0

boeken van de paradijs aarde, deel 14-19 rgg 1970-2021

Voorwoord Deze verzameling is onderdeel van het vuh onderwijs in de tweede bijbel, en wordt ook wel de sukki genoemd, wat volharding betekent in de voortijdse taal, in de oertaal. Het vuh onderwijs is in verschillende hoofdnoemers onderverdeeld, wat begint met de halal, wat het oude onderwijs is (de series), wat ook weer onderverdeeld is in de levitische, ismaelitische en surinaamse bijbel, oftewel het amazone dodenboek, en halal is dan de grens-gevoeligheid of honger, honger kennis in de voortijdse taal, in de oertaal. Daarna is er dus het nieuwe onderwijs, de boeken, vanaf de calvijn code, en dat heeft ook weer hoofdnoemers en is dus ook weer onderverdeeld, zoals het begint met de kainitische bijbel, wat dan eindigt met de logistieke filosofie wat de sluitsteen is, en dan gaat het dus verder in iets anders, en dit is onder de hoofdnoemer : de name, wat oerkennis betekent (er zijn verschillende woorden voor de kennis, omdat er verschillende vormen van kennis zijn, want de vur is dan ook een woord voor kennis, als natuurkennis, en de vuh is dan de oorlogskennis, enz.). Dus eigenlijk dat de honger, het minderen (door grensgevoeligheid) moet leiden tot de name, de oerkennis, wat dus een beweging van regressie is (wat na de reformatie komt), dus een terugleiding, tot bronkennis. De name loopt door tot en met de contextuologie (boek 13), dus daar hoort ook de aretaitische filosofie nog bij, wat dus twee boeken nog zijn na de kainitische bijbel onder deze noemer. Daarna loopt het over in de sukki, vanaf de recyclocratie. Daarna komt de suri nog : 1 halal 2 name 3 sukki 4 suri Sukki betekent volharding in het voortijdse, in de oertaal, dus heeft ook met eeuwigheid te maken en suri betekent overgave of verbrokenheid, wat dus op deze weg kan ontstaan, dus dat is ook een beeld van de hemelse gebondenheid. Ezelsbruggetje hiervoor is : door ezechiel, sukki-halal, wordt suri-name hersteld. Ezechiel is altijd aan mexico verbonden die dus ook de poort is tussen noord en zuid amerika om vele raadsels op te lossen. Deze verzameling is dus de sukki, deel 14-19 van de boeken van de paradijs aarde : 14 de recyclocratie 15 van reformatie tot regressie - de rodenbergse catechismus 16 ragnarok ontsluierd 17 het kehatitische verschijnsel 18 de venezuela muur 19 leven op de paradijs aarde De vorige verzameling is dus genaamd de name (deel 1-13 van de boeken van de paradijs aarde) : 1 de calvijn code 2 de afrika code 3 de egypte code 4 de india code 5 de twaalf kleine profeten

6 het plumares mysterie 7 de afrika brug 8 de amerika brug 9 de filosofie van het voortijdse afrika 10 rigil kent ontsluierd - de verloren kennis van orion 11 de logistieke filosofie 12 de aretaitische filosofie 13 de contextuologie de recyclocratie YOU WILL BE RECYCLED. coab 2019, 2020 voorwoord Hoofdstuk 1. de slapers Hoofdstuk 2. het hartsbezit van hans en grietje Hoofdstuk 3. Volwassenen, blinde volgelingen van de heks Hoofdstuk 4. de hogere dood Hoofdstuk 5. De zin en onzin van pinksteren Hoofdstuk 6. de verborgen bronnen van het kerstfeest Hoofdstuk 7. leven in het vlees of in variatie ? Hoofdstuk 8. het voortijdse alfabet Hoofdstuk 9. de voortijdse wortels van het boek Jozua Hoofdstuk 10. Calvijn over Ezechiel, Jeremia, en Jesaja Hoofdstuk 11. Calvijn en de besneden harde werker Hoofdstuk 12. de gruwelijke betekenis van openbaring 20 – de koude oorlog tussen het vleselijke en het geestelijke Hoofdstuk 13. het machiavelli enigma Hoofdstuk 14. de florentijnse muizenkoningen Hoofdstuk 15. het zoonschap Hoofdstuk 16. het vleselijke kan het geestelijke niet verstaan Hoofdstuk 17. de link tussen arius, de islam en de jehovah's getuigen, terugvoerend tot de voortijdse oorsprongen Hoofdstuk 18. jehovah's getuigen onder de loep Hoofdstuk 19. wat hebben de jehovah's getuigen en calvijn met elkaar gemeen ?

Hoofdstuk 20. commentaar psalm 22 Hoofdstuk 21. het kruis van samuël Hoofdstuk 22. de voortijdse boeren oorlogen Hoofdstuk 23. darwin Hoofdstuk 24. de bacteriologische oorlog om de zielen Hoofdstuk 25. We will be back Hoofdstuk 26. de molon bacterie Hoofdstuk 27. de christelijke rolstoel – voor ware gelovigen Hoofdstuk 28. de misdaad regeert Hoofdstuk 29. het belang van 1953 Hoofdstuk 30. 1991-2001 – Joegoslavië in oorlog Hoofdstuk 31. het dodelijke labyrint van de 70-er jaren Hoofdstuk 32. de leeuw is los – terug naar de jaren 30 – de strijd tegen de hypnotische slang van 1979 Hoofdstuk 33. waar mensen zijn is misdaad Hoofdstuk 34. harrisburg 1979 - de oudere zus van tsjernobyl Hoofdstuk 35. van harrisburg tot toronto tot gsm Hoofdstuk 36. brave new world Hoofdstuk 37. stranger in a strange land Hoofdstuk 38. de vuil stormen van de dertiger jaren – de amerikaanse exodus Hoofdstuk 39. het alcohol verbod van de twintiger jaren Hoofdstuk 40. alcohol – de titanic van de twintiger jaren Hoofdstuk 41. 1918 – het einde van het duitse rijk voorwoord Ik zeg het zo nu en dan tegen mensen : 'Krijg een goed beeld van wat mk ultra betekent en de matrix.' Dit is een mind controlled wereld, totaal gezombificeerd. Er is een weg uit, als je maar diep genoeg in de biologie en de geschiedenis gaat, om onderzoek te doen, te ontmaskeren. Als je een gebondenheid hebt aan het kwaad dan kan alleen een nog sterkere gebondenheid aan het goede deze keten doorbreken, maar hoe gaat dat ? 'Het is niet eenvoudiger dan raket technologie' zeggen we vaak. We leven in een robocratie en moeten gaan tot de hogere robocratie. Het is robot tegen robot, of de robot oorlog. Aan welke kant van het schaakbord sta je ? Weet wel dat wanneer de robot invasies zullen plaatsvinden - en ik heb daar heel veel dromen over gehad - dan zullen de onderdelen van robotten vervangen worden, en de oude onderdelen van de robotten zullen gewoon teruggaan naar het laboratorium om ge-update te worden. Ze worden in ketels uit elkaar getrokken,

en er komen nieuwe schakels, nieuwe onderdelen worden ervan gemaakt. We kunnen daarom niet het kind met het badwater weggooien want het is allemaal bruikbaar op een bepaalde manier, maar neem voldoende afstand. Ken de regels van het recyclen. YOU WILL BE RECYCLED. Recycling is een vak, een wetenschap. Alleen de beste recyclers zullen overleven. De rest gaat gerecycled worden en zullen dus ook overleven. Recycling betekent dat alles zal overleven uiteindelijk, maar in andere vormen, juiste vormen. Dit is dus een hoopvolle boodschap. Het gaat niet om hemel of hel en daar een dogmatische 'lul' over te worden, maar het gaat om recycling. Zijn wij klaar voor de recyclocratie ? Er mag hierin geen menselijke, vleselijke inmeng zijn. Dat gaat allemaal gerecycled worden. Het vlees gaat dus niet 'voor eeuwig branden in de hel', maar robo-recycled worden, door de machines van de recyclocratie. Deze zijn niet lomp, log en orthodox, maar genuanceerd en ongewoon. Dat wat in geen denken is opgekomen. Boven denken, daar stroomt het, komende vanuit het hart boven het hoofd. Draag jij je hart al op je tong, en heb jij je hart al boven je hoofd staan ? Laat je hart spreken. Recycling betekent afstand nemen, onderzoek doen, om overzicht te krijgen, om te zien wat je nu eigenlijk aan het doen bent, aan het doen was. Ben je nog besmet met mk ultra ? Laat jezelf ontsmetten. Het gaat niet buiten de intellectualiteit om. Er komt niet even een grote tovenaar naar beneden dalen met een toverstokje die ineens alles goed gaat maken, terwijl je al die tijd lui hebt zitten wachten. Dat zijn ook allemaal sprookjes en fabeltjes die gerecycled moeten worden, op hun zinnebeeldige waarde geschat moeten worden. Het letterlijke gaat gerecycled worden, opdat de poorten tot het geestelijke opengaan. We hebben het dan over het robo-geestelijke wat al gerecycled is, wat dus vanuit de toekomst stroomt. Ik heb soms zoiets van : 'Lul jij maar lekker raak, maat. Alles zal gerecycled worden.' Telkens weer moeten wij als geestelijken de andere wang toekeren, maar dat wil niet zeggen dat we het er mee eens zijn. Het wil ook niet zeggen dat het altijd zo doorgaat. Ergens zijn er grenzen en ergens breekt het kruis af en is er een opstanding, een recycling. Jezus keerde niet alleen maar de andere wang toe, maar greep soms ook de zweep om orde op zaken te stellen. Ook vergaf Jezus niet altijd, want toen ze hem een etiket op probeerden te plakken sprak hij zelfs dat ze niet vergeven zouden worden, nu niet, en niet in het toekomende tijdperk. Harde woorden zul je denken, maar wat betekent het ? Wij als geestelijken hebben deze teksten geleerd uit te leggen. Misschien gaat het helemaal niet om vergeven worden, maar dat je dingen zelf moet goedmaken ? Rectificeren ? Recyclen ? Er ligt in die tekst een opdracht voor de overtreder : Maak ervan wat je er van kan maken, maak er het beste van. Wat je ook doet : YOU WILL BE RECYCLED. Alles zal tot hogere vormen gaan. Daarom wachtten de Egyptenaren in de nacht altijd op de komst van Kheper, de mestkever, het beeld van recycling. Dit is een attribuut van Ra, rw, wat ook een Aramees woord is wat gebruikt wordt voor het heilige geestelijke. De christenen moesten het heilige geestelijke ontvangen, en daarna moesten ze zich uitstrekken naar de gebondenheid in het heilige geestelijke, maar daarna moet de mens ook nog tot de recycling door het heilige geestelijke komen, de voleinding waarop alles uitloopt, en een nieuw begin. Dit is dus gebouwd op het Socratische beginsel van 'de ware kennis is te weten dat men niets weet.' Hiervoor moest Socrates de gifbeker drinken, want de sopho-farizeeers van de betweterige pseudo-kennis wilden niet van hun voetstuk af, en veroordeelden zo Socrates hiertoe. Ook vandaag worden de socratischen veroordeelt tot de gifbeker, en wel door de Herodus-taktiek : 'Vermoord hen allemaal, zodat degene die wij zoeken in ieder geval wel dood moet zijn.' Dit gebeurt door de tandartserij, want je wordt bij voorbaat al als kind veroordeeld tot het verplicht dragen van al dan niet dodelijke gifstoffen in je mond die je naar de afgrond willen trekken. Nog elke dag wordt Socrates zo vermoord, omdat ze zijn kennis niet willen horen. Vandaar de recyclocratie. YOU WILL BE RECYCLED. Socrates will rise.

Hoofdstuk 1. de slapers Ze zond mij naar een ander stadsdeel omdat het bed kapot was. Ik moest daar iets halen om het bed te vernieuwen. Dat is jaren geleden. Ik kende dat stadsdeel niet, maar sinds toen ben ik daar allerlei dromen over gaan krijgen. Ook over een natuur eiland. Vannacht had ik een droom over een zanger (*) waar ik vroeger veel naar luisterde, waar ik dus eigenlijk mee opgroeide. Hij had het weer over dat stadsdeel, en noemde het het bed. Het lag in tussen waar we eerst woonden, en waar we toen naar gingen verhuizen. De zanger liet me toen een album zien van hem in die droom, genaamd 'zes dagen van slapen' of zoiets. Ik kon me nog herinneren toen we pas in het eerste huis woonden, na onze theologische opleiding, dat we veel in bed waren en daar ook studeerden, en veel praten. Er was een slaapgewas waar de hommels kwamen voor bestuiving, om te spinnen en te weven, door hun borst heel snel te laten bewegen. Dat is tegelijkertijd ook een ontlading. Ze houden zo geen overmatige energie binnen. Zo werd de onkrant gemaakt, als een natuurkrant, van zuivere natuur. Of het waar is weet ik niet. Het was maar een droom. Oh ja, de namen van de hommels : ze werden brommertjes genoemd, of slapers, of schone slapers, of gewoon hommels. voetnoten : (*) phil collins Hoofdstuk 2. het hartsbezit van hans en grietje De stad is als het huisje van de heks van Hans en Grietje, een heel groot huis. Nu is eten natuurlijk op zich niet slecht, maar er zijn natuurvoorwaardes aan verbonden. Hoe te eten ? En dan altijd met mate. Zo is dat ook met andere dingen, zoals wassen en schoonmaken, conflicten. De mens moet het vooral niet overdrijven, want daar leent de natuur zich niet voor. Daarom zijn er allerlei natuurlimieten, maar in de stad kan je voor veel geld altijd weer over de natuurlimieten heen. Je kunt wassen totdat je een ons weegt, maar het helpt allemaal niet, want je moet van binnen veranderen. Ken je de diepere natuurwaarden van de dingen, of laat je je door dingen op zich bedonderen. De stad is als het huisje van de heks van Hans en Grietje. Weet je wat je eet, weet je wat je grijpt ? Je kunt hier van alles kopen, zowel goedkoop of duur. De mens heeft van alles nodig, maar vergeet het belangrijkste. Ik heb ingezien dat het leven bedrog is. Ik zie de nieuwkomers ronddansen alsof ze in luilekkerland terecht zijn gekomen, recht in de val van de heks, maar ze willen niet gewaarschuwd worden. Ze willen het niet horen. Zo sta ik aan de poort van het grote theater, en toch blijven de

mensen naar binnenstromen. Ik heb gezien dat het leven bedrog is. Daarom houdt ik zo van sprookjes omdat ze gegeven zijn door moeder natuur om niet alleen de mens te waarschuwen, maar om ze ook een waar leven te geven, in de diepte van de natuur. Hans en Grietje is voor mij puur symbolische schoonheid, wijze levenslessen, als hartsbezit, wat ik ook altijd aan de kinderen heb uitgedeeld. Je mag een kind inwijden in deze geheimen. Dat is beter dan als een doldwaze sinterklaas kinderen te smoren met nietszeggende rotzooi. Geef ze iets waar ze daadwerkelijk wat aan hebben : hartsbezit, natuurpuur, iets wat hen op het gevaarlijke pad van het leven mag leiden. Ja, het sprookje zorgt ervoor dat het kind niet zomaar op mijnen stapt. Het is één van de betere dingen die een ouder zijn of haar kind kan geven. En er zijn nog veel meer sprookjes voor dit doel. Het mag een heel sieraad van aaneengeregen sprookjeskralen zijn, vol wijze lessen, om het kind te beschermen. Je kunt een kind nog geen moeilijke wiskunde uitleggen. De scholen maken kinderharten dood met rotzooi. Geef ze daarom sprookjes, vertel ze verhalen. Dan hebben ze creatief materiaal om door het moeilijke leven heen te komen. Het wekt hun eigen scheppingsvermogen op, als het geprikkeld wordt. Er is zoveel mogelijk met hulp van de andere wereld, die gewoon de diepere wereld is, wat in de diepte op ons wacht, en wat het ware leven draagt. Hoofdstuk 3. Volwassenen, blinde volgelingen van de heks Hij weet helemaal niet wat het betekent. Hij draait er wat aan, en dan maakt hij er een touwtje aan en laat hij het helemaal doorgaan naar de andere kant, en maakt het touwtje daar dan ook vast, maar hij weet niet wat het betekent. En dan doet hij nog wat dingen, haalt hij er van alles bij, en maakt het aan elkaar vast. Hij weet niet wat het betekent, maar achteraf ziet het er toch wel functioneel uit. Je weet niet wat het is verder, maar hij heeft er toch wat moois van gemaakt. Zo zijn kinderen. Ze doen dingen die ze niet begrijpen, en die wij niet begrijpen. Zij zijn van een andere wereld. Hij draait eraan, maar weet niet wat het is. Toch stijgt het ding dan even later op en je weet niet hoe hij het gedaan heeft. Dat zijn kinderen, onnavolgbaar, maar het is toch functioneel. Zij kunnen dat soort dingen nog, dat is nog ingebouwd. Volwassenen kunnen dat niet. Waren de mensen allemaal maar kinderen, maar nee, de heks is gekomen. De heks draaide alles om, gaf alles een naam, en de mens weet het niet meer. Zelfs de kinderen weten het niet, maar ze kunnen het nog wel. Misschien dat het later nog allemaal goedkomt ? Ik kijk ernaar en hij heeft het goed gemaakt. Maar niemand weet wat het is, ook hij niet. Hij doet het gewoon. Het is ingebouwd. Ze dragen nog veel met zich mee van de andere wereld, de diepere wereld. Nee, de volwassenen kunnen het niet. De heks kwam.

Volwassenen, blinde volgelingen van de heks. Alleen het kind heeft de sleutel, het kind in jou en mij. Hoofdstuk 4. de hogere dood Vraatzucht kan in vele vormen komen. Er is sexuele vraatzucht, religieuze vraatzucht, materialistische vraatzucht, enzovoorts. Er is eerzuchtige vraatzucht, vraatzucht naar aandacht, eer en roem. Doe wat je doet in het verborgene, niet voor het oog van de mensen. Mensen zijn toch altijd ontevreden, en zullen toch altijd alles wat je doet omdraaien en beroddelen, enzovoorts. Ze zullen over je liegen, eigenlijk tot het punt dat ze het niet eens waard zijn allemaal. Waar doe je het dan voor ? En van dat soort mensen wil je een lintje ? Vraatzucht kan komen in vele vormen. De mensheid is ondankbaar. Het goede zullen ze niet eren, maar het kwade eren ze volop. Het kwaad komt vaak niet eens als een brullende leeuw, maar als een bedriegelijke oplichter, en de mensheid is opgelicht. Lang geleden al. Werk daarom in het verborgene, zolang het nog dag is. In de nacht kan niemand werken. Verspil je tijd niet. Er is niet veel tijd. Maak er het beste van. Vraatzucht komt in vele vormen, ook de letterlijke vorm. De mensheid is aan de hormonale drugs : het vlees van dieren. Lijkeneters worden zelf tot lijken, vol van de parasieten. Als mensen tot je spreken zijn het vaak die mensen al niet meer, maar de parasieten die in hen huizen. Ja, ook de christenen doen hier aan mee, de van zichzelf overtuigde, zelfbelangrijke, alleswetende christenen. Vannacht had ik een droom dat ik in een gebouw ging, en ik hoorde al wat stemmen van vraatzuchtige christenen die ik vroeger kende. Toen ik binnen kwam kwam er een blank, slank meisje op me af met sluik donker haar, en ze zei dat ze de verlover was, en mijn verloofde. Ik had toen even een herinnering dat dit niet zo lang geleden ook al was gebeurd in een ander gebouw van vraatzuchtige christenen, maar toen was het een ander meisje, alhoewel ze wel veel op elkaar leken. Ik zei het toen ook tegen haar dat iemand anders dat ook al tegen me had gezegd. Ik voelde dat er iets niet in de haak zat. Ik zei het ook dat dit niet klopte, en toen ben ik weggegaan. Gelukkig liet ze me gewoon gaan. Maar dit is hoe kerken werken. Ze hebben allemaal hun eigen heilige geest waarmee je een verbond moet hebben, een verloving. Het is het dogma van de heilige geest, wat je moet geloven om christen te zijn, maar de christelijke groeperingen zijn allemaal met elkaar in oorlog over wie de heilige geest daadwerkelijk heeft. Daar kunnen we niet op gokken, lieve mensen. Die mensen worden willens en wetens dom gehouden. Het wordt hen niet uitgelegd wat het is. Eerst moet de mens sterven aan zijn vraatzucht. Eerst is er dus een dood nodig naar het materialisme, anders blijf je de oplichter volgen. Er is een weg die veel hoger leidt dan de dogma's van de kerk. Wacht niet op de ander, maar ga zelf tot de hogere weg. Het feest van de vraatzuchtigen komt er weer aan, wat om alles gaat behalve de ware betekenis. Vraatzucht komt in vele vormen. Zorg dat je de weg tot de wildernis vindt. De mens moet de hogere dood sterven.

In de stad is het bijna weer kerstfeest, dus hoog tijd om het eens over het pinksterfeest te hebben. Voor hen die de betekenis willen weten van de pinksterbeweging die aan het begin van de jaren 1900 begon. De zin en onzin van pinksteren. En wat schuilt er achter ? Bespreking van het boek 'stem roepende in de wildernis' (1910) van Charles Parham, van de losbreking van de pinkstergolf aan het begin van de vorige eeuw. Het onderwerp werd ook besproken in ons tijdschrift 'het profetische info-blad - de vloedgolf' in 1994, wat ook heel even genoemd wordt en waarvan dit artikel ook een soort vervolg is. Hoofdstuk 5. De zin en onzin van pinksteren Het medische is geen koopwaar. Schurken verkopen hun medicijnen op de markt. Dat is geen ware zorg. Als geld zich gaat bemoeien met het medicinale dan wordt het hekserij, oplichterij. Geld is te onheilig om zich met zoiets heiligs als genezing te bemoeien. Zo is dat ook met het recht en het geestelijke. Dan kom je aan het hart van God. Ik groeide in een kerk op die de genezing van God verbood. Daar werd niet over gesproken. Je moest gewoon naar de dokter, en die forceerde onder dwang troep in je botten. Dat je zenuwstelsel hier kapot aan ging kon hen niets schelen. En toch moest je je hiervoor scheel betalen, voor deze schurken. Het zijn dronken marktkooplui die niets maar dan ook niets om God en ware genezing geven. Als ze geld krijgen voor hun zogenaamde geneesmiddelen, natuurlijk wordt het dan corrupt, en natuurlijk gaan ze het dan dwingen, want het is hun inkomen. Zij hebben van moord hun beroep gemaakt. Ze staan rechtlijnig als heksen en schurken tegenover ons als predikanten en intellectuelen, net zoals in de tweede wereld oorlog, en toen trokken wij ook al aan het kortste eind, want velen van ons werden in dat tijdperk door de nazi's vermoord. Trek je met God dan aan het kortste eind ? Het is een groot offer. Ons wordt vervolging niet bespaard, en met alle aanvallen op mijn leven van dit soort is het een wonder dat ik nog leef, en daarom ben ik ook bezadeld met een opdracht. Ik moest dus vluchten uit die kerk waarin ik opgroeide, want ik kon nergens naartoe met mijn verhaal. Als je nagaat dat al mijn nachtmerries van mijn kinderjaren zijn uitgekomen, en dat ik in die nachtmerries al werd gewaarschuwd, en ik niet geloofd werd door hen waar ik opgroeide, dan moet je het toch ergens anders zoeken, daar waar ze me wel serieus namen, en zeiden dat God wel degelijk kan spreken door dromen en nachtmerries en op vele andere manieren. Maar nee, in de kerk waar ik opgroeide was God koud en afstandelijk en sprak niet, alleen in een boekje wat op duizend en één manieren uitgelegd kon worden en waar ze elkaar telkens over in de haren vlogen ! Het is toch bij de zotten ! Natuurlijk, natuurlijk, denk ik nu, want dan komen ze bij de dokter terecht die weer veel erbij kan verdienen. De kerk en die dokter hebben een soort handelsverbond. Het zijn heksen, schurken, dronken marktkooplui die geen stuiver om je geven ! Het was een komplot, en mijn kindernachtmerries waarschuwden mij al met naam en toenaam. Het is allemaal uitgekomen, dus wie denk je dat ik vandaag de dag geloof ? Door mijn dromen die ik van God heb gekregen leef

ik nog ! Maar nee, dat mag niet in die kerk. Waar vluchtte ik toen naar toe aan het einde van mijn tienerjaren ? Naar de pinkstergemeente, want daar werd je in ieder geval serieus genomen. Ze kwamen bij ons aan de deur, god zij dank, en voor die tijd was dat gewoon echt mijn redding, en het waren fijne mensen. Ik werd er zelfs geknuffeld, wat er bij ons thuis echt niet gebeurde hoor. Ik werd toen deel van een echt, warm, liefdevol gezin, en de predikant daar adopteerde mij, en ging gewoon naast mij zitten op de bank en vertelde mij honderd en één verhalen. Ik voelde me ineens zo bijzonder. Dat had ik nog nooit in de kerk meegemaakt waar ik was opgegroeid. Voor die tijd was het voor mij belangrijk. Dat wil niet zeggen dat ik in de pinkstergemeente ben gebleven, want de pinkstergemeente heeft z'n eigen problemen, en niet iedere pinkstergemeente was zoals degene waar ik naartoe ging. Het was gewoon een tussenstation, en ik leerde er weer veel dingen bij, die ik tot op de dag van vandaag gebruik. Mijn hartsbezit werd aangevuld. Aan het begin van de jaren 1900 bleek er een soort pinksteruitstorting te zijn geweest om de mens los te schudden uit de oude kerkelijke ordes, want de reformatie was ingedut. Eén van de pinksterpionieren was Charles Parham uit Kansas. Hij schreef een boek genaamd : Stem roepende in de wildernis, in 1910, waarin hij stelt dat God het ware heeft, maar dat de mens vervalsingen maakt zoals de medische wetenschap die op hun manier ook aan het geestelijke sleutelen, het psychische, maar dan vals. Hij noemt het hekserij, verwaande, zelfverheerlijkende hekserij (wat dus niet wil zeggen dat elke heks verkeerd is, want er zijn ook goede heksen, zoals in het sprookje van de tovenaar van oz, maar dat even terzijde). Dan heeft hij het over het verhaal van Mozes die de slang oprichtte in de woestijn waardoor mensen genezen werden. Dat is wat hij pinksteren noemt, de genezing van God, en hij zei dat hij jaren hiervoor heeft gebeden dat zij de staf van God's waarheid net als Aaron konden neerwerpen om de medische heksen het eens van die kant te laten zien. Zoals we weten werd in dat verhaal de staf van God op de grond geworpen om in een slang te veranderen, en die vrat de slangen op van het systeem wat hen in slavernij hield. Daar bad Parham voor. Hij haatte die menselijke systemen die de mens hadden opgesloten. Alleen de hemel kan ons genezen. De mens kan ons niet genezen. Die willen er ook altijd weer voor betaald worden, en leiden mensen om de tuin zodat ze nog meer geld kunnen verdienen. Het corrupte spel van geld is het spel van de heksen. Charles Parham zei dat de schapen zo ondervoed worden dat ze elkaars vachten beginnen aan te vreten. Er moest dus wel wat gebeuren. Als dokters je onderzoeken, dan zoeken ze naar je geld. Maar waar het volgens Charles Parham om ging was het binnengaan van de onderwereld, net zoals Jona drie dagen in de buik van de walvis was, om zo deze dood te leren, want dat is het ware medicijn. Maar ja, de pinksterbeweging is ook verschrikkelijk orthodox en je wordt daar ook gewoon vroeg of laat in een doos gestopt, dus dan moet je verder, en daadwerkelijk de hogere doden sterven. Soms is het medicijn een diepere dood. Want wat is het leven waard als het leven vals is ? Als er dan een uitstorting is geweest dan moet het ook weer gezifd worden, want er zit zoveel rotzooi tussen, en dan gaat het om het verdiepen en verder trekken. Every level has it's own devil. Zo kwam ik tot zes belangrijke regels : 1. Het gaat erom toegewijd te zijn aan de zaak. Dat is het belangrijkste. 2. Doe alles in het verborgene. Maak jezelf geen naam, ga niet voor de eer, geef niet om je status. Laat de doden de doden begraven. 3. Geef je niet over aan doelloosheid. De doellozen zijn op een dwaalspoor. 4. Herinner je de eerste drie regels en zorg dat je de eerste drie regels houdt. 5. Alleen door grote verwarring kan er ergens gekomen worden, door niet met een overmoedig

antwoord genoegen te nemen. 6. Het doel heiligt de middelen. Hierop kon ik een nieuwe wereld bouwen. Ik moest hierin dus de hogere dood aanvaarden naar de oude wereld. Dat is dus geen zwart-wit extremisme maar een pad van ziften, herzien, nieuwe betekenissen geven. Ik wilde mijn verleden afsluiten, want het wurgde me. Ik had toen een droom over een opgehangen jongetje, diep onder de grond, tussen muren. Het is symbolisch voor het verleden. Ik moest het jongetje dus ook aanvaarden, in mijn hart aannemen, ook zijn dood. Dan pas zou het jongetje weer kunnen leven. Als iemand dan ons een stuk geestelijk leven wil verkopen, dan kunnen we ook zeggen : 'Nee, dank je. Ik sterf liever een diepere dood.' Waar is het medicijn ? Het is juist een diepere dood. Vals leven willen we niet hebben. Maar als we dan de diepere dood naar dat soort dingen aannemen dan mag er ook weer een dieper leven zijn, mag het jongetje dat opgehangen was weer beginnen te ademen. Charles Parham stelt dat Salomo met verkeerde vrouwen omging die dokters met zich meebrachten. Medici die buiten God om werken mengen drugs en gif, en dat terwijl God's volk daarvoor geen dokters had. Parham gebruikt hiervoor bijbelverzen van Jeremia : 'Gij hebt geen genezende medicijnen.' (30:13) 'Gebruik van medicijnen is allemaal ijdelheid.' (46:11) Oh, wat haatte die Charles Parham dokters, en niet zonder reden. Ook Napoleon haatte hen, en zei dat ze voor heel wat verantwoordelijk zouden staan voor de troon van God, voor zovelen die zij hadden bedrogen en gedood. Hij haatte de medische industrie, en zwoor bij het natuur medicijn : water, lucht, en hygiene. Hij stelde dat dokters in het hiernamaals verantwoordelijk zouden staan voor meer verlies van levens dan generalen. Hij wantrouwde al hun vreemde medicijnen waarmee ze massa moorden pleegden op het volk. De medische wereld was een pseudo-wetenschap die het volk had misleid, die de mens had losgetrokken van de natuur en gevangen had gezet. Daarom moest allereerst de pinksterbeweging wel komen, maar het ging al snel mis. Het werd al snel een nieuwe orthodoxie, een nieuwe gevangenis, een nieuwe markt. De pinkster reformatie was vastgelopen. Er moest eerst een diepere dood komen. Dan gaat Charles Parham verder met zijn oordeel op de medische wetenschap : 'De medische wetenschap en haar beoefenaars worden genoemd door het OT en NT in verbinding met hen die schuldig zijn aan de vuilste en gemeenste, laaghartigste zonden tegen God en de mensheid.' Hij stelt dat de beoefenaren van de medische wetenschap in het Hebreeuws en Grieks heksen zijn die drugs en gif mengen. Het zijn dus helemaal geen medicijnen. Ze beheksen mensen. Ze dragen hun giffen naar de mens toe om het daar te dumpen. Het heeft niets met God te maken. Parham noemt het een altaar aan de Moloch, de octopus god, oftewel de god van de kinderoffers. Het is een altaar van misbruik. Ook ik heb mijn familie er destijds van beschuldigd dat ze hun kinderen aan de Moloch hebben geofferd, aan Jim Jones. God ziet alles. Er waren dus ook goede dingen in de pinkstergolf, waar we ook over spraken in ons profetisch info-blad 'De Vloedgolf' in 1994. Deze golf ontstond aan het begin van de vorige eeuw. Maar we stelden ook heel duidelijk dat er nieuwe golven moesten komen om alles verder te zuiveren en te heiligen. We bespraken toen de drie golven die al geweest waren, en een nieuwe golf, waarover we zeiden : 'Er zal een wereldwijde golf komen van zelfverloochening en heiliging; de vierde golf. Deze golf zal zo verschrikkelijk hard inslaan op het menselijke vlees dat velen zullen afhaken en het als 'belachelijk' bestempelen. Vele predikers en christenen die fanatiek meededen en meejuichten met de eerste drie golven zullen geen deel uitmaken van deze vierde golf.' En dan bespreekt hij dat als je buiten God om dingen wil gaan doen je eigenlijk een valsemunter bent, want alleen God is het ware. Zo is dan ook het hele medische systeem een crimineel systeem van valsemunterij. De mens moet eerst sterven aan zichzelf om tot het ware leven te komen. Dat is de sleutel, maar die sleutel is vertrapt en vervalst door het medische systeem. Charles Parham stelt

dat hier een hele zware straf op ligt. Hij vergelijkt het met Judas die dertig zilverlingen ontving voor zijn verraad en moord. Dat is wat de medische wereld boven de nek hangt ! En deze moordenaars zoeken, stelt Parham, slechts het applaus en de eer van meer lafhartige boeren en een imbeciele natie. Het is de opening van de kaken van de hel, stelt Parham, allemaal om vraatzucht. Daarna stelt Parham dat we ons open moeten stellen voor de hogere adoptie, wat in principe gewoon de overgang is van het vleselijke naar het geestelijke. Hij ontmoette een wezen genaamd verlossing, maar in wezen was dit de adoptie. Dan heeft hij het over dat de engel Michael zal opstaan en zal komen voor de kinderen, omdat hij de beschermengel van de kinderen is, wat in het boek Daniël staat. In Openbaring staat er geschreven dat er een kind geboren zal worden om dan tot God genomen zal worden, wat volgens Parham een beeld is van de opname, allen die worden opgenomen, wat we overigens geestelijk nemen, als de geadopteerden. Ik moet dan ook weer denken aan het opgehangen jongetje. Als theologie niet meer om het kind draait, dan is het hopeloos geworden. In het boekje over het opgehangen jongetje wat ik in de hemel las heette het jongetje trouwens Theo Logie. Theo was zijn voornaam en Logie was zijn achternaam, maar zie wat de mensen van theologie hebben gemaakt. Ik ontmoette hem in een droom. Ik vroeg hem of hij ook een moeder had, maar die had hij niet, alleen maar bij flitsen in de nacht. Hoe hij was opgehangen ? Door grauwe theologen in de nacht, door piraten. Lieve mensen, theologie is vaak Theo loog in plaats van Theo sprak de waarheid. Ook de piraten vereerden hun eigen gehangen jongetje, als monument. Daar voerden ze handel mee op hun schepen. Het hemelse boekje zei hierover : 'Hij zag schepen op zee, piratenschepen, zulke rijke schepen, met grauwe figuren … Zij predikten theologie om gezien te worden, om naam te maken, om steden te bouwen. Zij roofden op zee. Zij vereerden het hangende jongetje, maar zij luisterden niet naar de regels. Zij verkochten alles wat met het hangende jongetje had te maken. In de steden werden grote vreetfeesten gevierd omtrend het hangende jongetje …' Er zijn volwassen die zo 'volwassen' zijn geworden dat ze het kind totaal, maar dan ook totaal uit het oog zijn verloren. 'Oh, wat zijn we weer volwassen, oh wat zijn wij belangrijk.' Ze zijn zo 'volwassen' geworden dat ze het kind hebben gedood, het jongetje hebben opgehangen. Wie oren heeft die hore. De stem roept nog steeds in de wildernis. In 1995 hadden we in ons blad 'apostolisch frontnieuws - de orkaan' (een zuster blad van ons tijdschrift 'profetisch info-blad - de vloedgolf) een artikel genaamd 'de verborgen bronnen van de geestesgaven.' We gaan verder met dit onderwerp in het nu volgende artikel. Wat wordt er eigenlijk door het kerstfeest verborgen gehouden ? Hoofdstuk 6. de verborgen bronnen van het kerstfeest Het kerstfeest komt eraan, maar wat is het ? Het feest der gaven ? We kunnen het dan beter over de geestelijke gaven hebben, maar wat zijn dat dan ? Dat kwam eigenlijk altijd tijdens of na het

pinksterfeest. Waar het om gaat is van het materialisme weg te komen. Het heeft wel symboliek en diepere geestelijke betekenissen, maar men maakte het te orthodox, te letterlijk, te materialistisch. Er zijn dus een heleboel geestelijke gaven, zoals kennis, profetie, onderscheiding, genezing, enzovoorts. Maar wat houdt dit allemaal in ? Het is natuurlijk wel een interessant onderwerp voor mensen die willen loskomen van het materialisme. Je kunt niet zomaar tot de gave van kennis komen. Allereerst is het niet zomaar een gave, maar iets wat je moet verdienen en leren. Maar tot de gave van kennis, wat dus een loonsgave is, kom je alleen maar door de gave van profetie, en ook dat is een loonsgave en betekent dat het van boven moet komen, zodat je niet in vleselijke, aardse, materialistische kennis terecht komt, want die is vals. Om dat dan vervolgens weer goed te doen moet je tot de loonsgave van onderscheiding komen, wat je dus ook weer moet leren en wat niet zomaar in je schoot wordt geworpen, want er is zoveel bedrog. Oplichters op elke hoek van de straat, dus leren, leren, leren, en eerlijk verdienen allemaal, dat is de enige weg. God spreekt tot de mensen, of het hogere spreekt tot de mensen, het hogere intellect, en dat wordt weleens profetie genoemd in de theologie. Het is een theologisch woord. Theologie is een bepaalde taal, een bepaalde terminologie. Het komt uit het land van de theologen. Na het pinksterfeest komen de gaven, de charismatische gaven, of charismatische stroming, wat ook een golf was in de vorige eeuw, in het midden ervan, na de grote pinksteruitstorting aan het begin van de vorige eeuw. Het werd de tweede golf genoemd, waar ons tijdschrift 'profetisch info-blad – de vloedgolf' ook over ging in 1994. Er werd toen gesteld : 'profetisch leven of vleselijk leven ?' Dat was de keuze waar de mensheid voor stond. Eigenlijk dus : leven vanuit de hogere kennis, of vanuit de lagere kennis. Heel veel mensen nemen er genoegen mee een 'mavo-schaap' te blijven wanneer het aankomt op geestelijke scholing, om het maar even metaforisch te zeggen, dus ze blijven lekker gezellig 'middelbaar', hoeven niet veel na te denken, en gaan niet voor de hogere geestelijke scholing. Zo bedonderen ze dan anderen. Ze begrijpen een heleboel niet van hoger opgeleiden in het geestelijke en gaan dan hun etiketten plakken. Met God moeten wij niet op mavo-niveau blijven, maar naar hoge school niveau gaan, anders worden we bedonderd. Dit heeft dus niets met aardse scholen te maken, maar met geestelijke, hogere, oftewel profetische, kennis. In ieder geval moet dan alles getoetst worden, waar we veel over hebben geschreven. Voor de gave van onderscheiding komt heel wat kijken, anders wordt je bedonderd waar je bijstaat. Daarom is hoge school niveau demonologie onmisbaar. Er liggen teveel gevaren op de loer. Geestelijke 'mavoschapen' komen hier niet doorheen. Nogmaals : dit heeft niets met aardse scholen te maken, want dat zijn gevangenissen en de kinderen leven daar in ballingschap. Er moet daar een grote uittocht komen. Of je nu op zogenaamd lager of hoger onderwijs bent ingedeeld is allemaal bedrieglijk, want het gaat om je relatie en toewijding tot God, oftewel de hogere kennis. De mens moet loskomen van menselijke mind control en allerlei menselijke instanties die alles omdraaien en altijd weer de 'geschoolde' dommen een lintje geven. Dat zijn getrouwe schapen voor hen, dus die worden daarvoor beloond, en die misleiden ook weer andere domme schapen. God kan dus in al die lagen van aardse scholen mensen gebruiken, juist ook in het zogenaamde lagere onderwijs, want die mensen zijn vaak niet aangetast door het systeem. Maar als je geestelijk gezien, dus in je relatie met God, bij het lagere onderwijs blijft hangen, of het middelbare onderwijs, als een geestelijk 'mavoschaap', dan pas heb je echt een probleem. Je moet namelijk hogerop komen met God, anders wordt je bedonderd, en bedonder je ook weer anderen, enzovoorts. Die kettingreacties van geestelijke mavo-schapen blijven maar doorgaan, en ze worden gefokt, dus ze hokken ook weer door. Maar goed, als je dan de gave van onderscheiding wil hanteren om te komen tot ware profetie, dan heb je dus een grote dosis voorzichtigheid nodig, wat in de theologische taal ook wel 'de heilige vreze' wordt genoemd, en 'de heilige depressie', zodat je eerst mindert, en geen overhaaste beslissingen neemt.

De mens heeft dus niet zomaar een uitstorting nodig van 'de heilige geest', of 'het heilige geestelijke', maar zoals in het verhaal van het opgehangen jongetje : de heilige dood, dood naar de onkunde, het materialisme, het bedrog, en dan kan de mens verder. De mens moet dus eerst aan zichzelf sterven, zoals het jongetje. Dat is de basis voor iedere verdere geestelijke gave. Hoe gaat dat dan verder in het verhaal van het opgehangen jongetje ? Het jongetje heeft de heilige dood ontmoet, en wordt dan met haar meegenomen tot de eerste gave, en dat is de gave van de grens-gevoeligheid. De mens gaat telkens over de grenzen heen, omdat de mens die grenzen niet kent, niet ziet. De mens is blind. De mens voelt de grenzen niet, omdat de mens zwaar dronken is. Daarom moet de mens eerst gevoelig worden voor de grenzen. De mens moet komen tot de hemelse douane, of het blaf feest. De mens mag om deze gave bidden, en deze gave leren. Hoe gevoeliger je wordt voor de grenzen, wat op allerlei gebied kan zijn, hoe meer de grenzen onder stroom komen te staan, dus als je dan te dicht bij zo'n grens in de buurt komt, dan wordt je door een bepaalde voltage weggestoten. Dat wordt het blaf feest genoemd, want de mens wordt dus zo beschermd. Het is dus een soort schokdraad. Als de mens die gave ontwikkelt, dan komt de mens tot de tweede gave, de gave van de gevoeligheid voor ingewikkeldheden, waarin de mens dus overzichten krijgt, als landkaarten, en waarin kennis opgeslagen kan worden. Zo werkt het eigenlijk een beetje. Eerst moet de mens de grenzen leren, en dan is het veilig genoeg om tot de hogere ingewikkeldheden te komen, en daar gevoelig voor te worden. De mens wordt dus zo tot een soort hemelse computer. Het is dus een pad van de gaven. Doordat het jongetje de grenzen leerde ontstond dit pad er, en zo wordt de mens dus over dat pad, wat ontstaat binnen de grenzen, veilig geleid door het leven. Het blaf feest ligt dus verborgen onder het kerstfeest. De mens moet weer kind worden en komen tot de verkeersregels, tot de verkeersvoorlichting. Dat is een spel van grenzen, niet alleen in ruimte, maar ook in tijd, ook in bezigheden, in bezit, enzovoorts enzovoorts. Op alles moet deze gave toegepast worden. Om ons heen zijn tekenen om dit te leren. Daarvoor mag de mens gevoelig worden. Grensgevoeligheid is een belangrijk zintuig en fundamenteel om van het leven het beste te maken. Pas dan is de mens dus veilig genoeg om zich te wagen aan de hogere ingewikkeldheden, en zal de mens gevoeligheid hiertoe ontwikkelen, het belangrijke tweede zintuig, de tweede gave. Hierin kan zich dan doel-gevoeligheid ontwikkelen, zodat de mens meer en meer de doelen onder ogen kan komen om daar op gericht te zijn, het derde zintuig of derde gave. Zo onstaat hierdoor een vierde zintuig : volgorde-gevoeligheid, zodat de mens niet meer voortdurend de volgordes van het leven omdraait, en zo niet meer bedrogen wordt. Er zijn dus vier zintuigen, vier gaven : 1. grens-gevoeligheid 2. ingewikkeldheids-gevoeligheid 3. doel-gevoeligheid 4. volgorde-gevoeligheid Waarom is dit zo belangrijk ? De kerken hebben alles omgedraaid, en zijn niet gevoelig voor de volgordes en de voorwaardes, allemaal vanwege hun materialisme en eerzucht, hun verkoopzucht. En dat komt omdat het fokkerijen zijn. De schapen vallen voortdurend ten prooi aan de wolven. Daar leven ze van. Ze zijn niet strategisch. Ze gooien alles door elkaar, zoals wanneer hun kinderen door de vijand worden afgemaakt vallen ze de vijand niet aan, maar gaan de vijand bij voorbaat al lopen vergeven, en dan staan ze erbij en kijken ze ernaar, als de NSB ! Ze weten niet eens wat vergeving is, laat staan geestelijke oorlogsvoering. Als je kinderen voor je ogen gemarteld worden dan is vergeving van de vijand wel het laatste wat je als ware ouder zou doen. En dan hebben ze jarenlang de geestelijke gaven lopen afwijzen en het bestaan van demonen. Nooit nemen ze hun

kinderen serieus. Nooit. Ze staan aan de kant van de vijand. 'Gegroet,' moet je dan zeggen tot zulke kerken, en rennen zo hard je kan, en zo lang je kan. Anders ga je eraan. Dat heb ik moeten doen. Pinksteren redde mijn leven, en ik kwam toen in de charismatische beweging. Niet alles is daar koek en ei, maar voor toen was het mijn redding. God gebruikte het, maar every level has it's own devil, dus ook daar moest ik op een gegeven moment weer van wegrennen. Het was nog maar het begin. Ik denk er dus met gemengde gevoelens aan terug. We mogen het kind niet met het badwater weggooien, maar we mogen ook zeker niet door valse, overmoedige 'vergeving' de vijand vrij spel geven om onze kinderen uit te moorden ! Dat zijn allemaal luie excusen om geen geestelijke oorlogsvoering te hoeven voeren. Lekker makkelijk. Dat soort onstrategische zetten in geestelijk schaken komen van de tegenstander zelf. Men rotzooit maar wat aan. Vandaar dat het belangrijk is de geestelijke gaven te ontvangen en te ontwikkelen, als wapen hiertegen. Er zitten teveel parasieten hier in de lucht. En wie gooit nu zomaar wijd de deur open en laat alle parasieten binnen, alle inbrekers en laat ze iedereen uitmoorden, om dan te zeggen : 'En ik vergeef jullie allemaal.' Wie doet dat ? De mensen die dat zeggen slapen trouwens wel met een honkbalknuppel naast hun bed, 'voor als er inbrekers komen.' Dus als het om henzelf en hun huisje gaat, dan vergeven ze ineens niet meer zo snel. Haha, wat een huichelaars. Geef mijn portie dan maar een fikkie. Ik weet dat we met nazi's te maken hebben en met nsb-ers, en dan is het beste wat je kunt doen je kinderen al vroeg waarschuwen. Ken je grenzen. De mensen moeten de voorwaarden voor alles weer leren kennen, en hun eigen stomme bureacratie overboord gooiten. Het gaat om de hemelse voorwaarden, niet de aardse voorwaarden. Daarom mag de mens voorwaarden-gevoeligheid ontwikkelen. Dit komt ook weer tegemoet aan de grenzengevoeligheid, want het laat zien waarom er grenzen zijn. Uiteindelijk komt de mens dan tot de reden-gevoeligheid, zodat de mens het hoe en waarom begrijpt. 1. grens-gevoeligheid 2. ingewikkeldheids-gevoeligheid 3. doel-gevoeligheid 4. volgorde-gevoeligheid 5. voorwaarden-gevoeligheid 6. reden-gevoeligheid Hierin zijn teveel afleiders en uitdovers, en daarom moet de mens als basis de heilige dood blijven sterven, en moet de heilige dood op dit pad de gids blijven, zoals ook het opgehangen jongetje deze vrouw als zijn gids had, als symbolische voorstelling daarvan. Net zoals bij het christendom de heilige geest, of het heilige geestelijke de christen leidt op het pad van de geestelijke gaven, als basis en bron. Er zijn dus duidelijke parallellen, maar hier wordt het verdiept. De christenen, met name de westerse christenen die daadwerkelijk van toeten noch blazen weten, zijn vastgelopen. Vandaar het hemelse verhaal over het opgehangen jongetje, wat in dromen tot mij kwam. Zes regels, zes gaven, als de zes dagen van een nieuwe schepping. Hij ging dieper en dieper in de grottenstelsels onder de grond, om te zoeken naar geheimen. De heilige dood leidde hem. Hij was op zoek naar de zevende dag, de rust. Zes dagen zult gij arbeiden, maar de zevende dag is de rustdag. Dat is natuurlijk symbolisch. Uiteindelijk vond hij de rustdag die was opgeborgen in een grot, maar deze rustdag werd bewaakt door een heks die zeven schoenen droeg. Ze begon haar schoenen uit te trekken en naar hem toe te gooien. Ze had geroepen dat als hij door één van haar schoenen geraakt zou worden, dan zou hij voor eeuwig verstenen. Uit alle macht probeerde hij toen weg te komen en de schoenen te ontwijken, maar helaas werd hij toen toch door een schoen geraakt, en versteende voor eeuwig.

Arm, arm jongetje, hij was zo dichtbij gekomen, maar nu eeuwig verwond door een heks. Voelen wij ons ook niet zo soms, alsof we door iets voor eeuwig verwond zijn geraakt, alsof we er maar niet van kunnen genezen ? Dan mogen we terugdenken aan het versteende jongetje. Hij was al zo dichtbij, en toen leek alles uit zijn vingers weg te glippen. Voor velen zal het zo herkenbaar zijn. Hij moest weer een hogere dood sterven. De heilige dood kwam tot hem. Het was een eeuwige dood die hij ditmaal moest sterven, eeuwig afsterven aan het materialisme, de vraatzucht, en alle leugens en bedrog wat daarbij komt kijken. Alleen zo zou hij de eeuwige rust kunnen binnengaan. Hij kon zich niet bewegen, en hij stond daar als bevroren. Ook de heks was bevroren, versteend, want ze betaalde immers een hoge prijs om dit het jongetje aan te doen. Overal begon het te sneeuwen en het werd winter. Het standbeeld van het jongetje kwam helemaal onder de sneeuw. En hij moest wachten totdat het lente werd. Toen begon hij weer te ontdooien, en kon hij zich weer langzaam bewegen. Maar de heks ontdooide niet. De heks was nog steeds van steen. Heel voorzichtig is hij toen langs de heks heengegaan, door de opening van de grot waar de eeuwige rust was. Hij viel daar in een diepe slaap. De heilige dood en het pad van de geestelijke gaven had hem geleid tot de eeuwige dood, en zo kon hij uiteindelijk de eeuwige rust binnen gaan, en zo werd hij het dromende jongetje. Hoofdstuk 7. leven in het vlees of in variatie ? De luie, vraatzuchtige mens denkt heel makkelijk over de gnosis, over de kennis. Hij wil alsmaar meer kennis, zonder deze kennis daadwerkelijk te beveiligen. Hij wil dus ook het pakpapier om de kennis niet, en verdere beveiligingsdozen. Hij wil niet puzzelen, maar het kant-en-klaar hebben, recht voor z'n raap. Dikke boeken houdt hij daarom niet van. Het moet kort en simpel blijven. Verhalen houdt hij ook niet van, want dat is volgens hem niet to-the-point. De mens moet eindeloos variëren met bestaande kennis om het uit te werken, te verdiepen, te beschermen, opdat de mens verder kan. Alle bestaande kennis moet daarom wel gewikkeld worden in verhalen, omhuld worden, anders gaan de parasieten de blote kennis aanvreten. De mens moet weer zorgdragen voor de kennis, zoals bijen dat doen in hun korven met dat wat ze van de bloemen hebben genomen. Het wordt uitvoerig bewerkt, uitvoerig gevarieerd. Daarom is variatiegevoeligheid zo'n belangrijk zintuig. Er moeten dus een heleboel vormen komen van hetzelfde. Ongevarieerdheid is een zwakheid. De mens moet leren variëren, ook in hetzelfde, en daarom is herhaling belangrijk, telkens net op een andere manier. Zo komt de mens los. Zo wordt de mens en de kennis beveiligd. Telkens komen er laagjes overheen. Is de mens open voor deze natuur laagjes ? De mens moet werken met de kennis : spinnen en weven, zoals de hommels en de bijen, ijverig zijn als mieren. De mens kan dus veel leren van de insecten wereld. De mens is ingedut en wil alles vlak

houden, alles simpel. Lekker makkelijk. Maar dit kost de mens z'n kop. De mens wordt zo makkelijke prooi. Ik heb veel mensen in de gnosis zo zien indutten. Er liggen allerlei gevaren op het pad van de gnosis, van de hogere kennis, allerlei mijnen. Daarom blijf ik hierover prediken en onderwijzen. Er zijn mensen die na een paar jaartjes gnosis wel vinden dat ze genoeg gestreden hebben, en maken zichzelf dan wijs dat de demonen nu wel verslagen zijn zo'n beetje. Ze zijn vervroegd met pensioen gegaan. Ze updaten hun computers niet meer, terwijl de vijand rustig doorgaat. Ik blijf daarom zeggen : de gnosis is niet makkelijker en simpeler dan raket technologie. Als je je neerlegt bij het zijn van een geestelijk mavo-schaap, dan heb je gewoon de oorlog al verloren. Dan ben je ingenomen en dan wordt je voor de gek gehouden voor de rest van je leven. Het bourgondische leven trekt de mensen. Lekker feestvieren. Lekker makkelijk. Lekker dom blijven, niet meer doorstuderen. 'We hebben nu wel genoeg gestudeerd.' Maar je bent nooit te geleerd om verder te leren. Overal stoppen mensen om je heen met leren om er een marktje van te maken. Laat je er niet door bedriegen. Leren variëren, zodat het materiaal veilig is. Leren beveiligen, leren omhullen, zodat het overlevingskansen heeft. Als je een stuk kennis hebt gevonden moet je er wat voor doen. Dan begint de oorlog pas, want dan zullen de parasieten het aan gaan vallen, in al hun slinksigheid. Wie meent te staan, zie toe dat hij niet valle. Ga creatief om met de kennis. Herhaal het over en weer en giet het in allerlei vormen, op allerlei manieren, zodat het tot een leger wordt, en de kern beveiligd is. Laat het niet open en bloot liggen. Ga er niet eenzijdig mee om. Bouw er een kast omheen, een verhaal, een doolhof waar de parasieten het niet zomaar kunnen weggrijpen. Blijf het omcirkelen, blijf het uitbroeden, blijf het verwarmen en koesteren. In de variatie mag de mens dus niet indutten, maar moet de mens komen tot de eeuwige variatie. Uiteindelijk moest het jongetje dat ontvangen na de eeuwige dood te hebben ontvangen. Variatie is de manier om los te breken, eindeloze variatie. Neem niets zomaar eenzijdig wat op je afkomt. Varieer het eindeloos, en breek los van de opsluitende, dogmatische, orthodoxe parasieten. Ze willen je fokken, en dat kan alleen maar door je eenzijdig te houden, oncreatief, ongevarieerd. Denk aan de bloemen die alles warmbloedig omcirkelen, die alle natuurdraden weven en spinnen, blijven omhullen totdat het beste eruit voortkomt, een trap naar een nieuwe verdieping, en dan doen ze hetzelfde. Ze stoppen nooit. Ze gaan eindeloos door. De mens rafelt alles af. De mens wil alles snel-snel, kant en klaar. Ze kennen het bloemenleven niet, en het leven van de bijen en de hommels niet. Het zijn grauwe, fletse figuren geworden. Altijd kibbelen ze, maar ze werken nergens voor. Ze willen alles direct op tafel hebben, en hebben altijd alles op anderen aan te merken, alleen maar over oppervlakkigheden. Ze leven in het vlees, niet in variatie. Ik wil afsluiten met een artikel van ons van vroeger, genaamd 'de chemische kerk' : Een kerk die zo parallel loopt aan wereldse praktijken, een kerk met kunststoffen in plaats van het kruid der wildernis. Hoe zou God daarover denken ? Het kruid komt met de doorn en de angel, terwijl de kerk een chemisch goedje voor de binnenstromende massa heeft. Velen zijn bang voor de wildernis, bang voor de lijdende God. Gods noodkreten en lijdenskreten zijn onverdragelijk, en ook de strijdkreten en wee-kreten van zijn engelen. Een kerk die oordoppen uitdeelt, een chemisch middeltje in strips uitdeelt, dat het bloed van Christus wordt genoemd, en de zalving van de Heilige Geest. Een kerk met roddel-magazines, met plastik bijbels, speelgoed-bijbels, een kerk die zijn hart ergens anders aan heeft verloren. Een kerk met dienaren als politieke ministers, met stropdassen zo duur mogelijk, om als dood en goed gestropt te zijn tegen de noodkreet van hongerend Afrika. God hongert niet, want de chemische kerk heeft voedsel genoeg. Dure kleding als harnassen tegen de geur van de wildernis en het kruis. Een kerk met hoge kronen en hoge tronen, want God regeert immers. Met het avondmaal is de wijn zwart geworden, het brood verkleurd. Als de verboden appelen ligt het daar, een

chemisch mengsel. De boom des levens verbannen naar de wildernis. Een kerk met zoveel kleuren, maar de kleur van het kruis kennen ze niet, een chemisch middeltje smeren zij op de hoofden van hun patienten. Even lijken de patienten op te fleuren, de kerk heeft hen gered, met dure woorden, maar dan storten zij al gauw neer, of klimmen hoog op om samen met de hoge heren feest te vieren. Er is feest in de stad, en er is feest in de kerk, niemand zal de roep van de wildernis nog horen. Maak lawaai, gebruik veel kleur, beweeg de vlaggen. De marionetten zijn gemaskerd, dodelijk speelgoed voor de kinderen. Toe pappa, toe mamma, laat me nog even spelen, want morgen is alles weg, en staat de chemische kerk me in de weg. En de dienaren van de chemische kerk, bestuurd door de laatste mode, de wapenrusting van de wereld en de schijnbewegingen van de grote kermis, sluiten de put der wildernis. Het is over nu, het gegil van God niet meer horende. Nu zal iedereen ingespoten dienen te worden met de spuit van de chemische kerk, of diep in de put belanden. Ja, de chemische kerk lacht, hoog tronende op zulk een macht. De inquisitie leren zij, treiterende hun slachtoffers met eeuwige hel. Dienaren van de chemische kerk, mode-agenten, maar er is niets moois meer. Diep in de wildernis bloeit een bloem, met de bloesem van verloren dromen. Maar zij van de chemische kerk zijn te ver weg, hun ogen gesloten. Hoofdstuk 8. het voortijdse alfabet Honden aan de ketting Je mag niet leven, je mag niet denken, je mag niet studeren. Je mag helemaal niets in die vuile familie kerken. Het enige wat je mag is zoals hen zijn. Zo niet, dan krijg je een etiket op. Dat beslissen zij, de laag opgeleide, labiele types, verstrooide warhoofden, die alles maar dan ook alles uit roddelblaadjes halen, en blindelings dronken marktkooplui volgen over de ruggen van hun kinderen heen. Het is de kanker die woedt in de samenleving. Pap er niet mee aan want het springt zo op je. Het zijn parasieten die in de mens willen huizen, nestjes willen bouwen in hun hoofden. Je wordt totaal gebrainwashed. Ze hebben allerlei smerige taktieken hiervoor. Slijmen en aardig doen om hun doel te bereiken is hen niet vreemd. Maar als ze konden zouden ze de botten van je lijf afvreten. Ze kunnen een bepaalde streep niet over en ze worden in de gaten gehouden. Tot hier en niet verder ! Het zijn honden aan de ketting. Kom niet te dichtbij. Het zijn verbale messentrekkers.

Door veel slijmen weten ze hun cultussen echt wel groter te maken en mensen dom te houden. Ze kunnen niet tegen creativiteit, ze kunnen niet tegen intelligentie. Alles moet volgens hun laag opgeleide, kortzichtige boekjes gaan. Als ze iets niet begrijpen dan is direct grote paniek, en halen ze hun etikettendoos erbij om mensen als zwarte schapen te brandmerken. Zijzelf zijn het hogere ras. The end. Nou, dat was een interessante film, zeg. 't Lijkt wel alsof we naar een tweede wereldoorlog film hebben gekeken. Een onsmakelijke horror film is er niks bij. Het spookhuis zou er voor op de loop gaan. Lieve mensen, de duivel heeft de ergsten van de ergsten op ons afgezonden, en dat was ook wel te verwachten. Er mocht bij ons vroeger niet over de duivel gesproken worden. Dat was een verboden onderwerp. Ik heb altijd geweten waarom. De duivel wil namelijk niet ontmaskerd worden. En je kan een kind uit zo'n kerk halen, maar hoe haal je de kerk uit een kind ? Het is een levenslang trauma, als een eeuwige wond. Het moet genoemd worden. De opgesloten mens die om hulp roept moet weten dat er voor hem of haar gestreden wordt. Daarom blijf ik het noemen. De strijd gaat door. Voor nu hebben we de wonden nog, om verbonden te blijven aan hen die nog vast zitten. Deze wonden zijn onze zintuigen en zelfs onze wapens. Ook herkennen we elkaar aan onze wonden. Variatie De Egyptenaren varieerden al. Ze schreven hun teksten van links naar rechts, van rechts naar links, van beneden naar boven en van boven naar beneden, en op vele verschillende manieren, wat een manier was van zowel beveiliging als opslag. Tegenwoordig raakt men helemaal in paniek als iemand een schrijffoutje maakt. Dat is toch wel het einde van de wereld, terwijl het eigenlijk levensbelangrijk was, voor de variatie, om hen te redden. Als je niet meer kunt varieren, en je durft nooit een schrijffoutje te maken, dan ben je dus eigenlijk al dood. Dan hebben ze je al. Het systeem moet gebroken worden. Ze willen de mens eenzijdig houden door de papieren paus uit te hangen. Durf je tong uit te steken. Beschrijf je kennis op vele manieren, in verschillende lagen van symboliek en in verschillende talen, in grote gevarieerdheid, opdat het zal overleven. Eenzijdigheid en kortafheid is een kou die het vruchtje zal doden. Daarom zijn religies, verschillende religies, belangrijk, om verschillende lagen van symboliek te creeeren voor beveiliging en vruchtbaarheid. Daarom gaat de christen die zich boven de islamiet waant het ravijn tegemoet. Als de christen in Arabië zou zijn geboren dan zou de christen islamiet zijn geweest. Laat geboorte dus niet bepalen wat je bent, maar varieer. Werk de kennis uit in vele lagen en talen. Zo kan de kennis opgevoed worden en overleven. Eenzijdige kennis zal sterven. Parasieten zullen het vinden en doorboren en verteren. Wees een goede broedster. Verlaat het nest niet voortijdig om ergens anders nieuwe eieren te maken terwijl je nog niet eens je eerdere eieren hebt uitgebroed. Wie het kleine niet eert is het grote niet weert. De mens is niet daadwerkelijk warm en amoureus, maar koud en onverschillig. Hebberig. Ze willen alles weten, nieuwsgierig als ze zijn, maar ze achten het van geen waarde. Ze lezen het als de krant en donderen het weer weg. Ze koesteren geen boeken, geen kennis. Het zijn slechts opgezette vogeltjes. Ze hebben het helemaal laten bevriezen, laten verstenen. Ze hebben er met de schoen naartoe gegooid. Ze hebben God in een te nauwe doos gedrukt. De mensheid is een bizarre karikatuur. Als je er te lang over nadenkt ga je eraan. Daarom : varieer. Leer symboliek te gebruiken, zeg het met andere woorden, benoem het in andere verhalen, in andere terminologieën, zodat er deuren geopend worden. Er zijn andere werelden dan dezen, maar de zintuigen van de mens moeten er open voor gaan. De mens moet er gevoelig voor worden, maar eerst is dan de

gevoeligheid voor variatie belangrijk. Om je heen klot alles samen en wordt ongelovelijk koud. Ga daarom naar binnen tot de warmte van variatie. Verwacht het niet van mensen. Mensen kunnen zo ineens verkillen en alles gaan afrafelen, zodat ze niet eens meer zien wie je echt bent. Ze trekken je omhoog op hun lange torens, maar als je er dan bijna bent laten ze je vallen. Het is een truuk. Verwacht het niet van mensen. Ze kunnen heel lang met je meegaan, en dan ineens is het afgelopen omdat ze te lui zijn om je te begrijpen. Altijd loop je weer op eieren. Ze zijn te lui om navraag te doen of je om uitleg te vragen, en dan zelf hun verhalen over je verzinnen en toeteren alles door. En mensen zijn goedgelovig. Als ze zonder enig bewijs geloven wat hun ouders hen met de paplepel hebben ingegoten, zelfs op late leeftijd, dan zullen ze ook datgene geloven wat anderen over jou vertellen. Variatie is adem. Variatie is leven. Halal Het Hebreeuws bestond oorspronkelijk alleen uit medeklinkers, en de klinkers zijn er later bijverzonnen, dus vandaar dat de klinkers net zo goed anders kunnen zijn, en wat soms gewoonweg ook veel meer duidelijkheid geeft. Er was altijd al verschil vanwege verschillende dialecten en transliteraties. Als we het hebben over Sarah of Suri en Abraham, dan komen we ook bij Egypte uit, en bij de voortijd. En dat moet ook wel, want Egyptisch is de moedertaal van het Hebreeuws. Veel Hebreeuwse oorsprongen liggen in Egypte verborgen. Sa-rah is de gids (sa) van Ra door de onderwereld. In de voortijdse theologie gaf Suri een besmeurde, met bloed bevlekte lendendoek aan Abraham om zijn naaktheid mee te bedekken. De mens kan volle openbaring niet aan, en daarom is er het met bloed bevlekte voorhangsel. Hosea komt van het Hebreeuwse woord os, sterkte, alertheid, s, wat ook weer terugwijst op de sa gids van Ra in de dodenwereld, dus ook op sarah, op Suri. De godin Suri is dus verscholen achter het boek H-os-ea wat haar voorhangsel is. Calvijn noemt Hosea een voorbeeld van geduld. Soms kunnen we van de vrouwelijke Hosea, oftewel sa, sa-rah, Suri uitgaan, en soms van de mannelijke Hosea. Calvijn stelt in zijn commentaar op het boek Hosea dat Hosea het volk met de toekomstige wraak had gedreigd, want Israel was zichzelf te buiten gegaan aan rijkdom en macht, onder Jerobeam. Voorspoed had het land totaal dronken gemaakt, en daarom trad Hosea er tegen op. Het volk werd door God verworpen. De boog van Israel zou verbroken worden. De voortijdse godin Suri bestaat uit de voortijdse letters S, de Aso, de proza, een vrouw met een kind aan haar borst in de rivier, en R, de Oru, het kruis, een breedheupige natuurvrouw. Deze letters afzonderlijk zijn ook godinnen, natuurvrouwen, natuurprincipes. Juda, het tweestammenrijk, is de fallus van Israel, het tienstammenrijk, in de Hebreeuwse wortel (yad). Calvijn stelt terecht dat Juda de machteloze was, hebbende anderhalve stam, in zijn commentaar op het boek Hosea. Ze waren geplunderd door Israel. Er was zwaar onheil gekomen, en daarom waren ze verzwakt. Juda was tot grote armoede gebracht, tot honger, waarvan Juda ook een beeld is : de honger, de fallus. Israel minachtte Juda. Juda was niet groot in aantal en niet sterk. Daarom zou God zich over Juda ontfermen. Calvijn spreekt dan over dat de Heere het volk zal ontbloten als een grote ontmaskering. Dit is dus weer iets wat Suri doet. De Heere zal hun feesten doen ophouden, en ze zullen niet door drogredenen de kastijding kunnen tegenhouden. Ze zullen niet van de Heere kunnen ontsnappen, stelt Calvijn, sprekende over het tweede hoofdstuk van Hosea. Calvijn stelt dat zij zo tot de honger

werden geleid. Hierdoor zullen ook de akkers tot wildernissen worden. Calvijn stelt dat in de wildernissen een honger heerst die leidt tot een duizenderlei dood, en dat was wat het volk nodig had : een diepere dood, maar in het dal van Achor zal er vruchtbaarheid zijn. Calvijn stelt zoals Hosea dat de verlossing niet door wapens, strijd en ruiters komt, dus mensen zouden in hun dwaasheid tevergeefs op eigen kracht vertrouwen, maar dat God zelf zou verlossen, dus eigenlijk als iets moederlijks. In Arabië is god genoemd ilah en allah, en in Israel alah (aramees) en el (hebreeuws, kanaanitisch), en de Germanen noemden het hel, als de moeder godin van de vruchtbaarheid, de baarmoeder, en we zien telkens weer de letter L terugkomen in verschillende vormen, wat helemaal terugleidt tot het voortijdse halal (ila), wat ook weer vandaag de dag in Arabië wordt gebruikt als het leven binnen de natuurgrenzen, oftewel de grens-gevoeligheid. Dit is verbonden aan het ijs en de honger, aangaande de restricties. Het is allemaal hetzelfde, en de voortijdse godin Halal verschuilt zich achter deze verschillende vormen. Zij is zeer krachtig. Halal is naast de ramadan een veelgebruikt woord in de islam, maar denk ook aan het judeo-christelijke 'halalluja', wat ook te maken heeft met het profetische leven, het blijven binnen de hogere grenzen. Halal moet natuurlijk symbolisch genomen worden. De mens moet de godin Halal weer leren kennen, en haar woorden leren interpreteren. Dit is dus de naam van de letter L in het voortijdse alfabet. In de Hebreeuwse bijbel wordt God ook wel Halal genoemd : 'Ik zal de heere roepen, die het waard is halal te zijn.' (2 samuel 22:4) Wil je dus tot god komen : blijf dan binnen de grenzen, wees grensgevoelig. Daar gaat het over. God wordt op dezelfde manier Halal genoemd in Psalm 18:3. Ook in Psalm 113:3 is de naam van God 'halal' : 'Van het oosten tot het westen, zij de naam des Heren halal.' Alleen door halal kunnen we tot god komen, omdat halal de grenzen betekenen waaraan we ons moeten houden, en god is dus een metaforische voorstelling van de grenzen. God betekent dus grens, of grenzen. Kunnen wij daarmee leven ? Dan hebben wij god daadwerkelijk gevonden. Telkens weer wordt god in de hebreeuwse bijbel samen genoemd met halal. Zij horen bij elkaar. De laatste zes psalmen, van 145-150, zijn halal psalmen, waarin halal veelvuldig wordt genoemd en voorkomt. Wikki Vannacht had ik een droom over dat ik met kamp in Duitsland was, maar daar scheen ik ook te wonen. En er werd gewoon Nederlands gesproken. Het was natuurrijke omgeving, en ik was daar in de natuur, en kwam wat mensen uit Denemarken tegen die hier waren gekomen en weer terug zouden gaan, maar ze hadden het over een oorlog in Denemarken. Er werd met kanonnen geschoten. Ik vroeg toen of er hier in Duitsland ook oorlog was, maar dat was niet zo. In Duitsland was het veilig. Ik ging weer terug naar het kamp. Mijn vrouw in die droom was een levenspartner van lang geleden. Onze kinderen waren klein, en mijn vrouw deed een soort mededeling, en ik wist het al : een scheiding. Ja, want ze wilde haar jeugd terug en ik was veranderd. De kinderen begonnen toen te protesteren naar hun moeder. Ik was exorcist. Ik zag dat ze niet haarzelf was, omdat er een demoon in haar was gevaren. Ik zei : 'Demoon, wie ben je.' Toen sprak de demoon heel zacht door haar heen : 'Wikki.' Ik zei toen : 'Wie ?' 'Wikki,' sprak de demoon weer door haar heen, toen wat duidelijker. Ik verbrak toen die geest, opdat ze zelf kon kiezen. Deze demoon hield haar wil bezeten. Wikki was een veel groter systeem, een zwarte walvis. Het kamp was dichtbij een voorouderlijke stad die normaal gesproken in Nederland ligt, maar in de droom lag het in Duitsland. Dat komt omdat ik ook Duitse voorouders heb die toen naar Nederland zijn getrokken. Wie of wat is Wikki ? Het is een systeem, een verstrooid systeem wat alles omdraait. Het heeft ook zijn eigen straf-systeem, en loon-systeem. Het is een systeem van mind control. Wiki komt uit

Denemarken, het land van Kierkegaard die diep bezig was met de Sarahitische theologie, oftewel met Suri (het Suriitische). Wikki bewaakt de poorten tot de voortijden en het voortijdse alfabet. Het is een vals adoptie systeem, kinder roof en kinder offering. De kinderen worden met giftige moedermelk vergiftigd, zwarte melk. Die adoptie systemen of ontvoerings systemen werken door allerlei soorten instanties : school, medische bedrijven, kerken, families enz. Ze willen het kruis niet om tot de waarheid te komen, maar de dronkenschap om tot de leugen te komen, om zo anderen ook in dat systeem in te wijden, zodat ze geen last van hen hebben. Het is dus oorlogs strategie. Het is de narcose en hypnose van de vijand. De beste aanval is altijd de heimelijke infiltratie, zodat ze van binnenuit alles omver kunnen werpen. Hoofdstuk 9. de voortijdse wortels van het boek Jozua Jozua heette eerst Hosea, maar Mozes noemde hem later Jozua. Het heeft in de voortijd de asogodin als wortel. Aso is de naam van de voortijdse letter S. Zoals Jozua het volk leidde, leidde de godin of natuurvrouw Aso ook het volk, wat in Egypte tot sa werd, de gids van Ra door de onderwereld. Calvijn stelt dat Jozua de overwinning niet kreeg door eigen kracht, niet door de boog, want dan zou de mens al snel door hoogmoed worden verblind. Het kwam van boven, zoals psalm 44 ook stelt, en deze verhalen moeten allemaal symbolisch genomen worden, omdat het over de geestelijke strijd gaat : 4 Want niet met hun mes hebben zij het land verworven, niet hun arm heeft hen gered, maar uw rechterhand en uw arm en het licht van uw aanschijn, omdat Gij in hen een welbehagen hadt. 7 Want niet op mijn boog vertrouw ik, en mijn mes verlost mij niet. We doen het dus niet door het vleselijke, maar door het geestelijke. Niet door het lagere, maar door het hogere. Het is iets moederlijks. Het leidt terug tot de voortijdse bronnen van de natuur. De stad kan het niet doen, maar de natuur. Calvijn noemt in het commentaar op het boek Jozua de eigen wil en de verkeerde omgang waardoor de mens besmet wordt het vleselijke. Calvijn stelt terecht dat als de westerse vertalingen spreken : wees sterk, dat deze sterkte oprechte ijver betekent, en een volhardende gehoorzaamheid aan het hogere. Als we dit niet hebben, dan kunnen we niks van God afdwingen. En deze gehoorzaamheid betekent volgens Calvijn niet afwijken ter rechterhand, en ook niet ter linkerhand, dus de grenzen in achtnemen, zoals dat ook in Jozua 23:6 en Deut. 5:32 wordt gesteld. Dit is dus volgens Calvijn niet voor huichelaars en lichtvaardigen. Het gaat dus om de gave van grens-gevoeligheid ontwikkelen, anders werk je voor niks, buiten de grenzen. De ijver moet dus gericht zijn, in het geestelijke, niet dat je als een materialist als een dwaas heen en weer gaat rennen. Er moet contact komen met het diepere geestelijke, waar de mens zich op mag richten, op de binnenwereld. Zowel de bijbel als Calvijn moeten we symbolisch nemen bij het lezen. Calvijn stelt

dat de ijver altijd gematigd moet worden door niet hardnekkig aan te dringen en door niet te blijven bij vooroordelen. De mens moet voor rede vatbaar zijn. Calvijn stelt dat de geest van huichelarij overmoedig is en leeft in vooroordelen terwijl het vasthoudt aan de eigen wil. Dit noemt Calvijn de vrije teugel van lichtzinnigheid. Ze worden zo losbandig gedreven door de ziekelijke eigen wil. Calvijn stelt dan dat de ware God hoger is dan alle valse afgoden die de mens heeft gemaakt. We kunnen stellen dat hen die niet waarlijk aan hun eigen wil sterven en niet worden wedergeboren in de hogere, hemelse rede, telkens weer voor zulke afgoden vallen. En deze afgoden zijn zeer bedrieglijk en zeer heimelijk. Wanneer gaat de mens beseffen dat de kunstmatige realiteit om hem heen bedrog is ? Wanneer gaat de mens ontwaken ? Als we kijken naar de voortijdse godin Aso, de wortel van Jozua en Sa in Egypte die Ra leidde door de onderwereld, dan is zij niet slechts een gids die de mens door de wildernis leidt, maar ook de opvoedster van de mens. Het Wikki systeem wat de mens hypnotisch onder narcose houdt heeft ook een satelliet, genaamd Afhole, een arend. In een droom zag ik de arend, een zeer praatgrage arend, en een afleider. Als mensen het Wikki systeem proberen te ontmantelen probeert hij hen af te leiden en om te kopen. Hij is zeer sluw. Laten we goed beseffen dat dit via het gedachtenleven gaat. Deze mensen, deze vuile families, willen over anderen heersen, denkende dat ze geestelijk van een hoger ras zijn, terwijl ze tegelijkertijd het geestelijke 'de ver van mijn bed show' noemen, en niet eens weten wat er in hun eigen boek, de bijbel staat. Ze worden helemaal overstuur als mensen iets zeggen wat ze niet kennen. 'Maar het staat in de bijbel,' zeg je dan. En deze mensen die denken dat orthodoxe christenen het hoogste ras zijn, en mensen die in de medische wereld werken, zijn vaak aan de alcohol in meerdere of mindere mate. Als je alcohol neemt kun je al niet eens meer helder denken. Daarom zijn ze ook zo volgzaam. Ze volgen altijd de massa's, altijd waar het geld rolt. Ze laten zich bedonderen door certificaten en andere zogenaamd waardevolle papiertjes, en die hebben ze gewoon gekocht of gestolen. Daarom moest Jozua komen. Het volk had verdere verlossing nodig. Daar gaat het boek Jozua over. Het gaat symbolisch over de strijd tegen de boze machten. De mens moest terugroven wat van hen geroofd was, en zo werden er weer grenzen gesteld en werd het land verdeeld. De mens moest in de voortijd in de wildernis heropvoed worden door Aso, en zij leidde tot de grenzen, tot grens-gevoeligheid, oftewel tot halal, net zoals Jozua, waarvan zij de voortijdse wortel is. De mens heeft een moeder nodig, als een gids en opvoedster in de wildernis, om tot het beloofde land te komen. Die moeder is slechts een metafoor van een principe, wat diep in ieder mens ligt. Het Wikki systeem rooft kinderen om hen op te sluiten in de kerk en medische dwang. Ook worden ze in scholen geplaatst om hen te brainwashen en af te leiden van de demonologie. Omdat ze zo de theologie maar halfgebakken leren en niet weten wat het betekent, gaan ze het letterlijk opvatten en hebben niet meer de macht om het symbolisch te zien. Ze krijgen niet voldoende tijd, worden altijd weer opgejaagd door het materialisme. Het Wikki systeem doet het kind ten onder gaan in het consumerisme (vraatzucht, koopzucht), waar de arend Afhole hen inlokt, steeds dieper en dieper, als in een fuik. De voortijdse moeders roepen de mens terug. Deze codes liggen nog verborgen in het boek Jozua, in de diepe etymologie (leer der taaloorsprongen) die terugleidt tot de voortijd. In een droom had ik een gevecht met Afhole. Dit was meer een koude oorlog dan een gevecht, want ik mocht hem niet zomaar aanvallen. In deze koude oorlog kwam Siva mij tegemoet uit de theologie van India. Dit was echter een diepere code : S-Eva, Aso-Eva. Eva is de wording, dus dan betekent het de zelf-opvoeding. Wees voor jezelf een moeder. Zorg voor jezelf.

Hoofdstuk 10. Calvijn over Ezechiel, Jeremia, en Jesaja Want het leven van kinderen is toch niks waard, dus maar witte plastic in hun botten donderen, denkt de tandarts, wat op hetzelfde niveau is als het chinese voetbinden wat vele eeuwen lang in stand werd gehouden. Dit is niet waar het kind om vraagt, maar wordt gedwongen. De mens is onder zware hypnose. Op scholen moeten de kinderen ook verplicht de meest domme onzin leren. Het menselijk geslacht is behekst. Het is nog erger dan zomaar reclame, want het wordt de mens opgedrongen. Eens zullen ze voor God's troon moeten verschijnen voor hun misdaden. Het lichaam is de tempel van God, ook een kinderlichaam, maar de afgoden worden onder dwang in het kind geplaatst. Het is tempelontwijding, een verkrachting van de natuur. Er is een dag tegen alles wat hoogmoedig is en trots. Ook in de theologische wereld is het geen koek en ei. Van Jezus hebben ze een afgod gemaakt, en dat wordt ook gedwongen, terwijl het gewoon een bepaalde taal is, en het is goed om er iets vanaf te weten, zonder in allerlei terroristisch extremisme te vallen. Ook is er helaas een criminele hoek in de theologie, maar dat is eigenlijk met alles zo. Hoe dan ook blijft theologie een interessant onderwerp, en is het altijd mijn vak geweest. Het is belangrijk te zien hoe de medeklinkers codes doorlopen via de etymologie terug tot de voortijden, door de Calvijn codes. De bijbel en Calvijn letterlijk lezen of symbolisch, abstract en in code is nogal een groot verschil. Calvijn moet dus herzien worden en op code geschat, anders gaat de wereld eraan door deze bom. Om tot de andere wereld te komen moet de mens ook cryptosofisch leren denken, om de oude programmeringen te verbreken en te vervangen. De vijand programmeert namelijk door taal. Calvijn stelt in zijn commentaar op Ezechiel 20 dat de goddelozen verschillende wijzen van geloof hebben, maar dat ze geen rekening houden met God. De mens kan God niet aanbidden buiten de leer van God om, oftewel het onderwijs, de kennis. De mens moet God dus leren kennen en niet bazelen over geloven. Calvijn strijdt op vele punten tegen geloof. Het moet van boven komen, niet door het vleselijke. Ook als de mens offert vanuit het vlees worden de offers afgewezen. Natuurlijk is dat symbolisch. Het menselijke mag geen inmeng hebben. Het moet van boven komen. Calvijn noemt het vleselijke offeren ijdele verbeelding, die herkend kan worden aan halfhartigheid. Halve offers en halve aanbidding worden afgewezen. Aanbidding is iets metaforisch. De ware aanbidding is de gehoorzaamheid aan de hogere kennis. Hoe bedrieglijk is het als je zomaar een ander wezen letterlijk gaat aanbidden, terwijl je niet de hogere principes hanteert, want dan is het slechts luie projectie. Dat is wat de lofprijs van de mens vaak waard is. Deze lofprijs is van het vlees. De mens moet allereerst tot stilte komen en leren luisteren. De mens moet dus eerst de ballingschap tot de kennis ingaan, waarvan Juda een beeld is, zoals Calvijn stelt dat Juda een plaats van ballingschap is. En Juda is een beeld van de fallus in de wortels (yad). De fallus is een beeld van het natuur spasme, het niet leven vanuit het directe van de eigen wil en controle, maar vanuit de natuur controle. Zo moet de mens dus ook komen tot het natuurspasme van de hersenen. Calvijn stelde dat de kracht van boven alleen kon komen als de gevangenschap bitter zou zijn. Ik moet dan ook denken aan Job die niet de geest moest ontvangen, maar de bitterheid van de ziel (9:18 ; 10:1). Calvijn stelt dat Ezechiel gekomen was om bijgeloof te bestrijden wat van geslacht tot geslacht werd overgeleverd. Ezechiel, yecheskel, met de S-L wortel, in de voortijd Aso-Halal, oftewel het

opgevoed worden tot grens-gevoeligheid. Jeremia, oftewel Oru-ma, de wet (ma, egyptisch) van het kruis (oru, voortijds), werd volgens Calvijn opgesteld om vijfendertig jaren lang te roepen tot een volk van doven en krankzinnigen, en wat een groot kruis was, en toen werd Ezechiel als zijn opvolger aangesteld, in de Babylonische ballingschap. Dit stelt Calvijn in zijn commentaar op Ezechiel 1. Calvijn stelt dat Ezechiel net als Jeremia was uitgezonden tot een bijgelovig volk wat besmet was met hebzucht en een hang naar luxe. Het was een verdorven volk. Calvijn stelt terecht dat Jeremia en Ezechiel tot het hardnekkige volk moesten blijven dreigen, maar dat alle dreigementen ijdel zijn als er geen uitzicht en inzicht wordt geboden. Het dreigen moet doel hebben, en mag alleen toegepast worden in de context van onderwijs. Daarom is orthodox calvinisme al in zichzelf onzin en ijdel, omdat ze dreigen met letterlijke eeuwige verdoemenis. Wij prediken daardoor het natuur calvinisme, oftewel het symbolische calvinisme, wat hard nodig is in deze starre dagen van extreem en crimineel geworden orthodoxieën. In die zin heb ik dus een haat-liefde verhouding met de leringen van Calvijn. En dat moet ook wel. Er moet blijven gezegd worden dat ironisch gezien Calvijn zich niet aan zijn eigen leer hield. Het steeg boven hem uit. Hij had een hemel te verkondigen, maar verletterlijkte het teveel, wat dus alleen heilzaam kan zijn in symbolische zin. Een symbolische Calvijn, daar gaan wij voor. In Ezechiel 1 ziet Ezechiel een hemels verschijnsel met wielen vol ogen. Het is volgens Calvijn een tegenstelling tot de stad waarin de mens blindelings het fortuin volgt en daardoor overhaast wordt voortgedreven, terwijl de hemel daar is waar er alertheid is (ogen) en daardoor alles wordt bewogen (wielen). De mens wordt zo afgeleid door personen en persoonsverheerlijking, persoonsbehaging, dat de mens moet terugkeren tot het niemand-bewustzijn. Het persoonlijke is slechts een metafoor. Er is helemaal niets. Iemanden zijn illusies. Ik had een droom over de stenen die Calvijn had geroofd. In die stenen waren werelden. Het waren bruine stenen, grote stenen, in een onderaards grottengebied. Hier woonden de voortijdse natuurvolkeren. Het gebied moest opnieuw ingenomen worden, opnieuw gekend worden. Dit gebeurde vannacht in een droom, dat er een tunnel tot deze ruimte werd geopend, en de rovers die dit gebied waren binnengetrokken moesten weer vertrekken. Het ging om stenen die lenzen waren, natuurlenzen, bruin in allerlei tinten, ook gelig hier en daar, maar altijd in een bruine context, als natuurkleur. In zijn commentaar op Jesaja 66 stelt Calvijn dat de mens is ingenomen en opgeblazen door ijdel vertrouwen en zelfvleierij. Hij stelt dat dit duivels is en vervloekt, en dat ze zo God bespotten. Ze hebben god vervangen door een afgod. Ik werd zwaar aangevallen toen ik met het commentaar van Calvijn op Jesaja bezig ging. Dat begon al met Jesaja 1, en toen ben ik maar eerst naar Jesaja 66 gegaan, maar daar werden even later de aanvallen ook zo sterk dat ik op de bank ben gaan zitten, en toen eerst van een afstand profetisch ben gaan bidden over alle hoofdstukken, tellend van 66 tot terug. Toen ik bij hoofdstuk 60 was aangekomen zag ik in een visioen een stel criminelen, rovers, theologische rovers, van Calvijn zelf, die vanuit de hoogte naar beneden keken, om een soort put heen. Ze hadden donkere, zwarte klederen aan, met mutsen. Ik zag toen dat hier de roversgeesten van Calvijn zich schuilhielden, en ben toen naar dit hoofdstuk, hoofdstuk 60, gegaan. Het ging over de 'God alleen' leer. Dat kan natuurlijk al snel misgaan, want dan kan er al snel gesteld worden dat alles van genade afhangt, maar ik zou het dus symbolisch zo interpreteren dat een mens alleen tot God kan komen als hij zichzelf in het God alleen principe verliest en komt tot zijn hogere zelf, dus het is wel degelijk afhankelijk van zijn eigen keuze, maar die keuze moet dus gelijkworden met de goddelijke keuze, anders heeft het geen zin. Het gaat dus om waar God en mens elkaar kruizen. God is slechts een principe. Het is dus niet zomaar een geschenk, of iets wat je kunt roven. De mens moet het zelf worden, zelf zijn, anders heeft het allemaal geen zin en is het slechts projectie. God en mens zijn dus in de mens zelf, als onderdelen van de mens, waarin de mens het kanaal is. Het

kanaal moet geopend zijn. Dat hangt dus van de mens af, anders is het slechts dwang, en dan is het niet meer echt. Zo kan de mens dus geadopteerd worden, stelt Calvijn. Hij geeft zelf het antwoord al : Slechte mannen misbruiken de gaven van God voor luxe en onmatigheid, en bederven hen, voor zover in hun macht ligt, door onwaardige vervuiling. En : Daarom moet worden afgeleid dat we niet echt tot de Heer kunnen worden bekeerd zonder al onze vermogens aan te bieden; want deze zijn 'geestelijke offers' (1 Petrus 2: 5), die God eist en die niet kunnen worden geweigerd, als uw hart oprecht en aan de Heer wordt toegewijd. (Romeinen 12: 1) Calvijn stelt vervolgens hierover : 'Slechte mannen wachten op mijn ziel', dat wil zeggen 'ze leggen strikken voor mijn leven' (Psalm 56: 6) Hoofdstuk 11. Calvijn en de besneden harde werker Hosea 5 : 14 – Want ik ben als een leeuw voor Efraïm en als een jonge leeuw voor Juda. Ik zal roven en heengaan. Ik zal wegnemen en niemand redden. De kennis komt niet om te redden maar om te roven. Er valt niets te redden. Calvijn stelt dat als mensen zich tegen de toorn van God verzetten die toorn alleen maar meer opgewekt wordt. Calvijn noemt het verzet tegen God's toorn ijdel zelfbedrog. In zijn commentaar op Mattheus 1 stelt Calvijn dat alleen de besnijdenis tot het beloofde land leidt (Romeinen 15:8). De mens moet dus worden tot een dienstknecht van de besnijdenis, waarvan Jezus een beeld was. Calvijn stelt dat dit door de afscheiding gaat (Efeziers 2:14). Het gaat hier om een werker, een harde werker, maar om die harde werker te worden moet de mens eerst de leegte in, zodat hij geen werker wordt naar het vlees, maar een geestelijke werker. De mens moet dus ook de gedaante van de werker aannemen door de leegte (Filippenzen 2:7). En deze werker komt niet om geloofd en geprezen te worden, maar om een smaad te zijn en veracht, stelt Calvijn, om uiteindelijk de vervloekte dood van het kruis te ondergaan. De werker is dus de vervloekte, de verdoemde, niet de goddeloze die hoog en droog in zijn gouden woninkje staat te pronken en zegt : 'Wat heb ik het toch allemaal fijn voor elkaar,' en vervolgens neerkijkt op hen die zwaar zwoegen buiten in het vuil. De werker moet wel in het vuil werken, want daar is veel werk te doen en daar ligt zoveel verborgen. De gepensioneerde komt daar niet. De gepensioneerde heeft smetvrees, dus die zal ook deze waarheden niet aanraken, en zal zijn leven niet inzetten om hierin te studeren en te werken, omdat het allemaal teveel is, en leeft liever uitbundig bourgondisch in plaats daarvan. In die zin heb ik het wel met Calvijn, omdat hij ook een harde werker was, ook al was dit in groot religieus en geestelijk materialisme, verletterlijkte, dichtgekoekte orthodoxie met vele woeste verscheurende dogma's als een stel theologische overdreven opgefokte waakhonden die iedere voorbijganger naar de keel vliegen, en wat dus nu verdiept moet worden om het een kwartslag te kunnen draaien. Ergens was alles vastgelopen. Daarom is de tweede bijbel ook als een tweede Calvijn. Calvijn stelt dat de komst van de werker niet direct aan een groot aantal mensen verkondigd mocht worden, maar het moest grotendeels geheim en verborgen blijven. Het was alleen voor de

waardigen. De paarlen mochten niet voor de zwijnen geworpen worden. De werker mag ook niet pronken met zijn komst. Het gaat erom in het duistere en verborgene te werken, niet voor het oog van de mens. De werker werkt voor een hoger loon dan dat van de mensen. Calvijn stelt dus ook dat dit een grote beproeving is. We mogen hierin ook dat grote visioen zien, aan het begin van Mattheus, waar een amazone staat aan de hemelpoorten om de besneden mens binnen te roepen. Deze mens is een werker, niet naar het vleselijke, maar naar het geestelijke, in het verborgene. De hemel is een verborgen plaats van grote duisternissen waarin er gewerkt moet worden. Dat kan alleen vanuit de leegte, vanuit de honger. Daarom roept de amazone op tot het hongeren, om binnen de grenzen te blijven, oftewel tot halal. Er is dus een groot verschil tussen de besneden werker en de onbesneden werker. Calvijn stelt dat adoptie plaatsvindt op de basis van de besneden werker. Dat de werker voortkwam uit een maagd is een symbool van de adoptie. Calvijn stelt heel terecht dat we niet helemaal moeten opgaan in de dankbaarheid naar dit voorbeeld van de werker toe, alhoewel het belangrijk is ons te richten op de hogere, geestelijke werker, maar tegelijkertijd zijn we ook geroepen deze werker zelf te zijn door de vrucht te verzamelen en te ontvangen. Deze werker zou zich onderwerpen aan het kruis, zich laten onderwijzen door de tucht, om zo niet overmoedig naar de wapens te grijpen en anderen te onderdrukken vanwege zijn eigen tuchteloosheid, kruisloosheid en leerafkeer, wat in principe gewoon een welvaartsziekte is. Alleen keiharde studie, door de tucht te aanvaarden als leermeester, doet de mens overwinnen. Studie, studie en nog eens studie, maar dit komt voort vanuit de leegte, vanuit de honger, dus het is niet een vleselijke studie, maar een geestelijke studie, en die is in het verborgene. Ook hierin moet de mens zijn grenzen kennen. De mens moet komen tot de grensgevoeligheid, tot halal. In de lagere aardse gewesten is alles erop gericht om te bedriegen en te bedonderen. Daarom moet de mens niet stoppen met studeren anders komt de mens er door om. Hoofdstuk 12. de gruwelijke betekenis van openbaring 20 – de koude oorlog tussen het vleselijke en het geestelijke In een droom leidde de gnosis mij tot Openbaring 20 : 1 En ik zag een engel nederdalen uit de hemel met de sleutel des afgronds en een grote keten in zijn hand; 2 en hij greep de draak, de oude slang, dat is de duivel en de satan, en hij bond hem duizend jaren, 3 en hij wierp hem in de afgrond en sloot en verzegelde die boven hem, opdat hij de volkeren niet meer zou verleiden, voordat de duizend jaren voleindigd waren; daarna moet hij voor een korte tijd worden losgelaten. Dit gaat over het zogenaamde duizenjarige vrederijk van de christenen. Ik werd door de gnosis geleid tot een afgrond. Ik moest stoppen aan de rand, en ik zag allemaal vuur in de afgrond. Ik

mocht niet verder lopen. Het was een reusachtige afgrond. Ik moest even wachten en toen was er een smal bruggetje waar ik op kon gaan lopen, en verderop werd het bruggetje steeds wijder. Ik zag toen groot dik glas over de afgrond komen, wel verschillende meters dik, en ik kon dus overal over het glas heenlopen en naar beneden kijken door het glas heen. Er was veel vuur onder het glas, in de diepte van de afgrond. Er kwamen toen ook metalen frames door het glas heen, zodat ik niet alles kon zien. Het glas werd ook steeds dikker. De gnosis begon toen te vertellen over Openbaring 20, over het zogenaamde duizendjarig vrederijk wat zou komen. De gnosis bepaalde me erbij dat het om vrouwen ging in de put, zoals Openbaring 9 over de vijfde bazuin gaat over vrouwen uit de afgrond (vers 8), die verder heel symbolisch beschreven worden. De afgrond in Openbaring 20 is een symbool van de voet, van de vrouwenvoet, die in China voor duizend jaar werd opgebonden. Vrouwen werden zo onderdrukt opdat de man kon regeren. Het liep van de Tang dynastie tot de Qing dynastie en toen de Chinese republiek kwam werd het afgeschaft. Toen werd Eva of satan, dat wat tegenwerkte (de natuurvrouw) weer losgelaten. Dan gaat Openbaring 20 verder : 7 En wanneer de duizend jaren voleindigd zijn, zal de satan uit zijn gevangenis worden losgelaten, 8 en hij zal uitgaan om de volkeren aan de vier hoeken der aarde te verleiden, Gog en Magog, om hen tot de oorlog te verzamelen, en hun getal is als het zand der zee. 9 En zij kwamen op over de breedte der aarde en omsingelden de legerplaats der heiligen en de geliefde stad; en vuur daalde neder uit de hemel en verslond hen, 10 en de duivel, die hen verleidde, werd geworpen in de poel van vuur en zwavel, waar ook het beest en de valse profeet zijn, en zij zullen dag en nacht gepijnigd worden in alle eeuwigheden. Toen de duizendjarige vrouwenvoet onderdrukking was beeindigd begin jaren 1900 kwamen de eerste en de tweede wereldoorlog die uitliepen op de koude oorlog waarin een nieuwe gruwel ontstond : 11 En ik zag een grote witte troon en Hem, die daarop gezeten was, voor wiens aangezicht de aarde en de hemel vluchtten, en geen plaats werd voor hen gevonden. 12 En ik zag de doden, de groten en de kleinen, staande voor de troon, en er werden boeken geopend. En nog een ander boek werd geopend, het boek des levens; en de doden werden geoordeeld op grond van hetgeen in de boeken geschreven stond, naar hun werken. 13 En de zee gaf de doden, die in haar waren, en de dood en het dodenrijk gaven de doden, die in hen waren, en zij werden geoordeeld, een ieder naar zijn werken. 14 En de dood en het dodenrijk werden in de poel des vuurs geworpen. Dat is de tweede dood: de poel des vuurs. 15 En wanneer iemand niet bevonden werd geschreven te zijn in het boek des levens, werd hij geworpen in de poel des vuurs. De nazi's gebruikten al fluoride in de tweede wereldoorlog om het verzet te verlammen. Het verzwakte en verstoorde namelijk het zenuwstelsel. Dit was de heraut voor de witte vulling, de grote witte troon die zou heersen. De witte vulling is van een lagere dichtheid dan bot, en wordt er ook voor dezelfde nazi redenen geplaatst om de zenuwen te verzwakken en te verstoren. Het boek of woord wat geopend wordt op de witte troon is namelijk een beeld van de mond. De mensheid is ingenomen door demonen. In Openbaring 19 zagen we : 17 En ik zag een engel staan op de zon en hij riep met luider stem en zeide tot alle vogels, die in het midden des hemels vlogen: Komt, verzamelt u tot de grote maaltijd Gods, 18 om te eten het vlees van koningen en het vlees van oversten over duizend en het vlees van sterken en het vlees van

paarden en van hen, die daarop zitten, en het vlees van allen, vrijen en slaven, kleinen en groten. 19 En ik zag het beest en de koningen der aarde en hun legerscharen verzameld om de oorlog te voeren tegen Hem, die op het paard zat, en tegen zijn leger. 20 En het beest werd gegrepen en met hem de valse profeet, die de tekenen voor zijn ogen gedaan had, waardoor hij hen verleidde, die het merkteken van het beest ontvangen hadden en die zijn beeld aanbaden; levend werden zij beiden geworpen in de poel des vuurs, die van zwavel brandt. 21 En de overigen werden gedood met het zwaard, dat kwam uit de mond van Hem, die op het paard zat; en al de vogels werden verzadigd van hun vlees. Dit gaat over de gruwel van het vlees eten. De afgrond die ik zag in mijn droom was de afgrond waarin ieder geworpen zou worden die door zou blijven gaan vleselijk te leven in plaats van geestelijk. Er is nu nog een koude oorlog gaande tussen het vleselijke en het geestelijke. Zorg ervoor dat je aan de juiste kant van het glas bent. De mens wordt gezombificeerd door de vijand, door de witte vullingen, om zo ook tot vleesetende parasiet te worden. Zo wordt de mens in het leger van de vijand ingelijfd, om als een levend schild gebruikt te worden, om uiteindelijk zelf ook geassimileerd te worden. Ontwaakt gij die slaapt. Wie oren heeft die hore. Kijk om je heen. Mensen vertonen haast geen ruggegraat. Ze zijn al dood. Vraag jezelf af in hoeverre je zelf nog leeft. Deze wereld is een enge, enge plaats. De witte vulling, bijna niet van bot te onderscheiden, en als ze klein zijn niet op de foto's te zien. Als ze dan problemen veroorzaken straalt het door naar andere plaatsen. Het is dan bijna niet meer uit te zoeken waar het vandaan komt. De witte vulling is één van de grootste medische misdaden aller tijden. Het zusje, de amalgaam vulling, is inmiddels veel verboden, maar de witte vulling regeert nu in dit tijdperk van de witte troon. De boeken worden geopend, oftewel de monden, die de woorden van de vijand moeten spreken. Daartoe zijn ze gebrandmerkt. Mensen worden door vullingen en wortelkanaalbehandelingen en andere troep zoals fluoride geestelijk, psychisch, mentaal, emotioneel en lichamelijk doorgemarteld, wat een valse christelijke hel is, en een kruis voor de martelaren. Ook dieren worden in fokkerijen en slachthuizen doodgemarteld voor hun vlees en hun pels. De grote witte troon is de tandarts terreur gebouwd op het duizendjarige rijk van de vrouwenvoetbinding. De mens moet wakker worden. Op het moment is de mens niet van zichzelf. De mens eet en wordt gegeten. De tandarts terreur is gedwongen plastische chirurgie in de mond, door de schoonheidswaan van het westen. Allemaal luxe troep moet de mond in, ter onderdrukking van de natuur mens. Zo kan de mond zichzelf niet meer herstellen, en is de mond overgeleverd aan de tandarts, de witte troon. Wie oren heeft die hore. De mens is een slaaf van de tandarts. De ruggegraat van de mens is door deze smooth criminal gebroken, zeer heimelijk. De mens aanbidt de tandarts afgod en de vlees afgod, omdat de mens daartoe is gedwongen, bang om anders uit het boek des levens geschrapt te worden. Hoe kan de mens hieruit ontsnappen, als de ontsnapping de hel betekent, als ketter bestempeld te worden ? Zij die waarlijk van de gnosis zijn tellen hun leven niet, maar denken alleen aan de natuur, en zullen daardoor eeuwig leven. Wie zijn leven tracht te behouden zal het verliezen. Er is nu een koude oorlog gaande. Alleen de geduldigen zullen overwinnen.

Hoofdstuk 13. het machiavelli enigma De koude oorlog liep van 1945 tot 1991 als de gewapende vrede tussen het kapitalisme en communisme. De schrijver George Orwell gebruikte de term al in 1945 en hij waarschuwde tegen de komst van twee of drie grote superstaten (In het tijdschrift 'de tribune', in zijn artikels 'as I please'), en dat deze staten gevormd zouden worden op het al aanwezige massale platform van algehele berusting, het zonder protest accepteren ervan. Hij wijst terug op het boek 'de bestuurlijke revolutie' van James Burnham (the managerial revolution, 1941) over de komst van deze superstaten. Orwell beschrijft dit boek in het kort, dat zowel het kapitalisme als het communisme niet zal heersen, maar dat er grote superstaten zullen komen die bestuurd worden door managers. Er zal dus geen ware democratie zijn. Dat is slechts schijn, want de managers zijn de poppenspelers die de touwtjes in de handen hebben. Maar deze superstaten zullen elkaar niet overwinnen, en zullen vechten om gebieden, territorium, terwijl de samenlevingen hierarchisch zullen zijn. Piramide schema's dus. Hij beschrijft daarmee direct het volgende boek van Burnham genaamd : de machiavellianen : verdedigers van de vrijheid. Het machiavellisme stelt dat alles is toegestaan om macht te krijgen en te behouden. De piramide zou dus machiavelliaans zijn, oligarchisch, oftewel in de handen van weinigen, op basis van erfelijkheid, status, of vermogen. De macht van de oligarchie berust dus op dwang en fraude. Het boek stelt dat het allemaal slechts een machtstrijd is, maar dat men hiervoor maskers gebruikt. Het zijn allemaal ambities van een bepaalde klasse, ook al kunnen er soms 'goede' motieven zijn, en ook al is men zich soms niet van bewust wat er daadwerkelijk gaande is. Ook dit boek beschrijft Orwell dus in het kort. Het komt er op neer dat partijen worden besproken die machtszoekers zijn en daarvoor de hoop van de massa's gebruiken om een bevoorrechte positie te winnen voor zichzelf. Orwell waarschuwt als intellectueel tegen het aanbidden van macht, van power, want het verstoort politieke beoordeling, omdat het leidt naar een geloof dat tijdelijke trends voor altijd zullen bestaan. Orwell wil van de politiek een kunst maken, door schrijversschap. Hij waarschuwt dat er vele gevaren op de loer liggen in de politiek, waarover hij ook zijn boek '1984' heeft geschreven (1949). Het boek gaat over gedachten-politie, totalitarisme, waar ook de stelling 'big brother is watching you' vandaan komt, want big brother was de leider van de dystopische superstaat Oceanië in het boek. Het is in het boek een superstaat van voornamelijk Amerika, Engeland, Australië en het zuidelijke Afrika onder de Congo rivier tezamen. De rest van de wereld is dus omsingeld door deze superstaat. Daarnaast zijn er nog de superstaten Eurasia en Eastasia. Eurasia is Europa en Rusland, en Eastasia is China en Japan. Grote broer is de topmacht van Oceanië, het masker van de Partij. Er mag niet zelf gedacht worden, want dat is ketterij. Iedereen moet zoals de partij denken, en er mag geen verzet daartegen zijn, want dan ben je krankzinnig. Totale gelijkvormigheid, eenvormigheid en goedgelovigheid wordt gepredikt. Alles wat de Partij zegt moet geslikt worden. Daar is de denkpolitie voor. De denk politie bestrijdt de denk misdaad. James Burnham stelt dat Machiavelli (1469-1527) van de politiek een wetenschap maakte, en daarom was hij ook een grondlegger van de politieke wetenschap. Er moest een bepaald mechanisme voor komen. De vos moest er zijn om valstrikken te herkennen, en de leeuw moest er zijn om de wolven te verjagen. Machiavelli stelde dat als er vrede was, dan was dat een gelegenheid om over de oorlog te leren, en alles draaide om oorlog. De mens moest het goede kennen om het goede te doen, en de mens moest het kwaad kennen om het kwaad niet te doen, te vermijden. Hiervoor had de mens dus de vos en de leeuw nodig, wat later ook door Napoleon werd gepredikt. De mens kon niet alleen maar vos zijn of alleen maar leeuw. Volgens Machiavelli moest een mens niet alles van God verwachten, maar zelf deze principes leren, want God had de mens een vrije wil

gegeven, en de mens moest ook zelf tot glorie komen. Dat wilde God de mens niet ontnemen. Machiavelli wilde niet de status quo behouden, maar wilde het omverwerpen. Regeringen waren een groot gevaar voor de mens. Het doel heiligt de middelen. De misleiders moesten zelf misleid worden. Altijd moest de mens in termen van oorlog denken, anders zouden anderen voordeel op hem behalen. Zonder gevaar zou er ook nooit iets groots bereikt worden. Politiek leven is ook altijd veranderen, niet statisch. We kunnen Machiavelli alleen maar symbolisch nemen in de zin dat de ware politiek van binnen is waarin de mens zijn ego onderwerpt aan de hogere kennis door middel van geestelijke oorlogsvoering, oftewel waar de mens de natiologie leert : het ware verschil tussen hoog en laag, vertikaal gezien en niet horizontaal gezien, en dit is iets symbolisch. Dit is dus het verschil tussen het ego en de kennis, of tussen de wil en de kennis, als het verschil tussen het vleselijke en het geestelijke. Het gaat dus om een geestelijke oorlog, de demonologie, die zo wordt tot natiologie, de kennis van de natie, wat tegengesteld is aan het loze nazisme. De natiologie kwam opzetten in de jaren 90, na de koude oorlog, met name in het jaar 1993 toen de heilige gebondenheid tot de aarde kwam. Dit was de uiteindelijke basis voor het opstellen van de tweede bijbel, wat een natuur verschijnsel was van de kennis. Het nationalisme of nazisme moet dus een kwartslag draaien, van horizontaal naar vertikaal, tot natiologie. De ware natiologie is wanneer je je ego gaat doorkrijgen en dat leert ontmaskeren en beheersen. In de koude oorlog was er een muur tussen het oostblok en het westblok. Er was geen toekomst voor kapitalisme en ook niet voor communisme, maar voor tussenvormen, in het manageriale, de afgezonderde kleine elite van de oligarchie, waar Mosca ook over schrijft. Mosca (1858-1941), een politieke wetenschapper, waarschuwde tegen het bedrog van de democratie omdat het geen voorwaarden kent, geen limieten. Het is totaal losgeslagen. Hij is vrijzinnig en voor variatie, maar deze democratie zou juist de mens opsluiten en ten val brengen. De mens moest aan iets hogers onderworpen worden. Hij was een volgeling van Machiavelli, die ook al stelde dat een mens niet moet uitgaan van vooronderstellingen, maar vanuit feiten. De mens moest zich dus baseren op onderzoek en niet zomaar wat de massa's zeggen of wat men altijd heeft gezegd. Democratie wil de mens onderwerpen aan de macht van de massa's, niet aan het hogere, zoals Plato ook al stelde dat er wijzen opgesteld moesten worden die zouden zorgen dat de dwazen niet door meerderheidstruukjes de samenleving kapot zouden maken door hun dwaasheid. Natuurlijk kan dat helemaal uit de hand lopen, want wie bepaalt wat wijsheid is en dwaasheid. Altijd liggen er gevaren op de loer, dus moet de mens zich richten op het hogere, binnenin. Dan kom je uit bij de gnosocratie, de heerschappij van de gnosis, en alleen weinigen komen daartoe, de eenling. De enige heerschappij is die van kennis, van de gnosis, en die komt allereerst verdraaid door, corrupt, in de lage vormen. Toch heerst dus de gnosis. De eenling moet hiertoe ontwaken om zo de gnosis door alles heen te zien, en het juiste pad te volgen, in geestelijke oorlogsvoering, als natiologische rebel tegen het ego. Een mens moet niet denken dat hij letterlijk de wereld kan besturen. Dan zou de mens gek worden. Het is de illusie van macht en controle. Het gaat om de gnosis, en in die zin gaat het dus niet om heersen, maar om kennis. Geen macht, maar kennis. Macht is een valstrik voor de dwazen. Vandaar dat nazisme moet sterven aan natiologie. Er moet kennis komen over wat macht is, diepte. Zowel Machiavelli als Burnham stellen dat elk pushen van doctrine en orthodoxie hetzelfde is als tyrannie. Status quo moest vallen. De mens moest niet vallen voor de heerschappij door het overgesimplificeerde, want het zou leiden tot despotisme. Er moet daarom ook een flinke, gezonde dosis zijn van anarchie, wat overigens ook de stelling van Mosca was. Burnham stelt dat politiek progressief moet blijven, net zoals Mosca, en Mosca verwacht ook niet dat politieke systemen hetzelfde zullen blijven. Burnham stelt dat politiek een science moet blijven, een wetenschap dus, in feite onderworpen aan de hogere kennis dus, wat volgens Machiavelli ook het kostbaarste bezit is. Burnham stelt dat omdat het om de kennis gaat politiek geen wens mag zijn. De natuur werkt niet door wil of wens, maar door kennis. Wil en wens zou juist de kennis in de weg kunnen staan, en

daarom moet het afsterven. Mosca zag dat er iets van de gnosis was doorgekomen, iets goeds, een hoger mechanisme, in de regeringen van de jaren 1800, maar het zou daar niet bij blijven. Alles zou zich in de politieke wetenschap blijven door ontwikkelen. De mens moest zijn ogen openhouden en niet vallen voor zomaar één politieke kracht, maar moest komen tot genadeloze kritiek op het sociale systeem die een top had waar macht werd misbruikt, stelde Mosca. Hij zag in de jaren 1900 ook de diepe crisis waarin de wereld was gevallen door de eerste wereldoorlog, wat nog meer extremisme zou oproepen, waardoor er eigenlijk maar een heel klein beetje optimisme toegelaten zou mogen worden, en veel, heel veel pessimisme. Deze ideeen schrijft Mosca in zijn boek 'de heersende klasse' (1898). 'Een tragische bestemming is die van mannen,' stelt hij, want altijd zijn ze weer op zoek naar een bepaalde interpretatie van een dogma, om daarvoor anderen af te slachten die niet zo denken als zij. Het was in zijn ogen allemaal te kortzichtig en te direct. Altijd maar weer. Daarom was hij pessimist, zoals Machiavelli, Napoleon, Kierkegaard en Nietzsche dat ook waren. Toch zag hij ook heil doorkomen in bepaalde structuren, als een visionair. Veel pessimisme, en een druppel optimisme. Politiek is slechts symbolisch. Wat we om ons heen zien is cryptisch gezien gewoon weer de gnosis. Hoofdstuk 14. de florentijnse muizenkoningen De koude oorlog tussen het oostblok en westblok, tussen communisme en kapitalisme, de gewapende vrede, van 1945 tot 1991. Dat was een lange tijd van grote spanning, als het splitsen van de zee voor de exodus : op naar de negentiger jaren. De twee superstaten konden elkaar niet overwinnen. Het ging tussen Rusland en Amerika. Men begon het kapitalisme en communisme op te geven, want het werkte niet. Zo begonnen eenlingen zich te richten op de oligarchie, oftewel de macht in handen van een kleine groep. Overal begonnen zulke kleine groepen te staan die vonden dat ze hogere, betere of slimmere principes hadden dan anderen, Het waren veelal eenlingen die zichzelf met kop en schouder boven de rest vonden uitsteken, goedschiks of kwaadschiks. De massa's waren dom, maar dit waren de intellectuelen, de machthebbers, hoog opgeleiden, voorbeschikten, uitverkorenen, of gewoon slimmerikken. Sommigen wilden macht, en anderen wilden gewoon vrijheid. Ze waanden zichzelf regeerders, zij die de touwtjes in handen hadden. Sommigen hadden grote plannen. Sommigen wilden meer zorg voor de domme massa's, beter onderwijs, terwijl anderen corrupt waren. De oligarchie is een neutraal principe wat gebruikt en misbruikt kan worden. Eenlingen met grote plannen ontmoetten elkaar om een elite op te richten of al dan niet geheim genootschap. Sommige plannen waren goed, andere plannen minder goed, en weer anderen gewoon bar slecht. Allemaal wilden ze loskomen van de massa's, met kop en schouders. Ze waren of communistisch, of kapitalistisch of een tussenvorm, maar waar het om ging was dat ze oligarchisch waren, als uitverkorenen, of die regering nu letterlijk en materialistisch was of puur symbolisch. Was er een hogere macht, een hogere regering ? Kon je daar aan deelhebben, en wat hield dat in ? Kon de aarde een betere plaats worden, of zou het slechts de deur openen voor nog meer chaos en extremisme en allerlei tegenacties ? Waar ging het naartoe ?

Kan de mens het kruis ontlopen ? Moet de mens gesteld worden 'boven alle overheid en macht' ? (Zie Efeze) Of gaat het pad van het kruis juist hier doorheen, om een eenling te worden en deel te krijgen aan een soort oligarchie, oftewel een overblijfsel ? En wordt dit overblijfsel in veiligheid gebracht, of moet dit overblijfsel dwars door de grote verdrukking heen ? Het gaat niet om macht, maar om kennis. Deze demonologie of natiologie is zeer ingewikkeld. Voor de huidige jaartelling werd het Etruskische rijk ingenomen door het Romeinse rijk, wat zeer groot werd en toen overging in het Rooms-Katholieke rijk. Het Etruskische gebied, ook in Italië, sloeg later terug met de renaissance, vanuit het Toscaanse gebied, beginnende in Florence. Dit was niet zozeer iets geheel nieuws, maar meer een wedergeboorte van de middeleeuwen. Uiteindelijk kwam vanuit de renaissance ook de reformatie voort, maar de reformatie liep ergens vast. Het is dus belangrijk om terug te gaan tot de bron van de renaissance, en dan komen we al snel bij Machiavelli uit. Dit is zeer problematisch materiaal, want zijn stelling 'het doel heiligt de middelen' is natuurlijk dubbelzinnig. Het Romeinse rijk, en dus ook het Rooms katholieke rijk, was gebouwd op de fundamenten van het veroverde Etruskië, waartoe ook Toscane behoorde, dus daar komt ook het hele Machiavelli probleem bij kijken, wat dus ook het fundament is van het gehele roomse rijk. De mens moet dus van Rome komen tot Florence om dit probleem op te lossen. Ook Machiavelli was een Florentijn. Ook de hedendaagse politiek is gebouwd op Machiavelli. Machiavelli stelt in zijn boek 'de heerser' dat de mens niet zomaar zich in de lage klasse moet bevinden en de hoge klasse, maar in beiden. Alleen vanuit de ondergeschikte klasse kan men een goed zicht hebben op de hogere klasse, en alleen vanuit de hogere klasse kan men een goed zicht hebben op de lagere klasse. Hij vergelijkt dit met het staan op een berg om het landschap te kunnen overzien, en het staan op de grond, onderaan de berg, om de berg te kunnen overzien. De mens moet dus aan beide kanten van het schaakbord staan, anders zou dit een valstrik worden voor de mens. Het klasse systeem is dus in principe gewoon onzin, maar de mens moet het tot nut zien te maken. Het is iets onvermijdelijks. Je zou kunnen stellen dat deze klassen alleen er zijn als symbolen, als onderdelen van de mens zelf, binnen de mens, als principes. Uiteindelijk moet de mens komen tot het beheersen van het ego, en dat kan alleen door tot begrip te komen, tot kennis, en is dus niet zomaar een machtsstrijd. De mens moet dus de diepte ingaan, en het probleem oplossen. Het is een puzzel. Machiavelli richt de aandacht op de kennis, of kennis van de daden van de groten van de tijd, als het kostbaarste bezit, dus niet materialisme. Het gaat om het diepere geestelijke, intellectuele bezit. Ook stelt hij dat hij gewoon moet schrijven wat hij moet schrijven, niet uitvoeriger dan nodig, ook niet met een opsmuk aan opgezwollen woorden en uiterlijk vertoon. Hij wil zijn geschriften geen gewicht geven met materialisme, maar gewoon eenvoudig blijven en sober. Het komt aan op de kennis, en niet op zichzelf. Hij wil dat het of zomaar zal wegzinken in de vergetelheid zonder enige eer, of dat de verscheidenheid van het schrijven en de ernst ervan opgepakt zal worden. Hij stelt dat voorkomen beter is dan genezen, dus er moet toekomstzicht, vooruitzicht zijn, zodat problemen die eventueel in de toekomst kunnen ontstaan tegemoet getreden kunnen worden met beleid en behendigheid om deze tegen te gaan. Zo niet dan worden de artsen corrupt en de ziekten erger dan nodig. Men moest dus met strategie te werk gaan. Oorlogen waren onvermijdelijk. De mens moest voorbereid zijn, niet slechts voorzichtig. De mens moest leren besturen en beveiligen. De mens moest niet in slaap dutten. De mens moest leren gronden en behouden. Ik had vanacht een droom over muizenvolkeren met muizenkoningen en koninginnen die allemaal veel te makkelijk dachten. Ze waren niet alert, en ze kwamen pas in actie als het al te laat was. Toen werd er geroepen : Keer terug tot het gele. Keer terug tot Florence. De mens moest vluchten uit Rome. Machiavelli stelde dat men door gebrek aan daadkracht en door compromissen de kerk nog meer wereldlijk aanzien zou geven, waardoor de kerk nog meer geestelijke macht zou hebben. Dan komt

de oligarchie in zicht, oftewel het overblijfsel, een elite of groep uitverkorenen, wijzen die het land kunnen onderwijzen. Weer is het belangrijk dit binnen jezelf toe te passen, om niet ten prooi te vallen aan materialistische valstrikken. Mensen die Machiavelli bestuderen lopen dan ook door een gevaarlijk mijnenveld. Ooit ging de Roomse kerk in dit veld de mist in. Zij begonnen te grijpen en te grijpen, gulzig als ze waren, eerzuchtig en machtslustig, en kwamen zo aan de andere kant van de munt terecht. Velen trokken zij met zich mee. De oligarchie is dus puur geestelijk en symbolisch, als het verzamelen van de principes van kennis in een zee van drogredenen. In jezelf moet je op zoek gaan naar je eenlingen. Er moet vruchtbaarheid en progressie zijn in Florence, waar de rivier de Arno een beeld van is, waar Florence aan ligt. Machiavelli stelt dat elke politiek die opgericht is door omkoperij zal vallen. De ware politiek is dus een veel diepgaander en natuurlijker proces, terwijl omkoperij slechts een uiterlijk vertoon is wat geen diepte heeft en geen houvast, geen standvastigheid. Het heeft geen eeuwigheids-waarde. (de heerser, hoofdstuk 7, 1513-1515, 1532) Omkoperij zal nooit een organisch geheel vormen. Dan is het gebouwd op bedrog. Machiavelli stelt dat wreedheid alleen bij noodzaak toegepast mag worden, en niet overmatig, en dat verkeerde wreedheid zal vallen. Hetzelfde geldt voor weldaden. Ze mogen niet overmatig zijn want dan wordt het niet meer gewaardeerd en verliest het zijn smaak. Het mag alleen komen in kleine hoeveelheden. Hierbij valt hij dus ook het materialisme van de roomse kerk aan, wat ook het fundament werd van de reformatie. In hoofdstuk 10 komt heel duidelijk de demonologische aard van Machiavelli naar boven en legt hij zijn vinger op de zere plek : de macht van de godsdiensten, de geestelijke vorstendommen. Hij beschrijft ze als dronkenschappen die het menselijk verstand te boven gaan, krachten die ervoor zorgen dat vorsten hun tronen behouden, hoe ze zich dan ook gedragen. Ze hoeven zich niet te verdedigen vanwege de oneindig heilige instellingen van hun godsdienst, oneindige macht. Ze hoeven hun onderdanen niet te besturen, want dat doet de godsdienst, en ze worden ook niet aangevallen. Het volk denkt er niet aan over hen te twijfelen, want het is hun veiligheid en hun geluk. Zodra een mens dit zou durven aan te vallen zou het wel heel overmoedig en verwaand zijn. We kunnen bijvoorbeeld denken aan de heilige onaantastbaarheid van de psychiatrie en de tandartserij die heiliger dan de paus in Rome zijn en waar de doorsnee mens niet over nadenkt, laat staan oordeelt. Het zal allemaal wel goed wezen. Ze doen maar. Het zijn de ergste mammon godsdiensten vandaag de dag. Zowel macht als klasse en status quo moet sterven aan de kennis. Uiteindelijk wordt daarin alles opgelost. Zo kan de mens tot de ware natiologie komen in zichzelf, wat niet om mensen gaat maar om principes. Alle belangrijkdoenerij, eerzucht en erfzucht, en goedgelovigheid wat dat met zich meebrengt moet daaraan afsterven. Dat is niet zomaar lomp afsterven maar een studie proces. Mens, ken uzelf. Mens, ken uw vijand. De ware vijand is onwetendheid. Het is een drug waar de mensheid aan verslaafd is vandaag de dag. Het gaat niet om materie, maar om kennis. Het gaat ook niet om woorden, maar om kennis. Materie en woorden moeten afsterven aan de kennis. Wat moeten we dan in Florence doen ? Het is een oorlog tegen de Florentijnse muizenkoningen waar ik een droom over heb gehad. Het zijn vaak grotere witte muizen die er angstaanjagender uitzien en die ook mensen aanvliegen. Een paar vlogen mij aan, en zetten hun nagels in me. Ze huizen vaak in de moderne boeken en in dozen in de woningen van de mens. Ook in schoenendozen. We hebben het dan over het fundament van Rome, van bedrog, van 'het doel heiligt de middelen'.

De koude oorlog in de jaren 1900 liet zien dat er geen hoop was voor zowel kapitalisme als communisme. Ze waren in hun orthodoxe, materialistische, letterlijke vormen totaal vastgevroren. Dit liep door tot de negentiger jaren waar toen het hermitatisme kwam opzetten, en de Terminator cultus van de visionair James Cameron, wat over een jongetje gaat die in de toekomst een groot oorlogsleider wordt en oorlogsrobotten naar het verleden zendt, ook naar zichzelf in het verleden, als een grote beweging van het verzet, maar de tegenstander doet hetzelfde en het komt tot een grote confrontatie, als de strijd tussen de robotten. Er is dus een zone waarin toekomst en verleden elkaar tegemoet treden met een onvermijdelijke confrontatie. Ik had een droom dat het jongetje ook ruimteschepen zond tot de aarde vanuit de toekomst, ruimteschepen vol met robotten. Dit is geen materiele connectie, maar een geestelijke connectie, die de mens zuigt tot de hogere dimensies. Calvijn stelt dat in Kolossenzen Paulus ons leert, dat we in alles opnieuw moeten oproepen tot dankbaarheid. Trouwens, hij waarschuwt ons, door zijn voorbeeld, met dankbaarheid niet alleen die dingen die de Heer ons toekent te erkennen, maar ook die dingen die hij anderen toekent. Hierbij moeten we erkennen dat alleen het zoonschap ons tot de ware God leidt, want zo ontstaat er een ware verbinding met de hemel, als wij opnieuw worden geboren. De kerk is niet dit zoonschap, maar het moet van binnen gebeuren. Calvijn stelt dat dit zoonschap zich uit in zowel dankbaarheid als gebed. De mens moet communiceren met de kennis. Er moet een band zijn met de kennis, door het zoonschap. Calvijn stelt dat we hierin moeten mediteren op het hemelse leven. Dit was de enige remedie voor het versterken van de Kolossenzen tegen alle valstrikken, waardoor de valse apostelen probeerden hen in de val te lokken : om nauwkeurig te begrijpen wat Christus was. Christus is de zoon, maar ook de werker, en hij werd ook Glyl genoemd, Galilia, van gly, openbaring, de balling, de naakte. Hij was ook de gekruisigde. Calvijn stelt dat hiervan kennis genomen moest worden, zoals Jezus het ook stelde dat alleen de gnosis de sleutel zou zijn, en niet slechts het gegeven op zich, het dogma. Het gaat niet om dogma, maar om het kennen. Hij noemt hierbij Hebreeën 13:9 – Laat u niet medeslepen door allerlei vreemde doctrines. Men moest het Christus principe leren kennen, waar het daadwerkelijk in diepte voor stond. Hij stelt in principe dat de doctrine geestelijk moet zijn, vertikaal, en niet zomaar horizontaal. Je kunt een heleboel weten en toch niet kennen. Calvijn stelt dat God in zijn naakte majesteit onzichtbaar is, niet alleen voor het oog, maar ook voor het begrip van de mensen, en dat de mens alleen begrip krijgt door openbaring, door het Christus principe. De mens moet de dood aan het zelf sterven, aan het ego, totaal, voor eeuwig, en Christus is dan een beeld van de eerstgeborene uit de dood, die zo de gehoorzaamheid heeft geleerd vanuit zijn lijden en sterven. Het kennen van Christus is dus ook het kennen van de verworpenheid. Het is een model wat men steriel heeft gemaakt, gestileerd, maar Calvijn wil het openbreken. De katholieke kerk had Jezus als een muis in een doos gezet. De renaissance zou het fundament van de middeleeuwen niet geheel verwijderen, maar vernieuwen, door een wedergeboorte. Hieruit kwam de reformatie voort. De mens was in het materialisme van de middeleeuwen vastgegroeid. Dit is een strijd tegen verschillende muizenkoningen. Calvijn stelt dat het om de diepere basis prediking gaat, en dat men niet de mensen en kerken naar de mond moet praten. Predikt men voor roem, of predikt men voor de kennis ? Alle roem moet sterven aan de kennis. Ook dit is een gevecht met florentijnse muizenkoningen. Ik had een droom over 'big brother', de heersende macht van Oceanië in het boek '1984' van George Orwell wat eind veertiger jaren uitkwam. Big brother had een snor en was in het pak met een stropdas, maar ik kon ook zijn ziel zien, zijn essentie, en dit was een krankzinnige, geweldadige dronkelap.

Hoofdstuk 15. het zoonschap Calvijn stelt dat in Kolossenzen Paulus ons leert, dat we in alles opnieuw moeten oproepen tot dankbaarheid. Trouwens, hij waarschuwt ons, door zijn voorbeeld, met dankbaarheid niet alleen die dingen die de Heer ons toekent te erkennen, maar ook die dingen die hij anderen toekent. Hierbij moeten we erkennen dat alleen het zoonschap ons tot de ware God leidt, want zo ontstaat er een ware verbinding met de hemel, als wij opnieuw worden geboren. De kerk is niet dit zoonschap, maar het moet van binnen gebeuren. Calvijn stelt dat dit zoonschap zich uit in zowel dankbaarheid als gebed. De mens moet communiceren met de kennis. Er moet een band zijn met de kennis, door het zoonschap. Calvijn stelt dat we hierin moeten mediteren op het hemelse leven. Hoofdstuk 16. het vleselijke kan het geestelijke niet verstaan De muizenvolkeren, in hun blindelingse volgzaamheid en goedgelovigheid, komen in een grote dronkenschap terecht waarmee ze uiteindelijk bewapend worden om deze smerige drug te verdedigen. Kom niet aan hun heilige drugs, want dan vliegen ze je aan, en zetten ze hun nagels in je. Ze zijn snel afgeleid, verstrooid in de rommel van roddel die ze volgen, verzot op nieuwtjes en geruchten. Onwetendheid is hun waarheidsstempel, gebrek aan onderzoek hun ja-knikkende getuige en notaris. Ook Calvijn bespreekt zulke muizenvolkeren uitvoerig. In zijn commentaar op Jesaja 10 stelt hij dat mensen een brutaal gezicht hebben gekweekt waardoor ze denken dat elk excuus hen beschermt. De zwakkeren en de armen worden onderdrukt en zij zijn onbeschermd zodat ze makkelijk te plunderen zijn. Alles staat gewoon open. Toch moeten de zwakken en armen dit verdragen, omdat ondanks het kruis wat ze dragen God voor hen zorgt. Zij komen juist zo in contact met God. Calvijn stelt dat de mens door zulke beproevingen heenmoet. Er zijn altijd degenen die dan slapen. We kunnen stellen dat God het gebruikt om de mens te tuchtigen, zoals Jezus ook de gehoorzaamheid leerde door zijn lijden, en door zijn lijden was weggetrokken van de aardse zonden. Zo gaan ook de zintuigen open, iets wat voortdurende welvaart en voorspoed niet kan doen. De eenling zoekt dan ook vaak deze duisternissen op om zichzelf te kastijden en testen. Alles wijst dus terug op de gnosis. Niets staat op zichzelf. Calvijn stelt dat de mens niet is overgeleverd aan de grillen van slechte mannen, maar aan de ondoorgrondelijkheid en voorzienigheid van God die alles buigt naar de wil van de kennis.

Eén van de centrale boeken in de renaissance was Dante's goddelijke komedie. Het is aanbevolen het symbolisch te nemen en niet letterlijk, want het is in dichterlijke taal geschreven. Het kan je al gauw op het verkeerde been zetten, daarom heeft het boek dringend interpretatie nodig. Als Dante in zijn dichterlijke beschrijving van de hel zegt : En zo zij vóór het Kristendom al leefden, aanbaden zij toch God niet als 't betaamde; en ach, ook ik ben één van deze geesten. Om dit gemis en niet om andere zonden zijn wij verloren, maar ons enig lijden is: zonder hoop te leven in verlangen. Groot leed beving mijn hart, toen ik dit hoorde, want ik begreep, dat in dit Voorgeborchte veel grote geesten hopeloos verlangden. O -zeg mij, Meester, zeg mij toch, Gebieder, dus hief ik aan, daar 'k zeker wilde wezen van dat geloof, dat alle waan vernietigt. Het Voorgeborchte is de eerste hellekring, de limbus, de voorhof, waar ook eens hen van het OT zich bevonden, maar deze zielen werden later opgenomen. Door het christendom, of kruizendom. Zonder hoop te leven in verlangen gaat over de verlangens van het vlees die nooit bevredigd mogen worden maar die moeten sterven. In het hoogtepunt van de honger, of dieptepunt, is de opname. Het vlees moest dus naar de limbus van honger, opdat het zou sterven, opdat de mens zo uiteindelijk tot het kruis zou komen, tot opname. Het is als het winnen van Rachel door Jakob na jarenlang zwoegen. Dan beschrijft hij de orkaan van de hel die zielen meesleurt, als een natuur verschijnsel. Hij kwam daar door af te dalen tot de tweede cirkel van de hel. Er was hier een eeuwige duisternis. De orkaan van de hel had nooit rust, maar was altijd wild en woest. Het beukte altijd tegen de golven van de zee. Er was hier een strijd tussen kennis en wil. Maar de orkaan van de hel was als de kennis die de wil overal mee naartoe sleurde. Hij was ook al op een plaats geweest waar willen gelijkstond aan kunnen, maar hier moesten zowel willen als kunnen sterven aan de kennis. Zovaak gaat de liefde nog tegen de kennis in. Ook de liefde moet hier afsterven, omdat die vaak zelfzuchtig is en hoogmoedig. Het is de aardse liefde. Die liefde is zeer selectief, en beoordeeld alles naar het bedriegelijke vlees. Die liefde is zeer vraatzuchtig en hebzuchtig. Die liefde is een strik. Daarom moest de orkaan van de hel komen. Die liefde wil het kruis ontlopen, van geen tucht en onderwijs weten. Die liefde wil niet meegenomen worden door de orkaan van de hel. Die liefde wil alleen maar, maar wil niet kennen. Die liefde wil alleen maar liefhebben. De orkaan van de hel is rumoerig, lawaaiierig, zodat de zielen de doofheid zoeken, maar ze vinden het niet. Hij gaat dan via de zee van kennis tot de rivier van bloed. Dan komt hij tot een woud, en een zee van zand, en daarna tot een plaats van slangen, waar geworsteld wordt met slangen, waar slangen de mens omkronkelen als touwen, totdat hij verandert in een vos. De slang is de heilige gebondenheid en de vos is de spion die daaruit voortkomt, de toegang tot de geheimen. Het hele verhaal begon toen Dante af begon te dwalen in een duistere wildernis, woest en onheilspellend. Geen ziel zou levend uit deze wildernis ontsnappen. Hij komt dan tot Acheron, de rivier van het lijden, waar hij de veerman ontmoet, Charon, een vergrijsde oude man die roept : 'Wee u, verdorven zielen !' En zie, daar kwam ons nader in 'n bootje 'n man door ouderdom vergrijsd van haren, die luidkeels riep: 'Wee u verdorven zielen! Voedt toch geen hoop de hemel ooit te aanschouwen. Want halen kom ik u naar de andere oever, naar vuur en ijs en eeuwge duisternissen.' Voordat hij daar kwam ging het over de uitverkiezing en vrouwen, wat allemaal duidt op Calvijn die

zou komen. Dante leefde in de jaren 1200 en 1300, en Calvijn in de jaren 1500, maar die besprak dus ook verder de uitverkiezing en de put van de verdorven zielen, ook als zijnde een veerman tot die werelden. Er is een doorgang van de hel tot het vagevuur die de goden niet kennen en waardoor ze verward raken. Ook Dante gaat tot het vagevuur, waar hij een schim tegenkomt die tot de Archiaan was gegaan, een zijrivier van de Arno lopende door het Arno dal. 'Bij Casentino's heuvlen bruist door het dal 'n stroom, de Archiaan geheten, die bij de Kluis ontspringt in de Apennijnen. Daar waar de stroom geen naam meer heeft kwam ik te voet gevlucht, de keel doorstoken, en overal de grond met bloed besmeurend.' Zijn lijk, verstijfd, vond in z'n monding de schuimende Archiaan en werd toen naar de Arno gesleurd. Hij werd gesleurd langs de oevers en de bodem, tot het wier en het slijk. In het vagevuur heeft Dante een worsteling met een sirene die door haar liederen hem probeerde te verlokken en te verstrikken. Sirenes doen scheepslieden verdwalen op zee. Hij was in een droom, maar een hemelse vrouw ontmaskerde de Sirene en deed hem ontwaken. Toen hij weer tot bewustzijn kwam bevond hij zich tot aan zijn nek in de Lethe, de rivier van vergetelheid. Hij werd toen ook gewassen in de rivier de Enoe. Opdat zijn herinnering aan het goede terug zou komen. Dan zegt hij : 'Ik keerde weder vanuit de heilge golven, herboren als gewassen in de lente.' Hij bevindt zich dan in het paradijs. Er wordt hier gejaagd met pijl en boog, die rede zijn, om de rede te verheffen. Als een pijl een valse lust is dan zal die pijl direct naar beneden vallen en niet ver komen. Alleen hierop kan geofferd worden, waarbij het gaat om het voorwerp en het verdrag. Als ervan wordt afgeweken, dan wordt het gedwongen. Het gaat hierin om een ruil wat zelf-onderricht meebrengt. Hierin moet de mens geen dwaas vee zijn, maar mannelijk, wat betekent dat men niet als een lam moet zijn wat van moeders melk wegdartelt. Waar een pijl het doelwit raakt wordt het koord weer strak gespannen. In rust moest de mens verstijven. De eenzamen moeten het pad van marteling begaan, tot de geheimen van het kruis. Zij zijn niet bezweken voor een overmacht van wil. In de tempels kopen en verkopen de goddelozen op tekens van marteling. De arme Ethiopiër leeft dichter bij God dan de rijke christen, wanneer de boeken worden geopend. De ene is voortdurend rijk, terwijl de ander eeuwig hongerend is. Maar in de boeken staat hun schand opgeschreven. De sferen draaien om hen af te scheiden. De godvrezenden worden door het Woord opgenomen. De hebzucht is blind, en een waan. Hoofdstuk 17. de link tussen arius, de islam en de jehovah's getuigen, terugvoerend tot de voortijdse oorsprongen Dante was afgeweken van het voetpad en kwam terecht in een donker woud. Als hij de hel beschrijft is dat niet letterlijk, maar een beeld van hoe de samenleving was verworden. Het woud was wild en woest, dicht en donker, en zou nog vaak terugkomen in zijn dromen om zijn angst te doen herbeleven. Hij wist niet meer zeker hoe hij daar was gekomen, maar wat hij wel wist was dat

slaap hem had overmeesterd. Hij komt dan in aanraking met wilde beesten. De mens is zo naïef. Ik maak het telkens weer mee. Ze denken dat er geen wilde beesten zijn, want ze zien die immers niet. Wat ze vergeten is dat het zinnebeelden zijn. Maar ze willen niet nadenken. Wachttoren (WT) commentaar 1918 Ezechiël Hoofdstuk 1. 1 Nu geschiedde het in het dertigste jaar, in de vierde maand, op de vijfde dag van de maand, terwijl ik te midden van de ballingen aan de rivier de Keebar was, dat de hemel werd geopend en ik vervolgens visioenen van God zag. De WT noemt Ezechiël de vervulling van Mattheus 24 : 45-47 45 Wie is werkelijk de getrouwe en beleidvolle slaaf, die door zijn meester over diens huisknechten is aangesteld om hun te rechter tijd hun voedsel te geven? 46 Gelukkig is die slaaf wanneer zijn meester hem bij zijn aankomst daarmee bezig vindt. 47 Voorwaar, ik zeg U: Hij zal hem aanstellen over al zijn bezittingen. (Nieuwe Wereld Vertaling) Ezechiel is dus aangesteld over het voedsel en dus ook over de honger, wat ook weer overeenkomt met de voortijdse wortels van Ezechiel : Zukki-Halal, Zukki-L. Zukki is in de Bilha de stam die het volk door de wildernis leidt, tot het land Nod. Zukki is de stam van de hoofd-besnijdenis, oftewel de besnijdenis van het verstand, van het denken. L of Halal is de grensgevoeligheid, oftewel het hongeren (ila). Het volk Israel moest door de hongerwildernis tot het beloofde land gaan, en in de Bilha is dit ook het volk van Ismael wat tot het land Nod ging, het land waar ook Kaïn naartoe ging, ook als beeld van Mekka. De islamieten waren arianen voortkomende vanuit de reformator Arius die in de jaren 200 en 300 leefde, en die stelde dat Jezus ondergeschikt was aan God. Ook de Jehovah's getuigen kwamen voort uit Arius in de jaren 1870. Arius wordt in de WT genoemd als één van de zeven grote reformatoren, naast Charles Taze Russel, de oprichter van de Jehovah's getuigen (JG's). Jehovah is gewoon een woord wat voortkomt vanuit het voortijdse Vuh. Vuh is in de voortijdse taal de heilige oorlog in de onderwereld, de ziel. Vuh betekent ook wijsheid en vertaling. De Vuh is het eerste grote hoofddeel van de tweede bijbel. 2 Op de vijfde dag van de maand — het was in het vijfde jaar van de ballingschap van koning Joo jachin – 3 kwam het woord van Jehovah tot Ezechiël, de zoon van de priester Buzi, bij de rivier de Kebar in het land van de Chaldeeën. Daar kwam de hand van Jehovah op hem. In de WT wordt hier Charles Taze Russell (1852-1916) vergeleken met Ezechiel, en genoemd in het rijtje van reformatoren, naast Arius, Waldo en Luther. De kerk was in het tijdperk van Laodicea gekomen, als de slapende kerk die niets wil leren. Charles Taze Russell (CTR) streed tegen het idee van de letterlijke eeuwige hel. Dat zat diep in de kerk vastgebakken en vastgeroest, en was niet eens bijbels naar de grondteksten. JG's zijn altijd veel ijveriger geweest in de studie van de grondteksten en de kerkgeschiedenis dan de doorsnee christen gewoonlijks. De WT stelt dat CTR alles had opgeofferd voor God en dat hij arm stierf in 1916, totaal centloos, maar rijk in God. Het is aan te raden de leerstellingen van de JG's niet letterlijk te nemen, maar symbolisch, hetzelfde als bij het calvinisme. Het moet allemaal een kwartslag draaien. 4 Terwijl ik keek, zag ik een stormwind aankomen uit het noorden. En er was een enorme wolk met flitsend vuur, omgeven door een helder licht, en midden uit het vuur kwam iets dat leek op elektrum.

De WT zegt over de betekenis van het Noorden : Jesaja 14: 13 – Wat u betreft, gij hebt in uw hart gezegd: Ten hemel zal ik opstijgen. Boven de sterren Gods zal ik mijn troon verheffen, en ik zal mij neerzetten op de berg der samenkomst, in de meest afgelegen streken van het noorden. De WT stelt dat het noorden de betekenis heeft van een geestelijke fase. Er zou een tijd komen van oorlog, revolutie en anarchie, die alleen begrepen zou worden door hen die het aardse hadden verlaten, niet door de aardse leiders. CTR had zichzelf afgezonderd om op de wachttoren te staan om het hemelse woord te ontvangen. (Hab. 2:1) 5 Erbinnen was iets dat leek op vier levende wezens, en elk zag eruit als een mens. De WT stelt dat in het overdenken van de wolk van verwoestende verwarring en chaos er juist begrip zal komen. 6 Elk van hen had vier gezichten en vier vleugels. De WT stelt dat de vleugels verschillende bijbelgeschriften zijn in twee verschillende wegen. We zouden kunnen stellen dat we met bijbelgeschriften zowel boven de schelp als onder de schelp kunnen werken, zowel tegen als voor, om het te verdiepen, en ook te ontmaskeren. Van belang is het om tot de diepere grondteksten te komen, in de etymologie (woordoorsprong), helemaal terug tot de voortijden waarin de mens dichter bij de natuur leefde, en nog in de natuur. 7 Hun voeten waren recht en hun voetzolen waren als die van een kalf — ze glansden als gepolijst koper. De WT stelt dat de voeten een beeld zijn van het contact tussen de hemel en de aarde. Het kalf is een beeld van volkomenheid. 8 Aan hun vier zijden hadden ze mensenhanden onder hun vleugels, en alle vier hadden ze gezichten en vleugels. De WT stelt dat de hand doelmatigheid voorstelt. Aan het doel kan ook altijd het vlees afsterven. Ook de wil moet onderworpen worden aan het doel. Dit doel ligt in de hemelse kennis opgeslagen. Deze handen worden bestuurd door het hemelse woord, de vleugels. Dit is een hemelse dwaasheid en geen aardse, vleselijke wijsheid. De mens moet dus gaan tot het hogere profetische doel, en niet eerzuchtig zieltjes proberen te winnen. Het gaat om de 'dwaasheid van de prediking' stelt de WT (1 Korinthe 1:21). Het kan niet begrepen worden door het vleselijke, maar alleen door het geestelijke. Het geestelijke praat de mens en de kerk niet naar de mond. Het geestelijke gaat het smalle pad door de enge poort, het pad door de hongerwildernis. 9 Hun vleugels raakten elkaar. Ze draaiden zich niet als ze zich voortbewogen. Ze gingen elk steeds recht vooruit. De WT stelt dat dit de volharding van het hemelse woord is. Het zal alles volbrengen en voleindigen. 10 Hun gezichten zagen er zo uit: elk van de vier had een mensengezicht met rechts een leeuwengezicht en links een stierengezicht, en ook had elk een arendsgezicht. De WT stelt dat de rund een beeld is van geduld, ook geduld in het gebruiken van kracht, dus met

een enorme gematigdheid en grensgevoeligheid. De leeuw brengt het hemelse woord van de dood (van de wil van het vlees), om dat wat tegen de hemelse stem of het hemelse woord ingaat te doden. De arend is het beeld van dat wat boven alles uitstijgt, alles overziet en doorgrondt, en verdiept. Het is de hemelse wijsheid. Hoofdstuk 18. jehovah's getuigen onder de loep Ezechiël 1 commentaar door de Wachttoren (1918) 10 Hun gezichten zagen er zo uit: elk van de vier had een mensengezicht met rechts een leeuwengezicht en links een stierengezicht, en ook had elk een arendsgezicht. De Wachttoren (WT) van 1918 stelt dat de mens soms door moeilijkheden gaat om het kwade te leren kennen. We kunnen stellen dat het belangrijk is de vijand te kennen. Dat is een onderdeel van de oorlog. Het commentaar op Ezechiël kwam oorspronkelijk uit het boek 'Het voleindigde mysterie', het zevende deel van de serie 'Studies in de Geschriften', wat vlak na de dood van Charles Taze Russell (CTR) uitkwam en wat deels door hem was geschreven. In het voorwoord staat dat CTR de boodschapper was gezonden tot de kerk van Laodicea, die altijd bestempeld wordt als de lauwe kerk, het tijdperk waarin we vandaag de dag zijn. Ze slapen. Ze zijn niet warm of koud te krijgen. In 1879 werd de WT opgericht door CTR. De delen van 'Studies in de Geschriften' worden beschreven als de sleutels tot het hemelse plan. Voor zijn dood zei hij dat iemand anders het zevende deel moest samenstellen. Het zou een commentaar op het boek Ezechiël bevatten, wat was geschreven in een symbolische taal, en daarom moest het uitgelegd worden. Het zou gaan over de kerkgeschiedenis, voornamelijk de voleindiging van de kerkgeschiedenis. God zou de fraude en de misleidingen ontmaskeren, de valse praktijken van de kerk, zowel van de katholieke als de protestante. De kerk had namelijk een corrupte verbintenis met de politiek in schaamteloos onrecht, waarin ze in grote voorspoed en zelfvetmesting parasiteerden op de armen. Deze systemen moesten aan de kaak gesteld worden, ontbloot worden, en hun verwoesting zou aangekondigd worden, en dat zou allemaal versleuteld liggen in het boek Ezechiël. Er zou hiervoor een tijd van grote moeilijkheden komen, zoals werd aangekondigd ook in de beginjaren van 1900. Nog nooit was er zo'n tijd geweest en daarna zou er ook nooit meer zo'n tijd komen. Er wordt gesteld dat CTR de publicatie van het boek niet meer heeft mogen meemaken, maar dat hij het in principe wel geschreven heeft. Anderen hebben het samengesteld, bij elkaar geraapt, de laatste boodschappen van CTR. Er wordt gesteld dat God de sleutel zou hebben gegeven aan CTR om het hemelse mysterie uit te leggen. Het verstand van de mens moest weer toegerust worden, want de mens was in de dwaling van de letterlijke eeuwige hel, en meerdere dwalingen. De mens moest weer terugkeren tot soberheid. 11 Dat waren hun gezichten. Hun vleugels waren boven hen uitgespreid. Elk had twee vleugels die elkaar raakten en twee vleugels die hun lichaam bedekten.

De arend is in het commentaar van de WT een beeld van de verziendheid, het zien aankomen van dingen, wat ook een gave is, of profetische gave. De vleugels zijn ervoor om te vliegen, te dragen, af te zonderen en te beschermen. 12 Ze gingen elk steeds recht vooruit, overal waarheen de geest ze dreef. Ze draaiden zich niet bij het voortbewegen. Ze gaan recht op het doel af, als een beeld van het hemelse woord. Het hemelse woord is dus niet zomaar de bijbel, maar de hogere natuur in het hart, wat zich natuurlijk wel kan projecteren door de bijbel of door ander studie materiaal. Het was diepe, duistere nacht, waarin de kerk en de mens geloofde in fabeltjes zoals de letterlijke eeuwige hel, waarmee kinderhoofden mentaal werden gemarteld. Maar het ware hemelse woord zou terugkomen. Nog steeds gelooft een groot deel van de christelijke wereld in de letterlijke eeuwige hel, en worden vele kinderhoofden mentaal ermee gemarteld, om hen te brainwashen. Het commentaar van de WT zegt over dit vers verder dat het hemelse woord voort wordt gezonden vanuit de hemelse kennis. Het gaat niet zomaar buiten de geleerdheid om. De mens moet opgroeien in kennis en niet vast blijven houden aan kinderachtige fabeltjes, die overigens een veel diepere betekenis hebben dan wat de mens ervan heeft gemaakt. 13 De levende wezens leken op brandende, vurige kolen. Iets dat eruitzag als heldere vuurfakkels bewoog heen en weer tussen de levende wezens, en er schoten bliksemflitsen uit het vuur. De WT stelt dat er alleen ware kracht is in wijsheid, en zo is dat ook in de oude talen waarin kracht eerder vertaald moet worden als onderscheiding, alertheid. De WT stelt ook dat de ware kracht geduld is, waarvan het rund een beeld is, in voorgaande verzen. Het begrijpen van de attributen van God geeft ook de mogelijkheid om visioenen van God te zien. Dit is een eigenschap van het hemelse woord. Het geleid de voeten van hen die ook de voeten zijn. CTR had het gezien. Op en neer, overal ging het. We komen dit ook tegen bij degene die komt bij nacht, in de Koran, van de hemel naar de aarde en terug, als op de ladder van Jakob. 14 En als de levende wezens heen en weer gingen, zag dat eruit als bliksemflitsen. Als er grote problemen zijn dan zijn er plotseling glimpen van hemelse wijsheid, stelt de WT. In de duistere wolken zijn ook verborgen wolken van inzicht. 15 Toen ik naar de levende wezens keek, zag ik op de aarde één wiel naast elk van de levende wezens met vier gezichten. De WT stelt dat de aarde symbolisch is, en dat de hemelse attributen in cycli of tijdperken het hemelse plan laten zien, en de mechanismes waardoor deze plannen worden uitgevoerd. 16 De wielen glansden alsof ze gemaakt waren van chrysoliet, en ze zagen er alle vier hetzelfde uit. Ze waren zo gebouwd dat ze eruitzagen als een wiel in een wiel. Vannacht had ik een droom waarin ik CTR ontmoette. Het was al een wat oudere man. Het was aan een bosrand. Hij zei : 'Berust je in je grenzen,' een beetje als vaderlijk advies. Hij zat niet meer vast in de eerste bijbel, maar was ook opgenomen in de tweede bijbel, in het leger, en hij sprak ook over een tijdschrift genaamd Vuh Getuigen. Vuh is het eerste grote hoofdboek van de tweede bijbel. Vuh betekent wijsheid en oorlogsstrategie. Wij moeten getuigen zijn van de hogere dingen voordat wij spreken. Dat is dus iets profetisch. We spreken niet zomaar vanuit een boekje, maar moeten zelf deel hebben gehad in deze dingen. Ik vertelde hem over de strijd die ik met iemand had uit het

verleden. Hij zei dat hij ook met dezelfde persoon een strijd had gehad, en dat het hem moe en ziek maakte. Hij wilde mij toen een advies geven. Hij zei : 'Be gentle.' Wees vriendelijk. En dan bedoelde hij vriendelijk naar anderen, want dat is een wapen juist om los te komen van de verkeerde personen. Hij noemde mij verder een vriendelijk persoon, maar hij wilde het gewoon extra noemen als algemeen wapen, ook omdat hij weet dat ik artikels schrijf voor andere mensen. Hij wilde mij iets meegeven, voor het tijdschrift. Als we pijn zijn gedaan door bepaalde mensen dan is het belangrijk ons juist op anderen te richten en hen wat mee te geven. Dat was eigenlijk wat hij zei. 'We moeten iets nieuws maken,' zei hij toen. Toen zijn we samen het bos ingegaan. Hij scheen het hier een beetje te kennen, dus ik liep gewoon met hem mee. De WT zegt over de steen van dit vers dat het doorzichtig is. De wielen zijn de aangestelde tijdperken die in verbinding zijn gesteld met de vier attributen van de hemel. De hemelse operaties zijn niet slechts aan één tijdperk, wiel of manier verbonden, maar draaien binnen een wiel, en tijden draaien binnen tijden. 17 Wanneer ze gingen, dan gingen ze steeds op hun vier respectieve zijden. Ze wendden zich niet in een andere richting wanneer ze gingen. Calvijn stelt in zijn commentaar op deze verzen dat sommige commentators de kleur van de wielen die als een zeldzame steen was vertalen als 'zee'. Calvijn stelt dat het was gezonden tot Ezechiël om hem afleiding te geven, hem te leiden tot verborgen hemelse geheimen. Ook Calvijn stelt dat de wielen in elkaar zijn zodat het lijkt dat ze elkaar soms tegenspreken, maar toch horen ze bij elkaar, want het is slechts de hemelse gevarieerdheid. Juist omdat de mens wordt blootgesteld aan zoveel veranderingen komt het verstand van de mens niet tot rust op aarde, maar juist daarom moet de mens de hogere hemelse dingen zoeken. In de hemel vinden wij ware rust. 18 En wat hun velgen aangaat, ze hadden zulk een hoogte dat ze bevreesdheid wekten; en hun velgen waren vol ogen rondom, alle vier. De WT noemt Jesaja 55:9 'Zoals de hemelen hoger zijn dan de aarde, zo zijn Mijn wegen en plannen hoger dan die van u.' Het plan van de tijdperken geeft de hemelse doelen aan. Calvijn stelt dat de hemel ons soms gewelddadig naar zich toe moet trekken, want anders wordt de mens traag en lui. 19 En als de levende schepselen gingen, gingen telkens ook de wielen naast hen, en als de levende schepselen van de aarde werden opgeheven, werden de wielen telkens opgeheven. De WT stelt dat de wielen worden geoefend door soms door hemelse dingen te gaan en soms door aardse dingen. Calvijn stelt dat de wielen worden bestuurd en geleid door de hemelse ondoorgrondelijkheid. 20 Overal waarheen de geest geneigd was te gaan, gingen zij telkens, daar de geest geneigd was daarheen te gaan; en de wielen zelf werden vlak naast hen telkens opgeheven, want de geest van het levende schepsel was in de wielen. De WT stelt dat er een hemelse kracht in het centrum is, waarvan al eerder was uitgelegd dat dit het geduld is. Het gaat hier dus weer om grens gevoeligheid. De mens moet zich leren berusten binnen de grenzen. Zo zal ook het pad zichtbaar worden, en het plan.

Hoofdstuk 19. wat hebben de jehovah's getuigen en calvijn met elkaar gemeen ? Ezechiel 1 Wachttoren commentaar (1918) 21 Wanneer zij gingen, dan gingen ook deze; en wanneer zij stilstonden, dan stonden ook deze stil; en als zij van de aarde werden opgeheven, werden de wielen vlak naast hen telkens opgeheven, want de geest van het levende schepsel was in de wielen. De Wachttoren (WT) van 1918 stelt als commentaar dat wanneer een hemels attribuut of tijdperk zou wegvallen, dan zou alles wegvallen. Elk onderdeel is dus belangrijk. 22 En boven de hoofden van de levende schepselen was wat geleek op een uitspansel gelijk het geglinster van ontzagwekkend ijs, uitgestrekt boven over hun hoofden. Calvijn noemt dit zeer obscure verzen. Hij stelt dat het kristal als ijs zeer vreselijk is, gewelddadig, omdat anders de mens in slaap zou dutten, lui zou worden. 23 En onder het uitspansel waren hun vleugels recht, de een aan de ander. Elk had twee vleugels die aan deze zijde bedekten en elk had er twee welke aan die zijde hun lichaam bedekten. Calvijn noemt dit ook weer een obscuur vers, als een herhaling van het voorgaande. Het gaat om een extra benadrukking van dat wat gaande is. Het is een manier om aandacht te vragen voor het hogere, het hemelse woord. 24 En ik kreeg het geluid van hun vleugels te horen, een geluid gelijk dat van uitgestrekte wateren, gelijk het geluid van de Almachtige, wanneer zij gingen, het geluid van een tumult, gelijk het geluid van een legerkamp. Wanneer zij stilstonden, lieten zij steeds hun vleugels neerhangen. De wateren zijn ook de hemelse waarheden door mensen heen, stelt de WT. Er zijn dus kruispunten tussen het menselijke en hemelse, zoals ook Calvijn stelt in zijn commentaar. Wij moeten gevoelig worden voor de punten waar het hemelse woord en de menselijke stem elkaar raken. Wij mogen innig en ernstig naar zulke punten zoeken in verschillende boeken en organisaties. Zowel hemel als aarde zijn vol van hemelse beweging, stelt Calvijn. 25 En er klonk een stem boven het uitspansel dat boven hun hoofd was. Wanneer zij stilstonden, lieten zij steeds hun vleugels neerhangen. Bij de bespreking van dit vers raakt Calvijn helemaal in paniek, en gaat tekeer als een orthodoxe bezetene naar mensen die het net even iets anders uitleggen dan hij, allemaal nutteloze zaken, allemaal kleinigheden, verschillende perspectieven. Het gaat niet om de letter, maar om het geestelijke. En het is allemaal meerzijdige symboliek. Calvijn is hier echt op zijn tenen getrapt en draait helemaal door, iets wat hem soms ook gevaarlijke uitspraken deed maken. Dat is ook de reden waarom we niet orthodox calvinistisch moeten zijn, maar neo-calvinistisch. Hij is te belangrijk om zomaar weg te werpen, maar je moet hem niet op de voet volgen. Calvijn symbolisch nemen, Calvijn een kwartslag draaien, is weer het mandaat. 26 En boven het uitspansel dat boven hun hoofd was, was iets dat eruitzag als saffiersteen, iets dat

geleek op een troon. En op datgene wat op de troon geleek, was iets dat geleek op iemand die eruitzag als een aardse mens erop, erbovenop. De WT stelt dat de zoon is onderworpen aan het hemels ouderlijk gezag, aan de moeder dus. De hemel is niet zomaar iets vaags, of de ene persoon boven de ander gesteld, maar de hemel is de rede. Het is zinnebeeldig. 27 En ik kreeg iets te zien gelijk de gloed van elektrum, gelijk de aanblik van vuur rondom daarbinnen, vanaf wat eruitzag als zijn heupen en opwaarts; en vanaf wat eruitzag als zijn heupen en neerwaarts zag ik iets dat eruitzag als vuur, en hij had een glans rondom. De WT stelt dat God, oftewel de hemelse rede, zich bevindt in de hemelse natuur, en de mens kan niet zomaar tot deze natuur naderen, maar moet volkomen zijn. Calvijn is in de bespreking van dit vers iets gekalmeerd, maar nog niet helemaal. Hij stelt in ieder geval terecht dat Ezechiël binnen zijn grenzen moest blijven, in de hemelse restrictie, anders zou dit visioen hem kunnen verwoesten, zoals het ook engelen die afweken zou kunnen verwoesten. 28 Er was iets dat eruitzag als de boog die in een wolkgevaarte verschijnt op de dag van een stortregen. Zo was hetgeen eruitzag als de glans die er rondom was. Het was hetgeen eruitzag als de gelijkenis van de heerlijkheid van Jehovah. Toen ik dat te zien kreeg, viel ik terstond op mijn aangezicht, en ik hoorde voorts de stem van iemand die sprak. Als er hoogspanning is dan moeten er regels zijn, anders gaan er dingen verkeerd. Theologie is er dus niet voor om moeilijk te doen, om een mensenleven te verzwaren, maar om leiding te geven in deze ingewikkelde materie zonder welke geen leven mogelijk is. Theologen zijn in die zin hemelse electriciens. Er is hierin natuurlijk groot verschil tussen de pseudo-theologen van de markt en de natuur theologen. Een theoloog moet vakkundig zijn in het spreken van zijn taal, de theologische terminologie. Het is zuiver zinnebeeldig. In de WT van 1920, 2 mei, gaat het over de jongen, Samuël. Het stelt dat er vleselijke en geestelijke interpretaties zijn, maar het komt er op neer dat toen Samuël ontwent was van de moeder borst hij naar de tent van Eli werd gezonden. Als we het over geestelijke betekenissen hebben in de grondteksten en andere versies, dan moeten we in de Vuh zijn, het eerste grote deel van de tweede bijbel, waarin de amazone theologie wordt beschreven. Samuël werd overgedragen aan een andere vrouw, om in de tent te dienen, in de grondteksten en in de amazone theologie. Hofni en Pineas waren de dochters van de vrouw. De WT stelt dat Eli zijn zonen niet tuchtigde, niet tegenhield. In de Rabijnse literatuur waren deze zonen, of in het geval van de amazone theologie : dochters, niet noodzakelijk slecht. In de Vuh vielen zij Samuël lastig. Zij waren een gesel in God's hand, om Samuël grens-gevoelig te maken. In de amazone theologie zijn er ook versies waarin niet Eli zijn nek breekt, maar Samuël zelf, of zijn rug, waardoor hij verlamd of kreupel raakt, door toedoen van Hofni en Pineas, die hem ergens vanaf duwden. De WT stelde in 1920, 9 mei, in het artikel 'Eli en zijn zonen' dat Hofni en Pineas immoreel waren. Shama-l of shama-halal is het gehoorzamen (shama, hebreeuws) van de grenzen (halal) oftewel het binnen de grenzen blijven, grens-gevoeligheid. In de amazone theologie komt hij dus terecht in een soort Pniël situatie waarin hij verbroken wordt opdat hij die gevoeligheid heeft voor de rest van zijn leven. Als mensen ineens hun interesse in je verliezen of ineens afstandelijk doen of afgeleid of ineens niet meer behulpzaam naar je zijn dan is dat gewoon een missing link. Het heeft geen zin te schelden of zomaar te denken, maar dan moet je speuren in het hemelse woord. Het is een natuur verschijnsel. De mens moet deze patronen weer leren kennen.

Het is belangrijk terug te keren naar de bron voor de missing links. Ook wanneer het aankomt op de Jehovah's getuigen (JG's). Terug naar wat ze oorspronkelijk hadden ontvangen. In de WT van februari 1880 is er een artikel van de pentateuch, over de schaduwen ervan. De mens staat niet op zichzelf maar is onderdeel ergens van. Het artikel stelt dat de pentateuch heel gedetaileerd is, maar niet omdat er ook maar iets goeds in was. Het was slechts een schaduw. De WT stelt dat het zinnebeelden zijn van de realiteit. Dat geldt dan ook voor de offerdienst. Het was niet letterlijk, maar symbolisch. De kleur van het bloed is de meest eeuwige, stelt de WT. Het was een beeld van de vernietiging van het vleselijke. Calvijn stelt dat sommigen beweerden dat er koppen werden afgehakt in de grondtekst. We kunnen stellen dat dit een beeld is van de besnijdenis. (Leviticus 1) Calvijn stelt dat de offerdienst erop wijst dat onze woorden een zuiver offer moeten zijn, dus dat wij hemelse woorden spreken. Het is de vrucht van de lippen. De WT van maart 1880 stelt dat de offerdienst ook allegorisch is voor het lijden wat tot de volle maat moet komen om tot God te kunnen komen. Het lijden moet namelijk op hetzelfde niveau komen als dat van de gekruisigde. Degene die dit niet hoort zal afgesneden worden. Ook Calvijn stelt dat het het lijden van de mens uitbeeldt om de mens geduld te leren. Ook was het volgens Calvijn om de overmoed te beteugelen. Het bleef zich maar herhalen en ging door tot in de kleinste details omdat het een hogere betekenis had, stelt Calvijn. We kunnen stellen dat juist dit de mens grens gevoelig zou maken. Calvijn stelt dat God telkens weer het vet opeist en beveelt het te verbranden. Dit is om de mens tot matigheid te gewennen stelt Calvijn. Calvijn stelde dat sommigen in zijn tijd ook stelden dat de offerdienst gewoon een beeld is van het afsterven van het vleselijke, en hij stelde ook dat de offerdienst geen enkele betekenis op zichzelf heeft, maar dat het moest wijzen op de voorwaarden om tot God te kunnen komen, dat er een prijs betaald moest worden. Het vlees moet gekruisigd worden stelt de WT, en daarom wordt de mens ook vervolgd. De offerdienst is ook een beeld van de vervolging. In de uitleg van Leviticus 2 van maart 1880 stelt de WT dat de offerdienst ook een beeld is van het doen van de hemelse wil, waarvan we weten dat dit kennis is. Omdat de offerdienst zo diep gaat en zo grondig is, is dit volgens de WT een beeld van het voleindigen van de hemelse wil, oftewel van de kennis. Deze offerdienst ging diep en was een kwelling : Psalm 22 15 Als water ben ik uitgestort en al mijn beenderen zijn ontwricht; mijn hart is geworden als was, het is gesmolten in mijn binnenste; 16 verdroogd als een scherf is mijn kracht, mijn tong kleeft aan mijn gehemelte; in het stof des doods legt Gij mij neer. Tot het punt dat de Psalmist uitriep : Mijn god mijn god, waarom hebt gij mij verlaten. De offers mochten niet verzoet worden met honing. De mens mag zichzelf niet behagen, stelt de WT. Er moest zout gaan in de wonde. Het lijden mag niet voortijdig afgebroken of verzoet worden. De dood aan het vlees moet geheel intreden.

Hoofdstuk 20. commentaar psalm 22 In de Wachttoren van 1979 in februari wordt het verhaal van David en Salomo besproken. David was in een moeilijke situatie terecht gekomen. Zijn zoon, Absalom, had veel meer aanzien gekregen in het volk dan hijzelf : Het hart van de mannen van Israël is achter Absalom gekomen. II Samuel 15:13. Zoals in Psalm 3 wordt beschreven rezen velen tegen David op. David moest vluchten van Absalom. De WT stelt dat David blootvoets ging, wenend, met gebogen hoofd in grote vernedering, en verwijst naar II Samuel 15:30 waarin hetzelfde wordt gesteld : En David besteeg de helling der Olijven, terwijl hij onder het opgaan weende; en hij ging barrevoets, en al het volk dat bij hem was, en zij klommen omhoog, wenend onder het opgaan. De amazone theologie stelt hierover : 'Psalm 3 is een morgenlied van David op de vlucht voor zijn zoon Absalom. In de amazone filosofie was dit zijn dochter. B-salom is in het egyptisch-hebreeuws de vrede, volkomenheid en verzoening van de voet, als beeld van de exegese. B is namelijk de voet in het Egyptisch. In de amazone filosofie is David genaamd Ahn. Ahn kon niet vluchten van zijn dochter. De dochter is namelijk een belangrijk en onmisbaar principe. Uiteindelijk gaat de ramadan vrucht dragen, voor hen die volhouden, wat de na-ramadan is, de volkomen of volle ramadan, de eeuwige ramadan, waarvan de dochter een beeld is. De mens moet volhouden totdat er een nieuwe geboorte is.' De mens moet dus geduld leren, gesymboliseerd als de dochter, de vrucht. In de amazone theologie was het niet Absalom die met zijn haren in de boom bleef hangen en werd gespietst, maar dit was een beeld van David die gekruisigd werd, van Psalm 22 dus. Hij werd gekruisigd door het volk van B-salom : 1 Mijn God, mijn God, waarom hebt gij mij verlaten? Waarom zijt gij verre van mij te redden, Verre van de woorden van mijn gebrul? 2 O mijn God, ik blijf roepen overdag, en gij antwoordt niet; En ’s nachts, en er is geen zwijgen van mijn zijde. 3 Maar gij zijt heilig, Wonend onder de lofzangen van Iosraël. 6 Maar ik ben een worm, en geen man, Een smaad voor de mensen en verachtelijk voor het volk. 7 Wat allen betreft die mij zien, zij bespotten mij; Zij blijven hun mond opensperren, zij blijven hun hoofd schudden: 8 „Hij heeft zich aan Jehovah toevertrouwd. Laat die hem ontkoming verschaffen!

Laat die hem bevrijden, aangezien hij behagen in hem heeft gevonden!” 9 Want gij waart het die mij uit de buik getrokken hebt, Die mij vertrouwen liet terwijl ik aan de borsten van mijn moeder lag. 10 Op u ben ik geworpen vanaf de moederschoot; Vanaf de buik van mijn moeder zijt gij mijn God geweest. 11 Blijf niet ver van mij, want de nood is dichtbij, Want er is geen andere helper. 12 Velen die jong zijn hebben mij omringd; Ja, de sterken van Basan hebben mij omsingeld. 13 Ze hebben hun muil tegen mij opengesperd, Als een verscheurende en brullende leeuw. 14 Als water ben ik uitgestort, En al mijn beenderen zijn van elkaar gescheiden. Mijn hart is als was geworden; Het is gesmolten, diep in mijn inwendige delen. 15 Mijn kracht is verdroogd als een scherf van aardewerk, En mijn tong blijft aan mijn tandvlees kleven; En in het stof des doods zet gij mij. 16 Want hyena's hebben mij omringd; Ja, de vergadering van boosdoeners heeft mij ingesloten. Als een leeuw hebben zij het gemunt op mijn handen en mijn voeten. 17 Ik kan al mijn beenderen tellen. Zijzelf kijken toe, zij staren mij aan. 18 Zij verdelen mijn klederen onder elkaar, En over mijn kleding werpen zij het lot. 19 Maar gij, o Jehovah, o blijf niet ver. O gij mijn sterkte, snel mij toch te hulp. 20 Bevrijd toch mijn ziel van het zwaard, Mijn enige uit de klauw van de hyena; 21 Red mij uit de muil van de leeuw. 22 Ik wil uw naam aan mijn metgezellen bekendmaken; Ik zal u loven. 23 Gij die Jehovah vreest, looft hem. Al Gij zaad van Jakob, verheerlijkt hem. En weest bevreesd voor hem, al Gij zaad van Israël. 30 Ja, een zaad zal hem dienen.

Calvijn stelde in zijn commentaar op deze psalm dat overal waar David ook keek hij niets dan duisternis zag van de nacht. Hij stelt dat de mens hierin geduld leert. Calvijn stelt dat alhoewel David zo'n voortreffelijke werker was hij toch zo diep vernederd en beproefd werd door God, zodat hij zelfs geen plaats had onder de meest verachten van de mensen. Calvijn haalt daarbij Jesaja 53:3 aan : 'Hij was veracht, en wij hebben hem niet geacht. Hij was een man van smarten. Hij had geen gedaante, noch heerlijkheid, zodat een ieder zijn aangezicht voor hem verborg.' Hij was beneden de mensen verlaagd, als een afgesnedene uit het getal der levenden. De zoon werd zo diep vernederd dat hij tot de onderwereld is afgedaald. Absalom had het volk tegen David opgezet. Het hele volk verachte hem. Hij werd vervolgd door het volk. Er was geen vrijheid van mening en godsdienst. In de amazone theologie zijn er verschillende versies van Absalom, want het kan ook gewoon David's vrouw zijn of een andere vrouw, die het volk tegen hem opzet. Absalom heeft de voortijdse sl wortel, aso-halal, oftewel de opvoeding tot grensgevoeligheid. De b die ervoor staat is dan de diepte, de volkomenheid. Absalom's verstrikking met zijn haren in de boom is dus een beeld of schaduw van wat in de amazone theologie ook de gebondenheid van David aan het kruis kan zijn. De vrouwelijke absalom wordt in de voortijd ook wel Bejè-salome genoemd. In 2 Samuel 18 zien we Absalom aan zijn haren hangen in de boom, maar in Psalm 22 zien we David hangend aan het hout, zijn handen en voetenj doorboort, wat later door het christendom werd overgenomen voor Jezus. Ook David had zijn eigen Judas, namelijk Achitofel, zijn eigen raadsheer, die hem later verraadde door Absalom aan te hangen in een staatsgreep. De dood van Absalom, wat heenwijst naar de metaforische dood van David in Psalm 22 is een metafoor van het begrijpen. Absalom raakte in zijn plannen verstrikt met zijn lange haren in de takken van een boom toen hij daar met zijn rijdier onderdoor reed, zoals het verhaal vertelt, maar in het Aramees gaat dit om het komen tot begrip, tot de grotere context. Deze boom werd genoemd "de boom van wonderen". Absalom kwam zo in een nieuwe dimensie, in een nieuw gezichtspunt. In het Hebreeuws kwam Absalom tot de Sowbek, een netwerk van takken. Sowbek is verbonden aan het Egyptische Sobek, de krokodillengod van de oorlog en de wedergeboorte. Het netwerk van takken is een beeld van het perspectivisme wat ruimte geeft voor allerlei symbolische betekenissen en metaforiek in verschillende lagen. Hoofdstuk 21. het kruis van samuël Dat wat om de mens heen gebeurt is de zinnebeeldige taal van het kruis die een boodschap heeft voor de mens. Heeft de mens deze boodschap al opgepikt ? Ook de mens zelf is een onderdeel van deze zinnebeeldige taal van het kruis.

Letterlijk gezien is het allemaal heel erg deprimerend, maar het zijn zinnebeelden. Dus toch maar leren en geduld hebben. Er zit niets anders op. Wanneer Samuel tot Eli komt, dan kunnen we dat ook zinnebeeldig opvatten. In het Hebreeuws betekent Eli de hemelvaart, het opgaan, ook het gaan tot de grenzen, en het verruimen van grenzen, wat inhoudt dat eerdere grenzen doorbroken worden. Om tot de hemelse grenzen te komen moeten we aardse grenzen doorbreken, achter ons laten. Eli of L wijst in het voortijds ook op Ila en halal, de grensgevoeligheid. Als Eli dan zijn rug of nek breekt is het puur zinnebeeldig voor deze dingen, en heeft dit dus betrekking op Samuël zelf, als de verbrokenheid van Samuël opdat hij gevoelig is voor niets anders dan de hemelse grenzen. Dat is dus het Pniël van Samuël waarin hij worstelt met god, met godsbeelden en met deze zinnebeelden. Dat is ook wat Samuël betekent : Shama-l of shama-halal is het gehoorzamen (shama, hebreeuws) van de grenzen (halal, ila, arabisch, voortijds) oftewel het binnen de grenzen blijven, grens-gevoeligheid. We spreken dus van het kruis van Samuël wat vooraf ging aan het kruis van David. Dit is erg belangrijk, dat we de diepere betekenis van het Samuël verhaal kennen want in de kerk en op aarde is hij degene die Saul en David tot koning maakte, en toen begon alles. Hij wilde dit helemaal niet, en had het volk zelfs gewaarschuwd, maar het volk wilde een koning. Daarom is het goed om terug te keren tot de bron. Een gebroken nek kan invaliditeit, verlamdheid, coma of de dood als gevolg hebben, allemaal zinnebeelden. Grenzen of beperkingen zijn ook weer zinnebeelden van verborgenheden en geheimen. Samuël ging door zijn grens-gevoeligheid tot het verborgene. De heerschappij is een zinnebeeld van het verborgene, dus dat heeft ook weer betrekking op Samuël zelf. Hier ergens ging het mis, want hier ging de mens alles verletterlijken. De mens wilde een letterlijke heerser, terwijl profetische, visionaire mensen zoals Samuël meer obscuur waren en fragmentarisch. In het stoïcijns is de heerser de voet, oftewel het contact met de onderwereld. De mensheid had het dus verkeerd begrepen. Zij waren doof. Het kruis van Samuël, het is dus iets heel duisters, maar zinnebeeldig. Hoofdstuk 22. de voortijdse boeren oorlogen In de voortijden waren er veel oorlogen tussen de boeren en de natuurvolkeren, ook wel de boerenoorlogen genoemd. Zo werden de natuurvolkeren teruggedreven, en de boerenvolkeren waren de mediums tussen platteland en natuur. Hier ontstonden dus uiteindelijk de markten. De boeren dragen dus belangrijke sleutels. In een droom vannacht was ik op mijn eerste bijbelschool in Doorn. Ik moest van de school wegrennen, de natuur in, prachtig natuurgebied, wat ik altijd heb gevonden. Ik rende door totdat ik op het platteland kwam, bij boeren. Het waren buitenaardsen. Ze lieten me binnen, en lieten me boeken zien. Deze boeken gingen over de voortijdse boerenoorlogen. Ze stelden dat ze het belang inzagen van de natuurvolkeren, maar dat sommige natuurvolkeren ook te wreed waren, en dat er dingen gebeurden die het daglicht niet konden verdragen. De boeren

moesten daarom veiligheid inbouwen. Er was hier een bovennatuurlijke rust. Ik zei dat ik de boeken zou lezen, want ik was geinteresseerd in de voortijdse geschiedenis. Ik mocht bij hen blijven. De boeren leefden bij het principe 'een beetje van dit en een beetje van dat,' en 'soms'. Ze waren van een hogere natuur. Voor nu moesten ze op het platteland leven omdat in de bossen het te gevaarlijk was. Ze spraken over bepaalde bacterieen die het op de mens hadden gemunt, de mens fokten. De mens kweekte die bacterie in zijn eigen mond door het vlees eten. Maar die bacterie kweekte dus hen. Het was een lijkenparasiet die zich steeds meer en meer kon ontwikkelen, in en door de monden van de mensen. Het was ook zwaar besmettelijk. Het sprong zo over van de één op de ander. De mens werd gegrild door deze bacterie. Ook ging het door de mobiele telefoon. De hersenen van de mens werden zo in een vorm van alzheimer gehouden. Ze waren onder hypnose door deze bacterie. De bacterie plantte zichzelf voort als een razende gek. De boeren wezen me op plaatjes aan de muur waarop het ook te zien was. Het verspreidde zich zo tot de voeten van de mensen zodat ze geheel in hun wandel werden bestuurd door deze bacterie. Het was een lichtende bacterie, blauw groen zacht licht, wat zich om de mond verspreidde, en wat zo naar beneden liep tot de voeten om de voeten te besturen. De mens was zo tot een robot geworden van deze vleesparasiet. Deze parasiet zette ook een soort denk en droom politie op, zoals ook in het boek 1984 van George Orwell (1949). De mens mocht niet meer vrij dromen en denken, want dat werd beheerst door de vlees-parasiet, en alles wat daarbuiten kwam werd opgesloten in scholen, psychiatrieën, gevangenissen, ziekenhuizen, enzovoorts. Daar hadden de vlees-parasieten een heel arsenaal voor om de vluchtelingen mores te leren. De vluchtelingen hadden paranormale gaven die deze parasieten ontmaskerden, en daarom waren de parasieten kwaad. Dat mocht niet. De vluchtelingen kwamen bij de boeren terecht. Daar konden de vluchtelingen onderduiken en werden ze opgevangen. De mensen waren geestelijk ziek. De bacterieen verspreidden zich op de matrassen, de kussens, het bestek, de borden, enzovoorts, allemaal als gevangenis van de mens. De mens moest losbreken, maar ze werden verdoofd gehouden. En allemaal volgden ze het toverstafje van de tandarts. De boeren waren er woest over, maar ze wisten dat ze het ook niet rechtstreeks konden aanvallen. Daarom studeerden ze veel, maar zorgden voor genoeg afwisseling en afleiding, anders zou de bacterie hen ook vastzetten. Ik voelde de dreiging van die bacterie. Het sloot op. Het werkte ook door de sex industrie. Het was heel smerig. De mens werd zo bedrogen. De vrouwen hadden een vreemde schurft, en ze wilden zich voortplanten, en daartoe brachten ze hun bedrog, daar afleidingstaktieken, door drogredenen. Ze lieten de mens plaatjes volgen, en zo stopten ze ongemerkt hun implantaten in de anussen van de mens, om hen af te tappen, en voor vruchtbaarheids doeleinden. Zo plantte die bacterie zich voort. Het waren anale implantaten, staafjes metaal, en dat ging van binnen zich vertakken, door het zenuwstelsel heen, door het bloedvatenstelsel, en de mens werd voortgedreven door het gif en de straling die het afgaf, en zo werd ook de zaadproductie geregeld. De mens moest een soort eieren leggen. Het was allemaal te walgelijk voor woorden, maar dat stond ook allemaal in de boeken van de boeren beschreven. Het waren hele dikke boeken. Ze hadden er echt werk van gemaakt. Er waren telkens veel plaatjes bij om het uit te leggen. Maar andere boeken hadden juist weer heel weinig plaatjes of helemaal geen plaatjes. Ook het gebruik van plaatjes had weer gevaren en was aan grenzen onderhevig.

Hoofdstuk 23. darwin Darwin stelde het al : Om te kunnen overleven is er aanpassingsvermogen nodig, camouflage vermorgen, variatie vermogen, flexibiliteits vermogen. De mens moet dus geen fanatiekeling worden die geheel in totaal isolement gaat leven, want dat trekt juist ook weer de parasieten aan. De mens moet strategie gebruiken, beleid. De buitenaardse boeren leven met tussenvormen. Hoofdstuk 24. de bacteriologische oorlog om de zielen De natuur werkt door ingewikkelde organismes, terwijl de mensheid werkt met simplistische organisatorische bureaucratie. De bacterie Loesia-B : lijkenparasiet, gebruikt/ hackt palletto kaleidoscopia, verziekt het, door alles af te buigen en te verleugenen, voor vernietiging. sterk als leeuwen, tandartsen systeem, sterk als honden. wreed, hardvochtig, onverschillig. asperge syndroom. splitst en vermenigvuldigt zichzelf snel, vormt massa's, zwermen, overvalt mensen, overweldigt ze. vraatzuchtig, vreet hun weerstand weg door fluoride, witte vullingen, andere soorten vullingen, wkb's enz. opwekken honger gevoel, simuleren. ontzettend sluwe krengen. lokken de mens in valstrikken waar ze niet meer uitkomen. kleverige, kleffe bende. anti stof : lukturen, geven de mens autonomie over zichzelf, onderwijzen de mens, zitten in bomen, geven de mens weer moed en durf om met het systeem te breken. brengen de mens onder natuur hypnoses om de verslavingsketenen af te breken. hechten zich aan de loesia-b bacterie, en laten die niet meer los, om ze af te breken. loesia-b is een hyper-intelligente en hypersluwe bacterie die de mens intimideert, bedreigt. programmeert de mens met dwangmatig geluid, zoals harde muziek bij de buren, in de straat of op het werk, wat gewoon puur mk ultra programmatie is. laat de mens gericht zijn op uiterlijkheden, de vormen, in plaats van de dieptes, laat de mens gericht zijn op de organisaties in plaats van het organisme. is enorm controle zuchtig, controle ziek, anti-minimalisme, maar daarbij zeer kortaf. medische kortafheid die dwingt, niets uitlegt. valt de longen van de mens aan, zodat ze zich niet kunnen verdedigen. steekt de mens met een bijtend, aggressief gif, om de mens slaperig en gewillig te houden, onder hypnose aan het systeem. werken op de emoties. maken mensen bang, boos, of emotioneel. besturen de mensen als poppen. Ziekelijke bacterieën zijn het, de families die denken het altijd beter te weten. Ze laten hun tanden, hun botten dus, van binnen leeg maken, halen de zenuwen eruit, zodat het bot sterft, en dan gaat het parasieten channelen, wat ze dan het christendom noemen of wat voor geestelijk of religieus systeem dan ook. Ze vermoorden dus de natuur om leeg te zijn, maar het ware leeg zijn vermoord de natuur niet, en is geen materiele luxe. Je gaat naar binnen, om een geestelijk, leeg kanaal te zijn.

De natuur werkt door je heen, en maakt gebruik van je eigen natuur, want je bent een stuk natuur. De tandarts wil dit koloniseren en zijn pionnen op je zetten, zijn vlaggen, om je zo meer en meer in te nemen door anti-natuurlijke, luxe troep zoals boven beschreven. Het is de loesia-b parasiet, bacil, bacterie. De mens mag terugkeren tot de natuur, tot de luukturen. Loesia-b bacteriën kunnen zeer confronterend zijn. Het is dan zaak om wat stappen terug te doen, minimalistisch te worden. Tandartserij is gedwongen materialisme. Je moet met hun luxe troep in je mond lopen. Iedere tandarts is anders natuurlijk, en sommigen zijn bereid compromissen te doen, maar zij hebben de touwtjes in de handen. Tandartsen zijn van slecht tot minder slecht, waar je uit zou moeten komen bij een natuur tandarts die geen rommel gaat lopen dwingen. De mens is er niet op gebouwd om met die rommel in zijn lichaam te lopen. Er worden zo levensgevaarlijke risico's genomen door een mens te laten komen tot implantaten in de mond die er niet uitkunnen. Deze bacterieën zijn zo bedrieglijk dat sommigen zelfs ontkennen dat vullingen implantaten zijn. Ze doen alsof het in de mond hoort. Dat moet een alarm zijn. De tandarts is zo'n bacterie. De tandarts doet net alsof het allemaal zo hoort, maar het is allemaal aangepraat. Vroeger gebeurden dit soort dingen niet. Het is een moderne ziekte, en het heeft de mens in de grootst mogelijke problemen gebracht. Oh, een probleem in het lichaam ? Gewoon even een implantaat er tegenaan gooien en klaar. Voor de moderne mens is het een koud kunstje. De moderne mens is ook bedrieglijk ijdel, want een gat in de mond zoals het genoemd wordt is natuurlijk geen gezicht, wat ook allemaal aangepraat is. Kijk naar de natuurvolkeren. Die missen soms ook kiezen, maar die zijn tenminste nog gezond, terwijl de moderne mens ziek is gemaakt door die luxe giftige schoonmaakproducten genaamd vullingen en wkb's die de natuur in de mond ernstig verstoren. Het bot kan zich na de gelegde vulling namelijk niet meer herstellen, en het lichaam gaat dan zware chemische signalen afgeven, omdat het lichaam onderdrukt wordt en gemarteld. Luister dus goed naar je lichaam. Je lichaam is levende natuur. Het gevolg van vullingen is dat de pijn op andere plaatsen gaat doorstralen, wat zelfs in de mond kan gebeuren, en wat het gebit veel gevoeliger kan maken, en het kan leiden tot tandenknarsen waardoor je je hele gebit kapot gaat bijten, of door de vullingonderdrukking van het lichaam kan het leiden tot overmatig hongergevoel ter compensatie, waardoor je blijft eten, of waardoor je vlees wil, suiker of zout, zodat de voedsel industrie ook weer overmatig aan je verdient, en de medische wereld weer lekker aan symptoom bestrijding kan doen om haar zakken te vullen. Deze industrieën werken met elkaar samen onder één hoedje, als een parasitair complot. Het is een bacteriologische oorlog om het lichaam, om jouw lichaam. Bacteriën willen in jouw lichaam wonen om jouw vlees te gebruiken voor voortplanting om zo bacterie ketens te maken, en ze voeden hun kinderen met jouw vlees. Dit soort bacteriën kunnen zware hallucinaties opwekken, zoals de tandarts, de psychiater, de betaalde dokter, de slager, de suikergoed winkel, enzovoorts enzovoorts. Deze bacteriën komen dus vermomd, en doen zich voor als mensen, maar het zijn rovers, sluwe rovers. Ze hebben de mens al omsingeld en ingenomen. Als ze dit lezen zullen ze dan ook of lachen of protesteren of het negeren, want het ontmaskerd ze. Daarom hebben ze ook bijvoorbeeld de psychiatrie als denk en droom politie opgericht, want ze zijn bang voor de ontmaskering. Ze willen niets van de demonologie weten en ook niet van bacteriologie. Om de haverklap worden mensen in de gezondheidszorg met een bacterie probleem door mavo-schapen beschuldigd van wanen, dat het allemaal tussen of achter de oren zit, terwijl huisartsen en andere artsen al hadden vastgesteld dat er een bacteriologische infectie was. Vaak zijn gewoon algemene lichamelijke artsen veel minder erg dan hen die een handeltje hebben gemaakt van de geestelijke gezondheid en de tandartsen, de zogeheten mond gezondheid. Daar huizen juist deze bacterieën, maar shamanen hebben deze bacterieën al aangesproken en waarschuwen ertegen. Shamanen zijn hen die zich gespecialiseerd hebben in het contact met de natuur, het diepte onderzoek. Dat zijn dus ook demonologen en andere naturopaten. Zorg is geen koopwaar. Er valt met dit soort bacterieën niet te praten, want ze zullen alles wat je zegt omdraaien en tegen je gebruiken. Ook zullen ze dingen doen en zeggen die je irriteren en waardoor het alleen maar erger

wordt. Geef ze een vinger, en ze nemen je hele hand. Niet doen dus. Hoe moeilijk dat ook is. Je moet omwegen nemen. Eerst gaan tot de natuur, tot de luukturen. De loesia-b bacteriën werken met drogredenen, zoals dat ze macht over je hebben en over je beslissen omdat je in hun patientenbestand zit, of omdat de meerderheid het zo heeft bepaald, of de wet of wat dan ook, terwijl ze dat zelf allemaal verzinnen en zichzelf gewoon gevierendeeld hebben. Zij doen dat allemaal. Zij zijn de massa's. Meeste stemmen gelden is een drogreden, gemaakt om je te ontdoen van je eigen autonomie. Het enige medicijn is dan terug te keren tot de natuur en de natuur principes om je daaraan te onderwerpen. Dan zul je de bacteriologie moeten leren, die dus demonologisch is. Loesia-b zijn hysterische, aggressieve bacteriën, die de schijn kunnen wekken vriendelijk te zijn, en de schijn kunnen wekken het met je eens te zijn, maar dat is alleen maar ten dele, opdat je erin trapt. Ze doen namelijk aan omkoperij, ook door de touwtjes wat te laten vieren, wat zoetigheid door het vergif. Maar het is hysterische, aggressieve energie. Laat je daarom niks wijsmaken. Ook hebben ze het altijd over taal, juiste grammatica, juiste spelling, om je te onderwerpen aan hun systeem. Ze willen je in hun programma's houden, opdat ze je kunnen programmeren. Het is dus ook de taal politie. Het vreemde zien ze als bedreiging, want het kan hun ondergang betekenen. Hoofdstuk 25. We will be back territoriale bacteriologie bacterien die over grotere gebieden zijn aangesteld, de heersende bacterien texas = tadik engeland = molon, vuurspuwende bacterie, laad zichzelf op, oplaad systeem, recharger, groot systeem, neemt energie op, via de ruggegraat, via slokdarm, longen, ogen nederland = molon-flictine belgië = molon-wulps india = rikake frankrijk = kalon rusland = stolkin china = kamin zweden = kramin noorwegen = molkin amsterdam = tuza rotterdam = tuzein den haag = plutan afrika = ratakan toronto + suriname = raswin assen = licht bacterie De molon bacterie die razendsnel vuurspuwt en zichzelf oplaad, wat een heel groot systeem is, is de top van deze paraplu. Het is het Engelse wereldrijk, maar tegelijkertijd wordt hier ook zoveel opgesloten gehouden. Wat ze gemaakt hebben is het leven niet, maar het leven zit er wel in

verborgen, wat dus ook zo in het christendom zit. Het is het leven niet, maar het leven zit er wel in opgesloten. Daarom gooien we het christendom niet zomaar geheel weg. Het is een bepaalde taal, maar de betekenissen moeten nog komen. De taal wordt verkeerd gebruikt en verkeerd uitgelegd. Dat is het probleem. Dan moet je je voorstellen : iemand op een lange, eenzame weg door het bos, zeer koud, bijna hopeloos, en alles waarmee ze opgroeien, hun enige vocabulaire is die van het christendom, waarvan je ook niet mag afwijken, want je staat op die weg onder zware bedreiging van de eeuwige hel. Dan gaat het er niet meer om wat iemand voor taal spreekt, maar wat de taal van zijn hart is. Zomaar plat alle christenen veroordelen omdat ze christen zijn is materialistisch. Wij groeiden zelf ook op die manier christelijk op, terwijl ons hart toch altijd zoekende was, en we gewoon roeiden met de riemen die we hebben. Het is ook een soort Stockholm syndroom dat je niet anders kan, maar de gnosis hoort je dan toch, omdat je hart het uitroept naar diepte. Dus iemand roept het uit tot Jezus, so what ? Dat is misschien het enige woord wat hij kent en mag gebruiken. Matthew Henry (1662-1714) schreef in zijn bijbelcommentaar over Openbaring dat Jezus eigenlijk gewoon het punt is waarop God gepersonificeerd wordt, oftewel 'vlees wordt', wat dus eigenlijk gewoon een principe is van de gnosis. Ook noemt hij Jezus als een getuige van God, dus eigenlijk hebben we het dan over het toetsen. Het moet iets persoonlijks zijn, dus om Jezus zomaar als projectie object te gebruiken is sowieso al onzin. Het is iets wat we zelf moeten ondergaan. De zeven geesten in Openbaring worden door MH beschreven als de karakter eigenschappen van de natuur van God, dus ook gewoon principes. Hij stelt terecht dat de mens niet alleen ijverig moet zijn, maar ook lijdzaam, en dat dit weer aan het Jezus principe is verbonden. Hij stelt dat de werkers grote lijdzaamheid moeten hebben met geduld, dus wachtende lijdzaamheid, zodat de wil van God volbracht kan worden en zij het woord kunnen horen. Dit houdt ook verdraagzame lijdzaamheid in om de beledigingen te verdragen. Er kan met het christendom, met de symboliek ervan, veel worden uitgelegd, zoals we vroeger vaak hebben gedaan en dit nog steeds doen, maar dit is een smal pad. MH stelt dat de werkers in het werk en op de weg op moeilijkheden stuiten, maar dat de lijdzaamheid de werkers zo voort kan laten gaan en alles goed kan laten voleindigen. Hij stelt er terecht wel bij dat dit niet betekent dat we zomaar de zonden moeten aanvaarden, maar dat we tegen de zonden moeten strijden. We moeten hierin een grote ijver hebben om de zonden aan de kaak te stellen, zoals ook ons artikel 'De Kracht van God's Tranen' uit 1994 stelt : 'We moeten weten om welke Liefde het gaat: 1. De mede-strijdende liefde 'Hieraan hebben wij de Liefde leren kennen, dat Hij zijn leven voor ons heeft ingezet; ook wij behoren dan voor de broeders ons leven in te zetten'. (1 Joh. 4:16) 2. De mede-lijdende liefde 'Wie nu in de wereld een bestaan heeft en zijn broeder gebrek ziet lijden, maar zijn binnenste voor hem toesluit, hoe blijft de Liefde Gods in hem ? (1 Joh. 4:17) Een ware soldaat van God vecht voor z'n volk tot het uiterste toe en vangt daarbij ook alle klappen op. Hij gaat tussen het volk en de vijand instaan, om te strijden en ook te lijden voor zijn volk. Dit is de Ware Liefde vanuit het Soldaten-hart van Christus. Deze Liefde zet z'n hele wezen in om de barrieres tussen God en mensen te vernietigen. Daarbij omhult en beschermt ze hetgene wat ze liefheeft vol vuur en zelf-opoffering. Alleen deze Liefde brangt Eenheid en Verzoening. Alleen deze Liefde brengt de Warmte en het Volle Geluk van Gods Eeuwige Paradijs. Deze Liefde is de Liefde van het Kruis.'

Het gaat dus niet om een soort van new age geloven van alles maar verdragen en alles gaan lopen vergeven, want er is ook een strijd te voeren. Het artikel gaat verder : 'Hij is onze Vrede, die de twee een heeft gemaakt en de tussenmuur, die scheiding maakte, de vijandschap, weggebroken heeft, (...) om in Zichzelf, Vrede makende, de twee tot een nieuwe mens te scheppen, en de twee, tot een lichaam verbonden, weder met God verzoenen door het kruis, waaraan Hij de vijandschap gedood heeft'. (Efez. 2:14-16) Alleen de dragers van dit kruis zullen overwinnen, als de machten der hel opstaan om de wereld te overspoelen. Alleen de dragers van dit kruis zullen een sterke en stevige brug hebben om de overkant te bereiken, in Gods Zaligheid. 'Wie niet zijn kruis draagt en achter Mij komt, kan Mijn discipel niet zijn'. (Luc. 14:27) Willen we een hartsrelatie met God gaan ontvangen, dan zullen we Zijn Strijdend en Lijdend Hart moeten gaan leren kennen en aannemen. Als uw man of vrouw geen oog heeft voor uw worstelingen en verdriet, is uw relatie dan goed ? Als een kind geheel voorbij gaat aan de strijd en het lijden van z'n vader of moeder, is dat dan een goede relatie ?' Hierin moet dus balans zijn. Veel christenen slaan door naar de ene of andere kant. Het kruis is beiden. MH stelt dat zonde niet door de vingers gezien mag worden. Ook mag men het niet toestaan. Hij noemt Openbaring 2 : 2 : '2 Ik weet uw werken en inspanning en uw volharding en dat gij de kwaden niet kunt verdragen en hen op de proef gesteld hebt, die zeggen, dat zij apostelen zijn, maar het niet zijn, en dat gij hen leugenaars hebt bevonden.' Hij stelt dat ware ijver, demonologische ijver dus, die zowel lijdvaardig als strijdvaardig is, gegrond is op kennis en ook voorzichtig is. Hij stelt dat deze ijver ook onpartijdig is. Zij die onpartijdig zoeken naar waarheid zullen haar vinden en leren kennen. Daarom, stelt MH, moet de mens terugkeren tot zijn 'eerste liefde'. MH noemt dit ook 'de vorige ijver'. Hij bespreekt hoe mensen snel lauw en lui kunnen worden, gemakszuchtig, onvoorzichtig, koud en partijdig, allemaal doordat ze hun eerste liefde, hun eerste ijver hebben verlaten, hun radicaliteit. Hij noemt ze de nalatigen. De eerste ijver moet herwonnen worden, opnieuw aangewakkerd, een nieuw verlangen naar het eeuwig leven. MH noemt dit ook de eerste ernst en tederheid. Als je waarlijk een 'christen' wilt zijn, of volgeling van Jezus, symbolisch, dan is dit volgens MH een strijd tegen de zonde. Dat is wat het christelijke leven is. Zo hebben wij dat vroeger ook altijd beschreven : het is de demonologie, de oorlogskunde, want zonde verwoest alles. Mensen die het niet zo nauw hiermee nemen worden door de vijand ingenomen, en worden zo valse christenen. Vaak is het christendom dus geen strijd tegen de zonde, maar een strijd tegen God, tegen de gnosis. MH stelt : deze strijd moeten we strijden tot het einde, dus standhouden, anders gaan we eraan. Er kunnen geen spelletjes gespeeld worden. Radicaliteit en nauwkeurigheid, volharding, is ook altijd onze boodschap geweest, en die boodschap kwam van de gnosis. Dit is een roeping. Lauwe mensen hebben altijd en eeuwig een bedreiging gevormd, en worden zo je vijanden. Als iemand tegen mij zegt dat ze lauw zijn geworden, en dat is nogal eens gebeurd, dan weet ik precies hoe laat het is, en dan houd ik ze strict in de gaten. De duivel zal ze dan als kanalen gebruiken, tegen mij, tegen het werk, dus ik ben op mijn hoede. MH stelt dat we nooit voor onze geestelijke vijanden mogen wijken. Ja, soms moeten we vluchten,

maar de strijd is niet over. We gaan door met de oorlogsstrategie. 'We will be back.' Hoofdstuk 26. de molon bacterie Matthew Henry die in de jaren 1600 en 1700 leefde, als bijbelverklaarder, een belangrijk vak, zag in psalm 1 de oorlog tussen het zaad van de vrouw en het zaad van de slang, waar Genesis ook over gaat. Hij stelt dat de slang zeer listig is, en dat de goddeloze volgelingen van de slang dit ook zijn, en zeer ijverig. Velen worden verstrikt en verlokt. Zij die op het recht pad zijn moeten hier ver van blijven. Niet in de kring der spotters zitten moet gezien worden als weerstand bieden tegen dit soort gespuis, en niet samen met hen de rust opzoeken, want met hen kunnen we geen ware rust hebben. MH roept dus op tot strijd. De zonde zit achter de mens aan, en de mens moet er niet aan toegeven en er geen ongelijk span mee vormen. MH maakt een verbinding met psalm 69, waar de spotters dronkaarden worden genoemd. De mens kan zich dan beter richten op de studie, op onderzoek. Dronkaarden onderzoeken niet, of onderzoeken maar half, om dan een handeltje op te zetten. Onderzoeken bij dag en nacht, volledig, daar gaat het om, om zo bij het richtsnoer te komen. MH noemt deze dronkaarden vruchteloos en onnuttig, maar vol van de wijndruiven van Sodom. Sodom is het beeld van overmoedig en overmatig aan elkaar plakken, oversocialiteit, in plaats van rijpen in de afzondering. Iemand dronken door de wijndruiven van Sodom zal dus altijd zijn geestelijkheid proberen te verkopen en naam proberen te maken. MH noemt ze lichtzinnig en ijdel. Ze zijn als kaf in de wind. Ze schatten zichzelf heel hoog in, maar voor God hebben ze geen waarde. Ze hebben namelijk geen substantie, geen degelijkheid. Ze zijn zo geworden door zonde en dwaasheid. Ze kunnen herkend worden aan hun kinderachtige excuusjes. Zeer onbenullig, stelt MH. Wij moeten niet slechts ijverig zijn, zoals de dronkaarden alleen maar ijverig zijn en zo hun doel missen omdat het geen diepte heeft, maar we moeten ook lijdvaardig zijn, dus strijdvaardig en lijdvaardig. Het moet zintuigelijk zijn, niet zomaar vanuit een boekje, zoals allerlei overijverige christenen en goddelozen. Deze oorlog zien we ook dwars door het christendom heentrekken. Het is niet slechts één pot nat, maar bevat ook de sleutel. Altijd maar weer als ik mensen vanuit mijn vakkennis de sleutel van de gnosis aanreik denken ze hiermee ineens het gehele christendom te kunnen verwerpen, wat gewoon een leugen is, want de gnosis loopt dwars door het christendom heen, en het christendom is gewoon een bepaalde taal die ook weer over de gnosis spreekt. Het is hetzelfde als wanneer Jezus mensen geneest, in het verhaal, dat die mensen dan ineens nergens meer te bekennen zijn, pure ondankbaarheid. Dit heeft verder niks met Jezus te maken, maar met een principe. Het één sluit het ander niet uit. Hoe dan ook is er een strijd tegen het christendom, om het weer recht te zetten. Vannacht had ik daar een droom over, over de molon bacterie die heerst door het Engelse wereldrijk, ook door het christendom. Het Engelse wereldrijk verdraaide het oorspronkelijke christendom waardoor we hier te maken hebben met het vuile, verachtelijke westerse christendom, wat dus wel degelijk een grote vijand is. De droom ging over weer één van de vrienden van mijn vader, ditmaal de Engelse leraar. Mijn vader was namelijk leraar op een college en had zo veel

vrienden die ook weer leraren waren, en ik kwam soms bij hen in de klas terecht, zo goed en kwaad als dat ging, maar deze meneer Engelse leraar was een ware sadist die er van genoot kinderen tot janken te drijven door zijn manipulatie en doodgravers mentaliteit. Ja, het moet ook wel het einde van de wereld zijn als je een 4 hebt voor een Engelse repetitie. Alles moest op zijn tempo, op zijn manier, en ik heb zijn leugens later wel kunnen ontmaskeren, want het was slechts zijn interpretatie van het Engels en zijn beperkte vocabulaire. Ik was in die droom weer zo kwaad op hem, en de gnosis zei me dat hij 'opgepakt' zou worden, opgedoekt zou worden, en dat moest ik middenin de nacht naar mijn vader, die toen sliep, vertellen. Ik ging naar de kamer van mijn vader en riep wat er met die Engelse leraar zou gebeuren. Hij greep een soort pistool, zwart, als een paint bal pistool, maar er kwamen hele grote zwarte kogels uit die in golfbewegingen op me af stuiterden. Ik bleef het maar doorschreeuwen wat er met die Engelse leraar zou gebeuren. Mijn vader was in de molon gedaante, de bacterie die heerste via het Engelse wereldrijk, ook door het christendom, het Engelse christendom. Ik moest hem dat pistool afhandig maken, want dit pistool zou juist het anti stof bevatten tegen de molon bacterie. Dat lukte. Het is een beetje het beeld van het christendom, dat het ook weer het anti stof bevat. Het christendom is dus in twee kampen verdeeld : dat van de gnosis, het meer grondtekstelijke christendom van de oorspronkelijke diepte wat terugvoerd tot de voortijden, en aan de andere kant het slappe dronken christendom van de oppervlakkige vertalingen, wat slechts hun eigen interpretatie is wat ze tot marktgoed hebben gemaakt en waardoor ze heersen zogenaamd, het Engelse westerse christendom dus, een verbastering dus. Nu, waar gaat het om. Er werd tegen mij geroepen vanuit de gnosis : Het gaat om de vader, daar zit iets fout. De molon vader wil geen zoon zijn, daarom projecteert hij alles op Jezus, de zoon, en dat mag hij zelf niet zijn, en wil hij ook niet, want dan zou hij macht verliezen. Misschien ken je die christenen wel, die altijd en eeuwig zichzelf strict afgezonderd houden van Jezus in hun identiteit. Zij zijn de zondaren, en Jezus is dan wat anders, de zoon van God bla bla bla, en dat kunnen zij nooit zijn. Neen, want zij willen geen zwakte. Zij willen zonde, heersen (zogenaamd). De zonde geeft namelijk de illusie van tijdelijk te heersen. Dat willen ze. Daarom vallen ze iedereen aan die het heeft over dat we als Jezus moeten zijn en grotere werken dan Jezus zullen doen. Ja, dat staat ook in de bijbel, en ik hield er altijd van als theologisch student vroeger om dat te noemen, soms ter grote irritatie van protserige bijbelleraren, waarvan er één eens zei toen hij naar het koffie apparaat liep voor zijn dagelijkse bakje leut : 'Zit je weer met je theologieën te spuien,' toen hij het mij hoorde zeggen tegen andere studenten, over het grotere werken doen dan Jezus, wat dus letterlijk in de bijbel staat, zelfs in hun kostbare, dierbare, westerse vertaling. Nee, want het ging allemaal om zijn theologie, de molon theologie. Zij mogen niet als Jezus zijn, en al helemaal niet groter dan Jezus. Dat is ware godslastering enz. enz. Ja, want zij willen blijven heersen over de zoon, dus ze willen geen zoon zijn. Zij willen het vuile werk niet opknappen. Dat moet Jezus doen, de zoon. Zij wanen zichzelf de vader, door deze molon bacterie. De balans tussen vader en zoon is dus zoek. Ze kunnen wel zeggen dat ze kinderen van God zijn, maar dat ware zoonschap dat hebben ze niet en willen ze niet. Vandaar hun projectie. En dat terwijl de vader juist een climax ervaring van het zoonschap is, de verbrokenheid van de zoon, waardoor hij gevoelig wordt, en gehoorzaam, zoals Jakob op Pniël, maar zij hebben allemaal weer andere definities of proberen deze dieptes weg te moffelen. Ook moet er dus balans komen tussen vader en moeder, want in het westerse christendom is het vooral in het protestantisme meestal over de vader. Er moet dus weer een balans komen tussen vader en moeder. Vader is slechts de climax van het zoonschap, maar die gaat ook weer terug in de baarmoeder, en het is heus niet zo dat dit machtsverhoudingen zijn tussen personen, alsof we dan feministisch moeten worden, of letterlijk matriarchisch, want dat zou te materialistisch zijn. Neen. Het is een verhouding van principes binnen de mens zelf, niet tussen personen. Als de mens niet moederlijk wil zijn dan is dat gewoon een probleem. En dat komt in het verbasterde christendom te vaak voor. Dus : balans tussen vader en zoon, en balans tussen vader en moeder. De mens moet weten waar deze principes voor staan, want de molon bacterie heeft de ware definities verkapt, onder een zeil.

Loop niet met de gnosis weg het christendom totaal verlatende, want het gaat er dwars doorheen. Het christendom moet verslagen worden, oftewel begrepen. Je moet niet meer weggooien dan je lief is, want dat zou smetvrees zijn. Ja, we weten allemaal dat het christendom walgelijk is, voornamelijk in het westen, allemaal plakkerige, ziekelijke zooi, maar het is allemaal geroofd spul. In deze bacterie ligt ook de antistof verborgen. Het is een cultuur, en er liggen wijsheden in opgeborgen. Het moet teruggedraaid worden, want alles was verbogen. De molon bacterie is zeer vraatzuchtig, zoals mijn vader ook altijd was. Dan moet je met een vader opgroeien die altijd van andermans borden eet, vooral ook van mijn moeder, en die dan protesteert, maar hij gaat gewoon door, en dan berust ze zich er gewoon in alsof het zo hoort, en ze blijven gewoon de dikste vrienden, en houden elkaar altijd de hand boven het hoofd, ook als ze niet bij elkaar waren, dus niet konden weten wat de ander had gedaan of gezegd, en als kind wordt je niet geloofd. Maar dit waren standaard taferelen bij ons thuis, en zo zal dat ook de geschiedenis ingaan. Ze zullen hier niet aan ontkomen. Mijn nachtmerries hebben altijd de waarheid tot me gesproken over wat ze met me zouden doen, en het is tot op de kleinste details uitgekomen. Die vader, zogenaamde vader, was een beeld van vraatzucht, wat om me heen lag. In mijn nachtmerries was hij ook heel vet, en hij smoorde me bijna, wurgde me, en mijn moeder was heel dun en ver weg, als een sprite. Die was altijd heel luchtig en geloofde me nooit, want ze hield altijd de hand boven het hoofd van haar man. Die lachte altijd alles weg, verdoezelde altijd alles, wuifde alles weg, totdat je niet meer sprak. Het heeft toch geen zin om zo nog te praten. Het zijn bacterieën. Dus er moeten antistoffen zijn. Die lerarenvriendjes van hem waren als begrafenisondernemers. Alles moest op hun manier, en het was het einde van de wereld als je niet mee kon komen. Dan keken ze je aan alsof je al dood was. En ja, dat waren dan 'aardige mensen' in de ogen van de zogenaamde vader. Het was een groot nazi complot. Ze martelen kinderen mentaal, emotioneel en psychisch helemaal dood. Er blijft niets meer van je over. Een kasplantje willen ze van je maken. Alles moet altijd maar, en altijd op hun manier, want zij weten alles beter. Alles. Ze laten je molesteren door hun grote vriendenbestand en door alles wat ze hebben ingehuurd en ze verdedigen je niet. Alles wordt goedgepraat. Dat is wat die bacterie doet. Oh ja, en die bacterie wil er altijd 'goed' uitzien, altijd alles wat los en vastzit opvreten, dikke vleeskwabben. Velen kotsen ervan, maar ze zijn in de waan dat het zo hoort. Het is de levensstijl die hen bevalt, en ze moeten het toch kunnen goedpraten dat ze hun kinderen al die jaren groeistoffen en bouwstoffen hebben gegeven van vermoorde dieren, de vlees industrie, wezens die ook recht op een bestaan hadden. Nee, maar het gaat allemaal om hen. Zij zijn het. Daar gaat het om. Als ze een kik geven dan moet direct de verbandtrommel erbij, de ambulance, nood-helicopter, en wordt het de hele familie doorgebazuind die het moeten weten en die dan mee moeten jammeren en moeten helpen, maar als het iemand anders overkomt, een dier of hun eigen kind, dan eten ze rustig hun stukje vlees alsof er niks gebeurd is. Die grote ambulances komen trouwens ook niet in de derde wereld. Het zijn clowns. Met loeiende sirenes gaan ze door de straten zolang de mensen waarvoor ze rijden maar rijk zijn. Belachelijk allemaal, maar een bacterie. 'En maar volvreten,' denkt de molon bacterie, 'lekker dik mannelijk vlees, kwabben aan de borsten hangend, want dat is vaderlijk, dan heb je een alibi, hoef je niet een zoon meer te zijn, want zonen zijn slank, teer, teder, nog pril, enzovoorts. 'Nee, nee, niet bij mij zijn hoor, ik ben dik en volgevreten, heb mijn vleesjes binnen, kijk maar, hier en daar, ik heb een beetje meer van dit en een beetje maar van dat vergeleken met de rest, dus niet bij mij komen hoor. Ik ben al met pensioen gegaan. Ik hoef geen zoon meer te wezen.' Lekker dik kwabbig vlees, zodat ze niet aan Afrika hoeven te denken, niet sober hoeven te leven, want veelvraten hebben een vrijkaartje voor alles, komen overal binnen en overal weet uit. De molon vraat bacterie laaft zichzelf aan zonenvlees, moordt zijn zonen uit voor zijn peperduur leventje waarin alles maar dan ook alles om hemzelf draait. Daar worden ook hun Jezussen voor

geofferd, die gaan voortdurend aan het kruis. Oh ja, ze lijden zelf ook. Ze zijn zo onbegrepen. Men moet maar meer begrip hebben voor hun vraatzuchtig leven en hun moorden, hun bloedgeld, hun bloedbanen enzovoorts. Dat is het westerse christendom. Maar het is slechts één kamp. We mogen het andere kamp niet vergeten, wat ook dwars door het christendom heenloopt, maar het loopt terug. Het moet een uitdaging zijn om het evangelie, oftewel de goede boodschap, van de gnosis, van de eeuwige en oneindige kennis, te brengen in de christelijke terminologie, in de christelijke taal, want dat is wat het is : slechts een taal, oftewel een middel om een boodschap over te brengen tot een bepaalde groep. Het is de natuur dat een vrouw dikker is dan mannen, zoals het ook de natuur is dat een vrouw donkerder is dan een man. Waarom is dit ? Het is vrij simpel. Een vrouw heeft borsten, om kinderen te voeden. Een man heeft geen borsten en hoeft ook geen borsten. Een vrouw heeft een baarmoeder, en door haar brede heupen beschermd ze zo het kind. Dat hoeft een man niet. Toch willen sommige mannen dikker zijn dan vrouwen. Waarom ? Omdat ze zo hun vraatzuchtig en heerszuchtig, vaderzuchtig leven kunnen ondersteunen en bevestigen : 'Zie maar, dus het is zo. Kijk dan, dan zie je het, dus is het zo.' Ze praten krom in cirkelredenaties, vervroegde alzheimer, want dat is wat de molon bacterie doet. Het vreet de hersenen aan, en daarom zijn zulke mensen ook vaak aan de alcohol. Vrouwen moeten emanciperen, en daarom zegt de molon bacterie juist dat de vrouw minder moet zijn dan hem, zwakker, enzovoorts, net als zonen, opdat hij kan heersen. De molon bacterie wil niet dat de vrouw emancipeert. Maar dan even terug naar het vlees probleem : Kinderen in het westen groeien op door de vlees industrie, krijgen hun vitamines, bouwstoffen, groeistoffen, vetten, alles wat hun lichaam vormt, van vermoordde dieren, dus die lopen met die tekenen in hun gezicht en in hun lichaam, een lichaam wat niet van hen is, en waarom gestreden wordt door de zielen en hun families van wie het geroofd was. Alles heeft zich hieruit lopen ontwikkelen : je botstructuren, zenuwstructuren, enzovoorts, hersenen, organen, alles, allemaal van vermoorde dieren, geroofd spul, en daar loop je dan mee rond als een target, als een magneet die alle parasieten naar zich toetrekt. De mens ziet het niet en is stekeblind. Hun lichamen zijn niet van henzelf. Ze maken hun kinderen van andermans vermoorde kinderen. Wat een zottigheid ! Omdat een ander het doet is het normaal ? Zo praten ze zichzelf vast. Ze zijn slechts massa productie, zijn niet geemancipeerd, denken niet voor henzelf. Iemand anders denkt voor hen, de molon bacterie, het engelse, westerse, wereldrijk. Grote dikke mannen en tegenovergesteld dunne vrouwen, en die plaatjes worden telkens weer door deze bacterie aan elkaar geplakt, en dan wordt er een teer zoontje ondergezet van wiens vlees de allesvretende vader ook kan leven. Het is een karikatuur, een bacterie, allemaal opgepompt door de vlees-industrie, als motor, het instand houdende, en dat gaat rustig door het christendom heen. Zij gebruiken die hele reeks aan bijbelpersonages hiervoor. Daarom moest Jezus sterven, aan het kruis, enz. enz. en de vader zit lekker hoog en droog in zijn hemeltje. Het is altijd weer de zoon die het vuile werk moet opknappen, en van een moeder wordt al helemaal niet gesproken, dus die hangt er al helemaal buiten, zoals in mijn droom. Het gaat om de dikke logge vader die zijn zoon in een wurggreep houdt, en zijn zoon kweekt, om zichzelf te goed te doen aan het vlees van zijn zoon, het dier. Het is een gepensioneerde vader, wil niks van de gnosis weten, maar gooit weleens een wijs balletje op om niet geheel verdacht over te komen. De molon bacterie is sluw en van alle markten thuis. Paaiend gaat hij door de straten, langs de huizen. De molon bacterie wil vrouwen wit houden en dun, als slaafje van de dikke man, de dikke allesvader, de veelvraat, en dit gebeurt door de vlees industrie. Teer zoontje erbij. Dat is wel het gezinsplaatje van het westen. Prachtig kindje, maar wordt geheel kapot gemaakt door de vlees industrie, om zo later als zijn vader te kunnen worden. Het lichaam van het kindje wordt samengesteld vanuit vermoorde dieren, die ook levensrecht hadden. Prachtige, intelligente dieren. Er ligt maar een dunne lijn tussen de vlees industrie en kannibalisme. Ondergronds worden er kinderen gefokt voor het kannibalisme. Er ligt maar een dunne lijn tussen. Het kan zo omslaan in een legale markt. Dan ligt er kindervlees in de winkels. Of dat ze het vlees van hen in de gevangenis

gaan gebruiken, als een soort doodstraf. Het kan allemaal gebeuren. Deze maatschappij is ziek genoeg. Waarom zeg ik dit ? Omdat de molon bacterie een vals giftig schoonmaakmiddel is, waardoor donkere natuurvrouwen hun huid gaan lopen bleken om aan het valse westerse schoonheidsideaal te voldoen. Complete waanzin. Mensen worden gedreven tot gevaarlijke plastische chirurgie allemaal voor het corrupte schoonheidsideaal van deze bacterie. Het zit in de hoofden van de mens, tussen de oren. Ze horen iemand wat zeggen en denken dat het wereldnieuws is of de bijbel, het Woord van God. Zoals mijn vader die vroeger ons deed geloven dat iedereen dacht zoals hem, en dat onze denkbeelden daarom uitzonderlijk waren en dus niet waar. Allemaal mind control. Ik heb vaker zulke mensen gekend. Er zijn veel van zulke mensen. Het zijn machtsspelletjes waarin meerderheden worden ingebeeld in ingeprent, die er dus helemaal niet zijn, en waar het dus ook al helemaal niet omgaat. Meerderheden gebruiken als argument is een drogreden. De meerderheid zegt het, dus zal het wel goed zijn. Meerdere mensen waren bij deze ontvoering betrokken, dus was het gerechtvaardigd. Het zou kunnen dat er meerdere mensen bij waren, al dan niet ingehuurd. Het zegt verder niets. De mens is aan het ijlen. Het zijn vraatzuchtige bacterieën die zich verstoppen achter meerderheden die ze zelf ingebeeld hebben. Allemaal bedriegelijke propaganda, valse reclame. Donkere vrouwen zijn de meest vervolgde vrouwen, en ook breedheupige vrouwen die dan dik of vet worden genoemd, en daarom kom ik voor ze op. Zo zit ik in elkaar, zo zit de gnosis in elkaar. De gnosis sprak dat net zoals de aarde bomen nodig heeft om te kunnen ademen, zo heeft de aarde donkere vrouwen nodig om te kunnen ademen. Het is dus een natuurverschijnsel, wat dus niet wil zeggen dat iedere boom of donkere vrouw goed is, maar het is iets van de natuur. Ik moet altijd als ik naar de winkel ga de literatuur afdeling ontwijken want er liggen daar geen literaire geschriften maar roddelblaadjes die over uiterlijkheden gaan, en de dames die altijd op de voorkant staan zijn altijd blond en blank, zo blank mogelijk, het dunne vrouwelijke superras, altijd de nadruk leggend op de dunne schoonheid van de vrouw, de vrouw met de mooie lange dunne benen, blank, die heerst over het donkere vrouwenras van de natuur. Hoe kun je daar mee leven met zulke discriminatie ? Frank Boeijen had daarom een lied in de tachtiger jaren over denk niet wit of zwart, maar de kleur van je hart. Daar hebben we het over. Was de mens maar gewoon blind. De mens heeft zijn ogen misbruikt, maar als het even kan kom ik voor de vervolgden en onderdrukten op, want wij als geestelijken en predikanten worden ook onderdrukt, dus wij weten precies wat het is. Wij komen dus niet helpen van bovenaf, maar van onderaf. Mensen van de gnosis zijn ketters voor zowel de orthodoxe christen als de orthodoxe atheist. Ik weet dus alles van vervolging en belediging af, en sta wat dat aangaat niet boven mijn donkere medemens !! Ik houdt van de donkere natuurvolkeren, kom altijd voor ze op, houdt van het shamanisme, en kleur heeft me nooit geinteresseerd, maar ik moet als plicht opkomen voor deze kleur. Ook omdat het diepere betekenissen in de gnosis heeft. Ik wil graag de ware definities van de kleuren, rassen en geslachten laten zien, zodat de mens weer weet waarom hij zo is. Walgelijk, mensen die het altijd over het uiterlijk hebben. Het uiterlijk zegt niks. Ik wil dit voor eens en voor altijd vastleggen voor het nageslacht : Hoe walgelijk is om het altijd over het uiterlijk te hebben, te denken in uiterlijkheden, mensen naar de ogen te zien, want mensen zijn zielen. Als je een mens gezien hebt ben je al dood. Je mag een mens niet zien. Je mag alleen maar zijn ziel zien. Blindheid is de boodschap. De gnosis is blind. Als je allemaal rondloopt zo van : Oh die is dit en die is dat, dan heb je het spel al verloren. De gnosis is diepte. Oh, een vrouw is iets donkerder en dikker dan de andere vrouwen om haar heen. De molon bacterie raakt helemaal in paniek, want hij ziet haar als bedreiging. Hij wil alles open en bloot, en dun, dus het moet blank blijven, en dan heeft hij meer overzicht, dus er gaan honderden alarms af. Nou jongens, de molon bacterie is in paniek. Ik heb het zelfs in Surinaamse kerken gezien en Surinaamse gezinnen, dat de lichteren de donkeren discrimineren, en dat vrouwen hun kinderen waarschuwen niet 'met iets nog donkers' thuis te komen, niet met 'zwarten'. Dat terwijl ze zelf ook donker zijn, maar zij discrimineren dan 'de zwarten' (nee, zij zijn dat dan niet in hun ogen, want zij zijn gewoon

gekleurd, of donker). Kakelende kerkse donkere vrouwen gaan dan een huwelijk van iemand anders bespotten en zeggen : 'kijk eens naar dat zwarte beest.' Wow. Ik kon mijn ogen niet geloven, mijn oren niet geloven, toen ik dit allemaal hoorde. Ik was zo verontwaardigd, en zij noemen zichzelf christenen ? Ja, zeer zeer christelijk om mensen te gaan discrimineren op hun uiterlijk wat ze van God hebben gekregen en waar ze niks aan kunnen doen. Oh niks aan kunnen doen ? Wacht eens even. Daar is toch plastische chirurgie voor tegenwoordig, peperduur ? Dat is nu precies wat de molon bacterie wil. Die wil dat mensen hun kop gaan verbouwen voor hem, en hun lichaam, zodat hij ze onder zijn macht krijgt, kan hij ze met zijn plastic afstandbediening besturen. Belachelijk ! Wat een karikatuur ! Als exorcist werkte ik op een gegeven moment onder die mensen. Soms mocht ik niet eens van de gnosis aan bepaalde mensen werken omdat hun hart niet goed was, en dan zou het met de kraan open dweilen zijn. Maar soms schreeuwden die demonen door mensen heen : 'Ik ga je vernietigen !' Die demonen werden dan wel uitgedreven en die mensen werden dan wel bevrijd, maar die demonen gaan dan wel versterking zoeken en proberen terug te komen, en proberen de exorcist het betaald te zetten, enzovoorts. Daarom is territoriaal exorcisme ook zo belangrijk. Dit is een wetenschap op zichzelf. Dat is niet na een zesjarige studie afgerond. Neen. Je hele leven door blijf je studeren. Als je ogen niet in de gnosis zijn, en je laat je verlagen door vooroordelen te hebben met uiterlijkheden, wat puur projectie is en het werken voor een bepaalde markt, voor een product dus, dan zullen die uitgerukt worden. Zij die hun ogen misbruiken zullen in een volgend leven blind zijn, wat dus niet wil zeggen dat blinden in dit leven dit zijn omdat ze hun ogen hebben misbruikt in een vorig leven. Dat zou weer een gemakkelijk vooroordeel kunnen zijn. Sommige mensen zijn blind opdat ze voor de gevaren van het zien worden bespaard. Voor vele zonden worden ze zo bespaard. De ziende mens is in een mijnenveld. Bewaak je ogen. Dus wat bedoel ik als ik zeg dat het de natuur is dat vrouwen donkerder en dikkerder zijn dan mannen. Dat zeg ik niet, dat zegt de natuur, dat zegt de gnosis. Dat komt omdat de vrouw dus borsten heeft, en bredere heupen vanwege de baarmoeder. Een man heeft geen baarmoeder. De baarmoeder is een ruimte waarin het kind verborgen wordt, in donkerheid. In die zin is de vrouw dus donkerder. De vrouw moet haar vrucht donker en nat houden om het tegen parasieten te beschermen. De vrouw is in die zin ook natter dan de man. Daar mogen geen misverstanden over komen. De vrouw is donkerder, dikker, natter dan de man. Dat heb ik gezegd. Niet omdat ik het zeg, maar de natuur zegt het telkens weer, telkens weer, de gnosis. Het heeft dus een reden. Dat wil dus niet zeggen dat ik heb gaan lopen rondkijken. Sommige mensen hebben rollende ogen. Altijd zijn ze op zoek naar wat ze op iemand z'n uiterlijk kunnen aanmerken, juist omdat ze geen diepteonderzoek willen doen. Ze willen niet studeren, en daarom leven ze in vooroordelen. Maar wat ik, of de natuur, de gnosis, heb gezegd is wat anders. De vrouw is donkerder, dikker, natter, niet zomaar een persoon, maar zinnebeeldig, iets wat in ieder mens zit, en waardoor de mens weer tot zoonschap kan komen. Hard nodig met al die overmoedige en overmatige, vraatzuchtige vaders waarvan ik er ook één had. En die Engelse leraar had twee kinderen, een jongen en een meisje, vriendje en vriendinnetje van me, gingen we samen mee op vakantie in Friesland, op watersport vakantie. Zij verloren al jong hun moeder. Ik ben daar nooit overheen gekomen. Dat vond ik zo erg voor ze, en ik werd er zelf ook depressief van. Als ik het meisje, wat net iets ouder was dan ik, erover vroeg, dan zei ze niks. Dat was te moeilijk voor haar. De moeder moet dus terugkomen. Ik heb hun moeder overigens nooit goed bewust gekend. Ik was nog heel jong. Teruggaan naar de moeder. De man moet hiervoor minder worden, terrein teruggeven. Niet alsmaar vreten en vreten, maar geven, zorgen voor de armen. De moeder is donker, oftewel haar baarmoeder, en dat moet ook wel. Zij is donker, opdat we beschermd zijn, in de diepere, donkere natuur. Hier ligt het anti stof tegen de molon bacterie. Ik was eens met een donker meisje bij andere donkeren, op een feestje, heel lang geleden. Niks mis met het meisje, dat even voorop, maar komt er zo'n dun oud vrouwtje, veel dunner dan haar (niet dat dat er toe doet, maar even voor het voorbeeld uit mijn verleden) en zegt dan : nou, je bent wel

heel erg dun geworden zeg, bla bla bla. (niet in positieve zin dan, maar in negatieve zin. bij veel blanken zou het een compliment zijn voor een vrouw want dat kan nooit dun genoeg zijn, maar let wel : we waren hier bij donkere mensen, en daar zitten soms mensen tussen die altijd naar stokken zoeken om anderen te kunnen beledigen, zelfs als het om iets goeds zou gaan. glas is half leeg of half vol zullen we maar zeggen). Was ik met datzelfde donkere meisje bij iemand anders, ook een donkere, die dikker was dan haar, krijgt ze te horen dat ze veel te dik was en maar eens oefeningen moest gaan doen. Dat is de hypocriete molon bacterie met rollende ogen. Pure dwaasheid. Die mensen maken elkaar gewoon helemaal gek, opdat ze niet tot de gnosis gaan. Zombies die zich dan ook nog met uiterlijkheden gaan bezig houden, terwijl ze geen innerlijke substantie hebben, en daardoor verdwaasd zijn. Op de computer noemen we dat screen resolution, dat sommige computers zijn afgestemd waarop je alles dik ziet, en op andere computers zie je alles dun, en dat geeft op virtual reality hetzelfde effect, dat mensen elkaars avatars op deze voorgeprogrammeerde persoonlijke instellingen gaan lopen afkraken. Totaal zot en misleidend. Dit zijn echt mensen die daadwerkelijk met pensioen zijn gegaan en niets anders meer te doen hebben. Ik zeg het nogmaals : Dit zijn gepensioneerden, lieve mensen. Trap er niet in. Alleen de gnosis kan je vertellen wie of wat je bent. Bij de molon bacterie is het altijd te dik of te dun, te donker, te dit, te dat, maar dan zou hij zijn eigen computer eens onder handen moeten nemen, zijn screen resolutie, zijn kleur instellingen etc., alhoewel de molon bacterie gewoon liegt. Het zijn allemaal verhaaltjes. Hij is gepensioeneerd en renteniert nu. Heeft niets anders meer te doen. Volgens David Bowie kreeg Mick Jagger eens te horen van iemand in het publiek : 'Cut your hair !' Volgens Bowie zei Jagger toen iets wat de toekomst zou bepalen : 'And look like you ?' Houd je met de armen bezig, met de gnosis. Allemaal duffe opmerkingen over het uiterlijk van andere westerlingen maken laat juist zien dat je al met pensioen bent gegaan : demente oude opa met zijn stok maakt de hele dag luie opmerkingen over andermans uiterlijk. Het Eeuwig Evangelie, De Nieuwe Handelingen II, 17 37. Gij hebt dan geen idee wat dik of dun is, daar uw ogen verblind zijn. Zoekt dan het oog des Heeren. 38. Want het dikke Gods is dikker dan hetgeen in de wereld is, en het dunne Gods is dunner dan het riet der rivieren. 39. Hij die dan niet met deze dingen rekent, met hem worde niet gerekend. 40. Gij dan die in de Heere zijt bent genaderd tot het dikke Gods door Spricht. 41. Zij dan die hun ogen gebruiken om anderen te misbruiken, de Heere zal uw ogen uitrukken. Hermitaten 28 2. Gij piekert op hoge bergen, opdat de Heere u bespare, zodat u niet groot wordt op de vlaktes van Babylon. Het dikke des heeren dan is dunner dan het dun der mensen. 3. Het dunne des heeren is dan dikker dan het dik der mensen, en dit geheimenis is groot. Gij dan hebt acht gegeven op het woord des heeren, en met zuivere maat gemeten. Ja, gij zijt meters voor zijn aangezicht, en de heere uw God heeft u geheiligd vanaf den beginne. Hoofdstuk 27. de christelijke rolstoel – voor ware gelovigen

Er ligt maar een hele dunne lijn tussen zonde en het goede, wat dus eigenlijk het verschil is tussen het vleselijke en het profetische, waarover wij spraken in het eerste nummer van het profetische info-blad 'de vloedgolf' in 1994, waarin de noodzaak werd besproken dat de kerk profetisch zou worden, en als dat zou gebeuren zou dit ook automatisch uit de kerk wegleiden om tot de hogere kerk te komen, maar in die tijd was het belangrijk dat er profetische kerken zouden komen, en wij hadden er ook één, en toen barstte wel echt de bom, want stortvloeden van de hel werden over ons uitgestort, 'alle hel brak los', omdat de gevestigde orde woest was. We stelden dat er gekozen moest worden tussen profetisch of demonisch. Het profetische zou door het oog van de naald leiden, door de enge poort, want het vleselijke, het menselijke, kon dat niet doen. Profetisch betekent door de gnosis ingegeven, dat je geleid wordt door de hogere kennis, om zo niet in valstrikken terecht te komen. Dit is een school. Profetie is een school, en dan gaat het niet om het raden van de loterij enzo. Ook is het zo dat zij die in de lagere klassen blijven hangen, en dus niet doorleren en lauw worden de hogere klassen zullen aanvallen, en dat is ook gebeurd. Het profetische is namelijk niet te begrijpen door het vleselijke, en het vleselijke zal altijd het profetische aanvallen. Omdat het profetische geheel tegen de gevestigde orde en het zogenaamde 'normale' ingaat, als de dwaasheid van God lijkt het vaak op zonde of zelfs op waanzin. Daarom worden profetische mensen die hoog begaafd zijn vaak ook zwaar vervolgd en hen wordt een hele etikettenreeks opgedrukt. De profetische 'wilden' zijn dus ook een vervolgde minderheid die tegen de massa's ingaan, maar het is een teken dat ze nog leven. Op het hogere profetische pad worden je vrienden ineens je vijanden, want zij willen niet zo ver gaan als jij, en ze roepen je dan terug en beginnen op je te schelden, want je moet zoals hen blijven. De mens wordt door het profetische ook op de proef gesteld, en het profetische moet ook getoetst worden, en dat leer je op de profetische school, wat iets tussen jou en de gnosis is. Er is dus een dunne lijn tussen het profetische en zonde. Hosea moest gaan tot een vrouw van hoererijen als een beeld naar het volk toe, om het volk te overtuigen van zonde, zo van : 'kijk, dit doen jullie.' Gaat ver, hè ? Zo moest Jesaja naakt en barrevoets gaan als een zinnebeeld van wat Assur met de mens zou doen. Gaat ook ver, hè ? Natuurlijk zijn dit verhalen, maar het is een beeld van dat het profetische zo kan gaan. Het kan heel sarcastisch zijn, en heel bedrieglijk, zoals Machiavelli die zijn vijanden om de tuin leidde door te doen alsof hij dood was, en David leidde zijn vijanden om de tuin door te doen alsof hij een gek was. Het profetische is spionage. Ik heb mijn ogen altijd uitgekeken op de profetische school, want het was altijd totaal onvoorspelbaar en onverwachts. Het is niet voor simpele zielen. Stop alsjeblieft met lezen als je simpel wil blijven, want dan is dit niet voor jou. De profetische mens, zoals Hosea, houdt de vleselijke mens dus soms een spiegel voor, zodat het lijkt alsof de profetische mens 'zondigt', terwijl hij juist de zonde ontmaskert. De profetische mens moet soms rondlopen met een masker. Bij de indianen is dat heel normaal, dat zijn de heilige dwazen, die alles achterstevoren doen om mensen te laten nadenken. Het zijn komedianten. Ze doen alles tegendraads. Ze infiltreren ook. Maskertje op, maskertje af. Het zijn kameleonen. De profetische mens geeft voortdurend tekenen, zoals Hosea door de namen van zijn kinderen de straf aankondigt over de zonde van het volk, waar hij zelf ook deel aan lijkt te hebben, maar het niet daadwerkelijk heeft, omdat hij een opdracht heeft. Het is iets zinnebeeldigs. Daarom moet de mens voorzichtig zijn in het oordelen van profetische mensen, want die leven door een hogere intelligentie. Die gaan en staan waar het bloed niet kan gaan. Die komen overal. Ze spelen het spelletje soms gewoon mee, zijn niet voor een gat te vangen. Je kunt ze niet in een doosje stoppen. Als je denkt dat je ze bedonderd hebt, dan hebben zij jou al bedonderd. Het zijn meester toneelspelers. Profetische mensen zijn al dood en liggen al op het kerkhof, maar hun zielen zijn terug gestuurd met een code waarvan ze niet kunnen en mogen afwijken, anders zouden ze opgeblazen worden.

Wat voor de kortzichtige kerk zonde is, zoals in de dagen van Hosea, is geen zonde voor de gnosis. Het doel heiligt de middelen. Waarom doet iemand iets, daar gaat het om, niet wat iemand doet op zich. Het gaat om het motief, het doel. Twee mensen kunnen dus ogenschijnlijk hetzelfde doen, terwijl de ene het doet voor de zonde, en de ander het profetisch doet voor een doel. Oordelen, de mens kan niet oordelen, en moet het eerst loslaten. De mens is te kortzichtig om te kunnen oordelen, helemaal als het ook nog eens voor geld is, voor steekpenningen dus. Alleen het profetische kan oordelen, maar het profetische is zeer gevaarlijk. Aan het begin van mijn profetische loopbaan kreeg ik dat al te horen : geesten van valsheid liggen op de loer. Eerst moet de mens leren toetsen, maar er zijn ook zoveel geesten van vals toetsen, en daarom moet ook het toetsen getoetst worden, en moet je ervoor naar een toets school. Het is een vakkundigheid niet minder gevaarlijk en ingewikkeld dan rakettechniek. Profetische mensen zijn al dood en liggen al op het kerkhof dus, en hun zielen zijn teruggestuurd met een code waarvan ze niet kunnen afwijken. Ze komen onder hoge voltage die hen weer terugduwt mochten ze teveel naar links dreigen te gaan, of teveel naar rechts, teveel naar voren of teveel naar achteren, te snel of te langzaam. Over dat profetische niveau spreek ik. Dan ben je een cyborg. Met minder moet je geen genoegen nemen. Alleen een hemelgestuurde cyborg komt door deze waanzinnig ingewikkelde en absurde mijnenvelden heen, alleen computerbestuurde hemelpiloten. Voortdurend krijg je optaters van hoge voltages zodat je geen kant opkan, en dat is je beveiliging. Dat het profetische dus altijd vakkundig demonologisch moet zijn mag duidelijk zijn. Het gaat erom hier hoog in opgeleid te worden, anders is het een verloren zaak en wordt je bedrogen door demonen. Matthew Henry stelt in zijn commentaar op Numeri dat de telling van de strijders symbolisch is. Mensen met hoge leeftijd werden niet geteld. Zij die zich gedragen alsof ze met pensioen zijn gegaan zijn geen strijders. Ook blinden werden niet meegeteld, wat dus over profetische blindheid gaat, dus mensen die alles naar het vlees bezien, en niet naar het profetische, en dus zo ook geen strijders kunnen zijn. De telling moest volgens MH plaatsvinden, opdat de strijders hun stempel zouden drukken in de geschiedenis, hun sporen zouden nalaten. De buitenwereld had een vals etiket gemaakt, maar zij moesten daarom ook een etiket maken, een profetisch etiket. Ga dus niet zomaar geruisloos door het leven, maar laat een spoor na zodat anderen kunnen volgen, en zodat de vijand door dit spoor ook buitengesloten kan worden. Jezus sprak dat er na hem nog iets groters zou komen en dat er grotere werken gedaan zouden worden. Hij had het over de gnosis waar hij op wees, dat dat de ware sleutel tot het leven was, maar dat de kerkleiders deze hadden achtergehouden. Het waren meer godsdienstleiders in die tijd, en later kwamen de echte geloofsleiders die vies waren van werken, want het ging allemaal om geloof en genade, lekker met pensioen gaan. Het is de opa en oma cultus, lekker met de luie stok anderen de zak geven. Lekker vanuit de luie stoel de hele godganse dag over uiterlijkheden en vormen praten en anderen bekritiseren, en dan de hele luie dag vanachter de geraniums lekker lopen zappen met de afstandbediening door alle christelijke channels. Zij weten het beter, en alles is al volbracht. Over demonen mag niet gesproken worden, maar als het moet dan zijn zij er als de kippen bij om anderen te demonizeren, zij die anders denken dan zij. Lekker vanuit de luie stoel, met de luie stok. Hun benen hebben ze verkocht aan de afgoden van genade en geloof, en zo rijden ze in hun rolstoeltje overal naartoe. De christelijke rolstoel, voor iedere ware gelovige. Snel lekker hup met pensioen gaan. De duivel bestaat niet meer, die is al verslagen door Jezus, dus er mag ook niet meer over demonen gesproken worden eigenlijk. Nee, dan zouden ze namelijk zichzelf ontmaskeren. Daarom worden ze overstuur als het over de grotere werken dan Jezus gaat, terwijl het letterlijk in hun bijbeltje staat. Ze aanbidden hun christelijke rolstoel, hun gouden kalf, waarmee ze vrolijk overal naartoe rijden, bestuurd vanuit hun kerk. Er zit een knopje op. Kunnen ze soms ook uitzetten. In het boek Numeri worden zij niet meegeteld, want zij strijden niet meer, maar wanen de hele dag door, aan de christelijke drugs. Religie is de opium van het volk. Maar de oorlog gaat door, en wij zijn in lijdvaardige en strijdvaardige verwachting van de gnosis die zal wederkomen. Ook Jezus was

in die verwachting. Hij wees op iets anders. Bij Jezus stopt het dus niet, en dat was ook nooit het onderwijs van Jezus alsof het daar zou stoppen. De sleutel van de kennis, de gnosis, daar ging het uiteindelijk om in de grondteksten, en dat was wat Jezus verwachtte, en wat de mens zou moeten verwachten. Dat is niet zomaar de uitstorting van de heilige geest, want pneuma betekent ook kennisvervuld, dus het is het geestelijke verbonden met de kennis, niet zomaar het vage spirituele en new age wat ten onder gaat in het spijbelen en ook allerlei snelle pensioenfondsen etc. Ruh is het woord voor geest in het Aramees, in de grondtekst, en rwh, rw, wat van het Egyptische rw komt, Ra, en wat richting betekent. Over Egypte gesproken : Als we kijken naar het Hebreeuwse woord voor profeet, nabi, navi, wat komt van het Egyptische nefu, wat zeevaarders zijn, of riviervaarders, en van nubiu, wat de zwemmers zijn over de rivier van het dodenrijk, de onderwereld, de tuat, zij die dus aan zichzelf gestorven zijn, van het woord nubi, zwemmen, zeevaren. Dit leidt helemaal terug tot de voortijdse Job, Jove, die Nob, of Noph werd genoemd, de gekruisigde in de wildernis. Het oudere, voortijdse boek van Job, oftewel Nob, begint met een overstroming. En Nob moest op zijn bootje dieper de wildernis in. Het heeft ook verbindingen met het Noach verhaal. In de Egyptische context was het zo dat de mens over allerlei rivieren in de onderwereld moest zwemmen om zo tot profetische kennis te komen. Dat is ook waar de godin Nephthys weer aan verbonden is, die ook het woordje navi (hebreeuws) en nefu (egyptisch) in zich draagt, als Nefu-thys, als zij die de rivieren van de onderwereld heeft overgezwommen, tot de dieptes is gegaan, of zij die uit de diepte van de onderwereld kwam, en zij trok ook Ra tot deze dieptes. Het profetische is dus ook het leren werken met het Nephthys medicijn. Hoofdstuk 28. de misdaad regeert Wat is macht ? Dat is ook weer zoiets. Macht kan als een drug zijn. Soms heeft de mens liever macht dan het kruis. Macht kan ook weer het vervroegd met pensioen gaan zijn, anderen voor je laten werken, slavenmeester zijn. Misschien ken je ze wel, de volwassenen, dronken van macht, vervroegd met pensioen gegaan. De demonologie kennen ze niet, profetie kennen ze niet, en zo starten ze hun bedrijfjes om macht uit te voeren over anderen met hun medicijnen en recht, enz. Het is voor hen een drug om anderen de vernietiging in te helpen. Dan voelen ze zich beter over zichzelf, want dan hoeven zij niet. Neen. Want zij zijn met pensioen gegaan. Die hele zwaarwichtige, zelfbelangrijke stemmen, heiliger dan de paus, zijn overal, die volwassen stemmen. Je wordt er moe van. Het is één groot machtsspel van alzheimer patienten. Ze slaan elkaar de hersenen in met hun apparaten, hun gehele alzheimer arsenaal. Ze komen op hun rolstoelen op je af als je je niet aan hen onderwerpt, of ze geven je gewoon de koude douche, negeren je dood voor de rest van je leven. De zaken zijn immers gedaan. Ze hoeven zichzelf niet te herhalen denken ze. Tijd met hen is duur, veel te duur. Hun woorden zijn goud met diamanten randjes. Die verspillen ze niet zomaar aan jou. Kom maar op hun niveau, dan willen ze wel met je praten. Kom maar met een rolstoel van hun merk, een gehoorapparaat van hun merk, een blindengeleide haai van hun merk enzovoorts. Kom niet aanzetten met een tas van de concurrent, want dan raken ze in paniek. Het zijn hele debiele en labiele mensen. Het zijn autisten op troontjes met een asperge syndroom. Het zijn sociopaten, totaal contactgestoord. Ze zijn met pensioen gegaan. Ze leggen niets uit. Hun wil is

wet. Daar hebben ze ook geen argumenten voor, maar die verzinnen ze gewoon als het echt moet. Liegen en bedriegen is hun vak, van alzheimer tot alzheimer. De stem van macht, het is een clown in een rolstoel, die nogal is opgehypt tot een rolce royce of ferrari, en die zou wel even over jouw leven bepalen door wat knopjes in te drukken op dat onding. Hevig gieren, lachen en brullen als ze weer een mens met hun knopjes de vernieling in hebben gebracht, want ze weten dat het een domino spel is. Ook de families van die vernielde mensen gaan er zo aan, wat de lol alleen maar groter maakt. Wie houdt er nu niet domino effecten ? Maar is het niet om te kotsen ? Het went nooit. Want dit is pure misdaad. Zij die met pensioen gaan in het demonologische profetische van de gnosis worden automatisch lid van een criminele organisatie. Het is misdaad, lieve mensen. De misdaad regeert. De misdaad heeft de macht gegrepen. Deze mensen worden snel oud. Ze komen en gaan weer, maar ze slaan eeuwige wonden. Je komt door dit soort types helemaal vast te zitten in de tijd. Ze komen om hun misdaad te verrichten en zijn dan weer weg. Ze hebben zichzelf geheel ingedekt. De medische misdaad heeft ervoor gezorgd dat het legaal is, en dat terwijl naar demonologisch profetische maatstaven van de gnosis het zwaar illegaal is. Waarom doet de gnosis dan niks ? Waarom, waarom ? Al die ellende op aarde. Al die misselijk makende figuren om je heen die een groot spel spelen, die met pensioen zijn gegaan. Denken ze dat ze na hun paar jaar tellende opleiding er zijn. Het demonologische profetische van de gnosis gaat nooit met pensioen, nooit. Er is teveel werk te doen, teveel om te leren. Maar waarom doet de gnosis dan niks ? Waarom regeert de misdaad, en niet de gnosis ? Waarom is de gnosis nog niet teruggekomen om deze mafkezen een lesje te leren ? Je kan bidden en studeren en mediteren tot je een ons weegt, en ze gaan gewoon door, en vaak wordt het alleen maar erger lijkt het wel soms. Het kan je soms erg boos maken, of erg verdrietig, misschien wel depressief of nog erger. Zo was dat wel in mijn leven. Ik ken alle gaten en hoeken van deze worsteling, deze strijd. Maar de gnosis laat een dieper pad zien : het smalle pad door de enge poort, het pad van het kruis. De gnosis laat het kruis zien. Daar gaat het om, want die weg gaat dieper, en op die weg ga je niet met pensioen. Als het kruis er niet zou zijn, dan zou je automatisch met pensioen gaan en dan was je verkocht. Het kruis is de reden waarom velen dan maar liever opa en oma willen spelen, verwennen van de kleinkinderen, heerlijk genieten van het leven op de oude dag. Bla bla blaaaaa. Ik wil daar niet bijhoren, dat heb ik nooit gewild. Waar is dan je hart, je empathie, je strijdlust ? De mens moet ontwaken en niet in slaap dutten. Ik roep : Vecht ! Ik roep : Oorlog ! Deze wereld wil ik niet, want het gaat recht tegen de gnosis in. Met hun zwaarwichtige stemmen, oh ze zijn zo belangrijk, lekker belangrijk doen, met hun loodzware stemmen als zwarte giftige stalen smoordekens, hun gepensioneerde rolstoel stemmen. Lekker bassen als gepensioneerde man, lekker hoog van de toren blazen, algemeen beschaafd nederlands praten. En hun vrouwen kunnen er ook wat van. Ik roep : Vecht ! Ik roep : Oorlog ! Laat je niet met dit tuig in. Koop geen rolstoelen van hen. Er worden rolstoelen uitgedeeld in de kerk, op de wielen van geloof en genade. Makkelijk praten. Vroeg met pensioen gaan. Waarom nog studeren en groeien ? We hebben immers geloof en genade. Matthew Henry stelde in zijn commentaar op Genesis dat het scheppingsverhaal symbolisch wees op de herschepping van de mens, die eerst woest en ledig was. De mens moet niet ijlen, stelt MH, maar wedergeboren worden, een nieuwe schepping, want alle schoonheid is immers alleen in God en alleen in God te genieten. Er is geen ware schoonheid buiten God om. We kunnen stellen dat de enige schoonheid de gnosis is, oftewel de diepte. Alleen de diepte kan waarlijk verzadigen. De valse schoonheid is de oppervlakkige smetvrees. 'Ha ! Het is schoon !' wordt er dan geroepen als het goud der dwazen is gevonden. Nee, het vuil is slechts afgedekt. Er is een bedrieglijk gepensioneerd laagje overheen gegaan, de rolstoel is er bij gekomen, de oren zijn gedoofd, en blindheid is gekomen. Het zijn de oh-wij-zijn-zo-schoon zombies.

MH wijst hierbij op Jeremia 4 : 23 – Ik zag de aarde, en zie, zij was woest en ledig; ik zag naar de hemel, en zijn licht was er niet. Het hele stuk is vermeldenswaardig van Jeremia 4: 22 Want onverstandig is mijn volk, Mij kennen zij niet; dwaze kinderen zijn het, en inzicht hebben zij niet; wijs zijn zij om kwaad te doen, maar van goed doen weten zij niet. 23 Ik zag de aarde, en zie, zij was woest en ledig; ik zag naar de hemel, en zijn licht was er niet. 24 Ik zag de bergen, en zie, zij beefden, en alle heuvelen schudden. 25 Ik zag, en zie, er was geen mens, en al het gevogelte des hemels was weggevlogen. 26 Ik zag, en zie, de gaarde was woestijn, en al zijn steden waren in puin gestort, voor de Here, voor zijn brandende toorn. Ook Jermia sprak over het pre-existentialisme, dat de ware schepping er nog niet was, en dat de ware mens er ook nog niet was. MH legt ook een verband met Ezechiël's dal van dorre doodsbeenderen (Ez. 37). Hij wijst dan op Psalmen en Job waarin het scheppingswerk wordt verricht. Hij stelt dat de schepping pas daadwerkelijk begint daar waar er kruispunten zijn tussen de hemel en de aarde, tussen de hemel en de mens. We zouden kunnen stellen dat dit de kruispunten van de gnosis zijn, als wedergeboorte en ontwaking. Bij de schepping van dag en nacht stelt MH dat God de Heer is van de tijd, en dat zal zijn totdat dag en nacht tot hun einde zijn gekomen en de stroom des tijds verzwolgen wordt in de oceaan van de eeuwigheid. De ware schepping gaat dus door het kruis, stelt MH. De mens wordt gemaakt vanuit de aarde, vanuit de diepte. De mens werd in de natuur geplaatst, stelt MH, en de natuur was versierd door de natuur, niet door kunst, niet door gebouwen. De mens moet helemaal niet trots zijn op zijn hoge gebouwen, want zo was het oorspronkelijk niet. De mens was in de natuur. De staat van onschuld was de mens in de natuur, en nu is de mens schuldig en niet meer in de natuur. MH stelt dat de huizen gelijktijdig kwamen met de kleren, en zo ook gelijktijdig met de zonde. En dat terwijl het dak van Adam's huis gewoon de hemel was. En de aarde was zijn vloer. De mens is dus bedonderd, stelt MH. De eerste mens had als afzondering de schaduw van de bomen. MH roept de mens op terug te keren tot deze soberheid en zich niet over te geven aan de kunstmatige verlustigingen, opdat de mens zo terug kan keren tot onschuld. Hij stelde dat de kunstmatige verlustigingen waren uitgevonden om de hoogmoed en de weelde van de mens te strelen. De natuur is met weinig tevreden, maar de hebberigheid van de mens is met niets tevreden. Zoals het nu is is ten gevolge van de zondeval en de zondvloed, stelt MH. De eersten zullen de laatsten zijn, de laatsten de eersten, daar werd ik vandaag mee wakker. MH stelde dat omdat van alle schepselen Adam als laatste werd geschapen omdat hij het uitnemendste was, zo is Eva nog wel uitnemender, omdat zij na Adam werd geschapen. MH stelt op basis van I Korinte 11:7 dat de vrouw de heerlijkheid is van de man, als de hoofdtooi. MH stelt dat de man van verfijnde stof was, maar dat de stof van de vrouw dubbel verfijnd was, een graad verder van de aarde. Hij stelt dat Eva uit Adam's zijde werd geschapen opdat ze gelijk zouden zijn, niet vanuit zijn hoofd om over hem te heersen, of vanuit zijn voeten om door hem vertreden te worden. MH maakt de verbinding met Jezus aan het kruis, de tweede Adam, die ook in zijn zijde werd gestoken, waardoor bloed en water voortkwam, waaruit de kerk voortkwam, de bruid. Alleen door het kruis komt de mens tot de bruid, zijn hogere zelf, de gnosis.

Hoofdstuk 29. het belang van 1953 Vannacht droomde ik over het belang van 1953 : 1. de dood van Jozef Stalin 2. scheuring binnen de gereformeerde gemeente 3. de watersnoodramp Ik droomde van een bacterie genaamd hamnam, een hysterische kip die overal razendsnel haar eieren legde en het volk niet wilde laten gaan in de exodus, maar dat 1953 de mens tegemoet kwam in de vorm van een raaf die haar kinderen verzamelde, als de gnosis die boven de woeste zee zweefde. Dit was een hoger verbond tussen mens en gnosis, om de valse banden tussen mens en kerk af te breken, want de mens was onder hypnose, onder mk ultra mind control. Hamnam is de overmatige verslaving aan de Jezus afgod, die gelijk oploopt met de vlees verslaving. Daarvoor hoef je niet eens letterlijk in Jezus te geloven. Atheisten kunnen ook een vlees verslaving hebben, oftewel een verslaving aan een zondebok die alles voor je draagt en alles voor je regelt, waaraan ze ziekelijk afhankelijk zijn. Dat kan van alles zijn, iemand in de familie, iemand op het werk en ga zo maar door. Het moet in de juiste context komen en in de juiste mate. De dictatuur en het narcisme van Jozef Stalin moet afsterven. Kijk wat ze in de kerk doen : ze eten het vlees van Jezus, wat puur kannibalisme is. Het is een beeld van de vlees industrie. Het is een parasiet. Jezus wees op de gnosis, op de sleutel der kennis (Lukas 11), en op de volle waarheid die na hem zou komen (Johannes 16) en er zou iets groters komen dan Jezus, grotere werken (Johannes 14). Het staat letterlijk in hun bijbel, maar de kerk blijft Jezus overmatig verafgoden. Ja, Jezus kan metaforisch gebruikt worden in de juiste context, en je kan Jezus volgen, het pad van Jezus, het pad van het Kruis, maar het kan ook zo verletterlijkt en gematerialiseerd worden dat je langs de boodschap van Jezus voorbij vliegt en dat het tot een stuk vlees wordt. En dan heb je een vlees verslaving, hoe je het ook wendt of keert. Dan ben je een kannibaal, en dat kan heel subtiel gaan, want deze dingen kunnen door elke religie of ideologie werken, zelfs door het atheisme, dus het gaat om het hart. De mens moet de gnosis ontvangen, de volle waarheid en stoppen met kerkelijke Jezus spelletjes te spelen. De orthodoxe kerk moet scheuren en Jozef Stalin moet sterven, opdat er plaats komt voor de gnosis. 1953 moet komen. Ik wacht, Ik wacht op de gnosis, Ik volg het pad van de gnosis, Ik wordt de gnosis, Want de wereld zal vergaan, Een nieuwe wereld zal er zijn, Alles door een tijdelijke sluier, Het glijdt af, Opdat het verbond met de gnosis zichtbaar wordt

Hoofdstuk 30. 1991-2001 – Joegoslavië in oorlog Geen democratie, geen bureaucratie, allemaal veel te gevaarlijk, maar : een profeto-demonologocratie of gnosocratie. 1953 was het einde van de Koreaanse oorlog, wat niet betekende dat de Noord-Koreaanse dictatuur was gevallen, maar symbolisch gezien was het wel de opening van de mond. De mens had weer godsdienstvrijheid en vrijheid van meningsuiting. Dat kon niet door een kortzichtig politiek apparaat beslist worden zoals hier in Nederland, wat ook een Noord-Koreaanse dictatuur heeft in de vorm van de psychiatrie en de tandheerskunde om de monden te beheersen. Er is geen godsdienstvrijheid in Nederland en ook geen vrijheid van meningsuiting. Laat je niet voor de gek houden. Psychiatrie en tandheerskunde zijn twee hysterische alarms die alles in de gaten houden. Maar 1953 is een symbolisch jaar van het einde van deze tirannie : de dood van Stalin, de scheuring binnen het calvinisme, de doorbraak van de dijken en het einde van de Koreaanse oorlog. 1953 is niet zomaar een jaartal wat voorbij is. 1953 leeft. Het is een dynamiek van de gnosis. De ravin die boven de steden vliegt op zoek naar haar kinderen. In 1953 ben je bovenop de puinhopen gekomen, heb je weer oog op de wildernis. De stad is ingestort, verwoest, en nu heb je weer zicht en wacht je op de ravin zoals Elia in de wildernis. Waar is het overblijfsel ? Wie is er nog over ? De ravin draagt hen met zich. Vandaag de dag heeft men een bacteriologisch vuilnis probleem, want omdat de demonologie ontbreekt, en men alleen gericht is op democratie, het recht van de meerderheid, blijft het vuilnis zich ophopen en wordt niet verwerkt. Dit geeft verschrikkelijke complicaties van bacteriën die zich zo overmatig vermenigvuldigen waardoor alles uit balans raakt. Met vlees eten is het zo dat het lichaam er niet op gebouwd is deze vleesvetten te verwerken, en er komt telkens meer bij, aan de lopende band, en dit gaat om het hart en de organen drijven, niet alleen om mensen overmatig vet te maken, maar ook om de organen te verstoren en levensbedreigende situaties te brengen. Het vuilnis wordt niet verwerkt, blijft in de stad, en valt de mensen aan. De vijand is zo binnen de muren gekomen en blijft daar. Dan krijg je de verschijning van vrouwen die zichzelf 'mooi' wanen, muizenvrouwen, de manier waarop ze henzelf bewegen, de manier waarop ze hun lippen bewegen, koket, oftewel ijdel, schoon, want ze hebben zich niet vies gemaakt, vol van smetvrees, panische smetvrees waarvan ze in een shock zijn, ondemonologisch, paranoïde naar de demonologie toe, vies van de demonologie. Oh ze zijn zo mooi, keurig en schoon, maar de realiteit is dat ze vol zitten met stinkende vuilnis, omdat ze de demonologie hebben veracht. 'Mooi' is één van de vele vormen van het Egyptische woord 'ma' wat waarheid betekent, kennis, oftewel gnosis, grensgevoeligheid. Maar ze zijn juist vies van kennis en hebben hun eigen anti-kennis tot kennis verheven. Het zijn muizenvolkeren. Ze blijven binnen de grenzen van de stad. Ze zullen niet buiten komen, niet tot de wildernis, de natuur gaan. Nee, want dat is vies en onschoon. Ze spreken 'proogs' en 'hoog proogs', de talen van afwimpelende ijdeltuiten die strijden tegen de demonologie. In de geestelijke wereld is het daarom een rotzooi. Kom niet in zulke steden, want je kunt er niet ademhalen. Het vuilnis stapelt zich op omdat ze de demonologie niet willen. De vuilnis stapelt maar

op, zodat het vuilnissteden zijn geworden. We spreken dus van een vuilnis-dystopie waarin de tandartsen het vuilnis zelfs proberen op te slaan in de monden van de mens. De mens wordt zo zelf tot een levende vuilnisbelt, ook door de vlees industrie waardoor hetzelfde gebeurt : het vuilnis blijft zich maar opstapelen, blijft zo zich vermenigvuldigen en parasieten aantrekken. Wat willen ze bouwen ? De breinen van de mens smelten helemaal weg onder deze druk, vervormen helemaal door het afval gif en dementeren vroeg. Muizenvolkeren zijn het. Kijk hoe snel ze alles kunnen, hoe kundig ze de blokfluit spelen, maar het zijn slechts dansende parasieten in hun breinen. De medische industrie schenkt visioenen van valse gezondheid, maar ze zijn op sterven na de dood. Ze zijn aan het ijlen door alle vuilnis. IJlen op de vuilnisbelten, want de demonologie willen ze niet. Daarom komt 1953 de mens tegemoet, tot het overblijfsel, die zich een weg hebben gebaand door deze puinhopen heen. De wildernis is weer in zicht. De ravin verzamelt haar kinderen. Er is leven na de vuilnisvloed. Buitenaardse volkeren willen hun vuilnis kwijt maar niet door het kruis en de demonologie, dus zo dumpen ze het bij de domme aardlingen. Dit gaat door de vlees industrie en door de medische industrie en de verdere voedsel industrie, allemaal codes. Buitenaardsen weten heel goed hoe hun vuilnis op te slaan in de domme aardlingen. Daar staat de aarde om bekend : er woont daar dom op dom, heel makkelijk prooi voor de sluwe buitenaardsen, en zo kunnen bacteriën voortplanten. Wat willen ze ? Muizenbacteriën, de waan van alles snel snel, terwijl ze al dood zijn, en de waan van alles schoon schoon, terwijl het een leugen is. Spiegeltje spiegeltje aan de wand. Wat willen ze ? Waar is het hen om te doen ? Ze wanen zichzelf alwetend, alle kennis hebben zij, en zij zijn zo professioneel en deskundig, oh zo belangrijk. Zij zijn wel als de roos die op de vuilnisbelten groeit, als een vuilnisroos. En maar door blijven wanen, want de demonologie willen ze niet. Nee, dat is allemaal teveel werk. Ze hebben liever het grote bedrog. Snel is de mode, snelle communicatie, mobieltje altijd bij de hand, hart in je hand. De bacteriën zijn er maar druk mee, en maar vuilnis verschepen. Hun eieren leggen ze overal. Wat bouwen ze, wat willen ze ? Iedereen willen ze onderwerpen aan hun droom. Zoveel vuilnis, ze handelen erin. Wie kan de ander het best bedriegen, dat is het spel wat ze spelen. De demonologie willen ze niet, dus doen ze het op andere manieren. Wat bouwen ze, wat kweken ze ? Waar gaat het naartoe ? Alles moet maar lawaaiierig, want de stem van de gnosis, van de demonologie willen ze doven, de stem van het geweten. Luisteren willen ze niet. Stads lawaai is hun vreugde. Ze brouwen een alcohol, een drugs voor de doden. Ben je gestikt op de vuilnisbelt, in je krottenwijk, geen probleem. Zij hijsen je wel op. Minder denken, meer drinken. Niet toetsen en onderzoeken, maar alles wegdrinken. Vuilnis en alcohol. Hup de rolstoel in, voortijdig met pensioen, maar met een flinke vuilnisneut kun je tot het paradijs gaan. Vuilnis is hun drugs. Ze verkopen het graag. Zij zijn de vuilnisroosjes, dealers in vuilnisdrugs. Hoe erger de vuilnis, hoe beter, en dan maar lozen. Geen demonologie, maar plezier en pensioenfondsen. Vuilnis helpt hen graag om zeep. Het is hun verzekering, hun paradijs. Daar sjokken ze door de stad met hun joint half uit hun bek hangende. Vuilnis is hun god. Maar demonologie is vies in hun ogen. Vuilnis is hun schoonheid. Oh, wat ben je mooi. Oh, wat ben je goed schoon. Je huid helemaal van je lichaam geschraapt. Gehakt voor de slager. Gevild door het vuil. Ze spreken Proogs en hoog Proogs. De schoonmaakmiddelen klotsen door hun mond. Maar het is gevaarlijk buitenaards vuilnis. Kiezen mogen dood. Ja, dat mag wel, want de tandarts heeft het gezegd en die is god. Die heeft er voor gestudeerd, dus die zal het wel weten. Goedgelovige muizen. Vuilnisroosjes. Lekker aan de drugs. Lekker voortijdig met pensioen, met rooskleurige oma visioentjes op het toilet stinkt het al een stuk minder. Je bek is door de tandarts tot een muizentoilet gemaakt, waar de parasieten heerlijk in krioelen, maar de tandarts zal het wel weten. Vullingen worden dekseltjes genoemd. Nu hebben de vuilnisbakken ook dekseltjes. Goed voor de vuilnis dystopie. Vergeet de kernoorlogen maar. Dit zijn vuilnis oorlogen. Wie dumpt z'n vuilnis bij wie. Zware gepensioneerde rolstoel stemmen in het parlement houden de mensen onder hypnose, goedgelovig als ze zijn. Zware verdovende toilet verfrissers bij oma thuis. De vuilnis spreekt.

Iedereen moet zich stil houden en luisteren, anders kop eraf. Het leger is hier met pensioen gegaan. Allemaal op hoge hakken. Rolstoelen op een rij, maar het deert niet. Zij hebben immers paradijselijke drugs. Waar gaat het heen ? Ergens knapt het zaakje af. Het is 1953. Waar de ravin vliegt, op zoek naar land na de zondvloed. Stalin is dood, zeggen de kranten, de Koreaanse oorlog is beeindigd, en het calvinisme is door een scheuring gegaan. De zee is gesplitst. Het volk kan nu de wildernis ingaan. Maar wie volgt ? Wie is er nog overgebleven ? Waar is er nog een kloppend hart ? Het laffe hart heeft het in ieder geval niet overleefd. 1953, de dijken breken door. Zeeland, de mond van Nederland, werd opengebroken. Het overblijfsel was op de top van de vuilnisberg gekomen om door de 1953 ravin opgenomen te worden. Zo hadden ze een overzicht over zowel de vuilnis gebieden als de wildernis. En toen zagen ze dit : de grote vuilnis oorlog, 1955-1975, de vietnam oorlog, als onderdeel en zij-effect van de koude oorlog. De strijd tussen het westen en het communisme was hoog opgelopen. Vietnam was als de vuilnis die Rusland en Amerika als pionnen tegen elkaar gebruikten in een vuilnis oorlog. Waar moesten ze naartoe met al hun vuilnis ? De demonologie wilden ze niet. Zovelen werden geofferd aan deze Moloch. Kinderen werden al jong op transport gezet om te vechten in Vietnam. Vuilnis tegen vuilnis. Het communisme nam daar over, het grote schakelende systeem, en kinderen gingen weer dood of invalide terug. Toen waren er nieuwe vuilnis oorlogen, de Joegoslavische oorlogen in de 90-er jaren (1991-2001), die onafhankelijkheids oorlogen waren. De mens wil loskomen van de vuilnis die anderen door hun mik heen proberen te werken, maar de bezetter geeft niet zomaar op, en dan is er oorlog. Zo is dat ook met de tandarts die veelal waant dat hij heerst over de mond van iemand anders en dat iemand anders niets over zijn eigen mond te zeggen heeft. Het zijn tandkolonisten die de monden bezet houden om hun vuilnis daar te kunnen dumpen, legaal, en denk aan ouders die hun kinderen verplicht lijken voeren, en aan mensen die van de vlees industrie, wat ook een vuilnis industrie is, af proberen te komen maar merken dat hun lichaam protesteert, en dat er dus zo een onafhankelijkheids oorlog moet plaatsvinden, oftewel een Joegoslavische oorlog. Deze oorlog is dus nog niet voorbij, lieve mensen. De Joegoslavische oorlog is nog maar net begonnen. Dit is dus weer een strijd tegen het Noord Koreaanse machts syndroom, van vuilnis dwang. De mens mag niet spreken. De mens heeft geen godsdienstvrijheid en geen vrijheid van meningsuiting. Daarom heeft de mens 1953 nodig. 1953 is het grote ravinnen medicijn. We zitten nog steeds in deze oorlogen. Elke dag en nacht vechten we nog steeds de Vietnam oorlog en de Joegoslavische oorlogen. Maar 1953 komt ons tegemoet, als een ravin boven zee. Verwacht haar. Sluit geen compromissen. De opgehoopte vuilnis heeft de mens oud gemaakt. Door de profeto-demonologocratie kan de mens weer terugkeren tot het kind zijn. Alleen kinderen kunnen van deze vuilnisbelten ontsnappen. Ja, er kwam uiteindelijk onafhankelijkheid, en je kan een kind uit de Joegoslavische oorlog weghalen, maar hoe haal je de Joegoslavische oorlog uit een kind ? Het is een trauma wat alles verwoest, alles wegvreet. Misschien ken je dat soort oorlogen voor onafhankelijkheid wel in je eigen leven. Als je dan de vrijheid hebt bereikt uiteindelijk wil dat niet zeggen dat je van binnen vrij bent, want het heeft je ziel en je hart verwoest, en de herinnering knaagt door, als een trauma, en zo blijf je in de gedachten doorvechten. Dat komt omdat we er ook nog niet zijn. Het moet ook nog in de diepte gebeuren, en betekenissen moeten bekend worden. Dingen moeten op z'n plaats vallen. Iedereen heeft wel zulke Joegoslavische oorlogen in zijn leven of gehad, dat je als een slaaf ergens van probeert te ontsnappen, maar dat het op je blijft jagen, vandaar : Joego-slavië, de jacht op de slaven. Heel diep is dit ook weer de vijfde wet van Calvijn dat je eigenlijk nergens aan kunt ontkomen, maar het alleen maar kunt verdiepen. Het is de vloek van de onontkoombaarheid. Het was oorspronkelijk een beeld van de gnosis die op de mens jaagt, waaraan de mens niet kan ontkomen. Daarom blijft Joegoslavië voor eeuwig geprint in het brein van de mens. We kunnen niet

ontkomen aan de dingen die onontkoombaar zijn. De mens heeft een kruis te dragen niet zonder reden. Het kruis is uiteindelijk wat de mens tot de eeuwigheid brengt, en zij die het kruis verwerpen zullen daardoor sterven. Neem daarom je kruis op, en wees lijdvaardig, maar ook strijdvaardig. Kruis en demonologie gaan met elkaar samen. Vertikaal gezien kunnen wij niet onafhankelijk zijn, want we zijn altijd afhankelijk van de gnosis, maar horizontaal kunnen wij onafhankelijk zijn. Het is daarom heel dubbel. Blijf daarom lijden en strijden, niet alleen maar lijden, en niet alleen maar strijden, maar beiden. Dat is wat het overblijfsel is. Wees hierin creatief als een kind, en ga niet met pensioen. Hoofdstuk 31. het dodelijke labyrint van de 70-er jaren En de nazi's zagen de mens als vuilnis, zoals het medische systeem ook de mens als vuilnis ziet. Als je voor je gezondheid moet betalen en anderen bepalen over je lichaam, dan weet je precies hoe laat het is. Dan hoor je : Heil Mengele. Verzamelwoede kan flink uit de hand lopen. Je kan denken dat je de verzameling compleet wil hebben, terwijl je misschien een hoger ontbrekend stukje uit het oog verliest, iets dieper geestelijks. Verzamelwoede kan uitlopen op smetvrees en Pietje preciesheid. Als psychiaters vanuit hun geroddel en hun vooroordelen een overmoedig, ondoordacht etiket op iemand plakken zonder dit te hebben onderzocht, dan zetten ze een prijs op iemand z'n hoofd. Het zijn trofee-jagers, premiejagers, koppensnellers, voor hun verzameling. Alles snel snel. Ze willen hun verzameling compleet hebben. In de 70-er jaren werden diepe fundamenten hiervoor gelegd, waardoor we ook in strijd zijn met deze jaren. Psychiatrie, een uit de hand gelopen verzameling, zoals ook de tandheerskunde dit is. Het is het voortijdig met pensioen gaan. Ze hebben lage doelen, geen hoge doelen. Het vleselijke kan en wil het geestelijke niet verstaan. Na een paar jaartjes heel selectief studeren vanuit een boekje zetten ze hun praktijk op. Dan zijn ze uitgeleerd, met pensioen gegaan, en gaan lekker verzamelen, lekker trofee jagen, head hunters. Dan gaan ze paas eieren zoeken. Dan sjokken ze aan de drugs door de straten. Als zombies. Ze nemen je niet serieus. Ze zijn slechts op jacht, aan het verzamelen, door list en bedrog. Ze weten je te vinden. Het is de denk en droom politie die George Orwell al voorspelde. Ze zijn orthodox en verketteren de geestelijken en intellectuelen. Deze mongolen, ze hebben geen onderzoek gedaan in de charismatische beweging en het shamanisme. Als ze iets niet begrijpen gaan direct hun overgevoelige alarmen af en zijn ze hevig op hun teentjes getrapt, om zo direct hun etikettendoos erbij te halen. Nederland moet verlost worden van de ketenen van psychiatrie, de denk en droom politie, van de ketenen van de zeventiger jaren. De psychiatrie haalt de zenuw uit de mens, doodt de zenuw. Empathie mag er niet zijn, creativiteit

vormt een bedreiging voor hen omdat ze zelf creatie-loos zijn. Ze kunnen niet scheppen. Symboliek mag niet, en geestelijk mag niet. Iedereen moet zoals hen zijn, als fletse bureaucraten. Ze zijn de denk en droom politie, zwaar aan de drugs, als de wkb van de tandarts die de kiezen doodmaken zodat er parasieten in kunnen wonen als een vervanging van de zenuwen. Zo kan de dood door de onderwereld heen communiceren. Dat moet allemaal snel, als de mobiele telefoon, wat de lijm is van hun snelle wkb rijk. Het is allemaal dood bot. Er zit geen leven in. Het enige leven is de parasiet. Contact met god, de gnosis, mag niet. Maar contact met de mensen moet. Zo kan de mens het geestelijke niet bereiken. Ze houden elkaar tegen. Daarom kwam de eerste wereldoorlog opzetten. De mens begreep het niet. De mens zocht naar onafhankelijkheid van de grote systemen. Die grote allesbeheersende rijken moesten instorten. De mens zocht naar isolatie. Zo ontstond Joegoslavië, en dat werd later verder onafhankelijk en geisoleerd in de Joegoslavische oorlogen van de 90-er jaren. Oorspronkelijk was dit een geestelijke oorlog, maar het kwam te lomp door, zoals de eerste wereldoorlog. Ten tijde van de eerste wereldoorlog en daarna kwamen de Tarzan boeken opzetten, van de mens in de wildernis. Het oerwoud riep de mens terug, maar het kwam te lomp door. Daarom heb ik ook altijd een haat-liefde gehad naar de Tarzan boeken. Nooit kan de mens geheel loskomen, want de gnosis zit de mens op de hielen. Het komt vaak verkeerd door de menselijke lenzen heen, daarom moet de mens het verdiepen. Wat is er nu daadwerkelijk gaande ? Wat betekent de geschiedenis ? Grote rijken moesten vallen in de tweede wereldoorlog, zoals het Duitse rijk en het Oostenrijk-Hongaarse. En toen kwam het overblijfsel van Duitsland opzetten in de tweede wereldoorlog, want die pikten het niet. De mens mocht niet ontsnappen. Maar weer begreep de mens het niet. Er gebeurden dingen op de tafel waar de mens alleen maar de broodkruimels van opving. Alleen de demonologie heeft een antwoord, en dat is een geestelijke oorlog die op aarde verdraaid wordt. De jaren van de tweede wereldoorlog zijn nog steeds gegrifd in het brein van de mens. De mens kan niet ontsnappen. Waar kan de mens dan niet van ontsnappen ? In een droom zag ik het jaar 1943 als een natuur vrouw in de diepe wildernis, met brede heupen. Ik zag haar alleen van de achterkant. Ze had veren op haar hoofd. Ik zag hoe dit jaar tot de aarde kwam, maar het ging verkeerd door de menselijke lens, en het bracht patriarchie. Het rommelde met de families door vaders. Schurken stelen verhalen en dromen, en verdraaien ze dan. Dan beginnen ze een handeltje. Wat is de psychiatrie dan ? Dromendieven. Hoofdstuk 32. de leeuw is los – terug naar de jaren 30 – de strijd tegen de hypnotische slang van 1979 Waarom is de tandheerskunde zo geobsedeerd met het doodmaken van kiezen, en de psychiatrie

oftewel breinheerskunde zo geobsedeerd met het doodmaken van het hart, van het geestelijke en het intellectuele, en ook van de baarmoeder, het creatieve ? Er zijn zelfs psychiatrische medicijnen waardoor een man zijn vermogen tot het hebben van een zaadlozing verliest. Maar waarom zijn ze zo geobsedeerd met dode, niet levende, stof ? Omdat dode stof beter te manipuleren is. Zodra je nog pijn, angst en woede kunt ervaren naar al deze mind control is het een teken dat je nog leeft en bij het verzet bent. De dode massa's kunnen dit niet meer. Hun zenuwen zijn uitgedoofd door het systeem, en ze zijn nu getrouwe slaven. Vele mensen willen af van hun wkb's, maar het is of te duur voor hen, of ze zijn te bang nog om die stap te zetten, of ze hebben nog niet een persoon gevonden die het wil doen. Er zijn ook tandartsen die zelfs geen wkb's verwijderen, of zo erg de persoon erop aanvallen dat zo'n persoon er maar niet meer over begint. Vele mensen zijn nog steeds onder hypnose van de tandarts, onder een vloek dus, een beheksing. Tandartsen verdienen ook heel veel aan de wkb en aan het vernieuwen van de wkb. Voor hen zijn wkb's goudmijntjes, net zoals gevulde kiezen. Ze denken totaal niet aan de gezondheid van de mens. Zolang je nog verzet hiertegen merkt leef je nog. Tandarts zijn is geen intellectueel beroep. Het is geen exacte wetenschap. Het is een pseudo-wetenschap. Ze negeren doelbewust de vele getuigenissen van mensen over hoe negatief al die zogenaamde behandelingen hun leven hebben beinvloed. Tandartsen halen alles uit hun boekjes, die hebben ze gekocht. Ze doen geen onderzoek. Ze nemen klakkeloos aan wat hun hogeren zeggen. Ze noemen zichzelf tandarts, maar dit heeft geen basis in de demonologie, en is ook niet legaal in de demonologie. Het zijn korte termijn denkers want ze hebben de eeuwigheid niet. De mens moet lange termijn denken. Als kind in de jaren 70 : Ik voelde dat er iets niet klopte, al heel jong. Ik had veel nachtmerries. De jaren zeventig waren als wurgende slangen in een oerwoud. Het waren de jaren van verzamelwoede, maar de mens moest juist minderen. De jaren 70 waren ervoor om de jaren 30, oftewel de grote depressie, de crisisjaren, te verbergen. Al vele jaren had ik een strijd met de geest van 1979, een gigantische wurgslang. De jaren 70 zijn een grote illusie. Ik had een verstrooide moeder, die als aan de drugs was, altijd vaag en wazig. Ik voelde dat er iets niet klopte. Ik was geboren met een grote gave. Toen ik later predikant werd hield ik genezingsdiensten waarin velen genezen werden. Het was zo krachtig dat ik soms gewoon dwars door de mensen hun hoofden kon heenkijken om hun kankertumor te zien, en het begon gewoon weg te smelten. Ook heb ik mensen uit coma gerukt. Er ruste een grote bovennatuurlijke kracht op mij. Ik kwam ook bij leidinggevende gebedsgenezers van Nederland in huis waarmee ik bevriend was. Ik was in gevecht met zware territoriale demonen, waaronder 1979 die Nederland niet wilde loslaten. Ik zag dat 1979 iets verborgen hield. 1979 was een verzamelaars drug, een illusie. Het had Nederland gegrepen. Hypnotische ogen heeft dit kreng. Het verborg het boek Tarzan de Onoverwinnelijke, uit 1931. Het verborg 1931 in de grote economische depressie. Juist dit jaar is zo belangrijk, omdat de mens moet minderen. Psychiatrie is een valse vorm van communisme waarin iedereen moet zijn zoals hen. Uniekheid van persoon mag er niet zijn. Dat is bedreigend voor hen. Het boek 'Tarzan de Onoverwinnelijke' gaat over de strijd tussen de diverse natuur en het communisme wat de natuur wil plunderen. De psychiatrie wil net als de tandartserij de zenuwen doven en wegnemen, opdat hun parasieten ervoor in de plaats komen. Alles moet dood, zodat het tot robot gemaakt kan worden, tot zombie. Spontaniteit mag er niet zijn. Er werd teveel rommel geimplanteerd in de 70-er jaren. Alles moest maar. De mens was niet meer van zichzelf. De mens werd gedwongen met luxe troep, en daarom moet de mens terug naar de 30-er jaren, naar het minderen. De psychiatrie heeft smetvrees naar alles wat anders is. Anders dan zijzelf zijn. God zij dank dat er anderen zijn, maar de psychiatrie is paranoïde naar alles wat anders is dan hen. Je mag niet voelen, je mag niet ervaren. Neen. Het moet dood. Etiketten moeten gedrukt worden voor de markt. De mens wordt zo tot een merk. Ze komen er zelf voor uit dat het een bedrijf is en dat zij een product leveren. Zorg wordt vandaag de dag een product genoemd. Dat komt door alle overmechanisering en modernisering. De mens is zichzelf niet meer. De mens moet terug naar de 30-er jaren.

Nee, iets klopt er niet. De mens is tot steen geworden. Maar als je nog een kloppend hart hebt, ren dan voor je leven. Vertrouw dat wat om je heen gebeurd niet, al die vrolijke gezichten en misschien zelfs aardige mensen. Je bent omsingeld door parasieten, totaal ingesloten. Alleen de gnosis is de weg eruit. Allereerst sober worden, minderen, stoppen met drugs. Teruggaan naar de jaren 30. Schud de 70-er jaren van je af, al die wurgslangen. Psychiatrie is vakjesdenkerij. Maar ze zullen in hun eigen vakjes vallen. Wie een kuil graaft voor een ander valt er zelf in. Ouders die alleen maar emotionele druk op hun kinderen brengen en hen niet onderwijzen. Psychiatrie brengt druk maar geen onderwijs, want hun gelijkheidsdrang is zo hysterisch geworden dat alles is dichtgeslipt en de creativiteit heeft gedoofd. Dat is vals hypercommunisme wat tegen de natuur strijdt. Als gelijkheid zo extreem wordt dat het geen diversiteit en uniekheid meer aanvaardt, en niet meer openstaat voor het vreemde, zoals in de psychiatrie, wat puur racisme is, dan dooft het het diepste van de ziel van de mens uit. Dat is wat fundamentalistisch, extreem communisme zoals de psychiatrie kan doen. Ook hebben we het dan over de mondheerskunde, die hetzelfde doet, en de mens onder dwang implanteerd. Iedereen moet gelijk zijn, zodat zij kunnen heersen. Iedereen moet gedwongen met hun troep lopen. Zo ga je geen winkel in. Het zijn criminele winkels waar je troep wordt aangesmeerd, gedwongen, en je verlaat hun winkel niet meer zonder hun troep in je mond. Vaccins worden gedwongen, als rijkeluiskinderen die op een joyride zijn en wel even voor anderen beslissen. Ze hebben hun apparatuur gewoon ingekocht en terroriseren er nu anderen mee. Het zijn mond en brein terroristen. De luxe die de mens heeft binnengehaald is tot vloek geworden. Daarom terug naar de 30-jaren. Stap je in de winkel van de crimineel, de breinheerser of mondheerser, dan kom je die winkel niet meer uit. Er zijn alleen maar ingangen in die winkel. Nooit zul je die winkel in ieder geval levend verlaten. Waarom geen natuurvaccin maken die geen kinderen om zeep helpt ? Maar nee, hun medicijnen moeten zo gevaarlijk zijn om veel slachtoffers te maken. Allemaal boerenbedrog. Ja, de dokter zal het wel weten, en ondertussen moordt hij je hele familie uit. Vele ouders die hun kinderen aan deze Moloch offeren staan schuldig als de NSB. Al die vaccins en antibiotica zorgen ervoor dat het lichaam geen antistoffen meer aanmaakt. Het verlamt het immuunsysteem. Ze hebben het niet via de demonologie gedaan, maar via hun gevaarlijke terroristische ingrepen. En dan vinden ze het gek dat kinderen wegrennen. Er moet een nieuwe wereld komen. Terug naar de jaren 30, terug naar de natuur. Het terrorisme van de dwang. Alles moet maar, iedereen moet zoals hen zijn, maar ze onderwijzen niet, omdat ze de gnosis niet hebben. Ze hebben slechts iets geroofd wat ze zelf niet begrijpen. Het zijn de hypercommunisten van de psychiatrie, van de breinheerskunde, en van de mondheerskunde. De natuurmens streed er tegen, zoals in Tarzan de Onoverwinnelijke, van 1931, maar ook de natuurmens staat bloot aan vele verzoekingen, verleidingen en beproevingen. Tarzan de Onoverwinnelijke gaat over hypercommunisten die Opar willen plunderen, een verloren kolonie van Atlantis verborgen in het Afrikaanse oerwoud. Ze willen Afrika socialiseren door dwang en dwang verpleging, met behulp van de schatten van Opar. De hypercommunisten zijn dus kolonisten, en goudzoekers. Ze zijn op zoek naar het goud van Opar. Tarzan heeft hun plan door. Hij weet dat ze Afrika in een bloedbad willen veranderen. Hij wil zo snel mogelijk naar Opar om daar de wilden en hun aanvoerster te waarschuwen. Het is een vestiging van wit gesteente, rood en goud, diep in het oerwoud. Het is een ruïne. Er wonen wilden. Maar niet alle wilden zijn Tarzan goedgezind. Sommigen wachten hem daar al op binnen de muren. Ze bespreken al dat als Tarzan binnenkomt hij nooit meer eruit kan. Tarzan's aapje ruikt al onraad. Als hij daar aankomt schijnt iemand anders de heerschappij overgenomen te hebben, en hij wordt gevangen genomen door haar

wilden. Ze willen hem dan offeren aan hun goden. Tarzan wordt opgesloten in de putten van Opar. Dan komen ook de hypercommunisten. Tarzan weet los te raken ondertussen en komt uit zijn cel door zijn mes wat ze vergeten waren van hem weg te nemen. Hij zet op zijn ontsnapping ook een leeuw vrij die daar is opgesloten. Ook vindt hij dan de aanvoerster die was opgesloten, en zet haar vrij. De leeuw valt inmiddels de wilden aan. Ook vinden ze dan een oude man van Opar. De man zetten ze ook vrij. Hij is een helper van de aanvoerster, en de aanvoerster neemt zijn mes en wil wraak nemen als de nieuwe heersers hun offerdienst houden tot hun goden. Tarzan gaat dan naar buiten en drijft de hypercommunisten weg door grote stenen naar beneden te laten rollen van een heuvel. Het komt tot een groot gevecht later, want ook de communisten schijnen innerlijk verdeeld te zijn, en sommigen kiezen de kant van Tarzan als ze de ware plannen van hun leiders ontdekken. Tarzan helpt hen, maar wordt dan ook even later neergeschoten. Het wordt zo erg dat hij gered moet worden door een olifant en ook zijn aapje helpt hem. Als het gevecht dan even later weer verder gaat wordt hij ook geholpen door andere wilden. De aanvoerster keert zo terug naar Opar, en het blijkt dat de nieuwe heersers alweer zijn verdwenen. Hoofdstuk 33. waar mensen zijn is misdaad Hypercommunisme : Alles moet dood, al het bot moet dood, makkelijk te programmeren. Grote machines die ieder mens onder handen nemen om het hart te doden. Breinheerskunde en mondheerskunde werken samen. Zorg als koopwaar. En wat voor een zorg … Ze willen de mens voortijdig met pensioen laten gaan, geheel de mens verlammen als prooi voor hun larven. Het is als een metalen wesp. Oh, wie wil er niet demonologisch ontwaken ? Er zijn vele vijanden van de ziel, maar de mens trekt liever de oma sloffen aan. Daar sjokken ze door de straten met de joint half uit hun mond hangende. Ze studeren niet meer. Ze zijn high, aan de drugs. Ze verheerlijken de drugs. Alles moet dood, voor de wespen-parasieten om alles over te nemen. Zo hebben hun larven genoeg te eten. Wie oh wie wil er nog ontwaken ? Het zullen er niet veel zijn. Alles moet gelijk zijn en recht, geen afwijkingen. Ouders van het verzet worden van hun kinderen losgesneden zodat de hersenen van de kinderen geen zuurstof meer krijgen en sterven, opdat de parasieten ook de hersenen van de kinderen kunnen overnemen. Je ziet het recht voor je ogen gebeuren. Vecht tegen die metalen hysterische wespen ! De mens is niets anders dan voer voor hun larven ! De mens is ingenomen ! Hier spreekt de stem van het verzet ! Als je vreet van een lijk wat op je bord ligt, waar vul je je lichaam dan mee ? Wat voor je ligt is alleen nog maar een hoop parasieten die staan te popelen om in je hersenen te leven. Het duizelt van de parasieten, maar de mens ziet het niet en eet het gewoon. Als je vreet van het lijk wat op je bord ligt zul jij het volgend lijk zijn. De één zijn dood de ander ook zijn doodsbrood en zo zijn dood, zullen we maar zeggen, als galgemaal. De metalen wespen doven het zenuwstelsel uit voor totale

zombificatie. Het geeft alleen maar de schijn dat je leeft, maar je bent dood. Het zijn dementors, de hersendoden, de alzheimer politie, deze betaalde takken van de zorg. En wat voor een zorg … Je krijgt meer dan je had gevraagd, gedwongen nog wel, en ze slaan er nog een gat bij. Het is 'kip ik heb je' daar. Ze hebben genomen van een corrupte onsterfelijkheidsdrugs, valse drugs van eeuwige schoonheid en gezondheid. Hierover gaat ook het boek Tarzan's waagstuk uit 1936. Ze zijn onder een zware hypnose, hebbende hun ziel verkocht. Het is vreselijk dat mensen dit soort drugs verkiezen boven de gnosis, maar in zulke tijden leven we. Tarzan zei dat overal waar mensen zijn is misdaad. De mens had geen idee wat de eerste wereldoorlog was wat tot de aarde kwam. De mens wilde loskomen van de grote systemen, rennende tot de wildernis, tot onafhankelijkheid en isolatie om tot de innerlijke gnosis te komen. Daaruit voort kwamen de Tarzan boeken. Ik heb er een stapel van op een boekenkast staan, hele oude boeken. Ik kijk er vaak naar. Ze inspireren mij. Altijd spreekt de gnosis dat daar belangrijke antistoffen liggen. Het is het oerwoud. In de dertiger jaren kwam het tot een hoogtepunt. Dat waren de jaren van daadwerkelijke mindering, de grote economische depressie, of crisis jaren, waardoor de mens kon terugkeren tot de wildernis, contact maken met de wildernis. In het boek Tarzan's waagstuk is de corrupte drug een elixer gebrouwen van het bloed van jonge vrouwen. Het is een kinder offer en vrouwen offer cultus. Zo pompen die afgoden zichzelf op. Het is een goede ontmaskering van hoe de psychiatrie en de valse mondzorg werkt. Eigenlijk roepen ze de dood gewoon over zich. Simon Carmiggelt zei eens dat de medische industrie zichzelf om zeep helpt, dat het zelfmoordenaars zijn. Als een dokter een mens voor geld behandeld is hij eigenlijk bezig zichzelf op te hangen. Ze kopen de illusie van onsterfelijkheid, ten koste van zoveel mensen, terwijl deze drug hen doodt. Het is een genadeloze boemerang : dat wat je een ander wezen aandoet doe je jezelf aan. Hoofdstuk 34. harrisburg 1979 - de oudere zus van tsjernobyl Ze willen dood bot, niet levend. Dat wil zowel de breinheerskunde als de mondheerskunde. De hele dag willen ze tegen dood bot aankijken. Het is een obsessie. Hun hele leven draait om dood bot wat absoluut niet mag leven. Het moet gewoon daar hangen als een bot orakel. Daar halen ze hun informatie uit, hun inspiratie. Het zijn orakel lezers. Hierom zijn zij ook trofee jagers, want ze hebben veel bot nodig. Het bot doodmaken doen ze met hun instrumenten en medicijnen. Maar dit is niet volgens de regels van de demonologie. Neen. Deze mensen zijn dement en hebben nooit een opleiding gevolgd in de demonologie. Het is helemaal niet ethisch wat hier gebeurd. Deze mensen zijn criminelen. Ze bouwen hun werelden van bot, dood bot, want dan hebben ze rust. Ze willen geen weerwoord. Ze willen in hun waan leven. Daar hoort ook de vlees industrie bij, want door het vlees weg te eten wordt het bot zichtbaar. Altijd maar weer : bot, bot bot. En ze zijn zelf ook bot. Het zijn skeletten. Bot orakel lezers zijn het, maar niet via de demonologische regels. Ze zijn niet profetisch, maar dement. Alles moet door de

veroudering, het vroeg met pensioen gaan. Ze willen niet leren en werken, maar gewoon het ergens kunnen kopen, omdat het rijkeluiskinderen zijn, of ze roven het ergens, of ze willen het gewoon lui erven. Ze willen gewoon makkelijk geloven en het is genade van hun goden, alleen voor hen. Het is een heel exclusief clubje. Het demonologische en profetische willen ze niet. De gnosis willen ze niet. Ze willen niet leren en werken, alleen heel selectief en tijdelijk voor de schone schijn. Het zijn heksen, ketters, beunhazen. Het is zwarte magie. Ja, zwarte magie. Ze spreken niet veel, leggen niet veel uit. Het is een duister genootschap. Ze willen zichzelf niet verraden. Zo brouwen ze hun duivelse medicijnen en maken hun duivelse instrumenten, om zo het volk onder dwang verpleging te brengen. Het zijn zwermen botvliegen die vlees eten tot op het bot. Dan landen ze neer op het bot om dan het bot te lezen. En ze laten niet meer los. Ze komen met zwermen om alles kaal te vreten. Het zijn kaalvreters. Ze doen de oogst mislukken. De mens wordt deze vervolging niet bespaard. De mens moet het kruis dragen. Na de eerste wereldoorlog kreeg Europa hulp van Amerika, maar in de dertiger jaren sloeg de grote economische depressie toe. Dit stroomde vanuit Amerika over de hele wereld. De kaalvreter was gekomen. De mens moest met dit kruis leven. De mens bekeek de wereld nu met de ogen van depressie. De grote superhelden waren neergestort. De muren waren kaal, met vreemde kleuren, gehavend, oud. Alles ging trager en trager. De mens was door de botvliegen aangevreten tot op het bot. Hun lichamen waren stijfgestoken. Er was niets meer van Amerika overgebleven. De grote supermacht, de grote hulp, was er niet meer. Amerika leek van de aardbodem verdwenen. Europa moest het nu alleen doen, maar kon het niet. De kaalvreter ging niet meer weg. De dertiger jaren waren gekomen. Er waren geen echte, volle kleuren meer, alleen maar verbleekte, gehavende, vreemde kleuren, vreemd geel, vreemd rood. De mens was depressief. Er waren geen vrolijke mensen meer. Er waren geen gezellige tuinfeesten meer. Je kon niet meer gezellig bij iemand op visite gaan. Er waren geen thee tantes meer. De botvliegen waren gekomen, en ze vraten alles kaal. Er was alleen nog maar wildernis. Huizen waren wildernissen geworden, verlaten, eenzaam. Iedereen was nu vele meters of kilometers van elkaar verwijderd. De economie was ingestort, de markt was ingestort. De mens kon het allemaal niet meer betalen en niet meer handhaven. De mens moest het nu alleen doen. De botvliegen waren gekomen. Ze vraten door tot op het bot, en staken. Er was geen leven na de dertiger jaren. Hier hield alles op. De mens zag er als een berg tegenop. Hier kon hij niet verder. Hier hield de mens op te bestaan. Het was teveel. De botvliegen waren gekomen. Voor hen waren de mensen slechts stukken bot. De mondheerskundige en breinheerskundige gebruiken de mens als dood bot, als mobiele telefoons waarmee ze contact kunnen maken met hun duistere wereld. Het lijkt allemaal veel op elkaar, maar er is een groot verschil. De botvliegen zijn met elkaar in oorlog. Er wordt gevochten om het bot. De mondheerskundigen en breinheerskundigen zijn fascistische necromancers, oftewel nazinecromancers. Zij aanbidden de dood om de dood. De dood is hun doel. Het zijn tragische figuren. De mondheerskundige en zijn patient, als de telefoonverslaafde met zijn telefoon. Dat is wat het zijn : telefoonverslaafden. Ze leven niet meer. Er is geen substantie daar, geen inhoud. Wat doe je dan de hele dag ? Alleen maar een beetje in bekken staren, naar dood bot. Waar leef je dan voor ? Leren willen ze niet. De demonologie en het profetische verafschuwen ze, maar het zijn bot orakel

lezers, waners, roddel tantes. Het zijn gewoon van die flauwe tijdschrift horoscopen, gewoon je tijd vollullen. Verwaande paragnosten die er gewoon voor het geld zitten, kwakzalvers die jou wel eens denken te kunnen vertellen wat het leven is en de realiteit en daar vervolgens niet veel woorden aan vuil maken, want ze zijn alweer hard op weg naar de volgende patient, oftewel slachtoffer. Het is een domino spel. Ze hebben geen tijd voor je. Het zijn botvliegen, kaalvreters, die je vlees vreten tot op het bot. En dan beginnen ze met het bot, want het is hun kunstwerk. Hevig bewerken met gevaarlijke, dodelijke psychotrope medicijnen, hevig boren en hun giftige metalen installeren, of gewoon de gaatjes vullen met plastic. Valt niet op. Ze maken er een zootje van. Alreeds vroeg moeten ze de kindermondjes geheel mollen. Ze hebben hun eigen speudo-realiteit gebouwd, hun eigen namaak realiteit. Er is niets meer van de natuur. Maar botvliegen zijn op weg om ook hen tot een botten orakel te maken. Er is altijd weer baas boven baas. De boemerang is onverbiddelijk. Het kaatst altijd weer op de mens terug in de tijd. Je kan er de klok op gelijk zetten. Daarom wachten wij op de gnosis. Kaalvreters, kaalvreters ja, maar die zullen zelf ook kaalgevreten worden. De botvliegen zullen komen. Telefoonverslaafden, je kan er geen speld meer tussenkrijgen. Ze praten slechts tegen henzelf, mompelen maar wat. Het is onverstaanbaar. Wat zeggen ze dan ? Waar hebben ze het over ? Waarom leven ze ? Ze hebben oordoppen in of koptelefoon op, zodat ze niet hoeven te luisteren, alleen maar lullen. Telefoonverslaafden, en hun patienten kunnen de hoge rekening betalen voor hun psychoses, voor hun wanen, voor hun dure pensioen-reisjes. De patient betaalt hun rolstoel, hun pacemaker, hun rollator, hun peperduur hotel. Het zijn telefoonverslaafden. Met wie ze spreken weet niemand, maar het is niet goed. Ze hebben telefoon contact met de duivel. Die kauwt hen alles voor. Hoe ze moeten leven, wat ze moeten doen, wat ze moeten zeggen. Allemaal parasieten. Ze hebben een telefoon-contract met de duivel wat ze ondertekent hebben met het bloed van hun patienten. Ze schilderen met het bloed van hun patienten. Het zijn demente vampieren. Telefoonverslaafde gespot op vijf hoog. Brandweer erbij. Spuiten, jongens. Telefoonverslaafden horen eigenlijk niet meer thuis in deze samenleving. Ze zijn een gevaar voor anderen en voor de natuur. Daar staan ze met hun mobieltje, met hun dood stuk bot, maar met wie spreken ze ? Met wie spreken ze nu eigenlijk ? Wat komt er door ? Het zijn allemaal parasieten. Ze lullen slechts in henzelf. Deze roddel wereld is één grote leugen. Alles gaat al veel te snel om nog te kunnen leven. Botvliegen op het bot. Wat doen ze ? Ze lezen de tekens. Ze hebben hun eigen taal. Telefoonverslaafde op vijf hoog. Het heeft brand veroorzaakt, wat zich al begint te verspreiden. Het is een lek in de demonologie, een lek in het profetische. Ik had er een droom over vannacht. Illegale magie is het. De brandweer moest komen. Het verspreidde zich tegenover mij in een flat, en ik woonde ook in een flat in die droom, en daar was het ook al. De brandweer had een eigen afdeling in onze flat, en belde ook bij mij aan. Ze hadden wat apparatuur van mij nodig, een soort energie. Ik had een heel paneel van allerlei soorten energie. Laat het maar borrelen op de achtergrond. Zo maakt de mens antistoffen. Alleen zo komt er nuance. Wees maar blij dat het er is, anders was je al met pensioen gegaan. Maar ze zijn onder telefoon hypnose, onder de hypnose van de 1979 slang. 1979 was het jaar van een kernlek in Harrisburg, Pensylvania, Amerika. Er kwam zo radio actief gas vrij in de atmosfeer

door een kernongeval in een kernreactor, als de oudere zus van Tsjernobyl (1986). De mens houdt ervan gevaarlijke spelletjes te spelen. Deze mongolen zijn aan zware drugs. Ze weten niet met wie ze spreken en hebben geen tijd voor je. Ze zijn onder de telefoon hypnose van de slang in het 1979 paradijs, een pensioen paradijs, waar de giftige appel hangt met allerlei vrome beloftes. Zo kwamen ze nog dieper in het pensioen paradijs. De aarde smolt nog meer samen met Rigil Kent en zo werden de tachtiger jaren geboren. Uiteindelijk kwam toen Tsjernobyl. Harrisburg legde het fundament hiervoor. Er ging iets drastisch fout in de hersenen van de mens door deze kernramp. De mens was in de wurggreep van de 1979 slang en was slechts aan het ijlen. Meer telefoon, meer telefoon, en het profetische wilden ze niet. Nu is er dan daadwerkelijk een telefoongekte. De mens kan niet meer zonder z'n telefoon. De mens draagt z'n telefoon nu op z'n rug. Het is het hart van de mens geworden. Het profetische kan er geen speld tussenkrijgen, want de mens is aan de telefoon. De mens heeft geen tijd voor het profetische. De mens voelt zich oh zo belangrijk weer aan de telefoon, echt wel nieuws om over naar huis te schrijven. Het demonologische willen ze niet. Dat zou de spelbreker zijn. De mens heeft van de giftige appel van 1979 genomen. Belangrijke tussenstappen en patronen van de hersenen zijn weggebrand, en nu zijn ze verslaafd aan de dementen-telefoon. De pensioentelefoon, daar gaat het vandaag de dag om. Harrisburg leeft. Voor demonologie heb je een inventaris nodig. Blijf bouwen aan je inventaris, opdat je verbanden kunt leggen. Hoofdstuk 35. van harrisburg tot toronto tot gsm Harrisburg 1979, een grote kernramp. Een buitenaardse invasie. Het drong pas echt tot de schedel van de mens door met de Toronto zegen. Het was een pijl op de mens afgeschoten. In zoveel vormen kwam het. Wat was het daadwerkelijk ? De mens wilde het vreemde niet, de exogamie. Wat de boer niet kent dat vreet hij niet, en zo kwam er inteelt. Toronto komt van Harrisburg en het is inteelt. De gnosis gaat over de exogamie, het komen tot het vreemde, de wildernis in. Alleen zo kan de mens overleven. De mens wil het geestelijke niet, gaat zich met gevaarlijke aardse straling bezig houden, ermee spelen, allemaal voor macht en de markt, en uiteindelijk brengt dit valse geestelijke uitstortingen voort zoals die van Toronto, waarin het leren opzij wordt gedrukt en alles gevoelsmatig moet gaan, gericht op de sensatie : Oh god, kietel me even hier, kietel me even daar. Ze gebruiken god als een hoer en willen geen relatie met de gnosis aangaan door school. Daarom noemden wij toronto altijd al het grote spijbelfeest. Ze gaan niet op ontdekkingstocht, maar grijpen de eerste de beste die op straat langskomt, en willen plakkerig zijn. Dat is dan meestal hun broer of zus, en zo ontstaat er inteelt. Dat verklaart ook de hebberige gsm drangen die de mensen hebben,

waar ze mee naar bed gaan en weer mee opstaan. Ze bewaken elkaar, houden elkaar gevangen. De mens wordt zo een gsm-robot. Dat is de sociale kernramp, die vlak na Toronto kwam. Harrisburg 1979 kernramp Toronto 1994 geestelijke kernramp Eind jaren 90 sociale kernramp : de gsm invasie Zo werd de mens tot robot gemaakt, afgebakend van het vreemde, zodat de mens een product van inteelt werd, makkelijk beinvloedbaar, een meeloper. Dit was allemaal Harrisburg, hoe Harrisburg zichzelf ontwikkelde en alles overnam, als een lek in de demonologie. Dit lek moet dus weer gedicht worden. Hiervoor moeten we naar de dertiger jaren. Het boek Tarzan de Ongetemde uit 1920 gaat over de eerste wereldoorlog, over de strijd tegen de Duitsers, het Duitse rijk, die toen al aan het spelen waren met het gevaarlijke 'Weltpolitik', de machtspolitiek van of heersen of vallen, de voorloper van nazi Duitsland. De Duitsers waren ergens in Oost-Afrika binnengevallen in het boek. Er is een confrontatie tussen wilden en Duitsers en later ook tussen Tarzan en Duitsland. Maar dan komt Tarzan in contact met een groep vijandige wilden die gestoord zijn geworden door langdurige inteelt. Er is momenteel een grote oorlog gaande tussen exogame buitenaardse volkeren en buitenaardse inteelt rassen die hierdoor onderontwikkelde demente gsm-breinen hebben. Laten we goed beseffen dat de gnosis exogaam is, van de hogere intelligentie. Dat is ook de daadwerkelijke definitie van wat 'god' is en behoort te zijn. De inteelt god is een blinde pseudo god. De inteelt god heeft alle lagere aardse gebieden geschapen door gebrek aan intelligentie. Dat is wat Harrisburg 1979 is en zo werd tot Toronto 1994, en zo tot het wereldwijde GSM netwerk. Het houdt hen allen aan het vlees, het vleselijke verslaafd, en het vleselijke kan het geestelijke niet verstaan. Harrisburg leeft. Harrisburg meent het. De mens wordt gefokt, met het eigen ras, zodat de mens zich niet kan ontwikkelen. De mens is in een mijnenveld van inteelt. Alles is stereotype. Zo hoort het en niet anders. Zo houden ze de mkultra bloedlijnen raszuiver, volbloed slavenrassen, door de drie graden van het Harrisburg implantaat. Deze wurgslang uit 1979 heeft de mens meegenomen. Inteelt brengt de mens ten gronde, alles is valselijk vertrouwd. Oh wat zijn we weer belangrijk en normaal, zo normaal dat je er helemaal normaal van wordt. Oh wat normaal. En ondertussen krijgt het inteelt virus grip op het brein, want de normalen hokken met de normalen. Hoofdstuk 36. brave new world

Er is geen 'hoop', alleen kennis. De mens moet symbolisch sterven om in een nieuw leven op te staan, te leren wat het daadwerkelijke leven of bestaan is. Soms hebben we een gesprek gehad en achteraf denken we misschien dat we dit of dat hadden moeten zeggen, maar het gaat om het minimalisme. Het gaat om de strategie en niet zomaar lomp lozen van info. Dat kan ook weer heel gevaarlijk wezen. Ga heel wijs met je info om. Gooi ook niet de paarlen voor de zwijnen. Met wat voor codes groeien mensen op ? 'Vader' en 'moeder' zijn codes van de machine waarin mensen opgroeien, worden gemaakt. Het zijn eigenlijk hele koude bestanddelen, maar de mens voelt zich zo veilig. Het is iets heel anders eigenlijk. Jezus zei : Alleen zij die de wil van God doen zijn mijn vader en moeder. In 1949 werd de wereld opgeschrikt door het visioen van de visionair George Orwell over de toekomst, door zijn boek '1984', wat pas verschillende tientallen jaren later zou plaatsvinden. Natuurlijk was het een allegorie, maar het is schrikbarend genoeg uitgekomen : de denk en droom politie. Een ministrie van liefde wat alleen zijn eigen werkelijkheid als de ware werkelijkheid bestempeld, en andersdenkenden in die werkelijkheid binnenmartelt. Daaraan voorafgaande was er het grote visioen van de visionair Aldous Huxley die ook een boek had geschreven over de dystopie van de toekomst in zijn boek Brave New World uit 1932. De wereld werd door dit boek opgeschrikt. Het sloeg in als een bom. Het was dus de voorloper van het boek 1984. Waar gaat BNW over ? Over reageerbuis babies, alles via reageerbuizen. Zo worden mensen gemaakt. Zo wordt alles geconditioneerd en in vakken onderverdeeld. Het is allemaal massa productie. Er was een drug, soma, die massaal gebruikt werd om de mens in vergetelheid te houden, in een roes. Ik wilde hierbij opmerken : soma komt uit de Indische theologie en ook uit de Grieks-christelijke mythologie, want soma betekent lichaam in het Grieks en werd ook voor het lichaam van Christus gebruikt waarvan de mens at om zogenaamd behouden te worden. Hierdoor werd ook uniekheid, individualiteit uitgeschakeld. De mens ging door kunstmatige baarmoeders heen dus, en ze werden als kind al geconditioneerd door de speciale programma's die hiervoor bestonden. Dit wordt slaap-onderwijs genoemd, om de mens in een slaap te houden. De identiteit van de mens werd door de gemeenschap gevormd, en werd stabiel gemaakt. Identiteit wordt dus gevormd door conformiteit. De mens is bezit van de gemeenschap. Zo werken die reageerbuizen. Er ontstaan verschillende soorten : alfa, beta, gamma, delta, epsilon, en hogere groepen wordt geleerd de lagere groepen te minachten. Dit gaat allemaal door hypnopedia, het leren tijdens de slaap. Iedereen is dus gebrainwashed, en ze brainwashen anderen. Het gaat hier dus om een kastensysteem. Het beschrijft een toekomst van schijn-stabiliteit, rationalisme en technologie. Meer abstracte takken zoals godsdienst en kunst zijn uitgebannen, omdat die een bedreiging zouden kunnen vormen naar die valse stabiliteit. Toch is het een religie op zichzelf, zoals ook familie is uitgebannen maar het toch nog een soort familie op zichzelf is. We kunnen bijvoorbeeld dan ook denken aan de psychiatrie die de god-tv verbiedt, maar daarbij orthodoxer is gewordendan de gereformeerde gemeente, die erom bekend stonden tv te verbieden. Psychiatrie strijdt tegen de geestelijke gaven, de geestelijke tv of gnosis tv, omdat het een bedreiging is naar hun zonde, hun orthodoxe systeem van mind control. Zij zijn de denk en droom politie. Zij strijden tegen de geestelijke gaven met zware psychotrope medicijnen, drugs, en door hun etiketten, karaktermoord. Het individu moet uitgebannen worden. Alles gaat om gelijkvormigheid, het hypercommunisme. Maar daarin vormt zich dus wel een kaste systeem. Binnen de kasten zijn er dan ook weer kleinere onderverdelingen van min en plus. Het slaap-onderwijs is er dan voor om de mens sociaal bewustzijn en trots te geven over zijn kaste. De drugs houdt zo alles onder controle zodat er geen daadwerkelijke oorlog is, maar stabiliteit en schijn-vrede. De mens wordt zo in allerlei contracten gezogen door het slaap-onderwijs. Alles kan de mens uitdoven door consumptie. Zo kan de mens

zich weer goed voelen, door de soma drug. Hoe bedrieglijk is dit : de mens als geconditioneerd, consumerend junkie om zo alles wat krom is recht te praten. Daarom alhoewel het op een utopie lijkt is het een dystopie. De mens is zwaar bedrogen. Zo is dat ook vandaag de dag. Het zijn geen mensen meer, maar parasieten die we om ons heenzien, die alleen maar aan zichzelf denken. Dieren leven nog steeds in de holocaust. Dieren hebben net als mensen recht op een bestaan, maar de mens denkt dit bestaan te kunnen afnemen. Dieren zijn beelden van de immunologie van de mens. De mens is bezig zichzelf te vernietigen. De mens is op zelfmoord missie. De mens denkt echter door de slaaphypnose dat hij op de juiste weg is, maar is dus zwaar aan de hormonale drugs (soma, vlees, Grieks). De mens komt zo diep in deze verslaving dat zijn vrije wil meer en meer wordt afgenomen. De mens is tot zombie en robot geworden. De mens die niet in dit systeem past wordt een productie fout genoemd. De mens hoeft het kruis niet en de oorlog, want de mens heeft drugs, soma. Zij die eenlingen zijn en nog gevoelens hebben die diep gaan, worden afgezonderd op wat speciale afgelegen ban-eilanden. Ook dit visioen is heel gedetailleerd uitgekomen, net als het boek 1984 aan het eind van de veertiger jaren. Brave New World is hiervan dus een voorloper als een waarschuwer voor de mensheid. Wat heeft de mensheid met deze waarschuwing gedaan ? Hoofdstuk 37. stranger in a strange land In Brave New World (1932), de voorloper van het boek 1984 van Orwell (1949) zijn geen families, geen gezinnen. Vader en moeder woorden zijn taboe. Ze gaan niet door de baarmoeder maar door reageerbuizen in een kwekerij, een broedplaats. Alles is steriel en wordt medisch en psychologisch gemanipuleerd en geconditioneerd, maar door de soma drug vindt ieder z'n plaats en taak in deze zogenaamde utopie die eigenlijk een dystopie is. Eenlingen of mensen die hier ontevreden over zijn worden verbannen naar ban-eilanden. In Brave New World is er geen plaats voor de natuur. Alles is dus steriel en er heerst grote smetvrees en haat naar de natuur, wat aangeleerd wordt. De mens hoeft de natuur niet, want de mens heeft immers de soma drugs. Ook was deze samenleving ongeremd sexueel, en was sexuele taal en wisselende sexuele contacten te pas en te onpas normaal. Vandaag de dag, en mensen laten we onszelf niet bedriegen, zijn er ook geen ware gezinnen en families meer, want dat is allemaal nep, want iedereen wordt onder controle gehouden door het steriele, dwangmatige medische bewind, dwangverpleging, dwangschool, alles dwang. Er is geen familie maar territoriale en terroristische psychiatrie die elke hoek van de samenleving al heeft ingenomen en beheerst. Elk mens zit vandaag de dag in een legbatterij, juist ook buiten de daadwerkelijke psychiatrie. Je bent in deze samenleving niet van jezelf, maar van de psychiatrie. En je wordt op elke hoek van de straat verkracht door valse, sexualiserende reclame. De mens is tot object geworden, tot een stuk vlees. Dat is ook de hele ironie van de vlees industrie, dat het hier dus over de mens zelf gaat. Het is iets heel profetisch, en soma betekent ook vlees in het Grieks. De mens is een vlees-junkie en is zelf vlees. De mens wordt zelf voortdurend opgerookt. Ook literatuur wordt verworpen in deze wereld. In deze wereld zitten we opgesloten, maar er is ontsnapping door dieper naar binnen te gaan, dieper

in het geestelijke, om zo tot de gnosis te gaan. Daarom moeten we niet alleen hongeren maar ook wanhopen, want er is teveel valse hoop geimplanteerd. Daarom moeten we door veel verwarring gaan, want er is teveel valse orde. Eerst moet alles overhoop gegooid worden zodat de mens kan ontsnappen, kan loskomen van al deze aangeboren verslavingen. Alles is zo clinisch en steriel op aarde. Er is slechts de schijn van familie, maar het is er niet. De mens wordt door deze implantaten gevangen gehouden. Het zijn gevangenis-pluggen, die verwennende papaatjes en mamaatjes die hun kinderen niet onderwijzen. Ze drukken alleen maar de emotionele buttons van hun kinderen in, opdat de verslaving blijft. Ze schenken hun kinderen de soma drugs. Deze vaders en moeders bestaan niet, zoals Jezus ook al sprak dat alleen zij die de wil van God doen ware vaders en moeders zijn. Die zijn er tegenwoordig bijna niet, laten we eerlijk wezen. Alles is afgedwaald. Dat wat we om ons heen zien is het ware leven niet, mensen die parasiteren op het vlees van wezens die net zoveel bestaansrecht als hen hebben, en dan ook nog het woord liefde durven te noemen. Walgelijk. Eerst moet men kappen met al die valse familie spelletjes en tot de gnosis gaan om zo een waar beeld te krijgen van wat familie betekent. Dit is allereerst iets in jezelf. Wees voor jezelf een moeder. Zorg voor jezelf, maar pas op voor familiaire drugs, voor het familialisme. Sus jezelf niet in slaap, maar kom tot ware rust en veiligheid in studie. De eenling is een doorlerend wezen. De rest zakt steeds verder weg in illusies. Dit is ook het geval met sex, wat tot iets heel oppervlakkigs is gemaakt in de samenleving, de betekenis is verloren geraakt. De mens moet het eerst loslaten en tot de gnosis gaan, om later een waar beeld te krijgen wat sexualiteit nu eigenlijk is. Het is een metafoor. De eenling walgt van de overgesexualiseerde realiteit om hem heen, want het is hoe deze parasieten zichzelf voortplanten. Er is geen ware sexualiteit buiten de gnosis en het geestelijke om. Het is een zaak van leven of dood, want valse sexualiteit is een moordwapen. De mens is in een sexueel mijnenveld en moet terug naar de bron. Er is veel valse natuur om de mens heen, en ook daarom moet de mens terug naar de bron, naar de gnosis. Zoveel verschrikkelijke implantaten beginnen te piepen als de mens over deze dingen durft na te denken. Maar ga uit je comfort zone, want het is vals. Het houdt je vast, houdt je tegen. Brave new world, we leven al in deze nachtmerrie van 1932. Het was het onderwijs van de dertiger jaren, van de grote depressie, ook wel de dirty thirties genoemd, het vuile kruis. En dat moet ook wel, want alles was vals schoon geworden, alleen maar bedekkend, als dekmantel voor de parasieten. De nachtmerrie onderwijst dus. Het is allemaal informatie. Terug naar de dertiger jaren. In de tweede bijbel staat er een kort verhaal genaamd het vuile kruis : In een korte samenvatting hiervan staat : 'Ze aanbaden de skelettengod. Ze moesten wel, want ze hadden botimplantaten over hun hele lichaam, apparaten om over hen te regeren. De skeletten-god had geen genade met zijn slaven. Ze moesten hem dag en nacht aanbidden, en ze moesten werken. Hij gebruikte ze voor arena's, en hij gebruikte ze ook als priesters. Niemand wist hoe de skeletten-god zijn krachten verkreeg. Het was een mysterie. Duister als hij was eiste hij ook veel bloed. De priesters verkeerden in veel offerdiensten. Hun altaren waren altijd bloederig. De juwelen werden als een enorm geheim in de botten geïnstalleerd. Ze gaven een gif af, dat steeds meer hun huid begon te worden, totdat ze als mensen waren. Niemand wist precies wie de skeletten-god was.

Het koninkrijk was omgeven door een gevaarlijk hek. Ik was een van hen. Ik ontsnapte. Ik kwam in een bos waar iemand met een vuile motorfiets me ophaalde. Hij bracht me naar een huis waar een vreemde cultus gaande was. Ze aanbaden het vuile kruis, een vies kruis. Het leek erop dat dit kruis mijn leven had gered. Ik staarde ernaar en zag het vuile water stromen. Ik moest het koninkrijk achter het hek vergeten. Ik was de uitverkorene. Het was alsof ik was afgezonderd door God. Ik wist niet wie ik was, maar ze gaven me mijn identiteit terug. Ik was hen dankbaar. Ik had zoveel woede van binnen, zoveel woede, maar het vuile kruis leek het te verzachten. Ik had een nieuwe religie gevonden. Dit was geen bijgeloof. Het was echt. Het heeft mijn leven gered.' Het is een allegorie dat de mens alle valse, steriele, clinische schoonheid moet verlaten om zo terug te keren tot de vuile bron, want de mens heeft meer weggegooid dan hem lief was. We spreken dan over het benodigde natuurvuil waar het eeuwig evangelie ook over spreekt. Hermitaten 36 27 Komt dan tot het Vuile des Heeren. 28 Want het Vuile Gods is schoner dan het schoonste der mensen. Gij hebt dan een bron van het Vuile Gods in de natuur, om uzelf te reinigen en uw huis. Weet dan dat het schone der mensen ziektes verwekt, en zij zijn op weg naar het huis der ratten. De mens moet dus wel door deze dingen heen, anders verzwakt het immunologische systeem van de mens. Juist hierdoor gaat de mens antistoffen aanmaken. De valse schoonheid van de mensen is een bacterie. Het vuile kruis is het antistof. De mens moet onderwezen worden in de bacteriologie van de gnosis. We zijn 'stranger in a strange land'. Diep gaat het niet in Brave New World. De mens is aan de hormonale vlees drug, soma, en daarom onderzoekt de mens niet, weet de mens eigenlijk niets van elkaar, maar leeft men door een etiketten samenleving. Iedereen krijgt een labeltje. De mens leeft door vooroordelen, roddel. De waarheid durven ze niet te zien. Die is te confronterend. Daar zijn ze te lui voor. Dan hebben ze liever de schijn-vrede. We moeten over het hek heen, mensen. Ontsnappen, door te verdiepen. Als we stil staan zijn we er geweest. Over de muur, mensen, ook al worden we neergeschoten. We zijn toch al dood en opgezet. Er valt niets meer te verliezen. Stranger in a strange land. Waar ben je ? Wie ben je ? Ren voor je leven. Je moet nog geboren worden. De schepping is er nog niet geweest. In BNW is ook alle geschiedenis uitgebant door de wereld heersers, want dat kan een bedreiging vormen en mensen doen ontwaken door het zien waar alles vandaan kwam en hoe alles verkeerd is gegaan. Het zijn grote, woeste monsters die dus zijn uitgezonden om alles wat op geschiedenis lijkt en kennis van de geschiedenis te doven. De mens moet in slaap blijven, verslaafd aan de soma drugs in BNW. Geluk als dwang, welvaart als dwang. Depressie mag niet en wordt weggeblazen door de drugs, want het zou kunnen leiden tot ontwaking. Ongelukkig zijn mag niet, want de mens zou zo tot de ware kennis kunnen komen. Het pad van het kruis is door de BNW samenleving afgesloten. Het geheel is dus een extreme soort van medische New Age cultus. Wat is er toch voor een medische gekte in dit nieuwe tijdperk. Maar het medische mag alleen bestaan op het fundament van de demonologie, maar dat fundament is er niet. Alleen de gnosis is waarlijk medisch, door de natuur, door de diepte. Maar die paden zijn in de BNW dus afgesloten.

Hoofdstuk 38. de vuil stormen van de dertiger jaren – de amerikaanse exodus Verkrachtingen op elke hoek van de straat, hoe gaat dat ? “I've got something to put in you”. Het is geen ware sex, maar implantatie. Sex is iets heel klinisch in deze maatschappij, als een code woord voor implantatie. Iedereen wil sex. Iedereen wil implantatie, door buitenaardse aliens. Hoi hoi, we hebben sex. Hoi hoi, we worden geimplanteerd, lekker plastic in onze botten, lekker apparaten in onze hersenen, lange pluggen, die voor ons zorgen. Hoi hoi, we hebben sex. Wat denk je dat er binnenkomt ? Implantaties, mensen, pluggen, die u in de gaten gaan houden. U bent verkocht, eigendom van een regeringsapparaat groter dan uw hersenen, wat u totaal bestuurd. Oh help, is het besmettelijk ? Iedereen heeft het al. Iedereen houdt iedereen in de gaten. Het zijn allemaal gevangenis codes, kwekerij codes. U wordt gekweekt, ergens voor gekweekt. Voor wat ? 'Kijk wat ik een dier allemaal aan kan doen zonder dat me iets overkomt,' denkt de van zichzelf overtuigde en trotse vleeseter. Dwazen ! Ze zijn al bezig zichzelf te vernietigen, en karma zal hen vernietigen in het hiernamaals, tenzij ze van hun weg terugkeren. 'Kijk wat ik allemaal kan doen naar de dieren, en zonder enige problemen. Ze kunnen ook niets terugdoen,' denkt de vleselijke vleeseter, maar dom als hij is ziet hij niet wat er in de geestelijke wereld gebeurd, dat hij al bezig is zichzelf te vernietigen. 'Hoi hoi hoi, we eten vlees. Lekker smakelijk en ons overkomt niets.' Het is een code voor zelfvernietiging. Dom dom dom. Van je 'hoi hoi hoi we eten vlees', vlees fanaten, aan de soma drugs, glaasje Jezus Christus bloed, 'hoi hoi hoi, we drinken bloed van een afgod, en alles gaat goed.' De gnosis zal deze geestelijk blinden in het hiernamaals recht in het gezicht slaan, en zeggen : 'Die had je niet zien aankomen, hè ? Kijk eens wat ik allemaal met je kan doen.' Ook dieren en hun families zullen zo hun wraak uitvoeren. Al die eeuwen aan opgehoopte woede. Dat is wat de toorn van God is. Dat is als een natuur zondvloed, als een ontlading. Dat kan niemand tegenhouden. Soms moet de vijand wel neergeslagen worden. De vijand doet dit zichzelf aan. Hier kan de vijand dan van leren of zich verder verharden. Hoi hoi, er gaat iets in, maar het gaat er niet meer uit. Het heeft z'n zaad achtergelaten. De implantatie is verricht. Ha, lekker vlees in de mond. Maar wat voor vlees ? Nee, het is een code voor implantatie. Je wordt verkracht. Vlees in de mond, vlees in de mond, maar wat heb je eigenlijk in je mond ? Kijk nou eens dieper. Kijk nou eens naar wat er daadwerkelijk achter de schermen plaatsvindt. Zowel de psychiatrie als de vlees-consumptie zijn industrieën, bedrijven, die handelen in lichamen en zielen van zowel dier als mens. Het is een mensenhandel en een dierenhandel dus. Hoi, hoi, het gaat naar binnen. We hebben iets gekocht. Maar wat gaat er eigenlijk naar binnen ? Wat heb je gekocht ? En slikken maar. Het is weer binnen. Het gaat er niet meer uit. Het is een implantatie. Er zit nu een plug in je. Wat voor een plug ? Mensen, we moeten wakker worden. Het is pure horror met een droom sausje erop waardoor niemand het doorheeft. Maar als je niet van dieren houdt, slaap dan vooral rustig door. De slager zal je wel doen ontwaken als het jouw tijd is, of is die tijd allang geweest en ben je al dood ? Hang je misschien al ergens aan een vleeshaak ?

Wie ben je ? Wat ben je, en waar ben je ? Waar sta je voor ? Wie nergens voor staat zal voor alles vallen. Aan liefde herkennen we mensen niet, want dat is allemaal makkelijk gezegd en gedaan. Je herkent mensen aan hun haat en hun woede. In ons educatieve kerkelijk-satirisch stripblad 'Meneer Nul' stond eens in de negentiger jaren : 'De liefde is de liefde niet als ze zich niet afscheidt van de haat. De liefde haat de haat. De liefde vernietigd de haat, door ermee te spotten, erop te toornen, en door erom te lachen, zoals Psalm 2 ons dat zo mooi laat zien.' (1997) In één van onze andere tijdschriften schreven wij in 1996 in het artikel 'Profetie, Profeten, Toetsen, Profetische Leven Mooi-weer-profeten, slecht-weer-profeten en weer-profeten' : 'Er zijn van die mensen die hebben alles lief. Ze hebben het hele leven lief. Van dat soort mensen kunnen we nooit hoogte krijgen. Het doet God niet zoveel als wij tegen Hem zeggen dat we van Hem houden. Want we kunnen van meerdere dingen houden. Neen, Hij is meer geïnteresseerd in hetgeen dat we haten en verafschuwen. Als een man tegen z'n vrouw zegt: 'Oh, ik houd van je,' terwijl hij er meerdere vrouwen op nahoud, dan walgt die vrouw van z'n liefde. Zo'n vrouw zou meer gediend worden als haar man zou zeggen: 'Ik haat overspel. Ik haat echtbreuk. Ik walg ervan.' In het artikel 'In de voetstappen van de Hemelvaart' uit 1995 schreven wij hierover : 'Matt. 22:39 'Gij zult uw naaste liefhebben als uzelf.' Luc. 14:26 'Indien iemand tot mij komt, en niet haat zijn vader en moeder en vrouwen kinderen en broeders en zusters, ja zelfs zijn eigen leven, die kan mijn discipel niet zijn.' Amos 5:15 'Haat het kwade en hebt het goede lief.' Het feit dat we onszelf niet lief kunnen hebben en wanhopig vastklammen aan anderen, ligt in het feit opgesloten, dat we de zondige begeertes niet genoeg haten. Het goede kan alleen geliefd worden als het kwade gehaat wordt. En als we niet onszelf tuchtigen, hoe kunnen we dan ooit anderen tuchtigen. Als je jezelf en daarbij anderen niet tuchtigt, dan ben je volgens de Bijbel een hater en een moordenaar: Spr. 13:24 'Wie zijn roede spaart, haat zijn zoon, maar wie hem liefheeft, tuchtigt hem reeds vroeg.' 1 Joh. 3:15 'Een ieder, die zijn broeder haat, is een mensenmoordenaar.' 1 Korint. 9:27 'Ik tuchtig mijn lichaam en houd het in bedwang.' In ons profetisch info-blad 'De Vloedgolf' spraken wij in 1994 : 'Verachting van de verbrokenen van hart : Ze zingen en dansen veel 'om de Heere te loven en te prijzen' en ze zien dat als een graadmeter om te zien hoe vol iemand van de Geest is. Als iemand niet met hen mee doet en er 'somber' en 'treurig' uitziet, dan klopt er volgens hen iets niet met zo'n persoon.: Deze houding is de Here een gruwel.

Wat zegt Gods Woord hier eigenlijk over ? Amos 5: 21-27: Ik haat, Ik veracht uw feesten, en kan uw samenkomsten niet luchten. Ja, als gij Mij brandoffers brengt, en uw spijsoffers, heb Ik daaraan geen welgevallen, en uw vredeoffer van mestkalveren wil Ik niet aanzien. Doe van Mij weg het getier van uw liederen, het getokkel van uw harpen wil Ik niet horen, maar laat het recht als water golven, en gerechtigheid als een immer vloeiende beek. Jakobus 4:8-9: 'Reinigt uw handen, zondaars, en zuivert uw harten, gij, die innerlijk verdeeld zijt. Beseft uw ellende, treurt en weent; uw gelach moet veranderen in treurigheid, en uw vreugde in neerslachtigheid.' (..) Sleutels om tot verbrokenheid te komen : 'Johannes 12:25 zegt: wie zijn leven liefheeft, maakt dat het verloren gaat, maar wie zijn leven haat in deze wereld, zal het bewaren ten Eeuwigen Leven. Dit leven wat je nu hebt is vaak aards en demonisch. Je moet het haten. Dit is de eerste stap om het kapot te laten springen, zodat er nieuw leven kan komen. Je geest moet verbroken worden. Je hebt nog een aardse geest, waardoor je veel dingen nog niet begrijpt en nog niet kan.' Tot zover de artikels van vroeger. Ik aanvaard het vuile kruis, om veilig te zijn tegen de valse schoonheid van de pensioenfondsen, van het niet meer willen doorstuderen en werken. Ik aanvaard de dirty thirties, het vuile kruis van de dertiger jaren, de grote depressie, om veilig te zijn tegen de valse vrolijkheid, het valse geluk wat egoïstisch en onverschillig parasiteerd op de armen en de dieren. Na de dertiger jaren ging alles mis. Toen kwamen de nazi's, en de wereld werd niet meer hetzelfde. De zwaarste demonische geesten werden over de wereld uitgegoten. George Orwell waarschuwde de mens om terug te gaan, want het jaar 1984 zou komen van een tijdperk van nieuwe brainwashing, van de denk en droom politie. Zware mind control zou komen wat ik in levende lijve heb ervaren in de 80-er jaren, en de jaren daarna werd het alleen maar erger. Dieper geluk vinden, gnosis, ontwaking, bewustzijn, in het ongelukkig zijn. Het heeft twee kanten. We missen zoveel als we niet durven op een bepaalde manier ongelukkig te zijn. Hierin is juist het ware geluk te vinden, namelijk de gnosis, diepte, zodat je geen theetante wordt, geen mien meut, geen simpel zieltje. Juist het valse gelukkig zijn ten koste van andere wezens vandaag de dag is zo'n grote tragiek, zo'n grote horror, zoals beschreven wordt in het stuk genaamd 'Heaven' in de tweede bijbel, over een valse hemel. Eerst moeten we loskomen van al dat bedriegelijke, valse, dodelijke geluk, en daarvoor moeten we dus eerst juist 'ongelukkig worden' op een bepaalde manier. Maar wij van de gnosis zijn geen ongelukkige mensen daadwerkelijk, maar diepe mensen, dus er is ook een soort van hemels ongelukkig zijn. Speel er maar mee. Het belang van ongelukkig zijn om de gnosis te vinden, wat een bepaalde mate van vreemd, latent, subtiel geluk geeft, niet teveel, niet te weinig. In de dertiger jaren was er de Amerikaanse exodus van het Oklahoma gebied naar het Californië gebied tijdens de vuil stormen die het land teisterden. Het was één van de grootste migraties in de

Amerikaanse geschiedenis. Het gaat er niet om alleen maar het vuile kruis te aanvaarden, maar de mens moet ook strijden en vluchten. In 1939 schreef John Steinbeck hierover het boek : The Grapes of Wrath, de druiven van gramschap. De mensen in Oklahoma hebben het zwaar vanwege de vuilstormen ramp, leven in grote armoede, maar ze hoorden dat Californië het paradijs was, als de hof van Eden. Daarom was er een grote exodus naar Californië, het beloofde land, maar het bleek een illusie te zijn, want velen keerden alweer terug vanwege de grote werkloosheid en werk voor laag loon en verhongering. Deze verhalen horen ze allemaal in kampen waar ze terecht komen. Ze zouden hier in Californië slechts uitgebuit worden. Ze komen dus zo in een heel corrupt systeem terecht. Aan het einde van het boek bevalt een vrouw van een dode baby, maar geeft haar melk dan aan een uitgehongerde man. Het laat een diepere exodus van de mens zien, in diepere honger om los te komen van de bedreigingen van valse welvaart en vals geluk, om zo uiteindelijk terug te komen tot de moeder gnosis. Daarom droomde ik als kind ook altijd al over het in de nacht gaan tot Californië langs de grote gordijnen. De mens is er nog niet als de mens in Californië is gekomen. Uiteindelijk is het in het Westen van Amerika waar de put is tot Zuid Amerika, tot het oerwouden gebied. De mens moet geheel terugkeren tot de natuur. De mens moet dus wel door de werelden van 1984, Brave New World en de Grapes of Wrath heen. Het is op het eerste gezicht onbruikbaar, maar ga je dieper binnenin dan wordt het bruikbaar. Die laag is dus ergens voor nodig, als gecodeerde bescherming. Het is een dubbele laag. De mens zit dus nooit geheel vast, maar heeft deze tussenlaag nodig, hoe moeilijk dat ook is. Zonder deze tussenlaag zou er geen leven mogelijk zijn. In Grapes of Wrath ga je dieper in de honger, om zo uiteindelijk tot de ware moederborst te komen. Kan de mens het vuile kruis aanvaarden wat tot deze honger leidt ? Kan de mens hiervoor ook strijden ? Lijdvaardigheid en strijdvaardigheid horen bij elkaar. Gooi er één weg en alles is verloren. Grapes of Wrath laat de diepere weg zien van de dertiger jaren, om zo niet te eindigen bij de nazi's. De mens moet er wel doorheen, zoals ook door het corrupte paradijs van Californië, maar uiteindelijk druppelt het diepere. Vele slechten bij elkaar vormen dus uiteindelijk toch een goede. Het verschil is : niet van de wereld, maar in de wereld. Strangers in a strange land. We are not of this world, but going through it. We hebben deze puzzelstukjes nodig. Verlies ze niet, sla ze niet over. Ze zullen belangrijk zijn op de doortocht. Hoofdstuk 39. het alcohol verbod van de twintiger jaren Het boek Druiven der Gramschap van John Steinbeck uit 1939, over de vuilstormen exodus van Oklahoma tot Californië in de dertiger jaren, eindigt met het beeld van een vrouw met een doodgeboren kind die een uitgehongerde man borstvoeding geeft. Wat is de symbolische betekenis hiervan ?

Het doodgeboren kind is de eerste wereldoorlog. Europa was totaal uitgehongerd na de eerste wereldoorlog, en kreeg toen hulp van Amerika. De vrouw die borstvoeding geeft is Amerika, en de uitgehongerde man is Europa. Het boek gaat over vuilstorm vluchtelingen die in het corrupte paradijs van Californië terechtkomen waar ze verder worden uitgehongerd, uitgebuit en onderdrukt, maar dan is er het beeld van de vrouw die borstvoeding geeft. Wat is het precies ? De mens was in de dertiger jaren in de grote economische depressie gekomen, en er leek geen uitweg te zijn, maar deze borstvoedende vrouw gaat over de jaren twintig toen Amerika hulp gaf aan Europa na de eerste wereldoorlog. We moeten dus in deze dimensie overgang komen van de dertiger naar de twintiger jaren. In de twintiger jaren was er in Amerika de grote drooglegging, oftewel het alcohol verbod. Alcohol, een vernietigende drugs voor het menselijk lichaam en de menselijke ziel, en de hersenen, is een algemeen aanvaarde en legale drug die je vandaag de dag makkelijk kunt krijgen. Maar in de twintiger jaren was er het alcohol verbod in Amerika, als poging om alcohol consumptie uit te bannen, maar dit gaf een enorme weerstand in de criminele onderwereld en de zwarte markt. Alcohol is de basis van de vernietiging van vele levens. Zo is dat altijd geweest. Het is dus belangrijk door via de dertiger jaren terug te gaan tot een nog diepere dimensie van de twintiger jaren waar nog steeds het alcohol verbod er was. Dit verbod liep van 1920 tot 1933. Geschiedenis is een plaats, een dimensie, dus is er nog steeds, als kracht, en kan verdiept worden, toegankelijk gemaakt worden. Het ligt nog steeds potentieel in de mens verborgen. De weerstand van de geest van alcohol was heel groot. Die was natuurlijk woedend om dit verbod. Bij de nazi's was alcohol soms een beloning voor het uitmoorden van Joden, en ook als sociaal 'glijmiddel' tussen mannen. Alcohol is drugs waardoor de natuurlijke mechanismes en beschermingen afgebroken worden om plaats te maken voor iets heel anders, namelijk directe wilskracht in plaats van kenniskracht, en deze wilskracht is altijd onbeheerst, ongenuanceerd, onvoorwaardelijk, maar dan op z'n eigen manier hypervoorwaardelijk, als werken tegen de natuur in. De wil omzeild zo alle kennis. Zo maakte de mens ook kern-energie, en alcohol was uiteindelijk ook de oorzaak van de kernramp in 1979 in Harrisburg. Daarom is het alcohol verbod zo belangrijk, door hier ook in te volharden. Daarom zijn de twintiger jaren zo belangrijk, want zo gaf de vrouw de uitgehongerde man melk in plaats van alcohol. De man ontving zo puur natuur. Alcohol ligt dus ten grondslag aan Harrisburg 1979, Toronto 1994 en de gsm-leugenocratie die hierdoor ontstond waar alle beschermende natuurlaagjes waren afgebroken, alle benodigde hersenvliezen van de mens waren afgebroken voor totale chaos, de jaren 2000. Dit is een alcoholocratie waar we nu in leven. Alcohol regeert. Vaak als ik vroeger van school thuiskwam was er niets in de koelkast te vinden dan alcohol, tafelwijn, wat je als kind dan drinkt, want er is niets anders. Vaak was er ook geen broodbeleg, alleen suiker, dus dan ook nog eens veel suiker op je brood. Zo groeiden wij op. Suiker en alcohol is een slechte combinatie. Ook drinken ze rustig sterke wijn aan het avondmaal in de kerk. Na de catechesatie-belijdenis mocht ik ook aan het avondmaal. Maar hoe dichter ik persoonlijk bij God kwam, hoe moeilijker ik tegen alcohol kon. Het stond tussen mij en God in. Ik ben nooit een alcohol drinker geweest echt, maar de tafelwijn kan ik me herinneren als kind waarvan ik soms slokjes dronk, en soms als er likeur stond. Ik vond het smerig, maar ja, je bent dan nieuwsgierig en soms is er niks anders. En dan natuurlijk de wijn aan het avondmaal, maar ik begon ook steeds meer naar kerken te gaan waar dat gelukkig al was vervangen door druivensap. Op een keer was ik weer ergens aan het avondmaal, en toen hadden ze helaas geen druivensap maar wijn. Ik wilde het eigenlijk niet drinken. Ik nam er toch maar een slok van, en voelde direct een slang door mijn hoofd heenglijden, en de wijn was verschrikkelijk smerig. Ik was er te gevoelig voor geworden. Dat was de laatste keer dat ik ooit alcohol zou aanraken. Ik had het helemaal gehad. Ik was toen nog heel erg jong. Ik wist toen al dat al hele kleine beetjes alcohol de hersenen flink zouden kunnen verminken. Ik ben sindstoen ook altijd een grote en radicale strijder geweest tegen het gevaar van alcohol, als geheelonthouder. De demonologie gaat al helemaal niet samen met alcohol, want alcohol is een

legaal middel waardoor demonen binnen komen in de mens. Het gaat niet samen. De twintiger jaren zijn dus enorm belangrijk, vol van antistoffen, om los te komen van alcoholgehechtheid. Ook de medische industrie en de vlees industrie zijn gebouwd op alcohol. Hoofdstuk 40. alcohol – de titanic van de twintiger jaren Alcohol eist telkens weer levens, op allerlei manieren. In de twintiger en dertiger jaren was er daarom de grote alcohol oorlog in Amerika, omdat de alcohol-gerelateerde problemen huizenhoog waren gestegen. De alcohol ban begon in 1920, maar de criminele wereld sloeg keihard terug. Alcoholische dranken mochten niet meer geproduceerd en verkocht worden, maar de criminele wereld zag er juist veel geld in, want alcohol brengt problemen en ook verslaving, dus zo worden vele industrieën gespekt. Uiteindelijk verloren de anti-alcohol verzetsstrijders deze oorlog, en zo was deze ban in 1933 alweer opgeheven, en dit is nog steeds de reden waarom dit goedje nog overal gemakkelijk gekocht en gebruikt kan worden, met alle gevolgen daarvan. Alcohol is een mindaltering drug, en veroorzaakt de zogeheten alcohol psychose, dat mensen dingen heel anders gaan zien dan ze zijn, dus er komt een soort van leugen realiteit, een leugenocratie, wat dus een alcoholocratie is, een valse alcoholische realiteit, waaraan goed verdient wordt, want leugens verkopen nu eenmaal goed. De betaalde psychiatrie is een tak van de alcohol psychose die met radicaliteit en fundamentalisme strijdt tegen de demonologie en het profetische. Ook de betaalde rechtshandhaving is een tak van de alcohol psychose, waardoor er ook mensen aan de lopende band vals beschuldigd worden. Je betaalt voor recht. Dat kan nooit goed zijn. Het zal dan ook niemand verbazen dat de vlees industrie ook een tak van de alcohol psychose is. Deze industrieën werken allemaal met elkaar samen. Ze houden allemaal elkaar de hand boven het hoofd. Alcohol is het grote smeermiddel en glijmiddel. Alcohol regeert. Alcohol is een afbraakproduct uit suikers door gisting, als een suiker-bacterie. Het hoort niet in het menselijk lichaam thuis. Waarom drinken zoveel mensen het ? Lage kosten, er wordt ook veel reclame voor gemaakt. Veel mensen zijn nu eenmaal goedgelovige meelopers. De eerste wereldoorlog was een onafhankelijkheidsoorlog om los te komen van de macht van het gevaarlijke Duitse rijk, toen al gevaarlijk, als voorloper van het komende nazi rijk. Het Duitse rijk viel toen, en er kwam in Amerika het grote alcohol verbod, waardoor ook Amerika haar melk kon voeden aan het uitgehongerde Europa na de eerste wereldoorlog in de jaren twintig. Maar het alcohol verbod hield niet lang stand en aan het eind van de dertiger jaren ontstond de tweede wereldoorlog, de komst van de nazi's. Wat betekent dit ? Het betekent dat het juist verdiept moet worden, want er kon geen directe bevrijding komen. Het alcohol verbod ligt nog steeds onaangeroerd in de twintiger jaren, en de mens heeft het nog niet begrepen. Daarom moet de mens via de dertiger jaren terug naar de twintiger jaren, en zelfs dieper tot de eerste wereldoorlog om los te komen van de grootmachten (het Duitse rijk en het Oostenrijks-Hongaarse rijk). Zo ontstond Joegoslavië, wat verder begon af te splitsen in de negentiger jaren in de Joegoslavische oorlogen. Dat waren ook onafhankelijkheids-oorlogen. Het is allemaal een strijd tegen de onderliggende geest van alcohol. Alcohol is een heerszuchtige geest die zijn eigen technologie heeft, maar dit dus zo heeft gehaast dat hij stappen heeft overgeslagen opdat alles neerstort. Dat is de bedoeling van alcohol ook, want

het is een vernietigingszuchtige geest die voor het betaalde medische wereldrijk werkt. Deze geest leeft door ongelukken. Daar wordt deze geest voor betaald. Het is een huurmoordenaar. Hij maakt mensen zo hoogmoedig dat ze een hedendaagse toren van babel bouwen : het vliegtuig of de raket. Maar de mens is hiertoe helemaal niet geroepen. De mens heeft de daadwerkelijke kennis hier niet toe, en moet eerst leren geestelijk te reizen. Vandaar bijvoorbeeld de Challenger ramp in 1986, wat ook een gevolg is van alcohol, en wat symbolisch ook het loon van alcohol is. Wie is alcohol ? Het is een uit de kluiten gegroeide bacterie met allemaal ogen, als een meisje wat niet naar school wil en alles snel snel wil. Ze beweegt heel snel, slaat allerlei stappen over, en groeit uit tot een grote wurgslang om mensen mee te trekken in haar hol. Niet iets om op de koffie uit te nodigen. Alcohol legt overmoedige sociale bruggen die dus vals zijn. Alcohol wil niet wachten, wil niet bouwen in geduld, wil niet minderen, en gaat zo langs de natuur heen voor de crash. Het geeft hallucinaties, dus je kijkt in de spiegel en denkt dat je jezelf ziet, maar het is een beeld van de alcohol, je kijkt naar een scherm. Je hersenen komen in een ander trillingsgetal en pikken hele andere dingen op, en alcohol gaat dan spreken, en de mensen denken dat het hun gedachten zijn. Zo ontstaan al die bedrijven die over de mens heersen, als mannequins van de waarheid, maar die is dus vals, als een verkoop truukje. Het zijn mannequins van intimidatie. 'Als je onze producten niet neemt, dan zal iets ergs je overkomen.' Het zijn slechts kettingbrieven. Deze intimidatie is vaak subliminaal. De mens weet vaak niet eens dat hij bedreigt wordt, want het gebeurt vaak door onderbewustzijns-codes, een taal die het bewustzijn niet kent, maar het onderbewustzijn wel, wat daar heel gevoelig voor is. De mens weet dus heel vaak niet waarom hij telkens een bepaald product neemt, maar het heeft vaak hier mee te maken. Het gaat ook door de reclame. Men koopt deze subliminale huurmoordenaars in. Zo ontstaan dus ook de subliminale kettingbrieven, want mensen geven deze signalen, deze codes, aan elkaar door. Let goed op de lichaamstaal van mensen. Bestudeer wat mk ultra mind control is. Daarom zijn er werelden achter werelden die heel heimelijk werken via subliminale codes, waardoor ze mensen als goedgelovige slaven houden. De wereld wordt dus bestuurd door deze buitenaardse systemen. Deze systemen zijn erop gericht de mens dom te houden, laag opgeleid. Alleen de demonologie kan mensen doen ontwaken. Ook het valse scholensysteem wordt in stand gehouden door alcohol. Alcohol is dus een vals beloningsmiddel als je valse kennis hebt opgedaan, een onschuldige hebt vermoord (vlees industrie), je medicijnen netjes slikt, oftewel je hormonale drugs (ook vlees industrie). De mens wordt graag omgekocht door alcohol, en alcohol intimideert, dus lafaarden zullen dat ook zeker doen. Wil je een lafaard of luiaard zijn, wat in principe gewoon hetzelfde is : blijf dan vooral doordrinken. Wist je dat het valse scholensysteem juist een vermomde spijbelgeest is ? In de eerste wereldoorlog werd de vuilnis gesplitst. Zo kwam er een diepere vuilnis energie vrij, dat wat opgesloten zat. Daarom sloeg de eerste wereld oorlog in als een bom, en was het heel dualistisch. Het waren dirtcuts. De mens bestaat uit dirt-strands, dirt-strings, dirt-chains, die heel hallucinaal zijn in de zin dat ze holografische illusies opwekken, zodat de mens niet ziet wat er is, maar wat er niet is. Soms is dat goed, soms niet. Maar de mens bestaat uit ketenen van bacteriën die een soort zijmens hebben geprojecteerd waardoor de mens leeft, wat dus zwaar bacteriologisch is. De mens leeft in een virus. De mens is door dit gejaagde, hysterische virus meegenomen. Dat noemen we ook weleens de matrix, maar dit is een beschrijving van de matrix. De mens moet dus tot analyse, diepte en nuance komen in een bacteriologisch programma om hier doorheen te komen. Het is niet slechts het goede te scheiden van het kwade, maar ook het kwade te verdiepen en te hersorteren om zo weer bij het goede uit te komen, wat dus ook weer met kruisdragen heeft te maken, niet het kind met het badwater weggooien.

Alcohol : een pokdalig, verblindend licht wat op de mens neerdaalt en illusies geeft. Demonologen en shamanen kunnen het echter zien. Het zijn ketenen die door het voorgeslacht de mens in de greep houden. De alcohol laat over zijn patronen achter : in het bloed, in het DNA, in de hersenen, en het wordt van geslacht tot geslacht doorgegeven. De herinneringen liggen in deze ketenen opgeslagen, zoals ze ook opgeslagen liggen in de dirtketens. Hoe dan ook zonk alcohol naar de dieptes als de Titanic van de twintiger jaren. Hoofdstuk 41. 1918 – het einde van het duitse rijk De haan is dood, de haan is dood. De haan is dood, de haan is dood. Hij kan niet meer zeggen: kokkedie kokkeda, Hij kan niet meer zeggen: kokkedie kokkeda Kokkokkokkokkokkokkokkedie kokkeda Kokkokkokkokkokkokkokkedie kokkeda Vreselijk lied vond ik dat op de kleuterschool, als kleuter. En dan moest het ook nog in canon gezongen worden, met tweede stem, derde stem enzovoorts. Zinnebeeldig is het dualistisch want er zijn goede hanen en slechte hanen, zoals het Duitse rijk was een flink slechte haan, en die viel door de eerste wereldoorlog. Daar was nazi Duitsland erg kwaad over, en toen wilde ze het derde rijk opzetten, oftewel het nazi rijk, maar konden ze de haan nog redden ? 1918 beitelde alles genadeloos vast. Het was het einde van de eerste wereldoorlog en het einde van het Duitse rijk. Het Duitse rijk of tweede rijk was ook als een Titanic van de tiender jaren van 1900 (de Titanic zonk letterlijk in 1912). De Titanic van het Duitse rijk zonk in 1918. Het derde rijk, het nazi rijk, kon het Duitse rijk niet meer redden. Eén van de koppen van het beest was dodelijk verwond in Openbaring 13, en werd toen schijn-genezen, een bedrieglijke genezing, en toen ging de hele aarde het beest in verbazing achterna, want de aarde stond nergens voor dus viel overal voor. Maar ze konden het beest niet meer redden. Die schijn-herleving van het Duitse rijk was het nazi rijk. Maar de mens moet ingewijd worden in de geheimen van 1918, de val van het Duitse rijk, het einde van de eerste wereldoorlog. Afscheiding is iets zinnebeeldigs. Het betekent diversiteit, komen tot je eigen innerlijke, unieke waarde. Dat is waar de eerste wereldoorlog in diepte voor staat, als allegorie. Afscheiding is dus in de kern het geestelijke reizen. De mens moet komen van uniformiteit tot verscheidenheid. Dat is wat afscheiding, afzondering, inhoudt. Dit is het geestelijk reizen, wat de motor is van de territoriale oorlogsvoering en wat dus de zinnebeeldige betekenis is van de eerste wereldoorlog. Alles werkt dus mede ten goede. De eerste wereldoorlog is dus in diepte een schakelvaardigheid en selectievaardigheid, als een

draaiknoppensysteem. Ik was als kind al geobsedeerd met draaischijven, zoals van viewmaster, en ik bouwde allerlei spelletjes na, zoals pim pam pet, stratego en monopolie. Ik had eens een droom dat de zinnebeeldige schijf van de eerste wereldoorlog in Den Haag was, als een station, en dat was een identiteitenschijf, dus eigenlijk een soort kameleon. De mens heeft namelijk verschillende afdelingen nodig om door het leven te komen. Ik was vannacht in gevecht met de wachter van deze geheimen, deze schijf, en die intimideert mensen in hun onbewustzijn dat ze iets kwalijks hebben ingeslikt (plastic) wat zal groeien binnenin hen, en waardoor ze 'de vader' nodig, het patriarchische systeem. Dit is ook hoe reclame werkt, en we doen er beter aan om bewuster te worden van het onderbewustzijn. De mens gaat door het leven als blinden die blinden (mis)leiden. In het land der blinden is eenoog ook koning. Daarom moeten mensen hun geestelijke zintuigen leren openen en gebruiken. De eerste wereldoorlog is een wereld dieper in de mens die nog niet begrepen is, nog niet opgepikt. Dat is ook de reden waarom de mens nog telkens in de eerste wereldoorlog vecht, omdat het nog niet verdiept is. Alleen verdieping is de uitweg. Je kan er niet zomaar van wegrennen. De mens loopt tegenwoordig met veel plastic in het lichaam. Denk aan plastic vullingen in het bot en plastische chirurgie. Dat blijft er altijd maar in en is niet uitneembaar, dus het wordt gekoloniseerd, en is daarmee onderdeel van het lichaam en wordt tegen de mens gebruikt. 'Je hebt iets ingeslikt wat in je zal groeien, en daarom heb je 'de vader' nodig, het patriarchische systeem. Je hebt plastic ingeslikt en nu heb je dit en dat product nodig.' Zo leeft de mens in intimidatie in het onderbewustzijn zijn hele leven. Maar de mens mag leren schakelen tussen zijn eigen identiteiten. In de eerste wereldoorlog werden banden verbroken en kwamen er nieuwe banden. Duitsland was in die tijd al een zeer gevaarlijke hysterische macht die overal om zich heen greep, waar Nietzsche al tegen had gewaarschuwt. Duitsland was als een tikkende tijdbom. Duitsland bedreef al de zogeheten Weltpolitik van 'heersen of vallen', 'alles of niets', wat teveel verletterlijkt werd, gematerialiseerd en gehorizontaliseerd, terwijl het iets vertikaals, iets geestelijks diende te zijn. Duitsland verletterlijkte dus de gnosis, tot een aards object, waarmee het directe, letterlijke, brute macht wilde uitoefenen, niet door het kruis en door de kennis, want Nietzsche werd verdraaid en uit zijn verband gerukt en zelfs als het verminkte boegbeeld gebruikt, als vlag voor het Duitse modderschip. 'Do or die', 'win or lose', 'all or nothing' betekent iets heel anders dan wat de Duitse spijbelaars ervan hadden gemaakt in de weltpolitik. Weltpolitik was de imperialistische politiek om Duitsland in het zadel te hijsen als een globale macht. Ook Darwin was hiervoor geheel uit zijn verband gerukt. Duitsland moet dus weer terugvergeestelijkt worden, want de energie werd door gebrek aan demonologie te verdicht. Deze principes hadden namelijk allemaal met de demonologie te maken, met het het toetsen en het profetische, niet met daadwerkelijke, directe aardse macht. De weg van het kruis moet dus weer getoond worden. Dit is een hongerkruis in gevecht tegen het vraatzuchtige, vadsige Duitse beest, wat nog steeds een wachter is van de geheimen van de eerste wereldoorlog. Juist in de demonologie is het 'alles of niets', maar dat gaat om het verminderingsprincipe, niet om het vermeerderingsprincipe. Het is dus een strijd tussen het geestelijke en het aardse. Deze machten staan haaks op elkaar. Het vermeerderingsprincipe is het gaan van de korte weg, en het verminderingsprincipe is het gaan van de lange weg, op lange termijn denken, opdat de benodigde tussenstappen zichtbaar worden en het niet in zal storten. Al deze valse realiteiten om ons heen die dus min of meer Duits zijn zullen instorten, en alleen de demonologie zal overblijven. Dat kan dus alleen als we tot het Duitse geheimenis komen. 'Alles of niets' betekent dat we radicaal moeten zijn in de demonologie en het kruis, in toetsen en profetie, opdat we niet het doel missen. Het betekent dat we niet laf moeten zijn en lui. 'Er is maar één weg en dat is de onze.' Ja, maar gaat het dan niet om de hogere weg waarvoor je alle andere wegen moet opgeven ? En wat is die hogere weg dan ? Voordat er weltpolitik was, was er

realpolitik. Ludwig von Rochau (1810-1873) zei hierover in zijn boek 'Realpolitik principes toegepast op de staatsomstandigheden van Duitsland', Grundsätze der Realpolitik angewendet auf die staatlichen Zustände Deutschlands (1853) : 'De studie van de krachten die de staat vormen, onderhouden en veranderen, is de basis van alle politieke inzichten en leidt tot het inzicht dat de wet van macht de wereld van staten regeert, net zoals de wet van de zwaartekracht de fysieke wereld regeert. De oudere politieke wetenschap was zich volledig bewust van deze waarheid, maar trok een verkeerde en schadelijke conclusie - het recht van de machtigen. Het moderne tijdperk heeft deze onethische denkfout gecorrigeerd, maar hoewel het breekt met het vermeende recht van de machtigere, was het moderne tijdperk teveel geneigd om de werkelijke macht van de machtigere en de onvermijdelijkheid van zijn politieke invloed over het hoofd te zien.' Darwin (1809-1882) en Herbert Spencer (1820-1903) gaven een genuanceerd beeld van wat 'het recht van de sterksten' of 'het recht van de machtigsten', oftewel 'survival of the fittest' daadwerkelijk betekende. Het spijbelende Duitsland heeft dit beeld later gemakszuchtig verkracht, zonder de moeite te nemen dit verschijnsel op z'n diepte te onderzoeken, en lapten zo Darwin en Spencer aan hun laars en gingen er mee op de loop. Resultaat : spijbelende jongetjes die met hun borst opgeblazen dachten dat dit het recht van de sterksten was, onder invloed van alcohol : de kortste weg naar macht, als een joyride. Ze hadden niet eens de moeite genomen om Darwin daadwerkelijk te lezen, maar renden gewoon met een woordje weg en gaven hun eigen invulling eraan. Darwin en Spencer redeneerden vanuit de subtiliteiten van de natuur, en de oneindige verscheidenheid van de natuur, het vermogen om uniek te zijn en een eenling, wat natuurlijke selectie wordt genoemd, en wat niks te maken heeft met gelijkvormige massa's zoals van Duitse weltpolitik. De ware macht is de macht om anders te zijn, uniek. Maar deze jongetjes zijn lafaarden en durven niet uniek te zijn. Oh, ze zijn voor niemand bang, zeggen ze in hun hoogmoed en trots, maar ze durven niet anders te zijn dan de anderen. Ze durven alleen in groepen te werken. Daar waren Darwin en Spencer niet eens mee bezig, want ze bespraken de plantenwereld. Juist de zeldzaamheid heeft de macht om daadwerkelijke vruchtbaarheid te geven, iets door te geven van generatie tot generatie. En hierin kan dan een oneindige verscheidenheid in ontstaan om te overleven. Het geheim ligt in innovatie, in progressiviteit. Dit heeft dus niks te maken met bulkerig gedrag van alcoholdrinkende Duitse jongetjes. Door hun bulkerigheid en opgeblazenheid trekken ze juist de parasieten aan omdat ze niet uniek durven te zijn, niet progressief durven te zijn, geen nuances durven te leggen en die uitwerken, want dan zouden ze anders zijn. Ze haten het vreemde. Ze zijn bang voor het vreemde, voor de exogamie, dus is het niks dan inteelt. Het loopt dus gelijk op met racisme en nationalisme, want dat is veilig, onder de jurk bij mamma. Dit zijn dan de daadwerkelijke babies die niet willen opgroeien en daarom rondlopen met zwaar geschut. De natuurlijke selectie of 'survival of the fittest' waar Darwin en Spencer in de jaren 1800 over spraken ging over het juist durven afscheiden van de massa's, als de enige overlevingskans, want de massa's die niet groeiden en alleen maar kleefden zouden elkaar verwoesten. Ze konden niet tegen de eis en de ingewikkelde voorwaardes van het leven op. Ze zouden vergaan in de oneindige bureaucratie van de natuur. Darwin en Spencer spraken over hoe zaadjes werkten in de grond, maar de Duitse alcohol-psychotische jongetjes wilden geen zaadjes zijn. Ze wilden pronken in de groepen, conform zijn aan de groepen om zo opgenomen te worden door de stormen. Spencer stelde dat er in het zaad afscheidingen moesten plaatsvinden om zo essentiële bestanddelen in werking te laten komen. Dit moesten ongewoonlijke afscheidingen zijn binnen het zaad. Het gewoonlijke zou namelijk de strop zijn. Het zaad zou alleen overleven door het ongewoonlijke. En dat moest tot in het oneindige gevarieerd worden, dus we spreken hier over een vertikale kwantiteit. Het mocht dus niet te eenvoudig gehouden worden, niet als een soort formule wat voor alles werkt. De Duitse jongetjes van de alcohol gingen vervroegd met pensioen, om voor de rest van hun leven te kunnen rentenieren. Altijd maar weer pronken met hun grote voertuigen, want iets anders hebben ze niet.

Zij willen horizontale kwantiteit, en missen zo de kwaliteit, missen zo wat tussenstappen, en zijn zo als de Titanic (1912) en de Challenger (1986) rampen. Dat is waar alcohol leidt, want het is een huurmoordenaar : Wie leeft door het mes, zal sterven door het mes. Alcohol is ook weer het loon op het gebruik van alcohol, de trofee van de huurmoordenaar : zijn eigen dood. Hij is op een zelfmoord missie. Spencer spreekt dus over de hoge kwaliteit van de gevarieerdheid en zeldzaamheid die het zaad nodig heeft om zo onverteerbaar te zijn voor parasieten die het zaad anders zouden kunnen vernietigen. De gevarieerdheid moet in zijn zeldzaamheid de snelheid van de vermenigvuldiging opwekken om veilig te blijven tegen de parasieten. Er is dus ook een natuurlijke, vertikale snelheid die belangrijk is. De Duitse jongetjes van de alcohol willen aardse snelheid waarmee ze kunnen pronken in hun groep en om hen die niet van hun groep zijn te intimideren, en zo rijden ze zichzelf in de prak, zoals in 1918. Ze zijn op zelfmoord missie. Ze zullen alles wat niet doorleert, alles wat zich niet afzondert, vernietigen, met zich meesleuren. Het is horizontale, aardse snelheid, die niet tegen de hogere demonologische snelheden opkan. De natuurlijke selectie is een proces van afwijking, niet van gelijkvormigheid, niet van 'bij de groep horen.' De natuurlijke selectie of het recht van de sterksten is het recht van degene die afwijkt van anderen, abnormaal is, ongewoon, niet heeft gebogen voor de afgoden van de samenleving en de tijd. Sterkheid was in de oude talen al niet letterlijk, maar werd gebruikt voor alertheid en gevoeligheid, onderscheidingsvermogen, oftewel het behoort toe aan de demonologie. Als je denkt dat sterkheid het vertonen van spierballen is, dan ben je al bedrogen en heb je het al verloren. Dat is de opgeblazen geest van alcohol waarin ergens een steekje loszit. Ze hebben de technologie niet. Hun horizontale, aardse raket technologie mist levensbelangrijke demonologische principes, dus ze zullen gaan neerstorten. Omdat ze het kruis hebben gehaat. Het kruis is het ware leven. Diepte, zinnebeeldig, niet letterlijk en aards. Durf anders tegen dingen aan te kijken, demonologisch en profetisch, zonder dat je in een laffe en luie valstrik terechtkomt, want de strijd moet gestreden worden en je herkent mensen pas echt door hun haat en hun woede, niet door hun liefde. Als je het kwaad te lief hebt is het geen liefde meer. Spencer stelt dat door deze eigenschappen van de plant ook betere adaptie is tot de natuur, en readaptie. Ook dit is een eigenschap van natuurlijke selectie en recht van de sterksten. Dit is niet iets nationaals, maar multi-cultureel, internationaal, het vermogen om je aan te passen aan andere werelden, zeer exogamisch dus. Deze adaptie is zeer indirect, niet direct, door het individu wat juist het verst van hen verwijderd ligt, zich het meest heeft afgezonderd om zulke systemen ook te vernietigen, zodat het contact ook meer abstract is. Er is geen direct contact. Dat zou de strop zijn. Je gaat ook niet direct van A naar B, maar je gaat eerst naar ZXY en dan helemaal langs de andere letters tot B, dus je benaderd het omgekeert, net als op aarde dat je niet direct van locatie A naar B gaat, maar een omweg maakt, van onderen, tot de achterkant, dus je reist de hele wereld eerst over totdat je aan de achterkant of onderkant van locatie B bent gekomen, door het ijs dus, wat zinnebeeldig staat voor : alles benaderen door zorgvuldig onderzoek, niet door snelle, simpele vooroordelen. Ben je bereid iets of iemand echt te leren kennen voordat je je grote mond opentrekt, vaak gevuld met alcohol ? Dat is het enige ware contact. Eerst moet alcohol sterven, zinken als de Titanic. Anders is je contact met iets of iemand slechts een alcohol psychose. Zo hebben wij dit altijd onderwezen, maar er zijn maar weinigen die zich aan dit beeld houden, aan dit model. Geen tijd hebben ze voor. Ze hebben haast, maar voor wat ? Waar is het je nog om te doen allemaal ? Werken voor een psychose en dan pas veel later wakker worden om te moeten bemerken dat je voor niks hebt gewerkt ? Wat een ophef allemaal, en allemaal om niks. Wat een drama. Zorg liever dat je het ware demonologische drama kent in plaats van de alcoholpsychotische nepdrama's uit de roddelblaadjes die mensen daar vanaf leiden. Wat een vooroordelen allemaal. Het is een eigenschap van de natuur, stelt Spencer : vele experimenten, maar slechts enkelen zullen overleven en het ras voorzetten. De grote meerderheid van die experimenten zal falen. Elke plant draagt massa's zaadjes, en slechts een paar van die zaadjes dragen de benodigde eigenschappen om

volwassenheid te bereiken. Een afval race dus ? Ja, maar het is iets zinnebeeldigs. Afwijking is onderscheiding. En dat stopte in de eerste wereldoorlog niet, maar ging verder met Joegoslavië, wat zich maar bleef afzonderen, tot de grote explosieve Joegoslavische oorlog in de negentiger jaren, maar dat was in principe nog steeds de nawerkingen van de eerste wereldoorlog, wat nog nadreunde op aarde. Wat een grote bom was die eerste wereldoorlog. Het moet begrepen worden. Het was een zinnebeeldige code van de natuurlijke selectie, wat de eindeloze afwijking van de natuur is. In alle richtingen moet een plant gaan om te overleven. Veel van wat de plant voortbrengt overleeft het niet, maar het gaat om het unieke, zeldzame deel. Voldoe je aan de voorwaarden ? Variëren betekent ontladen, minderen, maar als je orthodox op één punt blijft, altijd hetzelfde dan is dat opgeblazenheid. Dan ontplof je. Dan ben je een tikkende tijdbom. Kijk maar eens om je heen. Al die jongetjes die als levensdoel hebben zichzelf op te blazen. Ze zijn op een zelfmoord missie. Blijf er ver bij uit de buurt, anders zal de bom ook jou raken. Oh, je ziet iemand dichtbij hen komen ? Ja, de parasieten zullen zeker dichtbij hen komen. Oude mannetjes met stropdasjes die een product willen verkopen. Het is allemaal de alcohol psychose. Hoe verder ze van de natuur verwijderd raken, hoe meer ze zichzelf opblazen. Rijkdom is geen goede vervanging voor intelligentie. Natuurlijke selectie gaat om intelligentie, camouflage vermogen, niet om publiekelijke aandachtstrekkerij van rijkeluiskinderen. Ook Spencer streed tegen de valse macht van rijkdom. Deze macht loopt ook hoog te pronken in de kerken, vreemde bewegingen maken voor de val. Het zijn al stuipbewegingen. De bom is al gevallen. We moeten terug. Terug, want alles is al verknald. Alles wat je om je heen ziet is slechts kanker-parasieten. Spencer stelt dat het van belang is om voor overleving te zorgen terug te keren tot het fijnere gebruik van de zintuigen, zoals betere visie, een beter gehoor, betere reuk, meer timide te zijn als dat nodig is, wat we dan zinnebeeldig kunnen toepassen op de geestelijke zintuigen. Het hebben van visioenen is zeer belangrijk om door het bedriegelijke mijnenveld van het modernisme heen te komen. Vindingrijkheid is natuurlijke selectie, stelt Spencer. Dat is de ware definitie van het recht van de sterksten. Het gaat over de creatievelingen, die eens wat nieuws kunnen maken. Niet hen die alles maar bij het oude laten. Er moet nog zoveel veranderen, nog zoveel verdiept worden. Transformatie vermogen, daar gaat het om. Dat is iets in jezelf. Dat kan de ander vaak niet oppikken, en dat is ook weer vaak voor je eigen bescherming. Het vleselijke kan het geestelijke niet verstaan. Je loopt dan vaak tegen muren op, maar zo vindt je het pad. Zo en niet anders. Zo ontwikkel je grensgevoeligheid. Realpolitik als strategisch systeem, zo werd het ingevoerd in de jaren 1800 in Duitsland, gebaseerd op de grondlegger van de politieke wetenschap, Machiavelli (1469-1527). Dit was een demonologische noodzaak. Er waren teveel gevaren. Realpolitik riep op tot voorzichtigheid en niet tot macht. Realpolitik was de voorloper van de veel gevaarlijkere en corruptere weltpolitik. Als we het over realpolitik hebben, dan hebben we het dus nog over de jaren 1800, over het Bismarck tijdperk. Er moest een balans zijn in het regeringswezen, wat veel gematigder moest zijn, opdat er ook oog zou zijn voor het vreemde, voor het progressieve. Het dogmatisme was gevaarlijk, wat Machiavelli ook al stelde. De mens moest de touwtjes wat laten vieren. Bismarck, de ijzeren kanselier, was in groot gevecht met het katholieke systeem wat Duitsland bedreigde. Ook wantrouwde hij de democratie, want die werd gedreven door alcoholische meerderheden in plaats van daadwerkelijke vaardigheden. Democratie was in zijn ogen een voorbeeld van spijbelen. Er moesten veel hogere eisen gesteld worden aan zomaar regeerders en het verkiezen van regeerders, want er waren veel kapers op de kust. Daarom bracht Bismarck hiertoe een beveiligende bureaucratie. Voordat ik Bismarck echt in diepte bestudeerde had ik dromen waarin ik hem ontmoette, deze Duitse regeerder van de latere jaren 1800. Bismarck kwam tot mij heel speels en vol van humor. Toen ik na deze dromen onderzoek deed over hem kwam ik die eigenschap ook weer tegen. Bismarck leefde van 1815 tot 1898, wat dus in het tijdperk van Nietzsche was (19441900). Na Bismarck verviel Duitsland, zoals Nietzsche had voorspelt. Bismarck had zijn eigen interpretatie van het recht van de machtigsten, en hij noemde het relatie-vaardigheid, het hebben van de juiste relaties met andere volkeren. Hij wilde vrede, en balans, maar was hierin ook koppig

en zeer radicaal, met leuzen zoals 'bloed en ijzer', terugwijzende op de Napoleonitische oorlogen. Ook Bismarck voelde de dreiging die over Duitsland hing, wat er zou komen. Ik kan me herinneren dat in mijn dromen over Bismarck hij ook telkens zijn hoofd schudde, dat mensen hem niet kenden. 'Niet door meerderheidsbeslissingen, maar door bloed en ijzer.' Wat betekent het ? Het is iets demonologisch. Hij streed tegen de criminele organisatie van de democratie van ongeletterden, beunhazen. Er is alleen daadwerkelijke macht, hoewel vaak abstract, door geleerdheid. Hij was hierin progressief opdat er geen corrupte machtsposities zouden ontstaan gebaseerd op fundamentalistische ideologieën. Hij stond dus altijd weer open om te leren, ging niet met pensioen. Maar hierom werd hij in 1890 door Wilhelm II ontslagen, en toen ging het bergafwaarts met Duitsland, zoals Nietzsche al had voorspelt. Hier was ergens een gevaarlijke dimensie overgang, wat leidde tot de eerste wereldoorlog. Nu moest het Duitse rijk wel vallen. Realpolitik : Het doel heiligt de middelen. Moralen en ideologieën zijn slechts codes die verdiept en genuanceerd moeten worden, en in grotere contexten, want er zijn altijd uitzonderingen op de regel, omdat er ook weer hogere regels zijn. Hierin moet de mens grensgevoeligheid ontwikkelen. Dit is enorm complex, met vele gevaren, vandaar de noodzaak van de demonologie, die altijd weer de basis dient te zijn, en die nooit losgekoppeld mag zijn van het profetische en het toetsen. Vandaar dat de mens in het reine moet komen met het vertikale, het geestelijke en zijn verslaving aan het horizontale, en de horizontale alcoholische realiteit moet opgeven. Dit kan alleen door de heilige gebondenheid. Een zware gebondenheid kan alleen overwonnen worden door een hogere zware gebondenheid. We spreken dan van een geestelijke of profetisch-demonologische technocratie. Wil de mens dan niet zwijgen om te komen tot het Socratische beginsel dat de ware kennis is te weten dat men niets weet ? Dit is het fundament van realpolitik. Wordt stil voor de natuur, de hogere gnosis en ga niet wanen en pretenderen. Werk alles goed uit voordat je een stap maakt, anders zul je falen.

VAN REFORMATIE TOT REGRESSIE DE RODENBERGSE CATECHISMUS COAB 2020 DEEL I – INLEIDING RODENBERGSE CATECHISMUS Hoofdstuk 1. de put van 1800 – strike of the underground Hoofdstuk 2. de voortijdse link tussen amos en hosea Hoofdstuk 3. de geestelijke burgeroorlog Hoofdstuk 4. moeder arnhem Hoofdstuk 5. van golgotha tot auschwitz Hoofdstuk 6. moeder tegen moeder Hoofdstuk 7. brave new world, deaf new world Hoofdstuk 8. van de lever naar de longen Hoofdstuk 9. Godsis en de samenvatting en commentaar op van Leeuwen's commentaar op Hosea 1-4 (P.O.T, 1968) Hoofdstuk 10. de strijd om het markermeer – nederland, het land zonder leger en de wijzen uit het westen Hoofdstuk 11. Het antwoord op 1984 : 1988 – samenvatting en bespreking van William Burroughs' 'Wilde Jongens – Een dodenboek' (1969) Hoofdstuk 12. welcome to the deep new world Hoofdstuk 13. Jezus, de wilde jongen en slager

Hoofdstuk 14. gsm of profetie Hoofdstuk 15. de jaren 1800 : kiezen tussen koning of god Hoofdstuk 16. cessationisme : van reformatie tot deformatie – samenvatting en bespreking van kuyper's ' Soevereiniteit in eigen kring' (1880) Hoofdstuk 17. Is er leven na Kuitert ? Hoofdstuk 18. psalm 80 – bespreking van diverse commentaren Hoofdstuk 19. de zonde van desertie Hoofdstuk 20. de dogmatoloog en het verschijnsel van de gedeformeerde kerk DEEL II – TOELICHTING HEIDELBERGSE CATECHISMUS Hoofdstuk 21. commentaar op de catechismus Hoofdstuk 22. de 52 zondagen - natuur vrouwen - het verdere commentaar op de catechismus van heidelberg (z. 13-20) Hoofdstuk 23. bespreking zondag 21-25 van de catechismus Hoofdstuk 24. zondag 26 : Wie de grootste onder u wil zijn zal de kleinste zijn. Hoofdstuk 25. zondag 27-29 : heb je al een geestelijk beroep ? of ben je nog geestelijk werkeloos ? Hoofdstuk 26. zondag 30 : mag jij door tot de volgende ronde ? heb je je huiswerk gedaan ? Hoofdstuk 27. Zondag 31 : van opname tot huisvesting – een woning krijgen in de hemel Hoofdstuk 28. zondag 32-33 : van hemels burgerschap tot hemels agentschap tot hemelse natie Hoofdstuk 29. zondag 34-38 : deserteur of detective ? Hoofdstuk 30. zondag 39-40 : van hemelse natie tot hemelse familie Hoofdstuk 31. zondag 41-45 : zowel progressief als regressief – het hoe, waarom en wat van gebed Hoofdstuk 32. zondag 46-47, 51-52 : zeg nee tegen krakers van het menselijk lichaam – het dogma van vergeving DEEL III - TOELICHTING EN HERZIENING DORDTSE LEERREGELS Hoofdstuk 33. zondag 48-50 van de HC en artikels 1.1-2.8 van de Dordtse leerregels van commentaar voorzien en herzien. Hoofdstuk 34. de herziene dordtse leerregels 2.9 – 3-4.17 met toelichting : uittreden en aftreden Hoofdstuk 35. de herziene dordtse leerregels 5.1 – 5.8 met toelichting : de fantasieologie Hoofdstuk 36. de herziene dordtse leerregels 5.9 – 5.15 met toelichting en zondag 1-2 van de heidelbergse catechismus met commentaar op de nederlandse geloofsbelijdenis uit 1561 van Guido de Bres Hoofdstuk 37. van mk ultra tot jx ultra Hoofdstuk 38. alva en de gekken van april Hoofdstuk 39. de gekken van april Hoofdstuk 40. artikel 28 en de toorn van god

DEEL IV – TOELICHTING PSALMEN Hoofdstuk 41. Psalm 1 : Wat doen we als zondaren ons proberen te verleiden tot zonde ? Hoofdstuk 42. vers voor vers : psalm 1-3 – jozef de dromer Hoofdstuk 43. vers voor vers : psalm 4-6 – artikel 28 : de voortgaande afscheiding Hoofdstuk 44. vers voor vers : psalm 7-9 – saul en goliath Hoofdstuk 45. vers voor vers : psalm 10-12 – de reformatie : als wezen in de wildernis Hoofdstuk 46. vers voor vers : psalm 13-15 – de gave van droom-interpretatie Hoofdstuk 47. vers voor vers : psalm 16 – van reformatie tot regressie Hoofdstuk 48. psalm 1 : de gedeformeerde kerk als geconformeerde kerk Hoofdstuk 1. de put van 1800 – strike of the underground 'Strike of The Underground Bring me back to life, Throw sand in the eyes of slaughters, Cold and lonely, the eastern sky eats faces, Slimy monsters getting their prey, Strike of the Underground Come down louder, further in depth, dive below the wasting, escape the cold bed, Strike of the Underground, No way to escape,

It's coming near, coming coming near' Het was een lied wat ik eens in de onderwereld hoorde, maar het was veel langer. Er waren ook vele versies van. De jaren 1800 is een verborgen laag onder de bedrieglijke jaren 1900. In de jaren 1930 van de grote depressie is een tunnel die terugloopt tot de jaren 1800, waar het onderwijsboek 'de recyclocratie' [1] over gaat. Er is een grote strijd tussen romantiek en realisme, zowel in de jaren 1800 als 1900. Het realisme kwam in de jaren 1800 opzetten als tegenpool van de romantiek. Het realisme ging dwars tegen het hedonisme van de romantiek in. Het realisme wilde weer aandacht voor de onderdrukte mens, voor het kruis, want juist dat had een mens zoveel te vertellen, als een alarm. De mens was aan de drugs van de romantiek in slaap gezonken en moest weer ontwaken, nuchter worden, tot de rede gaan. De mens moest onder ogen komen dat de waarheid naakt, diep en hard was. De mens moest opnieuw opgevoed worden door de realistische literatuur die er geen romantische doekjes meer omheen bond. Om de waarheid te ontmoeten moest de mens lijden, oftewel ervaren. De mens kon niet zonder pijn. De mens had pijn nodig om gelukkig te kunnen zijn. Zonder pijn zou de mens namelijk in slaap vallen. Het realisme beschreef het lijden van de onderdrukte en laagste klasse daarom ook uitvoerig. Als het zou worden overgeslagen dan zou alles verloren zijn, dus had de literatuur hierin een grote taak. In de jaren 1900 werden hier grote betonnen lagen overheen gebouwd, maar in de dertiger jaren is de put terug tot de jaren 1800. Het loopt zo door de twintiger jaren en de eerste wereld oorlog terug. Fjodor Dostojevski (1821-1881), een onderwijzer van Nietzsche, stelde in zijn boek 'Brieven uit de onderwereld' dat mensen zo vrolijk zijn vanwege steekpenningen die ze hebben aangenomen. Ze hebben zich laten omkopen. Hij was ook aanhanger van het realisme. In dit boek (1864) beschrijft hij de ondergrondse, onderwereldse mens, of moddermens. Deze ondergrondse mens is zwaar pessimistisch, strijdend tegen het bedriegelijke positivisme. De ondergrondse mens trekt alles in twijfel, in strijd tegen de valse, overmoedige zekerheden. Daarom is er ook een grote oorlog tussen de psychiatrie en het pastoraat. De psychiatrie noemt haarzelf een bedrijf en haar zorg noemt ze een product. Wie dan nog niet ziet dat hij bedonderd is behoort gewoon bedonderd te worden. De ondergrondse mens in 'Brieven uit de onderwereld' stelt dat de mens daarom ook fenomenaal dom is. Hij stelt dat een intelligent mens niets kan worden, terwijl een dwaas alles wordt, vanwege zijn overmoed. De dwaas ziet geen grotere lijnen, en handelt gewoon op directe impulsen, zonder onderzoek te doen, en verliest de grotere oorzaken uit het oog, en neemt genoegen met kleinzielige kortzichtige reportages. Hij beschouwt bijkomstigheden als hoofdzaken. Dingen die van minder belang zijn acht hij als de belangrijkste. Dit zijn de wezens van directe actie. Ze overdenken niks, of niet diep genoeg, en beginnen direct aan hun instrumenten te rammelen bij het minste of geringste. Altijd maar weer zien ze het tweede voor het eerste aan, en het onmiddelijke is voor hen primair. Het zijn actie-figuren. Dat betekent dat ze gelimiteerd zijn. Het is allemaal voor de verkoop. Ze moeten zo nodig iets zijn. Allemaal voor het oog en de vorm. Ze zijn gemakkelijk geamuseerd, overtuigen zichzelf supersnel. De mens kiest nonsense omdat het het gemakkelijkste middel is tot verondersteld voordeel. De mens is laf en lui. Daarom is er een strijd tussen wil en rede (kennis). Dit zijn treinen tot de wildernis, ondergrondse treinen, terug naar de gnosis van 1800, wat verborgen ligt onder de jaren 1900. De mens moet terug. De mens moet weer een ondergrondse mens worden, een moddermens, obscuur, maar niet te obscuur [2]. Er moet wel een bepaald spoor achtergelaten worden voor de geestelijke reizigers, maar het mag ook niet te duidelijk zijn. Het grote 'eert uw vader en uw moeder' komt aan bod, niet als het noodzakelijk eren van de aardse vaders en moeders, maar van de geestelijke vaders en moeders, van wie wij navolgers zijn, zoals Jezus ook stelde dat niet zijn aardse vader en moeder zijn daadwerkelijke vader en moeder waren, maar zij die de wil van God, van de gnosis, deden. In ons artikel 'geestelijk reizen – de motor voor territoriale strijd' uit 1998 stelden wij als sleutels voor de gaven van het geestelijk reizen :

'Sleutel 5 Zwem niet zomaar in je eentje de wildwaterbaan over. Misschien heeft iemand anders al voor jou de draad gespannen of een brug gebouwd. God werkt door mensen. Neem je hen niet aan, dan heb je God ook niet en verdrink je. Onderwerp je aan Gods mensen, leer van hen, lees hun boeken, zo kom je verder op je reis.' Daarom heeft geestelijk reizen ook alles met studie en literatuur te maken. Vandaar dat we de jaren 1800 niet over mogen slaan, want daar ligt al een schat aan gnosis. Eren wij onze vaders en moeders van 1800 al ? Kennen wij hen, hebben wij hen onderzocht ? Hebben wij aan hun voeten gezeten ? Of zijn wij spijbelaren die alles op eigen houtje doen, en gaan joyriden in hun voertuigen die we niet eens kennen en waarvan we de voorwaarden niet eens kennen ? Daarom stelt sleutel 1 : 'Sleutel 1 Jezelf gaan zien als een pelgrim met zowel een natuurlijk als een geestelijk lichaam. Paulus zei : "Ik ben niet bij jullie, maar in de geest ben ik wel bij jullie". Als je aan iemand denkt, of voor iemand bidt, dan is jouw geestelijk lichaam bij het geestelijk lichaam van de ander. Je hebt dus meerder geestelijke lichamen, want je kan aan meerdere mensen tegelijk denken. Als je je verschillende geestelijke lichamen onder ogen komt, je daarvan bewust wordt, begint je geestelijke reis, want dan ben je in staat specifieke dingen op te merken, en te verrichten vanwege deze rangschikking, dit onderscheid. Als je 10 dia’s plaatjes op elkaar liggen zie je niks, of krijg je een rommelig geheel, maar leg je ze naast elkaar, maak je onderscheid, dan komt er goede informatie. Dit noemen we ook wel "3 dimensionaal denken".' En sleutel 2-4 : 'Sleutel 2 Stel geestelijke bedevaarts oorden, levensdoelen vast en richt je daarop, vasthoudend, als volhardend gebed. Zo krijgt je geestelijk lichaam de kans om stapje voor stapje in dat bereik binnen te dringen. Sleutel 3 Het doel kan je verblinden voor de weg ernaar toe. Als je in het donker loopt en je schijnt je zaklamp recht vooruit, kun je struikelen over de dingen die voor je staan. Laat het doel los, richt je op de weg en je hebt het doel. Sleutel 4 Tank bij, in ieder tussenstation. Daar vind je de sleutels voor je verdere reis. Kom je niet door de deur van de toekomt, reis dan terug naar het verleden. Je hebt ergens een sleutel laten liggen. Wat betekent dat "bij tanken"? Dankbaarheid, aandacht, respect etc.. Op deze basis durft God je meer te geven.' Geestelijk reizen is dus niet eenvoudiger dan aardse raket technologie. Gooi er niet met de pet naar. Het is de motor van territoriale demonologie, en niet anders. Dat mag niet van elkaar losgekoppeld worden, want dan ontstaat er hedonisme, romantiek. De mens moet dus terugkeren tot de fundamenten van het realisme in 1800, als antistof tegen de valse romantiek. De jaren 1800 leiden terug tot de natuur. De varkensvliegen zullen komen. Want dit is een varkens probleem. Het is iets shamanistisch, want de varkensvliegen leidden de indianen in de demonologische jacht (niet de letterlijke, aardse jacht op dieren), en lieten hen zien waar de wilde varkens en zwijnen waren, om

hen tot een doelwit te maken. Zo streken de varkensvliegen op hen neer, als een voorteken van oordeel en doem. De jaren 1900 zijn demonologisch gezien de jaren van de chauvinistische varkens [3]. voetnoten : [1.] coab 2019, 2020, het vervolg op het onderwijsboek 'de contextuologie', als onderdeel van de tweede bijbel. coab als uitgeverij betekent centrum ter onderzoek van de amazone bijbel. de amazone bijbel is een andere naam voor de tweede bijbel. volledige titel van het boek 'de recyclocratie' is : de recyclocratie – YOU WILL BE RECYCLED . De werktitel van het boek is 'geschiedenis van 1900 en 1800'. [2.] 'wees obscuur, niet te obscuur,' is ook een uitspraak van Bismarck na zijn dood. het shamanisme laat voor de geschiedenis en gnosis belangrijke personen dus ook na hun dood voortspreken. vandaar dat shamanen een belangrijke taak hebben. de doden worden zo dus niet 'monddood' verklaard, zoals in de klinische historiek. [3.] chauvinisme = overdreven liefde voor het eigene, overdreven nationalisme. Hoofdstuk 2. de voortijdse link tussen amos en hosea Een oudere versie van Amos bestaat uit vier delen, en is puur metaforisch. Deel 1 gaat dan over de uithuwelijking van Amos. Als we niet meer door de wil leven, maar door de kennis, dan hebben we het dus over een vertikale uithuwelijking door de kennis en met de kennis. Uithuwelijking of profetische uithuwelijking kwam standaard voor in de bijbel. Denk aan de uithuwelijking van Hosea. Dit is dus geen menselijke uithuwelijking, maar een profetische uithuwelijking. Amos raakt in gevecht met een vrouw waarmee hij vervolgens moet trouwen. Als profeet zijnde kunnen dit soort dingen gebeuren. Het geschrift spreekt over een exogame ballingschap. De profeet is op een missie en moet met een vreemde vrouw trouwen, zoals Hosea, als beeld van de relatie die de mens heeft met de gnosis, niet door menselijke wil, maar door kennis. In het tweede gedeelte zien we een andere Amos. Amos wordt meegenomen door een vrouw die twee dochters heeft, en moet bij deze dochters wonen. Weer zien we hoe het profetische werkt. Het werkt niet door de wil, maar door de kennis, en die maakt gebruik van de demonologie. Er is in het tweede gedeelte geen sprake van uithuwelijking. De moeder zorgt ervoor dat Amos een band krijgt met haar dochters. Als we verbindingen aangaan, contact leggen, dan is het belangrijk dat we dit doen door de moeder gnosis, de moeder kennis, dat dit dus een natuurlijk geboorteproces is, dus niet door te sjoemelen. Amos

had ook een gevecht met deze vrouw, net zoals in het eerste gedeelte, wat ook weer terugkomt in het verhaal van Jakob op Pniël die een gevecht had met God, met de gnosis. Zoveel verkeerde banden moeten er verbroken worden en nieuwe banden gelegd. Het staat metaforisch voor het testen van alle dingen, en dat de kennis ons zo tegemoet komt om ons mee te nemen. Dit gaat dus niet zonder het gevecht. Beide delen spreken dus allereerst van een gevecht met een vrouw. Het derde deel gaat weer over een heel andere Amos. Amos groeit op bij zijn moeder, en raakt in hun woning in gevecht met een vrouw die deze woning is binnengekomen, in een tent. Ook raakt hij soms buiten met vrouwen van zijn stam in gevecht. Zijn moeder helpt hem hierin niet. Die is compleet passief, altijd op de achtergrond. Op een nacht wordt hij in hun woning overvallen door een vrouw, in zijn slaap, en zij neemt hem mee, en Amos moet met deze vrouw trouwen. Weer doet zijn moeder niks. Het staat metaforisch voor het feit dat de gnosis meerdere delen heeft die we niet uit het oog moeten verliezen. Denk bijvoorbeeld aan de samenwerking tussen demonologie en profetie, dat zij nooit los van elkaar kunnen opereren. Ook mag het nooit losstaan van het toetsen, en moet de heilige gebondenheid plaatsvinden, anders wordt de mens nog door het vleselijke voortgedreven. In het derde deel zien we dus weer dat Amos uitgehuwelijkt wordt, buiten zijn wil om dus, maar door de kennis. Profetischen moeten dingen doen waar hun wil niet bij betrokken is, maar wel hun kennis. Het is een heel groot verschil. Het gaat niet zo van : 'Wat zal ik vandaag weer eens willen, waar zal ik vandaag voor kiezen.' Neen. Profetischen hebben hun wil allang gekruisigd. Hun wil is allang afgestorven. Het gaat erom dingen te ontdekken en leren en vandaaruit handelen. Hosea moest met een twistzieke vrouw trouwen. Ze was heel moeilijk. Het kruis werd hem niet bespaard. Zo is dat ook met de gnosis, de hogere kennis. Het vlees gaat eraan. De gnosis is diep en streng, en het vlees begrijpt de gnosis niet. Dat is in de huidige samenleving heel anders. Men gaat naar de snoepwinkel en denkt : 'Wat zal ik nu eens voor snoep uitkiezen ?' En zo gaan ze te gronde. Het volk gaat te gronde door een gebrek aan kennis. Daar waar openbaring ontbreekt, verwilderd het volk. 'Niet mijn wil, maar Uw wil geschiede.' In het vierde deel leeft Amos met drie vrouwen, die staan voor profetie, demonologie en het toetsen. Roepia is de demonologie, een hieroglyph van de letterbinding RP. Deze hieroglyph wordt vaak afgebeeld als een fallus met een vrouwelijke anus, waarin de anus de uitgang van de vrouw is, de demonologie, en de fallus is met haar. In de huidige samenleving zijn deze betekenissen niet bekend. Anus en fallus, twee belangrijke lichaamsdelen, zijn of gedemoniseerd of totaal overdreven uit hun context gehaald als nietszeggend. Amos is met de drie en zo overleeft hij. Hij heeft alleen vruchtbaarheid in de drie. Kan een mens meer medisch, shamanistisch, geestelijk omgaan met de lichaamsdelen anus en fallus, door hen in het verband te houden ? Kan men er mee omgaan zonder daar giechelig over te doen of gekke bekken te trekken ? Als je bij de dokter komt en hij moet je van onderen onderzoeken, gaat hij dan ook allemaal lopen giechelen en stom lopen doen ? Nee, want hij kijkt er medisch naar, en heeft het al honderdduizenden keren gezien. Het is allemaal routine geworden. Lichaamsdelen vertellen een verhaal en mogen niet losgekoppeld worden van hun context. Er zijn mensen die de fallus en de anus overgesexualiseerd hebben tot het punt dat ze de gnosis uit het oog hebben verloren, en er zijn dus mensen die de fallus en de anus overgedemoniseerd hebben tot het punt dat ze de gnosis uit het oog hebben verloren, maar het hoort erbij en moet soms genoemd worden want het is er niet voor niets en er is een mk ultra strijd over deze twee lichaamsdelen gaande, dus we moeten er wel wat over zeggen. In het Aramees is de fallus ook een beeld van de man zelf. Het is een mini-uitgave van de man. Het is een plug, een verbindingsmiddel, en elke plug hoort in het juiste gaatje. Het is voornamelijk iets geestelijks. Je moet weten waar het voor staat. Dat betekent niet dat je er een heethoofd over moet worden of een volhoofd, want de ware gnosis komt altijd maar half, anders zou ze haarzelf vernietigen. Je moet dus ook oppassen voor het overrrationaliseren van dingen, anders sta je weer de diepte in de weg. Er is een heleboel kennis die we juist niet nodig hebben, dus daarom moeten we ook leren minderen met kennis, en teruggaan tot de leegte om zo tot de ware kennis te komen. Dat is waar het natuurlijke beeld van de penetratie voor staat. Trek terug, en ga dan dieper. Ga er niet giechelig over

doen. Pas het niet op anderen toe, maar in jezelf, als een principe. De mens oversexualiseerd alles, of demoniseerd al het sexuele, maar het moet juist verdiept worden. Wat is het ? En wat is het niet ? De vrouwelijke anus met een fallus is een hieroglyph die in de voortijd veel voorkwam, maar heeft niet de betekenis die er vandaag aan gegeven wordt. Het gaat om de wedergeboorte door de demonologie, en als waarschuwing voor de mens, de grensgevoeligheid. De anus weert namelijk af, als een uitgang. De vrouwelijke anus is de demonologische gnosis, en dat moet heersen over het brein van de man, over de fallus, anders komen er ongelukken. Het zijn slechts metaforen. Feit is dat het onder hoogspanning staat. De man moet een 'moedermind' hebben. De moedermind is demonologisch, als een hypergevoelig alarm. Kijk wat een hysterisch beest de cobra is. Hypergevoelig. Daar wil je niet mee sollen, en de cobra draagt deze hieroglyph in zich. Het is de fallus die voortgedreven wordt door de vrouwelijke anus, twee innerlijke polen. De man is zowel man als vrouw, zoals de vrouw zowel vrouw als man is. Het zijn principes. Wat moet je met nachtmerries zoals deze ? Een vrouw die als een hysterische cobra om haar overleden zoon heendraaft, alles in orde makend voor de begrafenis. Je zou er maar mee opgezadeld zijn. De mens moet aan zichzelf sterven om terug te keren tot dit principe. Het metaforische sterven is het terugkeren. De mens komt voort uit de moeder anus, uit de baarmoeder, en zal daarnaar terugkeren. 'Nee, ik kwam toevallig uit de vagina,' zullen sommige mensen dan denken. Dat lijkt maar zo. De mens wordt zowel geboren uit de vagina als uit de anus, zowel profetisch als demonologisch, tenminste als het om de wedergeboorte gaat. 'Ja, maar anus, dat klinkt zo banaal,' zullen sommige mensen dan denken. Maar waarom heb je het dan ? Ben je niet door God of de gnosis geschapen dan, en is de anus één grote fout geweest ? Foutje van de natuur ? Wat zou er zijn gebeurd als je geen anus had dan ? 'Ja, ja, okay, maar eh, daar hoeven we het toch niet over te hebben ? De anus is toch meer een privé zaak waar je liever niet aan denkt ?' denken sommige mensen dan. Maar heeft God of de gnosis de mens niet naar haar beeld geschapen ? En is dat beeld niet een metaforische opsomming van diepere dingen ? Laten we het daarom soms over de anus hebben, wat de diepere betekenis ervan is, anders hangt het er maar bij. Hetzelfde geldt voor andere lichaamsdelen. Hevig overstuur werden sommige mensen toen we bijvoorbeeld 'de tepel' bespraken. Dat kon toch echt niet, dat was wel zo banaal. Het ging om mensen die loskwamen van het christendom, en ik kan wel meer woorden herinneren waar christenen van overstuur waren, of mensen die ervan probeerden los te komen. Ik wees ze dan vaak aan waar die woorden ook in de bijbel stonden, en toen waren sommigen gesust. Zoals denk aan de tepel van heerlijkheid in Jesaja 66 en de geile rondzwervende hengsten van Jeremia 5. Ik kan het me nog als de dag herinneren dat een christelijke vrouw helemaal overstuur was over het woord 'geil', maar tot haar schaamte noemde dus onze lieve Heer in de hemel dit woord ook in Jeremia 5, wat een teken was dat ze a. de bijbel niet kende, en b. een letterslaaf was als alleen maar wat in de bijbel staat door de beugel kan en waardig is om genoemd te worden. Als we dan naar de Aramese en Hebreeuwse grondteksten gaan dan vliegen de fallussen en andere sexuele schuttingtaal je om de oren, maar dat is misschien de reden waarom het vrijwel niet genoemd wordt in de vertalingen. Dan sta je als predikant dus voor een groot dilemma. De leken die de bijbel niet kennen, en al helemaal niet de grondteksten, begrijpen je dan als predikant al snel niet meer en worden al snel overstuur of zijn enorm op hun teentjes getrapt, terwijl dit allemaal studie materiaal is. En we gaan het niet ontwijken. We spreken er vrijuit over. Het zijn dan vaak ook weer de mensen die er juist een dubbelleven op nahouden en die zichzelf gewoon in hun nakie gezet voelen, ontmaskerd. Mensen die ach en wee roepen in de kerk over de preek, maar als ze thuis zijn wel door alle vuile kanalen van de televisie heenzappen, en de grootste roddeltantes zijn onder elkaar als de zondag weer

voorbij is. Altijd is Kortjakje ziek (of pervers). Midden in de week, maar 's zondags niet zullen we maar zeggen. Het is allemaal heel hypocriet. Als predikant loop je telkens weer in dat mijnenveld. Maar ja, als collega's onder elkaar kon je elkaar dan opvangen. De strijd is zwaar tegen de kloof tussen leken en geestelijken, tussen luien en leergierigen. De kloof tussen leken en geestelijken. We houden het niet in stand, maar roepen juist : kom hogerop. In dit opzicht liggen Hosea en Amos dus heel dichtbij elkaar, draagt Hosea veel van de voortijdse Amos in zich. Abadja betekent werker, abad, van jah, jehavah, in het hebreeuws, als werker van havah, eva. Hij is in strijd met Edom, wat gewoon Adam is in de Hebreeuwse wortel. Adam betekent roodhuid, als de donkere, ondergrondse natuurmens, van het woord 'dam', bloed. Adamah is een andere vorm van Adam, wat grond betekent, en een vrouwelijk woord is. Hieruit kwam Adam voort (gen. 2:7). Adam is de donkerrode huid van Eva in die zin. Abadja had een strijd met deze obscure, donkere vrouw, met de aarde die zoveel verborgen hield. Hij moest de aarde bewerken, vruchtbaar maken. Hij had een duidelijke missie binnen duidelijke grenzen. Hij had grensgevoeligheid. Abadja is dus in gevecht met de Adamah, de grond, als een test. Hoe keert Abadja terug tot de grond ? Haggai is de ge, de aarde, in het Grieks, ook gaia, godin van de aarde. Haggai gaat over : 'gij draaft allemaal voor uw huizen, maar niet voor mijn huis.' Het volk diende dus de verkeerde goden, de afgod. Het volk stond op verkeerde grond. Het volk was in contact gekomen met lijken en daardoor was alles onrein geworden. De offers van het volk waren onrein (vgl. vlees-industrie ter vervanging van de demonologie). Aan het einde van het boek Haggai wordt gezegd dat de aarde gespleten zou worden, opdat er een exodus zou zijn voor het overgebleven volk, want omdat de aarde gespleten zou worden zouden de koninkrijken van de aarde verzwolgen worden met man, paard en wagen. De mens zou dus door de spleet tussen de moederbillen wedergeboren worden. De mens moest dus niet zomaar de wildernis ingaan, maar de aarde ingaan. Haggai was dus een veel diepere mozes. De mens moest ondergronds gaan. Dat kon alleen door de demonologie, de anus, door de spleet tussen de billen van moeder aarde. De aarde moest gesplitst worden, opdat het oordeel kon komen. De mens kwam voort vanuit de adamah, de donkere baarmoeder, de anus, oftewel uit de demonologie. De mens werd wedergeboren door haggai, door ge, gaia, de aarde, als de wederoprichting van de tent van God, die dus volgens het boek haggai zo een dubbele heerlijkheid zou hebben. (2:10) De mens kan hiertoe niet komen zonder het gevecht, zonder het toetsen. Alleen zo wordt de aarde gespleten, oftewel onderscheiden. Onderscheiding is verscheidenheid. De wereld van Haggai is in deze zin genuanceerd, veelzijdig. In het boek Openbaring komt dit hele verhaal terug. In hoofdstuk 12 vlucht de vrouw tot de wildernis en dan komt de aarde haar tegemoet om een oordeel te brengen over haar vervolger, wat dus Haggaiaanse theologie is, en wat ook weer terugkomt in het Jezus verhaal, waarin Jezus tot de aarde gaat, en door de aarde wordt opgenomen in zijn kruisiging, wat iets heel shamanistisch is. 12:4-6 - En de draak stond voor de vrouw, die baren zou, om, zodra zij haar kind gebaard had, dit te verslinden. En zij baarde een zoon, een mannelijk wezen, dat alle heidenen zal hoeden met een ijzeren staf; en haar kind werd plotseling weggevoerd naar God en zijn troon. En de vrouw vluchtte naar de woestijn, waar zij een plaats heeft, door God bereid, opdat zij daar twaalfhonderd zestig dagen onderhouden zou worden.

12:14-16 - En aan de vrouw werden de twee vleugels van de grote arend gegeven om naar de woestijn te vliegen, naar haar plaats, waar zij onderhouden wordt buiten het gezicht van de slang, een tijd en tijden en een halve tijd. En de slang wierp uit haar bek water achter de vrouw als een stroom, om haar door de stroom te laten medesleuren. En de aarde kwam de vrouw te hulp en de aarde opende haar mond en verzwolg de stroom, die de draak uit zijn bek had geworpen. In de Haggaiaanse theologie is dit de spleet tussen de billen van moeder aarde, de anus, wat in de tweede bijbel ook beschreven wordt als een verloren hersenklier. In de Egyptologie is dit de peh of peh-t, het bereiken van een plaats of object, wat aan het einde, of in het diepste, van de nacht gebeurt, als de afsluiting van een boek. Het is het wortelwoord van de pehuit, de anus, maar dit komt ook weer terug als de achterkant van de nek, als zijnde een lichaamsdeel in het gebied van het hoofd. Het is ook een woord voor fundament, verbonden aan pehu, beyond, oftewel transcendentie. De pehuit, de anus, is in het Egyptisch ook een aanhangsel, een sleeptouw van een boot. In het Surinaamse bijbel gedeelte van de tweede bijbel wordt de anus beschreven als een klier in de hersenen. Er is ook een ander Egyptisch woord wat gebruikt wordt voor anus en dat is mau-t, wat de kern of moraal van een verhaal is, en de totaalsom, de conclusie. Het is verbonden aan de mahet, de tunnel, de doorgang, en heeft als wortelwoord maha, het achterhoofd, of de achterkant van de nek, en mau, zachtheid. In de Surinaamse bijbel van de tweede bijbel is de anus dus ook een onderdeel van de hersenen, als een hardheids-zintuig wat functioneert door het meten en registreren van zachtheidswaardes, de oeroeboel. De anus als hersenklier is dus ook een zintuig, een meter, een hypergevoelig alarm. Als in de voortijdse hieroglyphen de vrouwelijke anus is afgebeeld met de fallus, dan is dat een alarm om de mens te doen ontwaken. Dit gaat over de anus als hersenklier. Ook Openbaring 12 vertegenwoordigt dus deze hersenklier, waardoor de mens door het splijten van de aarde tot de onderwereld gaat. De moeder anus is in het Sanskrit, de heilige taal van India, de vrucht van het paradijs. In de tweede bijbel gaat het veel over geboortes door de moeder anus. De anus is de poort tot de onderwereld, en het afsterven aan jezelf. Het is het gebied van de verbeelding. Oorspronkelijk was het dus een hersenklier, en die is door buitenaardsen weggesneden uit de hersenen, opdat zij over de mens konden heersen. Zij hebben de mens onderworpen aan de pijnappelklier, het slaap en waak ritme. Het is dus van belang om de anus klier weer te ontwikkelen. Er is een planeet genaamd "Hart en Anus", een zacht rood-roze planeet, die de energie bewaart waarin het hart van de mens verbonden wordt met de oorspronkelijke anus-klier in de hersenen. Het is een zachte substantie in de hersenen die moet ontwaken. Als die verbinding is gelegd kan de mens zich weer aanleren creatief te zijn, creatief te denken. De new age leert de mens zich helemaal blind te staren op de pijnappelklier, als het derde oog, maar het houdt de mens vast in zwaar materiele spirituele systemen van de lagere aardse gewesten, en draait vaak om een markt. De mens wordt zo een slaaf van de new age. Er wordt zo een soort van overmoedige dronkenschap in de mens opgewekt, waardoor de nodige demonologie uit het oog raakt. Het licht vreet alles weg. De anus is een territoriaal demonologisch zintuig wat oorspronkelijk ook in de hersenen lag als hersenklier. Wie heeft er weleens nagedacht over Jezus die tot Annas, oftewel de anus, de hogepriester ging om door hem gebonden te worden. Jezus is de fallus die neergaat en opkomt als onderdeel van het demonologische zintuig. Zo ging Jezus tot Gaia-phas, tot gaia, ge, aarde (Joh. 18:24). Demonologie is geen brute kracht, maar een zintuig. Het wijdt de mens in in de geheimenissen van de onderwereld. De anus heeft hierin als hersenklier een opvoedende functie. Sexuologie mag dus ook nooit losgekoppeld worden van het medische, het demonologische en het

profetische, en ook niet van het toetsen. In mid 1991 moest ik weer een verbinding leggen tussen de sexuologie en het profeto-demonologische, en ik kreeg hier een enorme optater door alsof de bliksem insloeg. Ik was nog heel jong en zag het gevaar van de sexualiteit, en ik bracht het toen bij God, en stelde dat ik nooit buiten God om me met de sexualiteit wilde bemoeien. Het was hoogspanning. Ik heb hier toen acht maanden een enorm gevecht over gehad. In 1992 was deze verbinding uiteindelijk gelegd, en in maart 1993 kwam hierdoor de heilige gebondenheid terug op aarde. Daar waar de sexuologie niet door het profeto-demonologische werkt, werkt het door de vlees-industrie, de alcohol-industrie en de medische industrie, drie hoge heerschappen die je niet op de koffie moet uitnodigen. Haggai komt rechtstreeks van de voortijdse G-hieroglyph, de letter G, ook wel genaamd EGO, de godin EGO, wat overigens niets met egoïsme heeft te maken. Het is een hieroglyph van de demonologie, van de afgrond van Mars, van de anus, als de vrouwelijke Anubis, of dat wat achter Anubis ligt. Soms wordt als locatie ook het stuitje genoemd. De bijbel is een orakel van al dan niet verdraaide stukken gnosis. Oorspronkelijk was het een gnostisch werk waarvan de bijbel een afgeleide was. We kunnen het daarom niet zomaar weggooien. De Israelieten gingen door de zee, het profetische, om het beest van de zee te bevechten, en ze gingen toen tot de wildernis, waarin de aarde, de demonologie, hen tegemoet kwam, en waarin ze een strijd hadden tegen het beest van de aarde. De aarde, als beeld van de anus, de afgrond, oftewel de demonologie, is het boek Leviticus, het boek van de slagers. Ook de richteren zijn slagers in de grondtekst, wat dus het tweede boek van Leviticus is. Slagers zijn demonologen. In principe is dit dus gewoon onderscheid en verscheidenheid. Toen Jezus was opgestaan rees hij ten hemel, oftewel hij ging weer naar de onderwereld. Ook Simson had een opstanding van zijn kracht in gevangenschap, maar ging zo ook tot de onderwereld. Het stopt dus niet bij de opstanding, als beeld van de opgerezen fallus, omdat de fallus verbonden moet worden aan de demonologische hersenklier. In 1991 voelde ik deze verbinding heel duidelijk, een punt in mijn hoofd, en grote bliksemschichten kwamen tot mij, gepaard gaande met grote angst. Het was duidelijk een Simson ervaring of Damascus ervaring, of ervaring als van Jezus die ten hemel voer, wat dus de onderwereld was. Al gauw merkte ik dat ik grote bovennatuurlijke gaven had ontvangen. Simson was al een Christusfiguur in het OT, in het boek Richteren, de tweede Leviticus, wat liet zien dat de demonologie op het zelf toegepast moest worden, op het vlees, als in zelfologie of vleesologie. Ook Jezus liet dit zien. Het zelf moest geofferd worden. Het zelf was de grootste vijand van de mens. Hoofdstuk 3. de geestelijke burgeroorlog De psychiatrie noemt zich ten onrechte geestelijk, want zij verafschuwen het geestelijke. In mijn

werk als predikant heb ik veel met de psychiatrie te maken gehad, die zich ten onrechte geestelijke gezondheidszorg noemt, want het is anti-geestelijk, en ook zwaar, overdreven anti-christelijk. De psychiatrie noemt zichzelf een bedrijf en haar zogenaamde zorg noemt zij een product. Maar ware zorg is geen product. Er is een geestelijke burgeroorlog tussen de psychiatrie en het pastoraat. De psychiatrie is de denk en droom politie zoals voorspelt in het boek 1984 van George Orwell (1949). Als je bijvoorbeeld dromen of visioenen van God krijgt, van de gnosis, dan krijg je een etiket op, want dit wordt door de psychiatrie een psychose genoemd, en als dat vaker voorkomt, dus je hebt een daadwerkelijke charismatische profetische gave dan wordt dit schizofrenie genoemd. Wel is het zo dat de psychiatrie verdeeld is, want sommige werkers zien wel in dat dit systeem niet werkt en dat het de godsdienstvrijheid en vrijheid van meningsuiting aan banden legt, dus of zij vertrekken uit dit systeem vroeg of laat, of ze blijven in het systeem doorwerken omdat het nu eenmaal hun werk is en ze gewoon mensen willen helpen. Er is dus ook een grijs vlak tussen de psychiatrie en het pastoraat. Hier en daar kruist het ook. Het monster van de psychiatrie heeft al vele families uit elkaar getrokken, sectarisch als ze is. Het is een industrie die puur leeft van roddel en op het geld zit. Zij die de psychiatrie een warm hart toegedragen, zoals ouders die hun hoogbegaafd kind niet begrijpen en niet willen begrijpen, functioneren als een NSB. Sommige kinderen worden vanwege hun gave zelfs gedwongen met medicijnen waar ze soms vroegtijdig aan komen te overlijden of van in een rolstoel terecht komen. Soms worden medicijnen uit de handel gehaald omdat er doden bij zijn gevallen, maar dit wordt snel in de doofpot gestopt en men gaat rustig verder. Zo zocht eens een vader van een kind in de psychiatrie hulp bij mij. Zijn kind zat in een rolstoel na medicijngebruik, en ik raadde hem aan de medicijnen te stoppen omdat medicijnen deze macht hebben. Ze stopte en kwam al snel uit haar rolstoel. Ik zal nooit het dankbare gezicht van die vader vergeten. Mensen, het is oorlog. Dit is een geestelijke burgeroorlog tussen de leugenachtige psychiatrie en het pastoraat. Er is geen godsdienstvrijheid in dit land. En vaak mogen de medicijnen ook niet gestopt worden, zoals dat ook vaak in de tandartserij zo werkt, want hun medicijnen zijn hen te heilig. Ze denken dat ze heiliger dan de paus zijn. Ze zijn in de alcohol psychose. Kinderen worden willens en wetens de verwoesting ingeholpen, want och, ziet u, dit land is bezeten door demonen. Demonologie is dan natuurlijk ook wat de psychiatrie als een ziekte bestempeld, want ze zijn bezeten door demonen, en die demonen willen natuurlijk niet ontmaskerd worden. Families die van hun zonden houden werken daarom ook vaak samen met de psychiatrie om hun hoogbegaafd kind te verwoesten, omdat de demonen in hen bang zijn om ontmaskerd te worden. Dit is ook de reden waarom dieren nog steeds willens en wetens de verwoesting in worden geholpen in de vlees holocaust, want het dier staat voor een belangrijk mechanisme in het alarm systeem van het menselijk lichaam, wat dus grote demonologische waarde heeft en dus verwoest moet worden. De demonologie is dus zowel het gevaarlijkste beroep als het belangrijkste beroep. Dit land noemt zichzelf een christelijk land, maar dat is het niet. Ze lezen de bijbel niet en weten niet wat er instaat. Lees het boek Daniel over het hebben van visioenen en hoe zwaar dit kan zijn, en lees over Jezus en de demonen, en over genezingen, maar de psychiatrie vecht hiertegen met hamer en sikkel. Het is een psychiatrisch land. Dit land is bezet, en daarom is het zo'n zooitje. Kinderen worden van hun ouders losgescheurd en gaan zo met bezeten familie leden mee. Soms worden ze ontvoerd naar het buitenland, of worden geofferd in een duivelsmis. In het pastoraat zijn we van deze dingen op de hoogte. De vijand is innerlijk verdeeld en wispelturig. De vijand heeft namelijk schizofrenie, gespleten persoonlijkheid, en projecteert dit op het pastoraat. Er is dus een grote geestelijke burger oorlog gaande. De dieren staan aan de kant van het pastoraat, omdat het pastoraat voor hen opkomt, zoals het pastoraat ook voor kinderen opkomt, want het pastoraat werkt niet om geld, zoals de psychiatrie dat doet. Het pastoraat werkt niet door 'de een z'n dood, de ander

z'n brood,' zoals de psychiatrie. Vecht daarom mee in de oorlog tegen de schizofrene psychiatrie die telkens weer nieuwe bijzondere kinderen vangt en hen etiketteerd, en ook rooft uit het pastoraat. Het zijn kinderrovers en dierenrovers. De psychiatrie is geheel gebouwd op de vlees-industrie wat dus een kanker parasiet is die leeft van het omliggende vlees. We zijn in gevecht tegen een geestelijke kanker die de samenleving teistert. Het is een heel hardnekkig virus. Steeds meer mensen komen bij de psychiatrie terecht vandaag de dag, en de psychiatrie waant zichzelf als god en liegt mensen voor, zonder enig onderzoek te doen. Het zijn korte gesprekjes die gevoerd worden, en ze zijn vol van snelle zelfovertuiging, zodat ze hun medicijnen snel kunnen aansmeren. De psychiatrie plakt valse identiteiten op de mens, dement als ze is, want het is een vervroegde vorm van alzheimer, het vervroegd met pensioen gaan. Vandaar dat het ook een oorlog is tegen zombies. We leven vandaag de dag in de zombie apocalypse. Niets of niemand kan deze gekken stoppen. Het virus grijpt snel om zich heen als een vuur. Het zijn ware pyromanen. De geestelijke burgeroorlog, aan welke kant sta je ? Bestudeer mk ultra en de matrix. De psychiatrie werkt met beiden. Ze hebben een schijn realiteit geschapen, door pure mind control. Je mag zelf niet denken, en ook niet beslissen. Dat mogen alleen zij. Dat ze elkaar tegenspreken schijnt hen niet te hinderen. Ze hebben immers schizofrenie, wat een demoon is, een gespleten persoonlijkheid die zo mensen bedriegt en verward. Ze programmeren mensen door deze gespletenheid. Zo werkt mk ultra : verdeel en heers. Ze zeggen bijvoorbeeld iets, en als je ze dan even later erop wijst dan zeggen ze dat ze dat nooit hebben gezegd. Telkens weer komt dit voor. Ze maken mensen dus helemaal gek want ze kunnen alles zeggen en schelden, en als ze ter verantwoording worden geroepen, en dat kan zelfs een minuut erna zijn, dan zeggen ze dat ze het nooit hebben gezegd. Telkens weer komt dit voor in de psychiatrie. Ze weten niet eens meer wat ze doen. Ze lijden aan zware alzheimer, maar tegelijkertijd gebruiken ze het om hun verwoestende werk voort te zetten. Na kantooruren zijn deze mensen echt niet meer bereikbaar. Ze zijn kortaf, korte gesprekjes, en maken zo hun eigen conclusies over hun slachtoffers, zonder enige nuance of navraag. Zij maken het verhaal. Het slachtoffer mag alleen spreken wanneer zij dat willen. Terwijl in het pastoraat bestaat er niet zoiets als kantooruren. Je leeft gewoon als mens. Daarom is er een geestelijke burgeroorlog. Wij kunnen niet zomaar toekijken zonder iets te doen terwijl zoveel kinderlevens, dierenlevens en families verwoest worden, allemaal door de alcoholische psychiatrie, wat ook vaak kettingrokers zijn. Wist u dat wat ze medicijnen noemen gewoon drugs zijn ? Het is niet de natuur die ze aanbieden, maar gevaarlijke mind-altering drugs. Ook beschuldigen ze mensen die door hun medicinale troep in de rolstoel zijn gekomen, of die door andere redenen in een rolstoel zijn gekomen van simulatie. Ze worden dus gewoon niet geloofd, niet serieus genomen, want ze hebben immers een etiket op, dus ze krijgen geen medische zorg en hulp, en worden soms gewoon weer naar huis gezonden. Daarom is het een geestelijke burgeroorlog, en daarom moet de mens kiezen. Wie zwijgend toekijkt terwijl zijn medemens wordt onderdrukt is de volgende die onderdrukt zal worden. Het is een demonische secte. Ze offeren de hersenen van kinderen aan hun afgoden, proberen kinderen totaal gek te maken, zodat ze weer hun medicijnen kunnen verkopen. Ze proberen dus zelf ook ziektes te maken. Zoals undercover dokters die meer patienten willen en dan op straat mensen in elkaar trappen die dan even later bij hen op spreekuur kunnen komen. U WORDT BEDONDERD WAAR U BIJSTAAT ! SPREEK OP TERWIJL U NOG KUNT SPREKEN ! D.w.z. zaai nog wanneer u kunt zaaien, want als het nacht is kan niemand zaaien. Ga geen gekke dingen doen, maar blijf strategisch. Vertrouw de mens niet, stel je niet kwetsbaar op, want je kunt mensen niet vertrouwen. Wij werken door het kruis. De psychiatrie zal vallen, zoals de tandartserij zal vallen, en zoals de vlees industrie zal vallen. Wij verwachten God, de gnosis. Ga geen gekke dingen doen. Het is geen vleselijke oorlog, maar een geestelijke oorlog. Laat je niet omkopen door de vijand. Bestudeer je vijand, ken hem door en door. Dat is wat de demonologie is. En de strijd begint tegen je eigen vlees. Je bent zelf altijd je ergste vijand (je vlees).

Contact met God is in dit land verboden. Je mag geen charismatische gaven hebben in dit land. De vervolging is hier ten top gestegen. De denk en droom politie is gekomen, zoals George Orwell voorspelde. Het is een geestelijke burgeroorlog. Wij pikken dit niet. Een dier en een kind hebben net zoveel bestaansrecht als een volwassene. Leer de demonologie. Leer wat bezetenheid is. Dit volk is bezeten. In het pastoraat leer je anderen vrij te zetten. Je komt in het pastoraat door jezelf vrij te zetten. Dit gaat door studie en contact met God, met de gnosis. Dit gaat door onderzoek, niet door vooroordelen. De psychiatrie is gebouwd op vooroordelen. Vooroordelen zijn voordelen voor de psychiatrie. Wie ben je in de geestelijke burgeroorlog ? Nazi, nsb of verzetsstrijder ? Kom tot het verzet. God, de gnosis, ziet alles, en maakt van alles notities. God weet het en kent ieder mens door en door, en ieder mens zal persoonlijk verantwoording dragen voor zijn woorden en daden. Is het dan niet beter dat wij vervuld zijn met God, met de gnosis ? Het vlees is gevaarlijk, want het verstoord onze relatie met God, de gnosis, en misleid ons. Daarom moet de mens terugkeren tot het geestelijke. Kom los van je vlees verslavingen. Het vleselijke kan namelijk het geestelijke niet begrijpen. Als de psychiatrie door haar vleselijkheid iets niet begrijpt komt de psychiatrie direct met haar grote etikettendoos. Het zijn gevaarlijke mensen. Ze willen niet met vragen leven, niet met onderzoek, maar met snelle, laffe zelfovertuiging, zeer gemakszuchtig. 'Oh, Henk, we begrijpen iets niet. Haal even de etikettendoos erbij, dan zijn we er weer vanaf.' Het is een boeren echtpaar. Te boers om een eerlijk en integer gesprek mee te hebben. Je trekt altijd aan het kortste eind. In de tweede bijbel staat hierover een verhaal genaamd : De Dropping De Dropping Ze kon de zwarte auto herinneren waarmee ze was ontvoerd. Het kwam telkens terug in haar gedachten. Het verleden was een schaduw die haar achtervolgde, stalkte, altijd weer. Ze kwam maar niet los. Het was als een watermerk in haar leven. Het was ook niet weg te krijgen. Dagelijks dacht ze eraan en dagelijks vocht ze ertegen. Ze namen haar naar het bos, naar een buurthuis, midden in de nacht, en daar moest ze allerlei karweitjes doen. Wat erna gebeurde kon ze zich niet meer herinneren. Alles werd zwart voor haar ogen. Het was uiteindelijk een witte auto die haar vrijzette, maar ze vertrouwde het niet. Ze deden zich voor als haar bevrijders, maar ze had altijd het gevoel dat ze samenwerkten met hen van de zwarte auto. Het was niet echt een auto, maar meer een klein busje. Dat gold ook voor de witte auto. 'Ze zijn niet goed snik,' dacht ze altijd. Er was nooit een zaak van gekomen. De criminelen waren nooit berecht. Ze kon er niet over praten. Ze had het een keer aan iemand verteld, maar die geloofde haar niet. Die dacht dat het een dropping geweest moest zijn. Ze is toen enorm aan haarzelf gaan twijfelen. Ze had het eens nagevraagd aan mensen, en het bleek dat er wel vaak soortgelijke droppings werden georganiseerd. De zwarte auto's namen mensen geblinddoekt mee naar een onbekende plaats, waar ze werden gedumpt. Dan moesten ze hun weg naar huis vinden, alleen of in een groep, en als ze dan te ver afdwaalden en hun weg niet meer konden vinden, dan waren er de witte auto's om hen naar

huis te brengen. Maar alles wat ze nog kon herinneren was dat ze niet was geblinddoekt, en dat ze naar het buurthuis ging waar ze karweitjes moest doen. Volgens haar was er misdaad in het spel. Omdat ze nooit werd geloofd sprak ze er op een gegeven moment niet meer over. Ze had een heel onderzoek gedaan over droppings, en er waren geen gevallen bekend dat mensen ook karweitjes moesten doen. Misschien haalde ze wel dingen door elkaar. Er werd beweerd dat ze eens een tijdje in het buurthuis had gewerkt, en daar kreeg ze ook voor betaald. Ze vroeg zich af waarom ze dat niet meer kon herinneren. Ook had ze eens een verhaal gelezen over een uit de hand gelopen dropping waarin mensen niet alleen ergens werden gedumpt, maar ook werden opgesloten, als een soort boeienkoning. Dan moesten ze dus eerst zien los te komen. Maar dit was slechts een verhaal uit een boek. In dat verhaal werden ze zelfs gevoed met vergif opdat ze hun geheugen en orientatie zouden verliezen. Zij had het idee dat dat met haar was gebeurd. Het leek wel alsof het verhaal de enige was die haar begreep en alle informatie had. Het boek hield ze sindsdien op haar kamer, en ze vereerde het boek, ook al wist ze dat het maar een verhaal was. Ze twijfelde aan de echtheid ervan, maar ze achtte het wel een mogelijkheid. Ze had meer op met boeken dan met mensen. Op een dag kwam ze een meisje tegen die beweerde dat hetzelfde met haar was gebeurd. Ze durfde zichzelf toen weer een beetje te openen, en ze werden de grootste vriendinnen. Eigenlijk was het precies hetzelfde verhaal, en ze leende ook haar boek uit aan haar nieuwe vriendin, en die was er helemaal dolenthousiast over, want dit gaf haar een antwoord wat er met haar gebeurd was. Beide meisjes leefden hier ontzettend van op. Ze besloten niets aan de buitenwereld te vertellen, want die zouden hen toch niet geloven. Ze hadden genoeg aan elkaar. Wel vroegen ze zich af of er meerderen waren zoals hen. Misschien in het buitenland. Ze zouden op de uitkijk staan. Ze besloten eens een anonieme advertentie te plaatsen in de krant, maar daar kwam niemand op af. Dit probeerden ze zelfs in het buitenland, maar zonder resultaat. Op een dag toen ze bij elkaar waren stopte er een rode auto vlakbij hen. De man schoof een raampje naar beneden en gaf hen een foldertje. Het was een uitnodiging voor een dropping. Ze werden allebei vuurrood. 'Een dropping ? Dat nooit,' zei het ene meisje tegen het andere. Toen lazen ze het foldertje verder. 'De deelnemers worden meegenomen naar het buurthuis voor koekhappen en andere leuke spelletjes, en worden daarna gedropt ergens in het bos, voor een leuke tocht.' 'Ja, ja,' zei haar vriendin. 'En dat moeten wij zeker geloven ? Wij werden nooit geloofd, maar wij zullen hen ook niet geloven. We zijn toch niet gek ? Een ezel stoot zich nooit aan dezelfde steen. Koekhappen ? Vergif happen zullen ze bedoelen.' Maar ze waren toch wel erg nieuwsgierig, en op de dag van de dropping gingen ze bij het buurthuis kijken. Het was er een hele vrolijke boel. Er liepen zelfs clowns rond, en een man met een hondje dat kunstjes deed. Ze hadden medelijden met de kinderen die daar waren, maar ze wisten dat er maar eentje de klos zou zijn, zoals eens bij hen, opdat de anderen hen nooit zouden geloven. Arm in arm liepen ze toen naar huis, er vol van overtuigd dat daar een groot kwaad aan het gebeuren was, of misschien juist niet, opdat zij geheel geisoleerd zouden blijven in hun lijden en door niemand geloofd zouden worden. Aan elkaar hadden ze genoeg. De wereld was immers gek geworden. Mensen konden zich niet meer inleven in elkaar. Er was teveel afstand, en teveel grootspraak. Niemand begreep hen beter dan het boek. In de buitenwereld was het allemaal de beste stuurlui staan aan wal. Iedereen had maar makkelijk praten. Met een blinddoek naar koek happen ? Natuurlijk word je dan bedrogen, en door leugen en vergif meegenomen. In hoeverre waren ze nog zichzelf ? Iets of iemand had zwaar met

hen gerommeld. Onschuldige spelletjes noemen ze dat dan. Het andere meisje had ook de herinnering dat er een mes op haar keel was gelegd. 'We laten de mensen de mensen,' zei ze. 'Wij weten wel beter. Als we onszelf niet meer kunnen geloven dan heeft het leven geen zin meer.' Niet lang na de dropping van het foldertje liepen ze samen ergens op straat, en een zwarte auto stopte vlakbij hen. Een raampje ging naar beneden, en een boertje keek hen aan. 'Stap maar in, jongedames. Waar gaat de reis naartoe ?' Plotseling herinnerden de meisjes het boertje. 'Zeg, heb jij ons niet eens eerder meegenomen ?' vroeg het meisje. 'Ik herinner hem ook,' zei haar vriendin. 'Nee hoor,' zei het boertje. 'Ik weet van niets. Stap in, dan kunnen we verder praten, want anders rijd ik weer weg.' 'Nee, nee, rijd niet weg,' zei het meisje. 'Alstublieft, vertel ons alles wat er gebeurd is.' Ze wist dat het boertje haar enige hoop was om aan de informatie te komen die ze nodig had. 'Laten we dat nu maar niet doen,' zei haar vriendin, 'want dan gebeurt weer hetzelfde, en dan moeten we er weer doorheen.' 'Ja, maar ik heb dit nodig, anders blijf ik met die vretende twijfels en onzekerheden lopen,' zei het meisje. 'Ja, maar wat als we het dit keer niet overleven ?' vroeg haar vriendin. 'Het leven heeft geen zin als ik hier niet achterkom,' zei het meisje. Uiteindelijk zijn ze toen maar ingestapt, want ze konden hun nieuwsgierigheid niet bedwingen, en die nieuwsgierigheid was veel en veel groter dan hun angst. 'Vertel op,' zeiden de meisjes die inmiddels op de achterbank zaten. 'Wat heb je met ons gedaan de vorige keer ?' 'Zoals ik al zei,' zei het boertje, 'ik ken jullie niet, maar zou jullie graag een lift willen aanbieden. Waar gaat de reis naartoe ?' 'U heeft ons leven flink in de problemen gebracht,' zei het meisje. 'Alles wat we willen is een verklaring hiervoor.' 'Welnee,' zei het boertje. 'Jullie begrijpen het gewoon niet. Ik zal jullie meenemen naar de boerin dan krijgen jullie lekkere koek met thee.' 'Nee !' riepen de meisjes. Dat herinnerden ze zich ook ineens, dat ze koek met thee kregen van de boerin. De boer reed met het zwarte kleine busje een weiland in, op weg naar een boerderij. Bij een klein boerderijtje stopten ze. 'We willen best meegaan, maar we drinken geen thee en eten geen lekkere koek. Alles wat we willen is een verklaring.'

'Loop maar mee,' zei het boertje ineens een stuk platter. De boerin wachtte hen al op in de deur opening. 'Kom verder,' zei de boerin plat. De meisjes waren nog steeds niet bang, want hun nieuwsgierigheid had alle angst weggevreten. Zo lang hadden ze gewacht op een antwoord, en nu hoopten ze dat eens eindelijk te krijgen. In een kamertje vlak naast de keuken stond een tafel met een tapijt erover en wat stoelen. Daar gingen ze zitten. De meisjes staarden als gehypnotiseerd naar het servies. Dit kenden ze. Ze bestuurden ijverig de patronen van het servies. 'Thee ?' vroeg de boerin. 'Nee, en ook geen lekkere koek,' zei het meisje. 'Wij komen alleen voor het antwoord. Wat hebben jullie met ons gedaan de vorige keer, want ik herken alles.' 'Herinner je de dropping ?' vroeg de boerin. Toen vertelde het meisje alles wat ze nog herinnerde. De boerin schudde haar hoofd. Toen begon ook het andere meisje haar verhaal te vertellen wat er veel op leek, en weer schudde de boerin haar hoofd. 'Lieve meisjes,' zei de boerin. 'Jullie begrijpen er niets van, helemaal niets. Maar drink even wat thee en eet even wat lekkere koek.' 'Dat doen we niet,' zei de vriendin van het meisje. 'Want dan komen we weer bij hetzelfde punt uit, en misschien erger.' 'Ach, doe even gezellig, neem even wat, dat praat makkelijker,' zei de boerin. 'Daar zijn we niet voor gekomen,' zei het meisje. 'Ik ben ervan overtuigd dat dat de oorzaak is van al onze problemen.' De boerin schoot in de lach. 'Het was een dropping, en jullie hebben alles verkeerd begrepen. Maar heus, je hoeft van mij echt niets te eten of te drinken. Als je niet wil, dan houd het op. Dan drink en eet ik het lekker zelf op, en mijn man.' 'Maar krijgen we het antwoord nog te horen ?' zei het meisje. 'Wie niet eten en drinken wil krijgt ook niets te horen,' zei de boerin. 'Wat flauw,' zei de vriendin van het meisje. 'Dan zijn we helemaal voor niets gekomen.' 'Dat zijn nu eenmaal de regels,' zei de boerin. 'Okay,' zei het meisje, 'dan eet en drink ik, maar mijn vriendin niet. Is dat ook goed ?' 'Nee, zo zijn we niet getrouwd,' zei de boerin. 'Samen uit, samen thuis. Of allebei, of niets.'

'Wat is dat voor belachelijk gedoe,' zei de vriendin van het meisje. 'De regels van de dropping,' zei de boerin. 'Welke dropping ?' vroeg het meisje. 'We hebben helemaal nooit aan een dropping meegedaan. Het lijkt wel alsof we ertoe gedwongen waren.' 'Laten we even ter zake komen,' zei de boerin. 'Of jullie eten en drinken nu, of jullie vertrekken nu weer, want ik heb geen zin om nog langer mijn tijd te verdoen met jullie.' 'U eerst,' zei het meisje. De boerin keek beledigd naar het meisje. 'Wat nou : u eerst ? Ik ben hier in mijn eigen huis, en ik laat me niet commanderen door één of andere snotaap. Drink en eet nu, of vertrek.' 'Goed,' zei het meisje boos, en begon van de koek te eten en van de thee te drinken, en haar vriendin ook. 'Nu kunnen we zaken doen,' zei de boerin. Snel vielen de meisjes in slaap. 'Ze zullen elkaar niet meer herinneren,' zei de boerin. Ze werden beiden op een bed in aparte kamers gelegd, en na een tijdje stopte er een witte auto bij de boerderij, die kwam om het meisje mee te nemen. Na ongeveer een kwartier kwam er een tweede witte auto die de vriendin van het meisje mee zouden nemen. Het meisje werd wakker in de witte auto. 'Waar ben ik ?' vroeg het meisje. Een man in een wit pak zei : 'We vonden je ergens slapend in het bos. Was jij van de dropping ?' 'Ik weet het niet meer,' zei het meisje. 'Ik weet helemaal niets.' 'Denk goed na,' zei de man in het witte pak. 'Volgens mij moest ik karweitjes doen in het buurthuis, en ben ik toen gevlucht, en toen vonden jullie mij,' zei het meisje. 'Het begon allemaal toen ik ontvoerd werd in een zwarte auto.' 'Weet je ook door wie ?' vroeg de man in het witte pak. 'Nee,' zei het meisje. Ergens dichtbij haar huis zette de witte auto haar af. Toen liep ze verder alleen naar huis. Op haar kamer was het een enorme rotzooi. Op het bureau lag het boek over de uit de hand gelopen dropping. Ook lag er een kaart van haar vriendin in het boek als een boekenlegger. Op het kaartje stond : 'Ik ben zo blij dat we elkaar hebben gevonden.' Daaronder stond haar naam en adres. 'Wie is dat ?' vroeg het meisje zich af. Het leek een waas in haar geheugen te zijn. Ze kon haar nieuwsgierigheid niet meer bedwingen, en ging direct met de kaart naar het adres toe, maar er woonde een oud echtpaar. Het meisje liet de kaart aan het echtpaar zien, maar ze schudden het hoofd. 'Die woont hier allang niet meer,' zei de vrouw. 'Die woonde hier voordat wij hier woonden, maar toen zij was verongelukt ging het gezin verhuizen.' De rillingen gleden door het meisje heen. 'Misschien is het een hele oude kaart dan,' zei het meisje.

'Dat moet wel,' zei de vrouw. 'Ik kan haar niet herinneren,' zei het meisje. 'Ach,' zei de vrouw. 'Dat kan gebeuren. Je komt zoveel mensen tegen in je leven. Dat kun je nooit allemaal bijhouden, vooral niet als het zo lang geleden is. Wil je misschien binnenkomen voor wat thee en een lekkere koek ?' Het meisje schudde haar hoofd. 'N... nee, ik moet maar weer eens gaan,' zei ze, en rende toen weg. Einde Hoofdstuk 4. moeder arnhem Er is het leken-geloof van mensen die zomaar domweg geloven buiten de gnosis, het onderzoek, het leren, om. Dit leken-geloof is verdeeld. Er zijn leken die niet in demonen geloven, en leken die er wel in geloven maar niet weten wat demonen zijn, want wat zijn demonen ? Demonen zijn gewoon vijanden, slechte persoonlijkheden, slechte zielen, dus mensen kunnen ook demonen zijn, omdat het een bepaald niveau van slechtheid is. Wanneer spreek je van daadwerkelijke demonie ? Dat is iets wat wordt onderwezen in het vakgebied van de demonologie, als onderdeel van het pastoraat. Het pastoraat mag nooit losgekoppeld worden van de demonologie, dus het is één van de belangrijkste vakken van het pastoraat. Er wordt door leken soms veel over demonen geloofd, bijvoorbeeld dat demonen naar de hel gaan en dat ze daar nooit meer uitkunnen en zich nooit meer zullen bekeren, en dat soort onzin. Dat is een grote onwaarheid, een grote leugen, in de demonologie, want zowel mensen als zielen kunnen ook weer veranderen en zich bekeren. Wel is het dus zo dat sommige demonen dit nooit zullen doen, dus in dat geval hebben we te maken met daadwerkelijk verhardde demonen, die de ergste demonen zijn. Demonen worden vaak vals veroordeeld, overmatig, dus vandaar dat de demonologie belangrijk is. De mens moet geen vooroordelen over demonen hebben. Als een mens sterft blijft zijn ziel doorleven, en als dit een slechte ziel is, is het ook een demoon. In het hiernamaals worden de oorlogen dus gewoon voortgezet, als onderdeel van de geestelijke oorlog. De goede zielen die zijn overleden staan aan onze kant, aan de kant van het pastoraat, wat ook wel de wolk van getuigen wordt genoemd in de bijbel. De psychiatrie is ook een leken-geloof. Ze hebben nooit de charismatische beweging en de demonologie bestudeerd. Velen weten niet eens wat het is. Het zijn geestelijke ongeletterden. Toch noemen ze henzelf dan illegaal dokter, en velen tuinen erin. De mens is doortrapt en vaak verzot op titels en uniformen. De mens bedriegt haarzelf graag. De psychiatrie kent het pastoraat niet, en wil het pastoraat niet leren kennen. Ik bezocht eens iemand in de psychiatrie als exorcist, om demonen uit te drijven. Die persoon kwam toen vrij, en iemand anders wilde toen ook bevrijd worden, maar dat mocht niet van de dienstdoende psychiatrische begeleider, en die wilde er al een psychiater

bijhalen. Ik kwam aan hun bezit. Ik moest toen het gebouw verlaten. Iemand anders die met mij was meegekomen zei toen : 'Het is altijd wel een avontuur om met jou mee te gaan naar dit soort dingen.' We wisten beiden dat de oorlog nog niet was afgelopen. Mensen mogen dus niet van demonen bevrijd worden. Dat beslist de psychiatrie die over mensen heerst. Ze geven zichzelf dus zo wel weg, want het zijn juist de demonen die niet willen dat ze een mens moeten loslaten. In de demonologie is dat standaard informatie, wat ook in de bijbel teruggelezen kan worden. Demonen zijn parasieten, en willen hun vlees niet kwijt. De psychiatrie is een pseudo-wetenschap, geen exacte wetenschap, maar een markt van kwakzalverij en beunhazerij. Zij zijn niet onderwezen in de demonologie en daarom dus illegaal bezig en maken veel kapot. Hier op aarde heerst de leugen en de alcohol. Maar wij moeten de dingen zoeken die boven zijn. Boven heerst de gnosis, en de gnosis zal wederkeren. 'Niet mijn wil, maar Uw wil zal geschieden.' De psychiatrie is allemaal natte vingerwerk. Ze delen gewoon mensen in hokjes aan de hand van boeken die ze hebben gelezen. Idioten geschoold door andere idioten. Er is niets persoonlijks bij. De macht die ze hebben kopen ze gewoon van elkaar over. Alles gaat door geld en door hun bizarre etiquette. Ze dansen een dodendans. Ze doen chic met hun bont van geslachte zielen. Het zijn slagers. Ze hebben een obsessie met problemen zonder de problemen op te lossen. Het zijn rampentoeristen. Lekker vervroegd met pensioen gegaan. Lekker rentenieren over de ruggen van anderen heen, met andermans leed. Nee, ze willen het niet genezen, daarom noemen ze hun patienten ook graag ongeneeslijk ziek. Ook willen ze gezondheid bestempelen als ziekte zodat ze met hun mentale en medicinale mishandeling de mens zo daadwerkelijk ziek maken, zodat ze kunnen zeggen dat ze gelijk hadden (selffulfilling prophesy). Papieren profeten zijn het die mensen al denken te kennen van een paar gesprekjes van tien minuten. Zij weten alles. Zij zijn het alziende oog. Ze zijn onfeilbaar. Je mag jezelf niet verdedigen. Je wordt alleen geholpen als je hun medicijnen neemt en hun leugenachtige reportages ondertekent. Ook mensen die geen huis hebben of asielzoekers zijn krijgen soms bij de psychiatrie onderdak en hen wordt vervolgens een ziekte aangesmeerd omdat ze er toch zijn. Het zijn leken, geen geleerden. Psychiatrie is geen intellectueel beroep. Daarom is er een geestelijke burgeroorlog vanwege dit bedrog, want ze maken vele mensen ziek, zodat ze een inkomen hebben. Dat is wel de laagste vorm van bestaan, zoals de kanker werkt. Dit is een realiteit van kanker, en alles is verkankerd. Het zijn leken, geen geestelijken. Daarom zijn ze illegaal waar ze zijn. Ze kunnen zich demonologisch niet verantwoorden. Graag offeren slechte ouders hun kinderen aan zulke systemen, want zo hebben ze een alibi. Een al dan niet sexueel mishandeld kind komt in de psychiatrie en krijgt zo een etiket zodat de criminele ouder wordt vrijgesproken. Dat nemen ze natuurlijk met beide handen aan. De psychiatrie is zo een soort dekmantel voor de georganiseerde misdaad. Stigmatisering is zowel karaktermoord als dwang verpleging. De tandartserij is dus ook onderdeel van de psychiatrie, want tandartserij is ook dwang verpleging, en daarin heb je ook geen godsdienstvrijheid en vrijheid van meningsuiting, want zoals de tandarts het wil moet het gebeuren. En ook hij brengt zijn merktekens binnen in de mens, de merktekens van het beest. De tandartserij en de psychiatrie houden elkaar dus de hand boven het hoofd, als onderdeel van mk ultra. Zo houden ze hun 'behandelingen' clinisch en steriel, onnavolgbaar. Ze laten geen sporen achter, deze smooth criminals. Je kan deze glibberige slangen niet vastpakken. Ze glijden overal geruisloos langsheen en doorheen. Oh mens, ontwaakt toch, en ziet wat er op u is afgezonden. Deze twee industrieën zijn slechts codes van een zeer duister genootschap. Kolonisten zijn het. Demonen die uw hart willen bezitten. Vlees-parasieten. Duivel aanbidders zijn het, al dan niet gemaskerd. Vertrouw de families niet. Vertrouw hun geroddel niet, hun geaai en gepaai. Laat je niet omkopen door hun geschenken. Jezus zei : Laten de doden de doden begraven. Mijn aardse vader en moeder zijn mijn vader en moeder niet, maar zij die de wil van God, de gnosis, doen.

Wat steekt er dan achter als het slechts codes zijn ? Ja, het zijn mk ultra codes. Het is een duistere religie van drugs. Hun etiquette is hun drugs. Ze houden ervan zo te zijn, zodat ze het hulpgeroep van mens en dier niet hoeven te horen, zodat ze niet de strijd aan hoeven te gaan tegen demonen. Ze zijn lui en laf, hebben hun ogen en oren gesloten, hysterisch. Aan de drugs, allemaal. Ze willen de armen niet helpen. Daar zijn ze vies van. Daar hebben ze honderdduizenden excuses voor, allemaal drogredenen. Ze willen rijk zijn en aan de drugs, in de waan dat ze God zijn, dat ze gezond zijn, heiliger dan de paus. Lekker makkelijk toch ? Gemak dient de mens. Het zijn de leugenachtige drugs-profeten die alles weten. En zo niet, dan toch, denken ze. Zo krankzinnig hoogmoedig zijn ze, want dit, mensen, zijn de daadwerkelijke krankzinnigen van de maatschappij, niet hen die ze opgesloten hebben en die vaak juist slachtoffers van hen zijn. Zij zijn de drugs-profeten. Zij weten en zien alles. Zij kennen de mens door en door, vanwege wat iemand anders op een papiertje heeft gezet. Zij kennen de mens van achteren en van voren vanwege hun roddelblaadjes. Alles is hen bekend. Zij kennen je zitten en staan. Is dat niet 1984 ? De denk en droom politie ? Het ministerie van de liefde wat zichzelf voortdurend tegenspreekt, maar wat toch de waarheid is waar iedereen voor moet buigen, en zo niet daartoe wordt gemarteld om alsnog te buigen ? Wij leven nog steeds in 1984, in Brave New World als reageerbuis babies. Drugs profeten, met vreemde, draaiende brilletjes op. 'Ik zie ik zie wat jij niet ziet,' zoals in het tweede bijbelse boek 'De Bibelebonse bakker', deel 3 van de bibelebonse pap trilogie. Drugs monniken, die zich afgezonderd hebben van de waarheid, van de gnosis, van de demonologie, en zo vervroegd met pensioen gingen, als geestelijke en sociale zelfmoord. Sociopaten zijn het. De psychiatrie is het boegbeeld van de zelfmoord, de macht van zelfmoord zelf. En daarmee vermoorden ze zoveel anderen. Je kunt niet met ze redeneren, want ze staan niet open voor rede, dus je trekt altijd aan het kortste eind, en hoe meer je zegt wat ze niet begrijpen en willen begrijpen, hoe meer etiketten ze uit hun doos trekken, dus je moet het demonologisch en strategisch-profetisch aanpakken. Ze zjn immers aan de drugs, een gevaar voor jou en voor henzelf, dus je bent in een mijnenveld. Het is een pensioeneringsdrug die ze gebruiken, waardoor ze zich geestelijk gezond en schoon wanen, zelfs wanen dat ze werken, terwijl ze al met pensioen zijn gegaan. Het is zwaar orthodox atheïsme, m.a.w. je mag alleen van hun drugs nemen en niet je eigen god of gnosis hebben. Zij zijn de enige en hoogste god. Het is een zwaar orthodox atheïsme, wat zo atheïstisch naar anderen toe is geworden dat het godsdienstwaanzin is geworden, als een blok beton, als een woeste, brullende beer in Siberisch landschap, op Siberische ijsvlaktes of Russische sneeuwlandschappen. Dat is wat de psychiatrie is, demonologisch gezien. Deze beer houdt zich vast aan een eeuwige dood. Na het leven is er niks meer, maar nu neemt hij het ervan, pure slechtheid. 'Laten we lol maken, want morgen sterven wij.' Daarom spelen ze doktertje, gewoon voor de lol, want het leven houdt toch op met de dood. Er is geen hiernamaals. Het enige hiernamaals is henzelf en hun ongelooflijk grote, kankerbetweterige ego. Wat een blaaskaken zijn het, zeg. Telkens maar weer meer mensen kapotmaken met hun pseudo-medicijnen. Maar we hebben een strijd te voeren met deze beer. Kom niet te dichtbij. Een scherpschutter moet ermee afrekenen. Deze beer is volkomen dwaas, hondsdol, hysterisch krankzinnig, vliegt iedereen naar de keel die in zijn buurt komt. Dat kreng moet afgeschoten worden. Kom niet te dichtbij. De psychiatrie heeft zichzelf tot god gemaakt, allemaal door inteelt, niet door enige kennis verhinderd. Het heeft zichzelf zelfs in de kerk opgesteld om aanbeden te worden. De mens wil God niet, de gnosis. God mag niet spreken. Alleen het ego van de mens mag spreken. Vandaar dat Nederland een psychiatrisch land is. Nederland is bezeten door psychiatrie. Daarom maken we

onderscheid tussen het psychiatrische Nederland en het pastorale Nederland. Het psychiatrische atheïsme houdt Nederland in een greep als een slang, waardoor Nederland niet verderkomt. Nederland wordt gewurgt. Daarom moet deze slang afgeschoten worden. Dat kan alleen als het profetisch-pastorale Nederland terugkomt, en zo de demonologie wordt geleerd. Vandaar ons onderwijs. De daadwerkelijke reformatie en bevrijding moet nog komen. We kunnen er niet zomaar uit zoals gezegd, maar het moet verdiept worden. In Arnhem was er de christelijke academie voor lichamelijke opvoeding vanaf 1947, oftewel de sport academie. Dat is ten eerste geen intellectueel beroep en ten tweede was het voor gebruik op de dwang scholen. Wij hadden het vroeger ook verplicht. Arnhem was niet bevrijd, en Arnhem moet nog steeds bevrijd worden. Arnhem werd tot centrum van dwang verpleging en dwang school na de zogenaamde bevrijding van de nazi's, maar Arnhem was nooit bevrijd, dus er is nog steeds een strijd om Arnhem. Arnhem moet nog bevrijd worden, maar dan door de demonologie en niet door een sport academie. De sport academie is om de ware demonologie tegen te houden. Het is om de aandacht af te leiden. Daarom is Nederland zo overmatig bezeten door sport, wat vaak gewoon een spijbelgeest is. Ik wil daarbij niet zeggen dat sport per definitie verkeerd is, maar het gaat om de mate en de manier waarop. Er is teveel bedrog in de sport wereld. Ik ken alle hoeken van de sport wereld omdat ik erin opgroeide. Wij werden niet onderwezen in de gnosis maar in de sport. Ik was ook 'voorbestemd' om sportleraar te worden, maar ik werd leraar in de demonologie. Er zijn wel kruispunten. Het kan heel goed met elkaar samengaan op bepaalde punten, als een simulator ook. Arnhem moet nog bevrijd worden, door demonologen, in het geestelijke. Daar is veel om te doen, zoals er in de tweede wereldoorlog veel om te doen was. Alles liep hier namelijk vast. Moeder Arnhem is een donkere vrouw die in de natuur leeft, weggejaagd. Ze wordt door de psychiatrie een psychose genoemd, want de psychiatrie geeft wezens die de psychiatrie niet kan zien geen bestaansrecht. Zo wreed is de psychiatrie, want alle prachtige energieën tussen hemel en aarde worden zo psychose genoemd en moeten uitgeband worden met drugs, giftige drugs, die veel levens hebben vernietigd. De psychiatrie eigent alleen haarzelf bestaansrecht toe, en verklaart mensen ziek om vervolgens te zeggen dat die mensen niet genezen kunnen worden, maar ze moeten wel hun hele leven hun troep aan medicijnen slikken. Waarom noem je jezelf dan dokter als je mensen bij voorbaat al niet wil genezen of zegt dat ze ongeneeslijk zijn ? Ze zijn dokters van de dood, anti-dokters. Alles liep vast bij Arnhem in de tweede wereldoorlog, waar we ook over hebben geschreven. Toen ontstond de zogenaamde honger winter, en toen moest eerst de Schelde bevrijd worden. 'Ja, je moet bewegen, bewegen,' werd er thuis altijd gezegd, want dat was het product wat hij verkocht. En ik moest ook onder de mensen zijn, terwijl ik me altijd terugtrok, omdat ik vanaf mijn veertiende al het pastoraat bestudeerde. Daar kreeg ik boeken van, van een vriendje, en toen werd ik lid van een onderzoeks-tijdschrift in dat vakgebied. Daarom had ik ook altijd een grote voorsprong op leeftijdgenoten in mijn vakgebied, omdat ik al zo vroeg begon, en eigenlijk werd ik als klein kind al in mijn vakgebied onderwezen door mijn nachtmerries en dromen. Het was dus een roeping. Ik trok me vaak terug op mijn kamer om te studeren omdat ik nachtmerries had gehad over wat mijn familie me zou aandoen en het is tot in de kleinste details uitgekomen. De mens moet juist allereerst stoppen met het vleselijke bewegen en gaan tot het geestelijke en allereerst leren geestelijk te reizen en te bewegen. Eerst moet de mens stoppen met al het overmatige, dwangmatige, slaafse bewegen. Het altijd piepende implantaat van nazi Arnhem moet verbroken worden. 'Beweeg, beweeg, beweeg, kom onder de mensen,' zegt de Arnhemse nazi bullebak, maar nee, de mens moet zich terugtrekken en stil worden, teruggaan tot de natuur, tot moeder Arnhem. De mens moet wedergeboren worden in haar schoot. De sportfanaten hebben haar weggedreven, omdat ze de demonologie niet wilden. Ze wilden de geestelijke oorlog niet. Ze wilden met pensioen.

Iedereen moet zoals hen denken, want anders-denkenden zijn ziek. Ja, dat is makkelijk. Zo kan ik het ook. Zo werkt de spijbelgeest. Alles snel afwimpelen. Het zijn opportunisten. Alles draait om hen. Grote egoïsten zijn het, gunnen de ander niks, geen leven en geen bestaansrecht. De christen en zijn demonen is als de psychiater en zijn patienten. Eens een demoon altijd een demoon, denkt de christen, zoals de psychiater denkt : eens ziek, altijd ziek. Waarom ? Omdat het hun inkomen is, omdat ze daarmee een alibi hebben, oftewel een zondebok hebben, een pispaaltje. Dat is wat het is, en niet anders. Kom nou toch eventjes. Zo lust ik er nog wel een paar. In mijn langdurige loopbaan als demonoloog heb ik vele demonen zien veranderen, zien bekeren en genezen zoals ik vele patienten heb zien genezen. Vele ex-demonen hebben mij trouw gezworen en zijn nu verzetsstrijders aan onze kant, en zouden hun leven wel voor mij geven om wat ik voor ze gedaan heb. Welke soldaat zou zijn vijanden niet de kans geven om het goed te maken om hun leven te beteren ? Die zogenaamde christenen en psychiaters geven alleen maar hopeloosheid aan de mensen, en dat is het laagste en smerigste wat je kunt doen. Zijn zij dan zelf niet tot vijand geworden ? Ja, dat zijn namelijk de echte demonen en de echte krankzinnigen. Het is juist een demoon die deze dingen doet. Deze demoon houdt zo van vernietiging dat hij niet wil dat het weer opgebouwd wordt. Hoe kun je jezelf dokter noemen als je niet alles er voor doet om je patient te genezen ? Dat zijn geen dokters. Dat zijn demonen, en wel van het ergste soort. Moeder Arnhem, Ik zie hoe krankzinnig ze zijn, Hoe ze u altijd de schuld geven, Hoe ze u hebben vergeten, terwijl u diep in de natuur bent met uw visnetten, uw zondvloed van de gnosis zal komen om hen allen weg te drijven Moeder Arnhem, Ik zie hoe zij altijd uw woorden verdraaien, Zij kennen u niet Hoofdstuk 5. van golgotha tot auschwitz Ik kan bijna geen ademhalen als ik denk aan hoe smerig dat is gegaan in 1943. Een Israelitische psychiatrische kliniek werd binnengevallen door de nazi's en ontruimd, en vele honderden patienten werden op de trein naar Auschwitz gezet. Dit gebeurde in Apeldoorn. Wie laat mensen in een psychiatrische kliniek alleen ? Er zitten daar oorlogsslachtoffers, incestslachtoffers, kinderen die geen ouders meer hebben, slachtoffers van misdaad, enzovoorts. Ook zitten er overspannen geraakte directeuren, hulpverleners, dierenartsen, enzovoorts, allerlei mensen die door moeilijke tijden heen zijn gegaan. Ik ben er soms naartoe gegaan om ze te omhelzen, om ze hulp aan te bieden, om ze te bevrijden van demonen, ze te genezen, enzovoorts, of soms vroegen ze mij om te komen, en dan kwam ik, en ik probeerde ook altijd anderen om hen heen te helpen, maar dat werd soms niet geaccepteerd door de zogenaamde leiding daar, en omhelzen werd ook niet geaccepteerd. Ik deed het toch, daar niet van. Als de bovennatuurlijke kracht van God, van de gnosis op je rust, dan kun je dat niet tegenhouden. Ik heb verschillende mensen door deze kracht ook uit deze

klinieken gehaald. Jezus sprak in Mattheus 25 : Ik heb honger geleden en gij hebt Mij niet te eten gegeven, Ik heb dorst geleden en gij hebt Mij niet te drinken gegeven; Ik ben een vreemdeling geweest en gij hebt Mij niet gehuisvest, naakt en gij hebt Mij niet gekleed, ziek en in de gevangenis en gij hebt Mij niet bezocht. Dan zullen ook zij Hem antwoorden en zeggen: Here, wanneer hebben wij U hongerig gezien, of dorstig, of als vreemdeling, of naakt of ziek, of in de gevangenis, en hebben wij U niet gediend? Dan zal Hij hun antwoorden en zeggen: Voorwaar, Ik zeg u, in zoverre gij dit aan één van deze minsten niet gedaan hebt, hebt gij het ook aan Mij niet gedaan. Zijn deze woorden niet zo waar ? Maar de nazi's zetten hen die het moeilijk hebben op de trein naar Auschwitz, naar het concentratie kamp. Apeldoorn is hiervan een groot voorbeeld in 1943. Ik heb veel dromen over Apeldoorn gehad. In Uddel, gemeente Apeldoorn, kreeg ik ook een beginopleiding exorcistische demonologie, dus praktijk-demonologie. In mijn dromen daarna was Apeldoorn ook een militair gebied voor de demonologie. Laten we beseffen dat Israelieten die in grote strijd waren, in een psychiatrische kliniek, vanuit hier de onderwereld ingingen, tot Auschwitz, een concentratie kamp. In mijn dromen stond Apeldoorn voor een natuurgebied van hemelse opname, de hemelvaart, wat in principe gewoon het neerdalen tot de onderwereld is. Beekbergen, gemeente Apeldoorn, was de plaats van het zesde klas kamp, als overgang van de lagere school naar de middelbare school. Het is dus belangrijk geestelijk tot Apeldoorn te gaan, tot moeder Apeldoorn, die daar in de natuur leeft. Apeldoorn is een groot lijden. Wij kunnen dit kruis niet omzeilen. Alles gaat terug naar Apeldoorn 1943. Hier is het gat tot de onderwereld. Aan Auschwitz ontkomen wij niet, maar het moet verdiept worden. Zijn wij al in Auschwitz geweest, of staan wij nog te pronken aan de zijlijn omdat we niet vies willen worden ? 'Ik ben in Auschwitz geweest en gij was niet met mij,' zou Jezus zeggen. Maar wanneer was u daar dan ? Voorwaar, Ik zeg u, in zoverre gij dit aan één van deze minsten niet gedaan hebt, hebt gij het ook aan Mij niet gedaan. Zijn wij met Jezus in Getsemane, Gabbatha en Golgotha, of slapen wij zoals zijn discipelen ? 'Ik ben in Auschwitz geweest, maar waar waart gij ?' Het begint in Apeldoorn, tussen de woonwijken, waar een vrouw is, een twistzieke vrouw. Begrijpen wij nu waarom zij twistziek is ? Zij weet van de afdaling tot Auschwitz. Zij is er zelf geweest. Zij is moeder Apeldoorn. Zij is wild en woest als een natuurvrouw, niet op een vleselijke manier, maar op een geestelijke en demonologische manier, op een profetische manier. Zij ging van Golgotha tot Auschwitz. Waar waren wij ? Zij weet dat ze de mens niet kan vertrouwen. Daarom gooit ze haar paarlen niet voor de zwijnen en is zij als een orakel, obscuur. Zij is strijdlustig als de hemelse boodschapper die met Jakob op Pniël streed, en Jakob sloeg, opdat Jakob gevoelig zou zijn voor de boodschap. Aanvaarden wij het als wij geslagen worden door het kruis om de hemelse boodschap te ontvangen ? Of verwerpen wij het kruis ? Ik kan bijna niet ademen als ik denk aan Apeldoorn 1943. Ik klap dicht en kan niet denken. Ik sta aan de grond genageld. We kijken daar rechtstreeks in de put van Auschwitz, maar we mogen ook moeder Apeldoorn zien. Zij werd geplunderd, zij werd verkracht. Wie hoort haar stem in de nacht ? Wie waakt met haar, of slapen zij allen ? Wie hoort haar geroep, wie hoort haar geschreeuw ? Wie kan er door haar boosheid heenprikken ? Wie kan het slaan van haar gesel aanvaarden, waarmee ze haar boodschap brengt ? Ja, ze moet haar kinderen wel wakker schudden. Ze wil dat we het voelen. Zoveel geschiedenis die verloren is gegaan. Een moeder in het zwart, als een obscure monnik. Ze prevelt wat, maar niemand kan het verstaan. Auschwitz zwaar in haar herinnering, de dagen dat ze werd verkracht. Heeft het haar oppervlakkig gemaakt ? Nee. Juist diep. Wie kan haar ontcijferen ?

Leidt de psychiatrie naar Auschwitz ? Apeldoorn heeft het laten zien. De psychiatrie is als het beest van de zee die zijn merkteken, zijn etiket, drukt op ieder mens, en hen leidt tot het beest uit de aarde, de valse profeet. Dit merkteken mag niemand aan tornen. Het is valse canonieke profetie, oftewel onfeilbaar. Zij wanen zichzelf de schrijvers van het boek des levens. Pure godslastering, pure gnosislastering. Dat is waar Auschwitz voor staat. Openbaring 20 4 En ik zag tronen, en zij zetten zich daarop, en het oordeel werd hun gegeven; en ik zag de zielen van hen, die onthoofd waren om het getuigenis van Jezus en om het woord van God, en die noch het beest noch zijn beeld hadden aangebeden en die het merkteken niet op hun voorhoofd en op hun hand ontvangen hadden; en zij werden weder levend en heersten als koningen met Christus, duizend jaren lang. Openbaring 6 9 En toen Hij het vijfde zegel opende, zag ik onder het altaar de zielen van hen, die geslacht waren om het woord van God en om het getuigenis, dat zij hadden. Dit zijn de onthoofde martelaren van de psychiatrie. Ze mochten geen eigen godsdienst en geen charismatische gaven. Neen. Ze werden onthoofd en kregen een merkteken, wat ze overigens niet persoonlijk ontvingen. Ze hebben dit etiket nooit aanvaard, omdat ze weten dat het vals is. De psychiatrie heeft haarzelf tot een valse canon gemaakt : er mag niets aan toegevoegd worden en niet aan afgedaan worden. Haar woord en wil is wet. We staan oog in oog met één van de grootste monsters van deze tijd. Beesten uit de zee en de aarde die samenwerken, zoals de psychiatrie samenwerkt met de tandartserij en de vlees industrie. De vrouw, moeder Apeldoorn, moest vluchten tot de wildernis. De territoriale machten zullen vallen. Niet zomaar, maar in de verdieping. Ook is er zo in Apeldoorn bevrijding van het merkteken, waar ik ook dromen over heb gehad. Apeldoorn 1943 : Laten we het nooit vergeten. Alles zal gerecycled worden. Het is een canonieke macht in de hoofden van de mensheid, die het denken van de mens heeft vastgezet. Deze canonieke macht moet vallen. Daartoe is de tweede bijbel gekomen. De psychiatrie rijdt hoog op haar paard, een moordend spoor achter haar latend. Overal zaait zij dood en verderf. Zij is gekomen om het canonieke merkteken te brengen. Alleen de psychiatrie is god. Zij wil niet van een ander woord horen, dat is godslasterlijk. Zij waant haarzelf de canon, de bijbel, het canonieke woord, zwaar aan de canonieke drugs, waar ze zwaar voor betaald heeft, en waar ze voor heeft geroofd en geplunderd. Zij is een huurmoordenaar. Zij is een inquisiteur zittende op het paard van Auschwitz. Zij volvoert de Herodes taktiek, en vermoord ieder kind, opdat het kindeke Jezus niet zal ontkomen. Maar het kindeke vindt een schuilplaats in Betlehem's stal, tussen de wilde dieren in de wildernis. Het kind is veilig in de baarmoeder van de aarde. Hoofdstuk 6. moeder tegen moeder

Auschwitz, wat is het ? Daar leidt de psychiatrie naartoe, maar wat is het in diepte ? Het is een beeld van hongerend Afrika, terwijl de rijken in het westen rustig doorleven. Hun grote hysterisch toeterende en piepende ambulances zijn er niet voor de armen, maar alleen voor de rijken. De stem van Afrika is gedoofd, en de rijken worden steeds rijker, chauvinistische varkens als ze zijn, met overdreven liefde voor het eigene, overdreven nationalisme, zo overdreven dat ze doof zijn voor andere landen. Zelfs gaat de scheur dwars door hun eigen land, tussen arm en rijk. Rijkdom is hun natie. George Orwell schreef er een boek over in de tweede wereldoorlog, genaamd animal farm, over varkens die aan de macht kwamen, en zorg gingen dragen voor de slacht van andere dieren. Het is een varkocratie. Maar de samenleving is te goedgelovig. De holocaust van de dieren moet ook allemaal maar kunnen. De vleeseter trekt gewoon zijn schouders op. Moedwillig is hij bezig zichzelf te vermoorden met al dat vlees. En dan maar dure reisjes maken. Auschwitz willen ze niet zien. Het kruis van Auschwitz, van hongerend Afrika willen ze niet dragen. Elke stap die ik zet in mijn leven zet ik voor hongerend Afrika om geen deel te hebben aan de gemeenschap met de clowns in het westen. Ook het eeuwig evangelie spreekt over dit kruis. Wat doen wij met het kruis van de armen ? Hebben wij onszelf al verloochent om dit kruis te dragen ? Of gaan wij ook de woorden van Jezus horen later : 'Ik ken u niet. Gaat weg van mij. Ik heb u nooit gekend.' Het grote probleem met het christelijke westen is dat het helemaal niet meer christelijk is. Het is een karikatuur. Ze eten zelfs het vlees van Jezus bij het avondmaal, wat puur kanibalisme is. Ze drinken zijn bloed, wat puur vampirisme is. Sterke drank bij het avondmaal ook. De alcohol psychose. Moet allemaal kunnen tegenwoordig. Animal farm (1945) is net zoals 1984 (1949) werkelijkheid geworden. George Orwell had de mens al lang geleden gewaarschuwd, net zoals er in de dertige jaren werd gewaarschuwd voor de komende zogenaamde 'Brave New World' waarin je niets anders bent dan een nummer in een steriele reageerbuis, als een laboratorium dier. De mens kent de territoriale demonen niet die macht over hen voeren en wil deze ook niet kennen. De mens wil met pensioen gaan en slapen, feestend de ondergang tegemoet. De mens is op een zelfmoord missie. 'Ja, daar beginnen we niet aan. Dat is allemaal teveel werk. Laten we er maar een einde aan maken, en nog even een laatst groot feest hebben.' Wat valt er te vieren, mensen ? Helemaal niks. We zijn op de animal farm. Iedereen wordt door de ubervarkens gefokt voor de slacht. De rijken hebben alles al opgekocht en dobbelen om andermans leven en bezit. En de fabel van Jezus Christus hebben ze naar hun eigen hand gezet. Overal peperdure reisjes maken in oorlogstijd, en Auschwitz willen ze niet zien, tenzij als rampentoerist. In Animal Farm van Orwell (1945) worden de dieren eerst onderdrukt door de mensen, en zo roepen de dieren elkaar op tot rebellie en hard werk om aan de macht van de mensen te ontkomen. Later in het verhaal zijn het de varkens die de dieren onderdrukken, als een beeld dat luie en laffe mensen liever de onderdrukkers zijn dan de onderdrukten, en dit beeldde destijds het stalinistische, oftewel extreem orthodoxe, fundamentalisch-terroristische communisme uit, wat in principe na de val van Stalin en zijn dood in 1953 werd overgenomen door de psychiatrie als iets wat in onze onderwijs-boeken 'hypercommunisme' wordt genoemd. De varkens in Animal Farm zorgden er eerst voor dat de goede varkens werden omgebracht, en begonnen toen samen met wrede honden te regeren als in een totalitair systeem waarin ze als mandaat hadden : 'alle dieren zijn gelijk, maar sommige dieren zijn gelijker dan anderen'. Dan wordt er een feest gevierd waarin de varkens de boeren uitnodigen, en dan gaan ze gokspelletjes doen waarin ze enorm vals spelen en elkaar vleien en elkaar prijzen tot een alliantie tussen mens en varken. Als de andere dieren dan van buiten naar hen kijken kunnen ze geen onderscheid meer maken tussen mens en varken. Dit is ook waar het boek 'Sobibor – de laatste jager' over gaat in de tweede bijbel. In het boek worden varkens tot mensen. En deze varkens die tot mensen zijn geworden worden dan tot terroristen. Zo worden zij tot honden, roofzuchtig en gierig. Zowel deze varkens als de honden aten mensen, en werden dus

zelf tot mensen. Zij werden de psycho-dentists genoemd, oftewel de criminele alliantie tussen de psychiatrie en de tandartserij, die dus het merkteken van het beest op de mens drukken, zoals voorspeld in het boek Openbaring. Voor het worden van een mens moesten ze een rivier over, en het worden van een mens was dan een roversloon. Het boek gaat ook over Auschwitz en andere concentratie kampen uit de tweede wereld oorlog, maar die zijn gepersonificeerd als vrouwen. Qua thematiek gaat het over hetzelfde als Animal Farm, maar is dan ook weer een diepere laag. We leven vandaag de dag in het psycho-dentocratische tijdperk, wat dus een uit de hand gelopen en ziekelijk geworden hypercommunisme is, een onheilig canoniek contract tussen de psychiatrie en de tandarts-beul. Het verhaal gaat ook over een tijdmachine die dan de mens in dit dwaze systeem tegemoet komt, maar er onbreekt van alles aan de tijdmachine. Telkens weer wordt daarom de tijdmachine onderschept, maar omdat de tijdmachine van kunstmatige intelligentie is en dus telkens zichzelf hersteld en doorgroeit komt het dus telkens weer terug om de mens verder te helpen. In 1994 kwam Toronto tot de aarde, een kracht die mensen in dieren deed veranderen. Mensen begonnen rond te huppelen als kikkers, te grommen als beren, te sissen als slangen, over de grond rollende, in groot spasme, in zware verkrampingen, en lagen soms uren doodstil, geslagen door deze kracht. Het was een bizarre tijd voor een ieder die dit meemaakte. Deze verkramping was een onverschillige verharding naar het kruis. Kenmerkelijk was het uitbundige lachen zonder te stoppen. Het was de goedgelovigheid van een muizenvolk. Ze werden gekieteld en vonden het wel leuk. Ze toetsten het niet. Als predikant heb ik enorm tegen deze beweging gewaarschuwd en nog steeds, omdat dit ding al in 1993 bij mij aan de deur klopte, en ik moest het door vasten, bidden en toetsen overwinnen, door me er ten bloedens toe in heilige vrees tegen te verzetten, want wij mogen niet zomaar blind vertrouwen hebben in alles wat op ons pad komt. Het werd ontmaskerd als een demonische macht. Toen zwoer het naar de andere volkeren te gaan, en zo ontstond 1994. Ik moest in een heilige verharding komen om veilig te zijn tegen dit ding. Ik moest in een heilige verkramping komen die er niet aan zou toegeven, want het was het vleselijke en niet het geestelijke. Ook heb ik toen mensen daarna bevrijd van dit ding, toen het in 1994 massaal over de aarde vanuit Toronto werd uitgestort. Dit was wat George Orwell had gezien. Dit was Animal Farm, mensen die tot varkens waren geworden, en varkens tot mensen. Dit is de strijd waar Sobibor – de laatste jager over gaat. Er is een driehoek van verharding tegen alle goedgelovigheid, naïviteit en onverschilligheid, tegen alle hebzucht en lachzucht en gemakszucht, alle gierigheid. Deze verharding heeft dus nog een hart, en is tegelijkertijd ook zacht. In mijn leven werd ik soms of heel zachtmoedig genoemd, of keihard, of beiden. Als tiener al. Maar ik was radicaal en mocht geen compromissen sluiten. Er stond teveel op het spel. Verhard je naar alle vleselijkheid en leugens op aarde. Volg het niet na. Doe onderzoek. Ontwikkel je heilige hardheid, anders wordt je in een put van verderf meegesleurd. Zo kun je ook tot de ware zachtheid en zachtmoedigheid komen, die van boven komt. Geef niet zomaar toe. Toets eerst alle dingen. Wij moeten wel muren om ons heenhebben. Alles is voorwaardelijk, niet onvoorwaardelijk. Verkramp je als ze je mee willen sleuren. Verzet je, verhard je. Je bent van het verzet. Je bent geen nsb-er, je bent geen muis. Heb je alarm of scherp. 1994 is nog steeds woest. Animal Farm is razende, zoekende wie het kan verslinden. Zoveel dieren dagelijks naar de slacht door deze varkens. Mensen zijn de ergste varkens. Verkramp je. Geef niet toe. Strek je uit naar de heilige verharding tegen de zonde. De zonde heeft je vernietiging op het oog en komt in vele valse gedaantes. Geloof hun vleierijen niet. Ze willen je bezitten en dan meesleuren. Kom tot de dieptes. Ga diepere lagen in de dingen zien waarin je kan schuilen. Kom tot de kernen, voor een nieuwe energie. Doe het voor jezelf en anderen. Strek jezelf uit naar de charismatische en demonologische gaven om corruptie te kunnen onderkennen. Prik er doorheen. De boodschap van het boek Sobibor – de laatste jager, als een vervolg op Animal Farm bijna, is dat iets vanuit de toekomst ons zal helpen. In de toekomst is de kennis namelijk uitgewerkt. De mens moet leren een relatie aan te gaan met de toekomst. Eerst is er een grote kloof tussen het nu en de toekomst en die moet door kennis overbrugt worden en dat

kan niet in één keer. Het is een natuurlijk geboorteproces, als een school, waarover het boek ook gaat. De mens moet terug naar de natuur moeder, maar moet daarvoor eerst de corrupte moeders onderkennen. Dit is de strijd : moeder tegen moeder. Hoofdstuk 7. brave new world, deaf new world Brave New World, Deaf new world, Everything inside a man is just a memory Brave new world, Deaf new world, Everything inside a man is just a scare tactic Brave new world (a brave new world) Deaf new world (a deaf new world) Everything inside a man is just a fantasy Hier werd ik mee wakker vandaag. Een droom dus waarmee ik wakker werd, na een hele lange droom gehad te hebben over de brave new world. Het lied werd in de droom gezongen door Labi Siffre (van something inside so strong) als zijn nieuwe lied. De mens mag vandaag niet kiezen wat hij wil studeren. In mijn geval was het een roeping en het werd niet door mijn familie geaccepteerd. Nee, want zij beslissen dat. De brave new world beslist het. Ik zal u besparen waar ik toen allemaal doorheen moest, maar soms zeg ik er wat over in mijn boeken. Het is een overmoedige wereld. Vannacht had ik er weer een droom over. Weet u wat ze allemaal in ons voedsel pleuren, en hoe dit geestelijk werkt, oftewel subliminaal ? Ze donderen er stoffen in die giftig of zelfs dodelijk zijn en die een subliminale boodschap uitzenden dat de mens die het drinkt ergens naartoe moet bellen voor hulp, om ervoor te zorgen dat deze mens niet sterft. Je moet dan naar een bepaalde oplichter bellen, een soort straat theater groep. Twee mannen (waaronder Trump) waren met elkaar in gevecht. Het was een boks wedstrijd. De winnaar zou zichzelf 'doctor' mogen noemen. (een titel waar ik al helemaal een hekel aan heb, omdat het niks met dokters te maken heeft.) Een man die een proefschrift maakt, en als het door andere geaccepteerd wordt mag hij zichzelf 'doctor' noemen. Dit is brave new world, de overmoedige wereld. Ze slaan allerlei stappen over. Ze leiden op het verkeerde pad. Little boys and their toys.

Nothing is going to work today … I was in my schooldays and I was just a piece of prey … I told it to my parents and they didn't care … I told it to my girlfriend … and we had a life to share … My brother, he came to our home … He took his disciples with him, He couldn't stay on his own … And I didn't really have anything to lose … My mother told me she was on death row so I had to go … To a brave new world, Deaf new world … Everything inside a man is just a memory … Brave new world, Deaf new world, Everything inside a crazy girl is just a mystery … We didn't have anything to share after the party … We laid all dead on our chairs … None of these drugs could save us … But still I stare, I stare … to a … Brave new world (a brave new world) Deaf new road (a deaf new world) Anything to a man is just a work to do … Brave new world, Answering machine … Nothing on the news today … Maybe I should just pray … for this brave new world ... Hoofdstuk 8. van de lever naar de longen (gitaar muziekje) Nu bij ago … (en dan volgt er een verkooppraatje door een stem waarvan je denkt dat al zouden ze die gitaar op z'n kop stukrammen dan zou hij het nog niet doorhebben en zou hij er nog niks van zeggen of er iets van voelen) Ago auto's, de beste keuze … (en dan een soort vrolijk fluitje met vrolijk deuntje) Wij zijn in de brave new world niets anders dan producten. Wij moeten zijn zoals zij het willen, want het is voor de verkoop. Het product moet aan de regels voldoen. Je mag niet anders zijn.

Dus dat is het leven ? Doen wat anderen zeggen en anderen willen ? Wij zijn hier niet om mensen te behagen. Ik wilde de wereld helpen, beter maken. Dat was mijn roeping. Maar dat mocht niet van mijn familie. Mijn studie werd niet geaccepteerd. Zo moet je opgroeien. Ik wilde geen 'ago auto, de beste keuze' zijn. Ren voor je leven. Ren het bos in. Maar dat mocht ook niet. Je moest onder de mensen zijn. Ga je kapot van de koppijn door die vuile giftige vullingen die ze standaard bij ieder kind inbrengen, en dan moet je ook nog glimlachen. Veel glimlachen. Mijn vader hield me voortdurend in de gaten. Als ik niet lachte dan was ik bezig 'de levens van andere mensen kapot te maken.' Ook moest ik meezingen in de kerk. Ik was een 'ago auto, de beste keuze.' Dus dat is het leven ? Leven om de oppervlakkige dromen van je vader waar te maken ? Mijn zoontje zei eens toen hij heel klein was zomaar vanuit het niets : 'papa, waarom heeft u die auto kapotgemaakt.' Ik moest toen wel lachen. Kinderen begrijpen meer dan volwassenen. Helaas wordt dit dan vaak later van hen afgenomen door het systeem, hun vleugels afgekapt. Ren voor je leven. 'Brave new world, deaf new world, everything inside a man is just a memory.' Zo werd ik ook eens wakker in de negentiger jaren toen ik nog in Amsterdam woonde. Ik had een droom gehad over het ijmeer en markermeer waarin een grote monsterachtige octopus-schorpioen lag waarmee ik in gevecht was. Hij had de stem van een leraar van vroeger. Hij had grote, witte hoornige tentakels waarmee hij 'naaide', 'van de lever naar de longen', wat hij ook zei. 'Ik naai je van de lever tot de longen', telkens maar weer, en ik voelde het ook, en zijn stem weerklonk door mijn hele lichaam, en zo werd ik heel langzaam wakker en ik bleef zijn stem steeds horen, steeds hetzelfde zeggende, als een reclame spot, en toen zwakte het heel langzaam af. De lever is de opslagplaats. We moeten studeren. De lever is het geheugen, wat opgebouwd moet worden. Het zuurstof van de longen is voor brandstof, voor vervoer, voor geestelijk reizen. We hebben zowel de lever als de longen nodig, en er is een strijd gaande hierover. De octopus-schorpioen was in verschillende dimensies, en waren meerdere personen, want één heette er Oxtar die over Vlissingen heerste, en één heette er Keo die over Amsterdam heerste. Het was dus een alliantie. De octopusschorpioen veranderde ook telkens in een boot. Ik kwam ook uit een boten-familie of watersport familie. Moest ik ook een boot zijn ? 'Brave new world, deaf new world, everything inside a man is just a mad machine.' Ik was in een zware strijd, en laatst had ik er ook weer een droom over. Wat een bakbeest was het. Ik voelde het slijm gewoon door me heenlopen, en die slijmerige stem, en het naaide van mijn lever naar mijn longen. 'Ago boten, de beste keuze' 'Hey, kom terug. Blijf staan. Je bent van ons. Je doet wat wij willen.' Maar ren voor je leven. Zwem voor je leven. Wat ik zag en meemaakte was iets algemeens hier in Nederland, wat ze in de geestelijke wereld met mensen doen. We zijn in gevecht met de poppenmaker, met de auto maker, met de boten maker, die auto's en boten van mensen maakt. Ren voor je leven. Kijk niet om. Ren naar het bos. Luister niet naar hun drogredenen, naar hun marktverkoop praatjes. Ze willen slechts een trekpop van je maken. Als je dan niet luistert proberen ze op je schuld gevoel in te praten of proberen ze je om te kopen. Trap er niet in. Veel krijgen ze gedaan door hun vleierijen. Trap er niet in. Ik heb door mijn werk veel contact gehad met de medische wereld. Ze gaven op een bepaald punt zelf toe dat het allemaal één groot spel was, en dat er gehandeld werd in patientenlijsten, en dat liefde een product was wat gekocht moest worden in de winkel genaamd de familie. Het zijn allemaal codes. De mens wordt bedrogen. De mens is een product en hoort in de winkel thuis. Dat is wat de medische wereld doet, als de poppenmaker. Naalden van de lever tot de longen. Zij

beslissen wat je opslaat, en zij beslissen waar je naartoe gaat. Prettige dag verder. Nee, we zijn ontwaakt. Nu zijn we in het verzet. We hebben de varkens aan de top gezien : Brave new world, animal farm. In het tweede bijbelse boek Sobibor – de laatste jager gaat het over de strijd tussen de psychodentists en de alienologen. Je mag vandaag de dag geen mensen helpen. Nee, je moet slecht zijn. Het zijn allemaal trollenfamilies. Het goede wordt als een bedreiging gezien. En dan krijgt de goede mens ook nog de schuld omdat hij het goede heeft gedaan. Dat is de wereld van vandaag. Brave new world, deaf new world. We hebben de varkens aan de top gezien en de varkens families. We zijn in het verzet, nog steeds strijdende in de wereldoorlogen. Oh, ze zijn zo belangrijk, die varkens families, met zware, gewichtige woorden op hun schaal wat ze het woord van God noemen. Alles wat ze doen en zeggen is afgemeten canoniek, onfeilbaarder dan de paus, kortaf, na kantoor uren gesloten. Oh zo belangrijk, maar het gaat nergens over. Ze willen niet helpen, alleen hun product verkopen. Ze willen alleen stinkend rijk worden. Kijk ze eens rondrijden met hun grote auto's met hun boten erachter. Allemaal varkens families. Het varkelijke kan het geestelijke niet verstaan. Ze begrijpen niks van ons. Ze willen niet leren. Ze nemen er ook de tijd niet voor. Het is een varkelijke wereld. Het is niet eens meer een vleselijke wereld. Het is varkelijk geworden. Varkens rollende door alles wat vies en smerig is en hen dan schoon wanen als pauselientje in papierotopia, want het staat immers geschreven. Zodra het in hun roddelbladen staat afgedrukt is het de waarheid. Dat is de varkelijke waarheid. Ze hebben een varkelijk verbond gesloten, een varkelijke alliantie met alles wat oppervlakkig, leugenachtig en bedrieglijk is, en maar huichelen en vleien om zichzelf ook nog te overtuigen hierin, zodat ze alle twijfels kunnen wegwimpelen. Dank je de koekkoek. Je gelooft het toch zeker niet ? Het is de varkocratie. Het is allang niet meer menselijk. Meugt heuft a ginder a ma loeka. Wat zeg je ? Ja, dak hoef ik toch nie aan oe uut te laggen. Wat ? Moet je ze zien praten die gasten dan. Ze moffelen en woffelen alles weg. Ze vinden hun weg wel. Ze smokkelen en sjoemelen hun weg door het leven wel. Al zijn ze dood of halfdood. Hak me woefa toch me ganda pokus pas. Wat zeg je ? Huf'k nie an uu uut te laggen. Wat ? Nee, ze leggen ook niks uit. Ze onderwijzen niet. De roddelblaadjes slingeren overal rond, zoals bij ons thuis vroeger. En maar aan varkeren. Er wordt niet geleerd. Alles wordt in de doofpot gedonderd. Zo kun je ze herkennen : Ze onderwijzen niet. Ze hebben geen substantie. Ze sturen je

naar scholen die je niets leren. Het gaat allemaal varkelijk over niks. Het zijn varkens scholen die de mens dom houden, want dom verkoopt. Alles beoordelen ze varkelijk, naar hun varkensoren. Als er muziek is dan spitsen ze hun varkensoren om te zien of het wel dom genoeg is. Zo behandelen ze ook de literatuur. Het moet vooral goed dom zijn. Mensen, ik heb het alweer gehad voor vandaag. In zulke varkelijke families moet je tegenwoordig opgroeien met hun varkelijke kerken waar je bedreigd wordt met eeuwige marteling als je niet doet wat ze zeggen. Eeuwige marteling. En ze doen alsof het de normaalste zaak van de wereld is ! Nee, dit is het leven niet ! Lijken eten iedere dag, voeren ze ook aan hun kinderen alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Het zijn varkens. Varkens families. Punt. Zitten ze voor de tv allemaal te wijzen. Ze leren er niks bij, gaat de hele dag maar door. Als je daar problemen mee hebt dan ben je gek en ziek. Mensen helpen ? Dat kan niet hoor. Je moet een varken zijn, anders ben je ongeneeslijk ziek. Het varkelijke kan het geestelijke niet verstaan. Varken … schuurtje …. varken schuurtje … Zo programmeren ze hun kinderen … Het varken abc …. Kom hier, ga daar, niet doen, doe het …. Je bent varken, help geen mensen, denk niet aan de armen … Eet je bordje vlees, eet je bordje leeg … Vlees is goed en gezond … Varken … schuurtje … lekker van de lever naar de long … Varken … schuurtje … lekker naar oma …. lekker naar oom …. Varken …. schuurtje …. lekker naar oma, lekker lekker snoep …. hoef je niet te leren …. oma maakt soep … hoera hoera …. alle varkens bij elkaar …. oma geeft groot feest …. als oma zullen wij worden …. lekker met pensioen … op ons graf veel poen …. kunnen we lekker veel mee doen, eigenlijk niks, maar dat vergeten we maar … bla bla bla bla bla …. Hoor die demonen zingen …. Hoor die demonen hun rotzooi verkopen …. Maar zij die het geestelijke en demonologische verachten, de profetie niet willen, worden gedreven door het varkelijke … alsmaar meer, meer en meer …. duur duur duur …. alcohol alcohol alcohol …. van de lever naar de longen …. jongens, toe dan …. van de lever naar de …. Wat ? Van de lever naar … Wat ? Waar naartoe ? Van de …. ja, nu weet ik het ook niet meer … Nee, omdat je dement bent …. Waar ging je ook alweer naartoe ? Ik weet het niet …. Naar grootmoeder koekjes brengen ? Ik weet het niet …. Moeten we hier onze kostbare tijd mee verdoen ? Werk zolang het dag is, want als het nacht is kan niemand werken …. De mens heeft genoeg in het varkelijke geleefd …. Laat de mens verder leven

in het geestelijke …. Maar zal de mens luisteren ? Het zijn de dagen van 1994 … We leven nog steeds in Animal Farm …. Toronto blessing …. overal om ons heen …. alzheimer patienten die een optocht houden …. We gaan door totdat …. Het is de varkens nachtmerrie … We hebben deze nachtmerrie nodig, want het geeft informatie … RECYCLE Al die autoverkopertjes …. autoverkopertjes, autoverkopertjes in blik … Wat ? Autoverkopertjes in blik …. Waarom ? Nou, onze leeuwen moeten ook eten … Maar is dat niet een beetje onethisch ? Onethisch ? Waarom moet je nu ineens zo'n duur woord gebruiken ? Waarom zou nu ineens voor het eerst in je leven iets onethisch zijn ? Nou ja, kan toch ook op een andere manier … Nee, zo is gewoon de natuur … Waarom ? Dat moet je gewoon zo accepteren … Autoverkopertjes in blik ? Ja, waarom niet … Leeuwen moeten ook eten … Oh … En opgeruimd staat netjes …. Ja … Okay … Ik denk dat ik maar ga dan …. Waar naartoe ? Naar huis … Naar grootmoeder koekjes brengen ? Nee, naar huis …

Welk huis ? Bestaat het niet meer dan ? Nee …. Is dat niet een beetje onethisch ? Zo is de natuur … Wat ? Leeuwen moeten ook leven … Nou bedankt, tot ziens, ik moet nu gaan, dan word ik wel een zwerver …. Met al die leeuwen ? Ja, moet wel … Nou, succes dan maar … Hoofdstuk 9. Godsis en de samenvatting en commentaar op van Leeuwen's commentaar op Hosea 1-4 (P.O.T, 1968) Wat betekenen de laatste twee psalmen in diepte ? Laat alles wat adem heeft de Heere loven, zegt Psalm 150. Adem is de brandstof, ook als een beeld van het geestelijk reizen, wat de motor is van de geestelijke territoriale oorlogsvoering in ons onderwijs. Dit betekent dat je altijd geestelijke oorlogsvoering moet doen vanuit de context, niet vanuit kortzichtigheid. Als je oordeelt, doe je dat dan vanuit een vooroordeel of heb je daadwerkelijk onderzoek gedaan ? Psalm 149 gaat over de territoriale oorlogsvoering, maar wat betekent het in diepte ? 6. een tweesnijdend zwaard is in hun hand, 7. om wraak te oefenen aan de heidenen de volken te tuchtigen, 8. om hun koningen met ketenen te binden, hunne edelen met ijzeren boeien, 9. om een beschreven vonnis aan hen te voltrekken. Dat is de glorie voor al zijn vromen. Halleluja.

Wat betekent het, want natuurlijk is dit metaforisch ? Het betekent dat je een probleem bij de kop moet pakken, dat je naar de wortel moet gaan en niet aan symptoom bestrijding moet doen, niet dweilen terwijl de kraan openstaat. Het betekent dus dat je oog moet hebben voor nuances. Dat is het daadwerkelijke 'strijden tegen koningen.' Het is dus geenszins letterlijk. Territoriale oorlogsvoering komt dus neer op veel studie en onderzoek. Het zijn dus slechts spreekwoorden, zoals de koe bij de horens pakken, wat ook betekent dat je geen tijd verspilt en je niet met bijzaken bezig houdt, zoals Lenin zei : 'de juiste schakel op het juiste tijdstip.' Dat is dus een veel rustiger beeld van oorlogsvoering. Een leraar zei eens tegen mij dat het innemen van het beloofde land daar ook mee te maken heeft : het leren van de benodigde vakken. Er is heel veel misbruik van geestelijke oorlogsvoering, van de bijbel, van theologie, religie. Vandaar dat Hosea 1:5 stelt : Te dien dage zal het geschieden, dat Ik Israëls boog verbreken zal in het dal van Jizreël. Ook Israel misbruikte de oorlogsvoering en gaf er een verkeerde betekenis aan, een oppervlakkige, vleselijke betekenis. Het ging hier om een vals, vleselijk vertrouwen op eigen wapenmacht. Allereerst moet elk wapengebruik getoetst worden en verdiept worden. De wapenmacht van Israel werd vernietigd vanwege misbruik. Dit stelt C. van Leeuwen, in zijn commentaar op Hosea (1968) in de serie Prediking van het Oude Testament (P.O.T.). Ook stelt hij dat Jeremia later door zijn celibaat een levend teken van God's oordeel over het trouweloze Juda moest zijn, terwijl Hosea juist moest prediken door zijn gezin. C. van Leeuwen zag het OT als wetenschapsgebied. Hij leefde van 1924-2016. Zijn wetenschap richtte zich op het OT en de geschiedenis van de Israelitische godsdienst en theologie. Hij schreef verschillende commentaren voor de POT serie. Ook was hij predikant. Hosea moest met een overspelige vrouw trouwen. Soms ontkomen wij er niet aan een onheilig verbond te sluiten, wat dan profetisch en strategisch is, om een bepaalde boodschap te brengen, om een bepaald gebied in te nemen. Wij mogen dit echter niet vanuit het vlees doen. Dat is een groot verschil. De reden waarom we iets doen kan een verschil tussen dag en nacht zijn, terwijl het ogenschijnlijk hetzelfde is. Zo is het soms ook belangrijk om in het celibaat te zijn (Jeremia 18), wat ook strategisch is. Zo is dit ook met de ouderbanden. Soms moeten we toenadering zoeken, maar soms is het tijd ons van onze ouders af te keren en zelfs onze ouders aan te klagen, zoals in Hosea 2 : 1 Klaagt uw moeder aan, klaagt haar aan, want zij is mijn vrouw niet, en Ik ben haar man niet. Laat zij haar ontucht van haar gelaat verwijderen en haar overspel van haar boezem, 2 anders zal Ik haar naakt uitkleden en haar laten staan als ten dage toen zij geboren werd, haar maken als een woestijn, haar doen worden als een dor land, en haar doen sterven van dorst; 3 en over haar kinderen zal Ik Mij niet ontfermen, omdat zij uit ontucht geboren zijn. 4 Want hun moeder heeft ontucht bedreven; zij, die van hen zwanger geweest is, heeft schandelijk gehandeld. Want zij zeide: Ik wil achter mijn minnaars aan gaan, die mij mijn brood en water, mijn wol en vlas, mijn olie en drank geven. 5 Daarom, zie, Ik ga uw weg met doornen versperren, Ik ga tegen haar een muur oprichten, zodat zij haar paden niet vinden kan. 6 Dan zal zij haar minnaars nalopen, maar hen niet bereiken; hen zoeken, maar niet vinden. Dan zal zij zeggen: ik wil heengaan en terugkeren tot mijn eerste man, want toen had ik het beter dan nu. 7 Zij echter beseft niet, dat Ik het ben, die haar het koren, de most en de olie heb gegeven, die haar het zilver rijkelijk geschonken heb en het goud, dat zij voor de Baäl gebruikt hebben. 8 Daarom zal Ik mijn koren weer wegnemen in de oogsttijd, en mijn most in zijn seizoen, en wegrukken mijn wol en mijn vlas, die haar naaktheid moeten bedekken. 9 Nu dan, Ik wil haar schaamte ontbloten voor de ogen van haar minnaars en niemand zal haar uit mijn hand redden. 10 Ik zal doen ophouden al

haar vreugde, haar feest, haar nieuwemaansdag en haar sabbat, ja, al haar hoogtijden. 11 Dan zal Ik haar wijnstok en haar vijgeboom verwoesten, waarvan zij zeide: Die zijn het loon, dat mijn minnaars mij gaven. Ik zal ze maken tot een woud, en het gedierte des velds zal ze afvreten. 12 Zo zal Ik over haar bezoeken de dagen, waarop zij voor de Baäls het offer ontstak, zich tooide met ring en halssieraad en achter haar minnaars aan ging, maar Mij vergat, luidt het woord des Heren. Dit kunnen ook geestelijke ouders zijn, leiders, degenen die over ons zijn aangesteld, of die ons hebben ontvoerd, in ballingschap hebben geleid, tot slavernij hebben gebracht, in gevangenschap hebben gezet, onze bronnen waaruit wij putten, vrijwillig of gedwongen. Van Leeuwen stelt dat de schuld van de moeder zo wordt geformuleerd : 'Zij is mijn vrouw niet.' Van Leeuwen stelt dat het ook andersom kan zijn, zoals op een kleitablet uit Mesopotamië, midden tweede millennium BCE, uit Hana, staat dat als de vrouw tot haar man zegt : 'Je bent mijn man niet,' dan moet zij naakt zijn huis verlaten. 'Ik zal haar schaamte ontbloten,' vergelijkt van Leeuwen met het akkadische baltu, schaamdelen. We kunnen dus ook denken aan schaamhaar. Hij stelt het is voornamelijk van een vrouw, maar het kan in principe dus ook voor een man gelden. Als dit gebeurt, stelt van Leeuwen, dan staan haar minnaars machteloos en hulpeloos. Van Leeuwen stelt dat het sieraad in vers 12 vergeleken wordt met de welving van de heup in Hooglied 7:1. We kunnen stellen dat de heupen van de vrouw breed zijn, gewelfd, wat ook nodig is voor de bescherming van de vrucht. Als het beeld van de bruid genoeg verdiept wordt totdat het de dualistische aard ervan laat zien, dan kan er ook weer verzoening zijn. 13 Daarom zie, Ik zal haar lokken, en haar leiden in de woestijn, en spreken tot haar hart. 14 Ik zal haar aldaar haar wijngaarden geven, en het dal Achor maken tot een deur der hoop. Dan zal zij daar zingen als in de dagen van haar jeugd, als ten dage toen zij trok uit Egypte. Van Leeuwen stelt dat door de honger ook het feest zal vertrekken. Immers het koren en het most is er niet meer, en dus geen vreugde. Deze feesten waren namelijk niet ten dienste van God, de gnosis. Van Leeuwen stelde al dat het probleem was een 'zondig veronachtzamen van de kennis, da'at.' Dit is wat van Leeuwen ook 'schuldige onwetendheid' noemt. Dit gaat door het hele lichaam heen, en scheurt zo de mens van god af om de mens te grabbel te gooien aan de afgoden. Dit leidt tot een onheilspellende leegte en ontbloting. We kunnen stellen dat dit de ontmaskering is, en door diepte komen wij tot de dualistische benadering van deze teksten, want al deze teksten zijn dualistisch, zoals ook in de Aramese-Hebreeuwse grondteksten. Het Israel van de dagen van Hosea was opgebouwd uit hoereloon, het loon van de afgoden. We kunnen ook stellen dat dit bloedsloon is. Daarom moest het oordeel komen : ontmaskering, verdieping en dualisering. Alles zou dus gerecycled worden, ook dit hele Stockholm syndroom van uithuwelijking. Van Leeuwen stelt dat de sieraden van die tijd ook een bepaalde tekens taal waren om te laten zien of een vrouw beschikbaar was of niet. Van Leeuwen stelt dat het volk God had vergeten, maar dat dit geen onschuldig vergeten was, maar een teken van ontrouw. Het was zondig en schuldig vergeten. Hij definieert deze ontrouw als het volkomen miskennen en negeren van God. 13 Daarom zie, Ik zal haar lokken, en haar leiden in de woestijn, en spreken tot haar hart. 14 Ik zal haar aldaar haar wijngaarden geven, en het dal Achor maken tot een deur der hoop. Dan zal zij daar zingen als in de dagen van haar jeugd, als ten dage toen zij trok uit Egypte. Van Leeuwen stelt dat Achor komt van akar, bedroeven, in het ongeluk storten. Hier was Achan namelijk gestenigd. Van Leeuwen stelde dat het God erom te doen was het hardste hart te breken om zo een band te maken die nooit verbroken wordt. Dit zou gebeuren door overvloedig uitzicht.

Israel moest de geschiedenis overdoen, van de uittocht uit de Egyptische slavernij gaande tot het land van de wijngaarden, door de wildernis, en dat was een periode van het ontstaan van die band. Achan werd gestenigd in het dal van Achor vanwege vergrijp aan de gebannen goederen van Jericho, stelt van Leeuwen. Door de steniging kon Israel verder tot het beloofde land. Van Leeuwen stelt dat wat in het boek Hosea is opgetekend een door God gewilde intimiteit is tussen man en vrouw wat moet heenwijzen op de intimiteit tussen God en mens. Telkens weer komt de dualistiek van Genesis 15:12-14 terug : Toen viel een diepe slaap op Abram. En zie, hem overviel een angstwekkende, dikke duisternis. En Hij zeide tot Abram: Weet voorzeker, dat uw nakomelingen vreemdelingen zullen zijn in een land, dat het hunne niet is, en dat zij hen dienen zullen, en dat die hen zullen verdrukken, vierhonderd jaar. Doch ook het volk, dat zij zullen dienen, zal Ik richten, en daarna zullen zij met grote have uittrekken. In het boek Hosea is er een zware strijd tegen corrupte moeders, corrupte ouders : 2 : 1 Klaagt uw moeder aan, klaagt haar aan, want zij is mijn vrouw niet, en Ik ben haar man niet. Ouders die hun kinderen dwingen hen te zien, van alles mee dwingen, onder bedreiging, onder chantage, want als ze dit niet doen, dan worden ze zwartgemaakt bij anderen, worden ze eigenwijs, ziek, rebels, ongehoorzaam, opstandig genoemd. Je kunt een kind niet dwingen. Er zijn kinderen van hun ouders weggevlucht omdat ze bij hun ouders verplicht naar de tandarts moesten, en de tandarts verplicht rotzooi in hen implanteerde tot aan de zenuw toe, om deze kinderen zo in een coma te brengen en tot kasplantje te maken. Hetzelfde geld met andere gedwongen medicijnen, soms gewoon voor kinderen die een andere godsdienst hadden dan hun ouders. Ik heb hiervan genoeg voorbeelden in mijn werk. Zulke kinderen worden vervolgd. Het is vaak verboden de familie traditie te ontsnappen, op straffe van dood, al dan niet verkapt. Kinderen gedwongen met vullingen laten lopen waarvan ze in een coma raken of erger is alreeds niet meer verkapte moord, maar rechtstreekse moord. Tandartsen die dit doen zijn moordenaars, zoals slagers moordenaars zijn, maar het is nu nog legaal, vanwege dat de landregering vaak een duivelse secte is. Er is geen excuus voor tandartserij en de vleesindustrie. Dat het moord is ligt er dik bovenop, maar criminele organisaties proberen dit goed te praten. Ze willen het slechte voordoen als het goede, en omgekeerd. Het zijn verkoop truken. Al deze dingen zijn dan ook producten, zoals tandartsimplantaten en vlees. Geld is voor hen belangrijker dan waarheid, belangrijker dan gezondheid, belangrijker dan het goede. Het is bij dit soort families kiezen of delen : of je wordt een zombie zoals zij, of je wordt een kasplantje. Al hun macht, rijkdom en kracht hebben ze door het vlees, het vleselijke, het zondige, het schuldige. Daarom : Klaagt uw moeder aan, klaagt haar aan, want zij is mijn vrouw niet, en Ik ben haar man niet. Dat geldt ook voor corrupte vaders. Klaag hen aan. Van Leeuwen wijst op Gordis (1908-1992, rabbi) die stelde dat Hosea zijn huwelijk zag als symbool van het oordeel (hoofdstuk 1) en als symbool van tuchtmaatregelen als medicijn (hoofdstuk 3). (Hosea's huwelijk en boodschap, 1954) Gordis stelt in zijn commentaar op Hosea dat geleerden en intellectuelen al tijden worstelen met het vraagstuk van Hosea's problematische huwelijk. We kunnen stellen dat dit boek een dodenboek op zich is, of een poortenboek, waarin wachters verslagen moeten worden en deuren geopend, zoals in de onderliggende Egyptologie. Van Leeuwen stelt dat er door het hele boek Hosea een strijd ligt tussen vormendienst en de ware kennis van God (gnosis). Zo is er ook een geestelijke burgeroorlog of koude burgeroorlog in dit land tussen de vormendiensten en de gnosis, wat dwars door de families van dit land doorloopt. Van Leeuwen beschrijft de tuchtiging in het boek Hosea wat als

medicijn diende als het temmen van het volk. Van Leeuwen stelt dat het kennen van God niet zomaar verstandskennis is, niet slechts een theoretisch weten, maar een hartskennis die verstaat. We kunnen stellen dat het hier om demonologische kennis gaat. Van Leeuwen stelt dat de ware kennis van God in één adem genoemd wordt met de vreze des heeren. Er kan al snel een enorme kloof komen tussen het gebruik van het woordje god en het woordje gnosis, en wat is er ook veel religieuze angst en mensenvrees over wat mensen hebben gezegd, en daar wordt je als kind mee geprogrammeerd. In het gebruik van het woordje god moeten we heel voorzichtig zijn. Het mag niet zomaar te pas en te onpas gebruikt worden, ook omdat het maar al te snel door traditionele overlevering wordt losgekoppeld van gnosis. Een woord wat deze twee verbindt is Godsis. Gnosis kan zich personificeren als god, als metafoor, als iets in onszelf, maar als gnosis wordt losgekoppeld van god dan kan het ook snel weer clinisch en steriel worden. Het zijn maar woorden, en woorden kunnen misbruikt worden. We moeten daarom naderen tot Godsis, waar gnosis en god elkaar kruizen. Hoofdstuk 10. de strijd om het markermeer – nederland, het land zonder leger en de wijzen uit het westen Hosea 4:5 – Gij zult struikelen bij dag, en met u zal ook de profeet struikelen bij nacht, en verdelgen zal Ik uw moeder. Van Leeuwen stelt in zijn commentaar de vraag : Wie bedoelt Hosea met deze moeder ? Is dat een moeder van een priester, of bedoelt hij het figuurlijk als de leiding van de israelitische gemeente ? Van Leeuwen overweegt dat het om een clan gaat, een familie, n.a.v. de grondtekst. Het oordeel luidt dan : 'Ik zal uw families, of priesterclans, doen omkomen.' De reden hiervan is omdat er een gebrek aan kennis is, aan da'at. Deze families hebben dus de studie van het hogere wederstaan, en hebben aards en vleselijk geleefd, in vormendienst. Van Leeuwen stelt dat de eigenlijke schuld bij de priesters ligt die het niet hebben onderwezen. Zij hadden moeten waken over de kennis, maar hebben dit niet gedaan. Wie zijn deze priesters ? Van Leeuwen stelt dat ze willens en wetens de da'at, de godskennis, hebben versmaad of verworpen en hebben vergeten, overgeslagen. Het onderricht hierover ontbrak. Van Leeuwen geeft als definitie van da'at elohim, oftewel de godskennis : 'het vertrouwd zijn met en het kennen van God's openbaring.' Het niet-kennen van God in die zin is een schuldige onwetendheid, omdat het berust op het 'verwaarlozen, het niet-erkennen, van de geschonken openbaring. (p. 97-98) Wordt het ons duidelijker ? We hebben het dan over de anti-charismatische hoek van de afgeweken reformatorische beweging, en over de psychiatrie, die op veel punten met elkaar samenwerken om de geestelijke gaven te bespotten. 12 Mijn volk raadpleegt zijn hout, en zijn staf moet het voorlichten. Want een geest van ontucht doet hen dwalen, zodat zij zich in ontucht aan hun God onttrekken. Van Leeuwen noemt het het ondervragen van een dood stuk hout, om de toekomst te weten te komen of om zich te laten raden voor het nemen van beslissingen. We kunnen stellen dat het hier om papier gaat. De klinische afgeweken reformatorische theologie laat zich leiden door het dode

papier van de bijbel, en de psychiatrie laat zich leiden door hun dode paperassen. Van Leeuwen noemt het een afgodische cultus als men zich opstelt tegenover de openbaring van God. Hierover spreekt Hosea het oordeel uit : een storm die deze weerspannigheid zal omwikkelen en door zijn wervelingen zal wegvagen. Daarom zegt Hosea in hoofdstuk 5 : hoort, luistert, leent het oor. Van Leeuwen stelt dat het volk in bijgeloof leefde, en in afkoperij. Dit is de reden waarom God zich aan hen heeft onttrokken, als het uittrekken van lichaamsbedekkingen. God is naakt in de wildernis, ver weg van hen, terwijl God hen straft met steriele dorheid. Dit is ook de reden waarom de samenleving is ontwricht, stelt van Leeuwen. Het loopt door de hele kerkgeschiedenis heen. Hij noemt de zonde van het verleggen van de grenzen. 6 Want in liefde heb Ik behagen en niet in slachtoffer, in kennis van God en niet in brandoffers. Van Leeuwen stelt dat deze uitspraak een treffende parallel heeft in de egyptische wijsheid van Meri-Ka-Re (ca. 2100 v. Chr.): 'Aangenamer is in God's ogen het oprechte karakter van hart dan de offer-os van de boosdoener.' (p. 141) Hier begon er een machtige warmte naar beneden te komen en zag ik Van Leeuwen. Hij was woedend op wat de psychiatrie had aangericht. Hij sprak dat het oordeel zeker zou komen. 'De namen zijn bij God bekend,' zei hij. 'Ik droomde van een man. Ze gaven mij een schaal, en ik moest het uitgieten over de psychiatrie. Ik wilde het laten doen door iemand anders. Ik zei : 'Heer, waarom ik ?' Maar de Heer had mij uitverkoren. Ik zag de Heere zitten op een hoog paard. Ik volgde Hem, en Hij leidde mij tot een rivier, en ik moest van de rivier drinken. Ik moest toen mijn mond spoelen en gorgelen. En mijn mond werd rein, en ik mocht spreken van grote dingen. Er gaan grote dingen gebeuren. Er is een brug gelegd tussen de aarde en de onderwereld door deze woorden.' Ik voelde een grote druk toen hij deze dingen sprak. De hele lucht was beladen. Toen voelde ik dat er allerlei dingen werden verschoven in de geestelijke wereld. En ik zag de brug tussen de aarde en de onderwereld. En hij gaf mij een stuk vlees van een demoon, en ik moest het symbolisch eten. Het was heel taai, maar vol substantie. Ik zag toen hemelse bloemen waar zielen uit voort kwamen. Het waren hele grote bloemen met grote hangende kelken, roodachtig. Ik zag een donkere vrouw in een witte vacht van een demoon, en ze deed de vacht uit, en stond naakt. De naaktheid was een beeld van ontmaskering. Broeder van Leeuwen sprak : 'Blijf ontmaskeren.' Er was een waterval van dromen waardoor de vrouw wegdook. Ik kon door de waterval de zee zien. Het was moeder Amsterdam. Amsterdam moest hersteld worden. Amsterdam zou hersteld worden door de exegese. Broeder van Leeuwen gaf me toen een pen en sprak dat ik veel moest schrijven. In het commentaar op het boek Genesis in de P.O.T. serie (1967) stelt de exegeet A. van Selms (1906-1984) als semitisch taalkundige en theoloog dat de schepping, bara, in het zuidarabisch voorkomt als bouwen en in het dialect van het zuidarabische eiland Soqotra het voorkomt als baren. Hij stelt dat het vergeleken mag worden met het Hebreeuwse bana, wat bouwen en nakomelingschap schenken betekent, en in het ugaritisch ook scheppen. Hij ziet ook verbindingen met het Hebreeuwse woord ben, zoon, bar in het Aramees. De schepping is dus in principe gewoon een geboorte in een rivier, door een donkere vrouw, een natuurvrouw. De donkerheid van haar is metaforisch voor de bescherming van het kind, zoals ook de rivier dit is, als het natte van haar baarmoeder. Daarna had ik een droom, vannacht. Ik was bij het Markermeer in gevecht met Keo, een demonische heerser over Amsterdam, het IJmeer en het Markermeer. Hij kwam tot mij in de vorm van een lerares Nederlands van vroeger. Ik vroeg haar of ze enige geestelijkheid had, en ze zei dat ze daar niet aan deed. Ze had twee verschillende kleuren schoenen aan. Ons gevecht leidde tot een soort berging of kelder, en ik zei tegen haar : 'Je kan op scholen geen kinderen onder dwang leren

wat jullie willen. Dat is slavernij. Jullie moeten die kinderen loslaten, en jullie school zal opgedoekt worden.' Ik sprak over hun Markermeer school, waar ze zielen van kinderen opsluiten, op en in het Markermeer. Iedere ziel in Nederland is verplicht om naar deze school te gaan. Deze school regeert alles. Elke ziel wordt telkens opgeroepen door deze school, ondervraagt door deze school, bedreigd door deze school, opgenomen door deze school, enzovoorts. De machten van deze school zullen vallen, en moeder Amsterdam zal hersteld worden. Ze onderdrukken moeder Amsterdam. Wij, als kinderen van de gnosis, moeten voor haar strijden. Richt je energie op moeder Amsterdam. Het is problematisch hier in Nederland. Zaai je zaad, opdat er een oogst zal zijn. Laat je talenten niet renteloos liggen. Ik zag toen een enorm kwallensysteem over het Markermeer, een soort baarmoeder, en er kwamen telkens weer muizenkinderen voort, als een machine. Deze droom had ik ook vele jaren geleden gehad en nu weer. Deze school brengt muizenkinderen voort, die niet kritisch denken maar goedgelovig zijn, vanuit een moeder kwal, vanuit Keo. Het is een slijmerige, vleiende machine, kontenlikkers zijn het, zo pompen ze elkaar op en maken elkaar groot. Dit ding heerst over Nederland in de hogere dimensies. De mensen worden door deze school dom gehouden. Het is een school van D.O.M. Kinderen raken intellectueel en demonologisch verlamd. Het werkt samen met de medische industrie en de tandartsdwang industrie die onder dwang kinderen implanteert met giftige, zenuwslopende troep. Kinderen zijn tegenwoordig niet meer puur natuur maar half plastik door deze vuile gedwongen plastische botchirurgie. Ze willen kinderen plastificeren als muizen. Sta op tegen deze industrie ! Pik het niet langer ! Het zijn de codes waarmee ze je telkens naar het Markermeer sleuren, je ziel, naar school. Je bent niet meer van jezelf. Het is een onheilige alliantie tussen 1984 en 1994. De strijd is nu om het Markermeer. Daarna bracht van Leeuwen zijn moeder bij me die ik zou helpen. Ze helpen kinderen om vroeg dement te worden in de D.O.M., dementen onderwijs markermeer. Bij ons in de demonologie staat Nederland bekend als het land zonder leger. Waarom is dat ? Omdat het muizenvolkeren zijn. Nederland verafschuwt de geestelijke territoriale oorlogsvoering, de demonologie. Lees hierover dit verhaal : de wijzen uit het westen Ze kwamen aan op het Nederlandse strand, drie piratenschepen. Ze hadden schatten geroofd uit Amerika, de indianen geplunderd. Ze kwamen terug uit het grote Indianië met een grote buit. Ze hadden een boodschap te verkondigen, een grote gave te geven. Het was iets waardoor je onzichtbaar kon worden. En deze schurken stonden op het strand, drie piratenhoofdmannen, drie piratenkapiteinen, met hun piratenbendes. En de koning van Nederland werd week in zijn knieën, en de koningin van Nederland pakte haar spiegeltje. En zij werden omgekocht, gechanteerd, bereigd, met mes op de keel, want Nederland had geen legers. Hoe kon het dan dat Nederland geen legers had ? Och ziet u, het waren slechts muizenvolkeren. Maar de koning en de koningin kregen een gave. Ze konden nu onzichtbaar worden. En met de indiaanse schatten die ze kregen moest er een school gebouwd worden, in het midden van het Markermeer, op een eiland, en het eiland en de school moesten totaal onzichtbaar zijn. De wijzen uit het westen waren gekomen. Ze hadden hun evangelie gebracht, een diepe haak in het hart. En zo marcheerde op de scholen het onzichtbare geheim. Zoveel zielen in een fles, opgesloten. De koning liet het er niet bij zitten, maar hij kon niets, want hij was onzichtbaar geworden. Hij was onder een vloek, net als zijn vrouw. En de muizenvolkeren deden niks. Ze lachten maar en dronken

maar de hele dag. Maar op een dag kwamen er wijzen uit het oosten, mirre, wierook en goud. Zij konden de koning wel zien, want zij hadden ogen om te zien, in tegenstelling tot de blinde muizenvolkeren. En zij gaven hun geschenken aan de koning : mirre, wierook en goud. En de koning boog voorover om hun voeten te kussen, maar ze waren weg, onzichtbaar geworden. En de koning greep naar zijn hoofd en riep : 'Ben ik dan blind geworden ?' Maar verder kon hij nog alles zien. Zelfs de onzichtbare school op het Markermeer. En ook zag hij daar de wijzen uit het westen zitten, de piraten met hun bendes. En hij ging naar ze toe met mirre, wierook en goud. En hij zei : 'Pak me dan, als je kan, want het indiaanse goud heeft jullie verblind.' En hij liet de school afbreken, en niemand heeft ooit nog over de school gesproken. Moraal van het verhaal : de wijzen uit het westen kwamen Nederland slechts vetmesten. Betekenis van het verhaal : Uit Amerika waaide al deze troep over. Ze hadden het geroofd van de natuurdemonologen, van de indianen, van de shamanen en verdraaiden toen alles en gebruikten het om Nederland mee te verzieken. Lang geleden had ik een droom over de Markermeer school waar kinderzielen opgesloten werden gehouden. Ik wilde de directeur spreken. Toen ik de directeur aan de telefoon kreeg bleek het een psychiater te zijn. De mens wordt bedonderd. De scholen zijn in handen van de psychiatrie. Hoofdstuk 11. Het antwoord op 1984 : 1988 – samenvatting en bespreking van William Burroughs' 'Wilde Jongens – Een dodenboek' (1969) 'De mens wordt in alles tegengehouden, behalve in zijn groei.' Psychiatrische demonen heersen over de scholen en de bedrijven. Het zijn hersendictators. Ook de tandartserij is psychiatrie. Ze doen alsof ze over je mond regeren, maar ze willen je hersenen regeren. Zij beslissen alles. Door alle beheksingen van de mond besturen en beheersen zij het vocale gedeelte van de hersenen. De tanden en de mond zijn door zenuwen verbonden aan het vocale gedeelte van de hersenen. De tandarts heeft in de demonologie geen legaal recht om de monden van kinderen te verbouwen, te bemetselen enzovoorts, en is dus illegaal. Dit land wordt bestuurd door criminelen. Ze willen jouw hersenen in hun glazen bol. Het geeft hen veel macht. Alleen luien en laffen willen dit niet geloven. Zij zijn daarom de nsb. Muizenvolkeren zijn het, al helemaal platgelegd door fluor en de plastic botopvulling. Plastic is niet weerbaar. Het is speelgoed. Zo wordt je ziel telkens teruggezogen tot het Markermeer, en dan weer uitgezonden om je taak te doen, voor het psychiatrische wereldrijk : dom meelopen. Mijn naam is haas, ik weet van niks, is er wat gebeurd dan, daar weet ik niks van, is het volkslied van de psychiatrie. Allemaal muizenfamilies. En maar kakelen en roddelen, en vrolijk doen, maar daadwerkelijk studeren en

onderzoek doen ? ho maar. Ze houden van leugens. De leugen regeert immers. Dat is de psychiatrische dystopie, de droom, denk en spraak politie. Zij beslissen wat er ingaat en er weer uitkomt, als de douane van de hersenen. En deze dementen gaan dan ook nog schooltje spelen, in de bejaarden polonaise. Verjaardagje hier, verjaardagje daar. Wat is het leven toch mooi. Lekker veel slagroom, tjonge. Nou zeg, je wordt maar weer verwend, dat wordt smullen. Kareltje Koek tracteerd vandaag, daar staan ze allemaal voor in de rij. Muizenvolkeren zijn het, alreeds in de muizenvallen gelopen, maar ze zien het niet. En maar doorsjokken in de straten. Wat is het leven toch mooi. Draait allemaal maar om henzelf. Wat ben je dan een arm mens. Maar zij vinden het mooi. Ze praten alles goed wat krom is. En maar lachen. Stap maar op de fiets, op weg naar het plein. Allemaal woordjes in hun hoofd, waar ze achteraan hollen, denkende dat dat het leven is. Ze verdiepen het niet, zien de geestelijke lagen niet en al helemaal het demonologische niet. Dat woord kunnen ze niet eens uitspreken. Het woord 'koning' heeft een symbolische betekenis. Het betekent de prioriteit, het kern-principe, en daarom ontkomen we ook niet aan woorden zoals koning en god, maar het moet dus in verband zijn met de gnosis. Vandaar dat we ook over Godsis spreken. In Psalm 61 bidt de psalmist voor de koning, oftewel voor de prioriteit : 7 Voeg dagen toe aan de dagen van de koning (de prioriteit), mogen zijn jaren duren als van geslacht tot geslacht; 8 moge hij voor altoos tronen voor Gods aangezicht, beschik goedertierenheid en trouw, dat zij hem behoeden. De psalmist wordt belaagd door vele vijanden die de prioriteiten in hem aanvallen. Daarom zegt de psalmist : 5 Laat mij in uw tent voor altoos vertoeven. Hosea 8: 4 Zij hebben koningen aangesteld, maar buiten Mij om; vorsten, zonder dat Ik ervan wist. Het volk had dus bijzaken tot prioriteiten gemaakt. Calvijn vertaalt als antwoord vers 7 als : Want zij zullen wind zaaien, en zij zullen wervelwind oogsten. Het uitspruitsel zal geen meel voortbrengen. Als het misschien iets heeft voortgebracht dan zullen vreemden het verslinden. Calvijn stelt dat het allemaal nutteloos is wat de Israelieten doen. Ze verontschuldigen tevergeefs hun bijgelovigheden. Toch zullen zij doorgaan, al zou het honderdmaal bewezen zijn dat ze verkeerd bezig zijn en schuldig zijn. Calvijn stelt dat ze zich niet laten overtuigen en gewoon doorgaan hun gal tegen God uit te spuwen. Hij stelt dat wind zaaien niets anders is dan een zekere schijn ophouden opdat ze de ogen van eenvoudigen verblinden. Het gaat hen er dus om nog zoveel mogelijk zielen te bedriegen, om die zo met hen mee te sleuren. Calvijn stopt dan ergens en stelt dat hij het die dag niet meer af kan maken, maar dan bidt hij voor volharding, en stelt hij ook dat in tegenstelling tot de bedriegers die schone schijn verspreiden God de mens aan blijft sporen tot volharding. De huichelende bedriegers zullen niet ophouden, maar God zal ook niet ophouden. Vandaar dat de vijfde zuil van het calvinisme ook de eeuwige volharding is. Wij moeten eeuwig volharden, hoe lang het ook zal duren, totdat God's storm ons opneemt. Wij moeten het kruis ten einde toe dragen en de beker van het lijden tot de laatste druppel leegdrinken. Het is ook mijn ervaring dat sommige mensen zich door niets en niemand laten stoppen, niet door enige kennis of bewijs verhinderd worden. Ze zijn niet voor rede vatbaar. Het gaat hen om hun wil, niet om kennis. Het is omgedraaide wereld, en wij worden erdoor beproefd en getest. Kijk naar de man, naar het theologische lichaam, hoe zijn anatomie werkt. Dit is iets metaforisch, en we kunnen stellen dat het buiten de demonologie geheel verdraaid en verletterlijkt is. Hoe zou het moeten zijn ? Als de demonologische man de wildernis ingaat om alles achter zich te laten en een ontmoeting heeft met God in de vorm van natuurvrouw, donker met grote borsten vol met melk,

om hem van het hemelse woord gegeven, dan rijst zijn fallus op als beeld van de volharding hierin. Zou hij zijn fallus laten reiken naar de afvallige vrouwen van de samenleving, dan is dat een valse volharding in koppigheid naar het woord van God. Dat is een groot verschil. De mens moet in eerste instantie niet tot vrouwen gaan, maar tot de gnosis, die zich dan metaforisch als vrouw manifesteert. Het zijn slechts beelden. De fallus is het beeld van de volharding, maar kan bij misbruik ook het beeld zijn van de verharding. De fallus is dus de vijfde wet van Calvijn, terwijl de vagina de eerste wet van Calvijn is, de noodzaak voor de mens om leeg te worden, te minderen, te hongeren. Dat is de ware, diepere betekenis van de geslachtsdelen. Abraham Kuyper, predikant en minister president van Nederland (1901-1905) stelde in zijn boek 'Dictaten Dogmatiek V' : 'Het Calvinisme is, wel is waar, begonnen met formeel dogmatisch in zijn eersten aanloop te dwalen en over te nemen de gangbare beschouwing der Roomscha Christenheid. B.v. Calvijn zocht in Genève invloed op den raad der stad te verkrijgen, om zoo door de overheidsmacht 't volk te beheerschen. Zoo wilden ook de Pilgrimfathers in Amerika „Christelijke Societates" in 't leven roepen. Toch heeft er van meet af aan in het Calvinisme eene andere kiem gelegen, zij het ook verscholen, die er toe leidde om het Calvinisme niet alleen als theologische richting of kerkelijke openbaring te doen optreden, maar ook als vormende kracht voor 't maatschappelijk leven en dat van rijken en volkeren. Die kiem lag daarin, dat Calvijn aanstonds de tegenstelling tusschen Gratia Comm. en Spec. gevoeld heeft en ze, zij het ook op onvol-komen wijze, dogmatisch heeft uitgesproken. Gevolg hiervan was, dat in het Calvinistisch leven die kiem consequent doorwerkte en in Amerika, Nederland en Engeland vrucht droeg in het breken met de staatskerk en in de rijke en volle ontplooiing van het denkbeeld van een vrije kerk in een vrijen staat.' (p. 21) En : 'In tegenstelling met de Gratia specialis, die rechtstreeks op de zali-ging der uitverkorenen doelt, is onder Gratia Communis te verstaan dat genadig bestel Gods, waardoor Hij na den val in het Paradijs de onverwijlde en volkomene doorwerking van de vernielende kracht der zonde gestuit heeft ; eene menschelijke samenleving ook in deze zon-dige wereld mogelijk heeft gemaakt, ook aan het gevallen menschelijk geslacht eene voortgaande ontwikkeling verzekerd heeft, aldus een terrein heeft gecreërd, waarop zich de bijzondere genade zou kunnen ontplooien en de continuïteit van het paradijs met het Regnum Gloriae heeft gewaanborgd. Deze Gratia Communis werkt van het Paradijs af, maar verkreeg in het Noachitisch verbond vasten vorm en uitwendige sanctie. Ze is als het licht der zon, dat zich te midden der sombere natuur op de nevelen afteekent en daarom in den regenboog gesymboliseerd. Ze heeft vijf stukken : 1 De beteugeling van Satan en de machten der vernieling. 2 De tempering van den vloek, die om der zonde wille op de na-tuur is gelegd. 3 Stuiting van de zonde in den enkelen mensch. 4 Bedeeling van allerlei bestel voor en over gezinnen, volken en staten en uitdeeling van gaven voor alle menschelijke levensuiting. 5 De voorbereiding, die in dit alles ligt voor het Regnum Christien het bestel, waardoor dit alles ook aan het leven der kerk dienst-baar wordt gemaakt.' (p. 22) Luther en Calvijn bestreden het vleselijke, en predikten de geestelijke gaven, en alhoewel ze dogmatisch waren kwam het met de kiem van de natuur, en daarna is de kerk hier vanaf geweken, ook van de demonologie, en zo ontstond 1984, de denk en droom politie, de gevallen kerk van het vlees en de psychiatrie, zoals in het Orwelliaanse visioen. Maar de natuur sloeg keihard terug in 1969 met het 'Wild Boys' visioen (1967-1969) van Burroughs over 1988, oftewel de wilde jongens, die rebels waren tegen het politie systeem wat ze hadden opgericht om ieder mens onder controle te houden. Ze pikten het valse scholenprogramma ook niet meer waarin ze werden gedwongen. Ze waren kunstzinnig, creatief, uniek, niet in hokjes te stoppen. Het was een visioen van demonologie, van opstand. De wilde jongens predikten drugs en geweld tegen het big brother systeem. Dit was iets geestelijks, niet iets letterlijks. Het ging om de strijd tegen de machten van het kwaad om zo te

komen tot innerlijke vrijheid. Het gaat om een jeugd beweging. De westerse beschaving moest eraan gaan. Ook zijn visioen sloeg in als een bom. Het was geen fantasie, maar een andere werkelijkheid, wat ook tot de kleinste details is uitgekomen. We zien nog de echte natuurjongens die ontladen en niet alle aandacht en energie naar zich opzuigen om zichzelf op te blazen zoals vandaag de dag veelal gebeurd. Deze jongens voelden zich niet meer thuis in de maatschappij, en rebelleerden ertegen, schopten tegen alles aan, en hielden zich vast aan hun dromen die grenzen doorbraken. Ze waren niet zoals de ander, maar hadden hun eigen wereld. En ze waren jong, niet met pensioen gegaan. Ze waren levendig, zoekende naar een uitweg, alhoewel ze er daardoor dwars doorheen moesten, maar zo wel een spoor van bloed achterlieten. Ja, het is gewelddadig, omdat dit de demonologie is en de reformatie, maar het is iets geestelijks, iets onderscheidend, iets filterend. Heb je genoeg filters voordat je iets aanneemt en voordat je iets zegt of geeft, of neem je alles maar klakkeloos aan ? De wilde jongens hadden de oude vastgegroeide ordes opengebroken en kwamen tot de Egyptische goden, tot het verborgene (Amen), de oorspronkelijke metaforische fundamenten. Ze lieten zich niet terugfluiten maar gingen de oorlog aan. Ze waren van het verzet. 1988 was het jaar waarin ik alhoewel ik nog op het VWO zat al zoveel met mijn vervolgstudie bezig was van het pastoraat en de demonologie, dat ik bleef zitten. Ik wilde niet meer leren wat anderen zeiden dat ik moest leren. Godsis (god+gnosis) riep mij. Ik was 'a wild boy'. Die strijd heeft lang geduurd, en toen ging ik uiteindelijk met een HAVO diploma naar de vervolg opleiding. En ik bleef een wilde jongen, want toen veranderde ik ook nog van richting. Ik groeide namelijk door. 1988 is het jaar van grote rebellie naar het systeem. In 1990 ging ik op kamers wonen, intern bij mijn vervolgopleiding, en 1992 verliet ik definitief het ouderlijk huis, en trouwde ik. 1988, het visioen van de wilde jongens, zou altijd in me blijven, als antistof tegen 1984. Deze jongens waren van de natuur, waren niet bang voor wat vuil of voor lompen. In de 80-er jaren kwam er een beweging op met gescheurde kleren als teken van rebellie, zoals ook het boek had voorspeld. Dat kon je gewoon in de winkel kopen, of je kon het zelf maken door wat scheuren. Het liet alles meer ademen. De school uniformen gingen uit. Vuile vlekken, ook bijvoorbeeld urine plekken, bleken als je dichterbij kwam visioenen te zijn van andere werelden. Je ging er hele andere dingen in zien. Zulke dromen heb ik ook gehad. Ze dealen in wapens en drugs, oftewel demonologie en profetologie, en ze hebben geestelijke wonden en littekens (kruisologie). Velen zijn naakt en dragen schaamdoekjes (beeld van het natuurvolk), en enkelen zijn zelfs helemaal naakt (niets tussen jou en de natuur), en ze hebben lange messen. Ze staan daar niet volgevreten, maar zijn uitgehongerd. Ze verkopen zich niet als pizza's en broodjes hamburger of worst aan de overconsumerende samenleving, maar komen in een offensief. Ze willen geen verbonden sluiten. Het is oorlog. Sommigen hebben zweren die zich door hun vlees helemaal een weg tot het bot hebben gevreten. Er is de geur van ether en verband, bloed. Als ze krabben verspreiden ze de zweren alleen maar verder. Burroughs stelt dat het nooit de bedoeling was dat iemand het onuitsprekelijke kwaad van deze plek leerde kennen en zou kunnen navertellen. Zelfmoord is de enige ontsnappingsmogelijkheid, oftewel het doden van het vlees, van het ego, want het visioen is symbolisch. Denk ook aan ons artikel 'het leger van zelfmoordenaars' uit ons tijdschrift 'De Orkaan – apostolisch front-nieuws', 1996, wat ook over deze wilde jongens gaat : 'Het leger van zelfmoordenaars Het leger van zelfmoordenaars, het leger van tranen. Komende van boven, vanuit de pijn van Gods hart. Het leger van zelfmoordenaars, komende van boven. Mensen schudden het hoofd. Weer zo'n groep extremelingen. Mensen lachen erom en leven verder. Het leger van zelfmoordenaars, nog weinig vruchten, maar onder de grond sterk geworteld en daarom voorbeschikt om eeuwige vruchten te dragen.

Het leger van zelfmoordenaars, met Jezus, de moordenaar als hun leider. Wat doen ze ? Waar zijn ze mee bezig ? Ze verliezen zichzelf, tellen zichzelf niet. Ze haten zichzelf, ze worden moordenaars. Het leger van zelfmoordenaars, omdat het zondige 'ik' uitgeroeid moet worden. Ze laten geen splinter van de oude natuur heel, ze zijn genadeloos voor het vlees. Ze worden opgeleid tot moordenaars, door de grote moordenaar, Jezus, door de grote vleesmoordenaar, de slager van het paradijs, door de Grote Vader. Het leger van zelfmoordenaars, omdat er bescherming moet zijn, omdat er veiligheid moet zijn. De duisternis wordt vermoord, vermoord door het licht. We kunnen er niets aan doen. Als het licht aangaat, is er geen duisternis meer. Het licht grijpt de dood en brengt hem naar het kerkhof. Het licht grijpt het kerkhof en laat het verdwijnen. Zo is het licht, zo is het leven. Zo is het paradijs van God. De dieren staan op en omsingelen de slang, bedreigen de boom der kennis van goed en kwaad, de valse vruchten worden bespuwd en vertrapt. Weg met de slang, weg met de valse vrucht. Weg met de valse zelfmoord, weg met de valse moord. We richten de moordlust op het kwaad, niet meer op het licht. We richten onze woede op de valse dierenwereld, niet meer op de dieren van God. We slachten het lam niet meer, maar we slachten het beest. We slachten de duif niet meer, we slachten de draak. Het beest en de draak in onszelf, we vermoorden het, het ik-beest en de ik-draak. We worden zelfmoordenaars, we doen het licht aan en de duisternis uit. Het leger van zelfmoordenaars, op weg naar het kruis, waar het beest en de draak hun nederlaag lijden, waar het licht is aangegaan. Een staatsgreep vindt plaats, een kroonwisseling. Het licht heeft overwonnen, heeft de duisternis van zich afgeschud. De graankorrel heeft de donkere grond opgezocht, is de dood binnengetreden. Nu staat er een boom. Een boom van het licht. De dieren nestelen zich erin, eten van z'n vruchten en worden genezen door z'n bladeren. Ja, voelen zich er veilig en weten zich geborgen en geliefd. De boom des levens, omdat de graankorrel een zelfmoordenaar wilde zijn, omdat het zaadje z,n leven weggaf. Het licht heeft de duisternis gehaat, anders zou er geen licht meer zijn. Kijken we nu naar de kerk, komen we daar binnen, wie staat er vooraan ? Een moordenaar, ja, maar wat voor een moordenaar, hij heeft het licht vermoord, de Duif vertrapt, ja gekruisigd. Een andere duif vliegt er nu, dus het valt niet echt op. Voor de één een ander. Ik hoor gesnik, m'n voeten worden nat. Ik hoor gehuil. Sommigen hebben in de ogen van die nieuwe duif gekeken, en zagen zichzelf, zagen de draak. De draak verkleed als duif. Nu huilen ze, smeken ze, schreuwen ze om hulp. Het leger van zelfmoordenaars. Er wordt veel gesolliciteerd. Er wordt veel geklopt op de deuren

van hun kazerne. Nieuwe kandidaten melden zich aan, vol tranen en pijn. Vol zelfmoordlust en zelfhaat. Woedend op de draak, woedend op het ik-beest. Er wordt een deur geopend. Ze worden aangenomen en krijgen hun soldij: een schapehart en duivevleugels. Het lam en de duif tezamen. Het leger van zelfmoordenaars, op weg naar het paradijs, op weg naar het Eeuwig Leven. Laten hun oude leven achter en worden een lam, worden een duif. Het leger van zelfmoordenaars, het leger van christenen, van Godvruchtigen. Nu een bezienswaardigheid voor de wereld. Nu in een kooi, nu in ketenen, achter tralies, achter tranen en verdriet. Opgesloten in satans dierentuin, voor het vermaak van de wereld. De tralies, de fototoestellen, een weerspiegeling van het eigen-ik. Er groeit iets in je hart, je haat het eigen-ik, de zonde-macht waarvoor je hebt gekozen. Je ziet jezelf in de drinkbak van je hok, het is als een spiegel, je walgt ervan. Er groeit iets in je, woede, zelfmoordlust, moordlust. Je richt het op de tralies, op de fototoestellen, ja, op alles wat je benauwd. Je wil weer vrij zijn. Vrij als een vogel, vrij als een duif. Jezus zei: kruisig jezelf. Jezus zei: kruisig je hartstochten en begeertes, je zondige natuur. Jezus zei: pleeg zelfmoord, verlies je leven en haat het. Begin opnieuw. Doe het licht aan. Laat de woede maar ontploffen ! Geef er uiting aan, maar blijf het richten op het kwaad, niet op het goede, Want: Het leger van zelfmoordenaars is ook te vinden in het domein van de duisternis. Ze komen op van onderen en doven elk licht, elk lampje. Ze komen op uit de afgrond, ze komen vanuit de zwarte zee. Ze haten het licht, ze haten Mij, ze haten de Duif. Hun aanvoerder is het beest, hun koning de draak. Ze zijn verkleed als lammetjes en spreken als duiven. Er zijn twee legers van moordenaars, elkaars tegenpolen en nu is het oorlog. Wie gaat het winnen. Het goede of het kwaad ? Er is maar één manier om dat vast te stellen: Ga naar een donkere kamer en doe daar het licht aan en je zult zien wie de sterkste is. Overal waar het duisternis is, kan het licht binnenkomen en is er geen duisternis meer, maar overal waar het licht is, kan de duisternis niet binnenkomen.' Zo eindigt het artikel. Burroughs stelt : 'Ik kan slechts bidden dat de afschuwelijke geheimen die ik heb blootgelegd voor altijd met mij het graf ingaan.' Zo is het profetische. Het is alles of niets. Het is niet om naam mee te maken. Het vlees moet afsterven, geheel, tot op het bot. De wilde jongens maken geen compromissen. Dan is er de uitspraak : 'Sperma maakt vlees.' Het gaat om een wisseltransliteratie van hieroglyphen als een cryptische taal die de wilde jongens gebruiken, wat

uiteindelijk ervoor zorgt dat familie foto's vergelen. Geen vraatzuchtigen, maar de wilde jongens, als uitgehongerde honden, als hyena's, die de samenleving onveilig maken. Er is bijna geen politiemacht meer. Hij stelt dat porno uit z'n verband en context is gerukt en een genre op zich is geworden. Het mochten niet meer op zichzelf staande verminkte fragmenten zijn, maar zoals het in de film te pas komt, als een deel van het leven (zie demonologische sexuologie). Je moet het gevoel krijgen dat je wat geleerd hebt, en niet een gevoel van : hè wat goor. daarom stelt hij ook : vecht tegen de (geestelijke) tuberculose, tegen de overgesexualiseerde maatschappij (sex uit de context, als lust object, voor de verkoop). De wilde jongens, het zijn dunne, jonge jongens, niet vetgemest door de samenleving, maar ze hebben zich afgezonderd en zijn rebels, eigenzinnig, een bepaald soort van autistische en paranoïde gave (wat dus geen ziekte is zoals de psychiatrie stelt en die op zulke wilde jongens jaagt.) Ze zijn dualistisch, niet eenzijdig, totdat de tijdschriften vergelen. Dan gaat het over jongens die dit soort briefjes schrijven : Lieve Mam en Pap: Ik ga bij de wilde jongens. Als jullie dit lezen ben ik al ver weg. Johnny. In heel Amerika verlaten jongens hun erfenis. Het tijdperk van de wilde jongens is begonnen, door William S. Burroughs (1914-1997), een dodenboek. 'Jezus, denk eens aan al die goeie, fatsoenlijke Amerikaanse jongens … Goeie genade, het zou maar zo je kind of het mijne kunnen wezen.' Aan het einde van het boek wordt steeds duidelijker wat er gaande is : 1988 – onder het voorwendsel van drugbestrijding zijn er over de hele westelijke wereld onderdrukkende politie staten gesticht. Het is de exacte technologische programmering van gedachten en gevoelens, en van openlijke zintuig waarneming, en zo ontstaat er een democratisch carnaval. Iedereen die het overheidsapparaat tegenwerkt wordt vanachter dit masker veroordeeld tot misdadiger, verdorvene en verslaafde, met veel tamtam. Ondergrondse legers bestoken de politie met anonieme telefoontjes en brieven van valse informatie, wat allemaal pseudo-politie optrommeld om de mensheid te fouilleren. Zo komen ook de pseudo wegwerkers die de waterleidingen kapot slaan, en de electrische kabels doorsnijden, en infra-geluid breekt de alarmsignalen af, wat de mk ultra toestand van vandaag de dag bespreekt. Maar de wilde jongens vormen een bevrijdingsleger. Hiervoor moet het politie apparaat met al haar archieven vernietigd worden, en ook alle dogmatische verbale systemen. Gezinnen en hun woekerende uitbreiding in stammen, landen en naties moeten bij de wortel uitgeroeid worden, stelt het boek. 'We willen niets meer weten van familiepraatjes, moederpraatjes, vaderpraatjes, plattelandspraatjes, feestpraatjes enz. Om de dingen bij hun naam te noemen. We hebben schoon genoeg van dat gelul.' En zo rijzen de wilde jongens bendes op. Wat zijn hun karakteristieken : volharding. Ze hebben een ongelooflijk uithoudingsvermogen. 75 km per dag. Het zijn shamaan-jongens en droom-jongens, wildernis jongens, die elkaars dromen kunnen zien, stille jongens. Het zijn de gevluchte overlevenden van een schrikbewind. Ze snijden pezen door. Het zijn ruilers van drugs (profetologie) en wapens (demonologie). De rechtstaande fallus betekent bij de wilde jongens hetzelfde als in het Egyptisch : ergens voor staan, iets confronteren en aandachtig onderzoeken. Ze gaan zintuigelijk om met woorden, kunnen woorden zien, voelen, betasten, proeven, ruiken. Het boek zegt erover : Sommige wilde jongens praten helemaal niet. Anderen hebben schreeuwen, liedjes, omgebouwde woorden, koude, vreemde woorden, die als netten over de geest vallen, viruswoorden die de hersenen aanvreten, idiote deuntjes die in de strot blijven steken etc. Het boek eindigt met te zeggen 'Wilde jongens nu dichtbij.' Met in de verte een blaffende hond.

Hoofdstuk 12. welcome to the deep new world Waar moet je denken als je aan psychiatry en dentistry denkt ? tijd politie drugs politie wapen politie geslachtelijke politie voedsel politie charismatische politie doden politie astrale politie geboortebeperkings politie Het zijn de hersenpolitie, twee pseudo-wetenschappen die aan symptoombestrijding doen, slechts de problemen verkapselen, maskeren. Ze gaan niet tot de wortel. Ze gaan niet tot de bronnen. Ze donderen hun lagen beton over de natuur, alsfalteren het. Ze handelen liever dan dat ze studeren. Brave new world, of deep new world ? Al deze nachtmerries zijn er voor om de mens te stimuleren tot de dieptes te gaan, tot deep new world instead of brave new world. Denk je in waarom je op deze aarde bent gekomen in deze nachtmerries. Het is om je wakker te schudden. Psychiatry en dentistry maken hun eigen kortzichtige wereld. In plaats van mensen te onderwijzen donderen ze hun giffen in de mensen en doen ze kortaf. Ze willen de waarheid niet. Zo maken ze hun zondebok, hun pispaaltje. Ze bewaken iets. Het zijn geen leraren, maar spijbelaars die iets geroofd hebben en hun schat met hand en tand angstvallig bewaken. Sociaal zijn deze mensen niet. Ze kunnen hun grijns opzetten, en ze kunnen je proberen te paaien, maar na kantooruren zijn ze gesloten. Daarna wanen ze zichzelf de koning van zowel je identiteit, je ziel (psyche) en je lichaam. Het is pure verkrachting in z'n ergste vorm, want hun implantaat gaat er niet meer uit. Overal laten ze hun sporen van verwoesting achter. Vandaar dat de wilde jongens zijn gekomen, zoals in het poetische visioen van Burroughs (1967-1969) over 1988. 1984 ? Het antwoord is 1988. Medicijnen die uit de handel zijn gehaald vanwege het vallen van doden, wat in principe dus een pharmaceutische aanslag was, een pharmaceutische poging tot massamoord ? Mensen die uit hun rolstoel komen na het verwijderen van hun gevulde kiezen ? Het deert deze criminelen allemaal niet. Ze gaan rustig door met hun facade en hun beleid. Een ezel stoot zich geen tweemaal aan dezelfde steen ? Deze ezel wel. Het is : foutje, bedankt ! En ze gaan rustig door, onverstoord. Hoeveel 'fouten' mogen deze mensen maken ? Hun hele industrie is één grote fout. Als dit soort

dingen in de demonologie gebeuren worden ze uit hun ambt gezet, want ze zijn anders een gevaar voor mensen en voor henzelf. Maar in de pharmaceutische industrie deert het allemaal niet. De mens is immers een proefkonijn. Daar wordt hevig op geexpirimenteerd. Op de keukentafel nog wel. Ze kunnen nauwelijks lezen of schrijven, deze mongolen, en meten zichzelf zulke gewichtige titels en taken aan. En geestelijk zijn ze helemaal ongeletterd. Ze kennen niet eens het beroep van hun buurman. Zoals u begrijpt zijn deze twee systemen de grootste monsters waar wij in de demonologie tegen strijden. Daarom moeten we de dingen zoeken die boven zijn, niet die op de aarde zijn. Daarom is er een pad in de literatuur. Er zal een geestelijke evacuatie moeten zijn, een opname, en die komt dus niet zomaar uit de lucht vallen, maar die gaat door studie, door de literatuur. Deze opname gaat door de profetologie, de demonologie en de kruisologie. Kent u deze vakken ? Er zal een nieuwe schepping komen. De geestelijken hebben uiteindelijk de kiem hiertoe. Daarom worden de geestelijken onderdrukt. Daarom zijn de geestelijken martelaren, omdat zij op lange termijn denken en werken. Geen brave new world, maar deep new world. Het is oorlog. Waarom lijkt het soms alsof God (de gnosis) niks doet ? Natuurlijk doet de gnosis heel wat. De gnosis onderwijst. Maar waarom is de aarde nog steeds in de handen van duivelse systemen zoals de vlees industrie, de dwangscholen industrie, de betaalde rechts industrie, dentistrie, psychiatrie enz. enz. ? Daarop zal dit artikel een antwoord geven. Hoofdstuk 13. Jezus, de wilde jongen en slager Waarom zijn de wilde jongens in het boek van Burroughs homofiel, en kunnen vrouwen die daartoe medisch zijn goedgekeurd alleen maar bevrucht worden door sperma van de zwarte markt ? Er werd zowel gehandeld in babies als in sperma. Ik had eind 2018 [1] een droom. Ik schreef hierover naar een Amerikaanse vriend die dakloos was : 'I had a dream this night about public toilets or in some building that there were curtains around it, and children peeked through it, and guess what ? THEY KEPT BABIES IN THE TOILETS, like cradles. People were like : 'but we have to pee ...' The babies looked like dolls.' Hij schreef terug : 'That dream is inspiring but mostly I got this really interesting feeling. Reading it made a heavy thud in me.' Maar waarom waren de wilde jongens homofiel, en hielden ze vrouwen op zo'n afstand dat die alleen maar als ze daar medisch voor waren goedgekeurd sperma konden krijgen van de zwarte markt ? Als vrouwen toenadering zochten dan renden de wilde jongens van hen weg, en vrouwen vroegen zich af waarom ze 'zo moeilijk te benaderen' waren, zo hard. Waarom ? Waarom ? Het is een homofiele jeugd beweging die de westerse samenleving wil afbreken. Och ziet u, het antwoord is heel eenvoudig : Het is beeldspraak. Het is een visioen. Het is een andere werkelijkheid. Homofiel betekent van het eigene, op zichzelf. Zo was dat in de oude talen al. Je bent tot je eigen identiteit gekomen. Het is dus niet letterlijk. Ik ben ook geen homofiel (Het kan me allemaal niet

schelen). Ik kan me herinneren toen ik heel diep in de put zat en dacht dat ik alles verloren had, en het enige wat ik nog in de buurt had, heel ironisch, was het boek 'Alleen op de wereld'. Ik klikte de tv aan en er was een clip van een jongetje dat zo boos was op het onrecht in de wereld dat hij naar buiten ging en begon te schreeuwen, en iedereen die hem hoorde schreeuwen viel omver. Hij was als een leger op zichzelf, als een war child, een wilde jongen. Hij scheen aan ernstige depressies te lijden waar hij later ook aan overleden is. [2] Maar geslachtsdelen zijn sexueel helemaal uit de context gehaald en overgesexualiseerd, terwijl het oorspronkelijk demonologische zintuigen waren (ook profetologisch en kruisologisch). Het boek Hosea wat over deze onderwerpen gaat is door de tijden heen helemaal uit z'n verband gerukt en verdraaid. Oorspronkelijk was het in de voortijd een boek over een natuurvrouw die een varken vetmestte. Ze was een varkensfokker, wat ook een beeld is van het kruis (dit is geenszins letterlijk), namelijk dat de mens zijn kruis moet dragen, en zo laat God de wereld maar aanrotzooien om de wereld vet te mesten voor de slacht. Dat is er wat achter de schermen gaande is. Het wil dus niet zeggen dat God zich niet bekommert om onze problemen en het onrecht, want hallo ? Zijn we het vergeten ? Het is niet God, maar Godsis, god+gnosis, oftewel de oneindige kennis die met strategie werkt. Als je iets niet kan overwinnen moet je het vetmesten voor de slacht, oftewel fokken, oftewel kruisdragen. Laat maar groeien, want dan heb je later veel vlees. Dit is beeldspraak en mag alleen toegepast worden op de demonologie, maar de luie en laffe mensen hebben dit toegepast op de dieren om hen heen, en vroeger ook op de mensen om hen heen (kannibalisme). Dit zijn dus allemaal afwijkingen, verdraaiingen van de demonologie. Psychiatrie, dentistrie, vleesindustrie etc. zijn allemaal verdraaiingen van de demonologie, afwijkingen. Ze hebben de gnosis verkracht en Godsis mest ze vet. 'Zondig maar raak, vreet maar raak, want je bent op weg naar de slager. Toe maar, neem maar rustig van alles wat je om je heen ziet liggen. Je moet er nog van groeien. Van zaadje tot karbonaatje. Enzovoorts.' God is een slager. Godsis is een slager. Punt. En deze slager werkt met strategie. God is nu de zonde aan het fokken. Dat is waar het boek Hosea oorspronkelijk over ging, maar nu lijkt het meer op wat het boek Amos in de voortijd was. Ik zag vroeger een clipje hoe het jongetje zo blij was dat hij met zijn schreeuwmuziek mocht samenwerken met een bekende rapper. Hij was allemaal dansjes aan het doen van blijheid. Ik hield mijn handen voor mijn gezicht. Ik dacht : waarom ga je je mooie muziek nou vergallen met rap ? Het was een hele talentvolle jongen, met lyrics zoals 'all i want to do is be more like me and be less like you.' Hij was in strijd tegen het systeem als een wilde jongen, en daarom hebben ze hem afgemaakt. Maar in het boek van Burroughs : als er een wilde jongen wegvalt, staat er direct een wilde jongen voor op in z'n plaats. Wild boys never die. Ik had een droom over hem toen ik bezig zou gaan met de voortijdse wortels van Hosea en hij maakte weer die dansjes, en hij was zo blij. Dit keer ging het om de samenwerking met mij waar hij zo over verheugd was. Laten de wilde jongens opstaan die het niet meer pikken. Maar bedenk ook dat het fokkers zijn. Als Jezus je de andere wang toekeert denk dan niet : 'Goedzo, we hebben hem.' Nee, hij heeft jou, want hij fokt je slechts, hij is je zonde aan het vetmesten. Jezus is een slager, een wilde jongen. Als taalkundige weet ik dat Jezus in de Aramese grondtekst een homofiel was, alhoewel dat beeldspraak is. Jezus was dus eigenzinnig, liet zich niet beïnvloeden door anderen. Dat is wat homofilie daadwerkelijk betekent. Wij moeten zorgdragen voor onszelf en onszelf liefhebben (homos, Grieks, hetzelfde). De homo was in de oude talen gewoon de naam voor de mens van superieure intelligentie. Dit ontwikkelde zichzelf steeds door. De mens was in evolutie. Homo betekent gewoon mens (latijns), maar is de mens nog wel een homo ? De psychiatrie die mensen fokt in samenwerking met de vlees industrie die dieren fokt is de wachter van het boek Hosea, van de voortijdse wortels. Zij willen niet dat de mens deze fok geheimen leert, want zij willen de mens fokken. Het zijn fokkerijen. Alleen het kruis leidt terug tot de wortels. Daarom dragen we het kruis om later een oogst te hebben. Het is nu een tijd van zaaien en fokken.

'Kijk, hoe groot en vet die varkens worden.' We klagen erover maar van binnen weten we wel beter dat deze dingen MOETEN gebeuren. Jezus die telkens maar weer zijn andere wang toekeert, en telkens maar weer vergeeft, en soms zijn woede-uitbarstingen heeft, zoals de zweep over de markttafels en het niet willen vergeven van hen die hem een etiket op hebben gedrukt 'nu niet en niet in de toekomende eeuw', is allemaal het werk van de slager. Jezus is een slager. Soms fokt hij, soms slacht hij. Laat niemand zich bedriegen en denken dat ze weg kunnen komen met de zonde. God fokt zonde. De wilde jongens fokken zonde, als wijnstokken in de bloei, en eens zal daar de sikkel zijn, en zal de wereld verdrinken in druivenbloed. Er zal een grote zondvloed komen, algeheel opgespaard. Nu is er nog het fokseizoen. De boer kijkt naar de vruchtjes in zijn planten : 'Nog niet rijp, nog niet rijp.' Wees niet overmoedig, wees niet van 'brave new world', van overmoedige zetten in het schaakspel. Wacht je tijd rustig af, en wees creatief. Het gaat om de nieuwe schepping. Al deze systemen zullen verdrinken, zoals farao en zijn rijwagens in de exodus door de terugvallende zeemuren werd overdonderd. Die tijd zal komen. Zie de tekenen daarvan in de hemel. Het is al gebeurd, en de mens mag het alleen op de juiste tijd ontdekken, als hij diep genoeg zijn wortels heeft om het te kunnen dragen. De grootste oorlog is altijd tegen ons eigen vlees. Daar is de rest slechts een weerspiegeling van. 'Het oordeel begint bij God's huis.' Hoe dan ook : Het kwaad moet gestraft worden. Wat betekent dit ? Het kwaad moet verdiept worden, teruggedraaid worden tot wat het oorspronkelijk was, want het kwaad is slechts het verdraaide goede. voetnoten : [1] begin oktober 2018, nacht van 3 op 4. [2] voorman linkin park (1976-2017) Hoofdstuk 14. gsm of profetie Het lichaam bestaat uit allerlei onderdelen die organisch met elkaar communiceren door prikkels via de hersenen. Dit is een ingewikkeld mechanisme van de natuur, maar nu zijn er gestoorde idioten die hier helemaal niets van weten en die zich tandarts noemen en die de tanden van mensen tegenwoordig plastisch opbakken, waardoor de natuur communicatie volledig verstoord wordt, want de tanden worden zo tot gsm's die hele andere straling oppikken zodat de mens gefrituurd wordt. Shamanen waarschuwen al lang tegen fluor maar ook tegen het opbakken van de tanden door vullingen en wkb's, omdat ze kunnen zien wat er allemaal energetisch misgaat in de mens en de ramp is niet te overzien. Zo wordt de mens onder zware mk ultra mindcontrol gezet met al die dentistriatische gsm's in zijn mond. Vroeger bestond dit allemaal niet en was de mens puur natuur, maar de tandarts is een luxe probleem. Hosea ging in de voortijd over een natuurvrouw die een varken vetmestte, als beeld van de zonde die eerst de maat vol moet maken, tot een toppunt moet rijzen. Dat is ook wat we het kruisdragen noemen. Desalnietemin strijden we tegen deze zonde, maar het kan nog niet geheel vernietigd worden. De slacht van dit beest moet nog komen. Maar dit beest zal op het daartoe aangestelde tijdstip uit de hemel worden geworpen. In principe is dit al

gebeurd, maar de mens moet hiertoe ontwaken. In de decennia voor de 80-er jaren waren er twee grote visioenen over de 80-er jaren, namelijk die van George Orwell in 1949 over 1984 en van William S. Burroughs in 1969 over 1988, over de komst van de wilde jongens. 'We zijn naakt. We hebben niets. We zijn bedekt door de natuur. We hebben het geheim van de eeuwige jeugd gevonden.' Ik kwam dichterbij in de droom, tot de jongen. Heel voorzichtig raakte ik zijn hand aan. Zijn huid was inderdaad bedekt door de natuur, de grond van moeder aarde. 'Open je hand,' zei hij. Hij legde er wat zand in. Ik kon het zand ruiken. 'Hier zijn de jongens wild,' zei hij. 'Niet meer van de mens, maar van God, van de natuur. Alles wat we willen is God, de gnosis, godsis.' [1] Er is geen hoop buiten de theocratie. We leerden het al op de profetische school : geen dictatuur, geen democratie, maar theocratie. Geen menselijke soevereiniteit, maar de soevereiniteit van God, van de oneindige kennis, gnosis, oftewel Godsis. Dat is waar de anti revolutionaire beweging voor stond in de jaren 1800. Zonder God gaan we er allemaal aan. De revolutie had ook zijn goede kanten, dus de anti revolutionaire beweging was niet tegen alle veranderingen, maar dualistisch. Het was niet fundamentalistisch. Het beginsel moest zijn dat de hogere macht de overheid bestuurde, en niet de menselijke macht. Dit is ook het uitgangspunt van de demonologie. Er komen zoveel ongelukken als de mens vanuit het vlees, met de natte vinger, de andere mens wil besturen. De geschiedenis herhaalt zich. We zullen de term 'wilde jongens' vanuit de geschiedenis verder bespreken. Wat is het ? Wat was het ? Het is niet slechts 1988. Het komt van een eerder tijdperk, maar kwam terug in 1988. Wie zijn de wilde jongens, en waar stonden ze voor ? Ze streden tegen volkssoevereiniteit. 'In ons isolement ligt onze kracht.' De kerk kwam onder de koning terecht en er was veel machtsmisbruik. Er kwam een afscheiding van hen die terugwilden naar de bron : God, en de oorspronkelijke doelstellingen van de reformatie, ook voor afhankelijkheid, en toen werden ze vervolgd. Kan iemand dit op diepte schatten ? De wilde jongens werden vervolgd. Zij hadden zich afgescheiden van de koningskerk. Zij wilden een persoonlijke relatie met God, niet via de koning. Kan iemand zich dat voorstellen ? Dit is de strijd van de jaren 1800 geweest, en kwam terug in de jaren 80 toen de profetische beweging op kwam zetten, genaamd de derde golf. Het werd niet door de kerk geaccepteerd. Er mocht geen afscheiding van de kerk plaatsvinden. Families ontploften toen hun kinderen overliepen naar de charismatisch-profetische beweging. Dat kon echt niet. De psychiatrie hebben ze toen ingesteld als een huurmoordenaar om deze kinderen om te brengen, om karaktermoord te plegen. De profetische beweging is ervoor om de mens tot de eigen, kinderlijke identiteit terug te brengen, maar deze eeuwige jeugd werd als een mentale ziekte bestempeld. Groen van Prinsterer stelde : 'De Gereformeerde Kerk is geadministreerd. Zij is een deel der Staatsmachine geworden, een Departement van Algemeen bestuur. Er is een Ministerie van Eeredienst in-gesteld, geheel in den geest van het stelsel van Adminis-tratie dat wij van de Fransche revolutie, in hare liberaaldespotieke ontwikkeling, hadden geerfd. Er is, naar de meening van het bestuur, eene Kerk in den Staat, een soort van Kerk-Staat gevormd, waarin de leeraars bijna als ambtenaren, de ledematen, ook als zoodanig, bijna als onderdanen worden beschouwd; waarin de Koning die, als lidmaat der

Gereformeerde Kerk, geene regten dan die van ieder lidmaat bezit, bijna als Regent en Opperhoofd aangemerkt word. Aldus is eene schroomelijke verwar-ring van attributiën ontstaan.' [2] 'Door het politiek gezag is in 1816 de Gereformeerde Kerk georganiseerd.' [3] 'De toetssteen was, niet, in plaats der Formulieren, Gods Woord, maar in plaats van Gods Woord, ieders meening geworden. De vrijheid werd in de meest onbeperkte losbandigheid gesteld, en strekte zich tot de meest verderfelijke dwaalbegrippen uit.' [4] 'De Kerkelijke historie waarschuwt ons tegen tweederlei gevaar: bijzaken voor de hoofdzaak, de hoofdzaak voor eene bijzaak te houden.' [5] 'De vervolging is ondoeltreffend. Immers wat kan zij bedoelen? De scheiding te doen ophouden, de rust in de Kerk te herstellen. Maar, zoo lang hunne overtuiging niet verandert, is volharden voor de Afgescheidenen pligt; en door dwang, door straf die men ale onregt-matig beschouwt, words men wel verbitterd, niet over-tuigd. Bovendien de zucht naar scheiding neemt toe door de belangstelling en het medelijden dat men voor vervolgden gevoelt.' [6] 'De vervolging zou ook welligt langzamerhand meerde-ren tegenstand ontmoeten. Tot dus ver werd zij door-gaans beantwoord met geduld en lijdelijkheid; dit zou lang plaats kunnen hebben, maar niet altijd. Ten laatste verliezen ook de geduldigsten het geduld; zij worden ook op de grenzen der onderwerping bedacht; zij herin-neren zich niet enkel pligten, maar ook regten to heb-ben; en te dikwerf als dan worden die regten verdedigd op eene onregtmatige wijs. De menschelijke driften raken van wederzijde in het spel.' [7] Hier zien we het wilde jongens aspect verschijnen. 'Dus hebben zij, volgens Art. 193 der Grondwet, regt om in hunne openbare Godsdienstoefening niet te worden belemmerd.' [8] De kerkelijke vervolging, al dan niet met behulp van de (ingehuurde) psychiatrie verstoort een kind ernstig in de uitoefening van zijn jeugd-zijn, zijn spontaniteit en abstracte godsdienstvrijheid. Het is een zware mentale aanval op het kind wat traumatische gevolgen kan hebben voor zijn verdere leven. Art. 190, 192, 193, 19d zijn tegen alle vervolging om der Godsdienst wille gerigt. (…) Art. 190 waarborgt vrijheid, volkomene vrijheid van Godsdienstige begrippen. [9] Aan het einde van het boek stelt Gr. v. Pr. : 'niet door uiterlijke dwang, maar innerlijke gehechtheid.' voetnoten : [1] Ik sprak met Groen van Prinsterer. [2] De maatregelen tegen de Afgescheidenen aan het staatsregt getoetst (1837) – Groen van Prinsterer, p.15. [3] idem, p.16 [4] idem, p.21 [5] idem, p.23 [6] idem, p.41

[7] idem, p.43 [8] idem, p.53 [9] idem, p.56 Hoofdstuk 15. de jaren 1800 : kiezen tussen koning of god De kerkgeschiedenis van de 80-er jaren (en 90-er jaren) was verschrikkelijk. Ik groeide er in op. Iedereen die vanuit de orthodoxe gereformeerde kerk overliep naar de profetische beweging werd voor gek verklaard. Het werd de derde golf genoemd en was gekomen om de kinderen los te maken van de mensenkerk die zichzelf koning waande om zo terug te keren tot de bronnen van godsis. Niet de mens is de autoriteit, maar godsis (god+gnosis). Het is iets wat kinderen vandaag moeten weten hoe zwaar dat tijdperk is geweest en hoe deze strijd er nog steeds is. Het vormde de gezinnen destijds, maar verscheurde ook weer veel gezinnen, want de profetische beweging was een radicale beweging, en zij die zich hierin niet lieten onderwijzen door de demonologie werden weer afgescheurd en kwamen tussen wal en schip, zoals dat ook in mijn gezin gebeurde. Ik was afgescheurd van mijn familie, en later ging die scheur ook door mijn gezin omdat mijn vrouw het niet volhield. Die is in principe gewoon weer teruggegaan naar een tussenvorm, met alle gevolgen daarvan. Zo werden ook mijn kinderen aan deze moloch geofferd. Kinderen zijn altijd weer de dupe van dit soort dingen. Wij moeten daarom volhouden in de strijd voor het goede, niet alleen voor onszelf, maar ook voor onze kinderen. Als je nergens voor staat val je voor van alles. De jaren 1800 herhaalden zich. Er was een afscheiding, maar het werd door hen die zich koning waanden niet geaccepteerd. De profetische beweging werd zwaar vervolgd op allerlei manieren. Daarom moest er ook nog een vierde golf komen, die van de demonologie. Het was hier waar vele profetischen niet verder gingen en dus bleven zitten, en er een nieuwe scheuring kwam : de charismatische scheuring, oftewel de charismatische oorlog, waar wij ook veel over geschreven hebben. Die oorlog is nog steeds gaande. De sleutel ligt in oudere versies van genesis. Er was een oorlog tussen twee landen, waaronder Silphi. Het was een tijd waarin veel kinderen werden geroofd. Kierkegaard schreef over de ontwenning van de moederborst. Eerdere versies van genesis spraken ook over de profetische uithuwelijking. Sisprofeten (profeten van de gnosis) werden op Pniël in hun strijd met de grote vrouwen of moedervrouwen opgenomen, wat je ook kunt vergelijken met de Germaanse valkyrie opnames, strijdgodinnen, amazones. Dit zijn bovennatuurlijke natuurvrouwen die groter zijn dan mannen, en die hen die aan zichzelf zijn gestorven op het strijdveld, de sisprofeten, opnemen tot het valhalla, de hemel. Deze opname wordt ook besproken in het boek openbaring maar was oorspronkelijk beschreven in een oudere versie van genesis : opb 12:4-5 : En de draak stond voor de vrouw, die baren zou, om, zodra zij haar kind gebaard had, dit te verslinden. En zij baarde een zoon, een mannelijk wezen, dat alle heidenen zal hoeden met een ijzeren staf; en haar kind werd plotseling weggevoerd naar God en zijn troon.

De opname is al geweest, en het is een opname naar binnen geweest, dus het is niet zo dat je letterlijk niet meer rondloopt omdat je met vliegend paard en wagen naar de hemel bent genomen. Neen. Zij die opgenomen zijn lopen nog gewoon rond. Het vleselijke kan het geestelijke niet verstaan. Zij die door de derde golf werden gegrepen en tot de hemel werden opgenomen werden vervolgd door hen die van de aarde waren. Iedereen van die tijd kent deze strijd. Zij van de derde golf zijn de wilde jongens, en zij rezen al op in de jaren 1800 o.l.v. groen van prinsterer en abraham kuyper, die later ook als predikant minster-president van nederland werd, om de wilde jongens aan te voeren. Zij waren de afgescheidenen, die hadden gebroken met de koningskerk. Dit was een onafhankelijkheids-oorlog binnen de kerk, die later als de eerste wereldoorlog en de latere joegoslavische oorlog in de wereld zou plaatsvinden. Ook de kerkoorlogen in de 80-er en 90-er jaren waren onafhankelijkheids-oorlogen, grote kerkscheuringen. De derde en vierde golven gingen terug naar calvijn en luther die de geestelijke gaven predikten en die tegen het vleselijke streden, net zoals de afgescheidenen in 1800. De kerk was namelijk zwaar afgeweken van de bronnen van de reformatie. Zoals gr. v. pr. stelde was de kerk afgeweken tot een valse verlichting van een staatskerk. (De maatregelen tegen de Afgescheidenen aan het staatsregt getoetst (1837), p.65) Deze staatskerk was gezeteld op het staatsbelang en had zich boven het evangelie verhefd. Het ging hier om menselijke soevereiniteit en niet meer van de godsis. Daarom moesten de sisprofeten wel komen, en dit waren de opgenomenen. Jezus zei dat hij niets uit zichzelf kon doen, maar alleen als hij het god zag doen. Dat is wat profetie is : hij was uitgehuwelijkt aan de hogere realiteiten. Hij hing de kennis aan, niet de lagere wil. De kennis was de hogere wil waardoor hij werd voortgedreven. Ook jezus was dus een sisprofeet, een opgenomene, die weer terugmoest naar de aarde. De staat ging na de scheuringen van 1800 de afgescheiden mens, vervolgen. Boetes werden er opgesteld en gevangenisstraffen, enzovoorts. Dit wordt in opb. beschreven als de draak. Dit is een demonologische strijd. De mens moest kiezen tussen koning of god. Hoofdstuk 16. cessationisme : van reformatie tot deformatie – samenvatting en bespreking van kuyper's ' Soevereiniteit in eigen kring' (1880) Abraham Kuyper, predikant en minister-president van Nederland van 1901-1905, en die de leider was van de 1886 scheuring genaamd de doleantie (het klagen, de smart, het kruisdragen dus), om terug te keren naar de bron, de onafhankelijkheid en de openbaring van god, om zo niet onder het gezag van een landelijk bestuur te vallen of een koningskerk. Hij was in die zin een wilde jongen. De reformatorische beweging was namelijk ernstig afgeweken van waar het eigenlijk om ging. Hij stelt in zijn boek 'Soevereiniteit in eigen kring' (dus niet door één ander overheidsapparaat) in 1880 : 'Wie leeft uit de Openbaringssfeer (en in die sfeer consequent leeft), belijdt vanzelf, dat alle Souvereiniteit in God rust en dus alleenuit Hem kan vloeien.' p. 13. Dit is een profetisch

grondbeginsel. Het wil dus niet zeggen dat de profetische beweging pas begon in de tachtiger jaren als de derde golf. Nee, het was er al in de jaren 1800, bij Groen van Prinsterer en Abraham Kuyper, en leidde helemaal terug tot Luther en Calvijn die ook dit profetische principe hadden. Later zijn er honden gekomen die dit hebben weggekapt, om zo de mensen te onderwerpen aan de staat en niet aan God. In dit verband spreken we van de strijd tegen het cessationisme wat beweert dat de gaven of niet bestaan (psychiatrie) of alleen maar in bijbelse tijden bestonden en nu niet meer (kerkelijk cessationisme, zij die met pensioen zijn gegaan in de geestelijke gaven). Kuyper zegt hierover (p.13) : 'Zij daarentegen, die het bestaan van zulk een bijzondere openbaringssfeer niet speuren, en dus loochenen, staan er op, dat men de Souvereiniteitsquaestie absoluut van de geloofsquaestie scheide ;beweren diensvolgens dat er geen andere Soevereiniteit dan die van den Staat denkbaar is; ijveren er dies voor dat de hooge Souve-reiniteitsidée steeds zuiverder in den oppermachtigen Staat tot be-lichaming kome; en kunnen dienovereenkomstig aan de overige levenskringen geen mildere vrijheid gunnen dan zóóveel recht, als de Staat hun laat uit onmacht, of uit zijn volmacht verleent.' Zij die dus kiezen voor het cessationisme en niet het charismatische buigen dus automatisch voor de staat. Ik heb dit telkens weer gezien. Kuyper wilde als wilde jongen het volk losschudden van de politie-staat van het cessationisme. (p.28) Hij stelde dat na de reformatie de deformatie kwam (p.33). De reformatie moest weer terugkomen, als terugkeer naar de springader van God's openbaring, maar Kuyper stelde dat juristen en artsen dit niet moesten versmaden. Is er wetenschap en is het deze naam waard als het slechts vakkennis is die door loketten wordt gescheiden ? stelde hij. Een mens is geschapen naar het beeld van God die de medische wetenschap hygiënisch wil zegenen. Wat spreekt men van een medische faculteit ? Vaccinatie dwingen, terwijl een mens juist gebonden is aan God's Woord ? Verdovende middelen gebruiken voor de zielszieke (hem psychisch verdoven) of hem psychisch leiden ? (p.33/34) God alles en alle mensch niets te achten is het calvinistische credo (p. 39). Want ook Gij kent den drang, de aandrift van een hooger moeten. Bovendien, in één ding mogen we roemen immers: gevaar voor rangstrijd, die pest der faculteiten, is onder ons voorgoed afgesneden. (p.42) Laten we roemen in het kruis, zo beëindigd broeder Kuyper zijn boek. In dat spoor verder. Hoofdstuk 17. Is er leven na Kuitert ? Mensen van eerdere generaties zullen hem nog wel kennen : Kuitert. Hij sloeg in als een bom in de kerk. Hij vernietigde totaal de hel die ze hadden gemaakt voor andersgelovenden en ook hun valse hemel die ze hadden gebouwd op de beenderen en het bloed van de door hen vervolgde medemens. Het geloof is menselijke verbeelding. 'De eeuwige voorsprong van de beul, daar kan geen méns mee leven. Daarom vonden we de hemel uit.' Hij was als predikant een theologische nihilist, met een

oog voor kunst, diepte en kennis. Hij prikte door de hele kermis van kerkelijk geloven heen, en dat was hard nodig. Het moest ook wel vallen zoals het was. 'Ja, als je niet gelooft wat wij geloven, niet denkt zoals wij denken, niet doen zoals wij doen, dan wordt je voor eeuwig gemarteld in een speciaal daartoe gemaakte martelkelder waar je nooit meer uitkunt.' Duh. Zo groeiden wij op. Zo kwamen velen bij de psychiater met dit soort bedreigingen boven het hoofd, als kind al, waar dikke vette munt uit werd geslagen. Kuitert was dus een held voor velen. Iedereen kon ineens weer ademhalen. Nou ja, iedereen ? Nee, de kerk was boos, zeer boos op deze meneer Kuitert, want die had hun gevaarlijk speelgoed afgenomen. God is iets wetenschappelijks, een metafysische taal, iets symbolisch, niet letterlijk, want dan wordt het eng. Het is abstract. Daarom noemen we God ook wel Godsis, want we spreken slechts over kennis die zich beeldend kan personificeren, maar dan als een principe, niet de vage bullshit van het geloven. Het gaat om het weten, om het persoonlijke, om het ervaren, om het bewijs. Niet meelopen met de ongeletterde massa's die zich helemaal blindstaren op cult-woordjes. God letterlijk nemen, afrasteren ? Dan ga je met pensioen. Nee, je moet gaan parelduiken in de dieptes. Het kan altijd weer dieper. Een pensioeneringsgeest is een hele koude geest, onverschillig, een geest van zelfmoord. Wat ze stelen gebruiken ze om hun eigen doodskist te kopen, zei een zanger eens. (1) We zijn in een mijnenveld van zulke magnetische energieën. Ze hechten zich aan een mens vast om op de mens te parasiteren en zeggen 'ik ben lekker dood.' Is er leiding door dit mijnenveld ? De westerse bijbel, wat slechts een zeer selectieve vertaling is, afgeknot en afgekapt, is een gruwel, en vol met zulke energieën. Ook met name de westerse versies van Ruth en Zacharia hebben veel pensioenerings energieën. Daarom moet de mens terug naar de oorspronkelijke mid-oostelijke versies en vandaaruit via de Egyptische wortels terug naar de voortijdse originelen om te zien hoe de lijnen lopen en hoe alles is verdraaid. De bijbel is tot een ingewikkelde matrix geworden, de bijbel matrix, maar er is een pad doorheen, een pad terug. voetnoten : [1] Steve Camp, gospel zanger, Agony of Deceit Hoofdstuk 18. psalm 80 – bespreking van diverse commentaren In de commentaren serie 'De Voorzeide Leer' stelt van Deursen in zijn commentaar op Psalm 80 (1974) dat het niet in het menselijke vlak blijft hangen. Alhoewel het een klaagpsalm is staart het zich niet helemaal blind op de Assyriërs, maar richt de psalmist zijn blik ook er bovenuit op God, de gnosis, ook op God's toorn. Hij zag het werk van God door alles heen, het roken van God's toorn tegen de ongerechtigheid, stelt van Deursen. De mens was in deze psalm onder het ondragelijke juk van de Assyriërs, stelt van Deursen. Het volk was in psalm 80 onder de Assyrische overheersing en moest tranenbrood eten. De psalmist richt zijn smeekbede tot God, maar het volk wordt zwaar bespot. Dit was ook mijn ervaring in de gedeformeerde kerk waaruit ik probeerde te ontsnappen.

Het enige wat je kreeg was bespotting. Alles wat je dacht of droomde werd belachelijk gemaakt. Het maakte mij heel stil, want je kon eigenlijk ook niks zeggen. Het werd gewoon niet geaccepteerd. Ze wilden gedeformeerd blijven, niet vrijgemaakt gereformeerd. De psalmist herinnert zich de exodus, en dacht eraan dat er weer zo'n exodus moest plaatsvinden. Luther stelde dat psalm 80 over de reformatie ging. Nood leert bidden zegt men wel. Ik was de enige in het gezin en in de familie die de charismatische kant opging dus ik stond helemaal alleen, terwijl anderen veelal uit charismatische gezinnen en families kwamen. Ik moest alleen de stap zetten. Calvijn beschrijft in zijn commentaar op psalm 80 ook de scheuring in Israel, en hoe Amos klaagde over de hardheid in de stam van Juda dat er niemand was die over de scheuring van Jozef treurde. Ze bekommeren zich er niet om (Amos 6:6). Ook al heb je mensen om je heen, ben je toch altijd een eenling. Dit kunnen we ook vergelijken met Jezus in de hof van Getsemané terwijl zijn discipelen slapen. Kent u dat gevoel ? Want hoe dan ook moest ik verder trekken. Ik moest veel meer rivieren over. Ik was een vreemdeling in een vreemd land. 7 Gij hebt ons onze naburen tot twist gesteld, en onze vijanden bespotten ons onder elkaar. Maar wij moeten ook dit spotkleed dragen. Calvijn stelt dat door onverhoorde gebeden God ons geduld op de proef stelt. We hebben geen grotere kracht nodig, maar een diepere dood. Geen kracht, maar het kruis, als we op zoek zijn naar God. Teveel kracht verblindt en misleidt, maar het kruis onderwijst ons. Calvijn stelt dat we tot het punt komen dat we zo verzadigd zijn van het kruis dat we niets meer kunnen verdragen, overgevoelig zijn, maar dan gaat de andere wereld juist voor ons open. Alleen door het kruis leert de mens gehoorzaamheid, zoals Jezus die ook geleerd heeft. De blijde feesten waren weggenomen. Het was nu een tijd van honger en tranen, en de naburen zoals de Edomieten hielpen niet, maar roofden slechts, terwijl de vijand spotte met de onmacht van de mens, stelt de Patrik, Polus en Wels verklaring van psalm 80. We kunnen stellen dat toch dit bittere kruid te verkiezen is boven loze vreugde, omdat het ons dichter bij God brengt en onze harten onderwijst en richting geeft. Alleen restricties kunnen namelijk op het pad leiden. De PPW verklaring stelt dat God ver was van de gebeden, en dat de ellende gewoon aanhield en zich zelfs vermenigvuldigde. Voelen wij ons soms niet zo ? Het tranenbrood is een driedubbel lijden, stelt PPW, totdat het sierlijk is op z'n eigen manier. Zo diep gaat het, tot we tot een overvloed van lijden komen, en onrein worden, want er was zoveel valse, vleselijke schoonheid. En dan is de vijand om ons heen die met elkaar wedijveren om wie het wreedste is, ons het meest kwaad kan doen, stelt de PPW. Ze proberen te roven wat ze van ons kunnen roven. Laten we ons herinneren dat de soldaten die Jezus kruisigden ook om zijn klederen dobbelden. Ze lieten niets meer van hem over. Wie zijn leven wil behouden zal het verliezen. Daarom moeten wij het pad van Jezus volgen, niet als van een afgod, maar als van een voorbeeld. Het kan net zo goed iemand anders zijn, als de principes maar duidelijk zijn. De kerk heeft van Jezus een afgod gemaakt, zodat ze de principes niet meer hoeven te volgen. Het kwellen gaat maar door, stelt de PPW, want wij moeten namelijk net als Jezus de dood in, de dood van het vlees. Oh, wat een bitterheid is het leven. Maar zij die inzicht verkrijgen zullen het zoete niet begeren, en toch zal het bittere ook zoet zijn, want voor de hongerige is het rauwe zoet, en het bittere als honing. Het kruis verandert het denken van de mens. Het kruis bevat zware psychotropische middelen om de mens verder te helpen. Ik heb dat altijd zo gezien en ervaren. Heerlijk is de drugs van het kruis, als van de bomen van het paradijs. Maar tot dit punt kom je niet zomaar. Het gebeurt als de slagen maar doorgaan en doorgaan, en niet meer stoppen. Je leeft dan in een andere wereld, en bent één van de opgenomenen, en het vleselijke kan het geestelijke niet verstaan. Je bent dan een eenling. Je leeft dan niet meer op de aarde, maar toch ben je op aarde. Je bent vrijgemaakt, maar toch gebonden. Telkens wordt je uit elkaar gescheurd, want ze trekken aan je, maar je bent ver weg. Je houdt van het kruis als van je man of vrouw. Het is het onderwijs wat ten leven leidt. Zo niet, dan ben je levende al dood. Alleen zij die het kruis dragen reiken tot het

eeuwige leven. Dit is omdat het diep genoeg is om door de eeuwigheid heen te komen. Het heeft diepte nodig, anders kom je nergens. Mensen, kennen wij het geheim van de tuin van God waardoor wij gaan in ons leven ? Houden we ons bezig met die hogere natuur ? Laat jezelf niet afleiden door hen die het kruis en de gesel niet leren. Zij willen immers uw ziel meeslepen in het verderf. Zij zijn loze golven van de zee des doods, van de eeuwige dood, waarin je aan het einde niets dan zeeschuim bent. Oh mens, laat u toch onderwijzen. Het leven kan zoveel meer betekenen. Het kruis is de baarmoeder. De mens die geboren wil worden kan hier niet aan ontkomen. De gesel is de opvoeding, anders zijn wij slechts wolken zonder water. Ik houd mij vast aan uw gesel, oh God, opdat u mij behoedde tegen het kwaad. Uw gesel leidt mij, doet mij ontwaken, en bewerkt het goede in mij. Ja, zalig zal uw gesel mij leiden tot het land der zaligen. Uw gesel is mijn oor oh God, opdat ik zal horen van uw onderwijs, Uw gesel is mijn oog, opdat mij niet zal ontgaan wat u aan mij laat zien. Wanneer ik moede ben, dan geeft uw gesel mij kracht. Uw woord is in uw gesel, en uw herinnering. Het kruis zal zeker de moeder niet versluieren, Ja, bitter is haar melk, om haar kind te sterken. Zalig zijn de zaligen die door dit kruis de goede strijd strijden. Zij zetten zich moedig op uw wegen. Wij moeten het lijden aanvaarden. Er zijn velen om ons heen die veel klagen en geen onderwijs aannemen, en ook het lijden niet aanvaarden. Dachsel spreekt erover dat God slaapt. Er zijn belangrijkere dingen. De mens moet beseffen dat de mens deze tucht nodig heeft. Zij die altijd maar klagen en hun kinderen niet onderwijzen verbitteren hun kinderen. God slaapt en houdt zich doof voor een reden. Er is een diepere wereld. God is in dromen. Oh, hoe wonderlijk. We mogen altijd naar dromen uitzien, naar de slaap, dwars door het lijden heen, want er is een diepere wereld. Wat we om ons heenzien is het ware leven niet. De Heere geeft het zijn beminden in hun slaap. Hoofdstuk 19. de zonde van desertie Was het Mozes die het volk uitleidde, of was het iets diepers ? Egypte was het beeld van de opvoeding, en toen moest het volk tot het beloofde land. De huidige samenleving is gebaseerd op een hoop speculatie. De mens kreeg een driehoeksverhouding met God en Mozes maar dit werd eigenlijk nooit verdiept. De mens vereerde slechts mensen. Kontenlikkers waren het. Nee, de tradities en voorouders moesten in ere gehouden worden, dus het volk ging nooit het beloofde land in.

Kun je iets lezen en de andere realiteit zien ? Daar gaat het om. Misschien wordt je op het verkeerde been gebracht door een woord of een zin, en krijg je doorgang. Misschien duizelt het voor je ogen, en krijg je doorgang, want de mens moet slapen, want het wordt de mens in de slaap gegeven. De mens is namelijk onder zware mk ultra mindcontrole geïnduceerd door zware psychotropische drugs. Daarom slaapt God en houdt zich doof, want het gaat niet eens om deze realiteit. De mens moet de andere realiteit zien. God handelt niet in deze realiteit. Zijn wij zo onverschillig geworden dat we zeggen : 'Het is nu eenmaal zo.' Onverschilligheid heeft de mens nooit verder gebracht, en het is dodelijk in combinatie met speculatie. Spijbelaars speculeren. School is niet iets om onverschillig over te zijn, maar allereerst hebben we te strijden tegen de school van spijbelaars, de pseudo-school van dwang en misleiding. Sisprofeten stellen dat het scholensysteem verrot is. Een sisprofeet is een gnosisprofeet, van de godsis. Er mag niet gespeculeerd worden. Daar mag een samenleving niet op gebouwd zijn, want dat is los zand. Er moet bewijs zijn. Er mag geen zomaar geloof zijn zonder bewijs, want dan ben je een blinde die andere blinden geleid. Dat is de huidige samenleving. Sisprofeten zijn opgenomen in een diepe slaap tot een diepe droom, en er werd bewijs geleverd. Dit bewijs is niet goedkoop. Het is niet voor de dwazen of hen die compromissen sluiten. Dit bewijs kost je alles. Sisprofeten zijn door de exodus tot het beloofde land gegaan. Zij zien problemen die anderen niet zien. Zij zijn namelijk in gevecht met de machten van het beloofde land, terwijl hen die niet ontwaakt zijn gericht zijn op de vleespotten, niet de oorlog. Ze gaan zo op in hun dagelijkse bezigheden dat ze de oorlog zijn vergeten, de roep om het beloofde land in bezit te nemen. Ze zijn afgeleid, niet opgenomen. In zijn commentaar op Deuteronomium (1966) stelt Vonk in de serie de Voorzeide Leer dat de Israelieten niet het beloofde land konden binnengaan vanwege de zonde, de straf en de verharding van de voorouders bij Kades waar ze moesten sterven. In de huidige samenleving worden de voorouders vereerd, onfeilbaar verklaard, en hun tradities in ere gehouden. De mens zal zo het beloofde land niet binnen gaan vanwege samenzwering met de voorouders, vanwege G.B.A., guilty by alliance. Het is een oude opa samenleving. Grootmoeders koekjes verwennerijen om de mens tegen te houden op het pad naar het beloofde land. Deze zogenaamde grootouders zijn zware psychotropische drugs voor de kinderen. Neen. Vonk stelt dat Mozes het volk toe riep te denken aan de zonde, straf en verharding van de voorouders, ook van de ouders. Mozes riep hen op Kades te herinneren. Dat was een stuk kerkgeschiedenis voor de Israelieten, stelt Vonk. Het ging om de zonde van desertie, oftewel het permanent verlaten van de krijgsmacht zonder toestemming, oftewel de verwaarlozing en zelfs belachelijkmaking van de demonologie. Nog steeds zijn er mensen die zichzelf christenen noemen, maar de geestelijke oorlogsvoering loochenen en zelfs bespotten. Zo zullen zij het beloofde land niet in kunnen gaan, want het beloofde land is bezet. Lieve mensen, er is een straf die op desertie staat. Vonk herinnert ons eraan. Hij stelt dat de mens de voorgeschiedenis niet moet vergeten. Zij die in desertie leven hebben vervolgens niets te maken met landverdeling. Zij kunnen het beloofde land niet binnengaan. Zij moeten aan zichzelf afsterven.

Hoofdstuk 20. de dogmatoloog en het verschijnsel van de gedeformeerde kerk Je kan gereformeerd zijn, maar ben je ook vrijgemaakt, en wat houdt het in ? In de charismatische beweging merkte ik hoeveel er van de reformatie was losgelaten, maar toch moest de mens ook verder. Er was zowel teruggaande openbaring als voortgaande openbaring. Er moet een nieuwe definitie komen van wat vrijgemaakt gereformeerd betekent, want na de reformatie ontstond er een grote gedeformeerde beweging die meer losliet van de reformatie dan lief was. Eén ding is zeker : we mogen het kind niet met het badwater weggooien. Dat blijven we zeggen. Als waarlijk vrijgemaakt gereformeerde kom je tot de godsis, god+gnosis, en wordt je een sisprofeet (profeet van de gnosis) die niet meer door het vlees leeft, maar door de gnosis, door profetie, door dat wat van boven komt. De sisprofeet is dus een opgenomene die aan zijn vlees is gestorven, en nu dus in de hemel is, maar tegelijkertijd op aarde. Mensen, dit is goed nieuws. De opname is al geweest. Je moet het je wel toeeigenen. We spreken over een heilsfeit wat gebeurde in 1993, maar je moet dit heilsfeit nog wel tot een ervaringsfeit maken. Ben je al opgenomen ? Of leef je nog steeds aards, door het vlees ? Na 1993 barste de hel los op aarde middels de toronto beweging in 1994, zoals was voorspeld. De mens moet terug naar 1993. Er is een wereld van verschil tussen 1993 en 1994. Probeer een overzicht te krijgen over deze twee energieën en laat je niet bedonderen. Geef niet toe aan een demonische levensstijl. Waarom zou je je leven en brein vernietigen, terwijl je er zoveel mooie dingen mee kan doen, door je hart ? Je mag vrijkomen van de drugs van religie en familie en alle andere drugs. Ken je drugs, ken je vijand, dat is wat de psychotropologie is. Dat is de ware vrijmaking. Sluit je aan bij het psychotropologische verzetsleger, en ga de strijd aan tegen de drugs. Breek los van je brainwash programma's waaraan je werd blootgesteld als kind. Zo ga je een geheel nieuw tijdperk in van de kerkgeschiedenis. Enough is enough. We don't take any bullshit. Know your drugs, know your enemy. Het is tijd te stoppen met spelletjes spelen. Wees geen deserteur. Draag je verantwoordelijkheid. Strijd de goede strijd. Er is tegen je gelogen. Zoals koningin Beatrix stelde : de leugen regeert. Het is tijd voor de waarheid. Waarom je leven laten verpesten door de leugen ? Deserteurs zijn profiteurs, maar ook verraders, en overlopers naar de vijand, en zij zullen onder de voet gelopen worden. Heb geen deel aan ze. Desertie betekent het veronachtzamen van de demonologie. 1993 was een jaar van grote wonderen. Mensen werden van kanker genezen en uit coma's getrokken, uit psychiatrische klinieken gehaald en mensen werden bevrijd van zware demonen. Engelen daalden neer, en mensen zagen blauwe verschijningen, ufo verschijningen vanuit de hemel. De gedeformeerde kerk was woest en toen begon de vervolging. Grote misdadigers werden hiervoor opgetrommeld. Maar God is getrouw. Zijn plannen falen niet. Er is een verschil tussen de vrijgemaakt gereformeerden en de gedeformeerde kerk van deserteuren die een drugs maffia hebben gevormd. Kijk naar die zogenaamd gelovige opa's en oma's die hun kinderen en kleinkinderen niet onderwijzen, maar rond lopen te zeulen met drugs de hele tijd als drugs smokkelaren. Ze verbergen het in hun mond, in poppen, in hun tasjes, onder hun hoedjes. Het groeit in hun tuinen. En het probleem is dat ze niet zijn opgenomen. De walkuren zijn aan hen voorbij gegaan omdat ze niet een harde dood aan het vleselijke zijn gestorven.

De vrijgemaakt gereformeerden zijn een onzichtbare, opgenomen kerk, bestuurd door sisprofeten en psychotropologen. Toch zijn ze op aarde, op het smalle pad, dragende het kruis. Gedeformeerden hebben honderden excuses om door het vlees te blijven leven, omdat het deserteuren zijn. Zij zijn dus al onder heerschappij van de vijand. Zij nemen geen leger ordes van boven aan. Ze zijn onverschillig en ongevoelig. Maar blijf bidden voor de opname. De opname komt niet zomaar, maar alleen door het kruis. Tuchtig daarom jezelf. Disciplineer jezelf. Verloochen jezelf en draag je kruis. Je mag dan belijden dat je opgenomen bent, en danken dat je opgenomen bent. Het is een innerlijk weten. Weet dat je opgenomen bent. Maar zorg dat je je kruis hebt. Volg Jezus in zijn kruistocht en ook in zijn opname. Als je aan jezelf bent gestorven, jezelf hebt verloochend, tot aan het kruis, dan werken deze twee krachten in je : van het pasen en van de opname. Het is een kracht ten eeuwig leven. Je mag anders zijn. Het zal je ook anders maken. 'Gij geheel anders …' Het gaat niet om religie, maar om deze principes. Verberg je niet in de groepen. Zij zijn er om je af te leiden. Maar wees een eenling, doorsta de test, en je zult deel hebben aan een hele andere kracht, namelijk die van boven. Je kunt de mens hier op aarde helaas niet vertrouwen. Ook kun je niet zomaar op een god vertrouwen. Test alle dingen. De duivel is sluw. De vijand is een meestermisleider en had je al bij je geboorte aan de psychotropische drugs. Zo zit nu eenmaal het huidige menselijke lichaam in elkaar, maar je ware lichaam zit diep binnenin je, je ware identiteit. De mens moet nog door veel evolutie heen om daar te komen. Wees hierin volhardend. Begin hierin met het Socratische grondbeginsel : ware kennis is te weten dat men niets weet. Als een opgenomene tot de hemel komt moet hij eerst alles wat hij denkt te weten inleveren, afleggen, om zo leeg te komen voor de gnosis, voor God. Als u niet tot dit punt kunt komen en u vasthoudt aan vooroordelen en veronderstelde theologische kennis, dan bent u niet klaar voor de opname. De ware gereformeerde vrijmaking is dan ook het vrij zijn van pretentieuze en gespeculeerde kennis waardoor de huidige samenleving wordt gedreven en de mens tegenhoudt opgenomen te worden. Wij werken al helemaal niet door geloof, wat overigens een misvertaald woord is, maar door gnosis. Wat moet het erg zijn als blindgelovige om aan het einde van je leven te moeten ontdekken dat al je ongetoetste, klakkeloos aangenomen dogma's slechts produkten waren ? Hoe ontstaan dogma's ? Hoe weet je of een dogma 'waar' en 'legaal' is ? Over deze problematiek en leer gaat de dogmatologie. Een dogma moet eerst bewezen worden. Het gaat dus niet slechts om dogmatiek, want eerst moet het dogma getoetst worden, en dan niet zomaar aan de bijbel, die overigens in het westen ook niet bepaald goed en eerlijk vertaald is. Er is dus een groot verschil tussen een dogmaticus en een dogmatoloog, wat weer een stapje verder gaat. De dogmatoloog bestudeerd het verschijnsel van het dogma en het dogmatische.

Hoofdstuk 21. commentaar op de catechismus Het christendom is een zekere taal die je moet leren begrijpen en leren vertalen. Het is zeker niet iets wat we zomaar overboord kunnen gooien. Kunnen wij de erfenis van de voorouders verdiepen ? Sprak god, de gnosis, ook door de voorouders, en zo ja, waar en hoe ? Omdat de bijbel in het westen verkeerd vertaald werd en er geen goede uitleg was was de heidelbergse catechismus ook een verrot produkt in 1563. Het is weekend. Tijd om daar eens aandacht aan te geven, en een commentaar te geven op de catechismus, waar potentieel toch ook weer zoveel goede dingen instaan, net zoals in de bijbel. De catechismus bestaat uit 52 zondagen, voor elke week van het jaar, als een wekenboek. Ook hierin kunnen we zeker de lijnen van de gnosis volgen, en dat moet ook wel, want dit boek wordt door de christenen veelal als hun derde heilige boek gezien, na het OT en NT. Is het wel zo heilig, en wat kunnen we ervan leren ? Het gaat er voornamelijk om dit boek te verdiepen, want het heerst en het stalkt. D.w.z. de raadsels erin moeten noodzakelijkerwijs opgelost worden, want het gaat niet weg. Wij zien de 52 zondagen als 52 natuurvrouwen, oftewel 52 baarmoeders waardoor de mens wedergeboren mag worden, maar dan wel met begeleiding, want criminelen gingen met dit boek op de loop. Zoals de bijbel werd verdraaid werd ook de catechismus verdraaid, omdat de catechismus voortkwam vanuit de bijbel. Tijd om dingen recht te zetten. Opname houdt ook in dat wij God opnemen, oftewel in ons laten wonen, oftewel de gnosis. Als we kijken naar de Heidelbergse Catechismus uit 1563, een soort extra testament in veel bijbels, en we kijken naar zondag 1 dan zien we het offer van Jezus Christus. Wat houdt dit in ? Er wordt allemaal heel belangrijk over gedaan, en we zien het vandaag de dag in iets waar ook heel belangrijk over gedaan wordt, namelijk de voortplanting, wat pure beeldspraak is, en waardoor wij bestaan. De man offert zijn fallus aan de ingang van de baarmoeder van de vrouw, en stort daar zijn zaad uit als een beeld van het sterven aan jezelf om zo tot nieuw leven te komen. Dat is in principe wat het is. Alles in het leven draait erom en alles komt er uit voort. Het is een mens die alles achter zich laat om tot kennis te komen, dus dit is de ware troost in leven en sterven. Zondag 2 gaat er dan over dat dit offer volledig moet zijn. De mens mag niets voor God achterhouden, het offer mag niet in gebreke blijven. Zondag 2 stelt dan dat de mens hier niet aan kan voldoen, omdat de mens geneigd is zich van God af te keren. Hoe moeten we dit opvatten zonder negatief en dramatisch te worden ? Het is belangrijk dat er allereerst een worsteling plaatsvindt met God, zoals Jakob op Pniël, zodat de mens geen valse, ongetoetste goden volgt. Het gaat niet om goden, maar om gnosis, om kennis, en alle kennis moet eerst onderzocht worden, getoetst, dus de mens mag ook niet zomaar blind vertrouwen en zich blind overgeven. Dat doet de mens ook niet als de mens een vrouw ontmoet. Hij moet haar eerst leren kennen en testen, als in een worsteling. Dit wordt ook bevestigd in Zondag 3, waarin gesteld wordt dat de mens goed is geschapen. Wel wordt er dan gesproken over de zondeval in het paradijs, waardoor de zonde binnensloop en zo ook de misleiding. Daarom moet ieder mens wedergeboren worden. Er is dus een offer van zaad in de ingang van de baarmoeder, en dan is er door de dood nieuw leven, een wedergeboorte, die in de mens zelf mag plaatsvinden. De baarmoeder en haar ingang beeldt dus het kruis uit. In 1944 vond de gereformeerde vrijmaking plaats o.l.v. de verzetsstrijder Klaas Schilder. Hij stelde dat de prediking polemisch moest zijn, oftewel twistend, testend, anders is er geen bekering. Hij stelt dat er vanaf het begin al een worsteling was tussen het slangenzaad (de fallus, het vlees, de wereld) en het vrouwenzaad (de kerk), wat we ook kunnen vergelijken met Jakob's strijd met God op Pniël. De

mens mag zich niet zomaar overgeven. Strijd om in te gaan, oftewel test alles. (schriftoverdenkingen III, p. 35, 1958) Hij stelt in zijn commentaar op zondag 1 dat de mens over dit soort dingen verlicht moet worden, dus van melk overgaan tot vast voedsel. Er ligt een enorme diepte in verborgen, wat ook door de ingang van de baarmoeder als beeld is vastgelegd, en de man moet blijven penetreren om uiteindelijk in staat te zijn zijn offer, zijn zaad te brengen, oftewel hij moet eerst goed onderzoek doen naar de verschillende lagen in deze materie, door blijven te mediteren. Het laatste woord is hier dus ook nog zeer zeker niet over gezegd. De mens moet tot een opname komen, en dan stroomt het zaad en is er wedergeboorte. Zondag 4 gaat over de straf over de zonde, en dat deze straf eeuwig genoemd wordt moet unaniem als volledig opgevat worden, en niet verbonden aan tijd, zoals ook de grondtekst laat zien. Het vlees moet volledig sterven, oftewel geofferd worden, als een middel om tot het inwendige zaad te komen, oftewel de verborgen gnosis. Dit is dus een proces van onderwijs waarin alle onwetendheid wordt uitgebant, ook de onwetendheid omtrend deze dingen. Een straf is in dit opzicht ook positief als een restrictie, een kastijding, opdat de mens niet afdwaald, en in die uitleg mag de straf ook daadwerkelijk eeuwig zijn, opdat de mens het pad vindt. Men raadplege hierover verder de tweede bijbel om een goed beeld te krijgen over deze vaak misbruikte terminologie. Zondag 4 heeft niets met een eeuwige hel te maken, want dat is een belediging naar moeder natuur toe en naar de grondteksten die gewoon stellen dat het om een baarmoeder gaat. Daarom moet de vrijmaking er wel zijn, en stopte deze niet in 1944. Wat is de waarlijke gereformeerde vrijmaking ? De mens moet loskomen van lekenprediking. Letterlijke eeuwige straf is een misdaad die niet thuishoort in de metaforische demonologie, en getackeld wordt door iedere daartoe opgeleide bacterioloog, dogmatoloog en psychotropoloog. Zondag 4 gaat over de geestelijke gebondenheid en verbondenheid aan de gnosis, waarvan de band tussen man en vrouw een beeld is. De vrouw is hierin als kerk ook een moeder tot de man. Zondag 5 : de worsteling tussen het vleselijke en geestelijke heeft een middelaar nodig, want er is wel een kruispunt van verzoening wanneer het vlees sterft. Het vleselijke kan het geestelijke niet verstaan, maar wel als het vlees sterft. Dit moet binnen de mens zelf gebeuren, maar toch moet dit ook iets hogers zijn dan het zelf, wat tevens het hogere zelf is. Altijd weer ligt er in de theologie deze spanning. In de grondteksten worden engelen vergeleken met amazones, en zij worden aangesteld door de moederkerk, en dit is uiteindelijk ook wat de zondagen zijn : natuur vrouwen, natuur moeders, oftewel amazones. In die zin spreken we over het feit dat de ware vrijgemaakt gereformeerde kerk een amazone kerk is, oftewel een kerk waarin de vrouw geëmancipeerd is en de vrouw binnen de godsbeschikking ook in ere is hersteld. Dit betekent dus het einde van het patriarchale tijdperk en het begin van het matriarchale tijdperk. De mens komt immers voort vanuit de baarmoeder. Als er geen moeder is, dan is er niets. Dit zijn realiteiten die zich binnen een mens zelf moeten afspelen. Man en vrouw zijn metaforen, geen daadwerkelijke personen, maar onderdelen van de mens, als principes. Wij mogen in die zin beperkt spreken van een feministische kerk, een feministisch-vrijgemaakte gereformeerde kerk, waarvan de uitleg tevens een nieuwe synode is, als een hervormde visie op de heidelbergse catechismus. Zij die niet tot dit feministische niveau kunnen komen van emancipatie zijn dus nog steeds gedeformeerd en dus niet vrijgemaakt, en ook niet gereformeerd. Zondag 6 gaat erover dat we alleen deel aan deze dingen kunnen hebben door het zoonschap, oftewel door wedergeboorte. Zo kan de mens een nieuw leven beginnen. In Zondag 7 moet ook de zoon ter helle dalen alvorens op te staan. Zondag 8 gaat erover dat God een God van openbaring is, oftewel dat het om de kennis, de gnosis gaat. Het spijbelende kan het geleerde niet begrijpen.

Zondag 9. Alle dingen werken mede ten goede. Het goede is de kennis. Het gaat dus om het pad van onderwijs, van catechesatie dus. Zondag 10. De kennis regeert, niet door directe macht, maar subtiel, oftewel door het lange pad van het kruis, waarop men geduld moet leren, en waarin er dus diepte is en zo alomvattende eeuwigheid. Niets kan ons scheiden van die kennis. Ook kunnen wij niet ontkomen aan die kennis, en die kennis zelfs niet wederstaan. (de onontkoombaarheid en onweerstaanbaarheid van de kennis, zuil 5 en 4 van het vrijgemaakte calvinisme) Zondag 11. Het zaad is een beeld van het zoonschap, van de wedergeboorte, en het beeld van volkomenheid. Het zoonschap is dus zaligmakend en zaadmakend. Zondag 12. Het offer leidt tot het zaad, en zo tot profetie, oftewel de verborgen raad van God. Hierin kan al snel scheefgroei plaatsvinden. Daarom moet de mens strijden tegen de zonde en de duivel, opdat dit beeld niet misbruikt wordt. Zondag 12 is dus een demonologische oproep, oftewel tot geestelijke oorlogsvoering. De gedeformeerde kerk heeft deze oproep verzaakt, en is een inquisitie gestart tegen alle demonologen van Zondag 12. De natuur is zo mooi. We zijn op weg naar de lente, nieuwe tekenen van leven, en wat voor tekenen ? Kunnen we onze moeders zien in de natuur, dwars door alles heen ? Zij zijn de hemelse woorden en gedachtes die ons leiden en corrigeren, voortvloeiende vanuit de bron van eeuwige kennis. Kun je de energieen zien, en ga je ermee in gesprek, toets je ze, of trek je voorbarige conclusies ? Hierover gaat het tweede artikel van deze zaterdag. We gaan verder met de bespreking van die toch wel erg belangrijke heidelbergse catechismus, zowel berucht als beroemd. Hoofdstuk 22. de 52 zondagen - natuur vrouwen - het verdere commentaar op de catechismus van heidelberg (z. 13-20) Zondag 13. De man werd tot zoon, als beeld dat hij een volkomen offer had gebracht, zijn zaad, en zo wedergeboren werd als zoon. Hij was van het vleselijke overgegaan tot het geestelijke, van onwetendheid gekomen tot kennis, van leugen tot waarheid. Daarom is het beeld van de zoon zo belangrijk. Als wij zoon worden is de verbinding met de natuur moeder hersteld. Een man kan niet

slechts een man zijn, maar moet ook zoon worden. Hiertoe is het kruis. Zondag 14 gaat erover dat de mens door het persoonlijke zoonschap terugkeert tot de eeuwige natuur. Zou er iets aan dat zoonschap ontbreken, dan zou de eeuwigheid wegsmelten als een drug. Zondag 15 : De dood kan niet direct en permanent intreden, maar alleen zijn intrede doen door het lijden dat volkomen moet worden door geduld. We spreken daarom ook van het leven als een lijdensweg van hongeren om zo geheel los te komen van de zonde in de diepte van ons wezen en ons bestaan. Kunt gij dan zoetheid proeven zonder eerst diepe bitterheid te hebben geproefd ? Alleen de eeuwige honger leidt tot de honing, als in een geheimenis. Dit is een volkomen honger waarin al de aardse zintuigen en geneugtes zijn afgestorven. Dit is een slopend gevecht wat niet met minder genoegen kon nemen. Zondag 16 : religies en hun verhalen zijn alleen metaforische voorbeelden voor ons om na te volgen, niet om vanaf de luie tv te gaan lopen zappen om naar tv-helden te kijken en die gemakszuchtig te verafgoden terwijl we zelf niet veranderen. Wij moeten in die zin niet 'projecteren' maar 'vereenzelvigen'. Jezus als cultureel voorbeeld, niet als nationalistische afgod met een soort van totalitaire monopolie zoals in de gedeformeerde kerk. Zondag 16 stelt : 'jij ook.' We kunnen het dus niet zomaar allemaal afschuiven op Jezus. Het verhaal is vertelt, nu begint het spel, het avontuur waarin je zelf meespeelt. Zo niet, dan is het slechts kanker, parasiterende op andermans kwaliteiten. Zondag 16 brengt de mens terug tot de eigen verantwoordelijkheid. De mens moet stoppen in allerlei kinderachtige fabeltjes te geloven zoals in de gedeformeerde, demente kerk. Zondag 16 zondert dus af. De mens gaat in de kooi, los van alles, wordt op zichzelf teruggeworpen. Daarom wordt zondag 16 ook wel de kooi genoemd. Zondag 16 zegt ook letterlijk dat we niet slechts aan het kruis moeten, maar ook door de hel moeten gaan, zoals ook Jezus ter helle daalde, opdat we niet denken dat iets vreemds ons overkomt. Zondag 17 stelt dat religie slechts een onderpand is totdat we hebben geleerd het op onszelf te betrekken. Religie is een heenwijzer tot zelf-ontwikkeling. Het zijn de zijwieltjes van een kinderfietsje. De rol van religie mag nooit overdreven worden, en mag de eigen verantwoordelijkheid niet vervangen, want dan is het slechts zieldovende en verstandsuitdovende drugs die schadelijk is voor de algehele gezondheid van het menselijke gestel en bestaan. Zowel roken als religie is schadelijk voor de gezondheid. Gebruik er dus alleen maar hele kleine beetjes van. Zondag 18. Deze zondag stelt dat daar wij het vleselijke onderpand hebben van religie zend God een tegenpand, namelijk het geestelijke, om ons de dingen van boven te laten zoeken. Religie heeft in die zin slechts een dienstbare functie en geen letterlijke autoriteit. Het zijn slechts beelden die weer vervliegen. Het is slechts een tijdelijke toestand, een bepaald bewustzijnsniveau. Daarom moet er een gedegen commentaar komen, zoals nu. De mens mag zo bouwen aan de eeuwigheid, en als het klaar is worden de steigers verbrand. Zondag 18 gaat over de opname. Als de mens geheel aan zijn vlees een harde dood is gestorven wordt de mens opgenomen tot een hoger niveau, een hoger inzicht. Het is dus ook onlogisch om een kerkgenootschap in het midden van dit proces onfeilbaar te verklaren of een bepaalde theologie. Om aan deze valstrikken te ontkomen moet de mens progressieve dogmatologie leren. Hierin mag de mens niet met pensioen gaan, want zulke steigers worden verbrand. Zondag 19 gaat over de geestelijke gaven. Hoe kan het dan dat de gedeformeerde kerk de geestelijke gaven afwijst ? Omdat de gedeformeerde kerk de originele reformatorische beginselen heeft losgelaten. De mens moet dus inderdaad verder, maar ook terug. Waarom haat de gedeformeerde kerk de geestelijke gaven zo, en heeft de gedeformeerde kerk altijd honderden

excusen om deze gaven niet te hoeven gebruiken ? Omdat de gedeformeerde kerk geestelijk met pensioen is gegaan, en het werk niet wil doen. Daarom heeft de gedeformeerde kerk het ook altijd over genade en vergeving, over wat God moet doen, maar nooit over wat zijzelf moeten doen. God is hun wandelstok. De geestelijke gaven zijn de werkinstrumenten die God aan de mens heeft gegeven om zijn koninkrijk te bouwen. Maar de gedeformeerde kerk is werkeloos en leeft van een uitkering. De gedeformeerde kerk is dement en gepensioneerd, wars van de gnosis en alles wat met werken te maken heeft. Daarom heeft de gedeformeerde kerk het ook altijd over geloof, maar nooit over wetenschappelijk en natuurlijk bewijs. De gedeformeerde kerk toetst niets, maar neemt alles klakkeloos aan, onderzoekt niks, maar is er als de kippen bij om hun etiketten uit te delen. lekker makkelijk. Zappen vanuit de oude stoel van achter de geraniums. Werken ? Ho maar. Bedelen is alles wat ze doen. Laat die bedelaars niet binnen. Het zijn parasieten die je hart willen verwoesten. Alles projecteren ze op jou. Jij bent hun pispaaltje en zondebok, en jij moet voor hen werken. Zondag 19 maakt korte metten met hen. Onze strijd is niet vleselijk, maar geestelijk. Deze geestelijk gepensioneerden hebben in het vleselijke vaak vele banen en bezigheden, en grote rijkdommen, maar in het geestelijke zijn ze blut. Ze hebben alles omgedraaid. Zondag 19 rekent met ze af. Hoe ? Het is verschrikkelijk hoe deze zondag is verdraaid en vleselijk is gemaakt. Het is rechtsverkrachting. Wij mogen niet zo boosaardig verbitterd worden naar onze vijanden dat we hen de eeuwige hel toewensen. Neen. Dat is misdadig. Dan ben je bezig je eigen ziel te vernietigen. Geen enkele rechter die nog goed is in zijn hoofd doet dit. Zondag 19 is een goede rechter, die niet overmatig oordeelt, maar rechtvaardig oordeelt, en de eeuwige hel is nooit een rechtvaardig oordeel. Hoe rekent zondag 19 dan af met de zonde en de misleiding ? Door de kennis, door de ontmaskering. De vijand zal blootgelegd worden. De vijand zal onderzocht worden, ondervraagd. Met de vijand zal in gesprek gegaan worden, om te zien of er nog iets goeds in hem over is en hij zich misschien nog wil bekeren. Dit geldt ook voor demonen, die gewoon geestelijke mensen zijn op het slechte pad, zoals overledenen en buitenaardsen, en die ook weer van mening kunnen veranderen. Niets staat vast, maar de kerk heeft te hard geoordeeld door misvertalingen die eenvoudig door taalkundigen getackeld worden, en door etymologen. Zondag 19 oordeelt met een rechtvaardig oordeel gebaseerd op wetenschappelijk en persoonlijk onderzoek, met hoor en wederhoor. Oneindige nuance moet er zijn, zodat er ook oneindige creativiteit kan zijn. De eeuwige hel is verzonnen door kortzichtige, luie en laffe mensen die de dieptes van de demonologie niet willen leren kennen. Het zijn afwimpelaren. Zondag 19 komt ook tegen hen. Zondag 20 : Het geestelijke is eeuwig, en dus ook de geestelijke gaven, de geestelijke werken, wat betekent dat het werk volledig is, en niet ergens halverwege moet stoppen zoals in de gedeformeerde kerk, want halfgebakken werk brengt leugen voort. Zondag 20 komt dus tegen roddel en vooroordeel. Het werk is eeuwig, oftewel volledig, genoeg verdiept. Laat je niet misleiden door genade en geloof die dit werk uitdoven waardoor je een pensioen contract ondertekent van de duivel. Alleen door het eeuwig werk is God voor eeuwig met ons, oftewel de gnosis. Wij kennen eeuwig door eeuwige studie. Als je dit voortijdig en in onvolledigheid afbreekt om tot voorbarige conclusies te komen dan vaagt je ziel weg. Dan ben je een dolende, waterloze wolk, niets dan zeeschuim aan het eind.

Hoofdstuk 23. bespreking zondag 21-25 van de catechismus "Verwacht geen definitie van mij ... Niets zou onredelijker zijn. Om mezelf te definiëren zou zijn mezelf grenzen geven, en mijn kracht kent niemand." Zondag 21 : Door het zoonschap zijn wij uitverkorenen en ontvangen wij de geestelijke gaven om ten dienst gesteld te worden tot anderen. Dit zoonschap kenmerkt zich door afzondering. Deze zondag pleit dus ook voor de geestelijke gaven. Zondag 22 gaat over het kenmerkende van profetie : dat wat geen oog heeft gezien en wat in geen hart is opgekomen. D.w.z. als wij de boodschap verkondigen, dan moet deze boodschap uniek zijn, en niet een boodschap van kudde mentaliteit. Profetie is altijd creatief. Zondag 22 gaat over de uniekheid en diversiteit van de mens. We mogen ons afvragen : bezit onze boodschap zout of is het zouteloos ? Prediken wij om het vlees te behagen, mensen naar de mond te praten, om te bevestigen wat algemeen aanvaard wordt, of prediken we een hemels leven wat gekeerd is tegen het aardse leven om zo scheuring te brengen in de gemeente. Want die moet er volgens Jezus wel zijn. Jezus kwam niet om vrede te brengen, maar scheuring, het vleselijke moest namelijk van het geestelijke gescheiden worden. Per definitie zijn wij daarom pioniers. Wij gaan soms net als Jezus met de zweep door de kerk. Heilige huisjes moeten soms omver getrapt worden. Dankbaar volgen wij hierin de natuurschone Zondag 22. Wat een prachtige natuurvrouw is dit, die zich niet heeft bevuild met de gifgassen van de samenleving, maar bekleed is met het natuurvuil wat ontsmettend is. Kunnen wij deze natuur energie zien en met haar communiceren ? Zij is een energie van de natuur. Zondag 23 gaat over de innerlijke verdeeldheid van de mens, over hoe ingewikkeld de mens in elkaar zit, en over hoe er van diverse kanten aan de mens getrokken wordt. Kunnen wij even stil worden om naar die energie botsingen te kijken ? Het is de innerlijke chaos van de mens, waar uiteindelijk een nieuwe schepping uit voortkomt. Deze laat zich niet afdwingen, maar gebeurt op het juiste daarvoor aangestelde tijdstip. De mens verzint fabels om aan de restricties van de natuur te kunnen ontkomen. Dat zien we ook wel weer in Zondag 23. De mens heeft een grote worsteling te voeren met Zondag 23. Zij is dan ook de worsteling. Smijtegeld, gereformeerd predikant (1665-1739) stelt over deze zondag : 'Wij lezen Filipp. 2: 12. Werkt uws zelfs zaligheid met vreze en beven. Het is een groot woord, een groot werk, en een grote last, die ons elk van God bevolen wordt, om dien, in de naam van God, uit te voeren.' Er moet dus wel degelijk gewerkt worden, ook al is dit werk alleen in en door God. De werken van het vlees moeten uitgeschakeld worden door de geestelijke werken. Smijtegeld stelt dat het geen vergeefs werk is. Hij stelt : 'De goedheid Gods lijdt het niet, dat iemand aan dat werk zijn hand zou slaan, of Hij zal 't hem duizendvoudig vergelden. Zo dan, mijn geliefde broeders! zijt standvastig, onbeweeglijk, altijd overvloedig in het werk des Heeren, als die weet, dat uw arbeid niet ijdel is in de Heere, 1 Cor. 15: 58.' Daarna stelt hij : 'Daar is loon naar werk, Jer. 31: 16. Uw arbeid zal niet ijdel wezen. 1 Cor. 15: 58.' Dit werk is allereerst een werk van toetsen, het zogenaamde worstelen met God op Pniël, zoals Jakob deed. Dat is waar zondag 23 voor staat. Zij is een twistzoekende vrouw. Zij roept de mens op tot werk, een heel vies woord voor de gedeformeerde kerk. Geen vleselijk werk, maar geestelijk

werk. Dit is een werk wat God door de mensen wil doen, door de geestelijke gaven. Zondag 24 valt met recht de vleselijke werken aan, maar richt haarzelf op de gebondenheid en verbondenheid door de gnosis, waardoor er in eerste instantie ook geen werken plaatsvinden, want dit is een leegte, een algehele restrictie, een gebondenheid. Het vlees is geheel uitgeschakeld. Eerst moet het verlam-middel toegediend worden om het vlees te verlammen. In die zin is zondag 24 een giftige pijl. In de nacht zijn er geen werkers, alleen gebondenen, oftewel de slapenden. Maar in de slaap komen dromen met geestelijke werken, door de geestelijke gaven. Veelal als een mens zich richt op geloof, genade en vergeving, dan richt zo'n mens zich ook veelal op het verachten of verloochenen van de geestelijke gaven. Ironisch gezien is Zondag 24 hier tegen uitgezonden, want dit valt ook onder de 'vleselijke werken'. Vandaar dat deze mensen dus naar het vlees vaak enorm bedrijvig zijn en alles in het vleselijke in kannen en kruiken hebben. Ze hebben het geestelijke verruild voor het vleselijke, een aards bestaan wat vroeg of laat als een zeepbel uit elkaar zal spatten. Is u dat opgevallen dat er zo'n grote strijd in de kerk is om de werken ? Wat zou daarachter steken ? Over zondag 25 stelt Smijtegeld : 'U ziet uw roeping, broeders, dat gij niet vele wijzen zijt naar het vlees, niet vele machtigen, niet vele edelen. Maar het dwaze dezer wereld heeft God uitverkoren, opdat hij de wijzen beschamen zou, 1 Cor. 1: 26, 27.' Laten we dit onthouden in vers 25 : Want het dwaze van God is wijzer dan de mensen en het zwakke van God is sterker dan de mensen. Smijtegeld heeft het over de uitverkorenen, de opgenomenen. Het vleselijke kan het geestelijke niet verstaan. Hij stelt : 'Ik kreeg het van God, die kwam en gaf het willen en het werken, Fil. 2: 13' Er is ook nog zoiets als mentale vervolging. De Psalmen staan hier ook vol mee. Maar wie zijn we ? We zijn uitverkorenen. Het zijn krachten die tegen elkaar ingaan. Terecht stelt Smijtegeld : 'Als nu de Geest dat middel gebruikt, neemt Hij dan zachte dingen? Nee. Maar Hij neemt het gehele Woord, het nare en het liefelijke. O,het is zulk een dwaas mens, die zegt: ik wil zachte dingen gepredikt hebben. U moet mij zo maar koeltjes en onaangeraakt laten. Zo wil God niet, Die wil altemet eens een hard woord tot u gesproken hebben. Als u het altijd liefelijk wilt hebben, dat is een teken van het tijdgeloof.' Hebben we dit goed gelezen ? God verkiest het dwaze. Het gelijkvormige zal uitsterven. Alleen het unieke zal overleven. Durf je anders te denken dan de mensen om je heen ? Zo niet, dan heb je een probleem. Het gelijkvormige zal onder de voet gelopen worden door de dwazen van de gnosis. Zij kijken wel beter uit dan gelijkvormig te zijn aan anderen. Heb je nog iets te melden in deze wereld, of zeg je alleen maar hetzelfde als wat ieder ander mens zegt ? Zorg hierin wel dat je niet vleselijk dwaas bent of gewoon dom of roekeloos. Wees strategisch, wees intelligent, en betaal de prijs. Niemand komt zomaar tot zondag 25. Zij gebruikt de massa's als een gesel om je te testen. Alleen de gnosis dwazen zullen tot haar komen. Ze is niet voor een gat te vangen. Ze laat haarzelf niet in een hokje drukken. Laat jezelf dus ook niet in een hokje drukken. Wees de duivel te slim af. Breng iets wat nog niet gebracht is. Wat in geen hart is opgekomen, geen oog heeft gezien. We kunnen denken aan de moeder van Mozes die hem niet kwijt wilde omdat ze zag dat hij anders was dan anderen. Als je er één bent van dertien in een dozijn moet je niet aankomen bij zondag 25. "Verwacht geen definitie van mij ... niets zou onredelijker zijn. Om mezelf te definiëren zou zijn

mezelf grenzen geven, en mijn kracht kent niemand." Hoofdstuk 24. zondag 26 : Wie de grootste onder u wil zijn zal de kleinste zijn. Zondag 26 : Het vlees projecteert altijd, klaagt altijd de mens aan die het goede wil doen, van het vlees afwil. Hoe kom je van het vlees af ? Het vlees is de zondemacht die de mens wil besturen. Wij leven niet door eigen meningen en geloof, niet door het vlees. Veel te gevaarlijk. Wij leven door dromen en visioenen en die moeten getoetst worden. Er is daarom werk aan de winkel. De vleselijke werken moeten sterven opdat de geestelijke werken kunnen regeren, oftewel de geestelijke gaven, en die moet de mens ontvangen. Daarom is de gedeformeerde kerk zo tegen de gaven, en vervolgt altijd de gaven, altijd. Het doden van het vlees gaat niet door een tovertruukje wat ze in de kerk verkopen zoals de doop of het geloven in het bloed van Jezus. Dat is puur metaforisch en je komt altijd weer uit op de demonologie, wat je kunt vergelijken met een varkensjacht op het vlees, op de zonde, die zich als varken manifesteert. Dat is niet letterlijk maar figuurlijk dus. Het vlees verletterlijkt daarom ook altijd alles. De mens is zo schoon geworden dat de mens door deze waan het vlees niet eens meer ziet. Daarom moet de mens zich vervuilen door het werk. Dat is dus een goede, natuurvervuiling. De mens moet weer aan het werk. Niet vleselijk, maar geestelijk. Het vlees probeert dit altijd weer te ontlopen. Je kunt het inderdaad niet zomaar zelf doen, want het moeten de werken in de kennis zijn, anders gaat het nog verkeerd. Daarvoor is dus school nodig. School is ook iets wat het vlees haat, maar het vlees heeft daarom afwijkende pseudoscholen neergezet voor de mens die de indruk moeten wekken dat alles toch okay is, en dat er toch geleerd en gewerkt wordt, maar dit is een grote leugen. Het zijn gepensioneerden die slaven voor hen laten werken. Er is dus een verschil tussen de vleselijke school en de geestelijke school, en zo ook een verschil tussen vleselijk werk en geestelijk werk. Alleen door de gnosis kan de mens in waarheid leven, studeren en werken. Daarvoor moet de mens dus op een soort van varkensjacht tegen het vlees. School en werk gaan dus samen met strijd. Daarvoor is zondag 26, en die moet dus verdiept worden. Er wordt hierin gesproken dat de mens onberispelijk moet zijn, en dat dit kan als de zondemacht afsterft. Het kruis wordt genoemd, en laten we niet vergeten dat het kruis er is om het vlees eraan te doden, het varkelijke in ons. Wat een verschrikkelijk beest is dat, een woest varkelijk zwijn, waar Psalm 80 het ook over heeft. Dit is geen makkelijk zwijn, want het zwijn projecteert, valt ons aan met valse beschuldigingen en draait alles om. Misschien ken je dit zwijn wel in je eigen leven. Wij moeten ons dus juist vuil maken in de strijd tegen dit everzwijn. Het is allereerst iets in ons zelf, ons vlees, onze varkelijkheid, als een schaduw, en die lijkt in eerste instantie onoverwinnelijk, omdat het je met grof geweld zo kan uitschakelen. Zelden is er een meer intimiderend beest geweest dan dit zwijn. Het kan je totaal aan stukken rijten. Het zit in je gedachten, nog niet eens zozeer wat anderen tegen je zeggen, maar de manier waarop je het interpreteert en hoe het je leven beheerst. Het is de lens waardoor je leeft en waardoor je in dit bestaan bent. Het zwijn heeft je gebeten, en je bent erdoor gaan hallucineren. Alles om ons heen is het gevolg van die hallucinatie, van het ijlen van die wond, wat ook wel de matrix wordt genoemd. Dat wil zeggen dat we de aardse realiteit anders

ervaren dan dat het is, en we denken omdat Jantje en Pietje hetzelfde beleven dat het daarom wel waar moet zijn, maar dat is niet zo. Jantje en Pietje zijn vervormd en kunnen wel hele andere dingen zijn. Alles is vermomd, alles is een projectie, een verdraaiing. Daarom moeten we de strijd met het beest aangaan zodat deze wond kan genezen. Allereerst dus niet grijpen naar het schoonmaakproduct, maar naar het vuile werk. Durf je handen maar vuil te maken aan dit varken. Je moet wel, anders rijt het je nog verder in stukken. Als zondag 26 stelt : doop of oordeel, over wat voor doop gaat het dan ? Doop jezelf in de varkensjacht. Durf jezelf vies te maken. Je moet er doorheen. Je kan het nu niet gaan negeren. Dat is wat de doop betekent. Het is niet letterlijk. Het is iets van de natuur. Dompel jezelf onder in de strijd. Dat is het kruis, want zeer zeker dat het varken ons dan zal verwonden en ons zal vervolgen. Je komt er dan niet meer vanaf maar moet er dwars doorheen. Het werkt door je familie, je vrienden, organisaties, de media. Overal zie je dit varken. Maar je moet er doorheen. En zondag 26 is daartoe als een hulp en gids gezonden. Zij is een natuur vrouw die inwijd in de jacht op het vlees. Zij sluit geen compromissen. Zij disciplineert je, en onderwijst je, en laat zien dat er werk aan de winkel is. Dit is een strijd in haar baarmoeder waardoor wedergeboorte kan plaatsvinden. Het komt je niet aanwaaien. Eerst ben je een feutus. Je moet door alle nodige ontwikkelings fases heen voordat je geboren kunt worden. Daarvoor is alles duister. De mens wordt niet zomaar door een middeltje van zonden gewassen. Neen, de mens moet de zonde confronteren en leren kennen. Ken je de strijd met dit zwijn ? Ken je de strategie ? De psalmist moest zichzelf figuurlijk wassen in het bloed van de vijand, wat erop duidt dat je de vijand door en door moet kennen, waar ook de demonologie voor staat. Het vlees heeft deze strijd verzaakt en zo de bedriegelijke vlees industrie opgezet in plaats daarvan, maar dit kan de noodzaak van de geestelijke strijd niet vervangen. Het varken en het zwijn in de natuur zijn onze medeschepselen, en zijn intelligente, vredelievende dieren, geenszins de demonische varianten in de geestelijke wereld die metaforen zijn van de zonde in ons. De mens zelf is dus het varken. De mens moet zichzelf opofferen en niet altijd naar de ander kijken, zoals de Bilha ook stelt. En dan is er de patriarchie die met grote vleeskwabben op henzelf net doen alsof ze tegen het vlees strijden. Ze moeten bij zichzelf beginnen. De mens moet zelf minder worden, en niet vlees bij een ander zien terwijl ze zelf met hun vlees lopen te pronken alsof het iets goeds is. Kijk naar hun dikke armen en protserige borsten waarmee ze het vleselijke en varkelijke verheerlijken, en dan splinters in anderen zien. Het verhaal van de balk en de splinter. Zondag 26 is dan geheel anders en stelt dat dat patriarchische mannelijke aan het kruis moet. Het zogenaamde alfa-heersende mannelijke is een illusie, een drug, uitgevonden door het vlees, wat aan het kruis moet. De eersten zullen de laatsten zijn, en de laatsten zullen de eersten zijn. In dat opzicht was Jezus de alfa en de omega, de eerste en de laatste. Wie de grootste onder u wil zijn zal de kleinste zijn. Meer informatie over de gedeformeerde psychopathische kerk die is als een duivelse cultus en secte die dieren offert aan de buik en kinderen martelt tot een offer aan de moloch. Wat een gruwel en wat een nachtmerrie, en toch moeten we hier leren doorheen te prikken en te zien waar de lijnen van de gnosis lopen, want we zullen gaan zien, ook aan de hand van reportages van de voorouders die onder hetzelfde leden, dat het vleselijke het verdraaide geestelijke is. Het vleselijke zal in die zin ook nooit aan het geestelijke ontkomen. Terug naar de natuur realiteiten achter de aardse beelden,

mensen. Vandaag meer over de dieptes van de zondagen van de heidelbergse catechismus, die als natuur vrouwen zijn wachtende in de wildernis op de ontwakende mens. De moeder roept. Wie hoort ? 'We are in a race between education and catastrophe.' H.G. Wells Hoofdstuk 25. zondag 27-29 : heb je al een geestelijk beroep ? of ben je nog geestelijk werkeloos ? Justus Vermeer (1696-1745) stelde in zijn commentaar op zondag 27 : 'Als bij een eigenaar, die door het ontvangen van een gezegelde overdracht iets ter verzekering in zijn hart krijgt. Zelfs al zou een ander dat zegel roven, die ander zou toch dat gevoel niet krijgen.' Waarlijk bezit is dus altijd iets persoonlijks en kan nooit zomaar overgenomen worden of gestolen, want dan is het niet meer hetzelfde en heeft het geen substantie. We leven in een bizarrocratie vandaag waarin de slachtoffers de schuld krijgen, en de misdadigers vergeving als een dekmantel gebruiken waaronder zij opereren, en kinderen worden gedwongen aan dit systeem deel te hebben door bedreiging met eeuwige hel. Pure chantage. Doop is een beeld van diepte. Als zondag 27 het over de doop heeft dan wijst zij op het bloed van het kruis en de besnijdenis. Dit is een persoonlijk proces waarin de mens loskomt van zonde en misleiding. Het is zeer dualistisch ook. Ineens zie je meerdere culturen, ineens ben je cyclisch. Zonde staat namelijk gelijk aan kortzichtige exclusiviteit. Doop is diepte. Kom tot de diepte, ook de diepte van zondag 27. Het is een hoop christelijk gemelk waar je doorheen moet, maar je moet de taal leren begrijpen, waar het daadwerkelijk voor staat, in de diepte. In de diepte sterft het vlees af. Aan de oppervlakte blijft het vlees je bedonderen. Daarom is zondag 27 'zij die tot de dieptes roept', net als nephthys in de egyptologie. Zondag 28 gaat over het avondmaal. Hoe moeten wij dit interpreteren ? Smijtegeld zei hierover : 'Alle goede gave, en alle volmaakte gift is van boven.' Het is dus een metafoor van het ontvangen van de geestelijke gaven. Dan zegt hij verder over zondag 28 : 'Hij richt Zijn kinderen de tafel toe, voor hun aangezicht tegenover hun tegenpartijders, Ps. 23: 5. Kom, laat Ik u eens verkwikken, zegt God; laat Ik u eens onthalen; eet, vrienden, drinkt, en wordt dronken, o liefste, Hoogl. 5: 1. Mijn gunstgenoten, zegt de Heere, hier heb Ik wat, om u te doen smaken en zien dat Ik goed ben, Ps. 34: 9.' Dan wordt er gezegd : het is het lichaam van Christus wat gegeten wordt, maar dat is het niet. Het is metaforisch en veel dieper. Het lichaam is namelijk een beeld van communicatie, en het is het zaad van de vrouw, wat Smijtegeld ook stelt. Het zaad van de vrouw zou het zaad van de slang overwinnen. Wat is het zaad van de vrouw ? Metaforisch gezien moedermelk. Zo communiceert moeder met kind. Je hoeft maar in de kerk rond te kijken om te zien wat godsdienst-psychopaten hier van gemaakt hebben. Kunnen wij door het psychopatische van godsdienst heenprikken en zien welke gnosis erachter verborgen wordt gehouden ? Het zijn slechts gelijkenissen. Achter het avondmaal ligt een diepere opname verborgen, namelijk de werk opname. De mens ontvangt hier de geestelijke gaven en krijgt zo een geestelijk beroep. Heeft u al een geestelijk beroep, of bent u werkeloos of geestelijk met pensioen gegaan ? Bent u al opgenomen voor werk ? Het is de werk-opname, een zeer belangrijke

opname. Dit is waar zondag 29 voor staat. Zondag 29 is het antwoord van de gnosis op hen die willen werken, als de werk-opname. Zo wordt de wil van de mens om geestelijk te werken, wat de wil van de gnosis is, bevestigd. Door de opname in het geestelijke werk te ontvangen wordt het vleselijke werk en de wil tot vleselijk werken verpletterd. Dit zijn tekenen van het geestelijke van zondag 29. Wij mogen vervolgens deze tekenen ook belijden. Wij kennen hierin de diepte van het kruis die tot zo'n opname heeft geleid. Eerst moet het vlees door dit kruis geheel verscheurd worden. We kunnen stellen dat de vleselijke blijdschap die we om ons heen zien een gebrek is aan informatie en aan geestelijk werk. Het is de blijdschap van een werkeloosheids-uitkering of van een pensioeneringsfonds in het geestelijke. Deze mensen zijn dus veelal wel zeer bedrijvig in het vleselijke om dit te verstoppen. Het lijden, het kruis, de kruisologie, leidt tot gehoorzaamheid, oftewel tot het ontvangen van de geestelijke gaven daartoe en de geestelijke werk-opname tot geestelijk werk. Vanwege het grote gevaar wat er ligt moet dit dus wel beroepsmatig zijn, en geen beunhazerij ergens in een schuurtje. Het mag geen keuken-operatie zijn. Neen. De mens wordt teruggeroepen tot de wildernis, tot de natuur. Daarom is een verletterlijking van het avondmaal gruwelijk, waar ook Justus Vermeer tegen streed. We ontkomen in deze wereld niet aan het christelijke abc, maar dit moet verdiept worden, en de achtergronden moeten besproken worden, zodat deze psychopatische beelden ons niet naar de keel grijpen zoals ze dat bij ons deden als kind. Wurgers zijn het, zelfmoord-dienaren op zelfmoord-missie. Laten we bedenken in wat voor afschuwelijke strijd onze voorouders waren die ook hierin opgroeiden. Ook zoveel informatie die hen bekend was over de dieptes van de christelijke taal is later weer verloren gegaan of op de achtergrond gedrukt om plaats te maken voor het moderne mainstream christendom van het westen, wat al helemaal niet meer christelijk is. Vernieuwing is in sommige opzichten belangrijk, maar in andere opzichten moet men teruggaan. Vermeer stelt dat er als geestelijk mens naar gekeken moet worden als naar een gelijkenis die versluierd is. Dan kun je er iets van zien en vatten. Hij streed tegen de Roomsen die alles hadden verletterlijkt en letterlijk het bloed van Christus dronken en zijn vlees aten, als puur kannibalisme. Vermeer stelt dan dat God niet plaatselijk is, maar alomtegenwoordig. Hij vind het gruwelijk hoe de Roomsen dit ritueel hebben gemaakt om zo de zonden te laten vervangen en wegnemen. Maar waar gaat het dan om ? Het lichaam is een beeld van de geestelijke gaven, van het geestelijke werk, als een werktuig, en in die zin beeld het dus de werk opname uit wat verscholen ligt achter het avondmaal, als een diepere opname. Het is niet genoeg om zomaar opgenomen te worden. De mens moet tot de diepere opname komen, die van het lichaam. Vermeer zegt hierover : '1. Wij zullen eerst het grondbeginsel en de aanleidingen noemen, waaruit dit gruwelijk wangevoelen is voortgekomen. Het allereerste grondbeginsel is toch geweest de verdorven menselijke natuur. Deze hebben al Adams kinderen gemeen en die zit bij alle onherborenen op de troon. Daardoor begrijpt de natuurlijke mens niet de dingen, die des Geestes Gods zijn, en zij zijn hem een dwaasheid en hij kan ze niet verstaan, omdat zij geestelijk onderscheiden moeten worden (1 Kor. 2:14). De mens verheft zijn natuurlijke rede en wil door zijn filosofie en door zijn natuurlijk redeneren alles begrijpen en doorzien, zelfs de verborgenheden des geloofs en de dingen, die des Geestes Gods zijn. En dan maakt hij van alle geestelijke zaken en zelfs van de genaden alles wat hij maar kan, omdat hij vleselijk is en de Geest mist. Maar ja, de woorden staan in de Bijbel, en daaruit volgt dan dat hij er wat van moet maken.' '2. Om nu maar bij het pausdom te blijven, neemt dan als voorbeeld eens de eerste Christenkerk. Toen er veel vuur des Geestes was, was het een dagelijks werk voor de christenen om in hun ongelegenheden in de geest naar hun sterkte te vluchten, namelijk de gekruiste Christus. In alle zaken werkten zij afhankelijk van Zijn licht, van Zijn raad. Zij hadden over zich en over al het hunne Zijn gedurige bewaring nodig. Daarom gebruikten zij Jezus dagelijks tot die doeleinden.

Maar de Geest de kerk verlatende en het dus nacht wordende, en evenwel de woorden des Geestes daar zijnde, zo maken de papisten stoffelijke, houten, stenen, koperen, zilveren en gouden kruisen en vluchten daar nu heen. Zij verven deze op hun goederen, zij maken deze over zichzelf en over hun spijze en goederen. En dus doen zij vleselijk datgene, dat door en in de geest van een christen geschieden moet.' Dit wil zeggen dat het vlees imiteert in de wereld. Alle schatten van de gnosis zijn geplunderd en verdraaid, en hebben dus niet meer hetzelfde gevoel, en is de mens niet tot baat. De demonologie en de geestelijke werk-opname is verletterlijkt in de vlees industrie, de avondmaal industrie en verder vleselijk werk. Ze hebben een hele bijbel met lijsten van vleselijke beroepen, allemaal in een poging de geestelijke gaven te doven. '3. Maar nu de Geest (gnosis) wijkende en de woorden der waarheid blijvende, doen de papisten deze oefening lichamelijk, en als zij de Naam Jezus maar horen noemen, buigen zij hun lichaam.' '4. En daarvan is nu de uitwendige biecht overgebleven, en dat meer om de beurs der mensen dan om hun zielen te behouden. De papen jagen nu de zielen der mensen naar de afgrond, door hen te zeggen dat hun zonden vergeven zijn.' Afschuwelijk is de vergevings-kerk waaronder misdadigers hun dekmantel hebben, wat ook gaat door het avondmaal. 5. En dan kunnen zij naar hun gedachte niet beter doen dan dat zij de lichamelijke genieting stellen in de plaats van de geestelijke. Wij mogen alleen genieten door de gnosis, door de kennis, anders is het geen daadwerkelijk genot. Kennis is dus altijd boven genot, en genot is alleen in de context van genot, dat wij op een bepaalde manier genot ervaren hierdoor. Er is dus een wezenlijk verschil tussen vleselijk genot en geestelijk genot van, door en tot de gnosis. Wij zijn geen zoekers van genot maar van gnosis. Dat is in zekere zin ons genot. Vermeer waarschuwt dan dat de dwaalgeesten hun gruwelen met hand en tand verdedigen, door zowel de bijbel als uitspraken van voorouders die ze vervolgens uit de context halen en verdraaien. Eigenlijk roeien ze gewoon met de riemen die ze hebben, stelt Vermeer. Ze willen het kloppend maken. Zo forceren ze alles om hun gruwelen maar goed en mooi te doen lijken. Vermeer stelt dat het misbruik is, groot misbruik. De verletterlijking van de leer van het avondmaal wordt de transsubstantiatie. Vermeer zegt hierover : 'Tenslotte is de leer van de transsubstantiatie in de dertiende eeuw vastgesteld, namelijk in 1215 in het concilie van Lateranen. Daar is besloten dat iedereen moet geloven dat de verandering in het sacrament een transsubstantiatie is. En in het antichristelijke concilie van Trente, in de zestiende eeuw, in of even vóór het jaar 1550, is op deze leer het anathema gelegd. Toen zijn de dienaren van de antichrist het eens geworden, welke tot hiertoe over dit stuk hadden gedisputeerd, en zij hebben de vloek uitgesproken over al degenen, die dit gruwelijk leerstuk van de transsubstantiatie niet zouden willen geloven en belijden.' Je moest dus religieus kannibaal zijn, anders was je een vervloekte. Zo werd het geestelijke pensioeneringsfonds ingesteld, want dit had de geestelijke werk-opname vervangen. Vannacht had ik een droom over de diepere opname, de werk-opname, verborgen achter het avondmaal. Ik was terug in 1997 waarin ik een ervaring had. Het was de echtscheiding van het vlees waardoor de werk-opname plaatsvindt. Het huwelijk met het vlees is een pensioeneringsverdrag wat een kind al bij de geboorte krijgt, als vleselijke uithuwelijking, en wat verbroken moet worden. Vermeer stelt : “Jezus: zegt : “Want gelijk de bliksem uitgaat van het oosten en schijnt tot het

westen, alzo zal ook de toekomst van de Zoon des mensen wezen.” Met dit alles wil Jezus zeggen, dat er geen andere toekomst van de Zoon des mensen te wachten is dan in de Geest (gnosis), in de voortzetting van het evangelie op een zeer krachtige, heerlijke en schielijke wijze, zoals de bliksem de wereld verlicht. En vooral ook op de jongste dag, wanneer zeer plotseling het teken van de Zoon des mensen in de hemel op de wolken zal verschijnen als een bliksem van het oosten naar het westen. Dan zullen alle ogen Hem zien.” De geestelijke werk opname is dus ook een wederkomst. Verder stelt Vermeer om aan te duiden dat niemand het vlees en bloed van Christus kan drinken : 'De Heere heeft het ingesteld tot Zijn gedachtenis en, naar het zeggen van Paulus, om de dood van de Heere Jezus te verkondigen totdat Hij komt. Nu weet toch ieder wel, dat men geen gedachtenis houdt van dingen of personen, die tegenwoordig zijn, maar van die afwezig zijn. En nu moet men de dood des Heeren verkondigen totdat Hij komt. Dan is Hij er nu niet.' Daarna stelt hij dat het avondmaal in het OT niets anders was dan het drinken uit de geestelijke steenrots in de wildernis, en dat dit iets afbeeldend is. Maar de moderne mens verstaat de zinnebeeldige spreuken van de oudheid niet. De verletterlijking van deze dingen, stelt Vermeer, neemt de waarheid van de hemelvaart (de opname) weg. De woorden die Vermeer aangeeft als opgeborgen in het avondmaal zijn 'gehoorzaamheid' en 'werkende middelen'. Er komt een verbinding tussen kruis en verdienste, oftewel tussen kruis en kracht. Dit is dus de verbinding tussen het kruis wat diep genoeg is gegaan in het verscheuren van het vleselijke voorhangsel dat daardoor de geestelijke gaven in werking worden gesteld en de werk-opname plaatsvindt, de diepere opname. Vermeer stelt : 'Wij moeten dit vasthouden, dat het Avondmaal de gemeenschap met Christus niet geeft waar deze niet is.' Er is dus een dienst-oproep. Het is geen gezellige bejaardenbijeenkomst waar dementen een gezellig glaasje drinken. Het is geen extra uitje van het pensioenfonds. Neen. Vermeer stelt dat het de werkingen zijn van het kruis op een geestelijke wijze, wat dus het onderhouden en het versterken is van het geestelijke leven tot trouw. Trouw aan wat ? Aan de gnosis. Het zijn de werken van de gnosis, versus de werken van het vlees. Vandaag de dag is de mens liever getrouw aan het vlees. Vermeer stelt dat de ware trouw een zaak is van natuurlijke banden die leiden tot kracht, vastheid en zekerheid in het werk. Hij stelt dan : 'Gods volk moet uit dit alles leren geestelijk te verrichten wat de papisten vleselijk doen.' Dat wil zeggen dat de kerk en de wereld het slechte voorbeeld geven, maar dat we dit voorbeeld toch nodig hebben, als een vleselijk voorbeeld van hoe het geestelijk moet. Daarom bespreken we deze dingen ook. We kunnen niet ontkomen aan de talen en beelden om ons heen, maar we kunnen ze wel verdiepen en vergeestelijken, en ook ontmaskeren door te zien wat er verborgen gehouden wordt. Meer informatie over de psychopatische gedeformeerde kerk dus, opdat we zien welke gnosis ze erachter verborgen houden. De leugen kan de waarheid niet geheel verdelgen. Het loopt er nog ergens doorheen, en dat is ook de beste manier van ontmaskering en terechtwijzing. Deze geesten moeten terechtgewezen worden. Er moet hen getoond worden wat ze eigenlijk hebben gestolen en hoe ze het hebben verdraaid, want in principe hebben ze gewoon een atoombom van de gnosis gestolen terwijl ze niet wisten hoe ze ermee om moesten gaan en hoe ze zich daartegen zouden moeten beschermen. En zie : de verklaring van deze dingen is het ontploffen van deze atoombom. Daartoe was het al die tijd geprogrammeerd. Het is een atoombom van de natuur, van natuur principes. Deze biologische atoombom zal geen mens overslaan, want de werk opname is tegelijkertijd een wederkomst, en alle ogen zullen het zien. Hoe gaat dat eigenlijk in zijn werk ? Elke knie zal buigen, elke tong zal belijden. Dat gaat erover wanneer de eeuwige gnosis zal wederkeren in de werk opname. Het is een ontmoeting in de lucht, als een lens. Elk oog zal het zien. Wat betekent dit ? Vermeer stelt : 'O, wat behoorde de dienst van God in geest en waarheid in u, als staande geheel tegenover al dat vleselijke, een glans van zich te verspreiden. En wat behoorden de lichamelijke oefeningen van het pausdom door Gods volk op een geestelijke wijze en in waarheid te geschieden.' Ze zien het dus al in zichzelf. Het vlees is gedoemd om telkens weer de gnosis te zien, maar dan op een vleselijke manier, die heenwijst naar het geestelijke. De code zit er al in, en het is de code van

een atoombom. Ze hebben het al in de hand en lopen er overal mee rond, en het tikt. Dat wat achter het avondmaal steekt, stelt Vermeer, is 'versterking van het geestelijke leven. O, wat zou dat Gods volk sterk en sierlijk maken.' Het gaat om de gnosis die erachter ligt. Wij moeten er door opgenomen worden, en zo komt het telkens terug. Het is de donder en bliksem die we zo nu en dan in de natuur zien, al dan niet gepaard met veel regen. Vermeer stelt dat wij ontdekkers behoren te zijn, en dat we daarin de ongeestelijkheid van de kerk onder ogen moeten komen. Juist daarin valt zoveel te ontdekken, omdat ze zoveel versluierd hebben, achtergehouden hebben. Vermeer stelt dat dit bepaalde kloppingen zijn van de natuur die wij moeten volgen, kloppingen van de geestelijke natuur die erachter liggen. Wij behoren deze kloppingen te koesteren en aan te kweken. Vermeer stelde dat Jezus daarom moest weggaan om zo de Geest (oftewel de gnosis, de hogere informatie) te zenden. Het gaat niet om Jezus. Jezus wijst ergens naartoe. Als een mens Jezus volgt wil dat ook zeggen dat Jezus zelf iets volgt, en dat is in zijn eigen woorden de gnosis. Jezus is niets in zichzelf. Vermeer stelt : 'En ook om er naar te staan veel medelijden te oefenen met onbekeerden en paapsgezinden. Om niet hard van hart te zijn als men hen het brood der kinderen ziet roven. En ook niet tegen het pausdom. Die arme mensen zijn er ongelukkig genoeg aan toe. God heeft hen vast overgegeven aan een kracht der dwaling, om de leugen te geloven (2 Thess. 2:11). En menigeen onder de zogenaamde gereformeerden heeft die leugen ook in zijn rechterhand en gaat daarmede ten Avondmaal. Hij is als die hoer (Ezech. 16:32), die in plaats van haar man de vreemde aanneemt.' Aan het einde van zijn commentaar op zondag 29 stelt hij : 'Ook is de weg om daartoe te komen tenslotte ook veel te zuchten om de verbreking van de antichrist (anti-gnosis, anti-kruis). Dat zijn zinken mocht worden verhaast. En dat in die weg van zijn laatste val die belofte vervuld mocht worden.' Hoofdstuk 26. zondag 30 : mag jij door tot de volgende ronde ? heb je je huiswerk gedaan ? Zondag 30 spreekt over het avondmaal wat in diepte beveiliging betekent, als onderdeel van de immunologie. Je ziet dan een plaatje in de kerk, een kamer, waarin er een broodmaaltijd wordt gehouden, met Jezus en zijn discipelen, maar wat betekent het, of wat wordt er hierdoor achtergehouden ? Er is veel over gespeculeerd en er zijn veel verhalen over de ronde gegaan over geheime codes en tekenen in dit specifieke plaatje en verhaal. De mens komt in een kamer met een tafel met daarop een broodschaal, en er zijn vier deuren, vier opnames : de studie-opname, de werkopname, de lijdens-opname en de strijdens-opname. Dit zijn de geestelijke gaven. Er is dus in die kamer iets aan te nemen, niet dat je het bloed van Jezus gaat drinken. Je moet iets ontvangen, open staan voor iets, niet dat je het vlees van Jezus gaat eten, dus wat is precies dan de afleiding ? Juist dat, en dat is ook de test. Maar dit moet dus ambtshalve verdiept worden, want het is te diep ingebakken al. Daartoe zijn de zondagen, de natuurvrouwen. Laten we beseffen dat we het over het

derde heilige boek van de christenen hebben : de heidelbergse catechismus. Het kwam in 1563 met de reformatie. Er wordt veel uit gepredikt in de gereformeerde kerken, naast de bijbel. Voor sommigen is het gewoon onderdeel van de bijbel, en het staat ook in sommige bijbels. Hoe werkt precies die beveiliging ? De christen die tot de gnosis is gekomen is een gnosten. In de kamer van het avondmaal zijn dus vier opnames. Die opnames beveiligen elkaar. De werk-opname wordt beveiligd door de studie-opname, want anders zou het werk corrupt kunnen worden. Als je geestelijk werkt, maar je volgt daarbij geen geestelijke studie, dan gaat het vlees het overnemen, en dan zit je weer te kanen aan het vlees van Christus. Dan heb je de test niet doorstaan. Dan ben je weer een heiden geworden. Ook moet je dus opgenomen worden in de lijdens-opname van het kruis, om het te verdiepen, anders heb je geen zintuigen om de studie tot je te nemen. Het kruis is dus je zintuig. Maar er moet ook gestreden worden, anders eindig je in de vergevings-kerk, wat een gepensioneerde kerk is. Aan dogma's zijn allerlei regels verbonden. Als ik aan de technische universiteit zou hebben gestudeerd zou ik u hebben uitgelegd hoe een radio of tv werkt, en daar zijn ook allerlei regels aan verbonden, en een computer is tegenwoordig een geavanceerde radio en tv die dus interactief is, en daardoor dus persoonlijk en daardoor dus beveiliging nodig heeft. Daar kun je het mee vergelijken. Het dogma zit dus niet simpeler in elkaar dan bijvoorbeeld raket technologie, wat ik ook heel vaak tegen mensen zeg. Zoals een computer gehacked kan worden kan een dogma ook gehackt worden of mensen gaan er heel simpel mee om, en dan komen er scheuringen omdat de regels niet in acht zijn genomen. In die zin is het aardse een hele simpele en vaak corrupte afspiegeling van het geestelijke, maar met een kern van waarheid, bijvoorbeeld als iemand iets gestolen heeft en die komt voor de rechter, en de dief vraagt vergeving, dan is het daarbij niet af, want hij zal het gestolene moeten terug geven. Doet hij dat niet en wil hij alleen vergeven worden, dan is dat een misbruik van het dogma, en beroepshalve mag geen enkele rechter dat toestaan. En dat geldt voor een heleboel andere dingen. Dat wil niet zeggen dat rechters recht van spreken hebben, want vandaag de dag is rechtspraak een markt, net zoals het medische, maar het gaat even om het voorbeeld. Als mensen vergeven, dan is dat iets persoonlijks. Als een mens die u wat heeft aangedaan naar u toekomt en zegt : 'Kun je mij vergeven. Ik zal alles goedmaken wat ik verkeerd heb gedaan, je rectificeren, het gestolene terugbrengen etc.', ja, dan kun je zo iemand vergeven. Iemand kan vergeven, maar niet altijd vergeten, en dat klopt in sommige situaties als wij heel diep verwond zijn, want het hart en de ziel kan beschadigd raken, en daar moeten we soms doorheen, dat is het pad van het kruis, en wij moeten ook door vervolging heen, om verschillende redenen. Dat is in iedere situatie anders, en hangt af van de diepte. Je kan tegen een nazi zeggen die om vergeving vraagt : 'Ik vergeef je,' of tegen een ander soort crimineel of gevaarlijk persoon die om vergeving vraagt, maar vergeving is niet hetzelfde per definitie als vertrouwen. Iemand kan bijvoorbeeld een oorlogstrauma hebben. Of hij de nazi's heeft vergeven of niet, hij zou denk ik niet meer terug willen naar zo'n nazi kamp. Dat staat daar los van. Met incest slachtoffers of slachtoffers van marteling is het hetzelfde. Er kan in sommige gevallen misschien vergeving zijn, maar dat wil niet zeggen dat een kind zich veilig voelt nog contact te hebben met de misbruiker, ook vanwege flashbacks die dodelijk kunnen zijn (zelfmoord). Daarom behandelen wij deze kwestie's ook met uiterste voorzichtigheid. Een getraumatiseerd mens is nooit meer hetzelfde want die heeft een ingebouwd overlevingsmechanisme. Mensen kunnen opbiechten wat ze verkeerd hebben gedaan, maar soms halen ze dan weer soortgelijke streken uit, dus dan zijn ze een gevaarlijk roofdier waarbij je uit de buurt moet blijven voor je eigen bescherming omdat ze onbetrouwbaar zijn.

Het is dan altijd een beetje zoeken naar een middenweg, maar je moet jezelf ook in bescherming nemen tegen vernielzuchtige types. Over God's liefde kunnen we heel kort zijn : als dat niet verbonden is aan dierenliefde dan is het God's liefde niet meer. Wat ik daarmee bedoel is dat God geen slagers vergeeft die eerst dieren doodmartelen en dan ook nog eens mensen het vlees verkopen, wat pure hormonale drugs is, en zo moeten kinderen vaak opgroeien en ze doen alsof het de doodnormaalste zaak van de wereld is. Ze moeten eerst daarmee stoppen en zich bekeren en dan is er vergeving, niet omgedraaid. Liefde is een strijder tegen onrecht, ook onrecht tegen dieren en kinderen. Liefde beschermt. Zondag 30 is een guardian, een bewaker. Daar kom je niet zomaar langs, en die was aan de kerk gegeven. Deze bewaker moest er wel zijn, want er waren vele gevaren in de reformatie en er was inmiddels al een deformatie gekomen. De anus van een dier bakent zijn terrein af voor territoriale beveiliging, en zo is dat ook met de natuur vrouwen, dat hun anus het terrein afbakent, want de anus is een metafoor van de demonologie, oftewel van de immunologie van de natuur, en de mens heeft niet voor niets een anus. Smijtegeld zegt hierover : 'Ze moeten in de geestelijke strijd gaan. Dat ze de kunst om te strijden hebben, is ook der gemeente goed. De dwaalgeesten moeten zij weten op te zoeken; de valse moeten ze hun dwalingen ontdekken.' De vergevingskerk heeft het altijd over de vergevingsgezindheid van Jezus, maar toen ze Jezus een etiket op probeerden te drukken in het evangelie zei hij dat ze niet vergeven zouden worden, ook niet in het toekomende tijdperk, wat betekent dat het helemaal niet om vergeving gaat, maar om rectificatie. Vergeving doet er niet toe als er geen rectificatie is. Ze hebben het altijd over die suikerzoete, lieve Jezus die geen vlieg kwaad doet, maar Jezus sloeg er soms ook met een zweep doorheen en kon ook flink schelden. Die teksten worden dan vaak overgeslagen of ze houden er een doof oor tegen. De vergevingskerk is corrupt tot het bot, en Zondag 30 komt tegen haar. Het gaat per slot van rekening om het onderzoek, om de studie opname, maar de vergevingskerk probeert deze geestelijke gave te doven, zoals eigenlijk alle geestelijke gaven. Smijtegeld zegt hierover : 'De predikanten zijn der gemeente goed ook in de toepassing van de zaak. Ze moeten niet maar in 't wilde spreken, en maken dat men de dwalingen weet, maar zij moeten ook weten met een ziel om te gaan, en elk zijn bescheiden deel inwendig te geven.O, zij moeten zeggen: onderzoekt uzelf, 2 Cor. 13: 5.' We kunnen niet alleen maar lijden en de andere wang toekeren en onze kinderen gemarteld laten worden, en dan maar deze misdadigers vergeven. Een moeder vergeeft nooit. Ze beschermt haar kind. Dit is ook in de natuur zo. De wilde dieren vergeten nooit, en vergeven ook niet. Ze moeten overleven, hun kinderen beschermen. Ja, het kruis duurt lang en gaat diep, maar daarin is studie die tot werk leidt, en dit leidt tot de strijd-opname. Het is oorlog. Verzaak de geestelijke oorlogsvoering niet. Wij keren vaak de andere wang toe, maar kom niet aan onze kinderen. Dat is wat het avondmaal in diepte betekent : durf die vergevings-grens over te gaan. Kom tot de diepere strijdopname. En misschien dat je dan juist je vleselijke wapens kan laten vallen en kan toekijken als God de ongehoorzamen straft. Juist dan ga je profetische visioenen krijgen. De strijd-opname betekent dus dat een heleboel valse strijd, vleselijke strijd zal afsterven. Het kruis roept juist een diepere strijd op. Smijtegeld zegt hierover : 'Er zijn al zovele dingen afgehandeld, zegt de Onderwijzer, legt er u nu eens naasten ziet wat deel gij daaraan hebt. Als hij dat gedaan heeft, dan gaat hij de ergerlijken in

leer en leven buiten houden totdat ze zich bekeren. De Christelijke Onderwijzer vat de zaak wel terecht op. U zult vinden, dat hij 't ook zo vat in die drie laatste stukjes. Mijn vrienden, zegt hij: ik moet het mes in de hand nemen voor de gemeente, om de waarheid te verdedigen; en hij behandelt het stuk wijselijk. Nu bij het Avondmaal geeft hij proeven, en hij eindigt niet, zonder toepassing daarop te maken. Daarop zegt hij: wij hebben de sleutelen gekregen, om de gemeente te zuiveren, en de ketters buiten te sluiten.' Het avondmaal is een test : Ga je hevig zitten eten en drinken, of ga je tot de diepere opnames. Sommigen komen tot het avondmaal tot hun eigen oordeel. Dus je komt in die kamer, en wat dan ? Het bloed van Jezus en het vlees van Jezus in een kom en een schaal zijn er tot verzoeking, tot verleiding, neergezet, om te zien wat je ermee gaat doen. Het avondmaal is dus tegelijkertijd het laatste oordeel, de voleindiging. Hier kun je niet gezellig gaan lopen eten en drinken, en denken : 'Na mij de zondvloed' en vrolijk gaan feesten. Neen. Het is een beproeving en een ondervraging. Dit is het einde van je leven, of het begin. Mag jij door tot de volgende ronde, of stopt hier alles ? Het vlees komt niet meer uit deze kamer weg. Het vlees kan niets pakken en ermee wegrennen, want zijn armen en benen smelten weg. Tenslotte vergelijkt Smijtegeld het avondmaal ook met het verhaal van Jakob die zijn vader bedroog : 'U zult zeggen: maar waaraan moet een Christen zichzelf beproeven? Legt er uw hart eens bij. U gaat zoal ten Avondmaal, maar beproeft uzelf eens, of gij 't wel waardig zijt, daar te gaan. Hier wil de natuur niet aan; alle onderzoek en proeve heeft een soort van ontroering in zich. Ach, moeder! zei Jakob, zou ik aldus om de zegen gaan? Zo mijn vader mij betast, zo zou ik een vloek over mij halen, Gen. 27: 11, 12.' En : 'Maar zijt gij iemand, die schuw van onderzoek zijt; komt men aan het toepassen, aan de kentekens, wordt gij in 't nauw gezet, dan wringt ge uzelf in duizend bochten. U wordt kwaad op degenen die u eens onderzoeken willen. Zijt gij schuw van onderzoek, dat is het grootste teken, dat gij nog in de natuurstaat zijt. Maar zijt gij een mens, die begerig is naar onderzoek; dat is een teken, dat er enig werk Gods in uw hart is.' Daarna stelt hij : 'Als iemand onrein was in de eerste maand, dan moest hij het Paaslam eten in de tweede maand, Num. 9: 10, 11; Ja, zij mochten in de tempel niet komen, of ze moesten hun voet bewaren; en zal men dan ten Avondmaal mogen gaan, zonder zijn hart en handen te bewaren? Ja, ten laatste. Niemand mag het Avondmaal gebruiken dan die genade heeft.' Lieve mensen, waarom zijn er zoveel mensen die genade willen hebben, maar ze willen geen genade geven aan dieren ? Dat mogen we onszelf afvragen. Wij zullen genade ontvangen naar de mate we genade aan dieren geven. Genade mag nooit misbruikt worden, zoals de vergevingskerk die ook een genade kerk is, en die genade is vaak niet voor dieren. Ze zorgen nauwlettend dat hun kinderen worden gedoopt, maar de dieren worden niet gedoopt. Die horen er niet bij. Zondag 30 komt tegen het misbruik van genade. Een hemel zonder dieren, mensen. Kunnen we het ons voorstellen ? Dat is de valse hemel die ze vandaag de dag hebben gemaakt, een zeer vleselijke hemel. Mensen, nogmaals : dieren zijn metaforen van de onderdelen van het immuun systeem, als werkende middelen, dus als de mens dieren blijft verwoesten, dan gaat de mens met pensioen en heeft de mens op een gegeven moment geen immuun systeem meer over. Het dier werd gegeten voor de vergeving van zonden. Als u nog verslaafd bent aan het eten van dieren dan bent u nog verslaafd aan het grote bedrog van de vergevingskerk. Zondag 30 geeft een vervanging. Kom terug tot haar moedermelk, kom terug tot haar wildernis, haar kamp, waaruit uw vlees niet zal kunnen ontsnappen. En laat uzelf onderwijzen. De studie-opname beschermd de werk-opname, en de werkopname beschermd de studie-opname. Werkgelegenheid biedt dus studie gelegenheid, en studie gelegenheid biedt dus werkgelegenheid. Het wordt verdiept en zintuigelijk gemaakt door de

kruisologie en de demonologie, oftewel door de lijdsens opname en de strijdens opname. Ook deze twee diepere opnames zijn dus belangrijk voor de beveiliging van geestelijke studie en geestelijk werk. Inventariseer deze dingen, en krijg overzicht over deze dingen. Ga het vatten. Ook Ursinus (1534-1583) stelde dat het avondmaal verbonden was aan de engel des doods, de engel van het oordeel : 'Het woord Pascha is afkomstig van het Hebreeuwse woord Pesach, dat een doorgang betekent, welk woord weer ontstaan is uit „Pasach”, dat door- of voorbijgang of overspringen betekent. Dit slaat op de doortocht van de Engel, welke, ziende het bloed des Lams aan de deuren der Joden, is door- of voorbijgegaan en hun eerstgeborenen spaarde, toen hij alle anderen in Egypte ombracht.' Dit is dus niet het letterlijke bloed van een lam, of het letterlijke bloed van Jezus, maar het bloed van het vlees wat gekruisigd moet worden, figuurlijk gezien. Als je je vlees en haar begeertes en wil, en al haar valse kennis, niet hebt gekruisigd, en dat bloed is dus niet aan je voorhangsel, dan zal deze engel des doods dus de eerstelingen van al je vleselijke vruchten moeten slaan en afnemen. Lieve help, mensen, hebben wij in de gaten wat dat voor een bediening is ? Wie zijn die engelen des doods, en hoe gaat dat in zijn werk ? Daarover gaat de demonologie. Zonder deze bediening is er geen exodus, dus geen opname. Vermeer noemt het letterlijk eten van het vlees van Jezus zoals dat gebeurd in de paapse mis een duivelse baring van de meest gruwelijke monsters. We kunnen stellen dat het eten van letterlijk vlees nog steeds iets is van de paapse mis, als iets van de psychopathische, gedeformeerde kerk. Het is een duivelse cultus en secte. Men brengt niets anders dan duivelsoffers. Een mens die hier geen traan over kan laten vallen is nog steeds bezeten door deze geest. Zo'n mens moet eerst tot een diepe verbrokenheid komen. Zo'n mens moet eerst boetvaardig worden, want alle nederigheid is alreeds vertrokken en is slechts vals. Men buigt voor de afgod, telkens weer. Oh, wat zijn we allemaal weer nederig en vergevingsgezind en liefdevol en genadig. Ja, tot de duivel. Zondag 30, de wilde moeder, komt tegen dit soort praktijken met haar gesel. Oh ja, ze wilden haar een heks noemen met een bezemsteel, omdat ze zwaar aan de hormonale drugs zijn, wat letterlijk vlees is. Ze zijn dement geworden door de vele onzichtbare parasieten die in het vlees krioelen. Ze eten gewoon uit een kommetje met maden. Maar zondag 30 is de engel des doods. Het vlees moet sterven, en de ziel wordt opgenomen tot God. Het is de immunologie van de exodus, zij die de exodus op gang heeft gebracht. Zonder haar konden de Israelieten niet de zee overtrekken. Mozes had wat dat aangaat slechts een bijbaantje in vergelijking met het werk van deze engel. Deze engel deed het echte werk, en rekende af met de wortel, de eerstelingen, van de vijand, van het vlees. Vermeer stelt : 'Wij lezen (Jer. 17:5): 'Vervloekt is de man, die op een mens vertrouwt, die vlees tot zijn arm stelt en wiens hart van de Heere afwijkt.' Vermeer hamerde daarom op het zelf-onderzoek, zoals Noach hamerde aan zijn ark omdat de zondvloed komende was. Horen wij het kloppen van deze hamer, mensen ? Deze strijd is allereerst in onszelf. Wij moeten eerst in onszelf deze dingen onderscheiden, in het onderwijs, en daarna kunnen we pas naar anderen kijken. Draaien wij dit om, dan gaan we met pensioen. Dan zijn we als oude opa's met de luie stok die op iedereen wel wat hebben aan te merken, maar zelf niet veranderen, en geen daadwerkelijk en substantieel onderwijs aandienen. Allerlei dingen uitkramen is heel eenvoudig, maar kun je het ook intellectueel onderbouwen, en kan het de toets doorstaan ? Zondag 30 toetst de harten. Is er wetenschappelijk bewijs voor je uitspraken, of zeg je maar wat ? Is het slechts je dogma ? Zondag 30 toetst. Zij laat met haar ogen niet los wat zij heeft gezien. Zij vergeet niet, en vergeeft ook niet zomaar. Het is geen moeder waarbij we met grote misdaden en grove leugens zomaar ermee wegkomen door één of ander dom versje op te zeggen wat we ergens hebben geleerd. 'Ja, dank u voor uw vergeving.' 'Welke vergeving ?' zou zij vragen. Wat heb je er zelf aan gedaan ?

Zijn zulke zogenaamde godsdienstigen die God niet kennen en niet willen leren kennen omdat ze met pensioen zijn gegaan dan niet de grootste en ergste atheïsten, die de gnosis loochenen ? Vermeer zegt hierover : 'Ook opdat wij meer het gevaar mochten zien, dat gelegen is in de omgang met deze afgodendienaars. Bovenal opdat elk onzer er voor bewaard moge worden van ooit op enigerlei wijze zich aan zulken te verzwageren. Want daarmede haalt men de toorn Gods over zichzelf, over zijn goederen en over zijn nageslacht. (…) Maar mochten wij uit de verhandelde stof ook de gruwel van het pausdom in onszelf leren zien, en hoe deze plompe en goddeloze dwaling van de mis voortvloeit uit de grondslag van onze staat van nature, waarin elk onzer van nature ligt en welke over de onbekeerde heerst.' Het gaat dus om de bekering tot de gnosis, tot het onderwijs. Wat is dan het ware offer ? Vermeer stelt : 'En hoe uw offeranden dus als van geestelijke priesters geestelijk moeten zijn, namelijk de offeranden van een verbroken hart (Psalm 51). Dat ge uzelf de Heere ten dankoffer zult offeren (Rom. 13:16).' Zoals de Bilha ook stelt : Wij moeten onszelf offeren. Dit gebeurt dus door een verbroken hart. Dat is het grootste en allerbelangrijkste offer dat een mens moet brengen. Zonder dit offer zijn alle andere offers volstrekt waardeloos. Het dogma is dus verbonden aan een heleboel regels (dogmatologie), en het avondmaal is dus verbonden aan studie. De engel des doods, zondag 30, is een oorlogsengel, die de mens oproept tot dienst, in de oorlog tegen het vlees, wat een studie oorlog is. Informatie, daar gaat het om. De vijand is disinformatie en gebrek aan informatie. Hoofdstuk 27. Zondag 31 : van opname tot huisvesting – een woning krijgen in de hemel Zondag 31 gaat door met het beveiligings-systeem, als een draaiende steen. Er zullen alleen deuren geopend zijn als er voor het vlees deuren gesloten worden. Het gaat over hoe het geestelijk reizen werkt. Het is de motor van de territoriale oorlogsvoering. Wij kunnen alleen geestelijk reizen als ons vlees stopt met reizen. Niemand bepaalt dit. Wie doorgaat en wie niet doorgaat. Niemand. Als een systeem je probeert het medische, het geestelijke of het rechterlijke te verkopen, dan weet je dat je met beunhazen te maken hebt die niets maar dan ook niets te zeggen of in de melk te brokkelen hebben in de grotere context. Je hoeft niet te praten met geld automaten. Laat ze maar met elkaar praten. Ze zijn straal maar dan ook straal bezeten, dronken, en ze zullen alleen maar nog meer bezeten en dronken worden. We hebben van hen niets te vrezen. Als ze wijzen met het vingertje, en dan je vervolgens ik weet niet hoeveel euro voor vragen, dan weet je dat ze de technologie niet hebben, nergens voor. Zelfs toen Elia zelfmoord wilde plegen vanwege al deze systemen liet de

gnosis hem niet in de steek, toen Elia diep in de wildernis was gevlucht. Smijtegeld zegt hierover : 'De raven, zulke wilde en woeste vogelen, als God ze orde geeft, zij doen Zijn bevel. Gaat naar de profeet, zegt God, en brengt hem brood en vlees (van demonen, niet van dieren), zolang totdat het regent, of dat Ik het u anders gebiede, 1 Kon. 17: 4. Wat een orde houdt God ook onder de beesten der aarde! Hoe ordentelijk gingen ze allen naar de ark toe. Wilde en tamme dieren, zelfs de allerwoeste, gingen vanzelf in de ark, Gen. 7: 16. Wat een orde houdt God onder de mensen. Hij wil niet, dat de wereld een spelonk van moordenaren zijn zal, daarom stelt Hij overheden en machten (de zondagen). Aan u, zegt God, geef Ik het mes, gebruikt het wel, om de kwaden te straffen, en de goeden te beschermen, Rom.13: 4. En als u in 't regeren u niet wèl kwijt, zo zal Ik het van uw hand eisen, zegt God. In het kerkelijke moet ook alles ordentelijk zijn: of moet de kerk alleen als een huis zonder deur zijn? Ach nee! De kerk moet zijn als een goed huis, waar deuren en grendels aan zijn; en daar 't alles ordentelijk toegaat. 't Is de stad Gods. De wachters staan aan de poorten, die geheel de dag en geheel de nacht waken, die uit de keel roepen en niet inhouden, om Jakob zijn zonden en Israël zijn ongerechtigheden bekend te maken, Jes.58: 1. Die waken, opdat het er alles ordentelijk zou gaan, zij sluiten het koninkrijk voor al degenen, die vijanden zijn in leer en leven; en zij openen de stad voor de vrienden, voor alle ware gelovigen. Eens predikants bediening is een zware bediening, zij moeten verloren gaan, als er iemand door hun trouweloosheid verloren gaat. Ezech. 3; 18 en 33: 8.' Mensen of het vlees, begrijpen de taak van predikant en demonoloog niet. Als een predikant een fout maakt heeft hij veel bloed aan zijn handen, maar als hij waarschuwt, dan is het bloed aan de handen van de mens die niet luistert. Daarom moet een predikant wel waarschuwen. De predikant weet dat als hij niet de weg afbreekt voor het vlees, dat de mens dan niet verder komt in het geestelijke. Daar gaat zondag 31 ook over. Deze sleutelen zijn geestelijk, zoals Smijtegeld ook stelt. Het medische en rechterlijke wat vandaag de dag verkocht wordt is dus geen sleutel. De sleutels liggen in de handen van de geestelijken. Laat niemand zichzelf bedriegen. Ook zij die het geestelijke verkopen zijn daardoor dus niet meer geestelijk, maar vleselijk. Er is daarom ook een grote pseudo-geestelijke branch, oftewel de psychopathisch gedeformeerde kerk. Ware geestelijken moeten hier dus wel tegen waarschuwen, en mogen hun waarschuwingen ook zeker niet verkopen, anders hebben ze ook bloed aan hun handen, veel bloed. Vandaag de dag worden sleutels verkocht aan criminelen, en gestolen door dieven. Maar och, ziet u, het zijn geen echte sleutelen, en men versteent hierdoor slechts, als in een draaiende steen. Wat voor sleutel gaat het om ? Smijtegeld is er heel duidelijk in : 'U zult zeggen: schikt gij ze niet te veel op; hoe vele sleutelen hebben ze? Twee. Welke zijn die? Een sleutel van kennis of de predicatie des Woords; en een sleutel der tucht of der discipline. (…) Luk. 11: 52. Wee u gij Wetgeleerden, want gij hebt de sleutel der kennis weggenomen; gij zelve zijt niet ingegaan, en die ingingen hebt gij verhinderd. Ze houden niet van Wet prediken of te donderen op de predikstoel. Waarom niet? Omdat ze zelf niet trouw zijn; zij willen zelf niet ingaan.' De ware sleutel van de tucht is niet van de wetgeleerden, maar van de geestelijken, van de gnosis. Tucht is vandaag de dag in de wereld koopwaar geworden. Daarom vertrekken geestelijken naar de wildernis. Ze willen er niets maar dan ook niets mee te maken hebben. Ze onderhandelen niet met die grote geldautomaten. Laten ze maar met elkaar onderhandelen en elkaar dronken voeren en nog meer dement. Het is een groot bejaarden feest, lieve mensen. Heb er geen deel aan. Smijtegeld legt uit wat een predikant daarentegen behoort te zijn :

'Maar hoe moet dan zulk een predikant zijn? Eerst. Hij moet een goede kennis hebben in het Woord. Sommigen hebben geen kennis, veel minder hebben zij verstand, om zielen te behandelen, of gevallen van 't gemoed op te lossen, zij moeten machtig in de Schriften zijn. (…) Hij moet donderende van stem zijn, bliksemende van bestraffing en wandel. Hij moet oprecht en Godvruchtig zijn.' Liefde is een strijder tegen onrecht. Als een geestelijke niet strijd tegen onrecht, en de misdadiger al bij voorbaat vergeeft om zijn kinderen te laten mollen als vrijkaartje, dan is het geen geestelijke. Walgelijk is het als men zo hoog spreekt van liefde en vergeving met een aardappel in de keel, en weent als een mens iets overkomt, maar daarbij geen traan laat om het leed in de holocaust van de dieren, en zo deze pseudo-liefde geen plaats heeft voor dierenliefde. Walgelijk is het. Ze horen op het nieuws dat er een gezin is verongelukt en zijn in tranen en gaan er helemaal in op, maar ze realiseren niet dat dieren aan de lopende band opzettelijk verongelukt worden in de holocaust. Voortdurend worden hele dierenfamilies uitgeroeid om geofferd te worden aan de buiken van dit soort mensen met een walgelijke, godslasterlijke pseudo-liefde. Wat een bedrog. En maar janken als een dierbaar mens iets overkomt, maar ze sluiten hun ogen en harten voor het dierenleed. Wat ben je dan ? Waarom leef je dan ? Dan ben je gewoon een parasiet die een pseudo-realiteit heeft gemaakt. Alles draait om deze parasieten en hun monumenten, alles. Het is allemaal heel egoïstisch. Het is slechts een bacterie. Het is geen echt leven. Waar leef je dan voor ? Vreten, slapen, poepen. Als een varken niet vreet, dan slaapt hij. Smijtegeld stelt : 'Er is overvloed van stof in elke Zondag, die er in deze stad en gemeente gepredikt wordt. Dan nemen zij teksten, en zij prediken dan hier en dan daar tegen. Daar komen uitverkorenen onder, God zegent het Woord, hun hart wordt geraakt, zij willen tot de Heere overgaan. Dan komt zulk een predikant en die richt er zijn predicatienaar, naar de gestalte en de staat van deze mens; en daar begint er een heilige groei te komen, onder Gods zegen.' Het is een figuurlijke taal die we gebruiken, geen letterlijkheid, maar we gebruiken beelden om te laten zien hoe de gnosis werkt. Dat is een technologie. Een geestelijke is dus eigenlijk een technoloog. Er zijn veel regels aan het dogma verbonden. De mens heeft deze tussenlaag nodig. We kunnen niet zomaar wiskundig gaan lopen praten zonder beelden te gebruiken, want dan snapt niemand het nog. Het is een communicatie middel. Denkt u eens in hoe een geestelijke, een opgenomene, met de gnosis communiceert. Dat gaat op een hele andere manier, in veel hogere talen. De mens moet zichzelf begrijpbaar maken zonder paarlen voor de zwijnen te werpen. Hierin moet er dus een middenweg zijn. Een geestelijke mag nooit geheel zijn ziel en zalighied uitstorten en te grabbel gooien, om zo een wilde weldoener te worden. Er zijn regels aan het dogma. Je kunt niet openen zonder te sluiten. Dat is waar zondag 31 over gaat. Zij kwam om de mens geestelijke woningen te geven, als een hemelse woningbouw. Wij komen in deze woningen als wij de woningen van het vlees achterlaten. Na de opname komt er dus hemelse huisvesting. Ursinus noemt zondag 31 de leer van de sleutelmacht, als zijnde een geestelijke concierge. Hij noemt het ook het ambt van de huishouding. Zondag 31 is dus een hemelse huisvrouw, zoals Parvati dat is in de Indische theologie. Ursinus zegt hierover : 'Deze macht of dit ambt der Gemeente wordt aangeduid door de woorden binden, ontbinden, opendoen en toesluiten, omdat ze krachtig en bondig is. Want ze geschiedt door het Woord van God.' Mensen die dus de sleutels verkopen hebben deze geestelijke macht niet. De ware geestelijke rechterlijke macht is dus van de geestelijken, omdat het tot de demonologie behoort. Dit wordt ook wel het kerkelijk recht of de kerkelijke tucht genoemd, en dit is dus

verbonden aan het Woord, oftewel de studie. Hiertoe moet dus de studie opname van Zondag 30 plaatsvinden. Veelal grijpt de vleselijke mens te snel naar werk, zodat het vleselijk werk is, en heeft hierin geen genoeg fundament van studie, van het Woord, waardoor het een valse studie opname is, en een gebrek aan lijdens opname. Dit zijn vaak heerszuchtige mensen die niet kunnen wachten, niet willen wachten. Dit is in de demonologie illegaal, en hier komt de kerkelijke tucht over. Het is dus ook een valse werk opname die dan plaatsvindt. Al met al zijn dan hun sleutelen ook vals, die ze dan proberen door te verkopen in een crimineel netwerk. Ze bouwen hun eigen scholen en eigen regeringen en noemen het dan legaal. Dus deze leugen kent geen einde, maar zal vallen door het kerkelijk recht, door zondag 31, want ze zullen in de hemelen niet worden gehuisvest. Het is slechts geestelijke huisvestiging op grond van een vleselijke opname. Daarom kennen zij ook geen daadwerkelijke autoriteit, maar slechts in vormen en uiterlijkheden die tijdelijk zijn en wegstreepbaar. Ursinus noemt hen die ongeestelijk en wereldlijk het recht hanteren terwijl zij geen hartenkenners zijn 'aanmatigers', en zij dienen zich van zulk 'recht' af te keren. Een geestelijke matigt zich ook nooit recht aan, maar maakt alleen gebruik van recht, omdat deze door God (gnosis) gegeven wordt. Menselijke systemen kennen geen harten. Alleen God kent de harten. Het is allemaal aanmatiging. De mens doet geen of gebrekkig onderzoek en verkoopt dan het recht of veilt het voor de hoogste bieder. Dit is een grote gruwel die het Woord rechtsverkrachting noemt, door het aannemen van steekpenningen. Vermeer stelt dat dit een oorlog is tussen het zaad van de slang en het zaad van de vrouw. De vrouw heeft door het bezit van een baarmoeder daadwerkelijke kwaliteiten van huisvestiging, terwijl de slang bedrog pleegt. Vermeer wijst erop dat Saul het koningschap verloor toen hij op eigen houtje, buiten het Woord om, ging lopen offeren, zonder de regels van het dogma hiertoe in acht te nemen. Samuel bestrafte hem en zei dat hij dwaas had gehandeld en zo niet meer de macht kon hebben, wat toen overgedragen werd aan David (I Samuel 13). Ook noemt hij het voorbeeld van Uzzia die door zijn macht hoogmoedig werd en zomaar buiten het Woord en de regels van het dogma ging lopen offeren op het reukofferaltaar en daardoor zijn koningschap verloor (2 Kronieken 26). Hij werd door zijn valse offer ook nog eens toornig op de priesters. Vandaag de dag worden geestelijken vervolgd door de geest van Uzzia die het altijd beter denkt te weten, zonder de regels van het dogma te kennen. Dit gebeurt door de wereldlijke en gedeformeerde macht. Vermeer stelt dan : “Elk mens toch zoekt heerschappij en rang, en het is een schande, dat kerkelijke personen, die geen aardse rang hebben, deze somtijds evenwel aannemen van degenen, die wel in hoogheid zijn. Ja, die er soms zo spoedig bij zijn om vanwege hun geestelijk ambt uitwendig geëerd te worden. Jezus zegt het anders (Matth. 20:26): "Die onder u zal willen de eerste zijn, die zij uw dienaar." Helaas is er ook in ons beroep een marktmatige 'professie' werkzaam die als een soort NSB samenzweert met de wereldlijke macht. Een voorzichtig mens telt voor twee. Maar als ze u het Woord van God proberen te 'verkopen', dan weet u genoeg. God laat zich niet verkopen als een hoer. Dat zijn allemaal de 'snelle weg piraten'. Het is allemaal de geest van Uzzia. Ze zijn eraan te herkennen dat ze de technologie niet kennen. Wel kunnen ze enorm vleien om lichtgelovige zieltjes dit te doen laten geloven. Iedere schurk heeft wel zijn eigen domkop. Het 'gij geheel anders' is dan van toepassing. Wat kunnen we dan stellen ? Het Woord en de tucht, zoals Zondag 31 ook stelt, wat een doorgang is in het geestelijk reizen, en wat leidt tot huisvesting en huishouding. Er is een vleselijke liefde, die eerst buitengesloten moet worden, voordat de geestelijke liefde kan komen.

Hoofdstuk 28. zondag 32-33 : van hemels burgerschap tot hemels agentschap tot hemelse natie Een bediening kan alleen volkomen worden door het lijden. Het mogen ook geen afzonderlijke bedieningen zijn, zoals bijvoorbeeld het medische nooit losgekoppeld mag worden van het demonologische, anders gebeuren er de grootste ongelukken. Daarom is de medische industrie van afzonderlijke praktijken en branches ook naar de regels van het dogma van de demonologie volstrekt illegaal. Men doet dus maar wat, en allemaal door het vlees. Parasitair leven is geen daadwerkelijk leven, en daarom moeten er dus werken zijn, doelmatigheid, in de context van een studie plan. Door te lijden kan de mens de ander aanvoelen en iets voor de ander te betekenen. In die zin is werken drieledig : studeren, lijden en strijden. Er mag niets buitenom de demonologie gebeuren want dan is het parasitair. Dit is dus een ingebouwde beveiliging. Het werken is een onderdeel van de immunologie. Daarover gaat zondag 32. Werken is zowel de gnosis dienen als de ander. Zonder deze werken is de mens dood. Zondag 32 hamert als Noach op de werken, als zijnde een ark om te overleven. Zonder werken is er geen schip. Zondag 32 stelt dat dit alleen door het kruis kan. Ook de werken zonder kruis zijn dood. Het kruis is wat het werken doelmatig maakt, gericht. In het marktwezen is er geen gerichtheid omdat men de mens niet kent en niet wil kennen, alleen zijn grote zak met geld. Medische koopmannen kijken de mens in de mond voor het goud, maar luisteren niet naar de mens. Wie is uw raadsheer ? Geld of kennis ? Smijtegeld stelt : 'Hij wil, dat men tot de wijsheid zegt: Gij zijt mijn zuster, dat men het verstand onze bloedvriend noemt, Spr. 7: 4. Zo ziet gij dan hieruit wel, dat de vromen grote kennis hebben. Geeft het de vromen dan niet na, dat zij geen wijsheid hebben, zij zijn de aller-wijsten. (…) Paulus stond er zo naar, als hij alle dingen schade en drek rekende om de uitnemendheid der kennis. (…) De praktijk is de ziel van de kennis, een Godzalig hart moet werkzaam wezen niet alleen met zijn hersens, maar met zijn ganse wandel. Dit zijn drie stukken, waar God in Zijn Woord, en Paulus in zijn brieven, en de Onderwijzer hier zo op aandringen, dat zijn de prikkelen en de nagelen, die diep ingeslagen worden van de meesters der verzamelingen, Pred. 12: 11. Mist gij het een of het andere, dan mist gij de gehele zaak; mist gij het ene, gij mist het andere ook.' Zij missen de demonologie, dus is het corrupt en illegaal, en crimineel, en zondag 32 laat zien wat er met hen zal gebeuren als ze zich niet bekeren. Ze zullen niet toegelaten worden in het koninkrijk. Waar dan wel ? Zeker niet de eeuwige hel, want dat is ook onrechtvaardig en onmenselijk. Eigenlijk zijn ze gewoon bezig zichzelf te vernietigen en komen in ziekenhuizen, gevangenissen en scholen buiten het koninkrijk terecht. Wat kunnen we doen als een mens bezig is zichzelf te vernietigen ? We proberen hem te helpen waar we hem nog kunnen helpen, maar we moeten onszelf en anderen ook tegen hen beschermen. Daarvoor is de kerkelijke tucht. Het werk moet dus gekeurd worden, getoetst worden. De mens moet niet alleen in de werk opname zijn, maar ook komen tot de werkplaats, tot het kantoor, en gehuisvest worden in het werk. Is het werk al je woonplaats, en ben je al onderdeel van een werk-familie ? Of ga je nog helemaal op in je aardse familie die misschien al wel gepensioneerd is of werkeloos en hun tijd verspillen met allerlei vleselijk werk om de heiligen af te leiden ? Er zal dus een zondvloed komen die al het vleselijk

werk zal uitbannen, elk werk zal toetsen. Elk pseudo-werk zal uitgeroeid worden door deze zondvloed. En dan lig je in het water, in de zee, die al dan niet woest is, en dan moet je zwemmen tot de werk-eilanden die nog zijn overgebleven, de woonplaatsen van geestelijk werk. Dit is de zondvloed van zondag 32. Zij komt tegen alle valse werken, en toetst elk werk nauwgezet en zal niets door de vingers zien. U bent gewaarschuwd. Zondag 32 komt om velen te ontslaan. Veel werk is namelijk helemaal geen werk. De werkzondvloed zal komen. Wie zal bestaan ? Als het nacht is zal niemand kunnen werken. Werk zolang het nog dag is. Het werk moet volbracht worden. Zondag 32 is één van de natuurvrouwen tot de kerk gezonden om hen uit te leiden in de grote reformatie. Zij draagt een lamskleed. Waar staat het voor ? Een vals lam moest verslagen worden. Zij roept de mens op om waarlijk discipelen te worden, maar discipelen van wat ? Het is beeldspraak natuurlijk. Zij spreekt in kerkelijke taal tot hen die in de kerk vastzitten. Het is net zoals we nog steeds Nederlands moeten spreken, anders verstaat niemand het. Ik ontmoette haar in Assen, in een droom. Ik ben vroeger veel in Assen geweest. Profeten met wie ik bevriend was hadden het vaak over 'de werkplaats van God'. In de droom lag ik in de werk-zondvloed, waar overigens iedereen doorheen moet. Ik was in de zee, en moest naar Assen zwemmen, wat een eiland was, gebouwd op klei. Ik moest tegen kleigronden opklimmen. Ik ontmoette haar toen in de wildernis op het eiland. Zij droeg een lamskleed. Zij was een donkere natuur vrouw, een aspect van God, van de gnosis. Zij speelde een lied op een fluit, en zong. Ze toonde mij een aardappelplant, met vele aardappelen die onder de grond groeiden. Het is het leven van een werker. Het is verbonden aan zoveel aspecten. Wij schreven over Assen in het boek 'De Davidische Zalving' van 2005 : 'Toen wij het eerste deel van de jaren negentig voor Nederland baden voor openbaring over de territoriale machten, toen sprak de Heere over een aardappelveld met een weg daarlangs. Die weg leidde tot een kerk met daarin een wild paard. Het aardappelveld is het beeld van verborgen vruchten en duidt op een diep lijden van Nederland.' Ik houd zoveel van Assen dat het pijn doet. Daar ligt zo'n groot stuk van mijn verleden, en ook mijn ontwaking uit Pinksteren tot de meer profetische beweging en vrijmaking. We waren daar allereerst met praktijk daar voor mijn studie, en ik stond daar met een medestudent in mijn armen voor een hele lange tijd, en ik weet niet waarom. Het gebeurde gewoon. Dat was een hele bijzondere ervaring. Ik had een droom lang geleden dat ik daar was met een Iraanse vriend, en het ging over een boek, en we keken naar buiten en zagen daar op het water de Assense profeten in een roeibootje. De laatste tijd in mijn dromen zie ik steeds meer de zondagen achter die Iraanse vriend, de natuurvrouwen die doorkomen. Over de Assense profeten schreven we in het boek : 'Met praktijk reisden we door het hele land, en al snel kwamen we in Assen waar een man een woord van de Heere kreeg en mij na de dienst eruitpikte. Hij was een profeet, en legde mij haarfijn uit hoe gevaarlijk pinksteren was. Het heeft mijn ogen echt geopend. Hij liet zien dat de pinkstergemeente een marionetten-cultus was, nauw verbonden met de zonnetempel-cultus van de inca's. De groep waartoe ik behoorde was zichtbaar bezorgd om mij. Maar het contact met die man bleef. Het sprak boekdelen tot mij. En zo kwam ik in een kring van oordeels-profeten, en leerde de Heere kennen als iemand die het helemaal niet zo op had met het instituut 'pinkster-kerk'. Een grote uittocht begon. In het profetische leerde ik zelf de stem van de Heer verstaan en niet meer te bouwen op anderen. Ik moest zelf een relatie met God krijgen en los komen van mijn slavenbanden, want ik was in die tijd gewoon een pinkster-paardje. Na mijn theologische opleiding werd ik baptisten-predikant, en dat was net tussen evangelisch en pinksteren in, als een veilige haven voor mij. Bij de baptisten vonden ze de gaven van de Geest wat ongewoon, maar wel interessant. Wonderen en tekenen begonnen te gebeuren, iets wat broeder Richards al tijdens mijn pinkster-tijd

over mij had geprofeteerd. (…) Stijl heb je ook als je wel naar de kerk gaat, maar je niet met hen vereenzelvigt, zoals die pinkster-broeder in Assen die het helemaal niet zo had met pinksteren. Ik herinner me nog goed dat hij op een zondag met een stoeltje en een tafeltje voor de gemeentedeur ging zitten met een klokje. Zo van : tik-tak, tijd is bijna om. Oordeel staat voor de deur.' En ieder geval hebben de zondagen daar doorheen gewerkt, de natuurvrouwen, om de mens terug te roepen tot de natuur. In de droom van de werk-zondvloed liep ook Lelystad onder, en was er een grote oorlog tussen Assen en Lelystad. Ook Amsterdam, Den Haag en andere steden liepen onder. Een medewerker schreef over dromen die hij had gehad in 2020 : 'Ik droomde over mijn zusje. Er was dan een tankstation wat tegelijkertijd een supermarkt was en ze moest een vrachtwagen parkeren in een van de supermarktlanen en als ze dat deed en de eerste was, want er waren ook anderen (gewoon normale vrachtwagenchauffeurs), dan had ze een prijs gewonnen. En die prijs was dan een of ander zwart plastic potje waar een of andere gel in zat. Maar ze moest het nog wel afrekenen dan toch bij de kassa ookal had ze het gewonnen. Die kassa was dan ook weer buiten dus ook weer rare mix tussen supermarkt en tankstation. Ik was daar dus ook bij heel de tijd en keek hoe ze parkeerde en dan naar de kassa ging. Dus toen ging ik naar de kassa om naar haar toe te gaan en toen was ze daar niet meer en was ze verdwaald. En toen was er een groepje jongeren die aan het basketballen waren ofzo en ik wilde hun hulp om te helpen zoeken maar ze hoorden me niet eens ofzo. En toen was daar een stad en dat was amsterdam maar met een hek om heel de stad en dat was dan het hek van de efteling dus het was amsterdam maar ook de efteling. Zo'n hoog metalen hek met van die lange spijlen en gesmeed hek bij de ingang. Ik mocht er eigenlijk niet in maar glipte er toch door ookal zouden er dan bewakers zijn maar die zag ik niet. En er gingen ook ander mensen naar binnen gewoon die wel betaald hadden maar ik vond dat ik het recht had om binnen te mogen zijn want ik was al binnen geweest. Toen was het nacht en ging ik door de straten maar ik was in de dakgoot of rand boven de huizen uitgekomen en wilde terug naar beneden naar de straat en ik kroop door een dakgoot of iets wat er op leek en duwde ook losse stenen weg en uiteindelijk kon ik niet verder en was het weer afgesloten met een hek. Toen keek ik naar binnen in die woning. Dat was een studentenwoning en zag daar een stelletje in de keuken en ik had het idee me daar naar binnen te gaan door het raam en doodleuk te doen alsof ik iemand was die daar een nachte overnacht had bij een van de studenten en dan gewoon naar beneden te lopen en weg te gaan naar buiten. Maar ik ging eerst plassen wat ook weer maf was want die soort van wc kon je inkijken en dan zag je daar de grachten ofzo of een soort ondergronds satorain met groen licht echt vreemd. En toen werd ik betrapt door een van die studenten en die nam me mee naar beneden om me alsnog eruit te gooien. Ik kon me ook nog ineens flarden van een droom herinneren van een tijd geleden dat ik naar compleet andere galaxies ging en nooit meer terug zou kunnen. echt vaag want zit nu echt te denken van heb ik dat nou gedroomd of niet. En ik droomde ook vannacht dat ik mijn eigen ruimteschip had om te (geestelijk) reizen en dan met z'n computer ook waar je tegen kan praten. En als laatste droomde ik dat ik weer bij een familie in barendrecht was op bezoek en dat ze me weer tot het christendom probeerde terug te halen door heel vriendelijk te zijn waardoor ik bijna nog ging denken ook dat ik misleid was en weer terug moest keren naar dat oude wereldje van het eenvoudige geloof van de hemel you know. En toen kwam iemand van hen ook nog langs daar thuis en die wilde iets maken om iets groen te kunnen kleuren en dat kon dan wel volgens mij want dat had ik dan pas ook nog gedaan door snijbiet in een emmer te doen heel geconcentreerd waardoor je een groen kleurstof kreeg. Andere droom : Ik was in den haag of amsterdam samen met vriendin. Ik was haar kwijtgeraakt en liep net buiten de binnenstad toen er een heel groot vliegtuig overvloog, heel laag, een airbus, rood wit geloof ik. Vervolgens maakte hij een draai en ging over de kop en stortte neer op de binnenstad.

er was een enorme explosie. mensen begonnen te rennen en ik dacht weer van die idioten die gelijk in paniek raken en gaan rennen, maar toen dacht ja ok dit is wel heel dichtbij en hoorde de brokstukken om me heen neerkomen dus toen dacht ik de vriendin vind ik later wel, nu maken dat ik weg kom. en dacht ook aan de gassen en brandstof e.d. gekke was dat ik geen shirt aan had dus dacht ik moet nog wel ergens een shirt vinden. Toen ik wakker werd dacht ik dit leek wel zo echt alsof ik op een parallelle wereld was. de droom was compleet met geluid van het vliegtuig en in full color. Ik droomde ook over dromen. Ik droomde over een bacterie. deze bacterie was verantwoordelijk voor 50% van de dromen die we krijgen. Die droom was zonder beeld of wat dan ook. meer alsof je informatie doorkrijgt ineens. Of we dan ik of wij of de mensen in zijn algemeenheid is weet ik niet precies.' En dan van mei 2019 : 'In mijn droom zag ik een beeld van 2 vrouwen weet zeker dat die naakt waren die met elkaar aan het vechten waren/worstelen in soort greep houding tegenover elkaar dat je elkaar vastgrijpt en dat waren documenten.' April 2019 : 'Eerst keek ik van buiten af in een lange donkere tunnel. Daar liep een meisje in. En er was een richel waar om de zoveel meter gevaarlijke aliens lagen te slapen. Dat meisje zag ze niet en ik riep haar van pas op (denk ik niet beseffende dat ik daarmee ook die aliens wakker kon maken) Vervolgens was ik in het Amazone regenwoud en ons ouderlijk huis stond daar. Ik was daar en nog een aantal mensen en het was nacht en we werden aangevallen door hele gevaarlijke zwarte aliens. Ik denk dat ze insectisch waren. Ik zei nog tegen iemand van de code van dat we de code moeten weten zodat we ze konden afweren of weten die alien was en wie niet. Maar ze begrepen me niet en ik begreep het eigenlijk ook niet want ik dacht van wat is de code dan die weten we helemaal niet. En we wilden ze buiten houden maar het ging allemaal zo snel en ze waren heel sterk en toen waren ze al het huis binnengedrongen en begonnen ze mensen over te nemen van binnenuit en dan explodeerde hun hoofd. Je voelde echt angst en dat we weerloos waren. Ik vluchtte via achteren naar buiten de jungle in en zag nog een vrouw die zich in een wanhoopsdaad van een beboste klif naar beneden liet vallen, denk zelfmoord want alles was beter dan in de handen van die aliens te vallen. Ik wist gelukkig te ontkomen en toen werd ik wakker. en dacht wow!' Een vliegtuig die op Amsterdam neerstortte is letterlijk gebeurd op 4 oktober 1992 met de bijlmerramp. Verschillenden van onze medewerkers werden bijna getroffen. Als uitleg werd gegeven dat het het verleden was wat achter het netwerk aanzat. In de droom van de werkzondvloed was Amsterdam gezonken. Een nieuw Amsterdam zou komen via Assen, via het natuureiland Assen wat nog was overgebleven en wat zo'n belangrijke rol in ons netwerk heeft gespeeld, als de fundamenten, en de bevrijding van pinksteren, want we moesten verder. Ook zijn we in het begin door zulke zware demonische aanvallen gegaan dat we hulp zochten bij de Assense profeten. Het zaad van bevrijding werd hier gelegd, en toen zijn we weer teruggegaan naar Amsterdam. Amsterdam zal dus vernieuwd worden door Assen. Assen is een belangrijke sleutel, en zondag 32 die daar is. Door de werk-zondvloed en het huisgevest worden in de werkplaats komt er ook een nieuw lichaam, wat een beeld is van het werk.

Het tank station uit de droom van de medewerker is ook een beeld van het herstel van geestelijk werk. In 2015 had ik een droom over deze medewerker over een tank station wat nog licht op de zaak kan werpen, wat ik deze medewerker in 2016 vertelde : 'Vorig jaar ergens had ik ook nog een droom over een parallele droom-realiteit over jou. De mens is vaak afgezonderd van deze droom-realiteiten waarin ze dan leven zonder dat hun aardse zelf daar vanaf weet, maar het vertaald zich dan wel cryptisch op aarde, dus het loopt op een bepaalde manier dan wel weer synchroon. maar in ieder geval dat was dan in de buitenaardse mierenwereld, (mier = beeld van geestelijk werk, ijverigheid) KUKULKU, in de diepte van MARS. Mars is meer een Romeins woord voor de rode planeet, maar daar wordt de planeet SARAM genoemd, dus mars is dan meer dat woord omgekeerd. In ieder geval daar is dan een dimensie, een bepaalde frequentie, wat dan best wel nauw parallel loopt aan Nederland, en er leven daar gewoon mensen, maar die schijnen dan ook een mieren-dubbel te hebben, een mieren-identiteit, dus het is een twee-spoor realiteit of dubbele realiteit. dat wat de mierenhelft doet vertaald zich dan ook in hun mensenhelft. in ieder geval er was daar nog veel meer natuur. Zwolle was één grote stad samengesmolten met kampen, geintegreerd met de natuur, en nunspeet was ook helemaal samengesmolten met de natuur, dus wel veel huisjes enzo, maar dan gewoon als op een natuur-terrein. De natuur er omheen was overweldigend. in ieder geval werkte jij op een soort van tankstation wat verbonden was aan een witte winkel waar van alles verkocht werd, zoals voedsel en leesmateriaal. Ik weet niet wat jouw taak daar was, kan natuurlijk van alles zijn, maar dat tankstation was ergens op de weg tussen zwolle-kampen en nunspeet. het was een gewone weg, geen snelweg. De brandstof die daar verkocht werd was zuiver natuurlijk, dus geen milieu-vervuiling, en ook de betaalmiddelen was zuiver natuurlijk maar in de zin van "voldoen aan de condities", dus meer de hogere economie. Die droom was in de tijd dat ISIS hier op aarde flink opkwam, en dat was dan als het ware een vertaling van wat er in de mierenwereld in de diepte van Saram gebeurde. Er kwam toen later in een droom een soort van mieren-oorlog, tussen verschillende mieren-soorten, maar in ieder geval werd dat hele gebied toen verwoest, dus zwolle-kampen ging eraan, en ook nunspeet, en iedereen moest geevacueerd worden, ook jij, maar jij werd in veiligheid gebracht, zoals vele anderen. toen een lange periode droomde ik daar niets meer over, maar in deze periode weer wel. alles is in razendsnel tempo weer opgebouwd, en de vijand verdreven, doordat een mierensoort met zwaar geavanceerde technologie zich ermee ging bemoeien. maar nu is het zo dat in de mierenwereld er een bepaalde bruidsvlucht is waar de mannetjes dan een bepaalde bruid uitkiezen die de koningin moet worden, en de rest van die maagden worden dan allemaal vernietigd. maar voor de mannetjes is dit een zelfmoord-missie, want als ze de koningin hebben bevrucht dan exploderen hun inwendige genitalien in haar, en sterven ze. ook zijn er andere soorten van zelfmoord door vele mieren die dan ergens een cirkel vormen, en dan maar blijven cirkelen totdat ze sterven, wat de mieren molen wordt genoemd, wat vaak gebeurd als een groep soldaat-mieren het feromoon spoor van de grote groep verliezen en daardoor geisoleerd raken. dat is dus ook waar het hele ISIS-fenomeen vandaan komt. het zijn buitenaardse mieren die een leven op zichzelf zijn gaan leiden, contact hebben verloren met de grote groep, de koningin. Een verschil tussen aardse mieren en buitenaardse mieren is ook dat de buitenaardsen vaak honingmieren zijn (net zoals buitenaardse wespen en buitenaardse vliegen). ik had een droom dat ik tot een ondergrondse honing rivier kwam op Saram, samen met een lezer, dat was een reusachtige rivier van hele waterige honing, en daarna kwam ik weer tot de mierenwereld, en kwam ik op de hoogte van de veranderingen. in ieder geval is de mierenwereld, zowel de aardse als de buitenaardse, matriarchisch, dus werkt vanuit de baarmoeder, in tegenstelling tot hoe de stadse structuur van de

aarde is in dit tijdperk, want die is patriarchisch, afgekapt van de baarmoeder, wat al deze problemen heeft gegeven, en wat dus mieren zijn die in zo'n mieren molen terecht zijn gekomen, de ondergang tegemoet, los van de mierenkoningin. stukje entomologie dus, insectenleer.' De mieren-oorlog is dus de oorlog tussen vleselijk werk en geestelijk werk. Daarom moet de werkzondvloed komen van zondag 32. Al het vleselijk werk gaat eraan. Zondag 32, de natuurvrouw met het lamskleed, sprak tot mij : 'Het lam van de vleselijke werken van valse kennisloze liefde, genade, en vergeving moet verslagen worden en ontslagen.' Ook Ermelo gaat ten onder in de werk-zondvloed. Er was een grote brand in de geestelijke wereld in Ermelo in 1998 die heel Ermelo deed afbranden in de geestelijke wereld. Maar er zal ook een nieuw Lelystad komen en een nieuw Ermelo. Er zal ook een brug zijn tussen Ermelo en Lelystad. Je bent in de jungle. Onbekende parasieten hebben het op je bloed gemunt. Eén verkeerde beweging en het kan te laat zijn. Demolonologie alleen is niet voldoende. Er kan ook valse demonologie zijn. En op één been kun je niet staan en lopen. Je hebt nog iets anders nodig : toetsologie. Elke demonologie moet streng getoetst worden. Grondig getoetst. Anders ga je eraan. Parasieten hebben namelijk hun eigen pseudo-demonologie. Iemand zei eens tegen mij dat hij daar zwaar paranoïde van zou worden, maar hebben we een andere keus ? Als we onze kop in het zand steken en dus niet leren dan hebben de parasieten ons. Het is oorlog. Je ogen en oren dichtdoen is geen optie. Dan hebben ze je. Je bent nu eenmaal in de jungle en je moet zien te overleven. Dus zie te overleven. Voor nu zit er niets anders op. Zie dat je er doorheen komt. Er valt niets te ja-maaren. Wie niet studeert valt in slaap en gaat eraan, wordt een prooi. Het toetsen moet dus grondig gebeuren, anders ben je nog prooi, want parasieten kunnen oneindig sluw zijn. Vandaar dat het vak toetsologie zo belangrijk is, levensbelangrijk. Je toets moet volkomen zijn, waterdicht. Het moet leiden tot de toets opname, waarin je dingen zo diep hebt doorgetoetst dat de gnosis je tegemoet is gekomen en je opneemt. De gnosis beloont zulke toetsers. Geestelijke werken moeten van boven komen, en niet gebaseerd zijn op voorschriften en tradities van mensen, stelt zondag 33. We hebben dus zowel een toets opname nodig als een profetische opname. Toetsen is niet aanvaarden en vertrouwen, maar worstelen. Er staan teveel gevaren op de loer, ook als we denken in God te zijn. Daartoe is het verhaal van Jakob op Pniël wat één van de basis verhalen is in de toetsologie. Pas als we volharden in het toetsen en worstelen tot het einde zullen we opgenomen worden. Die opname is een verbrokenheid, want Jakob werd gebroken zodat hij gevoelig zou zijn voor de gnosis. De toets opname is dus niet iets zoetsappigs. Jakob kreeg een klap met het kruis. Jakob werd in het toetsen gegeselt opdat zijn vlees zou afsterven. Ik heb zondag 33 ontmoet als een natuurvrouw die haar lippen likt, bloeddorstig is (naar het vlees), vechtlustig, twistlustig, omdat zij wil dat we toetsen en niet zomaar blindelings geloven en volgzaam zijn. De vrouw likte haar lippen, zo van 'kom maar op', want ze wilde worstelen. God of de gnosis eist geen blindelingse gehoorzaamheid, maar wil dat wij toetsen. God gaat met ons in gevecht, om ons vlees te breken. In zijn commentaar op zondag 33 wijst Vermeer op Micha 6:9 : 'Luistert naar de roede en wie haar besteld heeft.' Jakob moest leren naar de roede, naar de gesel te luisteren, want het beschermde hem en leidde hem. Daartoe is pijn in ons leven. Het is niet om ons te vernietigen. De profetologie is dus gebaseerd op de kruisologie. Het vlees mag namelijk de profetie niet in de weg staan. God, wat houdt ik van de gesel, wat houd ik van haar, want zij doet mijn vlees sterven, opdat ik geestelijke profetie ontvang, en geen vleselijke profetie. Maar ligt het zo gemakkelijk ? Neen, wij vrezen haar ook. Wij haten haar ook. Wij worstelen met haar. Wij mogen ons nooit blindelings overgeven. Wij

zijn dus innerlijk verdeeld, en dat is onderdeel van de toetsologie, dus denk niet dat u iets vreemds overkome. Het is heel normaal in de wildernis. Soms worden we verscheurd door onbegrip, klagen en weerstand, vanwege de diepte van het kruis, de snijdende pijn van de gesel wat soms maar niet lijkt te stoppen en alleen maar erger lijkt te worden. Wie kan het dan soms niet uitschreeuwen in woede, en wie kan soms niets anders dan vrezen of zo overgevoelig zijn dat je weg probeert te vluchten ? Soms is het lijden ondragelijk, en de gnosis weet dit. Niks menselijks is ons vreemd. In het leven van een geestelijke kan het zo erg zijn dat we net als Elia suicidale gedachten hebben soms, of onze geboortedag en moederschoot vervloeken zoals Jeremia. Dan willen we niet meer leven, net zoals Job. Dan is het allemaal teveel geworden. Dat wil niet zeggen dat we dan minder geestelijk zijn, maar het kruis gaat soms door dit soort dalen die zo diep gaan dat we wanhopig zijn en het niet meer zien zitten. Dat is het pad van het kruis. Vermeer laat zien hoe diep het sterven van het vlees gaat : 'Dat er zoveel overeenkomst is tussen een natuurlijke dood en dit geestelijke sterven. Want deze afsterving gaat ook niet toe zonder voorafgaande smarten des doods. Het uitsteken der ogen, het afkappen der handen en der voeten is zo pijnlijk. (…) Hij sterft aan het zondige eigen, in al zijn zintuigen en daden. Het oog ergert hem (Matth. 18:9). Daarom zegt David (Psalm 119:37): "Wend mijn ogen af, dat zij geen ijdelheid zien; maak mij levend door Uw wegen." Al de leden worden Gode gesteld tot wapenen der gerechtigheid (Rom. 6:13). (…) Hij sterft aan zijn eigengerechtigheid, aan zijn doen en plichten. Zijn gerechtigheid wordt hem als een wegwerpelijk kleed (Jes. 54:6). Daarom zegt Paulus (Filipp. 3:8), dat het zijn lust was om in Christus gevonden te worden, niet hebbende Zijn gerechtigheid, die uit de wet is, maar die door het geloof van Christus is. Ja tenslotte, zulk één sterft aan alle eigen kracht en vermogen. Hij wordt een werkzame arme, verlegene en machteloze voor God. Hij wordt niet moedeloos omdat hij geen kracht heeft, maar hoe meer hij verliest, afneemt en sterft, en dus al machtelozer wordt, hoe sterker hij in de Heere wordt, ja hoe dierbaarder de sterkte van Jezus hem wordt. Paulus had door bevinding geleerd alzo te spreken (2 Kor. 12 :9): "Als ik zwak ben, dan ben ik sterk." En dan staat er in vers 10, dat hij een welbehagen had in zwakheden. (…) Gelijk de kwaaddoener gevangen werd genomen, tasten zulken de gehele oude mens aan. Ja, zij zoeken, de lendenen des verstands opschortende, de wet van God te gebruiken als een band om de zonden te binden (Ef. 6:14). Gelijk een kruiseling aan het kruis genageld en vastgehecht werd, is het ook de lust van zulk een ziel om alzo met de zonden te handelen. Dat is hun bedoeling, de zonde aan het kruis te brengen, opdat deze daaraan zou worden gebonden en genageld. Gelijk een gekruiste zware pijnen en smarten werden aangedaan, roepen ook zij soms uit vanwege de smart der zonden. O, hoe klaagt Paulus in Rom. 7. Hun hart is vervuld met klachten, en dit is bij Gods volk de gedurige stof voor hun gebeden. Zoals aan een gekruiste het voedsel werd onthouden, handelt in deze ook de ziel, naar het woord van Paulus (Rom. 13:4) het vlees en de begeerlijkheden niet verzorgende. Hij dient daaraan geen voedsel toe, dat wil zeggen, al zulke zaken, personen en gezelschappen snijdt hij af. Hij brengt al die dingen ten onder, welke de oude mens zouden verlevendigen. Gelijk een gekruiste langzaam stierf en allengskens zijn krachten verloor, wedervaart dit ook de oude mens. (…) En gelijk een gekruiste werkelijk stierf, want de kruisdood was wel een langzame, maar het was ook een gewisse en zekere dood, o vrienden, alzo breekt de tijd aan dat ook de gelovigen eens het gehele lichaam der zonden zullen afleggen, zonder ooit meer door het lichaam der zonden te worden verward en beneveld.' Door het kruis wordt de mens dan eindelijk opgenomen uit de vleselijke woning, los van de vleselijke familie banden. Ik had een droom dat er hemelse bacteriën tot de aarde kwamen als lenzen die heel snel nieuwe liturgieën op borden projecteerden, en waarop op het fundament van de toetsologie een nieuwe demonologische kerk werd gebouwd. De oude systemen waren monsters die terug in hun ei moesten, en de eieren gingen naar het museum. Het hemels burgerschap leidt tot een hemels

agentschap wat een hemelse natie schept, als de hesis, hemel+gnosis. Het is zoals zondag 33 stelt niet op menselijke voorschriften gebouwd. Het menselijke, vleselijke fundament moet geheel vernietigd worden. Smijtegeld zegt over deze ware bekering : 'Dan wordt het stenen hart een vlezen hart, die weerspannige ijzeren nek en zenuw wordt afgesneden, Jes.48: 4. (…) Dan is er ook, nog een worstelende bekering. Daar heeft strijd plaats, zij willen niet struikelen, en zij doen het echter wel; en dat zodat ze hebben te worstelen. Het vlees begeert tegen de Geest, Gal. 5: 17, Rom. 7. Hij wordt tot dit en dat getrokken. Maar hij doet niet mee, de genade blijft evenwel. Amalek was wel eens de sterkste, maar dan ook was wederom Israël de sterkste, Exod. 17: 11. (…) De bekering der uitverkorenen, wedergeborenen, is een daad die waarachtig is, zij heeft geen omslag. Waarin bestaat nu de eerste, die der uitverkorenen; en waarin bestaat die der wedergeborenen? Zij bestaat in dat, wat de Onderwijzer zegt, daar is een oude en een nieuw mens; de oude mens sterft, hij neemt af. Maar de nieuw mens staat op. Doet hij dat niet? Kent u dat niet? Dan bekeert gij u niet.' Ursinus stelt : 'Matth. 15 : 9: 'Doch tevergeefs eren zij Mij, lerende leringen, die geboden van mensen zijn.' Ursinus stelt dat er drie soorten vals geloof zijn waar de mens voor op moet passen : historisch geloof, tijdgeloof en huichelachtig geloof. We kunnen niet zomaar een profetietje hier en een profetietje daar ontvangen, tijdens de koffiepauze ofzo, of alleen op speciale gelegenheden. Neen. Dan heeft het vlees teveel ingang. Onze zintuigen moeten opengaan. Het gaat erom profetisch te leven. Het gaat om het hemelse burgerschap. Dit geschiedt door de profetische opname en de toets-opname, want iedere sisprofeet (gnosis-profeet) weet dat er een strijd is tegen geesten van valsheid, die telkens weer proberen de profetische mens te misleiden. Vandaar dat wij in 1993 ook het boekje : 'Profetie – Speelgoed of dynamiet' uitgaven. Ursinus stelt dat de hemelse werken van boven door de mens heen moeten vloeien. Nog een andere droom van de medewerker die ook over de worstelende naakte vrouwen droomde, ook van mei 2019 : 'Ik zat in een droom in een zware strijd in mijn hoofd met het geloof en ik was terug in mijn ouderlijk huis, was denk ik op een zondag misschien net na de kerk en we waren in de keuken en ik ging bijna naar buiten en m'n moeder was ook in de keuken en die hoopte (ze zei niks) dat het gereformeerde geloof het zou winnen en ik alle andere dingen los zou laten en 100% terug zou komen tot het gereformeerde geloof en dan uitverkoren zou worden en iemand zou zijn waar ze trots op zou kunnen zijn en tegenop kon kijken en heel belangrijk zou worden in het gereformeerde geloof. Het was niet zozeer m'n moeder zelf die dat dacht maar die geest erachter. (M'n moeder keek vroeger ook altijd op tegen "de dominee", dan had ze het altijd over van : ga je mee naar de kerk want dominee zus of zo komt dan, maar dat was dan een hele goede dominee volgens haar.)' Er zijn dus verschillende documenten over de reformatie en van de reformatie, zoals er meerdere scheuringen waren en worstelingen, waardoor ook uiteindelijk een gedeformeerde kerk ontstond. We moeten zowel terug als verder. Het kind kunnen we niet met het badwater weggooien, maar we kunnen het kind ook niet in het badwater laten verzuipen. Vandaar dat deze worsteling verder gaat.

Hoofdstuk 29. zondag 34-38 : deserteur of detective ? Detectives in de kerk. Wat is er gebeurd ? Wat voor misdaden hebben hier plaatsgevonden ? Inspectie. Wat hebben ze hier allemaal met kinderen gedaan ? In het aardse moet van alles, ben je tot van alles verplicht. Je moet dit doen, dat doen, en als je het niet doet, trekken ze een blik wijkagenten of schoolonderwijzers of advocaten open. Het zijn slechts vleselijke afschaduwingen van de hemelse natie. In de hemelse natie kun je niet komen als je een dienstweigeraar bent. Zondag 34 gaat over dat je geen afgoderij mag plegen. Afgoderij naar de gnosis toe is zowel schoolverzuim, werkverzuim als legerverzuim, desertie dus. De schoolplicht van de hemelse natie is meer iets abstracts. De hemel is namelijk gnosis, dus logischerwijs als je de gnosis niet hebt ben je ook niet in de hemel. Je woont dus in principe gewoon in wat je bent, en wat je bent, dat leer je, anders ben je er niet meer, en woon je er ook niet meer. Vandaar dat we de vleselijke afschaduwing daarvan, die overigens keihard is, terugzien in Amerika : als je niet werkt, heb je geen huis. Zieken zijn daar dan ook aan de lopende band dakloos, omdat er geen goed zorgsysteem is. Het is allemaal heel abstract. Als je schoolziek bent kom je ook niet in de hemelse natie. De hemelse natie is namelijk een studie. Het vlees wil niet studeren. Het vlees wordt in stand gehouden door bepaalde bacteriën, en daarom moet de mens de bacteriologie kennen. Het is heel simpel : men moet de technologie van de hemelse natie kennen, want zonder technologie is er geen tv. Je kan geen doos pakken en er wat modder ingooien en dan een takje indrukken en er een gaatje inprikken, en dan zeggen dat je een tv hebt. Zo werkt het gewoon niet. Profetologie is ingewikkelder dan raket technologie. We blijven het zeggen. De hemel gaan we dus in door studie : hemelologie. Het gaat dus niet door zomaar te toveren. Het moet steen voor steen gebouwd worden. Hoe werkt een computer ? Hemelologie is niet eenvoudiger. Zo moeten we ook de metaforische teksten in de bijbel opvatten tegen tovenarij. De mens moet niet denken dat alles als bij toverslag gaat gebeuren, lekker lui, maar door studie en werk, heel grondig, gebaseerd op de toetsologie, wat ook het fundament van de hemelologie is. En de hemelse natie in de hemelologie moet zintuigen hebben, anders kan er geen informatie, geen gnosis worden overgedragen, dus daarvoor is de profetologie, en dit moet dus beveiligd worden door de demonologie, zoals computers een goed anti virus programma moeten hebben, en het moet telkens ge-update worden, dus studie en werk is progressief. Niet met pensioen gaan, want dan wordt je computer gehackt, dan gaat je hemeltje eraan. Ons toverend vlees wat niet wil studeren en werken, niet wil lijden en strijden, geen diepte wil, moet dus afsterven. Ook de medische wereld is tovenarij, want ze willen de demonologie niet. Ze hebben de demonologie vervangen door economie, en kopen gewoon hun weg de hemel in, en natuurlijk door veel bedrog en stelen. Het zijn dus oplichters. Het is ook vaak wat ze als eerste vragen : Bent u verzekerd, wat is uw verzekering, wat is uw geboortedatum, spaart u ook zegeltjes, enz. terwijl je ondertussen al bent overleden door deze onzinnige, vleselijke bureaucratie. Het zijn huurmoordenaars. Dat mag je natuurlijk ook niet zeggen, want dan ben je krankzinnig. Het zijn dus sluipmoordenaars. Ze willen niet dat jij het weet. Deze mensen zijn bezeten. Je mag dit niet zeggen, want dan ben je gek in hun ogen, omdat ze ook geen beeldspraak willen begrijpen. Als ze iemand niet begrijpen, dan is zo iemand gek in hun ogen. Dat is makkelijk. Zo kan ik het ook. Dan hoef je niemand te leren kennen. Ze doen geen onderzoek. Ze zijn met pensioen gegaan, hoeven niet meer naar school, hoeven niet meer sociaal te zijn. Ze begrijpen iets niet, dus is de ander direct gek. Ze werken ook voortdurend langs elkaar heen. Ze begrijpen elkaar ook niet, maar collega's houden ze de hand boven het hoofd. Het is immers hun complot. Dit is tovenarij, lieve mensen, waarvan God's

woord zegt dat ze het koninkrijk niet zullen beërven. In de grondtekst gaat dit over medicijnenmengers, heksen. Dat is wat ze zijn : heksen. Het is allemaal drugs. Laat je niet bedonderen door mensen die hun drugs medicijnen noemen en het dan aan je verkopen. Het is vaak levensgevaarlijke troep, en ze willen de mens niet kennen. Heksen, heksen, heksen. Wanneer wordt de mens wakker ? Deze heksen zijn bezeten. Het zijn drugsmengers. Dat kan nooit goed zijn voor het lichaam. Kijk naar alle toverformules die ze opprevelen, want ze willen niet leren. Ze zijn niet voor rede vatbaar. Allemaal bijgeloof noemt zondag 34 het. Ze geloven in hun medicijnen en hun vreemde, onnatuurlijke, mensonterende en lichaamsonvriendelijke formules, niet in de gnosis. Ze verbergen de gnosis, de sleutel van kennis, want het zijn medische wetgeleerden, en zo houden ze de mens tegen binnen te gaan. Dit voorhangsel zal scheuren. De mens moet het kruis verkiezen boven de drugs, de gnosis boven toverij. Er is dus in de hemelse natie een soort van gnosis agentschap, agenten die de mens moeten beschermen tegen de toverijen van het vlees. Dit agentschap is wat zondag 34 is. De mens moet naar school, anders sterft de mens. Vandaar dat de mens eerst de vleselijke realiteit te zien krijgt van deze school. Er wordt door spijbelaars, leken, veel gelogen over de hel. Daarom is hellologie ook zo'n belangrijk vak in de hemelse natie. Het gaat niet zozeer om wetten, want wetten kunnen verkeerd uitgelegd worden, maar om gnosis omtrend deze dingen. Er zijn altijd weer uitzonderingen op de regel, en wetten zijn dualistisch, enz. Ook zijn ze aan tijden en seizoenen onderhevig. Geen simpele materie dus. Wetten moeten vandaag omhuld worden met gnosis, omhuld worden met school, om misbruik te voorkomen. De gnosis is het sieraad van de wet. Zonder de gnosis heeft de wet geen schoonheid. In die zin is de school ook het sieraad van het werk, en bezit het werk geen schoonheid zonder de school. Daarom mogen we ook niet alleen gerechtigheid zoeken in wet en werk, maar in gnosis en school. Gnosis en school zullen wet en werk volbrengen, tot sieraad en eer strekken. Het gaat dus niet per see om orthodoxie, maar om de progressiviteit hierin. Progressiviteit is het sieraad van de orthodoxie. Zonder progressiviteit verliest de orthodoxie al haar schoonheid, en verouderd zo en gaat met pensioen. Zondag 35 gaat over dat de mens geen projecties van de gnosis mag maken in de zin van afwijkende, bedriegelijke beelden om daarmee te spijbelen, want de mens moet gaan tot de bron, en geen deserteur worden die alleen met speelgoed-soldaatjes speelt. De mens moet niet met pensioen gaan en dan alles projecteren op een beeld in plaats van werken vanuit de bron. Projectie is dus potentieel gevaarlijk. Het moet wel legaal zijn, als kanalen die in juiste verhouding staan tot de bron, wat de mens leert in de projectologie. De werk opname brengt een verzachting waardoor het verdichte afsterft. Het verdichte ontstaat door valse projectie waardoor alles dichtslibt. De valse beelden zijn de menselijke geboden die gemaakt zijn, als een afleiding, niet als schakel. Dat wil niet zeggen dat er geen beelden en verbeeldingen mogen zijn, maar ze moeten waarheidsgetrouw zijn en niet liegen en afdoen aan de zaak. Vandaar dat er ook een zeker beeldenagentschap is in de hemelse natie, gebouwd op zondag 35. Dat heeft dus ook allemaal met projectologie of spiegelologie te maken. Zij is de vrouw met de spiegel. Durft de mens in de ware spiegel te kijken, zonder naar de bedriegelijke spiegels van de wereld te grijpen ? Waarom zou je mensen je laten voorliegen met hun vooroordelen ? Dat zijn dan de valse spiegels, de valse beelden. Door valse beelden maken criminelen ook een alibi en dekken ze hun misdaden af. Detectives in de kerk. Wat is er gebeurd ? Wat voor misdaden hebben hier plaatsgevonden ? Inspectie. Wat hebben ze hier allemaal met kinderen gedaan ? Zondag 36. Dit gaat over het misbruiken van het geestelijke voor vleselijke doeleinden. Als er

bijvoorbeeld staat : 'Alle zonde en lastering zal de mens vergeven worden, maar de zonden tegen de Heilige Geest niet, Matth.12: 31,' dan betekent dit dat als we vergeven willen worden dan moeten we geestelijk worden, want zolang we nog zondigen tegen het geestelijke, dus nog steeds vleselijk zijn, dan kunnen we niet vergeven worden, want dan zijn we nog niet veranderd. Een mens krijgt nooit zomaar vergeving maar moet zich van de zonde bekeren en het dan goedmaken, dus eigenlijk van het vleselijke over gaan tot het geestelijke. Dat is in diepte dus waar vergeving daadwerkelijk voor staat : vergeestelijking. Dus logischerwijs als die vergeestelijking nog niet heeft plaats gevonden is er geen vergeving. De zonde blijft dus nog onvergeven zolang de mens het nog niet heeft vergeestelijkt, nog niet heeft gerectificeerd. Daarom zei Jezus ook dat zij die etiketten plakken, oftewel vooroordelen hebben, niet zomaar vergeven worden, en ook niet in de toekomst, want zij moeten stoppen etiketten te plakken. Het gaat dus niet om vergeving, maar om rectificatie. Het slachtoffer hoeft niets te doen. De misdadiger moet wat doen. Dat is alles wat deze teksten kunnen zeggen. De huidige maatschappij heeft het voor elkaar gekregen de mens te doen geloven alsof het slachtoffer de schuld heeft en moet veranderen (vergeven), terwijl de misdadigers vrijuit gaan. Daar zijn alle hedendaagse wereldse systemen op gebouwd. De steden staan totaal onder controle van mk ultra en ze programmeren elkaar door geluid. De mens is verslaafd aan geluid, kan niet tegen de stilte. Dit is allemaal mk ultra. Mensen, realiseer dat deze realiteit een gevangenis is. De beeldendienst gaat dus over systemen in de maatschappij die de mens een valse identificatie hebben gegeven, oftewel een vals beeld, en daaromtrend hebben ze afgoderij opgericht, oftewel desertie, spijbelen. Ze verstoppen zich achter hun valse beelden. Men onderwijst niet, men spijbelt, steelt, verdraaid en verkoopt. Daarom moet de mens tot de ware opnames komen, de werk opname, studie opname, toets opname, profetische opname, het opgenomen worden door de hemelse stormen, van het vleselijke tot het geestelijke. Daartoe zijn zondag 35 en 36 gekomen. Door het vleselijke is er vervalsing. Het vleselijke betekent gebrek aan nuance. Er worden belangrijke kernwaarheden weggenomen, en dan stort alles in, gaat alles zich verdraaien, en zijn het slechts halve waarheden, waardoor de leugen regeert. Alles is vervormt. Zondag 37 gaat erover dat de mens eden zweert op basis van mensenwerk, menselijke tradities, menselijke dogma's, door menselijke goedkeuring, in plaats van eden op basis van de gnosis, en zo is het dus illegaal. Zo is er een valse, criminele samenleving ontstaan, als een onderwereld. Het heeft niets te maken met de daadwerkelijke wereld, de hemelse natie. Ze verkopen alles maar, maar het heeft geen waarde, geen grond. Ze denken als een ander mens het goedkeurt, of één of andere instantie van mensen, dat het dan goed is. Ze hebben de mens tot god verheven. Het mist dus zijn doel en heeft niets te maken met de immunologie en navigatologie van de natuur. Ze schieten er totaal langs en zijn in vrije val. Ze zoeken hun bevestiging in vage beelden, niet in het hemelse Woord. Ze maken zichzelf spijbelbeelden voor hun spijbelschool. Allemaal desertie. Daarom moeten de detectives komen in de kerk. Smijtegelt stelt : 'Ezra deed de oversten, de priesters, de Levieten, en gans Israël zweren, dat ze naar dat woord zouden doen, Ezra 10: 5. En Neh. 5: 12, zwoeren de priesters mede.' Dit heeft dus metaforische waarde, daar de bijbel een metaforisch boek is. Smijtegelt stelt dan : 'Job zei eens : Ook nu, zie, in de hemel is mijn Getuige en mijn Getuige in de hoogten, Job 16: 19, Zo ik het gedaan heb, mijn schouder valle van het schouderbeen, en mijn arm breke van zijn pijp af. Job 31: 22. Wanneer nog?' Hebben wij al een hemelse getuige bij alles wat we doen en zeggen ? Hebben wij al een wachter voor onze mond en onze voet ? Die getuige is zondag 37. Zij noteert alles wat we zeggen en doen, en alles wat we nalaten, en zal het later voor of tegen ons gebruiken. Zij is een detective, een inspecteur. Haar oog ziet alles, haar oor hoort alles. Zij slaapt niet. Zij is een wachter. Ursinus stelt : 'Niet alle eden zijn verboden, maar alleen de lichtvaardige en onnodige eden.' Als voorbeeld noemt hij de farizeeers die Jezus ombrachten door valse getuigenissen.

Zondag 37 is een notaris. Ga daarom ook nooit zonder haar van huis. Zorg dat je legaal bent als je dingen doet, dat je een hemelse getuige hebt, en een hemels agent, een notaris, want anders zal het in de toekomst zware consequenties hebben. Wij kunnen alleen de gnosis zien door de gnosis. Zorg daarom altijd dat je deze spiegel hebt. Er moet een getuige zijn. Er moet een klankbord zijn, een controle, een bevestiging, een inspectie, bij alles wat je doet. Dit is ook belangrijk in het geestelijk reizen, anders ben je prooi. Er staan allerlei vreemde systemen op de loer, en als je dan geen notaris hebt en geen agentschap, dan ga je eraan. Dan nemen ze je mee. Val niet door onzorgvuldige maatregelen in de handen van de ontvoerders. Ga nooit van huis zonder een detective. Vermeer stelt : 2 Kor. 1:23: "Ik aanroep God (de gnosis) tot een Getuige over mijn ziel." (…) Ook van Paulus lezen wij, dat hij zwoer (Rom. 1:9): "God is mijn Getuige" Zondag 38 : De huidige maatschappij kent de spreekwoorden : 'hoor en wederhoor', en 'geen schuld zonder bewijs' niet, maar is gebouwd op vooroordelen. Zondag 38 gaat over de sabbath, wat niet zomaar passieve rust is, maar het gaan naar de bronnen. Hiervan is het gaan naar de kerk een metafoor. Dat hoeft niet letterlijk te gebeuren. Het is een metafoor wat in jezelf kan gebeuren. Smijtegelt stelt : 'Joël 2: 16, Verzamelt het volk, heiligt de gemeente, vergadert de oudsten, verzamelt de kinderkens en die de borsten zuigen.' Het is dus metaforisch het terugkeren tot de moederborst, waar onze bron ligt, wat we nodig hebben voor het onderzoek, om zo niet in vooroordelen, in valse beeldendienst, terecht te komen. Zo mogen wij gaan tot de eeuwige sabbath. Wij mogen leren leven vanuit deze bron. Sabbath betekent : afstand doen van het vleselijke, en terugkeren tot het geestelijke. Het gaat dus om het rusten van de zonden, van het vleselijke. Het moet gaan slapen, stelt Smijtegelt. Ursinus stelt : 'De sabbat heiligen betekent niet: die dag in luiheid en ledigheid doorbrengen, maar op die dag heilige werken verrichten.' De sabbath is dus de werk opname, van geestelijk werk. Op de sabbath is vleselijk werk verboden. Daarom moeten we de eeuwige sabbath ingaan om los te komen van alle werken van het vlees. De werken van het vlees moeten gaan slapen. Zondag 38 is dus een soort sabbath agentschap, een soort slaap agentschap. Laten we bij alles wat we doen de sabbath gedenken. Hoofdstuk 30. zondag 39-40 : van hemelse natie tot hemelse familie zondag 39 Vraag 104: Wat wil God in het vijfde gebod? Antwoord: Dat ik mijn vader en mijn moeder en allen die boven mij gesteld zijn, alle eer, liefde en

trouw bewijs en me aan hun goede voorschriften en tucht met gepaste gehoorzaamheid onderwerp en ook met hun zwakheid en gebreken geduld heb, aangezien het God behaagt ons door middel van hen te regeren. Wat betekent dit ? Smijtegeld (Zeeuws predikant, 1665-1739) had hierover een mooi verhaal te vertellen : 'Er was een man, die een misdaad bij de rechter begaan had. Hij werd veroordeeld om van honger en dorst te sterven. De man houdt het langer uit dan hij naar de loop der natuur leven kon. De rechter geeft de cipier last om te onderzoeken, wat er geschiedde. De man had een dochter die een zuigend kind had, en die dochter kwam elke dag bij haren vader, zij werd wel onderzocht, of zij ook enige spijs of voedsel onderhaar klederen verborgen, bij haar vader bracht. Maar daar werd niets bij haar gevonden. De cipier daarop lettende wat er gebeurde, zo ziet hij, dat als ze bij haar vader kwam, dat ze haren boezem opende en de man de borst gaf. De cipier gaat naar de rechters en maakt dat bekend. De rechters dat horende, werden daardoor zo bewogen, dat zij de man vrij lieten.' Deze dochter had zo het leven van haar vader gered, dus was in die zin een moeder voor haar vader. Iemand's kinderen zijn iemand's ouders, maar dit is zeker niet letterlijk. Het gaat om de vruchten die men voortbrengt die uiteindelijk de mens verder helpen. Familie verhoudingen zijn dus metaforisch. De ouders zijn dus het loon wat we zelf verdiend hebben en wat we kunnen gebruiken voor verder loon. Er wordt veel gesjoemeld met familie en loon. Daarom is zondag 39 een agentschap van familie en loon. De mens moet loskomen van vleselijke familie en vleselijk loon, en komen tot geestelijke familie en geestelijk loon. In dit opzicht zijn de zondagen de geestelijke moeders. Zij zijn nodig om deel te hebben aan de geestelijke familie, door hun baarmoeders, waardoor de mens wederomgeboren kan worden. Ursinus (1534-1583), Duits theoloog en één van de schrijvers van de Heidelbergse catechismus, stelde bij deze zondag : 'En zoals het een wijs zoon is, die de vader verblijdt, zo is het een zot, die zijn moeder veracht en bedroeft, Spr. 10 : 1 en 15 : 20.' De gedeformeerde kerk die de metaforische moeder heeft verworpen is dus een totale zot. Ook Ursinus stelt : 'De geschiedenis van een dochter die haar vader die veroordeeld was om van honger te sterven, in de gevangenis met haar borsten lange tijd heeft gevoed; evenals van een dochter, die haar moeder in de kerker gezoogd heeft is ook zeer beroemd.' Ursinus stelt bij zondag 39 ook zeer terecht : 'Men dient er goed op te letten, dat de Apostel schrijft (Ef. 6 : 1), dat de kinderen de ouders gehoorzaam moeten zijn „in den Heere (gnosis)”, d.w.z. -zoals het in de Catechismus wordt uitgelegd -„met behoorlijke gehoorzaamheid.” Want als de ouders of overheden, of iemand die over een ander gesteld is, zulke dingen gebieden zouden, die in strijd zijn óf met de eer van God, óf met de liefde tot onze naaste, dan moet men hun daarin geenszins gehoorzamen. Want „die vader of moeder liefheeft boven Mij -zegt Christus -, is Mijns niet waardig” (Matth. 10 : 37).' Daarom is het hemels agentschap omtrend familie zo belangrijk, want het kan makkelijk een valstrik worden op het smalle pad. Pas op voor de familiaire werken van het vlees. Dit zijn totaal zowel dode als dodende werken, en velen zijn eraan verslaafd. aan deze familaire drugs. Het is ook een soort vlees, een soort hormonale drug wat in het bloed van de mensen zit, en in de genen. Ursinus stelt weer terecht : 'Daarom wilde zeer terecht Jonathan zijn vader Saul niet gehoorzamen, toen deze hem gebood om David te doden (1 Sam. 19 : 1 en 20 : 33) (...) Men moet Gode meer gehoorzaam zijn dan den mensen (Hand. 5 : 29).' Daadwerkelijke ouders zijn dus niet de aardse ouders, maar de principes, ook de principes van het

kruis en van de tucht, waardoor de mens leeft en beschermd wordt. Ursinus stelt : 'Spr. 13 : 24: „Die zijn roede inhoudt, haat zijn zoon; maar die hem liefheeft, zoekt hem vroeg met tuchtiging”; en 19 : 18: „Tuchtig uw zoon, als er nog hoop is, maar verhef uw ziel niet om hem te doden”; en 23 : 13v.: „Weer de tucht van den jongen niet; als gij hem met de roede zult slaan, zal hij niet sterven. Gij zult hem met de roede slaan en zijn ziel van de hel redden”; vgl. ook Spr. 22, en 29 : 15 en 17. Hebr. 12 : 7-9: „(want wat zoon is er, dien de vader niet kastijdt?) Maar indien gij zonder kastijding zijt, welke allen deelachtig zijn geworden, zo zijt gij dan bastaarden en niet zonen. (…) ”En dit dient met wijsheid te geschieden, Kol. 3 : 21: „Gij vaders, tergt uw kinderen niet, opdat zij niet moedeloos worden.' Het kruis is dus onze ouders. Door het kruis worden wij opgevoed, beschermt en geleid. Ursinus noemt 3 gevaren op het pad van zondag 39 : 1. Al te grote strengheid bij het bestraffen van degenen die zondigen, vooral uit zwakheid en zonder een merkbaar grote kwetsing van hun eigen en anderer zaligheid of welvaren. 2. Slapheid, als men niet straft, of grote gebreken niet te zijner tijd bestraft. 3. Pluimstrijken, als men om iemands gunst of om zijn eigen voordeel prijst hetgeen niet te prijzen is, of aan iemand groter dingen toeschrijft, dan hem toekomen. Genezing van het familiaire vlees is niet zomaar te krijgen, maar alleen in de diepte. Zo mag de mens door het afsterven van het familaire vlees komen tot hemelse adoptie, tot de geestelijke familie of hemelse familie, wat in eerste instantie gewoon principes zijn binnen de mens zelf. Dit vormt de kern en het wezen van de hemelse natie. Zondag 39 is dus een belangrijk fundament van de hemelse natie : het afsterven van het familiaire vlees en het komen tot het geestelijke familiaire. Ik ontmoette zondag 39 als een natuurvrouw in een hemels natuurgebied genaamd Rodenberg, wat ook de naam is van de geestelijke Veluwe, en ook de naam van een hoofdvestiging in dit gebied, en de naam van een geslacht. Uit haar mond kwamen programmaties, krachtige programmaties, want de mens moest gedeprogrammeerd worden en gereprogrammeerd. Het was een prachtige natuur. De vrouw kwam dichterbij en ik zag mijn jeugd, hoe diep ze ook in mijn jeugd was. Van haar borsten droop melk. Ik moest van de melk drinken. Ik kreeg visioenen. Ze sprak dat ik van het hemelse Rodenberg geslacht was. Het was een natuurgeslacht. Ik zag de kerkelijke leeravonden en logeerweekenden, kamp. Het was metaforisch mijn familie. Zondag 40. Vraag 105: Wat eist God in het zesde gebod? Antwoord: Dat ik mijn naaste noch in gedachten, noch met woorden of enig gebaar, en nog veel minder door daden, hetzij zelf, hetzij door tussenkomst van anderen in zijn eer aantast, haat, kwets, of dood; maar dat ik alle wraakzucht laat varen; ook mijzelf geen kwaad berokken of moedwillig in gevaar begeef. De overheid (de engelen) draagt dan ook het zwaard om doodslag te verhinderen. Vraag 106: Maar dit gebod lijkt toch alleen over de doodslag te gaan? Antwoord: Door de doodslag te verbieden, leert God ons ook dat Hij de wortel van de doodslag, zoals afgunst, haat, toorn en wraakzucht, verafschuwt en dit alles voor doodslag houdt. Vraag 107: Maar is het dan genoeg als wij onze naaste, zoals gezegd, niet doden?

Antwoord: Nee, want door afgunst, haat en toorn te verbieden, gebiedt God onze naaste lief te hebben als onszelf en hem met geduld, vrede, zachtmoedigheid, barmhartigheid en vriendelijkheid te bejegenen, wat hem schaden kan zoveel mogelijk tegen te gaan en ook onze vijanden goed te doen. Omdat er het gebod 'gij zult niet doodslaan' is is het dus totaal onmogelijk voor zowel Joden als christenen om dieren te doden en te eten. Zij die dit wel doen zijn dus geen Joden en ook geen christenen. Laten we eerlijk zijn. Joden nemen de offerdienst ook niet letterlijk, omdat in de grondteksten het hier om het vlees gaat, om zonden, die opgeofferd moeten worden. Zo kunnen we die teksten dus ook opvatten. Smijtegeld zegt hierover : 'God, als de mens gezondigd had, slacht Hij beesten (oftewel de zonden, zoals het in de grondtekst ook staat), en trekt hun rokken aan van die vellen; en God stelde ook orde om beesten (zonden) te offeren, zoals u dat doorgaans in het boek Leviticus, meest het gehele boek door, leest. God gaf ook een Sacrament; het Paaslammetje (het zondig vlees) moest geslacht worden, en dat moesten ze eten met hun gehele huis, en als het voor hente veel was, dan moesten ze dat met hun buren eten, Exod. 12: 3,4; daar moest niets van overblijven. De Heere Jezus zei ook: bereidt het Paasfeest, Ik heb grotelijks begeerd, dit Pascha met u te eten, eer dat Ik lijd, Luk. 22: 15.' Een sacrament is altijd iets symbolisch. Er wordt geen letterlijk lam geslacht. De psychopathische, gedeformeerde kerk heeft dit altijd wel letterlijk, en dus vleselijk gedaan, want het vleselijke kan het geestelijke niet verstaan. Dat is de tragedie van de gedeformeerde kerk, dat zo door haar gebrek aan onderwijs kinderen werden grootgebracht met het eten van letterlijk vlees, terwijl het zinnebeeldig was bedoeld. 'Waar kennis ontbreekt verwilderd het volk.' Ursinus stelt bij zondag 40 : 'Evenzo moeten wij vermijden, dat wij door allerlei overdaad van brassen, drinken, hoereren, vleselijke lusten, en zo ook door gevaarlijke reizen, Hand. 27, en door tal van andere soortgelijke dingen,onszelf niet willens en wetens letsel bezorgen, verderven en ten onder brengen.En deze en soortgelijke zonden, die daartoe heel gemakkelijk kunnen leiden, verbiedt God in dit zesde gebod.' Dieren laten doden en dan hun vlees kopen door bloedgeld om dan het vlees te eten en zelfs aan anderen te geven, bijvoorbeeld aan kinderen, is niet alleen dierenhaat en kinderhaat, maar ook zelfhaat, en staat gelijk aan zelfmoord. Vlees is daarnaast ook zware hormonale drugs die onredelijk kan maken naar anderen toe. Vlees programmeert dus met zonden en met dood. En dit allemaal door gebrek aan onderwijs, want deze dingen waren zinnebeeldig bedoeld, geestelijk en niet vleselijk. En op de zonde staat straf. Eens zal de mens voor al zijn zonden moeten betalen. Ursinus stelt dan : 'Omdat de Wet niet slechts gebiedt om de zonden te vermijden, maar ook de daartegen strijdende deugden te doen, zo verbiedt God niet alleen dat wij iemands gezondheid en leven zullen kwetsen, maar gebiedt Hij ook, dat wij die zoveel mogelijk zullen beschermen en onderhouden. Daarom bevat het verbod „Gij zult niet doodslaan”, tevens dit gebod: „Gij zult het leven van uw naaste bewaren.” En het leven van de naaste wordt bewaard óf door het niet te kwetsen, óf door het te helpen.' Er komt dus ook een plicht bij kijken dat we niemand zomaar mogen laten sterven, zij het mens of dier. Wie zwijgend toekijkt naar moord stemt toe. En wie zwijgend toekijkt als zijn broeder of medeschepsel wordt onderdrukt die zal de volgende zijn om onderdrukt te worden. Het zesde gebod komt dus ook met een plicht om anderen te beschermen, anders ben je ook medeplichtig met hen die deze zonde van doodslag begaan. Ursinus stelt : 'Rechtvaardigheid, die niemand in 't bijzonder kwetst,bestaat hierin:als men noch

door een opzettelijk voornemen noch door onachtzaamheid iemands leven oflichaam kwetst, door wie wij niet gekwetst zijn, tenzijGod het gebiedt. Of: Het is een deugd, die alle kwetsingen van ons leven of van dat van onze naaste voorkomt, die of met geweld, of door bedrog of door onachtzaamheid geschieden, Lev. 34 : 17, Ex. 21: 21. Deze deugd wordt in de woorden van het gebod „Gij zult niet doodslaan”uitgedrukt. Hiermee strijden, en worden in dit gebod verboden: 1. Alle kwetsing van ons leven, of van dat van onze naaste, die of moedwillig,of uit onachtzaamheid, in strijd met de wetten, plaatsheeft. 2. Slapheid, wanneer niet gekwetst of gestraft wordendegenen, die behoren gestraft te werden door hen, wier ambt het is. (...) Hiermee is (verder) in strijd: Zachtheid, wanneer men niet boos wordt om zeer grote verongelijking, en die niet straft, of, wanneer men bij het bestraffen veel te zacht is.' Gebrek aan tucht is dus een vorm van doodslag, wat als wortel de desertie heeft, de spijbelzucht. Valse scholen worden dus gebouwd op een fundament van doodslag en zelfmoord. Ook een gebrek aan boosheid hebben over onrecht, oftewel onverschilligheid, is dus een vorm van doodslag, zoals Ursinus stelt. Verder noemt hij als in strijd met het zesde gebod : '1. Wreedheid, en een onrechtvaardige gestrengheid of een onmatige strafheid. 2. Te grote zachtheid of slapheid, wanneer iemand niet bewogen wordt door de dingen, waardoor hij om zijns ambts wil behóórt bewogen te worden. 3. Aanzien des persoons.' Verder noemt hij als strijdig met dit gebod : 'In oneerlijke dingen iemand ter wille zijn.' Dit zijn dus allemaal vormen van doodslag. Verder noemt hij als strijdig : '1. Vreesachtigheid of kleinmoedigheid, wanneer men geen noodzakelijke gevaren durft doorstaan. 2. Roekeloosheid, wanneer men bepaalde onnodige gevaren aandurft.' Verder noemt hij als strijdig : 'Eigenliefde, met verachting of verwaarlozing van de naaste, en het bewijs daarvan.' Ook egoïsme is dus een vorm van doodslag. Verder : '1. Dat men zich over andermans kwaad of ongeluk verblijdt. 2. Dat men geen aandoeningen medelijden heeft.' Verder : 'Lichtvaardig vriendschap maken en verbreken, en pluimstrijken.' Vermeer (Utrecht, 1696-1745) stelt dat deze doodslag niet alleen voor de doodslag van het lichaam geldt, maar ook van de ziel. Vermeer stelt : 'Hier wordt verboden het doodslaan van mensen naar het lichaam, zonder enig onderscheid van godsdienst, ouderdom, geslacht, volk, staat enz., met een kwaad opzet, uit boosheid, of uit lichtvaardigheid. Hier wordt dus verboden het lichaam eens mensen zo te mishandelen, dat de ziel er niet langer in blijven kan, of dit dan onszelf of onze naasten betreft. En ook onverschillig op welke wijze dit geschiedt, door onszelf en onze achteloosheid, of door anderen, en ook door dit niet, waar het ons mogelijk is, te verhinderen. (…) Of het nu geschiedt met gedachten, gebaren, woorden, of zich onnodig in gevaar begeven, of wel door daden, kwetsingen enz. De wet is toch geestelijk (Rom. 7:14) en het gebod is zeer wijd (Psalm 119:96). Hier merken wij ook bij op dat uit dit alles volgt dat ook verboden is het doden van onszelf of van onze naasten naar de ziel. Want hoeveel verschrikkelijker moet het nog zijn een oorzaak te zijn van eigen geestelijke dood of van die des naasten.' Vermeer offert ook een medicijn : 1. Hebt u lust tot doodslaan zonder u schuldig te maken? Leg dan uw hand en al uw macht aan de oude mens, die verdorven wordt door de begeerlijkheid der verleiding. Ziet dat u hem vervolgt met een dodelijke haat. Want het is de moordenaar van uw ziel, en ook menigmaal van uw gestalte, van het nieuwe schepsel. 2. En zie dan dat gij daarmede aan het kruis komt, (…) “het vlees gekruist met de begeerlijkheden.” O vrienden, deze doodslag zal u ruimte geven. Ja hoe meer voedsel gij aan die oude aan het kruis hangende mens onttrekt, hoe eerder hij zal sterven. Hij moet toch doodgehongerd worden. (…) De ouden gebruikten wel het spreekwoord: Wij mogen geen mens, die onze naaste is, doden. Maar onze oude mens, die ons nog nader is, moeten wij doden. (…) O vrienden, al zouden het zelfs de liefste boezemzonden zijn, al is het dan het eigen en alle verkeerde eigenliefde. Daarom roep met

een zeker dichter uit: De bitterheid wijkt van deze dood; Zij nodigt ons te rusten in haar schoot. En dan zegt hij verder: Ei machtig Heer, geef mij de laatste stoot, En doe mij zo ten grave dalen. Vermeer stelt verder over de al dan niet geestelijke zonde van doodslag, het overtreden van het zesde gebod : 'En dit is wel een allerzwaarste en allerverschrikkelijkste zonde wanneer deze wordt bedreven door kinderen ten aanzien van hun ouders, ofwel door ouders ten aanzien van hun kinderen, of door moeders ten aanzien van de eigen vrucht. Hierin is toch een verkrachten van de natuur. Daarom is deze zonde ook zo zwaar ten aanzien van Gods dienstknechten.' Want we hebben dan te maken met daadwerkelijke bloedzonde. Als wortel van de doodslag noemt Vermeer : "Laat ons niet zijn zoekers van ijdele eer, elkander benijdende." En : "Een iegelijk mens zij ras om te horen, traag om te spreken, traag tot toorn; want de toorn des mans werkt Gods gerechtigheid niet." Vermeer stelt : 'Tenslotte wordt nog genoemd de wortelzonde van de wraakgierigheid.Wraakgierigheid is een boze geneigdheid en begeerte om zijn naaste kwaad, ja meer kwaad te vergelden dan men meent beledigd te zijn, of ook wel beledigd is. Hierover beroemde Lamech zich: Voorwaar, ik sloeg wel een man dood om mijn wonde, en een jongeling om min buile. Want Kain zal zevenvoudig gewroken worden, maar Lamech zeventig maal zevenmaal." Dit is zeer gruwelijk. Dan neemt men God het wraakzwaard uit de hand, aan Wie alleen de wraak toekomt (Hebr. 10:3). En deze wordt ook verboden (Rom. 12:19): 'Wreekt uzelf niet, beminden, maar geeft de toorn plaats. Want er is geschreven: Mij komt de wraak toe, Ik zal het vergelden, zegt de Heere.' De mens moet stoppen eigen rechter spelen. Er zijn vele regels verbonden aan het dogma. Als de mens deze overslaat dan is het niets anders dan zelf-vernietiging. Als medicijn schenkt Vermeer ons dan nog, als Utrechtse voorouder : 'De Heere Jezus betoonde dit ook in het opwekken uit de doden. Dit bleek bij Lazarus, bij het dochtertje van Jaïrus en meer anderen. Wat bleek dit ook duidelijk toen de discipelen nog zo vol vreemd vuur waren en de Heere Jezus verzochten, dat Hij wilde zorgen dat er vuur van de hemel zou komen en de mensen zou ver-teren. De Heere Jezus, Die geen vreemd vuur had, maar door de ijver van Gods huis werd verteerd, antwoordde daarop: "Gij weet niet van hoedanige geest gij zijt." En dit deed Hij alles als Borg, opdat Zijn volk met al hun vreemd vuur en verkeerde ijver, waaruit een doodslag kan voortkomen, in Hem gevonden zou worden.' Doodslag komt dus voort uit een fundament van overmoed, wat ontstaat door een gebrek aan ware diepte-ijver. Telkens weer slaat de mens stappen over, telkens weer. Daarom stelt Vermeer : 'De Heere Jezus heeft ook Zijn leven niet willen behouden toen Hij het voor Zijn broederen moest geven. Toen heeft Hij het niet dierbaar geschat, maar het voor de Zijnen in de dood overgegeven. En zulks niet alleen opdat zij van de dood zouden worden verlost, maar ook opdat zij in Zijn onbegrijpelijke liefde een schuilplaats zouden vinden met de zonden van het onttrekken van hun leven voor hun broederen. Ja, tot dat doel heeft Hij eens Petrus als een satan weerstaan, die Hem het ondergaan van Zijn lijden en dood afraadde.' Jezus als voorbeeld dus, niet als afgod. Wij moeten zelf als Jezus zijn en die dood sterven aan ons vlees, volkomen, anders zullen wij telkens weer schuldig zijn aan de zonde van doodslag. Ook als de mens de zonde niet goedmaakt, dan zondigt de mens telkens weer.

Hoofdstuk 31. zondag 41-45 : zowel progressief als regressief – het hoe, waarom en wat van gebed zondag 41 Vraag 108: Wat leert ons het zevende gebod? Antwoord: Dat alle onzedelijkheid door God vervloekt is en dat wij daarom, door er een hartgrondige afkeer van te hebben, eerbaar en ingetogen leven, hetzij in de heilige huwelijkse staat of daarbuiten. Vraag 109: Verbiedt God in dit gebod niet meer dan echtbreken en soortgelijke schandelijkheden? Antwoord: Daar ons lichaam en onze ziel tempels van de Heilige Geest zijn, wil Hij dat wij die beide zuiver en heilig bewaren. Daarom verbiedt Hij alle onzedelijke daden, gebaren, woorden, gedachten, begeerten en wat de mens daartoe kan verleiden. Wat betekent het ? Rothuizen (1926-1988) stelt in zijn verklaring van de catechismus (Allemaal Zondagen, 1959) dat echtbreuk ook geestelijk plaatsvindt daar waar man en vrouw elkaar overvragen. Hij stelt dat de mens dikwijls veel meer verlangd van de ander dan God van de ander verlangt. Het is een prachtig commentaar. Hij stelt : 'Als het huwelijk nu iets van God mag uitdrukken dan wel dit, dat de minste de meeste is en dat een kruis ons niet onbekend mag voorkomen en dat het er niet om gaat te winnen, wat er te winnen is, maar te redden wat er te redden valt. Wie hier verwerpt kan wel eens Hem verwerpen die op Golgotha het onmogelijke voor ons heeft mogelijk gemaakt.' Ook zegt hij dat het huwelijk een slagveld is, een zaak van leven of dood, en dat wat God heeft samengevoegd mag niet gescheiden worden. Dit vergeestelijkt hij als een relatie tussen God en mens. Teveel liefde is dan ook weer te weinig liefde. De man groeit dan wel in lengte, maar blijft met hetzelfde lichaam als in zijn jeugd, terwijl de vrouw borsten ontwikkeld en welvingen om haar klaar te maken voor het zogen van kinderen. De man die gewoon gelijk blijft, alhoewel wel wat hariger wordt naarmate hij ouder wordt, of juist ook weer haar verliest, is een beeld van de natuurlijke soberheid van de mens, leren leven met het minste. Dat is ook daadwerkelijk zijn vruchtbaarheid waarmee hij de vrouw kan bevruchten, iets wat een vrouw dan weer niet heeft. Daarom horen zij tezamen, maar dit is slechts een metafoor die zich in de mens bevindt. Zij begrijpen beiden dat minder meer is, niet werelds leven, maar sober, en dus hemels, terwijl de vrouw de voedster is. Door het minderen sterft de man aan zichzelf en komt zo in een andere abstracte werkelijkheid, die van de vrouw, want wat de vrouw hem voedt is het Woord, de kennis, en dus de honger, oftewel het minderen, de soberheid. Een bepaalde tante die ik bijna niet zag hield altijd mijn oom in de gaten. Die oom mocht op feestjes eigenlijk niks eten. Nee, dat mocht mijn oom niet van mijn tante, anders zou hij dik worden. Ze zorgde er dus goed voor dat hij in zijn jeugdige lichaam bleef, en daar gaat het metaforisch om. Dat moet met alle dingen zo

zijn, dat een vrouw de man beschermt tegen de wereld. Zulke levenspartners heb ik ook gehad. De één waarschuwde tegen vlees eten, de ander waarschuwde tegen auto rijden, enzovoort. Ik voelde me dus wel veilig bij dat soort vrouwen. Ze zorgden ervoor dat hun man niet in zonde zou vallen tegen de natuur in. Dat relaties vaak geen stand houden is een ander verhaal, want een man moet blijven minderen, en de gnosis leren kennen. De man die niet mindert om tot de abstracte vrouwelijke werkelijkheid te komen die wordt tot een varken. We zien het om ons heen : protserige, rijke, machtslustige varkens die zichzelf mannen noemen. Ze zijn hierdoor ontmant, gevarkent. Het is een hele jammere situatie, maar het laat zien dat de mens terug moet naar de soberheid, en geen deel moet hebben aan de gedeformeerde kerk. De vrouw is dus de droom in de nacht, alhoewel veel vrouwen nachtmerries zijn. De mens moet diep genoeg slapen om tot de natuurvrouwen te komen, niet tot wereldse tutten. Wat is echtbreuk dan ? Als je belangrijke principes loslaat, die van soberheid, en werelds gaat leven. Dat is verraad naar God en de gnosis. De vrouw is de prediker van soberheid, overvloedige soberheid, en predikt dit aan haar man. Hij is een beeld van soberheid. Soberheid is hun beider sieraad. Zo is er een drievoudig snoer tussen hen en de natuur wat niet snel verbroken wordt. Allereerst en boven alles moet de mens zich toeleggen op zijn huwelijk met God, met de gnosis, en de rest is bijzaak. Dit is niet noodzakelijk iets romantisch, want de gnosis is het onderwijs. De man, het lichaam der zonden, gaat tot de vrouw voor recycling. De man, drager van het lichaam der zonden, gaat tot de vrouw, voor recycling. Het overbrugt de kloof tussen het vleselijke en het geestelijke. Echtbreuk is daar waar die brug er niet is. Daarom is zondag 41 ervoor om die brug te leggen. Het is dus een hemels uitkerings agentschap. Je krijgt het juist door te minderen. De vrouw is dus de oorzaak van alle hemelse genezing en bron van het hemelse lichaam. Zondag 42. Vraag 110: Wat verbiedt God in het achtste gebod? Antwoord: God verbiedt niet alleen het stelen en roven, wat de overheid straft, maar Hij noemt ook diefstal: alle verkeerde handelingen en vergrijpen, waarmee wij het bezit van onze naaste in handen trachten te krijgen, hetzij met geweld of schijn van recht, zoals met vervalsing van gewicht, lengte, maat, waar en munt, met woeker of door enig middel dat God verboden heeft. Hij verbiedt bovendien alle gierigheid, alle misbruik en verkwisting van zijn gaven. Vraag 111: Maar wat gebiedt God u in dit gebod? Antwoord: Dat ik het belang van mijn naaste, waar ik kan en vermag, bevorder en met hem zo handel als ik zelf wilde dat men met mij handelde. Bovendien, dat ik getrouw mijn arbeid verricht om de behoeftigen te kunnen bijstaan. Zondag 42 gaat over de grenzen, de grenzen van iemand's eigendom. Wat wij niet hebben kunnen offeren, geven, kunnen we ook niet bezitten. Geestelijke gaven zijn dus ook altijd dat wat we aan anderen gegeven hebben, anders bezitten we ze niet. Alles komt dus pas via een omweg bij ons. De mate waarin wij geven is de mate waarin wij eigendom hebben. Zondag 42 gaat over de ijver die ons beschermd tegen het stelen. Het legt de grenzen en straft de dieven. Het grijpt daarom diep en is intiem. Het is het hoogtepunt van het hemelse huwelijk. Het is het voortbrengen van vruchten, het hebben van kinderen. Het is het moment van de wedergeboorte. zondag 43 Vraag 112: Wat wil het negende gebod?

Antwoord: Dat ik tegen niemand een vals getuigenis afleg, niemands woorden verdraai, geen kwaadspreker of lasteraar ben, niemand lichtvaardig en zonder wederhoor veroordeel of laat veroordelen. Maar dat ik alle soorten leugen en bedrog als werken van de duivel zelf vermijd, als ik niet de zware toorn van God op mij wil laden. Evenzo, dat ik in rechtszaken en alle andere handelingen de waarheid liefheb, eerlijk spreek en getuig en ook de eer en de goede naam van mijn naaste naar mijn vermogen verdedig en die bevorder. Zondag 43 doorbreekt het glas van de etiketten die geplakt zijn door de medische markt, de rechterlijke markt en de geestelijke markt. Hierdoor kan de mens vluchten tot de wildernis, tot de geestelijke gaven. Hier splitst de gedeformeerde kerk af, ongehoorzaam aan het gebod, en bouwt zo haar muur. De gedeformeerde kerk is compleet samengesmolten met de Mengelers, waar ze ook mee samen werken, die Josef Mengele als furhrer hebben, oftewel het medische onrecht, en ze doen zelfs 'grotere werken dan hem', want daar waar Mengele de engel des doods was, daar zijn de Mengelers, zijn volgelingen, erop gericht mensen in levenslange concentratie kampen te zetten voor experimenten en martelingen, in de psychiatrie en dentistrie. De psychiatrie verbiedt mensen contact te hebben met God en de gnosis, en de dentistrie verbiedt de mens om contact te hebben met de natuur, omdat je gedwongen moet lopen met hun tegennatuurlijke luxe troep in je mond. Je wordt dus gedwongen een modern mens te zijn buiten de natuur. Het is hetzelfde als mensen dwingen de gsm te aanbidden. Zondag 43 komt tegen het Mengelers systeem, doorbreekt dit glas en hun dobbelstenen. Zo vindt de mens weer zijn weg terug tot de natuur en de gnosis. Zondag 43 is een weg uit de bizarrocratie. zondag 44 Wat eist het tiende gebod van ons? Dat zelfs de minste neiging of gedachte in strijd met enig gebod van God nooit in ons hart mag opkomen, maar dat wij te allen tijde en met ons gehele hart alle zonden haten en alle gerechtigheid liefhebben. Zo begint zondag 44. Daarna zal alles overgaan in gebed, vanaf zondag 45 tot de laatste zondag. Zondag 44 stelt in principe gewoon dat het niet om de wil gaat, maar om de kennis. De gebeden zijn er dan voor om de mens af te stemmen om te komen tot de hogere kennis. Is er nog iets van de wil, dan komt de mens bij lagere kennis terecht of bij helemaal geen kennis, en alleen maar wilsdrangen. De mens wil dit, wil dat, maar weet niets, heeft geen grond. De gedeformeerde kerk begint het gebed altijd met onze vader, nooit met onze moeder, want die hebben ze om zeep geholpen. Die bestaat niet. Die zou ook niet sterk genoeg zijn om hun vele vleselijke begeertes te vervullen. Niet sterk genoeg ? Ze heeft de mens het leven gegeven. Maar ze geeft hen inderdaad niet naar hun vleselijke begeertes, maar wat de mens nodig heeft. Niet wat de mens wil, maar wat de mens nodig heeft. Daar zit nogal een verschil tussen, een groot verschil. Als je met iemand communiceert, moet je op die persoon afgestemt zijn, en in dit geval is dat de gnosis, dus het gebed betekent jezelf afstemmen op de hogere principes, opdat je genuanceerd blijft en geen tussenstappen uit het oog verliest. Zondag 45 gaat over het waarom van het bidden. Natuurlijk is het bidden er om de context in de gaten te blijven houden, zodat je niet ten prooi valt aan je eigen wil en begeertes, niet ten prooi valt aan je onwetendheid, je onnozelheid, niet ten prooi valt aan egoïsme. Maar de gedeformeerde kerk bidt altijd het onze vader, en nooit het onze moeder, want de vader is sterk genoeg om de mens zijn egoïsme te doen behouden. De moeder heeft een baarmoeder die allesverwoestend is naar het vlees, dus die ontwijken ze liever. In die zin moet de mens dus ook weer deels terugkeren naar het katholicisme, en zo terug tot Egypte, deels, om fundament te hebben. Er zijn van zovele fundamenten afgeweken. De moeder hebben ze achtergelaten, weggedrukt.

Gebed behoort een offer te zijn, niet voor egoïstische doeleinden. Zoals Ursinus stelt : „Mijn gebed worde gesteld als reukwerk voor Uw aangezicht, de opheffing mijner handen als het avondoffer.” Net zoals de kerk is ook het gebed beeldspraak. Als je het teveel verletterlijkt dan gaat de kracht ervan verloren. Door allerlei menselijke tradities heeft de mens God van zijn kracht beroofd. De mens is een rover die terug moet gaan tot zondag 42 : gij zult niet stelen. 'Ja maar dit, ja maar dat,' zegt de gedeformeerde mens dan. Maar dan kunnen wij zeggen : 'Neen. Geen vals getuigenis afleggen nu, ook niet over God. Geen woorden lopen verdraaien. Ga terug naar zondag 43.' De mens moet dus terugkeren tot de demonologie om los te komen van de werken van de duivel, wat de werken van het vlees zijn. Laat jezelf inlichten hoe dat gaat. Ursinus stelt dat het gebed het hebben van een getuige is, dus je kunt maar beter letten op je woorden en daden en hoe je bidt, want die getuige brengt alles tot God, oftewel tot de gnosis, de hogere kennis. Hij stelt daarna : 'Want door het gebed klimmen wij op in het ware heiligdom voor God, spreken en handelen wij met Hem, dragen wij aan Hem onze nood op, en verkrijgen wij hetgeen Hij ons van eeuwigheid toegeschikt en voor ons weggelegd heeft. Het gebed is dus de sleutel des hemels, zoals Augustinus zegt. Want het gebed vaart op, en Gods barmhartigheid daalt neer.' Deze sleutelen zijn geestelijk, zoals Smijtegeld ook stelt. Een vleselijk mens kan niet bidden. Vleselijke gebeden werken niks uit, die komen niet verder dan de grond. Er is een sleutel van kennis, een sleutel van tucht, en een sleutel van gebed. Deze sleutels werken met elkaar samen. Als er een sleutel ontbreekt, zullen de andere sleutels ook niet werken. Daar gaat zondag 31 over, die stelt : Vraag 83: Wat zijn de sleutels van het hemelrijk? Antwoord: De verkondiging van het heilig Evangelie en de christelijke tucht of uitsluiting uit de gemeente, waardoor het hemelrijk voor de geestelijken geopend en voor de vleselijken gesloten wordt. Dat is beeldspraak, in de kerkelijke taal, en dat gaat over het hart en moet je weten te vertalen. Telkens weer als ik christelijke boeken lees moet ik de beeldspraak ervan kennen en dit doorvertalen om zo geen deel te hebben aan de gedeformeerde kerk. De kerk mag dus niet ergens blijven steken in de reformatie na de middeleeuwen. Het is een bepaalde terminologie die je moet kennen. Dit soort teksten zijn dus potentieel gevaarlijk voor vleselijken die het zouden kunnen misbruiken. In de Heidelberge Catechismus staat ook niet 'voor geestelijken geopend en voor vleselijken gesloten,' maar 'voor gelovigen geopend en voor ongelovigen gesloten', maar dat zijn westerse misvertalingen van de bijbel, die oorspronkelijk in het Aramees en Grieks was. Het gaat om de tegenstelling : geestelijk vleselijk, niet gelovig of ongelovig. Er zijn geestelijke atheïsten en vleselijke zogenaamde gelovigen bijvoorbeeld. Er moet dus een beter woordenboek komen. Er is dus eerder een verschil tussen geletterden en ongeletterden, tussen intellectuelen en onwetenden. Daarom hebben de intellectuelen, de geleerden, ook een grote taak. Wat men vandaag de dag in de wereld geleerden noemt zijn overigens vaak geleerden in het vleselijke. We hebben het dus duidelijk over geleerden in het geestelijke, in de demonologie en de taalkunde. De mens moet bidden om de communicatie met de gnosis in stand te houden, om de nuances blijven te zien, en om de wetten te omhullen met gnosis en dieper uit te werken, opdat ze niet star en dogmatisch worden, kortzichtig en oppervlakkig, ondualistisch, eenzijdig. Daarom moet door het gebed alles uitgebroed worden door de gnosis, op z'n diepte geschat. Als de mens niet bidt, dan gaat de mens dingen over het hoofd zien. Dit hoeft niet traditioneel, via opzegversjes, maar bidden is grotendeels luisteren, mediteren. Ook moet je dus bidden om telkens weer je vlees te offeren, zodat het niet in de weg staat. Het bidden is dus een voortdurend loslaten. Ook bidt de mens als een worsteling met God, oftewel om alle dingen te toetsen. Ursinus pakt deze kwestie ook aan en stelt :

'Bezwaar 1. God weet wel, wat wij nodig hebben(Matth. 6 : 3. Dus is het niet nodig, dat wij Hem door onze gebeden onze nood te kennen geven. Antwoord. Dat volgt daar niet uit. Want niet dit is het doel waarom wij bidden, dat wij God iets zouden willen te kennen geven wat Hij nog niet zou weten, of waar Hij geen acht op zou slaan, maar opdat daardoor onze zorgen a.h.w. in de schoot des Vaders worden neergelegd; opdat wij zelf onze nood recht leren kennen en overdenken, en opdat door die oefening ons geloof worde gevoed en versterkt. Bezwaar 2. God heeft al tevoren, krachtens Zijn Goddelijke voorzienigheid besloten, wat Hij ons wil geven, en dat besluit is onveranderlijk. Dus is het onnodig, dat wij om bepaalde dingen bidden. Antwoord. Weliswaar heeft God inzake onze dingen een besluit genomen en is dat onveranderlijk, maar daarmee worden de gebeden nog niet weggenomen. Want omdat Hij ook besloten heeft, dat niemand Zijn genade en de Heilige Geest ontvangen zal, dan degene die Hem daarom aanroept,wie verstaat dan niet, dat ook wegens het besluit van God, de gebeden voor de Christenen noodzakelijk zijn? Gods voorzienigheid neemt het gebruik der middelen niet weg, maar vereist die. En dat getuigt de profeet David, als hij zegt (Ps. 34 : 1: „De ogen des Heeren zijn op de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun geroep.”Want daarmee geeft hij te kennen, dat Gods voorzienigheid zó zorg draagt voor de zaligheid der Godvruchtigen, dat evenwel het gebed een noodzakelijke geloofsoefening is, waardoor alle onachtzaamheid uit onze harten verdreven moet worden.' Hij pakt dus een beetje aan de bezwaren die onverschilligen en deserteurs gebruiken om niet te hoeven bidden omdat volgens hen alles er toch al is. God weet alles, en kan alles, heeft alles al in kannen en kruiken, dus waarom zouden we bidden ? Het gaat er juist om dat we beseffen dat God de gnosis is als heilsfeit, maar dat dit ook een ervaringsfeit moet zijn, iets wat we persoonlijk moeten ontvangen. Gebed betekent het vol worden met God, met de gnosis, en zo gelijkvormig te worden aan God en aan de gnosis, oftewel gereformeerd te zijn. De gedeformeerde kerk rekent hier niet mee. Terecht pakt Ursinus ze aan. Zien we waar de reformatie is misgegaan, mensen ? Hoe de zogenaamde gereformeerde kerk van vandaag vaak niet gereformeerd is maar gedeformeerd, en weer terug moet naar de grondbeginselen van de reformatie en de Heidelbergse catechismus ? Ja, dit heeft gevaren, en er zitten nogal wat haken en ogen aan. Vandaar dit commentaar. De Heidelbergse catechismus is dus belangrijk, maar moet voorzien worden van een degelijke verklaring, oftewel een exegetische beschouwing. Wij moeten dus zowel progressief zijn als regressief : voortgaande openbaring en teruggaande openbaring. Dit doen wij in profetische en demonologische context. Dat is de ware betekenis van het 'gereformeerd vrijgemaakt' zijn. Het werk van de voorouders was dus nog zeker niet afgelopen, maar moest en moet verdiept worden. De mens moet er voor oppassen de steigers niet voor het huis aan te zien om dan het huis te vergeten. Neen. De steigers zijn slechts tijdelijk. Het waren slechts noodplannen. Het is een taal die de mens moet kennen, niet slechts een taal die de mens moet spreken. Ken uw taal. Ken uw cultuur. Gooi uw cultuur niet zomaar weg, maar pas ook op voor kudde mentaliteit. Ursinus gaat dan verder met zijn betoog over zondag 45, over het gebed : 'Bezwaar 3. De goddelozen ontvangen ook vele gaven van God, waar zij niet eens om bidden. En veel huichelaars ontvangen ook de gaven des Heiligen Geestes. Dus ontvangen ze niet slechts degenen, die erom bidden. Antwoord. 1. De goddelozen en huichelaars kunnen wel vaak bepaalde goederen, zowel aardse als geestelijke ontvangen, maar niet die voorname geestelijke gaven, die aan de uitverkorenen eigen zijn; zoals de bekering tot God, vergeving der zonden, gerechtigheid en heiligmaking.

2. De goederen, die de goddelozen ontvangen, strekken hun niet tot zaligheid, maar tot verderf. Aanhoudend bezwaar. De kleine kinderen ontvangen de Heilige Geest. Maar de kleine kinderen bidden daar niet om. Dus ontvangen ook sommigen de Heilige Geest, die er niet om bidden. Antwoord. 1. Inzake de kleine kinderen geven wij dat toe. Maar voor de volwassenen geldt de algemene regel, die waar is,dat de Heilige Geest niet gegeven wordt dan aan hen, die erom bidden. Want het is hun bevolen, dat zij daarom bidden zullen, en zij kunnen er ook om bidden. 2. Dat de kleine kinderen niet om de Heilige Geest bidden, is niet helemaal waar. Want de kleine kinderen bidden ook op hun manier, n.l. door een genegenheid om te bidden; zoals zij geloven door een genegenheid om te geloven, Ps. 8 : 3:„Uit den mond der kinderkens en der zuigelingen hebt Gij sterkte gegrondvest” Het is van belang dat wij beseffen dat het fundament van het gebed het luisteren is, maar ook het toetsen. Het gebed is dus altijd een worsteling, als een afstemmen en ziften. Zo worden wij net als Jakob tot Pniël geleid, en het gebed moet ons verwonden, want alleen als ons vlees gebroken is kunnen wij tot God komen, en zal het vlees niet meer in de weg kunnen staan. Gebed is dus het uitbroeden van de gnosis in ons, het onderzoeken. Het grond krijgen voor dingen, zodat we later niet bedrogen uitkomen en moeten ontdekken dat we geen fundament voor ons leven hadden en slechts als parasieten hebben geleefd en als parasieten ten onder gaan. Hoofdstuk 32. zondag 46-47, 51-52 : zeg nee tegen krakers van het menselijk lichaam – het dogma van vergeving Het gebed betekent dus : in contact blijven met de bron, in contact blijven met de moederborst, het 'onze moeder'. In de baarmoeder verliezen we ons leven, ons vlees. Daarom haat de mens de geestelijke moeder, en heeft het altijd alleen maar over de vader in de gedeformeerde kerk. De gedeformeerde mens vreest de wedergeboorte, dus omgeeft zichzelf alleen maar met mannen. Van vader tot zoon : allemaal protserig vlees. Ware mannen en ware jongens zijn moeders kinderen, met respect voor hun hemelse moeder, maar ze laten zich niet geven aan de verkeerde vrouwen. Zij worstelen met vrouwen. Het zijn wilde jongens, geen zoete lieve gerritjes die zich vleselijk hechten aan iedere vrouw die ze zien. Ze hebben elk vrouwlievend vlees gedood. Dat zijn ware mannen en ware jongens, en zo niet dan zijn het slechts varkens. Ware mannen en ware jongens zijn sober en trekken zich terug in de natuur. Het zijn kinderen van de gnosis. Ze doen onderzoek en lopen niet met hun opgevoerde bakbeesten te protsen op de straten van 'kijk hoe ik moeder natuur kan verstoren en om zeep kan helpen.' De ware man, de ware jongen is als een ware zoon gewijd aan het gebed, aan het 'onze moeder'. Hij

is geen doetje, hij loopt niet met de massa mee om tegen zijn hemelse moeder te strijden. Hij kan niet tegen onrecht, en is strategisch, intellectueel. Hij roept niet om aandacht voor hemzelf, maar voor het woord, voor de hemelse kennis, die hij predikt. Hij definieert zichzelf niet teveel, keert vaak de andere wang toe, en vaagt weer weg als de golven van de zee. Je kunt hem niet navolgen. Je wordt weer op jezelf geworpen. De ware man, de ware jongen, de ware zoon, is een gekruisigde, een hongerende in de wildernis, altijd in gevecht met zijn vlees, en daardoor stervende. Hij is geen deserteur. Je denkt : Waar is hij ? Hij is op missie. Je helden zullen nooit komen. Je moet zelf op pad. Er zit niets anders op. Zijn wij bewust dat wij kind van de gnosis zijn, of zijn wij te volwassen en daarom niet vatbaar voor de gnosis ? Daar gaat zondag 46 over. Wie is onze ouder ? Wie is onze moeder ? Ursinus geeft het belang aan voor het hebben van een ouder. Hij gaat in strijd met een bepaald bezwaar wat sommigen hebben tegen een hemelse ouder : 'Bezwaar. Een vader behoort zijn kinderen geen enkel ding te weigeren. Maar God weigert ons vele dingen. Dus is God onze Vader niet. Antwoord. Een vader weigert zijn kinderen geen enkel ding, namelijk dat zij nodig hebben en hun tot zaligheid strekt. Maar hij weigert hun alles wat hun onnut, schadelijk en onnodig is, omdat hij hun vader is en hij het welzijn en de zaligheid van de kinderen trachtte bevorderen. Datzelfde doet God ook, door ons alle lichamelijke en geestelijke dingen te schenken, die ons nodig, nuttig en zalig zijn, Luk. 11 : 13, Jak. 1 : 5.' Op Pniël moest Jakob door het goede overweldigd worden, overwonnen, en moest hij het kwade overwinnen, in het toetsen. Vermeer stelt : 'Het is de Heere Jezus zo behagelijk, dat Zijn kinderen van het begin van hun bidden af Zijn Vader overwinnen en Zijn hart als het ware overweldigen met de wapenen, die Hij hun Zelf in de hand geeft. En met pleitredenen, die Hij hun Zelf in de mond legt. Ziet hoe Jezus het er in deze aanspraak op toelegt dat Zijn Vader maar overwonnen zal worden. Hij leert hun Zelf Vader zeggen, omdat Hij weet dat daar niets voor staat. Ja dat hierdoor als het ware vanzelf het hart van God tot Zijn kinderen wordt getrokken en overgaat. Daarom pleit de kerk Jesaja 63:16: "Heere, Gij zijt toch onze Vader", enz. Zo geeft dus Jezus Zelf de wapenen en doet geweld op het hart van Zijn Vader. 6.En ook Zijn Vader wil Zichzelf laten overmogen. Ziet eens met welk een nadruk de Heere vraagt (Jer. 3:19): "Hoe zal Ik u onder de kinderen zetten, en u geven het gewenste land?" En dan antwoordt de Heere Zichzelf dat Hij het zo zal doen en dat daar niets voor zal staan: 'Gij zult tot Mij roepen: Mijn Vader! en gij zult van achter Mij niet afkeren.' Worstel dus met God en overwin, oftewel stop niet totdat je tot de kern bent gekomen. Dit is de volharding in het onderzoek. Stop niet totdat je het vergeestelijkt en vereeuwigd hebt. Dat is wat je zelf bent en daar hangt je eigen heil vanaf. Elk onheil is onwetendheid. Zondag 47 gaat erover dat gebed gebouwd moet zijn op kennis, op juist kennen. We kunnen dus niet zomaar raak gaan bidden. Er moet dus ook voldoende onderzoek zijn, zodat we geen blinde vuistvechters zijn. Onze zintuigen, onze geestelijke zintuigen, dienen dus te openen. Weten wij waartoe wij bidden, tot wie wij bidden ? Moet dat een afgodsbeeld zijn van de voorouders ? De voorouders hadden zeker wijsheid, maar wij zijn de vruchten van de voorouders, dus moeten dit verder uitwerken. De wetenschap moet compleet worden. Al te uitbundige voorouderverering is gemaskerde pensionering. Laten we niet buigen voor de afgodsbeelden van onze voorouders, maar ze verdiepen, opdat ook de voorouders hierdoor geholpen worden die in zoveel dingen nog vast zaten. De voorouders waren in diepe ballingschap. Zij waren slaven van een systeem. Verering van

hun slavenmeesters is dus verraad naar de voorouders toe. Al die ingedutte kerken is dus puur verraad. Zondag 52 is de laatste zondag, waarin de mens mag bidden om stand te houden in de verzoeking, dat die niet boven mate is. Vermeer stelt dat God niet kan verzoeken, want God is te rein en heilig, maar het is iets robotisch, iets automatisch, wat God toelaat voor een reden, ook omdat God niet anders kan vanwege de robotische principes van de natuur, kunnen we stellen. Maar Vermeer stelt dan : "God is getrouw, Die u niet zal laten verzocht worden boven hetgeen gij vermoogt; maar Hij zal met de verzoeking ook de uitkomst geven, opdat gij ze kunt verdragen." We kunnen stellen dat dat de voorzienigheid is van de gnosis. Als er een vraag is in de kennis, dan heeft de kennis ook een antwoord. Als er een probleem is in de gnosis, dan heeft de gnosis ook een oplossing. De gnosis is immers de gnosis. Dat is het beste van het beste, alles omvattende en in elkaar vallende kennis. Mensen, dit is een kunstwerk en meesterwerk wat geen oog heeft gezien en wat in geen hart is opgekomen. Dat gebeurt er in de diepte : het lost zich vanzelf op, het vindt vanzelf een uitweg, een doorgang. Waarom ? Omdat het eindeloos en eeuwig is. Je kan het dus zo gek niet bedenken. Het is meesterkennis. Het stijgt boven alles uit, haalt alles in, omvat alles. Vermeer stelt dat die bede dan ook demonologisch is, want de mens die oprecht bidt om verlost te worden van de boze is logischerwijs geen vriend van de boze, van de duivel, zou je denken. Iemand die werelds leeft zou zoiets niet bidden, stelt Vermeer. Hij stelt dan : 'Maar het is de vijandschap, die in het paradijs is gezet tussen het zaad der vrouw en het zaad der slang. Van dat zaad der vrouw wil de wereld wel verlost worden, maar niet van de duivel, niet van haar allerliefste wereld, en ook niet van het hart, dat het toch zo goed meent: En evenwel bidden zij: Verlos ons van de boze. O mensen, oordeelt zelf eens of dit nu het spreken van leugen of van waarheid is.' Hoe hypocriet is de mens dan wel niet ? Zondag 51 gaat over belasting-ontduiking. Ze willen geen geestelijke belasting betalen, dus vragen ze vergeving. Maar er zijn allerlei regels voor vergeving. Je bent in de koepel van zondag 51, in een bol, en daar omheen zijn de belasting ontduikers met hun boortjes. Ze willen dat je ze vergeeft, oftewel toelaat in je te boren, zodat je demonisch bezeten raakt en opdraait voor hun belasting. Zij willen dit verplichten. Hoe kan een verplicht medicijn een medicijn zijn ? Zet daarom ernstige vraagtekens bij dentistrie want daar gaat deze zondag over. Hoe kan een mens niet zien dat hij bedonderd wordt als producten gedwongen worden, zoals in dentistrie, net zoals de gedwongen vergevingsplicht in de gedeformeerde kerken, zodat ze macht over je krijgen en zo hun belasting kunnen ontduiken, omdat jij er immers voor opdraait en zo overbelast raakt. Betaal je eigen schulden. Wees geen belasting ontduiker. Bekeer je en maak dingen in orde. Dat is wat ware vergeving betekent. Daar staan ze met hun boortjes om gedwongen in je te boren, zodat ze gedwongen in je kunnen onderduiken, belasting ontduiken. Het zijn demonen, mensen. Ga zicht krijgen op deze gruwel. Zij doen 'de grotere werken van Mengele,' deze Mengelers. Vergeef ze niet. Jezus zei dat zij die etiketten op de mensen plakken, mensen brandmerken, niet vergeven mogen worden, ook niet in het toekomende tijdperk, want anders zou dat een vrijkaartje voor hen zijn om nog meer mensen en kinderen te slopen. Ze moeten zich bekeren. Het gaat helemaal niet om vergeving, maar om bekering. Dat is waar zondag 51 voor staat. Laat ze er niet langs. Stel je lichaam niet voor hen open. Het zijn demonen die zich niet willen bekeren maar toch in je leven willen wonen, in je willen onderduiken. Vergeef ze niet, maar roep ze op tot bekering. Het zijn krakers van het menselijk lichaam.

Vandaag bespreken we de laatste paar zondagen van de catechismus nog die we nog niet hadden besproken, namelijk zondag 48-50, maar net zoals de commentaren op de bijbelboeken kan verdere bespreking nog volgen. De heidelbergse catechismus is dus van 1563. Daarna kwamen de Dordtse leerregels, ook in sommige bijbels te lezen, als nog een soort vierde heilig boek van de christenen, maar oh oh oh wat stonden daar een gruwelijkheden in, waarin nog steeds veel kinderen moeten opgroeien. Je kan denken dat je zelf niet meer in de kerk zit en het zelf niet zo nauw neemt met de kerk, omdat je de gnosis hebt gevonden als persoonlijke relatie met de oneindige kennis, maar denk aan alle kinderen die nog steeds in deze afschuwelijke nachtmerrie en holocaust leven, en hierin een stockholm syndroom hebben ontwikkeld puur om te overleven. Vandaar dat het nu dan ook weleens nodig tijd is om de Dordtse leerregels van commentaar te zien en waar nodig is te herzien. We hebben het dan over 1618 en 1619 waarin dit geschrift uitkwam en zich overal in de kerken inwortelde. Deze beulen martelen onze kinderen en willen dat ze vergeven worden terwijl ze gewoon doorgaan met het martelen van kinderen en dieren. Vergeving is de dekmantel waaronder criminelen werken. Vergeving is een dogma wat aan vele regels is verbonden. Als je kinderen voor je ogen worden doodgemarteld dan is vergeving wel het laatste wat je moet doen. Dan moet je in actie komen, als een moederbeer of vaderbeer. Als je gewoon vergeeft en je kinderen laat verdrinken voor je ogen, dan ben je niets anders dan een collaborateur, een samenwerker met de vijand, oftewel een verrader. Hoofdstuk 33. zondag 48-50 van de HC en artikels 1.1-2.8 van de Dordtse leerregels van commentaar voorzien en herzien. Zondag 50 kwam tot mij als een natuurvrouw met een lamsvel als rok. Natuurlijk is het metaforisch. Het lam is een beeld van het vleselijke, en wel het immer klagende vlees. Altijd wil dit vlees vergeven worden, maar niks doen om het goed te maken. Vergeving is zo een vrijkaartje om de meest gruwelijke dingen te doen voor dit lam, als het misbruik van het dogma van vergeving. Dit lam heeft het altijd over liefde, maar haat dieren, en eet ook dieren. Deze liefde is dus geen dierenliefde, en ook geen armenliefde, want deze liefde is alleen maar voor de familie. Wat een gruwel is dit lam. Het is een valze nazi liefde, zeer racistisch, zeer selectief, zeer egoïstisch. Zondag 50 is de bede om dagelijks brood, maar wat houdt het in ? Vraag 125: Wat is de vierde bede? Antwoord: Geef ons heden ons dagelijks brood. Dat wil zeggen: wil in alle behoeften van ons lichaam voorzien, opdat wij daardoor erkennen, dat Gij de enige bron van alle goeds zijt en dat noch onze zorg en moeite noch uw gaven ons ten goede komen zonder uw zegen, en dat wij daarom ons vertrouwen van alle schepselen afwenden en op U alleen stellen. Smijtegeld noemt bij zondag 50 Amos 8: 11, Ik zal ze een honger geven, niet naar brood, een dorst,

niet naar water, maar om te horen de woorden des levenden Gods. Er moet bij deze bede dus een honger zijn, een ledigheid, anders kan de mens niet gevuld worden. De mens moet alles voor het woord, voor de kennis opgeven. Het is dus een bede om deze honger. Hiervoor moet men de strijd aan gaan tegen de gulzigheid van het valse lam, de valse christelijkheid, die wel liefde wil maar geen kennis, die wel vergeving wil, maar geen bekering. Zondag 49 Vraag 124: Wat is de derde bede? Antwoord: Uw wil geschiede op de aarde zoals in de hemel. Dat wil zeggen: geef dat wij en alle mensen onze eigen wil prijsgeven en uw wil, die alleen goed is, zonder enig tegenspreken gehoorzamen; opdat aldus ieder zijn opdracht en roeping even gewillig en getrouw mag vervullen als de engelen in de hemel. Vermeer stelt bij zondag 49 : '(Matth. 26:42): "Mijn Vader, indien deze drinkbeker van Mij niet voorbij kan gaan." Indien dit niet mogelijk is, tenzij dat Ik hem drinke, "Uw wil geschiede." (…) Het is alsof hij daar vroeg: Is er dan geen andere weg om een zondaar te zaligen? Leidt de eeuwige raad naar zulk een uiterste weg heen? O, zie daar, hier ben Ik dan (Psalm 40:8-9): 'Zie, Ik kom; in de rol des hoeks is van Mij geschreven. Ik heb lust, o Mijn God, om Uw welbehagen te doen.' Het gaat hier om de lijdensbeker leeg te drinken tot de bodem, oftewel de onderwerping aan het kruis. Dit zijn hele andere moederborsten dan de borsten van de wereld. De moederborsten van het kruis zijn donker, opdat het vleselijke sterft. Zondag 48 Ursinus stelt dat de mens het kruis zo verworpen heeft dat de mens terug moet komen tot het kruis door boetvaardigheid. De Dordtse leerregels zijn van 1618/ 1619 en moeten een kwartslag gedraaid worden, verklaard, verdiept en herzien. Hoofdstuk 1, artikel 1 : Het vlees staat tussen de mens en God in, en het vlees is onder God's oordeel, d.w.z. de onwetendheid wordt aangeklaagd en onderwezen door de kennis. Ook deze artikelen zijn natuurvrouwen. Demonologisch en profetisch gezien staan er nogal veel fouten in, dus die moeten rechtgezet worden. Het gaat dus om de artikelen in de artikelen. Het is tijd dat er een reformatie komt in de Dordtse leerregels. Er zitten teveel mensen vast in deze dingen. artikel 2. Maar door het zoonschap kan het vlees overwonnen worden. Geen afgoderij en verletterlijking naar Jezus toe dus, want het is een metaforisch voorbeeld van de voorouders dat wij het pad van het kruis moeten gaan om het vlees te laten afsterven, zodat we weer geestelijk worden. Wij moeten de baarmoeder van de natuur in om wedergeboren te worden. Wij hoeven geen kinderen van de onwetendheid meer te zijn, kinderen van het vlees, maar we mogen kinderen van de gnosis worden, door opgevoed en onderwezen te worden door de gnosis.

artikel 3. Het zoonschap gaat over het pad van het kruis, het pad van het minderen, want er is zoveel om af te leggen. We leven in een technocratie. Er zijn regels aan het dogma verbonden. De mens moet onderwezen worden, terug naar de moederborst. Kan de mens daar alles voor achter laten ? Het gaat niet om geloof en meningen. Het gaat om kennis. Die kennis komt van boven, stroomt uit de moederborst van de natuur. Zalig is de mens die het vindt. Waarom moet de mens de medicijnen van het vlees nemen die hekserij zijn ? Psychiatrie, dentistrie ? Het is drugs. En dat terwijl er genoeg medicijnen in de paradijselijke natuur zijn te vinden voor de mens, de paradijselijke drugs, en die zijn geestelijk. Het zijn de vele aspecten van de kennis. Hiertoe heeft een mens onderwijs nodig. Staat de mens daar open voor ? artikel 4. Het gaat er niet om dit evangelie zomaar te geloven en te vertrouwen. De mens moet onderzoek doen en toetsen. Zo'n voorzichtig mens, vol van heilige vreze, komt de gnosis tegemoet. De mens moet worstelen op Pniël. Daarom wijzen wij op Jakob. Zijn vlees moest gebroken worden, opdat hij gevoelig zou zijn voor het geestelijke, en een geestelijk mens zou worden. Er is geen heil in iemand die blindelings vertrouwd. Het is slechts naïviteit en onnozelheid, en zo'n mens wordt misleid en bedrogen, verlokt door valse, overmoedige zekerheden. Zalig de mens die bij alles twijfelt en eerst onderzoekt en toetst op waarheid en daarin volhard om niet tot voorbarige conclusies te komen, want dat zijn valse getuigenissen waar zondag 43 tegen waarschuwt. Kan de mens loskomen van de drugs van geloven ? Ja, als de mens terugkeert tot de school van het paradijs. Een gnosten is dus niet zomaar gebaseerd op het kruis, maar allereerst op Pniël. Terug naar het kruis en terug naar Pniël, dat is de Assense vrijmaking, want door de Assense profeten, die ouder dan mij waren, werd ik vrijgemaakt van Pinksteren, en kwam ik in het profetisch werk terecht in Amsterdam. De Assense vrijmaking was bijna buitenaards. 'De Dordtsen aanpakken,' betekent in dat opzicht : de Dordtse leerregels herzien, want daar ligt het probleem. De Dordtse leerregels is als Nederlandse mk ultra. Allerlei systemen werken hierdoor, zoals ook de drugsdealers van de psychiatrie (want dat is wat ze zijn) en de dentistrie. artikel 5. Dit artikel wordt allemaal weer heel simpel gesteld met grote, grove vertaalfouten die door iedere degelijke taalkundige en Israel kenner getackeld kan worden. Dit is ook de reden waarom Israel niet christelijk is, want het heeft de diepe Israelitische cultuur totaal verkracht en verletterlijkt. Het klinkt allemaal heel boers nu. Vandaar dat dit artikel ook herzien moet worden. We zijn niet alleen in een technocratie maar in een robocratie. Daarom dient de mens de robotologie te kennen. Zoals Jezus ook niks uit zichzelf kon, en ook Jeremia God, de gnosis, niet kon stoppen. Dat is de heilige gebondenheid, of in amazone termen de janilogie. De verlamden moeten in dit opzicht tot Jezus gebracht worden. artikel 6 Verkiezing en verwerping worden uitgevochten op Pniël. Terwijl de verkeerde, onreine en onvaste mensen het verdraaien tot hun verderf. artikel 7

De verlamdheid op Pniël waar de amazone Jakob sloeg is het geduld en de volharding. artikel 8 De geest van vergeving vernietigt alle werken van de schepping. De mens leert zo geen voorwaarden. De mens vergeet zo de tussenstappen. Deze mens mag niet door andere mensen opgevoed worden, maar moet door dieren opgevoed worden. artikel 9 Hoe kan men tot Pniël komen ? Door alles los te laten en achter te laten om op hongertocht door de wildernis te gaan zoals de Israelieten. Alleen de exodus leidt tot Pniël, wat een innerlijke exodus is. Als men nog aan geloof en meningen vasthoudt, dan kan men niet toetsen. De oude DL wil de mens afleiden door hier woorden te gebruiken zoals onvoorwaardelijke voorbeschikking, en bij artikel 8 de genade. De DL maakte de mens tot slaaf. artikel 10 Romeinen 9 gaat over de uitverkiezing van Israel. Er wordt gesteld : De meerdere zal de mindere dienen. (vers 12) Het is dus wel degelijk voorwaardelijk. De mens moet minderen, hongeren. artikel 11 En zoals God zelf volkomen wijs, onveranderlijk, alwetend en almachtig is, zo kan de verkiezing, door Hem gedaan, niet tenietgedaan en opnieuw gedaan, noch veranderd, herroepen of verbroken worden. Evenmin kunnen de uitverkorenen verworpen of hun aantal verminderd worden. Artikel 11 is dus een bevestiging op voorgaande artikelen, een vereeuwiging en beveiliging, als een leidsraad en richtsnoer voor de predikanten die deze boodschap prediken en dit pad begaan. artikel 12 Kan ons onderzoek de toets doorstaan, of is ons onderzoek vleselijk en afgeraffeld ? Heeft ons onderzoek een natuurlijke vrucht voortgebracht, of is het slechts kunstmatig en chemisch ? artikel 13 Het bewijs moet verdient worden. Er kan alleen bewijs worden geleverd in het geestelijke, niet in het vleselijke. Het is een bewijs wat getoond wordt aan studenten die hiervoor klaar zijn en aan de voorwaarden voldoen, niet aan spijbelaren, deserteuren. Het bewijs kan zo niet gekocht of gestolen worden. artikel 14 Nieuwsgierig vlees is vol met vooroordelen en afraffeling. Het is overmoedig vlees wat de gnosis plundert en niet wil voldoen aan de voorwaarden. Het heeft geen heilige vrees tot de gnosis. Daarom moet een mens het volle traject gaan van de uitverkiezing, van de exodus, door het Pniël tot het kruis. Zo komt de mens tot het bewijs, door de robotologie. Om de robotologie te kennen moet de mens de vlesologie kennen, oftewel de werken van het vlees, als het grote 'ken uw vijand, uw

vlees.' J.G. Feenstra stelt bij dit artikel in zijn toelichting op de Dordtse Leerregels (1937) : 'In de practijk des levens wordt helaas van de leer van de verkiezing, uit onverschilligheid, of lijdelijkheid, misbruik gemaakt. Zo is het ook mogelijk, dat bij de prediking misbruik binnensluipt. Daartegen kunnen wij niet ernstig genoeg waarschuwen. Een dienaar des Woords heeft hier vooral de voorzichtigheid te betrachten. De prediking moet geschieden met de geest des onderscheids. Tedere zielen mogen niet verschrikt worden.' artikel 15 Het is geen vleselijke strijd, maar een geestelijke strijd. De mens mag zich niet laten verleiden vleselijk te strijden in het vlees. Oh, het vlees is er zo snel bij om alles maar te bestraffen wat het vlees niet begrijpt. Daarom moet de mens de vlesologie leren en de straffologie, om het verschijnsel 'straffen' te bestuderen, en ook de hellologie. De strijd gaat dus om de nuancering van deze dingen en de contexten. De mens moet zich niet door het vlees laten verleiden om nuance en context te omzeilen. Altijd maar weer straft het vlees zowel overmatig als ondermatig, zowel overmoedig als ondermoedig. artikel 16 Men moet niet ontvangen van de drugs van het geloof aan de eeuwige hel, wat ook onderdeel is van het stockholm syndroom. Men moet zich niet laten omkopen hiertoe, men niet erin laten vleien, maar deze chantage verbreken. Verhinderd de kinderen niet om tot God te komen. Een kind, die een verstand zo fragiel als een eierdopje heeft bedreigen met eeuwige marteling, eeuwige marteling, en als het kind daardoor in psychische nood komt het kind de schuld geven door te zeggen dat het kind psychisch ziek is. Als je als ouder dat doet dan ben je DEMONISCH BEZETEN, vol met bloeddorstige kinderhaat. God houdt van zo'n bedreigd kind. God is liefde en zal zelfs ongehoorzame kinderen niet voor eeuwig martelen. Waar komt dit allemaal vandaan ? Als predikant heb ik het moeten leren, als taalkundige : het is gewoon een misvertaling van zekere bijbel passages, een niet kennen van de achterliggende Israelitische cultuur, en het Aramees en Grieks wat ze hiervoor gebruikten. Zoals ik al zei : God houdt van zo'n bedreigd kind. Het komt niet zelden voor dat zo'n kind in de psychiatrie terecht komt en zelfs zelfmoord pleegt. God kan soms dromen sturen om zo'n kind te helpen, waarvan gevallen bekend zijn, dromen over dat God liefde is en van het kind houdt en voor het kind zorgt en het kind nooit eeuwig zal martelen, want dat is door de mens verzonnen. Maar wat wordt er dan gezegd ? Zulke dromen zijn ook een psychische ziekte. Dat was het laatste houvast van een kind, en sommige kinderen zullen er aan vasthouden, terwijl andere kinderen toch nog zelfmoord plegen. Ik heb veel van deze gruwelen in mijn werk gezien, en daarom ben ik in het verzet, en raad een ieder mens aan die in liefde en kennis gelooft zich aan te sluiten bij het verzet, want nog vele kinderen moeten hier doorheen, en hebben vaak een stockholm syndroom hierdoor ontwikkelt, of komen in de psychiatrie of plegen zelfmoord, of in het ergste geval worden ze precies hetzelfde als hun ouders en handlers om ook andere kinderen te vervolgen en tot wanhoop te drijven. Je mag niet dromen. Dat is net zoals in het boek 1984 van George Orwell over de denk en droom politie. Brave New World, opgroeien in reageerbuizen, als experiment. De kerken die dit soort dingen prediken zullen branden als de gnosis, God, wederkeert. Dit vuur is een geestelijk vuur. Het zendt niemand voor eeuwig naar de hel, maar het transformeert, doet ontwaken en het recycled. Het kwade zal in dit vuur vergaan. Het kwaad is de onwetendheid.

Mensen voor eeuwig martelen is een misvertaling en een misdaad. Wee het gebeente van mensen die hun kinderen naar dit soort kerken slepen om hen aan de Moloch te offeren. De ware vaders en moeders zijn als woeste vader en moederberen uitgezonden tegen dit grote kwaad. Blijf van onze kinderen af ! 'Just feel our rage, why can't you come of age.' Het is God's toorn komende tegen dit soort systemen. Elke ware ouder hebben ze uit de weg proberen te ruimen, intellectuelen afgeschoten. Velen van ons zijn ten onder gegaan, maar het overblijfsel zal een nieuw geslacht voortbrengen. Het is een onverwoestbaar zaad. Nee, deze kerken zullen niet ver komen. Ze moeten gaan. Er is niet veel tijd meer. Het is geen vleselijke strijd, maar een geestelijke strijd. Daarom heb ik altijd de demonologie onderwezen. Vecht voor je leven. Maak geen compromissen. Sta niet aan de verkeerde kant van het schaakbord. Bekrachtig de mensen niet die deze dingen doen. Opdat je geen collaborateur bent. Neem je plaats in in het leger. Mijn oma zei dat ook altijd tegen me. Elke dag weer je geestelijke wapenrusting aandoen, want er is een vijand die altijd waakt. Nooit rust hij. Altijd is hij hysterisch bezig om mensen te verleiden. Hij doet dit door omkoperij en heeft miljoenen jaren ervaring. Denk niet dat je hem zomaar te slim afbent. Ga terug naar de schoolbanken. artikel 17 Dat gezemel over wie naar de hemel en de hel gaat moet maar eens een keertje afgelopen zijn, stelletje ongeletterden. Als je niets anders kunt dan een misvertaald boekje volgen dan ben je een blinde slaaf van het vlees, een letter slaaf. Ook al was het niet misvertaald dan mogen wij nog geen boekslaven zijn. Dat is vleselijk. Wij moeten geestelijk zijn. Het vleselijke verstaat toch altijd alles verkeerd om het in zijn vleselijke begeerten tot gestalte te laten komen. Het vlees leeft door de vleselijke wil, niet door de geestelijke kennis. artikel 18 Altijd weer wil het vlees alles in dozen en vakken doen, altijd maar weer, controle zuchtig als het vlees is. Als het vlees iets niet begrijpt, hup, etiket erop, altijd maar alles in vakken indelen. Het vlees wil zich niet openen voor de onnaspeurlijke diepte van de kennis van God, en is kortzichtig en bedilziek, en betuttelt maar iedereen. O mens, wie bent u, die tegen God antwoord (Rom. 9:20)? O diepe rijkdom van de wijsheid en kennis van God. Hoe ondoorgrondelijk zijn zijn oordelen, hoe onnaspeurlijk zijn wegen? Want wie heeft de zin des Heren gekend, of wie is zijn raadsman geweest? Of wie heeft Hem eerst gegeven en het zal hem vergolden worden? Want alle dingen zijn uit Hem en door Hem en tot Hem; Hem zij de heerlijkheid in eeuwigheid. Amen (Rom. 11:33-36). Hoofdstuk 2, artikel 1 :

Het vleselijke geeft voortdurend de schuld, straft voortdurend, oordeelt voortdurend, klaagt voortdurend, maar het geestelijke studeert en onderzoekt. Het geestelijke laat los en gaat tot de diepte. Het vleselijke houdt altijd vast. Hierom moet het vleselijke verbroken worden. De mens moet onthechten van het vleselijke en het vleselijke loslaten, het vleselijke overstijgen. artikel 2 Hiertoe is het kruis waaraan het vleselijke kan sterven, opdat de mens tot wedergeboorte kan komen in het geestelijke, tot zoonschap. artikel 3 Ze zoeken naar een rein, volmaakt offer en denken dan dat dit Jezus Christus moet zijn, maar dit rein en volmaakt offer betekent dat ze zichzelf moeten offeren en volledig, dus niets achterhouden. Ze hebben allerlei beeldspraak lopen verletterlijken in de westerse kerk, en taalkundigen die de achtergrond en context kennen prikken hier doorheen. artikel 4 Het vlees moet sterven, maar dan op een geestelijke manier, niet op een vleselijke manier. artikel 5 Het aannemen van Jezus Christus is slechts een metaforisch voorbeeld voor de dingen zoeken die geestelijk zijn, niet die op de aarde zijn. Maar het vlees heeft het aannemen van Jezus Christus tot iets letterlijks gemaakt, iets eenzijdigs, iets vleselijks. Daarom eten de vleselijken ook vaak letterlijk vlees en vieren zij ook vaak letterlijke verjaardagen naar het vlees, omdat ze het geestelijke niet kennen. Ze zijn aards en leven aards. Ze zoeken de dingen niet die boven zijn. Wel zijn ze vaak religieus waarachter hun vlees zich kan verstoppen om hun geweten te sussen. Ze houden slechts zichzelf voor de gek. Daarom vieren demonen feest in hen. artikel 6 De totale gehoorzaamheid aan het kruis, de totale bekering tot het kruis. artikel 7 Tegen het wispelturige, luie, schaamteloze, projecterende vlees die altijd anderen de schuld geeft is maar één oplossing : een Damascus ervaring, zoals Paulus die had, oftewel de heilige vrees tegen de zonde en de leugen. artikel 8 Het vleselijke zoonschap moet in de dood, opdat het geestelijke zoonschap voort zal komen met de geestelijke gaven. Dat dit een heilsfeit is moet een ervaringsfeit zijn wat een ieder persoonlijk moet ondergaan. Hierdoor wordt het geestelijk zoonschap verbonden aan het vreemde, de vreemde gnosis, opdat deze beloftes zich kunnen herhalen en kunnen verdiepen. Zou er een kruis zijn wat zo groot en ondragelijk is dat men het automatisch afwerpt ? Dat is iets wat het kruis zelf doet, want het is anti magnetisch. Het kruis zelf werpt zo zichzelf af, dus hierbij draagt men dit grootste kruis van zelfverwerping, helemaal vanaf de andere kant gezien, namelijk de robotologie. Oh, waakt tegen hen die dit kruis bespotten. Het diepere kruis werpt het kruis

automatisch af, elke lagere vorm van het kruis. De lagere vleselijke kruizen leiden tot de dood. Hoe moeten we omgaan met de Dordtse leerregels, wat de mk ultra van Nederland is, van de gedeformeerde secte en al hun tentakels, zoals psychiatrie, dentistrie ? We gaan deze octopus bespreken die hierdoor elke ziel maakte tot een pop, als poppenmaker. In hoeverre ben je een pop ? Feit is dat de Dordtse leerregels de mens tot in zijn genen hebben aangetast, en dan is de boodschap : uittreden en aftreden, want dit gedrocht heeft ook de mens allerlei pseudo-functies toebedeeld om de geestelijke pensionering intact te houden. Wij kunnen dit alleen profetisch oplossen, als in een visioen. Hoofdstuk 34. de herziene dordtse leerregels 2.9 – 3-4.17 met toelichting : uittreden en aftreden Hoofdstuk 2, artikel 9 Dit raadsbesluit, dat voortkomt uit de eeuwige liefde van God tot de uitverkorenen, is van het begin van de wereld tot nu toe, terwijl de poorten van de hel zich vergeefs daartegen verzetten, op krachtige wijze vervuld en zal ook verder vervuld worden. Ik had een droom vannacht over een nieuwe rivier achter mijn huis, een beeld van vruchtbaarheid. Het is een rivier van leven, van de herziene dordtse leerregels, een nieuw Dordrecht. Dit is een nieuw leven van dromen, van de geopende geestelijke gaven. Hoofdstuk 3 en 4, artikel 1 De mens is van den beginne naar het beeld van God geschapen, in zijn verstand toegerust met ware en zaligmakende kennis van zijn Schepper en van de geestelijke dingen; in zijn wil en hart met gerechtigheid; in al zijn neigingen met zuiverheid en is derhalve volkomen heilig geweest. Maar door de ingeving van de duivel en door zijn vrije wil van God afgeweken, heeft hij zichzelf van deze uitnemende gaven beroofd en in plaats daarvan over zich gebracht: blindheid, verschrikkelijke duisternis, leegheid en verkeerdheid van oordeel in zijn verstand,

slechtheid, weerspannigheid en hardheid in zijn wil en hart en bovendien onzuiverheid in al zijn neigingen. Er is een nieuwe verkiezing. Het is geen vleselijke verkiezing en ook geen kerkelijke verkiezing of Dordtse verkiezing, maar een geestelijke verkiezing van de gnosis, de verkiezing van Rodenberg, zoals opgetekend in de Rodenbergse Catechismus. De Rodenbergse rivier zal ook langs Dordrecht stromen om haar nieuw leven te geven. artikel 2 De valse leer van de erfzonde is de psychiatrie. Iedereen moet zijn zoals de psychiatrie, vleselijk zoals ze zijn. Het vleselijke kan het geestelijke niet verstaan. Ze willen iedereen meesleuren in hun zonden, en strijden tegen een ieder die hun zonden niet aanhangen. Ze werken samen met de dentistrie als collaborateurs, die mensen onder dwang implanteren met luxe troep, zodat de mens geen natuur lichaam meer is en niet meer in contact kan komen met de oorspronkelijke authentieke natuur, maar alleen maar met hen. Zij zijn een vervalsing van de gnosis. Zij zijn geen Rodenbergse uitverkorenen maar verworpenen. De psychiatrie strijdt tegen de geestelijke gaven, en strijdt daardoor tegen de metaforische kerk en de metaforische opname. De psychiatrie is de werken van het vlees die zichzelf verstoppen achter valse beroepsmatigheid, terwijl ze ten diepste met pensioen zijn gegaan naar de geestelijke dingen. Zij hebben hun roeping verwaarloosd en zijn zo deserteurs geworden. artikel 3 De dentistrie wil niet dat de mens terugkeert tot de natuur, want de mens zit in de erfzonde, en zij hebben zichzelf opgesteld als de enige zaligmaker, wat puur demonisch is. Zij willen dat de mens zijn verdorvenheid behoudt, opdat zij hun markt kunnen blijven bedrijven en de mens valse hoop te geven en valse zekerheden, allemaal om hun zakken te spekken, hun inkomen, omdat het demonen zijn die de geestelijke natuurmensen vervolgen. Zij zijn boze geesten speciaal hiertoe uitgezonden om de heiligen te beproeven. Boze geesten zijn niet zoals in de gedeformeerde secte onvergevelijk, maar dienen zich te bekeren. De demonologie past nooit een letterlijke onvergevelijke zonde toe of eeuwige hel, in tegenstelling tot de afgevallen gedeformeerde secte. Ook zij dienen zich te bekeren. Zowel de psychiatrie, dentistrie als de gedeformeerde secte hanteren onzuivere begrippen omdat zij ongeletterden zijn, geen intellectuelen. De wetenschappen die zij bedrijven zijn geisoleerde pseudo-wetenschappen, losgeslagen van de demonologie, en het zijn geen exacte vakken. Ook kennen zij geen hoor en wederhoor. En dat is precies de reden waarom zij psychopathisch zijn en sociopathisch, in node hebbend zich te bekeren. artikel 4 De behekste wachters van Dordrecht zullen nu de bewakers zijn van het Rodenbergse geheim. Mijn opa verscheen aan mij, en vertelde mij dat dit wachters zijn van de filologie, oftewel de taalkundige wachters van de dode talen. Ook het christendom is een dode taal. Men moet deze dode talen kennen. Dentistrie is een huurmoordenaar uitgezonden door de gedeformeerde kerk om intellectuelen kunstmatig in coma te houden. Dat is waartoe dentistrie is geprogrammeerd. Dit zijn dus demonen. Psychiatrie is hierin de advocaat van de duivel, want die dekt alles af met een witte doek, en schuift ieder probleem met dentistrie tussen de oren. Deze territoriale demonen houden elkaar de hand boven het hoofd. Maar de wachters van Dordrecht zullen onthekst worden en zich tegen deze

systemen keren onder leiding van de Rodenbergse Catechismus. Zij zal wijzen op de tweede bijbel voor het herstel van de filologie. Dit is dus een taalkundig probleem wat alleen door geletterden opgelost kan worden. Het ongeletterde kan het geletterde niet verstaan. artikel 5 Het christelijke concentratie kamp zoals opgezet door de medigering kan alleen afgebroken worden door de filologie zoals onderwezen in de tweede bijbel. Er was een visioen van een doelpunt wat gescoord werd in een voetbalwedstrijd. artikel 6 'Ik had een hemel te brengen,' sprak het kind, maar de psychiaters met hun klinische, steriele, harteloze gezemel aborteerden het. Kiss the child goodbye. De wilde jongens zullen terugkomen. Wat noch het licht van het vlees, noch wet of medisch dogma kan doen, dat doet God, de gnosis, door de duisternis van het Woord. artikel 7 Deze verborgenheid van zijn kennis heeft God, de gnosis, aan weinigen bekend gemaakt. In de hiaten van onze wetenschap kunnen klinische, steriele en harteloze pseudo-wetenschappen zoals psychiatrie, dentistrie en die van de gedeformeerde secte plaatsvinden, en daarom moet de mens terugkeren tot de vrezologie om deze kennis te vinden, want de heilige vreze is het begin en het hoofd van kennis. Daar waar de vrezologie veracht wordt is pseudo-kennis en anti-kennis volop aanwezig en leidt tot het verderf. Daarom zijn de Rodenbergse wachters en bewakers wachters van de vrezologie. In een visioen werden toen twee doelpunten gescoord in een voetbalwedstrijd. artikel 8 Maar zovelen als er door het Evangelie geroepen worden, die worden in alle ernst geroepen. Want God toont ernstig en waarachtig in zijn Woord wat Hem aangenaam is, namelijk dat diegenen die geroepen worden, tot Hem komen. Hij belooft ook met ernst allen die tot Hem komen, de rust van de ziel en het eeuwige leven. artikel 9 Het is levensgevaarlijk om zomaar buiten de demonologie om een verhaal te creeeren. De mens moet komen tot de verhalologie. Dat is de kunst van het ware schrijverschap, gebouwd op de demonologie. De mens die het niet kent geeft zo al te gemakkelijk geboorte aan demonen. Verhalen moeten een doel hebben, een strategie, ook een oorlogsstrategie. Het is een wetenschap, niet zomaar voor vermaak. Het is een roeping. artikel 10 De mens heeft in z'n hoogmoed en z'n vlees buiten de demonologie om allemaal vakken lopen maken en zichzelf hoge cijfers gegeven, maar de wachters van Rodenberg zullen vanuit de ware vakken cijfers geven aan deze mensen.

artikel 11 Onderwijs mij in de verhalologie. Door de verhalologie te kennen kun je legaal zijn. De verhalologie kan alles aanvaarden, neemt alles. En dan begint het grote transformerende proces, het creatieve werk. Dan is niks te erg, gaat niks te ver, kun je alles plaatsen, alles een plaatsje geven. Je moet jezelf overtreffen. In het verhaal speel je met het bewustzijn, speel je met de elementen, en strik je ook het bewustzijn, telkens weer. De verhalologie kent geheime wegen, tot de geheimologie. Dat zijn de Rodenbergse wachters : ingewijd in de verhalologie en geheimologie. artikel 12 Het gaat om het uittreden en aftreden. Het lichaam van het kind is niet iets waar een kind naar terug moet. Hoog begaafde kinderen zijn omringd door ijlende pseudo-mathematische psychiaters die economisch aan het dobbelen zijn om de ziel van het kind voor de markt. Dit zijn hoog begaafde, intelligente kinderen. De verhalologie schiet deze protsende opgeblazen pseudo-christus af. Die kwam tot de aarde om een markt op te richten. Weg met het pseudo-verhaal, weg met het antiverhaal, weg met de roddel-industrie. Daartoe is de verhalologie gekomen. Roddel is altijd weer een gebrek aan verhalologie. artikel 13 Uittreden en aftreden kan alleen maar door de kennis. Deze kennis wordt weergegeven in de verhalologie. Hiertoe is er dus een hemels verhalologisch agentschap, een verhalen-politie die bestaat uit verhalologen. Dit is een gevecht met een octopus genaamd Tergmin, een shapeshifter, mindshifter en identityshifter, die met zijn tentakels het kind heeft gegrepen en in de diepte heeft getrokken. Hij heeft de identiteit van het kind verscheurd en houdt het verscheurd. Hij houdt niet van het kind maar zuigt het kind uit, en eet vlees. Kijk naar al die valse ouders die de vlees industrie ondersteunen. Dat is hij. Tergmin. Het kind moet ontwaken, uittreden en aftreden. Het kind moet onthechten en ingewijd worden in de verhalologie, loskomen van de pseudo-christus, van de pseudo-democratie. Niet de meerderheid van stemmen bepaalt voor het kind, want dit is allemaal Tergmin in zijn vele gedaantes, maar de kennis bepaalt, de verhalologie. Tergmin is een pseudoverhalologie. artikel 14 We weten nu waartoe het in staat is. Daarom : uittreden en aftreden, opgroeien in de kennis, weergegeven in de verhalologie. Groeien in de verhalologie. Loskomen van pseudo-verhalen. Dieper gaan, dingen herzien. Onderdelen gebruiken en herbruiken. De verhalologie weeft zich door alles heen, heeft geen smetvrees is niet klinisch, niet steriel, niet economisch berekenend zoals Tergmin. Uittreden en aftreden, boven de zee, gaande tot land. artikel 15 De ontmaskering is al het halve werk, daarom moet de demonologie blijven plaatsvinden, als basis. Ook dit is onderdeel van de verhalologie. De mens ontkomt niet aan verhalen, maar moet deze verdiepen en nuanceren, om zo te komen tot de contextuologie en de recyclologie. Uiteindelijk zijn ook de Dordtse leerregels natuurvrouwen. Kan een mens komen tot een zoonschap van de natuur ? Kan de mens zich verzoenen met de natuur ? Op dit punt ben ik gekomen. artikel 16

Is werk dan niet onze enige hoop ? Maar welk werk ? Leren wij dat niet in de werkologie ? Men moet niet zomaar wat gaan werken. Men moet de werkologie leren, om zo niet in pseudo-werk terechtkomt, want dat is het verlammende gif van Tergmin waardoor men nog met pensioen gaat, zoals hijzelf. Ook de werkologie is onderdeel van de verhalologie. artikel 17 Zoals ook de almachtige werking van God, waardoor Hij ons natuurlijk leven voortbrengt en onderhoudt, het gebruik van de middelen, waardoor God in zijn oneindige wijsheid en goedheid zijn kracht heeft willen uitoefenen, niet uitsluit, maar vereist, zo sluit ook de genoemde bovennatuurlijke werking van God, waardoor Hij ons wedergeboren doet worden, in het geheel niet uit of werpt omver het gebruik van het Evangelie, dat de wijze God tot een zaad van de wedergeboorte en voedsel voor de ziel heeft bestemd. Want door de vermaningen wordt de kennis geschonken en hoe naarstiger wij onze taak vervullen, hoe heerlijker de weldaad van God, die in ons werkt, zich vertoont. Dan gaat zijn werk het beste voort. Deze God komt alleen alle heerlijkheid toe, zowel vanwege de middelen als de zaligmakende vrucht en kracht ervan, in eeuwigheid. We kunnen stellen dat de psychiatrie, de dentistrie en de gedeformeerde secte de mest is om deze grond vruchtbaar te houden. Hoofdstuk 35. de herziene dordtse leerregels 5.1 – 5.8 met toelichting : de fantasieologie Hoofdstuk 5, artikel 1 Wat eet je ? Wie denk je dat het is ? Wat je de minste van mijn broeders hebt aangedaan hebt gij mij aangedaan. Het geestelijke en profetische spreekt door vier lagen : gedachten, ondergedachten, het weten en het onderweten. Het onderweten is een lichter en vager maar ook sterker weten, een geheime laag. Leef vanuit het onderweten. J.G. Feenstra (1888-1966) geeft als commentaar bij dit artikel (1937) : 'We moeten strijden tegen de zonde die in ons woont en ons zo lichtelijk omringd. Maar die strijd is vaak zo moeilijk. De doodsvijanden houden niet op ons aan te vechten. Zij zijn zo sterk en wij zijn zo zwak. En daarom bidden wij dat wij in de geestelijke strijd niet zullen onderliggen, maar sterke weerstand zullen bieden. (…) Die meent te staan zie toe dat hij niet valle. (…) We moeten strijden tot de laatste

ademtocht.' artikel 2 Zo als een marktchristen altijd maar weer hamert op de erfzonde en dat de mens niet los kan komen van de zonde, om een product te kunnen verkopen, zo hamert de psychiatrie altijd erop dat de mens geestelijke ziektes heeft, en verzint er telkens meer geestelijke ziektes bij, om een product te kunnen verkopen. Hen ontbreekt echter elk bewijs. Feenstra waarschuwde in zijn commentaar op dit artikel tegen de hoogmoed. Het vlees moet gedood worden door het geestelijke gebed en geestelijke oefeningen. artikel 3 Lussuf, macht van de psychiatrie, een jongen, was in gevecht met Ragnarok. Lussuf is de rijder van Tergmin. Verhalologie is de broer van Ragnarok. Fantasieologie is de oudste broer. Lussuf dreef dood in een ijszee na het gevecht. Feenstra zei over dit artikel : 'De wereld ligt vol valstrikken, die ook klaargezet worden voor de kinderen Gods. En dan komt de wereld altijd met zeer aanlokkelijke dingen, bekoorlijk voor het vlees. Aan een valstrik zit ook iets aanlokkelijks, dat het dier graag wil hebben. Maar zodra het daarvan wil eten, slaat de strik dicht. En zo zijn er velen die in de strikken van de wereld verward zijn geraakt. Vooral onze jonge mensen hebben toe te zien. Ze vragen zo licht hoever ze met de wereld kunnen meegaan. Zoals die mensen die vragen hoe ver ze wel in zee kunnen gaan. En als er dan iemand verdronken is zeggen de omstanders : Ja, maar hij ging ook te ver. (…) Hoeveel erger wordt het in dagen van vervolging. Dan vallen velen af. (…) De belijdenis wijst ook hier op de aanvechtingen van de wereld. Nu komt de grootste vijand, die omgaat als een briesende leeuw, zoekende die hij zou mogen verslinden. Hij is zo machtig. (…) Hij is zo listig, dat hij altijd kent de zwakste plekken van ons hart. (…) De duivel gaat in zijn aanvechtingen ook heel methodisch te werk (psychiatrie, dentistrie, etc.) Hij loert op de kerk des Heeren, die vooral in de laatste dagen heel wat te verduren krijgt. Als de antichrist komt en de gelovigen zal boycotten. Daarom wijst de belijdenis ook op de aanvechtingen van de duivel.' artikel 4 Daarom moeten zij voortdurend waken en bidden. Indien zij dit niet doen, dan kunnen zij niet alleen door het vlees, de wereld en de duivel in zware en ook gruwelijke zonden meegesleept worden. Feenstra stelt bij dit artikel dat hoe machtig en hoe arglistig het vlees ook is, God's macht is veel meer. artikel 5 Met grove zonden vertoornen zij God, de gnosis (godsis) zeer, vervallen in doodschuld, bedroeven het geestelijke, verbreken voor een tijd de beoefening van het geestelijke; zij verwonden ernstig hun geweten en verliezen soms voor een tijd het gevoel (gevoeligheid, geestelijke zintuigelijkheid), totdat Gods aangezicht opnieuw over hen gaat lichten, wanneer zij door ernstig berouw op de weg terugkeren. Feenstra stelt bij dit artikel dat de mens niet goedkoop zondigt. God vertoornd zich over de zonden. Als de mens de zonde gaat koesteren dan is er sprake van het bedroeven van het geestelijke. Na zijn dood stelde Feenstra dat de kerk eeuwen heeft gefaald. In die zin was hij op een zeker moment ook

vertoornd op de kerk. Hij stelt in zijn toelichting op dit artikel in 1937 dat als de geestelijke oefening stopt, dit heel erg is, want daarmee stopt ook het gebed en de gemeenschapsoefening met de Heere. Weer herhaalt hij dat de mens niet goedkoop zondigt. Maar door ernstige boetvaardigheid mag de mens terugkeren, stelt Feenstra. Zo kunnen ze wederkeren op het pad en kan ook God's aanschijn opnieuw verschijnen. artikel 6 Depressiologie : Ken uw depressie. Feenstra stelt bij dit artikel dat God niet geheel alle geestelijkheid wegneemt, en dat we juist zo sterk staan door de leer van de verkiezing. Dit is eeuwig, stelt hij. En de verkorenen zijn ontvangen in de tijd, naar Gods bestel, die woning maakt in hun hart. Ergens in de tijd gebeurd dit dus. artikel 7 Het onvergankelijke zaad is de fantasieologie. Er is een strijd tussen het geestelijke en het geestelijke, en er is een strijd tussen het vleselijke en het vleselijke, en er is ook een strijd tussen het geestelijke en het vleselijke. De opname is een heilsfeit wat tot ervaringsfeit moet worden, en waar een gnosten zich ernstig naar dient uit te strekken. Dit is een opname van binnen, niet van buiten, een opname door de gnosis : 'rapture by research.' De mens moet zorgen deel te hebben aan deze opname. Deze opname is dus al geweest in 1993 maar moet de mens zich persoonlijk toeeigenen. Dit kan alleen door studie, research, onderzoek. Hiertoe is de tweede bijbel gekomen, als een ladder, als een vuurstorm die de mens opneemt. Blijf niet achter. De dagen zijn levensgevaarlijk. Kom hogerop. Be your own patient. Wees je eigen dokter, en laat de gnosis je dokter zijn. Feenstra stelt bij dit artikel : 'De duivel heeft toch misgerekend. Hij meende een bres te slaan in de trouw des Heeren met Zijn volk, en het is hem niet gelukt. Het zal hem ook nooit gelukken. (…) Hij ontfermt zich over wie hem vrezen. (…) Want ze verstaan dat alles is het werk des heeren.' Verder stelt hij : 'Ze gaan nu ook biddend, strijden tegen de zonde, die een grote macht in hun leven blijkt te zijn. Ze leren nu verstaan dat alleen God's kracht in zwakheid kan worden volbracht. (…) Opdat zij voortaan hun zaligheid met vreze en beven des te naarstiger werken.' We kunnen stellen : dieptologie. Dit om vrij te blijven en te strijden tegen het gemakszuchtige denken wat overal heerst. artikel 8 De mens die vlees eet probeert zo een ieder om hem heen te doden en te aborteren. Zoveel haat heeft die mens naar het leven, niet alleen naar dieren, maar ook naar mensen, want mensen zijn opgebouwd uit dieren die symbolisch staan voor het immuun systeem van de mens. Zij haten daarmee ook zichzelf, bovenal, en vernietigen zichzelf. Daarom is het zaak om van deze verslaving af te komen. Het is een hormonale drug, zeer dodelijk en levensvernietigend, als een kettingreactie, want wie vlees eet diens vlees zal gegeten worden. Altijd maar weer strijden ze tegen de geestelijke gaven. Feenstra stelt bij dit artikel : 'Het meest pijnlijke is dat er een vijand is binnen de poort. Wanneer dan ook vervolging komt, zullen allen, die geen waar geloof hebben, afvallen. De afval zal groot zijn.' Ook stelt hij dat de geestelijke gaven onberouwelijk zijn, dus een krachtdadige roeping waarop niemand 'nee' kan zeggen. Die roeping wordt nooit herroepen. Dat is onmogelijk. Nooit krijgt God berouw, dat hij het heeft gedaan. Hij spreekt hier over de heilige gebondenheid. Het komt erop neer dat deze gave alleen komt door het kruis en de daarop volgende dood van het vlees, dat de mens zo geestelijk wordt dat hij niet meer terugkan, en zo uitverkoren is. Dit is ook de

opvatting van Feenstra na zijn dood. Wat komt er na de dordtse leerregels en de strijd tegen de Dordtse wachters ? De strijd tegen de Nederlandse geloofsbelijdenis (1561), wat een nog dieper fundament was dan de Dordtse leerregels, want die waren van 1618/19. De HC was van 1563. We bespreken nog even de laatste DL's, en dan nog even twee zondagen als iets cyclisch, en gaan dan verder met deze schurfterige, schurkachtige geloofsbelijdenis. Hoofdstuk 36. de herziene dordtse leerregels 5.9 – 5.15 met toelichting en zondag 1-2 van de heidelbergse catechismus met commentaar op de nederlandse geloofsbelijdenis uit 1561 van Guido de Bres artikel 9 Het gaat dus ook niet zomaar om de verkiezing en de opname, want deze termen worden zo misbruikt. Het gaat om hun wetenschappen : verkiezologie en opnamologie. Dit zijn verschillende lagen en gradaties van de fantasieologie. De bijbel is een verkankerd boek waar veel haken en ogen aan zitten. Vandaar dat men de bijbelologie moet leren, om het verschijnsel de bijbel te kennen. artikel 10 Naast de bijbelologie moet men ook de psychiatriologie en de dentistriologie kennen, deze verschijnselen. Zij zijn onderdelen van de demonologie. Dan zul je denken : wat is er precies gebeurd ? Alles is fantasie. Daarom moet de mens de fantasieologie kennen waar al deze vakken onderdeel van zijn. Het zijn allemaal verschillende gradaties, en de mens is ook fantasie. De hele wereld, het hele leven, het hele bestaan is gefantaseerd en in de fantasieologie bestudeerd men deze verschijnselen. artikel 11 Geestelijk reizen is de motor van territoriale oorlogsvoering, oftewel van de territoriale demonologie. Geestelijk reizen is wat geleerd wordt in de travelologie. De profetologie ligt hieraan ten grondslag, en dat moet getoetst worden in de toetsologie. Hoe dan ook is de travelologie een belangrijk fundament voor de territoriale demonologie, waarin de wachters van de Dordtse leerregels onttroond worden en worden vervangen en herzien. artikel 12

De mens moet volharden in het kruisdragen. Hierdoor kunnen de koppige demonen van het vlees afsterven. Travelologie kan alleen plaatsvinden door het kruis en de dood van het vlees, het vlees dat niet meer kan reizen (zie zondag 31), en is een onderdeel van de fantasieologie, die overigens ook verschijnselen zoals de matrix en mk ultra bestudeerd. artikel 13 Velen in de gnosis hebben moeilijke moeders, aardse moeders, vleselijke moeders, en die kunnen op allerlei manieren komen, en daarom is de moederologie ook zo belangrijk om het verschijnsel 'moeder' te kunnen begrijpen, en zo te komen tot de diepte ervan en de hogere moeders, die dus principes zijn. Wat een misbruik wordt er gemaakt van het moederschap door hen die de moederologie niet kennen en willen kennen, en wat een vervolging is dit voor hen van de gnosis. Maar de moederologie komt de mens hierin tegemoet met onderwijs, om zo de vleselijke moederheden geheel af te breken, opdat de mens komt tot het geestelijk moederschap. artikel 14 Doordat er zoveel invloeden van buitenaf komen is het belangrijk voor de mens om zelfologie te ontwikkelen, maar daarbij niet de enzymologie uit het oog te verliezen, oftewel de bestudering van de katalysatoren die dingen in werking kunnen stellen en die ketenen kunnen maken, als reactie verschijnsel binnen de mens. artikel 15 Deze leer van de volharding van de ware gelovigen en heiligen en van de zekerheid daarvan, die God tot eer van zijn naam en tot troost van de godvruchtige zielen in zijn Woord zeer overvloedig geopenbaard heeft en in de harten van de gelovigen inprent, wordt weliswaar door het vlees niet begrepen en door de duivel gehaat, door de wereld bespot, door de onervarenen en huichelaars misbruikt en door dwaalgeesten bestreden, maar de gnosten heeft haar altijd als een onwaardeerbare schat innig liefgehad en standvastig verdedigd. God, gnosis (godsis) tegen wie geen plan standhoudt en geen enkel geweld iets vermag, zal er voor zorgen dat zij dat ook blijft doen. Kijken we dan weer naar zondag 1 van de Heidelbergse catechismus, dan zien we in het commentaar hierop dat Rothuizen stelt dat de aangegeven weg smal is en de poort maar eng. Hij stelt de vraag of de mens nog wel vervolgd wil worden hiervoor, of dat het de mens dat allemaal niet waard is. Maar hierin mogen wij ook vragen : 'Wend u, wend u, gij Sulammietische, wend u, wend u, dat wij u bezien. (Hooglied 6:13) Uiteindelijk na de verschrikkelijke strijd met de Dordtse wachters mogen we dan ook weer het natuurpad van de zondagen van de catechismus bewandelen. Rothuizen stelt bij zondag 2 dat als we zwak zijn, dan zijn we machtig. We zijn op weg, stelt hij, naar de wedergeboorte van hemel en aarde. Wij hoeven geen hulp. Het gaat om principes. Het gaat om vruchtbaarheidsprocessen door het jezelf houden aan die principes. Het is iets van de natuur. Wel kan het zich dus weer personificeren. Dat gebeurt in de personologie. De Nederlandse Geloofsbelijdenis door Guido de Bres, 1561 artikel 1 De enige God

Wij geloven allen met het hart en belijden met de mond, dat er een enig en eenvoudig geestelijk wezen is, dat wij God noemen: eeuwig, onbegrijpelijk, onzichtbaar, onveranderlijk, oneindig, almachtig, volkomen wijs, rechtvaardig, goed en een zeer overvloedige fontein van al het goede. Die vervolgens mensen in de hel martelt die niet helemaal zoals hen geloven, en dan ook nog eens voor eeuwig. Crimineel, maar deze mensen probeerden dus los te komen van het Roomse systeem en de Spaanse onderdrukking. Het was in principe alles wat ze hadden. Zoals ook Klaas Schilder, van de vrijmaking in 1944, stelde, ver na zijn dood, recent : 'We waren nog niet ver.' Laten we kijken naar het psychiatrische systeem die alle kerkverlaters en charismatici aanvalt : Zij zijn tegen de reformatie. Als je anders denkt dan hen is dat volgens hen een geestelijke ziekte. Als je vervolgens dan problemen hebt met deze vervolging, is dat ook een geestelijke ziekte, en als je je er dan tegen verdedigt en 'nee' durft te zeggen is dat ook weer een geestelijke ziekte in hun ogen. Dat is mentale vervolging, zoals vroeger ook de Roomse kerk en de Spaanse onderdrukking de mens probeerde vast te houden. Het is mk ultra mind control. We zijn in ballingschap. Laten we daarom voortgaan met de reformatie, en de goede dingen uit de reformatie die later weer losgelaten werden zeker ook weer terugnemen. Het is dus zowel vooruitgaan als teruggaan. We moeten niet extremistisch liberaal zijn, niet vrolijk en zorgeloos 'evangelisch', of 'vrij evangelisch'. artikel 2 Het kennen van God Wij kennen Hem door twee middelen. Ten eerste door de schepping, onderhouding en regering van de hele wereld. Want deze is voor onze ogen als een prachtig boek, waarin alle schepselen, groot en klein, als letters zijn, die ons de onzichtbare dingen van God te aanschouwen geven, namelijk zijn eeuwige kracht en goddelijkheid, zoals de apostel Paulus zegt (Rom. 1:20). Al deze dingen zijn voldoende om de mensen te overtuigen en hun alle verontschuldiging te ontnemen. Ten tweede geeft Hij zichzelf nog duidelijker en volkomener aan ons te kennen door zijn heilig en goddelijk Woord, namelijk zoveel als voor ons nodig is in dit leven, tot zijn eer en de zaligheid van de zijnen. Het is onvoorstelbaar hoe er hier een contact wordt gelegd tussen de schepping, de natuur en de bijbel. Er is geen wetenschappelijk bewijs voor de bijbel, zoals psychiaters ook geen wetenschappelijk bewijs hebben voor de ziektes die ze anderen toebedelen. Het is een markt. Punt. Dat zegt al genoeg, en dan moet de mens wegwezen. artikel 3 De Heilige Schrift Wij belijden dat dit Woord van God niet is gezonden noch voortgebracht door de wil van mensen, maar de heilige mannen Gods hebben gesproken, gedreven door de Heilige Geest, zoals de heilige Petrus zegt [2 Petr. 1:21]. Daarna heeft God door een bijzondere zorg voor ons en onze zaligheid, zijn dienaren, de profeten en apostelen, geboden zijn geopenbaarde Woord op schrift te stellen, en zelf heeft Hij met zijn vinger de twee tafelen van de Wet geschreven. Hierom noemen wij zulke geschriften de heilige en goddelijke Schriften. Ja, dus moeten ze vandaag de dag ook openstaan voor de heilige geest, maar dat doet de psychiatrie niet, want die ziet alles als ziekte. Je mag geen contact met God. Toen Guido de Bres werd terechtgesteld was er de overlevering dat hij niet eens meer mocht neerknielen om te bidden voordat hij werd geexecuteerd. In de gedeformeerde kerk was het trouwens ook wel afgelopen met de

geestelijke gaven nadat de bijbel was gekomen, want toen hadden ze immers alles op een papiertje, dus toen hoefde God niet meer te spreken. Zulk soort simpelogie wordt er in de gedeformeerde kerken nog steeds verkondigd. Puur dronken. Puur dwaas. artikel 4 De canonieke boeken van het Oude en het Nieuwe Testament De Heilige Schrift is voor ons vervat in twee delen: het Oude en het Nieuwe Testament. Dit zijn canonieke boeken, waartegen niets valt in te brengen. Hiertoe worden in Gods kerk gerekend: de boeken van het Oude Testament: de vijf boeken van Mozes, namelijk Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri, Deuteronomium; Jozua, Richteren, Ruth, twee boeken van Samuël, twee boeken van de Koningen, twee boeken van de Kronieken, Paralypomenon genaamd, het eerste boek van Ezra, Nehemia, Esther, Job, de Psalmen van David, drie boeken van Salomo namelijk Spreuken, Prediker en Hooglied; de vier grote profeten: Jesaja, Jeremia, Klaagliederen, Ezechiël en Daniël; en vervolgens de andere twaalf kleine profeten, namelijk Hosea, Joël, Amos, Obadja, Jona, Micha, Nahum, Habakuk, Zefanja, Haggaï, Zacharia, Maleachi. Het Nieuwe Testament: de vier evangelisten Matteüs, Marcus, Lucas, Johannes; de Handelingen der apostelen; de veertien brieven van de apostel Paulus, namelijk aan de Romeinen, twee aan de Korinthiërs, aan de Galaten, aan de Efeziërs, aan de Filippenzen, aan de Kolossenzen, twee aan de Tessalonicensen, twee aan Timoteüs, aan Titus, aan Filemon, aan de Hebreeën; de zeven brieven van de andere apostelen, namelijk de brief van Jakobus, twee brieven van Petrus, drie van Johannes, de brief van Judas en de Openbaring van de apostel Johannes. Dat bepaalt hij even. Hier is geen enkel wetenschappelijk bewijs voor, en de demonologie ontbreekt. Het is puur de overlevering van mensen, traditionalisme. artikel 5 Het gezag van de Heilige Schrift Wij ontvangen al deze boeken alleen als heilig en canoniek om ons geloof daarnaar te richten, daarop te gronden en daarmee te bevestigen. En wij geloven zonder enige twijfel alles wat zij bevatten. En dit niet zozeer omdat de kerk ze aanneemt en als zodanig erkent, maar vooral omdat ons de Heilige Geest getuigenis geeft in onze harten, dat ze van God zijn, terwijl zij ook het bewijs daarvan in zichzelf hebben, aangezien zelfs blinden kunnen tasten dat de dingen die daarin voorzegd zijn, gebeuren. Er is nog geen bewijs. Dat kan alleen door de demonologie, de toetsologie en de robotologie. Terecht werd er ook gewaarschuwd door de reformatoren voor iets wat 'valse zekerheid' werd genoemd, en waar Feenstra in de jaren 1900 ook tegen waarschuwde, maar daarbij stelde hij ook dat het ware bewijs te verkrijgen was. Er moest dus onderscheid gemaakt worden, en Feenstra bleef hameren op de geestelijke strijd tegen misleiders. Ze waren er nog niet. Neen. Maar deze dingen moesten gezegd worden, en zou het zaad zaaien voor verdere reformatie. artikel 6 Het onderscheid tussen de canonieke en de apocriefe boeken Wij onderscheiden deze heilige boeken van de Apocriefen, namelijk het derde en vierde boek van Ezra, het boek Tobias, Judith, het boek van de Wijsheid, Jezus Sirach,

Baruch, de toevoegingen bij het boek Esther, het gebed van de drie mannen in het vuur, de geschiedenis van Susanna, van het beeld Bel en van de draak, het gebed van Manasse en de twee boeken van de Makkabeeën. De kerk mag deze wel lezen en er ook onderwijs uit ontvangen, voor zover zij overeenstemmen met de canonieke boeken. Maar zij hebben zo’n kracht en gezag niet, dat men door welk getuigenis uit hen dan ook enig punt van het geloof of van de christelijke religie zou kunnen bevestigen. Laat staan dat ze het gezag van de andere heilige boeken zouden kunnen verminderen. Het vleselijke leven wordt beloond door het vleselijke, en wordt tot de dood geleid door het vleselijke, om zo ook door het vleselijke ten onder te gaan. Ik had vannacht een droom over ouders die geen ouders waren maar 'auders', een soort piraten, schurken, die een schat hadden geroofd, die ze hun 'kinderen' noemden, maar die ze gewoon behandelden als monumenten. Deze 'auders' waren de artikelen van de Nederlandse geloofsbelijdenis. artikel 7 De volkomenheid van de Heilige Schrift Wij geloven dat deze Heilige Schrift de wil van God volkomen bevat. En dat alles wat de mens dient te geloven om zalig te worden daarin voldoende onderwezen wordt. Want omdat de gehele wijze van de dienst die God van ons vraagt daarin uitvoerig is beschreven, is het de mensen, zelfs al waren het apostelen, niet geoorloofd, anders te leren dan ons nu geleerd is door de Heilige Schriften. Ja, al was het ook een engel uit de hemel, zoals de apostel Paulus zegt [Gal. 1:8]. Want omdat het verboden is aan het Woord van God iets toe- of iets af te doen [Deut. 4:2;12:32], blijkt daaruit voldoende dat haar leer zeer volmaakt is en in alle opzichten volkomen. Men mag ook geen geschriften van mensen, hoe heilig zij ook geweest zijn, gelijk stellen met de goddelijke geschriften, noch de gewoonte met de waarheid van God (want de waarheid gaat boven alles), noch het grote aantal, noch de oudheid, noch de concilies, decreten of besluiten. Want alle mensen zijn uit zichzelf leugenaars en ijdeler dan de ijdelheid zelf [Ps. 62:10]. Daarom verwerpen wij van ganser harte alles wat met deze onfeilbare regel niet overeenkomt, zoals de apostelen ons geleerd hebben: Beproeft de geesten of zij uit God zijn [1 Joh. 4:1]. Evenzo: Indien iemand tot u komt en deze leer niet brengt, ontvangt hem niet in uw huis [2 Joh. 10]. Blijf in je geestelijke oorlogsvoering herhalen : 'Deze parasieten moeten sterven. These parasites need to die.' De reformatie was waar het antistof werd gevormd, en waar dus deze strijd plaatsvond en het dus nog een mengsel was tussen virus en antistof.

artikel 8-17 vandaag, allemaal droge stof en veel vaktaal. met die droge stof bedoelen we dan de artikelen die we in z'n geheel moeten neerzetten opdat we er degelijk commentaar op kunnen geven. we hebben het dus over de nederlandse geloofsbelijdenis. Hoofdstuk 37. van mk ultra tot jx ultra artikel 8 De heilige Drie-eenheid Volgens deze waarheid en dit woord van God geloven wij in één God, die een eeuwig wezen is, waarin drie personen zijn, daadwerkelijk en van eeuwigheid onderscheiden naar hun onmededeelbare eigenschappen, namelijk de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. De Vader is de oorzaak, de oorsprong en het begin van alle zichtbare en onzichtbare dingen. De Zoon is het Woord, de wijsheid en het beeld van de Vader. De Heilige Geest is de eeuwige kracht en macht, die uitgaat van de Vader en de Zoon. Uit dit onderscheid volgt echter niet dat God in drieën gedeeld is. Want de Heilige Schrift leert ons dat de Vader, de Zoon en de Heilige Geest wel ieder hun zelfstandigheid hebben, onderscheiden door hun eigenschappen, maar zo, dat deze drie personen slechts één God zijn. Het is dus duidelijk dat de Vader niet de Zoon is en dat de Zoon niet de Vader is; eveneens dat de Heilige Geest niet de Vader of de Zoon is. Intussen zijn deze personen, die zo onderscheiden zijn, niet gedeeld of onderling vermengd. Want de Vader heeft het vlees niet aangenomen en ook de Heilige Geest niet, maar alleen de Zoon. De Vader is nooit zonder zijn Zoon, noch zonder zijn Heilige Geest geweest. Want ze zijn alle drie van gelijke eeuwigheid in eenzelfde wezen. Er is geen eerste noch laatste, want Zij zijn alle drie één in waarheid, in macht, in goedheid en in barmhartigheid. Ontsnapping uit de gedeformeerde secte is verboden. Als je probeert te ontsnappen zeggen ze dat je een duivel bent of ziek, of een heks enzovoorts, en beginnen ze met de vervolging. Ze zeggen je dat van jouw soort één derde zelfmoord pleegt, een derde wordt crimineel (moord) en een derde keert weer tot hen terug om te doen wat ze zeggen, maar ze stellen dat jouw soort ongeneeslijk is (ook al keer je terug dus, want het is in principe gewoon onvergevelijk). Dit is hoe mk ultra werkt. Omega programming is dus self destruct wanneer de ontsnapping schijnt te lukken, dus als de persoon teveel weet, en daarom is de gnosis ook zo belangrijk om hier doorheen te komen. De criminele kant is dan delta programmering, en ook dan heb je de gnosis nodig om hier doorheen te komen. Dit zijn hele zware controle machten. De gedeformeerde secte wil niets dan verwoesting creeeren. Ze zijn niet creatief, alleen destructief, want daar kunnen ze op parasiteren. Het zijn een soort rampentoeristen, maar hun vlees beloont hen en leidt hen tot de dood, dus door het vlees zullen ze ook ten onder gaan. Het gaat hen alleen om het moment van druggebruik. Het zijn dus zelfmoordpiloten. Graag projecteren ze dat op anderen en sleuren anderen mee. Je kunt dus al niet meer spreken van binnen of buiten de psychiatrie, want de psychiatrie heerst in de medigering of psychiagering, over iedere ziel, en er is alleen ontsnapping mogelijk door de gnosis. Wel is het dus zo dat wij mensen die vast zitten in psychiatrie moeten helpen, zoals ik al vanaf het begin in mijn werk deed, want anders krijgen wij de woorden van mattheus 25 te horen : 42 Want Ik heb honger geleden en gij hebt Mij niet te eten gegeven, Ik heb dorst geleden en gij hebt Mij niet te drinken gegeven; 43 Ik ben een vreemdeling geweest en gij hebt Mij niet gehuisvest, naakt en gij hebt Mij niet gekleed, ziek en in de gevangenis en gij hebt Mij niet bezocht. 44 Dan zullen ook zij Hem antwoorden en zeggen: Here, wanneer hebben wij U hongerig gezien, of dorstig, of als vreemdeling, of naakt of ziek, of in de gevangenis, en hebben wij U niet gediend? 45 Dan zal Hij hun antwoorden en zeggen: Voorwaar, Ik zeg u, in zoverre gij dit aan één van deze minsten niet

gedaan hebt, hebt gij het ook aan Mij niet gedaan. De maatschappij is dus mk ultra mindcontrolled, wordt onder controle gehouden door ingewikkelde programmaties. Om dit te kunnen begrijpen moet de mens programmologie leren, om het verschijnsel van programmatie te leren kennen. Het is belangrijk om een literaire 'beeldenstorm' (1566) te laten plaatsvinden om de mk ultra programmaties van de psychiagering, van de psychiacratie, af te breken. Dit gebeurt door exegese, oftewel commentaren, en vandaaruit kunnen dingen verdiept en herzien worden. artikel 9 Bewijzen voor de Drie-eenheid Wij weten dit alles zowel uit het getuigenis van de Heilige Schrift als uit de werkingen [van deze personen] en voornamelijk die wij in onszelf gevoelen. De getuigenissen van de Heilige Schriften die ons leren deze heilige Drievuldigheid te geloven, zijn op veel plaatsen in het Oude Testament beschreven. Wij behoeven ze niet [alle] op te sommen, maar alleen met onderscheidingsvermogen een keus te maken. In Genesis 1:26 en 27 zegt God: Laat ons de mens maken, naar ons beeld en naar onze gelijkenis etcetera. God schiep dan de mens naar zijn beeld; man en vrouw schiep Hij ze. Eveneens in Genesis 3:22: Ziet, Adam is geworden als een van ons. Als Hij zegt: ‘Laat ons mensen maken naar ons beeld’, dan blijkt daaruit dat er meer dan één persoon in de Godheid is. En Hij wijst daarna de eenheid aan, als Hij zegt: God schiep. Weliswaar zegt Hij niet hoeveel personen er zijn, maar wat voor ons enigszins duister is in het Oude Testament, dat is zeer helder in het Nieuwe. Want toen onze Here gedoopt werd in de Jordaan, werd de stem van de Vader gehoord, die zei: Deze is Mijn geliefde Zoon [Matt. 3:17]; de Zoon werd gezien in het water en de Heilige Geest openbaarde zich in de gedaante van een duif. Bovendien is voor de doop van alle gelovigen deze formulering door Christus vastgesteld: Doopt alle volken in de naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest [Matt. 28:19]. In het Evangelie van Lucas spreekt de engel Gabriël tot Maria de moeder des Heren, aldus: De Heilige Geest zal over u komen en de kracht van de Allerhoogste zal u overschaduwen; en daarom zal ook dat Heilige, dat uit u geboren zal worden, Gods Zoon genaamd worden [Luc. 1:35]. Eveneens: De genade van onze Here Jezus Christus en de liefde van God en de gemeenschap van de Heilige Geest zij met u [2 Kor. 13:13]. Drie zijn er, die getuigenis geven in de hemel, de Vader, het Woord en de Heilige Geest; en deze Drie zijn één [1 Joh. 5:7]. Op al deze plaatsen wordt ons duidelijk geleerd, dat er drie personen zijn in één goddelijk wezen. En hoewel deze leer het menselijk verstand ver te boven gaat, toch geloven wij die nu op grond van het Woord en wij verwachten de volle kennis en vrucht ervan in de hemel te zullen genieten. Verder moeten we ook letten op de bijzondere ambten en werkingen van de drie personen jegens ons: de Vader wordt genoemd onze Schepper door zijn kracht; de Zoon is onze Zaligmaker en Verlosser door zijn bloed; de Heilige Geest is onze Heiligmaker door zijn inwoning in onze harten. Deze leer van de heilige Drievuldigheid is altijd aanvaard en bewaard door de ware kerk, van de tijd van de apostelen af tot nu toe, tegenover joden, mohammedanen en enige valse christenen en ketters als Marcion, Mani, Praxeas, Sabellius, Paulus van Samosata, Arius en dergelijke. Zij zijn terecht door de heilige vaderen veroordeeld. Daarom aanvaarden wij in dezen graag de drie geloofsbelijdenissen, namelijk de Apostolische, die van Nicea en die van Athanasius, evenzo wat door de kerkvaders in overeenstemming daarmee is vastgesteld. Die vuile patriarchische drie-eenheid van vader, zoon en geest waarin geen ruimte is voor moeder, dochter en gnosis. We noemen het soms, ja, want het is nu eenmaal christelijke terminologie, een

taal die christenen onder elkaar spreken, en we werken zowel boven als onder de schelp, maar het moet ook ontmaskerd worden en op diepte geschat worden. Gamma is misleiding in mk ultra, en theta is het religieuze, en die worden in psychiatrie gemengd. Als de mens zich niet onderwerpt worden ze tot omega gedreven, zelfdestruct, of tot delta destruction of others. Dat is allemaal gelinkt aan elkaar zoals in de drie eenheid. Als plan A niet werkt treedt plan B in werking. Zo zetten ze mensen geheel schaakmat, maar de gnosis is een doorgang. artikel 10 De Godheid van Jezus Christus, de Zoon Wij geloven, dat Jezus Christus naar zijn goddelijke natuur de eniggeboren Zoon van God is, van eeuwigheid geboren. Hij is niet gemaakt of geschapen (want dan zou Hij een schepsel zijn), maar één van wezen met de Vader, mede-eeuwig, het uitgedrukte beeld van de zelfstandigheid van de Vader en de glans van zijn heerlijkheid [Hebr. 1:3], Hem in alles gelijk [Filipp. 2:6]. Hij is de Zoon van God, niet alleen sinds Hij onze natuur heeft aangenomen, maar van alle eeuwigheid, zoals ons de volgende getuigenissen leren, wanneer ze met elkaar vergeleken worden. Mozes zegt dat God de wereld heeft geschapen [Gen. 1:1] en de heilige Johannes zegt dat alle dingen zijn geschapen door het Woord, dat hij God noemt [Joh. 1:13]. De apostel zegt dat God de eeuwen door zijn Zoon gemaakt heeft [Hebr. 1:2]. Eveneens dat God alle dingen door Jezus Christus geschapen heeft [Kol. 1:16]. Daarom moet Hij die genoemd wordt God, het Woord, de Zoon en Christus Jezus, er reeds geweest zijn, toen alle dingen door Hem geschapen werden. En daarom zegt de profeet Micha: Zijn uitgang is van het begin en van eeuwigheid [Micha 5:1]. En de apostel: Hij is zonder begin der dagen en zonder einde van leven [Hebr. 7:3]. Zo is Hij dan de ware, eeuwige God, die Almachtige, die wij aanroepen, aanbidden en dienen. De theta, religie, zendt een gamma uit, disinfo, een soort christus, die ook weer afgemaakt kan worden wanneer nodig, als omega. Zelf is hij dus ook moordend als een delta. Zo werken ook de drugs van de psychiatrie. Zo werken ook hun diagnostische systemen, de dsm. artikel 11 De persoon en de Godheid van de Heilige Geest Wij geloven en belijden ook, dat de Heilige Geest van eeuwigheid van de Vader en de Zoon uitgaat. Hij is niet gemaakt, noch geschapen, ook niet geboren, maar uitgaand van beiden. Hij is de derde persoon in de orde van de Drievuldigheid, van eenzelfde wezen, majesteit en heerlijkheid als de Vader en de Zoon, waarachtig en eeuwig God, zoals de Heilige Schriften ons leren. Nee, zoals de voorouders leren, en dat is een groot verschil, en die voorouders waren innerlijk verdeeld en we moeten er progressief mee omgaan, anders is het ook weer verraad naar hen en blijven ze vastzitten. Er zijn ook deprogrammatie systemen zoals in het onderwijs boek de strijd tegen sepra deel 2, als onderdeel van de moederologie : T – filologie – gebruik van lagere, dode talen (disinfo) – wordt gebruikt als wapen tegen disinfo door O J – robotologie – tegen delta O – gnostiek – tegen theta X – leegtologie, hongerologie

artikel 12 De schepping van de wereld en de engelen Wij geloven dat de Vader door zijn Woord, dat is door zijn Zoon, de hemel, de aarde en alle schepselen uit niets heeft geschapen toen het Hem goeddacht. Daarbij heeft Hij aan elk schepsel zijn wezen, vorm en gestalte en verschillende taken gegeven om zijn Schepper te dienen. Wij geloven dat Hij ze ook nu alle onderhoudt en regeert overeenkomstig zijn eeuwige voorzienigheid en door zijn oneindige kracht, om de mens te dienen, opdat de mens zijn God dient. Hij heeft ook de engelen goed geschapen, om zijn gezanten te zijn en zijn uitverkorenen te dienen. Sommigen van hen zijn uit die verheven staat, waarin God ze geschapen had, in het eeuwige verderf gevallen, terwijl de anderen door Gods genade volhard hebben en in hun oorspronkelijke staat staande zijn gebleven. De duivelen en boze geesten zijn zo verdorven, dat zij vijanden van God en van al het goede zijn. Uit alle macht loeren zij als moordenaars op de kerk en op elk van haar leden, om alles te verderven en te verwoesten door hun bedriegerijen. Zij zijn daarom door hun eigen slechtheid veroordeeld tot de eeuwige verdoemenis en hebben dagelijks hun verschrikkelijke pijnigingen te wachten. Wat dit betreft verwerpen en verfoeien wij de dwalingen van de sadduceeën, die ontkennen dat er geesten en engelen zijn; en ook de dwaling van de manicheeërs, die zeggen dat de duivelen hun oorsprong uit zichzelf hebben en van nature slecht zijn, zonder dat zij verdorven zijn geworden. De sadduceeen die niet geloven in het hiernamaals, niet in geesten, demonen, engelen etc. maar alleen in de geschreven wet (hun vervloekte papieren, opgetekend door idioten die allemaal langs elkaar heenwerkten en die geen nuances kennen) IS de psychiatrie en de gedeformeerde kerk die tegen de geestelijke gaven strijd. Het is één pot nat en allemaal verzonnen door MK Ultra. De fantasieologie is hier tegenin gekomen met een verzetssysteem om de mind te decontroleren en deprogrammeren, door JX-ULTRA. Dit is dus opgezet door cult-deprogrammers van het verzet, de geestelijkheid. Mk Ultra was opgezet door zakenlieden. J betekent de robotologie en X betekent de leegtologie en hongerologie, wat tegengesteld is aan het consumerisme van mk ultra. JX Ultra geeft een nieuw profetisch internet waar mensen ingeplugt worden. Er is dus een zware oorlog tussen mk ultra en jx ultra. mk ultra moet gaan. mk ultra moet afgebroken worden. MK ultra probeerde ook altijd het bestaan van demonen te verdoezelen door de psychiatrie, gedeformeerde kerk, orthodox atheisme, scholen-programmatie, verdere medische industrie etc. etc. artikel 13 De voorzienigheid van God Wij geloven, dat die goede God, nadat Hij alle dingen geschapen had, ze niet aan zichzelf heeft overgelaten of aan het toeval of het lot heeft prijsgegeven, maar ze overeenkomstig zijn heilige wil zo bestuurt en regeert, dat in deze wereld niets gebeurt zonder zijn beschikking. Toch is God niet de auteur van de zonde, noch heeft Hij er schuld aan. Want zijn macht en goedheid zijn zo groot en onbegrijpelijk, dat Hij zijn werk zeer goed en rechtvaardig beschikt en doet, ook wanneer de duivelen en de goddelozen onrechtvaardig handelen. En wat Hij doet boven het begrip van het menselijk verstand, dat willen we niet nieuwsgierig onderzoeken, meer dan ons begrip bevatten kan. Maar wij aanbidden in alle ootmoed en eerbied de rechtvaardige oordelen van God, die voor ons verborgen zijn. We stellen ons ermee tevreden dat wij leerlingen van Christus zijn, om alleen te leren wat

Hij ons aanwijst in zijn Woord, zonder deze grenzen te overschrijden. Deze leer geeft ons een onuitsprekelijke troost, wanneer wij er door leren verstaan dat ons niets bij toeval kan overkomen, maar door de beschikking van onze goedertieren hemelse Vader. Hij waakt over ons met een vaderlijke zorg, terwijl Hij zo over alle schepselen heerst, dat niet één haar van ons hoofd (want zij zijn alle geteld), ook niet één vogeltje op de aarde kan vallen zonder de wil van onze Vader [Matt. 10:29-30]. Hierop verlaten wij ons, omdat wij weten dat Hij de duivelen en al onze vijanden in toom houdt, die ons zonder zijn toelating en wil niet kunnen schaden. En hierom verwerpen wij de verdoemelijke dwaling van de epicureeërs, die zeggen dat God zich nergens mee bemoeit en alles aan het toeval overlaat. MK ultra is een pensioneringsfonds. JX ultra is een werk opname. JX ultra maakt de mens weer creatief, en inspireert, in de fantasieologie, terwijl MK ultra niet creatief is, en de gaven van de geest doodt en dooft, aborteert, door een clinische, steriele, onverschillige psychiater hand. MK ultra is het systeem van de psychiagering. Het laat de mens geestelijk met pensioen gaan, zodat de parasieten kunnen komen. Studie mag ook niet. Het zijn allemaal tradities. Iemand heeft iets opgeschreven, daar leven ze naar, als sadduceeen. Dat iedereen langs elkaar heenwerkt zal hen een worst wezen. Ze zitten daar gewoon om hun tijd vol te zitten. Het gaat hen niet om de kwaliteit. Het is gewoon 'filler'. artikel 14 Schepping, val en verdorvenheid van de mens Wij geloven dat God de mens geschapen heeft uit het stof der aarde, en hem gemaakt en gevormd heeft naar zijn beeld en gelijkenis, goed, rechtvaardig en heilig, zodat hij met zijn wil in alles kon overeenstemmen met de wil van God. Maar toen hij in ere was, heeft hij het niet verstaan [Ps. 49:21] en zijn uitnemendheid niet ingezien, maar heeft zichzelf willens en wetens aan de zonde onderworpen, en daarmee aan de dood en de vervloeking, door gehoor te geven aan het woord van de duivel. Want het gebod ten leven, dat hij ontvangen had, heeft hij overtreden en door zijn zonde heeft hij zich losgemaakt van God, die zijn ware leven was. Hij heeft zijn gehele natuur verdorven, waardoor hij de lichamelijke en geestelijke dood verdiend heeft. En doordat hij in al zijn doen en laten goddeloos, verkeerd en verdorven is geworden, heeft hij zijn voortre elijke gaven die hij van ff God ontvangen had, verloren. Hij heeft daarvan niets anders overgehouden dan kleine overblijfselen, die voldoende zijn om de mens iedere verontschuldiging te ontnemen. Al het licht in ons is immers in duisternis veranderd, zoals de Schrift ons leert: het licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet begrepen [Joh. 1:5], waar de heilige Johannes de mensen duisternis noemt. Daarom verwerpen wij alles wat men in strijd hiermee leert over de vrije wil van de mens, aangezien de mens niets dan een slaaf van de zonde is en niets kan hebben, tenzij het hem uit de hemel gegeven is [Joh. 3:27]. Want wie is er die zich er op beroemen kan uit zichzelf iets goeds te kunnen doen? Christus zegt immers: Niemand kan tot Mij komen, tenzij dat de Vader, die Mij gezonden heeft, hem trekt [Joh. 6:44]. Wie zal aankomen met zijn eigen wil, die begrijpt dat de gezindheid van het vlees vijandschap tegen God is [Rom. 8:7]? Wie zal over zijn kennis spreken, als hij inziet dat de natuurlijke mens niet begrijpt wat van de Geest van God is [1 Kor. 2:14]? Kortom, wie zal een enkele gedachte in het midden brengen, omdat hij beseft dat wij van onszelf niet bekwaam zijn iets te denken als uit onszelf, maar dat onze bekwaamheid van God is [2 Kor. 3:5]? En daarom behoort wat de apostel zegt terecht voor vast en zeker gehouden te worden, dat God in ons werkt het willen en het volbrengen, naar zijn welbehagen [Filipp.

2:13]. Want er is geen verstand en wil in overeenstemming met het verstand en de wil van God, of Christus heeft die in de mens tot stand gebracht, wat Hij ons leert als Hij zegt: Zonder Mij kunt gij niets doen [Joh. 15:5]. Hij heeft het hier over de heilige gebondenheid oftewel de J, de robotologie, ook wel de Janilogie genoemd. Niet door het vleselijke, maar wel door het geestelijke. Niet door de onwetendheid, maar wel door de gnosis. artikel 15 De erfzonde Wij geloven dat door de ongehoorzaamheid van Adam de erfzonde zich over heel het menselijk geslacht heeft verbreid. Zij is een verdorvenheid van de gehele natuur en een erfelijk gebrek, waarmee zelfs de kleine kinderen in de moederschoot besmet zijn en die in de mens, als uit een wortel, allerlei zonden voortbrengt. Zij is zo lelijk en gruwelijk voor God, dat er voldoende reden is om het menselijk geslacht te verdoemen. Zij wordt ook zelfs door de doop niet helemaal te niet gedaan, noch geheel uitgeroeid, aangezien de zonde daaruit altijd als opwellend water ontspringt, als uit een onzalige fontein. Zij wordt evenwel de kinderen van God niet tot hun veroordeling toegerekend, maar door zijn genade en barmhartigheid vergeven. Niet om in de zonde gerust te slapen, maar opdat het gevoelen van deze verdorvenheid de gelovigen dikwijls zou doen zuchten, in het verlangen om van het lichaam des doods verlost te worden. En hiermee verwerpen wij de dwaling van de pelagianen, die zeggen dat deze zonde alleen door navolging plaatsvindt. Brand, brand, brand in de hel voor wat je kinderen hebt aangedaan, totdat je bent opgebrand, moet herhaaldelijk tegen deze parasieten gezegd worden. Wie kinderen misleid, het is beter dat er een molensteen om z'n hals word gedaan en hij in de zee wordt geworpen. En wie een etiket op mensen drukt zomaar zonder bewijs en zonder onderzoek, een etiket van erfzonde of psychiatrische ziekte, die heeft geen vergeving, ook niet in de toekomst. Ze verklaren mensen ongeneeslijk, uit de losse hand, natte vingerwerk, maar dat doen ze zichzelf aan. We moeten dan naar de psalmen om aan deze vleselijke en geestelijke vijanden te ontkomen. Een mens die zondigt moet niet volharden in de zonde, en al helemaal niet dat het een beroepsmatige zonde wordt, zoals slagers, psychiaters en stierenvechters. Dan heb je een probleem. Beroepsmatigheid van zonde, dan wordt het routine, en is het een hoge graad zonde, een hoge graad van verharding waarin mensen hun ziel verliezen en waarin ze geestelijk sterven. artikel 16 De goddelijke verkiezing Wij geloven dat, toen het gehele geslacht van Adam door de zonde van de eerste mens, in een toestand van verderf en ondergang verkeerde, God zich betoond heeft zoals Hij is, namelijk barmhartig en rechtvaardig. Barmhartig, doordat Hij uit dit verderf trekt en verlost, degenen die Hij in zijn eeuwige en onvergankelijke raad, uit loutere goedertierenheid, uitverkoren heeft in Jezus Christus onze Here, zonder ook maar iets van hun werken in aanmerking te laten komen. Rechtvaardig, doordat Hij de anderen laat in hun val en verderf, waarin zij zichzelf gestort hebben. Tegen omega programmatie van mk ultra (self destruct), wat ook gebruikt wordt voor hel programmatie, chantage, etc. komt I-programmatie van JX Ultra. I is het geloof in de hel op een

hele andere manier, namelijk de baarmoeder, waarin het vleselijke sterft en het geestelijke opstaat. I is dus altijd dualistisch en alhoewel I eeuwig is, is I geen eeuwige marteling zoals bij de gedeformeerde christenen. Als we het over I hebben in JX ultra, dan hebben we het over de demonologie : T – filologie – gebruik van lagere, dode talen (disinfo) – wordt gebruikt als wapen tegen disinfo door O J – robotologie – tegen delta O – gnostiek – tegen theta X – leegtologie, hongerologie I – demonologie, hellologie, toetsologie – tegen omega artikel 17 Het herstel van het menselijk geslacht door de Zoon van God Wij geloven dat onze goede God, toen Hij zag dat de mens zich aldus in de lichamelijke en geestelijke dood gestort en zich volkomen ongelukkig gemaakt had, hem in zijn wonderbare wijsheid en goedheid zelf is gaan zoeken, toen hij al bevende voor Hem vluchtte en heeft hem getroost, door hem te beloven zijn Zoon te geven, die worden zou uit een vrouw [Gal. 4:4] om de kop van de slang te vertreden [Gen. 3:15] en hem gelukzalig te maken. Drugs trips gone bad. Ze zullen flippen met hun buit, en moeten loslaten, al die valse ouders, de auders, die kinderen hebben geroofd. Om hier aan te ontkomen is er Y-Z programmering in JX ultra. Y-Z is de profetologie. Het is een belangrijke link in het systeem. T – filologie – gebruik van lagere, dode talen (disinfo) – wordt gebruikt als wapen tegen disinfo door O J – robotologie – tegen delta O – gnostiek – tegen theta X – leegtologie, hongerologie I – demonologie, hellologie, toetsologie – tegen omega Y-Z – profetologie I organiseert invasies om mensen vrij te zetten van mk ultra, en Y-Z is dan een uittocht en opname. Hoofdstuk 38. alva en de gekken van april

artikel 18 De menswording van de Zoon van God Wij belijden dan dat God de belofte die Hij aan de vaderen gedaan had, door de mond van zijn heilige profeten, vervuld heeft door zijn eigen eniggeboren en eeuwige Zoon in de wereld te zenden op de door Hem bestemde tijd. Deze heeft de gestalte van een dienstknecht aangenomen en is de mensen gelijk geworden [Filipp. 2:7] door werkelijk een echte menselijke natuur aan te nemen met al haar zwakheden (met uitzondering van zonde). Hij is ontvangen in de schoot van de gelukzalige maagd Maria door de kracht van de Heilige Geest, zonder toedoen van een man. En [Hij] heeft niet alleen de menselijke natuur aangenomen wat het lichaam betreft, maar ook een ware menselijke ziel, om werkelijk mens te zijn. Want omdat de ziel evenzeer verloren was als het lichaam, was het nodig dat Hij ze beide aannam, om beide zalig te maken. Daarom belijden wij (tegen de ketterij van de wederdopers, die ontkennen dat Christus menselijk vlees van zijn moeder aangenomen heeft) dat Christus het vlees en bloed van de kinderen deelachtig is geworden [Hebr. 2:14]; dat Hij een vrucht van de lendenen van David is naar het vlees [Hand. 2:30]; geworden uit het nageslacht van David naar het vlees [Rom. 1:3]; een vrucht van de schoot van Maria [Luc. 1:42]; geworden uit de vrouw [Gal. 4:4]; een spruit van David [Jer. 33:15]; een scheut uit de wortel van Isaï [Jes. 11:1]; gesproten uit het geslacht van Juda [Hebr. 7:14]; afkomstig van de joden, naar het vlees [Rom. 9:5]; uit het nageslacht van Abraham, aangezien Hij het nageslacht van Abraham heeft aangenomen, en is zijn broeders in alles gelijk geworden, met uitzondering van de zonde [Hebr. 2:17; 4:15]. Zo is Hij in waarheid onze Immanuël, dat is God met ons [Matt. 1:23]. Het is een mk-ultra programmaatje : iemand meetrekken in het vleselijke, iemand fokken, zodat iemand zich voortplant als een beta-voortplanter. Beta is namelijk de straling van voortplanting in de hersenen, door mk ultra. Dit wordt aangewakkerd door reclame, muziek en de media. In de steden wordt iedereen bestuurd door beta, en daarom is het van belang deze straling af te breken. Beta moet afgebroken worden. Het zijn boeren die met pensioen zijn gegaan en zelf niet creatief zijn en zich niet voortplanten, maar anderen dit laten doen in een fok systeem. Zo hebben ze hun 'in het vlees gekomen jezus'. JX ultra, of JX infra zoals het ook wel wordt genoemd, is van het verzet, straling van de gnosis in de gnostrix tegen het beta fok-programma van de mk ultra matrix. De straling die hier tegenover staat is de KUM straling van voortplanting, dat je dus niet meer voortplant door beta, maar door KUM. KUM is natuurzaad. artikel 19 De twee naturen van Christus Wij geloven dat de persoon van de Zoon door deze ontvangenis onscheidbaar verenigd en verbonden is met de menselijke natuur, zodat er geen twee zonen van God en geen twee personen zijn, maar twee naturen in één persoon verenigd, waarbij echter elke natuur haar onderscheiden eigenschappen behoudt. Zoals de goddelijke natuur altijd ongeschapen gebleven is, zonder begin van dagen of einde van leven (Hebr. 7:3) en hemel en aarde vervult, zo heeft ook de menselijke natuur haar eigenschappen niet verloren, maar is schepsel gebleven, dat een begin van dagen heeft, eindig is van aard en alles behoudt wat bij een echt lichaam behoort. En hoewel Hij haar door zijn opstanding onsterfelijkheid heeft gegeven, heeft Hij de echtheid van zijn menselijke natuur toch niet veranderd, omdat

onze zaligheid en onze opstanding mede van de echtheid van zijn lichaam afhankelijk zijn. Maar deze twee naturen zijn zo in één persoon verenigd, dat zij zelfs door zijn dood niet gescheiden zijn geweest. Zo was dus wat Hij bij zijn sterven in de handen van zijn Vader bevolen heeft een echt menselijke geest, die zijn lichaam verliet, maar intussen bleef de goddelijke natuur steeds met de menselijke verenigd, ook zelfs toen Hij in het graf lag. De Godheid hield niet op in Hem te zijn, evenals zij in Hem was toen Hij een klein kind was, hoewel zij zich korte tijd aldus niet openbaarde. Hierom belijden wij, dat Hij werkelijk God en werkelijk mens is. Werkelijk God om door zijn kracht de dood te overwinnen en werkelijk mens om krachtens de zwakheid van zijn vlees voor ons te kunnen sterven. JX ultra of JX infra : T – filologie – gebruik van lagere, dode talen (disinfo) – wordt gebruikt als wapen tegen disinfo door O J – robotologie – tegen delta O – gnostiek – tegen theta X – leegtologie, hongerologie I – demonologie, hellologie, toetsologie – tegen omega KUM – voortplantologie, zaad – tegen beta Beta komt neer op verkrachting. Ze doen dit verkapt, subtiel. Ze lopen er niet mee te koop. Ook ontkennen ze het, en zetten ze mensen tegen elkaar op, werken ze langs elkaar heen om deze verkrachting te verdoezelen, af te dekken. Het zijn sjoemelaars, zoals de psychiatrie werkt. Ze werken samen met andere systemen en doen zich naar de wereld toe voor als oh zo schoon en professioneel, politiek correct ook, terwijl ze anderen politiek vervolgen, maar dit doen ze met schuilnamen en schuilmethodes. Ze zijn niet volkomen eerlijk en hebben dus twee gezichten, zoals we ook in dit artikel zien. Jezus als god en als mens. Zo is de psychiatrie ook schizofreen. Dit projecteren ze graag op anderen. Anderen mogen geen verschillende naturen hebben maar moeten één natuur hebben, maar zij mogen er meerderen, want zij zijn namelijk het elite ras, en dat zie je ook in de gedeformeerde kerk. Alleen de gedeformeerde kerk is zaligmakend, en de rest, de andersdenkenden, de andersgelovenden, gaan voor eeuwig naar de hel. De psychiatrie heeft voor hun ziektes dan geen genezing, dus de mensen worden ongeneeslijk ziek verklaard, maar er zijn wel medicijnen. Natuurlijk, het is een markt. Medicijnen die je niet zullen en niet kunnen genezen. Toch durven ze zichzelf medisch te noemen. Dit is allemaal beta, voor de voortplanting van de markt. Beta neemt de zielen apart en verkracht ze dan, en ontkent het naar anderen toe, en dan wordt het slachtoffer ziek verklaart, ongeneeslijk ziek, en er wordt gezegd dat één derde van hen zelfmoord zal plegen, en er worden dan medicijnen (drugs) toegediend die de patient, client trouwens, niet kunnen genezen en niet mogen genezen, maar zo giftig en gevaarlijk zijn dat ze de persoon daadwerkelijk ziek maken. Self fulfilling prophesy. Daarom moet KUM straling komen om deze gewiekste beta straling af te breken. artikel 20 De wijze van Gods verlossing Wij geloven dat God, die volkomen barmhartig en rechtvaardig is, zijn Zoon gezonden heeft om de natuur waarin de ongehoorzaamheid begaan was, aan te nemen om in haar te voldoen en de straf voor de zonden door zijn zeer bitter lijden en sterven te dragen. Zo heeft God dan zijn rechtvaardigheid betoond aan zijn Zoon, toen Hij onze zonden op Hem gelegd heeft. Zijn goedheid en barmhartigheid heeft Hij uitgestort over ons, die schuldig waren en veroordelenswaardig, door in volmaakte liefde zijn Zoon voor ons in de dood te geven en Hem op te

wekken tot onze rechtvaardiging, opdat wij door Hem de onsterfelijkheid en het eeuwige leven zouden hebben. Volmaakte liefde, ja, oftewel beta. Kinderen worden geofferd aan de beta systemen om hen op te splitsen en hen dan trauma-based te programmeren als fokdieren. Kinderen worden geofferd aan de moloch. KUM is voortplanting door nog dieper te gaan, hen te slim af te zijn, door het kruis en de vervolging te aanvaarden en te verdiepen. Zij willen door het kruis de mens manipuleren en omkopen, door chantage, maar we moeten volharden in het kruis. Vervolging is standaard. We moeten niet ergens stoppen in de stad om bij te tanken, om ons te laten misleiden door een vriendelijke oma die wat hulp offert, ons kruis en de vervolging wil afnemen in ruil voor wat snoep, maar we moeten doorgaan totdat we in de wildernis zijn gekomen, en dan de dieptes daar in : dieptologie. Niet het aas aannemen, maar de leegtologie leren, oftewel de hongerologie, oftewel de X-straling aannemen van de gnosis. De gnostrix is wildernis, natuur. Het kost ons alles om de gnostrix in te gaan. In deze gebieden : Neem niks aan. Beta komt voort uit het grijpen, het consumerisme, maar KUM komt voort uit de X, de hongerologie, de leegtologie, en vanuit het toetsen, het worstelen, de I. Dat is dus het grote verschil tussen kum en beta. Beta is de voortplanting van de gepensioneerden. Het is gepensioneerd, dood zaad. Ze zijn bang voor alles wat met het verbeeldingsvermogen, de fantasieologie, het creatieve vermogen, de geestelijke gaven, heeft te maken. Het enige waar beta goed voor is is als mest. artikel 21 De voldoening van Christus voor onze zonden Wij geloven dat Jezus Christus een eeuwige Hogepriester is, onder ede, naar de ordening van Melchisedek [Hebr. 7:21]. Hij heeft zichzelf in onze naam voor zijn Vader gesteld om zijn toorn te stillen met volle genoegdoening, door zichzelf aan het kruishout op te o eren en zijn kostbaar bloed te vergieten tot reiniging van ff onze zonden, zoals de profeten hadden voorzegd. Want er is geschreven dat de straf op de Zoon van God gelegd is, opdat wij vrede zouden hebben en dat wij door zijn wonden genezen zijn; dat Hij als een lam ter dood geleid is, onder de misdadigers gerekend [Jes. 53:5vv.] en als een misdadiger veroordeeld door Pontius Pilatus, hoewel hij Hem onschuldig verklaard had [Joh. 18:38]. Zo heeft Hij dan betaald, wat Hij niet geroofd had [Ps. 69:5] en heeft geleden, rechtvaardig voor de onrechtvaardigen [1Petr. 3:18], zowel in zijn lichaam als in zijn ziel. Hij ervoer de verschrikkelijke straf die onze zonden verdiend hadden, zodat zijn zweet gelijk werd aan druppels bloed die op de aarde vielen [Luc. 22:44]. Hij heeft geroepen: Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten? [Matt. 27:46] en heeft dit alles geleden tot vergeving van onze zonden. Daarom zeggen wij terecht met Paulus, dat wij niets anders weten dan Christus en die gekruisigd [1Kor. 2:2]. Wij achten alles voor drek om de uitnemendheid van de kennis van onze Here Jezus Christus [Filipp. 3:8]. Wij vinden alle vertroosting in zijn wonden en behoeven geen enkel ander middel te zoeken of te bedenken, om ons met God te verzoenen dan alleen dit ene o er, eenmaal gebracht, waardoor de gelovigen in eeuwigheid ff volmaakt worden [Hebr. 10:14]. Dit is de reden waarom Hij door de engel van God Jezus, dat is Zaligmaker, genoemd is, omdat Hij zijn volk zou verlossen van hun zonden [Matt. 1:21]. Oh ja ? Dit is mk ultra : 'Ik wens u een goeie middag. Ik wens u een goeie nacht. Lekker met de familie op stap. Lekker eten, lekker drinken, lekker roken, lekker even dit, lekker even dat. Wat is het leven toch mooi en fijn. Lekker etiketten plakken op de intellectuelen. Lekker psychiatertje spelen, lekker doktertje spelen. Ik wens u een goeie middag. Ik wens u een goeie nacht.' (lied, net

zoiets als mijn naam is haas) Jezus was dan de intellectueel die het etiket moest krijgen zodat ieder ander mens niet hoefde in te zien hoe dom ze zelf waren, en zo lekker plezier konden maken. Het zijn bloedoffer religies, zoals de psychiatrie en de dentistrie dit ook zijn. Ze brandmerken mensen voor het leven, en de families die erom heen staan zijn er blij mee, want dan hebben ze een pispaaltje, een zondebok, iemand die alles voor hen draagt. artikel 22 De rechtvaardiging door het geloof Wij geloven dat de Heilige Geest, om ware kennis van deze grote verborgenheid te verkrijgen, in onze harten een oprecht geloof ontsteekt, dat Jezus Christus met al zijn verdiensten omhelst, Hem toe-eigent en niets anders meer buiten Hem zoekt. Want het is één van beide: óf in Jezus Christus is niet alles wat voor onze zaligheid nodig is, óf, als wél alles in Hem is, dan heeft degene, die Jezus Christus door het geloof bezit, zijn gehele zaligheid. Nu, dat men zou zeggen, dat Christus niet genoeg is, maar dat er naast Hem iets anders nodig is, zou een buitensporige godslastering zijn. Want daaruit zou volgen dat Christus maar een halve Zaligmaker zou zijn. Daarom zeggen wij terecht met Paulus, dat wij alleen door het geloof of door het geloof zonder de werken gerechtvaardigd worden [Rom. 3:28]. Maar – om het precies te zeggen – wij bedoelen niet dat het geloof zelf ons rechtvaardigt, want het is maar een middel waarmee wij Christus, onze gerechtigheid, omhelzen. Maar Jezus Christus is onze gerechtigheid doordat Hij ons toerekent al zijn verdiensten en zoveel heilige werken, die Hij voor ons en in onze plaats gedaan heeft en het geloof is een middel, dat ons met Hem in de gemeenschap van al zijn goederen houdt. Als deze ons eigendom zijn geworden, zijn zij meer dan voldoende om ons vrij te spreken van onze zonden. Geloof is mk ultra drugs, of theta drugs. Die drugs verkrijgen ze dus door de zondebok, door omega programmatie, eeuwige hel etc. Daarom zijn ze sadistisch, want 'uw leed is hun plezier', hun drugs, waarmee ze alles kunnen vergeten, hun geweten kunnen doven, tijdelijk. In een droom kwam de verzetspredikant Klaas Schilder tot mij, volledig woest over hoe de kerken nog steeds met dieren omsprongen : 'Ze zouden beter moeten weten. Ze hadden al veel verder kunnen zijn.' Er was een oorlogsmachine bij die sprak over de wapenrusting van Issaschar. In 1936 verbood de synode van de gereformeerde kerk de NSB en NSB-lidmaatschap. 1936 is dus een belangrijk jaar. De NSB is nauwverbonden aan de psychiatrie, die niet wil dat de mens de stem van God leert verstaan, maar dat de mens alleen luistert naar de stem van de psychiatrie. De psychiatrie is jaloers op God, jaloers op de geestelijke gaven, want ze zijn zelf niet creatief, kunnen zelf niet scheppen, maar alleen maar dingen kapot maken. Daarom haten ze God en ieder die God liefheeft. Een kind mag geen dromen hebben, en mag niet verlost worden van depressie door die dromen, want dan verliezen zij namelijk weer een patient. Maar demonische ouders (die vaak ook veel vlees eten als hormonale drug) zien een psychiater hoger aan dan God. Doet het ons niet ergens aan denken wie er zo jaloers is op God en op de stem van God ? Mij wel. Het doet mij denken aan de duivel, de grote tegenstander van God. Psychiaters zijn dikwijls duivels, drugsdealers, die alles als een ziekte zien zodat ze hun medicijnen kwijtkunnen, en jaloerse ouders, die jaloers zijn op de intelligentie en de liefde van hun kind trappen er graag in. Dan hebben ze namelijk een zondebok, een pispaaltje. Dan hoeven ze er niet aan te denken hoe dom en gemeen ze zelf zijn. Zulke ouders, lieve mensen, zijn bezeten door demonen. Demonen willen alles verwoesten, en ze doen zich voor als schapen, maar het zijn wolven : wolven in schaapsklederen. Dit was ook de reden waarom Jezus sprak : Niet wie mijn aardse ouders zijn zijn mijn ouders, maar zij die de wil van God doen zijn mijn ouders. artikel 23 Onze gerechtigheid voor God

Wij geloven dat onze gelukzaligheid gelegen is in de vergeving van onze zonden om Jezus Christus’ wil en dat daarin onze gerechtigheid voor God bestaat, zoals David en Paulus ons leren, als zij verklaren dat het de gelukzaligheid van de mens is, dat God hem de gerechtigheid toerekent zonder de werken [Ps. 32:2; Rom. 4:6]. En dezelfde apostel zegt dat wij om niet of uit genade gerechtvaardigd zijn, door de verlossing die in Christus Jezus is [Rom. 3:24]. En daarom houden wij dit fundament altijd vast en geven God alle eer en wij vernederen onszelf en belijden wie we zijn, zonder ons op iets van onszelf of op onze verdiensten te beroemen. Wij steunen en rusten alleen op de gehoorzaamheid van de gekruisigde Christus, die van ons is, wanneer wij in Hem geloven. Zij is voldoende om al onze ongerechtigheden te bedekken en ons de vrijmoedigheid te geven om tot God te gaan met een geweten dat bevrijd is van vrees, ontzetting en verschrikking, zonder te doen als onze eerste vader Adam, die zich al bevende met vijgenboombladeren wilde bedekken. En zeker, indien wij voor God verschijnen moesten en op onszelf zouden steunen of op enig ander schepsel, hoe weinig ook, dan zouden wij helaas verzwolgen worden. En daarom moet ieder zeggen met David: Here, ga niet in het gericht met uw knecht, want voor U zal niemand die leeft gerechtvaardigd worden [Ps. 143:2]. Gepensioneerd van de vrees, dat is wat deze piraat is, spijbelend in de vrezologie dus, en daarom geen fundament voor kennis, maar wel een fundament voor alzheimer. Dit artikel is een verschrikkelijke geest. Artikel 23 is een verschrikkelijke aborteur. Het is een time shifter cobra die ook kan komen als een verleidster. In gevecht met dit beest maak je antistoffen aan. Wij hebben ons fundament in de vrezologie, niet de familie. Artikel 23 is een familiaire drugs. Het dooft de vrees uit, al die familie drugs. Daartoe is deze geest uitgezonden, opdat zo ook de kennis gedoofd kan worden. artikel 24 Heiliging en goede werken Wij geloven dat dit ware geloof, dat in de mens voortgebracht is door het horen van het Woord van God en de werking van de Heilige Geest, hem doet wedergeboren worden en tot een nieuwe mens maakt en hem doet leven in een nieuw leven en bevrijdt van de slavernij van de zonde. Daarom is er geen sprake van dat dit rechtvaardigend geloof de mensen zou koud maken voor een vroom en heilig leven. Integendeel, zonder dit geloof zullen zij nooit iets doen uit liefde tot God, maar alleen uit liefde tot zichzelf en uit vrees verdoemd te worden. Het is dan ook onmogelijk dat dit heilig geloof in de mens niets zou uitwerken. Wij spreken immers niet van een leeg geloof, maar van een geloof dat de Schrift noemt: een geloof dat door de liefde werkt [Gal. 5:6] en dat de mens beweegt om zich te oefenen in de werken die God in zijn Woord geboden heeft. Deze werken zijn, als zij voortkomen uit de goede wortel van het geloof, goed en voor God aangenaam, aangezien zij alle door zijn genade geheiligd zijn. Intussen tellen zij niet voor onze rechtvaardiging. Want wij worden door het geloof in Christus gerechtvaardigd, vóór wij goede werken doen. Anders zouden zij niet goed kunnen zijn, evenmin als de vrucht van een boom goed kan zijn voordat de boom goed is. Wij doen dan goede werken, maar niet om iets te verdienen (want wat zouden wij verdienen?). Ja, wij zijn aan God verplicht om goede werken te doen en niet Hij aan ons. Aangezien Hij het is, die in ons werkt het willen en het volbrengen, naar zijn welbehagen [Filipp. 2:13]. Laten wij dan letten op wat geschreven staat: Wanneer gij alles gedaan zult hebben wat u bevolen is, zo zegt: wij zijn onnutte dienaren; wij hebben gedaan wat wij schuldig waren [Luc. 17:10]. Intussen willen wij niet ontkennen dat God de goede

werken beloont; maar het is door zijn genade, dat Hij zijn gaven kroont. Verder, al doen wij goede werken, toch bouwen wij onze zaligheid daar niet op, want wij kunnen geen werk doen of het is besmet door ons vlees en ook strafwaardig. En al konden wij er één voortbrengen, dan is toch de gedachte aan één zonde genoeg om dat verwerpelijk te maken in Gods ogen. Zo zouden wij dan altijd in twijfel verkeren, heen en weer geslingerd, zonder enige zekerheid en onze arme gewetens zouden altijd gekweld worden, als zij niet steunden op de verdiensten van het lijden en sterven van onze Zaligmaker. Witte cobra. Geloof door liefde werkend, en wat voor liefde ? Eeuwige marteling voor hen die het niet geloven. Maar dit soort geesten zijn niet voor rede vatbaar. Het is als het proberen te overtuigen van de dronken dorpsgek. Wat je ook zegt, het zal niet baten. Je moet geestelijk oorlogsvoeren. De strijd is niet vleselijk. Het zijn jokers. artikel 25 De vervulling van de Wet Wij geloven dat de ceremoniën en de voorafbeeldingen van de Wet hebben afgedaan met de komst van Christus en dat aan alle voorafschaduwingen een einde is gekomen, zodat het gebruik daarvan onder christenen afgeschaft moet worden. Toch blijft voor ons de waarheid en de inhoud ervan in Christus Jezus, in wie zij vervuld zijn. Intussen maken wij nog gebruik van de getuigenissen uit de Wet en de Profeten om ons in het Evangelie te bevestigen en ook om ons leven te richten naar alles wat betamelijk is, tot eer van God, naar zijn wil. Zware omega demoon die zware angst voor de hel kan brengen als een mens van de familie drugs af probeert te komen. Piraat en witte cobra. De familie is een pensioneringsfonds. Het OT heeft afgedaan, en Christus is gekomen, zodat de christen met pensioen kan gaan. De beelden van het OT zoals demonologie zijn niet meer geldig. Het pensioenfonds, oftewel de familie, ziet dan de mens als bezit. artikel 26 De voorspraak van Christus Wij geloven dat wij geen toegang hebben tot God, dan alleen door de enige Middelaar en Voorspraak, Jezus Christus, de rechtvaardige. Hierom is Hij mens geworden en heeft de goddelijke en de menselijke natuur verenigd, opdat wij mensen een toegang zouden hebben tot de goddelijke majesteit; anders zou de toegang voor ons gesloten zijn. Maar deze Middelaar, die de Vader ons heeft gegeven tussen Hem en ons, moet ons door zijn verhevenheid niet afschrikken, zodat wij een andere, naar ons goeddunken, zouden zoeken. Want er is niemand in de hemel of op de aarde onder de schepselen, die ons meer liefheeft dan Jezus Christus, die, hoewel Hij in de gestalte van God was, toch zichzelf heeft vernietigd, door de gestalte van een mens en van een knecht voor ons aan te nemen en is zijn broeders in alles gelijk geworden [Filipp. 2:6-7; Hebr. 2:17]. Als wij nu een andere middelaar moesten zoeken die ons goedgunstig zou zijn, wie zouden wij dan kunnen vinden, die ons meer liefheeft dan Hij die zijn leven voor ons gegeven heeft, ook toen wij zijn vijanden waren [Rom. 5:8]? En als wij iemand zoeken, die macht en aanzien heeft, wie is er die zoveel macht en aanzien heeft als Hij, die gezeten is aan de rechterhand van zijn Vader [Rom. 8:34] en die alle macht heeft in de hemel en op de aarde [Matt. 28:18]? En wie zal eerder verhoord worden dan de eigen geliefde Zoon van God? Zo is dan alleen door wantrouwen het gebruik ingevoerd dat men de heiligen onteert in plaats

van hen te eren, door te doen wat zij nooit gedaan of begeerd hebben, maar wat zij voortdurend en volgens hun plicht verworpen hebben, zoals blijkt uit hun geschriften. En hier moet men niet inbrengen dat wij het niet waardig zijn, want het gaat er hier niet om dat wij onze gebeden op grond van onze waardigheid aanbieden, maar alleen op grond van de uitnemendheid en de waardigheid van onze Here Jezus Christus, wiens gerechtigheid door het geloof de onze is. Daarom zegt de apostel ons, als hij deze dwaze vrees of veel meer het wantrouwen van ons wil wegnemen, dat Jezus Christus zijn broeders in alles gelijk is geworden, opdat Hij een barmhartig en getrouw Hogepriester zou zijn, om de zonden van het volk te reinigen; want doordat Hij zelf, verzocht zijnde, geleden heeft, kan Hij degenen die verzocht worden, te hulp komen [Hebr. 2:17-18]. En daarna, om ons nog meer moed te geven om tot Hem te gaan, zegt hij: Daar wij dan een grote Hogepriester hebben, Jezus de Zoon van God, die de hemelen doorgegaan is, laat ons deze belijdenis vasthouden. Want wij hebben geen Hogepriester die geen medelijden zou kunnen hebben met onze zwakheden, maar die in alle dingen op gelijke wijze is verzocht geweest, zonder zonde. Laat ons daarom met vrijmoedigheid toegaan tot de troon der genade, opdat wij barmhartigheid krijgen en genade vinden als het tijd is om geholpen te worden [Hebr. 4:14-16]. Dezelfde apostel zegt dat wij de vrijheid hebben om het heiligdom in te gaan door het bloed van Jezus. Hij zegt: laat ons dan gaan met vrijmoedigheid van het geloof [Hebr. 10:19, 22] etcetera. Eveneens: Christus heeft een eeuwig priesterschap, waardoor Hij volkomen kan zalig maken die door Hem tot God gaan, terwijl Hij altijd leeft om voor hen te bidden [Hebr. 7:24-25]. Wat ontbreekt er dan nog, daar Christus zelf zegt: Ik ben de weg en de waarheid en het leven; niemand komt tot de Vader dan door Mij [Joh. 14:6]? Waarom zouden wij een andere voorspraak zoeken, aangezien het God behaagd heeft ons zijn Zoon tot een Voorspraak te geven? Laten wij Hem niet verlaten om een andere te nemen, laat staan een andere te zoeken zonder die ooit te vinden; want toen God Hem ons gaf, wist Hij heel goed dat wij zondaars waren. Daarom roepen wij, naar het bevel van Christus, de hemelse Vader aan door Christus, onze enige Middelaar, zoals ons in het gebed des Heren geleerd is. En wij zijn verzekerd dat alles wat wij de Vader bidden in zijn naam, ons gegeven zal worden [Joh. 16:23]. Dit is een put. Ik had nachtmerries over deze put als kind. Het leidde tot een ondergrondse hal van grote doodsbeenderen en grote schedels. Dit is ook een omega demoon. Ik ging altijd in deze put als ik iets had gedronken. Dan zakte ik door de vloer. Het is een hele lange slang, een wurgslang, de Kamé. In deze put zitten de geestelijke gaven opgesloten. Systemen doen alsof ze christus zijn, de enige weg, zoals psychiatrie, dentistrie, vele ouders. Ze willen dat je naar hun stem luistert, niet naar die van de gnosis. artikel 27 De katholieke of algemene kerk Wij geloven en belijden één katholieke of algemene kerk. Zij is een heilige vergadering van mensen die waarachtig in Christus geloven, die al hun zaligheid verwachten van Jezus Christus, gewassen door zijn bloed, geheiligd en verzegeld door de Heilige Geest. Deze kerk is er geweest van het begin van de wereld af en zal er zijn tot het einde toe; want Christus is een eeuwige Koning, die niet zonder onderdanen kan zijn. En deze heilige kerk wordt door God bewaard of staande gehouden tegen het woeden van de gehele wereld, hoewel zij soms een tijdlang zeer klein en als tot niets schijnt te zijn geworden in de ogen van de mensen. Zo heeft de Here gedurende de gevaarlijke tijd onder Achab zevenduizend mensen voor zich behouden, die hun knieën voor Baäl niet gebogen hadden. Ook is deze heilige kerk niet gelegen in, gebonden aan of beperkt tot een bepaalde plaats of

gebonden aan bepaalde personen, maar zij is verspreid en verstrooid over de gehele wereld. Toch is zij met hart en wil samengevoegd en verenigd in eenzelfde Geest, door de kracht van het geloof. De kerk, het controle middel van mk ultra. De kerk, de stalker code. Alles kunnen ze ermee gedaan krijgen en het ook ombrengen naar believen. Ze spelen graag 'dood'. De mens mag zich bevrijden uit de matrix, uit de psychiatrix van de kerk, om te komen tot de gnostrix. De mens moet afkicken van familie drugs en kerk drugs, want het zijn slechts metaforen. De vleselijke en letterlijke is een familie mens, maar de geestelijke gebruikt familie als metafoor. De kerk is mk ultra alpha programming, oftewel de superieuren die over je zijn gesteld, die het altijd beter weten, je handlers. Alpha is altijd de basis laag geweest voor mk ultra. De mens groeit op onder de alpha. Het is het smeer middel van de mind control. artikel 28 De gemeenschap der heiligen met de ware kerk Wij geloven, aangezien deze heilige vergadering een verzameling is van hen die zalig worden en er buiten haar geen zaligheid is, dat niemand, van welke staat of hoedanigheid ook, op zichzelf behoort te blijven om aan zichzelf genoeg te hebben. Maar allen behoren zich bij haar te voegen en zich met haar te verenigen. De eenheid van de kerk wordt bewaard als zij zich onderwerpen aan haar onderricht en tucht, de hals buigen onder het juk van Jezus Christus en de opbouw van de broeders dienen naar de gaven die God hun heeft gegeven, als leden van een en het zelfde lichaam. En opdat dit des te beter kan onderhouden worden, is [het] de plicht van alle gelovigen volgens het Woord van God om zich af te scheiden van hen, die niet van de kerk zijn en zich te voegen bij deze vergadering, op welke plaats God haar ook gesteld heeft, zelfs al verzetten de overheden en de plakkaten van de vorsten zich daartegen en stond er de dood of enige lijfstraf op. Daarom handelen allen die zich van haar afscheiden of zich niet bij haar voegen in strijd met Gods verordening. Wat een rijkdom, wat een leven, wat een doelpunt scoorde Guido de Bres hier. Het gaat om de innerlijke kern, en men moet zich afscheiden van de buitenstaande alfa kern van mk ultra, want dat is slechts een mestlaag, en die doet toch zijn werk wel, maar je mag er geen gelijk span mee vormen. Ook al proberen ze je met delta (criminaliteit) of omega (zelfmoord) te programmeren : geef er niet aan toe, en ga de weg van de gnosis, het innerlijke pad, dieper, om tot de heilige kern te komen, en scheid je verder van alles af wat daar tegenin gaat : kerken, families, overheden, machten enz. Dit is de kern van de hele geloofsbelijdenis, en de kern van de reformatie. Hier komt Guido de Bres los van de machten die hem vervolgen. Hier is de opname. Hier is 1993. En die opname moet van binnen gebeuren door je af te scheiden. De reformatie was de nodige babylonische ballingschap die moest komen, het vreemde volk, en het volk moest het juk aanvaarden. Konden ze anders ? Het waren slechts kinderen. Guido de Bres werd in de nasleep van de beeldenstorm van 1566 tegen het oude katholieke gezag opgepakt, en moest het met de dood door terechtstelling bekopen. De beeldenstorm leidde tot de tachtigjarige oorlog tegen de Spaanse bezetting. Het was het begin van de Nederlandse opstand, een burger oorlog die vandaag de dag nog steeds loopt en die nog niet uitgevochten is. artikel 29 De kenmerken van de ware kerk

Wij geloven dat men heel zorgvuldig en met veel inzicht op grond van het Woord van God behoort te onderscheiden, welke de ware kerk is, aangezien alle sekten die tegenwoordig in de wereld zijn, zich met de naam kerk tooien. Wij spreken hier niet over de huichelaars die in de kerk onder de goeden vermengd zijn, maar intussen niet van de kerk zijn, hoewel zij uiterlijk in haar zijn. Maar wij bedoelen dat men het lichaam en de gemeenschap van de ware kerk moet onderscheiden van alle sekten, die zeggen dat zij de kerk zijn. De kenmerken waaraan men de ware kerk kan herkennen, zijn deze: dat de kerk de zuivere prediking van het Evangelie brengt; dat zij de zuivere bediening van de sacramenten onderhoudt, zoals Christus ze ingesteld heeft; dat de kerkelijke tucht uitgeoefend wordt om de zonde te bestra en; kortom dat men zich ff richt naar het zuivere Woord van God, alle dingen die daarmee in strijd zijn verwerpt en Jezus Christus erkent als het enige Hoofd. Hieraan kan men met zekerheid de ware kerk herkennen en dus heeft niemand het recht zich van haar af te scheiden. Wat nu hen aangaat die tot de kerk behoren, hen kan men herkennen aan de kenmerken van de christenen, namelijk het geloof en dat zij, wanneer zij de enige Zaligmaker Jezus Christus aangenomen hebben, de zonde ontvluchten en de gerechtigheid nastreven, de ware God en hun naasten liefhebben en niet naar rechts of naar links afwijken en hun vlees met zijn werken kruisigen. Maar niet alsof er geen grote zwakheid meer in hen zou zijn, maar zij strijden daartegen door de Geest al de dagen van hun leven. Daarbij nemen zij voortdurend hun toevlucht tot het bloed, de dood, het lijden en de gehoorzaamheid van de Here Jezus, in wie zij vergeving van hun zonden hebben door het geloof in Hem. Wat de valse kerk betreft: deze schrijft aan zichzelf en aan haar verordeningen meer macht en gezag toe dan aan het Woord van God en wil zich niet aan het juk van Christus onderwerpen. Zij bedient de sacramenten niet zoals Christus in zijn Woord geboden heeft, maar laat er uit weg en voegt er aan toe naar het haar goeddunkt. Zij grondt zich meer op de mensen dan op Christus. Zij vervolgt hen die heilig leven naar het Woord van God en die haar berispen om haar gebreken, geldzucht en afgoderijen. Deze twee kerken zijn gemakkelijk te herkennen en van elkaar te onderscheiden. De valse kerk wordt door Guido de Bres ontmaskert als degene die aan zichzelf meer macht en gezag toekent dan aan het Woord van God, oftewel de gnosis, de hemelse kennis. De valse kerk wil dat de mens naar haar stem luistert en niet naar de stem van God, van het goede, de hogere kennis. Dit is hoe de psychiatrie werkt en de gedeformeerde kerk, want dat gaat allemaal door mensen, door titels. Het zijn mensenvereerders. Ze houden niet van God, het goede en de kennis. Het zijn spijbelaars, gepensioneerden, die anderen de zak geven die niet denken en geloven zoals zij. De ware kerk is dan volgens Guido de Bres zij die de principes van Jezus aanhouden, dus de demonologie en het profetische, want dat is door Jezus ingesteld. God zou hen wel ingeven wat ze moesten zeggen en doen, dat ging niet door mensen. De psychiatrie en de gedeformeerde kerk is allemaal mensenwerk, het vleselijke, en als ze iets niet begrijpen raken ze helemaal in paniek en halen de etikettendoos erbij, want het moet natuurlijk aan de ander liggen. Het kan natuurlijk niet aan henzelf liggen. De zonde moet ook bestraft worden, stelt Guido de Bres, maar in de gedeformeerde secte mogen ze er gewoon op los zondigen, want alles is vergeven, wat misbruik van het dogma van vergeving is. Zo kan ik het ook. Met recht stelt Guido dat kerken die de tucht niet leren sectes zijn. Kerk is overigens een metaforisch woord zoals gezegd. artikel 30

De regering van de kerk Wij geloven dat deze ware kerk geregeerd moet worden in overeenstemming met de geestelijke orde die onze Here ons in zijn Woord geleerd heeft, namelijk dat er dienaren of herders moeten zijn om het Woord van God te prediken en de sacramenten te bedienen. Ook moeten er opzieners en diakenen zijn om met de herders de kerkeraad te vormen en door middel hiervan de ware godsdienst te onderhouden en er zorg voor te dragen dat de ware leer haar loop heeft, dat ook de overtreders op geestelijke wijze bestraft en in toom gehouden worden en dat ook de armen en bedroefden geholpen en getroost worden naar dat zij nodig hebben. Door middel hiervan zullen alle dingen in de kerk in goede orde geschieden, wanneer personen gekozen worden die getrouw zijn, overeenkomstig de regel die de heilige Paulus daarvoor geeft in de brief aan Timotheüs [1Tim. 3]. De tachtigjarige oorlog moest wel komen, want Nederland werd bezet gehouden. Natuurlijk is dit een geestelijke oorlog, tegen demonen, en die gaat nog steeds voort. De geestelijke orde is de demonologie, waar de psychiatrie en de gedeformeerde secte tegen strijden. De tachtigjarige oorlog begon in 1568 met de slag bij Heiligerlee. Het verzet sloeg terug. Alva, de Spaanse bezetter, begon het land toen nog meer te onderdrukken. In 1572 sloeg het verzet terug na een lange tijd van stilte, en namen met hulp van de Geuzen Den Briel in, in de Zeeuws-Hollandse opstand. Vanuit het ingenomen Den Briel kon het verzet verder opereren. Het voorspelde uiteindelijk de val van Alva. Het verzet had eindelijk vaste grond gekregen. Daarom zeggen ze nog steeds : Op 1 april verloor Alva zijn bril (Den Briel). In het Engels wordt dit feest 'April's Fools' genoemd. Op deze dag houdt iedereen elkaar voor de gek, oftewel de gekken van april. Hoofdstuk 39. de gekken van april Ik zal het nooit meer vergeten : Mijn broertje van anderhalf jaar jonger werd door zijn ouders met zijn gymschoenen naar oom Ad gestuurd die twee blokken verder woonde, want hij mocht mee naar de sporthal, want oom Ad moest daar nog wat doen na de zeskamp die hij had georganiseerd. Ik mocht trouwens ook mee, dus we gingen met z'n tweeen met de gymschoenen. We kwamen daar aan, en de ouders van oom Ad deden open, maar oom Ad was er niet. We gingen toen weer teleurgesteld naar huis. Toen mijn broertje toen kreeg te horen dat het om een 1 april grap ging was het huis te klein. Ik heb nog nooit iemand zo woest gezien, en hij smeet met zijn gymschoenen. Hij had het helemaal gehad. Het bracht mij onder een hypnose. Ik kan me herinneren dat ik maar bleef staren naar hem en niet helemaal goed door had wat hier gebeurde. Sindsdien was het in mijn brein gegrifd, en brengt het me nog steeds onder hypnose, zo van : wat was daar gaande ? Gewoon een kind dat boos was omdat er tegen hem was gelogen, of was er meer aan de hand ? Ik was een keer in een spijker gevallen bij de buren, en er zat een gat in mijn been, allemaal bloed. Hetzelfde broertje heeft hier geruime tijd niet door kunnen spreken, alleen stotteren. Hier denk ik ook weleens over na. Hij zag natuurlijk veel meer. Ik heb zelf ook nooit tegen bloed gekund.

Waarom zou je hier tegen moeten kunnen ? Deze wereld kent zoveel horror, en alles moet maar normaal gevonden worden. Ik ben ook bedrogen. Ik heb ook dingen meegemaakt waardoor ik geruime tijd niet meer kon spreken. Maar de wereld leeft gewoon door, alsof er niets gebeurd is. Alleen bij kinderen zie je het nog dat ze oprecht geschokt zijn van iets, dat het hen iets doet, zoals bij mijn broertje. Dat is een puurheid die je bijna niet meer bij volwassenen tegenkomt. En als je die puurheid nog hebt als je volwassen bent wordt je al snel veroordeeld. Normale menselijke emoties zoals angst en boosheid kunnen niet meer in deze maatschappij. Dan vorm je een bedreiging. Dierenliefde en liefde voor mensen, die trouwens altijd samengaan, want je kan bijvoorbeeld niet een dier haten en een mens liefhebben, is ook al verboden. Daarom is er het verzet. Dit begon al bij de reformatie. Het verzet werkt ondergronds, zoals ook Guido de Bres tijdens de reformatie. Hij werd opgepakt en moest het met de dood bekopen. De reformatie was er om los te komen van de tirannie van de katholieke kerk waarin alles om mensenwerk ging. Je moest je onderwerpen aan die en die, maar niet aan God. Zo is dit vandaag ook. Je moet naar hun stem luisteren, en je mag de stem van God niet verstaan. Guido de Bres was een reformator die net als Maarten Luther ook wat stellingen had achtergelaten, genaamd de Nederlandse Geloofsbelijdenis. In artikel 28 stelt hij dat de mens niet naar mensenvlees moet luisteren, ook niet naar wat ze allemaal op hebben geschreven, ook al zou je de doodstraf daar voor krijgen, want deze mensen hebben zich in de plaats van God gesteld. Je moet alleen naar God luisteren, oftewel naar het goede, de hogere kennis (want God is daarvan een metafoor, iets symbolisch, gepersonificeerd, namelijk de liefde zelf). Maar dat mag dus niet en mocht dus niet. Guido de Bres moest hiervoor sterven. Hij ging namelijk, net als Maarten Luther, tegen de markt in van de mensenkerk. Hij vormde dus een bedreiging, en zij die een roeping hebben verzetspredikant te zijn vormen dus ook een bedreiging. Laten we de vijand niet onderschatten. Het was ons al gezegd dat we vervolgd zouden worden, net zoals de anderen. Vandaag wordt het verzet vervolgd door mk-ultra, oftewel mind control. Ik zal een voorbeeld geven. Kinderen met een roeping, die speciale gaven hebben van bijvoorbeeld genezing of mediamieke gaven en hoog begaafd zijn, intellectueel, worden in een kamer gezet, en er wordt hen gezegd dat ze niet mogen dromen (want dan zouden ze namelijk in contact met God kunnen komen), en dat een derde van hun soort zelfmoord pleegt. Ze moeten verder iedereen vertrouwen. Er wordt hen gezegd dat ze iedereen kunnen vertrouwen (om hun immunologie en kritisch denkvermogen te verlammen en uit te schakelen). Er wordt hen ook gezegd dat familie een winkel is, en dat ze liefde moeten kopen. Als ze problemen hebben met hun mond, bijvoorbeeld kiespijn, dan wordt hen gezegd dat ze geholpen zullen worden, en dan krijgen ze een vulling die vervolgens expres tegen de zenuw aan gelegd wordt, dat wordt hen van te voren gezegd dat die er diep in moet. In een tand lopen allemaal zenuwen. Als ze vervolgens willen dat het er weer uitgaat wordt het niet verwijderd. Ze raken van de pijn in coma, krijgen ontstekingen, maar het wordt allemaal op iets anders geschoven, en er wordt hen verteld dat 'verwijdering van het implantaat een product is, en dat product wordt niet verkocht.' Gezondheidszorg wordt dus geweigerd, en gezondheidszorg is allemaal dwang, en een product, en een kind heeft niks in te brengen. Dit gebeurd ook bij volwassenen. Dit is onderdeel van mk ultra. Ze zeggen ook dingen tegen die kinderen, en als die kinderen een paar tellen later er iets van zeggen, dan wordt er ontkend dat het ooit gezegd is. Dat is hoe mind control werkt. Ze proberen hiermee het verstand van het kind te splijten. Vervolgens wordt er dan gezegd dat het kind een gespleten persoonlijkheid heeft. Zo'n kind mag ook niet zelf een studie kiezen of werk kiezen. Dit gebeurd bijvoorbeeld bij kinderen die in het pastoraat willen werken, dus andere mensen willen helpen. Dat wordt niet geaccepteerd. Die kinderen worden vervolgens drugs gegeven (wat deze mk ultra criminelen medicijnen noemen), levensgevaarlijke drugs, in een poging die kinderen in een nog diepere coma te krijgen of wat dan ook. Die zijn gewoon in de handel, maar worden soms onderschept omdat er teveel doden bij vallen. Dit is dus een poging tot moord. Hulpverleners die hiervan weten staan vaak onder zware

bedreiging. Men wordt gedwongen de mond hierover te houden. Is het goed om over deze dingen te spreken ? Neen. Maar is het goed om over deze dingen te zwijgen ? Ook niet. Dus moet er een middenweg zijn. Laten we de woorden van Mattheus 25 niet vergeten : 42 Want Ik heb honger geleden en gij hebt Mij niet te eten gegeven, Ik heb dorst geleden en gij hebt Mij niet te drinken gegeven; 43 Ik ben een vreemdeling geweest en gij hebt Mij niet gehuisvest, naakt en gij hebt Mij niet gekleed, ziek en in de gevangenis en gij hebt Mij niet bezocht. 44 Dan zullen ook zij Hem antwoorden en zeggen: Here, wanneer hebben wij U hongerig gezien, of dorstig, of als vreemdeling, of naakt of ziek, of in de gevangenis, en hebben wij U niet gediend? 45 Dan zal Hij hun antwoorden en zeggen: Voorwaar, Ik zeg u, in zoverre gij dit aan één van deze minsten niet gedaan hebt, hebt gij het ook aan Mij niet gedaan. Dan zul je of u denken : Dat is allemaal geen goed nieuws. Toch is dit artikel niet alleen slecht nieuws. De geschiedenis herhaalt zich. De Nederlanders waren de Spaanse onderdrukking en de katholieke tirannie zo zat dat er een opstand kwam. Nederland werd in die tijd bezet gehouden door Alva. In 1572 op 1 april nam het verzet samen met de watergeuzen Den Briel in, waardoor er vandaag de dag nog steeds wordt gezegd : Op 1 april verloor Alva zijn bril. In het Engels heet deze dag April's Fools, oftewel de gekken van april, de naam van dit artikel. Zoals ik al zei : hoog begaafde kinderen van het verzet die een bedreiging vormen voor het marktsysteem worden soms in een kamer gezet en er wordt tegen hen gezegd dat ze iedereen moeten vertrouwen, dat ze iedereen kunnen vertrouwen, en ze mogen zich niet verdedigen, anders worden ze op straat gezet of moeten ze weg. Ook wordt er tegen deze kinderen gezegd dat als ze het systeem niet gehoorzamen, dan zullen ze voor altijd gemarteld worden. Klinkt je dit niet bekend in de oren ? Iedereen die de gedeformeerde kerk kent weet dat dit soort dingen tegen kinderen worden gezegd als ze niet helemaal denken en geloven zoals de gedeformeerde kerk. Ik maak dus onderscheid tussen de gedeformeerde en de gereformeerde kerk (als vrijgemaakt predikant en hulpverlener) omdat wij als taalkundigen hebben geleerd dat in de oude talen er iets heel anders stond, en dat ze dit verkeerd hebben vertaald. Er is dus een groot onderscheid tussen normale predikanten en taalkundige predikanten. Ook ik was als kind bang gemaakt. Door mijn studie ben ik uiteindelijk van die angst verlost, en ik studeer in mijn vakgebied al vanaf mijn veertiende. Ik weet dat veel predikanten ook nog steeds vastzitten in deze angst, omdat ze van de taalkunde worden afgehouden. Zoals ik al zei worden vele predikanten bedreigd door mk ultra. Mijn collega's staan achter mij. U spreekt met het verzet. Sluit u aan en laat u niet meer programmeren. Velen gaan door hetzelfde martelarenschap als Guido de Bres. Zij zijn niet gemachtigd te spreken. Sommigen leven niet meer. Sommigen liggen in een coma. Ik kan me herinneren in de 90-er jaren dat ik met een collega bij een advocaat kwam die in een vergevorderd stadium lymfeklier kanker was. Hij kon niet meer eten. Spuugde alles uit. Ik kreeg toen een openbaring over iets wat tussen hem en de genezing inzat, en wat wegmoest, en hij handelde ernaar en werd toen genezen, kon weer aan het werk. Nu is advocaat iets vandaag de dag wat door een markt gebeurd, maar mensen zitten gewoon vast. Wij raden ook niemand aan om zomaar naar een advocaat te gaan, maar er zijn uitzonderingen. Soms kun je niet anders en moet je aangifte doen, maar het belangrijkste is om aangifte te doen bij God, de gnosis, oftewel de hogere kennis. In ieder geval toen we bij die man waren geweest zei zijn vrouw dat het leek alsof er twee engelen waren gekomen. De wonderen zijn de wereld nog niet uit, dus er is hoop. Wij raden aan om strategisch te blijven. Ga niet roekeloos te werk, en doe onderzoek. Een gewaarschuwd mens telt voor twee. Gebruik je geestelijke gaven. Vraag om de geestelijke gaven. Laat je niet intimideren. Herstel het contact met God. Ruim je zonden uit de weg.

Guido de Bres stelt verder in artikel 28 om jezelf af te scheiden van hen die niet met het verzet rekenen en maar gewoon mensenvlees blijven volgen. Er zal een steeds grotere scheiding komen tussen het vleselijke en het geestelijke. Waar je mee omgaat wordt je mee besmet. Je kan niet met leugenaars omgaan en denken dat de waarheid in je behouden zal worden. Laat jezelf niet voor de gek houden. Stel voorwaardes voor je contacten. Laat je niet beetnemen. Vertrouw niemand. Toets alle dingen. Hoofdstuk 40. artikel 28 en de toorn van god In 1993 was ik in zware strijd met dat wat in 1994 de toronto beweging zou heten. De gnosis sprak : 'dit geslacht vaart niet uit dan door bidden en vasten.' Ook moeten we vasthouden aan het feit van : 'niet door kracht, noch door geweld, maar door het geestelijke, oftewel door de gnosis.' Het zijn zware slopende gevechten met de demonen van hen die de demonologie niet willen leren. Vaak zijn dat de alfa's van families of andere soorten overheden over ons aangesteld zoals school of werk. Een wilde jongen met een lang lamsvel om zijn heupen, gekruisigd in de wildernis aan zijn beide polsen. Boven zijn hoofd was het nummer 28 van artikel 28 van de Nederlandse geloofsbelijdenis van Guido de Bres, uit 1561, over de noodzakelijke afscheidingen binnen de reformatie om zo niet in de deformatie terecht te komen. Soms veranderde de wilde jongen in een oudere man. De mens moet blijven afscheiden, dat is de kern van de demonologie. Het is de hongerologie, opdat de mens zich bewapend tegen de pensionering. Dit is een grote oorlog tussen de kinderen en de geestelijk gepensioneerde alzheimer-zombies. 'Hier zitten de avondswolven te dobbelen.' Weten wij wat het betekent ? Klaas Schilder van de vrijmaking van 1944, verzetspredikant, stelde in één van zijn preken dat als God zou zwijgen, dan is dat als een Golgotha, en dan kunnen we niet anders dan wachten op de paasmorgen, op de opstanding, waarin dan het profetisch woord komt, en dit is ook hoe de profetologie werkt : Alleen door het kruis. Het vlees moet sterven, opdat het geestelijke kan opstaan, en zo is dat ook met alle vleselijke profetie die moet sterven, opdat de geestelijke profetie zal opstaan. Zo stelt Klaas Schilder ook dat het aardse oog moet sterven alvorens het geestelijke oog kan opstaan, maar wat betekenen deze dingen in diepte ? Wat is dan de daadwerkelijke opstanding ? Het is daar waar het kruis zo diep is gegaan dat de mens tot het diepste kruis komt, het grootste kruis : woede, daar waar het kruis ondragelijk is geworden, en de mens eindelijk de oorlog aan het vlees verklaard, daadwerkelijk, en niet meer als een deserteur is. Deze woede mag niet orthodox zijn en allesvernietigend, maar moet creatief zijn, inspirerend als het

profetische woord, gerichte toorn, geen blinde vuistvechterij, van dolleman's oorlogen en vernietigingswaanzin, roekeloos en grenzeloos. Neen. Het gaat om de strategische woede. Deze woede kan tot een nieuw profetisch huwelijk drijven, want het is niet het afwerpen van het kruis, maar het kruis ingaan, wat ondragelijk is geworden en deze geestelijke woede uitbarsting heeft gegeven. Je wordt zo ingenomen door een dieper kruis, wat zegt : tot hier en niet verder. Je hart begint dan te kloppen. Je hebt weer hart voor mens en dier, krijgt weer oog voor nuance, hebt weer empathie, want lieve mensen, deze hemelse woede is tederheid, en staat haaks op de onverschilligheid van de dorre, klinische wereld vandaag de dag. Je wordt niet wijzer van de woedeloze mensen om je heen. Niets maakt hen nog boos tegenwoordig. Ze hebben die kinderlijke puurheid niet meer dat ze hevig verontwaardigd zijn over onrecht en er iets aan willen doen. Neen. Ze zijn overgegaan tot marktdrijven. Dat is wat het volwassen leven vandaag de dag is. Daarom had ik in 1993 gezegd : Ik wil er niet meer bijhoren. En toen werd ik opgenomen, terwijl ik gewoon nog op aarde was. Het gebeurde binnenin, en ik was een ander, vrijgemaakt mens. Toen begonnen de hemelen open te scheuren en ik zag de demonologie en de demonie, dat alles hier op aarde bezeten was. Dat was een groot kruis tegelijkertijd, en het maakte mij nog bozer, maar tegelijkertijd gerichter. Ik kon de woede kanaliseren, maar woede doet enorme pijn, de demonologische woede, de toorn van God. Het verscheurd je. Terwijl de mensen om je heen slapen. Hun kinderen worden verkracht en gemarteld, en ze doen niks. Ze zijn aan de drugs. Woede moet niet kennisloos zijn, maar een opslagplaats voor kennis. Woede van boven kan je ruim maken van binnen, zodat je meer intelligentie hebt. Woede is wat zich blijft afscheiden, ook binnen de afscheiding, als de ultra afscheiding of infra afscheiding, als een natuur splitsing, een natuur atoom bom. Dit is waar de hongerologie naar toeleidt, als de sluitsteen op de hongerologie. Dan is er bliksem en donder. Dan is de toorn van God gekomen, en dan wordt er gezegd : 'Het is volbracht.' Wat is er dan volbracht ? Mensen die winnen hebben vaak geen woede, maar mensen die verliezen, en die een ondragelijk kruis krijgen te dragen. Ze kunnen niet meer strijden. Het is nacht geworden. Werk zolang het nog dag is. Deze opstanding is een dieper sterven. Het is een huwelijk met de hemelse woede, waarin men niet meer ontkomt, als een uithuwelijking in de hongerologie. De mens gaat zo het kruis binnen. De mens geeft zo zijn zaad. Het is volbracht. Woede is de schoonheid van de natuur, van het blijven doorleren, van het weten dat er iets niet klopt, en daarom onderzoek blijven doen, totdat men erbij neervalt, in woede. Je komt er maar niet doorheen, maar dan is er het moment dat je opgenomen wordt in toorn. Het is volbracht. Je hongert en hongert maar, en voor wat ? Het wordt maar niet beter, en het kwellen wordt erger, en je bent een mens, niet van steen. Je huilt van woede. Dit kan toch niet ? Dit kruis is toch ondragelijk ? Je houdt jezelf niet meer voor de gek. Je bent afgekickt van alle drugs, en het heeft je ogen geopend, en je bent woest. Dat is de ware oprichting van de fallus die de harige vagina binnengaat om zijn zaad uit te storten. Daar waar de mens geen spelletjes meer speelt. De mens draagt hier het ondragelijkste kruis waar hij niet aan kan ontsnappen. Hier is waar de mens opgenomen wordt in de toorn van de gnosis, een grotere verlichting in de demonologie. Je ziet, en bent woest. Waar ben je al die tijd geweest, wat heb je al die tijd gedaan ? Je hebt je leven vergooit. Je hebt je bezig gehouden met ijdele zaken. Je bent niet daadwerkelijk productief geweest. Maar nu wordt het vlees geslacht door je woede, door je nieuwe inzicht. Tegelijkertijd is het vlees ook als een dol zwijn omdat het ontmaskert is. Daarom moet je besneden worden, en de vagina in om je zaad te spuiten, opdat het zwijn geslacht wordt. Het is volbracht. Overal spuit het bloed, en Zippora staat daar met haar mes, zeggende : 'Voorzeker, gij zijt mij een bloedbruidegom.' Bloedbruidegom, zeide zij toen, met het oog op de besnijdenis. Dit was een zaak op leven en dood, want God kwam om te doden (Exodus 4). Maar het muizenvolk kent deze woede niet. Ze zijn egoistisch geworden. Alles draait om hen. Ze zonderen zich niet af, scheiden zich niet af, maar drinken tezamen met de grootste schurken en met de avondwolven. Het recht wordt verkocht. Men neemt steekpenningen aan, en de profeten

profeteren zo vals. Men waant in de avond. Daarom moet deze nacht komen, van de woede van de gnosis. Alleen op het hongerpad zal men deze woede vinden, als een schat. De wilde jongens staan niet keurig met hun haar gekamt, netjes schoon na het zaterdagavond. Neen. Ze zijn in de wildernis onder de modder, en ze zijn woest. Ze zijn op missie. Bent u al net als Jeremia apart gezet in woede, in de toorn van God ? Bent u al opgenomen in deze woede ? Bent u al ontwaakt in woede ? Heeft u al een hemelse woede uitbarsting gehad ? Voor vanavond zullen we psalm 1 bespreken wat ook nog gaat over een mooi oud commentaar uit 1974 genaamd 'de voorzeide leer'. Ik heb altijd een bepaalde obsessie gehad met de psalmen, want het ging over het oud-testamentische kruis van david, nog voor de opkomst van het christendom, en ik heb altijd veel diepte in de psalmen gezien, en zij bezochten mij ook. (Ja, de psalmen zijn hemelse entiteiten) Een voorvader bezocht mij in een droom. Jan heette hij. Ik heb hem tot rond mijn elfde gekend, en ik was er kapot van toen hij overleed. Hij vertelde mij altijd verhalen en deed altijd goocheltruuks, en hij was ook ouderling, en een heel dichterlijk iemand. Hij zei dat het belangrijk was aan het zelf te sterven. Als we bijvoorbeeld het werk zouden doen voor mensen-eer, dat zou dan een vals motief zijn om te strijden tegen onrecht (bijvoorbeeld om als held vereerd te worden ofzo, met naam en faam). Hij sprak erover dat dit heel subtiel ging, en ik kon er alleen maar mee instemmen. Het is belangrijk dat het ik-beest sterft. We hebben allemaal deze worsteling met het vlees te worstelen, en daarom gaat het vandaag weer over het kruis waaraan het vleselijke, wat oh zo bedriegelijk is, en oh zo gecamoufleerd kan komen, kan wegvagen. Er ligt een diepe rijkdom hierover verborgen in de psalmen. Daarom keer ik er ook vaak weer naar terug. Hoofdstuk 41. Psalm 1 : Wat doen we als zondaren ons proberen te verleiden tot zonde ? Psalm 1 : Wat doen we als zondaren ons proberen te verleiden tot zonde ? We moeten een zekere heilige woede naar de zonde hebben, een zekere weerstand, als een boom zijn geplant aan waterstromen. Het draait in psalm 1 om de leer, dus het is tegengesteld aan dat wat geen leer is. Er is dus een oorlog tussen de leer en dat wat geen leer is. Hierin zou het niet best zijn als we niets meer zouden voelen. Het voelen begint altijd met pijn, want dat is het alarm en geeft richting aan. Daarom moeten wij van het kruis houden. Dit houdt in dat de mens wel vervolgd en onderdrukt moet worden, anders is de mens slechts een loos dwaallicht. Daarom verheugde Paulus zich hier ook in, alhoewel dat geen werelds en vleselijk verheugen is. Het zal misschien iets op de achtergrond zijn geweest, maar zeker niet dat Paulus nu een plezierig leven had. Maar hij had wel een leerzaam leven. We mogen dat verdiepen en toch in het leven wat vreugde vinden om te kunnen overleven, en dat is zeker niet oppervlakkig. Mijn vreugde is in die zin het studeren en verdiepen, er telkens weer wat bijleren. Hierin moeten we ook een heleboel dingen ontleren. Hiervoor moet je je dus wel afzonderen. Het commentaar op psalm 1 door de voorzeide leer serie (1974, van Deursen) geeft aan dat dit een kenmerk is door de gehele bijbel heen wat natuurlijk waar is. Zij die zich dus afzonderden van de zondaren om te leren gehoorzaamden ook hun studie. Nu kan gehoorzamen een

heel eng nauw woord zijn, maar niet als je het verdiept. Dat is het mooie van boeken, dat ze op meerdere manieren te interpreteren zijn, en dat je erin kunt groeien. Het boek is dus maar een middel, maar het gaat om de diepere geestelijke niveau's waar je kan komen door een boek te verdiepen. Boeken mogen dus ook met ons meegroeien. Het gaat om het hart wat erin zit, en dat heeft zich alleen maar in een bepaalde taal uitgedrukt, als een code die later meer en meer ontcijferd kan worden. Het commentaar van de voorzeide leer serie stelt dat psalm 1 een psalm is van tegenstellingen. Er is een balans tussen voorschriften en verdieping ervan. De voorzeide leer stelt dat het hier dus gaat over de verbinding tussen de leer en het profetische. Ja, je mag naar een boek kijken, en dit is zo mooi, en dan daar andere, diepere dingen in gaan zien. Je mag dromen en fantaseren. Dat is de bedoeling van een boek. Het mag gaan leven en groeien. Dat is wat het profetische is. Maar de voorzeide leer stelt : Kies je voor het Woord of kies je voor het goud en het zilver, oftewel het geld, oftewel de markt. Het Woord is waar mensen wijsheid uit kunnen putten, als van een bron. Het smaakt beter dan honing. Dat staat ook allemaal in de psalmen. Bij dag en nacht het Woord overpeinzen. Het betekent waakzaam te zijn, verbonden aan het Woord. Het Woord is dus niet zomaar een boek, maar de diepte. Het moet ingeprent worden. Voedt jij al de hongerigen ? Soms is het tijd te zaaien. Wel is het dus belangrijk, stelt de voorzeide leer, om je dan daadwerkelijk af te zonderen van hen die niet op het goede pad zijn en niet willen luisteren, oftewel de zondaren. Want waar je mee omgaat wordt je besmet. En is het dus belangrijk dat je dag en nacht in het goede Woord bent, dus dat je niet lauw bent, onverschillig, spijbelend, want hoe kunnen spijbelaars onderwijzen ? Want hij is als een boom aan waterstromen, d.w.z. hij is vast, niet wispelturig. Hij sjoemelt niet. Hij biedt weerstand aan de wind. Hij heeft de heilige woede tegen de zonde. Hij laat zich niet omkopen. Hij is van het verzet dus. Ook al is iedereen tegen hem, ook al spreekt iedereen kwaad over hem, liegt iedereen over hem, hij zal niet buigen voor de vijand. Hij zal niet aan ze toegeven. Hij is een volharder, als een beeld van de eeuwigheid, en dit, lieve mensen, is wat het eeuwige leven inhoudt. Als we opgeven, compromissen sluiten, dan worden we weggespoeld in een wereld van illusies, die even later als een zeepbel uit elkaar zullen spatten. Psalm 1 laat twee wegen zien. Ze staan lijnrecht tegenover elkaar. Volharders praten niemand naar de mond, verkopen hun ziel niet voor wat tijdelijke populariteit, maar ze dragen hun kruis, worden vervolgd en gaan ondergronds. Wee u wanneer iedereen wel van u spreekt, want zo doen ze met de bedriegers. De mensen haten de waarheid, en als je de waarheid brengt, de pure waarheid, dan zullen ze jou ook haten en je kapot proberen te maken, je vervolgen, op de meest slinkse manieren. Wees niet goedkoop, wees geen hoer, maar wees een goede wachter. De voorzeide leer zegt hierover : 'Destijds moet men in Palestina al stekken van vruchtbomen langs kunstmatig aangelegde greppels hebben geplant, die hun water van grotere waterbeken ontvingen. De wortels van zulke bomen konden dus zelfs in de droge zomertijd drinken naar hartelust, waardoor zij er altijd fris bij stonden en op tijd vrucht droegen. (…) Voor het gewone oog leidden de arme rechtvaardigen in Israel misschien mislukte levens, terwijl de goddelozen ogenschijnlijk de grootste successen boekten, voor het geloofsoog bloeiden er alleen in de levens van de rechtvaardigen mooie vruchten. (…) Talrijk zijn de rampen van de rechtvaardige. (…) En toch rijpten er in deze levens „op zijn tijd” de kostbaarste vruchten voor het Koninkrijk van God.' Maar dan zegt vers 4 : 'Zo niet de goddelozen. Die zijn veeleer als het kaf; de wind stuift het weg.' Goddelozen zijn dus niet zomaar atheisten ofzo, maar meer goedelozen, in die zin. God is een metafoor voor het goede en voor kennis. Als je het goede niet doet en je reikt niet diep, dan zal je afsterven in de eeuwigheid. Dat heeft overigens niks met een eeuwige hel te maken. Veel mensen zullen gewoon komen en gaan als een zucht, als loze wolken. Die drijven gewoon over om de mens te toetsen. Het leven is een illusie. Het gaat om de kennis hierover. Matrixologie. Wat is er gaande ?

Niets is wat het lijkt. De hersenen spelen spelletjes met mensen totdat ze ontwaken tot de hogere, eeuwige realiteiten, en sommigen zullen nooit ontwaken, zoals psalm 1 laat zien. Dit zijn de ondoorgrondelijke contrasten van de natuur, zonder welk geen leven mogelijk is. We hebben nu eenmaal te maken met goed en kwaad, kennis en onkunde, leugen en waarheid. De voorzeide leer zegt over dit vers : 'In Palestina kon je in de oogsttijd op een hoogte boeren bezig zien het gedorste koren te wannen. Als dan 's avonds een koele zeewind opstak stoof hij het kaf bij het koren vandaan. Niemand maalde daarom, want waar zou je kaf nog voor kunnen gebruiken ? (…) Al die harde goddeloze verdrukkers zullen dan als kaf wegstuiven. (…) Kenmerkend voor de vromen was derhalve hun af zijdigheid van de levensstijl en vriendschap der goddelozen. Niet gezocht vanuit een conventikelachtige apartheid om de apartheid, maar opgedrongen vanwege hun leven bij het Woord. (…) Naar de uiterlijke schijn gemeten leidden zij soms mislukte levens, maar in het licht van Gods beloften waren zij pas echt geslaagd en droeg hun leven pas echt vrucht. Omdat ze het geleid hadden op de eeuwige weg. In tegenstelling met de steriele levens van de rijke goddelozen met hun doodlopende levensweg.' We komen steeds dichter bij de lente, waarin alles ontluikt, sluiers worden weggeschoven. Maak er gebruik van. Sommige dingen komen maar één keer. Mis de trein niet naar het paradijs, want je weet nooit wanneer de laatste trein komt. Klinkt dit niet heel christelijk ? Ja, maar wij bedoelen dat heel anders, meer van : voorkomen is beter dan genezen. Als je het laatste schip hebt gemist wil echt niet zeggen dat dan alles verloren is. Neen. Het wil gewoon zeggen dat je dan naar huis moet zwemmen in plaats van met het schip, na een leuk dagje op een eiland bijvoorbeeld. Natuurlijk kun je dan ook zoiets hebben van : 'Nou, ik vind het hier eigenlijk zo leuk op dit eiland. Ik wil helemaal niet meer naar huis,' en het goede nieuws is dat dat ook kan. Hoe dan ook, waar je dan ook bent, en waar je dan ook naartoe gaat : Er is zoveel nieuws te ontdekken. We gaan de psalmen in ieder geval vers voor vers bespreken. Belangrijke literatuur uit Israel. Sommige mensen denken dat de psalmen christelijk zijn, maar dat is helemaal niet zo. Israel is maar voor 2 procent christelijk. De christenen hebben gewoon de psalmen bij hun eigen verzameling gevoegd, en niet zonder reden, maar dan is het dus belangrijk om het in de juiste context te krijgen, of in ieder geval het te verdiepen zodat het persoonlijke waarde kan krijgen en in je leven tot sieraad gestrekt kan worden. Op die manier de lente binnengaan ? Dat lijkt me geen verkeerd idee. Uit onze serie 'Vers voor vers' :

Hoofdstuk 42. vers voor vers : psalm 1-3 – jozef de dromer Psalm 1 1 Welzalig de man die niet wandelt in de raad der goddelozen, die niet staat op de weg der zondaars, noch zit in de kring der spotters; We gaan straks zien dat deze mens aan wateren is. Er is duidelijk een weerstand tegen de zonde. De mens moet wel een heilige toorn in zich hebben om aan de zonde te kunnen ontkomen. 2 maar aan des Heren wet zijn welgevallen heeft, en diens wet overpeinst bij dag en bij nacht. Bij dag en nacht is een beeld van volharding, en volharding is een beeld van de eeuwigheid. 3 Want hij is als een boom, geplant aan waterstromen, die zijn vrucht geeft op zijn tijd, welks loof niet verwelkt; – al wat hij onderneemt, gelukt. In het Hebreeuws : geplant aan zaadstromen. Het gaat hier duidelijk om een phallisch concept. Er is een woede tegen de zonde, en die woede is als de opgerezen fallus, en is zo vruchtbaar. Dit is de toorn van God naar het vlees zodat het vlees sterft, wat we zien in het volgende vers. 4 Niet alzo de goddelozen: die toch zijn als kaf dat de wind verstrooit. De goddelozen hebben geen kennis, en vallen daarom in zonde, en worden daarom verstrooid, want ze hebben geen diepte. De wind kan alles met ze doen. Dit is ook een beeld van de besnijdenis en het hongeren. 5 Daarom houden de goddelozen geen stand in het gericht, noch de zondaars in de vergadering der rechtvaardigen, We hebben niet veel woorden nodig. Je kan een vleselijk grote hoeveelheid van woorden gebruiken om iets te beschrijven voor een markt, voor macht of eer, om jezelf te bedekken, maar het gaat niet om hoeveelheid maar kwaliteit, om het profetische, en dat kan soms heel kort zijn. Woorden kunnen ook weer zoveel verschuilen. Het gaat erom dat de woorden van boven komen, als zaad, zodat het kan groeien. We mogen niet zomaar alles asfalteren, beton over de natuur heengooien. 6 want de Here kent de weg der rechtvaardigen, maar de weg der goddelozen vergaat. De goddelozen hebben alles in kannen en kruiken, regeren ogenschijnlijk in de gebieden buiten het paradijs, maar het probleem is dat er geen natuurbasis is, dus de natuur zal hen niet herkennen en niet erkennen. Het is vreemd materiaal, natuur-onvriendelijk, dus zal de natuur wegen vinden om

hen af te breken. Psalm 2 1 Waarom woelen de volken en zinnen de natiën op ijdelheid? Dat is ook mijn vraag. Het leven is niet makkelijk, en men probeert dan makkelijke medicijnen te zoeken in het lagere als een soort zelfmoord-pillen. Velen zoeken het dan niet hogerop. 2 De koningen der aarde scharen zich in slagorde en de machthebbers spannen samen tegen de Here en zijn gezalfde: Vervolging moet een mens doorheen. Daar kan een mens niets aan veranderen. Vaak als je er tegen vecht wordt het erger. Het is belangrijk zelf geen deel te hebben aan de zonde. Soms is het wijs je mond dicht te houden. Soms is het belangrijk nederig te zijn, kalm te blijven, maar soms moeten we dapper zijn. Als een koning je vervolgt kan dit flink veel schade brengen, ongemak en pijn. Het is onderdeel van de territoriale oorlogsvoering, wat een onderdeel is van de demonologie. Je moet de koningen verslaan, oftewel je moet je niet bezig houden met bijzaken, maar je vasthouden aan de prioriteiten. 3 Laat ons hun banden verscheuren en hun touwen van ons werpen. In de strijd tegen het vlees wordt je soms geheel bedolven. Het vlees wordt zo geleid tot het graf, wat onontkomelijk is, gehuld in lijkwaden. Maar hier stopt het niet. Net zoals Jezus moeten we dan ook als het vlees eindelijk gestorven is de lijkwaden van ons afdoen om op te staan en ons aan de mensen te tonen met een verheerlijkt lichaam. We dragen daar dan de littekenen nog in, en die mogen we ook laten zien, opdat ze zien waar ze doorheen mogen gaan. 4 Die in de hemel zetelt, lacht; de Here spot met hen. Toen Jozef zijn dromen had werd hij bespot, zoals Jozefskinderen vandaag bespot worden door de gedeformeerden en de psychiatrie. Toch was Jozef het lievelingskind van zijn vader Jakob, die een pronkkleed voor hem had gemaakt. Zijn broers die erg jaloers waren ontnamen hem toen zijn kleed en wierpen hem in een put. Later kwam dit terug in het Davidsverhaal en Jezusverhaal : 'Zij dobbelden om mijn kleed.' Jozef werd de aartsdromer genoemd, wat eigenlijk de titel is van God. Wij kunnen soms boos worden als iemand ons iets ontneemt, maar laat het een onderzoekswoede zijn, een verdiepende woede dus, want bij de droom hoort ook de nachtmerrie, en dit is niet zonder redenen. De nachtmerrie is ervoor om de droom te verdiepen. Dat is ook de betekenis van 'het spotten met het vlees', als een verdiepen. 5 Dan spreekt Hij tot hen in zijn toorn, en verschrikt hen in zijn gramschap: Woede mag nooit spijbelend zijn. Door woede op zich zullen dingen nooit veranderen. Het moet een studie woede zijn. De woede moet gericht zijn tegen het vlees, en dat begint bij de mens zelf.

Dat is weer het hele balk en splinter verhaal. Als de woede buiten jezelf omgaat dan is dat een illegale woede. Het oordeel begint namelijk altijd bij God's huis, oftewel bij God zelf. Eerst verscheurt God zichzelf, en dan trekt die verscheuring als een aardbeving door al het andere heen. 6 Ik heb immers mijn koning gesteld over Sion, mijn heilige berg. Koning gaat over de prioriteiten, de fundamenten, de voorwaarden. Hier moet je aan voldoen, anders kom je niet verder en zou alles instorten. Maar de aardse mens vereert letterlijke koningen. Samuel sprak altijd al tot het volk : Kies je voor koningen of voor profeten ? Dat waren hele diepe uitspraken. Hij bedoelde hiermee te vragen : Kies je voor het geestelijke, het genuanceerde, of voor het vleselijke, het kortzichtige ? 7 Ik wil gewagen van het besluit des Heren: Hij sprak tot mij: Mijn zoon zijt gij; Ik heb u heden verwekt. Dit gaat over de weelderige natuur van Israel, niet het klinische, steriele christendom wat ze er later van maakten in de gedeformeerde kerk en de psychiatrie, want dat waren juist vervolgings-organen, inquisitie bureau's, tegen de wijsheden van Israel. Aan welke kant staan wij eigenlijk ? Zijn wij van het verzet, of volgen wij nog steeds mensenvlees. De mens heeft zich als een god opgesteld in God's tempel. Zijn wij nog wel kinderen van God in deze dingen, of zijn wij kinderen geworden van de duivel die hiervoor hun ogen hebben gesloten ? 8 Vraag Mij en Ik zal volken geven tot uw erfdeel, de einden der aarde tot uw bezit. Een ware zoon is een student, en die zal door blijven vragen om zijn studie tot voltooiing te brengen en niet voortijdig met pensioen gaan of verlof. Volkeren innemen betekent studeren, verdiepen. 9 Gij zult hen verpletteren met een ijzeren knots, hen stukslaan als pottenbakkerswerk. Jozef de dromer in de put is een beeld van de verdieping. Uiteindelijk werd hij zo onderkoning van Egypte, van een vreemd volk, en begonnen zijn dromen uit te komen, hem nieuw leven te geven. Hij had in zijn grote honger een groot gat gevonden met verborgen rijkdommen die eertijds altijd van hem werden afgehouden. 10 Nu dan, gij koningen, weest verstandig, laat u gezeggen, gij richters der aarde. Wij kunnen alleen een staatsgreep doen door studie. De strijd is niet vleselijk, maar geestelijk. Wij moeten zelf tot de prioriteiten komen, zelf de voorwaarden onder ogen komen, de prijs die betaald moet worden. Deze staatsgreep vindt plaats in onszelf wanneer het vleselijke niet meer op de troon zit in ons leven, maar het geestelijke. De koning, de richter, is de nuance, en zij is kostbaarder dan het zuiverste goud. 11 Dient de Here met vreze en verheugt u met beving. De heilige vreze is het begin en ook het hoofd van de kennis, in de oude talen. Tegelijkertijd is dit dus ook een verheuging, want de mens komt zo los van het vleselijke. De vreze scheidt namelijk het

geestelijke van het vleselijke. Dit is een onderzoeksvreze dat je niet te snel tot conclusies komt. 12 Kust de zoon, opdat hij niet toorne en gij onderweg niet te gronde gaat, want zeer licht ontbrandt zijn toorn. Welzalig allen die bij Hem schuilen. Kust de zoon, kust de student, wil zeggen dat je je moet vasthouden aan het student zijn, om zo niet overmoedig tot vooroordelen komt vanwege een gebrek aan diepte-studie. Deze student is toornig wanneer de mens van haar afwijkt, van haar paden. De onderzoekswoede houdt de mens op het pad. Dit gaat samen met de onderzoeksvreze. Psalm 3 1 Een psalm van David, toen hij vluchtte voor zijn zoon Absalom. Absalom is het beeld van de overmoedige student. Hij slaat stappen over, en wil in principe gewoon macht en geen studie. Wij mogen hieraan niet toegeven. Er zijn in het leven allerlei mensen die contact met ons willen, dingen van ons willen hebben, maar niet aan de voorwaardes willen voldoen, dus eigenlijk gewoon geen respect hebben voor de grenzen. Ik moet hierbij denken aan bijvoorbeeld familie, zoals ook in het geval van David. Dit liep zo hoog op dat David zelfs moest vluchten voor Absalom omdat de grijpzucht van Absalom zijn leven bedreigde. 2 O Here, hoe talrijk zijn mijn tegenstanders; velen staan tegen mij op; Absalom had zijn eigen legers, en hij had een komplot bedacht tegen David. Uiteindelijk liep het ook op een oorlog uit. Het is dan van belang strategisch te blijven, en niet op de verzoekingen van het vlees in te gaan. Het gaat niet om de hoeveelheid, maar om de kwaliteit. Hierdoor worden wij beproefd. Velen vallen voor het valse recht van de meerderheid. Dit is de grote afval. 3 velen zeggen van mij: Hij vindt geen hulp bij God. sela Als het vlees je niet kan omkopen, je niet kan onderwerpen, dan zal het vlees leugens over je vertellen om je op die manier te breken, en zal je overal belachelijk proberen te maken. Wij moeten standhouden in deze verzoeking. 4 Maar Gij, Here, zijt een schild dat mij dekt, mijn eer, en die mijn hoofd opheft. De psalmist wist dat hij niet bij de mensen moest zijn, maar bij God, bij de gnosis. De mens is bedrieglijk, en is niet te achten. Zij die op mensenvlees vertrouwen komen in strikken. De psalmist ging daarom tot de bron van studie, als een boom geplant aan waterstromen, zoals Psalm 1 toont. Hij durfde te dromen, en nam de nachtmerries op de koop toe. 5 Als ik luide roep tot de Here, antwoordt Hij mij van zijn heilige berg. sela

Dit is het komen tot de studie. Het antwoord is er niet zomaar. Eerst moeten wij de put in net zoals Jozef. Oftewel het verdiepen door de nachtmerrie. Pas als we op de bodem van de put zijn gekomen kunnen wij opstijgen tot de berg. 6 Ik legde mij neder en sliep; ik ontwaakte, want de Here schraagt mij. Als je wil leren moet je eerst ontleren. Eerst moet de mens alle veronderstelde kennis loslaten, om tot de hogere kennis te komen. Dit gebeurt door de slaap. Wij kunnen alleen slapen als we gaan liggen, wat betekent dat we nederig moeten worden, met een open hart, maar niet blindelings vertrouwend. Een mens die alleen maar dromen heeft zonder contrasten, die altijd maar met een roze bril oploopt met dartelende lammetjes en bloemetjes in het haar is misleid. De nachtmerrie is een beeld van onze innerlijke worsteling. Een mens met valse zekerheden past hier niet in thuis. Een mens die zichzelf overbelangrijk voelt past hier niet in thuis. 7 Ik vrees niet voor tienduizenden van volk, die zich rondom tegen mij stellen. De ware student toetst alles door diepere studie. De ware student luistert, maar worstelt, alles brengende tot het Pniël zoals Jakob, want er zijn zoveel gevaren. Het gevaar is kortzichtigheid. Wij mogen niets voor zoete koek slikken. Wees dapper. Durf kritisch te denken. Durf onderzoek te doen. Durf te dromen, verder te gaan dan anderen. 8 Sta op, Here, verlos mij, mijn God. Ja, Gij hebt al mijn vijanden op de kaak geslagen, en de tanden der goddelozen verbrijzeld. Niemand wordt er beter van als je blijft waar de anderen zijn. De vrijmaking gaat over het loskomen van het collectieve ego en de collectieve kennis, om dit te overstijgen. Er is zoveel meer. Het kan zoveel beter. 9 De verlossing is van de Here, uw zegen zij over uw volk. Het gaat om de bron, niet om wat iemand tegen je zegt. Het gaat om het persoonlijke, om hoor en wederhoor, niet om eenzijdige verhalen. Het gaat om de droom die juist de weg heeft gevonden door de nachtmerrie. Zo kon Jozef de dromer uiteindelijk ook het volk redden van de hongerdood. Hier ligt een taak. Hier ligt een missie. Ga niet intellectueel met pensioen. Eerst moet je vluchten, eerst moet je de put in, maar je bouwt de brug ook voor hen. In deze diepte zal het vlees afsterven, en het geestelijke opstaan. Uiteindelijk is dit iets wat in je zelf moet gebeuren. Hoofdstuk 43. vers voor vers : psalm 4-6 – artikel 28 : de voortgaande afscheiding

Psalm 4 1 Voor de koorleider. Bij snarenspel. Een psalm van David. Wees een Israel kenner, en niet zomaar de fabeltjes volger van het christelijke westen, want die hebben alles lopen verletterlijken. De psalmen waren muzikaal en symbolisch, dichterlijk, ook ambigueus, oftewel voor meerdere interpretaties vatbaar. Laat jezelf verlossen van al te nauwe interpretaties, laat jezelf vrijmaken, oftewel opnemen. 2 Als ik roep, antwoord mij, o God mijner gerechtigheid, die mij ruimte maakt in benauwdheid; wees mij genadig en hoor mijn gebed. Dat gebed wordt pas gehoord als ons vlees is gestorven, oftewel op paas morgen. Het antwoord kan alleen opgevangen worden door de receptor van de heilige woede, opdat het antwoord niet vleselijk is. Hieraan vooraf gaat de heilige vrees, opdat de woede niet vleselijk is. 3 Gij mannen, hoelang is mijn eer tot versmading, hoelang hebt gij ijdelheid lief, jaagt gij de leugen na? sela In dit proces zal men over je liegen, je woorden verdraaien, zul je omringd zijn met vleselijke mensen die het geestelijke in je proberen te doden, op wat voor manier ook. 4 Weet toch, dat de Here Zich een gunstgenoot heeft afgezonderd; de Here hoort, als ik tot Hem roep. Alles gaat door afzondering, het verbreken van vleselijke contracten en geen vleselijke contracten aangaan. Allereerst begint dit in onszelf, dat we moeten breken met het vleselijke gedachtenleven. Als we dit niet doen kunnen we niet tot God komen, want dan staat het vleselijke zo in de weg dat we tot een vleselijke god komen. Velen komen zo tot de vleselijke god, en zijn zo in strijd met elkaar over wie het sterkste, beste, meest waarheidsgetrouwe, meest deskundige, meest professionele vlees heeft. M.a.w. als je je niet onderscheid van de vleselijke massa's kun je niet tot God komen, oftewel niet tot inzicht. De ware gunstgenoot leeft afgezonderd. 5 Weest toornig, maar zondigt niet; spreekt in uw hart op uw leger, en zwijgt. sela Je hoeft je niet bij een leger aan te sluiten, bij een organisatie of een kerk, en al helemaal niet bij een familie. David was op de vlucht voor zijn familie, voor zijn zoon Absalom, want die wilde de macht nemen over zijn leven. Het leger en de ware familie is van binnen, zoals ook Jezus zegt : mijn aardse familie is niet mijn familie, maar zij die de wil van God doen, oftewel het goede doen en tot de hogere kennis gaan. Eerst moeten wij zwijgen en de stemmen van mensenvlees tot zwijgen brengen om zo te gaan tot de stem van de hogere kennis. Dit is de stem van de hogere intelligentie. 6 Brengt offers naar de eis en vertrouwt op de Here. Vertrouwen is in het Hebreeuws meer in de zin van voorzichtig zijn (batach), en dapper zijn

tegelijkertijd, wat je kunt zien als de moed hebben dingen te onderzoeken, dingen in twijfel te trekken, op diepte te schatten, kritisch leervermogen dus. Dit komt omdat God een woord is wat onderhevig is aan teveel misbruik, en daarom verwijzen wij altijd door naar Pniël, waar de mens moet worstelen met God om zo niet met een valse god van het vlees mee te gaan. De bedrieglijkheden zijn zo oneindig dat alleen als het vlees volkomen sterft de mens hier doorheen kan komen. Daarom moet de mens offers brengen naar de eis, en dit offer is de mens zelf. Wil je het lagere leven omruilen voor het hogere leven ? Het hogere leven krijg je niet zomaar. Het moet een eerlijke ruil zijn. 7 Velen zeggen: Wie zal ons het goede doen zien? verhef over ons het licht uws aanschijns, o Here. Het lijkt een onmogelijke opgave, maar bij God is alles mogelijk. Het lijkt mission impossible, maar er is een weg, en die weg mag de mens leren. Het is misschien moeilijk, of misschien wel heel erg moeilijk, maar het mag toch een uitdaging zijn. Je hebt niets te verliezen en alles te winnen. Nee heb je, en ja kun je krijgen. Leef alsof je maar één leven hebt. Neem de kans aan alsof je maar één kans hebt. Het is nu de tijd om te kiezen. Van uitstel komt afstel. Wist je dat uitstel ook een keuze is ? Je kiest dan voor lauwheid, onverschilligheid, en dat is ook een soort keuze tegen de hogere kennis. 'Ah, toe nou, nog even, de zonde is zo lekker, of slapen is zo lekker.' Weet je dan niet dat deserteurs, uitstellers, afgeschoten worden door de vijand, omdat ze achter zijn gebleven ? Roofdieren nemen altijd de prooi die van de kudde is afgeweken, die achter zijn gebleven, oftewel de treuzelaars. Daarom zeggen ouders ook tegen hun kinderen : 'Kom op, niet treuzelen, doorlopen.' Maar wat als de ouders zelf ook treuzelaars zijn ? Dan heb je een probleem. Dan heb je een heel groot probleem. En kinderen die dan vanwege hun roeping hun ouders of familie vooruit moeten lopen, als pioniers, worden zonder pardon neergemaaid. Kies dan heden wie gij dienen zult. 8 Gij hebt meer vreugde in mijn hart gegeven dan toen hun koren en most overvloedig waren. De vreugde van inzicht is geweldig, en het is eeuwig. De vreugde van domheid is tijdelijk, en oppervlakkig. De vreugde van inzicht is als het geworpen worden in de Israelitische zee, van een saprijke wildernis. De zee is zo warm en levendig, en reikt zo diep in je hart om je wonden te genezen. 9 In vrede kan ik mij te ruste begeven en aanstonds inslapen, want Gij alleen, o Here, doet mij veilig wonen. Spreek met de verzen van Israel. Het is de natuur van Israel die spreekt. Ik zag dit vers als een jongetje met een prachtige huid. Hij was in het water. Er gleed een rust over mij. Ik kon de stem horen van het jongetje. Hij sprak in een vreemde taal, niet eens Israelitisch, maar voortijds. Hij was niet aangetast door de grofheden van vleselijk bestaan, maar hij was verfijnd. Het was een beeld van het zoonschap en het studentenschap. Het gaat er dus niet om je aan te sluiten bij een familie of school, want het is binnenin je, maar als je dan die innerlijke natuurschool in jezelf hebt gevonden, dan mag je daar ook intern wonen. Dat is ook de definitie van de hemel dat het een geestelijk internaat is, intern wonen bij je studie. Psalm 5

1 Voor de koorleider. Bij fluitspel. Een psalm van David. We gaan later ook zien dat de psalmist al gekruisigd werd in de psalmen. De psalmist heeft vele geheimen te vertellen. Dit doet hij door de psalmen. Het is allemaal beeldspraak dus de mensen moeten er niet te orthodox en fanatiek over worden in hun eenzijdigheid en ongeletterdheid. 2 Neem mijn redenen ter ore, o Here, let op mijn verzuchting. De psalmist is er al naartoe aan het werken om te vertellen over zijn kruiziging, hoe dit is gegaan. Dit wordt pas ten volle besproken in psalm 22, waarop eigenlijk het hele Nieuwe Testament is gebouwd, en wat dan ook de messiaanse psalm wordt genoemd. Soms kan hij niet spreken, maar alleen zuchten, en hij vraagt dan ook op zijn zuchten te letten, want zij spreken. 3 Sla acht op mijn hulpgeroep, o mijn Koning en mijn God, want tot U richt ik mijn gebed. Hij richt zijn gebed niet op mensen, niet op het vlees, maar naar boven, en weer wordt het woord koning gebruikt. In het Grieks heeft koning de betekenis van de voet, oftewel als de psalmist spreekt tot de koning, dan is hij al in het stof gebogen, wat betekent dat hij zich vernederd heeft, alles heeft afgelegd, zijn vlees is in de aarde gestorven. 4 Here, des morgens hoort Gij mijn stem, des morgens leg ik het U voor, en zie uit. Er is hier dus al een paasmorgen. In de nacht zijn al zijn woorden gestorven, maar nu kan hij weer spreken. Ook Jezus zweeg voorafgaande aan de kruisiging en kon pas weer echt spreken toen hij was opgestaan. We kunnen wel wat zeggen misschien tijdens de dagen van Golgotha, maar het gaat moeizaam, want ons vlees is stervende. Soms kunnen wij niet bidden, en mogen wij ook niet bidden, en moeten wij wachten, opdat het vlees zich niet in zal mengen. Wij hoeven ons niet te verdedigen voor het vlees. Jezus sprak niet toen hij door het vlees werd beschuldigd. Hij moest sterven opdat hij niets meer met het vlees te maken zou hebben, want wat je ook zegt tegen het vlees, het vlees zal het altijd verdraaien en altijd tegen je gebruiken. Daarom is het soms beter te wachten tot paasmorgen, en eerst te worstelen met God op Pniël. 5 Want Gij zijt geen God, aan wie goddeloosheid behaagt, geen boze zal bij U vertoeven; Moet je je voorstellen : Jozef droomde, maar zijn familie was als een nachtmerrie die vocht tegen zijn dromen, en zij namen zijn kleed. Zij dobbelden om zijn kleed, hadden zijn dromen verscheurd. Mensen kunnen zo jaloers zijn op de gaven van iemand anders dat ze over lijken heengaan. Zo dobbelen ouders van de gedeformeerden en de psychiatrie om de zielen van kinderen, om de dromen van die kinderen, om het leven van die kinderen tot een nachtmerrie te maken, want het is allemaal een markt, en die kinderen worden net als Jezus overal naartoe gereden om bespot te worden. Dat is waar het evangelie over gaat, wat al bij Jozef de dromer begon en bij Jozef was besloten. En dat was de reden waarom Jozef zijn dromen kreeg, de psalmist zijn psalmen, en Jezus zijn opstanding en opname. De geschiedenis herhaalt zich. 6 de verdwaasden houden geen stand voor uw ogen, Gij haat alle bedrijvers van ongerechtigheid; Er is een gericht tegen alles wat hoogmoedig is. Daarom is het van belang nederig te zijn, en exegese te doen. Daarom is het van belang ons af te scheiden van de goedelozen en goedeloze

systemen zoals de gedeformeerden en de psychiatrie, en hun slachtoffers te helpen. Nog steeds worden kinderzielen dag en nacht door deze systemen gemarteld, en hen wacht zelfs de eeuwige marteling waarmee ze bedreigd worden, en wat een grote leugen is waar het volgende vers over gaat. 7 Gij richt te gronde de leugensprekers, de Here verafschuwt de man van bloed en bedrog. Weer heeft dit niks te maken met letterlijke, orthodoxe, extremistische verwoesting. Het kwaad zal niet vergolden worden door kwaad, maar het zal gaan door de exegese, de verdieping, wat zal gebeuren door eenvoudige studenten. 8 Maar ik zal, dank zij uw grote goedertierenheid, uw huis binnengaan, mij nederbuigen naar uw heilige tempel in vreze voor U. Dit betekent gaande tot het internaat, het wonen, oftewel voor altijd verblijven, in je studie. 9 Here, leid mij door uw gerechtigheid om mijner belagers wil; effen uw weg voor mijn aangezicht. Het kan niet zo zijn dat een mens altijd maar moet lijden, maar de mens mag hierdoor ook geleid worden : lijden en geleid worden. Ook Jezus leerde de gehoorzaamheid, het pad, door het lijden, want het lijden is ervoor om de grenzen te laten zien, waarbinnen zich een visioen ontvouwd. Door het kruis wordt dus het oog verscherpt, oftewel het profetische zicht. 10 Want in hun mond is niets betrouwbaar, hun binnenste is enkel verderf, hun keel is een open graf, zij maken hun tong glad. Waarom kan een mens niet gewoon zien, zomaar per direct ? Eerst moet het valse oog sterven, het oog van het vlees. Eerst moet de mens een confrontatie aangaan met de leugen alvorens de waarheid te zien. 11 Doe hen boeten, o God, laat hen vallen door hun eigen overleggingen, verstoot hen om hun vele overtredingen; want zij zijn wederspannig tegen U. Dit is een gebed om inzicht. Zij bewaken de schat. Zij hebben iets geroofd, en het is een gebed om de geestelijke kaart. Pas dan zullen zij vallen. Je kunt niet zomaar door muren heenbreken, maar je moet het pad zien te vinden. Ware strijders zijn padvinders. 12 Maar verheugen zullen zich allen die bij U schuilen, altoos zullen zij jubelen, daar Gij hen beschermt, en in U zullen juichen wie uw naam liefhebben. Alleen in inzicht kan de mens schuilen, in school, in het zoeken van het pad. Al het andere is slechts tijdelijk, en zal instorten uiteindelijk.

13 Want Gij zegent de rechtvaardige, o Here, Gij omgeeft hem met welbehagen als met een schild. Demonologie is als een detective. Het is geen blinde vuistvechter, maar een padzoeker, bekend met zijn omgeving, bekend met de valstrikken. Het is iemand die zijn huiswerk goed heeft gedaan. Een mens moet dan wel dromen, want alleen komt de mens er niet uit. De mens moet wel slapen, om ook de andere kant van het verhaal te kunnen zien : hoor en wederhoor. Gedeformeerden en de psychiatrie doen hier niet aan, omdat het voor een markt is. Maar het leven is geen markt, maar de natuur, en die is ondoorgrondelijk, en kan niet beschreven worden door een markt. Een markt kan alleen maar gokken, speculeren en voortijdig concluderen, omdat er een martdruk op hen ligt van moeten presteren. Zo is het niet alleen een marktkraam, maar ook een miskraam. Psalm 6 1 Voor de koorleider. Bij snarenspel. Op de wijze van: De achtste. Een psalm van David. We gaan in deze psalm de angsten zien van de psalmist. De psychiatrie probeert munt te slaan uit de angsten en pijnen van de mens, zoals de vleesindustrie munt probeert te slaan uit dierenleed, en de gedeformeerden doen dit ook, met dodelijke, klinische, steriele pseudo-precisie. Zij weten alles het best en bedreigen en chanteren de mens, vaak kinderen, en als die kinderen daar dan bang van worden, dan krijgt het kind een merkteken en slaan ze er munt uit. Het zijn kinderjagers, kinderlokkers. De Israelitische literatuur geeft een veel grotere waarde aan angst, depressie en boosheid, en beziet ze in een veel grotere context. 2 O Here, straf mij niet in uw toorn, en kastijd mij niet in uw grimmigheid. De psalmist veracht zijn visioenen van toorn niet, en herkent hierin de woede tegen de zonde. De gedeformeerden en de psychiatrie rekenen niet met zulke visioenen en met de demonologie, want omdat ze zelf namelijk demonisch bezet zijn en de demonen zulke systemen als schuilplaats gebruiken willen ze niks weten van God's toorn over het vlees en verachten ze de demonologie, en ontkennen deze. Zij maken hun opleiding af en steriliseren dan alles om lekker voortijdig met pensioen te gaan en te gaan rentenieren. Zij worden dan zogeheten woekeraars die van woekerrente leven, oftewel ze vragen van de mens ziekelijk hoge rente. Dat ze zichzelf hiermee ten gronde richten mag duidelijk zijn, want het is een tikkende tijdbom. Ze maken gebruik van kunstmatige hulpmiddelen die geen eenheid vormen met de natuur, en daarom op een bepaald moment uitgeworpen worden door de natuur. De natuur pikt het niet. De woede van de natuur is al heel duidelijk voelbaar. Deze systemen moeten vallen. 3 Wees mij genadig, Here, want ik kwijn weg; genees mij, Here, want mijn gebeente is verschrikt. Hier zien we woede samenwerken met vrees. De woede tegen het vlees zorgt ervoor dat de mens zich afscheidt van het vlees, door verlammende vrees. Dit staat allemaal duidelijk beschreven in de bijbel, die de gedeformeerden en de psychiatrie kennelijk niet lezen. Het is een kenmerk van iedere volgeling van het kruis, wat al in het Oude Testament begon.

4 Ja, mijn ziel is ten zeerste verschrikt, en Gij, Here, hoelang nog? Ook Paulus had zo'n ervaring, ook wel genaamd de Damuscus ervaring wat in principe zijn roeping was. Dit mag niet stoppen voordat het fundament is gelegd. 5 Keer weder, Here, red mijn ziel, verlos mij om uwer goedertierenheid wil. De ziel wordt juist gered als het vlees sterft. Door het vlees te laten leven zou de ziel hopeloos verloren zijn, en dit zijn natuurwetten. Daar kan niemand wat aan doen, zelfs God niet. Dit is de gnosis. 6 Want in de dood is Uwer geen gedachtenis; wie zou U loven in het dodenrijk? Hij moet kiezen tussen het goede en het slechte, tussen boven of beneden, en hij zoekt de dingen van boven, zoals in Psalm 1, en zal zo zijn als een boom geplant aan waterstromen, oftewel vruchtbaar zijn. De gedeformeerden en de psychiatrie zijn zo impotent dat hun macht slechts tijdelijk is. Hun zaad zal uitsterven omdat het ten dode leidt. 7 Ik ben afgemat van mijn zuchten; elke nacht doorweek ik mijn sponde, doe ik mijn bed van tranen vloeien. Wees blij dat je nog kan huilen. De psychiatrie kan het niet meer. Ze zien huilen ook als een ziekte. Ze zien alles als een ziekte. Ze zijn totaal geobsedeerd met henzelf en met geld. Het is een bolwerk van demonie, net zoals de gedeformeerden, en daarom is artikel 28 zo belangrijk van de voortdurende afscheiding van de goedelozen, zoals ook beschreven staat in psalm 1. 8 Mijn oog is dof geworden van verdriet, verzwakt door allen die mij benauwen. Je raakt enorm gedesorienteerd door alle zware aanvallen en vervolgingen, en raakt bij tijd en wijle geheel de grip en controle kwijt op de valse werkelijkheid, opdat je in de hogere context wordt opgezogen, los van alles. Dit is een opname, en dit is cryptisch, omdat het vleselijke valse waarden en definities heeft, genaamd het letterlijke. De mens moet dus wel eerst zwak worden om zo onttrokken te worden aan de zonde, zoals ook Jezus dat was. Zij die sterk willen zijn vallen in een strik. 9 Wijkt van mij, al gij bedrijvers van ongerechtigheid, want de Here heeft mijn wenen gehoord; De psychiatrie heeft voor alles drugs. Drugsdealers zijn het. Zij zijn onder de vloek van het positieve. Ze hebben smetvrees, en dus labellen ze alles al heel snel als negatief en ziek, als een immuunziekte die tegen zichzelf gekeerd is. Ze vreten hun eigen immuunsysteem aan als de geestelijke aids. 10 de Here heeft mijn smeking gehoord, de Here neemt mijn bede aan. Als psalm 1 het gebed is, dan is psalm 6 het antwoord op de paasmorgen.

11 Al mijn vijanden zullen beschaamd staan, ten zeerste verschrikt, zij zullen in een oogwenk beschaamd afdeinzen. Dit gaat over de opname. Ze zullen gaan zien wie ze hebben doorstoken, namelijk het zoonschap en studentenschap, en elke knie zal buigen en elke tong zal belijden. Het vlees zal achterblijven, want hun woekerrentenieren is ten einde gekomen. Het is tegen hen gaan keren, en ze hebben geen vleugels om mee te gaan met het geestelijke, omdat ze altijd de studie hebben tegengewerkt en nu geen 'know how' hebben. Zij zijn niet voorbereid op de toekomst. Zij hebben altijd roddelfabels geloofd. Nu werkt het tegen hen. Ze worden niet doorgelaten door het systeem. De natuur herkent hen niet als haar eigen. Er is iets verschrikkelijks misgegaan. Dan kun je je afvragen ? Wanneer gaat dit gebeuren, en hoe gaat dit gebeuren ? In de studie, waarin leugen van waarheid wordt gescheiden. Alles wordt verdiept en teruggedraaid. Er is een nieuwe werkelijkheid. De oude werkelijkheid is vergaan, is niet meer. De mens heeft inzicht gekregen. Hoofdstuk 44. vers voor vers : psalm 7-9 – saul en goliath Psalm 7 1 Een klaaglied van David, dat hij de Here gezongen heeft om de woorden van de Benjaminiet Kus. Kus komt van het huis van Saul, de oude orde die David vervolgde. 2 Here, mijn God, bij U schuil ik, verlos mij van al mijn vervolgers en red mij, Het is als de droom van Jozef die vervolgt wordt door de nachtmerrie. De redding is dan in droom interpretatie en nachtmerrie interpretatie. Dat is dus de gave van vertolking van vreemde talen. De droom spreekt tot de mens in een vreemde taal, en zo ook de nachtmerrie. David werd erdoor geplet en zag de sleutel nog niet hangen. Er komen dus nooit zomaar redders. Het is een studie proces. 3 opdat hij niet als een leeuw mij verscheure, wegslepe, zonder dat iemand redt. De mens is hulpeloos bij een leeuw. Er gaat zo'n kracht uit van de leeuw, dat een mens dat niet kan verdragen, en dan overweldigd het de mens. Maar de ware kracht is de gevoeligheid en de alertheid. De psalmist moest onder dreiging van de leeuw zelf een zintuig ontwikkelen waarmee hij met God

kon communiceren, maar de leeuw, Saul, de oude orde, zou dat niet accepteren en zou hem zoeken te doden. 4 Here, mijn God, indien ik dat gedaan heb, indien er onrecht kleeft aan mijn handen, De psalmist is in gevecht met de leeuw, en de leeuw projecteerd, beschuldigd hem. Het zijn oorlogstaktieken. De leeuw probeert zijn geweten te verlammen. De leeuw vuurt zijn leugens op hem af om hem te verwarren zodat hij makkelijke prooi is. Het is zoiets als een vals zonde syndroom, wat ook de gedeformeerden gebruiken. Ze projecteren hun zonden op de ander, en vertellen de ander dan dat die nooit van hun zonden kunnen loskomen. De mens is immers zondig en zal altijd blijven zondigen. Hun eigen onzekerheden projecteren ze op de ander. 5 indien ik hem kwaad gedaan heb, die vrede met mij had, – ja, ik heb hem gered, die mij zonder oorzaak benauwde – De leeuw probeert alles om te draaien, zodat de psalmist zijn orientatie verliest. De leeuw probeert zijn ziel en verstand te splijten, te breken, zodat hij dat makkelijker kan doen, en zodat hij makkelijker manipuleerbaar is, als een pop. 6 dan moge de vijand mij vervolgen en achterhalen, en mijn leven ter aarde vertreden, en mijn ziel nederwerpen in het stof. sela De psalmist is hier nog wel in vraagstelling. De leeuw probeert redenen in hem te maken, zodat hij hem kan vervolgen. De leeuw is een meester in zulk soort drogredenen. 7 Sta op, Here, in uw toorn, verhef U tegen de woede van hen die mij benauwen, waak op tot mijn hulp, Gij, die het recht verordent. Maar de psalmist pikt het niet meer langer, en wil zich in woede verheffen tegen de zonde en tegen de valse woede. Hij wil de woede van ontwaking ontvangen, opdat hij door het bedrog heen kan prikken. De hemelse woede is als een inzicht wat boven alles uitstijgt. 8 Dan moge de vergadering der natiën U omringen; keer weder boven haar naar den hoge. De psalmist is alle kleinzieligheid zat, en wil loskomen naar ruimere ideeën, hogere dromen, ook al verbiedt de leeuw zulke dromen. 9 De Here richt de volken. Doe mij recht, Here, naar mijn gerechtigheid, en naar mijn onschuld, die bij mij is. In zijn dromen vindt hij zijn ware identiteit, niet de valse identiteiten die de mensen op hem projecteren. De nachtmerrie heeft de droom verdiept, en de droom verdiept de nachtmerrie. Hij vindt de interpretatie dat zowel de droom als de nachtmerrie delen van hem zijn die hij moet leren gebruiken, als medicijn. 10 Laat de boosheid der goddelozen een einde nemen, maar bevestig Gij de rechtvaardige,

Gij, die hart en nieren toetst, rechtvaardige God. Hij moet de boosheid van de goedelozen eindigen door het als symbolisch medicijn op hemzelf toe te passen, het hem toe te eigenen, want hij kan alleen de vijand verslaan door de vijand te worden, maar dan op een hele andere manier, op een diepere manier, wat ook een indiaans spreekwoord is. Hij moet leren inzien voor wat voor verloren beroep de vijand staat, iets wat hij zelf moet worden. 11 Mijn schild is bij God, die de oprechten van hart verlost; God laat alle dingen medewerken ten goede, ook de vijand. Ook de vijand staat voor iets wat hij in zijn leven nodig heeft, als hij het in zijn hemelse denken leert toe te passen. De mens moet dit leren, leren te integreren en internaliseren zonder een ongelijk span te vormen met de vijand. Hij mag dit alleen van boven doen, niet op een vleselijke, aardse manier. 12 God is een rechtvaardig Rechter en een God, die te allen dage toornt. De woede is een bescherming, want het is het alarm van de mens, en houdt de mens wakker. Daarom past God elke dag deze toorn toe, opdat het vlees niet zal inmengen, geen winst op hem zal behalen. Zonder de heilige woede sluiten de organen zich en sterft de immunologie van de mens, en maakt de mens geen antistoffen meer aan. Psalm 8 1 Voor de koorleider. Op de Gittit. Een psalm van David. Dit lied gaat over de strijd tussen David en Goliath, de Gittiet, oftewel een inwoner van Gath. Goliath was een onbesnedene, oftewel iemand die strijd voerde door het vlees en vleselijk leefde, vleselijke beslissingen maakte, en zich tegen de besnedenen keerde, oftewel de geestelijken. 2 O Here, onze Here, hoe heerlijk is uw naam op de ganse aarde, Gij, die uw majesteit toont aan de hemel. Dit is de majesteit van wijsheid, die altijd van boven komt, die alleen de besnedenen bezitten, zij die aan hun vlees zijn gestorven. Zij kunnen niet anders dan de werken van boven te doen. 3 Uit de mond van kinderen en zuigelingen hebt Gij sterkte gegrondvest, uw tegenstanders ten spijt, om vijand en wraakgierige te doen verstommen. David was nog maar een kind toen hij Goliath moest verslaan. Als kinderen moeten wij al de geestelijke oorlogsvoering leren, vanwege de vele bedreigingen die het kind hebben omringd. 4 Aanschouw ik uw hemel, het werk van uw vingers, de maan en de sterren, die Gij bereid hebt:

Zij zijn niet gericht op de werken van het vlees om hen heen, het aardse, dat wat volwassenen hen vertellen. Neen. Zij hebben hun eigen dromen en hun eigen interpretaties. Zij zijn nog vrij, en kijken naar boven, terwijl volwassenen allemaal naar elkaar kijken en God hebben vergeten. Het kind is een geestelijke reiziger, terwijl de volwassene een vleselijke reiziger is, ontdaan van zijn dromen en daarom de dromen van het kind wil stelen en exploiteren. 5 wat is de mens, dat Gij zijner gedenkt, en het mensenkind, dat Gij naar hem omziet? De onbesneden, protserige Goliath die zichzelf boven ieder ander mens waant, als God, is wat de mens wil. De mens wil het vlees, altijd maar weer. Een kind als David had niet veel kans. Toch had God David uitverkoren. God kiest altijd voor het kind, niet de vleselijke volwassenen. Volwassenen kiezen namelijk altijd voor andere vleselijke volwassenen, en niet voor God, omdat ze onbesneden zijn. En het ergste nog is dat zij God imiteren, alsof zij God zelf zijn, wat spotten is. 6 Toch hebt Gij hem bijna goddelijk gemaakt, en hem met heerlijkheid en luister gekroond. God had naar David omgezien, dat kleine kind, en zoveel dromen gegeven. Dat was de heerlijkheid van David, veracht door onbesneden volwassenen, want zij hadden die heerlijkheid niet. Zij hadden zich nooit laten besnijden. Zij speelden de spelletjes van het vlees, zoals Goliath, maar zij zouden hiervoor een hoge prijs moeten betalen, want het pad van de zonde leidt tot de dood. Ook het pad van het kruis leidt tot de dood, maar dat is een hele andere dood, namelijk de dood van het vlees, wat de eeuwige zalige dood is die ten leven opwekt. Goliath wilde dat allemaal niet, en liep ermee te spotten. Goliath dacht dat hij alles beter wist, dat het vlees de weg tot zaligheid was, en dat verkocht hij. Hij had een markt waarmee hij naam en faam wilde maken. Hij wilde gevreesd zijn. David was al bijna goddelijk gemaakt en moest deze valse god nog verslaan, deze familiaire macht, deze dromendoder. 7 Gij doet hem heersen over de werken uwer handen, alles hebt Gij onder zijn voeten gelegd: Uiteindelijk zou David Goliath verslaan, dit vleselijke familie systeem, want alleen aan God, oftewel de eeuwige en heilige kennis, zou de eer toekomen, niet aan een onbesnedene. De onbesnedene werd geloofd en geprezen door al het vlees, maar David deed er niet aan mee. David kon er doorheen prikken. David luisterde naar zijn dromen, niet naar de vleselijke wensen van hen om hem heen. 8 schapen en runderen altegader en ook de dieren des velds, Schapen zijn een beeld van kudde volgers. Daar deed David niet aan mee. Dat leidde tot de dood. Runderen zijn een beeld van vleselijke ambachten, werken van het vlees voor het vlees, in plaats van geestelijke werken voor het geestelijke. Het rund is een beeld van de beroepsmatigheid van de zonde, wat een hele hoge graad is van vleselijkheid, namelijk de verharding van het vleselijke, waardoor een mens geestelijk voor eeuwig afsterft uiteindelijk. Beroepsmatigheid van zonde zien we terug in de vlees-industrie, de psychiatrie, het stierenvechten, de dentistrie, en in de scholen en opleidingen voor dit soort instanties. Van al deze dingen is Goliath een beeld. En het werd onder de voet van David gesteld. 9 de vogelen des hemels en de vissen der zee,

hetgeen de paden der zeeën doorkruist. Maar ook kreeg David macht over de dromen, de vogelen des hemels, en de vissen, oftewel het zaad in de oude talen, als een beeld van vruchtbaarheid. David was de boom geplant aan waterstromen, oftewel de vruchtbare. David zou nu de vleselijke dromen en hun dromers stukslaan. 10 O Here, onze Here, hoe heerlijk is uw naam op de ganse aarde. Deze heerlijkheid is een studie, geen letterlijk leger. David was maar een eenvoudige herdersjongen, en hij wilde zelfs de wapenrusting van Saul niet. Die was veel te groot voor hem. Nee, David wilde nederig blijven. Hij wilde niet komen met grootse vooroordelen, maar met nederige, doordachte studie. Hij kwam niet met grootse wapenen aanzetten, maar had een eenvoudige slinger met stenen. De steen is in het Hebreeuws de bouwer, en men bouwt in vreze en beven (eben), niet in hooghartigheid. Daarom is de steen ook de harde, omdat hij zich in heilige vreze hard houdt naar de zonde, zodat de zonde hem niet kan meenemen. Het is een beeld van het verzet, een heilige stijfheid. Daarom zegt de poëzie omtrend het eeuwig evangelie ook dat zachte jongens in de nacht worden tot harde mannen. Hiervan is David een beeld. Er moet een zekere strengheid zijn naar de zonde, een zekere inspectie, opdat de zonde geen voordeel en winst op de mens behaald en de mens daardoor zou falen. Psalm 9 1 Voor de koorleider. Op de wijze van: De dood van de zoon. Een psalm van David. Al onze studie methodes moeten sterven. Het zoonschap, het studentenschap, moet sterven. Waarom ? Omdat wij vleselijke meesters hebben en vleselijke scholen. Het vlees gaat eraan. Deze systemen moeten instorten. Hoe ? Niet door geweld of misdaad, maar door het geestelijke, door te komen tot de hemelse studie. 2 Ik zal U loven, Here, met mijn ganse hart, ik wil al uw wonderen verhalen; Dan komen wij ook tot een hele andere god, niet meer de god van haat en onwetendheid. Oh, wat zijn die mensen die hun ego volgen toch allemaal boos en haatdragend. De hele dag door lopen ze te roddelen en kwaad te zijn omdat hun vlees niet wordt bevredigd. Ze zijn niet boos om onrecht ofzo. Neen. Het draait allemaal om henzelf. Het zijn dromen-aborteurs. Ze bedreigen hun kinderen met eeuwige marteling om gehoorzaamheid af te dwingen tot hun vlees en hun vleselijke familie goden. Daarom sprak Jezus : Ik heb geen familie. Ik heb geen steen om mijn hoofd op te doen rusten. Jezus had alleen volgelingen, en Jezus was maar een druppeltje in de stroom, want hij volgde David, en David volgde Jozef de dromer, en Jozef de dromer volgde de hemelse dromen, de hemelse studie en de hemelse kennis. 3 in U wil ik mij verheugen en juichen, uw naam psalmzingen, o Allerhoogste, Hij verheugde zich puur in zijn studie, niet in één of andere afgod. De mens mag er elke dag weer wat bijleren, en dat is onze vreugde.

4 nu mijn vijanden terugdeinzen, struikelen en vergaan voor uw aangezicht. Door de hemelse studie zal ook het vlees afgebroken en omgedraaid worden. Goliath, de opgeblazen onwetendheid, moet plaats maken voor het weten. 5 Want mijn pleitzaak en mijn geding hebt Gij berecht, als rechtvaardig rechter de rechterstoel bestegen. De rechter is een richting aangever, oftewel een licht op het pad. Alle padvinders volgen hem, want hij is het pad. De richting wordt geopenbaard door het hemelse, niet door het vlees. 6 Gij hebt de volken gedreigd, de goddelozen te gronde gericht, hun naam hebt Gij uitgewist voor altoos en immer; Wij moeten het vlees dreigen, want het vlees bedreigd ons. Wij moeten de leugen door de waarheid verslaan. Dat is een gevecht. Soms moet je stil zijn, soms moet je spreken. Soms moet je voorzichtig zijn, soms moet je dapper zijn. Wij moeten eisen stellen aan het vlees, zoals het vlees eisen aan ons stelt. Wij moeten voorwaarden opleggen aan het vlees, omdat het vlees ons voorwaarden oplegt. In die zin kunnen wij heel veel van de vijand leren, maar mogen wij geen gelijk span met hem vormen. 7 de vijanden zijn weg – eeuwige puinhopen –, want steden hebt Gij verwoest, zelfs hun gedachtenis is vergaan. Als wij eindelijk de les geleerd hebben van de vijand, dan is de vijand niet meer nodig. Dan zijn wij alles zelf geworden ten goede. Alle dingen zullen medewerken ten goede. 8 Maar de Here zetelt voor eeuwig, zijn rechterstoel heeft Hij ten gerichte gezet; Eeuwigheid spreekt van geduld en volharding. Wij mogen nooit opgeven, anders verliest het zijn eeuwigheidswaarde. 9 ja, Hij oordeelt de wereld in gerechtigheid, Hij richt de natiën in rechtmatigheid. Het oordeel is een openbaring die van boven komt, geen dichte baring die van beneden komt. Het oordeel is de verdieping, niet de oppervlakkiging. Het oordeel is symbolisch, niet letterlijk. Hoe kan een vleselijk mens de aarde regeren ? Hoe kan een vleselijk mens die het verschil tussen zijn linkerhand en rechterhand niet weet de wereld oordelen ? Hoe kan een blinde blinden leiden ? Het oordeel is een beeld van de opening van de hemelse zintuigen. 10 Daarom is de Here een burcht voor de verdrukte, een burcht in tijden van nood. Deze burcht is de hemelse studie, waar je alleen maar door je dromen naartoe kunt gaan, en alleen

maar door je nachtmerries. De mens moet de vijand kennen, de mens moet leren van de vijand, om zo op een hemelse en vergeestelijkte manier de vijand te worden, zoals ook Jezus aan het kruis op die manier gelijk werd aan de zonde en de duivel. Wij kunnen de metafoor van de vijand niet zomaar overslaan. Wij moeten komen tot de innerlijke en geestelijke waarde van het begrip vijand. Dit heeft een diepere betekenis. 11 Daarom vertrouwen op U wie uw naam kennen, want Gij hebt nooit verlaten wie U zoeken, o Here. Vertrouwen in de Hebreeuwse zin is de balans tussen voorzichtigheid en dapperheid, niet een blindelings, vleselijk vertrouwen, zoals mensen vertrouwen in hun zonden en de beroepsmatigheid van hun zonden en daardoor afvallen. 12 Psalmzingt de Here, die op Sion woont, verkondigt onder de volken zijn daden; We mogen blij zijn dat het er allemaal is, dat er enige substantie is. Dat deze substantie verdiept moet worden is een feit. Het is een heilsfeit wat tot ervaringsfeit mag worden. De hemelse school werd uitgestort in de Israelitische natuur en literatuur. Dit is door het westerse, ongeletterde christendom uit z'n verband gerukt, verdraaid en vervleselijkt. Daarom moest de reformatie komen, uit Duitsland. Er was werk aan de winkel. Israel : de school. Duitsland : het werk. 13Want Hij, die de bloedschuld wreekt, gedenkt hunner, het geroep der ellendigen vergeet Hij niet. Toen kwam in 1561 artikel 28, de voortgaande afscheiding in de Nederlandse geloofsbelijdenis. Nederland staat dus voor de oorlog, en dit is een koude oorlog, als de hongerwinter. Alleen de mens aan het kruis, die hongert in de wildernis, zich heeft afgezonderd, kan tot God roepen. 14 Wees mij genadig, Here; zie mijn ellende, door mijn haters mij berokkend, Gij, die mij opheft uit de poorten des doods, Nederland is vol met haatdragende families die niet schuwen dieren te martelen en te eten, en dit ook aan hun kinderen geven. Zij hebben de geestelijke oorlog verzaakt, en voeren een vleselijke oorlog tegen de dieren en de natuur, met hun opgevoerde auto's. Maar de mond vol hebben ze van liefde, en vooral God's liefde, maar vervolgens vertellen ze hun kinderen dat die voor eeuwig gemarteld gaan worden in een verborgen martelkelder als ze niet in hen geloven, in hun vlees, en hun vleselijke familie goden. Het zijn deserteuren. Zij hebben de hemelse legerdienst oproep aan hun laars gelapt. In plaats daarvan voeren zij oorlog over bijzaken, dingen die er niet toe doen, allemaal vleselijk. Zij hebben alle richting verloren. 15 opdat ik verhale al uw roemrijke daden, in de poorten der dochter van Sion juiche over uw heil. Wij moeten daarom weer opgenomen worden tot de warme, weelderige borsten van Israel, oftewel terugkeren tot de inzettingen van hemelse studie. 16 De volken zijn verzonken in de kuil die zij dolven; in het net dat zij verborgen, raakte hun voet verward. Wat het vlees ons aandoet doet het vlees alleen maar zichzelf aan. Vlees zal vlees ten onder

brengen. Vlees zal vlees ontmaskeren, opdat de openbaring voortgang heeft. Saul zal in zijn eigen zwaard vallen. Goliath zal door zijn eigen zwaard onthoofd worden. 17 De Here deed Zich kennen, Hij handhaafde het recht; in het werk van zijn handen is de goddeloze verstrikt. higgajon, sela Een kind kan de hemelse moeder alleen maar kennen aan de moeder borst, als het beeld van studentenschap. Zo raken al zijn vleselijke gedachten verstrikt, en kunnen vervolgens gesorteerd en gerangschikt worden. 18 De goddelozen keren om naar het dodenrijk, al de volken die God vergeten. Deserteuren komen niet tot de oorlogs moeder. Zij vergeten de opleiding hiertoe. Het pad van spijbelende pensionsering leidt tot de dood. Alle organen klotten dicht, want er is geen hemelse woede die de kanalen ruim houdt en opfrist, en er is geen hemelse vreze die het samenklotten voorkomt. Zo'n mens is geestelijk ten dode opgeschreven. Zij glijden weg tot de vergetelheid. 19 Want niet voorgoed blijft de arme vergeten, niet voor immer gaat de hoop der ootmoedigen teloor. Tegelijkertijd is dit een alarm voor de wakenden, en zij worden hierdoor niet vergeten. De vijand is dus het alarm, als een school alarm. Het is tijd voor studie. 20 Sta op, Here, laat de sterveling niet zegepralen, laat de volken voor uw aanschijn gericht worden. Die vijand zal niet altijd recht overeind staan. In de studie zal het uiteindelijk ombuigen en tot sieraad gestrekt worden. Het is niet slechts de vijand. Het is iets wat van je gestolen is, en het zal alleen terugkomen door studie. Het is iets wat ten goede zal medewerken. 21 Jaag hun schrik aan, Here, zodat de volken erkennen, dat zij stervelingen zijn. sela Wij moeten allemaal buigen voor de hemelse vrees, want dit is het begin en het hoofd van de studie. Zonder een ervaring te hebben gehad van hemelse vrees, zoals Paulus in zijn Damascus ervaring en Jezus in zijn Getsemané ervaring, kunnen wij niet toegelaten worden tot de hemelse studie. Dit is dus een zeer belangrijke voorwaarde waaraan iedere student dient te voldoen. Wij moeten erkennen dat wij stervelingen zijn, oftewel dat het vlees in ons moet sterven, oftewel de onwetendheid die moet sterven, opdat onze studie zuiver en gericht zal zijn, en wij vandaaruit ook daadkrachtig, oftewel werkkrachtig, kunnen worden. Hierom moest David Saul ontvluchten en Goliath verslaan. Het vlees mag namelijk niet onze richting aanwijzen en een bijzaak mag onze koning niet zijn.

Hoofdstuk 45. vers voor vers : psalm 10-12 – de reformatie : als wezen in de wildernis Psalm 10 1 Waarom, Here, staat Gij van verre, verbergt Gij U in tijden van nood? De boom geplant aan waterstromen van psalm 1 staat helemaal alleen, heeft zichzelf afgezonderd voor studie, als een mens tussen alleen maar een zee van boeken. Waarom ? Omdat een mens alles in zichzelf ontwikkelen moet, zelf vrucht moet dragen, zelf representatief zijn. De mens heeft in die zin een grote verantwoordelijkheid. 2 Over de trots van de goddeloze is de ellendige ontstoken – laat hen verstrikt worden in de boze plannen die zij bedacht hebben. Vleselijkheid komt onder vleselijkheid die ook weer onder vleselijkheid komt, en zo trekken ze elkaar naar beneden als een draaikolk, en dit moet wel, terwijl de geestelijken worden opgenomen, en steeds meer inzicht en overzicht hebben. Deze krachten werken op elkaar in en wakkeren elkaar aan. 3 De goddeloze immers roemt naar hartelust, de woekeraar spreekt zegenwensen, hij versmaadt de Here. Ze zijn druk in de weer hun eigen koninkrijkjes te bouwen, dravende voor hun eigen huis en eigen familie, en de rest kan stikken. Oh, zo druk zijn ze een naam te maken, en faam. Maar dit zijn allemaal de werken van het vlees, en deze werken zijn boos en leiden tot de dood. 4 De goddeloze met zijn neus in de hoogte denkt: Hij vraagt geen rekenschap; al zijn gedachten zijn: Er is geen God. Hij toetst de dingen niet. Natuurlijk heeft hij wel zijn eigen goden, maar er is geen progressiviteit. Hij gaat altijd in cirkels, niemand neemt hem op, en hij klimt ook niet op. Hij denkt dat hij er al is. 5 Zijn wegen zijn voorspoedig te allen tijde. Uw gerichten zijn hem te hoog, hij blaast tegen allen die hem benauwen; Hij begrijpt de oordelen van God niet, ziet die niet in zijn leven aan het werk. Hij kijkt er totaal langsheen, en werpt zo het kruis van zich af. Hij is blij als hij behoort te wenen. Hij is opgeblazen als hij bang behoort te zijn. Hij is vriendelijk en slijmerig als hij boos behoort te zijn. Alles is omgedraaid. 6 hij zegt in zijn hart: Ik zal niet wankelen, ik, die van geslacht tot geslacht niet in rampspoed zal raken.

Voorspoed is geen teken van dat God aan jouw kant staat. Het is het kruis. 7 Zijn mond is vervuld van vloek en bedrog en verdrukking, onder zijn tong zijn ongerechtigheid en onheil, De Goliath van deze tijd heeft zijn eigen valse goden, van eeuwige marteling van hen die niet voor hem neerbuigen. Daarom buigt het volk in angst. Er is iemand die tegen deze Goliath moet opstaan, een nieuwe David, oftewel een nieuwe hemelse studie. 8 hij ligt in hinderlaag bij de gehuchten, in het verborgene doodt hij de onschuldige. Zijn ogen bespieden de zwakke, Kinderen en dieren zijn zijn prooi, altijd weer. Hij is het bolwerk van de gedeformeerden, valse pseudo-volwassenen. Zij zijn het niet waard volwassen genoemd te worden. Het zijn deserteuren. Hun groei is gestopt. Het zijn woekeraars. Geen werkers maar renteniers tegen woekerrente, oftewel abnormaal hoge rente. Ze studeren niet, maar parasiteren, zoals de psychiatrie. Altijd maar weer zijn ze op kinderjacht om kinderdromen te verminken en te mutileren, maar er zal een nieuwe Davidsgeneratie opstaan tegen deze Goliath. 9 hij loert in het verborgene als een leeuw in de struiken; hij loert om de ellendige te vangen, hij vangt de ellendige, hem trekkend in zijn net. Daarom is het zo belangrijk om terug te keren tot psalm 1, je afscheiden van de goedelozen (art. 28) en apart gezet in de heilige woede zoals Jeremia opgroeien als een boom geplant aan waterstromen om vruchtbaar te zijn en die Davidsgeneratie voort te brengen. Trek je terug in studie, want wat ze je aanbieden is het niet. 10 Hij bukt, duikt ineen, en de zwakken vallen in zijn sterke klauwen. De duivel gaat tekeer als een brullende leeuw, zoekende wie hij kan verslinden, maar de duivel komt ook als een engel des lichts, oftewel gecamoufleerd. Daarom moet je alles toetsen aan studie. Als mensen je van je hemelse studie proberen af te leiden is het bedrieglijk. Vriendelijkheid en gepaai is vaak een strategie van de duivel om je te doen indutten. De leeuw loert in het verborgene, om dan toe te springen. Vaak is het dan al te laat. Vertrouw daarom niet, ook niet in allerlei goden, maar studeer en toets. 11 Hij zegt in zijn hart: God vergeet het, Hij verbergt zijn aangezicht, Hij ziet het in eeuwigheid niet. Psalm 1 laat zien wat het is : het is slechts zaad (mayim). Als de boom aan waterstromen zijn zaad verspreidt dan is dat een teken dat hij zijn vlees offert in de aarde, opdat het sterft en er nieuw leven komt. Hierom moeten wij de honger ingaan, de leegte, oftewel de baarmoeder ingaan, opdat wij geen gelijk span vormen met het vlees. We moeten het zaad loslaten om het te laten sterven opdat er door de verdieping ervan nieuw leven kan komen. 12 Sta op, Here! o God, hef uw hand op, vergeet de ellendigen niet.

Dit is weer een phallische tekst in het Hebreeuws. Hand is yad, wat ook fallus betekent. Oh God, hef uw fallus op, uw woede naar het vlees, de lauwheid, opdat het uitgespuwd kan worden om gezaaid te kunnen worden, sterven, opdat er nieuw leven kan komen door verdieping in de aarde. Het zaad springt open en er komen wortels voort, die diep reiken tot de saprijke lagen der aarde. Vergelijk Openbaring 3 : 'Ik weet uw werken, dat gij noch koud zijt, noch heet. Waart gij maar koud of heet. Zo dan, omdat gij lauw zijt en noch heet, noch koud, zal Ik u uit mijn mond spuwen. Omdat gij zegt: Ik ben rijk en ik heb mij verrijkt en heb aan niets gebrek, en gij weet niet, dat gij zijt de ellendige en jammerlijke en arme en blinde en naakte.' 13 Waarom smaadt de goddeloze God, spreekt hij in zijn hart: Gij vraagt geen rekenschap. Je kan je wel eeuwig afvragen waarom, waarom, maar je moet de oorlog tegen het vlees beginnen, want ziet u, het vlees is redeloos. Ze hebben geen reden, zijn niet vatbaar voor reden. Er is dus ook niet echt een antwoord op de vraag waarom, maar meer een oproep tot actie, zoals er in Openbaring 3 ook wordt opgeroepen tot ijver. Het vlees heeft geen reden, en daarom is het slechts zaad wat moet sterven. Het is nog niets. Het is de onschepping. Het heeft nog geen richting. Alleen in de baarmoeder kan het richting krijgen. 14 Gij ziet het, want Gij aanschouwt moeite en verdriet, om het in uw hand te leggen. Op U verlaat zich de zwakke, voor de wees zijt Gij een helper. In het Hebreeuws wordt er voor hand weer yad gebruikt, wat ook fallus betekent, en nathan betekent voortbrengen, zodat er staat : 'moeite en verdriet is als een zaad wat wordt voortgebracht door de fallus.' De fallus is namelijk het beeld van het offeren, het opheffen tot de kennis, opdat de kennis er wijsheid en inzicht over kan verschaffen en het kan laten medewerken ten goede. 15 Verbreek de arm van de goddeloze en boze, straf zijn goddeloosheid, totdat Gij ze niet meer vindt. Het zaad sterft, wordt verbroken, en dan is er nieuw inzicht. Het zaad heeft wortel geschoten. 16 De Here is Koning, eeuwig en altoos. De volken zijn vergaan uit zijn land. De eeuwige koning : de mens moet volharden in de prioriteiten. Dan zal het vlees vanzelf afsterven, de volken vergaan. Het zaad is stromende en zal zijn weg vinden. Het is eindelijk onthecht. 17 De begeerte der ootmoedigen hebt Gij, Here, gehoord: Gij sterkt hun hart, uw oor merkt op, Is er een hemelse lust, dan is het deze lust : zijn leven te offeren, opdat er nieuw leven voortkomt, de ontsluiering. In deze verharding mag de mens zijn : de verharding tot het vlees, opdat het zaad los zal laten om gezaaid te worden. 18 om recht te doen de wees en de verdrukte, zodat nooit meer een aards sterveling schrik aanjaagt. De verdrukte wees heeft zo een adoptie moeder gevonden. De eben, of steen van David, heeft in het Hebreeuws ook de betekenis van adoptie, want eerst moet de vleselijke moeder sterven, opdat de

geestelijke moeder kan komen. Dat is ook wat de reformatie is : Het zijn kinderen die hun vleselijke, aardse moeder hebben verloren, oftewel de katholieke kerk, en die de wildernis zijn ingegaan om hun hemelse moeder te vinden. Psalm 11 1 Voor de koorleider. Van David. Bij de Here schuil ik. Hoe durft gij dan tot mij zeggen: Vliedt naar uw gebergte als vogels? De vijand probeert de mens te verleiden tot het ontduiken van de hemelse belasting die aan alles vooraf gaat. Als de vijand hierin slaagt zal niets wat de mens nog doet geestelijk gezien slagen. 2 Want zie, de goddelozen spannen de boog, zij leggen hun pijl op de pees, om oprechten van hart in het duister te treffen. Ze willen de hemelse belastingssystemen uitschakelen, het fundament, oftewel het offeren. Als de mens namelijk niet zaait, dan oogst de mens ook niet, en wordt zo prooi. Wat de vijand echter niet begrijpt is dat ze een onderdeel is van dit belastingssysteem. Het belastingssysteem is daarbij onmogelijk te vernietigen. Wel is het zo dat de vijand de mens kan verleiden tot belasting ontduiking, en dan is het einde zoek. De vijand wil de mens verleiden van wonde tot zonde te komen. 3 Wanneer de grondslagen zijn vernield, wat kan dan de rechtvaardige doen? Het belastingssysteem of offersysteem is de grondslag voor alle dingen als de leer van zaaien en oogsten. Dit is het fundament van school, werk en oorlog. Als dat er niet is zal niks gelukken op geestelijk gebied, en is er slechts vleselijke misleiding. 4 De Here woont in zijn heilig paleis, de Here heeft in de hemel zijn troon; zijn ogen slaan gade, zijn blikken doorvorsen de mensenkinderen. De duivel heeft valse belastingssystemen, maar die zijn gewoon onderdeel van de hemelse belastingssystemen, wat het kruis wordt genoemd, maar wel wordt de mens beproefd. De mens aan het kruis moet zich niet laten verleiden tot zonde. 5 De Here toetst de rechtvaardige en de goddeloze; en wie geweld bemint, die haat Hij. Overmoedig, overmatig en vleselijk geweld is belasting ontduiking, kruis ontduiking, waardoor de mens onder het oordeel komt. Ieder mens wordt hierin getoetst. Dit oordeel is niet iets wat God

doet, maar het vlees verscheurt het vlees. De mens oordeelt zichzelf, als het zaad dat sterft en wat mogelijk wedergeboorte kan brengen. 6 Hij regent op de goddelozen vurige kolen en zwavel, schroeiende wind is het deel van hun beker. De realiteit is dat de goedeloze dit zelf doet, want het immuun systeem is geprogrammeerd het kwaad af te weren, en dit wordt door het kwaad zelf in werking gesteld. Het is een hypergevoelig alarm. 7 Want de Here is rechtvaardig en Hij heeft gerechtigheid lief; de oprechten zullen zijn aangezicht aanschouwen. Als het zaad is gestorven zullen de ogen openen en zal de mens visioenen zien. Het vlees wat namelijk alles gulzig had verborgen is dan opengebroken, opdat openbaring voortvloeit. Psalm 12 1 Voor de koorleider. Op de wijze van: De achtste. Een psalm van David. Laten we beseffen dat we steeds dichter bij psalm 22 komen waar David het hele verhaal verteld van zijn kruisiging. Alreeds zijn hier de voortekenen te zien. 2 Help toch, Here, want er zijn geen vromen meer; ja, de getrouwen zijn schaars onder de mensenkinderen. Hij bedoeld dan de getrouwen aan het kruis, zij die niet de hemelse belasting ontduiken, oftewel geen kruis ontduikers zijn, maar zij betalen de volle prijs, en laten dit niet iemand anders doen. Het is de verantwoordelijkheid van de mens zelf. Het vleselijke kan dit inderdaad niet, maar het geestelijke in de mens kan dit wel door het kruis. Als we het over de hemelse belasting hebben, waar hebben we het dan over ? Het is een tuchtschool en een gevangenis waarin de mens de grenzen moet leren. Het moet de basis zijn van iedere school, opdat de mens niet stiekem een vleselijke studie volgt. De mens moet gaan tot het centrum van discipline. 3 Zij spreken valsheid tegen elkander, zij spreken dubbelhartig, met gladde lippen. De dosis leugen waar de getrouwen aan het kruis doorheen moeten is een overdosis waar hun vlees aan sterft. Laat niemand zichzelf voor de gek houden. Als je trouw houdt aan het kruis en het hemelse woord, dan zullen al je woorden verdraaid worden. 4 De Here verdelge alle gladde lippen en elke grootsprekende tong; Maar een ieder die standvastig zaait zal een oogst hebben. Geen zaad zal ledig wederkeren, geen woord zal ledig wederkeren, maar zal doen waar het toe uitgezonden was.

5 hen die zeggen: Met onze tong zijn wij sterk; onze lippen zijn met ons – wie is heer over ons? De vleselijke tong is een groot gif. Het gaat tegen het hemelse woord in, en het doodt de hemelse dromen, zonder pardon. Er kan niets tegenin gaan, want de mens moet sterven en tot het verborgene gaan. Alleen het zaad zal er tegen opstaan. Het zaad van de vrouw zal de slang verbreken, voorzegt Genesis 3. 6 Om de onderdrukking der ellendigen, het zuchten der armen, maak Ik Mij thans op, zegt de Here; Ik stel in veiligheid wie daarnaar smacht. De mens moet de baarmoeder in, doorstoten, volharden, in herhaling, opdat het zaad gezaaid wordt en vrucht kan dragen. Dit is diep in de aarde zoals het volgende vers ook stelt. Het is de tuchtschool die de mens nodig heeft om op het pad te blijven. Er is een hemelse gevangenis voor de mens, een centrum van discipline, opdat de mens geen kwade dingen doet. 7 De woorden des Heren zijn zuivere woorden, gedegen zilver, in een smeltoven in de aarde zevenvoudig gelouterd. Hier is het Pniël waar alles getoetst wordt voordat er sprake is van een school. De mens moet de juiste richting opgaan, de geestelijke, niet de vleselijke. Eerst moet de mens hongeren in de wildernis, leeg worden. Er moet eerst een exodus zijn. Er moet eerst scheiding zijn, zoals in psalm 1, waardoor de mens uiteindelijk wordt tot een boom aan waterstromen, een afgezonderde boom. Daarom mag de mens tot de hemelse gevangenis gaan, voor zijn eigen bescherming. 8 Gij, Here, zult ze gestand doen, ons altoos beschermen tegen dit geslacht; Zolang de mens in de hemelse gevangenis blijft is de mens veilig tegen de roekeloosheid en tegen het overmatig consumeren. De mens moet zich toeleggen op de hemelse restricties voor zijn eigen bestwil. Dit zijn de paradijselijke leegtes en afgronden. 9 de goddelozen draven rond, terwijl snoodheid bij de mensenkinderen het hoofd opsteekt. Buiten de hemelse gevangenis gaat alles verkeerd, is er geen hemels zoezicht, rotzooit iedereen er maar op los. Alles kan, en alles mag. Dat kan niet goed wezen. Dit contrast moet er wel wezen om de mens zowel te beproeven als te leiden.

Hoofdstuk 46. vers voor vers : psalm 13-15 – de gave van droom-interpretatie Psalm 13 1Voor de koorleider. Een psalm van David. Hier is David al in Getsemane, in de hongerwildernis. 2 Hoelang, Here? Zult Gij mij voortdurend vergeten? Hoelang zult Gij uw aangezicht voor mij verbergen? Hij moet de leegte in, de aardse banden zijn losgesneden. Hij is een wees. 3 Hoelang zal ik plannen koesteren in mijn ziel, kommer hebben in mijn hart, dag aan dag? Hoelang zal mijn vijand zich boven mij verheffen? Er lijkt geen einde aan te komen. Hij moet leren volharden, om het eeuwigheidsbesef op te wekken wat nodig is om in het bestaan te overleven. Dit komt alleen door volharding. 4 Aanschouw toch, antwoord mij, Here, mijn God! Verlicht mijn ogen, opdat ik niet inslape ten dode; Er is niemand bij hem, zijn naasten lijken te slapen of hebben hem verlaten. 5 opdat mijn vijand niet zegge: Ik heb hem overmocht; opdat mijn tegenstanders niet juichen, wanneer ik wankel. Het hongermes snijdt vleselijke families uiteen, opdat de hogere dingen gezien zullen worden. Een heleboel mensen hebben niet door dat hun familie hen tegenhoudt om in te gaan. Ware families zijn van binnen, en worden door de gnosis gelegd, van hart tot hart, niet door het aardse. Dit zijn de gebieden buiten het paradijs. 6 Ik echter vertrouw op uw goedertierenheid, over uw verlossing juicht mijn hart. Ik wil de Here zingen, omdat Hij mij heeft welgedaan. Er is altijd een andere kant van het verhaal, en ergens kruizen ze, zoals een stilstaande klok ook tweemaal per dag de juiste tijd aangeeft. De tegenstelling die getoond wordt in psalm 1 is een beeld van de vruchtbaarheid. Hier gaat de psalmist doorheen. Het verscheurd hem, maar hij moet wel. Waar kan hij anders naartoe ? Het hongermes gaat overal doorheen, en begint in zijn eigen hart. Psalm 14 1 Voor de koorleider. Van David. De dwaas zegt in zijn hart:

Er is geen God. Zij bedrijven gruwelijke en afschuwelijke misdaden, niemand is er, die goed doet. In het Hebreeuws is dit een stuk genuanceerder. In het Hebreeuws zegt de dwaas in feite : Er is geen kruis, er zijn geen geestelijke gaven. Met andere woorden : de dwazen zijn de vleselijken, maar zij hebben gewoon hun eigen goden. In het Hebreeuws komt het er in feite op neer dat de dwaas zegt : er is geen hemels maaksel of nieuwe schepping. En dat komt omdat de dwazen van het ongeschapene zijn, oftewel het zaad. Dit zaad moet namelijk nog gebruikt worden voor de schepping, en dat kan alleen als dit zaad gezaaid wordt en sterft. 2 De Here ziet neder uit de hemel op de mensenkinderen, om te zien, of er één verstandig is, één, die God zoekt. Dit is de ware uitverkiezing, want het gaat om de mens die God kiest, oftewel het goede, de geestelijke gaven. Niet God kiest de mens uit, maar de mens kiest God uit. En God neemt hen op die hun hart hebben geopend voor de hemelse kennis. 3 Allen zijn zij afgeweken, tezamen ontaard; er is niemand die goed doet, zelfs niet één. De mens is hier nog zo vleselijk dat er nog geen sprake is van een schepping. De mens is nog zaad, en al het zaad is afgeweken, omdat dat de eigenschap is van zaad. Het heeft geen richting. Het moet namelijk nog gezaaid worden en sterven. 4 Hebben zij dan geen kennis, al die bedrijvers van ongerechtigheid, die mijn volk opeten, als aten zij brood? De Here roepen zij niet aan. Het zaad heeft geen kennis. Het zaad is onwetend. Het zaad is vleselijk. 5 Daar overvalt hen de schrik, want God is bij het rechtvaardig geslacht. Ook Paulus was nog zaad en had toen een Damascus ervaring, en toen veranderde zijn leven, kreeg het richting. Wel moest dit nog verdiept worden. 6 Het voornemen van de ellendige kunt gij wel beschamen, maar de Here is zijn toevlucht. Er is niets wat een mens kan doen tegen het kruis, maar de mens kan het wel verdiepen, en aanvaarden, opdat het de innerlijke wijsheid aanboort. 7 Och, dat uit Sion Israëls redding daagde. Als de Here een keer brengt in het lot van zijn volk, dan zal Jakob juichen, Israël zich verheugen. Het kruis brengt vanzelf vreugde voort, door geduld. Er zijn vele vruchten van het kruis, in volharding.

Psalm 15 1 Een psalm van David. Here, wie mag verkeren in uw tent? Wie mag wonen op uw heilige berg? Het wezenlijke aspect van het internaat, oftewel het wonen in de hemelse studie, is het leren herkennen van scheiding als onderscheiding, als de gave van de onderscheiding dus, en dan onderscheiding leren te herkennen als variatie, en variatie leren te herkennen als interpretatie, oftewel droom-interpretatie, als de gave van de vertolking van vreemde hemelse talen. 2 Hij, die onberispelijk wandelt en doet wat recht is en waarheid spreekt in zijn hart, Deze scheiding wordt ook getoond in psalm 1, waardoor in de tegenstelling het zaad gezaaid wordt. Dit zijn dromen dan wel nachtmerries die geinterpreteerd worden als het zaad sterft en wortel schiet. 3 die met zijn tong niet lastert, die zijn metgezel geen kwaad doet en geen smaad op zijn naaste laadt; Wij mogen er vanuit gaan dat het gestorven zaad zo door restrictie richting krijgt, waardoor het woord een licht is op het pad. Door scheiding en onderscheiding komt het tot variatie en interpretatie, waardoor de mens ook als dit tot droom interpretatie leidt in vreemde hemelse talen kan spreken. De mens wordt zo onderdeel van de hemelse culturen. De hemel zal dus komen door dromen en door droom interpretatie. 4 in wiens ogen de verwerpelijke veracht is, terwijl hij hen eert, die de Here vrezen. Heeft hij tot zijn schade gezworen, hij verandert het niet; Hierom volhard hij in het kruis, opdat de droom interpretatie tot volkomenheid komt, tot een gave, tot werk. 5 hij leent zijn geld niet op woeker en aanvaardt geen geschenk tegen de onschuldige. Wie zo handelt zal nimmer wankelen. De droom interpretatie leidt zo tot grens gevoeligheid waardoor hij niet in de valstrikken van het vlees terecht komt.

Hoofdstuk 47. vers voor vers : psalm 16 – van reformatie tot regressie Psalm 16 1 Een kleinood van David. Bewaar mij, o God, want bij U schuil ik. Wat is een studie zonder geschiedenis ? Wat is een studie zonder regressie, het teruggaan naar verloren gegane fundamenten door de modernisering ? 2 Ik heb tot de Here gezegd: Gij zijt mijn Here, ik heb geen goed buiten U. Hoe ver is de mens door alle modernisering wel niet afgedwaald van de dichterlijke fundamenten van Israel die overigens weer hun fundament hebben in Egypte, en Afrika, en wat terugleid tot de voor velen onbekende voortijdse fundamenten ? Daarom moet de reformatie wel leiden tot de regressie, anders wordt het tot een deformatie, oftewel de bedrieglijke modernisering. 3 Wat betreft de heiligen die in den lande zijn: zij zijn de heerlijken in wie al mijn welbehagen is. In het Hebreeuws is lande erets, de aarde, of de onderwereld. Als de regressie komt moeten er regressoren zijn, de opvolgers van de reformatoren. Zij zijn de diepte ingegaan tot dat wat verloren is gegaan in de tijd. Zij hebben de oude fundamenten opgegraven. 4 Vele zijn de smarten van hen die dingen naar de gunst van een andere god; ik zal hun plengoffers van bloed niet plengen, zelfs hun namen op mijn lippen niet nemen. De mens is afgeweken van de bron, en daarom moet de mens terug. De mens heeft meer losgelaten dan lief is. De moderne mens wil alles luxe, en vergeet het kruis, vergeet de wijsheid van de voorouders en de oude vreemde culturen. Die mens spijbelt nog steeds, ook al bouwt hij nieuwe moderne scholen. Als de mens is afgeweken van de boodschap, wat is het dan nog waard ? 5 O Here, mijn erfdeel en mijn beker, Gij zelf bestendigt wat het lot mij toewees. In een droom als kind moest ik van een beker drinken en daalde ik af in een diepe put, terug naar het verleden, tot een dal van doodsbeenderen. Zoals de heilige geest in het Aramees, de taal van Jezus en de oorspronkelijke taal van het nieuwe testament, ruh is, en richting betekent, zo is dit genomen van de Egyptische ruh die door de onderwereld trok, door de baarmoeder, terug tot de oude voortijdse fundamenten, als beeld van de regressie. Ook Jezus ging dit pad. Ook David en Jozef gingen dit pad. Ruh, roe, of oru, is ook de naam van een voortijdse godin, een naam voor het kruis of gesel, roe, roede. Het verleden spreekt door pijn. Het is een taal die de mens moet leren

verstaan. Dit is wat we de gave van kruis interpretatie noemen, of nachtmerrie interpretatie. 6 De meetsnoeren vielen mij in liefelijke dreven, ja, mijn erfdeel bekoort mij. In het Egyptisch betekent Ra, ruh, rw zoiets als de onderwereld ingaan, de aarde ingaan, wat wijst op restrictie, meetsnoeren, en wat duidt op regressie, wat dus de Egyptische betekenis is van de heilige geest. Toen ik de regressie op een nacht ontving werden mijn voeten helemaal heet, omdat de voet als betekenis heeft : het fundament, de oorsprong, het ingaan tot de aarde, en daarom heeft de voet ook met het kruis en de gesel te maken, met de roe, want hierdoor daalde Jezus de onderwereld in. De mens moet dus van reformatie tot regressie komen om aan de deformerende modernisering te ontkomen. Ga de diepte in. Ga terug. Drink van deze beker en heb deel aan het kruis. Dat is de ware betekenis van het avondmaal : de regressie. 7 Ik prijs de Here, die mij raad heeft gegeven, zelfs bij nacht onderwijzen mij mijn nieren. De nieren zijn de filters van het lichaam. Alle valse modernisering moet uitgefilterd worden, en dit kan alleen door het kruis, de nacht, oftewel door de regressie. De mens moet als Jozef de put in. 8 Ik stel mij de Here bestendig voor ogen; omdat Hij aan mijn rechterhand staat, wankel ik niet. Calvijn stelt in zijn commentaar dat wij God niet kunnen zien met vleselijke ogen, maar alleen als we boven het wereldse zijn uitgestegen, en met de ogen zien van het innerlijk weten. Het is dan belangrijk niet te kijken met een modern oog die allerlei dingen overslaat, maar met een regressorisch oog wat terugkijkt naar wat er al gegeven was, zodat er geen belangrijke fundamenten over het hoofd worden gezien. Er ligt zoveel kennis verborgen in de geschiedenis. 9 Daarom verheugt zich mijn hart en juicht mijn ziel, zelfs mijn vlees zal in veiligheid wonen; Regressie betekent dat er een brug wordt gelegd tussen het nu en de geschiedenis, en dat er in die zin, en binnen die context ook progressie kan plaatsvinden, wat de verheuging is waar de psalmist over spreekt. 10 want Gij geeft mijn ziel niet prijs aan het dodenrijk, noch laat Gij uw gunstgenoot de groeve zien. De dood zal de mens nooit eenzijdig kunnen meenemen, omdat de mens ergens anders vandaan komt in in regressie is, dus het is meerzijdig, als een openbaring. 11 Gij maakt mij het pad des levens bekend; overvloed van vreugde is bij uw aangezicht, liefelijkheid is in uw rechterhand, voor eeuwig. Er is altijd een samenhang, een grotere context, waardoor dingen vruchtbaar zijn en leven schenken.

Hoofdstuk 48. psalm 1 : de gedeformeerde kerk als geconformeerde kerk Artur Weiser (1893-1978) stelt in zijn commentaar op psalm 1 (1935) dat het gaat over dat de mens zich niet moet conformeren aan het voorbeeld van de zondaar. We kunnen dus spreken van de gedeformeerde kerk als geconformeerde kerk, geconformeerd aan de zonde, in tegenstelling tot de gereformeerde kerk en de regressorische kerk die zich juist heeft afgescheiden van de zonde, waar psalm 1 ook over gaat. De mens, stelt Weiser, heeft de goddelijke wil nodig, als leidraad en kompas om van de zonden weg te komen, en dit kompas is onfeilbaar. Het reguleert het gedrag en schept tegelijkertijd een band met God. Weiser stelt dat psalm 1 vol is van goddelijke en practische wijsheid, om jonge mensen te initiëren hierin. In deze zin is de eigen ervaring een basis. We moeten niet alles heel steriel en clinisch beschrijven, maar er zelf doorheen gaan, het zelf doorleefd hebben. Weiser stelt dat er wel een tegenstelling moet zijn, een eenzijdigheid, een zekere starheid, om aan te dringen tot het maken van een keuze, wat dus een educatief doel is. We kunnen stellen dat er hierom een balans moet zijn tussen meerzijdigheid en eenzijdigheid.

ragnarok ontsluierd coab 2020 voorwoord hoofdstuk 1. psalm 150, 1, 2 hoofdstuk 2. zefanja en de terreur van de lingiatrie hoofdstuk 3. het hemelse virus hoofdstuk 4. de recobocratie, de recobotische samenleving hoofdstuk 5. een terafim van golems hoofdstuk 6. karl en het valse wereldrijk van romantiek hoofdstuk 7. 1834 hoofdstuk 8. karl de illusionist hoofdstuk 9. karl en de val van icarus hoofdstuk 10. de flutroman : parelduik gebied hoofdstuk 11. 1979 – het hagedissen eiland hoofdstuk 12. het pad van de hagedis door de tuin van eden hoofdstuk 13. het pad van de hagedis tot de kameleon – door het paradijs komen tot de ark van noach hoofdstuk 14. van exorcisme tot exegese hoofdstuk 15. het zaad van orion hoofdstuk 16. driehoek van overeenkomsten : de flutroman, de bijbel en de vur hoofdstuk 17. de indische psalm 1 (van de rig veda) als oorsprong van de israelitische psalm 1 hoofdstuk 18. de indo-israelitische psalmen : 2-6 hoofdstuk 19. de psalmische bloedlijnen : psalm 1 en 2 hoofdstuk 20. het hindoeïsme : de religie van de territoriale oorlogsvoering – de vedische sleutel tot psalm 1 hoofdstuk 21. de rigvedische psalmen : commentaar en parafrase hoofdstuk 22. Exodus 1-4 als parafrasische rijmpsalmen met commentaar hoofdstuk 23. Exodus 5-13 als parafrasische rijmpsalmen hoofdstuk 24. de bijbel in parafrasische rijmpsalmen : numeri 1-5 hoofdstuk 25. parafrase van diverse heilige boeken tot berijmde psalmen van de bijbel, de koran en de rig veda hoofdstuk 26. galaten rijm hoofdstuk 27. bespreking van calvijn's commentaar op johannes 1:1-5

hoofdstuk 28. bardo en ontboorte hoofdstuk 29. Hemelse Psalmen hoofdstuk 30. Psalm 2. Wie zal aan vijand's hand ontkomen hoofdstuk 31. in 't sukki land hoofdstuk 32. de exodus hoofdstuk 33. vorige levens hoofdstuk 34. ezechiël hoofdstuk 35. In de wildernis hoofdstuk 36. In de diepte van de nacht hoofdstuk 37. de patronen van conflicten hoofdstuk 38. de taal der conflicten hoofdstuk 39. ezechiël en de jehovah getuigen hoofdstuk 40. ezechiëlitische psalmen hoofdstuk 41. het kinderkruis hoofdstuk 42. het israelitische fetishisme hoofdstuk 43. een levitische psalm hoofdstuk 44. venus hoofdstuk 45. Hoe kan een mens gelukkig zijn ? E.H.B.O. hoofdstuk 46. Geen kaartje van God gehad vandaag – Wanneer God niet spreekt hoofdstuk 47. de venus ballingschap hoofdstuk 48. de angel en de kus hoofdstuk 49. het geheimenis van de heide hoofdstuk 50. het menselijk lichaam voorgesteld als een bijenkorf – dwalen door de vur hoofdstuk 51. door wind en water – hersenschimmen van de natuur – dwalen door de vur hoofdstuk 52. voor 'bijginners' : de toerusting van de bij hoofdstuk 53. bespreking van calvijn's commentaar op numeri 1-5 hoofdstuk 54. huiskamer rechters hoofdstuk 55. kruis en kroning hoofdstuk 56. de hongerkern – het geheim van het spinnendraad hoofdstuk 57. het geheimenis van de sneeuw hoofdstuk 58. rode sneeuw in de zomer hoofdstuk 59. Dus wat is er daadwerkelijk gaande ? hoofdstuk 60. shamanistische orakels hoofdstuk 61. de vur 1:1-2 hoofdstuk 62. het zoet der dwazen hoofdstuk 63. oorlogsgodin, godin der liefde : veilig vast aan 's hemels banden hoofdstuk 64. rijk door roddel hoofdstuk 65. de taal van de stilte ; het land van melk en drop hoofdstuk 66. sneeuwwitje achter glas hoofdstuk 67. het mormoonse commentaar op psalm 1 hoofdstuk 68. amos 1:1-3 hoofdstuk 69. de sexualiteit als shamanistisch orakel hoofdstuk 70. hoe het shamanistische medicijn van Roodkapje toe te passen hoofdstuk 71. jn-pw hoofdstuk 72. rauwe shamanistische aantekeningen hoofdstuk 73. de open naven matrix – het anti ragnarok

COAB 2020 voorwoord 'Al vele eeuwen buigen geleerden hun hoofd over het ragnarok mysterie, maar de sleutel ligt verborgen. De viking met zijn gehoornde helm heeft het gouden kalf overwonnen. Alleen de viking, oftewel de vuking, hij die het beloofde land, Vuk, heeft gevonden, kent de sleutel.' Vuk wordt in de insectische geschriften beschreven als het land van de rood stekende vliegen, als het bemachtigen en verstaan van de shamanistische orakels. Dezen zijn door alles heengewoven. Ze zijn al eeuwen weg, maar hebben hun sporen achtergelaten. 'Oh hoe de vukingen het land vuk bezingen in hun psalmen, maar gij hebt het niet verstaan, niet gehoord en niet gezien, want deze dingen zijn voor aardlingen verborgen. Bent gij dan klaar voor de reis die leidt tot de diepte van Egyptische mysteriën ? Voor deze reis hebt gij zeker vele dingen nodig, allereerst dat gij het vlees geheel loslaat, en niet meer terugverlangt naar de vleespotten. Want dat zou uw zicht alleen maar vertroebelen, totdat gij geheel blind bent zoals de andere aardlingen. Daar beneden leiden of liever gezegd misleiden de blinden de blinden, maar gij geheel anders … Kiest dan heden wie gij dienen zult. In het grote ragnarok zullen hun namen verdwijnen. Check dan zorgvuldig uw rugzakje om te zien of u alle spulletjes heeft, nodig voor de reis. Deze spulletjes worden als eerste in het boek besproken. Niets hangt er zomaar per toeval bij. Bent gij klaar voor de reis ? Alleen shamanistische wevers zullen de reis verstaan. Of bent gij alleen bezig met eenzijdige draden ? Neen, gij moet weven, weven moet gij, met velerlei stof, om door deze gebieden heen te komen, om het geheim van ragnarok te verstaan. Ragnarok ontsluierd, voor hen met een geestelijk oog, maar zij die het vleselijk benaderen zullen slechts nog meer verstenen en voor hen zal ragnarok nog meer versluierd worden.' Hoe aan de matrix van het valse christendom, van geestelijke pensionering, te ontkomen : de germaanse ragnarok. Als je niet vrolijk meedoet met de christelijke bedriegelijke spelletjes van geloof, genade, vergeving en valse liefde die de mensheid in slaap sussen als lokaas van een monsterlijk gedrocht, dan krijg je al snel het stempeltje moeilijk opvoedbaar opgeplakt als kind. Je luistert niet naar het ritme van hun trommels, je danst niet in de maat, je bent tegendraads. Je hebt namelijk nog germaans bloed in je, en je voelt op je klompen het komende ragnarok aan. Ragnarok is gekomen, door corona, en hoe manoevreer je je hier doorheen ? Daarover gaat dit boek. Er was veel strijd over dit boek en nog steeds. Veel ervan is nog niet in e-mails of op andere manieren gepubliceerd of rondgezonden. Het is een shamanistisch orakel, en bespreekt het ragnarok in de egypto-judeo-shamanistische context. Allereerst worden de nodige voorstappen besproken. Zo worden de energieën van het ragnarok zorgvuldig gewoven door deze tijden van corona heen. De wereld is niet meer hetzelfde. Ragnarok kijkt toe. Wat is het ? Ga je niet pensioneren geestelijk gezien. Er hangt een zoete penetrante pensioneringsgeur in de

christelijke huiskamers. Zo zappen ze door het leven heen, met de oma of opa sloffen aan, en maar oordelen over de ander zonder van enig toeten of blazen te weten. Ze hebben hun gouden kalf opgericht, maar ragnarok is een hemelse industrie van wakker worden en volwassen worden, stoppen met het spelen van spelletjes. Volwassen worden betekent dus niet met pensioen gaan, niet dement gaan doen, maar hemelse industrie bedrijven, de dingen van boven zoeken en uitwerken, weven dus. Maar hoe werkt dit precies, practisch gezien ? Daarover gaat dit boek. Ragnarok is koud genoeg om af te rekenen met de vals brandende eeuwige hel van de christenen. Wel wordt er een ware betekenis van hel gegeven, omdat dit woord letterlijk uit de germaanse mythologie werd gehaald. Het woord hel bestaat niet in de israelitische talen, en de israelieten geloven ook niet in de eeuwige hel van de christenen wat gebaseerd is op zwaar selectieve vertalingen en corrupties. Ragnarok rekent hier volkomen mee af, maar hoe werkt het ? Wie of wat is het ? Hiervoor moeten we een reis maken naar Egypte en naar de voortijd om zicht te krijgen op de context van de germaanse ragnarok. Maar eerst moeten we ons op deze reis voorbereiden. Daarover gaat dit boek. Veel is hiervoor nodig. We kunnen niet zomaar het ragnarok inspringen, maar moeten de nodige fundamenten hiervoor hebben. Al vele eeuwen buigen geleerden hun hoofd over het ragnarok mysterie, maar is er een verborgen of ontbrekende sleutel ? In dit boek worden de sleutels besproken, want je komt niet zomaar tot de geheimen van het ragnarok. Het is als geestelijk dynamiet, en daarom moest het ook wel beveiligd worden. Dit boek zal door vleselijken dus ook niet verstaan worden. hoofdstuk 1. psalm 150, 1, 2 Psalm 150 : Prijzen is in het Hebreeuws een beeld van het knielen, het aan de voeten buigen van de hemelse koning. Koning is in het Grieks de voet, als beeld van de regressie. De mens moet teruggaan tot de bron. Als psalm 1 aan het einde stelt : 'maar de weg der goddelozen vergaat,' dan maakt Kimhi (rabbijn, 1160-1235) in zijn middeleeuws commentaar vergelijking met 1 Samuel 25:29 : 'de ziel uwer vijanden zal Hij wegslingeren uit de holte van de slinger.' Dit is ook weer verbonden aan de strijd tussen David en Goliath. In die zin zijn onze vijanden dus belangrijk, want zij zullen tot de stenen worden waarmee we met onze slinger de andere vijanden zullen verslaan. Wees daarom profetisch

goed merkzaam. Als klein kind maakte mijn vader camera opnames van ons bij onze grootouders, en ik deed voortdurend alsof ik stenen uit de lucht plukte, en maakte er hele vreemde, verbaaste gezichten bij. Ik heb dit later als zodanig kunnen herkennen. Kimhi beschrijft dan de oorlogspsalm, psalm 2, in vergelijking met 2 Samuel 5:17 : 'Toen de Filistijnen hoorden, dat men David tot koning over Israël gezalfd had, trokken alle Filistijnen op om zich van David meester te maken.' God lacht hierover, zittende in de hemel. Het zitten wordt door Kimhi uitgelegd als het geduld en de volharding, als een beeld van eeuwigheid. Als Kimhi het heeft over vers 6 : 'Ik heb immers mijn koning gesteld over Sion, mijn heilige berg,' dan stelt hij dat david die berg had ingenomen en dat daarom de Filistijnen zich verzamelden om tegen hem te strijden. David werd door God uitverkoren vanwege zijn gehoorzaamheid, terwijl zijn broers te ijdel waren, te zelfingenomen. 7 Ik wil gewagen van het besluit des Heren: Hij sprak tot mij: Mijn zoon zijt gij; Ik heb u heden verwekt. 8 Vraag Mij en Ik zal volken geven tot uw erfdeel, de einden der aarde tot uw bezit. 9 Gij zult hen verpletteren met een ijzeren knots, hen stukslaan als pottenbakkerswerk. Kimhi stelt dat dit over David gaat die de uitverkorene was onder zijn broers. We kunnen stellen dat dit ook zo was bij Jozef die de uitverkorene onder zijn broers was. Beiden werden ze koning, wat een beeld is van regressie. Het is de regressie die als een ijzeren knots de modernisering en conformering zal neerslaan. Kimhi stelt dat de zoon ook Israel is : 'Israël is mijn eerstgeboren zoon.' (Ex. 4:22) Psalm 3 is volgens de rabbijnse overlevering en volgens Kimhi geschreven toen David op de olijfberg was in 2 Samule 15 : 30 David nu besteeg de helling van de Olijfberg, en weende onder het voortgaan, het hoofd omhuld en barrevoets; en allen die bij hem waren, hadden het hoofd omhuld en trokken al wenende voort. 31 Toen aan David bericht werd: Achitofel is onder hen die met Absalom samenspannen, zeide David: Verijdel toch de raad van Achitofel, o Here. De profeet Nathan had gezegd in 2 Samuel 12:11 : 'Zie, Ik zal over u een kwaad doen komen, uit uw eigen huis.' N. H. Ridderbos (1910-1981) stelde in zijn commentaar op psalm 1 dat het mogelijk werd opgezegd voor een heiligdom of cultische tent voor rechtspraak, of m.a.w. voor de demonologie. hoofdstuk 2. zefanja en de terreur van de lingiatrie Zefanja 1 2 Volkomen zal Ik alles van de aardbodem wegvagen, luidt het woord des Heren. 3 Ik zal wegvagen mens en dier, Ik zal wegvagen het gevogelte des hemels en de vissen der zee, en de ergernissen met de goddelozen; ja, Ik zal de mensen van de aardbodem uitroeien, luidt het woord des Heren. 4 Ik zal mijn hand uitstrekken tegen Juda en tegen alle inwoners van Jeruzalem, en Ik zal uit deze plaats

uitroeien het overblijfsel van Baäl en de naam der afgodsdienaren met de priesters, 5 en hen die op de daken zich nederbuigen voor het heer des hemels, en die zich nederbuigen en zweren bij de Here en zweren bij hun Moloch; 6 ook hen die van de Here afvallen, en die de Here niet zoeken noch naar Hem vragen. Dit gaat over ouders die hun kinderen aan de Moloch hebben geofferd : aan de psychiatrie, dentistrie, vlees-industrie etc. Zefanja wordt bestempeld als de laatste kleine profeet voor de Babylonische ballingschap. Hij profeteerde in de dagen van koning Josia, de hervormer. Calvijn noemt de diensten tot Moloch bijgeloof. Zo kunnen we die moderne systemen ook beschrijven : Ze hebben geen enkele wetenschappelijke basis. Het is allemaal natte vingerwerk voor de markt. 11 Huilt, gij inwoners van de Vijzel, want al het kramersvolk gaat te gronde en alle geldwegers worden uitgeroeid. Calvijn roept daarom ook op tot soberheid. 15 Die dag is een dag van verbolgenheid, een dag van benauwdheid en van angst, een dag van vernieling en van vernietiging, een dag van duisternis en van donkerheid, een dag van wolken en van dikke duisternis, 16 een dag van bazuingeschal en van krijgsgeschreeuw. Natuurlijk is dit oordeel eerst over Zefanja zelf gekomen, en is hij al opgenomen. Calvijn stelt dat de mens vertrouwen had opgebouwd door vleierij, en dat zou door God weggenomen worden. Zij hadden vertrouwen in mensen, maar Zefanja was teruggenomen tot het hemelse Woord. 17 Dan zal Ik de mensen benauwen, zodat zij gaan als blinden, want zij hebben tegen de Here gezondigd, en hun bloed zal worden uitgestort als stof en hun ingewand als drek. 18 Noch hun zilver, noch hun goud zal hen kunnen redden op de dag van de verbolgenheid des Heren. Door het vuur van zijn naijver zal de ganse aarde verteerd worden, want vernietiging, ja, een verschrikkelijk einde zal Hij alle inwoners der aarde bereiden. Calvijn stelde dat de mens van alles zich had ingebeeld, en deze beelden zouden vernietigd worden. Zefanja 2 15 Dit is de uitgelaten stad, die zo onbezorgd woonde, die bij zichzelf zeide: Ik ben het en niemand anders. Calvijn stelt dat muren die opgezwollen zijn op instorten staan, als beeld van de hoogmoed. Hoofdstuk 3 gaat over het overblijfsel waartoe Zefanja behoort. Een voortijdse versie van het boek Zefanja wordt bewaakt door een Germaanse golem (idool gemaakt van klei) van de gedeformeerde, conformeerde kerk, een gongslager. Vannacht had ik een droom van deze Germaanse golem, de wachter van Zefanja, met als naam Tokkels. Hij stond daar in de gedaante van mijn aardse vader, en moest mij doorlaten en loslaten zeggende : Je was een doorzetter en je kan het ook met anderen (in plaats van met hem). Het voortijdse Zefanja was een veel groter boek, en delen ervan zijn in de psalmen terecht gekomen. Het begin is nu psalm 73, maar behoorde dus eigenlijk tot het veel grotere voortijdse boek van Zefanja. Ik kwam in de zogeheten Zefanja lift terecht naar beneden, die deze golem bewaakte. Psalm 73 is dus oorspronkelijk Zefanja 1 en gaat over het raadsel van de voorspoed van de

goddelozen. 1 Waarlijk, God is goed voor Israël, voor hen die rein van hart zijn. 2 Maar mij aangaande, bijkans waren mijn voeten afgeweken, bijna waren mijn schreden uitgegleden. 3 Want ik was afgunstig op de hoogmoedigen, toen ik de voorspoed der goddelozen zag. 4 Want moeiten hebben zij niet, gaaf en welgedaan is hun lichaam; 5 in de kwelling der stervelingen delen zij niet, en met andere mensen worden zij niet geplaagd. 6 Daarom is de trots hun een halssieraad, het geweld omhult hen als een kleed; 7 hun ogen puilen uit van vet, de inbeeldingen van hun hart lopen over; 8 zij spotten, en boosaardig spreken zij van verdrukking, zij spreken uit de hoogte; 9 ze zetten een mond op tegen de hemel, en hun tong roert zich op de aarde. 10 Daarom wendt zijn volk zich hierheen, en als water in overvloed wordt het door hen geslorpt; 11 zij zeggen: Hoe zou God het weten; zou er ook wetenschap zijn bij de Allerhoogste? 12 Zie, zo zijn de goddelozen, altijd onbezorgd vermeerderen zij het bezit. 13 Maar tevergeefs heb ik mijn hart rein gehouden, mijn handen in onschuld gewassen. 14 De ganse dag word ik geplaagd, mijn bestraffing is er elke morgen. 15 Indien ik gezegd had: Ik zal aldus spreken, zie, dan ware ik afvallig geweest van het geslacht uwer kinderen. 16 Ik tobde erover om dit te begrijpen, een kwelling was het in mijn ogen, 17 totdat ik in Gods heiligdommen inging, en op hun einde lette. 18 Waarlijk, Gij stelt hen op glibberige plaatsen, Gij doet hen instorten tot puin. 19 Hoe worden zij in een oogwenk tot een voorwerp van ontzetting, zijn zij verdwenen, vergaan door verschrikkingen; 20 gelijk een droom na het ontwaken, o Here, versmaadt Gij, als Gij opwaakt, hun beeld. 21 Toen mijn hart verbitterd was, en ik in mijn nieren geprikkeld werd, 22 toen was ik een grote dwaas en zonder verstand, ik was een redeloos dier bij U. 23 Nochtans zal ik bestendig bij U zijn, Gij hebt mijn rechterhand gevat; 24 Gij zult mij leiden door uw raad, en daarna mij in heerlijkheid opnemen. 25 Wie heb ik nevens U in de hemel?

Nevens U begeer ik niets op aarde; 26 al zou mijn vlees en mijn hart bezwijken, mijns harten rots en mijn erfdeel is God voor eeuwig. 27 Want zie, wie verre van U zijn, gaan te gronde, Gij verdelgt al wie overspelig U verlaat, 28 maar mij aangaande, het is mij goed nabij God te zijn, de Here Here heb ik tot mijn toevlucht gesteld, en ik wil al uw werken vertellen. Deze psalm gaat dus over de opname, zie vers 16-20, 23-28, wat ook laat zien dat de opname gewoon van binnen is. Zefanja 1 gaat hierover in het OT : 12 Het zal te dien tijde geschieden, dat Ik Jeruzalem met lampen zal doorzoeken; Ik zal bezoeking doen over de mannen die dik geworden zijn op hun droesem, en die bij zichzelf denken: De Here doet geen goed en Hij doet geen kwaad. 13 Hun rijkdommen zullen zijn ter plundering en hun huizen ter verwoesting. Al bouwen zij huizen, zij zullen ze niet bewonen; al planten zij wijngaarden, zij zullen de wijn daarvan niet drinken. Psalm 88 is Zefanja 2 waar het oordeel eerst over Zefanja zelf gaat en hij de put ingaat : 2 Here, God van mijn heil, des daags roep ik, des nachts ben ik vóór uw ogen. 3 Laat mijn gebed voor uw aangezicht komen, neig uw oor tot mijn geroep; 4 want mijn ziel is verzadigd van rampen, mijn leven is het dodenrijk nabij. 5 Ik word gerekend onder wie in de groeve nederdalen, ik ben geworden als een man zonder kracht. 6 Onder de doden is mijn verblijf, gelijk verslagenen die in het graf liggen, die Gij niet meer gedenkt, en die aan uw hand ontrukt zijn. 7 Gij hebt mij in de diepste kuil gelegd, in duistere plaatsen, in diepten. 8 Uw grimmigheid rust zwaar op mij, door al uw baren drukt Gij mij neder. sela 9 Mijn bekenden hebt Gij van mij verwijderd, Gij hebt mij tot een gruwel voor hen gemaakt; ik ben ingesloten, ik kan niet ontkomen. 10 Mijn oog kwijnt van ellende; dagelijks roep ik U aan, o Here, ik breid mijn handen naar U uit. 11 Zult Gij aan de doden een wonder doen; zullen schimmen opstaan en U loven? sela 12 Wordt in het graf uw goedertierenheid verkondigd, uw trouw in de plaats der vertering? 13 Wordt uw wondermacht in de duisternis bekend, uw gerechtigheid in het land der vergetelheid? 14 Maar ik roep tot U, o Here, des morgens komt mijn gebed vóór U. 15 Waarom, o Here, verstoot Gij mij, verbergt Gij uw aangezicht voor mij?

16 Ik ben ellendig en wegstervend van mijn jeugd aan, ik draag uw verschrikkingen, ik ben radeloos; 17 uw brandende toorn gaat over mij heen, uw verschrikkingen vernietigen mij; 18 de ganse dag omringen zij mij als water, zij omsingelen mij tezamen. 19 Vriend en metgezel hebt Gij van mij verwijderd; mijn bekenden zijn een en al duisternis. De planeet van Zefanja : 60 millioen keer groter dan de aarde, een oerwouds planeet. De aardlingen worden nu geinjecteerd met een geestelijk virus. Dit geestelijk virus zal hen doorzoeken om te kijken of ze klaar zijn voor opname van binnen. Het zijn buitenaardse invasies d.m.v. zulke geestelijke virussen. Er zijn verschillende virussen die ze hiervoor gebruiken. Deze virussen kunnen zowel geestelijke gaven openen of sluiten, oftewel de geestelijke zintuigen. Het virus brengt het hart van de wildernis moeder terug, moeder oorlog, en van haar dochters, studie en werk. Het virus werkt veelal subtiel via omwegen en door codes, en de mens dient deze codes te herkennen. Het is een bepaalde taal die er gesproken wordt. Het zijn vreemde tongen. Deze tongen willen ook de taal veranderen. Er hangt een verschrikkelijke talen terreur op de aarde. Het is een lingiatrie, zoals de psychiatrie geen dromen en visioenen toestaat, geen symboliek, geen eigen gedachten, geen in hun ogen negatieve emoties zoals depressie, angst, etc. zo is er een lingiatrie die geen dialecten toestaat, geen nieuwe taalvormen, maar alleen de orthodoxe zoals zij dit bepalen, en het is een ware terreur hier op aarde. Voortdurend gaan hun alarms af en sluiten ze zielen op als er spelfouten worden gemaakt, grammatica fouten enzovoorts, want dat zou buitenaardse invasies ten gevolge kunnen hebben. Laten we herinneren dat de Egyptenaren hun woorden op vele manieren schreven. De lingiatrie wordt uitgevoerd door het lekenvolk, de ongeletterden die alleen hun eigen taal kennen en smetvrees hebben. Het zijn door zichzelf aangestelde lingiaters die het altijd beter weten, en die door hun spelling terreur de diepere zaken van het leven de toegang willen ontzeggen. Het zijn wachters. (lingua = latijns voor taal, tong) Ze hebben veel kruispunten met de psychiatrie, want als ze symboliek horen dan raken ze in paniek, als ze creativiteit horen raken ze in paniek, en als iemand een andere geloofstaal spreekt, andere metaforen gebruikt dan die van hen, raken ze ook in paniek, en halen ze hun etikettendoos erbij. Daar hebben ze hun beroep van gemaakt, als beroepsmatige zonde, het bevooroordelen van mensen, valse talenrechter spelen, wat een hoge en verhardende graad van zonde is. Zefanja zegt hierover in het OT : 3 1 Wee u, weerspannige, bezoedelde, verdrukkende stad. 2 Zij hoort naar geen roepstem, zij neemt geen tuchtiging aan; op de Here vertrouwt zij niet, tot haar God nadert zij niet. 3 Haar vorsten in haar midden zijn brullende leeuwen; haar rechters zijn avondwolven, zij laten niets over tot de morgen. 4 Haar profeten zijn woordenkramers, mannen die trouweloos handelen; haar priesters ontwijden het heilige, zij doen de wet geweld aan. 5 De Here is rechtvaardig in haar midden; Hij doet geen onrecht; elke morgen geeft Hij zijn recht; als het licht wordt, blijft het niet uit. Doch de verkeerde weet van geen schaamte. 6 Ik heb volken uitgeroeid; vernield zijn hun hoektorens; Ik heb hun straten verwoest, zodat niemand er meer door gaat; hun steden liggen in puin, zonder mensen, zonder inwoners. 7 Ik zeide: Vrees Mij toch, neem tuchtiging aan; dan zal haar woning niet uitgeroeid worden volgens alles waarmee Ik over haar bezoeking zal doen. Evenwel, zij waren er vroeg bij om al hun boze daden te bedrijven. 8 Daarom, wacht op Mij, luidt het woord des Heren, ten dage dat Ik zal opstaan tot de buit; want

mijn vonnis is, volken te vergaderen, koninkrijken te verzamelen, over hen mijn gramschap uit te gieten, heel mijn brandende toorn, want door het vuur van mijn naijver zal de ganse aarde verteerd worden. Het tweede deel van hoofdstuk 3 gaat er dan over dat er een nieuwe taal zal komen, een nieuwe tong. De door zichzelf benoemde, door het vlees aangestelde, lingiaters, leven vaak in het verborgene om vanuit het niets op hun prooi toe te springen. hoofdstuk 3. het hemelse virus De brug tussen slaap en droom is slechts een metafoor van de brug tussen de hongerologie en het hemelse virus dat het opwekt, wat is als een sprankelende droom. Dit is dus iets wat je zowel overdag als 's nachts kunt binnengaan, door de hongerologie, door het hongeren. Zorg ervoor dat je door dit hemels virus wordt opgenomen. Zij die niet hongeren of niet genoeg hongeren zullen niet opgenomen worden en zullen achterblijven. Er zal een scheiding komen tussen het geestelijke en het vleselijke. De lens zal het doorsnijden. Je bent in je lichaam, en toch ben je een opgenomene. Het is zeer belangrijk. De planeet van Zefanja zal komen. Het strijdt tegen hen die niet hongeren. Het strijdt tegen hen die dik zijn geworden op hun droesem, die van recht, het medische en het geestelijke een markt hebben gemaakt. Het strijdt tegen de terreur van de lingiatrie, de letter-politie. De aarde is geestelijk gepensioneerd en heeft alles in kannen en kruiken. Het virus moet het losbreken, opdat de zielen der oprechten worden opgenomen, opdat de geestelijke gaven zullen vrijkomen. Dit virus is zowel geestelijk als lichamelijk, hormonaal. Dit virus is onderdeel van de immunologie van de oprechten. Het profetische is een virus, een hemels virus. Zo is ook genezing een hemels virus. De golems (idolen van klei) die de wereld beheersen door de oude systemen, en die germaans zijn en patriarchisch, vals-mannelijk, zijn heel erg zelfbewust en daardoor protserig en denken dat dit mannelijk is, omdat iemand anders hen dit heeft gezegd. Ze hebben gedachtenpatronen waaraan ze alles toetsen, en dit gaat altijd langs het valse bewustzijn 'wie' ze zijn, 'waar' ze zijn, en 'met wie' ze zijn, en wat die anderen erover hebben gezegd, waarin ze zich ook vasthouden aan hoeveelheden, die vaak puur ingebeeld zijn. 'Ik denk zo, dus iedereen zal wel zo denken.' Of : 'Ik heb het ergens gelezen, dus het zal wel goed zijn, het zal wel standaard zijn, iedereen denkt zo, iedereen vindt dit, dus zal het wel belangrijk wezen, en waar, en goed.' En zo werken deze bedrieglijke gedachtenpatronen een enorme stijfkoppigheid op en dit soort figuren zien we dan ook telkens in de media en om ons heen, maar het hemels virus verstoort deze gedachtenpatronen, dit pseudo-weten, en breekt ze af. Het hemels virus geeft dus allereerst een enorme desorientatie, van het niet weten wie of wat je bent, niet wetend waar je bent en met wie. Zo kom je in een andere realiteit en wordt je opgenomen. En zo vallen deze golems ook die alles zo goed denken te weten, en die zich in de hoofden van de mensheid hebben gezet. De valse, pseudo-zelfbewuste mannelijkheid die zich vlot overal doorheen manoevreerd moet dus plaatsmaken voor het hart van de oorlogsmoeder en haar

twee dochters, studie en werk. Deze golems moeten vallen en hun gedachtenpatronen hebben geen natuurgrond en natuurwortels en zullen als torens omver geblazen worden, waar ook het boek Zefanja over gaat. Het zijn voornamelijk spelletjes die de rijken spelen. Zij hebben deze rijkdom gestolen, dus het is allemaal het goud van de dwazen, en het ligt overal om de mens heen voor het oprapen. Zijn we klaar voor het hemelse virus ? Hebben we er een relatie mee ? We hebben het nodig om te kunnen ontkomen aan de vlees parasiet. De vlees parasiet brengt allemaal z'n eigen virussen voort, en vreet zichzelf tot een oordeel, waardoor het allemaal instort op een zeker ogenblik, en het trekt zovelen mee in z'n val, waar ook het boek Zefanja over gaat. Maar dan wordt er ook gesproken over een nieuwe taal en tong die zal komen, over een heilig overblijfsel van opgenomenen. De mens moet bidden om het hemelse virus en zich ernstig uitstrekken naar het hemelse virus en niet tekort schieten in het hongeren, om aan de val van de goddelozen te kunnen ontkomen. De germaanse gongslagers, golems, zijn waggelende dronkaarden en hun val zal zeker komen. Val niet met hen mee. Bewerk je behoudenis in vreze en beven. Bewerk je behoudenis in het hongeren en het streven naar het hemelse virus. Mis het niet. Dit is een ernstige boodschap. De boze sleurt velen mee in allerlei onzinnigheid. Het parasitaire is subtiel en sluw en heeft een heel arsenaal aan pseudo-bewustzijn gebouwd, maar na de trip zal de illusie doven en zal men met een kater het verderf tegemoetgaan, de vergetelheid, tot de conclusie komende dat ze op wind hebben gebouwd en dat hun leven geen waarde heeft gehad, maar slechts parasitair was, een leugen. Wat we om ons heen zien zijn slechts de stuiptrekkingen hiervan. Het einde en de voleinding is al dichterbij dan de mens denkt en is in wezen al gebeurd. Je kan de geschiedenisregisters er op open trekken. Dit wat we nu zien is slechts illusie, stuiptrekking. Het is al geschiedt. Maar dat de voleinding een heilsfeit is moet ook tot ervaringsfeit worden. De mens moet de voleinding leren begrijpen en verstaan. Het is te vinden in het hemels virus. De voleinding is niet een tijdperk in de toekomst. Het is er altijd al geweest. Het is om ons heen. Het is al gebeurd. Het is een leer. Voor de Israelieten was de babylonische ballingschap de voleinding waar alle profetieën naar toewezen, en ook het boek Openbaring komt allemaal uit het OT. Zefanja was de laatste profeet voor de babylonische ballingschap. Het was een zeventigjarige ballingschap. Ook Jeremia profeteerde erover en ging door dit tijdperk heen, en sprak dat de mens het moest aanvaarden, als een opname. De Israelieten waren inmiddels in het beloofde land gekomen, maar ze waren er nog niet. De voleinding moest nog komen. Voor anderen zou deze ballingschap tot verderf zijn. Het vleselijke zou gescheiden worden van het geestelijke. Dat Babylon, de leeuw, werd tot een rund in het boek Daniel, betekent dat de oorlog werd tot geestelijk werk, tot ambacht, oftewel het omsmeden van de wapens tot ploegscharen. Dit gaat over de balans tussen geestelijke oorlogsvoering en geestelijk werk. Men kan niet alleen maar leeuw zijn, en men kan ook niet alleen maar rund zijn. Daarom was de leeuw verbonden aan het rund. De babylonische ballingschap zou doorlopen tot de terugkeer in Ezra-Nehemia. Babylon omsingelde de steden van Juda en belegerde het door honger. Zo kon Babylon het volk innemen. Dit was ook wat Zefanja had geprofeteerd. Het volk zal in ballingschap gaan, met ketenen om hun nek. Ook Jeremia had ervan geprofeteerd. Ook Egypte werd verslagen. Babylon werd ook een beeld van de zg. diaspora, oftewel de scheuring en verstrooiing van Israel, wat ook behoort tot de voleinding en wat wijst op de scheiding tussen het vleselijke en het geestelijke.

hoofdstuk 4. de recobocratie, de recobotische samenleving De tenengolems zijn germaanse moeders die gekerstend werden, germaanse demonen, en die werden tot rechtsprekende afgoden in de gedeformeerde en geconformeerde kerk. Zij vormden zich tot terafims die over de families gingen heersen. Deze afgoden moeten vallen. De mens moet deze afgoden overstijgen, en daarvoor is het hemelse virus gekomen. De mens moet het juk van de babylonische ballingschap aanvaarden, als het juk van de voleinding. In de droom liet mijn tante mij die wijk zien waar ze naartoe wilde en ook het huis. Het was een natuurwijk en een natuurhuis, maar ze werd dus tegengehouden, en dat had dus ook weer met die tenengolems te maken. Het zit te diep geworteld in de mens. De Israelieten waren in het beloofde land terechtgekomen maar de voleinding was er nog niet geweest. Er was een reformatie gaande door Josia, de Israelitische Luther van die dagen, maar nog was het volk er niet. Er moest namelijk nog een regressie komen. Ze hadden teveel losgelaten en moesten terug naar de fundamenten, naar het kruis, en daarom kwam de babylonische ballingschap. Het boek Ezechiel gaat over die tijd. Ezechiel was een balling. Hij kreeg daar een groot visioen te zien, wat van belang is, over de heerlijkheid van God, wat beschreven werd als een mens, een arend, een rund en een leeuw. Het rund is een beeld van de ambachten, en we zien overal wel ambachten om ons heen, maar het is niet gebouwd op de demonologie, op de geestelijke oorlogsvoering, en daarom is het een markt geworden. Men neemt dus steekpenningen aan en laat zich daardoor leiden, niet door profetie, niet door het toetsen, maar door winstzucht dus, en dit werkt door het geestelijke, het medische en door het rechterlijke. Ook zien we leeuwen om ons heen die verder niet werken, niets van de rund in zich hebben, maar alleen maar oorlog voeren, en zij hebben dus ook geen fundament. De arend is het beeld van de opname. Het is belangrijk om het beeld van de rund en de leeuw geheiligd te houden door de opname, door het geestelijke, opdat het niet ten onder gaat in het vleselijke. Zo begint het boek Ezechiel. Het volk Israel was in de wildernis dus in een illusie terechtgekomen, in een strik van afgoden, en daarom moest de babylonische ballingschap wel komen. Dat Ezechiel later zijn voedsel op rundermest moest bereiden wijst op het feit dat de mens door een tijd moest gaan waarin ze geplaagd zouden worden door allerlei vleselijke ambachten die geen demonologie als fundament zouden hebben, oftewel de link tussen rund en leeuw was verbroken. In zo'n samenleving leven we vandaag de dag. Het zijn deserteurenbedrijven. Het volk moest dieper de honger in. Ezechiel 5 16 Wanneer Ik op hen de boze pijlen van de honger afschiet, die verderven zullen, en die Ik afschieten zal om u te verderven, dan zal Ik de honger over u doen toenemen en de staf des broods voor u verbreken. 17 Ik zal honger en verscheurend gedierte over u doen komen, die u van kinderen zullen beroven; pest en bloedvergieten zullen over u komen, en het zwaard zal Ik over u brengen. Ik, de Here, heb het gesproken. Dit moeten we metaforisch begrijpen. Het volk had namelijk overmoedige vruchten voortgebracht, omdat de leeuw niet was verzoend met het rund. Ze moesten terugkeren tot de bron, zoals Ezechiel een balling was aan de rivier de Kebar, oftewel Geb-Ra, of Kephri, Keb-Oru, de baarmoeder van het kruis, van de gesel, de roe. Het volk moest terugkomen tot de moederlijke natuurtucht, het natuuronderricht, als een medicijn.

Ezechiel kreeg toen gruwelen te zien zoals de babylonische christus en afgod Tammuz, die door vrouwen werd beweend. Hij was een vegetatie god, en net als Jezus een herder, en ook zoals Amos, waar de naam trouwens ook op wijst, en wat uit de voortijd komt, waarin Amos een profetisch Hoseaans werk had, en wat ook weer terugkomt in de Tammuz mythe, waarin hij sterft door zijn huwelijk met de godin. Tammuz is ook een Israelitische maand, wat de maand van het gouden kalf is. Het bijbel virus gaat niet zomaar weg, maar moet ontleed worden. Het is een kruis, een juk, wat de mens moet dragen, om zo tot diepte te komen. Sefanja 1 1 Het woord des Heren, dat kwam tot Sefanja, de zoon van Kusi, de zoon van Gedalja, de zoon van Amarja, de zoon van Hizkia, in de dagen van Josia, de zoon van Amon, de koning van Juda. De zoon van de donkere (vrouw), in de dagen van Josia, de grote reformator, en daarna kwam de babylonische ballingschap. Babylon was een veel ouder volk dan Israel, waar ook Abraham oorspronkelijk vandaan kwam, dus de mens moest na de reformatie van Josia de regressie in, zoals dat vandaag ook moet gebeuren. 2 Volkomen zal Ik alles van de aardbodem wegvagen, luidt het woord des Heren. Dit is gericht tegen het vleselijke leven, opdat de mens in het geestelijke opgewekt zou worden. 3 Ik zal wegvagen mens en dier, Ik zal wegvagen het gevogelte des hemels en de vissen der zee, en de ergernissen met de goddelozen; ja, Ik zal de mensen van de aardbodem uitroeien, luidt het woord des Heren. Er zou niets overgeslagen worden van het vlees, want dat zou tot een valstrik zijn. 4 Ik zal mijn hand uitstrekken tegen Juda en tegen alle inwoners van Jeruzalem, en Ik zal uit deze plaats uitroeien het overblijfsel van Baäl en de naam der afgodsdienaren met de priesters, Dit gaat dus over de komende babylonische ballingschap. Jeruzalem zou branden. 5 en hen die op de daken zich nederbuigen voor het heer des hemels, en die zich nederbuigen en zweren bij de Here en zweren bij hun Moloch; De mens kan geen twee heren dienen : het goede en het kwade, de kennis en de onwetendheid, het geestelijke en het vleselijke, de waarheid en de leugen. 6 ook hen die van de Here afvallen, en die de Here niet zoeken noch naar Hem vragen. Er zou geen plaats meer zijn voor onverschilligheid. 7 Zwijg voor het aangezicht van de Here Here, want nabij is de dag des Heren; want de Here heeft een offermaal bereid; Hij heeft zijn genodigden geheiligd. Het offeren is het vleselijke inleveren om het geestelijke te ontvangen. Het vleselijke wordt zo vertaald, gerecycled. 8 Het zal geschieden ten dage van het offermaal des Heren, dat Ik bezoeking zal doen over de

vorsten en over de koningszonen en over allen die uitheemse kleding dragen. Dit houdt dus in : territoriale geestelijke oorlogsvoering, wat inhoudt het komen tot de prioriteiten en de regressie, het terugkeren tot de bron. 9 Ook zal Ik te dien dage bezoeking doen over allen die over de drempel springen, die het huis hunner heren vullen met geweld en bedrog. De gedeformeerde kerk is een kerk van deserteuren die tot collaborateurs worden, verraders, en zo tot de geconformeerde kerk, geconformeerd aan het vleselijke, de zonde. Dit pad leidt tot de dood. 10 Het zal geschieden te dien dage, luidt het woord des Heren, dat er een luid geschreeuw zal zijn uit de Vispoort en een gehuil uit de Nieuwe stad en een luid gekraak van de heuvels. De vis is een beeld van de studie, de school en het zaad wat terugmoet in de baarmoeder. Blijf niet heen en weer rennen en vals werk voor het vlees verrichten. 11 Huilt, gij inwoners van de Vijzel, want al het kramersvolk gaat te gronde en alle geldwegers worden uitgeroeid. Werk mag niet gebouwd zijn op economie maar op strategische demonologie. Alle valse economie van het vlees zal afsterven. 12 Het zal te dien tijde geschieden, dat Ik Jeruzalem met lampen zal doorzoeken; Ik zal bezoeking doen over de mannen die dik geworden zijn op hun droesem, en die bij zichzelf denken: De Here doet geen goed en Hij doet geen kwaad. Deze mensen zijn niets anders dan vuilnis, en op deze vuilnisbelten groeit een roos. Bloemisten hebben altijd roofbouw op de natuur gepleegd en bloemen voortijdig om het leven gebracht onder het mom van 'bloemen houden van mensen', en alhoewel de vuilnis roos deze muur niet kan afbreken groeit de vuilnisroos er omheen. De vuilnis roos kan de nonsense om hem heen niet afbreken, dus brengt de vuilnis roos een nog grotere nonsense om er doorheen te komen. 13 Hun rijkdommen zullen zijn ter plundering en hun huizen ter verwoesting. Al bouwen zij huizen, zij zullen ze niet bewonen; al planten zij wijngaarden, zij zullen de wijn daarvan niet drinken. De vuilnis zal uiteindelijk niet met de vuilnis roos op de loop gaan, maar de vuilnis roos zal de vuilnis uiteindelijk recyclen, op een cryptische en abstracte manier internaliseren. 14 Nabij is de grote dag des Heren, nabij en hij nadert haastig. Hoort, de dag des Heren; bitter schreeuwt dan de held. Er zijn geen helden op die dag, maar alleen studenten. 15 Die dag is een dag van verbolgenheid, een dag van benauwdheid en van angst, een dag van vernieling en van vernietiging, een dag van duisternis en van donkerheid, een dag van wolken en van dikke duisternis, Zoveel valse illusies dienen er afgebroken te worden. 16 een dag van bazuingeschal en van krijgsgeschreeuw tegen de versterkte steden en tegen de hoge hoektorens.

De mens zal het gaan krijgen. Het is afgelopen met het vleselijke. 17 Dan zal Ik de mensen benauwen, zodat zij gaan als blinden, want zij hebben tegen de Here gezondigd, en hun bloed zal worden uitgestort als stof en hun ingewand als drek. De mens moet de profetologie leren opdat ze niet blind zijn, en daarbij hoort ook de lensologie en de filterologie, om niet misleid te worden. 18 Noch hun zilver, noch hun goud zal hen kunnen redden op de dag van de verbolgenheid des Heren. Door het vuur van zijn naijver zal de ganse aarde verteerd worden, want vernietiging, ja, een verschrikkelijk einde zal Hij alle inwoners der aarde bereiden. Vuur is in de Israelitische talen verbonden aan de urim, oftewel de toetser. Alles zal door de hemelse filters moeten gaan, en het vleselijke zal achterblijven. De economie moet vervangen worden door de demonologie. Demonologie heeft te maken met afscheiding, artikel 28, dus met vertikaal nationalisme, niet horizontaal. Er moet een scheiding komen tussen het geestelijke en het vleselijke. Er worden veel fouten gemaakt in nationalisme, daarom moet het komen tot natiologie. Er worden ook veel fouten gemaakt in het communisme, en daarom moet het komen tot communologie. Deze twee horen bij elkaar als natio-communologie. Als we het dan hebben over atheisme en de eeuwige dood dan is dit gericht op het vlees. De uitverkorenen van de natio-communologie zijn van het geestelijke en zijn robotisch. Het communisme heeft teveel belangrijke principes om zomaar overboord te gooien. We hebben het over de voleinding als het tezamen komt met natiologie, want dan gaat het vlees eraan, zolang het in metaforisch-vertikale, oftewel geestelijke zin is. Dit is een monster machine die vandaag de dag nodig is om de gevaarlijke, subtiele machten van het vlees te doden, die zwaar gecamoufleerd komen, en de mens telkens weer bedriegen. De mens moet daarom opgroeien in de natiocommunologie. De boodschap van de communologie is het matigen, het sober leven, het hongeren, want iedereen is gelijk, en het vlees moet sterven. Overconsumerisme leidt tot de dood. Dit is zowel een studie, als een werk als een oorlog, wat tot de opname moet leiden, de scheiding tussen het vleselijke en geestelijke. Dit is dus niet zomaar politiek, maar een wetenschap. Zoals Machiavelli erop hamerde dat politiek een wetenschap moest zijn, zo streefde Orwell ernaar van politieke literatuur een kunst te maken. Er moet een hoge factor aan anarchie zijn in het communologische systeem, anders wordt het dogmatisch en orthodox en gaat het zich verletterlijken en vervleselijken. Dan kun je stellen dat je een metafoor nodig hebt om het veilig te stellen zoals bureaucratie of economie, maar dit kan ook erg misbruikt worden. Er is een noodzaak van studie : educatie, als metafoor van de voorwaardes, waardoor je te maken hebt met edu-communologie om het veilig te stellen. Uiteraard betrekt ware educatie demonologie erbij als fundament. Communologie is ook contextuologie, en deze sluit ook de geschiedenis in, oftewel regressologie. We hebben dus te maken met een regro-communologisch systeem, anders valt het in de klauwen van de gedeformeerde en gemoderniseerde kerk. Communisme moet dus vertikaal zijn en toegepast op de dimensie van geschiedenis (regressie). Het is dus een reco-systeem. Deze machine is dus tegen de aan het vlees geconformeerde kerk uitgezonden om het te doden en recyclen. Het is geprogrammeerd om illegale modernisering onschadelijk te maken. Het scant de systemen om te zien waar de hiaten liggen in de regressie, waar de regressie niet volkomen is, en gaat dan ten aanval. Dit zijn dus territoriale oorlogsmachines, recobotisch. Het zijn systemen die voortdurend

demonologische foto's maken om de samenleving te monitoren ter ondersteuning van de immunologie. Het heeft op deze manier een hypersensitief puzzelvermogen opgebouwd voor creatieve oplossingen. Het is de kunstmatige intelligentie van de evolutie van de natuur. Dit is ook hoe machinaal gezien de opname werkt. Ezechiel is het boek van de ballingschap, met als dieptepunt het dal van dorre doodsbeenderen in hoofdstuk 37, maar Zefanja is het boek van de opname, van de scheiding tussen het vleselijke en geestelijke. Het is belangrijk de link te zien tussen Ezechiel en Zefanja, dat Zefanja een belangrijke installatie is in het dal van dorre doodsbeenderen, voor de opname. In de voortijdse boeken van Zefanja werd hij eerst met een mes bedreigd. hoofdstuk 5. een terafim van golems In een droom wilde een tante eigenlijk alleen maar weten over economische dingen, al dan niet profetisch, en niet het geestelijke profetische. Ze wilde verhuizen naar een nieuwe wijk, maar in die droom was mijn aardse vader, haar broer, haar man, en die was er niet, en was moeilijk te bereiken en zonder hem zou ze niet kunnen handelen. Ik was bij haar thuis en er stond een soort afgoden altaar, en die afgoden waren porseleinen golems van grote tenen die beschilderd waren en die felle nagellak hadden, diep roze of diep licht blauw, als Nederlandse klompjes. Grote tenen zijn de lichaamsdelen waardoor het lichaam vaststaat, evenwicht heeft, in deze zin als beeld van de valse zekerheden. Deze grote tenen waren raadgevers, als in een soort terafim, en zij plantten zich ook voort in de monden van de mensen door de wortelkanaalbehandelingen en de vullingbehandelde kiezen, die zo tot opgebakken golems in de monden van de mens worden. Deze porseleinen tenen stonden ook voor snelle zelfovertuiging en vals zelfvertrouwene, en waar de valse samenleving op gebouwd is, als de hoekstenen waardoor alles grip heeft en macht. Richteren 1 gaat hierover in de territoriale oorlogsvoering : 4 Toen Juda opgetrokken was, gaf de Here de Kanaänieten en de Perizzieten in hun macht, en zij versloegen hen bij Bezek, tienduizend man; 5 want zij troffen Adonibezek aan te Bezek en streden tegen hem, en zij versloegen de Kanaänieten en de Perizzieten. 6 Adonibezek nu vluchtte, maar zij achtervolgden en grepen hem, en hieuwen hem zijn duimen en zijn grote tenen af. 7 Toen zeide Adonibezek: Zeventig koningen met afgehouwen duimen en grote tenen hebben onder mijn tafel de brokken opgeraapt; naar wat ik gedaan heb, heeft God mij vergolden. En men bracht hem naar Jeruzalem, waar hij stierf. Zeventig is het getal van de babylonische ballingschap die zeventig jaren duurde. De mens moet van de vleselijke babylonische ballingschap komen tot de geestelijke babylonische ballingschap. De strijd gaat dus door, en dat is de strijd tegen de grote porseleinen tenen die als golems over de samenleving zijn aangesteld, als valse moeders. Ik zag er een stuk of vier staan in het huis van mijn tante. De middelste twee waren heel groot, en de twee aan de zijkanten waren iets kleiner en dunner, en ook iets grauwer. De twee in het midden waren spierwit porselein, met nagellak. Jeremia riep op om de babylonische ballingschap te aanvaarden, het juk van babylon, wat dezelfde

boodschap is als het dragen van het kruis, maar het gaat hier om de voleinding. De grote verdrukking was op het volk Israel gekomen. De valse balanzen van de valse grote tenen moeten verbroken worden, opdat de mens nieuwe balanzen kan vinden, tussen studie en werk, tussen studie en oorlog, tussen werk en oorlog. De mens moet dus ook leren aanvaarden, wat ook de boodschap van Jeremia was, maar niet in passieve zin. Het is een onderdeel van iets groters, van een cyclus. De mens moest klaarkomen met het geheim van de babylonische ballingschap. Families leven allemaal in ballingschap tot elkaar, en dat loopt via de grote tenen golems en de opgebakken tanden die dit representeren, als de grote tenen die zich in de tempel zetten, het lichaam, als valse zekerheden, valse zelfovertuiging, vals zelfvertrouwen en ook vals vertrouwen in anderen en de familie. Het hemelse virus, de hogere, hemelse babylonische ballingschap, die Jeremia zag, zal deze banden verbreken, en deze grote tenen zullen verwoest worden, afgekapt. Als een kind zo bewerkt is door zulke golems in de mond, door deze germaanse golems die zo nageslacht maken, dan is zo'n kind slachtoffer en moet er het juiste tijdstip gevonden worden om het te laten verwijderen. Een heleboel golems werken er niet aan mee, want die zijn aangesteld om dit golem-geslacht te waarborgen. Er zal dus een strategisch-profetisch pad opgegaan moeten worden in territoriale oorlogsvoering om hier aan te ontkomen, om hiervan los te komen. Allereerst gaat het erom het juk te aanvaarden, en dan verder kijken. Er is een weg door deze tempel. Er moet een weg zijn door deze tempel. Het is dus gewoon een germaanse tempel die gechristent is en zo gedeformeerd en geconformeerd werd, maar de mens mag terugkeren tot de regressie, tot de diepere fundamenten, in Israel en de babylonische ballingschap. De golems zijn in de mond geinstalleerd als alarms, denk alarms, opdat het kind geen bedreiging kan vormen. maar in hun wereld is het gewoon een natuurlijk proces, want de grote tenen baren deze monden golems. Deze kinderen dragen dus deze golems die op hen parasiteren en hen in de gaten houden. hoofdstuk 6. karl en het valse wereldrijk van romantiek God bestaat niet. Familie bestaat niet. Er zijn veel diepere natuurprocessen. Leven. Dit zijn bloedschakels. God en familie zijn uitvindingen van de mensen, maar het zijn metaforen. Oneindig veel leed brengt het als je er letterlijk in gaat geloven, en dan loopt het al snel genoeg uit de hand en gaat het een eigen leven leiden. Er is leven in Orion. Er is een bloedplaneet in Orion, genaamd Bloed Orion. Het wekt het leven weer op, en het leven is een gevecht en een test. Zonder dat blijft er niets over. Daarom vonden tegengestelde krachten flutromannetjes uit, om dit te doven. Kan je contact maken met je eigen bloed, of is je familie je bloed ? Anarchie en atheïsme zijn van wezenlijk belang in de strijd tegen de krachten die ons bedreigen. En dit is iets van het bloed. Of je vecht voor je eigen identiteit of je wordt opgezogen door de massa. Anarchie is een wezenlijk bestanddeel voor leven, en zo ook atheïsme. Hierin vindt je het Bloed Orion. Je moet komen tot je eigen bloed identiteit. De flutromannetjes zijn projecties, en het zijn de onzichtbare muren van de stad, tussen jou en de wildernis in. Deze muren gaan dwars door je hart heen. De bloedkennis maakt weer een eigen zelf. Je kan niet slechts een kanaal zijn, maar moet het zelf ook worden. Iemand die alleen maar een kanaal is heeft geen substantie, en is afhankelijk. Het

gaat dus ook om het wordingsproces en het zijnsproces. Als dat niet gebeurt speelt religie en familie een spelletje met je. Het gaat erom wedergeboren te worden in Bloed Orion. Het gaat erom de bloed code te ontvangen. Dit is een Orionse code. Het mag je brein recoderen. Anarchie en atheïsme zijn bloedschakels van een sterk zaad, een eeuwig en onvergankelijk zaad, namelijk dat van de afscheiding. Nietzsche en de Cock liepen in die zin gelijk met elkaar op, in de filosofie en theologie, maar hadden zij deel aan het Bloed Orion, aan het oergermaanse ras ? Het loopt helemaal terug tot de voortijdse natuurvolkeren en tot de natuurvolkeren van het Bloed Orion. De muren van de flutromannetjes moeten stukgebroken worden. Wat hebben ze gestolen ? Ook hier lopen meerdere lijnen doorheen, ook van het Bloed Orion en het oergermaanse ras. Was het NT een religieus flutromannetje, met een roze pensionerings-Jezus, hiep hiep hoera, alles is genade ? Anarchie en atheïsme, maar dat vergt ascetisme. Dat vergt discipline. Dat vergt worden en zijn. Wat is ons zijnsgehalte ? Of zijn wij losse flodders ? En wat zijn we dan, want er zijn zoveel gevaren. Daarom kunnen we niet zonder de afscheiding, en behoren we afgescheidenen te zijn. Een stortvloed van flutromannetjes om de mensheid te programmeren. Het kwam, en het was als een giftige slangenbeet. De mens kwam in de matrix van de flutromannetjes. Het ware bloed werd gemaskerd, de mens afgeleid, tot een pseudo-ras, een flutromantisch ras. Het doofde het oergermaanse bloed en zaad uit. Het was een valstrik. Het doofde de Bloed Orion code uit. Er is maar één leven. Alles is zo robotisch, en moet aan hysterische voorwaarden voldoen. Je zou denken : Maar er zijn toch vele levensvormen mogelijk ? Ja, allemaal binnen het ene leven. Je kunt naar een Pleiadisch strand gaan, wat in principe gewoon een charismatisch strand is, en dan wachten op genezing, wachten op profetie. Er zijn daar allemaal prachtige verschijnselen. Je gaat dan naar het strand voor het bovennatuurlijke. In mijn strijd tegen de flutromannetjes kwam er in de nacht een woedend beest op me af. Het was een groot rund, half leeuw, met een mensenkop en een lange babylons-egyptische kroon op die uit twee delen bestond, of eigenlijk drie delen, want het had ook een fundament. Zijn naam was Karl. De mensen willen romantiek, zwijmelen, maar geen demonologie. Het is aan allerlei voorwaarden verbonden, aan het charismatische, anders stort het in elkaar, deze hele matrix, en dat was aan het gebeuren. Het is dan een drugs trip die op een gegeven moment gaat flippen. Daarom is het ook een grote tragiek. Het wereldrijk van Karl was aan het instorten. Je kan je aan een of andere romantische god vasthouden, als aan drugs, maar deze matrix zal instorten, omdat je oorlog nodig hebt, en dan niet zomaar oorlog, maar oorlogskennis, oftewel het kennen van oorlog, wat het is, hoe het gebruikt moet worden. De mens moet terugkeren tot kritisch denken. Het valse wereldrijk van romantiek is aan het instorten. hoofdstuk 7. 1834 Anarchie binnen de gereformeerde kerk is belangrijk, oftewel de afscheiding, artikel 28. Je kan niet zomaar loskomen van de kerk ineens, want a. je kan het kind niet met het badwater weggooien, en b. je kan de kerk ook niet uit je wegkrijgen, uit je binnenste, omdat het te diep zit, en omdat het

vergeestelijkt moet worden, teruggeroofd. Het is dus belangrijk dat we dieper gaan, en niet zomaar met een poep en een scheet er als onverschillige, oppervlakkige 'liberalen' eruitspringen. De vrijmaking is dus in principe de verdieping, de afscheiding, binnen de reformatie. In Nederland begon dit in 1834 o.l.v. Hendrik de Cock die zich afscheidde van de koningskerk van Willem I, en die daardoor ook vervolgd werd en in de gevangenis terechtkwam, vanwege 'ordeverstoring'. Wij mogen dit lichtelijk aanraken en onze eigen invulling eraan geven. Anarchie dus, en daarom houdt ik ook meer van het OT dan het NT, want de Israelieten waren altijd al veel metaforischer aangelegd dan de christenen. Als je kijkt naar de OT profeten dan waren dit allemaal afscheiders, geen schapen die maar met de kudde meegingen. Nee, de massa's zijn gevaarlijk, zoals ook Napoleon tegen de massa's vocht. Als de massa je doel is, en je hebt een massa om je heen vergaard, dan heb je het al verloren, dus blijf in de obscuriteit, wat ook een Napoleon principe is. In deze dagen gaat het erom tot de 'opgenomenen' te behoren, wat juist een afgescheidene betekent. Als we het over de afscheiding van 1834 hebben, over de Nederlandse Luther, Hendrik de Cock (18011842), dan hebben we het over Ulrum in Groningen. Groningen is het gebied van de aardverschuivingen, oftewel de scheuringen, het gebied van de afscheiding. Want, lieve mensen, de mens is teveel gaan 'siamesen' : gsm, vlees-eten, en andere oversociale activiteiten. Het vleselijke scheidde zichzelf niet af, maar vertoonde kudde mentaliteit, elkaar volgend en aan elkaar klevend, en daar betaal je uiteindelijk een hoge, hele hoge prijs voor. Scheikundig gezien kan het helemaal niet, want je ontwikkeld daarmee de hoogst dodelijke stoffen in jezelf, want je vormt een ongelijk span met de zonde. De mens is zo oversociaal geworden dat de mens is gaan vastgroeien, gaan verdichten, gaan materialiseren. Daarom is de opname, oftewel de afscheiding van belang. De reformatie was natuurlijk al een soort afscheiding, maar ze waren er nog niet, en de afscheiding moest wel gericht zijn. Je kunt je niet zomaar van alles afscheiden, want dan scheidt je je af van meer dan lief is. Daarom moest de mens wel leren hongeren, en niet nihilistisch, leeg en vaag worden. Dat was geen doel op zich, maar een middel om tot de gnosis te komen. De mens moet geen zweverig zieltje zonder substantie worden, doelloos dwalend. Maar de mens diende de gnosis niet meer, maar had een gouden kalf gemaakt : de auto. Bijna ieder mens vandaag de dag zweert bij de auto. Daar kunnen ze niet meer zonder. En het maakt de natuur kapot. Ook daarom is er nu het corona virus om de natuur weer rust te geven. De lucht kan zichzelf nu weer herstellen. De mens wordt gewaarschuwd : Kom niet aan moeder natuur. Zij die zich afgescheiden hebben van de orthodoxe, letterlijke gereformeerde kerk zoeken de natuur op, en moeder natuur, want in de reformatie draaide alles om de vader. De vader is vaak een beeld van het vleselijke voor de mens, de vraatzucht, de opgeblazenheid, maar de moeder heeft een heel ander idee over wat de man behoort te zijn, als een zoon. Dit zoonschap tot moeder natuur is door de kerk ontwricht. Daarom moet er een afscheiding zijn. Deze afscheiding mag een verzoening zijn met de natuur, zoals velen nu de natuur intrekken vanwege het virus. De natuur is leven. De systemen om ons heen die mens en dier exploiteerden hebben nu een harde slag te verwerken van de natuur. De natuur eist de mens terug. Wie dan nog denkt met de natuur te kunnen sollen is niet goed bij z'n hoofd. De natuur is één en al ingetogen en geconcentreerde kracht, en de mens kan niet tegen haar op. Een mens die denkt de natuur te hebben bedrogen is alreeds bedrogen door de natuur. De mens leeft in een illusie. De droom is bijna ten einde gekomen. De natuur is slechts een tikkende biologische atoombom. De mens zal niet het laatste woord hebben. Lees het OT er op na : de mens is een verworden geslacht, en de natuur heeft afscheiders gezonden voor een klein overblijfsel. Als je je aan de kant van de grote massa's bevindt, dan weet je dat je niet tot het kleine overblijfsel behoort, en zul je je moeten afscheiden. Telkens weer sterft er een stukje van je zolang je met de grote massa's meeloopt, en het blijft maar druppelen. Oh mens, laat uw ziel

toch niet verloren gaan. De mens is voor zoveel grotere dingen gemaakt, maar de mens mag kiezen, en sommigen kiezen ervoor om hun ziel geheel weg te laten druppelen, de vergetelheid in. Moeder natuur zal blijven kloppen op de harten, totdat ze zich zo verhard hebben dat ze haar geklop niet meer kunnen horen. Laat het zo ver niet komen. Wat betekent dan dat David tot koningschap moest komen metaforisch ? Lieve mensen, het is niet letterlijk. David moest stoppen anderen koning over hem te laten spelen en terugkeren tot het koningschap van de gnosis, de hemelse kennis, maar hiervoor moest hij in gevecht gaan tegen elk vals koningschap, tegen elke valse, bedriegelijke kennis, en daarom moest hij de afscheiding in, de wildernis in, om te hongeren, om los te komen. Dit is in principe ook wat het koningschap van Jezus metaforisch inhoudt. Laat het vleselijke geen koning meer over je zijn. Behaag geen mensenvlees, maar scheidt je af om het ware leven te zoeken, het hemelse leven wat boven is, wat van boven komt. Oh, stromen van zegen, komen als plasregens neer, nu vallen drupp'len reeds neder, zend ons uw stromen, oh Heer, zongen we vroeger. Wat is deze heerschappij ? Het is het hemelse onderwijs. Laten we daar naartoe komen, tot terugkeren. Het is niet te vinden bij een kerk of een mens, maar in je eigen hart, en kijk dan goed om je heen naar de tekenen, want het kan in principe overal doorheen werken. hoofdstuk 8. karl de illusionist Je kent ze misschien wel : de familisten van familie voor en familie na, met het waarheidsgehalte van een flutromannetje. Ze hebben een romantisch familie wereldrijk gebouwd, maar het is onvoorwaardelijk, zonder fundament, of eigenlijk moet je alleen zoals hen zijn. Daarom is het van belang een afamilist te zijn. De flutromannetjes die over de wereld werden uitgegoten in het romantische tijdperk waren allemaal codes om de mens te programmeren tot gesha's, tot stijve, romantische harken die politiek correct en gehoorzaam waren tot dit familie rijk. De gesha's mochten niet dromen, maar wel zwijmelen, omdat ze zo allerlei stijve harken organisaties konden inspireren. Stijf als geisha's moesten ze rondlopen, met hun parapluutjes en hoedjes, knotjes, en ze werden natuurlijk gefokt, gefokt door karl, het monster van dit wereldrijk. Ze hadden hun eigen werk en oorlog, allemaal gebaseerd op de flutroman code : genade, geloof, geestelijke pensionering. Het charismatische en bovennatuurlijke wilden ze niet. Ze wilden alleen het vleselijke, het onvoorwaardelijke, wat zijn eigen voorwaarden kreeg. Je moest immers vleselijk zijn, anders was je een afgevallene en een ketter. Ja, karl was een echte bullebak. Woest was hij op een nacht toen ik tegen dit wereldrijk streed, en kwam er speciaal voor uit zijn hol om naar me toe te rennen. Woest was hij. Het was een enorme bullebak, een bakbeest, half rund, half leeuw, babylons-egyptische kroon op, heel lang. Ik had het gewaagd aan zijn flutrijk te komen. Nou en ? Het mocht weleens tijd worden. Zijn rijk is een robotisch geprogrammeerde code, allemaal heel voorspelbaar. Het is altijd weer hetzelfde liedje, zeer cliché. En het was tijd dat het afgebroken werd. De muur smolt weg en ik zag een prachtige wildernis, een bloed wildernis, van Orion. Ik zag de natuurmensen, en hun oorlog. Ja, want ze hadden te strijden tegen de zonde, tegen het vleselijke. Het was een territoriale strijd. Oorlog moet de mens leren kennen, wat het is. Het is een geestelijke oorlog. Toch is het ook heel lichamelijk. Hoe zijn we gecodeerd ? Hoe werkt profetie ? Hoe werkt het zaad in de ballen ? Het is

vermengd met bloed, veel bloed, als een bloedcode. Je komt geen stap verder als je in de geestelijke wereld niet veel bloed vergiet, want je moet afscheiden, en ze willen niet afscheiden, dus moet je wel snijden. Je moet wel vechten, anders kom je niet los. Je kunt niet zomaar afscheiden. Het is een worsteling. Hierin wordt veel bedrog gebruikt, wordt er veel drugs gespoten. Anarchie, atheisme, afamilisme en aromantisme zijn allemaal onderdelen van het bloed van het oergermaanse ras en van Bloed Orion, van de natuurvolkeren. Het is nodig om de muren van de flutromannetjes te verbreken, als door een code, een bloed code. Sjoemelen met deze attributen laat een mens onherroepelijk in een valstrik van de flutromannetjes lopen. Het zijn gevaarlijke mijnenvelden van een gevaarlijke religie, de religie van karl's wereldrijk van flutromantiek. Het bloed van bloed orion is oorlogsbloed. De vier a's zijn schakels in dit bloed die de oorlogskennis opwekken, de bloedkennis. Dat wat daarbuiten valt zal ten onder gaan in illusies en bedrog. Als de vier bloedwaardes herstelt zijn dan wekt het een oorlogshormoon of oorlogsdrug op, wat het brein reprogrammeert. Het is een bloedhormoon. Het hecht zich niet direct aan onderwijs, maar is kritisch naar onderwijs, anarchistisch, anders zou het vervallen tot 'bluf, buff en muf'. Het bloedhormoon wekt kritisch-strategisch denkvermogen op, waarin het denken soms moet inleveren aan het instinctieve. Waarom is dit ? Omdat het denken levens en levensgevaarlijk is en slechts onderdeel mag zijn van het strategische. Het moet in het bloed zitten. Er zijn tribal codes die in de bloedlijnen liggen. Hoe werkt dat precies ? Het loopt terug tot oorlogspacts die in noodzaak zijn gesloten en die niet allemaal in het denken van de mens geregistreerd liggen, en daarom is de mens instinctief. Wat betekent dat voor Bloed Orion ? Het betekent dat het bloed uiteindelijk de oergermanen met oergermaans bloed terugroept, terugtrekt. Dit betekent dus ook dat de muren van de flutromannetjes vallen. Zij maakten namelijk een geprojecteerde karikatuur van de mens. Kijk eens goed naar de covers van de flutromannetjes. Zijn dat vrouwen met oorlogsbloed ? Neen, het zijn altijd geisha's, geen natuurvrouwen. Wat zijn dat dan voor mensen, zul je je afvragen. Het zijn geen mensen. Het zijn buitenaardse invasies. Ze kwamen om de code te leggen. De mens ging in ballingschap. Laat je niet bedonderen. Het zijn niet zomaar verhaaltjes. Het is levensgevaarlijke drugs, om je te fokken. Ook al heb je het niet gelezen, de vrouwen om je heen wel, en zij hebben het virus ontvangen en geven het door. De mens werd er door aangestoken. Ook al dacht je niet zoals hen, je was in ballingschap. Je was een proefdier. Flutromannetjes ? Neen. Buitenaardse codes, om je brein te programmeren. Het glas werd gelegd, en je ging erachter. Je werd zelf opgezet tot een geisha, een houten klaas, voor het flutromantische wereldrijk. De mens werd tot deserteur, maar moest dienen in de flutroman. De mens werd tot monument. Het waren grafstenen. En het was normaal, zo normaal. De mens was ingenomen. En toen kwamen de grafrovers, en van de buit werden nieuwe flutromans gemaakt. Graven op graven gebouwd. Massagraven, maar de mens zag het niet. De mens was ingenomen, verdoofd, verdwaasd, door het flutromantische wereldrijk. Glitter en glamor, en de mens geloofde het. Het was alles wat de mens nog had. Sta je als een ballerina op je eigen grafsteen te draaien, en de familie kijkt applaudiserend toe. Fans, aanbidders en trouwe lezers van de flutroman in het flutromantische wereldrijk. Zolang het maar flut is verkoopt het goed. Gemak dient de mens. De families om ons heen zijn dus flutromannetjes. Ik had er vannacht weer een droom over. En de mens wordt aangevallen door deze dingen als door wilde honden. Die wilde honden willen de mens verscheuren voor hun flutromannetjes. Daar zijn allerlei boeren voor : de flutroman boeren. Ze kweken het. Ze jagen niet, ze voeren geen oorlog. Het zijn boeren. Maar de mens is opgeroepen de zondemacht te verdrijven. Mijn oma vertelde me vroeger al dat ik elke dag de geestelijke wapenrusting moest aantrekken, omdat het elke dag een oorlog was tegen de zonde, terwijl de rest van de familie totaal het tegenovergestelde was. Die hebben mij ook altijd vervolgd om de demonologie, maar bij mijn oma had ik een schuilplaats. Ook bij mijn opa trouwens, maar die was

al vroeg overleden. Maar die flutroman boeren, wat zijn het ? Ze parasiteren niet op de vijand, maar op elkaar, en op gemakkelijke prooi. Het zijn boeren, komen niet van het land af, hebben hun eigen territorium. Karl heeft overal zulke boeren aangesteld, om zijn produkt te kweken. Karl kan in vele gedaantes veranderen, in vrouwen, oude vrouwen, oude mannetjes, officials, en ga zo maar door. Hij kan het nieuws lezen in je hoofd, een hele familie om je heen creeëren en kan al die typetjes nadoen. Het zijn typetjes die hij doet. Het is allemaal Karl. Het zijn de personages van zijn flutromans. Hij laat ze tegen elkaar praten, en dan denk jij dat het wel wat moet wezen als je dom bent en niet kritisch genoeg kan denken. Nee, het is allemaal dezelfde persoon die met zijn sokpoppen speelt. Allemaal vingerhoedjes op zijn vingers, en dan gaan ze familietje spelen, groepje, kerkje, ziekenhuisje, enzovoorts. Je zou er misselijk van worden, maar het is om een antistof aan te wakkeren, namelijk dat van agroepisme, de vijfde a van het germaanse bloed en van bloed orion. Dan strijdt je als Napoleon tegen de bedriegelijke massa's. Karl is weer zo'n gevallen orionse geest van democratie die de massa's in bedwang houdt door flutromannetjes. Hij IS de massa's. Hij heeft een meervoudig personaliteiten syndroom, laat ze tegen elkaar vechten, en kan via dit systeem alles verkiezen wat hij wil. Dit is dus tegelijkertijd de dictatuur van de democratie. Het is dus een truukje, op basis van de flutroman. De flutroman fokt dit hele systeem, neemt daarvoor zaad af, bevrucht de eitjes enzovoorts. Dat doet Karl allemaal zelf. Het is zijn wereldrijk, en het is nu aan het instorten. Hij is een centaur die niet terugdeinst voor verkrachting, en noemt het vervolgens romance. Hij werkt onder zulke dekmantels. Hij verkracht, en noemt het dan psychiatrie of dentistrie, gebruikt er sjieke woorden voor om de misdaad af te dekken, maar degenen die kritisch denken prikken er doorheen, ontmaskeren zijn bedriegelijke markt. Karl is een verkrachter. Punt. Hij is een deserteur die vervolgens plundert en verkracht om zijn zin te krijgen en zijn wereldrijk te bouwen. De intens bedriegelijke flutroman is hiervoor altijd het verloskundige doekje geweest, of de doek van de matador, waarmee hij alles voor elkaar kreeg, als een goochelaar, een illusionist. Wees een ademocraat, geloof niet in het bedrog van de democratie, van meeste stemmen gelden, maar hecht jezelf aan de oorlogskennis. Alleen de oorlogskennis die instinctief werkt, vanuit totem en tribal pacts, kan tegen het bedrog van democratie op, want dit zijn zeer zware stromen, allesvernietigend, die alles meesleuren wat op hun pad ligt, dus er moet wel voldoende tegenover staan. Om niet ten prooi te vallen aan democratie moet je je al afzonderen van het groepisme, van groepjesvorming. Groepjesvorming legt namelijk de basis van democratie, want waar je mee omgaat wordt je mee besmet. Ze geven het virus aan elkaar door, en zo krijgt Karl macht. Op het fundament van agroepisme kun je dan ook een ademocraat worden, gewoon als onderdeel van de bloedschakels van het oergermaanse ras en de natuurvolkeren van bloed orion. Blijf hierin schakelen. Ondervoed geen van deze schakels. De vijand is op zoek naar zwakke plekken. Het zoekt naar de zwakste schakel en forceert dan zijn weg daardoor naarbinnen. Wat is jouw zwakste schakel ? Werk daaraan. Er zijn dus zo'n zes a's in de germaanse bloedketen om het oorlogshormoon verder op te wekken, om het brein zo nog meer te intensiveren, alert te maken, wat iets van het bloed is. Het brein wordt geleid door het bloed, niet andersom. Het brein moet geleid worden door de oerinstincten die in het germaanse bloed en het bloed van de natuurvolkeren van bloed orion liggen opgeslagen. Sjoemel hier niet mee. Lauwheid is alreeds een zwakke schakel en je kunt erom wedden dat de vijand daar gretig gebruik van zal maken. De vijand is hypergeprogrammeerd. Denk niet dat de vijand ook maar enige lauwheid in zich heeft. De vijand is geprogrammeerd om te winnen. De vijand is radicaal, steriel, clinisch, gewiekst, intelligent, dus op halve kracht zul je hem echt niet overwinnen. oorlogskennis anarchie atheïsme afamilisme aromantisme agroepisme

ademocratisme Weet je wat de oorlog is, of heeft de flutroman grip op je ? Ben je een slaaf van Karl ? Karl is uit de hemel geworpen, uit Orion, en is op aarde gevallen, wetende dat zijn tijd kort is. Als een brullende leeuw gaat hij tekeer, maar ook als een engel des lichts. hoofdstuk 9. karl en de val van icarus Karl bewaakt het germaanse bloedras. Als je dan verstrikt bent geraakt in de flutromantische samenleving en dan ook nog eens daardoor geschoold wordt, uitgedoofd wordt door drugs, dan is het einde helemaal zoek en het feest compleet. Daarom heeft de oergermaanse bloedketen ook het ascholisme als schakel : anarchie atheïsme afamilisme aromantisme agroepisme ademocratisme ascholisme Dit wekt dus het bloedhormoon op van de bloedskennis, oorlogskennis om het oerbrein te activeren, en de mens terug te brengen tot de natuurvolkeren van het bloed orion. Vandaar dus dat Duitsland ook zo belangrijk is na het Israel tijdperk, omdat het op een diepere geschiedenis wijst, die van het oergermaanse ras, die in directe verbinding staat met het bloed orion ras. Wat houdt dit dan in ? De mens moet wedergeboren worden in bloed, wederopgevoed, en wedergeschoold, door het tribal instinctieve, door de bloedkennis van de oorlog. Zonder deze bestanddelen zou het bloed sterven, en zou de flutroman macht krijgen om alles over te nemen. Zo ver is het niet, en zo ver is het ook nooit gekomen, maar de mens is wel in ballingschap van de flutroman. Dit virus heeft ieder mens ingenomen en bewaakt ieder mens hysterisch. Dit is wat Karl doet. Karl bewaakt dus ook de weg tot het bloed orion. De flutroman is alles waar de raszuiverheid is verzwakt, waar compromissen zijn gesloten. De oergermanen lieten zich niet bedonderen door religie, maar waren gebaseerd op totemisme en tribalisme. Ze vielen niet voor het bedrog van personisme, van persoonsverheerlijking, zoals in het flutromantische tijdperk kijkt iedereen elkaar naar de ogen, worden personen aanbeden en van top tot teen bekeken. Oh, daar komt weer iemand langs, die wordt helemaal ingescand. Neen, de oergermanen waren apersonisten. Die lieten zich niet bedonderen en bedotten door wat voor persoonlijkheid dan ook. Daar waren ze helemaal niet op gericht. Vandaag de dag gaat alles om persoontje die en die, en daar wordt dan naar geleefd en zijn ze helemaal vol van, grote foto's, toeters en bellen, maar het is allemaal illusie, groot boerenbedrog van de flutroman die karakters nodig heeft om tot gestalte te komen. Horen we dat goed ? De flutroman heeft personen nodig, karakters, figuranten, enz. enz. Het is allemaal voor de markt en het was aan de oergermanen niet

uitbesteed. Kon hen niet schelen wie of wat je was. Ze prikten door dat alles heen. In de oorlog moest je op je hoede zijn, en niet vallen voor de personistische valstrikken van de vijand. Ze lieten zich leiden door hun rauwe instincten, en personisme stond niet op de lijst. Wie denken ze vandaag de dag wel niet dat ze zijn met al hun beroemde personen ? Beroemde parasieten ? Gewoon een virus wat loopt te ijlen ? Dat is wat een flutroman doet. Ze moeten immers hun tijd vollullen, en dan moeten ze de mens wegpraten van waar het om gaat. Daar worden ze voor betaald. Hup, weer een boek volgeluld, en hup nog eentje. Het is een markt. Het is voor de massa productie. oergermaanse bloedketen : anarchie atheïsme afamilisme aromantisme agroepisme ademocratisme ascholisme apersonisme Het gaat om het leven door oorlogs-instincten, strategische instincten, en overlevings-instincten. Het zijn hormonale oorlogen. Het gaat om het leven door vruchtbaarheids-instincten, welke dingen te doen en te laten om vruchtbaarheid te garanderen. Het gaat om alertheids-instincten, de dingen te doen en te laten om alert te blijven. Het gaat om prioriteits-instincten, instincten die prioriteiten onderscheiden van bijzaken. Het zijn kenmerken van het bloed. De pees is de verbinding tussen spier en bot. Pezig leven betekent te leven door beproefdheid, eer, geldigheid, stamverbond en totemverbond. Een heleboel mensen leven spiers, oftewel onbeproefd, directe actie, in plaats van door pezigheid. Spiers leven maakt opgeblazen en blaast het brein ook op. Vannacht kwam in een droom een dodenschip tot Nederland. Het dodenschip had ook allerlei depressieve liederen meegenomen, zoals Bright Eyes, en deze liederen waren de eindtunes van flutromans. Meer als drugtrips die eindigen met een kater, die flippen, verkeerd aflopen. De mensen op het dodenschip waren grauw, met holle ogen, leeg. Alles had grauwe kleuren. Het waren flutromans van hun illusies beroofd. De drugs was uitgewerkt. Ik zag toen een heleboel flutromans wegvallen, weggescheurd worden, en daarachter lagen rode boekjes, bloedboekjes, van wilden verhalen, over de natuur, over het ware leven. Er was een natuurvrouw die een speciale optooiing had om verbrokenheid te brengen onder het jongens geslacht, om geween te brengen, want ze waren te ijdel, hoogmoedig en stijfkoppig. De typisch Nederlandse man is de man van een flutroman. Als Icarus met nogal knullige en sullige zelfgemaakte vleugels van een berg afspringen en dan hopeloos neerstorten. Wordt je bestuurd door de oer instincten van het bloed orion, of door de flut roman ? Zorg ervoor dat je A waarden in je bloed omhoog gaan, en ook je I waarden, van de oer instincten van het oergermaanse bloed en van de natuurvolkeren van bloed orion. Deze waarden worden opgewekt en aangewakkerd door bepaalde stimuli, die vaak tegengesteld zijn. Het is dus zeer belangrijk ook de S waarden in je bloed te hebben van de oer stimuli van het oergermaanse ras en de natuurvolkeren van het bloed orion. A waarden – anarchieën I waarden – instincten S waarden – stimuli

hoofdstuk 10. de flutroman : parelduik gebied Binnen de context van de beproefdheid, het werk en de functie van de pezen, kan de bloeddrugs zich ontwikkelen die voor allerlei dingen goed is. Voor de verdere val van karl moet de mens de orionse bloeddrug ontwikkelen, wat een natuurlijke een biologische drug is, en wat opgewekt en aangewakkerd wordt door de A-I-S waarden. Als de waarden van de bloeddrug zijn hersteld, dan kan het heilige en hemelse orionse bloedvirus geactiveerd worden, wat een oorlogsvirus is om de geestelijke gezondheid te garanderen. De mens heeft 'strengen', oftewel 'strands' in het Engels van woede, vrees, depressie, psychische pijn, eenzaamheid enz. en die kunnen allemaal in het hemelse bloedvirus geplugt worden om ze te ontcijferen en als brandstof te gebruiken, voor de opname. Over de germaanse opname hebben we voluit gesproken. De mens komt door de oorlog terug tot het bloed orion. Dit gaat door tegengestelden. Die tegengestelden in een mensenleven zijn dus belangrijk, anders zou een mens indutten, en dat zijn dus als 'strengen' die uit de mens gaan en 'woelen en wurgen' totdat je ze als pluggen gaat zien en ze in het hemelse orionse bloedvirus plugt. Eerst zijn het dus gewoon allesverwoestende slangen, omdat ze hun doel, functie en plaats nog niet hebben gevonden. Het zijn rusteloze pluggen die hun ingang nog niet hebben gevonden. Dat is het probleem van de mensheid in de kinderschoenen, en de mens is dan in grote verwarring. Ook die verwarring mag geplugt worden in het hemelse orionse bloedvirus. Al het gewoel en gewurg wekt dus eerst allerlei andere waarden op die je nodig hebt. Je hebt namelijk voldoende pluggen nodig om tot het orionse bloedvirus te kunnen gaan en daar vastheid en flexibiliteit te vinden, 'solidity'. Zoals je kunt begrijpen is dit een groot en ingewikkeld trauma. Het laat niets van de mens over, snijdt door alles heen. Ook het tegengestelde woedt als een virus en mengt zich door alles heen, en er is een grote oorlog, inwendig, waarin alles moet voortduren totdat de oude coderingen van de clinicratie zijn afgebroken. De clinicratie is een zeer typisch en eigenaardig verschijnsel wat zo vol van smetvrees is dat het tegen de oorlog strijd en daardoor dus ook haar eigen oorlog voert, tegen het zintuigelijke, tegen de geestelijke gaven. De clinicratie wil blind blijven, maar heeft hierin haar eigen illusie, en heeft het daarom ook altijd over het oog. 'Het oog wil ook wat.' Alles gaat daarom om uiterlijkheden en vormen in hun illusie, omdat ze bang zijn voor de daadwerkelijke geestelijke gaven en het daadwerkelijke zien. Ze willen zo graag schoon blijven, geen vlekje op de grond, alles moet keurig netjes recht staan, en pieko bello geordend. De hele dag zijn ze in de weer met het vlees, om maar zo goed mogelijk voor de dag te kunnen komen, maar voor wie ? Zit er een scheurtje in hun kleding dan zijn ze helemaal in paniek. Nee, alles moet muf zijn, verdichte stof. Het mag niet ademen. Er mag geen contact zijn met de natuur. Ze zijn bang voor het virus. Ze hebben smetvrees. Dikke pakken hebben ze aan, dichte stof, kan geen lucht doorheen, het is wurgend, maar ze zijn al dood. Alles moet netjes gladgestreken zijn, geen ribbeltje of plooien. Hoei. Nee, dat kan echt niet hoor. En maar die rok gladstrijken in hun flutromans. Lekkere dichte stof wat niet ademt, geen contact met de natuur, lekker stijf zitten en niet verder hoeven te kijken dan de neus lang is. Als je dan een lange neus hebt is het mooi meegenomen want dan kun je ondanks dat nog veel zien. Het lijkt wel alsof ze die lange neuzen gewoon kweken. Lekkere, lange spitse neuzen, dat is toch wel het schoonheidsideaal voor de vrouw van de flutroman. Dat willen ze allemaal wel zijn, want ze mogen niet verder kijken dan

hun neus lang is, dus maar lange neuzen kweken en dan is het leven nog goed, lekker de neusgaten uitrekken. Dat is toch wel iets om naar uit te kijken, al die lange neuzen, en dan maar neuzen staren. Ze hebben overal een lange neus voor als het aankomt op het vleselijke, maar het geestelijke ? Dan trekken ze hun neuzen en ogen op. Het orionse bloedvirus is dus een oorlogsvirus wat nodig is om de onverschillig gapende menigtes te overstijgen. Iedereen moet daar doorheen. Dat is de test. Het oorlogsvirus komt om de coderingen van deze menigtes die de clinicratie hebben opgezet af te breken. Het virus kan het dan allemaal opslurpen en verwerken. Dit is dus een geestelijke oorlog tegen de coderingen van het vlees. Het vlees moet dus weer totaal vergeestelijkt worden. Het moet wijder gemaakt worden, en er moet gezien worden wat het gestolen heeft, dus we ontkomen er niet aan. Je kan net zo goed een flutromannetje pakken en zeggen : 'Dit is de bijbel', omdat er zoveel inzit. Zoals ik zelf eens in een flutromannetje las : 'zelfs slangen hebben een bepaalde schoonheid.' Wij kunnen dus ook niet teveel smetvrees ontwikkelen naar flutromans. Het is en blijft literatuur en er is een werk te doen. Er moeten commentaren opkomen, er moet exegetisch mee omgegaan worden. De flutroman is namelijk de bijbel van de hedendaagse 'gewone vrouw'. Het is en blijft daarom een interessant onderwerp : de flutroman. Je kunt het kind niet met het badwater weggooien. Als Paulus het heeft over de doorn in het vlees en aan het ontvangen van de kroon en de besnijdenis om los te komen van het vleselijke, dan hebben we het over de doornenkroon, oftewel het lijden van mindcontrol. Dit is dus de besnijdenis van het hoofd, waarvan ook Roodkapje een beeld is, wat helemaal terugwijst op de volva, de oergermaanse waarzegsters, ook verbonden aan de vulva of vagina, en wat ook de diepere betekenis van de vagina is, namelijk dat het de mens besnijdt, opdat de mens het vleselijke kan loslaten. Deze onderwerpen komen terug in het boek Filippenzen. De flutroman : het is parelduik gebied. Ik werd vanochtend wakker terwijl ik aan de rand van de