemeene Schippers Vereeniging (ASV), het Expertise- en Innovatie Centrum Binnenvaart (EICB) en BOZ binnenkort rond de tafel om ver vóór eind 2019 op één lijn te komen.” “We moeten nu fors gaan scoren op met name duurzaamheid en digitalisering,” geeft hij vervolgens aan. “Zo kunnen we overslagpunten benoemen en streven naar een nationaal transportvolume over water van 50 procent, in plaats van de huidige nog geen 40 procent. Vervoer over water is per tonkilometer al gunstig voor het klimaat en vermindert de congestie op de weg. Met energietransitie is binnenkort nog meer winst te behalen. Onderling moeten we ook alle beschikbare data uitwisselen om tijdig nationale en grensoverschrijdende ambities te kunnen realiseren. Ik zie de ontstane situatie als een gouden kans voor de sector.” Strategische uitvoering Aan de gezamenlijk opgestelde verenigingenstrategie moet een goede actielijst worden verbonden, volgens Janse de Jonge. “We moeten snel afstevenen op uitvoering,” benadrukt hij. “Aangezien connecties in Europees verband - op zich positieve - druk geven, zullen we intensief met elkaar aan de slag moeten om onze koersen te verleggen.” De NVB maakt zich al op om de bakens te verzetten. Janse de Jonge: “Movares onderzoekt op dit moment in opdracht van de NVB wat er speelt bij de leden en hun regio. Ieder kan knelpunten Havenlocaties 2019 - 11 en kansen aangeven. In het voorjaar van 2019 moeten alle gegevens binnen zijn en kunnen we samen met Movares gaan analyseren. De daaruit voortvloeiende koersbepaling en bijbehorende prioriteitenstelling koppelen we terug naar de leden. Besluitvorming gebeurt in de Algemene Ledenvergadering van 3 oktober.” Daags daarna, op 4 oktober, vindt het NVB jaarcongres 2019 plaats in Deventer. De organisatie daarvan is in handen van POLO, Port of Deventer, Port of Twente en Port of Zwolle. <<

Bredere sluis Afsluitdijk: enorme impuls Noordelijke overheden en bedrijven ijveren al jaren voor verbreding van de schutsluis in de Afsluitdijk bij Kornwerderzand. Want verbreding van 14 naar 25 meter betekent een enorme impuls voor de economische ontwikkelingen in het IJsselmeergebied, tot ver achter Zwolle. “D ie 11 meter maken een wereld van verschil”, zegt de Friese gedeputeerde Klaas Kielstra. “Onderzoek heeft aangetoond dat een bredere sluis zal leiden tot investeringen in de regio van ten minste 110 miljoen, en ten minste 3000 volwaardige nieuwe banen oplevert.” Wie de rapporten bestudeert vraagt zich bijna fronsend af waarom er voor de bouw van een bredere sluis nog geen groen licht is gegeven. Het sluizencomplex bij Kornwerderzand is bijna honderd jaar oud. Sinds de Afsluitdijk open ging, in 1932, is er niets veranderd. Terwijl ook op het water (net als op het wegennet, dat wel voortdurend is aangepast) sprake is van enorme groei: grotere aantallen en bredere schepen. De gezamenlijke lobby van Friesland, Drenthe, Overijssel en Flevoland is in politiek Den Haag niet onopgemerkt gebleven. Maar het ‘ja’ heeft daar nog niet geklonken. De oorzaak: geld. Op een totale investering van zo’n €215 miljoen staat de regio (provincies, gemeenten, bedrijfsleven, diverse fondsen) garant voor €73,5 miljoen. Daarnaast is zo’n €60 miljoen gereserveerd door het rijk en de Kamer. Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat op werkbezoek in de Sethehaven in Meppel, onderdeel van Port of Zwolle. Links van haar, in grijs pak, de Friese gedeputeerde Klaas Kielstra. Wat resteert is een gat van zo’n €80 miljoen. Tijdens een werkbezoek aan Port of Zwolle, eind september 2018 in Meppel, was minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat onder de indruk van het economisch perspectief en de inspanningen van de IJsselmeerregio. Maar de portemonnee trekken deed ze niet. Toch blijft de noordelijke lobby optimistisch, dankzij een meerderheid in de Tweede Kamer. Die vindt dat de minister niet langer moet dralen, helemaal nu de gehele Afsluitdijk, van Den Oever tot Kornwerderzand, de komende jaren toch al voor ruwweg €1 miljard onder handen wordt genomen. En in maart 2019 was daar ineens premier Mark Rutte, die op verkiezingscampagne in Leeuwarden ook al het woord ‘optimistisch’ in de mond nam. De afgelopen drie jaar is aan het project “verschrikkelijk hard getrokken”, aldus de premier. “Er is eindelijk beweging, maar we zijn er nog niet.” Niettemin zei Rutte ervan overtuigd te zijn dat er nog dit jaar “een goede oplossing” komt. Achter de schermen wordt inderdaad hard gewerkt om het financiële gat van €80 miljoen te dichten, weet Kielstra, partijgenoot van Rutte én Van Nieuwenhuizen. “Nog liever had ik gezien dat het al rond was. Het gaat hier niet om een verkiezingsstunt. Het gaat om duurzame groei van de werkgelegenheid in Noordoost-Nederland. In de maakindustrie, maritieme sector, handel en logistiek. De sectoren waar we als Nederland goed in zijn.” << www.deafsluitdijk.nl Havenlocaties 2019 - 13

Realisatie Flevokust Haven Keynote speech minister Van Nieuwenhuizen op het NVB-congres Lelystad 1 november 2018 “De droogte laat één ding zien: het enorme maatschappelijke belang van de binnenvaart! Als uw werk stilvalt, dreigt er een tekort aan veevoer, hapert de bouw en stagneert de olieaanvoer naar Duitsland en Zwitserland.” Dat zegt minister Van Nieuwenhuizen donderdag 1 november 2018 bij het Jaarcongres van de Nederlandse Vereniging van Binnenhavens in Lelystad. M 14 - Havenlocaties 2019 eneer Appelman, meneer Janse de Jonge, beste wethouders, dames en heren, wat een boeiende dag heeft u hier vandaag. Erg jammer dat mijn agenda het niet toeliet u wat langer te vergezellen… Ik ben nu een jaar minister en ik kan u zeggen: ik kom vaak en graag in dit gebied. Ik was hier recent voor het openstellen van Marker Wadden. Ik mocht dit jaar de Cornelis Lely-lezing houden. En we vierden hier samen 100 jaar Zuiderzeewet. Mét daarbij de ondertekening van het Peilbesluit IJsselmeer. Afgelopen zomer bleek maar weer hoe belangrijk het IJsselmeer is. Onze nationale regenton, waarmee we de gevolgen van de droogte enigszins konden beperken en het hele land van voldoende zoetwater konden blijven voorzien. En nóg is de droogte niet voorbij. Schippers en verladers ondervinden het dagelijks aan den lijve. En ook hier blijkt de waarde van het IJsselmeer. Nu als vaarroute. Veel schippers kiezen vanwege de lage waterstand op de IJssel de route over het IJsselmeer om naar het oosten van het land te komen. En nu heeft het IJsselmeer ook nog een nieuwe binnenhaven. Genoeg reden voor de NVB om hier haar jaarcongres te houden en genoeg reden voor mij om weer naar Lelystad te komen...

Want u weet, in Den Haag draaien we elk dubbeltje om. Maar voor investeringen in binnenhavens hebben we een goed verhaal! Want er moet meer vracht van de weg naar water en spoor. Nergens in Europa heeft de binnenvaart zo’n groot aandeel in het goederentransport, maar dat betekent niet dat we achterover kunnen leunen. van alle binnenhavens een belangrijke rol! Ik ben wat dat betreft ook blij met de samenwerking tussen de NVB en Rijkswaterstaat. Dames en heren, We zien hier en daar - ook door de droogte - tekenen van een ‘reverse modal shift’: vervoer dat van het water weer teruggaat naar de weg. En dat willen we niet! Samen met de Topsector Logistiek zijn we druk bezig met een plan om dat tegen te gaan. Want we willen minder files en we willen een betere luchtkwaliteit. En daarop is de binnenvaart het antwoord. We hebben de afgelopen jaren flink geïnvesteerd. In vaarwegen, in sluizen, in binnenhavens. Onder meer met het programma Beter Benutten, de Topsector Logistiek en natuurlijk de Quick Wins regeling. 59 binnenhavens kregen met geld uit de Quick Wins regeling nieuwe kades en extra los- en laadplaatsen. Hier in Lelystad een hele nieuwe terminal. De Topsector Logistiek had een succesvolle actie ‘Lean and Green Off Road’, waarbij we verladers hebben geholpen met het bundelen van stromen. In Brabant, dat vond ik nog een mooie, gingen in ruil voor investeringen in de infrastructuur onder meer Bacardi en Coca-Cola hun lading bundelen op een schip. Ik heb Bacardi en Cola altijd al een goede combinatie gevonden… Allemaal initiatieven die dagelijks vele honderden vrachtwagens van de weg halen… Grote investeringen met hoge verwachtingen. Het is aan u, bedrijven en gemeenten, om de verwachtingen waar te maken en de terminals zo goed mogelijk te benutten. En dan komt het aan op samenwerking. Want… we hebben het altijd over een ‘modal shift’, maar er is ook een ‘mental shift’ nodig! Vooral bij verladers, zeg ik er meteen bij. Maar u kunt daar een handje bij helpen. Want voor verladers is het nog wel eens spannend. Komt mijn lading wel op tijd? Komt mijn lading wel precies waar ik hem hebben wil? Samen met Havenbedrijf en andere partijen werken we op dit moment hard om de congestie in Rotterdam aan te pakken. Maar het is ook aan u om verladers gerust te stellen. En hen te overtuigen dat goederenstromen met dezelfde bestemming en dezelfde timing heel goed samen op een schip kunnen. We moeten van papier naar digitaal. Ik hoef het u niet uit te leggen. Digitalisering levert uw havens enorme tijdwinst op. Informatie over schepen en vracht kan immers al vóór aankomst van het schip bij u binnen zijn. Op dit moment hebben velen van u iets anders aan het hoofd. De droogte die nog steeds aanhoudt, trekt een zware wissel op de binnenvaart. Op veel plekken varen schepen met minder dan de helft van hun laadcapaciteit, waardoor twee tot drie keer zoveel schepen nodig zijn. Bijna alles wat kan varen, vaart. De haven van Deventer moest zelfs een tijd zijn deuren sluiten. Minister van Infrastructuur en Waterstaat Cora van Nieuwenhuizen U kunt alvast laad- en losplaatsen prepareren. U kunt alvast verbinding maken naar andere transportmodaliteiten, naar spoor- of wegvervoer, zodat de doorvoer naadloos kan verlopen. En juist vanwege dat laatste, een naadloze overslag, zullen verladers eerder voor de binnenvaart kiezen. Zekerheid is wat ze willen. En zekerheid is wat u hen bij een digitale afhandeling kunt bieden. De ontwikkelingen gaan snel, maar nog lang niet iedereen in de transportketen doet mee. En dat is begrijpelijk. Havens en transporteurs werken op dit moment met verschillende ICT-systemen die niet of nauwelijks met elkaar communiceren. Ook de wetgeving – zowel in Nederland als in onze buurlanden – werkt de keuze voor papier nog in de hand. Ons ministerie is daarom hard aan de slag om zowel in Nederland als in Europa te werken aan een neutraal, decentraal, veilig en voor iedereen toegankelijk netwerk van data delen. Ook de digitale overheid moet eraan meedoen. Het is een klus, een fikse. Maar ik loop graag deze marathon met u. Daarbij vind ik het belangrijk dat iedere marktpartij vanuit zijn eigen systeem of platform door een technische koppeling aan elkaar kan worden verbonden. Liefst zonder de introductie van weer een nieuwe standaard. Geen nieuw systeem, graag! Er zijn al een aantal goede voorbeelden. Vorig jaar zijn we begonnen aan een project voor papierloos transport in de containervaart. Onze inspectie, de ILT, en ook de politie kunnen de scheepsvracht papierloos controleren. Het Openbaar Ministerie steunt dit initiatief en de resultaten zijn positief. Met een kleine aanpassing in de ICT kon de informatie vlekkeloos worden uitgelezen. Wat mij betreft zetten we dit project door naar de hele containervaart en tankvaart. We willen het en we kunnen het! De NVB heeft daarbij als koepel Eén ding laat het wel zien: het enorme maatschappelijke belang van de binnenvaart! Als uw werk stilvalt, dreigt er een tekort aan veevoer, hapert de bouw en stagneert de olieaanvoer naar Duitsland en Zwitserland. Ik help u hopen dat de maanden november en december verlichting brengen. De situatie drukt onze neus op de feiten: klimaatverandering speelt niet in de verre toekomst en het speelt niet alleen in warme, arme landen. Graag doe ik op deze plek opnieuw een oproep om u maximaal in te zetten voor de Green Deal die we binnenkort hopen te sluiten. U bent daarbij een belangrijke speler! U bent degene die korting op havengelden kunt geven voor schonere schepen. U bent degene die extra walstroomvoorzieningen kunt aanleggen. U bent degene die kan zorgen voor de benodigde infrastructuur: bunkerstations voor nieuwe schone brandstoffen, of locaties om accu’s te wisselen. De ‘Green Deal’ is een lastig proces, maar ik heb nog steeds goede moed. De binnenvaart mag niet achterblijven in zijn bijdrage aan het klimaatakkoord van Parijs! Ook daarbij is een belangrijke rol weggelegd voor de NVB. Samenwerken, daar komt het eigenlijk bij alle opgaven op neer. En ik zie goede voorbeelden in uw branche. De trend dat steeds meer binnenhavens clusters vormen, is zeer welkom. Port of Zwolle bijvoorbeeld werkt goed samen met Meppel en Kampen. En, ik mag natuurlijk niets zeggen over de locatie van het NVB-congres volgend jaar, maar ik heb begrepen dat ook daarvoor twee havens een innige samenwerking aangaan! Er is nog 1 ding waar ik wel iets over kan zeggen en dat is misschien ook een nieuwtje: in 2019 verschijnt er weer een Binnenhavenmonitor! Onze gezamenlijke analyse van het wel en wee in uw sector. De opdracht wordt op dit moment aanbesteed en de NVB is nauw betrokken bij de opzet en uitwerking. Dames en heren, ik rond af. Ik wil de NVB bedanken voor de constructieve samenwerking. En ik wens u hier in Lelystad, maar vooral ook de branche als geheel, veel succes. Dank u wel. Havenlocaties 2019 - 15 <<

S102 AMSTERDAM PARK WESTPOORT bedrijventerrein Sloterdijk A5 N200 S103 1 2 3

Vaart maken met Green Deal Binnenvaart Brancheorganisaties Centraal Bureau voor de Rijn- en Binnenvaart (CBRB), Koninklijke BLN-Schuttevaer, inclusief de Nederlandse Vereniging van Binnenhavens (NVB) en het Expertise- en Innovatie Centrum Binnenvaart (EICB) hebben bij de minister van Infrastructuur en Waterstaat gepleit om snel duidelijkheid te krijgen over de milieu- en klimaateisen en doelstellingen voor de Binnenvaart. O p initiatief van minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) vond op maandag 15 oktober een bijeenkomst plaats in Den Haag waarbij verschillende partijen waren uitgenodigd om de stand van zaken van een concept Green Deal te bespreken. Het CBRB en BLN hebben benadrukt dat een Green Deal met commitment van alle partijen snel gewenst is. Vergroeningsdoelstellingen De vergroeningsdoelstellingen voor de binnenvaart zullen voor een belangrijk deel behaald moet worden met bestaande motoren. Reductie van NOx en fijnstof waar mogelijk door het gebruik van alternatieve brandstoffen en met behulp van nageschakelde technieken. Voorwaarde daarbij is dat die aangepaste schepen voor de toegang tot milieuzones op een zelfde manier worden beoordeeld als fabriek-gecertificeerde motoren. Het CBRB en BLN willen in de Green Deal opgenomen hebben dat dit gelijkwaardigheidsprincipe wordt aangetekend in de scheepscertificaten. Vervoer over water is per tonkilometer sowieso al gunstig voor het klimaat, maar door snel te starten met het bijmengen van biobrandstoffen aan de gasolie kan nog minder CO2 uitgestoten worden. Het CBRB heeft zeer nadrukkelijk aangegeven dat op korte termijn veel winst valt te behalen door het bijmengen van biobrandstof. Als de binnenvaart volgend jaar een zelfde bijmengpercentage als voor het wegverkeer gaat gebruiken, kan in 2019 al 0,150 mio Mton CO2 extra worden bespaard. En tot 2030 is de ambitie 0,7 mio Mton. Om dit te realiseren is politieke besluitvorming nodig over de beschikbaarheid van deze biobrandstof. Ook daar ziet het CBRB graag snel maatregelen komen om dit Europa breed te regelen. Stimuleringsmaatregelen en faciliteiten Naast het bijmengen van biobrandstoffen zijn er ook door de NVB ambities uitgesproken voor het stimuleren van de duurzame binnenvaart: om te streven naar uniformiteit wat betreft de gedifferentieerde haventarieven, meer havens die een incentive aanbieden voor schepen met een Green Award en dat havens (in lijn met het Havenbedrijf Rotterdam) zero emissieschepen met een platina award een korting van 100% op de havengeld geven. Naast stimuleringsmaatregelen pleiten de organisaties ook voor meer uniforme faciliteiten op gebied van vergroening, zoals uitbreiding van walstroomvoorzieningen, locaties voor het uitwisselen van accupakketten, infrastructuur voor nieuwe brandstoffen en voorkomen van leegvaren door inzicht in ligplaatsen (uitrol BLIS). Multimodaliteit Het CBRB, BLN en de NVB hebben het belang van multimodaliteit onderstreept. Efficiënte inzet van spoor en binnenvaart draagt bij aan zowel de klimaatdoelen als aan de oplossing van de problemen bij bereikbaarheid. Dit dient concreet te worden uitgevoerd door het opzetten van een gezamenlijke modal shift programma door binnenvaartorganisaties, spoorgoederenvervoerders, achterlandterminals, (zee)havens en overheden. De vergroening kost geld. Een Green Deal zonder financiële stimuleringsmaatregelen is voor de branche geen optie. Het CBRB en BLN hebben benadrukt dat de toezeggingen van het ministerie om hiervoor Europese en nationale fondsen beschikbaar te krijgen ook in de Green Deal moeten worden nagekomen. De wens is om de inhoud van de Green Deal nog dit jaar af te ronden. Havenlocaties 2019 - 17

De Haven van de Toekomst is er al (bijna) In 2016 publiceerde Movares een visie op de Haven van de Toekomst. Een visie die gebaseerd is op zes thema’s, namelijk: duurzaam havenbeleid, leefbaarheid, bereikbaarheid, flexibiliteit, energie en veiligheid. Visie, toekomst; het klinkt wat abstract en ver weg, maar veel elementen worden nu al toegepast of zitten in de laatste ontwikkelfase. Zes adviseurs maken er nu al werk van en leggen uit wat de stand van zaken is. D e Haven van de Toekomst vraagt om duurzaam havenbeleid, zegt Irene Buitenhuis. Als voorbeeld gebruikt ze de haven van Arnhem. Die wordt gebruikt door bedrijven, vrachtschepen, cruiseschepen, woonboten, als jachthaven en voor recreatie. Het diverse gebruik en de ruimtelijke inpassing, leidt tot onveilige situaties en belemmert het benutten van de (economische) kansen en potenties van het gebied. Duurzaam havenbeleid is ook noodzakelijk om een antwoord te geven op verschillende (toekomstige) ruimteclaims en ontwikkelingen die op het gebied afkomen. Buitenhuis: “De uiteindelijke visie op de haven, moet een integrale visie zijn. Dat betekent dat alle aspecten en stakeholders die van invloed zijn op de fysieke leefomgeving meegenomen en gewogen moeten worden. Denk hierbij onder meer aan thema’s als milieu, cultuurhistorie, water, klimaatadaptatie, ruimtelijke kwaliteit en veiligheid. We vinden het belangrijk de specifieke lokale kennis van de gebruikers van het gebied en andere stakeholders, ieder vanuit een eigen deskundigheid, te betrekken. Deze kennis gebruiken we bij het opstellen van scenario’s en het in beeld brengen van de kansen,

belemmeringen en consequenties per scenario. Op deze wijze bereiden we eveneens een zorgvuldige politieke besluitvorming voor, zodat een duurzame koers voor de haven kan worden uitgewerkt.” Solar Tulip Binnenkort kan Buitenhuis de Solar Tulip meenemen in haar scenario’s. De Solar Tulip is een ingenieuze paal met uitklapbare zonnepanelen en spiegels die meebewegen met de stand van de zon. Movares bedacht het samen met partner Axiturn. Richard Rijkers: “Het systeem is extra effectief vanwege de spiegels waardoor de energieopbrengst drie tot vijf keer hoger is.” Het is een ingewikkeld apparaat vanwege de scharnieren, zegt Rijkers. “De bladen moet ook bij windkracht vijf nog veilig in- en uitklappen.” De Solar Tulip is zo ontworpen dat hij prima past in elke omgeving met een energievraag. Bijvoorbeeld in een haven, op waterkeringen, bij aanlegplaatsen of bij een sluiscomplex. Het is een voorbeeld van infrastructuur die energie genereert, zegt Rijkers. “Door het systeem te koppelen aan infrastructuur vinden we de juiste ruimtelijke insteek en dicht bij de vraag. Dat is beter dan ze ‘los’ in de natuur of een weiland te plaatsen.” Movares maakt de Solar Tulip dit jaar in een pilot gereed voor marktintroductie. Swingend de trein op Standaard vrachtwagenopleggers op een treinstel zetten, dat kan niet zomaar. Het vraagt om specifieke infrastructuur die bijna nergens voorhanden is. En dat is jammer, want over afstanden van duizend kilometer en meer is de trein een betrouwbare en goedkopere modaliteit die bovendien beter is voor het milieu dan wegvervoer. De Megaswing is een in Zweden ontwikkelde treinwagon die alle faciliteiten aan boord heeft om een trailer op- en af te laten rijden. “Je hebt dus alleen een straatspoor nodig”, zegt Ruud de Jong. “De waarde van een haven neemt toe als de ontsluiting goed is. Met de Megaswing maken we multimodaliteit makkelijker te realiseren. Het is een maatschappelijk relevante oplossing die wij samen met andere partijen in de markt willen zetten. We zorgen er als een soort makelaar voor dat er bijvoorbeeld de juiste vergunningen voor een laad- en loslocatie komen, dat de aansluiting op het hoofdspoor gerealiseerd wordt en zoeken indien nodig de juiste Havenlocaties 2019 - 19

20 - Havenlocaties 2019

partners.” Pilots in Alphen aan den Rijn en Rotterdam staan in de startblokken. De Jong: “Het is bovendien een flexibel systeem. Als de omstandigheden veranderen, bijvoorbeeld door nieuwbouw, dan kun je het eenvoudig verplaatsen.” Flexibel en modulair bouwen Gerard Krooshoop is de expert op het gebied van sluiscomplexen, allemaal unieke objecten, met een unieke onderhoudsaanpak, legt hij uit. In de nabije toekomst moeten er in Nederland 52 sluizen beheerd door Rijkswaterstaat vervangen of gerenoveerd worden. Krooshoop: “Met de huidige aanpak gaat dat niet lukken. De vraag is dus of het efficiënter en sneller kan.” Eén van de oplossingen ligt in standaardisatie, flexibel en modulair bouwen, zegt hij. “Daarvoor is het noodzakelijk dat alle partijen elkaar vanaf het begin van het ontwerpproces begrijpen en dat iedereen zijn eigen inbreng heeft. Dat doen we door direct vanaf de eerste stap in het proces drie dimenisionaal (3D) te ontwerpen.” Nu is het ontwerpproces vaak lineair waarbij acties elkaar opvolgen. “Door 3D ontwerpen vergroot je de efficiency en effectiviteit. Als we dat voor 52 sluizen kunnen doen, is dat een enorme efficiencyslag.” Als voorbeeld van een gestandaardiseerde oplossing noemt Krooshoop een drijvend remmingwerk. “Nu zie je overal unieke systemen. Wij hebben dat uniform en modulair gemaakt. Onderdelen die vaak schade hebben zijn eenvoudig te vervangen. Dit systeem is voor alle sluisonderdelen toe te passen.” Digitaliseren “Als er vragen zijn op het gebied van veiligheid, dan wordt mijn hulp ingeroepen”, zegt André Mesie. “Door het organiseren van risicosessies in de ontwerpfase help ik opdrachtgevers om risico’s vast te stellen en waar mogelijk al te elimineren door bijvoorbeeld het ontwerp of de bouwwijze aan te passen.” Een recente ontwikkeling die de veiligheid bevordert is het inzetten van drones voor het visueel inspecteren van bruggen, gevels of kademuren. “Door te robotiseren verminder je de blootstelling van medewerkers aan gevaarlijke situaties.” Gaat het nu nog om visuele inspecties met een camera aan boord van de drone (vliegend, varend of duikend), in de toekomst is het misschien wel mogelijk om bijvoorbeeld verfmonsters te nemen met een drone. “Je ziet dat veiligheidsdenken leidt tot robotiseren wat leidt tot digitaliseren en het genereren van data. Dat levert weer nieuwe mogelijkheden op: zo kan de verkregen data via GPS- en GIS-systemen real time geprojecteerd worden op een digitale kaart. Deze locatiespecifieke data kan door bijvoorbeeld een (onderhouds)monteur gebruikt worden als voorbereiding voor het werk: het treffen van de benodigde veiligheidsmaatregelen voor het realiseren van een veilige werkplek.” Woningbouw Stedenbouwkundige Nicole van der Waart is adviseur leefbaarheid en signaleert dat veel binnenstedelijke havengebieden ook interessant zijn voor een combinatie met woningbouw. Dat wil zeggen: als de veiligheid en de logistiek op orde zijn. “Vaak is het een organisch proces’, zegt ze. “Bijvoorbeeld door eerst recreatieve functies te integreren, of te zorgen voor een goede ontsluiting. Vervolgens kun je meer functies combineren. Tijdelijke oplossingen die je na verloop van tijd kunt oppakken en elders opnieuw kunt toepassen, hebben daarbij de voorkeur. Het remmingwerk van Gerard en de Megaswing van Ruud passen daar perfect in.” Van der Waart zegt dat afspraken over wat wel of niet mag niet meer langjarig door overheden en/of havenbedrijven moeten worden vastgelegd. “Er moet vanuit een ‘schaakbordgedachte’ gewerkt worden. Want als omstandigheden continu veranderen moeten de stakeholders kunnen anticiperen.” Daarbij is het van belang om een gedeelde globale ambitie te benoemen, en mogelijke scenario’s te verkennen zoals ook in de werkwijze van Buitenhuis past. Deze kunnen worden bijgesteld naarmate de behoeften of omstandigheden veranderen. Uiteindelijk wordt een binnenstedelijke haven door deze manier van denken en werken meer een onderdeel van zijn omgeving, mét behoud van zijn havenfunctie. “Flexibiliteit maakt de transitie haalbaar: naar een toegankelijke oeverzone met kwaliteit en ruimte voor woningbouw en voorzieningen in een dynamische omgeving. ” Business manager Leon van Warmerdam tot slot: “Uit al deze praktijkvoorbeelden blijkt wel dat de haven van de toekomst dichterbij is dan je misschien denkt en dat we volop in beweging zijn. We maken vandaag al slim werk van de haven van de toekomst!” << Meer informatie: ing. Leon van Warmerdam, Movares-Water leon.van.warmerdam@movares.nl T: 06-53597623 Havenlocaties 2019 - 21

Recordjaar voor groeilocatie Atlaspark Port of Amsterdam gaf het afgelopen jaar binnen Atlaspark 20 hectare uit, terwijl de totale uitgifte in het havengebied zelfs 40 hectare bedroeg. “Daarmee hebben een eerder jaarrecord verdubbeld,” zegt Francis de Wit, commercieel manager van Port of Amsterdam. “Gerenommeerde projectontwikkelaars en eindgebruikers hebben ons op het netvlies.” Zo ontwikkelt Borghese Logistics op Atlaspark een moderne logistieke campus met hoogwaardige distributiecentra, waarvan recentelijk 20.000 m2 andere eindgebruiker Fiege Nederland. F is ingevuld met onder iege Nederland zocht vanwege groei hoogwaardige ruimte voor distributie en opslag in de nabije omgeving van de bestaande vestigingen in Zaandam. “Na een korte periode van rijp beraad kozen wij voor uitbreiding op Atlaspark,” zegt Niels Lindenbergh van Fiege. “Meer redenen dan alleen de korte afstand tot Zaandam lagen ten grondslag aan deze keuze. Atlaspark maakt deel uit van de regio zeehavens Amsterdam, die bestaat uit de havens van Amsterdam, Zaanstad, Beverwijk en Velsen/ IJmuiden. De Amsterdamse haven is daarvan veruit de meest omvangrijke en goed gefaciliteerd.” Logistieke campus “Dit gebied kenmerkt zich ook door een relatief gunstige arbeidsfactor,” vervolgt Lindenbergh. “Dat heeft mede te maken met de diversiteit van de hier gevestigde ondernemingen. De afhandeling van e-commerce activiteiten in en rond onze vestigingen in Midden-Nederland laten op dat gebied een heel ander beeld zien. De factor arbeid is van groot belang voor het succes van de logistieke dienstverlening en speelt dan ook mee. De regio biedt goed personeel, dat bereid is om zich 22 - Havenlocaties 2019

Borghese Logistics Borghese Logistics is onderdeel van Borghese/ COD en ontwikkelaar van toekomstbestendig, multifunctioneel logistiek vastgoed. Daarnaast is de ontwikkelaar specialist in koel- en vriesopslag en hoogwaardig beveiligde panden (TAPA). Borghese Logistics blijft als beheerder actief betrokken bij de bedrijfsvoering en daarmee gepaard gaande huisvestingsvraagstukken van haar eindgebruikers. voor langere tijd te committeren. Daartoe bieden wij uiteraard aantrekkelijke arbeidsvoorwaarden.” Daarnaast bood de logistieke campus met BREEAM certificering ‘Very good’ van Borghese Logistics voor de activiteiten van Fiege snel het juiste beschikbare onderdak, volgens Lindenbergh. “Wij waren direct blij met de ontsluitingen voor onze containers vlakbij de Kaapstadweg en de goede bereikbaarheid. Ook het oplossingsgericht meedenken met onze ambities viel in goede aarde. Zo speelde de flexibiliteit in huurvoorwaarden een belangrijke rol bij onze keuze. Dankzij Borghese hebben wij op termijn ook uitbreidingsmogelijkheden op Atlaspark. Dit nieuwe onderkomen is voor ons een tussenstap voor een grotere ontwikkeling.” Borghese heeft meer dan honderd jaar ervaring in het ontwikkelen van gebouwen die de tand des tijds doorstaan en een reputatie opgebouwd in panden die beantwoorden aan specifieke wensen van eindgebruikers met oog voor de omgeving. Aantrekkingskracht Rutger-Jan van Broekhoven, director Real Estate Development van Borghese Logistics, noemt Atlaspark de beste vestigingsplaats in de Randstad. “Het is in alle opzichten heel goed ingericht,” zegt hij. “Ons streven naar de realisatie van kwalitatief hoogstaande gebouwen komt overeen met de voordelen die dit BREEAM gecertificeerde, havengebonden bedrijvenpark biedt. Wij voorzagen de groei van de logistieke sector en de nu bewezen aantrekkingskracht van dit havengebied met zijn kansrijke arbeidspotentieel. Daarom ontwikkelen Fiege Logistics & Supply Chain Fiege Nederland is onderdeel van het Duitse familiebedrijf Fiege, een grote logistieke dienstverlener gespecialiseerd in het ontwikkelen en toepassen van geïntegreerde supply chain oplossingen en pionier op het gebied van de contractlogistiek. Fiege biedt werk aan circa 11.000 medewerkers, heeft bijna 200 vestigingen en 3 miljoen m2 V.l.n.r. Niels Lindenbergh van Fiege Netherlands Logistics and Supply Chain, Francis de Wit van Port of Amsterdam en Rutger-Jan van Broekhoven van Borghese Logistics. aan logistieke ruimte in 18 landen in met name Europa en Zuidoost-Azië. wij hier graag en dat doen we dus ook op eigen risico. Wij zijn actief op Atlaspark sinds 2010 en hebben nu nog zo’n 50.000 m2 gerichte aanpak bewijst. Geen brug is het havenbedrijf te ver om oplossingen te kunnen bieden voor voorkomende vraagstukken. Dat betekent doorgaans alles uit de kast trekken in meedenken en -doen. Zo is bijvoorbeeld de locatie van de waterberging in zeer korte tijd verplaatst voor onze DC’s aan Kaapstadweg.” distributieruimte beschikbaar voor nieuwe gebruikers. Vanaf het begin verwachtten wij veel van de directe nabijheid van de containerterminals en de strategische, multimodale ligging. De nieuwe Zijderoute, de verbinding tussen Euraziatische landen over water, weg en spoor, begint hier. Daarnaast bevindt de luchthaven Schiphol, van belang voor onder meer het vervoer van ‘spare parts’, zich op korte afstand.” Snel schakelen Borghese Logistics hecht verder belang aan snel schakelen. “Dat kunnen wij op Atlaspark”, benadrukt Van Broekhoven. “Niet in de laatste plaats dankzij Port of Amsterdam, dat niet alleen een goede commerciële ondersteuning, maar ook een Port of Amsterdam De Amsterdamse haven maakt deel uit van de grootste ‘airport-seaport-city’ combinatie in Europa. Zowel lucht- en zeevracht, goederen- als personenvervoer komen hier bijeen. Al ruim 750 jaar deelt Port of Amsterdam overal ter wereld haar kennis en ervaring als internationale logistieke hub met een snel en efficiënt netwerk van binnenwateren, spoor en weg richting het Europese achterland. In 2018 realiseerde de havenregio een overslag van ruim 100 miljoen ton aan goederen, waarvan 82 miljoen ton in Amsterdam. Het havengebied biedt inmiddels bijna 70.000 banen. “Wat het arbeidspotentieel betreft konden wij uit eigen onderzoek concluderen dat er een grote cirkel rond Atlaspark is, waarbinnen bedrijven personeel kunnen werven,” zegt Francis de Wit van Port of Amsterdam. “De groei gaat hier geleidelijk; dat is een voordeel bij de invulling van vacatures. Wij zorgen er verder ook voor dat medewerkers hun werk goed kunnen bereiken, zowel per OV-bus als per fiets. Buiten de shifttijden biedt bovendien de Westpoortbus vervoer op maat.” Port of Amsterdam heeft het afgelopen decennium van het in totaal 140 hectare grote Atlaspark al meer dan 60% uitgegeven. De Wit: “Momenteel is nog circa 60 hectare beschikbaar voor nieuwe logistieke ontwikkelingen. Bij de uitgifte van kavels blijven we streng op de havengebondenheid van de bedrijfsactiviteiten.” << Meer informatie: Borghese logistics Arkerpoort 2, 3861 PS Nijkerk Postbus 1049, 3860 BA Nijkerk GLD T: (033) 246 40 10 E: info@borgheselogistics.nl www.borgheselogistics.nl www.portofamsterdam.com www.fiege Havenlocaties 2019 - 23

Kaapstadweg Haven van Amsterdam TE HUUR Kaapstadweg Logistics Park  Totale oppervlakte: 67.000 m² In het havengebied van Amsterdam, recht tegenover de tevens door Borghese Logistics gerealiseerde distributiecentra van DSV en Rivièra Maison, wordt het nieuwe distributiecentrum ‘Kaapstadweg’ ontwikkeld. Dit project ligt centraal in Nederland en Europa. Naast diverse barge terminals, uitvalswegen A4, A5, A9 en A10 en in de nabijheid van de luchthaven Schiphol. Technische specificaties Max. stapelhoogte: 12,20 meter Max. vloerbelasting: 50,0 kN/m² Vloervlakheid: DIN 15185 (super vlakke vloer) Voor meer informatie: www.borgheselogistics.nl Per direct beschikbaar Laaddocks: per 850 m² bedrijfsruimte Verlichting: LED verlichting Sprinkler: ESFR-sprinkler systeem  Verdeeld over drie gebouwen  Deelverhuur mogelijk vanaf: 5.000 m²  BREEAM Very Good  Beveiligd park Makelaars: Management: +31 (0)88 989 98 98 +31 (0)20 540 54 05

LINc: werken aan een naadloze, geïntegreerde logistiek van zeehaventerminal tot achterlandterminal LINc is het samenwerkingsverband van de barge en inland terminal operators die zijn aangesloten bij het Centraal Bureau voor de Rijn– en Binnenvaart (CBRB) en de Vereniging Inland Terminal Operators (VITO). De leden van LINc exploiteren containerlijndiensten via binnenvaart, en steeds vaker ook per spoor, tussen de achterlandterminals in Nederland, Duitsland, Frankrijk, Zwitserland en België enerzijds en de zeehavens van Rotterdam en Antwerpen anderzijds. D e containerbinnenvaart is van origine een zeer betrouwbare modaliteit om grote hoeveelheden containers op een duurzame en efficiënte manier tussen de zeehavens en het achterland te verplaatsen. Binnen dit vervoersmodel vervullen de achterlandterminals een strategische functie als draaischijf voor het last-mile verkeer van en naar verladers in hun directe omgeving. Door het aanbieden van aanvullende diensten ‘ontzorgt’ de containerbinnenvaart de verlader in zijn logistiek. Hoewel er op het netwerk van vaarwegen nog meer dan voldoende capaciteit aanwezig is om de aanhoudende groei van het goederenvervoer op te kunnen vangen wordt de betrouwbaarheid van de containerbinnenvaart de laatste jaren sterk bepaald door afhandelingsproblematiek in de beide zeehavens. De consolidatieslag en de vorming van nieuwe allianties bij de deepsearederijen, de inzet van steeds groter wordende schepen, toename van het transshipmentverkeer en steeds krapper wordende afspraken tussen rederijen en verladers over het tijdsframe waarin containers nog zonder extra kosten in de zeehavens kunnen staan, zijn ontwikkelingen die bijdragen aan de congestie en piekbelasting die inmiddels van structurele aard is. Verbetering van de afhandeling in de zeehavens is dan ook de belangrijkste doelstelling voor LINc. Een intensief lobbytraject van LINc, zowel politiek, ambtelijk als bij de betrokken havenbedrijven, heeft inmiddels in beide zeehavens geleid tot brede erkenning voor de afhandelingsproblematiek. Zo mogelijk nog belangrijker is de vaststelling door de hele keten dat het gaat om een gezamenlijk vraagstuk en behoefte voor structurele maatregelen om ook voor de toekomst voldoende capaciteit en daarmee de betrouwbaarheid van de containerbinnenvaart te kunnen garanderen. Een ander focuspunt waar LINc zich mee bezig houdt is de toenemende rol van digitalisering in de logistieke keten. Zo heeft LINc het afgelopen jaar een oplossing gepresenteerd om lading informatie van containers via elektronische berichtgeving gedigitaliseerd inzichtelijk te maken aan boord van het schip. Controles door handhavende instanties hoeven hierdoor niet langer gedaan te worden aan de hand van fysieke ladingdocumenten. Waar blockchain en overheidsplatformen worden genoemd als toekomstige mogelijkheden om logistieke data te delen werkt LINc ook graag mee aan oplossingen die vandaag de dag al kunnen bijdragen aan een papierloos logistiek proces in de containerbinnenvaart. Om deze doelstellingen te bereiken wordt proactief samengewerkt met alle relevante operationele stakeholders (zoals havenbedrijven, terminals, deepsea-rederijen en overheidspartijen), uiteraard in nauwe afstemming met de leden. << W: www.linc.network E: info@linc.network T: 010-7989809 Havenlocaties 2019 - 25

Te huur Kopraweg 1, Amsterdam Logistiek distributiecentrum in de Amsterdamse haven. Het betreft een grootschalige bedrijfshal/logistiek warehouse met zelfstandig kantoor in Amsterdam-Westpoort. De bedrijfsruimte kan voor diverse doeleinden worden gebruikt. De Kopraweg ligt op een paar minuten rijafstand van de snelweg A5 met een snelle verbinding naar Amsterdam Airport Schiphol en ligt op slechts enkele kilometers van Amsterdam West/Centrum. Bedrijfshal/Logistieke warehouse 25.950 m² Voorzieningen Bedrijfshal/Logistieke warehouse; • afmeting bedrijfshal ca. 200 meter (lengte) x ca. 125 meter (diepte); • riante vrije hoogte van 11,50 meter; • 8 overheaddeuren; • 4 dockdeuren, waarvan 3 vrij toegankelijk; • gecertificeerde ESFR-sprinklerinstallatie; Mogelijkheid om de bestaande bedrijfshal te vergroten op het naastgelegen bouwkavel. Meer informatie? Ga naar www.kopraweg1.nl Tel.: 020 - 44 000 44 Vraagprijs vanaf E 49,- per vierkante meter per jaar

Koen de Korte start afstudeeronderzoek naar binnenhavengeldstructuur De Nederlandse Vereniging van Binnenhavens, het Centraal Bureau voor de Rijn- en Binnenvaart en Koninklijke BLN-Schuttevaer gezamenlijk aan de slag met uniformering binnenhavengeldstructuur. Geen mainports zonder achterland Een mainport zoals de haven van Rotterdam is de spiegel van de wereldeconomie. Echter zonder adequate achterlandverbindingen geen florerende zeehavens! Veranderingen in de Nederlandse economie zijn dan ook bij uitstek zichtbaar bij belangrijke economische knooppunten in het achterland: de Nederlandse binnenhavens. Nederland staat de komende jaren voor grote uitdagingen, met name op het gebied van duurzaamheid, digitalisering en bereikbaarheid. Een slim, duurzaam en meer geïntegreerd vervoerssysteem is noodzakelijk. Hierbij is een adequate en toekomstbestendige (binnen)havenstructuur essentieel. Binnenhavengeldstructuur Uniformering van regelgeving, zoals een havengeldverordening, biedt voordelen aan zowel havengebruikers als havenbeheerders. Dat hier vraag naar is, blijkt ook uit de in 2018 georganiseerde workshop “Duurzame haven dankzij slimme havengeldstructuur”. In samenwerking met Bart Kuipers, Senior Onderzoeker Haveneconomie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, is deze vraag verwerkt in een afstudeeronderzoek. Mocht u zich verder willen verdiepen in de noodzaak van dit onderzoek, vindt u hier enkele links naar eerdere onderzoeken en rapportages: • Grote diversiteit binnenhavengeld vraagt om uniformering van grondslagen • Modernisering havengelden impuls voor efficiënter containervervoer over water • Connekt ontvangt resultaten verkenning van NVB • Nederlandse Vereniging van Binnenhavens overhandigt verkenning havengelden • Havens laten geld liggen • NVB onderzoekt wijze inning en grondslagen havengelden Het onderzoek Het beoogde doel van het afstudeeronderzoek is het ontwikkelen van een model dat gemeenten en binnenhavens kunnen hanteren voor een verantwoorde berekening van hun haventarieven. In dit model worden een structuur, uniforme grondslagen en optioneel de wijze van berekenen van het binnenhavengeld voorgesteld. Afbakening van het afstudeeronderzoek is dat het primair gaat om (harmonisatie van) grondslagen van het binnenhavengeld en niet de hoogte van de gehanteerde tarieven. Dit model kan worden gebaseerd op een aantal factoren zoals bijvoorbeeld: • Multimodaal vervoer en overslag • Verblijftijd van schepen in een haven • Bevordering van klimaat en emissievrij vervoer • Bevordering van de regionale economie www.havens.binnenvaart.nl/nieuws Even voorstellen Mijn naam is Koen de Korte, ik studeer Urban, Port & Transport Economics aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam en zal mij in opdracht van de NVB, het CBRB en KBLNS tot en met eind augustus met dit vraagstuk bezighouden. Het werken aan zo’n actuele opdracht is een buitenkans en ik ga dan ook met veel plezier aan de slag. Vanzelfsprekend zal dit alleen resulteren in succesvol onderzoek in samenspraak met u. Daarom streef ik ernaar met zo veel mogelijk belanghebbenden in gesprek te gaan. Komende weken ga ik mij bezighouden met het schrijven van een plan van aanpak, waarna ik u daarvoor actief zal benaderen. Mocht u meer willen weten over het onderzoek, advies of inzichten hebben, kunt u mij altijd benaderen. Havenlocaties 2019 - 27

FLEVOKUST HAVEN TEN NOORDEN VAN LELYSTAD ‘Unieke havenlocatie, waar kwaliteit voorop staat’ Bij Flevokust Haven, het nieuwe logistieke knooppunt in ontwikkeling in Flevoland, word je met open armen ontvangen. Een binnenhaven, een terminal, een binnendijks en buitendijks bedrijventerrein, het is er allemaal. Waar de haven en de containerterminal al draaien, zijn de gemeente Lelystad en de provincie druk in gesprek met klanten en bedrijven die naar Flevokust Haven willen komen. Ondertussen wordt gewerkt aan de oprichting van een havenbedrijf, dat zelfstandig én slagvaardig het Flevolands knooppunt vooruit zal moeten stuwen. T en noorden van Lelystad ligt Flevokust Haven: de nieuwe buitendijkse multimodale overslaghaven voor containers, bulk en projectlading plus een groot binnendijks industrieterrein naast de ENGIE Maximacentrale. “Flevokust Haven is een perfecte en duurzame vestigingslocatie”, zegt verantwoordelijk provinciaal programmamanager Rogier Wilms. Wanneer hij inzoomt op de stand van zaken vertelt hij: “Het buitendijkse haventerrein is klaar. We zijn geïnteresseerd in klanten die waarde toevoegen, dus minder in de hoek van zand en grind maar meer met projectladingen zoals onderdelen van windmolens en grote turbines. Op het bijbehorende industrieterrein dat de gemeente in fasen ontwikkelt, komen de echte ‘vestigers’ die voor clustervorming en werkgelegenheid moeten zorgen.” Gemeentelijk projectmanager Hans de Groote vult aan: “De wegverbinding die de haven met het Eemsmond Hamburg A6 A6 Amsterdam Ruhrgebied Duitsland Rotterdam Antwerpen 28 - Havenlocaties 2019

bedrijventerrein verbindt, is in april klaar. Van het bedrijventerrein is de eerste fase van 7 ha opgehoogd en bouwrijp gemaakt. Niets staat de komst van de eerste bedrijven in de weg. We schalen nu al op tot 43 ha, waarna uitbreiding tot 160 ha op termijn mogelijk is.” Strategisch Wat maakt Flevokust Haven zo aantrekkelijk voor klanten en bedrijven? Wilms en De Groote hoeven niet lang na te denken. “Bestaande havens hebben te maken met redelijk gevulde industrieterreinen. Bij ons staat de deur letterlijk open, en zijn er tal van initiatieven mogelijk. Verder is het een voordeel dat onze haven – vanaf de zeehavens Antwerpen, Vlissingen, Rotterdam en Amsterdam - op een goed bereikbare en strategische doorvoerlocatie ligt richting het noorden en het oosten en vice versa.” Ze voegen eraan toe dat er een hoge milieucategorie en grote bedrijfskavels zijn, een bouwhoogte tot 40 meter, een prima ontsluiting, en dat bedrijven de aanwezigheid van een vliegveld om de hoek vaak heel prettig vinden, ofschoon ze geen cargo kunnen aanbieden. “En het spoor ligt op een steenworp afstand en is relatief eenvoudig als extra modaliteit aan te bieden. Verder is het arbeidspotentieel in de regio groot, wat voor bedrijven die zich willen vestigen zeer belangrijk is.” Tot slot zeggen beiden, dat Flevokust Haven met de aangrenzende energiemaatschappij ENGIE een partij heeft die kan meedenken met het invullen van de (duurzame) energiebehoefte van bedrijven die zich gaan vestigen. In het gebied gaat ENGIE vanaf medio dit jaar sowieso een terrein van 30 ha met zonnepanelen (30 Mw) exploiteren. Binnen- en buitenland Er is veel belangstelling voor Flevokust Haven. In het noordelijk puntje van het gebied heeft de gemeente met vastgoedinvesteerder Somerset Capital Partners al een intentieovereenkomst gesloten voor grondverkoop. De naburige energiecentrale en de nabijgelegen datakabel bieden

grote vestigingsvoordelen voor een te ontwikkelen datacenter. Deze locatie is zo specifiek daarvoor, dat deze ontwikkeling dan ook de enige uitzondering op de regel is. Voor het overige moeten bedrijven havengebonden of havengerelateerd zijn. Hans de Groote: “We zijn al met diverse bedrijven in binnen- en buitenland in gesprek. Het zijn grote partijen, overwegend logistieke bedrijven, die de flinke kavels willen hebben die wij kunnen leveren. Het vestigen van deze bedrijven is een kwestie van de lange adem.” Provincie en gemeenten richten zich op kwaliteit in Flevokust Haven, nog meer dan kwantiteit, voegt Rogier Wilms eraan toe. “Kwaliteit kan zitten in arbeidsplaatsen en in duurzaamheid. Wij gaan ervan uit dat de bedrijfsactiviteiten iets moeten toevoegen aan de regionale economie.” Samenwerkingspartner en containertransportbedrijf CTU Flevokust heeft inmiddels een reserveringsovereenkomst voor 5 ha op zak. Zelfstandig havenbedrijf Met de blik op de ontwikkeling en het management van Flevokust Haven hebben de gemeente Lelystad en de provincie besloten dat er een zelfstandig en slagvaardig havenbedrijf moet komen. Wilms: “We werken nu de opdracht tot het oprichten van het havenbedrijf verder uit. Voor de provincie is het van belang dat de haven, waarvoor zij een flinke investering heeft gedaan, zo hoogwaardig mogelijk wordt ontwikkeld. Door in te zetten op clustervorming en synergie tussen bedrijven en hun activiteiten, innovatie en duurzaamheid werken we aan een hoogwaardig vestigingsklimaat. Het runnen van Flevokust Haven vraagt dus specialistische kennis en ervaring. Daarom zal de toekomstige leiding van het nieuwe havenbedrijf gepokt en gemazeld moeten zijn, en een netwerk hebben binnen de nationale havenbranche.” De toon zetten Lelystad en de provincie zien graag dat het eerste bedrijf dat de deuren opent op het havengebonden terrein in Flevokust Haven een ‘naam’ heeft. Het moet de toon zetten voor de verdere ontwikkeling van het gebied. “We hebben alle vertrouwen in de solide ontwikkeling van Flevokust Haven.” << Contact Voor vestigen op het industrieterrein: Carolien Gase, Gemeente Lelystad Tel. +31 (0)6 10 25 29 18 Alexis van Oven, Gemeente Lelystad Tel. + 31 (0)6 13 11 27 18 vestigen@flevokusthaven.nl Voor gebruik van en vestigen op de kade: Rogier Wilms, Provincie Flevoland Tel. +31 (0)6 50 84 93 58 kade@flevokusthaven.nl Voor verladen via CTU Flevokust: Etienne Morriën, CTU Flevokust Tel.: +31 (0) 30 24 09 710 verladen@flevokusthaven.nl www.flevokusthaven.nl

Perimeter protection voor elke havenlocatie Effectieve perimeter protection oplossingen Een combinatie van hekwerk, toegang & controle en detectie, afgestemd op de beveiligingsbehoefte van de klant welke voldoet aan de geldende wet en regelgeving. De essentie van perimeter protection is altijd hetzelfde - bouw een barrière, controleer de toegang en signaleer wanneer uw beveiligingsmaatregelen worden geschonden. Met zorg wordt de oplossing geïntegreerd in de aanwezige situatie en gekoppeld aan de bestaande systemen. Heras vervult en overtreft al meer dan 65 jaar de beveiligingsbehoeften van klanten in heel Europa. Het is dankzij deze staat van dienst, samen met de blijvend groeiende deskundigheid van onze medewerkers, dat wij ons volmondig “experts in perimeter protection” noemen. 1. Geïntegreerde perimeter protection oplossingen: hekwerk, toegang & controle en detectie. 2. Premium service- en onderhoudsmogelijkheden. 3. Projectmanagement op maat. Wilt u weten wat we voor uw havenlocatie kunnen betekenen? Maak dan een afspraak met een van onze verkoopadviseurs of plan een bezoek in ons Experience Center 088 274 0255. Experts in perimeter protection Hekdam 1 | Postbus 30 | 5688 ZG Oirschot +31 499 551 255 | info@heras.nl | heras.nl Havenlocaties 2018 - 31 | Nederland

Heerenveen Leeuwarden FRISIAN PORTS JAAGT WATERGEBONDEN ECONOMIE AAN Schouder aan schouder verder Acht Friese havens stomen gezamenlijk op in Frisian Ports. Heerenveen, Leeuwarden, Drachten, SúdwestFryslân, Harlingen, De Fryske Marren, Achtkarspelen en Tytjerksteradiel creëren met hun logistieke knooppunten economische groei, synergie en meer werkgelegenheid in de provincie. D Drachten e acht havens hebben een belangrijke functie in de economie in Friesland. Als havencluster staat Frisian Ports sterk met een derde plaats als het gaat om de hoeveelheid overslag per jaar (tussen de 7,7 en 8,5 mio ton). De ambitie is om Frisian Ports op de nationale en internationale kaart te zetten met het vervoer van containers en bulkgoederen zoals bouwmaterialen, zand en grind. Daarnaast zijn de havens actief in de maritieme maakindustrie, de scheepsbouw en de visserij. Ook op het gebied van toerisme zoals voor cruiseschepen en veerboten heeft Frisian Ports veel te bieden. Burgemeester (en voorzitter van Frisian Ports) Jeroen Gebben van de gemeente Tytjerksteradiel is er gelukkig mee dat de Friese havengemeenten zich hebben verenigd in Frisian Ports. “Zo kunnen we schouder aan schouder verder in plaats van rug aan rug. We maken nu massa om als derde cluster in Nederland onze positie waar te maken.” De VVD-burgemeester weet dat de Friese havens veel te bieden hebben: een goed provinciaal vestigingsklimaat, een goed arbeidsethos en veel water voor goederenvervoer. “Er zijn volop ruimte en personeel beschikbaar in Friesland. Het mag duidelijk zijn dat we watergebonden bedrijven willen verleiden naar onze provincie te komen, en ze vervolgens te houden.” Dikkere vinger in de pap De bedrijven die van de havens en het transport over het water gebruik maken zien óók de waarde van Frisian Ports. “De waarde zit in de belangenbehartiging voor de acht Friese havens, die gezamenlijk forse overslagcijfers laten zien. Harlingen Uiteindelijk willen de goederenhavens nationaal en internationaal naar een dikke vinger in de pap van het vervoer over water”, menen René Alink en Klaas van der Wiel. Eerstgenoemde is manager Technisch Bedrijf bij Sterk in Drachten, een internationaal werkend funderingsbedrijf dat gespecialiseerd is in grond- en waterkerende constructies in de (water)bouw en de infrastructuur. Van der Wiel is commercieel directeur bij de gelijknamige holding. Het bedrijf in Drachten is sterk in logistiek en handel, het maken van milieuwerken en infrastructuur maar ook in biogas. Hoog op de agenda Beiden vinden dat een georganiseerde lobby van belang is richting de nationale en Europese politiek om ervoor te zorgen dat investeringen in de Friese vaarwegen en de aangrenzende industriehavens

Sneek Burgum De Friese havensamenwerking in het kort: • Behoud bestaande activiteiten in de havens • Samenwerking op beleid, beheer en onderhoud • Op orde brengen van statistieken bij statistische bureaus • Benutten mogelijkheden TEN-T • Stimuleren en faciliteren multimodaliteit • Zorgen voor voldoende ruimte op de bedrijventerreinen • Verder ontwikkelen van duurzaamheidsprofiel • Zorgen voor optimale vaarwegverbindingen • Gezamenlijke communicatie en het organiseren van een ondernemersbijeenkomst in 2019 Krachten verdeeld De overslag in Friesland is harder gestegen dan in de Nederlandse mainports en de concurrerende havenclusters. De regionale cohesie zal hier ongetwijfeld in sterke mate aan bijdragen - in Friesland weten bedrijven en stakeholders elkaar te vinden. “Dat klopt”, zegt Van der Wiel. “Het overleg tussen de havengebonden bedrijven en de betrokken gemeenten, in ons geval Smallingerland, is nu goed is geregeld. De lijnen zijn kort, en we hebben niet het idee dat de binnenhavens tegen elkaar worden uitgespeeld. Integendeel, de krachten worden verdeeld en gestroomlijnd. Zo voorkom je bijvoorbeeld dat er in verschillende binnenhavens te veel containerbedrijven komen. Je kunt die beter concentreren in een of twee havens.” Binnen de samenwerking ontmoet je nu gelijkgestemden die elkaar beter en gemakkelijker vinden, vult directeur Sander Alberda van logistieke hoog op agenda staan. Zo kun je nog meer meetellen. Alink: “Opereer je als afzonderlijke havens, dan is de impact op ontwikkelingen veel kleiner. Voorzitter Gebben bevestigt dat Frisian Ports een serieuze gesprekspartner is voor Provincie en Rijk, maar ook voor de buitenlandse spelers. “Om hier handen en voeten aan te geven moeten we nog wat gas geven, zodat we als samenwerkingsverband onze naam verder kunnen vestigen. Een publiciteitscampagne waarvan een corporate story op film onderdeel uitmaakt, zal ons daarbij zeker helpen.” Lemmer dienstverlener Nesta Shipping in Harlingen aan. “Frisian Ports geeft ons daarmee ook een kans om elkaar te versterken. Beter gezegd is het geen kans, maar een inkoppertje…” Gezicht Met de logistieke knooppunten in Frisian Ports moeten ook economische groei, werkgelegenheid en duurzaamheid (multimodaliteit, alternatieve brandstoffen en minder files) worden gestimuleerd. Wat merken de bedrijven in de havens ervan? Sander Alberda antwoordt dat wat hem betreft het effect nog niet meteen merkbaar is, maar het gaat er zeker komen. “Frisian Ports posiStroobos Jeroen Gebben tioneert het transport over water, dus daarvan moeten we in termen van groei en werkgelegenheid straks de vruchten gaan plukken. Als ik naar de haven en bedrijven in Harlingen kijk is het beeld nu, dat we niet meer zoals vroeger met het gezicht naar de zee en de rug naar Friesland staan, maar juist andersom! Die energie die ook bij de andere havens voelbaar is, gaat zich uitbetalen in Frisian Ports.” << Onderdeel van TEN-T Alle havens van Frisian Ports hebben een goede aansluiting op het nationale hoofdvaarwegennet dat onderdeel uitmaakt van de corridor Amsterdam-Noord-Nederland en de internationale North Sea-Baltic-corridor. Ze staan op de Europese TEN-T-kaart, die het trans-Europese vervoersnetwerk markeert dat met Europees geld voor verbetering in aanmerking komt.

MCS IS GOED VOOR 100.000 CONTAINERS PER JAAR Schipperen met congestie Met containerterminals in Meppel, Groningen en Leeuwarden verscheept Multimodaal Container Services (MCS) jaarlijks circa 100.000 containers. Vanuit het hoofdkantoor in Drachten wordt het transport voor de binnenvaart gecoördineerd. “We doen waar we goed in zijn”, aldus directeur Willem van der Ark. Kerngetallen MCS • Terminals in Meppel, Leeuwarden en Groningen • 100.000 containers per jaar • Hoofdkantoor in Drachten • 80 mensen in dienst • 250 mensen in de flexibele facilitaire schil • 10 schepen • 80 vrachtauto’s S inds 2009 is de vraag naar de diensten van MCS flink gegroeid. Omdat de markt in Noord-Nederland niet veel groter zal worden dan die nu is, verwacht MCS, marktleider in de regio, niet nog meer te groeien. “Daarom kiezen we nu voor stabilisatie en goed voor de klanten zorgen. In voetbaltermen kun je zeggen dat we meer gaan verdedigen dan aanvallen”, zegt directeur Van der Ark lachend, zelf een hartstochtelijk fan van FC Groningen.

Hij krijgt regelmatig de vraag waarom MCS geen zeevracht erbij gaat doen? Even containers naar China vervoeren? Nee, zegt Van der Ark, dat willen we niet, op die service gaan we ons niet focussen. MCS wil ook niet de expediteur of rederij beconcurreren die opdrachtgever is. “Wij zijn goed in het transport van containers naar de Rotterdamse haven, waarna de rederij de vracht over zee verder vervoert.” “Onze kracht?”, herhaalt Van der Ark de vraag, “die zit voor een groot deel in onze strategisch goede terminallocaties in het noorden die goed bereikbaar zijn met vrachtwagens en binnenvaartschepen. Verder doen we de zaken steeds efficiënter, en ontzorgen we met full service logistiek de klanten die containers aanbieden. Niks meer en niks minder. Wij rekenen altijd alles precies uit, want in deze markt gaat het om de prijs van logistiek die net als water altijd naar het laagste punt stroomt.” Emissieloos Niet alleen het vervoer van containers over water is duurzamer en efficiënter dan het transport over de weg, MCS heeft nu ook twee schepen met dieselelektrische aandrijving in de vaart. “Een derde schip, de Sendo Liner waarin wij participeren, kan met accupakketten aan boord zelfs een paar uur emissieloos varen”, voegt Van der Ark eraan toe. “Ik noem het duurzaam 2.0. Wij zijn al duurzaam door de vervoersmethode en we voegen daaraan iets toe met innovatieve schepen. De kanttekening is dat we klanten niet extra hiervoor kunnen laten betalen”, aldus de MCS-directeur wiens bedrijf is genomineerd voor de prijs van Friese ondernemer van 2019. “Ja, leuk! Dat gebeurt niet voor niks, als je als bedrijf er een potje van maakt kom je niet in aanmerking. Deze maand horen we of we bij de laatste drie zitten.” Rotterdamse haven Tijd voor een praktische actualiteit. De congestie in de Rotterdamse haven is MCS een doorn in het oog geworden. Van der Ark steekt van wal: “Op het moment dat ons schip uit een van de noordelijke terminals vertrekt richting de Maasstad heb je theoretisch een losafspraak in de haven. De praktijk is helaas anders, waarin zeeschepen voor gaan op de binnenvaart. Tegenwoordig hoor je daarom vaak op het laatste moment dat er geen plek is om te lossen in de Rotterdamse mainport. Heel vervelend, omdat dan ons vaarschema in de war raakt. Om in die gevallen geen verstoring in het achterland te krijgen heeft MCS nu afspraken met een depot in de haven waar de schepen kunnen worden gelost, waarna de lading per truck naar de afgesproken terminal wordt gebracht. Aan die omweg hangt wel een prijskaartje dat op het bordje van ons klant terechtkomt. Dat vinden we natuurlijk vervelend, maar het kan helaas niet anders.” Van der Ark voegt hieraan toe, dat MCS ervoor heeft gekozen om in die gevallen alleen de directe kosten door te berekenen. Kosten als wachttijden voor de lichters en voor bijvoorbeeld onderbezetting doordat geplande vracht niet meekomt, komen voor rekening van MCS. Begrip Het oplossen van de congestieproblematiek in Rotterdam is niet eenvoudig. Werk- en studiegroepen van het havenbedrijf hebben zich er al over gebogen. Volgens Van der Ark zal er uiteindelijk toch meer capaciteit voor binnenvaartschepen moeten komen. Het idee om de containers standaard over te slaan op een andere terminal elders vindt hij niet handig. Daaraan hangt ook een kostenplaatje voor extra transport naar de oorspronkelijke terminal. Hij zegt: “In onze praktijk heeft 10 procent van onze containers last van de Rotterdamse congestie. Als je het zo bekijkt valt het misschien mee, maar als je weet dat het percentage een paar jaar geleden 0 was, is het toch veel. We hebben ermee te dealen. Gelukkig gaan onze klanten voorzichtig begrip tonen voor de congestieproblematiek die voor extra kosten zorgt.” << Inlichtingen: MCS B.V. Postbus 561, 9200 AN Drachten Telefoon 0512 – 741 555 www.mcs-bv.nl Havenlocaties 2019 - 35

HAVENVISIE 2019-2035 KOESTERT AMBITIES Port of Harlingen: blik op de horizon “Onze ambitie? In 2035 is Port of Harlingen hét duurzame maritieme en logistieke hart van NoordNederland.” Havendirecteur Paul Pot laat er geen gras over groeien. Een jaar na zijn aantreden in Harlingen heeft hij duidelijk voor ogen welke toekomst de enige Friese zeehaven heeft. Voor deze professionele ontwikkeling is een heldere havenvisie geschreven. “Regie moet er zijn om de haven te versterken.” P ort of Harlingen (PoH), die begin vorig jaar zelfstandig verder ging, heeft een belangrijke rol in de regio. Het is een logistiek knooppunt dat voor veel banen zorgt. Maar de haven ligt ook pal naast het bijzondere maar kwetsbare waddengebied. “Als nieuw havenbedrijf hebben we gekeken naar waar we ons de komende jaren op gaan richten”, zegt Paul Pot. “Je kunt die ambities samenvatten in dat we groeien met respect voor onze prachtige omgeving zonder fysiek uit te breiden. We doen dat door de beschikbare ruimte in het havengebied beter te benutten, synergie tussen bedrijven te vergroten, de visserij te koesteren en het toerisme te faciliteren.” En er is meer: “We werken verder aan veilige, effectieve en efficiënte op- en overslagmogelijkheden. Daarvoor heb je samenwerking en vernieuwing nodig. Zo verstevigen we onze logistieke en economische positie.” Paul Pot. Foto’s: Joachim de Ruijter Lange trajecten Dat de haven bij alles dat ze doet rekening houdt of moet houden met de ecologische waarden van het Waddengebied (UNESCO Werelderfgoed), spreekt voor zich. “We zetten mede daarom in op het verduurzamen van onze bedrijfsvoering, het stimuleren van goederenvervoer over water, energietransitie en het stimuleren en faciliteren van allerhande duurzaamheidsinitiatieven. Die kunnen van bedrijven zijn, maar ook van de visserij”, aldus Pot die de havenvisie ontwikkelde in samenspraak met de stakeholders van PoH. Daaronder naast aandeelhouder de gemeente Harlingen ook de provincie, de bedrijven in de haven, natuur- en milieuorganisaties en de Maritieme Academie. Dat de visie een periode van 15 jaar beslaat vindt de havendirecteur realistisch, omdat zijn ervaring is dat veranderingen en herontwikkeling in de haven hun tijd nodig hebben. “Dat zijn echt lange trajecten. Er zijn maatschappelijke, bestuurlijke en politieke ontwikkelingen die een rol spelen.” Robuuste haveneconomie Waar de ene haven teert op de op- en overslagactiviteiten, is de Harlinger haven sterk in de winning en verwerking van zout, zand en grind. De belangrijkste werkgevers in het havengebied zitten in deze branches, naast scheepsbouw en -reparatie en de veerdiensten. Voor het havenbedrijf zorgen de gerelateerde kade- en havengelden voor de cashflow die nodig is om de organisatie draaiende te houden. “We kunnen ons dus geen gaten in de exploitatie veroorloven”, zegt Pot die weet dat een robuuste haveneconomie drijft 36 - Havenlocaties 2019

op een gelijkwaardige verdeling van de kade-/havengelden én de grondexploitatie. Om die stabiele basis te realiseren in Harlingen voert Pot een erfpachtconstructie door. Daarmee kan PoH beter sturen op het grondgebruik en de havenactiviteiten. Kuitenbijter en bruggenbouwer Pot: “Ons uitgangspunt is ‘het juiste bedrijf op de juiste plek’. Een goede indeling van de bedrijven zal synergievoordelen opleveren. Dat betekent onder meer dat watergebonden bedrijven voorrang krijgen op niet-havengerelateerde ondernemingen. We zijn zelfs bereid om die ‘droge’ bedrijven te verplaatsen als dat voor de indeling, synergie en de haveneconomie beter uitkomt.” In dit verband wordt gesproken over Port of Harlingen die tegelijkertijd kuitenbijter en bruggenbouwer is. “Daarmee kunnen we als slagvaardige organisatie ervoor zorgen dat de aandacht blijft uitgaan naar samenwerking en ontwikkeling van bedrijven en de haven”, licht Pot toe. Behalve herindeling is uitbreiding van het haventerrein net zo interessant. In de Port of Harlingen was nog 20 ha grond te vergeven, waarvan de helft recentelijk is gegund aan de bouwcombinatie die met een cementfabriek de komende vier jaar betonblokken gaat maken voor de renovatie van de naburige Afsluitdijk. Verder is er serieuze belangstelling van een bedrijf voor het pachten van 5 ha. Blijven over stukjes braakliggend terrein links en rechts naast bestaande bedrijven, tezamen ongeveer 5 ha. Frisian Ports Als je het over de havenvisie hebt, ontkom je niet aan de ideeën en ambities van de verenigde Friese binnenhavens die samen met Harlingen optrekken in Frisian Ports. Havendirecteur Pot vindt het een goed initiatief, al is het maar vanwege de gezamenlijke marketing van de acquisitie van bedrijven. “Ik denk ook dat je als Frisian Ports richting de provincie sterker staat, zeker als er nieuwe investeringsprojecten in aantocht zijn.” Wat hem betreft past de Friese havensamenwerking prima in de Harlingse blik op de horizon: verder versterken en professionaliseren van de haven. << Kerngetallen Port of Harlingen Industriehaven: 130 ha bruto Overslag: zeevaart 1,7 miljoen ton, binnenvaart 2,4 miljoen ton (totaal 4,1 mln) Directe werkgelegenheid: circa 1.415 personen Toegevoegde waarde: € 130 miljoen Aantal bedrijfsvestigingen: 168 Duurzaamheid in en rond de haven Port of Harlingen wil op het gebied van duurzaamheid proactief zijn als het gaat om ecologie, visserij en toepassingen in het havengebied. Ecologie “PoH wil haar bedrijvigheid op een duurzame wijze inpassen en een bijdrage leveren aan behoud en versterking van de kwetsbare Waddenomgeving. PoH wil in de toekomst fungeren als koploper in de wijze waarop ze de havenactiviteiten hand in hand kan laten gaan met behoud van het aanwezige ecologische systeem. De initiatieven op het gebied van baggeren en spuikanalen worden dan ook verder ondersteund, onderzocht en uitgewerkt. Hierbij zal ook worden gekeken naar het doorvoeren van innovatieve duurzame toepassingen.” Visserij “PoH wil zich blijven richten op marktclusters met een sterke verankering in Harlingen en de regio. Eén daarvan is de visserij die in vele opzichten een belangrijke sector voor de haven is. De sector omvat de visvangst op de Noordzee en op de Waddenzee, de aan- en afvoer van vis- en visproducten, opslag en distributie, de visafslag (garnalen) en de visverwerkende industrie. De ambitie is om, in samenwerking met de vissers, de visserijhaven tot meest duurzame van Europa te maken en te houden. Hierbij ligt de focus op de juiste infrastructuur en ketenintegratie binnen de visserij. Verder kan gedacht worden aan nieuwe scheepsontwerpen, de manier waarop de vissers de bijvangst verwerken en de manier waarop ze vissen.” Toepassingen in het havengebied “PoH vindt het belangrijk dat zowel gevestigde als nieuwe bedrijven een duidelijke en praktische duurzaamheidsvisie en -strategie hebben. Daar waar mogelijk zal PoH het bedrijfsleven faciliteren met praktische zaken, zoals het geven van informatie over mogelijke subsidies. Maar ook met het faciliteren en stimuleren van duurzame productiefaciliteiten en het creëren van duurzame op- en overslag. Denk aan het opstarten van (pilot)projecten en samenwerkingen gericht op bioLNG (vloeibaar gas) voor het gebruik voor de scheepvaart, en de productie en levering van waterstof en groengas op het gasnet. Voor PoH zit duurzaamheid ook in de manier waarop de initiatieven mogelijkheden bieden voor het scheppen van werkgelegenheid, het aantrekken van nieuwe bedrijven en het versterken van de economie.” Voor inlichtingen: Port of Harlingen Postbus 225, 8860 AE Harlingen Tel. 0517 – 723 333 www.portofharlingen.nl Havenlocaties 2019 - 37

Blijven vernieuwen voor nog betere betonvloeren D oorlopend zoeken naar nieuwe oplossingen om nóg betere vloeren te kunnen realiseren, zit Van Berlo in de genen. Van Berlo is het enige vloerenbedrijf met een eigen engineeringsafdeling en een eigen heidivisie. Heilige graal Die drang naar vernieuwen en verbeteren heeft een extra dimensie gekregen met de aanstelling van een eigen betontechnoloog. Glenn Verhoef, Director Sales: “We hebben een eigen laboratorium ingericht om onderzoek te kunnen doen naar de optimale samenstelling van de betonmengsels. Het doel is nog minder krimp, of zelfs helemaal geen krimp van het beton meer, de heilige graal in betonland.” Dagelijkse meerwaarde Iedere betonvloer van iedere leverancier heeft te maken met scheurvorming. “Natuurlijk wordt er wereldwijd onderzoek naar gedaan, maar de ontwikkelingen gaan ons niet snel genoeg. Daarom nemen we het heft in eigen handen.” De betontechnoloog levert ook meerwaarde in de dagelijkse productie, zegt Verhoef. “Dagelijks wordt bijvoorbeeld de betonsamenstelling geoptimaliseerd op basis van de weersverwachting en andere factoren.” Van mkb tot mega-dc De monoliet afgewerkte betonvloeren van marktleider Van Berlo liggen bij vrijwel alle toonaangevende logistieke Van Berlo is marktleider op het gebied van superstrakke bedrijfsvloeren. Het bedrijf verzorgt echter meer: de engineering, de fundering en de prefab systeemfunderingen. “We kunnen dus de totale onderbouw maken en managen.” Daarbij zoeken zij doorlopend naar nieuwe oplossingen om nóg betere vloeren te kunnen realiseren. Met een eigen betontechnoloog en vakdocent zet het bedrijf een volgende stap.

sen van de vloer ten aanzien van de stellingen zijn extreem, vertelt Verhoef, namelijk 1 op 3.000 in plaats van 1 op 300. “Onze engineers werken dan samen met de stellingbouwer aan de juiste vloerconstructies. Het resultaat is dat we samen naar een oplossing toewerken waardoor de vloer minder dik hoeft te zijn dan gevraagd. Dat bespaart veel geld. Bovendien gaat het sneller, want je stort sneller.” Allemaal mooi, zegt Verhoef, maar zonder de juiste vakmensen ben je nergens. “Daarom moet je ook investeren in je mensen en in nieuwe kennis.” ‘Alles ligt in één hand, van weiland tot ankerbout’ bedrijven in Nederland en België. Verhoef: “Vorig jaar realiseerden we in totaal 2,3 miljoen vierkante meter aan vloeren. De tendens is al jaren om hallen van twintigduizend vierkante meter of meer te bouwen. Daar kunnen wij prima in mee waarbij we ook nog steeds vloeren en onderbouwconstructies maken voor kleinere projecten in het mkb.” De totale onderbouw Van Berlo staat voor volledige grip op het proces en dat is de reden dat vrijwel alles in eigen huis gebeurt, zegt Verhoef. “Vanuit die visie is al lang geleden de engineeringsafdeling opgezet. Dat is onze kracht. Het geeft flexibiliteit en zorgt ervoor dat we supersnel kunnen instappen in een traject. Maar bovenal is het een voordeel voor de klant: alles ligt in één hand. Van weiland tot ankerbout. Hierdoor kunnen we veel sneller schakelen dan via een engineeringsbureau.” Mini Vibropaal Bedrijfsonderdeel Van Berlo Funderingstechnieken houdt zich bezig met het grondverbeteringssysteem op basis van de Mini Vibropaal. Deze paal is vooral bedoeld voor drukkrachten. Van Berlo heeft zelf vier heistellingen en is niet afhankelijk van externe inhuur. Van Berlo kan het palenplan exact afstemmen op de vloerbelasting en de eigenschappen van de ondergrond. Met als resultaat een kwalitatieve en kostenefficiënte bedrijfsvloer. Weersonafhankelijk bouwproces Van Berlo Systeemfunderingen zorgt voor kwalitatieve laad- en loskuilen, DIN-15185 23 meter breed “Bijzonder is ook dat wij als eerste de DIN-15185 norm 23 meter breed leggen, dus niet alleen in het gangpad. Het voordeel is dat als je ooit besluit om je stellingen te verplaatsen, de vloer daarvoor al gereed is. Bovendien maken we de vloer vlak in één arbeidsgang, dat bespaart veel tijd. Na twee weken kan de stellingbouwer al aan de slag.” High bay magazijnen “We zien dat er steeds meer highbay-magazijnen gebouwd worden. Magazijnen van 35 meter hoog zijn geen uitzondering meer. De vervormingseiReden om zelf een vakdocent in dienst te nemen. “Voor het storten en afwerken van beton bestaat geen opleiding. Je leert het vak in de praktijk. Onze docent heeft alle processen in kaart gebracht en beschreven. Als we nu nieuwe, onervaren mensen aannemen, bieden we ze een degelijke leergang op diverse niveaus. Tegelijkertijd is het een prima manier om medewerkers te binden en te enthousiasmeren. We bieden voor alle medewerkers vier keer per jaar een opleidingsdag. De reacties zijn louter positief. Zo gaan we samen op diverse vlakken weer een stap verder op weg naar een nog betere betonvloer.” << www.vanberlo.com – info@vanberlo.com funderingsbalken en het storten van poeren voor de kolommen. Desgewenst verzorgt het ook de funderingspalen. Omdat alle componenten, zoals laaddocks en aanrijdverzwaringen, prefab gemaakt worden in eigen huis, is het bouwproces korter. De bouw vindt bovendien geheel weersonafhankelijk plaats, waardoor deze altijd volgens planning verloopt. Havenlocaties 2019 - 39

Ketenpropositie werkt als magneet voor corridor Rotterdam – Midden-Brabant Get ahead in Europe is een samenwerkingsverband van Midpoint Brabant Smart Logistics (MBSL) en Port of Rotterdam. De belangrijkste doelen zijn de corridor Rotterdam – Midden-Brabant internationaal op de kaart te zetten en logistieke innovatie in het gebied te stimuleren. M BSL is als platform de verbindende factor tussen ondernemers, overheid en onderwijs. Het richt zich op het creëren van een optimaal vestigingsklimaat voor bedrijven in (of gelieerd aan) de supply-chain en het ontwikkelen van een aantrekkelijk logistiek arbeidsklimaat in Midden-Brabant. Om dit doel te bereiken ondersteunt en neemt MBSL initiatieven op het gebied van onder andere arbeidsmarkt, innovatie, infrastructuur en duurzaamheid. De haven van Rotterdam staat bekend als een hoog efficiënt en betrouwbaar knooppunt binnen de containerstromen. Voor een efficiënt logistiek proces is het van belang dat de aansluiting tussen de verschillende modaliteiten en het vervoer van A naar B zo goed mogelijk verloopt. Hiervoor investeert het Havenbedrijf Rotterdam in infrastructuur én in procesverbeteringen. Samen sterker Get ahead in Europe borduurt voort op wat er op logistiek gebied gebeurt in Midden-Brabant. Vanuit de complementariteitsgedachte is de vraag gesteld hoe de corridor RotterdamTilburg-Waalwijk versterkt kan worden. Dit leidde tot de propositie Get ahead in Europe, gefinancierd door Havenbedrijf

Rotterdam en de twee gemeentes. Met Get ahead in Europe willen we internationale bedrijven wijzen op de voordelen van de samenwerking tussen de twee logistieke topregio’s, die de meest efficiënte toegang bieden van en naar Europa! Ondernemers kunnen gebruiken maken van de website in hun acquisitie om hun bedrijf of regio beter op de kaart te zetten. Er staat handige informatie op en er zijn allerlei nuttige zaken te downloaden. Meer informatie over Get ahead in Europe is te vinden op www.getaheadineurope.com Logistiek platform Get ahead in Europe is een platform met logistiek gerelateerde partners. Vanuit deze samenwerking worden innovaties in de logistieke keten gestimuleerd. Vernieuwing binnen de keten is belangrijk voor de lange termijn om onze positie als logistieke topregio’s te behouden en te vergroten. Daarmee gepaard is de multimodale bereikbaarheid, waarbij door het bedrijfsleven en overheid wordt geïnvesteerd in infrastructuur en voorzieningen. De goederentreinverbinding met China, het verbeteren van de verbindingen met Rotterdam en achterland en het varen met elektrische Havenlocaties 2019 - 41

42 - Havenlocaties 2019

De Chengdu-Tilburg-Rotterdam Express maakt onderdeel uit van de Nieuwe Zijderoute. Tilburg maakt als eerste stad in Nederland daar prominent onderdeel van uit. schepen van Rotterdam naar Midden-Brabant en vice versa zijn voorbeelden van activiteiten die de internationale positie van Tilburg als knooppunt versterken. Samen werken aan een beter presterende keten Er is meer focus op het vergroten van de betrouwbaarheid van intermodaal vervoer. Een beter presterende keten zorgt niet alleen voor een sterkere propositie voor Rotterdam – Midden-Brabant, maar ook dat er een ladingverschuiving van de weg naar het spoor en binnenvaart plaatsvindt. Een concreet voorbeeld van een investering in betrouwbare duurzame ketens vanuit Get ahead in Europe, is de West Brabant corridor. Deze samenwerking betekent in de praktijk dat schepen bij meerdere terminals in Moerdijk, Oosterhout en Tilburg lading combineren voor één deepsea containerterminal in Rotterdam of andersom. Ook verladers in Midden-Brabant profiteren van snellere afhandeling in de haven van Rotterdam door samenwerking containerbinnenvaart op route Tilburg-Oosterhout-Moerdijk-Rotterdamse Haven. Innovatieve keten De haven van Rotterdam wil ‘s werelds slimste haven zijn. Om deze koppositie te verkrijgen en behouden moet er blijvend vernieuwd worden. Innovatie is een cruciaal middel om de beoogde veranderingen in energietransitie en digitalisering te realiseren. Midden-Brabant wordt gezien als ideale plek waar innovatiepilots in de praktijk uitgetest worden. Een praktisch initiatief is de pilot tussen de Rotterdamse haven en de regio om de inning van havengelden te digitaliseren door de inzet van blockchain-technologie. Een andere pilot is de mobiele OCR scanpoort op Barge Terminal Tilburg. Hiermee is Midden-Brabant een krachtige schakel in de corridor. Smart Logistics is kansrijk voor zowel bereikbaarheid als duurzaamheid en draait om data. Zodoende stimuleert Midden-Brabant in samenwerking met andere partijen projecten als ‘DAta science voor Logistieke Innovatie’ en ‘MindLabs’. Ook Port of Rotterdam ziet in het Tilburgse initiatief ‘MindLabs’ (www.mind-labs.eu) kansen voor de innovatieve keten, waarbij het bedrijfsleven, samen met het onderwijs (mbo, hbo en universiteit), werkt aan ondernemersvragen op het gebied van gedrag en technologie. << Havenlocaties 2019 - 43

Distriport Waalwijk loopt vooruit op nieuwe insteekhaven In Waalwijk kijken de gemeente, ontwikkelaars en logistieke bedrijven reikhalzend uit naar de aanleg van de insteekhaven, naast het nieuwe bedrijventerrein Haven Acht. Inclusief de nieuwe terminal met twee kranen op de 450 meter lange kade moet Waalwijk aan de Maas eind volgend jaar haar positie versterken als logistieke hotspot. P roDelta Real Estate is als ontwikkelaar en belegger in logistiek en industrieel vastgoed enthousiast over de havenontwikkelingen in Waalwijk. Vooruitlopend op de aanleg van de moderne insteekhaven en een verbeterde aansluiting op de A59 is het Rotterdamse bedrijf begonnen met de nieuwbouw van Distriport Waalwijk: een complex van circa 70.000 m² logistiek vastgoed naast het nieuwe (tweede) distributiecentrum van bol.com op het bedrijventerrein Haven Acht. Directeur Frank van Dijk zegt: “De bedoeling is om Distriport Waalwijk in twee fasen op te leveren. De eerste 32.000 m2 zijn aan het eind van dit jaar beschikbaar.” ProDelta is al met een logistieke eindgebruiker in gesprek voor de vestiging in Distriport Waalwijk, dat gasloos zal zijn en voorzien van een dak met zonnepanelen. Daarmee wordt goed aangesloten op de milieuambities van de gemeente. Van Dijk legt uit dat de keuze voor de nieuwbouw in Waalwijk niet zo moeilijk was. Samen met Tilburg vormt die gemeente een belangrijk logistiek knooppunt in Nederland, met veel klanten in de Benelux en Frankrijk. “De gunstige geografische ligging en de verbeterde ontsluiting via snelweg en water maken Waalwijk tot een aantrekkelijke plaats voor de logistieke sector, waaronder bedrijven in de 44 - Havenlocaties 2019

ProDelta Real Estate Ruim veertig jaar is ProDelta Real Estate actief als ontwikkelaar en belegger in logistiek en industrieel vastgoed. De vastgoedportefeuille bestaat uit ruim 440.000 m² bebouwing verdeeld over 90 hectare terrein. Het zwaartepunt van de vastgoedactiviteiten ligt in de delta van de Rotterdamse haven, en de provincies Noord-Brabant en Gelderland. www.prodelta.nl e-commerce”, aldus Van Dijk die weet dat er in de regio nergens meer ruimte is voor grote ontwikkelingen. Gunstig daarbij is dat met de nieuwe insteekhaven het bedrijventerrein (Haven Acht !!!) straks ook bereikbaar is voor de grote containerschepen (klasse 5) via een open water verbinding, waar in de huidige haven alleen klasse-3-boten kunnen aanmeren en via een sluis moeten. Het bedrijventerrein is direct gelegen aan de nieuwe haven. De regio Midden-Brabant heeft nog geen haven waar grotere containerschepen hun goederen kunnen overslaan. Overigens krijgt de bereikbaarheid per as ook een impuls met de aanleg van een klaverblad in de A59 ter hoogte van het bedrijventerrein, met een directe afslag naar het bedrijventerrein. Positie versterkt Volgens de gemeente Waalwijk moet de nieuwe haven worden gezien als een belangrijke schakel in de regio voor de doorstroom van goederen vanuit Rotterdam, Antwerpen en het Europese achterland. “Hiermee wordt de positie van Waalwijk en Midden-Brabant als logistieke toplocatie in Nederland versterkt. Daarnaast is het logistieke bedrijventerrein Haven 8, bedoeld voor grootschalige logistiek, een belangrijke ontwikkeling die de behoefte aan een efficiënte, op de toekomst voorbereide, containerhaven verder zal voeden. Dit is positief voor de economische ontwikkeling van de regio én dus voor Waalwijk”, aldus de gemeente. De terminal in de insteekhaven zal in eerste instantie ongeveer 70.000 tot 80.000 teu lading overslaan. Naast de autonome groei rekent de gemeente uiteindelijk op extra groei van het aantal te verwerken containers. Havenscan Om verladers te stimuleren om meer goederenvervoer via het water plaats te laten vinden, heeft Waalwijk de zogeheten digitale havenscan ontwikkeld, waarmee verladers kunnen uitrekenen wat de (lagere)kosten van het containervervoer per boot zijn en welke CO2 -besparing daarmee gepaard gaat. De gemeente hoopt met de havenscan vooral de kleine bedrijven zonder logistiek management aan te spreken en te faciliteren. De Europese aanbesteding van de havenaanleg is inmiddels gestart. De verwachting is dat in het laatste kwartaal (Q4) van 2020 de eerste containerschepen zullen aanmeren aan de kade van de nieuwe terminal. << T +31 (0) 10 89 20 470 www.prodelta.nl Frank van Dijk Signalement Distriport Waalwijk • Nieuw logistiek complex dat kwaliteit, duurzaamheid en flexibiliteit uitstraalt • Gelegen op bedrijventerrein Haven 8 naast de toekomstige terminal logistieke ruimte • 69.299 m2 12.072 m2 • • 2.257 m2 mezzaninevloer kantoorruimte • Stapelhoogte tot 12,2 meter • Eén loading dock per 666 m2 magazijn • Mogelijkheid tot verkaveling in max. 8 ruimten • BREEAM-label Excellent (ambitie is Outstanding) • Realisatie in twee fasen • Oplevering 1e fase in Q4 2019.

Terminal Oss ontwikkelt zich als trimodale draaischijf Trimodale hub OOC Terminals in Oss verbindt vaarklasse Vb (CEMT) met het spoor en dat is voor deze regio een unieke combinatie, zegt directeur Eric Nooijen. “De belangstelling voor het spoor als modaliteit voor continentaal transport van en naar deze regio groeit sterk. Bovendien is de regio in ontwikkeling als logistieke hotspot voor vestiging van warehousing en distributie. Daarnaast behandelen we ook steeds meer lading uit Antwerpen, Amsterdam en Rotterdam via Oss , voor doortransport naar het Europese achterland en omgekeerd.” O OC terminal exploiteert twee afzonderlijke locaties: een bulkterminal en een containerterminal. De bulkterminal is al een trimodale locatie van drie ha en richt zich op de op- en overslag en het vervoer van voornamelijk agri-feed, chemie en minerale& bouwstoffen in droge en natte bulkvorm. De containerterminal is 3,5 ha groot en biedt naast op- en overslag van containers en trailers ook diensten voor afhandeling van break- en neo-bulk ladingen. Nieuwe spoordiensten ontwikkelen Oss ligt in de zogenoemde Agrifood Capital regio met veel (agrifood-) producenten en distributeurs. “Juist vanwege de combinatie productie en distributie is het interessant om ook goede verbindingen met andere sterke Europese regio’s te ontwikkelen.” Door de ontwikkeling van een spoor terminal op de containerterminal wil Nooijen beter inzetten op de afhandeling van containers en wissellaadbakken en break- en neobulk verkeer. OOC Terminals organiseert daarbij het transport van en naar de zeehavens, het voor- of natransport in de regio en/of het spoorvervoer in Europa. Dat 46 - Havenlocaties 2019 gebeurt samen met partners. Een bewuste keuze volgens Nooijen. “Wij zijn goed in op- en overslag, anderen zijn specialist in een bepaald type vervoer, wij willen die kwaliteiten combineren. Bovendien hebben onze klanten uiteenlopende en soms wisselende wensen. Wij werken daarom met verschillende gespecialiseerde partners die sterk zijn in hun corebusiness.” OOC biedt warehouse ruimte aan op haar terminal Komend jaar voegt OOC Terminals nog een USP toe aan zijn terminals. Het bedrijf zit in de laatste ontwikkelfase van een dc van 16.000 vierkante meter. Het dc moet direct binnen de containerterminal komen en is bestemd voor klant(en) die veel beweging over water of spoor hebben. Het is de bedoeling om zoveel mogelijk generiek te bouwen met ruimte voor klantspecifieke wensen, zegt Nooijen. “Zelf willen we dat het pand geschikt is voor productie en voor op- en overslag. Denk bijvoorbeeld aan het palletiseren van bulkgoederen, het be- of verwerken en/of herverpakken van goederen”. Er is veel mogelijk, het belangrijkste is echter de locatie. De voordelen van deze locatie zijn groot: De warehousecapaciteit is naadloos verbonden met de

Eric Nooijen www.ooc.nl Containerterminal T1 3,6 ha terrein, 400 meter kade, 2.000 m2 terminal stack, er is géén voor- natransport tussen terminal en warehouse, en het warehouse ligt in de AEO omgeving van de terminal. Voordelen lopen al gauw op tot enkele euro’s per ton. warehouse. Vaarklasse Vb (koppelverband) en 3,75 meter diepgang. in ontwikkeling: 5 ha terrein, 150m kade & 700 meter spooraansluiting Warehouse in ontwikkeling direct aan kade en goederenspoor: 12.285 m2 3.920 m2 met 12,2 meter vrije hoogte met 20 meter vrije hoogte. (Meer specs op aanvraag beschikbaar.) Bulkterminal T2 3 ha terrein, vloeistofdicht. 300 meter spoor, 200 meter kade. Klantspecifieke ontwikkelingen zitten in ons DNA Op de terminal heeft OOC al meer klanten gehuisvest die samen met OOC terminals investeren in klantspecifieke op- en overslag systemen en of aanvullende productie-activiteiten. Zo wordt al jaren stookolie overgeslagen tussen trein en schip en wordt schroot ingezameld en gestuft op haar terminal. Op de bulkterminal is OOC Terminals samen met een klant bezig met het realiseren van een organische meststoffenfabriek voor de export van 80.000 ton organische mest perjaar. Ook het ontwikkelen van een biomassa vergassing installatie voor duurzame gas- en warmteproductie zit in de vergunningsfase. “Samen met de klant maken we de businesscase rond en tegelijkertijd verlagen we onze CO2 -footprint dusdanig dat we schoner worden dan CO2 Wij verbinden Continentaal en maritiem klasse Vb en spoor -neutuaal. We zijn in de gelegenheid om heel specifiek met klanten naar een oplossing te zoeken op onze locatie, waarbij we ook financieel samenwerken. Een klant kan een productie-installatie op ons terrein inrichten op basis van een langjarige samenwerking. Dat is voor iedereen heel effectief. Ja, dat kan eventueel straks in het nieuwe dc ook.” <<

Havensamenwerking: een duurzame ontwikkeling Als je door deze editie van de Havenlocaties bladert valt direct op: in het landschap van havens, zowel binnenhavens als zeehavens, wordt steeds meer samengewerkt. En dat gebeurt op de verschillende niveaus. Port of Zwolle, Port of Deventer en Port of Twente organiseren gezamenlijk het congres van de Nederlandse Vereniging van Binnenhavens en bundelen daarmee krachten op het gebied van marketing. De havens van Arnhem en Nijmegen zijn in gesprek over samenwerking tussen de havenmeesterdiensten. Frisian Ports bundelt alle krachten op het gebied van havens binnen de Provincie Frylân. En onder het havengebied van het havenbedrijf Rotterdam vallen inmiddels ook de havens in Dordrecht, Zwijndrecht en Papendrecht. S teeds meer havens kijken naar elkaar en naar manieren om samen te werken. Het uiteindelijke doel van een havensamenwerking is versterking. De eerste gedachte die daarbij opkomt is dat dit een toename van opbrengsten, havengelden en kadegelden moet zijn. Maar dat is lang niet altijd de manier waarop havensamenwerking toegevoegde waarde kan bieden. In dit artikel gaan we in op samenwerking gebaseerd op locaties en de toegevoegde waarde hiervan. Samenwerking vanuit locatie Als voorbeeld voor een samenwerking gezien vanuit een locatieperspectief zou een samenwerking tussen Port of Deventer en de haven van Zutphen voor de hand liggen. Beide havens liggen aan dezelfde rivier, de IJssel. De afstand is klein, hemelsbreed nog geen 18 kilometer en ze bedienen beiden een andere klantengroep. Maar er is ook een andere afweging voor samenwerking gebaseerd op de locatie van de haven. En dat is die vanuit de keten- en netwerkgedachte. Binnenhavens zijn een essentiële schakel in de logistieke keten. Maar het gaat verder dan de logistieke keten. De logistieke keten wordt steeds vaker vanuit het netwerkperspectief bekeken, als logistiek netwerk dus. Hierbij is van belang dat je als haven zeer goed weet van welke netwerken je onderdeel bent. Op basis van strategische locaties die passend zijn bij dat netwerk zoek je samenwerkingspartners. Havenbedrijf Rotterdam doet dit al enkele jaren via haar buitenlandbeleid. Er worden op, voor de klanten van het Havenbedrijf, strategische locaties samenwerkingen aangegaan met havens. Hiermee zorg je ervoor dat de logistieke keten of het netwerk optimaal kan functioneren. Op een kleinere schaal kun je dit ook doen voor binnenhavens of terminals. Een recent voorbeeld hiervan is de Amsterdam-Utrecht-Rotterdam corridor, waarbij de samenwerking tussen terminals in binnenhavens en zeehavens leidt tot een efficiëntere afhandeling van de binnenvaart. 48 - Havenlocaties 2019

kansen voor onderlinge samenwerking tussen gevestigde bedrijven is groter. Door de omvang van de samenwerking ben je als haven ook een serieuzere partij. Een serieuzere partij voor het voeren van een lobby bijvoorbeeld. De samenwerking in Port of Zwolle heeft een relevante bijdrage kunnen leveren aan de lobby voor de verbreding van de sluis Kornwerderzand, net als het samenwerkingsverband Frisian Ports overigens. Maar er is natuurlijk ook de toegevoegde waarde die draait om de kosten. Want als je bepaalde werkzaamheden kunt delen nemen de kosten gemiddeld af. En dat is natuurlijk een prachtig neveneffect van een havensamenwerking. Ook de “West-Brabant Corridor” is een voorbeeld van samenwerking tussen terminals. In dit initiatief werken Barge Terminal Tilburg, Combined Cargo Terminals, Moerdijk Containers Terminals en Danser group samen op de route Tilburg, Moerdijk, Rotterdam. Het doel is om al eerder lading te bundelen voor de Rotterdamse haven. Hierdoor kan er met minder schepen naar Rotterdam worden gevaren, wat filevorming bij de afhandeling van binnenvaartschepen bij de deepseaterminals in de Rotterdamse haven vermindert. Toegevoegde waarde Dat een samenwerking economische toegevoegde waarde heeft is bijna vanzelfsprekend. Dit wordt ook gezien door de overheid. Vanuit het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) werkt de rijksoverheid samen met decentrale overheden aan ruimtelijke projecten en programma’s voor regio’s. Vanuit MIRT-onderzoeken en MIRT-verkenningen wordt gekeken hoe logistieke corridors geoptimaliseerd kunnen worden om daarbij economische meekoppelkansen te verzilveren. (MIRT richt zich op financiële investeringen in deze programma’s en projecten.) De toegevoegde waarde van een samenwerking is ook op andere fronten te vinden. Dat kan inderdaad op het gebied van inkomsten zijn, maar het effect daarbuiten is veel groter. Want door een havensamenwerking is het aantal gevestigde bedrijven in het havengebied groter en daarmee het bereik van potentiele klanten. Maar ook de Kortom, een havensamenwerking, vanuit de juiste redenatie en motieven is een goed idee. Let er wel op dat je duidelijkheid hebt over de positionering van de haven. En de locatie, van zowel jouw eigen haven als die van jouw samenwerkingspartner, is van essentieel belang. Tot slot Port Solutions Rotterdam (PSR) is een expert op het gebied van havens en logistiek en kan adviseren over en ondersteunen bij de inrichting en uitvoering van een havensamenwerkingsverband. << Meer informatie: Marieke Vavier, vavier@portsolutionsrotterdam.nl en via 06-16147598. Havenlocaties 2019 - 49

Integrated Logistics Design & Construct Realiseren van toekomstbestendige huisvestingsoplossingen die uw logistieke processen ondersteunenLokaal betrokken realisatiepartner Met vestigingen in Breda, Terneuzen, Delft en Amsterdam is Sprangers gevestigd in de directe nabijheid van de belangrijkste havens. Engineering Design & Build Nieuwbouw Onderhoud Sprangers. Maakt het waard.

POORT OOST VERKOCHT VERKOCHT VERKOCHT 13.771 m2 VERKOCHT VERKOCHT VERKOCHT 27.390 m2 (watergebonden) VERKOCHT VERKOCHT VERKOCHT eigen insteekhaven 8.400 m2 ROTTERDAM / DEN HAAG A15 HENDRIK IDO AMBACHT A15 A16 PAPENDRECHT N3 BENEDEN-MERWEDE ZWIJNDRECHT GORINCHEM / ARNHEM DORDRECHT N3 A16 BREDA / ANTWERPEN OOSTPOORT-DORDRECHT.NL Havenlocaties 2018 - 51 TE KOOP

Zwijndrecht denkt aan uw toekomst T Dat Zwijndrecht een maritieme hotspot is en bijzonder gunstig ligt, langs rivieren, wegen en spoor, dat weten veel ondernemers wel. Maar wist u ook, dat de belangen van ondernemers in Zwijndrecht uitermate goed behartigd worden? Tycho Jansen, wethouder economie en binnenvaart, vertelt u graag wat u mag verwachten, als u uw watergebonden bedrijf in deze maritieme topregio vestigt. ycho: “Als gemeente vinden wij het belangrijk om onze maritieme sector internationaal concurrerend te houden. Zwijndrecht trekt van oudsher binnenvaart aan. We zijn in dat opzicht een belangrijke speler in Nederland. Het is dan ook geen toeval dat Koninklijke BLN-Schuttevaer, dé brancheorganisatie van en voor de binnenvaart, in Zwijndrecht te vinden is. Op de oevers van ons drierivierenpunt zijn, naast de vele binnenvaarders, veel dienstverlenende bedrijven actief die de binnenvaart bedienen. Van verladers en transporteurs tot ontwikkelaars en verzekeraars. Ook de maritieme maakindustrie tiert hier welig, net als in de rest van de regio Drechtsteden. Dat bouwen we graag verder uit.” Een ijzersterke keten Dat de maritieme sector in dit gebied zo sterk is en nog steeds groeit, verbaast Tycho niet: “Ondernemers op onze oever profiteren van onze gunstige ligging. Alle watergebonden bedrijven in Zwijndrecht liggen op een steenworp afstand van het drierivierenpunt, het meest bevaren rivierenknooppunt van Europa. We hebben een directe verbinding met de zee, met het Europese achterland en sluiten aan op het havencomplex van Rotterdam. Dankzij goede contacten kunnen ondernemers hier de vruchten plukken van zowel de samenwerking met de Drechtsteden, als met het 52 - Havenlocaties 2019

Rotterdamse. Ze maken met hun bedrijf onderdeel uit van een ijzersterke keten.” Ondersteuning die werkt “Het mooie van Zwijndrecht”, zo vindt Tycho, “is dat ondernemen hier op grote schaal kan en dat je tegelijkertijd kunt rekenen op een persoonlijke ondersteuning, die juist kleinschalig aandoet. We denken met ondernemers mee. En dat niet alleen… we doén ook met hen mee. Dat werkt.” Uw onderneming een succes Wat betekent dat precies, meedenken en -doen? Tycho: “Dat kan van alles betekenen. Waar het om gaat, is dat we realiseren wat we kunnen, om ondernemers vooruit te helpen. Van vuilcontainers aan de wal tot en met het uitdiepen van havens. Ook het afhandelen van vergunningen laten we soepel en zo snel mogelijk verlopen. Tijd is geld. Dat begrijpen wij als geen ander. Nieuwe ondernemers begeleiden we vanuit ons Ruimtelijk Intake Team”, vertelt Tycho. “Zij bespreken met de ondernemer wat hij of zij nodig heeft om van de onderneming een succes te maken.” Geschikt personeel Goed om te weten, voor u als ondernemer, is dat de gemeente Zwijndrecht denkt in kansen en uitdagingen. Tycho: “Maritieme ondernemers in het hele land geven aan, dat het moeilijk vinden van geschikt personeel de bedrijfsvoering in de weg zit. We hebben daarom contact gelegd met onze lokale VMBO-school en met de Koninklijke BLN Schuttevaer. Het resultaat? Vanaf deze zomer is er voor VMBO-leerlingen in Zwijndrecht ook een pakket, gericht op de binnenvaartsector. Dat vergemakkelijkt de doorstroming naar Mbo-opleidingen voor deze sector. Zo helpen we de binnenvaart én onze jongeren aan een mooie toekomst.” Kansen op het water “Een grote kans die we zien voor alle bedrijven op onze oever is het vervoer over water. We zijn als gemeente en als regio goed ontsloten over de weg en via het spoor. Dat danken we aan de A15, A16 en N3, aan de vele sporen en aan ons rangeerterrein, Kijfhoek.” Dat is het grootste rangeerterrein van Nederland. “En toch, ondanks deze mooie bestaande voorzieningen, zien we volop kansen in het vervoer over water. Het ligt voor onze deur en biedt nog heel veel ruimte. Het grootste voordeel? Centre of Excellence Sinds 2018 vindt u in Zwijndrecht het Binnenvaart Centre of Excellence. Daarin pakken ondernemers samen projecten op, gesteund door kennisinstellingen, innovatiecentra en branche organisaties. Er vinden bovendien workshops en innovatie-activiteiten plaats. Wilt u met branchegenoten een project oppakken, of kennis uitwisselen over brandstofkeuze, scheepsautomatisering, ladingdata, technische regelgeving of het personeel van de toekomst? Bezoek het Binnenvaart Centre of Excellence, Lindtsedijk 14b. Contact Cees-Willem Koorneef E koorneef@bcoe.nl T 06 236 93 774 Uw bedrijf in Zwijndrecht vestigen? Team Economie van de gemeente Zwijndrecht helpt u graag verder. Caroline Oster Nanneke Joosen Bert van Hemert Gerard Keuzenkamp Gert Smits (078) 770 35 90 (078) 770 36 88 (078) 770 36 20 (078) 770 35 78 (078) 770 37 14 Havenlocaties 2019 - 53 De vraag is nu alleen nog”, aldus Tycho, “wat ondernemers nodig hebben, om van die voordelen gebruik te kunnen maken. Daarover gaan we in gesprek. Wat kunnen wij bijdragen, zodat bedrijven in Zwijndrecht tegen aantrekkelijke kosten hun goederen over water kunnen vervoeren? We vinden het uit en zullen, samen met de Provincie Zuid-Holland en met de landelijke overheid, doen wat we kunnen.” Innoveren met een steun in de rug “Kenmerkend voor Zwijndrecht, is ook dat we startups én bestaande MKB-bedrijven ondersteunen bij innovaties. We hebben nauwe contacten met de ‘Campusontwikkeling Leerpark’ en de ‘Fieldlab Smart Industry Duurzaamheidsfabriek’ in Dordrecht. Dat is een krachtenbundeling tussen bedrijfsleven, onderwijs en overheid. De Duurzaamheidsfabriek staat voor onderwijs in de praktijk, voor een nieuwe generatie technici en voor nieuwe duurzame maritieme technologie. Het machinepark biedt de mogelijkheid om op een hoog niveau producten te produceren. Het jonge potentieel neemt graag de innovatiemogelijkheden in uw sector onder de loep. Vanuit het Leerpark worden bedrijven desgewenst begeleid naar een passend fonds voor groei en innovatie. Ik hoop van harte dat u als ondernemer uw voordeel met ons totaalpakket zult doen.” << Rivieren kennen geen files, zijn direct verbonden met andere grote steden en zijn geschikt voor grote transporten. Wethouder Tycho Jansen, Gemeente Zwijndrecht

Synergie voor maritieme bedrijven op Schokbeton-terrein Op het punt waar de rivieren Noord, Oude Maas en Beneden-Merwede samenkomen, ligt aan de zuidkant van Zwijndrecht een bedrijventerrein van circa 7,6 ha. Ooit maakte betonfabriek Schokbeton er naam met zijn prefab betonelementen. Het terrein wordt al enkele jaren niet meer gebruikt. Nu neemt Deen Shipping, samen met de gemeente Zwijndrecht, het voortouw om er nieuw leven in te blazen. 54 - Havenlocaties 2019 H et terrein beschikt over twee havens: de Uilenhaven en de Schokhaven. “Een unieke situering die veel mogelijkheden biedt voor allerlei watergebonden activiteiten“, zegt Jacinta Moonen van Deen Shipping. “Denk aan het inrichten van een servicekade voor kortdurende reparaties. We zetten in op de juiste combinatie van maritieme bedrijven die elkaar kunnen versterken, zodat er synergie ontstaat.” Havenman van het Jaar Gerard Deen richt in 1980 samen met zijn echtgenote Monique en zijn schoonvader Ton Jegen de maatschap Jegen & Deen op. Monique en Gerard gaan varen met hun eerste tanker van 973 ton. Gerard blijkt een ondernemend type: door de jaren heen breidt hij uit met meerdere schepen. In 2011 ontwikkelt en bouwt hij samen met Pon Power de eerste LNG-aangedreven tanker. Hij ontvangt als eerste binnenvaartondernemer de titel ‘Havenman van het Jaar’. Maritiem cluster “Het klopt dat het ontwikkelen van een bedrijventerrein een nieuwe tak van sport voor ons is”, zegt Moonen. “Het is best spannend, maar

tegelijkertijd ook heel leuk om mee bezig te zijn.” En misschien is het ook wel niet zo vreemd als het in eerste instantie lijkt. De gemeente Zwijndrecht wil graag een maritiem cluster op de locatie. Deen Shipping is de afgelopen veertig jaar gepokt en gemazeld in de binnenvaart en bouwde een omvangrijk netwerk aan maritieme bedrijven op. Het bedrijf heeft eigen schepen en biedt ondersteunende diensten aan andere rederijen. Dat alles bij elkaar maakt dat Deen juist prima geschikt is om het Schokbetonterrein opnieuw in te vullen, zegt Moonen. Kwaliteitscriteria “We verhuizen ons kantoor op termijn naar het monumentale kantoorgebouw. Er is al een gegadigde die in het oude fabrieksgedeelte een nieuwe betonfabriek wil starten. En er is al veel belangstelling van allerlei partijen die kansen zien om een deel van het terrein opnieuw in te vullen.” De kenmerken op een rijtje • Grond: ca. 7.6 ha • Water: ca. 1,6 ha, verdeeld over twee havens • Milieucategorie 3.1 (bij de dijk) - 4.1 (bij de Oude Maas) • Kade Schokhaven ca. 140 m¹ kadelengte / ca. 18 m¹ talud • Kade Uilenhaven ca. 200 m¹ kadelengte / ca. 85 m¹ talud • Goede ontsluiting via spoor, weg en water • Strategische locatie voor maritieme en industriële bedrijvigheid Van Vliet Bedrijfsmakelaars is ingeschakeld om de herontwikkeling en verhuur van het terrein te begeleiden. Voor informatie kunt u contact opnemen met John Zandbergen (kantoor 0180 43 43 43 / mobiel 06 55 180 700). www.vanvliet.net Havenlocaties 2019 - 55 De gemeente stelt wel een aantal voorwaarden aan potentiële gebruikers, zegt Moonen. Het moet gaan om bedrijven met watergebonden activiteiten, om maritieme maakindustrie, om bedrijven die theoretische en praktische geschoolde vakmensen nodig hebben, er moet een economische spin-off zijn naar de rest van de Drechtsteden-regio en er moet innovatieve R&D plaatsvinden. “Dat hoeft niet allemaal binnen één bedrijf te gebeuren, het zijn kwaliteitscriteria voor het hele cluster.” Veel mogelijkheden Op het moment van schrijven loopt er een haalbaarheidsonderzoek. Vragen die in het onderzoek beantwoord moeten worden, zijn onder meer: wie zijn de potentiële gebruikers, wat is de status van de bodem, de kade en de gebouwen en hoe ziet de businesscase eruit? “Het klopt dat het terrein er op dit moment nogal verwaarloosd bijligt. Dat moeten we dus goed in kaart brengen. De constructies van de loodsen, magazijnen en kantoorgebouwen zijn nog goed. De panden moeten wel aangepast worden aan de huidige maatstaven. De Uilenkade is enkele jaren terug volledig gerenoveerd en verkeert in prima staat. Al met al zijn er heel veel mogelijkheden om het terrein en de gebouwen opnieuw in te richten.” Deen zorgt in samenwerking met Van Vliet Bedrijfsmakelaars dat de basis op orde komt en dat er in overleg met toekomstige gebruikers maatwerk geleverd kan worden. “De gemeente stelt zich welwillend op en doet het maximale voor de toekomstige gebruikers om binnen de gestelde kaders hun ‘rode loper’ beleid uit te rollen” <<

Havenlocaties voor circulaire en distributieconcepten Illustraties uit de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag Bart Kuipers, Erasmus UPT Havenlocaties bevatten waterge- en -verbonden bedrijventerreinen De vele binnenhavens die jaarlijks in ‘Havenlocaties Nederland’ worden besproken bestaan in feite uit watergebonden bedrijventerreinen. Een watergebonden bedrijventerrein is een terrein aan een vaarweg met een kade om goederen te laden of te lossen in of uit een binnenvaartschip. Deze overslag kan met een vaste of mobiele overslaginstallatie op de kade plaatsvinden of met een kraan op het schip. Op een watergebonden bedrijventerrein zijn watergebonden bedrijven gevestigd. Een watergebonden bedrijf gebruikt de binnenvaart voor het vervoer van grondstoffen, halfproducten of eindproducten. Er zijn enkele bedrijven die al hun goederen laten aan- en afvoeren over water maar de meeste bedrijven voeren hun grondstoffen aan over water en verspreiden de verwerkte producten vervolgens met behulp van wegtransport – denk aan een betoncentrale. Een dergelijk bedrijf is voor 50% watergebonden. Wij noemen een bedrijf watergebonden als tenminste 20% van de gecombineerde aan- en afvoer via de binnenvaart wordt vervoerd. Naast watergebonden zijn er ook waterverbonden bedrijven op bedrijventerreinen aan te wijzen. Dit zijn bedrijven die afhankelijk zijn van de binnenvaart zonder dat deze bedrijven aan water zijn gevestigd. Een ander Tabel 1. Typering van bedrijventerreinen naar mate van waterge-/-verbondenheid Hoeveelheid goederen via binnenvaart Meer dan 50 % Tussen 25 en 50% Minder dan 25% bedrijf verzorgt voor het waterverbonden bedrijf de overslag; denk aan een containerterminal die voor een distributiecentrum dat op het bedrijventerrein is gevestigd containers over slaat. In tabel 1 karakteriseren wij bedrijventerreinen naar de mate van waterge-/-verbondenheid. Watergebonden bedrijventerreinen steeds minder watergebonden De mate van waterge- en -verbondenheid is in de loop van de jaren afgenomen bij veel bedrijventerreinen. Een groot deel van dergelijke bedrijventerreinen is steeds minder als echte havenlocatie te karakteriseren. Traditioneel kenden deze terreinen veel bouwbedrijvigheid of verwerkende industrie. Denk bijvoorbeeld aan een bedrijventerrein als Binckhorst in Den Haag dat in de jaren zestig een industriële locatie was met actief gebruik van de binnenhavens. Het terrein is nu opvallend doordat er innovatieve, creatieve en culturele bedrijvigheid is gevestigd, zoals in de Caballero Fabriek. M.J. De Groot Zandhandel: voorbeeld van watergebonden bedrijvigheid Typering van het bedrijventerrein Sterk waterge-/-verbonden Gemiddeld waterge-/-verbonden Gering waterge-/-verbonden Eén binnenhavenarm in Binckhorst is inmiddels jachthaven geworden en kan niet meer worden benut door de binnenvaart. Veel traditioneel watergebonden bedrijven zijn overgestapt naar het wegvervoer vanwege logistieke redenen en hebben hun overslagfaciliteiten ontmanteld. Andere watergebonden bedrijven zijn verhuisd naar grotere terreinen zoals op een distripark in de Rotterdamse haven en veel industrie is verdwenen door algemene processen van de-industrialisatie. Dit betekent dat de vraag naar watergebonden terreinen is afgenomen. Tegelijkertijd hebben veel gemeenten ook allerlei andere activiteiten op traditioneel watergebonden bedrijventerreinen toegelaten zoals detailhandel. Op bedrijventerrein Binckhorst is geen ruimte beschikbaar en is geen toekomst voorzien met een traditioneel watergebonden karakter. In de toekomst kan echter de vraag naar watergebonden bedrijventerreinen weer toenemen door twee belangrijke nieuwe uitdagingen. De eerste uitdaging is de circulaire economie – met als zwaartepunten bouwlogistiek, recycling en overslagstations voor afval. De tweede uitdaging is de behoefte aan nieuwe vormen van innovatieve stedelijke distributie met inschakeling van de binnenvaart. Is er ruimte beschikbaar op de bestaande bedrijventerreinen voor deze vernieuwende uitdagingen? Inventarisatie in Metropoolregio Rotterdam-Den Haag In opdracht van de Metropoolregio RotterdamDen Haag (MRDH) zijn 39 watergebonden bedrijventerreinen in de Metropoolregio door ons1 onderzocht. Daarbij is gekeken naar: 1. de mate waarin zij waterge- dan wel -verbonden zijn; 2. wat de dominante activiteiten zijn die gebruik 56 - Havenlocaties 2019

Sloopbedrijf Oranje BV. Flexibele overslaginfrastructuur voor de binnenvaart Martijn Vermeer. Circulair-maritieme maakindustrie. Ambachtelijk bedrijf: rolmodel voor circulaire economie. maken van de binnenvaart op de terreinen; 3. wat de geplande toekomst van de terreinen is; 4. wat de te verwachten vraag naar waterge-/verbonden circulaire en stedelijke logistieke activiteiten in de regio is; 5. waar die activiteiten het beste kunnen plaatsvinden. Voor elk van de 39 bedrijventerreinen is een factsheet gemaakt – waar hier ter illustratie een aangepaste sheet voor Spaanse Polder is weergegeven. Deze factsheets zijn voorgelegd aan de contactpersonen van de regiogemeenten, zodat een gedragen beeld is ontstaan. De 39 onderzochte bedrijventerreinen zijn in totaal goed voor een bruto oppervlakte van 1145 hectare. Van de 1145 hectare is 125 hectare niet meer beschikbaar om de toekomstige waterge-/verbonden vraag te faciliteren doordat het bedrijventerrein een andere bestemming heeft gekregen – doorgaans wonen of kantoorgebied. Dit betreft bijvoorbeeld bedrijventerrein Plaspoelpolder in Rijswijk, Schiehaven in Rotterdam en het haventerrein van Spijkenisse in de gemeente Nissewaard. Daarnaast is het voor 91 hectare momenteel onduidelijk in hoeverre ook in de toekomst een waterge- dan wel -verbonden karakter zal worden gehandhaafd of dat woningbouw, recreatie of kantooractiviteiten daar plaats zullen vinden. Dat betekent dat 929 hectare waterge-/-verbonden bedrijventerreinen resteert. Ter illustratie zijn in tabel 2 de tien grootste bedrijventerreinen in de MRDH weergegeven. Wij karakteriseren deze 929 hectare met drie hoofdgroepen. • Grote, gemengde stedelijke waterge-/-verbonden bedrijventerreinen zoals Binckhorst in Den Haag en Spaanse Polder in Rotterdam. • Belangrijke bedrijventerreinen voor de scheepvaart en het maritieme cluster zoals Stormpolder in Krimpen aan den IJssel of de Wilhelminahaven in Schiedam. • Een grote hoeveelheid kleinere bedrijventerreinen die zand- en grindoverslag, scheepsbouw of recyclingactiviteiten herbergen, zoals de Koggehaven in Vlaardingen of de IJsseldijk in Capelle aan den IJssel. In ons onderzoek adviseren wij in verreweg de meeste gevallen het waterge-/-verbonden karakter van deze bedrijventerreinen te handhaven of zelfs te koesteren. Dat is belangrijk omdat het hier gaat om terreinen met belangrijke economische activiteiten en bedrijvigheid die mogelijkheden biedt voor verdere ontwikkeling. Kansen voor circulaire activiteiten en stedelijke distributie Op basis van gesprekken met experts hebben wij de ruimtevraag vastgesteld voor de toekomstige waterge-/-verbonden circulaire en stedelijke distributieactiviteiten. Zij voorzien tot 2030 geen honderden hectares voor dergelijke activiteiten. Voor watergebonden stedelijke distributie gaat het om faciliteiten van 10-20 hectare. Voor circulaire economie om 2-4 hectare maximaal per bedrijventerrein, vooral gericht op de overslag naar grotere verwerkingslocaties in de zeehavens. Er zijn ongeveer drie van deze terreinen nodig in de MRDH, aangevuld met kleine overslaglocaties. Hierbij gaat het in totaal om ongeveer 30-60 hectare in de MRDH tot 2030. Deze 30-60 hectare moet worden gevonden binnen de bestaande voorraad waterge-/-verbonden bedrijventerreinen van 929 hectare. Het is dus belangrijk om de voorraad aan te passen aan de vraag naar stadsdistributie en de circulaire economie tot 2030. Daarnaast is een omvangrijke hoeveelheid terrein benodigd voor niet-watergerelateerde toepassingen voor stedelijke distributie en circulaire economie. Het bureau Metabolic2 heeft onderzoek verricht naar de circulaire economie voor Rotterdam en neemt in het centrum van Rotterdam en langs de A20 circulaire ontwerp- en digitale activiteiten waar en in Spaanse Polder en Waalhaven Zuidzijde vooral productlevenverlengende activiteiten. Wij zien in het bijzonder drie waterge-/-verbonden bedrijventerreinen die een belangrijke rol kunnen spelen in het faciliteren van toekomstige kansen. Ten eerste bedrijventerrein Binckhorst in Den Haag. Dit gebied achten wij kansrijk voor zowel een cargohub voor stedelijke distributie als een bouwhub voor de belangrijke stedelijke bouwopgave. Dit past ook bij het beoogde circulaire karakter van de Binckhorst, maar binnen Den Havenlocaties 2019 - 57

Bedrijventerrein Spaanse Polder Binckhorst Plaspoelpolder Wilhelminahaven Gemeente Bruto oppervlakte (hectare) Rotterdam Den Haag Rijswijk Schiedam Donkersloot-Noord Ridderkerk Stormpolder Schieoevers Zuid Deltagebied Vijfsluizen DSM-terrein Delft Vlaardingen Schiedam Delft Krimpen a/d IJssel 115 98 96 88 87 85 46 40 36 35 Watergebonden 1% 5% 0% 61% 2% 26% 2% 34% 31% 50% Waterverbonden 0% 4% 0% 4% 22% 1% 0% 0% 3% 0% Kansrijkheid stedelijke distributie Stadsdistributie centra (10-20 ha) Stadsdistributie centra (10-20 ha) Nee Nee Nee Nee Kansrijkheid circulaire economie Bouwhub (2-4 ha) Bouwhub (2-4 ha) Nee Circulaire ontwerp en bouw (onderhoud) in maritieme maakindustrie Nee Circulaire toepassingen in maritieme maakindustrie Distributiehub (2-4 ha) Circulaire toepassingen rond afvallogistiek. Nee Mogelijk uitbouw recycling Nee Nee Circulair ontwerp en bouw (onderhoud) maritieme maakindustrie Potentiële mogelijkheden circulaire toepassingen chemie Tabel 2: Tien naar oppervlakte gemeten grootste waterge-/-verbonden bedrijventerreinen in de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag met hun karakteristieken en belangrijkste kansen tot 2030 voor circulaire en stedelijke distributieactiviteiten met gebruik binnenvaart (inclusief ruimtebeslag). Haag is ook de Fruitweg een goed alternatief. Ten tweede Schieoevers Zuid in Delft. Dit gebied kan fungeren als een beperkte cargohub voor stedelijke distributie en een locatie voor circulaire activiteiten. Ten derde Spaanse Polder in Rotterdam. Dit bedrijventerrein is kansrijk als cargo- en bouwhub voor Rotterdam. Dit betekent dat de vaarweg de Schie een circulair-logistieke ader is die Spaanse Polder en Binckhorst verbindt in de MRDH. Naast nieuwe bedrijven zijn er ook bestaande watergebonden ondernemers met potentie voor circulaire processen. Het gaat daarbij vooral om de maritieme sector en om levensduurverlenging van schepen en om mogelijke combinaties met circulaire activiteiten, waarbij recycling en bouwlogistiek er uit springen. Krommenhoek Metals: metaalrecycling en sloop: potentie voor binnenvaart? Insteekhavens Spaanse Polder. Slechts enkele kades beschikbaar maar wel potentie voor versterken watergebonden karakter. Welke voorwaarden zijn er van belang? Het is noodzakelijk dat gemeenten actief gaan sturen op afvalscheiding en het faciliteren van innovatieve distributieconcepten. Het gaat daarbij om de ontwikkeling en toepassing van vernieuwende logistiek. De aanzienlijke verzorgingsgebieden vereisen namelijk nieuwe logistieke concepten door logistieke dienstverleners en verladers gericht op de ‘last mile-belevering’. 1) E. Becker en B. Kuipers (2018) De potentie van watergebonden bedrijventerreinen in de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag. Rotterdam: Erasmus UPT. Te downloaden op: https://mrdh.nl/ 2) Metabolic, Circle Economy, Blue City, Spring Associates (2018) Circulair Rotterdam. Kansen voor nieuwe banen in een afvalvrije economie, Amsterdam: Metabolic 3) ‘Rotterdam wil afval in tien jaar tijd halveren’. Persbericht Gemeente Rotterdam, 1 maart 2019. 58 - Havenlocaties 2019

Voorbeeld Spaanse Polder: bedrijventerrein met circulaire potentie Spaanse Polder is een omvangrijk bedrijventerrein van 115 hectare, ontwikkeld vanaf de jaren vijftig en gelegen tussen de Delfshavense Schie, de Schiedamse Schie en de spoorlijn tussen Rotterdam en Schiedam. Kenmerkend is de Van Nelle fabriek (jaren twintig). Spaanse Polder is nu een gemengd bedrijventerrein met veel groothandel, autobedrijven, recycling, food (zoals Verstegen specerijen, Sligro, Zegro, Schmidt Zeevis) en diverse technische bedrijven. Ook is er een vestiging van online supermarkt Picnic gevestigd en het grootste depot in ons land van pakketvervoerder GLS – onder meer actief in ecommerce thuisbelevering. Uit een inventarisatie van de kenmerkende binnenhavenarmen van het bedrijventerrein (zie kaartje) blijkt dat er vier bedrijven actief gebruik maken van de binnenvaart: de bouwbedrijven Mebin (1) en M.J. de Groot Zandhandel (2), het sloopbedrijf Oranje (6) en Martijn Vermeer (4). Martijn Vermeer is een voorbeeldbedrijf op het gebied van circulaire economie. Het is een multifunctioneel maritiem maakbedrijf op het gebied van hout- en metaalbewerking, gevestigd in een binnenvaartschip dat naast een van de openbare kaden is gelegen. Het bedrijf restaureert onder anderen scheepswrakken die in veel havens in vergeten hoekjes liggen te vergaan en rust deze schepen desgewenst uit met een elektrische motor. Met deze vorm van ambachtelijke maritieme maakindustrie is Martijn Vermeer het grootste bedrijf in zijn soort in ons land. Het past perfect in Spaanse Polder en in de circulaire ambities van de gemeente Rotterdam.3 De meeste oevers in de havenarmen in Spaanse Polder zijn niet geschikt voor overslag. Er is vaak geen goede kade. Hierdoor maakt een groot metaalrecyclingbedrijf als Krommenhoek Metals (5) geen gebruik van de binnenvaart. Wel is er een kleine jachthaven in Spaanse Polder gevestigd (3). 1. Mebin: betoncentrale 2. M.J. de Groot Zandhandel 3. Jachthaven 4. Martijn Vermeer: maritieme maakindustrie 5. Krommenhoek Metals: metaal- en oud-ijzer recycling 6. Oranje BV: sloopaannemer en recycling Legenda Hoewel de kwaliteit van de Schie is vergroot door een bochtafsnijding, is de Giesserbrug mogelijk een belemmerende factor bij het stimuleren van watergebonden bedrijvigheid. Deze brug over de Delfshavense Schie werkt namelijk sinds 2017 niet meer. Onze conclusie is dat Spaanse Polder een kansrijk terrein is voor de vestiging van zowel een cargohub als voor een bouwhub. Als cargohub ligt Spaanse Polder strategisch tussen Rotterdam en Den Haag en is in feite de enige omvangrijke optie in het noorden van Rotterdam voor dergelijke concepten. Vandaar ook de vestiging van GLS. Het revitaliseren van de insteekhavens is wel een lange termijnactie. Ook voor bouwlogistiek lijkt Spaanse Polder aantrekkelijk, mede aansluitend op de omvangrijke woningbouwopgave in Rotterdam. Oranje (6), Krommenhoek Metals en Martijn Vermeer zijn voorbeelden van bedrijven in de Spaanse polder die al bezig zijn met circulair ondernemen. Een ander voorbeeld om meer te doen met te de wateraansluiting is het ‘Scheepshaltes op de Schie’ concept van de innovatieve binnenvaartondernemer Hans de Ruiter. Bedrijventerrein Spaanse Polder biedt veel aanknopingspunten om het circulaire programma ‘Van Zooi naar Mooi’ van de gemeente Rotterdam te faciliteren. Met name de voorziene ‘materialenhubs’ aan de rand van de stad kunnen er uitstekend gevestigd worden en kunnen tegelijkertijd meehelpen om het bedrijventerrein een vitale en duurzame uitstraling te geven. << Krommenhoek Metals: metaalrecycling en sloop: potentie voor binnenvaart?

Alles grijpt in elkaar in duurzame zeehaven Moerdijk Zeehaven Moerdijk groeit, vertelt commercieel manager Manon Baartmans van het Havenbedrijf Moerdijk. “Het volume groeit, het aantal schepen dat de haven aandoet neemt toe, evenals het aantal treinbewegingen. Tegelijkertijd zijn we bezig de haven te verduurzamen en dat levert op verschillende fronten winst op.” Moerdijk is het eerste gebied in Nederland dat het nieuwe duurzaamheidscertificaat BREEAM-NL Gebied in de wacht heeft gesleept. H Manon Baartmans avenbedrijf Moerdijk startte enkele jaren geleden met het structureel verduurzamen van de haven aan de hand van de eisen in de BREEAMcertificering. “Uitgangspunt in onze havenstrategie is dat groei alleen kan plaatsvinden als dat in balans gebeurt met de omgeving. Ecologisch verantwoord. En ondernemen voor de langere termijn.” Hoe meet je dat? Duurzaamheidskeurmerk BREEAM-NL bleek voor het havenbedrijf een goed middel om duurzaamheid te beoordelen. Naast het eigen kantoor en een nieuw te ontwikkelen logistiek park besloot het havenbedrijf het 2.635 hectare grote bestaande industrie- en havengebied van de haven te laten certificeren met het keurmerk.

Natuurontwikkeling Port of Moerdijk verwierf het BREEAM-certificaat vorig jaar. “We zijn het eerste en het grootste gebied dat het certificaat heeft. En dat is best bijzonder, want het is lastig om voor een bestaand gebied op alle aspecten voldoende te scoren. Wegen die al zijn aangelegd bijvoorbeeld, kun je lastiger verduurzamen.” Wat het havenbedrijf wel doet, is het toepassen van LED-verlichting, het hergebruik van materialen stimuleren en het onderhoud slimmer uitbesteden met eisen ten aanzien van hergebruik en duurzaamheid. Ook heeft het havenbedrijf 57 hectare op het Industrial Park Moerdijk aangewezen als tijdelijke natuur. Daarmee geeft het de natuur de ruimte om zich te ontwikkelen en versterken. “De eisen vanuit BREEAM helpen je om goed na te denken waar je mee bezig bent en op welke onderdelen je meer kunt doen. Het sluit bovendien goed aan op onze ambities in de havenstrategie.” Reststromen verwerken Voor Industrial Park Moerdijk zoekt de haven nieuwe bedrijven die reststromen verwerken, bijvoorbeeld plastics. Dat sluit perfect aan op de plannen van de mondiale alliantie tussen Shell en Lyondell om het hergebruik van plastics te stimuleren. Moerdijk heeft hiervoor nog een troef in handen: de Pyrolyseproeftuin Zuid-Nederland. In dit samenwerkingsverband van bedrijven, onderwijs en overheden wordt onderzocht of en hoe met de pyrolysetechniek reststromen omgezet kunnen worden in bijvoorbeeld een grondstof voor de chemische industrie. “De pyrolyseproeftuin is al twee jaar actief. Wij geloven erin. Om op te schalen heb je massa én ruimte nodig. De chemische industrie en afvalverwerkende industrie kunnen voor het volume zorgen, wij voor de ruimte. Daarmee is de circulaire cirkel mooi rond, want dit soort activiteiten is ook weer goed voor onze BREEAM-certificering.” Upgrade spoornetwerk Er is door het Rijk zeven miljoen euro beschikbaar gesteld voor het optimaliseren van het emplacement van de haven. Een belangrijke ontwikkeling, ook in het kader van duurzaamheid, zegt Baartmans. “Het is noodzakelijk voor groei. De uitbreiding van de shortsea-activiteiten komt onder andere door het succes van de Europese shuttletreinen. En die treinen zijn, met 740 meter, lang. Om deze lange treinen te faciliteren, realiseert ProRail daarom twee nieuwe sporen bij het huidige emplacement. Binnen twee jaar hopen we deze operationeel te hebben.” Logistiek knooppunt De karakteristieken van de haven zijn bekend, maar voor de zekerheid somt Baartmans ze op: “We zijn een duurzaam logistiek knooppunt van formaat; alle modaliteiten zijn hier volop aanwezig. Vorig jaar is West-Brabant weer uitgeroepen tot de nummer één Logistieke Hotspot van Nederland. De haven kenmerkt zich door de aanwezigheid van een groot aantal mkb-bedrijven, wat zorgt voor een bepaalde dynamiek en een hoge mate van ondernemerschap. En natuurlijk is onze ligging Havenbedrijf Moerdijk Plaza 3, 4782 SL Moerdijk T. 0168-388888 E. info@portofmoerdijk.nl W. www.portofmoerdijk.nl uniek: midden tussen de mainports.” Zeehaven Moerdijk heeft een diepgang van negen meter en kent een evenwichtige verdeling over alle segmenten: droge en natte bulk, stukgoed en containers. Er is nog steeds veel vraag naar logistieke kavels en het wachten is op groen licht voor de aanleg van Logistiek Park Moerdijk. “Zodra de Raad van State een positieve uitspraak doet, kan het snel gaan.” “We zien dat we als multimodaal knooppunt door steeds meer klanten gewaardeerd worden. Duurzaamheid staat overal op de agenda, iedereen denkt na over het vergroenen van zijn activiteiten en daardoor is multimodaal nog meer waard”, zegt Baartmans tot slot. “Je hebt altijd een verantwoordelijkheid ten aanzien van duurzaamheid. Het is ook een maatschappelijke opgave. Als ‘huisbaas’ moet je daar proactief mee bezig zijn. Onze inspanningen maken de haven niet duurder, integendeel. Het levert ons een hoop moois op.” << Havenlocaties 2019 - 61

Binnenhavens kunnen rol pakken in de energietransitie Er spelen veel belangrijke zaken in de transportsector en in de binnenvaart in het bijzonder, zegt Menno Menist van Panteia. De energietransitie en de rol van de havens daarin en de aard van de binnenvaartvloot zijn er twee. “Binnenhavens hebben een fantastische positie om vernieuwing te initiëren en tot stand te brengen.” P anteia verricht markt- en beleidsonderzoek. Transport en mobiliteit is één van de vijf hoofdthema’s waarover het onderzoeksbureau veel expertise in huis heeft. Panteia werkt vooral voor overheden, havenbedrijven en brancheorganisaties. “We zeggen niet wat de klant wil horen, we zeggen altijd de waarheid. We hebben nooit baat bij de uitkomst”, zegt Menist. Energietransitie De energietransitie is een onderwerp dat op de onderzoeksagenda staat. Menist: “Hoe kan de energietransitie in de binnenvaart tot stand komen? Welke kansen en valkuilen zijn er? Een kans is bijvoorbeeld dat een binnenhaven ook fungeert als laadplaats voor alternatieve energie. Een zorg is, dat de binnenvaartsector er niet in slaagt een gezond resultaat te behalen, waardoor het moeilijk is om te investeren in duurzamere motoren.” Inzichtelijk maken Wouter van der Geest, binnenvaartexpert bij Panteia. “We onderzoeken nu de mogelijkheden van energy as a service, waarbij schippers batterijcontainers kunnen leasen. Zo haal je de vaste kosten weg bij de schipper, wat goed is voor zijn liquiditeit. Dit is dichterbij dan je denkt.” Menist: “Er wordt volop geëxperimenteerd met nieuwe oplossingen en iedereen heeft of krijgt ermee te maken, ook de schipper en zijn klanten. Wij weten wat er speelt en hoe je het kunt toepassen. De eisen om emissieloos te varen, nemen alleen maar toe. Daar moet je als bedrijf op inspelen. En wat die nieuwe eisen betekenen voor de terminal operator, voor de rederij, de wegvervoerder en de logistieke dienstverlener; dat maken wij inzichtelijk.” Belangrijke rol Menist voorziet een belangrijke rol voor binnenhavens bij het aanbieden van alternatieve energie. “Een binnenhaven heeft altijd de combi scheepvaart en wegvervoer. Als je dat doortrekt en energie uit dezelfde grid aanbiedt aan beiden, dan heb je een mooie win-win. Wij kunnen Havenlocaties 2019 - 63

64 - Havenlocaties 2019

je misschien ‘breed’. Maar dan heb je te maken met bottlenecks, zoals sluizen. Die zou je moeten aanpassen.” Menist: “En dat is niet eenvoudig, dat klopt. Maar als je gaat vervangen en je bent je bewust van het probleem, dan kun je er rekening mee houden.” Onafhankelijk en praktisch Panteia heeft geen belang bij een onderzoeksresultaat, benadrukt Menist. “Wij zijn onafhankelijk en staan er neutraal in.” Daarnaast zijn de resultaten van een onderzoek altijd praktisch, zegt Menist. “Dat kan tot op het niveau van een stappenplan, bijvoorbeeld voor de keuze van een andere motor, de financiering ervan en het gebruik. Het kan extreem gedetailleerd tot op het niveau van de individuele schipper of een vaarroute.” Panteia kan dat omdat het beschikt over extreem veel data, modellen én domeinkennis. “Het lastige is om alles aan elkaar te knopen en de juiste analyses te maken en conclusies te trekken. Zonder domeinkennis kom je daar niet uit.” helpen om de businesscase te maken. En als de businesscase nog niet sluitend is, kunnen we helpen met het vinden van aanvullende financiering.” Extreme waterstanden Is de huidige binnenvaartvloot nog de juiste als je steeds vaker te maken hebt met extreme waterstanden? De huidige schepen zijn vooral gericht op hoog water, maximale belading en volle kracht stroomopwaarts varen, legt van der Geest uit. “Kan je dat ook anders organiseren? Dit is een onderwerp dat we zelf oppakken, er ligt geen opdracht. Maar we willen die kennis vergaren en ook delen met de sector. We brengen de effecten van niet kunnen varen in kaart en proberen alternatieven aan te dragen. Als je niet ‘diep’ kunt, moet De basis van de werkwijze van Panteia ligt in het hebben van onafhankelijke data, feiten én kennis. Menist, zonder een spoor van arrogantie of bluf: “We weten alles. Over vervoerskosten, bestemmingen, vaarroutes, volumes, emissies, energie en meer. We kennen alle logistieke ketens en weten ook waar en hoe ze kunnen samenwerken. We hebben de modellen waarmee we voorspellingen kunnen doen.” Als praktijkvoorbeeld noemt hij het project Blauwe Golf Twentekanalen, een internetplatform dat lege schepen en beschikbare vracht koppelt. Data van Panteia speelt hierin een belangrijke rol. Menist, tot slot: “Uiteindelijk helpen wij bedrijven om toekomstbestendig te zijn. Eisen en zorgen nemen toe, maar nieuwe kansen doen zich altijd voor.” << www.panteia.nl Havenlocaties 2019 - 65

BCTN-terminals: magneten voor duurzame en betrouwbare containerstromen

‘Ons doel is om uiteindelijk tot een emissieloze terminal te komen’ Joop Mijland BCTN is de grootste inland-containerterminalgroep in Nederland en België. Het bedrijf bestaat uit een betrouwbaar en duurzaam netwerk van acht terminals. Begin volgend jaar komt daar een negende bij. “Nee, dat is niet veel”, zegt directeur Joop Mijland. “We hebben juist profijt van ons netwerk en daarmee onze klanten ook.” “D oor ons volume hebben we vaste windows bij de deepsea-terminals in Rotterdam en vermijden we de congestieperikelen en de wachttijden. Daardoor bieden we onze klanten een betrouwbare dienstverlening met vaste aankomst- en vertrektijden”, vervolgt Mijland. Tegelijkertijd is het ook een voordeel voor de deepsea-terminals, want zij hoeven minder barges af te handelen. Netwerk opschalen Veertig procent van de aan- en afvoer van de deepsea-terminals gaat over het water. Aan de ‘voorkant’ worden de zeeschepen steeds groter, dus er is een noodzaak om het aan de ‘achterkant’ beter te organiseren. “Die veertig procent moet omhoog. Voor het verminderen van de drukte op de weg én om de milieubelasting te verlagen. Daarom is het opschalen van ons netwerk zo belangrijk.” Magneten Iedere BCTN-terminal heeft zijn specifieke kenmerken en een eigen verladers- of ontvangerspotentie. De terminals fungeren bovendien als bufferlocatie voor de volle en lege containers, waardoor BCTN volgens een heel betrouwbaar schema containers bij de klant kan afleveren, of ophalen. “We zien dan ook dat de ontwikkeling van Havenlocaties 2019 - 67

De terminals van BCTN In 1987 opende BCTN zijn eerste terminal in Nijmegen. Inmiddels zijn er ook terminals in Alblasserdam, Den Bosch, Roermond, Venray, Geel (B), Meerhout (B) en Beringen (B). In 2020 opent BCTN in Deventer de deuren van zijn negende terminal. De terminals zijn 24/7 open, de schepen varen dag en nacht. dc’s rondom onze terminals toeneemt. In Den Bosch is eind vorig jaar vlakbij onze terminal een nieuw dc gerealiseerd en daar komen er nog twee bij. In Nijmegen is er vlakbij de terminal tachtigduizend vierkante meter beschikbaar. De BCTN-terminals zijn magneten voor duurzame en betrouwbare containerstromen.” Identiteit Schaalgrootte is belangrijk, maar iedere terminal handelt vanuit zijn eigen identiteit en vanuit zijn eigen klantenkring. “De mensen maken hierin het verschil. Daarom investeren we flink in customer service. We willen gemotiveerde mensen die de klant proactief informeren over de logistieke stromen. Hiervoor hebben we de processen uitgewerkt en vastgelegd in handboeken. Iedereen is op cursus geweest en weet hoe hij of zij moet handelen in het belang van de klant.” De customerservice is centraal geregeld. In Nederland vanuit Nijmegen, in België vanuit Meerhout. Derde Lean & Green Star Ecologie, of duurzaamheid, is heel belangrijk voor BCTN, zegt Mijland. “BCTN ontving eind vorig jaar de derde Lean & Green Star als erkenning voor de CO2 -besparing die we realiseren. In heel Nederland zijn er maar tien bedrijven met drie sterren en onze terminal is de enige inland-terminal die dit heeft. Ons doel is om uiteindelijk tot een emissieloze terminal te komen. In Den Bosch zijn we - samen met onze klant Heineken - een eind op weg, door het optimaliseren van de operatie en het aanschaffen van nieuw, energiezuinig equipement. We hebben twee elektrische vrachtwa68 - Havenlocaties 2019 Meer informatie BCTN info@bctn.nl +31 24 374 3308 www.bctn.nl gens aangeschaft en zijn bezig met de bouw van twee elektrische schepen. In België analyseren we samen met een externe partij een bestaand schip met als doel een retro fit-pakket te ontwikkelen om duurzamer te kunnen gaan varen. Mogelijk wordt dat waterstof.” “Er wordt wel eens gezegd dat er te veel inland-terminals zijn, maar wij zijn een netwerk en we kunnen heel eenvoudig een nieuwe terminal aanhaken in het systeem en die profiteert dan direct van het vaarschema en de centrale customerservice.” Eind vorig jaar ging terminal nummer acht open in het Belgische Beringen. BCTN werkt daar voornamelijk voor logistiek dienstverlener Gheys, maar ook andere partijen zijn welkom, zegt Mijland. Bij de terminal in Venray/Wansum wordt het havengebied gereconstrueerd om de efficiency en effectiviteit te verbeteren, voor BCTN én voor de klant. De terminal in Nijmegen ontwikkelt zich steeds meer als logistiek centrum. “We hebben de wind in de zeilen, met een betrouwbaar netwerk, een operatie die steeds duurzamer wordt en terminals die aantrekkelijk zijn voor logistieke dienstverleners om zich bij te vestigen.” << Connecting the Flows

Vertrouwen moet je verdienen. Daarom zijn de database en de referentiedatabase van NVM Business, met alle gegevens over de commerciële vastgoedmarkt, beschikbaar voor onze leden. Of het nu gaat om de markt voor het mkb of die voor corporates. Wij vinden het belangrijk dat onze leden toegang hebben tot al onze kennis en data. Dat komt het vertrouwen in ons ten goede.

Wessem Port Services Group BV Dé logistieke Hotspot in Limburg voor bulkdistributie, handling en recyclingactiviteiten D e 4 eigen havenlocaties van Wessem Port Services Group zijn allemaal gelegen aan de Vb –vaarwegen van de Maas, Juliana-kanaal en Albertkanaal en vormen daarmee een belangrijke verbinding tussen de zeehavens en het Europese achterland met haar grote industrie-clusters, zoals bijvoorbeeld Chemelot. Tel daarbij op de 24-uurs sluisbediening, de aanwezigheid van een grote overslagcapaciteit, de 2,5 km kadelengte, de 30 Ha eigen bedrijfsterreinen en 35.000 m2 overdekte opslagruimte, dan spreken we over een moderne keten van zelfstandige binnenhavens met een complete draaischijf voor droge bulkladingen. 70 - Havenlocaties 2019 In de afgelopen 50 jaren is er bij Wessem Port Services (WPS) bijzonder veel geïnvesteerd om allerlei vormen van moderne overslag, opslag en transport mogelijk te maken. Sinds de oprichting in 1968 heeft het Limburgse familiebedrijf zich steeds verder weten te ontwikkelen tot een allround logistieke dienstverlener en ketenregisseur voor droge bulkladingen. Met deze schat aan ervaringen is WPS voor vele gerenommeerde zeehavenbedrijven en haar industriële klanten in de Benelux en Duitsland de ideale poort voor bulkdistributie in het achterland. De totale overslag is in de afgelopen jaren gestegen tot boven de 4,5 miljoen ton, dit

mede dankzij haar zakenpartners die actief zijn in industrieën zoals bijvoorbeeld chemie, biomassa, bouw, infra, recycling, mineralen, metaal etc. De scheepsladingen tot ca. 3.000 ton kunnen direct gelost worden op de kades, vloeistofdichte terreinen, in vrachtwagens en uiteraard in vlakloodsen. Ook zijn er mogelijkheden om per spoor bulkladingen af te handelen. Het transport naar haar klanten in de regio of in het Europese achterland kan uitgevoerd worden met een eigen vloot van bulkkippers en walking-floors. Daarnaast biedt WPS, met haar uitgebreide vergunningen en moderne machinepark, diverse mogelijkheden aan om grondstoffen of nevenstromen te shredderen, breken, zeven, (her)verpakken in Big Bags of zelfs te verbulken. Kortom, de moderne binnenhavens van WPS zijn prima geoutilleerd om de groeiende goederenstroom en de behoefte aan grondstofbewerkingen in goede en duurzame banen te leiden. << Havenlocaties Havenlogistiek Wessem Port Services Stein BV Wessem Port Services Maastricht BV Wessem Port Services Wessem BV Wessem Belgium NV Lanaken Bulk overslag Verbulken en verpakken Breken, zeven, mengen Recycling Wessem Port Services Group BV T +31 46 474 7777 info@wessem.com www.wessem.com Havenlocaties 2019 - 71

taxaties & advies Een betrouwbare taxatie van commercieel vastgoed veronderstelt ervaring en deskundigheid. Maar net zozeer inzicht in de branche en in de lokale en regionale vastgoedmarkt. Bossers & Fitters vertelt u precies waar het op staat. Beleggers, projectontwikkelaars, financiers, overheden en eindgebruikers vertrouwen op de eenduidige waarderingen van onze (register)taxateurs. Onze taxatierapporten zijn helder, objectief en uitstekend gedocumenteerd. Wij taxeren kantoren, winkels, bedrijfsruimten, beleggingen, beleggingswoningen, logistieke complexen en combinatiegebouwen. Maar ook specifieke objecten als horeca- en leisure-vastgoed en grondposities. Volstrekt onafhankelijk. Daarmee bieden we een solide en verantwoorde basis voor onder meer: Onze taxateurs zijn ingeschreven bij de Stichting VastgoedCert, aangesloten bij het Taxatie Management Instituut (TMI), lid van de beroepsvereniging voor vastgoedprofessionals VastgoedPro en tevens lid van het NRVT. Taxateur Bjorn Dirix bjorn@bossers-fitters.nl 06 – 18 44 64 98 • Aanvaag of beoordeling hypothecaire (her)financiering • Aan- en verhuurbeslissingen • Aan- en verkoopbesluiten • Interne doeleinden (jaarcijfers, fiscaliteiten) • Vaststellingsovereenkomst belastingdienst • Contra-expertise WOZ • Residuele grondwaardebepalingen • Periodieke canonherziening bij erfpacht • Arbitrage bij huurprijsgeschillen Bossers & Fitters, als u zeker wilt weten wat uw vastgoed waard is. Taxateur Rob Sanders RT taxrob@bossers-fitters.nl 06 – 13 62 37 41 NRVT registratienummer RT338997714 Taxateur Bas Deitmers RT bas@bossers-fitters.nl 06 – 13 35 25 49 NRVT registratienummer RT341514024 AAN- EN VERKOOP | AAN- EN VERHUUR | BELEGGINGEN | TAXATIES | ADVIES | NIEUWBOUW BOSSERS & FITTERS Taxaties B.V. Beemdstraat 48 5652 AB Eindhoven T. 040 250 70 66 www.bedrijfshuisvesting.nl www.bossers-fi tters.nl taxatie@bossers-fi tters.nl

DUURZAAM MULTIFUNCTIONEEL BEDRIJVENPARK ZEVENELLEN Duurzaam Multifunctioneel Bedrijvenpark Zevenellen (DMBZ) is gelegen aan de Roermondseweg te Haelen. Het terrein met een oppervlakte van circa 38 hectare ligt in de gemeente Leudal in Midden-Limburg. Ideaal gelegen op korte afstand van de A2 en de A73 én direct aan de Maas. Met deze sleutelpositie is de connectie tussen Noord- en Zuid Limburg én Noord-Brabant ideaal. België en Duitsland liggen op een steenworp afstand. Denk daarbij ook aan het Ruhrgebied en de internationale havens van Antwerpen en Rotterdam. Het park biedt ruimte aan bedrijven met activiteiten zoals logistiek, opslag, distributie, circulair en biobased ondernemen. De aanwezigheid van een haven, aan de Maas, en de centrale ligging bieden tal van mogelijkheden voor ambitieuze bedrijven. Het terrein wordt momenteel duurzaam herontwikkeld door OML BV. en biedt volop kansen voor geïnteresseerde partijen. Er zijn diverse studies gedaan naar het gebruik van de haven. Er is nog geen definitief ontwikkelplan bepaald waardoor de investeerder/eindgebruiker nog volop inspraak heeft op de invulling van de haven en bijbehorende terreinen. In totaal is 38 ha bedrijventerrein beschikbaar in kavels vanaf 5000 m2 2020. Koop en erfpacht mogelijk. . Oplevering vanaf Q1 Grijpt u deze kans? Meer informatie of inschrijven nieuwsbrief: www.oml.nl Direct contact? info@oml.nl of 0475-426242 Verkaveling Bedrijvenpark Zevenellen DMBZ via het water

Nieuwe haven Wanssum onderdeel grootste gebiedsontwikkeling van Nederland Robuuste samenwerking Blueports Limburg Limburg is een logistieke hotspot in Europa. Spoor, weg en binnenvaart vullen elkaar goed aan. De Maas, die nu wordt verbreed, en de vijftien gemeentelijke binnenhavens nemen in dat logistieke speelveld een belangrijke plaats in. BluePorts Limburg, het samenwerkingsverband van de havengemeenten, Ontwikkelingsmaatschappij Midden-Limburg, Provincie Limburg en Rijkswaterstaat, constateert dat de robuuste alliantie haar vruchten afwerpt. 74 - Havenlocaties 2019 D oorstroming, duurzaamheid, verkeersveiligheid, grenzeloos, leefbaar, effectief en efficiënt. Dat zijn de centrale thema’s in het logistieke beleid in Limburg. Ze komen onder meer goed van pas in het beteugelen van de congestie van vrachtwagens op de weg, waar het goederenvervoer over water in populariteit groeit en voor minder CO2 zorgt. Mede om die reden werkt Rijkswaterstaat aan de Maasroute - als een van de belangrijkste scheepvaartverbindingen binnen Europa - om die geschikt te maken voor grotere binnenvaartschepen (klasse Vb). Rijk en Provincie zetten zwaar in op modal-shift, van weg naar water. Limburg speelt daarin een voortrekkersrol door ook samen met de provinciale Brightlands-campussen in te zetten op logistieke digitalisering en het gebruik van big data. Zeehavens Het samenwerkingsverband Blueports Limburg omvat (meerdere) havens in Gennep, Venlo, Venray, Leudal, Roermond, Weert, Maasgouw, Sittard-Geleen, Born, Stein en Maastricht. Ze liggen aan de Maasroute die hun een rechtstreekse verbinding biedt met de zeehavens in zowel de Nederlandse als Belgische goederencorridors. Blueports Limburg werkt met resultaat aan het versterken van de contacten met de mainports in Rotterdam en Antwerpen, evenals met de haven van het Duitse Duisburg

. Elektrisch varen Vanaf augustus dit jaar gaan elektrische vrachtboten van Port-Liner pendelen tussen de containerhaven in Budel-Weert (ook onderdeel van Blueports) en de haven van Antwerpen. Een primeur voor Nederland en België. De elektromotor in het schip heeft een actieradius van 15 tot 34 uur. Omdat er geen machinekamer nodig is, groeit de laadruimte met circa 8 procent. en die van Luik in België. Verder wordt naast duurzaamheid in het transport ook gefocust op de digitalisatie van scheepsregistraties en de inning van havengelden. “Op deze manier moet Limburg zijn sterke logistieke positie behouden”, zegt Venray’s CDA-wethouder Jan Loonen die ook bestuurslid is van de NVB (Nederlandse Vereniging van Binnenhavens). Vergroten en verdubbelen Bestuurder Loonen weet dat mede dankzij de Blueportsaanpak er voor enkele tientallen miljoenen euro’s gestoken is en wordt in het verdubbelen van de bargeterminal in Venlo, de nieuwe havens in Zevenellen (Leudal) en Heijen (Gennep), en het vergroten van de haven in Wanssum (Venray). Verder is er geld beschikbaar voor onderhoud en de 24/7-bediening van alle sluizen in de Limburgse Maasroute. Het havenproject in Wanssum is onderdeel van de gebiedsontwikkeling Ooijen-Wanssum, de grootste in Nederland waarvoor vijf overheden het initiatief hebben genomen: het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat/ Rijkswaterstaat, de Provincie Limburg, de gemeenten Venray en Horst aan de Maas, en het Waterschap Limburg. De gebiedsontwikkeling is vooral bedoeld om de hoogwaterproblematiek ter plaatse op te lossen. “En dankzij de gebiedsontwikkeling voegen wij dus havencapaciteit in logistiek Limburg toe”, zegt wethouder Loonen. Saillant detail: het zand dat uit de nieuwe haven vrijkomt, gaat rechtstreeks naar het ophogen van de dijken die het Maaswater in het bedrijvige gebied tussen Ooijen en Wanssum moeten tegenhouden. Uitdiepen In augustus vorig jaar is begonnen met het verlengen van de kade in Wanssum met tweemaal 400 meter, en het uitdiepen van de westelijke insteekhaven van vier naar vijf meter. Over ongeveer anderhalf jaar zijn vanaf de Maas meer schepen welkom, en zeker ook grotere. Als het project klaar is, kunnen in theorie zes schepen in de containerhaven gelijktijdig worden gelost, drie aan elke kant van de kade. In de praktijk, zo is de verwachting, zal dat niet gauw gebeuren. Het bedrijventerrein bij de haven van Wanssum groeit mee met de activiteiten. Rondom de nieuwe kade komt er straks circa 21 hectare uitgeefbare grond bij. Er is nu al interesse van vijf bedrijven voor een plek dichtbij de nieuwe haven. Om tot slot met wethouder Loonen te spreken: “We hebben de gebiedsontwikkeling van Wanssum voor mekaar gekregen door een aantal belangen te koppelen. Zonder samenwerking in de provincie was het ons nooit gelukt.”<< Samenwerkingsverband Blueports Limburg

Stahlberg Steekterpoort Alphen aan den Rijn Circa 75.000 M2 BVO Nieuwbouw DC in directe nabijheid Barge-terminal Alpherium • Centraal gelegen in randstad, aan de N11, de verbindingsweg tussen de A4 en A12 • Alle 4 de grote steden en dus de hele randstad binnen een half uur bereikbaar • Met de terminaltrekker staat de container binnen 5 minuten van de terminal aan de docks • Oplevering medio 2021 • Verhuurinformatie; Maarten Veenenbos +31 6 22 94 26 87 of Paul Wijling +31 6 10 04 17 20 stahlberg-investments.com

1 Online Touch

Index

  1. 1
  2. 2
  3. 3
  4. 4
  5. 5
  6. 6
  7. 7
  8. 8
  9. 9
  10. 10
  11. 11
  12. 12
  13. 13
  14. 14
  15. 15
  16. 16
  17. 17
  18. 18
  19. 19
  20. 20
  21. 21
  22. 22
  23. 23
  24. 24
  25. 25
  26. 26
  27. 27
  28. 28
  29. 29
  30. 30
  31. 31
  32. 32
  33. 33
  34. 34
  35. 35
  36. 36
  37. 37
  38. 38
  39. 39
  40. 40
  41. 41
  42. 42
  43. 43
  44. 44
  45. 45
  46. 46
  47. 47
  48. 48
  49. 49
  50. 50
  51. 51
  52. 52
  53. 53
  54. 54
  55. 55
  56. 56
  57. 57
  58. 58
  59. 59
  60. 60
  61. 61
  62. 62
  63. 63
  64. 64
  65. 65
  66. 66
  67. 67
  68. 68
  69. 69
  70. 70
  71. 71
  72. 72
  73. 73
  74. 74
  75. 75
  76. 76
Home


You need flash player to view this online publication